9.1 Deelplan Schulddienstverlening 2026-2029.pdf
Tekst van het document
4.6
Specifieke doelgroepen
De komende periode gaan we onderzoeken of we voor specifieke doelgroepen een aparte aanpak kunnen ontwikkelen. In de basisdienstverlening wordt een aantal doelgroepen benoemd: Jongeren Landelijk is er veel aandacht voor speciale ondersteuning voor jongeren. In het kader van preventie gaan we in ieder geval nauwer samenwerken met het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs. Er zijn landelijke subsidieregelingen voor financiële educatie. Als gemeente kunnen we het onderwijs aansporen om hiervan gebruik te maken. Daarnaast zoeken we naar mogelijkheden om de preventieve financiële hulpverlening beter te laten aansluiten bij de belevingswereld van jongeren. Bijvoorbeeld door de vrijwilligersorganisaties te stimuleren om jonge vrijwilligers te werven. Ondernemers Op dit moment verwijzen we ondernemers met schulden naar het Zelfstandigenloket Flevoland (ZLF). Dit geldt met name voor ondernemers en ZZP’ers die nog door willen gaan met ondernemen. We gaan starten met een warme overdracht naar het ZLF, om de drempel voor deze hulp te verlagen. Dit kan ook voor ondernemers die willen stoppen met hun bedrijf. Het ZLF biedt sinds 2025 de mogelijkheid voor hulp bij het op orde brengen van de administratie van ondernemers in Noordoostpolder. De administratie – en dan met name de belastingachterstand - is een blokkade om ondernemers te helpen hun schulden op orde te krijgen.
Schulden kunnen pas worden geregeld als de achterstanden in de aangiften zijn weggewerkt. Hiervoor heeft de ondernemer een boekhouder nodig, maar deze kan hij niet meer betalen. Hiervoor kunnen zij nu terecht bij het ZLF. Statushouders/migranten De doelgroep statushouders en (arbeids)migranten ondersteunen we door inzet van de medewerker complexe casussen. De komende jaren onderzoeken we of we deze doelgroep op andere manieren kunnen ondersteunen en op welke manier we deze doelgroep preventief beter kunnen helpen.
22
5.
Financiën
Het Rijk wil het aantal huishoudens met problematische schulden terugdringen. Ook wil het Rijk toewerken naar meer gelijkheid in de dienstverlening van gemeenten als het gaat om schuldhulpverlening, zodat de hulp aan inwoners niet afhangt van waar ze wonen. Daarom stelt het Rijk extra middelen beschikbaar voor implementatie van de basisdienstverlening en vroegsignalering. In 2025 is binnen het budget armoedebeleid een totaalbedrag van € 950.694,- beschikbaar voor schulddienstverlening. Dit bedrag is onderverdeeld in de onderdelen preventie, vroegsignalering, ondersteuning complexe casuïstiek, schuldhulpverlening en bewindvoering. De schuldhulpverlening en bewindvoering zijn open einde regelingen. De begroting voor de periode 2025-2029 ziet er als volgt uit: Tabel 5.1 Begroting 2025-2029
Begroting schulddienstverlening 2025-2029 * 2025 2026 2027 Preventie en Vroegsignalering € 162.472 € 162.472 € 162.472 Schuldhulpverlening € 228.641 € 228.641 € 228.641 Bewindvoering € 559.581 € 559.581 € 559.581 TOTAAL € 950.694 € 950.694 € 950.694
2028 € 162.472 € 228.641 € 559.581 € 950.694
2029 € 162.472 € 228.641 € 559.581 € 950.694
* Exclusief formatie Het schulddienstverleningsbeleid bevat verschillende onderdelen, uitgevoerd door meerdere partijen. In de afgelopen periode hebben we gezien dat er een onderbesteding is geweest op het budget voor schuldhulpverlening. In het vorige beleidsplan was hiervoor een bedrag opgenomen van € 545.000,per jaar. De realisatie op dit onderdeel is de afgelopen jaren minder geweest dan verwacht, waardoor het bedrag stapsgewijs omlaag is bijgesteld. Vanaf 2025 is hiervoor € 230.000,- geraamd. Toekomstige (extra) inzet Preventie De komende jaren willen we zorgen dat we meer inwoners vroegtijdig kunnen helpen met financiële problemen. Daarom zetten we in op meer preventie en meer Vroegsignalering. Voor preventie gaan we een pilot starten met een tweede organisatie voor ondersteuning bij de thuisadministratie. De kosten hiervan bedragen € 12.000,- per jaar. Uitbreiding voor Vroegsignalering / begeleiding in financieel loket Voor intensivering van de Vroegsignalering zetten we 8 uur extra in bij het financieel loket. Enerzijds zorgen we er daarmee voor dat beginnende financiële problemen klein blijven. Anderzijds komen we hiermee ook eerder inwoners met problematische schulden op het spoor, die we daardoor eerder kunnen doorgeleiden naar de schuldhulpverlening. De inwoners die dit traject ingaan, willen we meer en beter begeleiden.
Daarvoor verwachten we 16 uur per week nodig te hebben. Deze doorontwikkeling van het financieel loket betekent ook iets voor onze werkprocessen en werkafspraken met onze partners. In het financieel loket is in 2025 tijdelijk een kwaliteitsmedewerker toegevoegd voor 12 uur per week. Dit maken we structureel vanaf 2026. Plinkr nazorg Voor het realiseren van uitstroom uit bewindvoering starten we een pilot met Plinkr nazorg. De kosten hiervan bedragen ongeveer € 25.000 per jaar, waarmee we 10 à 15 inwoners die onder bewind staan kunnen ondersteunen naar (zelf)redzaamheid. De ervaring leert dat twee van de drie deelnemers daadwerkelijk uitstromen uit bewind. Dit levert per uitgestroomde cliënt een kostenbesparing op van ongeveer € 2.000,- structureel op de bijzondere bijstand. Bij 15 deelnemers zou dit mogelijk een besparing betekenen van € 20.000,- structureel. Of dit we dit realiseren, gaan we tijdens de pilot monitoren. 23
Dekking extra inzet Tabel 5.2 Extra inzet 2026-2029 Extra inzet schulddienstverlening 2026-2029 Extra uitgaven
2026
2027
2028
2029
€ 90.000
€ 90.000
€ 90.000
€ 90.000
Pilot SHM**
€ 12.000
€ 12.000
€ 12.000
€ 12.000
Pilot Plinkr Nazorg**
€ 25.000
€ 25.000
€ 25.000
€ 25.000
inverdieneffect Plinkr nazorg (minder bewind)
-€ 10.000 -€ 20.000 -€ 30.000 -€ 40.000
Totaal incidenteel
€ 27.000
Structureel Uitbreiding loket (totaal 1 fte) Incidenteel
€ 17.000
€ 7.000
-€ 3.000
** Als de pilots succesvol zijn en Plinkr nazorg het beoogde inverdieneffect heeft, zijn hiervoor na 2028 geen extra middelen meer nodig.
24
6.
Monitoring
Dashboard Sociaal Domein Voor het monitoren van de doelen en activiteiten van schulddienstverlening ontwikkelen we een dashboard, als onderdeel van het dashboard armoede en schulden. In dit dashboard worden de in de vorige hoofdstukken genoemde indicatoren meegenomen.
DDAS CBS, VNG, Divosa en de NVVK werken aan een landelijke monitor Armoede en Schulden. De projectnaam hiervan is Data Delen Armoede en Schulden. DDAS is een van de onderdelen van de basisdienstverlening (zie ook figuur 3.4, pagina 19). In dit project wordt gestart met het in kaart brengen van de schuldhulpverlening. Hiermee is in 2025 een begin gemaakt. Periodiek leveren betrokken partijen (zoals gemeenten en kredietbanken) geautomatiseerd gegevens aan. Met deze gegevens worden de resultaten van de dienstverlening rondom armoede en schulden in het algemeen en financiële hulpverlening in het bijzonder in kaart gebracht. Denk aan: • het aantal hulpvragers • het aantal en type trajecten • de hoogte van schuldbedragen • doorlooptijden • cijfers over uitval Alle gemeenten in Nederland leveren hiervoor gegevens aan. Deze gegevens zijn op termijn in te zien op de themapagina Armoede en Schulden van het CBS. Waar mogelijk integreren we deze informatie in ons eigen dashboard.
25
Bijlage 1
Productomschrijvingen Schuldhulpverleningstraject
1. Aanmelding & Toegang Doel: Zorgen dat inwoners met financiële zorgen zich eenvoudig kunnen melden. Kenmerken: • Laagdrempelige toegang via loket, telefoon, email of website • Doorverwijzing vanuit partners (woningcorporaties, zorgverzekeraars, werkgevers) • Vroegsignalering via signaalpartners verplicht sinds 2021 • Eerste contactmoment binnen 2 werkdagen na melding (Wgsnorm) Output: - Inschrijving in registratiesysteem - Bevestiging hulpvraag - Start intakeproces
2. Intake Doel: In kaart brengen van de schuldenproblematiek, situatie en hulpbehoefte. Kenmerken: - Persoonlijk gesprek (live of digitaal) - Opvragen documenten: inkomsten, uitgaven, schulden, toeslagen, beslag - Screeningsinstrumenten voor psychosociale problematiek of verslaving - Opstellen van een Plan van Aanpak (verplicht volgens Wgs) Output: - Diagnose problematiek (soort en ernst schulden) - Startkeuze: stabilisatie, informatie/advies, flankerende hulp of directe schuldregeling
3. Stabilisatie Doel: Zorgen voor financiële rust en overzicht vóór start schuldregeling. Kenmerken: - Aanvragen juiste inkomensvoorzieningen (toeslagen, uitkeringen) - Stopzetten overbodige uitgaven, oplossen betalingsachterstanden - Inzet van budgetbeheer of budgetcoaching - Eventueel beschermingsbewind - Schuldenrust via convenanten of schuldenknooppunt Output: - Gestabiliseerde situatie - Inkomens- en uitgavenbalans - Gereed voor start schuldregeling
26
4. Schuldregeling Doel: Binnen 18 tot 36 maanden aflossen van schulden via akkoord met schuldeisers. Kenmerken: - Twee varianten: saneringskrediet en spaarvariant - Afloscapaciteit berekend o.b.v. VTLB - Contact via Schuldenknooppunt - Gelijke behandeling schuldeisers (tenzij via convenant) - Begeleiding tijdens hele looptijd Output: - Akkoord met schuldeisers - Schuldenregeling afgerond, restschulden kwijtgescholden Saneringskrediet: Bij een saneringskrediet verstrekt de gemeente of een kredietbank een lening waarmee de totale schuldenlast in één keer wordt afgelost. De schuldenaar heeft vanaf dat moment nog maar één schuldeiser, namelijk de kredietverstrekker. Dit geeft rust en overzicht. De aflossing van het krediet gebeurt in maandelijkse termijnen, meestal over een periode van 18 tot 36 maanden. Het traject biedt schuldenrust en voorspelbaarheid. Voordelen: directe schuldenrust, overzichtelijkheid, beperkte afhankelijkheid van medewerking schuldeisers. Voorwaarden: voldoende stabiele situatie, redelijke afloscapaciteit, geen belemmerende factoren zoals verslaving of instabiliteit. Spaarvariant (schuldbemiddeling): Bij de spaarvariant betaalt de schuldenaar gedurende 18 tot 36 maanden een maandelijks bedrag op een aparte beheerrekening. De schuldhulpverlener verdeelt deze gelden naar rato onder de schuldeisers. Er moet toestemming worden verkregen van alle schuldeisers.
Het traject is afhankelijk van hun medewerking én van het vermogen van de schuldenaar om de betalingen vol te houden. Voordelen: geen lening nodig, dus geen rentelasten of krediettoets. Nadelen: risicovoller vanwege afhankelijkheid van de schuldenaar en de schuldeisers. Voorwaarden: stabiel inkomen, motivatie en discipline, en bereidwilligheid van schuldeisers.
5. Nazorg Doel: Voorkomen van nieuwe schulden na afronding schuldregeling. Kenmerken: - Begeleiding tot 1 jaar na afronding Msnp - Controle inkomsten/uitgaven - Inzet coaching of hulp bij budgetteren - Eventuele heraanmelding bij terugval Output: - Duurzaam financieel zelfbeheer - Verminderd risico op nieuwe schulden
6. Flankerende Hulp Doel: Aanpakken van onderliggende problemen die schulden veroorzaken of verergeren. Kenmerken: - Verwijzing naar hulpverlening (verslaving, psychische klachten, relaties) 27
- Samenwerking met wijkteams, GGZ, maatschappelijk werk - Onderdeel van Plan van Aanpak Output: - Versterkt sociaal functioneren - Hogere kans op succesvol schuldentraject
7. Crisisinterventie Doel: Voorkomen van onomkeerbare gevolgen zoals huisuitzetting of afsluiting. Kenmerken: - Binnen 3 dagen actie na melding - Spoedbudget of tijdelijke maatregelen - Tijdelijk veiligstellen situatie Output: - Crisis afgewend - Doorgeleiding naar regulier traject
28