D04 01 Bijlage bij Nota - Gebiedsvisie Waterloopbos eo.pdf
Tekst van het document
Nota bene: In de Gebiedsvisie wordt voorgesteld om de ‘bestemmingen hoogwaardige onderzoeks- en ontwikkeldoeleinden’ opnieuw af te wegen. Het advies is om
deze bestemming aan de zuidzijde van de Voorsterweg waar mogelijk op te heffen. Sinds geruime tijd wordt hier immers al geen invulling meer aangegeven aan deze bestemming.
51 BELEIDSKADERS
omgevingsinformatie en de marktvooruitzichten zijn dan ook positief zijn. Oplossingen voor internationale problematiek, zoals de opwarming van de aarde, kunnen niet zonder waarnemingen van de gevolgen van klimaatverandering. Voorwaarde hiervoor is dat innovatieve ontwikkelingen optimaal gestimuleerd worden en de goede propositie behouden blijft. Dat betekent: ruimte bieden voor bedrijven die het cluster versterken en verstevigen.
BELEIDSKADERS
52
NNN
NNN
BELEIDSKADERS
53
Ecologische verbindingen (Structuurvisie 2025) Behouden en versterken bestaand bos
Ecologische hoofdstructuur - verbinding
Realiseren natuurvriendelijke oevers
Te verdichten zone / combinatie met natuurontwikkeling mogelijk
Natura 2000 Overige gebieden ecologische hoofdstructuur
Natuurontwikkeling
BELEIDSKADERS
54
Natuurbeheer N04.021 Zoete plas
N11.01 Droog schraalgrasland
N14.03 Haagbeuken- en essenbos
N05.01 Moeras
N12.02 Kruiden- en faunarijk grasland
N15.02 Dennen-, eiken-, en beukenbos
N05.02 Gemaaid rietland
N12.03 Glanshaverhooiland
N17.03 Park- en stinzenbos
N10.01 Nat schraalland
N13.01 Vochtig weidevogelgrasland
A02.01 Botanisch waardevol grasland
N10.02 Vochtig hooiland
N14.01 Rivier- en beekbegeleidend bos
A02.01 Botanisch waardevol akkerland L01.02 Houtwal en houtsingel
BELEIDSKADERS
55
Eigendom Stichting Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium
Liander
Natuurmonumenten in eigendom en langdurige pacht
Agrico
De Staat (Rijksvastgoedbedrijf)
Zweefvliegclub
Provincie Flevoland
Ontwikkelaar
Gemeente Noordoostpolder
Particulieren
Waterschap Zuiderzeeland
BELEIDSKADERS
56
Open ruimte tussen het Wendelbos en de Vollenhoverweg
BELEIDSKADERS
57
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
58
In dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste ruimtelijke identiteitsdragers van het gebied op een rij. We gebruiken hierbij een methode die is ontwikkeld door Kevin Lynch (Image of the City, 1960). De methode is gebaseerd op hoe waarnemers informatie over hun omgeving opnemen en gebruiken om mentale kaarten te maken. Wij hebben deze methode naar onze eigen inzichten vertaald en toegepast op het Waterloopbos en Omgeving. Onder het kopje ‘Gebieden en sferen’ beschrijven we ook het ruimtegebruik in het gebied. • • • • • •
Gebieden en sferen Entree ’s, knooppunten en landmarks De lange lijnen Randen Zichtlijnen Karakteristieke open ruimten
Deze typering leent zich ook goed als kapstok om in het vervolg van het proces met voorstellen te komen voor versterking.
59 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
4
Ruimtelijke kwaliteiten
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
60
Gebieden en sferen Waterloopbos
Kadoelerbos
Voorsterbos
Zweefvliegveld
Wendelbos
Agrarische proefvelden
Netl recreatiegebied
Braakliggende grond
MITC / NLR / DNW
Polderlandschap
GEBIEDEN EN SFEREN Ten noorden van het Waterloopbos is een gebied met technologische hoogwaardige bedrijvigheid. Het ligt fraai ingebed in bossingels die landschapskamers vormen. Hier ligt het terrein van de NLR met het kantoor, onderzoekslab, testvelden en het complex van de DNW. Er worden hier plannen ontwikkeld voor de testfaciliteiten van de RDW en het MITC. Dit staat voor Multimodaal Infrastructuur Test en Certificatie Centrum op het gebied van mobiliteit, infrastructuur en luchtvaart. De combinatie van al deze functies manifesteert zich nu en zeker straks als een high tech campus.
NETL
61 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
Wendelbos
Boslandschap. Dit bestaat uit verschillende sferen: • Het Waterloopbos: gesloten bos met de schaalmodellen van het Waterloopkundig Laboratorium. dus ook veel ‘stromend’ water. Het Waterloopbos is ecologisch zeer waardevol en cultuurhistorisch uniek in de wereld. Het markeert een belangrijke periode in de geschiedenis van Nederland als waterbouwkundige natie. Het gebied krijgt steeds meer bekendheid en trekt daardoor ook steeds meer toeristen. • Het Voorsterbos: gesloten bos, met ten zuiden van de Zwolse Vaart plaatselijk verblijfsrecreatie. Hier liggen onder meer het recreatiegebied NETL en Camping De Voorst. In het bos liggen ook enkele jachthavens. • Het Wendelbos: jonger bos met veel open ruimten, waar de natuur verder invulling aan kan geven. • Netl recreatiegebied: halfopen boslandschap met avontuurlijk recreatie programma. • Het langgerekte Kadoelerbos, dat zich uitstrekt langs het Vollenhoverkanaal en Kadoelermeer.
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
62
Entree's, knooppunten en landmarks Poort Noordoostpolder
Ir W.A. Bosmanhoeve
Entree Waterloopbos
Gebouw Dyntes Tech Park
Voorstersluis en jachtwerf
Kantoor Nederlands Lucht- en ruimtevaart centrum
Entree Kraggenburg
Gebouw German Dutch Windtunnels
Entree Wendelbos
Voormalig kantoor Waterloopbos en inlaatduiker
•
•
•
Zweefvliegveld is een langgerekte open ruimte in het groen, die diagonaal over de verkaveling van de polder is geprojecteerd. Enclave van agrarische proefvelden aan weerszijden van de Voorsterweg, ter hoogte van proefbedrijf Ir W.A. Bosmanhoeve en Agrico (zuidzijde). Wijds agrarisch polderlandschap met de boerenerven als eilanden in de open ruimte.
ENTREE'S, KNOOPPUNTEN EN LANDMARKS De gebiedsidentiteit wordt ook bepaald door knooppunten, rotondes, kruisingen, entrees, markante plekken en karakteristieke/onderscheidende gebouwen.
Boerderij Ir. W.A. Bosmanhoeve
2.
3. 4.
5. 6.
7.
8. Dyntes Tech Park, het voormalig kantoor Waterbouwkundig laboratorium. Wordt herontwikkeld tot Hotel.
9.
De brug over het Vollenhoverkanaal en de rotonde is één van de poorten naar de Noordoostpolder. Deze plek markeert de overgang van het oude land naar het nieuwe land en vise versa. De entree Voorsterweg, inlaatduiker en ontvangstkom aan het Vollenhoverkanaal zijn de hoofdentree van het Waterloopbos. De Voorstersluis is een markante plek, met Jachthaven jachtwerf de Voorst De rotonde bij Kraggenburg: zicht op de entree en rand van het dorp, zicht over de Leemvaart diep het bos in. Jachthaven Kraggenburg en IJsbaan. Entree Wendelbos, kruising Voorsterweg en Voorstertocht. Ir W.A. Bosmanhoeve aan de Voorsterweg. Het proefbedrijf is opgezet met als doel de landbouwkundige mogelijkheden van een mariene zandgrond te onderzoeken. Gebouw Dyntes, het voormalig hoofdkantoor/lab van het Waterloopkundig laboratorium. Het kantoor van de Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). Gebouw German-Dutch Wind Tunnels.
63 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
1.
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
64
Lange lijnen - wegen Provinciale wegen
Overige wegen
Laanbomen
Marknesse - Vollenhove
Voorsterweg - Asfalt
Eik
Marknesse - Kraggenburg
Voorsterweg - Klinkers
Beuk
Urk - Kraggenburg
Lokale weg
Es
Fietspad
Sierpeer Bosrand
DE LANGE LIJNEN - WEGEN De wegen zijn zeer belangrijke lijnvormige identiteitsdragers in het studiegebied. De wegen hebben ieder een verschillende functie, profiel en een eigen karakter:
•
•
Vollenhoverweg
•
Voorsterweg west - klinkers
N331: Vollenhoverweg: provinciale weg. Verbindt Marknesse met Vollenhove en Zwartsluis. Weg door de polder met vrij liggend fietspad. Loopt deels langs de bossingel van het MITC. De Voorsterweg is een relatief smalle plattelandsweg. Verbindt Marknesse met de Repelweg. Loopt deels door de polder en deels door het bos. Vanaf Marknesse is de weg bestraat met klinkers. Iets voor de bocht ter hoogte van het Zweefvliegveld is de weg verder geasfalteerd. N352: In het studiegebied Repelweg/ Kadoelerweg/ Kraggenburgerweg: provinciale weg met vrij liggend fietspad. De N352 begint in Urk, en buigt dan richting het oosten en is vormgegeven als een 1x2 gebiedsontsluitingsweg. De aansluiting met de A6 is een kluifrotonde, waarna de N352 oostwaarts door de zuidelijke Noordoostpolder loopt. De weg loopt langs het dorpje Nagele, en het voormalig eiland Schokland is een duidelijk waarneembare verheffing in het verder zeer vlakke landschap. Via een ongelijkvloerse aansluiting kruist men de N50 bij Ens. Hierna loopt de N352 door Ens naar Kraggenburg. Het deel traject bij Marknesse is dichtbebost en voor Vollenhove volgt een opvallende enkelstrooks sluis, die met verkeerslichten geregeld wordt. Ten westen van Vollenhove eindigt de N352 op een rotonde met de N331, de secundaire route tussen Zwolle en Emmeloord. N719: Leemringweg: provinciale weg met vrij liggend fietspad.
Vormt de verbinding tussen het dorpje Kraggenburg en Marknesse. Volgt de zuidrand van het Voorsterbos.
65 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
•
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
66
Lange lijnen - waterwegen Zwolse Vaart en Leemvaart Blokzijlertocht Voorstertocht Leemtocht en Paardentocht
DE LANGE LIJNEN - WATERWEGEN De belangrijkste watergangen zijn ook lijnvormige identiteitsdragers, maar weer op een geheel eigen manier.
•
•
Zwolse Vaart
Voorstertocht
De Leemvaart en de Zwolse Vaart zijn brede en bevaarbare watergangen, ingesneden in het landschap. Omdat ze in het studiegebied in het bos liggen levert dat een heel karakteristiek beeld op. De leemvaart onderscheidt zich met een lichte slinger van de kaarsrechte Zwolse Vaart. De Blokzijlertocht is een belangrijke ader in het watersysteem van de polder. Het ontwaterd de landbouwpercelen ten noorden van de Vollenhoverweg. De Blokzijlertocht watert af op de Voorstertocht. De Voorstertocht is eveneens een belangrijke ader in het watersysteem van de polder. Deels is de tocht aan weerszijden beplant. Dat geeft een krachtig beeld. Deels vormt het de begrenzing van Wendelbos en ligt de tocht op overgang van het bos en het akkerland.
67 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
•
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
68
Randen Vollenhoverkanaal Boskamers Overige bosrand Overgangen bos naar polder Overgang bos naar open water
RANDEN •
•
•
69 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
Bosrand voor Vollenhoverkanaal
Het Vollenhoverkanaal als verwijzing naar de Zuiderzee en de kustlijn van het oude land. De bosranden op de overgang van het gesloten bos naar het open polderlandschap De bosranden in het bos die kamers vormen.
Overgang bos naar polder
RUIMTELIJKE KWALITEITEN
70
Zichtlijnen 1.
Karakteristiek NOP kavel
6.
Zwolse Vaart in het bos
2.
Karakteristiek NOP kavel
7.
Zwolse Vaart in het landbouwgebied
3.
Zweefvliegveld
8.
Panorama over het landbouwgebied
4.
Leemvaart
9.
Panorama over het Vollenhoverkanaal
5.
Zwolse Vaart
ZICHTLIJNEN
2.
3. 4. 5. 6.
7.
Zichtlijn 1 Poldermaat: 300x800m
8. 9.
Zichtlijn 4 Leemvaart
Vanaf de Voorsterweg richting de Zwolse Vaart op de locatie waar ooit de Oosterscheldehallen stonden (je ervaart in het besloten gebied een keer de maat van de karakteristiek NOP kavel). Idem vanaf de Voorsterweg richting de beplantte Voorstertocht : zicht over de landbouwproefvelden. Diagonale zichtlijn over het Zweefvliegveld. Vanaf Kraggenburg over de Leemvaart het bos in. Vanaf de Repelweg ter hoogte van de Voorstersluis over de Zwolse Vaart. 2 kilometer lange zichtlijn over de Zwolse Vaart dat eindigt bij de knik in de vaart in het bosgebied. 3,7 kilometer lange zichtlijn over de Zwolse Vaart richting Marknesse. Panorama vanaf het Voorsterbos, over het open landschap naar Marknesse. Panorama vanaf de dijk richting de voormalige kustlijn van de Zuiderzee. Met zicht op het Vollenhove.
71 RUIMTELIJKE KWALITEITEN
1.
BELEIDSKADERS
72
Open ruimte ter hoogte van de voormalige Oosterscheldehal
BELEIDSKADERS
73
RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
74
In dit hoofdstuk geven we een overzicht van de belangrijkste gebiedskwaliteiten van het Waterloopbos en omgeving. We doen dit op basis van de gebiedsanalyse en veldwaarnemingen, aangevuld met input uit de gebiedsateliers en enkele aanvullende gesprekken. Op basis hiervan schetsen we de eerste denkrichtingen/opgaven voor de gebiedsvisie.
75 RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
5
Ruimtelijke bouwstenen
WATERLOOPBOS
RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
76
Het Waterloopbos is een bijzondere functie in het gebied. Een treffende typering van de unieke kwaliteiten is te vinden in de flaptekst van het boek ‘Het Waterloopbos (Frans Bosscher red. 2019)’: “Aan de rand van de Noordoostpolder ligt een bos met een bijzonder verhaal: het Waterloopbos. Van 1954 tot 1996 was hier het Waterloopkundig Laboratorium gevestigd. Het lab ontwikkelde en testte honderden schaalmodellen: van de Oosterscheldekering in Zeeland tot de haven van Bangkok, van het splitsingspunt in de Rijn bij Westervoort tot de kust bij Thyborøn in Denemarken. Na de sluiting nam de natuur bezit van het terrein. Mossen, planten en bomen overwoekerden de modellen, de stuwen en andere onderdelen van het watersysteem. Tot Natuurmonumenten het terrein in 2002 in beheer kreeg en een begin maakte met het herstel. Inmiddels stroomt er weer water en trekt het bos veel bezoekers. Vanwege de buitengewone cultuurhistorie in de rijke natuur werd het in 2016 uitgeroepen tot Rijksmonument”. Natuurmonumenten is eigenaar en beheerder van het Waterloopbos. De opgave is in het kort: de cultuurhistorische en ecologische waarden in stand houden en ruimte bieden voor beleving. En dat op basis van een duurzame exploitatie. Om dat te realiseren werken Natuurmonumenten en de Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed samen aan het ‘Ontwikkelplan Waardevol Waterloopbos’.
Voor dit doel overleggen ze met de provincie Flevoland, de gemeente Noordoostpolder, omwonenden, deskundigen en ondernemers. Uiteindelijk moet het plan houvast bieden hoe met dit gebied om te gaan. In de jaren 50 mocht Het Waterloopkundig Laboratorium het bos gebruiken, maar alleen met respect voor de natuur. Die lijn wordt nu nog doorgezet. Het Waterloopbos is van mondiale betekenis. Natuurmonumenten streeft ernaar om het
bezoekersaantal van 70.000 te verhogen naar 150.000 per jaar. Hiervoor is ook een nieuw bezoekerscentrum ontwikkeld. In het Waterloopbos werd de basis gelegd voor grote waterbouwprojecten in Nederland en ver daarbuiten. Het vormt daarom een belangrijk deel van de ‘Nederlandse waterbouwgeschiedenis’. Het is belangrijk om dit goed te ontsluiten voor geïnteresseerden uit het binnen- en buitenland. De bijzondere entourage van het Waterloopbos leent zich bovendien voor kunstzinnige uitingen. Ruimtelijke bouwstenen • De gemeente Noordoostpolder en de provincie Flevoland mogen met recht trots op zijn dit gebied. Het vraagt om hoogwaardige voorzieningen om het verhaal van het Waterloopbos te kunnen vertellen en te beleven. • Het beheer van het Waterloopbos is ingewikkeld en moeilijk. Het vraagt van alle betrokkenen een grote toewijding en inzet. Alleen dan kan het gebied de bijzondere kwaliteiten ook in de toekomst behouden. • Het Waterloopbos en Omgeving is sterk verbonden met de wordingsgeschiedenis van de Noordoostpolder. Het waar mogelijk herkenbaar houden van deze geschiedenis is een belangrijk doel. • De toenemende bezoekersstroom vraagt om regulatie en verbeteren van de bereikbaarheid per auto en openbaar vervoer. Tevens zou voorkomen moeten worden dat de bewoners en andere gebruikers van het gebied hiervan overlast ondervinden.
RECREATIE, BOSSEN EN NATUUR Het Waterloopbos hangt samen met het Voorsterbos, Het Wendelbos en het Kadoelerbos. Samen vormen deze bossen een complex van bijna 1000ha. Een betere spreiding van de bezoekers in het Voorsterbos is gewenst, maar in de huidige situatie is het bos gefragmenteerd door het water. De weliswaar
fraaie Zwolse Vaart en ook de Leemvaart vormen forse barrières. Verbindingen in de vorm van pontjes of bruggen (met behoud van doorvaart) kunnen dit gebied veel aantrekkelijker maken en bezoekers meer bieden en spreiden. Met de komst van het pontje bij de Zwolse Vaart is de eerste stap gezet. Echter is het Zuidoostelijke bosgebied is daarmee nog niet aangesloten. Het zweefvliegveld is geïntegreerd aan de oostzijde van het Wendelbos. Deze recreatiesport is een bijzondere recreatieve voorziening. Langs de Leemringweg ligt het accent op recreatie met Recreatiepark De Voorst en Recreatiepark Netl. Zo zien we verschillende accenten in het bosgebied die via zonering nog versterkt zouden kunnen worden. De omwonenden zouden graag zien dat de oevers langs het Vollenhoverkanaal/ Kadoelermeer recreatief aantrekkelijker worden ingericht. Dat geldt ook voor de verbinding met Vollenhove voor wandelaars en fietsers. Ook de verbinding met het dorp Marknesse zou sterker kunnen. In eerdere plannen is gekeken naar een fiets/wandelverbinding langs de Zwolse Vaart. Het boscomplex is een belangrijke natuurkern in het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en staat in verbinding met ander natuurgebieden zoals de Wieden en de Weerribben in Overijssel. Met name de verbinding langs de Repelweg richting het Vollenhovermeer is fragiel.
Om deze verbinding te versterken is in de Structuurvisie Noordoostpolder (2025) natuurontwikkeling voorzien op een perceel van tussen de Vollenhoverweg en de Viswaterweg grenzend aan het meer. In het gebied is sprake van verdroging, mogelijk een gevolg van klimaatverandering. Verdroging kan schadelijk zijn voor de natuurwaarden.
MITC Het lijkt wel of de Voorst, de kaap in de voormalige kustlijn van de Zuiderzee, een grote aantrekkingskracht uitoefent op onderzoekers, modellen en testfaciliteiten. In de jaren vijftig kwam hier naast het Waterloopkundig Laboratorium een vestiging van het Nederlands Lucht- en Ruimtevaartcentrum (NLR). Later kwamen daar Duits-Nederlandse Windtunnel (DNW), het Nederlandse RPAS Test Centrum (NRTC) en het NLR Drone Center bij. Met de geplande komst van het testcentrum van de Rijksdienst voor het Wegverkeer (RDW) en het Mobiliteit en Infrastructuur Testcentrum (MITC) ontwikkelt het gebied zich verder. Het MITC biedt faciliteiten om in een veilige en afgeschermde omgeving de steeds slimmer wordende mobiliteit te testen, certificeren en
veilig te introduceren. MITC Marknesse wordt algemeen beschouwd als een kans om een nieuw innovatief cluster te ontwikkelen, dat als vliegwiel dient om de economie in de regio te versterken. Een specifieke aanpak gericht op samenwerking en krachtenbundeling tussen de relevante samenwerkingspartners van de regio en het Rijk leidt tot innovatie, nieuwe bedrijvigheid, (hoogwaardige) werkgelegenheid en oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen zoals mobiliteit. Met de landschappelijke inpassing van het MITC gaat het gehele complex ruimtelijk onderdeel uitmaken van het boscluster rondom het Waterloopbos. In deze beschutte en omzoomde ruimten ontstaat een goede ambiance voor de binnen het cluster samengebrachte functies. Het geheel krijgt de sfeer van een brainpark of tech campus. Ruimtelijke bouwstenen • Voor de succesvolle verdere ontwikkeling van het MITC als hoogwaardige kenniscluster is het belangrijk, enerzijds om alleen functies in de directe omgeving toe te staan die het hoogwaardige en technologische profiel verder versterken en anderzijds om daarbij niet passende functies te weren. • Het in ontwikkeling zijnde MITC biedt een uitgelezen kans voor samenwerking tussen bedrijven, kennisdeling en educatie. Dit biedt mogelijkheden om een breder publiek kennis te laten maken met de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van smart mobility, drones en luchtvaart.
• De fraai met boszomen ingepaste terreinen lenen zich goed voor een natuurinclusief beheer, zoals bloemrijke graslanden, natuurvriendelijke slootranden en stevige boomclusters. Dit versterkt de relatie met de bosrijke en natuurlijke omgeving. Bovendien liggen hier kansen voor een unieke samenwerking tussen de hoogwaardige bedrijven en Natuurmonumenten.
•
De groei van het hoogwaardige cluster bedrijven moet hand in hand gaan met een goede ontsluiting en bereikbaarheid met openbaar vervoer. Eventuele overlast voor bewoners en andere gebruikers moet zoveel mogelijk worden voorkomen.
DYNTES TECH PARK Het Dyntes Tech Park (DTP is gevestigd in het voormalig waterloopkundig laboratorium). Dit voormalige onderzoeksinstituut van het Waterloopkundig Laboratorium is een markant en modernistisch gebouw aan de Voorsterweg en is omgeven door water. Het gebouw is onlosmakelijk verbonden met de geschiedenis van het Waterloopbos. Het Dyntes Tech Park is een markante en beeldbepalende verschijning in het gebied. Het gebouw krijgt een nieuwe functie als hotel. De doelgroep voor het hotel is volgens de plannen tweeledig: enerzijds toeristen die bijvoorbeeld komen voor het Waterloopbos, Schokland, Urk en/of de Wieden-Weerribben en anderzijds zakelijke klanten van hoogwaardige instellingen zoals scheepswerf Royal Huisman, de NLR, en straks ook de RDW en het MITC. Ruimtelijke bouwstenen • De (inter)nationale bedrijven en instellingen die nu in het DTP zijn gevestigd hebben een sterke relatie met de NLR en DNW. Het is van groot belang om deze bedrijven op de huidige niche-locatie te behouden. Wellicht kunnen zij verhuizen naar de campus MITC (Zie ook de intergemeentelijke Visie werklocaties Noordelijk Flevoland, 2017)) • Een hotel in het gebouw van het Dyntes Tech Park lijkt een waardevolle toevoeging aan zowel het economisch profiel als het toeristisch profiel van het Waterloopbos en omgeving. Mits aan alle planologische randvoorwaarden kan worden voldaan.
• Het hotel met bijbehorende voorzieningen
77 RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
Ruimtelijke bouwstenen • De samenhang van het bosensemble kan worden versterkt door verbindingen over de vaarten te maken met bruggen of pontjes. Vanzelfsprekend moet hierbij rekening worden gehouden met de recreatietoervaart. Met betere verbindingen tussen de verschillende bosdelen kunnen bezoekers meerdere routes kiezen, langere wandelingen maken en zich beter verdelen over het gebied. Ook de bewoners van Kraggenburg krijgen zo meer mogelijkheden. • De aanhechting van de dorpen Marknesse, Kraggenburg en ook Vollenhove zou in landschappelijk en recreatief opzicht moeten worden versterkt. • Natuurontwikkeling langs het Vollenhoverkanaal is belangrijk om de verbinding tussen de NNN de polder en die op het oude land te kunnen leggen. • Verdroging is een belangrijk aandachtspunt. In nauw overleg met Waterschap Zuiderzeeland moeten hiervoor oplossingen worden bedacht.
•
•
als horeca en vergaderfaciliteiten kan een verbindend scharnier gaan vormen tussen de bedrijven en het toerisme in het gebied. Het iconische gebouw blijft daarmee behouden. Om van dit concept een succes te maken moet het een hotel wat betreft niveau en uitstraling goed aansluiten bij de bedrijven en de bijzondere natuur en cultureel erfgoed van het Waterloopbos. Het is belangrijk dat de gemeente en ontwikkelaar hierover duidelijke afspraken maken. Hoogwaardige landschappelijk inpassing, terreininrichting en aansluiting op de omgeving zijn daarbij ontzettend belangrijk.
ZONNEWEIDEN
RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
78
Op het NLR terrein worden op thans niet gebruikte gronden zonneweiden ontwikkeld. De zonneweiden zorgen voor een duurzame energievoorziening voor functies die een grote energievraag kennen. Er is dus een directe en functionele koppeling. De zonneweiden zijn bovendien niet zichtbaar vanaf de openbare weg. De zonneweiden passen in het ‘Gebiedsgericht beleidskader voor zonneweiden. Zon in de polder (Gemeente Noordoostpolder, 2019)’. In het Waterloopbos, op de locatie van de voormalige Oosterscheldehal, is ook een aanvraag voor een zonneweide gedaan. Dit initiatief past in principe ook in ‘Gebiedsgericht beleidskader voor zonneweiden. Zon in de polder (Gemeente Noordoostpolder, 2019)’, maar past minder goed in het profiel van het Waterloopbos. Ruimtelijke bouwstenen • Zonneweiden passen bij de terreininrichting van het hoogwaardige bedrijvencluster. Er bestaat een logisch en duurzaam verband tussen energieopwek en energiegebruik op locatie. • De geplande zonneweide in het
•
Waterloopbos past in het beleid. Echter, op de lange termijn is het wenselijk om dit beleid te herzien en te onderzoeken of dit gebied een bestemming kan krijgen die past binnen het natuurlijke karakter van dit gebied. Zonneweiden dienen in alle situaties zorgvuldig te worden ingepast in het landschap en natuur.
ZONERING In het gebied tekent zich een interessante zonering af. In het noordelijk deel tussen de Vollenhoverweg en Voorsterweg zien we het cluster van hoogwaardige bedrijven. In het deel zuidwestelijk van de Zwolse Vaart, ten noorden van het dorp Kraggenburg ligt het accent op (verblijfs-)recreatie. Daartussen bevinden zich de meer natuurlijke delen van het Voorsterbos, Wendelbos en Kadoelerbos met als hoogtepunt het bijzondere cultureel erfgoed Waterloopbos. De open ruimte, bestemd als hoogwaardig bedrijventerrein, tussen het Voorsterbos en ten noordwesten van het Waterloopbos vormt nu een onderbreking in de doorgaande bosstructuur. Bos is en blijft het alles omvattende en integrerende thema van het gebied. Ruimtelijke bouwstenen • De Gebiedsvisie dient een heldere zonering van het gebied op te leveren voor de lange termijn. • De uiteindelijke zonering zal de huidige zonering moeten versterken. BEREIKBAARHEID EN ENTREES Alle verkeersaantrekkende functies zijn nu ontsloten op de Voorsterweg. De weg is niet berekend op druk verkeer, en zeker niet het deel met klinkers tussen het zweefvliegveld en Marknesse. Het feit dat het Waterloopbos in de toekomst meer bezoekers gaat trekken en de komst van de RDW en MITC met bijbehorende verkeersbewegingen, vraagt om
robuuste oplossingen. Deze oplossingen moeten de huidige kwaliteiten van het gebied respecteren en overlast voor omwonenden en gebruikers voorkomen. In principe is het gebied goed ontsloten door provinciale wegen met vrij liggende fietspaden. Toch maakt veel verkeer gebruik van de Voorsterweg. Zowel het Waterloopbos als de NLR hebben hier hun entree. Er bestaan plannen om de entree van het verder te ontwikkelen hoogwaardige bedrijvengebied aan de Repelweg te maken, aan de noordzijde van de Voorstertocht. De huidige entree bij het NLR kan dan komen te vervallen of worden afgewaardeerd. De entree van het Waterloopbos zal gebruik blijven maken van de Voorsterweg en Repelweg. Het overige deel van de Voorsterweg kan dan verkeersluw worden gemaakt. De ruimtelijke kwaliteit en de herkenbaarheid van het gebied kunnen worden versterkt door het gebied een aantal duidelijke entrees te geven. Hierbij valt te denken drie herkenbare entrees aan de Repelweg op 800m afstand van elkaar: • Entree Waterloopbos bij de t-splitsing Repelweg en Voorsterweg; • Entree hoogwaardige bedrijvencluster aan de Repelweg ter hoogte van de Voorstertocht; • Ook de entree van de Noordoostpolder via Vollenhove kan een bijdrage leveren aan de herkenbaarheid en de identiteit van het gebied. • Vanuit het perspectief van het water vormt de Voorstersluis een poort tussen de polder en het oude land.
Voor de ontwikkeling van het gebied is het verbeteren van de bereikbaarheid en het versterken van de gebiedsentrees een grote kans. Dit is een inrichtingsopgave die ook sterk samenhangt met de Repelweg en de relatie ter plekke met het water.
Ruimtelijke bouwstenen • Verbeteren entree Waterloopbos bij de t-splitsing Repelweg en Voorsterweg • Creëren herkenbare entree MITC aan de Repelweg ter hoogte van de Voorstertocht. • Verkeersluw maken van de Voorsterweg. • Door het gebied duidelijke en herkenbare entrees te geven kan het gebied veel aan kwaliteit winnen. Het hele gebied is iets om trots op te zijn. Het is aanbevelingswaardig om dit meer zichtbaar te maken.
RUIMTELIJKE BOUWSTENEN
79
Bossingel tussen de Voorstertocht en de Vollenhoverweg
82
Gebiedsvisie
Waterloopbos en omgeving Fase 2
83
OPBOUW VISIE
84
OOGST GEBIEDSPROCES In 2020 en 2021 zijn verschillende ronden bijeenkomsten georganiseerd waarin afwisselend met omwonenden en overheden/bedrijven is gesproken over het gebied. Als methode zijn hiervoor SWOT-analyses gebruikt. Ook zijn er, waar nodig, bilaterale gesprekken gevoerd over specifieke onderwerpen. De uitkomsten van dit proces hebben in belangrijke mate bijgedragen aan de gebiedsvisie. Deze uitkomsten vormen de ruimtelijke bouwstenen voor de visie. In het rapport Gebiedsvisie Waterloopbos Fase 1 zijn deze vastgelegd. Dit rapport is gedeeld en vastgesteld door de gemeenteraad. De belangrijkste punten die het gebiedsproces naar voren zijn gekomen zijn: • Eenieder is zich bewust van de bijzondere historie (Rijksmonument Waterloopbos) en groene kwaliteiten van het gebied. Daarom geven we in de Gebiedsvisie duidelijk aan wat deze kwaliteiten zijn en welke ontwikkelingen wel en niet gewenst zijn. Nieuwe ontwikkelingen dienen het
•
•
•
karakter en het profiel van het gebied verder te versterken. De ontwikkeling van het MITC wordt gezien als een versterking en verbreding van de economie en werkgelegenheid in de Noordoostpolder. Een robuuste landschappelijke inpassing wordt wel als noodzakelijk gezien. De voorgenomen verplaatsing van de hoofdentree naar de Repelweg ontlast de Voorsterweg. De omwonenden maken zich zorgen over het toenemend aantal bezoekers van het Waterloopbos. Dit betekent dat de toestroom van verkeer (en mogelijk parkeren) in goede banen moet worden geleid (via Repelweg) en dat de verkeerssituatie op de Voorsterweg wat betreft drukte en verkeersveiligheid moet worden verbeterd. Men wenst een betere spreiding van recreanten over het gebied. Er ligt een prachtig netwerk voor wandelaars en fietsers, maar de Zwolse Vaart en Leemvaart vormen nu niet over te steken barrières. Er komt
85 OPBOUW VISIE
6
Opbouw visie
OPBOUW VISIE
86
Rechts het inlaatpunt van het Waterloopbos
•
•
•
ORDENINGSPRINCIPES De gebiedsvisie is erop gericht de kwaliteiten van het gebied te duiden en optimaal door te ontwikkelen. Daarvoor zijn volgende ordeningsprincipes opgesteld: • Het bosrijke karakter, met z’n verschillende boskamers, willen we zoveel mogelijk handhaven en verder versterken. • Het bijzondere watersysteem, met
•
•
•
stromend water, is een ‘unique selling point’. Dit willen we maar mogelijk op een duurzame manier inzetten. Het onderliggende polderlandschap is uniek in de wereld. Dit willen we zo goed mogelijk zichtbaar houden en gebruiken. Functioneel zijn er twee dominante ruimtelijke functies: dit zijn enerzijds bos, natuur en recreatie en anderzijds hoogwaardige onderzoeks- en ontwikkeldoeleinden. Deze functies willen we in onderlinge samenhang en qua zonering versterken. Nieuwe functies en ontwikkelingsmogelijkheden in het huidige bestemmingsplan, die dit profiel niet verder versterken, zijn niet gewenst. Een belangrijke uitkomst van de visie is dat de Voorsterweg de scheiding wordt tussen “techbedrijven” in het bosgebied aan de noordzijde en natuur en recreatie als dominante functies in het bosgebied aan de zuidzijde. De kwaliteiten van het gebied kunnen nog beter herkenbaar en vindbaar worden gemaakt. Duidelijke en fraai vormgegeven entrees aan de Repelweg voor zowel het Waterloopbos als het MITC spelen daarin een belangrijke rol. Dit is ook de basis voor goede en herkenbare verbindingen voor auto’s (parkeerplaatsen), maar ook wandelaars en fietsers.
OPBOUW VISIE De Gebiedsvisie is verder uitgewerkt op drie niveaus: • De zonering geeft aan wat een passende invulling is van deze zone op basis van de ordeningsprincipes in deze Gebiedsvisie. • Netwerken geeft aan welke verbindingen voor auto, fiets- en wandelaars belangrijk zijn in het gebied en laat zien welke verbeteringen en aanvullingen gewenst zijn. • Inrichtingsopgaven geven voor een bepaald aantal zones verdere uitwerking aan de visie, met concrete maar vanzelfsprekend nu nog indicatieve ontwerpvoorstellen.
87 OPBOUW VISIE
•
een trekpont iets ten noordwesten van de t-splitsing van Zwolse Vaart en Leemvaart. Dit zal al zorgen voor een betere verknoping van het netwerk. Gasten van Camping De Voorst en NETL kunnen dan ook het Waterloopbos en omgeving bereiken. Meer trekpontjes zouden het netwerk nog sterker kunnen maken. De oevers van het Vollenhoverkanaal worden als zeer aantrekkelijk gezien. Ze bieden een panoramisch zicht op het ‘oude land’ en het weidse water. Hier liggen ook het inlaatpunt van het Waterloopbos, het Rijksmonument Gemaal de Smeenge en de Voorstersluis. De omwonenden zouden graag dat deze kwaliteiten beter benut kunnen worden. Het gebied is slecht toegankelijk. De plannen voor een hotel in het voormalige kantoor van het Waterloopkundig Laboratorium, thans Dyntes Techpark, worden als een positieve ontwikkeling gezien. Het hotel kan zowel een plek bieden aan toeristen als zakelijke bezoekers van het MITC. Hoewel passend in het huidige beleid van de gemeente, is in de SWOT-analyses naar voren gekomen dat de plannen voor een grote zonneweide op het voormalige terrein van de Oosterscheldehal voor de toekomstige ontwikkeling van het gebied als niet passend en ongewenst worden gezien. Marknesse zou op korte termijn beter recreatief verbonden kunnen worden met het bosgebied.
ZONERING OP HOOFDLIJNEN
88
Het Waterloopbos en omgeving bestaat uit verschillende deelgebieden met elk een eigen karakter. Meer dan 1000 ha bos vormt de ruggengraat van het gebied. In 2012 heeft Natuurmonumenten, beheerder van het Voorsterbos (verzamelnaam voor alle bossen in dit gebeid), samen met vertegenwoordigers uit Kraggenburg, Ens, Marknesse en Vollenhove intensief nagedacht over de toekomst van het gebied. Toekomstbeeld Voorsterbos. Hieraan lagen meer dan 160 ideeën vanuit de dorpen ten grondslag. De centrale gedachte was: hoe kunnen omwonenden zoveel mogelijk van het bos genieten én kunnen we tegelijk de natuur ontwikkelen.
89 ZONERING OP HOOFDLIJNEN
7
Zonering op hoofdlijnen
ZONERING OP HOOFDLIJNEN
90
Zonering Waterloopbos en Omgeving 1. Waterloopbos
7. Bos- en natuurgebied
2. Locatie voormalige Oosterscheldehal
8. Bos- en recreatiegebied
3. Dyntes Tech Park / LAB32
9. Zone tussen Marknesse - bosgebied
4. Landbouw proefvelden 5. MITC 6. Oever Vollenhoverkanaal
10. Zweefvliegveld
1. 2. 3.
Zonering op hoofdlijnen; Netwerken; Inrichtingsopgaven.
ZONERING OP HOOFDLIJNEN Het Waterloopbos en Omgeving bestaat uit verschillende deelgebieden met elk een eigen karakter. Meer dan 1000 ha bos vormt de ruggengraat van het gebied. 1. Het Rijksmonument Waterloopbos heeft daarin een bijzondere positie met het stromende water en de waterloopkundige modellen. De bijzondere cultuurhistorie trekt in toenemende mate bezoekers naar het gebied. Een nieuw bezoekerscentrum en een natuurspeelplaats OERRR spelen daarop in. Sturend in dit gebied is de Ontwikkelagenda Waardevol Waterloopbos 2016-2026 van Natuurmonumenten. 2. De locatie van de voormalige Oosterscheldehal is historisch verbonden met de geschiedenis van de Nederlandse waterbouw. Het terrein is in private handen. In principe is op deze locatie een zonneweide tijdelijk mogelijk (Zon in de Polder, Gemeente Noorsoostpolder, 2019). Wenselijk is een meer natuurlijke en recreatieve invulling van deze locatie. 3. Dyntus Techpark/LAB 32. Deze locatie krijgt een horeca bestemming. Het Dyntes gebouw wordt verbouwd tot hotel. Hiermee kan de bestemming hoogwaardige onderzoeks- en ontwikkeldoeleinden’ komen te vervallen. Dit geldt ook voor de kavel aan de westzijde van dit gebied. 4. Landbouwproefvelden. Dit terrein is in gebruik door en in eigendom van Agrico. Voor dit terrein is het voortzetten van een natuurlijke invulling en/of agrarisch gebruik (ook) passend. 5.
Het gebied dat ligt ten noordoosten van het bosgebied is het ontwikkelingsgebied
voor het MITC. Het Multimodaal Infrastructuur Testcentrum heeft een duidelijk functieprofiel. De toekomstige uitbreiding van het gebied wordt landschappelijk robuust begrensd en ingepast. 6. Oever Vollenhoverkanaal. Dit deel van het Waterloopbos is afgesneden van de rest van het Waterloopbos door de Repelweg en mede daardoor slecht toegankelijk. In deze Gebiedsvisie stellen we voor om dit gebied beter in te richten als recreatie- en natuurzone. Het inlaatpunt van het Waterloopbos maken we op deze manier toegankelijk en beleefbaar. Ook is het gewenst de oevers van het kanaal recreatief beter in te richten en te benutten. 7. Het grootste deel van het totale bosgebied heeft een natuurlijk en rustig karakter en kent een extensief recreatief gebruik, door met name wandelaars. Ten noorden van de Zwolse Vaart heeft dit gebied, net als het Waterloopbos, stromend water. Dit geeft het gebied extra ecologische betekenis en belevingswaarde. 8. Ten noorden van Kraggenburg liggen tussen de Leemringweg en de Zwolse Vaart recreatiegebied NETL en het Vakantiepark De Voorst. Hier ligt het accent op recreatie en is het gebruik intensiever. Nieuwe recreatieve functies zijn in deze zone in principe mogelijk. 9. Het gebied tussen Marknesse en het Wendelbos zien we als een zone waarin de recreatieve samenhang kan worden versterkt.
Hierbij sluiten we aan bij de Structuurvisie Noordoostpolder 2025 die het gebied heeft aangeduid als recreatief ontwikkelingsgebied. Landbouw blijft in dit deel de hoofdfunctie. 10. Zweefvliegveld. Deze functie blijft in de Gebiedsvisie ongewijzigd.
91 ZONERING OP HOOFDLIJNEN
De gebiedsvisie is verder uitgewerkt op drie niveaus:
ZONE MARKNESSE - BOSGEBIED - MITC
92
Zone Marknesse - bosgebied Bosstrook met fietspad langs Vogelvluchtperspectief van het Waterloopbos en omgeving Zwolse Vaart
ZONE MARKNESSE - BOSGEBIED - MITC
93
NETWERKEN
94
WEGVERBINDINGEN EN ENTREES N352 Repelweg De N352 is de zuidelijke rondweg van de Noordoostpolder en belangrijkste ontsluitingsweg voor het Waterloopbos en Omgeving. Aan het deel van de N352 dat bekend staat als de Repelweg liggen het Waterloopbos en het MITC. Beide belangrijke functies die nu onzichtbaar zijn. Het is gewenst hier duidelijke entrees te creëren, die zowel verkeersveilig zijn, als bijdragen aan de herkenbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Ook de bushaltes verdienen een betere situering en bereikbaarheid. Vanuit een breder perspectief is het belangrijk om deze weg niet alleen vanuit een verkeerstechnisch oogpunt te bekijken, maar ook vanuit de beleving van de bijzondere cultuurhistorische (zoals het Rijksmonument Waterloopbos en kenmerkende polderdorpen als het moderne Nagele en het traditionele Ens en Kraggenburg) en aardkundige attracties (voormalige eilanden Urk en Schokland en de Kaap De Voorst/Vollenhove). De dorpen en voormalige eilanden zijn allen historisch geografische of cultuurhistorische elementen. Samen vertellen ze een boeiend verhaal over de Noordoostpolder. Het beter zichtbaar maken
van het Waterloopbos en Kaap de Voorst aan deze route kan bijdragen aan de herkenbaarheid en ruimtelijke kwaliteit. Bij Schokland is in het wegprofiel een middenberm met kasseien aangelegd. Door ook bij de entree van het Waterloopbos/Voorsterweg deze kasseien toe te passen wordt de weg meer geïntegreerd in de omgeving. Deze ingreep draagt op een subtiele manier bij aan de herkenbaarheid van het gebied. Ter plaatse wordt het veiliger om de weg over te steken voor fietsers en wandelaars om bij de bushalte te komen. Aan de Repelweg komt ook de nieuwe entree van het MITC. Hier komen ook uitvoegstroken. De locatie van de entree bevindt zich direct noordelijk van de Voorstertocht en het inlaatwerk van de Voorstertocht ter plaatse. Aan de Repelweg liggen aan beide zijden bushaltes bij de aansluiting op de Voorsterweg en bij het buurtschap/toekomstige entree van het MITC. De bushaltes zijn zeer lastig te bereiken en zijn ook daardoor niet veilig. Als de Repelweg aangepast zou worden zouden de bushaltes daarin kunnen worden meegenomen.
95 NETWERKEN
8
Netwerken
NETWERKEN
96
Belangrijke wegverbindingen Erfgoedroute Downgraden Voorsterweg Wegennetwerk Versterken entree Waterloopbos Beoogde entree MITC
uit en zal automobilisten bevorderen rustig rijden. In de Noordoostpolder kwamen oorspronkelijk voornamelijk klinkerwegen voor. Nu zijn deze verdwenen. Het kan dus mede een cultuurhistorische overweging zijn om de Voorsterweg weer geheel in de klinkers te leggen. Tot slot is een afwaardering van de maximumsnelheid naar 60km per uur wenselijk. Dit is nu ook besloten in het kader van het Mobiliteitsplan van de gemeente.
nog geaccentueerd kunnen worden met grote zwerfkeien. Ook de overgang van asfalt naar klinkers draagt bij aan het entreegevoel.
Het is wenselijk om het Rijksmonument Waterloopbos duidelijker aan te kondigen bij de aansluiting Repelweg en Voorsterweg. Het bord Waterloopbos is slechts vanuit één rijrichting te zien en valt nauwelijks op. We stellen voor om met banners of vlaggen de aandacht te vestigen op het Waterloopbos. Het is immers een zeer bijzondere functie, die bovendien in de toekomst meer bezoekers zal gaan trekken. Het feit dat het Waterloopbos op Kaap de Voorst ligt, een uitloper van de stuwwal waarop ook Vollenhove is gelegen, zou
De ideeën voor de Repelweg betreffen meerdere stakeholders: provincie Flevoland, gemeente Noordoorstpolder, Waterschap Zuiderzeeland en Natuurmomumenten/ Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de stakeholders van het MITC. Het is daarom belangrijk om met deze partijen de wensen en haalbaarheid verder te verkennen. Downgraden Voorsterweg
Door de nieuwe entree van het MITC direct op de N352 (Repelweg) aan te sluiten neemt de verkeersdruk op de Voorsterweg af. Hierdoor ontstaat er ruimte om de Voorsterweg te downgraden naar een (recreatieve) ontsluitingsweg. We zien een kans om deze weg weer zijn oude herkenbare uitstraling te geven met gebakken klinkers. Deze bestrating ziet er fraai
97 NETWERKEN
Bovenstaande voorstellen hangen nauw samen met de ontwikkelingen rondom het Waterloopbos en de ontwikkeling van het MITC. In de Gebiedsvisie stellen we voor om het waterinlaatpunt bij het Vollenhoverkanaal en golfgoot ter plaatse sterker te betrekken bij het gebied. Nu komen geen tot weinig bezoekers van het Rijkmonument op deze plek en dat is jammer omdat hier zichtbaar is waar het stromende water in het Waterloopbos vandaan komt. Aanvullend willen we de potentiële recreatieve betekenis van het Vollenhoverkanaal ontwikkelen. Staande bij het inlaatpunt van het Waterloopbos op de ringdijk van de dieper gelegen Noordoostpolder ontvouwt zich een prachtig panorama over het water en op het oude land bij Vollenhove. In de visie worden voorstellen gedaan in de vorm van een fietspad op de dijk en een vlonder aan de oever van het water. Ook is een voorstel gedaan voor het opschonen van het terrein en de aanleg van een parkeerplaats. Door een tussenberm is het veiliger om over te steken. Ook zou een voetgangersbrug een optie kunnen zijn. Veel omwonenden hebben om de recreatieve ontwikkeling van de oeverzone van het Vollenhoverkanaal gevraagd.
Kasseien op de middenberm ter hoogte van Schokland
NETWERKEN
98
Kasseien en zwerfkeien verbijzonderen de entree van het Waterloopbos
NETWERKEN
99
NETWERKEN
100
Klinkerbestrating verhoogt de landelijke en cultuurhistorische uitstraling van de weg