CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

5.3 Toelichting OntwerpBP Zuidwesterringweg 5-1 Nagele.pdf

Commissie Woonomgeving 26 september 2022, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 5: (Ontwerp)bestemmingsplan ‘Landelijk gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele’11.753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 31 van 40 Juni 2022 Versie 01

Figuur 4.6: Richtafstanden VNG-uitgave Bedrijven en Milieuzonering

Het landelijk gebied wordt gezien als omgevingstype ‘gemengd gebied’. De nieuwe functie valt op grond van de publicatie ‘Bedrijven en Milieuzonering’ van de VNG aan te merken als ‘persoonlijke dienstverlening niet elders genoemd’. Hier horen dan onderstaande richtafstanden bij voor de aspecten geur (0 meter), stof (0 meter), geluid (0 meter) en gevaar (0 meter). Zodoende is er geen milieuhinder te verwachten. 4.9

Verkeer en parkeren

Nieuwe functies betekenen meestal ook dat er sprake is of zal zijn van een toename van verkeersbewegingen, alsmede ontstaat er een parkeerbehoefte. Uitgangspunt is dat nieuwe functies geen onevenredige extra hinder veroorzaken voor reeds aanwezige functies in de omgeving. Ten behoeve van het bepalen van de parkeerbehoefte is getoetst aan de gemeentelijke Nota Parkeernormen. Voor een typering van het omgevingstype geldt dat er sprake is van de ligging in het buitengebied (niet stedelijk). In totaliteit komt er een bedrijfsgebouw bij op het pertceel van ongeveer 300 m2 groot. Hier komt een kantoorruimte in (zonder baliefunctie) en een praktijk gericht op ‘life coaching, healing, meditatie, atelier en cursusruimte’. In de berekening is uitgegaan van circa 100 m2 voor het kantoor en de overige 200 m2 voor de praktijk. Voor het kantoor geldt dan een parkeernorm van 2,6 pp per 100 m2 aan bvo. Dit betekent dat er 2,6 pp nodig zijn. Voor de praktijk van 200 m2 zijn we er van uitgegaan dat deze functie gelijk is te stellen met een ‘gezondheidscentrum’ waarvoor een parkeernorm geldt voor de bezoekers van 1,3 pp per 100 m2 bvo = 2,6 pp en een parkeernorm voor de medewerkers van 0,4 pp per 100 m2 bvo = 0,8 pp in totaliteit. Samen is dat 2,6 + 0,8 pp = 3,4 pp voor de praktijkruimte. Samen met het kantoor zijn dan 2,6 + 3,4 = 6 parkeerplaatsen nodig.

Op het perceel is voldoende ruimte aanwezig om in deze 6 parkeerplaatsen te voorzien.

4.10

Water(toets)

Op 22 december 2021 is de watertoets uitgevoerd. Het plangebied bevindt zich binnen het beheersgebied van het waterschap Zuiderzeeland. Op basis van de uitgevoerde

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 32 van 40 Juni 2022 Versie 01

watertoets geldt dat de normale procedure van toepassing is. Er dient een waterparagraaf opgenomen te worden in het ruimtelijke plan. KRW De Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) is in 2000 ingevoerd en heeft als doelstelling het bereiken van een goede ecologische en chemische toestand voor alle oppervlaktewaterlichamen en het beschermen en herstellen van alle grondwaterlichamen (verbinding infiltratie- en kwelgebieden). Door de inrichting van watergangen af te stemmen op de ecologie kan de ecologische toestand verbeterd worden. De KRW heeft het streven om emissies naar oppervlakte- en grondwater terug te dringen. Daarnaast zal de onttrekking van grondwater in evenwicht worden gebracht met de aanvulling van het grondwater. Waterbeleid voor de 21e eeuw De Commissie Waterbeheer 21ste eeuw heeft in augustus 2000 advies uitgebracht over het toekomstige waterbeleid in Nederland. Een andere aanpak in het licht van verwachte ontwikkelingen inzake zeespiegelstijging, toenemende neerslag en rivierwaterafvoer en verdergaande bodemdaling is noodzakelijk. De adviezen van de commissie staan in het rapport Anders omgaan met water, Waterbeleid voor de 21ste eeuw (WB21). De kern van het rapport WB21 is dat water de ruimte moet krijgen, voordat het die ruimte zelf neemt.

In het Waterbeleid voor de 21 e eeuw worden twee principes(drietrapsstrategieën) voor duurzaam waterbeheer geïntroduceerd: vasthouden, bergen en afvoeren schoonhouden, scheiden en zuiveren Waterwet De Waterwet is op 22 december 2009 in werking getreden. Deze Waterwet bestaat uit een achttal wetten die zijn samengevoegd tot één wet. De Waterwet stelt integraal waterbeheer op basis van de ‘watersysteembenadering' centraal. De verantwoordelijkheden in het oppervlaktewater- en grondwaterbeheer van Rijk, provincie, waterschappen en gemeenten zijn in de Waterwet helderder vastgelegd. De voornaamste veranderingen zijn de invoering van de watervergunning en een verbeterde doorwerking van water in andere beleidsterreinen, met name het ruimtelijke domein. Waterbeheerplan Waterschap Zuiderzeeland Het Waterbeheerplan 2016-2021 (WPB3) bevat langetermijndoelen (zichtjaar 2050), doelen voor de planperiode (2016-2021) en maatregelen die het waterschap (samen met gebiedspartners) uit gaat voeren. De doelen en maatregelen hebben betrekking op de kerntaken van het waterschap (waterveiligheid, schoon water, voldoende water) en het thema water en ruimte.

Hierbij gaat het om reguliere werkzaamheden, zoals peilbeheer, onderhoud aan dijken en het zuiveren van afvalwater en om nieuwe ontwikkelingen." Op basis van inhoudelijke beoordeling van de ontwikkeling is de korte procedure van toepassing voor de watertoets zo heeft het waterschap per brief van 14 maart 2022 aangegeven.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder

Blad 33 van 40

Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Juni 2022 Versie 01

Thema Waterveiligheid Het plangebied ligt niet in een beschermingszone van een primaire waterkering. Voor het onderdeel primaire waterkering zijn geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing. Het plangebied ligt niet buitendijks. Voor het onderdeel regionale waterkeringen zijn geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing. Het plangebied ligt niet in een beschermingszone van een overige waterkering. Voor het onderdeel regionale waterkering zijn geen uitgangspunten voor het thema veiligheid van toepassing. Thema Schoon water Slechte kwaliteit kwelwater: Bij het ontwerp van een nieuw watersysteem moet rekening gehouden worden met de hoeveelheid kwel en de kwelwaterkwaliteit. Het plangebied is (gedeeltelijk) gelegen in een gebied met kwel van matige tot slechte kwaliteit. Het waterschap wordt vroegtijdig betrokken voor advies over het ontwerp van het nieuwe watersysteem. Hierover kan worden aangegeven dat onder het te bouwen gebouwd een waterdichte fundering zal komen die verder niet gevoelig is voor kwel. Verder zullen er geen uitlogende bouwmaterialen worden gebruikt in het te bouwen extra bedrijfsgebouw. Thema Voldoende Water Wateroverlast Streefbeeld: Het watersysteem, zowel in landelijk als in stedelijk gebied, is op orde. Het hele beheergebied voldoet aan de vastgestelde normen.

Uitgangspunt wateroverlast: Het waterschap streeft naar een robuust watersysteem dat de effecten van toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling kan opvangen. De planontwikkeling is gelegen in een watersysteem dat op basis van de toetsing in 2012 voldoet aan de normering voor wateroverlast. Een dergelijk systeem kan het water verwerken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. De beleidsregel 'Compensatie toename verhard oppervlak en versnelde afvoer ' is begin 2013 door het waterschap vastgesteld. Vanaf het moment van vaststelling van de beleidsregel is de situatie van het beheergebied op dat moment het referentiekader geworden, oftewel de nulsituatie. De compensatieplicht geldt zodanig voor de netto toename van het verhard oppervlak voor een bouwvlak sinds begin 2013. Binnen het plangebied is geen sprake van een toename in verhard oppervlak, of deze is gering (minder dan 750 m2 in stedelijk gebied of minder dan 2.500 m2 in landelijk gebied). Daarom is geen compensatie noodzakelijk voor dit plan, immers het plangebied ligt in het landelijk gebied en de beoogde toename bedraagt maximaal circa 300 m2. In de bestaande situatie is er een schuur aanwezig van circa 7 x 6 meter, deze zal worden afgebroken. De nieuwe schuur wordt maximaal 300 m2 groot. Daarbij zal mogelijk nog enkele erfverharding worden aangebracht voor het bedrijfsgebouw maar

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 34 van 40 Juni 2022 Versie 01

per saldo zal de toename aan bebouwing en verharding circa 300 m2 gaan bedragen en niet meer. Het hemelwater van het nieuwe bedrijfsgebouw zal naar de sloot afgevoerd worden. Eventueel wordt als tussenstop nog gebruik gemaakt van één of meerdere regentonnen zodat er hemelwater kan worden gebruikt voor de tuin. Verder kan nog worden aangegeven dat er ter plaatse geen openbaar rioolsysteem aanwezig is. Vanuit het waterschap is nog het volgende aangegeven daarover: “Op dit moment wordt het huishoudelijk afvalwater van de woning gezuiverd via een te kleine septic tank waarvoor ontheffing is verleend. Omdat het een te kleine septic tank betreft is het niet toegestaan om meer of nieuw afvalwater aan te sluiten op de septic tank. Advies is om voor de nieuwe en bestaande lozingen één nieuwe zuiveringsvoorziening te realiseren en de te kleine septic tank te verwijderen. Ook als een aparte zuiveringsvoorziening wordt aangelegd is hiervoor een melding nodig”. Vanuit de initiatiefnemer is daarover aangegeven dat het uitgangspunt is dat als gevolg van de bouw van het extra bedrijfsgebouw er naar verwachting gebruik gemaakt zal gaan worden van 2 aparte septic tanks maar dat nog onderzocht gaat worden of 1 gecombineerde septic tank praktischer is. 4.11

M.e.r.-Beoordeling (vormvrij)

De milieueffectrapportage is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. De m.e.r.-procedure is gekoppeld aan de 'moederprocedure'. Dit is de procedure op grond waarvan de besluitvorming plaatsvindt, bijvoorbeeld de bestemmingsplanprocedure, of een milieuvergunningsprocedure. In het Besluit m.e.r., bijlage D, onder artikel 11 (Woningbouw, Stedelijke ontwikkeling, Industrieterreinen) staat onder artikel 11.3 genoemd dat een m.e.r-beoordeling moet plaatsvinden in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject (met inbegrip van winkelcentra of parkeerterreinen: indien: De oppervlakte een aaneengesloten gebied betreft van 100 hectare en groter dan 2000 woningen betreft. Qua aard, omvang en ligging is het bouwplan niet gelijk te stellen aan de betreffende en omschreven activiteit zoals bedoeld in het Besluit m.e.r. In 2017 heeft echter een wijziging van het Besluit m.e.r. plaatsgevonden. Daardoor is nu een beoordeling van een activiteit zoals die voorkomt op lijst D noodzakelijk, zelfs al is de omvang van de activiteit ver onder de drempelwaarde gelegen.

Voor elk besluit of plan dat betrekking heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst en die beneden de drempelwaarden vallen moet een toets worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Deze vormvrije m.e.r.beoordeling kan tot twee uitkomsten leiden:

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder

Blad 35 van 40

Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Juni 2022 Versie 01

> >

Belangrijke nadelige milieugevolgen zijn uitgesloten: er is geen m.e.r.beoordeling noodzakelijk; Belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn niet uitgesloten: er moet een m.e.r.-beoordeling plaatsvinden of er kan direct worden gekozen voor een m.e.r.

De toetsing in het kader van de vormvrije m.e.r.-beoordeling dient te geschieden aan de hand van de selectiecriteria in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. In deze bijlage staan drie hoofdcriteria centraal: 1. 2. 3.

de kenmerken van het project; de plaats van het project; de kenmerken van de potentiële effecten.

In de volgende tabel is opgesomd of er sprake is van significante nadelige invloed op het milieu. Archeologie

Er is sprake van de bouw van een bedrijfsgebouw van circa 300 m2. Hiermee blijft de bodemingreep onder de drempelnorm van 10.000 m2 blijft en is geen nader onderzoek is vereist.

Bodem

Er zal geen bodemonderzoek worden uitgevoerd.

Externe veiligheid

Er is geen beperking vanuit het aspect externe veiligheid omdat er geen toename is van het groepsrisico.

Ecologie Geluid

Er zijn geen beperkingen vanuit het aspect ecologie. Er is geen belemmering vanuit de Wet geluidhinder op het vlak van weg- en spoorwegverkeerslawaai. Er wordt geen nieuw geluidsgevoelig object gerealiseerd. Tevens is de afstand tot woningen van derden voldoende groot.

Milieuhinder

Voor de overige normafstanden geur, stof en gevaar geldt dat de afstand tot de naastliggende bedrijfswoning meer bedraagt dan 10 meter en er zodoende geen wederzijdse hinder optreedt.

Luchtkwaliteit

Het project is aan te merken als Nibm, hetgeen betekent dat er geen nadelige invloed is op de luchtkwaliteit.

Water

Vanuit het aspect water is geen belemmering te verwachten. Ten aanzien van kwelwater worden geen problemen voorzie omdat er een waterdichte fundering gaat worden gerealiseerd.

Op basis van de uitkomsten in dit hoofdstuk 4 Omgevingsaspecten is inzichtelijk gemaakt dat er geen belangrijk nadelige gevolgen zijn voor de omgeving en het milieu. Verder hebben de locatie en de omgeving geen bijzondere kenmerken die geschaad worden door het initiatief. Gezien de aard van de ingrepen zijn verder geen negatieve effecten te verwachten, zodat op basis hiervan verder kan worden afgezien van het verrichten van een verdergaande (vorm)vrije m.e.r.-beoordeling.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 36 van 40 Juni 2022 Versie 01

5

Hoofdstuk 5 Juridische toelichting op de regels

5.1

Algemeen

Het bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden binnen het plangebied. De wijze waarop deze regeling juridisch kan worden vormgegeven, wordt in grote lijnen bepaald door de op 1 juli 2008 in werking getreden Wet ruimtelijke ordening, en door het daarbij behorende Besluit ruimtelijke ordening en de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012, zoals deze per 1 oktober 2012 in werking is getreden. De verbeelding dient in samenhang met de planregels te worden gelezen. In de Wet ruimtelijke ordening (hierna Wro) met bijbehorend Besluit ruimtelijke ordening (hierna Bro) heeft het bestemmingsplan een belangrijke rol als normstellend instrument voor het ruimtelijk beleid van gemeenten, provincies en het rijk. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening (hierna Rsro) is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (hierna SVBP2012) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP2012 zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening (hierna IMRO2012) en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten (hierna STRI2012) normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. Conform Wro en Bro wordt een bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting in digitale geautoriseerde bronbestanden vastgelegd en in die vorm vastgesteld.

Daarnaast kent de Wro een papieren versie van (hetzelfde) bestemmingsplan. Indien de inhoud van digitale stukken tot een andere uitleg leidt dan de stukken op papier, dan is de digitale inhoud beslissend. Het bestemmingsplan is daarmee een digitaal juridisch authentiek document. De informatie die is vastgelegd in het plan moet in elektronische vorm volledig toegankelijk en raadpleegbaar zijn. Dit wordt de digitale verbeelding genoemd. De SVBP2012 geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. De standaard heeft geen betrekking op de toelichting van het bestemmingsplan. Er worden geen normen gesteld omtrent de vormgeving en inrichting van de analoge weergave van het bestemmingsplan. De SVBP2012 heeft ook geen betrekking op de totstandkoming van de inhoud van een bestemmingsplan. Dit is de verantwoordelijkheid van het bevoegde gezag. In de SVBP2012 is wel aangegeven hoe de inhoud van een bestemmingsplan digitaal moet worden weergegeven. De SVBP2012 geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan. De verbeelding en planregels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld conform deze standaarden. 5.2

Toelichting op de Verbeelding

De informatie die is vastgelegd in het plan moet in elektronische vorm volledig toegankelijk en raadpleegbaar zijn. Dit wordt de digitale verbeelding genoemd. De digitale verbeelding is de verbeelding van het bestemmingsplan in een interactieve raadpleegomgeving, waarin alle relevante bestemmingsplaninformatie wordt getoond: de combinatie van verbeelding en regels met de toelichting.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 37 van 40 Juni 2022 Versie 01

Een raadpleger van het bestemmingsplan moet alle relevante bestemmingsplaninformatie op eenvoudige wijze voor ogen kunnen krijgen. De relevante bestemmingsplaninformatie heeft betrekking op de bestemmingen, dubbelbestemmingen en aanduidingen met bijbehorende regels in het bestemmingsplan. Voor zowel bestemmingen als aanduidingen geldt, dat deze zonder interactie zichtbaar moeten zijn in de digitale verbeelding. Uit interactie met de digitale verbeelding blijkt dan de inhoud van de bestemming en/of aanduiding. 5.3

De regels

De regels geven inhoud aan de op de verbeelding aangegeven bestemming(en). Ze geven aan waarvoor de gronden en opstallen als dan niet gebruikt mogen worden en wat en hoe er gebouwd mag worden. De bij dit plan behorende regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken, te weten: 1. Inleidende regels; 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels; 4. Overgangs- en slotregels. In Artikel 1 Begrippen zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee wordt een eenduidige interpretatie van de begrippen vastgelegd. Artikel 2 Wijze van meten geeft bepalingen hoe onder meer de hoogtes van gebouwen en de inhoud van gebouwen gemeten moeten worden en hoe bepaalde eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. Hoofdstuk 3 bevat de bepalingen die in het algemeen van toepassing zijn. In hoofdstuk 4 komen het overgangsrecht en de slotregel aan de orde. 5.4

Nadere toelichting op de bestemming

Bedrijf Binnen deze bestemming zijn bedrijven toegestaan tot en met de milieucategorie 2 inrichtingen. Door middel van een nadere aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf adviesbureau, cursusruimte en atelier’ is binnen het plangebied ook de gewenste bedrijvigheid van initiatiefnemers toegestaan. Verder zijn de bouwregels opgenomen en is door middel van een voorwaardelijke verplichting ook de landschappelijke inpassing gewaarborgd. Waarde - Archeologie 8 Binnen deze bestemming zijn de regels opgenomen over hoe om te gaan met archeologische waarden in het plangebied en bij welke ruimtelijke (en daarmee gepaard gaande bodemverstorende) activiteit onderzoek naar archeologie nodig is. Anti-dubbeltelbepaling Deze bepaling is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze zou zich kunnen voordoen indien een deel van een bouwperceel dat reeds bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage was betrokken wederom bij een dergelijke berekening, doch nu ten behoeve van een ander bouwperceel wordt betrokken.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 38 van 40 Juni 2022 Versie 01

Algemene gebruiksregels In het Besluit ruimtelijke ordening is een gebruiksverbod opgenomen. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Dit maakt het noodzakelijk, dat de bestemmingsomschrijving voldoende duidelijk is. Algemene afwijkingsregels In dit artikel is een aantal regels opgenomen, om het mogelijk te maken dat het plan op ondergeschikte punten wordt aangepast. Dit evenwel met het voorbehoud dat de belangen van derden in redelijkheid niet mogen worden aangetast. Ook kleine afwijkingen (maximaal 100Zo) van de in de regels opgenomen, dan wel op de kaart aangegeven maten, kunnen volgens dit artikel mogelijk worden gemaakt. Omdat een en ander zich niet beperkt tot één bestemming maar bij diverse bestemmingen gewenst of noodzakelijk kan blijken, zijn deze regels in beginsel op alle bestemmingen van toepassing. Het verlenen van een afwijking mag geen automatisme zijn. Burgemeester en wethouders zullen het verlenen van een afwijking zorgvuldig moeten afwegen en motiveren conform het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht. Overgangsregels Bebouwing die niet voldoet aan de bepalingen van dit bestemmingsplan is onder het overgangsrecht gebracht. Een geringe uitbreiding van de bebouwing wordt mogelijk gemaakt.

Indien de onder het overgangsrecht gebrachte bebouwing door een calamiteit verloren gaat is volledige herbouw toegestaan. Het gebruik van gronden en opstallen dat in strijd is met dit bestemmingsplan op het tijdstip van inwerkingtreding, mag in beginsel worden voortgezet. Wijziging van dit strijdige gebruik is verboden, indien de afwijking van het plan wordt vergroot.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Blad 39 van 40 Juni 2022 Versie 01

6

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid

6.1

Economische uitvoerbaarheid

De kosten hier voor alsook de kosten voor de noodzakelijk onderzoeken voor het voorliggende bestemmingsplan zullen door de initiatiefnemer worden gedragen. Door de herziening van het voor de betreffende gronden geldende bestemmingsplan is er de kans dat door eigenaren van gronden in de directe omgeving van het plangebied bij de gemeente op grond van artikel 6.1 van de Wro een verzoek tot tegemoetkoming in de planschade wordt ingediend. De mogelijke kosten die samenhangen met deze tegemoetkoming in de planschade zullen door initiatiefnemer worden gedragen. Op basis van deze overweging moet het voorliggende bestemmingsplan economisch uitvoerbaar worden geacht. 6.2

Inspraak en (voor)overleg

In het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1 Bro is het plan voorgelegd aan de provincie Flevoland en aan het waterschap Zuiderzeeland. 6.3

Ontwerpbestemmingsplan

Het ontwerpbestemmingsplan “Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5 - 1 te Nagele” heeft van XX tot en met XX gedurende zes weken ter inzage gelegen. Er zijn wel/geen zienswijzen ingediend.

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Gemeente Noordoostpolder

Blad 40 van 40

Bestemmingsplan Landelijk Gebied, Zuidwesterringweg 5-1 te Nagele

Juni 2022 Versie 01

Projectgegevens

Project Projectnummer IMRO Versie Datum

RooBeek Advies

Nautilusstraat 7b 7821 AG Emmen H. de Roo & M.Beek www.roobeek-advies.nl

NL.IMRO.0171.BP00705-ON01

Toelichting

Zuidwesterring 5-1 te Nagele RB 50.038 NL.IMRO.0171 .BP00705-ON01 01 Mei 2022

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/1942/documents/31585