CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

D07 01 Eindverslag Onderzoek Arbeidsmigranten Flevoland.pdf

Gemeenteraad 31 maart 2026, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 4: Lijst ingekomen stukken19.010 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Samen WINnen in Flevoland Waardig werk, één gemeenschap

Eindrapportage verkennend onderzoek en advies Project WIN-punt Flevoland Projectleider: Gerdien Wessels Almere, december 2025 “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap.

Pag. 2

Inhoudsopgave Hoofdbevindingen ......................................................................................................................... 1 Aanbevelingen voor Flevoland ....................................................................................................... 3 Conclusie: waar staat Flevoland nu, en wat moet er gebeuren? .................................................... 4 Leeswijzer .................................................................................................................................... 6 1

Inleiding ............................................................................................................................... 7 1.1

2

3

“Geen Tweederangsburgers” ............................................................................................... 7

Opdracht Flevoland Werkt .................................................................................................... 8 2.1

Planning ............................................................................................................................. 9

2.2

Definities ...........................................................................................................................10

Uitvoering opdracht ............................................................................................................. 11 3.1.1 3.1.2 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.1.6 3.1.7 3.1.8 3.1.10 3.1.11

Omvang, samenstelling en trends in Nederland .............................................................. 12 Structurele afhankelijkheid en economische context ...................................................... 12 Registratie, zicht en rechtstoegang ................................................................................. 13 Huisvesting, leefomstandigheden en leefomgeving ......................................................... 13 Arbeidsveiligheid, werkcultuur en kwetsbaarheid ........................................................... 13 Sociale cohesie en leefbaarheid..................................................................................... 14 Ruimtelijke spreiding en platteland ................................................................................ 14 Governance, sturing en recente koers ............................................................................ 14 10 kernconclusies arbeidsmigratie in Nederland ........................................................ 17 Landelijke aanbevelingen (gebaseerd op genoemde onderzoeken) .............................. 18

3.2 Arbeidsmigratie in Flevoland - brononderzoek en interviews.................................................19 3.2.1 Bewustwording problematiek arbeidsmigranten ............................................................. 20 3.2.2 Flevoland in cijfers ........................................................................................................ 20 3.2.2.1 Arbeidsmigranten: aantallen & ontwikkeling (2022)................................................. 21 3.2.2.2 Aantal werkzame arbeidsmigranten per gemeente (2022) ....................................... 22 3.2.2.3 Herkomstlanden (provincie Flevoland): .................................................................. 23 3.2.2.4 Herkomstprofiel per gemeente .............................................................................. 24 3.2.2.5 Geregistreerde woonlocaties (2010–2022) en verblijfsduur ..................................... 24 3.2.2.6 Aantal arbeidsmigranten naar woongebied ............................................................ 27 3.2.2.7 Opgaven voor de toekomst .................................................................................... 28 3.2.2.7.1 Huisvestingssituatie & opgave (2024) ................................................................ 28 3.2.2.7.2 Kwantitatieve huisvestingsopgave tot 2030 .......................................................

28 3.2.3 Interviews, beleidsstukken en gemeentelijke onderzoeken (gemeenten in alfabetische volgorde) ................................................................................................................................... 29 3.2.3.1 Almere ................................................................................................................. 29 3.2.3.2 Dronten ................................................................................................................ 32 3.2.3.4 Noordoostpolder (NOP)......................................................................................... 34 3.2.3.5 Urk ....................................................................................................................... 37 3.2.4 Enquêtes ...................................................................................................................... 38 3.2.4.1 Opbrengsten enquêtes .......................................................................................... 38 4

WIN-punten in Nederland .................................................................................................... 44 4.1 Het WIN-punt in Flevoland .................................................................................................45 4.1.1 Digitale dienstverlening ................................................................................................. 46 4.1.1.1 Herkenbaarheid WIN-punt..................................................................................... 47 “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 3

4.1.2 Persoonlijke dienstverlening .......................................................................................... 47 4.1.2.1 Waar wonen en werken arbeidsmigranten in Flevoland? ............................................... 48 4.1.3 Overige taken en werkzaamheden van het WIN-punt ....................................................... 51 4.1.3 Advies na onderzoek, interviews en enquêtes: ................................................................ 51 4.2 WIN-consulenten...............................................................................................................52 4.2.1 Advies ........................................................................................................................... 52 4.2.2 Opbouw spreekuren ...................................................................................................... 52 5

Conclusies en aanbevelingen – Flevoland langs de meetlat van “Alliantie Work in NL” .......... 53 5.1

Wat gaat goed? ..................................................................................................................53

5.2 Wat kan beter? ..................................................................................................................59 5.2.1 Acties korte termijn (0-12 maanden) ............................................................................... 59 5.2.2 Acties lange termijn (1 – 3 jaar) ....................................................................................... 61 5.3

Sociale en bestuurlijke uitdagingen .....................................................................................63

BIJLAGE: Wie doet wat - actielijst in één overzicht ......................................................................... 64

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap.

Pag. 1

Managementsamenvatting De arbeidsmarktregio Flevoland draait in toenemende mate op arbeidsmigranten. Zij vormen een fundament onder sectoren als agrofood, logistiek, distributie, industrie, bouw, techniek en visverwerking. Uit de beschikbare cijfers, beleidsstukken en tientallen gevoerde gesprekken blijkt echter dat het huidige regionale systeem (van registratie tot huisvesting, van arbeidsveiligheid tot zorg) onvoldoende is ingericht op deze structurele afhankelijkheid. Hierdoor ontstaat kwetsbaarheid: voor arbeidsmigranten zelf, maar ook voor gemeenten, werkgevers en de regionale economie als geheel. Dit onderzoek, uitgevoerd in opdracht van de arbeidsmarktregio Flevoland,brengt een samenhangend, regionaal beeld in kaart. De bevindingen zijn geordend langs de vijf pijlers van het convenant “Alliantie Work in NL” (2025–2027), dat richting geeft aan een gezamenlijke aanpak van overheid, werkgevers, uitzendbranche, vakbonden en maatschappelijke partijen. Deze pijlers zijn: 1 — Informatie & ondersteuning voor arbeidsmigranten; 2 — Betere registratie & zicht (BRP/RNI); 3 — Veilige & fatsoenlijke huisvesting; 4 — Goede & veilige arbeidsomstandigheden; 5 — Publiek-private samenwerking & regionale governance.

Hoofdbevindingen Omvang groter dan zichtbaar: Flevoland werkt met een verborgen populatie In Flevoland staan ongeveer 15.000 arbeidsmigranten geregistreerd, maar feitelijke aantallen liggen substantieel hoger. Uit analyses blijkt dat de totale short- en mid-stay populatie ongeveer 15.300 personen omvat, waarvan meer dan 10.000 woonlocaties niet in beeld zijn. Dit betekent dat Flevoland slechts zicht heeft op een derde van de mensen die hier verblijven en werken. Dat structurele gebrek aan inzicht vormt de kern van vrijwel alle andere problemen. De grootste concentraties bevinden zich in Noordoostpolder, Almere en Urk, die samen bijna 80% van alle werkzame arbeidsmigranten herbergen. Deze concentratie legt een bovengemiddelde druk op lokale voorzieningen, terwijl omliggende gemeenten vaak onvoldoende zicht hebben op instroom en uitstroom.

Huisvesting is een structureel knelpunt (en daarmee een risico) Gemeenten hebben gezamenlijk ongeveer 5.200 bekende woonplekken, maar er zijn ruim 15.300 short/midstay arbeidsmigranten. Dit betekent dat de regio minstens 10.000 mensen niet in beeld heeft wat betreft woonlocatie en/of kwaliteit daarvan. De grootste risico’s: • • • • •

shortstay-locaties buiten kernen waar toezicht minimaal is; illegale of ongereguleerde kamerverhuur in woonwijken (Almere, Lelystad); chaletbewoning of huisvesting bij agrariërs zonder basisvoorzieningen (Noordoostpolder, Dronten); arbeidsmigranten worden verplaatst door uitzendbureaus, met anonimiteit en kans op misstanden tot gevolg; afhankelijkheid van werkgever voor zowel werk als woonruimte, waardoor mensen direct op straat komen bij baanverlies.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 2

Gemeenten verschillen sterk in hun aanpak. Noordoostpolder heeft het meest uitgewerkt beleid, inclusief categorieën, afstandsregels, kwaliteitscriteria en Bibob. Almere heeft stevige instrumenten via LSI (intervertieteam) en woningsplitsing. Dronten heeft in 2024 een belangrijk raadsbesluit genomen met drie aangewezen grootschalige huisvestingslocaties, verplichte participatietrajecten en een kwaliteitscommissie. Lelystad werkt aan grootschalige campuslocaties. Urk heeft nog géén huisvestingsbeleid, ondanks een groot aantal arbeidsmigranten (2.000) dat werkzaam is binnen de gemeente.

Registratie, zicht en rechtstoegang blijven achter (en vormen daarmee een basis voor misstanden) Uit het onderzoek blijkt dat registratie het zwakste onderdeel is van de regionale aanpak. Belangrijke oorzaken: • • • • • •

shortstay verblijf (< 4 maanden) wordt niet geregistreerd in de BRP; uitzendbureaus bepalen instroom en vertrek → gemeenten achteraf op de hoogte; adreskwaliteit is onvoldoende: 1–2 inschrijvingen, feitelijk 10+ bewoners; geen regionaal nachtregister; RNI-loketten zijn niet aanwezig in Flevoland; taalbarrières en afhankelijkheid zorgen voor onderregistratie.

Arbeidsomstandigheden en veiligheid: risico’s nemen toe en zijn onvoldoende zichtbaar Arbeidsmigranten lopen landelijk 1,4–5 keer meer risico op arbeidsongevallen dan Nederlandse werknemers. In Flevoland is dit risico extra groot door sectoren met zware fysieke belasting (agro, logistiek, visverwerking, techniek). Regionale signalen: • • • • •

dakloosheid en tentbewoning (GGD-signaal NOP zomer 2025: ±20 personen); misstanden in chalets en bedrijfswoningen waar brandveiligheid en gezonde woonomstandigheden ontbreken; verslavingsproblematiek bij uitvallers (Amethist en Leger des Heils); nauwelijks meldingen van arbeidsuitbuiting, ondanks signalen → onderrapportage; afhankelijkheid van werkgevers (werk → vervoer → kamer → inkomen) verhoogt kwetsbaarheid.

Almere heeft een lokaal uitvoeringsplan, aanvullend op regionaal uitvoeringsplan Mensenhandel – dit kan als blauwdruk dienen voor de rest van Flevoland.

De regio mist gezamenlijke regie Alle geïnterviewde partijen (gemeenten, Provincie, GGD, Leger des Heils, Arbeidsinspectie, Firda, bibliotheken, vakbonden, huisvesters) noemen hetzelfde kernprobleem: (ook interne) versnippering: • • • • • •

iedere gemeente hanteert eigen beleid; er is geen regionaal datastelsel (registratie, RNI, nachtregisters, werkgevergegevens); er is geen structureel overleg met Arbeidsinspectie; werkgevers en uitzendbureaus werken regio-overstijgend, maar gemeenten opereren lokaal; zorgorganisaties kennen de doelgroep beter dan gemeenten, maar signalen worden niet gedeeld; kleine gemeenten hebben te weinig uitvoeringscapaciteit om toezicht structureel te organiseren.

Conclusies:

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 3

• • •

Er is geen regionaal beeld, eigenaarschap of gezamenlijke (re)actie. Hierdoor is Flevoland kwetsbaar voor misstanden. Zonder regionale afstemming ontstaat een waterbedeffect waarbij strenger beleid in de ene gemeente leidt tot meer druk op een andere. Geen enkele gemeente weet precies wie er woont, wie kwetsbaar is, of waar toezicht nodig is. Dat maakt beleid en handhaving reactief en incident-gedreven.

Aanbevelingen voor Flevoland De aanbevelingen zijn vertaald naar de vijf pijlers van het convenant “Alliantie Work in NL”, zodat deze aansluiten bij landelijke afspraken.

PIJLER 1 — Informatie & ondersteuning voor arbeidsmigranten Start mobiele WIN-punten in Almere en Noordoostpolder (met daarna verdere ontwikkeling naar Urk, Dronten en Lelystad – mogelijk tijdelijk ook Zeewolde). Onderbouwing: • •

zorg- en maatschappelijke organisaties maken melding van kwetsbare arbeidsmigranten; WIN-consulenten vullen het gat dat gemeenten noemen: laagdrempelige toegang in eigen taal.

Concrete stappen: • • •

mobiele WIN-teams naar shortstay-woonlocaties, werkvloeren en andere plaatsen waar arbeidsmigranten samenkomen; goede samenwerkingsafspraken maken met UWV (mogelijkheden WW en TWV) en Regionaal Werkcentrum (doorgroeien naar ander werk of opleidingen) over doorverwijzingen (over en weer); gemeenten trainen in kwetsbaarheidssignalering.

PIJLER 2 — Betere registratie & zicht (BRP/RNI) Maak registratie regionaal in plaats per gemeente. Noodzakelijk en uitvoerbaar: • • • • •

groepsinschrijvingen zoals nu met Otto, Covebo, Werckpost, Level 1. Desgewenst ook samenwerkingsafspraken met andere uitzendbureaus en woonlocaties; inschrijfavonden in alle gemeenten; regionaal nachtregister op shortstay-locaties om meer inzicht te krijgen in bewonersaantallen; WIN-consulenten opleiden voor BRP-inschrijvingen op locatie; regionaal datastelsel dat BRP/RNI/signalen koppelt.

Waarom is dit urgent: Om te kunnen handhaven is het noodzakelijk om inzicht te hebben in verblijfsplaatsen en woonomstandigheden. Goede handhaving vergroot veiligheid. Meer BRP-inschrijvingen verhogen bovendien een financiële bijdrage uit het gemeentefonds.

PIJLER 3 — Veilige & fatsoenlijke huisvesting Ontwikkel één regionale huisvestingsstrategie op basis van: •

uniforme categorieën short/mid/longstay (NOP-model); “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 4

• • •

regionale “fair-share” afspraken (eerlijke verdeling huisvesting over de gemeenten); randen van kernen/bedrijventerreinen voor grootschalige locaties; 24/7 beheer als norm.

Voorbeeld Dronten: drie aangewezen grootschalige locaties, participatieplicht, kwaliteitscommissie en aangescherpt stedenbouwkundig kader. Belangrijk: Sluit illegale huisvesting, ook als er tekort aan huisvesting is. Maak afspraken over noodbedden met huisvesters en uitzendbureaus.

PIJLER 4 — Goede & veilige arbeidsomstandigheden Ontwikkel een regionaal werkgeversconvenant met JYSK, Giant, Inditex, McCain, Royal Aware Dairy, Hoogweg e.a., inclusief afspraken over: • • • •

taal en veiligheid op de werkvloer; vervoer; ketentoezicht; doorverwijzing naar/samenwerking met WIN.

Waarom: De grootste risico's zitten in de werk-woonketen, niet bij één partij afzonderlijk. Daarnaast: Verbreed het Mensenhandelplan Almere naar de hele regio.

PIJLER 5 — Publiek-private samenwerking & regionale governance Richt een regionale regiegroep Arbeidsmigranten op (2025) met: • • • • • •

projectmanagers gemeenten; projectmanager Provincie Flevoland; Arbeidsinspectie; GGD; werkgevers / uitzendkoepels (ABU, NBBU); taalcentra, bibliotheken, Leger des Heils.

Zet in 2026 in op vorming: • • •

regionaal convenant Arbeidsmigratie (“Alliantie Work in NL”-proof); regionaal handhavingsteam (vastgesteld aantal integrale controles per jaar); kwartaaldashboard (BRP/RNI, huisvesting, misstanden, zorgsignalen.

Conclusie: waar staat Flevoland nu, en wat moet er gebeuren? Flevoland heeft alle bouwstenen in huis: • • • • •

werkgevers die willen meedenken; huisvesters die onder SNF/VHA vallen; gemeenten die beleid (willen) ontwikkelen; zorg- en maatschappelijke partners die de doelgroep goed kennen, én een landelijk kader dat richting geeft.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 5

Maar Flevoland mist wat het meest nodig is: samenwerking en regie. Eén regionale aanpak, één systeem, één regiegroep. Niet alleen gericht op economie, maar ook op integratie van de arbeidsmigranten in de samenleving van Flevoland.

Arbeidsmigranten zijn een structureel onderdeel van de Flevolandse economie én samenleving. Een stevige, regionale aanpak is noodzakelijk om: • • • •

misstanden te voorkomen; kwetsbare groepen te beschermen; draagvlak bij inwoners te behouden én bedrijven toekomstbestendig te laten groeien.

Het WIN-punt wordt daarin het centrale punt: voor arbeidsmigranten, voor gemeenten, voor werkgevers en voor de regio als geheel.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 6

Leeswijzer Dit rapport beschrijft de situatie, opgaven en oplossingsrichtingen rondom arbeidsmigranten in de arbeidsmarktregio Flevoland. De structuur volgt bewust de vijf pijlers van de landelijke Alliantie Work in NL, om aansluiting te houden met landelijk beleid en toekomstige regionale samenwerking. Hoofdstuk 1 – Inleiding Hierin staat waarom het onderwerp arbeidsmigratie urgent is, welke landelijke ontwikkelingen spelen en hoe de opdracht voor dit onderzoek tot stand is gekomen. Hoofdstuk 2 – Aanpak en planning Toelichting op de stappen die in de onderzoeksperiode zijn gezet: het verzamelen van bestaande data, interviews met gemeenten en partners, enquêtes onder uitzendbureaus, werkgevers en huisvesters, en de planning van het WIN-punt. Hoofdstuk 3 – Arbeidsmigratie in Nederland en Flevoland Dit hoofdstuk biedt het bredere landelijke kader (beleid, trends, risico’s) en vertaalt dit vervolgens naar de Flevolandse situatie. Cijfers, herkomstlanden, sectoren, huisvesting en regionale verschillen komen uitgebreid aan bod. Hoofdstuk 4 – Het WIN-punt Flevoland Hier wordt beschreven wat het WIN-punt is, hoe de digitale en persoonlijke dienstverlening er uit ziet, en hoe het zich verhoudt tot partijen als. Ook worden de rol en het takenpakket van WIN-consulenten toegelicht.

Hoofdstuk 5 – Conclusies en aanbevelingen (Flevoland langs de meetlat van “Alliantie Work in NL”) De belangrijkste bevindingen uit het onderzoek zijn geordend per pijler. Dit hoofdstuk bevat zowel een analyse van wat goed gaat, als concrete aanbevelingen voor de korte (0–12 maanden) en lange termijn (1–3 jaar). De actielijst is hierdoor makkelijk te gebruiken in beleidsagenda’s en bestuurlijke besluitvorming. Bijlage- Wie doet wat - actielijst in één overzicht

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 7

1

Inleiding

Het onderwerp “arbeidsmigratie” zorgt al enige jaren voor discussie. De eerste zorgelijke signalen dateren van het eerste decennium van deze eeuw. Men zag veel Poolse busjes heen en weer rijden en in wijken met veel particulier woningbezit werd gezien dat er te veel mensen in woningen werden gehuisvest, tegen hoge bedragen. Waar hiervan eerst vooral sprake was in de grote steden als Rotterdam en Den Haag, werden arbeidsmigranten in steeds meer gebieden en sectoren ingezet. Er was regelmatig sprake van uitbuiting en de overheid wist nog niet goed hoe hierop gereageerd moest worden. De eerste onderzoeken werden uitgevoerd, waarin ook regelmatig werd aangegeven: “het is tijdelijk, ze gaan terug”. Maar ook toen al werd gehoord: “zodra je kinderzitjes op de achterbank ziet verschijnen, blijven ze”. Intussen is duidelijk dat de Nederlandse economie voor een groot deel steunt op het werk dat arbeidsmigranten verrichten. Zij doen het werk dat veel Nederlanders niet (meer) willen doen en zijn een belangrijke pijler onder onze 24-uurs economie. “Vandaag besteld, morgen in huis” is niet mogelijk zonder de inzet van arbeidsmigranten, maar we zullen wel moeten zorgen voor een betere manier om met deze situatie om te gaan.

1.1 “Geen Tweederangsburgers” In 2020 verscheen het rapport “Geen tweederangsburgers” van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten onder leiding van Emile Roemer, waarin de woon-, werk- en levensomstandigheden van arbeidsmigranten in Nederland omschreven werden. Uit dit onderzoek werd duidelijk dat veel arbeidsmigranten niet zelfredzaam zijn en sterk afhankelijk zijn van hun werkgever. Hoewel er veel goed gaat, zorgt deze afhankelijkheid regelmatig ook voor onwenselijke situaties en soms ook voor (ernstige) misstanden. In dit rapport werd een aantal belangrijke aanbevelingen gedaan, o.a. dat de samenwerking tussen de publieke en de private sector rondom deze problematiek verbeterd moest worden, en dat het voor arbeidsmigranten mogelijk moest zijn om op een laagdrempelige manier toegang te krijgen tot voor hen nodige informatie. Het ministerie van SZW kreeg de opdracht deze aanbevelingen uit te werken en landelijk te ontwikkelen, met als resultaat o.a.: a.

Landelijke Publiek-private samenwerking (PPS)

Op 18 juni 2025 is het convenant “Alliantie Work in NL” ondertekend door o.a. de minister van SZW, VNO-NCW, uitzendkoepels ABU en NBBU, huisvestingsorganisatie VHA en de VNG (dus belangrijk voor alle Nederlandse gemeenten). Het convenant loopt tot eind 2027 (verlenging is mogelijk). Hierin zijn afspraken vastgelegd op 5 pijlers: 1 — informatie & ondersteuning voor arbeidsmigranten; 2 — betere registratie & zicht (BRP/RNI); 3 — veilige & fatsoenlijke huisvesting; 4 — goede & veilige arbeidsomstandigheden; 5 — publiek-private samenwerking & regionale governance. Deze pijlers vormen een belangrijke basis voor een lokale of regionale aanpak; ook in Flevoland. b.

Laagdrempelige informatievoorziening: WIN-Punten

Deze laagdrempelige informatievoorziening is enkele jaren geleden in de provincie Noord-Brabant als pilot gestart en 1 oktober j.l. afgerond. De totale WIN-aanpak valt nu onder verantwoordelijkheid van het ministerie van SZW. Van de best (en “minder best”) practices is geleerd; deze worden meegenomen in de aanpak in de rest van het land. In 2026 hebben alle 35 arbeidsmarktregio’s in Nederland een fysiek en/of mobiel WIN (=Work in NL)-punt, waar medewerkers op een laagdrempelige manier, bij voorkeur in de eigen taal en in de eigen werk- en/of “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 8

woonomgeving, informatie aan arbeidsmigranten verstrekken, en hen doorverwijzen naar de juiste organisaties.

Project Work in NL (WIN) Landelijk dekkende informatievoorziening, hulp en dienstverlening aan (EU)-arbeidsmigranten

Wat wij landelijk gaan regelen • Coördinatie informatiepunten en partijen; • Digitale middelen voor informatievoorziening; • Communicatiemateriaal en campagnes; • Trainingen voor medewerkers informatiepunten; • Financiering; • Aanpak informatievoorziening in landen van herkomst;

• Monitoring en coördinatie samenwerking. Landelijke ondersteuning

Wat moet de arbeidsmarktregio doen?

Digitale informatievoorziening

Aanbod werkgevers

Inrichten dienstverlening voor arbeidsmigranten. Hierbij moeten regionaal keuzes gemaakt worden in: • Inrichting van info, hulp en dienstverlening; • Een fysiek- en/of mobiel punt; • Welke partijen voor welke dienstverlening; • Verdeling financiën over een regio.

Specialistische hulp

Betere ondersteuning voor de arbeidsmigrant

Bij complexere vraagstukken of problematiek komt meer specialistische hulp in beeld. Hierbij valt te denken aan bijvoorbeeld: • Juridisch Loket, Barka, Zorg, Vakbonden; • Gem huisvesting, Arbeidsinspectie, politie; • UWV, SVB, BD, RVIG; • Doelgroeporganisaties (bijv. Polka, Rompro).

Wat verwachten we van de werkgevers? WIN-punten arbeidsmarktregio

Specialistische hulp

Het gezamenlijk aanbieden van extra activiteiten en ontwikkelmogelijkheden voor (bij hen werkzame) arbeidsmigranten in de regio. Denk hierbij aan het opzetten van: • Introductiecursussen; • Taalcursussen; • Banenmarkten.

Bij vragen of interesse om in je arbeidsmarktregio een informatiepunt op te starten, kan je terecht bij WIN@minszw.nl

2

Opdracht Flevoland Werkt

Op 14 januari 2025 is, na instemming van de vijf regiogemeenten van de arbeidsmarktregio, door de Centrumgemeente een aanvraag voor de Rijksbijdrage ingediend om in Flevoland een WIN-punt op te kunnen zetten. Op basis van het aantal bij de BRP ingeschreven arbeidsmigranten is door het ministerie van SZW een structurele decentralisatie-uitkering (DU) toegekend van € 600.000,- voor de periode van 2025 t/m 2027. Voor de jaren erna wordt de hoogte opnieuw vastgesteld. Samengevat bestond de opdracht uit drie stappen: 1. Voer een verkennend onderzoek uit naar de huidige situatie m.b.t. arbeidsmigranten in de arbeidsmarktregio Flevoland. a. Om hoeveel arbeidsmigranten gaat het, waar wonen ze, uit welke landen komen ze, welke taal spreken ze. b. Welke gemeenten hebben beleid dat zich richt op EU-arbeidsmigranten? c. Is er regionaal beleid/zijn er samenwerkingsafspraken? d. Welke (grote) werkgevers werken met EU-arbeidsmigranten en welke contacten zijn er met betrokken gemeenten? e. Organiseer een regionale bijeenkomst met verschillende publieke en private partijen (met opbrengsten van het onderzoek en advies, en eerste stappen verdere regionale samenwerking). 2. Start/implementatie en uitbreiding van het WIN-punt,. a. oe past het WIN-punt in de meerjarenagenda? b. Hoe zien het aanbod, de governance en (toekomstige) financiering van het WIN-punt eruit? c.

Hoe sluiten we het WIN-punt aan bij het Regionaal Werkcentrum Flevoland en het op te zetten centrum voor Expats? 3. Opzet regionale PPS.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 9

a. Met welke partijen en in welke vorm kunnen we een regionale publiek-private samenwerking opzetten, met als voorbeeld het landelijke conventant “Alliantie Work in NL”?

2.1 Planning In de oorspronkelijke planning zou de projectleider starten in Q2 2025. Deze is echter gestart in Q3. In deze periode waren veel mensen met vakantie, waardoor het niet altijd mogelijk was om snel afspraken te maken met betrokken functionarissen. Tot en met Q2 2026 ziet de actuele planning er als volgt uit: Fase 1

2

3

Periode Q3-Q4 2025

Q1 2026

Q2 2026

Doelen & activiteiten Analyse (regionaal) beleid regiogemeenten, verzamelen gegevens EU-arbeidsmigranten in de regio Verkenning samenwerking Provincie, RWC en Expatcentrum Verkenning samenwerkingspartners PPS (o.a. enquêtes) Contacten omliggende arbeidsmarktregio’s mbt samenwerking Start WIN-werkgroep Startbijeenkomst met private en publieke partijen (17 december 2025) Start sollicitatieprocedure consulenten Publieke lancering WIN-punt (klein) Start en trainingen WIN-consulenten Start gebruik registratiesysteem SZW Kennismaking consulenten met de regio Zoeken en trainen “sleutelpersonen” Beslissing verlenging Projectleider Q2 Eerste kwartaal(thema)bijeenkomst Eerste gesprekken PPS Verdere uitbreiding mobiele WIN-punten in de regio PPS-overeenkomst opzetten, formaliseren en bestuurlijke afstemming afronden Samenwerking met RWC en Expatcentrum verankeren Tweede kwartaal(thema)bijeenkomst Evaluatie

Resultaten

Analyse EU-arbeidsmigranten in de regio, beleid regiogemeenten en advies inrichting WIN-punt

WIN-punt is gestart met getrainde consulenten en PPS in opstart

Het (mobiele) WIN-punt in Flevoland is met goed getrainde consulenten actief in de hele regio, PPS is gestart en de samenwerking met RWC en expatcentrum is verankerd.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 10

2.2 Definities Bij bestudering van onderzoeken en gevoerde gesprekken bleek dat benamingen op verschillende manieren werden gebruikt. Termen als internationals, expats, arbeidsmigranten, internationale medewerkers/werknemers werden door elkaar gebruikt. Hieronder een overzicht/korte uitleg. Internationals wordt gebruikt als verzamelterm voor expats en arbeidsmigranten. Er is echter een groot verschil tussen deze twee groepen. • •

Expat: vaak werkzaam in hogere, goed betaalde, functies zoals IT en Finance, heeft bijvoorbeeld een koopwoning en blijft langere tijd (zo niet voor altijd) in Nederland. Arbeidsmigrant (ook wel internationale medewerker genoemd): werkt in lagere functies (betaling tot 130% van het wettelijk minimumloon en meestal via uitzendbureaus). Is vaak ook voor woonruimte afhankelijk van de werkgever.

Al is een arbeidsmigrant al een aantal jaren in Nederland: zolang hij hetzelfde werk blijft doen en voor veel afhankelijk is van zijn werkgever, blijft hij een (long stay) arbeidsmigrant. Hij wordt daarmee geen expat. Aangezien de term “internationale medewerker” te algemeen is en dit onderzoek niet over expats gaat, wordt in dit verslag steeds de term “arbeidsmigrant” gebruikt.

In deze eindrappportage wordt ook gesproken van verschillende verblijfsduren in verband met behoefte aan woonruimte: Type verblijf

Kenmerken

Short-stay (<1 jaar) Veel seizoensarbeid; logiesvormen; grootste onzekerheid en onduidelijkheid in aantallen Mid-stay (1–3 jaar) Meer behoefte aan eigen kamer, goede voorzieningen Long-stay (>3 jaar) Instroom in reguliere woningmarkt

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 11

3

Uitvoering opdracht

Snel na de start van de opdracht werd duidelijk dat bij veel medewerkers van de betrokken organisaties sprake is van een gebrek aan kennis over hoe arbeidsmigranten werken, wonen en leven in Nederland en Flevoland, en wat dat betekent voor gemeenten. Om de vragen onder stap 1 van de opdracht (verkennend onderzoek) te kunnen beantwoorden is daarom diepgaande informatie verzameld door: • • •

verzameling en analyse bestaande onderzoeken (landelijk en regionaal); interviews gemeenten, maatschappelijke organisatie en verzameling beleidsstukken gemeenten; enquêtes onder uitzendbureaus, inleners en huisvesters.

Onderstaande vijf pijlers uit het landelijke convenant “Alliantie Work in NL” zullen steeds de meetlat vormen bij het trekken van conclusies en doen van aanbevelingen; 1 — informatie & ondersteuning voor arbeidsmigranten; 2 — betere registratie & zicht (BRP/RNI); 3 — veilige & fatsoenlijke huisvesting; 4 — goede & veilige arbeidsomstandigheden; 5 — publiek-private samenwerking & regionale governance.

3.1 Arbeidsmigratie in Nederland Sinds 2020 zijn veel onderzoeken uitgevoerd naar de woon, werk en leefomstandigheden van arbeidsmigranten in Nederland. Met name het rapport “Geen Tweederangsburgers” van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten onder leiding van Emilie Roemers (2020) heeft (politiek) veel in beweging gebracht. Op basis van onderstaande rapporten volgt hieronder een samenvatting, geordend op thema. Onderaan dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan het rijksoverheidsbeleid en de landelijke hervormingsagenda, waarna een overzicht volgt met 10 kernconclusies met betrekking tot Arbeidsmigratie in Nederland. Onderzoeken/rapportages sinds 2020: • • • • • • • • • • • • • •

In wat voor land willen wij werken? – Eindrapportage Commissie Regulering van Werk (2020) Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten – Geen Tweederangsburgers (2020) VNG – Bescherming kwetsbare arbeidsmigranten (barrièremodel) (2023) Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2023 - jaarlijkse evaluatie Geen Tweederangsburgers (IPA, SZW, 2024) Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024 - jaarlijkse evaluatie Geen Tweederangsburgers (IPA, SZW, 2024) Gematigde groei - Rapport Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen 2050 (SDO 2024) Interdepartementaal Beleidsonderzoek Arbeidsmigratie – Wat werkt voor de toekomst (SZW, 2025) Staat van Migratie 2025 (JenV, 2025) Van crisisaanpak naar toekomstgericht migratiebeleid (Adviesraad migratie, 2025) Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) – Wie komt, wie blijft, wie vertrekt? (2025) Onderzoeksraad voor Veiligheid – Veiligheid Arbeidsmigranten (2025) Intelligence Group – Nederland telt 1,7 miljoen arbeidsmigranten (2025) Arbeidsmigratie en sociale cohesie (Notitie SCP en IBO 2025) Arbeidsmigratie naar waarde – Minder waar het kan, beter waar het moet (2025)

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 12

3.1.1 Omvang, samenstelling en trends in Nederland Nederland kent een patroon van “permanente tijdelijkheid”: een continue cyclus van instroom en vertrek. De inschattingen van het echte aanwezige aantal arbeidsmigranten kennen een grote marge: van 700.000 tot 1,7 miljoen. Instroom en vertrek in Nederland Omvang

Herkomst & diversiteit

Sectoren Loonniveau Contractvorm

Dynamiek

Volgens het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO, 2025) en de Staat van Migratie 2025 werken in Nederland circa 700.000 arbeidsmigranten met nog eens 140.000 gezinsleden. De Intelligence Group (2025) schat het werkelijke aantal echter op 1,7 miljoen personen, inclusief niet-geregistreerde, zelfstandige, gedetacheerde en seizoenswerkers. Daarmee vormen arbeidsmigranten ruim 15–20% van de Nederlandse beroepsbevolking. Arbeidsmigranten komen vooral uit de EU-11 (o.a. Polen, Roemenië, Bulgarije), maar ook uit overige EU-landen (Hongarije, Duitsland en Spanje) en daarbuiten; kenmerken (loon, opleidingsniveau, contractvorm) verschillen sterk per herkomstgroep. Concentraties in logistiek, glastuinbouw, bouw, schoonmaak en delen van de maakindustrie. 35–40% verdient minder dan 130% van het wettelijk minimumloon; onder EU-arbeidsmigranten zelfs 61% bij kort verblijf. 57% werkt via uitzendbureaus; 25% via tijdelijke contracten; 10% vast dienstverband. Verblijfsduur: de helft verblijft korter dan zes maanden; 50% vestigt zich langduriger (PBL, 2025). EU-arbeidsmigratie is structureel toegenomen sinds 2004. Op het platteland vestigen zich nieuwe groepen; patronen van komen, blijven en vertrekken variëren per regio en levensfase.

Bronnen: IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025), Nederland telt ruim 1,7 miljoen arbeidsmigranten (Intelligence Group), De Staat van Migratie 2025, Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

3.1.2 Structurele afhankelijkheid en economische context De Nederlandse economie is sterk afhankelijk van laagbetaalde, flexibele arbeid. Deze afhankelijkheid remt innovatie en draagt bij aan een “verdienmodel van goedkope arbeid”. Sectoren als logistiek, land- en tuinbouw en voedselverwerking blijven draaien op grootschalige inzet van buitenlandse werknemers. De maatschappelijke baten zijn beperkt: • wel tijdelijke verlichting van personeelstekorten; • maar negatieve effecten op woningmarkt, leefbaarheid, sociale cohesie en overheidsfinanciën; • innovatie en automatisering blijven achter doordat goedkope arbeid te gemakkelijk beschikbaar is. Korte termijn: Arbeidsmigratie vult personeelstekorten en draagt bij aan productie en bruto binnenlands product (BBP); bepaalde sectoren leunen er zwaar op. Bron: IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025)

Langere termijn & kwaliteit van groei: Zonder sturing kunnen negatieve neveneffecten ontstaan (druk op woningmarkt, publieke voorzieningen, draagvlak). De IBO-werkgroep bepleit gerichte arbeidsmigratie, parallel aan het vergroten van binnenlands arbeidsaanbod en verhoging van arbeidsproductiviteit. Bron: SER – Welvaartsgroei door en voor iedereen

Beleidskompas brede welvaart: Het SER-denken over inclusieve groei onderstreept dat economische baten hand in hand moeten gaan met sociale bescherming. Bron: SER – Welvaartsgroei door en voor iedereen

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 13

3.1.3 Registratie, zicht en rechtstoegang Zicht op de groep blijft onvolledig door BRP/RNI-gaten en detachering; Risbo-nulmeting laat zien dat een substantieel deel niet (goed) is ingeschreven en praktische barrières ervaart (verhuurder verbiedt inschrijving, onbekendheid, tijdelijk verblijf). Bron: Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

N.B. De Jaarrapportage 2024 volgt voortgang op maatregelen uit “Geen tweederangsburgers” (Aanjaagteam Roemer): o.a. toelatingsstelsel uitzendbureaus, betere registratie, en toegang tot informatie en recht (DigiD, rechtshulp).

3.1.4 Huisvesting, leefomstandigheden en leefomgeving Volgens het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten (2020) en de Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024 is huisvesting de grootste structurele bottleneck. Veel gemeenten kiezen voor grootschalige woonlocaties buiten de kernen. Die ontlasten de woningmarkt, maar beperken sociale integratie. Kernbeeld: Tekort aan geschikte short- en midstay woonlocaties, veel overbewoning, illegale verhuur, kwaliteit vaak ondermaats, afhankelijkheid van werkgever/huisvester en te hoge kosten, groeiende dakloosheid, gemeenten en provincies krijgen onvoldoende grip op regie. Kabinetsmaatregelen richten zich op kwaliteit, meer aanbod en sterkere huurpositie. Bron: Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

Gemeenten kunnen sturen op ruimtelijke inpassing, registratie/handhaving, ketensamenwerking en het doorbreken van faciliterende netwerken (malafide verhuur/uitzending). Bron: Bescherming kwetsbare arbeidsmigranten (barrièremodel VNG)

Tweevoudige huisvestingsopgave: • •

tijdelijke voorzieningen voor kortverblijvers; reguliere woonruimte voor blijvers.

Bron: PBL – Wie komt, wie blijft, wie vertrekt? 2025

3.1.5 Arbeidsveiligheid, werkcultuur en kwetsbaarheid De rapporten Geen Tweederangsburgers (Aanjaagteam, 2020), VNG Barrièremodel (2023) en Onderzoeksraad voor Veiligheid (2025) tonen structurele kwetsbaarheid. Minstens 200.000 arbeidsmigranten werken in een risicovolle omgeving (laagbetaald, tijdelijk, fysiek zwaar werk). Arbeidsmigranten lopen 1,4–5 keer meer risico op arbeidsongevallen dan Nederlanders. Er is sprake van: • • • • • • • •

sterke afhankelijkheid van werkgevers/uitzendbureaus voor werk, huisvesting en zorg; misstanden: onderbetaling, slechte huisvesting, intimidatie en illegale inhoudingen op loon; gebrek aan toezicht; harde feiten én casuïstiek over ongevallen en beroepsziekten; lange werk- en reistijden; taalbarrières en gebrekkige registratie vergroten de onzichtbaarheid en beperken toegang tot zorg of recht; structurele tijdelijkheid (“wegwerpwerk”) versterkt risico’s en belemmert integratie; onvoldoende vertegenwoordiging in ondernemingsraden en vakbonden.

De Onderzoeksraad voor de Veiligheid pleit voor: • meer duurzame arbeidsrelaties (stop met “wegwerpwerk”); • integratie van veiligheid in migratiebeleid; • specifiek toezicht op kwetsbare werknemers; • gelijke veiligheidsstandaarden voor alle werknemers. “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 14

De VNG pleit daarom voor een integrale gemeentelijke aanpak: beleid voor huisvesting, registratie, toezicht, zorg, integratie en meldpunten.

3.1.6 Sociale cohesie en leefbaarheid Arbeidsmigratie beïnvloedt lokale leefbaarheid, vooral in wijken met hoog verloop en beperkte binding. Gemeenten worstelen met balans tussen economische noodzaak en sociale draagkracht. •

Relatie tussen diversiteit en buurtcohesie is complex (negatief, positief of wisselend afhankelijk van context). Percepties over (arbeids)migratie verschillen per buurt; beleid moet rekening houden met lokale variatie en interactie tussen groepen. Bron: IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025)

• Voorkom tweederangsbewoning/-behandeling via betere huisvesting, gezondheidszorg zonder afhankelijkheid, sluitende uitzendregulering en structurele aandacht in alle bestuurslagen. Bron: Aanjaagteam Geen tweederangsburgers

Aanbevelingen (IBO, Adviesraad Migratie, PBL): • zet in op “samenleefbeleid” i.p.v. enkel economische focus; • stimuleer taal, scholing, gezondheid en burgerparticipatie; • geef migranten een volwaardige maatschappelijke positie.

3.1.7 Ruimtelijke spreiding en platteland Er is sprake van een verschuiving van arbeidsmigratie naar landelijke regio’s. Nieuwe vestiging op het platteland vraagt om lokaal maatwerk: kleine gemeenten kampen met beperkte uitvoeringskracht en andere ruimtelijke/economische condities dan steden. • • • • •

Een kwart van alle EU-arbeidsmigranten woont op het platteland. Vooral afkomstig uit Midden- en Oost-Europa; werkzaam in landbouw, tuinbouw en logistiek. Ongeveer de helft blijft langer dan zes jaar; hun economische positie verbetert langzaam, maar grote groep blijft kwetsbaar. Gemeenten kampen met gebrek aan geschikte huisvesting, toezicht en draagvlak. Kennisleemten en beleidsimplicaties, o.a. voor huisvesting en bereikbaarheid. Bron: PBL – Wie komt, wie blijft, wie vertrekt

3.1.8 Governance, sturing en recente koers Er is landelijke behoefte aan: •

Bouwstenen om gerichte sturing te krijgen op omvang en samenstelling (o.a. sectorale selectiviteit), plus verbetering van voorwaarden (gelijke behandeling, kwaliteit huisvesting, ketenverantwoordelijkheid) en versterking van binnenlands arbeidspotentieel. Bron: IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025)

•

Samenhangend, toekomstgericht beleid, met oog voor fundamentele rechten, uitvoerbaarheid en lokaal draagvlak, waaronder een gerichte benadering van arbeidsmigratie tbv brede welvaart. Bron: Adviesraad Migratie (2025)

•

Voortgang in toelatingsstelsel uitzendbureaus, aanpak malafide bestuurders, onderzoek inleners/uitleners, meer onaangekondigde inspecties huisvesting en betere toegang tot dienstverlening en recht. Daarnaast loopt een meerjarenonderzoek (Risbo) naar ervaren positie van arbeidsmigranten (nulmeting 2024; vervolg 2025-2028). Bron: Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

•

Bredere herontwerp-principes van de arbeidsmarkt (minder externe flex, basiszekerheid, ontwikkeling) die cruciaal zijn om misbruik rond (uitzend)constructies te temperen en een duurzame inzet van arbeidsmigratie te borgen. Bron: In wat voor land willen wij werken? “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 15

3.1.9 Rijksoverheidsbeleid en hervormingsagenda Sinds 2020 is een pakket aan maatregelen opgebouwd: Meer toezicht: uitbreiding Arbeidsinspectie (+90 FTE). Registratieverbetering BRP/RNI – aanwezigheidsmelding en betere gegevensdeling. Programma “Een Thuis voor Iedereen” – ook gericht op arbeidsmigranten (2022). Landelijk initiatief om te zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor kwetsbare groepen, zoals statushouders, arbeidsmigranten en mensen die uit de zorg komen. Het doel is een eerlijke verdeling van woningen, met de bijbehorende zorg en ondersteuning, en een in 2030 te realiseren aantal van 900.000 woningen, waarvan een derde deel sociale huur- en middenhuurwoningen. Arbeidsmigranten vormen hierbij één van de aandachtsgroepen. Wet Goed Verhuurderschap – scheiding tussen huur- en arbeidscontract verplicht (2023) Landelijke regels om verhuurders te reguleren en huurders te bescherm en tegen ongewenst verhuurgedrag. De wet verbiedt discriminatie, intimidatie, en het vragen van te hoge servicekosten of borgsommen (maximaal twee maanden kale huur). Verhuurders moeten verplicht een schriftelijk huurcontract opstellen en huurders informeren over hun rechten, plichten en de kostenstructuur, in een taal die de arbeidsmigrant begrijpt. Gemeenten krijgen meer mogelijkheden om op te treden en kunnen een meldpunt voor huurders instellen en een verhuurvergunning invoeren. • •

Huurders: hebben meer bescherming tegen ongewenste verhuurpraktijken en kunnen onregelmatigheden melden bij het gemeentelijke meldpunt. Verhuurders: moeten voldoen aan de nieuwe landelijke regels en zijn verplicht om huurders correct te informeren.

WIN-punten (Work in NL) – laagdrempelige informatie en hulp in eigen taal (2026 landelijke dekking). WTTA- Wet Toelating Terbeschikkingstelling van Arbeidskrachten (2027) • • •

Het is voor inleners verboden om arbeidskrachten in te lenen van een uitlener die niet is toegelaten. Er komt een openbaar register van toegelaten uitleners. Overtreding van het uitleen- en inleenverbod wordt door de Arbeidsinspectie bestraft met een bestuurlijke boete. Om dit te handhaven breidt de Arbeidsinspectie haar capaciteit uit. Er gelden drie eisen voor toelating: 1. de onderneming voldoet aan de eisen van Stichting Normering Arbeid (SNA); 2. de onderneming stort een waarborgsom van € 100.000,- (wordt na 4 jaar teruggestort); 3. er wordt een Verklaring Omtrent Gedrag voor rechtspersonen overlegd.

Wet tegen uitbuiting arbeidsmigranten Wetsvoorstel voor afschaffing van inhoudingen op het minimumloon van voormalig minister Van Hijum (SZW), bedoeld om uitbuiting door uitzendbureaus tegen te gaan en arbeidsmigranten minder afhankelijk te maken. De regeling waarmee uitzendbureaus in ruil voor huisvesting een kwart van het minimumloon mogen inhouden op het salaris van arbeidsmigranten, zou stapsgewijs worden afgebouwd. Met 5 procent per 1 januari 2026, tot 0 procent op 1 januari 2030. Dit voorstel is in november 2025 geschrapt door demissionair minister Paul (SZW), waarop moties zijn ingediend. Deze zijn besproken op 2 december 2026. Een motie voor een zorgvuldige afschaffing werd aangenomen. Deze zorgvuldigheid werd in de betreffende motie gekoppeld aan de daadwerkelijke invoering van de huurbescherming voor internationale medewerkers (nieuw wetsvoorstel demissionair minister Keijzer (VRO – zie onder). “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 16

Nieuw wetsvoorstel demissionair minister Keijzer (VRO), november 2025 Wijziging huurrecht om duidelijker onderscheid te maken tussen huurcontracten voor bewoning en toeristische verhuur (short stay). Versterkt de positie van arbeidsmigranten, expats en studenten op de woningmarkt. De maatregelen gaan begin 2026 in consultatie en vervolgens naar de Tweede Kamer. Op 2 december 2025 is een motie aangenomen om het genoemde voorstel zo snel mogelijk naar de Tweede Kamer te brengen. Verwacht wordt dat dit plan op 1 juli 2027 of 1 januari 2028 een wet wordt.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 17

3.1.10 1.

2.

3. 4.

5.

6.

7.

8.

9.

10 kernconclusies arbeidsmigratie in Nederland

Arbeidsmigratie is structureel én groter dan gedacht Nederland draait op een model van “permanente tijdelijkheid”: een continue stroom van binnenkomende en vertrekkende arbeidsmigranten. In werkelijkheid gaat het eerder richting 1,7 miljoen mensen dan de 700.000 die in de “officiële” tellingen zichtbaar zijn. De economie leunt zwaar op laagbetaalde, flexibele arbeid Vooral logistiek, land- en tuinbouw, voedselverwerking, schoonmaak, bouw en delen van de maakindustrie draaien op arbeidsmigranten. Dat lost tekorten op, maar houdt ook een verdienmodel van goedkope arbeid in stand en remt innovatie. Veel arbeidsmigranten werken en leven in een kwetsbare positie Grote groepen verdienen minder dan 130% WML, werken via uitzendconstructies, wonen krap of afhankelijk van de werkgever, en hebben beperkt toegang tot zorg, recht en medezeggenschap. Registratie en zicht op de situatie schieten nog steeds tekort Door BRP/RNI-gaten, detachering en tijdelijke verblijven is een substantieel deel niet of slecht ingeschreven. Daardoor zijn beleid, handhaving en dienstverlening vaak gebaseerd op onvolledig beeld. Huisvesting is het grootste structurele knelpunt Er is een tekort aan fatsoenlijke short- en midstaylocaties, veel overbewoning en illegale verhuur, en sterke afhankelijkheid van werkgevers/huisvesters. Gemeenten en provincies hebben moeite om hier echt regie op te krijgen.

Arbeidsmigranten lopen aantoonbaar meer veiligheidsrisico Minstens 200.000 arbeidsmigranten werken in risicovolle omstandigheden. Zij hebben 1,4–5 keer vaker te maken met arbeidsongevallen, mede door taal, werkomstandigheden, huisvesting en tijdelijke contracten. Sociale cohesie staat onder druk in gebieden met veel ‘vlottende’ bewoners Het probleem zit niet alleen in “meer migranten”, maar vooral in tijdelijkheid, hoge rotatie en kwetsbare posities. Zonder samenleefbeleid (taal, ontmoeting, participatie) neemt spanningsgevoel in wijken toe. Arbeidsmigratie verschuift deels naar het platteland Een kwart van de EU-arbeidsmigranten woont inmiddels in landelijke gebieden. Kleine gemeenten hebben vaak onvoldoende capaciteit voor toezicht, huisvesting en integratie, waardoor kwetsbaarheid en weerstand kunnen toenemen. Beleid verschuift van ‘meer’ naar ‘beter’ IBO, SER en Adviesraad Migratie zitten op dezelfde lijn: • • •

minder waar het kan (laagbetaalde, slechte constructies afbouwen); beter waar het moet (gericht inzetten op sectoren met hoge maatschappelijke waarde); en tegelijk binnenlands arbeidspotentieel en productiviteit verhogen.

10. Er ligt een stevige hervormingsagenda, maar uitvoering is bepalend Met o.a. Wet Goed Verhuurderschap, WTTA (toelatingsstelsel uitzendbureaus), WIN-punten en het programma Een Thuis voor Iedereen ligt er een pakket aan maatregelen. Het grote knelpunt zit in handhaving, regionale uitwerking en ketenverantwoordelijkheid – anders blijven misstanden en structurele afhankelijkheid bestaan.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 18

3.1.11 •

Landelijke aanbevelingen (gebaseerd op genoemde onderzoeken)

Reguleer de keten strakker: Voltooi het toelatingsstelsel uitzendbureaus, pak malafide constructies aan en veranker ketenverantwoordelijkheid bij inleners. Bron: Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

•

Scheiding werk & huisvesting: Voorkom dat baanverlies automatisch woonverlies betekent; hanteer kwaliteitseisen en onafhankelijke huurcontracten. Bron: Aanjaagteam Geen tweederangsburgers

•

Arbeidsveiligheid op de werkvloer: Verplicht meertalige instructies, borg werktijden en vervoer, en organiseer specifiek OVV-volgend toezicht op risico’s bij arbeidsmigranten. Bron: Veiligheid Arbeidsmigranten

•

Registratie & recht: Versnel BRP-inschrijving, maak RNI-doorstroom drempelloos, en zorg voor toegang tot DigiD en laagdrempelige rechtshulp. Bron: Jaarrapportage Arbeidsmigranten 2024

•

Gerichte migratie én eigen arbeidspotentieel: Combineer selectieve toelating (waar schaarste en maatschappelijke waarde hoog zijn) met investeren in binnenlands scholings- en activeringsbeleid. Bron: IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025)

•

Lokaal/ruraal maatwerk: Ondersteun kleine gemeenten (platteland) met uitvoeringskracht, gegevensdeling en flexibele huisvestingsmodellen passend bij lokale economie en bereikbaarheid. Bron: PBL – Wie komt, wie blijft, wie vertrekt?

•

Cohesie-bewust beleid: Ontwerp interventies met oog voor buurtcohesie en communicatie; zet in op ontmoeting, taal en informatievoorziening. Bron: Arbeidsmigratie en sociale cohesie SCP en IBO Arbeidsmigratie – wat werkt voor de toekomst (2025)

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 19

3.2 Arbeidsmigratie in Flevoland - brononderzoek en interviews Uit de gesprekken bij de regiogemeenten is gebleken dat de ene gemeente al langer en gerichter beleid heeft op het thema arbeidsmigranten dan de andere. Dit beleid is vaak gestart vanuit de huisvestingsproblematiek, maar in een aantal gevallen wordt ook al gekeken naar sociale aspecten. Andere gemeenten zijn momenteel bezig met inventarisatie en opstart van beleid en regie. Bij aanvang van de opdracht leek bij enkele regiogemeenten sprake te zijn van enige terughoudendheid. Mogelijke redenen: • De volledige inhoud van de opdracht was niet bij iedere gesprekspartner bekend, ondanks dat alle vijf regiogemeenten hadden ingestemd met de aanvraag voor de Rijksbijdrage in januari 2025. Dit gold met name voor het verkennend onderzoek dat vooraf moest gaan aan de daadwerkelijk start van een WIN-punt. • Het convenant “Alliantie Work in NL” was onbekend bij de meeste gemeenten, ondanks dat het was ondertekend door de VNG (na de gehouden interviews is het alsnog aan hen toegestuurd). • Er was geen bestuursopdracht vanuit de eigen gemeente en die was nodig om het thema “arbeidsmigranten” (integraal) op te pakken.

Naast gesprekken met gemeenten hebben gesprekken plaatsgevonden met (maatschappelijke) organisaties (binnen en buiten de arbeidsmarktregio Flevoland) die ook met deze doelgroep te maken hebben: Provincie Flevoland, uitzendkoepels Algemene Bond Uitzendkoepels (ABU) en de Nederlandse Bond van Bemiddelings- en Uitzendondernemingen (NBBU), brancheorganisatie LTO-Noord (als vertegenwoordiger van NFO Fruit, Glastuinbouw Nederland en KAVB (bloembollen)), Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA), UWV, Leger des Heils, Amethist verslavingszorg, GGD, ROC’s, Huis van de Taal en Werknemersorganisaties (vertegenwoordigd door de FNV). Deze gesprekken hebben niet alleen een indruk gegeven van het huidige beleid in de arbeidsmarktregio, maar vormen mogelijk ook een eerste aanzet voor een regionale publiek-private samenwerking. Onderstaande beleidsdocumenten vormen, samen met de interviews en (aansluitend) enquêtes onder uitzendbureaus, inleners (werkgevers) en huisvesters de basis voor de uitkomsten van het onderzoek. Omdat Almere en Lelystad ook deel uitmaken van de Metropool Regio Amsterdam en er veel bewegingen zijn tussen Flevoland en Amsterdam heb ik ook de Scan Arbeidsmigranten Amsterdam toegevoegd aan deze lijst. • • • • • • • • • • •

Beleidsnota Woningsplitsing & Kamerbewoning – Almere (2019) Afwegingskader Huisvesting Tijdelijke Arbeidsmigranten – Almere (2022-2023) Eindevaluatie LSI Almere Stad-Haven (2023) Afspraken m.b.t. arbeidsmigranten in de maatschappelijke opvang (2023 – provinciebreed) Beleidsregel Huisvesting Arbeidsmigranten Landelijk Gebied – Noordoostpolder (2024) Synthesedocument Internationale Medewerkers Lelystad + beantwoording raadsvragen (2024) Companen & Decisio – Actualisatie Onderzoek Arbeidsmigranten Provincie Flevoland (2024)* Beantwoording raadsvragen Dronten (2024) Scan Arbeidsmigranten Amsterdam (2025) Sessie VNG bij Noordoostpolder (2025) Lokaal Uitvoeringsplan Aanpak Mensenhandel Almere 2025–2026

De uitkomsten van dit deel van het onderzoek (gesprekken en beleidsstukken) worden hieronder samengevat per gemeente en thema, en vergeleken met de 5 pijlers uit het landelijke convenant “Alliantie Work in NL”.

“Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 20

*Provincie Flevoland De provincie heeft in november 2024 door Companen en Decisio een actualisatie laten uitvoeren van een eerdere onderzoeken naar huisvesting van arbeidsmigranten in de provincie Flevoland. Hoewel de taken van de provinciale overheid over het algemeen gericht zijn op ruimtelijke ordening, (leef)milieu, infrastructuur, economie en werkgelegenheid, is onlangs een Plan van aanpak “Omgevingsprogramma integrale benadering arbeidsmigratie” voorgelegd aan Gedeputeerde Staten van de Provincie. In dit programma wordt uitgegaan van een regierol bij een integrale aanpak over de domeinen Wonen & Leefomgeving, Economie & Arbeidsmarkt én Samenleving & Sociaal Domein. De Provincie ziet regie op thema’s als Leefbaarheid, Integratie en Participatie, Gezondheid en Veiligheid en Registratie nu dus ook als hun verantwoordelijkheid. Dit Omgevingsprogramma (voor de hele provincie Flevoland, dus groter gebied dan de arbeidsmarktregio Flevoland) moet in 2026 worden uitgerold. Conclusie: Voor de integrale aanpak van de problematiek rondom arbeidsmigranten is de Provincie mogelijk een belangrijke samenwerkingspartij. Aandacht voor samenwerkingsafspraken met de Provincie Flevoland is daarom belangrijk.

3.2.1 Bewustwording problematiek arbeidsmigranten Uit de gesprekken bij de regiogemeenten en de provincie Flevoland komt naar voren dat het bewustzijn m.b.t. de problematiek rondom arbeidsmigranten sterk verschilt. Bij de ene gemeente bevindt integraal beleid zich in de opstartfase, een andere gemeente heeft al sinds 2012 beleid op het thema arbeidsmigranten, dat regelmatig is geëvalueerd en bijgesteld. Bij laatstgenoemde gemeente bestaat ook de functie van Regisseur Arbeidsmigranten. Veel van de gesproken medewerkers waren vanuit hun eigen werk betrokken bij de aanpak van de problematiek, maar hadden weinig contact met collega’s van andere afdelingen of gemeenten die dezelfde doelgroep tegenkwamen. Mogelijk worden belangrijke signalen daardoor gemist. Regelmatig werd tijdens deze gesprekken aangegeven dat er (meer/betere) regie zou moeten komen op dit thema. In de laatste maanden lijkt er sprake te zijn van een positieve verandering in de bewustwording en mogelijke aanpak. De gemeente die al langere tijd beleid heeft op het thema arbeidsmigratie, heeft al in februari 2025 een werksessie “Samenhangend beleid arbeidsmigranten in één dag” van de VNG gevolgd, waarna belangrijke aanbevelingen zijn gedaan. Een andere, kleinere gemeente organiseert binnenkort een dergelijke bijeenkomst. Ook bij andere gemeenten worden de eerste stappen naar regie onderzocht.

3.2.2 Flevoland in cijfers De afgelopen jaren zijn bij verschillende gemeenten door Decisio onderzoeken uitgevoerd naar arbeidsmigranten (internationals). De provincie Flevoland heeft aan Companen (samen met Decisio) gevraagd deze onderzoeken te actualiseren, met als resultaat het “Onderzoek huisvesting arbeidsmigranten Flevoland – Ontrafel de trend”. Kijk vooruit (november 2024). Bij dit onderzoek is gebruik gemaakt van de database van Decisio: de Monitor Internationals. Deze is gebaseerd op CBS Microdata. Deze cijfers zijn aangevuld met economische gegevens van de provincie Flevoland op basis van vestigingenregister, bureaustudie en informatie uit een enquête en interviews onder gemeenten, bedrijven en huisvesters die met arbeidsmigranten werken. N.B. Bij het CBS zijn intussen enigszins actuelere cijfers te vinden, maar daarin zijn geen grote verschillen te zien met de uitkomsten van het onderzoek door Companen en Decisio. Omdat dit laatste onderzoek de meest volledige informatie oplevert, en vanuit de arbeidsmarktregio Flevoland Werkt mogelijk een samenwerking zal ontstaan met de provincie, vormt het onderzoek van Companen en Decisio de basis voor onderstaande cijfers en overzichten. “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 21

Hieronder volgt een aantal verklarende tabellen en afbeeldingen.

3.2.2.1

Arbeidsmigranten: aantallen & ontwikkeling (2022)

Gemeente

Geregistreerde* arbeidsmigranten

Aandeel binnen Flevoland

Groei t.o.v. 2010

Almere

5.500

37%

+3.100 (7% p/j)

Dronten

1.400

9%

+1.100 (13% p/j)

Lelystad

2.900

19%

+2.000 (10% p/j)

Noordoostpolder 3.000

20%

+2.600 (18% p/j)

Urk

200

1%

+100–200 (11% p/j)

Zeewolde

2.000

13%

+1.900 (26% p/j)

Totaal Flevoland

15.000

100%

+10.800 (11% p/j)

*Het werkelijke aantal arbeidsmigranten is mogelijk het dubbele aantal; de exacte marge om dit te berekenen is niet bekend. Hoe langer arbeidsmigranten blijven, hoe groter de kans dat zij zijn ingeschreven in de GBR. Ter illustratie:

(Bron: Companen en Decisio) “Samen WINnen in Flevoland” – waardig werk, één gemeenschap

Pag. 22

3.2.2.2

Aantal werkzame arbeidsmigranten per gemeente (2022)

Gemeente

Totaal banen

Arbeidsmigranten (werkend)

Aandeel van alle banen

Noordoostpolder

27.745

5.900

21%

Urk

13.100

2.000

15%

Almere

93.465

5.000

5%

Lelystad

39.690

1.700

4%

Dronten

18.540

1.200

6%

Zeewolde

12.775

1.100

9%

Totaal Flevoland

205.315

16.900

8%

Bron: Companen en Decisio

WERKZAME ARBEIDSMIGRANTEN PER GEMEENTE (2022) Arbeidsmigranten (werkend)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2341/documents/44202