8.1 Bestemmingsplan 'Landelijk Gebied, Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord'.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord Ontwerp
Opdrachtgever: Rapportnummer: Datum vrijgave: Opsteller: Goedkeuring:
Waterman Onions RB 50.006 September 2020 Dhr. M. Beek Dhr. H. de Roo
Gemeente Noordoostpolder
Blad 2 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Inhoudsopgave .................................................................................................................................... 1 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
HOOFDSTUK 1 INLEIDEND HOOFDSTUK ....................................................... 4 Inleiding.............................................................................................................. 4 Planologisch kader ............................................................................................. 6 Bij het plan behorende stukken ........................................................................... 8 Begrenzing van het plangebied ........................................................................... 8 Leeswijzer .......................................................................................................... 9 Verantwoording .................................................................................................. 9
2 2.1
HOOFDSTUK 2 BELEIDSKADER EN ONDERZOEK ...................................... 10 Rijksbeleid ........................................................................................................ 10 2.1.1 Ruimtelijk – Structuurvisie Ruimte en Infrastructuur ............................... 10 2.1.2 Ladder voor duurzame verstedelijking .................................................... 11 Provinciaal beleid ............................................................................................. 14 2.2.1 Omgevingsprogramma provincie Flevoland ........................................... 14 2.2.2 Omgevingsvisie Flevoland ..................................................................... 15 2.2.3 RO Visie Werklocaties Flevoland ........................................................... 17 2.2.4 Structuurvisie werklocaties (2011).......................................................... 17 Gemeentelijk beleid .......................................................................................... 19 2.3.1 Structuurvisie Noordoostpolder 2025 ..................................................... 19 2.3.2 Landschapsvisie Noordoostpolder ......................................................... 20 2.3.3 Visie Werklocaties Noordelijk Flevoland .................................................
21 2.3.4 Welstandsnota gemeente Noordoostpolder (2016) ................................. 22
2.2
2.3
3 3.1 3.2 3.3 3.4
HOOFDSTUK 3................................................................................................ 23 Historie en huidige situatie ................................................................................ 23 Het perceel in zijn directe omgeving ................................................................. 24 Het gewenste plan ............................................................................................ 25 Verkeersstromen naar en op het terrein ............................................................ 27
4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
HOOFDSTUK 4 OMGEVINGSFACTOREN ...................................................... 29 Algemeen ......................................................................................................... 29 Archeologie ...................................................................................................... 29 Bodem ............................................................................................................. 30 Cultuurhistorie .................................................................................................. 31 Ecologie ........................................................................................................... 32 4.5.1 Gebiedsbescherming ............................................................................. 32 4.5.2 Soortenbescherming.............................................................................. 33 4.5.3 Stikstofdepositie .................................................................................... 34 4.6 Externe en fysieke veiligheid ............................................................................ 35 4.7 Geluid .............................................................................................................. 38 4.8 Milieuhinder ......................................................................................................
38 4.9 Watertoets........................................................................................................ 39 4.10 Vormvrije m.e.r.-beoordeling............................................................................. 40 5 5.1 5.2 5.3 5.4
HOOFDSTUK 5 JURIDISCHE TOELICHTING OP DE REGELS ...................... 43 Algemeen ......................................................................................................... 43 Toelichting op de Toelichting ............................................................................ 43 De regels.......................................................................................................... 44 Nadere toelichting op de bestemming ............................................................... 44
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 3 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
6 6.1 6.2
HOOFDSTUK 6 UITVOERBAARHEID ............................................................. 46 Economische uitvoerbaarheid ........................................................................... 46 Vooroverleg ...................................................................................................... 46
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 4 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
1
Hoofdstuk 1 Inleidend hoofdstuk
1.1
Inleiding Ter plaatse van het perceel Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord exploiteert de initiatiefnemer een bedrijf. Het betreft het agrarisch verwerkingsbedrijf Waterman Onions. Dit bedrijf is een uiensorteer- en verpakkingsbedrijf te Emmeloord, met als kernactiviteiten telen, drogen, op maat sorteren, inspecteren van kwaliteit en het verpakken van uien. Waterman staat garant voor continue levering van de hoogste kwaliteit uien. Naast de export over de gehele wereld is Waterman ook gespecialiseerd in de afzet aan de groot- en detailhandel, inpakbedrijven en industriële schilbedrijven. Voor de toekomst is het belangrijk dat Waterman Onions de positie op de wereldmarkt versterkt. Hiervoor dient het productaanbod vergroot te worden, zodat zij een nog betere aansluiting vinden bij hun klanten. Om toonaangevend te kunnen blijven moet Waterman blijven investeren in innovatieve teelt- en verwerkingsmogelijkheden, nieuwe en efficiëntere verpakkingsmachines aanschaffen en optische sorteer- en leestechnieken ontwikkelen. Alleen door het onderscheidende vermogen vergroten zij de levering van een kwalitatief hoogwaardig product en service en kunnen zij blijven concurreren en waar nodig overleven als uiensoorteer/ export-pakstation. Om aan dit laatste aspect te kunnen blijven voldoen is het essentieel dat het agrarisch verwerkingsbedrijf verder uit kan breiden.
Hieronder een weergave van de huidige situatie van het plangebied op basis van het vastgestelde bestemmingsplan van 2017 (oranje kader) met in het blauwe kader de gronden waar voorliggend bestemmingsplan voor is bedoeld om door te kunnen groeien naar een omvang van circa 6 hectare.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 5 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
1.2
Blad 6 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Planologisch kader Het bestaande bedrijfsperceel aan de Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord is opgenomen in het bestemmingsplan Landelijk gebied, Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord zoals deze in september 2017 is vastgesteld door de gemeenteraad. Het betreft hier het agrarisch verwerkingsbedrijfsperceel van 3,9 hectare en onderstaand is daarvan de verbeelding zichtbaar waarbij het terrein van 3,9 zichtbaar is met de paarse kleur.
De nu gewenste uitbreiding is het gedeelte binnen het zwarte kader. Dit deel bevindt zich binnen de Beheersverordening. In deze verordening is het bestemmingsplan
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 7 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Landelijk gebied 2004 van toepassing verklaard. Hieronder een weergave van de oorspronkelijke bestemmingsplanverbeelding. Met de nu gewenste locatie van uitbreiding binnen het rode kader.
De gronden waar nu uitgebreid moet gaan worden zijn nog voorzien van een agrarische bestemming zonder een bouwvlak die bebouwing toelaat. Om medewerking te kunnen verlenen aan de plannen is een aanpassing van het bestemmingsplan nodig. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in de gevraagde aanpassing van het bestemmingsplan
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
1.3
Blad 8 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Bij het plan behorende stukken Het bestemmingsplan 'Landelijk Gebied, Hannie Schaftweg 12 Emmeloord' bestaat uit de volgende stukken: - verbeelding NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 met legenda; - regels; - voorliggende toelichting. Met de verbeelding is de bestemming van de in het plan begrepen gronden en opstallen aangegeven. De bijbehorende legenda legt een verbinding tussen de bestemming en de regels. In de regels zijn de bepalingen opgenomen teneinde de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van deze toelichting, waarin de aan het plan ten grondslag liggende gedachten, de uitkomsten van onderzoeken en de beschrijving van het plan zijn weergegeven.
1.4
Begrenzing van het plangebied Het plangebied van het bestemmingsplan 'Landelijk gebied, Hannie Schaftweg 12 Emmeloord', behelst globaal het volgende gebied zoals op onderstaande luchtfoto is weergegeven. Het gebied is circa 6 hectare groot.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
1.5
Blad 9 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Leeswijzer Deze toelichting is als volgt opgebouwd: • • • • • • •
1.6
Hoofdstuk 1 Inleidend hoofdstuk; Hoofdstuk 2: Beleidskader, geeft een overzicht van het relevante Europees-, rijks-, provinciaal -en gemeentelijk beleid en beleidsmatige onderzoeken; Hoofdstuk 3 Het plan, hierbij wordt ingegaan op de uitgangspunten en de opzet van het bestemmingsplan; Hoofdstuk 4 : Omgevingsfactoren, in dit hoofdstuk wordt ingegaan op de relatie tussen het plan en de omgevingsfactoren. Hoofdstuk 5 : Uitvoerbaarheid Hoofdstuk 6 gaat in op de inspraak en terinzage legging van het plan; Hoofdstuk 7 biedt de toelichting op de regels.
Verantwoording Bij het opstellen van voorliggend bestemmingsplan is gebruik gemaakt van diverse (beleids)documenten en websites. Sommige (beleids)documenten en beeldbeschrijvende documenten zijn in voorkomende gevallen integraal overgenomen om de inhoud zoveel mogelijk te waarborgen. Daar waar bronnen zijn gebruikt is dat in de tekst weergegeven.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
2
Blad 10 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Hoofdstuk 2 Beleidskader en onderzoek Artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening geeft aan welke onderwerpen tenminste in de toelichting bij het bestemmingsplan aan de orde moeten komen. Hieronder en in de hoofdstukken 3, 4 en 5 worden deze onderwerpen behandeld. In algemene bewoordingen komt het er op neer dat in de toelichting de gedachten worden neergelegd die aan het plan ten grondslag liggen. Het bevat de resultaten van onderzoek naar de bestaande toestand en naar de mogelijke en wenselijke ontwikkeling van het gebied.
2.1
Rijksbeleid
2.1.1
Ruimtelijk – Structuurvisie Ruimte en Infrastructuur De Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) is op 22 november 2011 onder aanvaarding van een aantal moties door de Tweede Kamer aangenomen en 13 maart 2012 vastgesteld. Onderdeel van deze structuurvisie is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Met de structuurvisie kiest het rijk voor een selectievere inzet van rijksbeleid op slechts 13 nationale belangen. Voor deze belangen is het Rijk verantwoordelijk en wil het resultaten boeken. Buiten deze 13 belangen hebben decentrale overheden beleidsvrijheid. Hieronder zijn de 13 nationale belangen weergegeven. De structuurvisie bepaalt de ambities voor Nederland in 2040. Deze hebben betrekking op de concurrentiekracht, bereikbaarheid, en leefbaarheid en veiligheid van/in Nederland. Voor deze 3 rijksdoelen worden 13 onderwerpen van nationaal belang genoemd. Hiermee geeft het Rijk aan waarvoor zij verantwoordelijk is en waarop het resultaat wil boeken. De benoemde nationale belangen zijn: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11.
Een excellent en internationaal bereikbaar vestigingsklimaat in de stedelijke regio’s met een concentratie van topsectoren; Ruimte voor het hoofdnetwerk voor (duurzame) energievoorziening en de energietransitie; Ruimte voor het hoofdnetwerk voor vervoer van (gevaarlijke) stoffen via buisleidingen; Efficiënt gebruik van de ondergrond; Een robuust hoofdnetwerk van weg, spoor en vaarwegen rondom en tussen de belangrijkste stedelijke regio’s inclusief de achterlandverbindingen; Betere benutting van de capaciteit van het bestaande mobiliteitssysteem van weg, spoor en vaarwegen; Het instandhouden van de hoofdnetwerken van weg, spoor en vaarwegen om het functioneren van de netwerken te waarborgen; Verbeteren van de milieukwaliteit (lucht, bodem, water) en bescherming tegen geluidsoverlast en externe veiligheidsrisico’s; Ruimte voor waterveiligheid, een duurzame zoetwatervoorziening en klimaatbestendige stedelijke (her)ontwikkeling; Ruimte voor behoud en versterking van (inter)nationale unieke cultuurhistorische en natuurlijke kwaliteiten; Ruimte voor een nationaal netwerk van natuur voor het overleven en ontwikkelen van flora- en faunasoorten;
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 11 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
12. 13.
Ruimte voor militaire terreinen en activiteiten; Zorgvuldige afwegingen en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke plannen.
De structuurvisie geeft een totaalbeeld van het ruimtelijk- en mobiliteitsbeleid op rijksniveau en is de 'kapstok' voor bestaand en nieuw rijksbeleid met ruimtelijke consequenties. De SVIR vervangt de Nota Ruimte, de Structuurvisie Randstad 2040, de Nota Mobiliteit, de MobiliteitsAanpak en de Structuurvisie voor de Snelwegomgeving. Tevens vervangt het de ruimtelijke doelen en uitspraken in de volgende documenten: PKB Tweede structuurschema Militaire terreinen, de agenda landschap, de agenda Vitaal Platteland en Pieken in de Delta. Delen van de structuurvisie die de nationale ruimtelijke belangen borgen en die juridische doorwerking behoeven, zijn uitgewerkt in een algemene maatregel van bestuur, de Amvb Ruimte (Barro). Het Rijk gaat er vanuit dat de nationale ruimtelijke belangen die via wet- en regelgeving opgedragen worden aan de andere overheden goed door hen worden behartigd. Het nieuwe Rijkstoezicht in de ruimtelijke ordening richt zich op het toezicht achteraf. Wanneer rijksdoelen en nationale belangen raken aan regionale opgaven, vraagt dit om heldere taakverdeling en samenwerkingsafspraken tussen de betrokken overheden. Waar het Barro bepalingen bevat gericht op gemeentelijke bestemmingsplannen gaat het Rijk er vanuit dat deze doorwerking krijgen.
Het Rijk zal tijdens het opstellen en vaststellen van bestemmingsplannen dan ook niet toetsen op een correcte doorwerking van nationale belangen. Daarnaast blijft het Rijk opkomen voor zijn directe belangen bij gemeentelijke en provinciale plannen vanuit de rol van weg- en waterbeheerder (Rijkswaterstaat), eigenaar van defensieterreinen (ministerie van Defensie) en voor projecten in het kader van de rijkscoördinatieregeling rond rijksinpassingsplannen op het terrein van de energie-infrastructuur (het ministerie van EL&I). Voor de Hannie Schaftweg in Emmeloord zijn in de SVIR geen onderwerpen opgenomen die aangemerkt worden als nationaal belang waarmee rekening gehouden dient te worden. 2.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking De Ladder voor duurzame verstedelijking (hierna: Ladder) is een instrument voor efficiënt ruimtegebruik, met een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Bij besluit van 28 augustus 2012 is de Ladder toegevoegd aan artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en vervolgens op 1 oktober 2012 in werking getreden. Op 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd, waarbij een nieuwe Laddersystematiek geldt. De Ladder staat als instrument niet op zichzelf, maar geeft mede vorm aan de systeemverantwoordelijkheid van de minister van Infrastructuur en Milieu voor een goede ruimtelijke ordening. Deze verantwoordelijkheid brengt met zich mee, dat de minister er voor zorgt dat decentrale overheden over de juiste instrumenten kunnen beschikken voor een zorgvuldige benutting van de ruimte. Hieronder wordt begrepen het voorkomen van over-programmering, het faciliteren van groei, het anticiperen op stagnatie en het leefbaar houden van krimpregio’s.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 12 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Bij het bepalen óf en hoe de Ladder moet worden toegepast zijn de volgende aspecten van belang: 1. Is er sprake van een stedelijke ontwikkeling 2. Is de stedelijke ontwikkeling nieuw 3. Wat is het ruimtelijk verzorgingsgebied 4. Is er behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling 5. Ligt de ontwikkeling in bestaand stedelijk gebied De ladder duurzame verstedelijking is alleen van toepassing op projecten met een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De vraag is dan wat is een nieuwe stedelijke ontwikkeling? De definitie voor een stedelijke ontwikkeling (artikel 1.1.1, lid 1, Bro) luidt als volgt: Stedelijke ontwikkeling: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Initiatief in relatie tot de ‘Ladder’ Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op de vragen of sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, in hoeverre wordt voorzien in een behoefte en in hoeverre vestiging op bestaande bedrijventerreinen respectievelijk binnen bestaand stedelijk gebied wenselijk en mogelijk is. Nieuwe stedelijke ontwikkeling: of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving. Voorziet het plan in de toevoeging van een gebouw, dan ligt de ondergrens 'in beginsel' bij een bruto-vloeroppervlakte van minder dan 500 m2.
Voor ontwikkelingen in de vorm van een terrein is 'in beginsel' geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling als het ruimtebeslag minder dan 500 m2 bedraagt. De Laddertoets geldt alleen voor nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Beoordeeld moet dan worden of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwing mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende planologische regime aanwezig was, of kon worden gerealiseerd. Daarnaast volgt uit jurisprudentie dat wanneer het om een functiewijziging gaat, moet worden beoordeeld of er sprake is van een naar aard en omvang zodanige functiewijziging, dat desalniettemin gesproken kan worden van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Daarbij moet ook het ruimtebeslag betrokken worden. Het initiatief dient te worden beschouwd als nieuwe stedelijke ontwikkeling. Er is namelijk sprake van uitbreiding van een bestaand agrarisch verwerkingsbedrijf waarbij de uitbreiding ziet op de realisatie van meer dan 500 m2 (extra) bebouwing en/of meer dan 500 m2 gebruikswijziging van gronden. Behoefte: Bij het bepalen van de behoefte kan gebruik gemaakt worden van lange termijn prognoses over bedrijventerreinen voor het betreffende verzorgingsgebied in de komende 10 jaar.
Alle ontwikkelingen van bedrijventerreinen in bestaande plancapaciteit die in de behoefte voorzien moeten worden meegewogen. Is er een kwantitatief overaanbod dan kan een planologische toevoeging om kwalitatieve redenen toch nodig worden geacht. Dat vergt wel een aanvullende motivering. Hoe meer de
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 13 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
kwalitatieve aspecten publiekrechtelijk geborgd zijn, des te makkelijker de motivering. Kwalitatieve redenen kunnen bijvoorbeeld zijn: - Het aanbieden van grote kavels die binnen de bestaande harde plancapaciteit niet realiseerbaar zijn. - Hogere milieucategorieën dan mogelijk binnen de bestaande harde plancapaciteit. Voor zover er leegstand is van bestaande bedrijfsgebouwen, moet onderzocht worden of de leegstand geen optie biedt voor de nieuwe stedelijke ontwikkeling. Verder dient gemotiveerd te worden, dat de planologische toevoeging geen onaanvaardbare extra leegstand tot gevolg heeft. De behoefte aan bedrijfspercelen voor agrarische verwerkingsbedrijven vloeit voort uit de trend van grootschaliger agrarische bedrijven en specialisatie in de landbouw. Door deze schaalvergroting en specialisatie ontstaat een ‘knip’ in de keten tussen productie (agrarische bedrijven) en verwerking (agarische verwerkingsbedrijven). Waar vroeger de boer zijn eigen producten (bijvoorbeeld) sorteerde, waste en verpakte, gebeurt dit meer en meer door daartoe gespecialiseerde bedrijven. Er is voorts een logische behoefte aan mogelijkheden om producten in de directe nabijheid van de agrarische bedrijven te (laten) verwerken. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de wijze van transport van de producten direct vanaf het land met grote landbouwvoertuigen (langzaam verkeer).
Mogelijkheid voor vestiging op bestaande bedrijventerreinen: De in de gemeente Noordoostpolder aanwezige bestaande bedrijventerreinen zijn minder (lees: grotendeels niet) geschikt voor de vestiging van agrarische verwerkingsbedrijven. Dit heeft vooral te maken met het ruimtebeslag van de bedrijven, de aard en ruimtelijke uitstraling van de bedrijvigheid, de aard van de transportbewegingen van en naar het bedrijf etc. De gemeente Noordoostpolder beschikt niet of nauwelijks over bedrijfsgronden binnen bestaand stedelijk geschikt, die geschikt zijn om plaats te bieden aan agrarische verwerkingsbedrijven. Voor de toekomstbestendigheid van de onderneming is vergroting van vloeroppervlakte noodzakelijk, aangezien de aangevoerde ruwe producten verder gedroogd, bewaard en verwerkt moeten worden voor directe levering aan een brede klantenkring, als ook de garantie van levering over een zeer lange periode, met behoud van de kwaliteitseisen aan het product. Dit alles om een jaarrond levering van kwalitatief goede producten te kunnen waarborgen voor zowel de diverse supermarkten (retailkanalen) in Nederland als voor de exportmarkten wereldwijd. Uitbreiding van voldoende opslagcapaciteit en verwerkingsruimte is essentieel om antwoord op de marktvraag te garanderen in dit concurrerende marktsegment.
Tevens speelt een "Just- in- time" levering en het verhogen van de leverbetrouwbaarheid een steeds belangrijker rol in het kunnen beleveren aan o.a nieuwe supermarktketens die nu momenteel niet beleverd kunnen worden i.v.m onvoldoende ruimte om (klein)verpakkingsmachines te kunnen plaatsen. Daarnaast zal door de uitbreiding van opslag en het toepassen van nieuwe droog- en opslagsystemen de afhankelijkheid van negatieve weersinvloeden tijdens de oogstperiode afnemen en tevens de kwaliteit en continuïteit in afzet op langere termijn worden gewaarborgd. Met de nieuwbouw zal met name de sterke groei van de kleinverpakkingsmarkt met een breder assortiment aan (Allium)producten in diverse verpakkingsvormen voor zowel de Nationale als de Internationale markt gerealiseerd kunnen worden. De afzet van het product zal sneller, efficiënter en duurzamer worden,
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 14 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
waarbij de productkwaliteit gegarandeerd blijft. Hiermee wordt tevens een grotere toegevoegde waarde gecreëerd aan het eindproduct. De verwerking van de producten op één centrale locatie aan de H. Schaftweg 12, dicht aan de snelweg A6, maakt Waterman een betrouwbaar en solide partner voor haar klanten en ketenpartners. Het proces van ontvangst, opslag, drogen, sorteren en verpakken (bewerkingen) zit verankerd in een strakke procesflow die onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden door middel van moderne machines. Dit om een efficiënte productieflow mogelijk te kunnen maken en kwaliteitsverlies tot een minimum te beperken. Met deze planvergroting wordt het bedrijf Waterman voor opvolging toekomstig bestendig en de continuïteit van de werkgelegenheid in de Noordoostpolder gegarandeerd. Tevens zal dit een belangrijke bijdrage geven aan het creëren van toegevoegde waarde aan de primaire Agrarische grondstoffen die binnen de provincie Flevoland geproduceerd worden. Conclusie De vestiging van agrarische verwerkingsbedrijven op voormalige agrarische bedrijfspercelen in het landelijk gebied kan beschouwd worden als een gewenste ontwikkeling, waaraan de Ladder voor duurzame verstedelijking niet in de weg staat. Met de vestiging van deze bedrijven in het landelijk gebied is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik.
Vrijkomende agrarische bedrijfspercelen krijgen een nieuwe functie, waarmee leegstand wordt voorkomen. De bedrijvigheid heeft een sterke binding met het landelijk gebied (transport van producten met landbouwvoertuigen over een korte afstand). Voorts is de aard en omvang van de aanwezige bebouwing minder geschikt voor plaatsing binnen het bestaand stedelijk gebied. Naar hun aard, omvang en uitstraling passen agrarische verwerkingsbedrijven niet goed op bestaande bedrijventerreinen. De Ladder voor duurzame verstedelijking staat niet in de weg aan vaststelling van het bestemmingsplan. 2.2
Provinciaal beleid
2.2.1
Omgevingsprogramma provincie Flevoland Op 27 februari 2019 is het Omgevingsprogramma Flevoland vastgesteld. Het Omgevingsprogramma is een verdere uitwerking van wat de provincie belangrijk vindt en wil doen om te zorgen voor een goede leefomgeving. Hierin staat beschreven wat het te voeren beleid is en welke maatregelen of acties worden ondernomen om de doelstellingen te kunnen bereiken. Dit kan gaan over bijvoorbeeld de ontwikkeling, het gebruik en beheer van onder andere wegen, natuur en bodem: de ‘fysieke leefomgeving’. Beschrijving beleid De provincie Flevoland heeft behoefte aan meer mogelijkheden voor be-/verwerking van agrarische producten op of aansluitend aan het agrarisch erf. In principe zijn deze verwerkende activiteiten ook als agrarisch te beschouwen, totdat wordt overgegaan tot de vervaardiging van een product waarvoor de agrarische producten als grondstof dienen. Deze activiteiten horen niet meer thuis in het buitengebied. Het belangrijkste criterium voor de situering in het buitengebied is dan ook of de verwerkende bedrijfsactiviteiten in het kader van een goede ruimtelijke ordening kunnen worden geschaard onder een direct verlengstuk van de agrarische activiteiten.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 15 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Bij de beleidsontwikkeling voor grootschalige verwerking/ketenverlenging wordt onderscheid gemaakt in activiteiten die nog als agrarisch zijn te bestempelen en activiteiten die naar aard en omvang thuishoren op een bedrijventerrein, zoals een agrobusinesspark. Daarbij wordt gekeken of het zwaartepunt van de dominante bedrijfsactiviteiten ligt aan de agrarische kant van het productieproces (binding met het land) of aan de bedrijfsmatige bewerkingskant van het productieproces (zoals verpakken). Initiatief in relatie tot het beleid In het voorliggende geval is sprake van een agrarisch verwerkingsbedrijf en daarmee een verlenging van de agrarische activiteiten, namelijk de directe vervolgstap op het verbouwen en rooien van het gewas. Waterman Onions is als bedrijf te omschrijven als een uiensorteer- en verpakkingsbedrijf, met als kernactiviteiten telen, drogen, op maat sorteren, inspecteren van kwaliteit en het verpakken van uien. Gelet op de aard van de werkzaamheden is het van belang dat het bedrijf een goede verbinding houdt met het land en is in het verleden reeds gekozen voor een vestiging in het landelijke gebied in plaats van op een bedrijventerrein. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de uitbreiding van het agrarisch verwerkingsbedrijf aansluit bij het Omgevingsprogramma Provincie Flevoland. 2.2.2
Omgevingsvisie Flevoland In de omgevingsvisie staat het volgende genoemd over de landbouw. Landbouw: Meerdere Smaken Flevoland is van oorsprong een landbouwprovincie. Ontwikkelingen in deze sector vragen een groot aanpassingsvermogen. In 2030 en verder staat Flevoland bekend om haar meerdere smaken in de agrosector, die door haar aanpassingsvermogen vernieuwingen en innovaties voortvarend en snel in praktijk brengt. Opgave Flevoland is gemaakt voor voedselproductie. Hier is goed water, optimale drooglegging, vruchtbare grond, goed doordachte verkaveling en ontsluiting. De landbouw is beeldbepalend voor Flevoland. Voor dit gebied selecteerde de overheid destijds de beste boeren uit het hele land. Zij waren uitverkoren om hier te ondernemen op de beste landbouwgrond. Het heeft geleid tot ´s werelds hoogste productie en opbrengsten. Het landbouwgebied kreeg binnen en buiten Flevoland een iconische betekenis. Diversiteit De ontstaansgeschiedenis van de polder zie je terug in de kwaliteiten. Flevoland is sterk in techniek, technologie en primaire productie, zoals pootaardappelen en biologische landbouw. Vanuit de lucht lijkt de aanwezige landbouw op elkaar, maar op het erf heeft elk bedrijf zijn eigen specialisatie, schaal en bedrijfsmodel. Er is veel variatie en deze neemt toe. Van verwerking, energie, technologie tot stadslandbouw. Alles vindt zijn plek in Flevoland.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 16 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Wereldwijd Niet alleen Flevoland, maar de hele Nederlandse agrosector is een speler van wereldformaat. De vraag naar voedsel lijkt voor de toekomst verzekerd. Rond 2030 zijn er ruim acht miljard wereldbewoners. Op wereldschaal vinden in de agrosector vele ontwikkelingen en innovaties plaats. Dit gebeurt mede onder invloed van de Nederlandse en Flevolandse onderzoeks- en opleidingsinstituten. Grote ontwikkelingen in de agrosector zijn: • • • •
Groeiende vraag naar kwalitatief beter, gezond en integer voedsel. Ondernemers zetten in op meer duurzame productiemethoden voor mens, dier en omgeving. Productie op basis van hernieuwbare grondstoffen en energie. De snelheid waarmee nieuwe kennis en technologieën de weg naar de praktijk zoeken, neemt progressief toe. Inspiratie komt uit andere sectoren. De sector verbreedt zich. Ze kijkt naar verbindingen met gezondheid, farmacie, energie en meer directe verbindingen met de consument.
Voorbereiden op de toekomst De toekomst van de agrosector wordt voor een groot deel internationaal bepaald. Flevoland produceert voor de wereldmarkt. De consumentenvraag staat onder invloed van vele maatschappelijke, politieke en economische factoren. Europa beïnvloedt bijvoorbeeld met haar beleid de markt. De uitkomst van het samenspel van al die factoren is niet goed voorspelbaar. De uitdaging voor de Flevolandse agrosector is om zich maximaal voor te bereiden op alle mogelijke scenario’s voor de toekomst. Ambitie In 2030 en verder staat Flevoland bekend om het aanpassingsvermogen van de agrosector. Hier zijn de voorlopers van de meerdere smaken in de agrosector te vinden. De beste garantie om blijvend een speler van wereldformaat te zijn, is een agrosector met diversiteit en het vermogen om zich voortdurend te verbeteren. Dit laat de provincie in 2022 op de Floriade aan de wereld zien. In Flevoland vinden nieuwe ontwikkelingen, bedrijfsvormen, technieken en kennis de weg naar de praktijk. Flevolandse agrarische bedrijven zijn het praktijklaboratorium. Hier worden innovaties in praktijk gedemonstreerd. Het is een vanzelfsprekend vervolg op de oorsprong van ´s werelds beste landbouwgebied. Er wordt aanvullend gewerkt op andere agrarische hotspots in de omliggende regio’s. In Flevoland doen ontwikkelaars en agrarische ondernemers het samen.
Door te doen, leren we en wat we leren dragen we uit: binnen en buiten Flevoland. Daarbij zorgt de provincie samen met de agrosector en de mede-overheden voor optimale condities voor de landbouw: een vruchtbare bodem, schoon water, gezond ecosysteem en een goede infrastructuur. Alleen dan kan de agrosector ook in de toekomst floreren. De provincie Flevoland wil de agrarische sector in haar verdere ontwikkeling faciliteren en ondersteunen, zodanig dat er een duurzame, vitale landbouwsector ontstaat en er meer mogelijkheden ontstaan voor de ontwikkeling van andere economische functies in het landelijk gebied. Het bedrijf Waterman Onions is één van de bedrijven die een bijdrage levert aan de wereldwijde voedselproductie en dan specifiek in de uienbranche. Het bedrijf ontwikkeld zich steeds verder door en is qua infrastructurele ontsluiting goed gelegen in de directe
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 17 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
nabijheid van de A6. Het bedrijf wil op de bestaande locatie doorgroeien en zorgt daarbij verder voor een inpassing in het landschap en zorgdraagt voor een voldoende adequate waterhuishouding door voldoende waterberging te compenseren. 2.2.3
RO Visie Werklocaties Flevoland In de RO Visie Werklocaties, die 28 juni 2016 is vastgesteld, staat beschreven wat nodig is om te komen tot sterke werklocaties met toekomstwaarde in de provincie Flevoland. Belangrijkste reden voor deze visie is, dat er sprake is van een nieuwe realiteit: de afgelopen decennia is Flevoland sterk gegroeid. In de toekomst is de vraag echter minder groot dan in de vorige Visie Werklocaties Flevoland werd verwacht. Daarnaast is er sprake van een kwalitatief andere vraag. Hierdoor beantwoordt het aanbod van nu regelmatig niet meer aan de vraag van vandaag en morgen. Met de Visie Werklocaties Flevoland wordt ingespeeld op deze nieuwe realiteit. Beschrijving beleid Het agrarisch landschap van Flevoland staat de komende jaren onder druk. Er komt namelijk een flink aantal agrarische bedrijfslocaties vrij. Dit wordt onder andere veroorzaakt door bedrijfsbeëindigers die geen opvolger hebben en door schaalvergroting. Bij de schaalvergroting blijft het gebruikte areaal gelijk, maar krimpt het aantal agrarische bedrijven. Het probleem speelt voornamelijk in de gemeente Noordoostpolder, waar tot 2020 ruim 90 hectare agrarische bestemming leeg komt te staan. Een oplossing voor de vrijkomende erven is bijvoorbeeld hergebruik of transformatie.
Initiatief in relatie tot het beleid In het onderhavige geval is geen sprake van een vrijkomende agrarische bedrijfslocatie. De locatie is reeds in gebruik als agrarisch verwerkingsbedrijf. De uitbreiding van het agrarisch verwerkingsbedrijf wordt beschouwd als een passende aanvulling van de bestaande locatie. Dit gelet op de binding van het bedrijf met het agrarisch gebied.
2.2.4
Structuurvisie werklocaties (2011) De Structuurvisie werklocaties is een nadere concretisering van het Omgevingsplan 2006. Aangezien het Omgevingsplan is opgegaan in het Omgevingsprogramma, is het de vraag in hoeverre aan de Structuurvisie werklocaties uit 2011 nog zelfstandige betekenis moet worden toegekend. Desalniettemin wordt hierna kort ingegaan op de Structuurvisie. Beschrijving beleid In de Structuurvisie biedt de provincie de gemeenten een meer vastomlijnd kader voor een Gemeentelijke Visie op de Vestigings-locaties (GVV). 1. Dit houdt het volgende in. - Er wordt inzicht verlangd in de bestaande en geplande omvang van bedrijvigheid. Per locatie dient aangegeven te worden welke locatietype(n) het betreft en welke typen bedrijven zich kunnen vestigen. Hierover dient afstemming tussen de gemeenten plaats te vinden; - Voor het aanwijzen van vestigingslocaties moet de Ladder (eerst intensiveren en herstructureren, dan pas nieuwe locaties ontwikkelen) worden toegepast.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 18 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
-
-
-
Voor elke vestigingslocatie moet de ligging, omvang en categorie worden aangegeven. Daarnaast worden de gemeenten nadrukkelijk gevraagd te overwegen om een herstructureringsfonds en parkmanagement op nieuwe - en zo mogelijk op bestaande- bedrijventerreinen in te stellen. Eveneens wordt de gemeenten verzocht om het opstellen van een visie op zorgvuldig ruimtegebruik en ruimtelijke kwaliteit te overwegen; De gemeenten wordt aanbevolen om in de Gemeentelijke Visie op de Vestigingslocaties (GVV) grondbeleid en beleid voor het ontwikkelen van duurzame bedrijventerreinen op te nemen. Het verdient het de voorkeur om de GVV in een structuurvisie neer te leggen.
2. Zowel overschotten als tekorten aan bedrijventerreinen moet worden voorkomen. Hiervoor worden, rekening houdende met de afweging in het kader van de Ladder, in samenwerking met de gemeenten afspraken gemaakt over de omvang van nieuw aan te leggen bedrijventerreinen en kantoorlocaties (formele werklocaties) afgezet tegen de marktvraag. Dit is voor de komende tijd neergelegd in de provinciale Visie werklocaties Flevoland 2030+ waarmee de gemeenten akkoord zijn gegaan. 3. Naast de formele werklocaties zijn de informele werklocaties van belang. De provincie wil dat daar ruimte aan geboden blijft worden. Voor een eventuele provinciale rol bij informele werklocaties is meer inzicht nodig. Het gaat daarbij om onderzoek naar de ontwikkeling van informele werklocaties. 4. De provincie hecht nadrukkelijker aan (bestuurlijke) afstemming op bovengemeentelijke schaal. Voor afstemming wordt het Portefeuillehoudersberaad Economische Zaken benut waarin de portefeuillehouders Ruimte (kunnen) participeren als ruimtelijk-economische onderwerpen geagendeerd worden. Met de Visie op werklocaties Noordelijk Flevoland hebben de gemeenten Urk en Noordoostpolder in gezamenlijkheid een GVV vastgesteld. Met deze GVV is volgens de provinciale kaders inzicht geboden in de ontwikkelingen van bedrijvigheid binnen de gemeente Noordoostpolder.
In de Visie op werklocaties wordt ingegaan op de wenselijkheid en mogelijkheid van realisatie van agrarische verwerkingsbedrijven in het landelijk gebied. Verwezen wordt naar paragraaf 2.2.1. De Visie sluit aan op de provinciale RO Visie Werklocaties Flevoland. Daarbij geldt dat in de Visie de Ladder voor duurzame verstedelijking is verankerd en dat de gemaakte beleidskeuzes hierop zijn gebaseerd. Initiatief in relatie tot het beleid Nu het onderhavige initiatief past binnen de Visie op werklocaties Noordelijk Flevoland, is daarmee tevens gezegd dat de Structuurvisie werklocaties (2011) niet in de weg staat aan het verlenen van planologische medewerking. Het initiatief is in overeenstemming met de, gelet op het initiatief relevante, provinciale beleidskaders.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 19 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
2.3
Gemeentelijk beleid
2.3.1
Structuurvisie Noordoostpolder 2025 De Structuurvisie Noordoostpolder 2025 is in december 2013 vastgesteld door de gemeenteraad. De Structuurvisie is een integrale ruimtelijke visie, die de huidige en gewenste waarden en kwaliteiten beschrijft. De visie heeft als doel de verschillende belangen, zoals voor het landschap, de kernen en de gemeenschap, zorgvuldig af te wegen en hieruit een integrale ontwikkelingsrichting te bepalen voor de periode tot 2025. De Structuurvisie Noordoostpolder 2025 is vooral gericht op behoud en verbetering van de bestaande ruimtelijke, economische en sociale kwaliteiten en daarmee op het versterken van het landschap en de leefbaarheid in de gemeente Noordoostpolder. Beschrijving beleid In de gemeente Noordoostpolder is in grote mate sprake van schaalvergroting. Van de oorspronkelijke 1.600 agrarische erven in de Noordoostpolder zijn er door de schaalvergroting nog geen 1.000 over. Dat aantal daalt nog verder. Tot nu toe zijn vooral oorspronkelijke erven vrijgekomen met weinig extra bebouwing, maar dat gaat de komende jaren veranderen wanneer ook erven vrijkomen die al eens zijn uitgebreid en waarvan de erfsingel vaak ontbreekt. Het herstellen van de oorspronkelijke kwaliteit van deze vrijkomende agrarische bedrijfskavels (vab’s) blijkt een grote uitdaging.
De meeste vab’s zijn uitermate geschikt voor de uitoefening van niet-agrarische bedrijfsactiviteiten in de lichte milieucategorieën, kleinschalige voorzieningen, recreatie en alternatieve woonvormen zoals ‘rood voor rood’. Hieraan worden wel voorwaarden gesteld om negatieve effecten te vermijden met betrekking tot de (ontwikkeling van de) kernen en de mogelijk negatieve effecten op omliggende bedrijven. De uitvoering van het beleid zal nadrukkelijk worden gemonitord en indien nodig zal het beleid worden bijgesteld. Agrariërs kunnen hun bedrijfsvoering onder andere rendabel houden door werkzaamheden op te pakken die in het verlengde daarvan liggen: er is dan sprake van ‘ketenverlenging’. Te denken valt aan de opslag en/of het schonen en verwerken van agrarische producten van de betreffende agrariër zelf maar ook van producten van andere, nabijgelegen agrarische bedrijven. Daarom wordt ruimte geboden aan ketenverlenging op agrarische erven. Daaraan wordt een aantal randvoorwaarden gesteld: • Aansluiting bij de karakteristiek van de polder: landschappelijke inpassing door behoud dan wel (bij erfuitbreiding) opnieuw aanplanten van erfsingels en aandacht voor kleur van gebouwen; • Uitbreiding kan tot maximaal 3,0 hectare (bruto) of tot maximaal 6,0 hectare als twee erven kunnen worden samengevoegd (zie onder ‘Verruimen van agrarische erven’).
Als bedrijven verder door willen groeien kan dit op de gemengde bedrijventerreinen bij Emmeloord. De grote maat van dergelijke bedrijven maakt vestiging op de lokale bedrijventerreinen bij de dorpen ongewenst, omdat ze landschappelijk gezien in geen verhouding staan tot de geringe afmetingen van de dorpen; • Geen belemmeringen voor bewoners: maximaal categorie 3.1. en zo nodig maatregelen om hinder te beperken;
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
•
Blad 20 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Een geringe verkeersaantrekkende werking of garanties van een goede ontsluiting/bereikbaarheid.
Initiatief in relatie tot het beleid De ontwikkeling heeft betrekking op de uitbreiding van een bestaand agrarisch verwerkingsbedrijf, waarbij de uitbreiding niet meer dan 3,0 hectare (bruto) bedraagt. Gelet op de binding met het landelijk gebied, ligt verplaatsing naar een bedrijventerrein niet voor de hand. Door middel van het opnemen van een voorwaardelijke verplichting in de planregels wordt geborgd dat de erfsingel wordt aangelegd en behouden blijft. De ter plaatse toegestane activiteiten zijn te beschouwen als activiteiten die naar aard en invloed op de omgeving passend zijn in het landelijk gebied en verenigbaar zijn met woonfuncties in de omgeving van het projectgebied. Het bestemmingsplan kent geen beperking ten aanzien van de ter plaatse toegestane categorieën van bedrijvigheid. In de begripsomschrijvingen (planregels) zijn de activiteiten echter dermate afgekaderd, dat geen vanuit milieuhygiënisch oogpunt sterk belastende activiteiten mogelijk worden gemaakt. Het initiatief is passend binnen de uitgangspunten van de Structuurvisie. 2.3.2
Landschapsvisie Noordoostpolder De erven zijn door hun erfbeplanting de belangrijkste landschapselementen in de polder. Ondanks de grote mate van stedenbouwkundige en architectonische variatie overheerst in het landschap van de Noordoostpolder het beeld van een standaarderf: een vaste kavelmaat, een vierkante hoofdvorm en een uniforme opzet van de erfbeplanting. Afwijkingen van de vaste module, door agrarische erven die veel groter zijn en bebouwing die door de beplantingswal heen steekt springt wel bijzonder in het oog. In deze landschapsvisie is het bestaande erf van het bedrijf van Waterman Onions reeds aangeduid als een erg dat groter is dan 1,5 hectare. In onderstaande figuur is dat het erf aangeduid met het cijfer 3.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 21 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Hierin wordt de verruiming van het erf grotendeels mee ondervangen. Temeer omdat het bestemmingsvlak weliswaar 6 ha is maar het effectieve bebouwingsvlak ca 4,5 ha is en dat is onder het uitbreidingsconcept zoals deze in de Landschapsvisie is beschreven. Er is hier sprake van specifiek maatwerk, dat niet binnen bestaande vastgestelde kaders valt. Bij het opstellen van dit maatwerk is wel zo veel mogelijk rekening gehouden met de uitgangspunten van de landschapsvisie: we willen rechthoekige erven die zijn omzoomd met een forse erfsingel en bij uitbreiding willen we zoveel mogelijk rekening houden met het ritme van het landschap. Zo is een uitbreiding van Waterman Onions richting de Rijksweg A6 landschappelijk beter te motiveren dan een uitbreiding richting Nagelerweg. De achterliggende gedachte hierbij is de openheid vanaf de Nagelerweg. Door het erf richting de A6 uit te breiden blijft er een open lijn richting het landschap. Uitbreiden de andere kant op, zet deze zichtlijn helemaal dicht. Daarnaast past de gekozen uitbreiding ook beter in het ritme van het landschap, omdat erven meer worden geclusterd. 2.3.3
Visie Werklocaties Noordelijk Flevoland Noordelijk Flevoland zit post-crisis economisch weer in de lift. Bedrijven groeien en investeren, de werkgelegenheid stijgt en het algehele ondernemerssentiment is positief. In de visie wordt aangegeven dat agrariërs hun bedrijfsvoering onder andere rendabel kunnen houden door werkzaamheden op te pakken die in het verlengde daarvan liggen: er is dan sprake van ketenverlenging. Dit kan zowel als nevenactiviteit of als
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 22 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
hoofdactiviteit. Te denken valt aan opslag, en/of het schonen en verwerken van agrarische producten van de betreffende agrariër zelf of van producten van andere agrarische bedrijven. Deze activiteiten zijn zo verbonden met de agrarische keten, dat vestiging op een regulier bedrijventerrein onlogisch is. Deze bedrijven worden wat betreft uitbreidingsmogelijkheden gelijk gesteld aan volwaardige agrarische bedrijven. Dat betekent dat een erf kan uitbreiden tot 3 hectare (bruto) en afhankelijk van de ruimtelijk ligging kan verdubbelen tot 6 hectare, wanneer twee erven samengevoegd kunnen worden. In het voorliggende bestemmingsplan is sprake van ketenverlenging, namelijk de verwerking en bewerking van agrarische gewassen. Het gaat hierbij om een hoofdactiviteit, aangezien op het perceel geen activiteiten meer plaatsvinden die direct betrekking hebben op de teelt van gewassen of het houden van dieren. De ontwikkeling past daarmee binnen de Visie op werklocaties. Conclusie Het initiatief is in overeenstemming met de, gelet op het initiatief relevante, gemeentelijke beleidskaders. 2.3.4
Welstandsnota gemeente Noordoostpolder (2016) Op basis van de geldende welstandsnota geldt onderstaand kaartbeeld. Het gebied is aan te merken als ‘welstandsluw’.
Een groot deel van het grondgebied van de gemeente Noordoostpolder is welstandsvrij of welstandsluw. In deze gebieden hoeven bouwplannen niet meer of slechts beperkt getoetst te worden aan redelijke eisen van welstand. Voorbeelden hiervan zijn woonwijken gebouwd na de jaren 50 van de vorige eeuw, bedrijventerreinen en kanten van een gebouw die niet naar openbaar toegankelijk gebied zijn gekeerd. De basis voor de keuze welstand, welstandsluw en welstandsvrij vormt de visie: Voor (bestaande, te veranderen of nieuw te bouwen) bebouwing, die duidelijk bijdraagt aan het karakteristieke beeld en de ruimtelijke identiteit van de gemeente Noordoostpolder is welstand relevant, voor andere bebouwing minder of helemaal niet.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 23 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
3
Hoofdstuk 3
3.1
Historie en huidige situatie Het perceel Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord ligt in Flevoland: gemeente Noordoostpolder. Hieronder is de ligging van Emmeloord vanuit een hoger perspectief weergegeven.
Nederland, provincie Flevoland, gemeente Noordoostpolder en de ligging van Emmeloord in één oogopslag.
Emmeloord ontleent zijn naam aan het dorpje Emmeloord op noordpunt van het voormalige eiland Schokland, wat lag in de Zuiderzee. In 1936 werd begonnen met het aanleggen van de dijken om de Noordoostpolder die in 1940 klaar waren. Daarna begon het droogmalen van het gebied dat in 1942 droogviel. Er werd ruim 50.000 hectare land ontgonnen uit de IJsselmeer. Op 15 december 1943 werd het eerste huis van Dorp A betrokken. De werknaam is later vervangen door Emmeloord. Vanwege de ontginning gedurende de Tweede Wereldoorlog was de Noordoostpolder een dorado voor onderduikers. Veel wegen in het gebied herinneren
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 24 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
nog aan deze tijd, zo ook de Hannie Schaftweg waaraan Waterman Onions zich bevindt. Het plangebied zelf valt niet binnen de kern van de stad Emmeloord. Het is ten zuiden van de stad gelegen. Hieronder een weergave van Emmeloord (blauwe cirkel) ten opzichte van het plangebied (oranje cirkel) in zijn huidige situatie.
3.2
Het perceel in zijn directe omgeving Waterman Onions BV bevindt zich aan de Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord. De Hannieschaftweg verbindt de Nagelerweg (N716) met Emmeloord. De weg wordt doorkruist door de A6 en de Urkerweg. De omgeving rondom het plangebied kenmerkt zich voornamelijk door uitgestrekte agrarische landerijen. Daarnaast bevinden zich enkele woningen en bedrijven in de nabijheid van het plangebied. Hieronder een weergave van het plangebied in zijn directe omgeving.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
3.3
Blad 25 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Het gewenste plan In 2017 is vervolgens het bestemmingsplan vastgesteld die de vergroting tot 3,9 hectare heeft mogelijk gemaakt en waardoor het agrarisch verwerkingsbedrijf er momenteel als volgt uit ziet.
Hieronder is een foto opgenomen die de meest recente uitbreiding laat zien van 2017/2018.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 26 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Door dit nieuwe bestemmingsplan zal er een bebouwingsvlak op het gehele perceel worden gelegd, en zal hier de bestaande gevelrooilijn die is geprojecteerd op de Hannie Schaftweg van de bestaande bebouwing worden aangehouden. De afstand van de bebouwing tot de erfgrens bedraagt aan de west-, noord en zuidzijde 12 meter. De bouwhoogte van de gebouwen is 16 meter. Verder wordt er voorzien in het bieden van ruimte voor het kunnen laten overnachten van chauffeurs in een ruimte met toilet, douche en slaapvoorziening. Dit wordt als een binnen de bestemming passende voorziening gezien.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 27 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Op onderstaande weergave is de verbeelding van dit bestemmingsplan weergegeven die toeziet op het gevraagde perceel van 6 hectare.
3.4
Verkeersstromen naar en op het terrein Als voorbereiding op het kunnen uitvoeren van het akoestische onderzoek is de situatie ten aanzien van de verkeersstromen naar het terrein en op het terrein in beeld gebracht. De aan‐ en afvoer van producten vindt plaats met vrachtwagens. Het te verwachten aantal vrachtwagens per etmaal is in onderstaande tabel opgenomen.
Circa 80% van de aanvoer vindt plaats via de bestaande loslocaties, 20% aan de nieuwe loslocaties. De afvoer zal evenredig verdeeld zijn over de beide locaties. De vrachtwagens maken gebruik van de bestaande in‐ en uitrit. Het transport naar de nieuwe locatie zal plaatsvinden via de achterzijde van de gebouwen, waarna de vrachtwagens via een aparte voorziening door de opslaggebouwen rijden. Voor het transport op het buitenterrein wordt gebruik gemaakt van 2 heftrucks (1xLPG en 1x elektrisch). De heftrucks worden 10 uur in de dag‐, en 4 uur in de avondperiode gebruikt.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 28 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Circa 75% van het transport komt vanaf de rijksweg uit noordelijke richting via de Hannie Schaftweg naar het bedrijf en rijden in omgekeerde richting weer naar de rijksweg. Circa 25% komt vanaf zuidelijke richting en rijdt ook in zuidelijke richting weer weg.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 29 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
4
Hoofdstuk 4 Omgevingsfactoren
4.1
Algemeen Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan moet worden nagegaan of er milieuaspecten zijn (in of nabij het plangebied) die belemmeringen (kunnen) vormen voor de in het plangebied opgenomen functies. In dit kader dient aandacht te worden besteed aan: 1. Archeologie; 2. Bodem; 3. Cultuurhistorie; 4. Ecologie 5. Externe en fysieke veiligheid; 6. Geluid(hinder); 7. Luchtkwaliteit; 8. M.E.R.-beoordeling; 9. Milieu(hinder); 10. Verkeer en vervoer; 11. Water(toets).
4.2
Archeologie Op basis van de archeologische beleidskaart van de gemeente Noordoostpolder ligt het perceel voor het merendeel in een gebied dat is aangeduid als: ‘Lage archeologische verwachting’. Een kleiner deel bevindt zich in een gebied met een ‘Hoge archeologische verwachtingswaarde’.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 30 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
In het gebied met een lage verwachtingswaarde is het uitvoeren van nader archeologisch (bureau)-onderzoek niet nodig. Daarnaast is geconstateerd dat het noordwestelijke deel van het nieuwe erf in een gedeelte ligt met een hoge archeologische verwachting. Op de verbeelding is hier een archeologische dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologische verwachtingswaarde hoog‘ op geprojecteerd met in de regels een bijbehorend vergunningstelsel daarbij. Voor dit gedeelte is een archeologisch onderzoek uitgevoerd. Het onderzoeksrapport daarvan is als bijlage bij dit bestemmingsplan gevoegd. De conclusie van het onderzoek luidt als volgt: De kans dat binnen het plangebied daadwerkelijk archeologische resten voorkomen uit de prehistorie wordt op basis van geologische kaarten en de bodemopbouw binnen het plangebied klein geacht. Op basis hiervan heeft het bevoegd gezag aangegeven dat een archeologische dubbelbestemming niet meer nodig is, op de verbeelding is dan ook geen archeologische dubbelbestemming (meer) aanwezig. 4.3
Bodem In het bestemmingsplan dient aangegeven te worden wat de kwaliteit van de bodem ter plaatse van het plangebied is. Tevens dient, op basis van de Mor (Ministeriële regeling omgevingsrecht), bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen een rapportage van een recent uitgevoerd verkennend bodemonderzoek toegevoegd te worden. Voor verkennend bodemonderzoek op een locatie wordt de norm NEN 5740 gehanteerd (onderzoeksstrategie voor verkennend bodemonderzoek). De bodemonderzoeksplicht geldt alleen voor bouwwerken waarvoor: • een reguliere omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is vereist; • waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend (twee of meer uren per dag) mensen zullen verblijven; • die de grond raken; • waarvan het bestaande gebruik wijzigt (interne verbouwing); • die niet naar aard en omvang gelijk zijn aan een bouwwerk genoemd in het Besluit bouwwerken; • waarvan geen reeds bruikbare recente onderzoeksresultaten aanwezig zijn; • die geen tijdelijk bouwwerk betreffen waarbij uit het vooronderzoek blijkt dat de locatie onverdacht is. Aangezien op de locatie Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord sprake is van de bouw van bedrijfsgebouwen, waarin voortdurend of nagenoeg voortdurend mensen (kunnen) verblijven is een verkennend bodemonderzoek noodzakelijk.
Door onderzoeksbureau Sigma Bouw en Milieu uit Emmen is vervolgens het verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Het gehele onderzoeksrapport, bekend onder de gegevens ‘verkennend milieukundig bodemonderzoek volgens NEN-5740 Hannie Schaftweg naast nr. 12 te Emmeloord, rapportnummer 16-M7620, d.d. 4 april 2016’ is als bijlage bij dit bestemmingsplan gevoegd. Hierna volgt de conclusie van het uitgevoerde onderzoek.
NL.IMRO.0171.BP00633-ON01 Toelichting
Gemeente Noordoostpolder
Blad 31 van 47
Bestemmingsplan Landelijk Gebied,
September 2020
Hannie Schaftweg 12 te Emmeloord
Versie 01
Op basis van de chemische onderzoeksresultaten t.p.v. het onderzochte deel van de locatie zijn er uit milieuhygiënische overwegingen in relatie tot de bodemkwaliteit, naar onze mening, geen belemmeringen ten aanzien de beoogde uitbreiding van een bedrijfspand op de onderzoekslocatie. 4.4
Cultuurhistorie Modernisering Monumentenwet (MoMo)/Wijziging Bro Per 1 januari 2012 is de wijziging van het Bro in werking getreden die een verplichting inhoudt om in de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving op te nemen van de wijze waarop met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden. Wat zijn cultuurhistorische waarden? De Memorie van Toelichting bij het Besluit ruimtelijke ordening zegt met betrekking tot artikel 3.1.6 het volgende: "Bij cultuurhistorische waarden gaat het over de positieve waardering van sporen, objecten, patronen en structuren die zichtbaar of niet zichtbaar onderdeel uitmaken van onze leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een plek of gebied en bieden ze aanknopingspunten voor toekomstige ontwikkelingen. Deze cultuurhistorische elementen kan men niet allemaal als beschermd monument of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we ons land beleven, inrichten en gebruiken" Het begrip cultuurhistorie heeft drie aspecten: 1. Historische (stede)bouwkunde / bovengrondse monumentenzorg; bijvoorbeeld kastelen, kerken, oude boerderijen of landhuizen, maar ook stedenbouwkundige elementen als beschermde stads- of dorpsgezichten; 2.