D05 01 Bijlage bij Nota - Regionale Adaptatiestrategie Flevoland.pdf
Tekst van het document
KLIM AT ADAPTIEF FLEVOLAND
Flevoland klimaatbestendig en waterrobuust in 2050
Samenwerkingsverband Klimaatadaptief Flevoland (KAF) Oktober 2023
KAF KLIMAAT ADAPTIEF FLEVOLAND
Inhoud
Colofon
1
Introductie - Klimaatadaptatie in Flevoland
3
2
Flevolandse Ambities tot 2100
7
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
In opdracht van Advies en vormgeving Fotografie
Datum
Klimaatadaptief Flevoland (KAF)
3
Bodem en Water sturend voor Robuuste Landbouw en Natuur
10
4
Gezonde Steden en Dorpen
16
gemeente Zeewolde, Over Morgen, Kneedvorm
5
Veilige vitale en kwetsbare functies
23
Oktober 2023
6
Samenwerken om de doelen te realiseren
26
7
Hoe ziet Flevoland eruit na 2100?
29
Over Morgen Waterschap Zuiderzeeland, provincie Flevoland
BIJLAGE 1 Beleidsdocumenten RAS Flevoland 2021
33
BIJLAGE 2 Actieagenda
36
1 Klimaatadaptatie in Flevoland
Ons klimaat verandert. We zien buiten steeds meer extremen die impact hebben op ons bodem- en watersysteem, de volksgezondheid en onze veiligheid. Het aanpassen aan de veranderingen in het klimaat, zowel in de fysieke ruimte als in ons doen en laten, noemen we klimaatadaptatie. In deze Regionale Adaptatiestrategie Flevoland leggen we onze ambitie en strategie van een klimaatadaptief Flevoland vast.
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
Op het gebied van hitte, wateroverlast, droogte en waterveiligheid zien we steeds meer extremen die impact hebben op het ruimtegebruik, de volksgezondheid en de leefbaarheid (IPCC, KNMI, 2021). Zo laten de Nederlandse zomers de afgelopen vijf jaar zien dat we opvallend vaker te maken hebben met droogte en hitte, en tegelijkertijd ook steeds vaker wateroverlast hebben. Deze veranderingen in het klimaat vergroten risico's op allerlei terreinen, zoals volksgezondheid, waterveiligheid, voedselvoorziening en infrastructuur. Tegelijkertijd biedt het ook kansen door bijvoorbeeld een langer groeiseizoen en toenemende vraag naar recreatie. Het betekent dat we anders om moeten gaan met de inrichting en het gebruik van onze leefomgeving en de eisen die we daaraan stellen. Het aanpassen aan de veranderingen in het klimaat noemen we klimaatadaptatie.
Sinds 1991Is de Jaargemiddelde temperatuur toegenomen met drca 1*C. Deze trend is in lijn met de temperatuurtoename m De Bilt, waar circa 2®C stijging is gemeten sinds 1901.
10
e Jaargemiddelde temperatuur: Do Bilt 1900
1905
1910
1915
1920
1925
) Lelystad 1930
1935
1940
1945
1950
1955
1960
( 965
1970
1975
1990
19S5
199G
1995
2000
2005
2010
2015
2020
Figuur 1: Jaargemiddelde temperatuur in Flevoland, uit de digitale brochure Klimaatverandering in Flevoland van het KNMI (2019).
Figuur 2: Neerslagtekort in Flevoland 2018, uit de digitale brochure Klimaatverandering in Flevoland van het KNMI (2019).
4 Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
.««XE
1.1. Klimaatverandering in Flevoland
zetten. Flevoland ligt gemiddeld 4 meter onder NAP.
piekbuien en hittestress en bijbehorende gezondheids
Deze Regionale Adaptatiestrategie van nu tot en met
Het buitenwater ligt veel hoger dan het water in de
risico's voor inwoners. De geschatte directe schade
2050 is opgesteld door Klimaatadaptief Flevoland
polders. Het waterschap regelt het waterpeil met
aan panden als gevolg van wateroverlast van nu tot
(KAF). KAF is het samenwerkingsverband van de
inlaten, stuwen en gemalen. Het waterschap geeft
en met 2050 loopt voor de provincie als geheel uiteen
6 Flevolandse gemeenten (Almere, Dronten, Lelystad,
in haar brochure 'waterbeschikbaarheid - nu en in de
van in totaal 251 tot 580 miljoen euro, afhankelijk van
Noordoostpolder, Urk en Zeewolde), de provincie
toekomst' inzicht in de verwachte ontwikkelingen in
mate van klimaatverandering (klimaatschadeschatter).
Flevoland, Waterschap Zuiderzeeland en de GGD
het Flevolandse bodem- en watersysteem. De grote
Wanneer de indirecte schade wordt meegenomen,
Flevoland. Deze partijen hebben gezamenlijk deze
voorraad zoetwater rondom de provincie is een
komt daar nog een veelvoud bovenop. Wat betreft
RAS opgesteld. Waar in het document van 'we' wordt
voordeel in tijden van droogte. De verwachting is
hitte zitten de risico's met name in arbeidsverlies, extra
gesproken, refereert dat naar deze partijen, al heeft
echter dat door langere droge zomers en een daarbij
ziekenhuisopnames en oversterfte. Tijdens de hittegolf
iedere partij uiteraard vanuit haar eigen verantwoor
toenemende watervraag in de nabije toekomst zelfs in
van 2019 overleden in Nederland 400 personen meer
delijkheid een eigen invulling, verantwoordelijkheid
Flevoland zoetwatertekorten gaan ontstaan. Er is dan
dan verwacht, met name ouderen (cbs). Andere
en rol in de uitwerking van deze RAS. Om tot een
onvoldoende water voor peilbeheer, beregening en
gezondheidsrisico's zijn de toename van infectie
klimaatadaptief Flevoland te komen is bovendien
doorspoeling. We zien dat in de toekomst er anders
ziekten en klimaatstress onder jongeren. In deze
samenwerking nodig met tal van andere partijen.
omgegaan moet worden met het beschikbare zoete
RAS duiden we deze en andere effecten van klimaat
Daarop gaat hoofdstuk 6 van deze RAS verder in.
water en het bodem- en watersysteem zo goed als
verandering verder. We identificeren de opgaven voor
mogelijk aangepast moet worden aan de verandering
Flevoland, we stellen ambities op om de negatieve
KAF heeft in samenwerking met het KNMI een digitale
van het klimaat.
effecten te beperken en kansen te pakken. Zo wordt
brochure gemaakt, waarbij ingezoomd is op de
ook ingegaan op de effecten van klimaatverandering
effecten voor Flevoland (2019). In deze brochure
De provincie Flevoland heeft een Quickscan uitgevoerd
kun je meer kwantitatieve informatie vinden over
(2022) om meer zicht te krijgen op deze impact van
op de lange termijn.
de primaire effecten van klimaatverandering, zoals
klimaatverandering op de landbouw en de natuur in
temperatuurstijging, veranderende neerslagpatronen
de provincie. De aanwezigheid van grote hoeveelhe
Nationaal is de opgave voor klimaatadaptatie verankerd
en de impact daarvan op bijvoorbeeld de zeespiegel
den zoetwater, de vruchtbare bodem en een mogelijk
in Het Deltaprogramma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA)
stijging, de waterbalans of de lengte van het groei
langer groeiseizoen bieden kansen voor de landbouw.
en de Nationale Adaptatiestrategie (NAS). De Delta-
seizoen (secundaire effecten). Veel secundaire effecten
Toch zijn de risico's als gevolg van klimaatverandering
beslissing Ruimtelijke Adaptatie heeft als beleids
1.2. Klimaatadaptatie Nationaal
van klimaatverandering hebben een effect op andere
groter, zoals toenemende ziektedruk, bodemdaling,
doelstelling dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en
fysieke opgaven, zoals gezondheid van inwoners,
wateroverlast en droogte. In de Flevolandse natuur
waterrobuust is ingericht. Deze deltabeslissing uit 2014
bodemdaling, verlies van biodiversiteit en de drink
zullen de langere perioden van droogte de natuur
stelt dat al het beleid vanaf 2020 hieraan bijdraagt. Tot
watervoorziening.
kwetsbaarder maken. Er zal een verschuiving plaats
op heden is de Deltabeslissing redelijk vrijblijvend geweest,
Flevoland is een bijzondere provincie als je het bekijkt
vinden van de soorten die voorkomen. Warmte kan
maar we zien vanuit het Rijk een verschuiving plaats
leiden tot een toename van exoten en plagen.
vinden waarin er meer gereguleerd en gestuurd gaat
vanuit het principe 'bodem en water sturend'. Het laat
worden op klimaatadaptatie. Vanuit het Rijk benoemen
als geen andere plek zien hoe de Nederlanders het
In de Flevolandse steden en dorpen zal klimaatverande
we drie beleidsontwikkelingen die relevant zijn voor de
bodem- en watersysteem naar hun hand kunnen
ring zich het meest manifesteren in wateroverlast bij
RAS, en waar deze RAS aan bijdraagt: het regeerakkoord
5
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
Daarnaast zetten we in op een intensieve, onderlinge
2021 - 2025, de kamerbrief 'bodem en water sturend'
^ Integrale aanpak in de leefomgeving: doelen voor
van 25 november 2022 en het Nationaal Programma
klimaatadaptatie, waterkwaliteit en bodem niet los
Landelijk Gebied (NPLG).
zien van verstedelijking, woningbouw, landbouw
In het Regeerakkoord 2021-2025 is opgenomen dat:
en energievoorziening. Het behoud van de water
Om tot de uitgangspunten en doelen in deze RAS
^ we extra investeren om achterstanden weg te
kwaliteit is hierbij belangrijk.
te komen, zijn de volgende stappen ondernomen
werken in hoogwaterbescherming; ^ water en bodem sturend worden bij ruimtelijke
samenwerking.
in de periode juli 2022 - juni 2023: Ook het Nationaal Programma Landelijk Gebied
^ Er gebeurt natuurlijk al heel veel op lokaal en
planvorming en een dwingend karakter krijgen;
(NPLG) heeft raakvlak met klimaatadaptatie. Een aantal
regionaal niveau. Denk aan de watervisie, actieplan
^ we meer investeren in de aanpak van hittestress
indicatieve doelen vanuit het NPLG op water en natuur
bodem en water, de bossenstrategie, gemeentelijke
(oversterfte bij kwetsbare mensen) door het toe
raken aan de klimaatadaptatie opgave, zoals:
Lokale Adaptatiestrategieën (LAS), maatregelen
voegen van meer groen, water en lichte opper
^ Beleid, inrichting en beheer aangepast aan het
vlakten in 'dicht' bebouwd gebied. 25 november 2022 publiceerde het kabinet enkele
de bestaande ambities op het gebied van klimaat
weersextremen zoveel mogelijk beperken (2050);
adaptatie en aanverwante thema's zijn daarom
^ Areaal opgave per provincie voor nieuw bos (2030),
geanalyseerd. Dit levert een solide basis van al
Kamerbrieven (Toekomst Landbouw, Water en Bodem sturend). Hierin wordt verder geduid wat water en
programma's en agenda's. Het bestaande beleid en
veranderende klimaat. Schade en ontwrichting door
optellend tot 37.400 ha; ^ 10% groenblauwe dooradering (2050), waarvan de helft van de opgave in 2030 gerealiseerd is.
bodem sturend betekent. “Door water en bodem sturend te laten zijn in de ruimtelijke ordening, kunnen we in
bestaand beleid en ambities. Bijlage 1 geeft een overzicht van de gebruikte documenten. ^ In een viertal thematische werksessies hebben we extra ambities en doelen geformuleerd. Deze zijn
Nederland ook in de toekomst met een ander en grillig
1.3. Totstandkoming RAS
klimaat blijven leven, wonen en werken. In een veilige
Deze nationale opgaven worden uiteindelijk regionaal
in deze RAS. Bij deze werksessies waren ongeveer
omgeving, met een gezonde bodem, voldoende en
en lokaal opgelost. Voor het Deltaprogramma Ruimte
70 beleidsadviseurs en experts betrokken vanuit alle
schoon water." Hierin worden uitgangspunten benoemd
lijke Adaptatie werken de zes Flevolandse gemeenten
betrokken partijen en vanuit zeer diverse disciplines
om 'water en bodem sturend' vorm te geven1:
samen met het waterschap, de provincie, de GGD
varierend van gezondheid tot riolering en van
^ Niet afwentelen van bodem of wateropgaven op
en Rijkswaterstaat onder de noemer KlimaatAdaptief
uitgewerkt tot de vier thematische hoofdstukken
ruimtelijke ontwikkeling tot landbouw.
toekomstige generaties, andere gebieden of functies
Flevoland (KAF). KAF representeert de werkregio vanuit
of van privaat naar publiek;
het DPRA. Het is een samenwerkings- en netwerk
gekeken: hoe ziet Flevoland er in 2100 misschien
organisatie waar kennisdeling centraal staat. Het doel
wel uit, en wat betekent dat voor de keuzes die we
^ Meer rekening houden met extremen op het gebied van hevige neerslag, hitte en droogte;
van de RAS is om de ambitie en strategie van een
^ In deze sessies hebben we ook verder vooruit
moeten maken op middellange termijn?
^ In samenhang omgaan met wateroverlast, droogte
klimaatadaptief Flevoland bestuurlijk vast te leggen. We
en de bodem: een vitale bodem te bewerkstelligen,
willen het samenwerkingsnetwerk2 op het gebied van
de RAS gelijkgesteld met de klimaatadaptatiemaatlat
die als een spons het water opneemt, maar ook
klimaatadaptatie verstevigen en (bestuurlijk) uitbreiden.
die in maart 2023 gepubliceerd werd.
door het realiseren van voldoende buffer en afvoer capaciteit;
2
De RAS is opgesteld door de partners van KAF, en focust dus op de samenwerking binnen het KAF. In de RAS beschouwen we
1
De lijst die hier is opgenomen is niet uitputtend.
6
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
echter wel andere samenwerkingsverbanden, en zorgen we ervoor dat de ambities en afspraken uit de RAS daarop aansluiten.
^ In voorjaar 2023 zijn een aantal uitgangspunten in
Ons doel is dat Flevoland klimaatbestendig en waterrobuust is in 2050. We gaan hiervoor individueel en gezamenlijk maatregelen treffen om risico's en schade te verminderen. Ieder doet dit vanuit zijn eigen taak en verantwoordelijkheid. We zitten in een fase waarin we nog veel moeten ontdekken. In 2027 herijken we deze RAS.
Wij als KAF-partners,
2.1. Weten, Willen, Werken
Daarom werken we volgens de 'WetenWillenWerken'
» Herkennen en signaleren de gevolgen
Dit is de eerste klimaatadaptatiestrategie voor Flevoland.
cyclus zoals voorgesteld in het nationale Delta
Sommige Flevolandse gemeenten hebben al een eigen
programma Ruimtelijke Adaptatie (zie figuur 3).
van het veranderende klimaat; » Nemen samen de regie om te komen tot ons doel:
lokaal beleid ontwikkeld of een adaptatieagenda opge
Eerst hebben we een analyse gemaakt van de risico's
steld. We zitten in een fase waarin we nog veel moeten
en kwetsbaarheden, bijvoorbeeld door middel van
ontdekken. We ontwikkelen bijvoorbeeld kennis over
stresstesten (weten). Aan de hand daarvan hebben
“Flevoland is klimaatbestendig
geschikte kaders en richtlijnen, wat de meest effectieve
we gekeken welke risico's we (niet) acceptabel vinden
en waterrobuust in 2050"
aanpak is bij fysieke ontwikkelingen, welke werkprocessen
en zo ambities en een strategie geformuleerd (willen).
er intern nodig zijn of hoe we bepaalde ontwikkelingen
De komende jaren gaan over het werken: we zijn en
conform de aanpak zoals vastgelegd
moeten financieren. Overal in Nederland zijn gemeenten
blijven planmatig aan de slag om de leefomgeving
in het Deltaprogramma Ruimtelijke
en andere overheden bezig klimaatadaptatie vorm te
klimaatbestendig en waterrobuust te maken. We borgen
Adaptatie (DPRA);
geven en spelen dezelfde vragen. De eerste concrete
klimaatadaptatie in bestaande beleidsvelden en
» Gaan hiervoor individueel en gezamenlijk
landelijke richtlijnen rondom klimaatadaptief bouwen
programma's. Door te doen, leren we over de beste
maatregelen treffen (bewustwording,
zijn onlangs gepubliceerd in de 'landelijke maatlat voor
aanpak. We gaan daarna verder bepalen welke doel
fysiek) om risico's en schade te
een groene, klimaatadaptieve gebouwde omgeving'.
stellingen en uitgangspunten redelijk zijn, welke
verminderen, ieder doet dit vanuit
maatregelen er moeten worden genomen om die
» zijn eigen taak/verantwoordelijkheid;
doelen te behalen en wat de financieringsopgave
» Willen op zoek naar hoe we bepaalde
is die daarbij hoort.
onvermijdelijke risico's maatschappelijk kunnen aanvaarden; » Streven naar eenzelfde bescherming en welzijn van alle inwoners van Flevoland; » Willen dit bereiken tegen zo laag mogelijke maatschappelijke kosten; » Zien klimaatadaptatie als integraal onderdeel van andere transities en opgaven in de leefomgeving zoals de energietransitie, landbouwtransitie en woningbouwopgave; » Zien deze RAS als een middel die ons beleid onderling verbindt en de afstemming en verbinding maakt tussen lokaal en bovenregionaal beleid.
8
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
Figuur 3: Weten, Willen, Werken cyclus tot 2050. Figuur vanuit DPRA.
2.2 Regionaal versus Lokaal
Op termijn kunnen deze uitgangspunten een meer
» Klimaatadaptieve maatregelen kunnen op korte termijn
In deze RAS leggen we ons gezamenlijke doel vast en
dwingend karakter krijgen, in lijn met de landelijke
iets hogere kosten met zich meebrengen. De maat
leggen we vast dat wij hiervoor willen samenwerken.
ontwikkelingen op dit gebied. We werken in lijn met
schappelijke kosten/baten op langere termijn zijn
De RAS bevat uitgangspunten over hoe we dat doel
de landelijke ontwikkelingen. We gebruiken de
echter vaak positief. Want: met het nemen van
willen realiseren. De komende jaren vertalen we de
uitganspunten bij toekomstige ontwikkelingen,
maatregelen voorkomen we schade (financieel,
uitgangspunten naar bijvoorbeeld lokaal beleid,
waarbij bestaande afspraken worden gerespecteerd.
gezondheid, mensenlevens). Op korte termijn zullen
ruimtelijke verordeningen, (verplichte) leidraden en
^ Er is beleidsvrijheid op gemeentelijk niveau voor
de investeringskosten integraal afgewogen moeten
nieuwe werkwijzen. Zo concretiseren we de uitgangs
maatwerk. Bepaalde uitgangspunten kunnen op
worden met andere doelen/opgaven. Dit gebeurt
punten van deze RAS en zorgen we voor lokale
basis van gebiedskenmerken lokaal anders worden
op lokaal niveau.
uitvoering. Ieder doet dit vanuit zijn eigen taak en
ingevuld, bijvoorbeeld met lagere waterbergings-
verantwoordelijkheid.
eisen, omdat de kans op schade/wateroverlast
De uitgangspunten als benoemd in deze RAS zullen
Merk daarbij op dat:
kleiner is, of met strengere eisen ten aanzien van
verder geborgd moeten worden in lokaal beleid en
hittestress, omdat de omgeving al sterk versteend
bij gebieds- en gebouwontwikkeling in de openbare
en hittegevoelig is.
ruime. Het is belangrijk dat dit ook in de Omgevings-
^ De kaders in deze RAS zijn geformuleerd als uitgangspunten, het zijn (nog) geen normen.
visies een verankering krijgt. In de uitwerking van deze maatregelen zullen we tegen uitdagingen aanlopen. We helpen elkaar door onder ling de ervaringen binnen ons netwerk van KAF te delen. Vanuit ieders eigen visie geven we samen uitvoering aan de uitgangspunten zoals opgenomen in de RAS. In 2027 evalueren we onze strategie en analyseren we of we op de juiste koers zijn om in 2050 klimaat bestendig en waterrobuust te zijn. We doen dat met behulp van nieuwe stresstesten en door te leren van de concrete maatregelen en projecten die in de tussentijd zijn uitgevoerd (met de inzet van financiële middelen uit de Tijdelijke Impulsregeling Klimaatadaptatie 2021-2027, waarmee decentrale overheden financieel in staat worden gesteld om kosteneffectieve maatregelen te nemen met betrekking tot klimaatadaptatie). We bekijken in welke mate er dan wordt voldaan aan de uitgangspunten die we in deze RAS hanteren en stellen zo nodig de uitgangspunten bij. 9
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
R
Een robuust bodem- en watersysteem is bepalend voor een klimaat adaptief Flevoland in 2050. We werken aan een toekomstbestendig landelijk gebied. Landbouw en natuur is bestand tegen klimaat verandering en de gevolgen daarvan zoals versnelde bodemdaling, verzilting en watertekorten of -overschotten.
Een toekomstbestendig landelijk gebied wil zeggen
Dit kan lokaal effect hebben op de kwaliteit van het
Op sommige plekken in Flevoland daalt de bodem
dat onze buitengebieden, landbouw en natuur bestand
oppervlaktewater. De Veluwe en het oude land zijn
door lokaal gewenst peilbeheer en inklinking. De
zijn tegen klimaatverandering en de gevolgen daarvan
ook een bron van (schone) kwel in de polder. Voor
natuurgebieden, die van oorsprong op meer zanderige
zoals versnelde bodemdaling, verzilting en water
droge perioden is in 2018 besloten de buffer op het
bodem liggen en waar vaak hogere peilen en grond
tekorten of overschotten. Een robuust bodem en
IJsselmeer te vergroten door de peilen flexibeler te
waterstanden zijn (waardoor de wel aanwezige klei
watersysteem is daarbij leidend. We werken aan een
maken.
minder rijpt en het eventuele veen niet oxideert), dalen relatief minder dan de rest van de (kleiïge) gronden
systeem waarin we bij langdurige droogte voldoende en kwalitatief goed water beschikbaar hebben voor
We onderzoeken hoe we na 2050 in de winter op een
onze natuur, onze drinkwatervoorziening en onze
maatschappelijk verantwoorde manier een structurele
en komen relatief steeds hoger en daardoor droger te liggen. Er moet op veel plaatsen water worden
landbouw. We werken toe naar een systeem waarbij
peilverhoging kunnen realiseren van 30cm voor het
aangevoerd om de natuurgebieden nat genoeg te
er zo min mogelijk langdurige wateroverlast ontstaat
Ijsselmeer en het Markermeer. Voor de lange termijn
houden en de watervraag zal in de toekomst verder
bij hevige neerslag. Onze ambitie is dat het landelijk
dient bij investeringen zowel binnen als buitendijks
toenemen. Dit vraagt ook om het beter vasthouden
gebied in 2050 één robuust ecosysteem is: onze natuur
rekening te worden gehouden met deze peilverhogin-
van water in nattere tijden.
gebieden en landbouw zijn daar onderdeel van.
gen. Ook kan de peilverhoging de zoute kweldruk in
Groenblauwe structureren lopen uit tot in het stedelijk
het water systeem van de polders vergroten. Flevoland
Flora en fauna is sterk afhankelijk van de land
gebied en nodigen inwoners uit tot recreatie. We
is een landbouwprovincie bij uitstek en blijft dat. De
schappelijke eigenschappen en klimaat. Hoe de
versterken de biodiversiteit als kenmerk van een gezond
aanwezigheid van grote hoeveelheden zoetwater en
biotopen in Flevoland zullen ontwikkelen in het
en robuust ecosysteem. Dit hoofdstuk beschrijft onze
de vrucht bare bodem bieden kansen voor de land
veranderende klimaat is een grote onzekerheid.
ambities met betrekking tot een klimaatadaptief bodem
bouw.
en watersysteem, en daarbij passende landbouw en
Een biodivers ecosysteem is beter bestand tegen droogte, wateroverlast of hitte dan een eenzijdig
natuur.Flevoland heeft een gunstige uitgangspositie
Klimaatverandering zorgt mogelijk voor een langer
ingerichte polder. Daarmee is biodiversiteit een
voor de zoetwatervoorziening. De provincie kan
groeiseizoen. Perioden van droogte manifesteren
belangrijke voorwaarde voor een duurzame en klimaatbestendige leefomgeving.
een beroep doen op de grote waterbuffer van het
zich vaak op continentale schaal. Flevolandse boeren
IJsselmeer en Markermeer. Water wordt met gemalen
hebben dan, gezien de lokale beschikbaarheid van
uitgeslagen op het IJsselmeergebied. Via inlaten en
zoet water, mogelijk relatief een voordeel. Piekbuien
hevel kan water worden aangevoerd. Daarnaast
en andere weerpatronen kunnen grote effecten hebben
stroomt er kwelwater de polders in. Dit is vaak zoet,
op de oogst, en ook nieuwe ziekten en plagen worden
maar op sommige plekken is er ook sprake van brakke
waarschijnlijker.
of zoute kwel.
11
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
De RAS in context van wat er al gebeurt De thema's die in dit hoofdstuk besproken worden
Om tot een klimaatadaptief buitengebied te komen,
staan niet los van elkaar, maar beïnvloeden elkaar.
is samenwerking nodig van het KAF met de landbouw
Klimaatadaptatie in het buitengebied kan niet los
sector, natuurterreinbeheerders en andere samen
gezien worden van allerlei andere beleids
werkingspartners (zie ook hoofdstuk 6). Uiteindelijk
ontwikkelingen.
zullen de sectoren hier zelf verantwoordelijk zijn en niet de overheden.
Dit hoofdstuk van de RAS houdt verband met het bestaande beleid en lopende programma's dan wel
We hebben ambities opgesteld maar uiteindelijk gaat
samenwerkingen vanuit het Rijk, de provincie en het
het erom dat er duidelijke keuzes gemaakt worden
waterschap. Bijvoorbeeld de Strategische Agenda
vanuit een integraal afwegingskader. Deze RAS
Flevoland, het Nationaal Programma Landelijk Gebied,
signaleert met name de opgaven die we zien in het
de kamerbrief 'bodem en water sturend' vanuit het
landelijk gebied als gevolg van klimaatverandering,
Rijk, Landbouw Meerdere Smaken, het Actieplan Bodem
maar er zijn veel meer opgaven zoals bodemdaling,
en Water, het Waterprogramma, de Bossenstrategie, het
stikstof en de energietransitie. Het doel is om vanuit
Actieplan biodiversiteit en het programma Flevoland
daar gezamenlijk met de sectoren en gebiedspartijen
natuurinclusief van de provincie Flevoland en de
aan integrale oplossingen te gaan werken. De uitein
Watervisie en de rapportage Zoetwaterbeschikbaar-
delijke keuzes, oplossingen of afwegingskaders zullen
heid van het Waterschap Zuiderzeeland (de volledige
niet in dit document (op)genomen worden, maar
lijst is te raadplegen in bijlage 1).
zullen een plek krijgen in verdere uitwerking van bovenstaand beleid en programma's. De RAS biedt
Al dit beleid en deze programma's zijn tenminste
handvatten om bij het updaten van het huidige beleid
gedeeltelijk direct of indirect met het onderwerp
en lopende programma's, de impact van klimaat
klimaatadaptatie verbonden en de genoemde partijen
verandering (verder) mee te nemen in de ontwikkelingen
zijn op dit moment al concreet bezig hieraan invulling te geven. De transitie van de landbouwsector en de doelstellingen voor natuur komen hierin ook aan de orde, alsook het klimaatbestendig inrichten van het water en grondwater systeem. Tegelijkertijd is dit een rijdende trein, waar de komende jaren nog heel veel in gaat gebeuren en veranderen.
“______ Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
3.1. Bodem- en Watersysteem
er in de toekomst vaker droge jaren zullen optreden.
aan drink- of proceswater of de kennis dat in de
Uitgangspunten:
We moeten ons voorbereiden op situaties waarin
toekomst tijdens droge jaren geen aanvoer uit
* Het water- en bodemsysteem is sturend in nieuwe
onttrekkingen uit deze zoetwaterreservoirs beperkt
het IJsselmeer en Markermeer kan plaatsvinden.
ontwikkelingen; * We gaan in samenhang om met wateroverlast, droogte en de bodem. We willen een vitale bodem
of niet langer mogelijk is. We verkennen hoe dit onze
Dit betekent dus dat het niet langer vanzelfsprekend
landbouw, natuur en gebouwde omgeving beïnvloedt
is dat er voldoende geschikt water is voor beregening.
en hoe we hiermee moeten gaan.
bewerkstelligen, met voldoende buffer- en afvoercapaciteit (sponswerking); » We hanteren een integrale aanpak in de leefomgeving:
CO2 en financiering - We zetten in op het voorkomen Adaptief watersysteem - Het vasthouden van water
van verdere veenoxidatie. Bij veenoxidatie door in
wordt belangrijker voor de waterbeschikbaarheid,
bodemdalingsgebieden geen peilverlaging toe te
doelen voor klimaatadaptatie, waterkwaliteit en
voldoende buffercapaciteit is belangrijk voor perioden
passen komt CO2 vrij. Voorkomen is beter dan
bodem kunnen niet los gezien worden van verstede
van hevige en/of langdurige neerslag. We anticiperen
compenseren.
lijking, woningbouw, landbouw en energievoorziening.
op toekomstige scenario's waarbij het watersysteem
* We accepteren dat er in de toekomst vaker schade optreedt als gevolg van droge en natte periodes.
vraagt om meer ruimte of aanpassingen aan belangrijke
Peilschommelingen - Nieuwe (buitendijkse) ontwikke
elementen zoals dijken, sluizen, gemalen etc.
lingen kunnen alleen gerealiseerd worden als ze zo ontworpen zijn dat ze bestand zijn tegen verdere
Hoe geven we daar invulling aan?
Accepteren van schade - De RAS is er op gericht om
peilschommelingen in de verschillende meren en niet
Gezonde bodem - We streven naar een (blijvend) goede
de schade van klimaatverandering -waar redelijkerwijs
ten koste gaan van de waterbuffer. Ook hier is samen
sponswerking en capillaire werking van de bodem met
mogelijk- te voorkomen en te beperken en voorziet in
werking met Rijkswaterstaat een vereiste.
een voldoende hoog gehalte organische stof en een
adaptatiemaatregelen als die haalbaar en betaalbaar zijn.
voldoende rijk bodemleven. Een goede bodemstructuur
Is dat niet het geval, dan zullen we (overheden, inwoners
3.2. Landbouw
ondersteunt planten in hun groei en conserveert water
en ondernemers in Flevoland) moeten accepteren dat
Uitgangspunten:
mede dankzij een versterkt bodemleven.
er in de toekomst vaker schade optreedt als gevolg
» Flevoland heeft één van de beste landbouwgebieden
van langdurige droge en natte periodes. Wat schade
van Europa met ondernemende agrariërs. We streven
Bodem en Water sturend - Bodem en water worden
inhoudt is verschillend per functie. Schade kent een
naar perspectief voor de landbouwsector, waarbij
sturend in nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, zoals
drietal gradaties: hinder, overlast en schade.
boeren op rendabele wijze kunnen blijven produceren,
bijvoorbeeld het plannen van nieuwbouw locaties. We
in duurzame relatie met bodem, water en natuur;
onderzoeken waar we het principe 'functie volgt peil'
Communiceren - We gaan in gesprek met belang
kunnen toepassen, en waar plaatselijk eventueel een
hebbenden en maken duidelijk welke schade we wel
» De land- en tuinbouw is in 2050 zo ingericht dat ze zo min mogelijk last heeft van de gevolgen van water
andere beslissing kan worden genomen..
en niet acceptabel vinden. Door communicatie zorgen
overlast, droogte, hitte, bodemdaling en verzilting.
we dat belanghebbenden (inwoners, ondernemers,
Het is robuust tegen weersextremen en is minder
Voorbereiden op droogte - We hebben de ambitie
agrariërs) zich meer bewust worden van de effecten
afhankelijk van de waterbeschikbaarheid vanuit het
om minder afhankelijk te worden van wateraanvoer
van klimaatverandering over 10 - 20 jaar en de toe
watersysteem. Robuust betekent dat boeren ook in
uit het IJsselmeer en Markermeer. We signaleren dat
nemende kans op schade; bijvoorbeeld de schaarste
hete, droge of natte jaren een duurzame bedrijfs voering hebben.
13
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
^ We hebben in Flevoland een gunstige uitgangspositie
proces bodemdaling wordt gekeken naar opties voor
Samenwerken en faciliteren - De Flevolandse
voor de landbouw door de aanwezigheid van relatief
alternatieve teelten op locaties waar de huidige teelten
Overheden en de agrarische sector signaleren
veel zoet water in combinatie met een bodemtype
op termijn niet handhaafbaar zijn als gevolg van bodem
gezamenlijk de risico's van klimaatverandering voor
dat op veel plaatsen goed water vasthoudt; de
daling. We verkennen daarnaast via het programma
de sector en gaan samen aan de slag gaan om die
landbouw gaat daar duurzaam mee om.
'Landbouw Meerdere Smaken' nieuwe teeltsystemen
problemen te duiden en acties te formuleren. Hoe
(bijvoorbeeld strokenteelt of voedselbossen) die
groot is het probleem precies? Hoe gaan we vervolgens
Hoe geven we daar invulling aan?
mogelijk beter in staat zijn om te gaan met weers-
samen de transitie naar een duurzame landbouw
Bodem als basis - Een goede bodemstructuur kan
extremen omdat ze diverser zijn. Hiermee heeft de
realiseren binnen de kaders vanuit het rijk en de
meer water infiltreren en vasthouden. Hierdoor kan
boer een robuustere bedrijfsvoering onder klimaat
Europese Unie? Hiervoor is ook goede samenwerking
wateroverlast worden voorkomen en manifesteert
verandering en wordt het ecosysteem diverser.
en afstemming tussen provincie, waterschap en
droogte zich minder acuut waardoor beregening kan
Daarnaast wordt ook gekeken naar meer 'zout-
gemeenten nodig, met eventueel nieuwe instrumenten
worden uitgesteld. De bodemstructuur (in combinatie
minnende' variëteiten dan wel gewassen om daarmee
om de landbouw te kunnen faciliteren waar dat nodig
met bodemleven) is een resultante van de bodem-
de toename van de verziltingsproblematiek lokaal
is. We haken bij communicatie aan op thema's die bij
opbouw, het organisch stofgehalte en samenstelling,
het hoofd te kunnen bieden, of duurzaam, circulair
boeren op dit moment al wel spelen, zoals bodem
van het bouwplan en van gewasmanagement. Behoud
'bouwmateriaal uit de polder' om koploper te worden
kwaliteit, verziltingsvraagstukken of bodemdaling.
en versterken van de bodem- kwaliteit vormen een
in deze nieuwe markt.
basis voor de (agro)biodiversiteit. Hierdoor worden
Het Actieplan Bodem en Water (langdurige samen werking agrarische sector, waterschap en provincie),
teeltsystemen tevens weerbaarder tegen ziekten en
Inzetten op kringlooplandbouw/natuurinclusieve
Landbouw Meerdere Smaken en verschillende andere
plagen.
landbouw - Waar mogelijk proberen wij de transitie te
gebieds processen en proeftuinen rondom natuur-
ondersteunen waarbij de potentie van het natuurlijke
inclusieve landbouw faciliteren het ontwikkelen en
Duurzaam watergebruik - We willen dat het
systeem - met de bodem als basis - geïntegreerd
verspreiden van kennis omtrent handelingsperspectief,
beschikbare water optimaal gebruikt wordt en dat de
wordt in de bedrijfssystemen. Tevens draagt dit bij aan
rekening houdend met klimaatverandering. De kennis
landbouw minder afhankelijk wordt van grootschalige
onze doelstellingen op betere aanvoer en benutting
die in deze experimenten ontwikkeld wordt, wordt
beregening. Ook willen we optimaler kunnen omgaan
mest stoffen en afname inzet gewasbeschermings
breed gedeeld binnen de provincie, Nederland en
met de aanwezigheid van brak water. Bijvoorbeeld met
middelen en aan onze doelstellingen op waterkwaliteit
internationaal.
innovatieve irrigatiesystemen of het telen van andere
en natuur.
3.3. Natuur
gewassen/variëteiten. Duurzaam verpachten - De gronden die wij als
Uitgangspunten:
Diverse teeltsystemen - Het bodem en watersysteem
overheden verpachten (dijken en bermen) worden
* We zetten in op Flevoland als een gezond ecosysteem.
wordt (lokaal) meer leidend bij het bepalen van welke
verpacht onder voorwaarden van duurzaam, klimaat
Een klimaat adaptief Flevoland creëren we zoveel
teelt waar kan plaatsvinden. Bepaalde gewassen,
adaptief beheer. Tevens gaan we in gesprek met het
variëteiten of teelttechnieken zullen in de toekomst
Rijksvastgoedbedrijf dat een derde van de Flevolandse
^ Natuurinclusieve ontwikkeling is leidend.
meer of minder geschikt worden in het veranderende
landbouwpercelen verpacht namens het Rijk.
^ Het bosareaal in de provincie neemt toe.
water en klimaatsysteem. Binnen o.a. het gebieds14
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
mogelijk met oplossingen die de natuur ons biedt.
^ We zetten in op het verbinden van natuur(gebieden).
Hoe geven we daar invulling aan?
Bij nieuwe ontwikkelingen zetten we in op ruimte voor
Robuuste Natuur - Met robuuste natuur bedoelen
natuur en voldoende waterbeschikbaarheid voor natuur.
we natuur die dusdanig veerkrachtig is dat ze zich kan aanpassen aan klimaatverandering en bestand is tegen
Groenblauwe dooradering - We stimuleren natuurlijke
ziekten en calamiteiten. Gebieden met een hoge bio
verbindingen op grote schaal. We streven ernaar
diversiteit zijn immers weerbaarder tegen klimaat
om onze natuurgebieden met elkaar te verbinden.
verandering. Klimaatadaptatie en toekomstbestendige,
Zo grijpen we terug op de principes van het Natuur-
veerkrachtige en diverse ecosystemen gaan hand in hand.
netwerk Nederland en leggen we de verbinding om versnippering van natuur tegen te gaan. Hiermee
Functie waterberging - In de toekomst is een nattere
geven we invulling aan de doelstellingen voor groen
situatie in de omgeving van de natuurgebieden
blauwe dooradering van het landschap. We onder
gewenst, zodat deze weer als spons kunnen fungeren
zoeken de mogelijkheid om gebruik te maken van
in het landschap. In perioden van bovengemiddelde
oude rivierlopen om deze verbindingen te creëren,
droogte, waarin ook de rest van het gebied extra water
deze grond is veelal toch van mindere kwaliteit voor
nodig heeft, zullen natte natuurgebieden echter vaak
landbouw.
de grootste waterbehoefte hebben. Dit doordat specifieke natte natuur onherstelbare schade kan
Dijknatuur - We zien kansen voor nieuwe natuur
oplopen als het te droog wordt. De nattere natuur
rondom de dijken. Buitendijkse bossen en voor- en
gebieden kunnen wel als spons dienen voor de
achteroevers bieden bescherming tegen hoog water
omliggende omgeving, maar dan moet worden
en zorgen in een strook water tussen dijk en oever
ingezet op het behoud van soorten die goed tegen
voor nieuwe, dynamische natuur3. Dit draagt bij aan
zowel incidenteel natte als droge omstandigheden
de weerbaarheid en veiligheid van Flevoland.
kunnen. Samenwerking - Met de natuurorganisaties wordt Natuurinclusieve ontwikkeling - We zien natuur
naar kansen gezocht om robuuste natuur te behouden,
als basis van onze gezondheid en economie. We
de biodiversiteit te vergroten, het beperken van het
vergroten de natuurwaarden en benutten haar kracht
risico van natuurbranden en op andere plekken naar
('nature based solutions'). Met onze activiteiten dragen
nieuwe natuurdoelen te zoeken. Natuur bijvoorbeeld,
we actief bij om natuurwaarden te versterken.
die (ook) ten dienste staat aan de landbouw en
We realiseren een goede basiskwaliteit van onze
vice-versa.
natuur, niet alleen in de natuurgebieden, maar overal: het openbaar groen, tuinen, bermen etc. 3
h ttps'V/markermeerijmeer.nl/oostvaardersoevers/voorkeursbeslissing/default.aspx
15
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
De gevolgen van klimaatverandering zijn ook voelbaar in onze steden en dorpen. We willen dat Flevoland een aantrekkelijke en gezonde plek is en blijft om te wonen, werken en recreëren. We zetten in op een transitie naar een klimaatadaptieve gebouwde omgeving, waar veiligheid en gezondheid van inwoners voorop staat.
5**------f
dap
Flevoland is en blijft een aantrekkelijke en gezonde
Nieuwbouw en herstructurering
plek om te wonen, werken en recreëren. De gevolgen
We voorzien in Flevoland tot 2050 een grote productie van 90.000 - 115.000 nieuwbouwwoningen.
van klimaatverandering zijn ook voelbaar in onze
Deze woningen staan er voor lange tijd; in 2100 willen we daar nog steeds prettig wonen, werken en leven.
steden en dorpen. We zien opgaven op de thema's:
Nieuwe woningen moeten daarom voorbereid zijn op extremere weersomstandigheden (hitte, droogte
gezondheid en veiligheid van inwoners, wateroverlast
en wateroverlast). We hebben nu de kans deze locaties direct klimaatadaptief te kiezen en te realiseren.
(overmatige regenval of overstroming), droogte en
Voor ontwikkelaars en bouwers is het op dit moment nog niet vanzelfsprekend om dat ook te doen. Door
hitte. Het realiseren van groenblauwe structuren vormt
Flevoland-breed afspraken vast te leggen, door samen te werken, en gezamenlijke ambities te bepalen,
een overkoepelende ambitie die oplossing biedt voor
creëren we een duidelijk en eerlijk speelveld voor de bouw- en ontwikkelsector in Flevoland. Zo zorgen
deze thema's. Om de leefbaarheid te waarborgen
we voor een gunstig en gezond woon- en vestigingsklimaat op de lange termijn in Flevoland.
en verbeteren kiezen we voor natuurinclusief ver stedelijken met ecologische structuren die tot diep
In deze RAS stellen we uitgangspunten op voor een klimaatadaptieve gebouwde omgeving in Flevoland.
in de steden reiken. Waar we op welke manier wonen,
Bij nieuwbouw of herstructurering de kans hebben het direct 'goed' te doen, en stellen we ten aanzien van
werken, reizen en recreëren laten we leiden door
klimaatadaptatie eisen. In het bestaande gebouwde gebied zal het niet haalbaar zijn al deze uitgangspunten
water, bodem en biodiversiteit. Dit maakt niet alleen
als harde eisen te stellen, en kunnen ze dus geïnterpreteerd worden als wensen en richtlijnen. In bestaand
het natuurlijke fundament robuuster, maar maakt
gebied realiseren dat wat mogelijk is en doen dat in koppeling met herstructurering of andere koppelkansen.
landschappen, dorpen en steden ook aantrekkelijker en leefbaarder.
Op dit moment hebben de Provincie Flevoland, Waterschap Zuiderzeeland en de gemeenten Almere en Lelystad de intentieovereenkomst getekend om te werken met het 'Basisveiligheidsniveau' dat opgesteld
We gaan uit van 'groen' tenzij, alleen waar nodig
is voor de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Op landelijk niveau is er een maatlat klimaatadaptieve nieuw
passen we verharding toe. Dit geldt niet alleen voor
bouw, welke vastgelegd zal worden in landelijke wetgeving. Door middel van deze RAS geven we een
nieuwbouw maar ook juist voor de bestaande
Flevolandse invulling aan de uitgangspunten en richtlijnen in deze maatlat.
gebouwde omgeving zoals we hem nu al kennen. De transitie naar een klimaatadaptieve gebouwde omgeving laten we plaatsvinden op logische momenten,
Het is belangrijk dat we daarbij een onderscheid
zoals bij herstructurering. Dit doen we integraal
maken tussen publieke en private ruimte want beide
Klimaatadaptatie is niet alleen een ruimtelijk vraagstuk,
met andere opgaven, zoals groenbeheer, mobiliteit,
vragen om andere oplossingen en aanvliegroutes.
maar ook een gedragsvraagstuk. We leggen daarom de
circulaire economie en de energietransitie. Daarbij
Zo kunnen we in het publieke gebied zelf de regie
verbinding met het sociale domein en gezondheids
hebben we speciale aandacht voor het sociaal domein.
nemen om te vergroenen maar zullen we in privaat
programma's. We zien klimaatadaptatie als een motor
Zo zorgen we niet alleen voor een klimaatbestendig
gebied een stimulerende en faciliterende rol invullen
van een sociale, inclusieve en gezonde samenleving.
stedelijk gebied, maar werken we ook aan de gezond
om inwoners, ondernemers en andere stakeholders
heid en veiligheid van inwoners, een toename in de
met voorlichting en subsidies hun eigendom te
biodiversiteit en verbetering van de bodemkwaliteit.
vergroenen.
naar inwoners om adaptieve maatregelen te treffen.
We beschrijven in dit hoofdstuk uitgangspunten en hoe we deze willen realiseren op zes verschillende thema's: gezondheid, wateroverlast, droogte en
17
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
De focus blijft stimuleren en we gaan voorlopig
bodemdaling/inklinking, hitte, natuurinclusiviteit
niets verplichten. We zetten in op communicatie
en overstromingsrisico's.
FaciUteren wordt concreet gemaakt in regelingen zoals
Bijvoorbeeld:
De GGD adviseert en biedt handelingsperspectieven
subsidies, hulp bieden aan inwoners bij onttegelen,
- ziekten die zijn gerelateerd aan hitte
aan gemeenten, burgers en andere organisaties deze risico's te verminderen.
het uitdelen van bomen, actief kennisdeling opzoeken
- infectieziekten en insectenplagen
waarbij we uitnodigen om de juiste maatregel te
- allergieën en luchtwegklachten
nemen en we inzicht bieden in het financiële plaatje.
- ziekten gerelateerd aan luchtverontreiniging
Naast kennisdeling over aanleg focussen we ook op
- ultraviolet-licht gerelateerde ziekten (zoals
beheer van groen in eigen tuin. Daarnaast maken we
huidkanker).
Groene schoolpleinen - Veel jongeren kampen met gezondheidsproblemen. Met name overgewicht is in veel gemeenten een probleem. We werken aan bewust
gebruik van logische momenten om te sturen op
Daarnaast hebben we aandacht voor toenemende
wording en zetten in op samenwerking met scholen
klimaatadaptatie in private ruimte, bijvoorbeeld bij
risico's op (nieuwe) infectieziekten. Bijvoorbeeld
voor de vergroening van schoolpleinen. Dit draagt bij
verkoop. Ook treffen we een subsidieregeling klimaat
infectieziekten die worden overgedragen via vectoren
aan het welzijn en gezondheid van de jeugd. Doordat
adaptieve maatregelen. We geven als overheden zelf
(muggen en teken) zoals de ziekte van Lyme, malaria
groen een stressreducerende werking heeft en een
het goede voorbeeld en maken we ons vastgoed
of westnijlvirusinfecties. Klimaatverandering draagt
beter welbevinden (zowel fysiek als mentaal en sociaal
klimaatadaptief.
ook bij aan de toename van watergerelateerde
welbevinden) stimuleert, is er bewijs dat groen kan
infectieziekten (bv. diarree door inslikken van water
zorgen voor een betere ervaren gezondheid. Wie in
4.1. Gezondheid
met norovirussen, leptospirose, of het ontwikkelen van
een groene omgeving leeft, voelt zich gezonder. Een
Uitgangspunten:
een longontsteking door blootstelling aan legionella ).
groene en uitnodigende buitenruimte kan jongeren
* Een gezonde en veilige leefomgeving voor iedereen
De GGD heeft hierin een signalerende rol en draagt bij
stimuleren om meer te bewegen en gezonder te gaan
vormt de basis waarom we klimaatadaptatieve
aan de preventie, bestrijding en opsporing van infectie
leven. Ook communiceren we hiermee een bood
maatregelen nemen.
ziekten en van de gevolgen van klimaatverandering op
schap aan ouders over het belang van klimaatadaptatie
de gezondheid.
en vergroening. Klimaatadaptatie biedt koppelkansen
en insectenplagen, allergieën en luchtwegklachten,
Aandacht voor risicogroepen - We signaleren de
zoals JOGG (Gezonde Jeugd, Gezonde Toekomst).
ziekten gerelateerd aan luchtverontreiniging of
volgende risicogroepen die extra gevoelig kunnen zijn
ultraviolet-licht en mentale klachten als klimaat-
voor de gevolgen van klimaatverandering. Te weten:
* De risico's voor de volksgezondheid die klimaat verandering meebrengt (hittestress, infectieziekten
angst), blijven beperkt.
Hoe geven we daar invulling aan? Gezondheidsricico's en nieuwe (infectie) ziekten We bestendigen de aandacht, en ontwikkelen nieuwe
met preventieve gezondheidsbevorderende programma's
Hittestress verminderen - Hittestress vormt het
- Ouderen
belangrijkste risico voor gezondheid waar klimaat-
- Mensen met chronische aandoening (long- of
adaptatie op kan inspelen. Verkoelende maatregelen
hartaandoening, diabetes ) - Mensen in een sociaal isolement (thuiswonende kwetsbare mensen, daklozen)
op publiek terrein en gebouwniveau kunnen belangrijke oplossingen bieden om het klimaat binnenshuis aan genamer te maken. Daarnaast zetten we in op een
kennis en inzichten, voor de volgende gevolgen van
- Mensen met overgewicht
verandering in ons gedrag. We stellen gemeentelijke
klimaatverandering voor de gezondheid.
- Kinderen en jongeren
hitteplannen op om gezondheidsproblemen te ver
- Zwangere vrouwen
minderen bij optredende hitte. We hebben daarbij
- Bezoekers van een festival of ander evenementen
zicht op woonsituaties van kwetsbare groepen
- Mensen die veel buiten zijn voor werk, sport of
(m.n. ouderen). Een hitteplan omvat een protocol
buiten spelen 18
- Bewoners van sterk verstedelijkte omgevingen (hitte-eilanden)
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
waarin concrete acties worden toegeschreven aan
partijen om zo samen de gezondheid van kwetsbare
Samenwerking sociaal domein - Naast de aandacht
Met name het vergroenen van langzaam-verkeersroutes
groepen te beschermen. De GGD heeft een rol bij het
voor klimaatadaptatie in het ruimtelijk domein (bijv.
zoals fietspaden leveren een winwin situatie op.
belichten van de gezondheidsaspecten bij verschillende
adviezen bij de omgevingsvisies of bij duurzaamheids-
Groenstructuren worden zo ingericht dat ze ook
klimaatmaatregelen, ondersteunt gemeenten hierin en
plannen) geven we met bovenstaande ontwikkelingen
een plek bieden aan kinderen om te spelen.
adviseert hierover.
ook aandacht voor verder activatie van het sociaal domein in klimaatadaptatie. Klimaatadaptatie biedt
40% schaduw - Op drukke plekken (bijvoorbeeld in
Klimaatstress - We bestendigen de aandacht voor de
koppelkansen met preventieve gezondheidsbevorde
stadscentra), bij bejaardentehuizen en op een aantal
potentiële ziektelast van de psychosociale impact van
rende programma's zoals JOGG en Positief Ouder
centrale langzaam-verkeersroutes ((fietsen en wandelen)
klimaatverandering in de vorm van klimaatstress, angst
Worden.
en depressie, met name bij jongeren en kwetsbaren. De GGD heeft een rol bij het belichten van de gezond
4.2. Hitte
heidsaspecten bij verschillende klimaatmaatregelen,
Uitgangspunten:
ondersteunt gemeenten hierin en adviseert hierover.
* Op zomerse dagen blijft de gevoelstemperatuur in de bebouwde omgeving leefbaar
Negatieve effecten - Het klimaatbestendiger maken
is er minimaal 40% schaduw door bomen, gebouwen of structuren. We zoeken samenwerking met de betrokken
* In de stad zijn er voldoende plekken waar verkoeling
gaat hand in hand met meer groen en water. Het is
gevonden kan worden.
partijen (bijv. bejaardentehuizen) om dit te realiseren. 3-30-300 regel - Als vuistregel voor de inrichting van groen hanteren we de 3-30-300 regel: vanuit iedere woning zie je tenminste 3 bomen, 30% oppervlakte van elke wijk is groen (inclusief bladerdak), en iedereen heeft op maximaal 300 meter van zijn of haar woning een
hierbij van belang rekening te houden met mogelijke
Hoe geven we daar invulling aan?
park of groene ruimte om in te verblijven. Een park of
van infectieziekten en het voorkomen van allergenen.
Robuuste groenstructuren - Om hittestress in dorpen
groene ruimte is minimaal 200 m2 groot met minimaal
De GGD heeft een adviserende rol in het belichten van
en steden te voorkomen zetten we in op robuuste
30% schaduw. Bij herontwikkeling wordt gekeken of dit
gezondheidsaspecten bij klimaatmaatregelen.
groenstructuren. Robuust betekent dat het groen
haalbaar is.
ongewenste effecten zoals ongedierte, verspreiding
overleeft in het warmere, drogere en nattere klimaat Beleid gericht op bewustwording - De GGD speelt
zonder excessieve kosten voor bewatering/herplanting/
Binnentemperatuur - Airco's dragen bij aan de
een belangrijke rol in het informeren en zichtbaar
ziektebestrijding. Groenstructuren zijn zoveel mogelijk
opwarming van de directe buitenomgeving. We zetten
maken van de gezondheidsgevolgen van klimaat
verbonden. Aan de randen van de stad verbinden we
vol in op vergroening en passieve koeling van woningen.
veranderingen en het creëren van bewustwording
het buitengebied met de gebouwde omgeving om de
Bij nieuwbouw zoeken we bij voorkeur naar oplossingen
over dit onderwerp. Ze adviseert en biedt handelings-
koelere lucht de stad in te trekken . Zo creëren we een
met passieve koeling, zodat de gebouw(installaties),
perspectief aan gemeenten, burgers en andere
natuurlijke airco.
zoals airco's, niet tot directe opwarming van verblijfs-
Met het uitbreiden van de groenstructuur wordt de
We stimuleren andere maatregelen die tot koeling
koppeling gezocht met bestaande infrastructuur4.
van de binnentemperatuur leiden zoals schaduw door
organisaties om de oorzaken en gevolgen van klimaatverandering aan te pakken.
plekken in de private of openbare buitenruimte leiden.
groen in de omgeving, zonwering, groene gevels en 4
In de bossenstrategie van de provincie Flevoland staat al de
ambitie omschreven om een expertteam bomen in te richten dat zich gaat bezighouden met bosuitbreiding nabij woonwijken.
19
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
daken, aanbrengen van lichte materialen, isolatie etc.
Natuurlijke airco in de stad - Bij nieuwbouw en
*
herstructureringsopgaven wordt er rekening gehouden met de positionering en oriëntatie van gebouwen. Zodat de ventilatie van straten door windstromen
Acceptatie - We moeten echter ook realistisch zijn en accepteren dat er bij extreme neerslag tijdelijk water
maatregelen om schade te voorkomen.
op straat kan staan. Hierbij is ons uitgangspunt dat we
* We accepteren dat er tijdelijk water op straat kan
geoptimaliseerd wordt (natuurlijke airco) en de zon niet direct naar binnen schijnt waardoor huizen koeler blijven.
De waterbergende en verwerkende capaciteit sluit wateroverlast niet uit. We nemen doelmatige
staan.
onveilige situaties voorkomen en dat schade, door bijv. water in gebouwen, wordt voorkomen. Dit doen we
* Daarnaast moet aan de decentrale en landelijke
door analyses uit te voeren (gemeentelijke stresstesten)
normen voor wateroverlast worden voldaan,
en maatregelen te treffen in anders kwetsbare, gevaar
rekening houdend met klimaatverandering.
lijke of kostbare situaties.
Warmtewerende oppervlakten - Bij nieuwbouw en herstructureringsopgaven wordt aangeraden om tenminste 50% van alle horizontale en verticale
Hoe geven we daar invulling aan?
Stimuleren - We stimuleren inwoners om niet te
oppervlakten warmtewerend of verkoelend in te
Vasthouden, bergen, afvoeren - Wateroverlast (en
verharden op eigen terrein. We delen kennis en
richten. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan door middel
droogte) pakken we aan door een viertrapsstrategie
stimuleren het gebruik van subsidieregelingen voor
van schaduwvorming (bomen, groene gevels en
toe te passen: 1. Benutten en Besparen 2. Vasthouden
klimaatadaptieve maatregelen en vergroening.
daken, zonwering) of met een keuze voor lichte
en infiltreren in de bodem (sponswerking) 3. Bergen
stenen/ bestrating.
4. Afvoeren. 1.
Waterberging op privaat terrein - Het principe
We benutten het water waar het valt, en besparen
benutten-vasthouden-bergen-afvoeren houden
het waterverbruik.
we zoveel mogelijk aan op privaat en publiek terrein.
We onderzoeken de sponswerking en maken
Bij nieuwbouw stellen we de landelijke eisen ten
hierboven), en waar actieve koeling in woningen
optimaal gebruik van de capaciteit van de bodem
aanzien van waterberging. De ambitie is om zo veel
plaatsvindt is dat alleen door bijvoorbeeld Warmte
om om neerslag lokaal in de bodem vast te
mogelijk waterneutraal te ontwikkelen.
Koude Opslag (WKO) systemen.
houden.
Geen airco's in nieuwbouw - We zetten vol in op vergroening en passieve koeling van woningen (zie
2.
3.
We realiseren ons dat het waterbergend vermogen
Natuurlijke afwatering - In het gebied is natuurlijke
4.3. Wateroverlast
verschillend is per locatie en afhankelijk van
en oppervlakkige afwatering zoveel mogelijk aanwezig.
Uitgangspunten:
bodemeigenschappen. In de -voornamelijk-
Bij nieuwbouw ontwikkelen we hiervoor specifieke
* We houden rekening met een bui intensiteit die eens
kleibodem in Flevoland met hoge grondwaterstand
eisen per plangebied. Het waterpeil in sloten mag
is deze berging mogelijk beperkt. Als derde stap
fluctueren om zo een bufferend vermogen te hebben
van 2050 om het goed kunnen verwerken van een
houden we het water zo lang mogelijk vast in
bij piekbuien.
kortdurende bui van 70 mm/uur. Deze bui zorgt niet
waterbergende voorzieningen enin het oppervlakte
voor schade in en aan gebouwen, infrastructuur en
water. Binnenstedelijk maken we bij piekbuien
Waterdiepte - We bouwen minimaal 20 cm boven
voorzieningen.
gebruik van het bufferend vermogen van de
het nieuw maaiveld in het opgehoogde stedelijk
watergangen. Het waterpeil neemt dan, binnen
gebied. Bij een waterdiepte van 20 cm op dit maaiveld5
een hydrologisch plangebied, toe.
mag er geen schade optreden aan gebouwen en
in de 100 jaar plaatsvindt. Dit vraagt bij het klimaat
* Waar mogelijk, bijvoorbeeld bij nieuwbouw, realiseren we 90 mm/uur waterberging. Hiermee spelen we in op toekomstige behoeften.
4.
De laatste stap is afvoeren. Bovengronds afvoeren (in stedelijk gebied met grachten) heeft hierbij de voorkeur.
20
5
Wij houden de waterdiepte op het maaiveld aan, omdat deze
in Flevoland vaak lager ligt dan de rijbaan. De waterdiepte op het maaiveld is daarom meer direct indicatief voor het risico op schade.
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
elektrische installaties in de openbare ruimte, hoofd
Hoe geven we daar invulling aan?
Bodemdaling door zetting7 - Gebiedsspecifiek
wegen blijven begaanbaar en de veiligheidsdiensten
Hergebruiken, vasthouden - Het beter vasthouden
worden een restzettingseis en bijbehorende maat
kunnen veilig rijden.
van water biedt ook een oplossing voor droogte
regelenset tegen bodemdaling gekozen die over de
problematiek. Daarnaast zetten we in op het (her)
levensduur van zestig jaar maatschappelijk het meest
Hydrologisch neutraal ontwikkelen - De ontwikkeling
gebruiken van het water6, we gaan niet alleen regen
kosteneffectief zijn voor openbaar en privaat terrein.
leidt niet tot extra aan- of afvoer van water. Hemel
water slim gebruiken in de tuin en het huishouden,
water wordt zoveel mogelijk vastgehouden, in de
maar ook grijs water hergebruiken. Bij nieuwbouw is
bodem gebracht en hergebruikt in het plangebied.
hergebruik van water, zuinig gebruik van drinkwater en
met de inrichting van het plangebied met de inklinking
Afspraken over de ledigingseisen worden gebieds-
verbeteren waterkwaliteit onderdeel van het ontwerp.
van de voormalige bodem van het Ijsselmeer (vanwege
pecifiek bepaald.
Bodemdaling door inklinking - We houden rekening
het inpolderen). Passende beplanting - We maken klimaatadaptieve
4.4. Droogte en bodemdaling
beplantingskeuzes in het openbaar gebied. We kiezen
Bodemdaling door veenoxidatie - Gebiedsspecifiek
Uitgangspunten:
hierbij voor planten die beter bestand zijn in het
worden ontwerppeilen afgestemd op de verwachte
* Bij langdurige droogte (potentieel maximaal neer-
nieuwe klimaat en beter tegen droogte kunnen.
hoge en lage (grond)waterstanden om verdere
slagtekort 300 mm, eens per 10 jaar) wordt schade
Daarbij kiezen we voor passende maatregelen in
inklinking van de bodem door veenoxidatie te voorkomen.
aan bebouwing, wegen, groen beperkt. Langdurige
en voor de standplaats
droogte leidt niet tot schade aan gebouwen, infra structuur of andere belangrijke fysieke elementen.
Waterbesparing - We stimuleren inwoners om
Regenwater en grijs water wordt zoveel mogelijk
waterbesparende maatregelen te treffen op eigen
(her)gebruikt.
terrein, waaronder de opvang en het gebruik van
* Schade door bodemdaling en inklinking blijft beperkt
regenwater.
* Bodemdaling van gebouwd gebied en de gevolgen ervan blijven beheersbaar en betaalbaar * De draagkracht van de bodem is mede sturend bij de keuze voor functie en inrichting van het gebied.
Droogtebestendige inrichting - Bij nieuwbouw zijn de verwachte grondwaterstanden en de zoetwaterbeschikbaarheid tijdens droogte sturend voor de inrichting van het plangebied. Ook in de gebruiksfase stimuleren we minimale grondwateronttrekkingen en gebruik van regenwater.
6
Op landelijk niveau wordt er ook gewerkt aan nieuwe wetgeving.
De nieuwe waterwet biedt mogelijkheden om waterberging te
21
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
stimuleren op privaat terrein en is daarmee een waardevol sturings
7
instrument om succesvol uitvoering te geven aan deze stap in onze
gewicht van gebouwen en infrastructuur de bodem samendrukt
Onder zetting in steden verstaan wij het proces waarmee het
strategie.
waardoor daar de grond zakt.
4.5. Natuurinclusief en Biodiversiteit
Natuurinclusief - In een natuurinclusieve samenleving
Uitgangspunten:
worden natuurwaarden vergroot en wordt de positieve
4.6. Overstromingsrisico's en Buitendijkse Gebieden
kracht van natuur benut. Met onze activiteiten dragen
Uitgangspunten
we actief bij aan het versterken van natuurwaarden.
* Overstromingsrisico's hebben voor het overgrote
* Groenblauwe structuren en de gebiedseigen biodiversiteit worden versterkt. * Natuur is kaderstellend en randvoorwaardelijk.
We realiseren een goede basiskwaliteit van onze
deel van Flevoland enkel met de primaire keringen
* Ecologische, natuur-gebaseerde oplossingen
natuur, niet alleen in de natuurgebieden, maar overal:
te maken. Daarbij worden buitendijkse gebieden
hebben de voorkeur boven 'technische' oplossingen
het openbaar groen, tuinen, bermen etc. We kiezen
beschermd door regionale keringen. Daarmee ligt
('groen, tenzij...').
voor 'Nature based solutions': oplossingen die de
de relatie tussen overstromingsrisico's en klimaat-
natuur van zichzelf biedt. Bijvoorbeeld de koelende
adaptatie in Flevoland anders dan in andere delen
werking van bomen om hitte in de stad tegen te gaan.
van Nederland. Het thema versterking van keringen is
Hoe geven we daar invulling aan? Groenblauwe structuren - Het horizontale en verticale
geborgd in het Hoogwaterbeschermingsprogramma
oppervlak wordt in samenhang met de groenblauwe
Groene daken - Bij nieuwbouw en herstructurering
structuren en ecosystemen in de bredere omgeving
stimuleren we groene daken en gevels. Waar dat niet
ingericht (met minimaal 30% groen op buurtniveau,
mogelijk is wordt gebruik gemaakt van andere warmte
boomkroonoppervlak telt mee). De maatregelen
werende toepassingen.
in/op het gebouw sluiten aan op de maatregelen
en daarom niet ondergebracht als onderwerp van klimaatadaptatie in Flevoland. * Het veranderende klimaat, de toenemende inwoners aantallen en economische waarde van het gebied vragen in de toekomst versterkingen van de primaire
in de openbare ruimte. Hiermee wordt gezorgd
Habitat - Bij nieuwbouw of herstructurering creëert
voor een doorlopend ecologisch netwerk.
het plangebied, afhankelijk van de grootte, een hoog
keringen.
waardige habitat voor verschillende soorten. We
Hoe geven we daar invulling aan? Specifiek bij
Groen in openbare ruimte - We verbinden robuuste
specificeren een ambitie voor specifieke doelsoorten
nieuwbouw en herstructurering:
groenstructuren in de openbare ruimte zoveel moge
waar we prioriteit aan geven (zowel plant, vogel,
Ruimte langs primaire keringen - Bij toekomstige
lijk met andere groenstructuren, richting het buiten
zoogdier, amfibie als insect).
ruimtelijke ontwikkelingen rondom de primaire keringen
gebied, om zo koelte de stad of wijk in te trekken.
houden we rekening met mogelijke toekomstige
Deze groenstroken zijn ook plekken voor kinderen
versterkingen daarvan, door voldoende ruimte langs
om te spelen.
de keringen vrij te houden van (woning)bouw. Buitendijks - Bij toekomstige ontwikkelingen in de buitendijkse gebieden houden we rekening met de kosten om deze gebieden ook veilig en leefbaar te houden in het toekomstige klimaat, en toekomstige peilbesluiten waarbij het IJsselmeerpeil nog verder zal kunnen fluctueren. Ook houden we rekening met voldoende ruimte voor waterberging in perioden van extreme neerslag en -wateraanvoer en voldoende beschikbaar water in tijden van droogte.
22
Regionale Adaptatiestrategie Flevoland
5 Typitige Vitale en-Kwetsbare Functies,
Sommige processen en functies zijn zo belangrijk dat ze bij uitval tot maatschappelijke ontwrichting en grote schade leiden; elektriciteit, drinkwater en infrastructuur (wegen, leidingen), maar ook zorg voorzieningen. Deze functies zijn en blijven veilig en bestand tegen extreme piekbuien, hitte en droogte.