CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

9.1 Rapport Samenwerking in Flevoland onder de nieuwe Omgevingswet.pdf

Gemeenteraad 13 november 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 9: Rekenkameronderzoek Samenwerking in Flevoland onder de nieuwe Omgevingswet34.628 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

5.1 Hoe is voorzien in en invulling gegeven aan de rol van de afzonderlijke gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Vergadering in de voorbereiding van de Omgevingswet? Normen bij deelvraag 6: ^ De besluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn met de raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering voorbesproken en in een advies uitgewerkt. ^ De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners willen vormgeven en hoe zij participatie willen invullen. ^ De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan/verordeningen in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op de relatie met inwoners en participatie. ^ De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering zijn op de hoogte van de (bij)sturingsinstrumenten en de nieuwe rol vanuit de Omgevingswet. Meeste noodzakelijke besluiten in de voorbereiding zijn genomen of staan op de planning

In bijlage 5 is in twee tabellen aangegeven welke besluiten door de (volks)vertegenwoordigers 'noodzakelijk' en ’optioneel' zijn voor de implementatie van de Omgevingswet. Kortom, welke

| 47 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

besluiten zij minstens en 'het liefst' dienen te nemen voor de inwerkingtreding. Ook is in het overzicht aangegeven of de betreffende besluiten al zijn genomen door de diverse bestuursorganen. Op het gebied van het advies- en delegatierecht en de participatie zijn bij de vier deelnemende gemeenten al besluiten opgesteld of vastgesteld. Ook zijn er - buiten Dronten en Noordoostpolder - ook overal omgevingsvisies vastgesteld. Tijdens verschillende gesprekken212 is naar voren gekomen, dat veel (volks)vertegenwoordigers het lastig vinden om los te laten en te mandateren aan het bestuur, zoals de Omgevingswet beoogt. Vooral omdat veel (volks)vertegenwoordigers op dit moment nog niet altijd scherp hebben waar ze over gaan en vooral ook over willen gaan.213 Op het moment dat gesproken werd met (volks)vertegenwoordigers in dit onderzoek (oktober-november 2022), was het uitstel van de wet al duidelijk. De noodzaak om op korte termijn de laatste besluiten te nemen, was hierdoor verdwenen. De verschillende acties die in de plannen van aanpak en besluiten zijn opgenomen, betreffen veelal de minimale acties. Dat sluit aan op de primaire focus van de zes deelnemende overheden nu: doen wat noodzakelijk is en zo veel mogelijk beleidsneutraal overgaan van de huidige naar de nieuwe situatie.

Dit betekent onder meer dat bestaande afspraken over de taak- en werkverdeling tussen de (volks)vertegenwoordiging en bestuur niet worden aangepast en dat bijvoorbeeld de bestemmingsplannen één-op-één overgaan in het nieuwe tijdelijke omgevingsplan. Door de beleidsneutrale overgang wordt er geen gebruikgemaakt van de mogelijkheid om bestaande regelgeving al direct (deels) te vereenvoudigen, te verminderen of beter af te stemmen met medeoverheden. Daarmee wordt de bestaande gedetailleerde uitgebreide regelgeving voorlopig gehandhaafd en zal dus pas in een later stadium tegemoet worden gekomen aan de beoogde verbeterdoelen van de wet, zie voor nadere toelichting bijlage 3. Deze beleidsarme overgang sluit aan bij de wens van de (volks)vertegenwoordigende gremia214 om nu geen grote veranderingen door te voeren omdat de consequenties voor hen op dit moment niet goed in te schatten zijn. Ter voorbereiding op de besluitvorming zijn bij de meeste overheden werksessies en informatiebijeenkomsten gehouden om de (volks)vertegenwoordigers op de hoogte te brengen van de stand van zaken ten aanzien van de Omgevingswet, de te nemen besluiten en de mogelijke implicaties van de keuzes die ze maken. Voor de Statenleden is er een leergang opgezet en in Dronten, Noordoostpolder en Lelystad is er een raadswerkgroep respectievelijk een begeleidingscommissie ingesteld.

Voor de Algemene Vergadering heeft het accent van de (informatie)bijeenkomsten vooral gelegen op de producten en niet zozeer op de Omgevingswet zelf omdat het Waterschap Zuiderzeeland al langer werkt vanuit de geest van de Omgevingswet. Er is minder aanleiding geweest om in gesprek te gaan over het nieuwe werken. De Algemene 212 Dit blijkt onder andere uit het het gesprek op teammanagers niveau provincie Flevoland, het gesprek op bestuurlijk niveau Lelystad, het gesprek op bestuurlijk niveau Noordoostpolder en het gesprek met raadsleden in Lelystad. 213 Dit gevoel is vooral geuit in de gesprekken met de raadsleden van de vier deelnemende gemeenten. Bij het Waterschap Zuiderzeeland en de provincie Flevoland worden al gesprekken gevoerd over de nieuwe (en gewenste) rol van de (volks)vertegenwoordiging met de daarbij horende mandatering. 214 Dit blijkt uit alle gesprekken met de zes deelnemende (volks)vertegenwoordigende gremia.

| 48 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Vergadering heeft de wens uitgesproken om meer de inhoud in te gaan naar aanleiding van de nieuwe waterschapsverordening. Op basis van de bestudeerde documenten215 komt tevens naar voren dat bij vaststelling van verschillende besluiten niet altijd even scherp op het netvlies stond bij de (volks)vertegenwoordigers welke implicaties dit eventueel zou kunnen hebben voor de interbestuurlijke samenwerking onder de Omgevingswet. Zo komt in de besluiten van de vier gemeenten ten aanzien van het adviesrecht niet de directe wisselwerking tussen dat recht en het advies terug, zie ook paragraaf 4.2. De (volks)vertegenwoordigers lijken in zijn algemeenheid veel vertrouwen te hebben in de afhandeling van de technische zaken door de ambtelijke organisatie en het opstellen van de daarbij behorende documenten en besluiten.216 Er is bij de meeste (volks)vertegenwoordigende gremia vooral veel aandacht geweest voor het onderdeel participatie omdat dit dichtbij hun eigen rol komt. 5.2 Wat is de betrokkenheid van gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Vergadering bij de Omgevingswet? Normen bij deelvraag 7: (Volks)vertegenwoordigers zijn (zo blijkt ook uit de online vragenlijst en gevoerde gesprekken met hen): ^ op de hoogte van de mogelijke implicaties van de Omgevingswet en in hoeverre dit hun rol en werk beïnvloedt; ^ bekend met de instrumenten voor (bij)sturing onder de Omgevingswet.

Er is veel mogelijkheid tot kaderstellen en controleren, maar de (volks)vertegenwoordigers pakken deze ruimte nog niet altijd

Zoals eerder werd geconstateerd, hebben de (volks)vertegenwoordigers op dit moment (nog) niet scherp welke instrumenten ze straks hebben als de wet is ingevoerd. Daarbij valt het op dat de leden van de Algemene Vergadering en de Statenleden meer bekend zijn met de instrumenten dan de meeste raadsleden.217 Twee van de belangrijkste instrumenten zijn straks de (omgevings)visie (voor het waterschap overigens optioneel) en het omgevingsplan of de omgevings/waterschapsverordening. De (omgevings)visie is als instrument voor de (volks)vertegenwoordigers het belangrijkste richtinggevende document op basis waarvan programma's door het bestuur worden vastgesteld en de regelgeving in het omgevingsplan of de omgevingsVwaterschapsverordening wordt opgesteld. Uit de online vragenlijst komt ook naar voren dat de samenhang tussen al deze instrumenten nog niet voor alle (volks)vertegenwoordigers helder is.218 215 Adviesrecht gemeenteraad bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, gemeente Almere, vastgesteld 7 juli 2022. Besluit Bindend Advies gemeente Dronten, gemeente Dronten, vastgesteld 25 november 2021. Afwijken van het omgevingsplan (Omgevingswet), gemeente Lelystad, vastgesteld 14 juni 2022. Implementatie Omgevingswet: Adviesrecht raad, gemeente Noordoostpolder, vastgesteld 13 december 2021.

216 Er zijn in geen van zes gesprekken door (volks)vertegenwoordigers signalen afgegeven dat de technische afhandeling en inregeling niet goed lopen. In het gesprek met de raadsleden van Noordoostpolder werd de organisatie een compliment uitgedeeld op dit vlak. 217 Dit komt naar voren uit de open antwoorden uit de online vragenlijst. Nadere uitsplitsing is gezien de lage respons niet mogelijk. 218 Ongeveer een derde van de respondenten gaf aan samenhang tussen de besluiten te missen.

| 49 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Dit is ook het geval bij een aantal voorliggende besluiten die genomen moeten worden voordat de wet in werking treedt. Als het gaat om het delegatiebesluit, het adviesrecht (alleen voor gemeenten) en participatie, heeft de (volks)vertegenwoordiging straks een aantal concrete sturingsinstrumenten in handen met een directe impact op het werkproces en de dienstverlening van de overheid. Uiteindelijk horen deze besluiten in lijn te zijn met de uitgezette koers in de (omgevings)visie (juridisch, digitalisering en anders werken), maar de landelijk vastgestelde deadlines maken een logische chronologische volgorde niet altijd mogelijk. Als het gaat om de vraag in hoeverre de (volks)vertegenwoordigers invulling hebben gegeven aan hun kaderstellende en controlerende taak, kan geconcludeerd worden dat ze over het algemeen erg gemotiveerd zijn om invulling te geven aan verantwoordelijkheden. De instrumenten die er zijn om kaders te stellen en te kunnen controleren worden echter nog niet (ten volste) gebruikt.

Het vraagstuk is complex, kent nog onzekerheden en is ook nog zeer aan veranderingen onderhevig, waardoor het voor veel (volks)vertegenwoordigers (dat geldt zeker nu voor de nieuwe raadsleden en straks mogelijk ook voor nieuwe Statenleden en leden van de Algemene Vergadering na de verkiezingen in maart 2023) aanpoten is om alle informatie tot zich te nemen en ook daadwerkelijk te doorgronden. Uit het onderzoek blijkt dat de (volks)vertegenwoordigers op dit moment vooral nog (vrij reactief) aan het controleren zijn, maar de meesten voelen zich ook nog niet volledig geëquipeerd in die rol. Dit geldt zonder uitzondering voor alle (volks)vertegenwoordigende gremia. Of zoals het tijdens een van de gesprekken treffend werd benoemd: 'Soms lijkt het alsof vergeten wordt dat (volks)vertegenwoordigers knopen moeten doorhakken die anderen lastig vinden.' 219 De betrokkenheid van de (volks)vertegenwoordigers is wisselend, mede door het steeds weer uitstellen

De (volks)vertegenwoordiging heeft een belangrijke rol bij de implementatie van de Omgevingswet. Op basis van de documenten en gesprekken220 valt op te maken dat de (volks)vertegenwoordigers op verschillende momenten en manieren zijn geïnformeerd. Zo zijn er in Dronten, Noordoostpolder, Almere en Lelystad werkgroepen dan wel begeleidingscommissies ingesteld, is er voor de provincie Flevoland een statenleergang georganiseerd en hebben de leden van de Algemene Vergadering van het Waterschap Zuiderzeeland een routekaart ontvangen. Gemeenschappelijke deler bij de gemeenten is dat werkgroepen inmiddels niet meer bestaan, maar dat er eigenlijk nog wel een sluimerende behoefte is aan een laagdrempelige informatie-uitwisseling.221 De betrokkenheid van de (volks)vertegenwoordigers bij de Omgevingswet is wisselend, hebben we in de verschillende gesprekken met hen kunnen vaststellen.222 Dit heeft een aantal oorzaken, zoals de 219 Interview voorzitter Platform Omgevingswet Flevoland. 220 Zie tabel 14 waarin per overheid een toelichting over de informatievoorziening is gegeven. 221

De gemeente Noordoostpolder heeft per maart 2023 een nieuwe raadswerkgroep ingesteld.

222 Dit is in alle gesprekken met de (volks)vertegenwoordigende gremia opgemerkt.

| 50 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

complexiteit van het geheel, raadsleden die na de verkiezingen op vlieghoogte moeten komen, maar ook eenvoudig de factor tijd. Mede ingegeven door het steeds weer uitstellen van de wet waardoor de aandacht weer wegzakt. Verschillende respondenten merken op dat de informatie vanuit de werksessies niet altijd beklijft bij de raadsleden, Statenleden of leden van de Algemene Vergadering, waardoor soms het gevoel ontstaat dat ze steeds opnieuw moeten beginnen en veel hetzelfde moeten uitleggen.223 Tegelijkertijd bemerken raadsleden (in Almere, Noordoostpolder en Dronten) dat er in het begin veel informatie is gedeeld met hen, maar dat de informatievoorziening na de verkiezingen wel weer op peil moet komen.224 Uit het gesprek225 met de gemeenteraad van Lelystad komt naar voren dat zij redelijk tevreden zijn over de informatievoorziening (alleen een kostenoverzicht wordt nadrukkelijk gemist, zie ook de volgende paragraaf). Het is niet dat er geen belangstelling of betrokkenheid van de (volks)vertegenwoordigers is, maar door continu uitstel is het momentum in veel gevallen verloren.

De Omgevingswet leeft vaak niet omdat de (volks)vertegenwoordigers er nog steeds niet concreet mee aan de slag kunnen, werd duidelijk opgemerkt door de Statenleden van de provincie Flevoland.226 Bij het Waterschap Zuiderzeeland gaven de leden van de Algemene Vergadering aan dat het onderwerp pas leeft kort voordat er een besluit genomen moet worden.227 Het betrekken van de (volks)vertegenwoordigers is de komende tijd een zorgpunt bij iedere organisatie, maar ook bij de (volks)vertegenwoordigers zelf. (Bij)sturingsinstrumenten worden niet altijd ingezet

(Volks)vertegenwoordigers kunnen verschillende instrumenten gebruiken om bij te sturen, dan wel extra informatie te ontvangen om hun controlerende taak uit te voeren. Zo kunnen ze schriftelijke vragen stellen, moties indienen, amendementen en ook mondeling vragen stellen in de commissie. Uit het onderzoek komt naar voren dat alleen in Lelystad de afgelopen jaren gebruik is gemaakt van de reguliere instrumenten. Bij de andere overheden zijn nauwelijks tot geen moties en amendementen ingediend, zoals ook blijkt uit tabel 10. In Almere zijn alle moties en amendementen ingediend bij de participatienota. In Noordoostpolder zijn door de raad drie moties en één amendement ingediend, waarvan één motie is aangenomen. De aangenomen motie ging over de budgetneutrale overgang naar de Omgevingswet. In Lelystad zijn de moties en amendementen ingediend over zowel de rol van de raad, de participatie als de omgevingsvisie. Met andere woorden, de raad heeft via de reguliere besturingsinstrumenten actief gestuurd op de documenten die kaderstellend zijn. Dit betekent niet automatisch dat de raad daarmee het stuur goed in handen heeft. Uit de gesprekken met de organisatie komt naar voren dat de raad zich vooral heeft beziggehouden met de participatie.228 Ook

223 Gesprek met teammanagers waterschap, gesprek met wethouder Lelystad, gesprek Gedeputeerde Staten provincie Flevoland. 224 Gesprek met raad Almere, gesprek met gemeenteraad Dronten, gesprek met gemeenteraad Noordoostpolder. 225 Dit komt ook naar voren uit de online vragenlijst. 226 Gesprek met Statenleden provincie Flevoland. 227 Gesprek met leden van de Algemene Vergadering. 228 Gesprek met programmateam Lelystad en gesprek met teammanagers Lelystad.

| 51 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

is door het college aangegeven dat ze de raad de komende tijd meer in positie willen brengen om kaderstellend te zijn, in plaats van vooral controlerend.229 230 Tabel 10

Inzet reguliere (bij)sturingsinstrumenten

Overheid

Moties

Amendementen

Schriftelijke vragen

Provincie Flevoland

-

-

-

Waterschap Zuiderzeeland

-

-

1 schriftelijke vraag

Gemeente Almere

2 moties

4 amendementen

-

Gemeente Lelystad

4 moties

14 amendementen

9 schriftelijke vragen

Gemeente Dronten

-

-

-

Gemeente Noordoostpolder

1 motie

-

-

* Het betreft in het overzicht de aangenomen moties en amendementen. Er zijn weinig schriftelijke vragen gesteld

Naast het indienen van moties en amendementen kunnen (volks)vertegenwoordigers ook vragen stellen in de commissie, vragen indienen en zelf discussienotities indienen. Van de schriftelijke instrumenten hebben de meeste (volks)vertegenwoordigende gremia de afgelopen jaren weinig gebruikgemaakt. Alleen in Lelystad is dit instrument vaak ingezet. In Lelystad gingen de vragen net als de moties en amendementen - in op de rol van de raad, maar ook op de stand van zaken ten aanzien van de implementatie en de participatie. Bij het Waterschap Zuiderzeeland is een vraag gesteld over de gevolgen van het uitstel van de Omgevingswet voor het waterschap. Alle gemeenten hebben gewerkt met een raadswerkgroep/begeleidingsgroep voor de Omgevingswet. Almere kende een begeleidingscommissie, Dronten een raadswerkgroep, Lelystad een begeleidingsgroep en Noordoostpolder een raadswerkgroep. Met de komst van de nieuwe gemeenteraden zijn deze groepen opgeheven. In alle gevallen is nog niet duidelijk of een dergelijke groep weer wordt ingesteld met de nieuwe (volks)vertegenwoordigers. Er is ook niet altijd een hele sterke behoefte om deze werkgroep weer opnieuw in te richten.

Ten eerste omdat in de gemeenten veel besluiten al zijn genomen, ten tweede omdat er organisatorisch zaken worden omgezet zoals in Dronten en Lelystad230, of ten derde omdat deze groepen mogelijk leiden tot een klein gezelschap 229 Gesprek met wethouder Lelystad. 230 In Lelystad wordt een nieuwe vergaderstructuur opgetuigd en in Dronten is naar aanleiding van het onderzoek van TwynstraGudde 'Analyse en verbeterplan ruimtelijke domein Gemeente Dronten' (januari 2022) een traject gestart om de rolverdeling tussen raad, college en organisatie scherper te krijgen.

| 52 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

raadsleden dat goed ingelicht is.231 Daarom wordt er op dit moment veelal gekozen om de zaken met de raad in de commissie te bespreken. Dit is ook de werkwijze bij het Waterschap Zuiderzeeland en de provincie Flevoland. Wel komt uit de gesprekken232 naar voren dat de werkgroepen een belangrijke functie hebben vervuld in het laagdrempelig uitwisselen van informatie, waardoor (bij)sturing via de officiële weg niet altijd nodig was. In Lelystad is de behoefte aan een nieuwe begeleidingsgroep nog wel groot, geven raadsleden aan.233 5.3 Is voorzien in monitoring en evaluatie die de (volks)vertegenwoordigende gremia in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen? Normen bij deelvraag 8: ^ Er zijn monitoringsinstrumenten binnen de afzonderlijke overheden (dan wel overkoepelend voor de provincie) die de (volks)vertegenwoordigers in staat stellen om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen. ^ De informatievoorziening aan de verschillende (volks)vertegenwoordigende gremia is volgens hen op orde (blijkens uit de vragenlijst en de interviews met hen). Er wordt ingezet op een goede informatievoorziening, maar desondanks is het proces lastig te volgen voor veel (volks)vertegenwoordigers

We zien grote verschillen in de informatievoorziening. Zo versturen sommige overheden regelmatig informatienota's naar de (volks)vertegenwoordigers, maar sommige nauwelijks, heeft de ene overheid een jaarprogramma en/of een stappenplan, dan wel routekaart voor de implementatie, maar is het bij de ander meer een fluïde proces waarin informatie wordt gedeeld met de (volks)vertegenwoordiging op het moment dat de minimale acties erom vragen (met andere woorden: op het moment dat de raad een besluit moet nemen). In de volgende tabel geven we een kort overzicht van de belangrijkste bevindingen op dit vlak per overheid, die grotendeels in de voorgaande paragrafen reeds zijn beschreven. Tabel 11

Informatievoorziening aan de verschillende (volks)vertegenwoordigende gremia

Overheid

Bevindingen

Provincie Flevoland

In de provincie Flevoland zijn in de documentenstudie geen informatienota's aangetroffen in het dossier. Ook zijn er geen kwartaal- en/of voortgangsrapportages die ingaan op de uitvoering van de Omgevingswet. Toch zijn de Statenleden grotendeels tevreden over de informatievoorziening. Met name de Statenleergang heeft hierbij een belangrijke rol gespeeld. Uit het gesprek met de Statenleden komt naar voren dat zij op de diverse thema's goed zijn meegenomen, bijvoorbeeld rondom de omgevingsvisie. Waar het gaat om de rol van Statenleden in de besluitvorming rondom initiatieven en de daarbij behorende vergaderstructuur, is nog een slag te slaan. De Statenleden hebben zelf aangegeven dat de structuur nu erg statisch is. De politieke markt van Almere, waarbij inwoners en raadsleden met elkaar om tafel zitten, zien zij als een inspirerend voorbeeld. Dit voorbeeld is opvallend genoeg niet genoemd door de raadsleden van Almere zelf.

231

Gesprek wethouder Lelystad, gesprek programmateam Lelystad, gesprek programmateam Dronten.

232 Gesprek gemeenteraad Dronten, gesprek gemeenteraad Lelystad, gesprek gemeenteraad Noordoostpolder. 233 Gesprek gemeenteraad Lelystad.

| 53 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Waterschap Zuiderzeeland

In het Waterschap Zuiderzeeland wordt informatie met de Algemene Vergadering gedeeld op het moment dat de minimale acties er om vragen. Er zijn geen kwartaal- en/of voortgangsrapportages die ingaan op de uitvoering van de Omgevingswet, wel is er een zogenaamde Yoadmap' waarin de belangrijkste mijlpalen staan en op welke datum verwacht wordt dat deze gereed zijn. Verder zijn er ook twee beeldvormende sessies geweest in 2021 over de stand van zaken ten aanzien van de Omgevingswet (in 2022 zijn er kennelijk nog geen sessies geweest). Uit de online vragenlijst komt naar voren dat de informatievoorziening zich vooral heeft gericht op het proces van implementatie en minder op de rollen en taken voor de leden van de Algemene Vergadering onder de Omgevingswet.

Almere

In Almere is in de voorbereiding (voor de eerste jaren) veel informatie met de raad gedeeld. Ook is er een gezamenlijk koersdocument opgesteld. Er is tevens een jaarprogramma implementatie Omgevingswet dat ingaat op de uitvoering van de Omgevingswet. Desondanks geven verschillende raadsleden aan dat er momenteel veel onzekerheden zijn die om toelichting vragen en dat veel vragen onbeantwoord blijven, al dan niet door het uitstel van de wet.

Dronten

In Dronten wordt informatie met de raad gedeeld op het moment dat de minimale acties er om vragen (met andere woorden: op het moment dat de raad een besluit moet nemen). Er zijn geen kwartaal- en/of voortgangsrapportages die ingaan op de uitvoering van de Omgevingswet. Daarmee is de voortgang van het implementatieproces momenteel lastig te volgen, merken raadsleden op. Wel zijn er in Dronten al veel besluiten genomen. Dronten kende eerder een raadswerkgroep Omgevingswet waarin veel informatie werd uitgewisseld.

Lelystad

De raad in Lelystad is regelmatig geïnformeerd middels raadsinformatiebrieven over de voortgang van de implementatie. In 2021 is een informatiebijeenkomst voor de raad georganiseerd waarin de rol van de raad bij de Omgevingswet centraal stond (zie programmaboekje Omgevingswet). Daarnaast wordt ook in de P&C-documenten gerapporteerd over de voortgang van de Omgevingswet; zie onder andere de programmabegroting en de kadernota's. Ook zijn er planningen 2022 ten aanzien van de inzet van het college en de raad voor de periode 2022-2026. Verder was er een Begeleidingscommissie Omgevingswet vanuit de raad, die mogelijk opnieuw wordt ingesteld. Ten aanzien van gemoeide budgetten (en realisatie) zijn vanuit de raad wel kritische geluiden te horen; ze hebben hier weinig zicht op, wordt aangegeven.

Noordoostpolder

In Noordoostpolder wordt veel informatie met de raad gedeeld. Er zijn ook routekaarten voor zowel de organisatie als de raad. Ook wordt er in de P&C-stukken zoals de perspectiefnota, jaarrekening en de begroting geïnformeerd over de voortgang van de implementatie (middels speerpunten en activiteiten) en de daaraan gekoppelde budgetten.234 235 Per maart 2023 is weer een raadswerkgroep ingesteld. De raadsleden in Noordoostpolder zijn dan ook erg tevreden over de informatievoorziening, blijkt uit de online vragenlijst en het gesprek met de raadsleden zelf.

Om de vraag te beantwoorden of er is voorzien in een goede monitoring (en informatievoorziening), is aan (volks)vertegenwoordigers gevraagd naar hun oordeel. Bij deze uitvraag zijn de resultaten uit de online vragenlijst gebruikt om op door te vragen.235 Een onderwerp bij die gesprekken was of de informatievoorziening rondom de invoering van de Omgevingswet adequaat was. Zowel in de vragenlijst als in de gesprekken werd een (kleine) voldoende gegeven voor de informatievoorziening. Wel zijn er verschillen tussen de overheden, maar ook tussen de (volks)vertegenwoordigers onderling. 234 De insteek is om per 2023 jaarlijks een voortgangsrapportage aan de gemeenteraad te sturen. 235 Het gaat hier om zeer kleine aantallen, dus het geeft een indicatief beeld.

| 54 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Rode draad daarbij was dat we in de gesprekken236 vooral met de meest ingewijde (volks)vertegenwoordigers hebben gesproken, die dus ook de meeste informatie tot zich hadden genomen en veelal in de werkgroepen zaten. Zij waren vaak wat positiever dan de (volks)vertegenwoordigers die meer op afstand staan. Dit neemt niet weg dat veel (volks)vertegenwoordigers alsnog een gevoel van onbehagen hebben ten aanzien van de Omgevingswet en alles wat daarmee samenhangt, zoals blijkt uit een deel van onderstaande citaten van (volks)vertegenwoordigers. Informatievoorziening over de stand van zaken rondom de invoering 0

2

4

6

8

10

'Zolang vanuit het Rijk niet duidelijk is wanneer de wet in werking treedt, is het lastig om ons eigen te maken in de nieuwe wet. Informatie over digitale systemen ontbreekt, onderlinge afstemming tussen regio’s is daardoor onduidelijk.' (Almere) 'Er is weliswaar een koersdocument ontwikkeld, maar er zijn tal van onzekerheden die om toelichting vragen. Wat de implementatie voor de overheden zou kunnen betekenen, moet nog blijken. En over de verplichte participatie is er nog veel onduidelijkheid.' (Almere) 'De beleidsmedewerkers van onze gemeente verzorgen regelmatig uiterst informatieve en levendige presentaties. Wij worden als gemeenteraadsleden uitstekend op de hoogte gehouden van ontwikkelingen.' (Noordoostpolder) 'De werkgroep Omgevingswet vergaderde met ambtenaren en wethouders samen, je werd dan goed bijgepraat. Na de verkiezingen '22 is er geen werkgroep meer. Het is nu onduidelijker hoe het loopt.' (Dronten) 'De informatievoorziening rond de Omgevingswet en wat er verwacht wordt van de provincie is oké, maar het helpt natuurlijk niet als de overheid de wet telkens uitstelt.' (provincie Flevoland) 'De informatie is goed, vraag me af of de meeste (volks)vertegenwoordigers het kunnen plaatsen in grote geheel.'

(Lelystad)

Vanuit bovenstaande bevinding is het opvallend dat veel (volks)vertegenwoordigers het signaal afgeven dat het bestuur (en hun eigen ambtelijke organisatie) vrij goed geprobeerd heeft hen te informeren, maar dat ze nu vooral wachten op de daadwerkelijke inwerkingtreding. Door het voortdurende uitstel van de wet raakt het zicht op de actuele situatie kwijt. Het is dus niet zo zeer een kwestie van onvoldoende informeren, maar eerder een kwestie van steeds weer opnieuw moeten informeren. Er worden vaak goede informatiebijeenkomsten georganiseerd, maar doordat de invoering steeds wordt uitgesteld zakt de opgedane kennis steeds weer weg. Daarbij spelen de verkiezingen van maart 2023 een rol voor de gemeenten met de benoeming van nieuwe raadsleden.

236 Gesprekken met alle (volks)vertegenwoordigende gremia.

| 55 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Er is in Lelystad, Dronten en Almere door raadsleden en wethouders237 voorgesteld om eerst in te zetten op kennisontwikkeling (iedereen op gelijk kennisniveau brengen), zodat de raadsleden vervolgens ook met de juiste kennis van zaken besluiten kunnen nemen. Bij de provincie Flevoland en het Waterschap Zuiderzeeland is dit niet zo direct aangekaart in de gesprekken, maar zal de verkiezing van maart 2023 ook tot een kennisontwikkelingsvraag kunnen leiden. Monitoring en evaluatie als de wet is Ingetreden

We hebben in het onderzoek ook gekeken naar monitoring en evaluatie op het moment dat de Omgevingswet is ingetreden. In het kader van de middellange termijn en het regionale samenwerken wordt het belang van monitoren en evalueren benoemd in de gemeenten Dronten en Almere.238 Ook door de leden van de Algemene Vergadering van het Waterschap Zuiderzeeland is gewezen op dit belang.239 Vooral in het kader van de doorvertaling naar wat dit betekent voor de waterschapstaken en activiteiten. De thema's monitoring en evaluatie komen ook wel naar voren in de stukken van de gemeenten Almere en Lelystad en bij de provincie Flevoland en het Waterschap Zuiderzeeland240. Bij de gemeenten Almere en Lelystad zijn monitoring en evaluatie vaste onderdelen van diverse activiteiten en besluiten onder de Omgevingswet, zoals jaarlijkse evaluatie van het adviesrecht, participatie, het omgevingsplan en het proces rondom vergunningverlening en de omgevingstafel. Monitoring en evaluatie komen in de stukken van de gemeenten Dronten en Noordoostpolder eigenlijk niet aan bod241. Ten slotte heeft de provincie Flevoland onlangs een ’Monitor Omgevingsvisie' ontwikkeld waarmee de stand van zaken van de uitvoering wordt bijgehouden. De monitor is een groeimodel en wordt tweejaarlijks uitgebracht. De monitor richt zich met name op de inhoudelijke monitoring van de doelen en ambities uit de omgevingsvisie.

De opgave 'ruimte voor initiatief' vormt hierop een uitzondering en monitort meer de beoogde rol, houding en het gedrag van de provincie.* * * * *

237 Gesprek gemeenteraad Lelystad, gesprek wethouder Lelystad, gesprek gemeenteraad Dronten, gesprek wethouder Almere, gesprek gemeenteraad Almere. 238 Gesprek teammanagers Almere, gesprek programmateam Dronten. 239

Dit punt is een aantal keer aangestipt in de online vragenlijst onder de leden van de Algemene Vergadering.

240 Almere: Omgevingsvisie Almere, gemeente Almere, vastgesteld 7 december 2017. Raadsvoorstel Jaarprogramma Implementatie Omgevingswet maart 2021 - maart 2022, d.d. 10 juni 2021. Adviesrecht gemeenteraad bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten, gemeente Almere, vastgesteld 7 juli 2022. Lelystad: Programmaplan implementatie Omgevingswet d.d. oktober 2018. Afwijken van het omgevingsplan (Omgevingswet), gemeente Lelystad, vastgesteld 14 juni 2022. Provincie Flevoland: Monitor Omgevingsvisie FlevolandStraks, d.d. juni 2021. Waterschap Zuiderzeeland: Uitvoeringsprogramma VTH 2022. 241

Wij hebben van Noordoostpolder en Dronten geen stukken ontvangen waarin wordt ingegaan op monitoring en evaluatie. In het gesprek met de teammanagers van Dronten is het onderwerp monitoring en evaluatie wel kort aan bod gekomen. De strekking was dat het inregelen hiervan nog geen prioriteit had.

| 56 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Opvallend is ook dat in de vragenlijst en in de gesprekken242 met (volks)vertegenwoordigers een aantal keer is aangegeven dat zij weinig terugkoppeling krijgen van de (interbestuurlijke) samenwerking binnen het regioplatform en de voortgang hiervan, terwijl het vertrouwen in het platform en de regionale samenwerking wel groot is. In Dronten is daarom geopperd om iemand vanuit de raad af te vaardigen in het regionale platform, waarbij in Lelystad soortgelijke gedachten zijn (waar we in de volgende paragraaf nader op ingaan).243 Ten slotte is in het kader van de informatievoorziening gevraagd naar de tevredenheid over de wijze van informatie aanbieden en behandelen. Gemiddeld gezien zijn de (volks)vertegenwoordigers op dat punt tevreden. Eerder was ook al bevonden dat er in de ogen van de meeste (volks)vertegenwoordigers voldoende informatiebijeenkomsten worden gehouden door de eigen organisatie en dat de werkgroepen een belangrijke schakel zijn in het laagdrempelig delen en behandelen van informatie. Wel is het - nu de werkgroepen en begeleidingscommissies zijn opgeheven - zaak om andere vormen van laagdrempelige informatiebehandeling te organiseren volgens (volks)vertegenwoordigers.

Daarbij is door meerdere respondenten aangegeven graag in de praktijk aan de slag te willen gaan door te oefenen met elkaar.244 Daarbij is in de online vragenlijst aangegeven (in de open antwoorden, zie ook onderstaande citaten) dat het belangrijk is dat de bijeenkomsten een (structureel) vervolg krijgen zodat de (volks)vertegenwoordigers ook aangehaakt blijven.

'Er zijn goede bijeenkomsten, maar doordat de invoering steeds wordt uitgesteld zakt de kennis snel weer weg.'

(Almere) 'Als gemeente hebben we zover als mogelijk is ons voorbereid op de Omgevingswet en wachten nu al maanden op de inwerkingtreding. Als je nu wilt weten hoe het ervoor staat dan moet je actief op zoek gaan daar waar je voorheen overladen werd met info.' (Dronten) 'De enige bespreking die er tot nu toe was, was duidelijk. Maar gaf vooral de uitkomst dat er nog vele vragen zijn die niet beantwoord kunnen worden, terwijl er wel al dingen in gang gezet moeten worden voor de nieuwe wet wordt doorgevoerd.' (Almere)

242 Gesprek met gemeenteraad Lelystad, gesprek met gemeenteraad Dronten. 243

Idem.

244 Gesprek programmateam Lelystad, gesprek wethouder Dronten, gesprek programmateam Dronten, gesprek programmateam Almere.

| 57 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

'Er zijn besprekingen geweest. Er zijn ook bijeenkomsten georganiseerd voor mondeling toelichtingen. Maar tal van dilemma’s die aan de orde zijn geweest worden onvoldoende belicht, maar krijgt geen vervolg.' (Almere) 'Er wordt wel toelichting gegeven, mis soms grotere plaatje en consequenties, nu vaak heel erg gericht op invoeringsdatum.' (Waterschap Zuiderzeeland) 'Het probleem ligt niet zozeer in de informatievoorziening, het gaat meer om de complexiteit en het bevatten van waar het nu precies om gaat. Wij hebben als Statenleden een mooie leergang hierover gehad.' (provincie

Flevoland) 'Als Algemene Vergadering van het waterschap krijgen we periodiek informatie maar is het zicht op het grote geheel niet compleet.' (Waterschap Zuiderzeeland)

Er is op dit moment geen regionale samenwerking dan wel afstemming tussen de (volks) vertegen woordigers

Er is op dit moment geen afstemming laat staan samenwerking tussen (volks)vertegenwoordigers in Flevoland. Er is zoals eerder beschreven goede samenwerking op organisatorisch en bestuurlijk vlak, maar op het niveau van de (volks)vertegenwoordiging is er niks georganiseerd, niet formeel, maar ook niet informeel tussen gremia. Er zijn met andere woorden geen overlegstructuren in de regio voor (volks)vertegenwoordigers, niet op inhoud maar ook niet op proces. Overleg met partners uit de regio is echt afhankelijk van het individu of de netwerken vanuit de partij (wat voor lokale partijen niet geldt). Tussen de griffies is ten aanzien van dit onderwerp evenmin afstemming (en samenwerking). In de gesprekken geven de Statenleden, raadsleden en leden van de Algemene Vergadering245 aan dat de samenwerkingsbodem in Flevoland goed is en dat ze zien dat er op andere niveaus goed wordt samengewerkt, maar dat zij zelf als gremium nauwelijks contact hebben.

Tegelijkertijd is in de gesprekken aangegeven dat de bereidheid om meer samen te werken tussen (volks)vertegenwoordigers er wel degelijk is, maar dat het in veel gevallen ook een agendavraagstuk is van prioriterting, waarbij de focus van de (volks)vertegenwoordigers de afgelopen tijd vooral gelegen was op de interne aangelegenheden (rolbepaling en lokale besluiten).246 Uit gesprekken247 komt naar voren dat de (volks)vertegenwoordigers elkaar niet kennen en dus ook niet opzoeken. Zodoende wordt er rondom de Omgevingswet, waarbij straks onherroepelijk interbestuurlijke vraagstukken ontstaan in de regio, nauwelijks samengewerkt tussen de (volks)vertegenwoordigers. Er is wel regionaal bewustzijn, maar tegelijkertijd is er ook behoefte aan autonomie.

245 Dit komt naar voren in alle gesprekken met (volks)vertegenwoordigende gremia. 246 Dit komt naar voren in gesprekken met de gemeenteraad Almere, de gemeenteraad Dronten, de gemeenteraad Noordoostpolder. 247 Dit komt naar voren in alle gesprekken met (volks)vertegenwoordigende gremia.

| 58 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Gezamenlijke regionale doelen en belangen worden op dit moment door raadsleden minder gevoeld, ook omdat de praktijk nog ver van hen weg staat. Toch zien alle (volks)vertegenwoordigers op termijn wel de noodzaak en voordelen van samenwerken binnen de regio als het gaat om de Omgevingswet. De wens om gezamenlijke informatieavonden te organiseren, vooral met betrekking tot uitwisseling van informatie en actuele thema's, is er dan ook zeker. Zo blijkt ook uit onderstaande reacties van (volks)vertegenwoordigers. 'Interbestuurlijk samenwerken is noodzakelijk om verrassingsvrij te kunnen opereren naar elkaar als overheden.'

(Waterschap Zuiderzeeland) 'Dit is zeker nodig. Al is het alleen maar om te voorkomen dat iedereen het wiel uit moet vinden.' (Almere) 'Het is belangrijk om goed samen te werken en samen keuzes te maken.' (Lelystad) 'Zeer noodzakelijk. de regio houdt niet op bij de gemeentegrens.' (Noordoostpolder) 'We hebben eigen autonomie maar er zijn veel externe factoren die op alle facetten invloed hebben. Daarvoor is interbestuurlijke samenwerking noodzakelijk, alleen al om niet overvallen te worden.' (Dronten) 'Samenwerking kan nuttig zijn als het maar niet bureaucratisch en ambtelijk wordt: gevoel en binding met de praktijk/ de inwoners en bedrijven moet ambitie nr 1 zijn!' (Waterschap Zuiderzeeland)

'Er staat geen hek om Flevoland en als provincie en gemeenten zul je gezamenlijk naar de ambities en doelstellingen toe moeten werken en elkaar daarbij niet voor de voeten lopen. Wel moet je als provincie een beroep kunnen doen op de inzet van gemeenten als deze achter blijven bij het behalen van de doelstellingen. En verder is de samenspraak met belangenorganisaties een noodzakelijke voorwaarde.' (provincie Flevoland)

Alle (volks)vertegenwoordigende gremia zouden het kortom toejuichen als er op provinciaal niveau een overleg zou komen. De vraagstukken kunnen lokaal wel anders zijn, maar er liggen ook gedeelde regionale opgaven. Vanuit de raad van Lelystad is daarom dan ook geopperd om een regionale begeleidingsgroep op te zetten voor (volks)vertegenwoordigers die werken als een soort rapporteurs naar de andere Statenleden, raadsleden of leden van de Algemene Vergadering.248

248 Gesprek gemeenteraad Lelystad.

| 59 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Bijlage 1 | Normenkader Onderzoeksvraag

Norm

Interbestuurlijke uitdagingen

1. Op welke wijze kunnen gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Vergadering hun kaderstellende en controlerende taken invullen in de praktijk? In hoeverre kunnen ze hun (volks)vertegenwoordigende rol nog uitoefenen?

^

^ ^ ^ ^

^ ^

2. Wat gebeurt er als er verschil van inzicht is op interbestuurlijk niveau? Waar zit de doorzettingsmacht?

^

^

De kaders en richtlijnen die de raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben afgesproken in beleidsplannen en -regels zijn voldoende concreet en kunnen aangepast worden bij gewijzigde wensen. Beleidsambities zijn vertaald naar meetbare doelen en resultaten. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering zijn op de hoogte van hun bevoegdheden. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering kennen de periodieke afspraken. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering kunnen kaders stellen over de wijze waarop de gemeenten/provincie/waterschap verslag doen van de prestaties. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering krijgen de relevante informatie tijdig. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben het college van B&W bevraagd over de mate waarin de doelen gerealiseerd worden. Er zijn afspraken geformuleerd (bijvoorbeeld in een (bestuurlijk) convenant en/of (uitgewerkt) in een handboek) over de wijze van afstemming bij verschillen van inzicht op interbestuurlijk niveau en de bijbehorende stappen op de escalatieladder inclusief een beschrijving van de rollen, taken en bevoegdheden. De overheden hebben trainingen, cursussen of expertisesessies gehouden over de situatie die ontstaat na de implementatie van de Omgevingswet.

Regionale doelen en samenwerking

3. Zijn er inhoudelijke knelpunten en/of knelpunten in de samenwerking, die uitvoering van de Omgevingswet in Flevoland in de weg zitten en wat moet er worden gedaan om die op te lossen?

Hiervoor bestaat in beginsel geen norm, dit moet uit het onderzoek blijken.

4. Welke formele en informele afspraken/besluiten zijn er gemaakt met betrekking tot complexe interbestuurlijke vraagstukken?

Gemeenten, provincie en waterschap hebben afzonderlijk en met elkaar: ^ formele en informele afspraken gemaakt met betrekking tot (complexe) interbestuurlijke vraagstukken.

| 60 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Aanpak en stand van zaken invoering Omgevingswet

5. Zijn gemeenten, provincie en het waterschap in voldoende mate voorbereid?

Gemeenten, provincie en waterschap hebben afzonderlijk en met elkaar: ^ heldere afspraken gemaakt en volgen de voortgang van de implementatie en hebben daar ook over gerapporteerd; ^ heldere ambities uitgesproken; ^ afspraken gemaakt met betrekking tot de inzet van advies en instemming over de Omgevingswet; ^ formele en informele afspraken gemaakt met betrekking tot (complexe) interbestuurlijke vraagstukken; ^ een monitoringssystematiek ingericht om de stand van zaken te peilen, ook na de implementatie.

Rol van de (volks)vertegenwoordigers

6.

Hoe is voorzien en invulling gegeven aan de rol en de positie van de afzonderlijke gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Vergadering in de voorbereiding van de Omgevingswet?

^

^

^

^

De besluiten die voor de invoeringsdatum genomen moeten zijn, zijn met de raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering voorbesproken en in een advies uitgewerkt. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben een visie/notitie vastgesteld over hoe zij de relatie met inwoners willen vormgeven en hoe zij participatie willen invullen. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering hebben een visie vastgesteld over de mate van deregulering in het omgevingsplan/de verordeningen in samenhang met het ambitieniveau van eerder genoemde visie op relatie met inwoners en participatie. De raden/Provinciale Staten/Algemene Vergadering zijn op de hoogte van de (bij)sturingsinstrumenten en de nieuwe rol vanuit de Omgevingswet.

7. Wat is de betrokkenheid van gemeenteraden, Provinciale Staten en de Algemene Vergadering bij het dossier Omgevingswet?

(Volks)vertegenwoordigers zijn (zo blijkt ook uit de online vragenlijst en gevoerde gesprekken met hen): ^ op de hoogte van de mogelijke implicaties van de Omgevingswet en in hoeverre dit hun rol en werk beïnvloedt; ^ bekend met de instrumenten voor (bij)sturing onder de Omgevingswet.

8.

^

Is voorzien in monitoring en evaluatie die de afzonderlijke (volks)vertegenwoordigende gremia in staat stelt om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen?

^

| 61 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Er zijn monitoringsinstrumenten binnen de afzonderlijke overheden (dan wel overkoepelend voor de provincie) die de (volks)vertegenwoordigers in staat stellen om het implementatieproces te volgen en zo nodig bij te sturen. De informatievoorziening aan de verschillende (volks)vertegenwoordigende gremia is volgens hen

op orde (blijkens uit de vragenlijst en de interviews).

| 62 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Bijlage 2 | Bestudeerde documenten Voor dit onderzoek is een uitgebreide documentenstudie gedaan. Per overheid zijn generiek de volgende stukken bestudeerd. Noodzakelijke besluiten (volks)vertegenwoordigers (2018-2022)* ^ Genomen besluiten met betrekking tot de Omgevingswet ^ Besluiten/projectplan over werken met het tijdelijk omgevingsplan ^ Financiële besluiten met betrekking tot de Omgevingswet Implementatieplan Omgevingswet en eventuele (deel)projectplannen ^ Begrotingen dan wel begrotingswijzigingen met betrekking tot de implementatie ^ Teamplannen VTH, RO en Dienstverlening o Draaiboek implementatie Omgevingswet VTH o Uitvoeringsprogramma's VTH ^ Handboek werkprocessen ^ Stand van zaken aanschaf lokale software en (noodzakelijke) koppeling(en) DSO Visie en beleid ^ Omgevingsvisie ^ Bestaand beleid en regelgeving op de fysieke leefomgeving ^ Beleidsnota's dienstverlening en participatie ^ De omgevingsvisie, watervisie en overige visiedocumenten ten aanzien van de fysieke leefomgeving ^ (Visie)documenten ten aanzien van de sturingsfilosofie, zoals leidende principes ^ (Visie)documenten ten aanzien van regionale samenwerking, zoals het Manifest Wij zijn Flevoland en het Statement Samen werken aan Flevoland ^ Regionale proces- en werkafspraken ten aanzien van omgevingsoverleg en vergunningen en ten aanzien van toezicht en handhaving (in concept) Jaarrekening en begroting ^

Jaarrekeningen (2018-2020) ^ Programmabegrotingen (2017-2025) Voortgangsrapportages en informatienota's ^ Bestuursrapportages 2018-2022 ^ Informatienota's voor bestuurders en/of (volks)vertegenwoordigers inzake de (stand van zaken) Omgevingswet ^ Overzicht van bijeenkomsten/presentaties voor (volks)vertegenwoordigers inzake de (stand van zaken) Omgevingswet (Bij)sturingsinstrumenten van de (volks)vertegenwoordigers ^ Schríftelijke vragen inzake de Omgevingswet (2018-2022) o Zie overzicht in hoofdstuk 7 ^ Moties inzake de Omgevingswet (2018-2022) o Zie overzicht in hoofdstuk 7 ^ Amendementen inzake de Omgevingswet (2018-2022) o Zie overzicht in hoofdstuk 7

| 63 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

* Zie ook bijlage 5 met o.a. alle noodzakelijke te nemen besluiten per overheid.

| 64 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Bijlage 3 | Beknopte achtergrondinformatie Omgevingswet De Omgevingswet De Omgevingswet is de wet die alles regelt voor de ruimte waarin we wonen en werken: de leefomgeving. Deze nieuwe wet bundelt en vereenvoudigt de regels voor alles wat u buiten ziet, hoort en ruikt. De Omgevingswet treedt op 1 januari 2024 in werking.249 De Omgevingswet wil bijdragen aan een goede aanpak van grote (maatschappelijke) vraagstukken zoals klimaatverandering, de woningbouwopgave en de demografische ontwikkeling, die een beroep doen op de inrichting van de fysieke leefomgeving. De balans tussen benutten en beschermen van die leefomgeving staat daarbij centraal. Uitgangspunten bij de Omgevingswet De Omgevingswet vereenvoudigt de wet- en regelgeving over de fysieke leefomgeving. Met het vernieuwen van het omgevingsrecht wil de wetgever vier verbeteringen bereiken: 1. Inzichtelijk omgevingsrecht 2. Leefomgeving centraal 3. Ruimte voor lokaal maatwerk 4. Snellere besluitvorming Zie voor meer informatie: Uitgangspunten bij het ontwerp van de Omgevingswet - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) Instrumenten van de Omgevingswet De Omgevingswet heeft zes kerninstrumenten voor het gebruiken en beschermen van de leefomgeving. Met deze instrumenten kan de overheid beleid schrijven en uitvoeren. Daarnaast kunnen overheden met deze instrumenten regels stellen aan activiteiten en de uitvoering van projecten.

De zes kerninstrumenten per overheid zijn: Instrument

Gemeente

Provincie

Waterschap

Rijk

Omgevingsvisie

Gemeentelijke omgevingsvisie

Provinciale omgevingsvisie

n.v.t.

Nationale omgevingsvisie

Programma

Actieplannen en overige (vrijwillige en verplichte) programma's

Actieplannen, waterprogramma, beheerplan en overige (vrijwillige en verplichte) programma's

Waterbeheerprogramma en overige (vrijwillige en verplichte) programma's

Actieplannen, waterprogramma, ruimtelijk plan en overige (vrijwillige en verplichte) programma's

Decentrale regels

Omgevingsplan

Omgevingsverordening

Waterschapsverordening

N.v.t.

Algemene rijksregels

N.v.t.

N.v.t.

N.v.t.

Omgevingswet, Bal, Bbl, Bkl, Ob, Omgevingsregeling

Omgevingsvergunning

Omgevingsvergunning

Omgevingsvergunning

Omgevingsvergunning

Omgevingsvergunning

Projectbesluit

N.v.t.

Projectbesluit

Projectbesluit

Projectbesluit

9 De informatie in deze bijlage is grotendeels afkomstig van de VNG en het IPLO. Het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) is onderdeel van het interbestuurlijke programma Aan de slag met de Omgevingswet waarin gemeenten, provincies, waterschappen en het Rijk samenwerken.

| 65 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Zie voor meer informatie: De 6 kerninstrumenten van de Omgevingswet - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) Naast de zes kerninstrumenten biedt de wet (extra) instrumenten voor specifieke doelen. Zie voor meer informatie: Instrumenten van de Omgevingswet - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) (Regionale en keten-)samenwerking De Omgevingswet biedt ruimte voor lokaal maatwerk en stimuleert tegelijkertijd samenwerking in zowel het realiseren van de verbeterdoelen als het inrichten van de instrumenten. Daarnaast gaat het in de fysieke leefomgeving vaak over grensoverstijgende vraagstukken. Deze vragen bij uitstek om samenwerking tussen overheden en met uitvoeringsdiensten als omgevingsdiensten, veiligheidsregio's en GGD'en. Het is complex om te doorzien waar het in de regio over gaat en wat met elkaar samenhangt. En het is lastig overzicht te krijgen in wat de keuzes zijn en wie daarover uiteindelijk beslist. Het is dan ook van belang om als gemeenteraad, Provinciale Staten of Algemeen bestuur te bespreken wat u wilt en kunt bijdragen in regionale of ketensamenwerking. Voor dit gesprek is de gespreksdriehoek regionale samenwerking ontwikkeld als hulpmiddel. Want in iedere samenwerking gaat het in elk geval over: inhoud, proces en relatie.

Zie voor meer informatie: Gespreksdriehoek Omgevingswet - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) Behalve samenwerking tussen overheden, is de samenwerking tussen overheid en burgers een belangrijke pijler onder de wet. Participatie Participatie is een belangrijke pijler onder de Omgevingswet. Participatie komt terug in alle kerninstrumenten van de Omgevingswet. Overheden moeten dan ook goed nadenken over hoe ze hun participatiebeleid vormgeven. Overheden mogen zelf bepalen hoe ze hun participatiebeleid vormgeven. Hun visie op participatie en hun uitgangspunten kunnen ze in dat beleid opnemen. Bijvoorbeeld over de toegankelijkheid, de representativiteit en de betrokkenheid van ondervertegenwoordigde groepen. Maar ook over hun eigen rol en over de manier waarop het resultaat van participatie wordt meegewogen in het uiteindelijke plan. Door dit beleid duidelijk vast te stellen, is voor alle betrokkenen meteen duidelijk hoe zij kunnen meedenken en meedoen. Zie voor meer informatie: Participatie in de Omgevingswet - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) Het stuurwiel volksvertegenwoordigers, helpt bij het opstellen van participatiebeleid. Het stuurwiel biedt handvatten en geeft een aanzet tot nadenken en het voeren van gesprekken. Zo komt u er samen met uw collega (volks)vertegenwoordigers achter hoe u denkt over participatie en participatiebeleid.

Zie voor meer informatie: Stuurwiel volksvertegenwoordigers - Informatiepunt Leefomgeving (iplo.nl) Naast de website van het IPLO is er ook (specifieke) informatie over de Omgevingswet te vinden op de websites van de koepels. VNG: Omgevingswet | VNG en Gemeenteraad en de Omgevingswet | VNG

| 66 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

NVvR: Omgevingswet I Nederlandse Vereniging voor Raadsleden IPO: Ruimtelijke Ontwikkeling, Water en Wonen - IPO UvW: Omgevingswet - Unie van Waterschappen

| 67 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Bijlage 4 | Overzicht instrumenten (volks)vertegenwoordigers Omgevingswet Instrument

Grondslag

PS

AV

Gemeenteraad

Omgevingsplan

art. 2.4 Ow

Nee

Nee

Ja

Waterschapsverordening

art. 2.5 Ow

Nee

Ja

Nee

Omgevingsverordening

art. 2.6 Ow

Ja

Nee

Nee

Delegatie

art. 2.8 Ow

Ja

Ja

Ja

Omgevingswaarden250

afd. 2.3 Ow

Ja

Nee

Ja

Instructieregels251

art. 2.22 Ow

Ja

Nee

Nee

Omgevingsvisie

art. 3.1 Ow

Ja

n.v.t.252

Ja

Programma's

art. 3.4 Ow

Nee (bevoegdheid GS)

Ja

Nee (bevoegdheid B&W)

art. 4.14/4.15 Ow

Ja

Nee

Ja

Voorkeursrecht

art. 9.1 Ow

Ja

Nee

Ja

Onteigening

art. 11.1 Ow

Ja

Ja

Ja

Nadeelcompensatie

afd. 15.1 Ow

Ja

Ja

Ja

Coördinatie (omgevingsplan en -vergunning)

art. 16.14a Ow

Nee

Nee

Ja

Advies

art. 16.15 Ow

Ja

Ja

Ja

Adviesrecht

art. 16.15a Ow

Nee

Nee

Ja

Instemming

art. 16.16 Ow

Ja

Ja

Ja

Voorbereidingsbesluit

250 Omgevingswaarden kunnen door respectievelijk Provinciale Staten en de gemeenteraad worden gesteld in de omgevingsverordening c.q. het omgevingsplan. 251 Instructieregels kunnen door Provinciale Staten gesteld worden in de omgevingsverordening. 252 De Algemene Vergadering is niet verplicht om een omgevingsvisie vast te stellen.

| 68 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Monitoring

art. 20.1 Ow

Ja

Ja

Ja

Bijlage 5 | Noodzakelijke en optionele besluiten (volks)vertegenwoordigers Tabel 12 Noodzakelijk te nemen besluiten voor inwerkingtreding van de Omgevingswet Waterschap Zuiderzeeland

Almere

Dronten

Lelystad

Noordoostpolder

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Genomen besluit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Verplichte Instructieregels

Ja253

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Verplichte Omgevingswaarden

Ja254

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Verplichte Programma's255

Ja256

Ja257

Ja258

Onbekend259 260

n.v.t.

Onbekend260twij

Instellen Adviescommissie ruimtelijke kwaliteit

n.v.t.

n.v.t.

Besluit/onderwerp

Provincie Flevoland

Omgevingsvisie Omgevings-/waterschapsverordening / omgevingsplan

Genomen besluit

253 De provincie Flevoland heeft de verplichte instructieregels vanuit de Omgevingswet opgenomen in de omgevingsverordening. 254 De provincie Flevoland heeft de verplichte instructieregels vanuit de Omgevingswet opgenomen in de omgevingsverordening. 255 Programma's zijn een bevoegdheid van het College (art. 3.6 Ow), Gedeputeerde Staten (art. 3.8 Ow) en de Algemene Vergadering (art. 3.7 Ow). 256 Het actieplan Geluid 2018-2023, Het Waterprogramma, watersysteem blijvend op orde! en de beheerplannen voor de Natura-2000 gebieden liggen en vallen onder het overgangsrecht. Dit worden na inwerkingtreding programma's in de zin van de Omgevingswet. 257 Waterbeheerprogramma 2022-2027: de kracht van water, Waterschap Zuiderzeeland. 258 Verplicht programma 'geluid' (actieplan) het programma moet zijn vastgesteld voordat het huidige 'actieplan' afloopt. 259 Het is onbekend of de gemeente een verplicht programma 'geluid' (actieplan) moet opstellen. Indien dit antwoord ja is zal het programma moeten zijn vastgesteld voordat het huidige 'actieplan' afloopt. 260 Idem.

| 69 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Verordening Nadeelcompensatie

volgt nog2

volgt nog

Legesverordening2

volgt nog

volgt nog

Tabel 13 Noodzakelijk te nemen besluiten voor of na inwerkingtreding van de Omgevingswet Besluit/onderwerp

Provincie Flevoland

Waterschap Zuiderzeeland

Almere

Dronten

Lelystad

Noordoostpolder

Omgevingsvisie

n.v.t.

n.v.t.

Genomen besluit

In voorbereiding

Genomen besluit

In voorbereiding

OmgevingsVwaterschapsverordening Z omgevingsplan

n.v.t.

In voorbereiding

In voorbereiding

In voorbereiding

Decentrale beleidsregels participatie2

Onbekend

Onbekend

Genomen besluit

volgt nog

n.v.t.

n.v.t.

In voorbereiding

volgt nog

Verplichte Omgevingswaarden

OntweBBb esluit In voorbereiding

261 Het waterschap heeft al een verordening Nadeelcompensatie o.g.v. de huidige wet- en regelgeving. Deze zal naar verwachting nog wel aangepast moeten worden conform de nieuwe Omgevingswet. 262 Een aantal overheden hebben al een paar keer een aangepaste legesverordening vastgesteld, maar zullen dit met het hernieuwde uitstel nogmaals moeten doen. 263 Behelst de invulling van de motie Nooren. Er wordt opgeroepen om dit voor inwerkingtreding van de wet geregeld te hebben, maar hier zitten geen harde deadlines aan vast.

| 70 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Tabel 14 Optioneel te nemen besluiten voor of na inwerkingtreding van de Omgevingswet Besluit/onderwerp

Provincie Flevoland

Waterschap Zuiderzeeland

Almere

Dronten

Lelystad

Noordoostpolder

Omgevingsvisie

n.v.t.

Genomen besluit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Onverplichte Instructieregels264

Ja

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Onverplichte Omgevingswaarden265

Ja

Ja

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Onverplichte Programma's266

Ja267

Onbekend

In voorbereiding

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Advies268

Ja269

Onbekend270

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Onbekend

volgt nog

Genomen besluit

Genomen besluit

Genomen besluit

Genomen besluit

Verplichte participatie bij BOPA's

n.v.t.

n.v.t.

volgt nog

volgt nog

volgt nog

Genomen besluit

Adviesrecht gemeenteraad

n.v.t.

n.v.t.

Genomen besluit

Genomen besluit

Genomen besluit

Genomen besluit

Genomen besluit

Onbekend

volgt nog

Genomen besluit

Onbekend

Genomen besluit

Visie op participatie

Delegatie omgevingsverordeningZ-plan

264

De provincie Flevoland heeft instructieregels opgenomen in de omgevingsverordening.

265 Onverplichte omgevingswaarden kunnen opgenomen worden in de omgevings-, de waterschapsverordening, of het omgevingsplan in geval van de gemeenten. 266 Onverplichte programma's kunnen op elk moment worden vastgesteld door College, Gedeputeerde Staten en de Algemene Vergadering. 267 Omgevingsprogramma Flevoland, provincie Flevoland, d.d. 10 juli 2019. 268 Advies (adviseurs) kunnen worden aangewezen in de omgevings- of de waterschapsverordening, of het omgevingsplan in geval van de gemeenten. 269 De provincie heeft een adviseur aangewezen in de omgevingsverordening. 270 Het waterschap heeft in de ontwerp waterschapsverordening geen adviseurs aangewezen, richting vaststelling kan dit nog wijzigen.

| 71 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

Coördinatieverordening

n.v.t.

| 72 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

n.v.t.

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Onbekend

Bijlage 6 | Online vragenlijst (volks)vertegenwoordigers Online vragenlijst voor (volks)vertegenwoordigers Introductie

De Rekenkamer(commissie)s van Almere, Dronten, Lelystad, Noordoostpolder, provincie Flevoland en het Waterschap Zuiderzeeland laten een onderzoek uitvoeren naar de Omgevingswet. Het onderzoek richt zich op de vraag hoe de verschillende overheden in de provincie Flevoland straks interbestuurlijke complexe vragen oplossen wanneer de Omgevingswet in werking is getreden. De kaderstellende en controlerende rol van (volks)vertegenwoordigers staat daarbij centraal. Met deze enquête verzamelen we een eerste input voor het vervolg van het onderzoek, waaronder de interviews. De enquête bestaat uit twintig meerkeuzevragen met hier een daar de mogelijkheid tot toelichting en één open vraag. Het invullen van de enquête duurt ongeveer 20 minuten om volledig in te vullen. U kunt er ook voor kiezen om alleen de gesloten vragen in te vullen, in dat geval bent u ongeveer 10 minuten kwijt. Ten alle tijden is het mogelijk om een vraag over te slaan. In het kader van dit onderzoek zijn we uiteraard het meest geholpen bij zoveel mogelijk respons. We hopen dat het lukt om tijd vrij te maken voor deze vragenlijst. Vraag 1: Bij welke overheid bent u (volks)vertegenwoordiger?

o Almere o Dronten o Lelystad o Noordoostpolder o Provincie Flevoland o Waterschap Zuiderzeeland Vraag 2: Hoe lang bent u al (volks)vertegenwoordiger? (in jaren)

De Omgevingswet Vraag 3: In hoeverre bent u bekend met de Omgevingswet? 1 = helemaal niet bekend, 10

1

2

3

heel erg bekend

4

5

6

7

8

9

10

Vraag 4: In hoeverre kunt u zich vinden in de beoogde (maatschappelijke) doelen van de Omgevingswet? 1 = helemaal oneens, 10

1

2

3

helemaal eens

4

5

| 73 | rapport Rekenkameronderzoek Interbestuurlijke samenwerking

6

7

8

9

10

Vraag 5: In hoeverre bent u bekend met de sturingsinstrumenten die u als (volks)vertegenwoordiger

heeft na de inwerkingtreding van de Omgevingswet?

1 = helemaal niet bekend, 10

1

2

heel erg bekend

3

4

5

6

7

8

9

10

Vraag 6: Welke sturingsinstrumenten onder de Omgevingswet zijn dat volgens u?

Vraag 7: Denkt u dat u met nieuwe sturingsinstrumenten uw (volks)vertegenwoordigende rol (voldoende)

kunt uitoefenen? Zo niet, wat ontbreekt er dan volgens u?

Regionale samenwerking Vraag 8: Waaraan denkt u als het gaat om regionale interbestuurlijke samenwerking vanuit de

Omgevingswet?

Vraag 9: Hoe ervaart u de huidige regionale interbestuurlijke samenwerking op het fysiek domein? 1

zeer slecht, 10

1

2

zeer goed

3

4

5

6

7

8

9

10

Vraag 10: Vindt u dat de regionale interbestuurlijke samenwerking geïntensiveerd zou moeten worden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2096/documents/36299