CConstaterende datNoordwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

A. Bestemmingsplan ‘Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk’ - toelichting

Gemeenteraadsvergadering 6 februari 2025, gemeente NoordwijkBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk’17.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk

Bestemmingsplan

Gemeente Identificatienummer Versie Datum Opstellers Projectnummer

Noordwijk NL.IMRO.0575.BPNBSEttenNW-VA01 Vastgesteld 28 juni 2024 R.J. Nijdam 1268

DNS Planvorming BV | Klaprozenweg 75 C | 1033 NN Amsterdam | info@dnsplanvorming.nl

Inhoudsopgave 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding ......................................................................................................................... 3 Aanleiding ..................................................................................................................... 3 Ligging en begrenzing van het plangebied ................................................................... 3 Geldend bestemmingsplan ........................................................................................... 5 Leeswijzer ..................................................................................................................... 6

2 2.1 2.2 2.3

Het project ..................................................................................................................... 7 Inleiding ......................................................................................................................... 7 Huidige situatie ............................................................................................................. 7 Toekomstige situatie ..................................................................................................... 9

3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Wetgeving en beleidskaders ....................................................................................... 14 Inleiding ....................................................................................................................... 14 Rijksbeleid ................................................................................................................... 14 Provinciaal beleid ........................................................................................................ 16 Regionaal beleid ......................................................................................................... 19 Gemeentelijk beleid .................................................................................................... 21

4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11

Omgevingsaspecten ................................................................................................... 25 Inleiding ....................................................................................................................... 25 Archeologie ................................................................................................................. 25 Cultuurhistorie ............................................................................................................. 26 Bodemkwaliteit ............................................................................................................ 26 Water........................................................................................................................... 27 Ecologie ...................................................................................................................... 30 Bedrijven en Milieuzonering ........................................................................................ 34 Geluidhinder wegverkeer ............................................................................................ 36 Luchtkwaliteit............................................................................................................... 37 Externe veiligheid ........................................................................................................

38 Besluit milieueffectrapportage..................................................................................... 39

5 5.1 5.2

Juridische planbeschrijving ......................................................................................... 41 Algemeen .................................................................................................................... 41 Nadere toelichting op de regels .................................................................................. 41

6 6.1 6.2

Financieel-economische uitvoerbaarheid ................................................................... 44 Economische uitvoerbaarheid..................................................................................... 44 Planschade ................................................................................................................. 44

7 7.1 7.2 7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid .............................................................................. 45 Inspraak ...................................................................................................................... 45 Vooroverleg artikel 3.1.1. Bro ..................................................................................... 45 Zienswijzen ................................................................................................................. 45

Bijlagen bij de toelichting (separaat) 1 Verkennend bodemonderzoek 2 Watertoets 3 Quickscan Flora en fauna 4 Nader onderzoek vleermuizen 5 Stikstofdepositie berekening 6 Akoestisch onderzoek 7 Quickscan externe veiligheid 8 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r. beoordeling

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

2/45

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

Op het perceel aan de Susanna van Ettenstraat 2 in Noordwijk staat een pand van KPN (voormalige telefooncentrale). Voor de toekomst is het pand niet meer nodig en kan KPN volstaan met een kleinere ruimte. Dit biedt de kans om het perceel te herontwikkelen voor woningbouw. De initiatiefnemer van het plan heeft het voornemen om de bestaande bebouwing te slopen en hier een nieuw appartementengebouw te realiseren. Het programma bestaat uit 24 appartementen. Op het terrein komt ruimte voor parkeren. Aan de noordzijde van het plangebied is een nieuw kleiner gebouw geplaatst door KPN. De gronden waar dit gebouwtje op is geplaatst, zijn buiten dit plangebied gehouden, omdat hier geen wijziging van de bestemming nodig is. Ter plaatse geldt het bestemmingsplan ‘Noordwijk Binnen’ uit 2013. Het plangebied heeft de bestemming ‘Bedrijf’ met de functieaanduiding ‘nutsvoorziening’. Hier zijn uitsluitend nutsvoorzieningen toegestaan. Er is een bouwvlak aanwezig dat iets ruimer is dan het bestaande gebouw. Het bouwvlak mag volledig worden bebouwd en er mag tot maximaal 10 meter hoog worden gebouwd. Binnen de bouw- en gebruiksregels van het bestemmingsplan ‘Noordwijk Binnen’ is de gewenste woningbouwontwikkeling niet mogelijk. Zodoende is het voorliggende nieuwe bestemmingsplan opgesteld.

1.2

Ligging en begrenzing van het plangebied

Het plangebied ligt aan de Susanna van Ettenstraat 2 in de wijk Boerenburg (zie afbeelding 1). Het gaat om de kadastrale percelen Noordwijk M 4023 en 4024 met een gezamenlijke oppervlakte van ca. 1.620 m2. Een klein deel van het perceel 4023 wordt buiten het plangebied gelaten, omdat deze gronden in eigendom blijven van KPN en de huidige bedrijfsbestemming met aanduiding ‘nutsvoorziening’ hier behouden moet blijven. Door KPN is hier inmiddels vergunningsvrij een klein gebouw geplaatst (zie afbeelding 2), een zogeheten FSR, wat staat voor Future Space Requirements en een technische ruimte is voor de apparatuur van KPN. Deze gronden zijn niet meegenomen in het voorliggende bestemmingsplan voor de woningbouw, omdat de bestemming hier al geschikt is voor het gebruik en er ook geen bouwvlak nodig is, omdat er enkel een kleine technische ruimte geplaatst is. In hoofdstuk 2 is nader ingegaan op de exacte begrenzing en de situatie.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

3/45

afbeelding 1: ligging plangebied (bron luchtfoto: pdok.nl)

afbeelding 2: nieuw geplaatste technische ruimte van KPN ten noorden van het plangebied

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

4/45

1.3

Geldend bestemmingsplan

Ter plaatse van het plangebied gelden de volgende bestemmingsplannen: • Bestemmingsplan Noordwijk Binnen • Paraplu Bestemmingsplan Parkeren Hieronder is op de betekenis van de plannen ingegaan. 1.3.1 Bestemmingsplan ‘Noordwijk Binnen’ Het bestemmingsplan ‘Noordwijk Binnen’ is vastgesteld in 2013. Het plangebied heeft de bestemming ‘Bedrijf’ en de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 3’. Hieronder is ingegaan op de bestemmingen en de betekenis voor het nieuwbouwplan. Enkelbestemming ‘Bedrijf’ De locatie heeft de bestemming ‘Bedrijf’ met de functieaanduiding ‘nutsvoorziening’. Hier zijn uitsluitend nutsvoorzieningen toegestaan. Er is een bouwvlak aanwezig dat voor het grootste deel gelijk is aan het bestaande gebouw (zwarte dikke lijn). Aan de noordwestzijde is het bouwvlak iets ruimer dan het bestaande gebouw. Het bouwvlak heeft een oppervlakte van ongeveer 945 m2 en mag volledig worden bebouwd en er mag tot maximaal 10 meter hoog worden gebouwd. Het gewenste nieuwe appartementengebouw is in strijd met het toegestane gebruik als nutsvoorziening. Ook zal de nieuwe bebouwing deels hoger worden dan 10 meter, namelijk ongeveer 12 meter. Meer hierover is toegelicht in paragraaf 2.3 van de toelichting. Binnen het bestemmingsplan is geen mogelijkheid geboden om af te wijken van de bouw- en gebruiksregels om de ontwikkeling mogelijk te maken.

Ook is er geen wijzigingsbevoegdheid in het bestemmingsplan die de ontwikkeling mogelijk kan maken. Zodoende is een nieuw bestemmingsplan nodig.

afbeelding 3: uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Noordwijk Binnen’, het plangebied is met een rode stippellijn aangeduid (bron: ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

5/45

Dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 3’ Op het perceel ligt tevens de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie 3’. Deze dubbelbestemming is gericht op de bescherming van een gebied met archeologische verwachtingen. Binnen gronden met deze bestemming geldt dat bij ingrepen in de bodem met een oppervlakte groter dan 500 m2 en dieper dan 50 cm een omgevingsvergunning nodig is. De vergunning wordt verleend, indien de werken of werkzaamheden niet zullen leiden tot een verstoring van de archeologische waarden, of indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn. De ontwikkeling zal leiden tot ingrepen in de bodem met een oppervlakte groter dan 500 m2. In paragraaf 4.2 is ingegaan op de toets aan archeologie. 1.3.2 Paraplu Bestemmingsplan Parkeren In aanvulling op het bestemmingsplan Noordwijk Binnen geldt het Paraplu Bestemmingsplan Parkeren (vastgesteld in 2018). Op basis van het paraplubestemmingsplan is de 'Nota Parkeren en Stallen Noordwijk 2013', dan wel de opvolger daarvan van toepassing verklaard. In dit geval is dat de ‘Nota Parkeernormen 2020’. Voor de ontwikkeling is een toets aan de actuele parkeernormen uitgevoerd, welke is beschreven in paragraaf 2.3.2.1.

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt de bestaande en toekomstige situatie beschreven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 ingegaan op het relevante ruimtelijk beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Hoofdstuk 4 gaat in op de milieu- en omgevingsaspecten. In hoofdstuk 5 wordt toegelicht hoe de planuitgangspunten zijn vertaald naar de bestemmingsregels. De economische uitvoerbaarheid van het plan is beschreven in hoofdstuk 6 en de maatschappelijke uitvoerbaarheid in hoofdstuk 7.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

6/45

2

Het project

2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt de bestaande situatie en toekomstige situatie van het plangebied beschreven. Eerst wordt ingegaan op de ruimtelijke en functionele structuur van de huidige situatie van het plangebied en de directe omgeving. Vervolgens is ingegaan op de gewenste ontwikkeling.

2.2

Huidige situatie

2.2.1 Ruimtelijk-functionele structuur Het plangebied ligt op de hoek van de Susanna van Ettenstraat en de Adriaan Mouriszweg. Aan de Susanna van Ettenstraat staan voornamelijk woningen, op het huidige bedrijfspand van KPN in het plangebied na. De straat maakt onderdeel uit van de buurt Boerenburg, gelegen aan de noordzijde van de kern Noordwijk-Binnen. De wijk Boerenburg is een naoorlogse planmatige uitbreidingswijk met een afgewogen mix van grondgebonden woningen en appartementen. De appartementen zijn van oorsprong 4 tot 5 lagen en zijn in recente ontwikkelingen aangevuld met appartementen van 3 tot 5 lagen. Vlak bij het plangebied is een klein voorzieningencentrum aanwezig met enkele winkels en horeca. In de afgelopen jaren zijn in de wijk meerdere inbreidingsprojecten gerealiseerd van voornamelijk woningbouw. Aan de noord- en westzijde van het plangebied staan voornamelijk grondgebonden eengezinswoningen. Aan de oost- en zuidoostzijde zijn recent appartementengebouwen gerealiseerd van drie lagen hoog. Recht tegenover het plangebied staan garageboxen van bewoners. Er is aan de noordzijde van het plangebied een smal achterpad aanwezig tussen het plangebied en de achtertuinen van de woningen. De Van de Mortelstraat/Van Panhuysstraat is één van de primaire ontsluitingswegen binnen de verkeersstructuur van Noordwijk.

Deze weg verbindt de kern via de N444 met de N206 (weg tussen Haarlem en Leiden) en de A44. Ondergeschikt daaraan heeft de Duinwetering/Weteringkade, die tevens onderdeel is van de rondweg van de kern, tevens een belangrijke ontsluitingsfunctie. De overige wegen in de nabijheid van het plangebied zijn te categoriseren als verblijfsgebied, waarbij over het algemeen een snelheidsregime van 30 km/uur geldt. 2.2.2 Inrichting terrein Het plangebied heeft een oppervlakte van 1.620 m2 en bestaat uit het kadastrale perceel 4023 waar het gebouw van KPN op staat en het kadastrale perceel 4024, wat onbebouwd is (zie afbeelding 4). Zoals toegelicht in paragraaf 1.2 is een klein deel aan de noordzijde van perceel 4023 buiten het plangebied gehouden.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

7/45

afbeelding 4: luchtfoto bestaande situatie met grens plangebied (bron luchtfoto: pdok.nl)

Het grootste deel van het plangebied wordt in beslag genomen door het bestaande gebouw van KPN. Dit gebouw staat vlak tegen de Susanna van Ettenstraat aan en is ongeveer 8 meter hoog en heeft een oppervlakte van 690 m2. Het gebouw is opgetrokken uit zandkleurige baksteen en heeft een horizontale band van naar binnen gelegen raampartijen die geaccentueerd zijn met witte banden. De toegang tot het terrein is gelegen aan de noordzijde aan de Rederijkersplein. Aan de Susanna van Ettenstraat is een toegangsdeur tot het gebouw aanwezig. Het terrein is omringd met een hekwerk. Her en der is klimop aanwezig in het hekwerk. Aan de noordzijde is begroeiing en staat een boom op het terrein. Ook is aan de zijde van de Susanna van Ettenstraat een groenstrook langs de gevel van het gebouw aanwezig, met hierin enkele bomen. Er is geen oppervlaktewater binnen het plangebied of in de directe omgeving. In de afbeeldingen hierna is een impressie gegeven van de locatie. Op het terrein is aan de noordzijde ruimte voor het parkeren van medewerkers van KPN. Dit gaat om personeel dat af en toe de locatie bezoekt voor controle en onderhoud. De locatie is onbemand. Direct grenzend aan het plangebied zijn parkeerplaatsen aanwezig langs de zijde van de Susanna van Ettenstraat (15 stuks) en de Adriaan Mouriszweg (5 stuks). Binnen het plangebied komen geen rijks- of gemeentelijke monumenten voor.

Ook is het plangebied niet gelegen in een beschermd dorps- of stadsgezicht.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

8/45

afbeelding 5: aanzicht plangebied vanaf de kruising Susanna van Ettenstraat-Adriaan Mouriszweg (bron: google streetview)

2.3

Toekomstige situatie

2.3.1 Inrichting en ontwerp Voor de ontwikkeling is een schetsplan opgesteld om te verkennen hoe het terrein ingericht kan worden en wat de nieuwe bouwmassa wordt. Het uitgangspunt is om de bestaande bebouwing te slopen en een nieuw appartementengebouw te realiseren aan de straatzijde van het perceel. Het nieuwe gebouw zal ruimte bieden aan 24 appartementen en wordt deels drie lagen hoog en deels vier lagen hoog. Het programma zal bestaan uit appartementen van verschillende groottes, variërend tussen de 40 en 70 m2. Er komen zowel sociale huur, middeldure huur en middeldure koop appartementen, in overeenstemming met de segmentering uit de gemeentelijke doelgroepenverordening. De nieuwbouw wordt ingepast in de bestaande stedenbouwkundige situatie door rekening te houden met de volgende uitgangspunten (zie ook afbeelding 6 en afbeelding 7): • het gebouw sluit aan op de vier-laagse bebouwing aan de Montessoristraat en het Rederijkersplein. Hierdoor ontstaat ook een accent op de hoek van het Rederijkersplein en Adriaan Mouriszweg; • het gebouw sluit aan op de twee-lagen-met-kap woningen aan de Susanna van Ettenstraat middels een drie-laagse bebouwing; • het Rederijkersplein wordt door het nieuwe gebouw 'afgemaakt'; • alle woningen op de begane grond krijgen een voordeur aan de straat t.b.v.

levendigheid in het straatbeeld; • alle parkeerplaatsen conform parkeernorm worden opgelost op eigen terrein; • er wordt ruimte rondom het gebouw gereserveerd voor groen en voortuinen. Op het binnenterrein komen 33 parkeerplaatsen. Er zal een nieuwe inrit worden aangelegd aan de Susanna van Ettenstraat. Deze inrit zal mogelijk ten koste gaan van één à twee bestaande parkeerplaatsen aan de weg. Er komt een gezamenlijke fietsenberging met ruimte voor 60 fietsen. Voor bezoek op de fiets komt buiten op het terrein stallingsruimte. Langs de Susanna van Ettenstraat en de Adriaan Mouriszweg krijgen de appartementen op de begane grond een smalle voortuin.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

9/45

afbeelding 6: schets stedenbouwkundige inpassing en planvorming (bron: VVKH)

afbeelding 7: 3D schets nieuwe appartementengebouw (bron: VVKH)

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

10/45

afbeelding 8: schetsplan begane grond (bron: VVKH)

2.3.2 Verkeer en parkeren Bij nieuwe ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de effecten op de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie die ontstaat door de nieuwe ontwikkeling. Hieronder is ingegaan op de toets aan de parkeernormen en de verkeersafwikkeling. 2.3.2.1 Parkeren De gemeente Noordwijk heeft haar parkeernormen voor auto’s en fietsen staan in de Nota Parkeernormen 2020. In onderstaande tabel zijn de parkeernormen voor auto’s en fietsen opgenomen die relevant zijn voor het project (kleine appartementen). De locatie ligt in het gebied ‘zone B’.

Tabel 1: parkeernormen gestapelde woningen gemeente Noordwijk 2020

Het plan voorziet in 24 appartementen, allen tussen de 40 en 70 m2. De parkeernorm voor dergelijke appartementen is 1,6 pp per woning. Op basis van de norm per woning is voor het totale plan sprake van een maximale vraag van 38,4 autoparkeerplaatsen, waarvan 7,2 voor bezoek. De maximale fietsparkeervraag bedraagt 72 fietsparkeerplaatsen, waarvan 24 voor bezoek.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

11/45

Dubbelgebruik De parkeervraag van de bewoners en de bezoekers is niet op elk moment maximaal. Zo is in de nacht de parkeervraag voor bewoners maximaal en voor bezoekers nul. Daarom is voor het project de parkeervraag beoordeeld op basis van de aanwezigheidspercentages uit bijlage 3 van de Nota Parkeernormen 2020 van de gemeente Noordwijk. Om dit te bepalen is een parkeerbalans opgesteld. Uit de parkeerbalans volgt dat het maatgevende moment op de werkdagavond is. Dan is de parkeerbehoefte 33 parkeerplaatsen. Voor de fiets komt dit neer op 62,4 plaatsen, wat afgerond op 63 parkeerplaatsen neerkomt. Parkeerbalans Bouwplan Susanna van Ettenstraat 2 Noordwijk

zondagmiddag

zaterdag avond

0%

zaterdag middag

0%

werkdag nacht

0%

werkdag avond

0%

werkdag middag

zondagmiddag

5%

7

werkdag ochtend

zaterdag avond

werkdag middag

werkdag ochtend

100% 100%

zaterdag middag

7,2

werkdag nacht

690 bvo

behoefte

eenheid

aantal

eenheid

1,05 100m2

Totaal

werkdag avond

Arbeidsextensief/bezoekersextensief

Parkeernorm auto

Functie

OUDE SITUATIE

7,2

7,2

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

7,2

7,2

0,4

0,0

0,0

0,0

0,0

werkdag avond

werkdag nacht

zaterdag middag

zaterdag avond

zondagmiddag

VERSCHIL PARKEERBEHOEFTE OUDE-NIEUWE SITUATIE

werkdag middag

38

60% 80% 60% 100%

werkdag ochtend

90% 100% 80% 0%

zaterdag avond

50% 20%

zaterdag middag

50% 10%

werkdag nacht

werkdag avond

31 7

zondagmiddag

Totaal

werkdag middag

24 woning 24 woning

werkdag ochtend

eenheid

aantal

eenheid

1,3 per woning 0,3 per woning

behoefte

woning gestapeld klein (40-70 m2) Bezoekers bewoners

Parkeernorm auto

Functie

NIEUWE SITUATIE

70% 70%

15,6 0,7

15,6 1,4

28,1 5,8

31,2 0,0

18,7 4,3

25,0 7,2

21,8 5,0

16,3

17,0

33,8

31,2

23,0

32,2

26,9

9

10

33

31

23

32

27

afbeelding 9: parkeerbalans (bron: gemeente Noordwijk)

Toets parkeervraag Op het terrein komen 33 autoparkeerplaatsen op eigen terrein. Daarmee is de maximale parkeervraag op zaterdagavond op te vangen op het terrein. Voor fietsen komt er inpandig stallingsruimte voor 60 fietsen. Buiten komt bij de toegang op het binnenterrein ruimte voor minimaal 12 fietsen. Daarmee wordt ook voldaan aan de fietsparkeernorm. Gevolgen uitweg voor bestaande parkeerplaatsen in de openbare ruimte Het parkeerterrein bij de appartementen krijgt een nieuwe uitweg op de Susanna van Ettenstraat. Dit zal ten koste gaan van één of twee bestaande openbare haakse parkeerplaatsen die hier zijn gelegen. Om dit verlies op te vangen is gezocht naar een andere plek direct rondom het plangebied waar deze plekken kunnen worden gecompenseerd. Dit is gevonden aan de noordzijde. Daar is voldoende ruimte om twee langsparkeerplaatsen te realiseren. Bij de aanvraag omgevingsvergunning zal ook een uitgewerkte tekening van de uitweg, de inrichting van het terrein en de nieuwe parkeerplaatsen worden ingediend. Het huidige bestemmingsplan staat in elk geval de aanleg van de compensatieparkeerplaatsen toe. 2.3.2.2 Verkeersgeneratie De gemeentelijke parkeernota noemt geen cijfers ten aanzien van verkeersgeneratie. Hiertoe worden berekeningen gemaakt op basis van de CROW-publicatie ‘toekomstbestendig parkeren’ (december 2018).

In de CROW-publicatie wordt uitgegaan van een minimum en maximum generatie. Dit is de bandbreedte. In dit geval wordt van het gemiddelde uitgegaan. In de volgende twee tabellen is de verkeersgeneratie van de nieuwe situatie ten opzichte van de huidige situatie weergegeven. Hierbij is uitgegaan van een ligging in het gebiedstype ‘rest bebouwde kom’. Qua verstedelijkingsgraad wordt de gemeente Noordwijk aangemerkt als een matig stedelijke gemeente. Voor het bestaande pand is uitgegaan van een ‘bedrijf - arbeidsextensief en bezoekersextensief’. Op basis van deze gegevens ontstaat het volgende beeld:

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

12/45

Huidige functie Bedrijf arbeidsextensief en bezoekersextensief Totaal huidige situatie

Huidige functie Appartement midden/goedkoop

Oppervlakte

Verkeersgeneratie per etmaal

Eenheid

Totaal

690 m2

4,8 mvt

100 m2 bvo

33,12 33,12

Aantal 24

Verkeersgeneratie per etmaal 3,6 mvt

Totaal toekomstige situatie

Eenheid

totaal

per woning

86,4 86,4

Zoals blijkt uit bovenstaande tabellen is er in de nieuwe situatie sprake van een toename van het aantal verkeersbewegingen per etmaal van 54. Deze extra verkeersbewegingen in de toekomstige situatie zullen zich over de omliggende wegen eenvoudig afwikkelen. Dit aantal leidt niet tot een knelpunt op omliggende wegen en kruispunten. Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat er vanuit verkeerskundig oogpunt geen bezwaren zijn tegen de in dit plan besloten ontwikkeling.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

13/45

3

Wetgeving en beleidskaders

3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de inhoud van het ruimtelijk relevante beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk schaalniveau.

3.2

Rijksbeleid

3.2.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Het Rijk heeft op 11 september 2020 de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI biedt een langetermijnperspectief op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in Nederland tot 2050. Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een balans tussen: ‘(a) bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit en (b) doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften’. Deze dubbele doelstelling uit de Omgevingswet is vertaald in een omgevingsinclusieve benadering van de leefomgeving: ontwikkeling van de leefomgeving gaat samen met versterking van te beschermen waarden als gezondheid, landschap, waterveiligheid, natuur, cultureel erfgoed, leefomgevingskwaliteit en milieukwaliteit. In de NOVI zijn de maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten: • ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; • duurzaam economisch groeipotentieel; • sterke en gezonde steden en regio’s; • toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Met betrekking tot ‘sterke en gezonde steden en regio’s’ is in de NOVI aangegeven dat vooral in steden en stedelijke regio’s nieuwe locaties nodig zijn voor wonen en werken.

Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Tegelijk streeft men naar een verbetering van de leefbaarheid en klimaatbestendigheid in steden en dorpen. Schonere lucht, voldoende groen en water en genoeg publieke voorzieningen waar mensen kunnen bewegen (wandelen, fietsen, sporten, spelen), ontspannen en samenkomen. Betekenis voor het plan In de omgevingsvisie is in beleidskeuze 2.4 het volgende opgenomen: “overheden investeren in een aantrekkelijke, gezonde en veilige leefomgeving in steden en regio’s en bevorderen een onderscheidend en aantrekkelijk vestigingsklimaat”. In opgave 5 uit de Nationale Omgevingsvisie is beschreven dat de woningvoorraad met circa 1,1 miljoen woningen vergroot moet worden binnen 30 jaar. Met de Nationale Omgevingsvisie wordt er gebouwd aan sterke, aantrekkelijke en gezonde steden. Een doelstelling is om woningbouw vooral binnen het Stedelijk Netwerk Nederland plaats te laten vinden. Noordwijk valt onder het Stedelijk Netwerk Nederland en er is in Noordwijk en in de regio een grote woningbehoefte voor de komende 30 jaar. Het Rijk kiest ervoor om bereikbaarheid en omgevingskwaliteit als belangrijkste voorwaarden te stellen ten aanzien van nieuwe woon- en werklocaties.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

14/45

De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan de benodigde versnelling van de bouw van nieuwe woningen. De beoogde ontwikkeling sluit goed aan bij de beleidsdoelen die op rijksniveau in de NOVI zijn gesteld. 3.2.2 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is een besluit dat de nationale belangen op het gebied van ruimtelijke ordening beschermt. Met het Barro maakt het Rijk proactief duidelijk waar provinciale verordeningen en gemeentelijke bestemmingsplannen aan moeten voldoen. Het Barro bevat regels over verschillende onderwerpen, zoals rijksvaarwegen, kustfundament, grote rivieren, Waddenzee, defensie, elektriciteitsvoorziening, buisleidingen, natuurnetwerk Nederland, erfgoederen en primaire waterkeringen. Betekenis voor het plan Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) doet geen specifieke uitspraken ten aanzien van het voorliggende plangebied. 3.2.3 Besluit ruimtelijke ordening / Ladder voor duurzame verstedelijking In het Besluit ruimtelijke ordening is de Ladder voor duurzame verstedelijking als motiveringseis opgenomen. Met de Ladder voor duurzame verstedelijking wordt een optimale en zorgvuldige benutting van de ruimte nagestreefd. Gemotiveerd dient te worden hoe een zorgvuldige afweging is gemaakt ten aanzien van het ruimtegebruik.

Deze motiveringsplicht is in artikel 3.1.6, lid 2, Bro als volgt geformuleerd: "De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien." Onder een nieuwe stedelijke ontwikkeling wordt verstaan: ´een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Betekenis voor het plan Op het realiseren van woningen is ondermeer de uitspraak ABRvS 16 september 2015; ECLI:NL:RVS:2015:2921 van belang. Uit deze uitspraak volgt dat het realiseren van respectievelijk 11 woningen niet wordt gezien als stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i, Bro. In voorliggend plan is er sprake van de realisatie van meer dan 11 woningen. Er is dus sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Het plangebied ligt in het bestaand stedelijk gebied. Hierna wordt nader op de ladder ingegaan.

Wat is het ruimtelijke verzorgingsgebied? Wanneer sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, moet de toelichting van het bestemmingsplan of de ruimtelijke onderbouwing een beschrijving van de behoefte aan de woningen die mogelijk worden gemaakt bevatten. De behoefte moet worden bepaald binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de woningbouwontwikkeling. De aard en omvang van de ontwikkeling zijn leidend voor het schaalniveau waarop de ruimtebehoefte moet worden afgewogen. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het realiseren van appartementen. De appartementen zullen met name bedoeld zijn voor de lokale behoefte. Gelet op de aard en omvang van de hiervoor genoemde functies kan het ruimtelijk verzorgingsgebied worden beperkt tot de kern Noordwijk en haar directe omgeving. Kwantitatieve en kwalitatieve behoefte De te realiseren woningen zijn bedoeld voor de lokale markt. De behoefte wordt dan ook op lokaal niveau getoetst. In paragraaf 3.5.2 wordt aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling zowel kwalitatief als kwantitatief passend is binnen het actuele gemeentelijke en regionale

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

15/45

woonbeleid. Er kan dan ook worden geconcludeerd dat sprake is van een actuele behoefte naar de voorgenomen woningbouw en dat er sprake is van duurzaam ruimtegebruik.

3.3

Provinciaal beleid

De provincie Zuid-Holland heeft al het bestaande provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving samengevoegd in een Omgevingsvisie, een Omgevingsprogramma en een Omgevingsverordening. De documenten zijn op 20 februari 2019 vastgesteld (en daarna een aantal maal geactualiseerd) en vormen het omgevingsbeleid van de provincie. De Omgevingsvisie bevat het strategische beleid. Het ruimtelijk-relevante, operationele beleid is opgenomen in het Omgevingsprogramma. De verplichtingen voor ruimtelijke plannen van de provincie of lagere overheden zijn opgenomen in de Omgevingsverordening. Voor het bestemmingsplan zijn de meest recente versies van 1 april 2023 geraadpleegd (geconsolideerde versie). 3.3.1 Omgevingsvisie en Omgevingsprogramma De Omgevingsvisie bevat geen eindbeeld voor 2030 of 2050, maar bevat zeven vernieuwingsambities als stip op de horizon: • Samen werken aan Zuid-Holland: inwoners, organisaties en bedrijven in een vroeg stadium betrekken bij besluiten. • Bereikbaar Zuid-Holland: efficiënt, veilig en duurzaam over weg, water en spoor. • Schone energie voor iedereen: op zoek naar schone energie, haalbaar en betaalbaar voor iedereen. • Een concurrerend Zuid-Holland: diversiteit, de economische kracht van Zuid-Holland. • Versterken natuur in Zuid-Holland: een aantrekkelijk landelijk gebied draagt bij aan de kwaliteit van de leefomgeving.

• Sterke steden en dorpen in Zuid-Holland: versnellen van de woningbouw met behoud van ruimtelijke en sociale kwaliteit. • Gezond en veilig Zuid-Holland: beschermen en bevorderen van een gezonde, veilige leefomgeving Deze ambities staan niet op zichzelf. Ze zijn geworteld in de historie, ligging en economische structuur van Zuid-Holland en gekoppeld aan de strategische uitdagingen waar deze regio voor staat. De ambities zijn de kaders waarbinnen de provincie ruimte geeft. Die ruimte kan per opgave verschillen. Door in te zetten op de zeven ambities draagt de provincie bij aan het sterker maken van Zuid-Holland. Bij de ambities zijn opgaven geïdentificeerd. De opgaven zijn vanuit provinciale optiek en op een zeker abstractieniveau geformuleerd zonder een beoogde eindsituatie te schetsen. In het Omgevingsprogramma zijn de instrumenten opgenomen waarmee de doelen en ambities uit de Omgevingsvisie uitgevoerd gaan worden. Verstedelijking en wonen De provincie voorziet op regionaal niveau, samen met gemeenten, marktpartijen en woningbouwcorporaties, in voldoende en passende woningen voor de verschillende doelgroepen, waaronder de doelgroepen van het huurbeleid. Hierbij gaat de voorkeur uit naar nieuwe woningbouw binnen bestaand stads- en dorpsgebied en georiënteerd op hoogwaardig openbaar vervoer.

De provincie is terughoudend over het toevoegen van nieuwe woningbouwlocaties buiten bestaand stads- en dorpsgebied en vragen om de bodemdalingsgevoeligheid van een gebied expliciet mee te wegen. Bouwen naar behoefte De provincie hecht waarde aan de vestigingswens van haar inwoners en hanteert het uitgangspunt dat woningen daar worden gerealiseerd waar de behoefte zich manifesteert. Het uitgangspunt daarbij is dat de juiste woning op de juiste plek (op het juiste moment) wordt gerealiseerd. Dat gaat allereerst over dat gebouwd wordt naar behoefte. De bouw van nieuwe woningen moet bijdragen aan de bestaande woningvoorraad, de (sub)regionale schaal van woningmarkt en de lange termijn in ogenschouw nemend. Bouwen binnen bestaand bebouwd gebied speelt in op

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

16/45

de behoefte aan binnenstedelijk wonen. De provincie wil dat de ladder op (sub)regionaal niveau wordt toegepast en dat samenwerkende gemeenten een gezamenlijk beeld ontwikkelen van de ontwikkelmogelijkheden binnen en buiten bestaand stads- en dorpsgebied. Verbetering omgevingskwaliteit Centraal doel van het integrale omgevingsbeleid is het verbeteren van de omgevingskwaliteit. Daarbij streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede leefomgevingskwaliteit. Met het provinciaal omgevingsbeleid wordt aangesloten op de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet: het doelmatig benutten van de fysieke leefomgeving voor maatschappelijke opgaven en het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit. Met het samenvoegen van al het bestaande beleid voor de fysieke leefomgeving heeft de provincie een eerste stap gezet richting een meer integrale sturing op omgevingskwaliteit. Een nadere uitwerking van het provinciale beleid voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit is weergegeven in de 'kwaliteitskaart' en de 'richtpunten ruimtelijke kwaliteit', behorende bij zowel de Omgevingsvisie als de Omgevingsverordening. De toets aan de omgevingsverordening is beschreven in paragraaf 3.3.2 hierna. Daarin is ook ingegaan op de ruimtelijke kwaliteit.

3.3.2 Omgevingsverordening Zuid-Holland Voor het bestemmingsplan is de Omgevingsverordening Zuid-Holland (OVZH) geraadpleegd. De provincie heeft op 21 december 2021 de nieuwe Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (ZHOV) vastgesteld. Deze ZHOV geldt pas als de Omgevingswet in werking treedt (2024). Tot die tijd blijft de Omgevingsverordening gelden die in deze paragraaf is behandeld. In de Omgevingsverordening zijn alle regels voor de fysieke leefomgeving van het bestaande provinciale omgevingsbeleid samengevoegd. Voor de beoogde ontwikkeling zijn artikel 6.9 Ruimtelijke kwaliteit en artikel 6.10 Stedelijke ontwikkelingen relevant. Hieronder is op beide artikelen ingegaan. 3.3.2.1 Artikel 6.9: Ruimtelijke kwaliteit Een bestemmingsplan kan voorzien in nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, onder de volgende ruimtelijke voorwaarden: 1. de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart (inpassen); 2. als de ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, maar wijziging op structuurniveau voorziet (aanpassen), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit per saldo ten minste gelijk blijft door: a.

zorgvuldige inbedding van de ontwikkeling in de omgeving, rekening houdend met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en b. het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid; 3. als de ruimtelijke ontwikkeling niet past bij de bestaande gebiedsidentiteit (transformeren), wordt deze uitsluitend toegestaan mits de ruimtelijke kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling is gewaarborgd door: a. een integraal ontwerp, waarin behalve aan de ruimtelijke kwaliteit van het gehele gebied ook aandacht is besteed aan de fysieke en visuele overgang naar de omgeving en de fasering in ruimte en tijd, alsmede rekening is gehouden met de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart; en b. het zo nodig treffen van aanvullende ruimtelijke maatregelen als bedoeld in het derde lid. 3.3.2.2 Artikel 6.10 Stedelijke ontwikkelingen Een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, voldoet aan de volgende eisen: 1. de toelichting van het bestemmingsplan gaat in op de toepassing van de Ladder voor duurzame verstedelijking overeenkomstig artikel 3.1.6, tweede, derde en vierde lid van het Besluit ruimtelijke ordening; 2. indien in de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied kan worden voorzien en voor zover daarvoor een locatie groter dan 3 hectare nodig

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

17/45

is, wordt gebruikgemaakt van grote buitenstedelijke bouwlocaties waarvan de plaats geometrisch is bepaald en verbeeld op kaart 19 in bijlage II van de Omgevingsverordening Zuid-Holland en wordt rekening gehouden met de voor deze locaties opgenomen gegevens en criteria in bijlage X van de Omgevingsverordening Zuid-Holland. Hieronder is het plan getoetst aan de regels uit beide artikelen. 3.3.2.3 Betekenis voor het plan Toets aan artikel 6.9 Ruimtelijke kwaliteit De kwaliteitskaart is voor het plan geraadpleegd. Op de Kwaliteitskaart maakt het plangebied onderdeel uit van 'steden en dorpen', zie afbeelding 10. Ontwikkelingen die plaatsvinden in of in de nabijheid van het centrum van een kern dragen bij aan behoud en versterking van de vitale stads- en dorpscentra met een gevarieerd functioneel en ruimtelijk beeld. De provincie streeft naar een compact, samenhangend en kwalitatief hoogwaardig bebouwd gebied en wil de bebouwde ruimte daarom beter benutten. De provincie zet in op verdichting, concentratie, diversiteit en specialisatie binnen het bestaand stads- en dorpsgebied, en ten tweede op een hiërarchie van complementaire knooppunten en centra met een goede onderlinge bereikbaarheid.

afbeelding 10: plangebied aangeduid op uitsnede kwaliteitskaart (bron: provincie Zuid-Holland)

De provincie hanteert de volgende uitgangspunten voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen: • Bouw naar behoefte; • Bouw primair binnen bestaand stads- en dorpsgebied; • Bouw georiënteerd op hoogwaardig openbaar vervoer; houdt rekening met de gevolgen van de ontwikkeling voor de bereikbaarheid; versterk de langzaam vervoersrelaties; • Bouw voldoende betaalbare woningen; • Benut het netwerk van stedelijke centra en knooppunten; • Bouw toekomstbestendig; houd rekening met bodemdaling en klimaatadaptatie en -mitigatie, vitale dorpen en verstedelijking, functiemenging en meervoudig ruimtegebruik, economische toplocaties, gezonde verstedelijking, energietransitie, circulair en natuurinclusief bouwen; • Realiseer in samenhang met het stedelijk netwerk robuuste en klimaatadaptieve recreatieen natuurgebieden.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

18/45

Met het plan wordt ingespeeld op de aanwezige behoefte aan nieuwe betaalbare woningen, zie ook het regionale woonbeleid in paragraaf 3.4.2 en het gemeentelijk woonbeleid in paragraaf 3.5.2. Er is sprake van benutting van een voormalige bedrijfslocatie binnen het bestaand stedelijk gebied. Dit biedt voordelen zoals de nabijheid van voorzieningen en openbaar vervoer. Het plan voldoet aan de uitgangspunten die de provincie hanteert voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. De ruimtelijke ontwikkeling past binnen de bestaande gebiedsidentiteit, voorziet geen wijziging op structuurniveau, past bij de aard en schaal van het gebied en voldoet ook aan de relevante richtpunten van de kwaliteitskaart. Daarmee voldoet het plan aan de voorwaarden uit artikel 6.9 Ruimtelijke kwaliteit. Toets aan artikel 6.10 Stedelijke ontwikkelingen In paragraaf 3.2.3 van de toelichting is beschreven dat het voorgenomen plan voldoet aan de ladder voor duurzame verstedelijking. Daarmee wordt voldaan aan artikel 6.10 lid 1 van de verordening en worden er geen aanvullende eisen gesteld. Conclusie provinciaal beleid Gelet op bovenstaande voldoet het plan aan de uitgangspunten uit de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening van de provincie Zuid-Holland.

3.4

Regionaal beleid

3.4.1 Regionale Structuurvisie 2020 (2009) Het regionale samenwerkingsorgaan Holland Rijnland, heeft op 24 juni 2009 de Regionale Structuurvisie 2020 (RSV) vastgesteld. Deze verankert de intergemeentelijke afspraken in een ruimtelijke vertaling naar 2020. Na 2020 houdt de RSV rekening met een doorkijk naar 2030. Op diverse onderwerpen werken de deelnemende gemeenten samen. Dit zijn onder andere ontwikkelingen op het gebied van wonen, werken, natuur en landschap, verkeer en vervoer, samenleving en welzijn. De RSV ziet een goede balans tussen gebiedsontwikkeling en behoud van het oorspronkelijke karakter van de regio als belangrijk streven. Concentratie van stedelijke ontwikkeling en verbetering van de regionale bereikbaarheid zijn hierbij speerpunten. Specifiek voor de woningmarkt is het voorzien in een gedifferentieerd woonmilieu een streven. Het doel is om een topwoonregio in de Randstad te worden. Voldoende aandacht voor de kwaliteit van de leefomgeving is daarbij een kernpunt. Dit leidt tot de volgende kernbeslissingen: • Tot 2020 moeten er 40.000 woningen in de regio gebouwd worden; • Per gemeente moet 30% van de woningbouw in de sociale huursector worden gerealiseerd. Betekenis voor het plan Noordwijk wordt in het RSV beschreven door een aantrekkelijk woonklimaat. De vraag naar woningen is in het gebied hoog.

Dit geldt zowel voor de bestaande inwoners als toekomstige bewoners van buitenaf. Het voorgenomen plan wordt gerealiseerd in het bestaand stedelijk gebied in de buurt van verschillende voorzieningen. Met de voorgenomen ontwikkeling wordt invulling gegeven aan de kernpunten tot concentratie van stedelijke ontwikkeling en de ambitie om als topwoonregio te fungeren. Met de nieuwe woningen wordt een bijdrage geleverd aan de kwantitatieve taakstelling. 3.4.2 Regionale woonagenda Holland Rijnland 2023 Het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland heeft de Regionale Woonagenda 2023 en Huisvestingsverordening 2024 op 28 juni 2023 vastgesteld. De Regionale Woonagenda beschrijft de afspraken over woningbouw in de regio. Die afspraken gaan over het aantal te bouwen woningen, waar deze moeten komen, wat voor soort woningen het zijn en voor wie. De gemeenten in Holland Rijnland maken zich sterk om tot en met 2030 maar liefst 30.500 nieuwe woningen te bouwen, waarvan 30% een sociale huurwoning is en 35% een middeldure huurwoning of een betaalbare koopwoning. De nieuwbouw moet aansluiten bij de woonbehoeften. Uitgangspunten zijn het verbeteren van de doorstroom, het versnellen van de woningbouw, het realiseren van

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

19/45

betaalbare woningen en het geven van ruimte aan aandachtsgroepen, dat zijn mensen met specifieke zorg- en ondersteuningsbehoeften. Alle gemeenten leveren hieraan een bijdrage. De afspraken in de Woonagenda vormen de kaders waarbinnen gemeenten hun eigen ruimtelijke projecten kunnen realiseren. De Woonagenda speelt in op de verwachtingen die de provincie in het kader van haar verantwoordelijkheid heeft van regionaal woonbeleid. Kort samengevat betekent dit dat in de Woonagenda rekening is gehouden met: • De gewenste kwalitatieve en kwantitatieve ontwikkelrichting voor de bestaande en gewenste woningvoorraad binnen de regio. Met als doel voldoende passende woningen te hebben voor verschillende doelgroepen. Dit is het kader en onderbouwing van het regionale woningbouwprogramma en de beoordeling daarvan door de provincie. De Woonagenda is voor de provincie de basis voor toetsing van nieuwe initiatieven en bestemmings/omgevingsplannen. • Een passend aanbod voor de doelgroepen van het huurbeleid. • Beleid voor de energietransitie en klimaatadaptatie als gevolg van bodemdaling; • Voorkeur voor nieuwbouw binnen bestaand stads- en dorpsgebied, georiënteerd op (hoogwaardig) openbaar vervoer. Actualisatie prognoses Sinds de vorige Regionale Woonagenda 2017 is de regio erin geslaagd goede stappen te zetten in de woningproductie.

In de periode van 2015 tot 2020 zijn 14.384 woningen toegevoegd aan de woningvoorraad (inclusief sloop). De provinciale Woningbehoefteraming uit 2021 valt echter aanzienlijk hoger uit dan de laatste raming uit 2019. Dit betekent dat er verdere versnelling nodig is. De regionale woningbehoefte komt uit op 30.500 nieuwe woningen vergeleken met 22.800 in de vorige prognose. Dit komt neer op circa 3.000 woningen per jaar (in de vorige woonagenda was dit circa 2.500 woningen per jaar). Voor de periode 2021-2030 zijn in de regio plannen voor circa 36.500 woningen (direct uitvoerbaar, passende kansen en plannen op basis van afspraken). Gelet op de verhoogde prognose en het risico dat plannen kunnen uitvallen, is dat echter niet voldoende. Om in de programmering rekening te houden met planuitval en -vertraging (30%), wordt namelijk op regionaal niveau gestuurd op een aantal van 130% harde plannen, wat neerkomt op een programma van 39.650 woningen. Het aantal woningen in harde plannen tot en met 2030 ligt zodoende op regionaal niveau 3.150 woningen lager. De gemeente Noordwijk behoort tot de subregio Noord, samen met de gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen. Voor de subregio noord geldt voor de periode tot en met 2030 de opgave om 6.500- 7.500 nieuwe woningen te bouwen (nog zonder 30% extra programmering voor uitval).

Deze opgave wordt gezien als vertrekpunt en niet als contigent (harde grens). Van de totale nieuwbouw binnen de gemeente dient minimaal 30% sociale huur te zijn en minimaal 35% voor middeninkomens. Dit wordt gemonitord op het niveau van het totale programma in de gemeente, dus niet op het niveau van afzonderlijke projecten. Waarbij overigens de gemeente Noordwijk verder gaat in de Noordwijkse Woonvisie 2020 -2030, en minimaal 30% sociale huur en minimaal 40% betaalbaar als gemeentelijk uitgangspunt hanteert. Betekenis voor het plan Het plan, bestaande uit 24 appartementen, komt tegemoet aan de vraag naar woningen in de regio en in het bijzonder betaalbare woningen. Het toevoegen van betaalbare woningen gaat verdringing op de woningmarkt tegen. Daarbij gaat het om een inbreidingslocatie die een goede bereikbaarheid kent. Uit de eerdere regionale woonagenda 2017 was al gebleken dat er het aantal plannen lager ligt dan de vraag. Er was sprake van een vraag van 790 extra woningen in de periode 2017-2030. Inmiddels is de regionale opgave nog groter, wat betekent dat de opgave voor Noordwijk ook groter is geworden. Zodoende is te concluderen dat het nieuwbouwplan bijdraagt aan het invullen van de behoefte aan nieuwe woningen en geen verdringing veroorzaakt op de woningmarkt.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

20/45

Ook sluit het plan aan bij de opgave om betaalbare woningen te realiseren en de opgave om de woningbouw bij voorkeur binnenstedelijk te realiseren.

3.5

Gemeentelijk beleid

3.5.1 Omgevingsvisie 1.0 ‘Samen maken we de toekomst voor Noordwijk!’ Op 22 februari 2022 is de nieuwe Omgevingsvisie 1.0 ‘Samen maken we de toekomst voor Noordwijk’ vastgesteld. De Omgevingsvisie 1.0 vormt het toetsingskader voor initiatieven totdat de Omgevingsvisie 2.0 is vastgesteld. Momenteel is de Omgevingsvisie 2.0 in voorbereiding. De Omgevingsvisie 1.0 komt voort uit de Omgevingswet. Het is opgezet om gebruikt te worden door de hele gemeente voor de lange termijn en vervangt de gemeentelijke beleidsvisies op het gebied van de fysieke leefomgeving. De vijf thema’s voor de toekomst van Noordwijk zijn: 1. Ondernemende gemeente; voldoende welvaart voor iedereen 2. Prettig wonen met voldoende woningen voor iedereen 3. Welzijn en gezondheid (cultuur en sport) 4. Bereikbaarheid 5. Duurzaam, klimaatneutraal en klimaatbestendig (natuur). Betekenis voor het plan Het thema “Prettig wonen met voldoende woningen voor iedereen” omschrijft een toekomst met voldoende woningen. De gemeente Noordwijk wil de grote variatie aan woningen in het gebied voor verschillende categorieën in stand houden. Daarom wordt ingezet op behoud en nieuwbouw van betaalbare woningen. Ook het bouwen in hogere dichtheid zorgt voor meer woningen en tegelijkertijd minder ruimtebeslag. Het plan sluit aan bij deze ambities van de gemeente.

Er worden betaalbare woningen toegevoegd aan de woningvoorraad en er is sprake van verdichting binnen het bestaand stedelijk gebied. Het plan sluit ook aan bij het thema Duurzaam, klimaatneutraal en klimaatbestendig. De nieuwe woningen worden allen gasloos en zullen voldoen aan de eisen aan nieuwbouw op het gebied van energie en duurzaamheid. Ook zal hemelwater in het plangebied worden afgekoppeld van het riool. Het hemelwater zal worden opgevangen en zoveel mogelijk ter plekke de grond in kunnen infiltreren. Samenvattend kan geconcludeerd worden dat de voorliggende ontwikkeling past binnen de ambities van de nieuwe Omgevingsvisie Noordwijk 1.0. 3.5.2 Woonvisie Noordwijk 2020-2030 De gemeenteraad heeft op 26 januari 2021 de woonvisie ‘Alle zeilen bij voor voldoende en juiste woningen’ vastgesteld. De basis voor de woonvisie is het in 2019 uitgevoerde woonbehoefteonderzoek. De ‘Onderzoeksnotitie Woonbehoefteonderzoek’ is gebruikt voor het opstellen van de Woonvisie ‘Alle zeilen bij voor voldoende en juiste woningen’. In de woonvisie staan 2 prioriteiten voorop: zorg voor het toevoegen van voldoende woningen in de gemeente Noordwijk én zorg voor de juiste woningen in het bijzonder voor mensen die zonder onze aandacht geen huis kunnen krijgen. Daarnaast wordt ingezet op prettig zelfstandig thuis wonen en verduurzaming.

De Woonvisie ‘Alle zeilen bij voor voldoende en juiste woningen’ kent dan ook 4 belangrijke opgaven: 1 Volle inzet voor meer nieuwbouw 2 Juiste woningen toevoegen 3 Mogelijkheden voor prettig thuis wonen 4 Op naar een klimaatneutraal Noordwijk Hieronder is ingegaan op de relevante onderdelen uit deze opgaven voor het plan.

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

21/45

Meer nieuwbouw Het aantal gebouwde woningen bleef de afgelopen jaren achter bij de planning: van 2015 tot en met 2019 zijn circa 840 woningen gerealiseerd (170 woningen per jaar, terwijl de behoefteraming uitgaat van 190 tot 250 woningen per jaar). In 2019 is de weg omhoog gevonden met 215 opgeleverde woningen in de gemeente Noordwijk. De gemeentelijke woonvisie is gebaseerd op de provinciale Trendraming uit 2019, waarin rekening is opgenomen tussen 2019 en 2030 een toevoeging van 2.580 woningen nodig is, verspreid over de kernen in de gemeente Noordwijk. Al met al gaat het om gemiddeld minimaal 235 woningen per jaar tot 2030. Zoals is beschreven in paragraaf 3.4.2 valt de provinciale Woningbehoefteraming uit 2021 aanzienlijk hoger uit dan de raming uit 2019. De regionale opgave voor subregio Holland Rijnland Noord komt neer op 6.500-7.500 woningen, wat bijna een verdubbeling is ten opzichte van de opgave van 3.900 woningen gebaseerd op de vorige trendraming. Ook al op basis van de raming van 2019 was een versnelling in realisatie nodig ten opzichte van de afgelopen jaren. Dit is nog urgenter geworden met de raming uit 2021. Mocht het lukken te komen tot de benodigde versnelling dan leidt dat tot minder concurrentie voor lokale woningzoekenden en verlichting van de druk op de (sub)regionale woningmarkt; dit laatste is geen doel maar een positief neveneffect.

De gemeentelijke woonvisie houdt in de programmering ook rekening met vertraging en planuitval en vangt dat op door uit te gaan van een 30% hogere plancapaciteit dan de raming net als de provincie en de regionale woonagenda. Op basis van de trendraming is de opgave voor de gemeente Noordwijk om in totaal 3.354 woningen te realiseren tot 2030 (en daarnaast extra capaciteit voor de jaren erna). Aangezien de regionale opgave op basis van de nieuwere trendraming van 2021 nog groter is geworden, is de opgave voor Noordwijk ook groter geworden. Om woningbouwplannen in voldoende tempo te kunnen realiseren is extra inzet nodig. Dit is een complexe uitdaging, mede door stikstof, PFAS, mobiliteits- en energievraagstukken. De gemeente gaat die uitdaging aan door de ruimtelijke mogelijkheden die er zijn intensief te benutten door splitsing, verdichting en meer hoogte, mits passend bij de directe omgeving. Splitsing en verdichting mogen immers niet de leefbaarheid in een buurt aantasten. Bij deze intensivering wordt nadrukkelijk ook gekeken naar transformatiemogelijkheden van vrijkomend (bedrijfs)vastgoed in de woongebieden.

Bovendien sluit deze ontwikkeling aan bij de vraag van het groeiende aantal kleine huishoudens, mits toe te voegen woningen een zekere basiskwaliteit behouden: minimaal 40 à 50 m2 (BVO; Bruto Vloeroppervlakte van een gebouw) met volwaardige voorzieningen en plattegrond. Bij deze bouwopgave zet de gemeente in om de natuurlijke en open omgeving zoveel mogelijk te sparen en ook bijvoorbeeld ruimte te houden voor parkeren. Dit moet bijdragen aan behoud van de leefbaarheid voor de inwoners van de gemeente en behoud van aantrekkelijkheid voor bezoekers. Juiste woningen toevoegen In de woonvisie worden maatregelen voorgesteld om te zorgen dat groepen die nu moeilijk aan bod komen in Noordwijk extra huisvestingsmogelijkheden krijgen én om actief te sturen op meer passend woningaanbod voor lage en middeninkomens: en dan in het bijzonder jongeren en jonge gezinnen. Dit is gedaan door in een doelgroepenverordening een verplichte segmentering op te leggen aan woningbouwplannen. Segmentering - doelgroepenverordening Bij nieuwe bouwaanvragen voor realisatie van 3 woningen of meer, die niet passen binnen het bestemmingsplan, worden woningbouwplannen aan de woonvisie getoetst. Bij de realisatie van woningbouwplannen vanaf 3 woningen is de vastgestelde segmentering als volgt: • Minimaal 30% sociale huur tot € 808,06 (prijspeil 2023).

• Minimaal 15% middeldure huur van € 808,06 tot € 1000, – op basis van de nieuwe Regionale woonagenda en nieuwe Rijkswetgeving en de Doelgroepenverordening Noordwijk 2022. • Minimaal 25% middeldure koop vastgesteld op de NHG grens tot € 355.000,- (prijspeil 2022 aangehouden op basis van regionale woonvisie en rijksbeleid) en € 376.300,- inclusief energiebesparende maatregelen (prijspeil 2022).

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

22/45

Betekenis voor het plan Met het voorliggende plan wordt een bedrijfslocatie gelegen tussen woningen gewijzigd in een woonlocatie. De bestaande bedrijfsbebouwing wordt gesloopt en er worden 24 kleinere appartementen aan de woonvoorraad in Noordwijk-Binnen toegevoegd. Door in gestapelde vorm te bouwen tot drie en vier lagen is sprake van een inpasbare ontwikkeling qua maat en schaal en wordt de binnenstedelijke locatie intensief benut. De parkeerbehoefte wordt ook op het eigen terrein opgevangen. De Ladder voor Duurzame verstedelijking maakt dat woningbouw in de eerste plaats op inbreidingslocaties moet plaatsvinden, om daarmee het groene buitengebied te sparen en zorgvuldig ruimtegebruik na te streven. Daar is in dit geval sprake van. Met voorliggend plan wordt een bijdrage geleverd aan het realiseren van de kwantitatieve woningbouwopgave voor de kern Noordwijk-Binnen. Het plan sluit daarmee aan op de kwantitatieve en kwalitatieve opgave welke voort komt uit de woonvisie. In de gemeentelijke woonvisie is op basis van de trendraming van 2019 een vraag genoteerd van 610 extra woningen in de periode 2017-2022. En in de periode 2022-2030 is uitgegaan van een behoefte aan 170 extra woningen. De indicatieve behoefte naar sociale huurwoningen in de gemeente Noordwijk in de periode 2017-2030 bedraagt 140 extra sociale huurwoningen.

Daar komt bij dat, zoals ook is de beschreven in de Regionale woonagenda in paragraaf 3.4.2, dat de nieuwste provinciale trendraming van 2021 een nog grotere woningopgave laat zien dan waar in de gemeentelijke woonvisie van is uitgegaan. Er is zodoende sprake van ruim voldoende vraag naar de nieuwe woningen die het bestemmingsplan mogelijk maakt. Verder is de ontwikkeling in overeenstemming met het principe van zorgvuldig ruimtegebruik. De beoogde ontwikkeling gaat namelijk uit van het slopen van bebouwing zonder duurzame vervolgfunctie en herontwikkeling naar woningbouw binnen de kern. Het voorgenomen plan van 24 appartementen bevat zowel sociale huur, middeldure huur en middeldure koop en past daarmee binnen de kwantitatieve en kwalitatieve behoefte naar woningen in de gemeente Noordwijk zal voldoen aan de eisen uit de doelgroepenverordening. 3.5.3 Welstandsnota 2019 In de Welstandsnota 2019 van de gemeente Noordwijk maakt het plangebied deel uit de planmatig opgezette woonwijk Boerenburg en valt onder deelgebied 10 'Planmatige woongebieden’. Daarbij geldt een normaal welstandsniveau. Er zal onder meer worden beoordeeld op behoud van herhaling van rooilijn, gevelbeeld en materiaalgebruik. Aandacht zal uitgaan naar behoud van samenhang op cluster, rij of buurtniveau.

De volgende criteria zijn van toepassing: Ligging (bestemmingsplan is leidend) • Gebouwen maken deel uit van een stedenbouwkundig patroon, waarin vooral de voorgevelrooilijnen en hoeken van belang zijn; • De individuele woning binnen een cluster, rij of blok is een deel van het geheel en voegt zich hier naar; • Gebouwen zijn met hun voorgevel gericht op de belangrijkste openbare ruimte; • Gebouwen met een bijzondere functie zoals scholen kunnen een meer vrije positie innemen en daarbij een meerzijdige oriëntatie krijgen. • Plaatsing van bijgebouwen, op-, aan- en uitbouwen zijn per cluster, rij of blok samenhangend. Massa en vorm (bestemmingsplan is leidend) • Bijzondere functies mogen afwijken van gebruikelijke massa, opbouw en vorm; • Clusters, rijen en gestapelde woningen kennen een onderlinge samenhang; • Alleen incidentele vrijstaande gebouwen hebben een individuele uitstraling; • Woningen bestaan uit één of twee lagen met of zonder kap. Andere gebouwen kunnen een onderbouw tot vier lagen hebben met een plat of hellend da

Bestemmingsplan Susanna van Ettenstraat 2, Noordwijk, Vastgesteld

23/45

• •

Andere gebouwen kunnen een onderbouw tot vier lagen hebben met een hellende kap; Bij-, aan-, op- en uitbouwen zijn ondergeschikt en vormgegeven als toegevoegd element of opgenomen in de hoofdmassa.

Gevelkarakteristiek • Wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op het hoofdvolume of ensemble; • Ontwerpaandacht voor alle details. De detaillering is per cluster, rij of blok in samenhang. Extra aandacht voor detaillering in ‘tuinwijken’; • Bij rijwoningen de herhaling benadrukken. Bestaande detaillering en geleding aanhouden. Materiaal- en kleurgebruik • Het materiaal- en kleurgebruik is per cluster, rij of blok (vooral aan de voorkant) in samenhang. Het kleurgebruik is terughoudend; • Gevels zijn in hoofdzaak van baksteen of vergelijkbare steenachtige materialen, soms geschilderd of in lichte tint gestuct. Eventueel in combinatie met puien, houten beschot of panelen; • Hellende daken van woningen zijn voorzien van rode of gesmoorde keramische pannen. Planspecifiek Het bestemmingsplan biedt de kaders voor de bouwmassa. De naar de straat gekeerde gevels komen op dezelfde plek als het bestaande gebouw. De nieuwbouw wordt ingepast in de bestaande stedenbouwkundige situatie en houdt rekening met de hoogtes van de omliggende bebouwing. Er is nog geen vergunning voor het bouwplan aangevraagd. De architect zal rekening houden met de uitgangspunten uit de Welstandsnota en na het indienen wordt het bouwplan getoetst aan de criteria van de welstandsnota.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Noordwijk&id=f6df7367-036f-49fc-93ed-3c68fa43c893