CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

6.1 Verkenningsrapportage samenvoegen scholen Marknesse.pdf

Commissie Bestuur, Financien, Veiligheid en Economie 17 juni 2024, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 6: Voorgenomen fusie CBS De Zeester, KBS Mariabasisschool en OBS De Driesprong te Marknesse12.818 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 23

Overige punten van aandacht

-

Voor het begin van het nieuwe schooljaar van de fusie (vervolg)afspraken maken m.b.t communicatie, overlegstructuren, ouderbetrokkenheid/ contacten en externe contacten, evenals over de organisatie en kosten

-

van de tussenschoolse opvang (tso); Aan het einde van het laatste schooljaar voor de fusiedatum alle leerling-gegevens e.d. van de Brin die komt te vervallen overdragen aan de Brin die in stand wordt gehouden; Bij de start van het nieuwe schooljaar starten met een ‘voorlopige’ MR, gevormd uit de samengevoegde MR-en. Lopende het schooljaar komen tot een definitieve MR d.m.v. verkiezingen. Na twee jaar de fusie evalueren met de relevante gremia. Mutatie personeels- en salarisgegevens; deze werkzaamheden worden uitgevoerd door Onderwijsbureau Meppel. Melding instanties:

­

Het Ministerie van OCW (DUO). Onderwijsbureau Meppel kan deze melding verzorgen door het versturen van het BRIN-mutatieformulier.

­ ­ ­

Samenwerkingsverband Passend Onderwijs (indien gewenst). Bank(en) beheer procuratiematrix en de autorisaties (Tobias, ProActive en VISMA) te wijzigen of stop te zetten.

Formele stappen overdracht samenvoeging Hieronder staan, zonder in details te treden, globaal weergegeven welke acties door (of namens) het schoolbestuur/ de schoolbesturen moeten worden ondernomen, namelijk:

m.b.t. de (gemeenschappelijke) medezeggenschapsraden:

­ ­ ­

indienen adviesaanvraag inzake de intentie tot samenvoegen van de scholen; indienen instemmingsaanvraag met betrekking tot het voorgenomen besluit tot samenvoeging; indienen instemmingsaanvraag met betrekking tot de fusie-effectrapportage.

m.b.t. de College van Bestuur:

­

besluitvorming tot overdracht en/ of samenvoeging van de scholen. Dit besluit dient een onomkeerbaar besluit te zijn (opgenomen in vastgestelde en getekende notulen). Dit houdt in: goedkeuring Raad van Toezicht.

m.b.t. de minister van OCW:

­ ­

insturen BRIN–mutatieformulier. melding samenvoeging scholen;

m.b.t. het personeel:

­

informeren personeel over de besluitvorming door het schoolbestuur en medezeggenschapsraden en over de situatie per 1 augustus 2025 (zowel in formatieve als rechtspositionele zin);

m.b.t. de ouders:

­ ­

raadplegen bij overdracht of fusie van de school; informeren ouders over de besluitvorming door het schoolbestuur en de medezeggenschapsraden en over de situatie per 1 augustus 2025;

­

uitschrijven leerlingen op de school waarvan het administratienummer/ Brin verdwijnt en inschrijven op nieuwe school (In stand gehouden Brin).

m.b.t. de gemeente:

­ ­ ­ ­

adviesvraag aan college van B&W op de FER; instemming gemeenteraad mbt fuseren openbaar onderwijs; overdracht juridisch eigendom middels gewijzigde kadastrale akte; (mogelijk) inleveren sleutel van een schoolgebouw.

M.b.t. NKSR

­

Instemming m.b.t. fuseren katholieke school

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 24

 

m.b.t. samenwerkingsverband Passend Onderwijs:

­

melden samenvoeging scholen.

m.b.t de bank:

­

bankrekeningen te verdwijnen Brin stop zetten of op naam zetten van nieuwe school/ in stand gehouden Brin.

 

m.b.t. instanties:

­ ­ ­

crediteuren; verzekerings- en overige contractpartners: overdragen of opzeggen lopende contracten of abonnementen; een postbusnummer dient te vervallen.

m.b.t. schooladministratie:

­

samenvoegen alle administratieve gegevens.

m.b.t. Onderwijsbureau Meppel:

­ ­

melding overdracht scholen; wijzigen procuratiematrix en autorisaties (Tobias, Cito, ProActive en VISMA).

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 25

Bijlagen A. Bijlagen werkgroep Identiteit Nadere uitwerking van de werkgroep identiteit met adviezen voor concretiseren van identiteit 1. Momenten van bezinning en stilte (‘rituele momenten’) Bouw op de nieuwe school momenten van stilte en rust in, bijvoorbeeld bij de eetmomenten. Zorg ervoor dat iedereen hier kan doen wat bij hem of haar past: bidden, gewoon stil zijn, mediteren etc. Er moet ruimte zijn voor alle kleuren. Belangrijke uitgangspunten hierbij: -

Iedereen is stil (argumentatie: omdat de school het belangrijk vindt om rust in te bouwen in de schooldag: dit hoort bij de visie op het samen school zijn en bij de visie van de school op vorm en kleur geven aan (brede) identiteit. Hierdoor ontstaat er óók ruimte voor leerlingen die willen bidden, maar wordt leerlingen die dit niet willen niets opgelegd);

-

Er is ruimte voor iedereen in eigen vorm;

-

Er is respect voor elkaar, je leert omgaan met verschillen en respecteert die van elkaar;

-

Geef op diverse wijze vorm aan deze momenten: laat het een balans zijn tussen momenten waar ‘de kracht van stilte’ ervaren wordt, en momenten met een rijke, actieve, inhoudelijke invulling.

Adviezen rituele momenten -

Ga als team op zoek naar passende rituelen voor deze samenwerkingsschool.

-

Benoem tijdens momenten van stilte actief dat kinderen allerlei diverse mogelijkheden hebben om dit moment in te vullen, waarvan bidden er één is.

-

Het plenaire gebed waarbij een leerkracht ‘voorgaat in gebed’, kan geen plek krijgen op een samenwerkingsschool. Wel kan de leerkracht vragen stellen die uitnodigen tot eigen vormen van bezinning, reflectie of gebed. Bijvoorbeeld: waar ben jij dankbaar voor?

-

Ga als team met elkaar in gesprek over hoe iedereen zichzelf kan zijn op school: hoe vormen jullie samen die identiteitsrijke school? Ga in gesprek over wat je van jezelf laat zien en hoe dit op inclusieve (niet-overtuigende) wijze een plek kan krijgen.

-

Er ligt een zorg rondom de verwachting van het ‘zelfstandig bidden’ bij (christelijke) leerlingen in de onderbouw. We adviseren het team om hierover met de desbetreffende (christelijke) ouders én met elkaar in gesprek te gaan, zodat er samen zorg voor gedragen wordt dat ook deze leerlingen hun plek vinden tijdens deze rituele momenten.

2. Dagstart (‘onderdeel van rituele momenten’) De dagstart wordt op diverse manieren ingevuld, waarbij een diversiteit aan bronnen gebruikt wordt waaraan leerlingen zich kunnen spiegelen. Dit kan de ene keer een religieuze bron zijn, zoals een verhaal uit de bijbel, de andere keer een sprookje, filmpje, verhaal of prentenboek. Het kan niet zo zijn dat er één bepaald geloof opgelegd wordt. We adviseren het nieuwe team om met elkaar ‘het speelveld’ te onderzoeken. Op deze manier ontwikkel je een ‘eigen kader’ met een diversiteit aan bronnen en vormen die past bij de samenwerkingsidentiteit van de school. Formuleer, eventueel in samenspraak met de identiteitscommissie, een ‘schoolbelofte’ en neem deze op in het borgingsdocument identiteit. De werkgroep wil meegeven dat het belangrijk is om je altijd bewust te zijn van je rol als leerkracht om een plek te creëren waar alle kinderen zich thuis voelen.

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 26

Adviezen dagstart -

Creëer geen ‘buffet cultuur’, waar leerlingen of ouders enkel van nemen wat ze willen. Het gaat juist om verbinding en gezamenlijkheid. Kies een set van rituelen die je samen doet. Het is niet wenselijk om leerlingen te verdelen in groepen die verschillende dingen doen op hetzelfde moment: gaat om samen één school zijn;

-

Indien sprake van thematisch (levensbeschouwelijk) onderwijs: koppel deze thema’s aan de dagstart;

-

Bepaal als team samen de frequentie van deze momenten en denk na hoe je dit noemt, bezinning, dagstart, of… Zorg ervoor dat de term recht doet aan de samenwerkingsidentiteit.

3. Feesten, vieren en activiteiten A. Viercyclus Het nieuwe team stelt, samen met de identiteitscommissie, een viercyclus (feesten, vieringen, activiteiten) op. Vanuit daar wordt per activiteit bekeken welke commissie eventueel nodig is bij het ondersteunen ervan (bijvoorbeeld: AC of viercommissie). Deze cyclus moet inclusief zijn: zoek naar een goede balans tussen de ‘drie kleuren’ in activiteiten, vieringen en feesten die je samen vormgeeft Stel deze cyclus zorgvuldig samen en heb daarbij oog voor de diversiteit die de context van deze samenwerking vraagt. Denk in (nieuwe) mogelijkheden, bijvoorbeeld door te werken met een vaste basis van (kern)vieringen en een flexibele schil, waarin er ruimte is voor afwisseling en pluriformiteit. Vier samen vanuit betekenis: het verhaal dat hoort bij een bepaald feest of viering mag verteld worden, zolang dit niet ‘belijdend’ gebeurt. Advies viercyclus Stel een diverse viercommissie samen waarin ook ouders een plek hebben (meedenken en meedoen: samen school zijn). Deze commissie kan (inhoudelijk) klankborden met de identiteitscommissie, om er zo samen voor te zorgen dat de veelkleurige en inclusieve samenwerkingsidentiteit ook op het gebied van vieren geborgd wordt. Op het gebied van praktische organisatie kan deze groep waar nodig klankborden of samenwerken met de AC.

Trek dit breed: deze commissie kan dus ondersteunen bij feesten, vieren en activiteiten. Laat AC en viercommissie afspraken met elkaar maken wie waarvoor verantwoordelijk is. B. De plek van de vieringen; waar vieren we? Hier kan de werkgroep geen unaniem advies over geven, daarom is ervoor gekozen om een a en b clausule op te nemen met betrekking tot dit advies. De b-clausule is het advies waar twee leden van de werkgroep (ouders van OBS De Driesprong) zich het beste in kunnen vinden. Achter de a-clausule scharen de overige leden van de werkgroep zich. a.

Vieringen mogen zowel op school, als op andere geschikte plekken plaatsvinden. Het team kan, in samenspraak met de identiteitscommissie, besluiten welke plek het beste past bij welke viering. Dit kan dus ook bijvoorbeeld een kerk zijn, zolang de kerk enkel dient als ruimte om samen te komen en er geen socialiserende rol is weggelegd voor medewerkers van de kerk. Zij kunnen in overleg wel onderdeel zijn van een viering, bijvoorbeeld om informatie te geven. Stem hierover zowel met de identiteitscommissie als met het team zorgvuldig af en communiceer hierover transparant naar ouders.

b.

Vieringen vinden plaats op school of in een voor iedereen toegankelijk gebouw, en dus een ‘neutrale plek’. Dit kan geen religieuze instelling of religieus gebouw zijn. Het is niet de taak van school om de kerkelijke instanties te bekrachtigen in hun zijn of vieringen te socialiseren. De school is inclusief en kan daarmee geen drempels creëren voor deelname in een setting die niet voor iedereen toegankelijk is. NB: Dit staat geheel los van het incidenteel bezoeken van kerken, moskeeën of tempels ter kennismaking van levensbeschouwingen die nadrukkelijk wel een onderdeel zijn van het onderwijs maar dit los van vieringen of functies.

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 27

4. Samen zingen Besteed aandacht aan ‘samen zingen’, ook in de aanloop naar een viering, en zing dan bijvoorbeeld ‘thematisch’. Kies de liederen die je samen zingt zorgvuldig uit, waarbij je let op tekst en toon, zodat de liederen toegankelijk zijn voor alle leerlingen. Belangrijke uitspraak: “Thematisch zingen vinden we passend voor de nieuwe school, belijdend zingen niet.” Ga als team op zoek naar een thema waarin alle leerlingen zich herkennen (bijvoorbeeld ‘licht’ of ‘dankbaarheid’) en waarbij de ruimte is om een eigen invulling aan de teksten te geven. De tekst mag geen leerlingen uitsluiten: ga dus zorgvuldig met elkaar bepalen welke liederen passend zijn. Maak samen keuzes die passen bij de samenwerkingsidentiteit van de school. Ook bij (de aanloop naar) een viering kan het team kiezen voor (thematisch passende) liederen, bijvoorbeeld met kerst liederen die vertellen over de geboorte van Jezus. Zolang deze liederen niet belijdend zijn, kunnen ze gezamenlijk gezongen worden. De onderbouwing van de keuze van de liederen hangt samen met onderdelen of thema’s van het levensbeschouwelijk onderwijs. Introduceer deze specifieke liederen transparant en zorgvuldig bij leerlingen. 5. Levensbeschouwelijk onderwijs Zie bijlage A2 voor een selectie van eventueel passende methodes die de meegegeven worden ter overdenking aan het team.

De uiteindelijke keuze voor een methodiek of (combinatie van) methodes ligt bij het team zelf. Wel adviseren we het team met klem óm een methode of methodiek te kiezen, zodat het levensbeschouwelijk onderwijs op de nieuwe school niet verzandt of verdwijnt. Ook adviseren we om voor een inclusieve methode te kiezen, die een passende balans kent in gebruik van verschillende levensbeschouwelijke bronnen en tradities. De frequentie van het levensbeschouwelijk onderwijs is aan het team, en hangt samen met de vorm die gekozen wordt. Wel spreken we de hoop uit dat aandacht voor de (levensbeschouwelijke) identiteitsontwikkeling van leerlingen iets is dat elke dag aanwezig is, door de manier waarop je samen leert en leeft op school. Maak de keuze als één team, waarbij je gebruik maakt van elkaars expertise en kijk naar levensbeschouwelijk onderwijs als één geheel. Adviezen levensbeschouwelijk onderwijs -

Maak heldere afspraken over de bronnen die je gebruikt. Maak de ‘driekleurige wortels’ hierin evenredig en in balans (‘evenredige frequentie’) zichtbaar;

-

Zorg voor een bij de context van de school passend aanbod van Bijbelverhalen, naast het kennismaken met (verhalen uit) andere tradities. Vergeet hierbij ook de islamitische traditie niet, gezien de Nederlandse context;

-

Leer kinderen over en vanuit de kracht van de kleurrijke wereld (‘diversiteit’) en benader levensbeschouwing breed. Laat ze kennismaken met verschillende culturele, maatschappelijke, religieuze en wetenschappelijke perspectieven (‘wereldwijsheid’);

-

Laat leerlingen nieuwsgierigheid en respect ontwikkelen voor al die verschillen perspectieven;

-

Geef leerlingen voeding en ruimte om hun eigen blik op zichzelf, de ander en de wereld te ontwikkelen;

-

Kies een methode, of vul aan met een methode, die ook aandacht besteed aan vaardigheden als filosoferen, kritisch denken, dialogiseren en ‘samenleven met verschillen’, maar ook voor creativiteit (verbinding met kunst of muziek waar mogelijk);

-

Zoek verbinding met onderwijskundige en pedagogische keuzes, bijvoorbeeld door het werken vanuit rijke, vakoverstijgende thema’s en sluit aan bij methodiek voor sociaal-emotioneel leren;

-

Sluit primair aan bij de leefwereld (vragen en ervaringen) van de leerling;

-

Zorg ervoor dat de manier waarop (bijbel)verhalen verteld worden, past bij de identiteit van de school: inclusief, dus niet overtuigend of belijdend;

-

Leerkrachten moeten voldoende scholing aangeboden krijgen om zelf vorm te kunnen geven aan levensbeschouwelijk onderwijs of, in het geval van keuze voor Lessen Leren Leven, hier de overige dagen zelf op aan te kunnen sluiten en verdieping in te kunnen aanbrengen.

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 28

6. Vervolgtraject en begeleiding a. Instellen identiteitscommissie De werkgroep adviseert om als vervolg op de verkenning gedaan door de werkgroep identiteit een identiteitscommissie in te stellen. In deze commissie zijn leerkrachten en ouders van de huidige drie scholen evenredig vertegenwoordigd1. Deze commissie buigt zich over identiteitsvraagstukken rondom het vormgeven aan identiteit op de nieuwe samenwerkingsschool in Marknesse. Op deze manier geven zij gevraagd en ongevraagd advies aan de directeur. Gedurende ten minste het eerste schooljaar vanaf de start van de nieuwe school, gebeurt dit onder begeleiding van een identiteitsbegeleider van Aves. Deze commissie vormt tevens de ‘oren en ogen’ van de school op het gebied van identiteit en zijn, na de directeur als eerste aanspreekpunt, ook klankbord voor ouders en (andere) leerkrachten rond identiteit gerelateerde zaken. Deze commissie vergadert drie keer per schooljaar. Hun uitgangspunt is het ‘borgingsdocument identiteit’ dat wordt opgesteld op basis van dit advies.

We adviseren om dit borgingsdocument te zien als ‘werkdocument’ dat cyclisch doorontwikkeld wordt op basis van bevindingen uit de praktijk van de samenwerkingsschool.2 De identiteitscommissie wordt, door de directie en MR geformeerd (zij dragen benoembare leden voor aan het CvB) tijdens het vervolg van de onderzoeksfase, en minimaal een half jaar voorafgaand aan de officiële start van de samenwerkingsschool. De leden van deze commissie wordt gevraagd om hun commitment voor de eerste 2 tot 3 jaar uit te spreken, om veel wisselingen in deze fase te voorkomen. Leden van de identiteitscommissie moeten een korte training of scholing aangeboden krijgen, zodat ze weten wat er van hen verwacht wordt én zodat ze ‘de taal van identiteit spreken’. Dit geldt met klem voor de leden die de openbare identiteit vertegenwoordigen. b.

Professionele begeleiding op ‘team- en schoolcultuur én identiteit’

De werkgroep identiteit spreekt haar vertrouwen uit in het doorzetten van de onderzoeksfase voor de samenwerkingsschool in Marknesse mits in het vervolgtraject zorg wordt gedragen voor professionele begeleiding op ‘cultuurbuilding’ met het team. Ook op het gebied van identiteit is professionele begeleiding nodig om hieraan passende vorm en inhoud te geven. c.

Investeren in het ‘samen één school worden’

Als vervolg op bovenstaande, adviseert de werkgroep identiteit om te investeren in het samen school worden op het gebied van leerlingen én ouders. Denk hierbij ook na over het organiseren van verbindende activiteiten voor ouders, die kunnen bijdragen aan de onderlinge cohesie en integratie. Advies: de werkgroep zou graag zien dat het nieuwe team op dezelfde plek komt te werken, ook in de tijdelijke huisvesting. Op deze manier kan je samen één school én samen één team worden; anders wordt dat heel moeilijk. Betrek bij de verschillende activiteiten ook ouders en leerlingen: maak er een school van die een fijne werkplek is voor leerkrachten, een fijne school is voor iedereen in het dorp!

1 Dus: 33/ 33/ 33 – openbaar, christelijk, katholiek. 2 Advies: minimaal één keer in de drie jaar herijken.

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 29

Bijlage A1 Waardenkader werkgroep identiteit

Bijlage A2 Mogelijke methodes: werkgroep identiteit Marknesse 1. Trefwoord In Trefwoord staat de leefwereld van kinderen centraal. Kinderen worden uitgedaagd om aan de hand van eigentijdse verhalen en Bijbelverhalen na te denken over levensbeschouwelijke thema’s. Trefwoord werkt met bronnen en tradities die meestal afkomstig zijn vanuit de Bijbel, maar er is ook ruimte voor verhalen uit andere levensbeschouwingen zoals de islam, het hindoeïsme en het boeddhisme. Trefwoord wil kinderen begeleiden en ondersteunen bij het verkennen, bewustmaken en verrijken van hun wereld. Tijdens deze levensoriëntatie komen ze allerlei levensvragen tegen: deze vragen zijn van alle tijden waarop verhalen uit verschillende tradities in de loop der eeuwen ook een antwoorden zochten. Deze en ook eigentijdse bronnen (oa spiegelverhalen) kunnen kinderen inspireren, aan het denken zetten om vervolgens er met elkaar in de klas op te reflecteren. Ze dagen hen uit om zelf keuzes te maken voor hun handelen. Dat geeft hun houvast, vertrouwen en perspectief, op weg naar de toekomst. Trefwoord geeft 15 thema’s per jaar uit. De thema’s zijn verdeeld in onder- midden- en bovenbouw en bieden materiaal voor elke dag een (korte) les levensbeschouwing. 

www.trefwoord.nl

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 30

2. Krachtbronnen Krachtbronnen is een geïntegreerde methode voor burgerschap, levensbeschouwing en sociaalemotionele ontwikkeling. Volgens Krachtbronnen worden deze vakken versterkt als ze samen gegeven worden. De methode Krachtbronnen is ontwikkeld voor leerlingen in de groepen van de midden- en bovenbouw. De onderbouw materialen zijn nog in ontwikkeling. De drie vakken burgerschap, levensbeschouwing en sociaalemotionele ontwikkeling zijn in deze methode geïntegreerd in één methode. Het lespakket is flexibel inzetbaar. De lessen helpen kinderen om een eigen kijk op het leven te ontwikkelen, goed met anderen om te gaan en met een kritische, ‘open mind’ in het leven te staan. Krachtbronnen vindt het belangrijk dat kinderen leren om goed met anderen om te gaan. Dit geldt voor alle mensen en dus ook uit andere culturen en verschillende levensovertuigingen. Krachtbronnen besteedt niet alleen aandacht aan de wereldreligies, maar ook aan natuurgodsdiensten, humanisme, en andere levensbeschouwingen. De methode is geschikt voor openbare scholen en biedt handvatten voor verdieping op bijzondere scholen. 

www.krachtbronnen.nl

https://krachtbronnen.nl/lesmateriaal/

3. Kleur op School Kleur op school staat voor levensbeschouwing voor alle kinderen. Kleur op school gaat uit van actieve pluriformiteit en verbindt de aandachtsgebieden godsdienst/levensbeschouwing, sociaal-emotionele vorming en burgerschap. Kleur op school draagt bij aan een beter schoolklimaat door samen betekenissen te ontdekken en te praten over hoe je in het leven staat. De methode heeft veel aandacht voor filosoferen, omgaan met elkaar en met de wereld om je heen. Kleur op school is gericht op de veelkleurigheid van de samenleving wat betreft afkomst, traditie en geloof. Verscheidene religies en levensvisies zijn inspiratiebronnen voor Kleur op school. Kleur op school geeft stem aan de eigenheid van elk kind en aan de diversiteit binnen de eigen groep, de school, de woonomgeving en de maatschappij. Kleur op school verschijnt 4x per schooljaar. Per periode worden er per combinatiegroep (1&2, 3&4, 5&6, 7&8) 5 lessen ontworpen. 

www.kleuropschool.nl

https://www.kleuropschool.nl/images/brochure/Kleur_op_school_-_brochure.pdf

4. Op weg met verhalen Op weg met verhalen wil vanuit een eigentijdse, open benadering kinderen aan het denken zetten over hun eigen levensbeschouwelijke context. Uitgangspunten zijn de didactiek van het dialogisch levensbeschouwelijk leren, coöperatieve werkvormen en vanuit de narratieve benadering verbinding zoeken met andere wereldgodsdiensten en levensbeschouwingen. Op weg met verhalen heeft voor elke bouw vijf rituelen ontworpen, die afwisselend gebruikt kunnen worden om de lessen (of je dag) op een betekenisvolle manier mee te beginnen. Uniek aan de methode zijn de lessen die zijn uitgewerkt voor kleuters (groep 1/2), met veel aandacht voor zintuiglijk en spelend leren. In de lessen voor onder- en middenbouw wordt tevens gebruikt gemaakt van levensbeschouwelijk leren en dialogiseren rondom prentenboeken. In vrijwel alle lessen zijn thematische suggesties te vinden rondom kunst en muziek. De lessen uit de databank zijn ‘los’ in te zetten, bijvoorbeeld binnen schoolbrede thema’s (maatwerk mogelijk) of ter ondersteuning van burgerschap / kerndoel 38 / inclusief vieren, maar ook als overkoepelende methode voor levensbeschouwelijk onderwijs. Er zijn drie jaarplannen beschikbaar waarin per jaar 4 thema’s zijn uitgewerkt voor onder-, midden- en bovenbouw, uitgaande van 1 of 2 lessen per week.

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 31

www.zinvolleronderwijs.nl (lessendatabank met o.a. de methodiek Op weg met verhalen)

https://www.zinvolleronderwijs.nl/jaarkalender (evt te gebruiken icm ontwerpen viercyclus)

https://www.zinvolleronderwijs.nl/lessenseries/Op-weg-met-verhalen

5. Hemel en Aarde Hemel en Aarde is een eigentijdse, creatieve methode met een open karakter die kinderen uitdaagt zelf op zoek te gaan naar datgene wat ze niet zien, maar soms wel voelen of weten. Hemel en Aarde wil kinderen op een speelse manier openingen en handreikingen bieden om levensvragen te stellen en samen persoonlijke antwoorden te vinden. De methode richt zich vooral op de christelijke verhalen, tradities en feesten. Daarnaast is er ruimte voor het kennis maken met andere tradities en om vanuit andere culturen antwoorden te vinden. Kenmerkend voor de methode is het gebruik van kunst, drama en filosofie. Hemel en Aarde werkt binnen de lessen vanuit de zes spirituele vaardigheden: verwonderen, verbinden, verbeelden, verhouden en verstillen. Hemel op Aarde verschijnt vijf keer per jaar in magazine vorm. Binnen elk thema worden per bouw (onder- middenen bovenbouw) zes lessen aangereikt. 

www.hemelenaarde.nl

6. Leren Leven In Leren Leven werken bij Aves de katholieke, protestantse, islamitische en humanistische vakleerkrachten met elkaar samen. Zij geven op een unieke manier vormingsonderwijs op openbare en samenwerkingsscholen. Per thema zien leerlingen 3 vakleerkrachten (bv. 3x islamitisch, 3x protestants en 3x humanistisch vormingsonderwijs). De vakleerkrachten werken binnen hetzelfde thema en brengen verhalen en inspiratie uit hun eigen levensbeschouwing/religie mee. De groepsleerkrachten zijn bij de les aanwezig en leggen de verbinding met de rest van de lessen op school. Het betreft dus inclusief levensbeschouwelijk vormingsonderwijs. Op de website www.lerenoverlevensvragen.nl vind je de thema's die behandeld worden. De website ondersteunt de groepsleerkrachten om thema's levend te houden gedurende de week. Op deze pagina vind je een filmpje over een vergelijkbaar project in Amersfoort (geeft een mooi inkijkje) en een podcast waarin je kinderen hoort over Leren Leven: 

https://www.lerenoverlevensvragen.nl/werkwijze-scholen/reviews-en-voorbeeldprojecten/

7. Filosoferen met kinderen Het filosoferen met kinderen is niet zo zeer een uitgeschreven lesmethode, maar we willen het wel noemen omdat het een mooie 'seculiere' manier is van vormingsonderwijs. Kinderen verkennen met elkaar allerlei grote thema's en vragen. Het is een manier van dialoog voeren met elkaar die per definitie inclusief is. Alle kinderen doen ertoe en alle gedachten van de kinderen doen ertoe. Hoe diverser de gedachten hoe beter want dan valt er meer te filosoferen met elkaar! Het filosoferen inzetten als enige aanpak voor levensbeschouwelijke vormen is wellicht wat te mager, maar het is een mooie aanvulling voor het team naast of in combinatie met een andere methode. Zo kiest de Aves samenwerkingsschool Fondali voor Leren Leven in combinatie met filosoferen. De vakleerkrachten brengen de religie en levensbeschouwing de school in en de groepsleerkrachten houden de thema's levend door filosofielessen uit te zoeken bij het thema. 

Meer informatie over filosoferen met kinderen vind je op deze website: https://filosovaardig.nl/

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 32

B. Bijlage werkgroep Financiën & Huisvesting Plattegronden huidige gebouwen: 04ZB KBS Mariabasisschool

14GF De Zeester

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 33

15SN De Driesprong

Advies fusie naar informele samenwerkingsschool Marknesse 34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2148/documents/38683