5.3 Ontwerpwijziging omgevingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord.pdf
Tekst van het document
BESTEMMINGSPLAN TAM-OMGEVINGSPLAN HOOFDSTUK 22F EMMELOORD - EMMELHAGE FASE 4
TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord Emmelhage fase 4
Noordoostpolder
bestemmingsplan
identificatie
planstatus
identific atiec ode:
datum:
s tatus :
NL.IMRO.0171.TAM0752-ON01
05-06-2025
concept voorontwerp
projec tnummer:
20240529.001
opdrac htleider:
7-11-2025
ontwerp vastgesteld
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
2
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Inhoudsopgave
Ruimtelijke motivering
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding en beschrijving wijziging 1.2 Regeling in (tijdelijk) omgevingsplan 1.3 Wijziging omgevingsplan 1.4 Leeswijzer
5 5 5 8 9
Hoofdstuk 2 Planvoornemen 2.1 Bestaande activiteiten (huidige situatie) 2.2 Beoogde situatie 2.3 Stedelijke en landschappelijke inpassing 2.4 Gezondheid (ontwerpopgave)
10 10 12 12 15
Hoofdstuk 3 Beleid 3.1 Rijksbeleid en (instructie)regels 3.2 Provinciaal beleid en (instructie)regels 3.3 Regionaal beleid 3.4 Gemeentelijk beleid en regels
16 16 18 22 23
Hoofdstuk 4 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving 4.1 Ladder voor duurzame verstedelijking 4.2 Dienstenrichtlijn 4.3 Gezondheid 4.4 Water 4.5 Verkeersgeneratie, -afwikkeling & (fiets)parkeren 4.6 Geluid 4.7 Luchtkwaliteit 4.8 Geur 4.9 Spuitzones 4.10 Trilling 4.11 Omgevingsveiligheid 4.12 Hinder wind, licht en (slag)schaduw 4.13 Bodem 4.14 Archeologie, cultuurhistorie en cultureel erfgoed 4.15 Natuur 4.16 Duurzaamheid en klimaatadaptatie 4.17 Milieueffectrapportage
30 30 35 35 38 46 50 52 52 54 54 56 59 60 62 64 68 69
Hoofdstuk 5 Conclusie ETFAL
72
Hoofdstuk 6 Kostenverhaal 6.1 Regels kostenverhaal
73 73
Hoofdstuk 7 Participatie en keten 7.1 Participatie 7.2 Vooroverleg instanties 7.3 Zienswijzen
74 74 74 77
Bijlagen bij de motivering
79
Bijlage 1
Stedenbouwkundig plan VO
80
Bijlage 2
Beeldkwaliteit Emmelhage fase 4
140
Bijlage 3
Oppervlaktewatersysteem Emmelhage
171
bestemmingsplan (ontwerp)
3
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Bijlage 4
Verkeerseffecten Emmelhage fase 4
200
Bijlage 5
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Emmelhage
232
Bijlage 6
Milieuhygiënisch vooronderzoek bodem
309
Bijlage 7
Verkennend bodemonderzoek
359
Bijlage 8
Stikstofonderzoek
432
Bijlage 9
Quickscan ecologie
465
Bijlage 10
Mer-beoordeling Emmelhage fase 4
494
Bijlage 11
Participatielogboek Emmelhage fase 4
514
Regels
523
Hoofdstuk 1 Inleidende regels Artikel 1 Begripsbepalingen Artikel 2 Toepassingsbereik Artikel 3 Aanvraagvereisten Artikel 4 Meet- en rekenbepalingen Artikel 5 Algemeen gebruiks- en bouwverbod
524 524 526 527 528 529
Hoofdstuk 2 Gebruiksactiviteiten Artikel 6 Algemene regels voor gebruiksactiviteiten Artikel 7 Wonen - Woonactiviteiten - toegestaan Artikel 8 Groen - Groenactiviteiten - toegestaan Artikel 9 Verkeer - Verkeersactiviteiten - toegestaan Artikel 10 Water - Wateractiviteiten - toegestaan
530 530 531 532 533 534
Hoofdstuk 3 Ondergeschikte gebruiksactiviteiten Artikel 11 Medische activiteiten - eerste bouwlaag - toegestaan
535 535
Hoofdstuk 4 Bouwactiviteiten Artikel 12 Algemene regels voor bouwactiviteiten Artikel 13 Hoofdgebouw bouwen - vergunningplicht Artikel 14 Bijbehorend bouwwerk bouwen - toegestaan Artikel 15 Ander bouwwerk bouwen - toegestaan
536 536 537 538 539
Hoofdstuk 5 Algemene regels Artikel 16 Spuitvrije zone - verbod Artikel 17 Parkeerregels Artikel 18 Gezamenlijk geluid
540 540 541 542
Hoofdstuk 6 Overgangs - en slotregels Artikel 19 Overgangsrecht
543 543
Bijlagen bij de regels
545
Bijlage 1
546
4
Aan huis verbonden bedrijfsactitiviteiten
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Ruimtelijke motivering Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1
Aanleiding en beschrijving wijziging
Ten noorden van Emmeloord, in de gemeente Noordoostpolder, liggen de gronden van de uitbreidingswijk Emmelhage. Voor deze wijk is in 2005 het bestemmingsplan Emmelhage 2004 vastgesteld. Op grond van dit bestemmingsplan is een gefaseerde uitwerking van de uitbreidingswijk Emmelhage mogelijk gemaakt (zie paragraaf 1.2.1), om te kunnen voorzien in de woningbehoefte binnen de gemeente Noordoostpolder.
De eerste twee fasen van Emmelhage zijn afgerond en reeds in gebruik genomen. De derde fase nadert de bouwkundige afronding. Om ook in de toekomst te kunnen voldoen aan de toenemende woningbehoefte, wordt met de voorliggende wijziging van het omgevingsplan gestart met de voorbereiding van fase 4 van Emmelhage. Fase 4 voorziet in de realisatie van maximaal 406 woningen. Daarnaast maakt het plan het doortrekken van de Buitensingel mogelijk, ten noorden van de eerste drie fasen van Emmelhage.
De voorliggende wijziging van het omgevingsplan biedt het juridisch-planologische kader dat nodig is voor de hierboven beschreven ontwikkeling. In deze motivering wordt aangetoond dat deze ontwikkeling in overeenstemming is met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
1.2
Regeling in (tijdelijk) omgevingsplan
Het omgevingsplan van de gemeente Noordoostpolder bevat regels in het tijdelijke deel. De regels voor de onderhavige locatie zijn opgenomen in de volgende onderdelen (artikel 22.1 van de Omgevingswet): De besluiten genoemd in artikel 4.6, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet, waaronder een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening, en de volgende verordeningen: 1. Een regel als bedoeld in artikel 38, eerste lid, van de Monumentenwet 1988, zoals deze luidde voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Erfgoedwet. 2. Een verordening als bedoeld in artikel 6 van de Wet geurhinder en veehouderij; 3. Een verordening als bedoeld in artikel 10.32a van de Wet milieubeheer, en een besluit tot aanwijzing van een gebied op grond van die verordening; De kaarten, bedoeld in artikel 3.5, tweede lid, van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet, en de bijbehorende besluiten als bedoeld in artikel 3.5, derde lid, van die wet; de Bruidsschat. 1.2.1 Geldende bestemmingen Sinds 1 januari 2024 geldt ter plaatse van het plangebied het Omgevingsplan van de gemeente Noordoostpolder. In het tijdelijke deel van dit omgevingsplan zijn voor het betreffende gebied de volgende bestemmingsplannen opgenomen.
Type plan
Plannaam
Datum vaststelling
Bestemmingsplan
Emmelhage 2004
30-09-2005
Bestemmingsplan
Facetbestemmingsplan Toevoegen Laddertoets
04-03-2019
bestemmingsplan (ontwerp)
5
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Bestemmingsplan
Parapluplan parkeren
08-07-2019
Bestemmingsplan
Paraplubestemmingsplan Wonen
24-04-2024
1.2.1.1
Bestemmingsplan Emmelhage 4
Voor de beoogde ontwikkeling gelden de bestemmingen en bijbehorende regels die deel uitmaken van het Bestemmingsplan Emmelhage 2004. In figuur 1.1 is een uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan weergegeven.
Figuur 1.1: uitsnede plankaart bestemmingsplan Emmelhage 2004 aangegeven met rode contour) (bron: Omgevingsloket: Regels op de kaart)
(plangebied
Hieronder worden de geldende bestemmingen en de gebiedsaanduiding nader beschreven:
Woongebied uit te werken De voor Woongebied uit te werken aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor woonhuizen, tuinen, erven, verkeers- en verblijfsdoeleinden, water, fiets-, voetpaden en groen-, nuts- en parkeervoorzieningen.
Binnen deze bestemming zijn uitwerkingsregels opgenomen voor de realisatie van minimaal 315 en maximaal 351 woningen. Sinds 1 januari 2024, met de inwerkingtreding van de Omgevingswet, is het opstellen van uitwerkingsplannen niet langer toegestaan. Daarom moet het omgevingsplan worden aangepast om de ontwikkeling van fase 4 mogelijk te maken.
Water De voor Water aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor water, watergangen en oeverstroken. Ter plaatse van de aanduiding waterfiltering zijn deze uitsluitend bestemd voor water ten behoeve van een biezenveld of andere natuurlijke vormen van 6
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 waterzuivering, met bijbehorende landschappelijke en ecologische waarden.
Verkeersdoeleinden De voor Verkeersdoeleinden aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen met een functie voor doorgaand verkeer en ontsluitingswegen, evenals voor parkeer-, groen-, nuts-, water- en speelvoorzieningen.
Groenvoorzieningen De voor Groenvoorzieningen aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor groenen speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, water, watergangen, paden en verhardingen.
Het planvoornemen is strijdig met deze bestemmingen omdat: Op dit moment is er sprake van een uit te werken bestemming met een bijbehorend bouwverbod. Dit bouwverbod houdt in dat eerst een uitwerking van de bestemming moet plaatsvinden, voordat de gronden bebouwd mogen worden ten behoeve van wonen. Van deze procedure kan echter geen gebruik meer worden gemaakt. Het woningbouwprogramma voorziet in de realisatie van 400 woningen, terwijl de uitwerkingsregels slechts ruimte bieden voor maximaal 351 woningen. 1.2.1.2
Facetbestemmingsplan Toevoegen Laddertoets
Dit facetbestemmingsplan voegt de laddertoets toe aan onderliggende bestemmingsplannen met uitwerkingsplichten of wijzigingsbevoegdheden. Daarnaast is het ook van toepassing op omgevingsplannen. Het plan bepaalt dat het college van burgemeester en wethouders bij uitwerking of wijziging van activiteiten de laddertoets moet toepassen.
In paragraaf 4.1 van deze motivering wordt ingegaan op de Ladder voor duurzame verstedelijking.
1.2.1.3
Parapluplan parkeren
Voor alle geldende bestemmingsplannen binnen het grondgebied van de gemeente Noordoostpolder is op 8 juli 2019 het bestemmingsplan Parapluplan parkeren vastgesteld. Hiermee zijn de regels met betrekking tot parkeren voor alle bestemmingsplannen binnen de gemeente gewijzigd.
In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet worden aangetoond dat in de parkeerbehoefte in beginsel op eigen terrein kan worden voorzien. In paragraaf 4.5.2.5 (fiets)Parkeerbehoefte wordt aangetoond dat aan de parkeerbehoefte wordt voldaan.
1.2.1.4
Paraplubestemmingsplan Wonen
Ten behoeve van een nadere toelichting op het begrip Wonen in bestemmingsplannen waarin deze ontbrak, is op 22 april 2023 het Paraplubestemmingsplan Wonen vastgesteld. Dit plan bevat een nadere definitie van het begrip Wonen met het doel kamerverhuur te reguleren.
bestemmingsplan (ontwerp)
7
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Omdat het wenselijk is dat de bestaande regels uit dit parapluplan ook gelden voor deze wijziging van het omgevingsplan, zullen de bijbehorende bepalingen worden overgenomen, teneinde de verhuur van onzelfstandige woonruimte te reguleren. 1.2.2 Verordeningen Tot het tijdelijke deel van het omgevingsplan behoren ook de gemeentelijke archeologieverordening, de geurverordening en de verordening inzake de afvoer van regen- en grondwater, mits de gemeente een dergelijke verordening heeft vastgesteld. In dit geval maakt de Verordening fysieke leefomgeving van de gemeente Noordoostpolder onderdeel uit van het tijdelijke deel van het omgevingsplan. 1.2.3 Bodemkwaliteitskaart en bodemfunctieklassenkaart De bodemkwaliteitskaart (ook wel ontgravingskaart genoemd) is een door de gemeente vastgestelde kaart waarop de bodemkwaliteit per gebied is aangegeven. De gemeente Noordoostpolder beschikt over een bodemkwaliteitskaart en een bodemfunctieklassenkaart; beide zijn opgenomen in de Nota Bodembeheer.
In paragraaf 4.13.2 wordt nader op dit aspect ingegaan. Er is geen sprake van strijdigheid. 1.2.4 Bruidsschat In de Bruidsschat zijn diverse regels opgenomen die relevant kunnen zijn voor nieuwe ontwikkelingen. Deze omvatten onder andere voorrangsbepalingen, overgangsrecht, regels voor bouwwerken, open erven en terreinen, milieubelastende activiteiten, het aanleggen of wijzigen van wegen of spoorwegen zonder geluidproductieplafond, en regels omtrent gemeentelijke omgevingsvergunningen. In hoofdstuk 4 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving wordt nader op de regels ingegaan.
1.3
Wijziging omgevingsplan
1.3.1 Motivering Gezien de aard en omvang van het initiatief is ervoor gekozen om het omgevingsplan te wijzigen met toepassing van de TAM-IMRO-techniek.
Gemeenten kunnen de TAM-IMRO-techniek toepassen totdat zij het omgevingsplan-instrument op basis van de STOP/TPOD-standaard kunnen publiceren, bekendmaken en beschikbaar stellen via het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Met een TAM-IMRO-omgevingsplan wordt aan gemeenten de mogelijkheid geboden om een omgevingsplan te maken op basis van de techniek van de oude Wet ruimtelijke ordening (de RO-Standaarden 2012).
Technisch gezien blijft een omgevingsplan op basis van TAM-IMRO een bestemmingsplan in het tijdelijke deel van het omgevingsplan. Het met IMRO2012 opgestelde omgevingsplan moet, net als andere bestemmingsplannen, uiteindelijk worden verwerkt in het omgevingsplan op basis van de STOP/TPOD-standaard. Juridisch gezien is een TAM-IMRO-omgevingsplan een volwaardige wijziging van het omgevingsplan onder de Omgevingswet. Inhoudelijk moet deze wijziging voldoen aan de eisen van de Omgevingswet.
De gemeente Noordoostpolder is momenteel bezig met het opstellen van de structuur van het gemeentedekkende omgevingsplan. Omdat deze structuur nog niet definitief is, kan dit plan nog geen basis vormen voor de beoogde ontwikkeling. Daarom is ervoor gekozen
8
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 de ontwikkeling mogelijk te maken met een TAM-IMRO-omgevingsplan. Zodra de structuur definitief is vastgesteld, zal dit plan worden geïntegreerd in het definitieve omgevingsplan. Voor de uitgebreide motivering wordt verwezen naar de hoofdstukken 3 voor beleid en 4 voor de milieutoetsing. 1.3.2 Vereiste participatie De gemeente Noordoostpolder hanteert een uitzonderingslijst voor ontwikkelingen waarvoor de gemeenteraad niet hoeft te worden geraadpleegd. In dergelijke gevallen is het college van burgemeester en wethouders bevoegd om zelfstandig besluiten te nemen. Uitleglocaties, waaronder Emmelhage, zijn niet opgenomen in de uitzonderingslijst. Dit betekent dat het voorliggende plan ter kennisname aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Voor dit plan geldt een verplichte participatie. De gemeente Noordoostpolder heeft deze taak zelf uitgevoerd aan de hand van het gemeentelijke stappenplan, samen met de omwonenden. In hoofdstuk 7 Participatie en keten is een beschrijving opgenomen van de uitgevoerde participatie. 1.3.3 Delegatie Een bestuursorgaan kan de bevoegdheid voor bepaalde handelingen uit het Besluit activiteiten leefomgeving of het Besluit bouwwerken leefomgeving overdragen aan een ander bestuursorgaan. Dit geldt ook voor bevoegdheden uit decentrale regelgeving, zoals het omgevingsplan.
Voorbeelden hiervan zijn de bevoegdheid om maatwerkvoorschriften op te stellen of toestemming te verlenen voor het toepassen van een gelijkwaardige maatregel.
Deze delegatie is slechts mogelijk indien het ontvangende bestuursorgaan hiermee instemt. Artikel 4.13a van de Omgevingswet geeft hierover nadere toelichting.
1.4
Leeswijzer
De motivering is als volgt opgebouwd: Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied gegeven opgevolgd door een beschrijving van de gewenste situatie. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het beleid van het Rijk, de provincie Flevoland en de gemeente Noordoostpolder beschreven en getoetst. In hoofdstuk 4 passeren alle relevante milieu- en omgevingsaspecten de revue en worden deze getoetst. In hoofdstuk 5 wordt geconcludeerd of de gewenste ontwikkeling voldoet aan de vereisten van een evenredige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). In hoofdstuk 6 wordt de financiële haalbaarheid aangetoond. Hoofdstuk 7 geeft een beschrijving van de van toepassing zijnde vorm van participatie.
bestemmingsplan (ontwerp)
9
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Hoofdstuk 2 Planvoornemen 2.1
Bestaande activiteiten (huidige situatie)
Het plangebied ligt ten noorden van de kern Emmeloord en ten westen van de nieuwbouwlocatie Emmelhage fase 3.
De ruimtelijke structuur van de omgeving wordt voornamelijk gekenmerkt door woonbebouwing ten oosten en zuiden van het plangebied, en door de Espelerweg (N351) aan de zuidzijde. De verkavelingsstructuur bestaat uit een regelmatig raster, gebaseerd op de toen gangbare rationele agrarische verkaveling, met kavels van 300 meter breed en 800 meter diep. Het plangebied is momenteel onbebouwd en bestaat uit agrarische cultuurgrond waarop onder andere verschillende groentesoorten en tarwe worden verbouwd. Het gebied wordt ontsloten via de Espelerweg aan de zuidzijde; aan de noordzijde ligt de Onderduikerstocht. De omliggende agrarische erven zijn omgeven door een brede groene rand met hoog opgaande erfbeplanting. De directe omgeving wordt functioneel gekenmerkt door een mix van woonfuncties en agrarische cultuurgronden.
Figuur 2.1 toont een luchtfoto van de huidige situatie van het plangebied. De gele contour geeft globaal de ligging van de plangrens weer. In figuren 2.2 en 2.3 zijn de kadastrale percelen weergegeven, en figuur 2.4 toont het huidige straatbeeld vanaf de Espelerweg.
Figuur 2.1: ligging plangebied (aangegeven met gele contour)(bron: pdok)
10
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Figuur 2.2: toont het kadastrale perceel (Noordoostpolder, sectie AX, nummer 755) waar het plangebied deel van uitmaakt (bron: kadastralekaart.nl)
Figuur 2.3: toont het kadastrale perceel (Noordoostpolder, sectie AX, nummer 757) waar het plangebied deel van uitmaakt (bron: kadastralekaart.nl)
bestemmingsplan (ontwerp)
11
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Figuur 2.4: straatbeeld plangebied vanaf de Espelerweg (bron: Google Streetview)
2.2
Beoogde situatie
De woonwijk Emmelhage wordt gefaseerd ontwikkeld. Fase 1 en 2 zijn reeds voltooid; fase 3 is momenteel in ontwikkeling. Om in te spelen op ontwikkelingen op de woningmarkt en blijvend te kunnen voorzien in de toenemende woningbehoefte, wordt fase 4 van Emmelhage, met maximaal 406 woningen, in procedure gebracht. Onderdeel van dit plan is het doortrekken van de Buitensingel tot en met fase 4.
2.3
Stedelijke en landschappelijke inpassing
Emmelhage fase 4 vormt de volgende stap in de ontwikkeling van zowel Emmelhage als de noordelijke rand van Emmeloord. Deze fase sluit deels aan op de bestaande polderstructuur, maar biedt tevens ruimte voor een eigen identiteit. Het plan verenigt respect voor het verleden met een toekomstgerichte visie. De volgende aspecten spelen daarbij een belangrijke rol: de Espelerweg, met zijn kenmerkende boerderijen en erven, vormt een cruciaal element in de identiteit en ontwikkeling; groene randen en windsingels dienen als belangrijke structuurdragers; waterstructuren in vernieuwde vormen worden een essentieel onderdeel van een hoogwaardig klimaatadaptief netwerk; fase 4 wordt goed ontsloten door solitaire fietsroutes en wandelpaden die naadloos aansluiten op het bestaande wegennet; het groen moet vanuit elke woning voelbaar en beleefbaar zijn, met verbindingen vanuit de grotere groenstructuren naar de straten en pleintjes. 2.3.1 Stedenbouwkundige verkaveling Emmelhage fase 4 biedt ruimte voor maximaal 406 woningen. In afbeelding 2.5 is een concept stedenbouwkundig plan weergegeven. Het plan voorziet in een mix van grondgebonden woningen, bestaande uit vrijstaande woningen, twee-onder-één-kapwoningen en rijwoningen. Voor het gebied is een stedenbouwkundig plan opgesteld. Dit plan is als bijlage 1 opgenomen in deze motivering.
12
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Figuur 2.5: uitsnede plangebied van Stedenbouw landschap buitenruimte).
het
stedenbouwkundig
plan
(bron:
IMOSS
Stedenbouwkundige opzet Emmelhage Fase 4 markeert een belangrijke ontwikkeling in Emmelhage en de noordrand van Emmeloord. Dit project sluit deels aan bij de bestaande polderstructuur, maar biedt tegelijkertijd ruimte voor een eigen identiteit. Hier wordt het DNA van Emmeloord herontdekt en versterkt, wat men kan aanduiden als DNA 2.0. Dit unieke project respecteert het verleden, terwijl het tegelijkertijd met een open blik naar de toekomst kijkt. De volgende bouwstenen zijn cruciaal voor deze ontwikkeling: De Espelerweg, met zijn kenmerkende boerderijen en erven, speelt een centrale rol in de identiteit van de ontwikkeling. Groene randen en windsingels zijn belangrijke structuurdragers in dit gebied. Waterstructuren in nieuwe vormen worden een essentieel onderdeel van een hoogwaardig klimaatadaptief netwerk. Fase 4 is goed bereikbaar via solitaire fietspaden en wandelroutes, die naadloos aansluiten op het bestaande wegennet. Het groen moet vanuit elke woning zichtbaar en toegankelijk zijn. Vanuit de grotere groenstructuren worden duidelijke verbindingen gelegd naar de straten, waardoor het groen altijd dichtbij aanvoelt voor iedereen. Dit resulteert in buurten die rondom een groene/blauwe structuur zijn georganiseerd. Groen en water Zoals beschreven bij de stedenbouwkundige opzet zijn de (groen/blauwe structuren zijn leidend.
Het water en groen worden vanuit fase 3 doorgetrokken naar fase 4. Zo wordt de centrale watervoorziening en de Buitensingel doorgetrokken. Ook de bomenrij aan de noordzijde van fase 3 wordt doorgetrokken naar fase 4.
Ontsluiting De hoofdontsluiting voor het verkeer vindt plaats via een nieuw aan te leggen rotonde op de Espelerweg, die geschikt is voor gemotoriseerd verkeer. Direct naast de rotonde wordt een apart fietspad aangelegd voor fietsers en voetgangers.
Daarnaast wordt de ontsluitingsweg Buitensingel aan de noordzijde van het plangebied verder doorgetrokken. Deze weg, gelegen ten noorden van de woonwijk Emmelhage, biedt een verbinding met de N718. Bij de afronding van Emmelhage zal de Buitensingel in zuidelijke richting worden doorgetrokken, parallel aan de Emmeloorder Dwarstocht, en aansluiten op de N724.
bestemmingsplan (ontwerp)
13
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
In figuur 2.6 is de wegenstructuur van Emmelhage fase 4 weergegeven .
Figuur 2.6: uitsnede plangebied van Stedenbouw landschap buitenruimte)
het
stedenbouwkundig
plan
(bron:
IMOSS
2.3.2 Woningbouwprogramma Zoals aangegeven wordt in fase 4 van Emmelhage ruimte geboden aan maximaal 406 woningen, waarvan circa 32% sociaal, 31% betaalbaar, 22% middelduur en 16% duur. Het programma sociaal en betaalbaar 63%, is als volgt onderverdeeld: 32% sociale huur (meer dan 30%, dus volstaat) 23% betaalbare koop 8% middenhuur Hiermee wordt afgeweken van de aan de voorkant afgesproken 66,6%. Echter, een deel van de geprogrammeerde twee-onder-één-kapwoningen zal uiteindelijk onder de betaalbaarheidsgrens vallen. Bij een aantal van 15 van de 90 geprogrammeerde woningen wordt alsnog voldaan aan de norm van 66,6%. Hiermee wordt voldaan aan de woningbehoefte, zoals nader uitgewerkt in paragraaf 3.4.2 woonbehoefteonderzoek Noordoostpolder 2024-2035. Binnen het plangebied worden verschillende typen woningen voor verschillende doelgroepen gerealiseerd, zoals appartementen, rijwoningen en 2-onder-1 kapwoningen en vrijstaande woningen evenals levensloopbestendige woningen.
Om flexibiliteit in het plan te behouden, kan de vrijstaande woning worden ingeruild voor twee-onder-één-kapwoningen en vice versa. Het woningbouwprogramma is opgenomen in figuur 2.7.
14
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Figuur 2.7: woonprogramma Emmelhage fase 4. 2.3.3 Uiterlijk bouwwerken - beeldkwaliteit Het toezicht op het uiterlijk van bouwwerken verloopt via het gemeentelijke omgevingsplan. Daarnaast geldt binnen de gemeente Noordoostpolder de Beleidsregel uiterlijk bouwwerken. Hierin staan de criteria beschreven voor de toepasselijkheid van de beleidsregel en de bijbehorende voorwaarden. Dit wordt verder uitgewerkt in paragraaf 3.4.3.
Om de toekomstige bouwplannen binnen deze wijziging van het omgevingsplan te kunnen toetsen aan de gewenste beeldkwaliteit, is een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Zie hiervoor de bijlage 2.
2.4
Gezondheid (ontwerpopgave)
In het stedenbouwkundig plan is rekening gehouden met het aspect gezondheid. Er is aandacht voor de aanleg van groenstructuren die sport en ontspanning voor bewoners van alle leeftijden kunnen faciliteren. Een groene wijk met voldoende blauwstructuren zorgt daarnaast ook voor infiltratiemogelijkheden van regenwater en helpt hittestress tegen te gaan, wat de gezondheid van de bewoners bevordert. Tot slot wordt opgemerkt dat in het stedenbouwkundig plan de benodigde wandel en fietspaden zijn aangegeven.
In paragraaf 4.3 wordt hier nader op ingegaan.
bestemmingsplan (ontwerp)
15
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Hoofdstuk 3 Beleid De ontwikkeling is getoetst aan het beleid en de regels die het Rijk heeft opgenomen in de AmvB's, de provincie in de omgevingsverordening en aan het gemeentelijke beleid. De toetsing is in dit hoofdstuk beschreven. Ook is beschreven welke instructieregel overgenomen en/of uitgewerkt wordt in het omgevingsplan.
3.1
Rijksbeleid en (instructie)regels
3.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
3.1.1.1
Algemeen
Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving.
3.1.1.2
Vier prioriteiten
Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3.
Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt
16
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zetten we in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan.
3.1.1.3
Afwegingsprincipes
De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinatie van functies gaat voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in de mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. 3.1.1.4
Toetsing van het initiatief aan NOVI
De voorliggende ontwikkeling sluit aan bij prioriteit 1: ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie van de NOVI omdat wordt voorzien in een wijkuitbreiding waarin aandacht is voor de aspecten klimaatadaptatie en energietransitie. Het klimaatadaptieve vermogen van het project wordt bewerkstelligd doormiddel van de uitgebreide groen- en blauwstructuur en vanwege de eis om nieuwe woning aardgasvrij te realiseren zal worden voorzien in een wijkuitbreiding met woningen die kunnen worden beschouwd als energiezuinig.
Vanwege de woningbehoefte in de Noordoostpolder en het feit dat het planvoornemen voorziet in een groot aantal woningen aan de rand van het bestaande stedelijk gebied, kan tevens worden geconcludeerd dat wordt aangesloten bij prioriteit 3: sterke en gezonde steden en regio's.
Geconcludeerd wordt dat het planvoornemen in lijn is met de NOVI. 3.1.2 Instructieregels Rijk (Amvb's)
3.1.2.1
Besluit kwaliteit leefomgeving
In het Besluit kwaliteit leefomgeving staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en de decentrale overheden, waaronder gemeenten in hun omgevingsplannen. In het Bkl worden in hoofdstuk 5 instructieregels gegeven aan de gemeente voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
Ten behoeve van de voorliggende wijziging van het omgevingsplan is de beoogde ontwikkeling getoetst aan de relevante instructie- en beoordelingsregels uit het Bkl.
bestemmingsplan (ontwerp)
17
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
In hoofdstuk 4 van deze motivering wordt getoetst aan de instructieregels in het Bkl wanneer deze relevant zijn voor de voorliggende ontwikkeling. Per onderwerp vindt een toetsing plaats. 3.1.3 Overige relevant rijksbeleid 3.1.3.1
Aanwijzing als wederopbouwgebied
De gemeente Noordoostpolder is een van de 30 wederopbouwgebieden van nationaal belang. Het beleidsdocument Noordoostpolder - 'Toonbeeld van de wederopbouw' is opgesteld naar aanleiding van het deelprogramma Wederopbouw van de visie Erfgoed en ruimte en is een nadere uitwerking van de kernkwaliteiten zoals genoemd in de Visie Erfgoed en Ruimte van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. De kernkwaliteiten van het landelijk gebied van de Noordoostpolder zijn: grootschalige droogmakerij met verspreide, rationeel geordende agrarische bebouwing en erven; ring van dorpen rond de hoofdkern Emmeloord; functioneel patroon van wegen en waterwegen met bijbehorende beplantingsprofielen. Toetsing aan de aanwijzing als wederopbouw gebied De voorliggende wijziging van het omgevingsplan voorziet in de realisatie van nieuwbouwwoningen en niet in de sloop van woningen. De bestaande woningen langs de Espelerweg worden in de voorliggende plannen gehandhaafd.
3.1.4 Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten in het Rijksbeleid In deze paragraaf 3.1 komt naar voren dat uitgangspunten van het relevante rijksbeleid.
3.2
het
initiatief
passend volgens de
Provinciaal beleid en (instructie)regels
De provincie Flevoland heeft een Omgevingsvisie (zie Omgevingsverordening (zie paragraaf 3.2.2) vastgesteld.
paragraaf
3.2.1)
en een
In de motivering van het plan wordt aangegeven welke onderdelen van de Provinciale Omgevingsvisie en de Provinciale Omgevingsverordening van toepassing zijn, en of het plan binnen de kaders van de provincie Flevoland past. 3.2.1 Omgevingsvisie 3.2.1.1
Algemeen
De Omgevingsvisie FlevolandStraks geeft de langetermijnvisie van de provincie Flevoland op de toekomst van dit gebied. Het gaat over de periode tot 2030 en verder. Het geeft aan welke kansen, opgaven en uitdagingen er voor Flevoland liggen. Er zijn drie kernopgaven: Het Verhaal van Flevoland (fysieke omgeving). Krachtige Samenleving (sociaal-economische omgeving). Ruimte voor Initiatief (bestuurlijke omgeving). Deze opgaven vormen de kern voor alle ontwikkelingen waarbij de provincie Flevoland betrokken is. Dit geldt zowel voor de strategische opgaven uit de Omgevingsvisie als voor andere beleidsvraagstukken. In de strategische opgaven staan de belangrijkste vraagstukken en ambities voor de toekomst beschreven. Het gaat om de volgende opgaven: Duurzame Energie; Regionale Kracht;
18
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 Circulaire Economie; Landbouw: Meerdere Smaken. 3.2.1.2
Toetsing van het initiatief aan provinciale omgevingsvisie
De voorgenomen ontwikkeling betreft een uitbreiding van een woningbouwgebied ten noorden van Emmeloord, waarmee wordt voorzien in de lokale woningbehoefte. Deze ontwikkeling sluit goed aan bij de uitgangspunten van de Omgevingsvisie FlevolandStraks, in het bijzonder bij Het Verhaal van Flevoland. 3.2.2 Omgevingsverordening Elke provincie moet een Omgevingsverordening vaststellen waarin zij instructieregels opnemen voor andere bestuursorganen. In deze verordening staan regels over hoe de provincie Flevoland omgaat met de fysieke leefomgeving. Het betreft onder meer regels over (vaar)wegen, grondwater, watersystemen, zwemwater, stiltegebieden, beschermingsgebieden, natuur, ontgrondingen, reclameborden in het landelijk gebied, duurzame energie, geitenhouderijen en schaliegas.
Voor voorliggend plan zijn de volgende instructieregels van toepassing:
Artikel 7.4 Aanwijzing vergunningvrije gevallen (ontgrondingen) In aanvulling op artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving geldt het verbod uit artikel 5.1 van de Omgevingswet om zonder vergunning een ontgrondingsactiviteit te verrichten niet, voor zover het gaat om ontgrondingen: a. waarbij niet meer dan 500 m2 wordt ontgrond en bovendien een diepte van 3 meter beneden maaiveld niet wordt overschreden; of b. voor een waterput, reservoir, bassin, vijver, poel of een daarmee vergelijkbare voorziening, als: 1. grondlagen dieper dan 3 meter onder het oorspronkelijke maaiveld ongemoeid blijven; 2. niet meer dan 1.500 m3 wordt ontgraven; en 3. deze voorziening niet in open verbinding staat met een oppervlaktewaterlichaam. c. Ten behoeve van het bouwen, in stand houden of het slopen van een bouwwerk, waarvoor een omgevingsvergunning wordt verleend, indien bij het verlenen van deze omgevingsvergunning de ecologische belangen, archeologische belangen en de (geo)hydrologische belangen voldoende zijn afgewogen. Artikel 7.5 Melding (Ontgrondingen) 1. Het is verboden een ontgrondingsactiviteit, bedoeld in artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving en artikel 7.4, te verrichten zonder dit ten minste vier werken voor het begin ervan te melden; 2.
Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden. In aanvulling op artikel 21.1 bevat een melding gegevens en bescheiden over de kadastrale ligging van de ontgrondingslocatie; a. de periode waarbinnen de ontgrondingsactiviteit wordt uitgevoerd; b. een beschrijving van het doel van de ontgrondingsactiviteit; c. de toestand en de functie van het terrein na het afronden van de ontgrondingsactiviteit; d. de oppervlakte van het te ontgronden terreingedeelte in m2 ; e. de beoogde maximale diepte in meter beneden maaiveld; f. de huidige maaiveldhoogte in meters ten opzichte van NAP; g. de opbouw van het bodemprofiel tot de grootste diepte van de voorgenomen
bestemmingsplan (ontwerp)
19
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 ontgrondingsactiviteit; en h. de hoeveelheid te ontgraven en af te voeren oppervlaktedelfstof in m3 . 3. Artikel 7.5, derde lid, is van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen; 4. Artikel 7.5 is niet van toepassing op een ontgrondingsactiviteit waarbij minder dan 1500 m3 wordt ontgraven. Het is onbekend hoeveel grond zal worden afgegraven. Indien sprake is van een ontgrondingsactiviteit zoals benoemd in artikel 7.4, dan wordt voorafgaand aan de werkzaamheden een vergunningsaanvraag ingediend conform de gestelde eisen uit artikel 7.4.
Artikel 9.2a Geluidproductieplafonds provinciale wegen Voor de in Bijlage XIV Lijst provinciale wegen waar geluidproductieplafonds gelden opgenomen openbare wegen in beheer bij de provincie Flevoland worden geluidproductieplafonds vastgesteld.
Paragraaf 4.6 gaat nader in op het aspect geluid. Op dit moment heeft de provincie geen gpp's vastgesteld en is de Wet geluidhinder van kracht.
Artikel 6.8 Gegevens en bescheiden: onbekende historische grondwaterverontreiniging Gedeputeerde staten ontvangen onverwijld een afschrift van de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving die aan burgemeester en wethouders worden verstrekt op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving of omgevingsplan, indien uit het voorafgaand bodemonderzoek dat plaatsvindt buiten het margegebied historische grondwaterverontreiniging blijkt dat voor één of meer verontreinigende stoffen de signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering, bedoeld in Bijlage Vd van het Besluit kwaliteit leefomgeving, wordt overschreden.
Paragraaf 4.13 gaat nader in op de bodemkwaltieit. Uit de onderzoeken is gebleken dat de signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering, bedoeld in Bijlage Vd van het Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt overschreden.
Artikel 12.8 Omgevingswaarden wateroverlast binnen bebouwde kom Voor het gebied binnen de bebouwde kom geldt een overstromingskans van ten hoogste 1/100 per jaar.
Paragraaf 4.4 gaat hier nader op in.
Artikel 14.17 Buiten windgebied Een omgevingsplan sluit uit dat buiten windgebied nieuwe windmolens worden gerealiseerd of dat bestaande windmolens worden opgeschaald.
In paragraaf 4.12 Hinder wind, licht en (slag)schaduw is beschreven dat nieuwe windmolens niet mogelijk worden gemaakt. Het plan is niet in strijd met deze instructieregel.
20
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Artikel 15.15 Natuurnetwerk Nederland Een omgevingsplan, voor zover het betrekking heeft op een gebied binnen of nabij het aangewezen Natuurnetwerk Nederland: a. strekt mede tot bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden van dat gebied, b. maakt alleen activiteiten mogelijk die per saldo niet leiden tot de achteruitgang van de kwaliteit en oppervlakte van het natuurnetwerk, vermindering van de samenhang tussen die gebieden of tot nadelige gevolgen voor de wezenlijke kenmerken en waarden van het natuurnetwerk. Het plangebied is niet gelegen in de nabijheid van het NNN en derhalve is de ontwikkeling niet in strijd met deze regels. Paragraaf 4.15 gaat hier nader op in.
Artikel 17.4 Instructieregels omgevingsplan (geitenhouderijen) 1. Een omgevingsplan sluit de nieuwvestiging van geitenhouderij uit. 2. Bij omgevingsplan worden aangewezen als vrijwaringszone geitenhouderijen de gebieden bestaande uit een zone van twee kilometer van de rand van een woonkern en wordt de geometrische begrenzing daarvan vastgelegd. 3. Een omgevingsplan sluit de uitbreiding van bestaande geitenhouderijen gelegen binnen twee kilometer van de rand van een woonkern uit. 4. De gemeenteraad stelt uiterlijk voor 1 januari 2032 een omgevingsplan vast met inachtneming van de regels uit dit hoofdstuk. In de planregels van voorliggend plan wordt de nieuwvestiging van geitenhouderijen uitgesloten.
3.2.2.1
Toetsing van het initiatief aan de provinciale omgevingsverordening
In het hoofdstuk 4 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving wordt de ontwikkeling getoetst aan de relevante instructieregels. In dit hoofdstuk wordt aangetoond op welke wijze in de voorliggende wijziging van het omgevingsplan wordt voldaan aan de relevante instructieregels van de provincie Flevoland. 3.2.3 Flevolandse Woonagenda 3.2.3.1
Algemeen
Provinciale Staten stelde deze woonagenda vast op woensdag 13 oktober 2021. De Flevolandse Woonagenda moet er aan bijdragen er meer balans komt op de woningmarkt binnen Flevoland. Het gaat om méér dan alleen goede woningen. Het gaat ook om wonen op een plek van waaruit je makkelijk je werk, scholen en andere voorzieningen kunt bereiken, maar ook een mooie (natuurlijke) omgeving. In de Flevolandse woonagenda beschrijft de provincie actiepunten die hieraan bijdragen. Gelet op deze lokale verantwoordelijkheid heeft de provincie Flevoland deze woonagenda samen met de gemeenten opgesteld.
De ambitie van de provincie is het realiseren van een volwaardige kwalitatieve ontwikkeling van het wonen in Flevoland. Hierbij richt de provincie zich op: aandacht geven aan de (ruimtelijke en sociale) kwaliteit van bestaande woongebieden;
bestemmingsplan (ontwerp)
21
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 inzetten op een goed en volwaardig woonklimaat om een bredere groep aan Flevoland te binden; kansen bieden aan Flevolandse woningzoekenden door meer variatie in woonaanbod. 3.2.3.2
Toetsing aan de Flevolandse Woonagenda
Het betreft een nieuwe uitbreiding van een bestaande wijk. In het voornemen wordt een variatie aan woningen mogelijk gemaakt. Dit kan een brede groep mogelijke bewoners aantrekken. In het plangebied is voorzien in vrijstaande woningen, twee-onder-een-kapwoningen, rijwoningen en rug-aan-rugwoningen.
De ontwikkeling zet in op een goed en volwaardig woonklimaat door de bestaande groenen blauwstructuren door te trekken naar fase 4. Hierdoor is de toekomstige woonwijk groen ingericht. Ter bevordering van het leefklimaat worden bovendien meerdere parken aangelegd waar inwoners kunnen ontspannen.
De nieuwe wijk draagt op deze manier bij aan de Flevolandse Woonagenda. 3.2.4 Conclusie toetsing aan het provinciale beleid Geconcludeerd kan worden dat het planvoornemen in lijn is met het relevante provinciale beleid. In hoofdstuk 4 van deze motivering wordt nader aangegeven op welke wijze invulling is gegeven aan de diverse instructieregels.
3.3
Regionaal beleid
De wettelijke basis om gezamenlijk besluiten te nemen ligt in artikel 2.2 lid 2 van de Omgevingswet. Het gaat om het gezamenlijk nemen van één besluit. Veel opgaven overstijgen het lokale belang, wat ertoe kan leiden dat er op regionaal niveau beleid wordt vastgesteld. 3.3.1 Regionale woondeal ZUND-gemeenten Om het woningtekort terug te dringen tot een gezonder evenwicht, wordt met het Nationaal Programma Woningbouw ingezet op de realisatie van 900.000 woningen tot en met 2030. Het streven is vanaf 2024 jaarlijks 100.000 nieuwbouwwoningen te realiseren, waarvan ten minste twee derde betaalbaar is. Daarom wordt nationaal ingezet op de bouw van 250.000 sociale corporatiewoningen en 350.000 woningen in het middensegment (waarvan 50.000 middenhuurwoningen door woningcorporaties en koopwoningen onder de 355.000). Gemeenten, provincies en het Rijk maken samen afspraken over hun aandeel in het behalen van deze doelstellingen. De nationale opgave is vastgesteld in de Nationale Woon- en Bouwagenda en uitgewerkt in bestuurlijke afspraken op provinciaal niveau. (zie paragraaf 3.2.3) en op regionaal niveau tussen de gemeente ZUND-gemeenten (Zeewolde, Urk, Noordoostpolder en Dronten) in deze woondeal.
De woondeal betreft nu nog bestuurlijke afspraken. Deze prestatieafspraken zullen uiteindelijk wettelijk geborgd worden in de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv). De provincie dient bij inwerkingtreding van de Wvrv de voortgang van de gemaakte afspraken te monitoren. De beoogde datum van inwerkingtreding van de Wvrv is 1 juli 2025 (of uiterlijk 1 januari 2026).
Toetsing aan de Regionale woondeal ZUND-gemeenten In paragraaf 4.1 Ladder voor duurzame verstedelijking is de ontwikkeling getoetst aan het woonbeleid waaronder ook de Regionale woondeal ZUND-gemeente. In deze toetsing is 22
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 geconcludeerd dat het plan voldoet aan deze regionale woonagenda. 3.3.2 Conclusie toetsing initiatief aan het regionale beleid De voorliggende ontwikkeling is in lijn met het relevante regionale beleid.
3.4
Gemeentelijk beleid en regels
3.4.1 Omgevingsvisie
3.4.1.1
Algemeen
De omgevingsvisie is de routekaart naar de toekomst van Noordoostpolder, tot stand gekomen samen met inwoners die op verschillende manieren participeerden. De doelen tot 2050 staan beschreven in de 3 kernopgaven; 1. groei en bloei van dorpen en wijken; 2. vitaal landelijk gebied; 3. aantrekkelijke regio. 3.4.1.2
Ambities
Kernopgave 1: Groei en bloei van dorpen en wijken De sociale kracht is van oorsprong sterk in de Noordoostpolder. Tegelijkertijd is er een woningbehoefte, staan voorzieningen onder druk en moeten er blijvend worden gewerkt aan kansengelijkheid en perspectief voor alle inwoners. Hierom wordt ingezet op de menselijke maat: nieuwe woonbuurtjes, die zorgen voor versterking van bestaande en nieuwe voorzieningen, prettige omgangsvormen en individuele ontplooiing. Voor voorliggende ontwikkeling zijn onderstaande uitgangspunten relevant om te wegen.
Openbare ruimte is basis voor veilige samenleving De inrichting van de openbare ruimte is van invloed op het gedrag van inwoners. Het is de basis voor een veilige samenleving en voorwaarde voor gezonde, betrokken inwoners, met aandacht voor elkaar. Er zijn nieuwe woonbuurten met passende woningen nodig. Plekken waar nieuwe inwoners zich thuis voelen.
Ontwikkeling woningvoorraad in kwaliteit en hoeveelheid De gemeente kiest voor de ontwikkeling van goede (bereikbare en betaalbare) woningen voor verschillende inwoners: bestaande woningen duurzaam en geschikt maken voor de verandering van het klimaat. 3.300 nieuwe woningen voor de bestaande woningbehoefte. Minimaal 5.000 woningen voor woningzoekenden van buiten de gemeente. De nieuwe woningen komen in en rond de dorpen, in Emmeloord en op vrijkomende boerenerven. Een goede mix van huurwoningen en koopwoningen zorgt dat verschillende inwoners samen leven en samen wonen. Kernopgave 2: Vitaal landelijk gebied De Noordoostpolder heeft van meet af aan ten dienste gestaan van de landbouw- en voedselproductie in de regio en het land. Tegelijkertijd spelen uitdagingen zoals bodemdaling, stikstofopgave en duurzame energieopwekking. Hierom wordt ruimte geboden voor (agrarisch) ondernemen, passend bij een goed en duurzaam woon- en
bestemmingsplan (ontwerp)
23
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 leefklimaat, een gezond bodem- en watersysteem, een vitaalkrachtige natuur, het kenmerkende landschap en een aantrekkelijk recreatie- en toerismeaanbod.
Kernopgave 3: Aantrekkelijke regio. De Noordoostpolder biedt veel. Voor huidige en toekomstige inwoners, voor ondernemers, voor bezoekers. Hierom wordt er gewerkt aan het bieden van voorwaarden en voorzieningen om een aantrekkelijke, toekomstbestendige en unieke regio te zijn.
In de omgevingsvisie is daarnaast een uitvoeringsagenda opgenomen per deelopgave. Voor de voorliggende ontwikkeling is met name kernopgave 1 relevant. De relevante deelopgaven van kernopgave 1 met de daaraan gekoppelde acties zijn als volgt: Vitale en gezonde inwoners. Voldoende aanbod voor sport en bewegen (sportvoorzieningen, recreatieve uitloopgebieden etc.). Voldoende zorgvoorzieningen en zorgaanbod bieden. We maken mensen bewust van hun gezondheid (bijv. rookvrije gemeente). Voldoende bescherming tegen emissies. Passend en toekomstbestendig woningaanbod. Bouwen voor doelgroepen (eigen inwoners, extra groei, beschermd wonen). Bouwen in passende typen woningen. Verduurzamen woningen. Ruimte bieden aan initiatieven. Groeimogelijkheden voor ieder dorp. Voorzieningen zijn toegankelijk, nabij en bereikbaar. Herinvulling maatschappelijk vastgoed (breder dan kerkenvisie). Centrale/gezamenlijke voorzieningen voor dorpen. Zorgen voor een goede leefomgeving. Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (passend bij veranderingen in het klimaat en passend bij de functie van de omgeving). Bij een goede leefomgeving hoort een mooi en geschikt centraal dorpsplein met ruimte voor wonen en detailhandel. De gemeente moedigt betaalbare woningen met meer woonlagen aan in Emmeloord en mogelijk in de dorpen. De gemeente stelt daarom een visie op bouwhoogte op.
3.4.1.3
Toetsing van het initiatief aan de Omgevingsvisie
Het plangebied ligt aangrenzend aan het stedelijk gebied van Emmelaard. Het planvoornemen sluit aan bij 'kernopgave 1 'Groei en bloei van dorpen en wijken' omdat het realiseren van een woonwijkuitbreiding versterkend werkt voor het woningaanbod en daarmee de vitaliteit van het stedelijk gebied. Daarnaast wordt in paragraaf 4.3 Gezondheid nader beschreven dat het plan aantrekkelijke voorzieningen of gelegen is in de buurt van aantrekkelijke voorzieningen. Het plan voldoet aan kernopgave 3.
24
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
3.4.2 woonbehoefteonderzoek Noordoostpolder 2024-2035 3.4.2.1
Algemeen
Op basis van het woonbehoefteonderzoek Noordoostpolder 2024-2035 is er in het hoog-dorpsscenario een verwachte behoefte van 2.300 woningen. Met andere woorden: voor deze periode is de gemiddelde woningbehoefte voor Noordoostpolder 209 woningen per jaar. Het grootste deel van de vraag komt voor rekening van de periode 2024-2030. Er zijn dan zo'n 1.400 extra huizen nodig. Dat is ongeveer de helft van de totale nettobehoefte tot 2050. Tot 2035 zijn er naar verwachting nog eens 900 extra woningen nodig. Na 2035 neemt het groeitempo af en wordt de voorspelling onzekerder. Wat wel zeker is, is dat het aantal huishoudens in Noordoostpolder dan van nature zal dalen, doordat het aantal seniorenhuishoudens door sterfte afneemt. Of de gemeente nog blijft groeien, hangt dan in steeds grotere mate af van instroom uit andere gemeenten.
Kwantitatieve behoefte Uitgangspunt voor de programmering is de bevolkingsprognose van de gemeente. Tegelijk is het beeld dat de groei hoger uit kan vallen. De ambitie van de gemeente is dan ook om aan die grotere behoefte te voldoen. Dat betekent dat er een flexibele programmering is, waarbij een jaarlijkse bijstelling van prognose en planning nodig is. Het doel is om meerjarig te voldoen aan de kwantitatieve behoefte die wordt afgeleid van de huishoudensprognose. Dat betekent dat er de komende 10 jaar in ieder geval de ruimte is om 1.000 woningen toe te voegen. Dat aantal staat los van de intentie van de provincie Flevoland om in het kader van het project Flevoland bouwt voor Nederland in de provincie tot 2050 100.000 woningen extra te bouwen. Het is van belang zowel in Emmeloord als in de dorpen de ontwikkelruimte beschikbaar te hebben om aan de provinciale vraag te voldoen. Er zijn geen harde cijfers per kern om zo de programmering flexibel te houden en in te kunnen spelen op de behoefte.
Kwalitatieve behoefte De kwalitatieve woningprogrammering kent drie invalshoeken: 1. de vraag en tekorten van vandaag; 2. de behoefte van morgen; 3. zelfstandige kwaliteitsdoelstellingen. Bij het bouwen van nieuwe woningen wordt gekeken naar inbreidingsmogelijkheden, transformatie van bestaand vastgoed en uitbreiding.
De inzet van de woonvisie is om de vraag en tekorten van vandaag op te lossen door een op doorstroming gericht seniorenprogramma dat invulling geeft aan de behoefte van morgen. Het doel is om zowel in Emmeloord als in de kernen een dergelijk programma te realiseren. Het gaat daarbij om huur- én koopwoningen, appartementen én grondgebonden woningen. Een dergelijk programma kan door doorstroming ruimte scheppen voor starters en andere groepen.
Betaalbaarheid De basisstrategie is om door middel van het stimuleren van doorstroming betaalbare woningen in de voorraad beschikbaar te maken voor de groepen die daar behoefte aan hebben. Dit kan bijvoorbeeld door het toevoegen van seniorenwoningen.
bestemmingsplan (ontwerp)
25
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
Als de doorstroming niet voldoende op gang komt, moeten andere maatregelen worden genomen om woningen beschikbaar te krijgen. Hierbij kan worden gedacht aan een middenhuurprogramma of aan het geschikt maken van starterswoningen voor levensloopbestendig wonen.
Daarnaast is het doel om voor de groepen die tussen de sociale huurmarkt en de koopmarkt vallen, te komen tot een nieuw middenhuurprogramma.
Duurzaamheid Het landelijk doel is om in 2050 een energieneutrale woningvoorraad te hebben. De gemeente heeft daarbij als subdoelstellingen de betaalbaarheid van het wonen én de kwaliteit van de bestaande voorraad. Vooral in de goedkopere delen van de koopvoorraad ligt hier een belangrijke opgave.
De komende jaren moet op gebiedsniveau invulling worden gegeven aan deze doelstelling. Vooruitlopend daarop is het doel te leren van experimenten en met die experimenten ook draagvlak onder de bevolking te creëren.
Een bijzonder aandachtspunt is de verwachting dat, zodra de strategie voor de energietransitie in een afrondende fase komt, de nieuwe opgave van de circulaire transitie zich aandient. De oplossingen voor de energietransitie kunnen strijdig zijn met die van circulair bouwen. Parallel daaraan zijn er ook de opgaven op het gebied van klimaatadaptatie en biodiversiteit. Het doel is om tijdig met deze nieuwe opgaven rekening te houden bij het formuleren van strategieën.
3.4.2.2 Toetsing initiatief aan de Woonvisie Gemeente Noordoostpolder 2020: Kansen grijpen De wijziging van het omgevingsplan voor Emmelhage fase 4 voorziet in een gevarieerd woningbouwprogramma. Er worden verschillende soorten woningen gebouwd, zoals rijwoningen, tweekappers en vrijstaande woningen. Hierdoor kan een brede doelgroep worden bediend. Rijwoningen en tweekappers zijn (zeer) geschikt voor, of geschikt te maken voor, starters en senioren. Daarnaast kunnen de vrijstaande woningen en tweekappers aantrekkelijk zijn voor doorstromers. Het planvoornemen heeft verder een duurzaam karakter door de aardgasvrije huizen en de ruime groen- en blauwstructuren die door het plangebied lopen.
Hiermee kan worden geconcludeerd dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met de gemeentelijke woonvisie. 3.4.3 Beleidsregel Uiterlijk Bouwwerken 3.4.3.1
Algemeen
De gemeente Noordoostpolder kiest voor het verminderen van eisen voor het uiterlijk van bouwwerken. Hoewel hierdoor bestuurlijk minder wordt gestuurd op esthetische kwaliteiten van bebouwing, is flankerend beleid nodig. De gemeente Noordoostpolder wil met de Beleidsregel Uiterlijk Bouwwerken sturen op het behoud en het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente.
De beleidsregel geldt voor de hele Noordoostpolder, maar spitst zich toe op een aantal specifieke gebieden en objecten. Daarnaast geldt voor sommige gebieden een 26
bestemmingsplan (ontwerp)
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4 beeldkwaliteitsplan ofbeeldkwaliteitseisen , waarin eisen zijn gesteld aan het uiterlijk van bouwwerken in dat specifieke gebied. Het kan zijn dat toetsing van het uiterlijk van bouwwerken noodzakelijk is of dat advies over beeldkwaliteit wordt gevraagd.
Bij ruimtelijke ontwikkelingen die niet gelegen zijn in de aangewezen gebieden, maar die wel een grote impact hebben op de omgeving, kan de gemeenteraad een beeldkwaliteitsplan vaststellen voor dat gebied. Nu de gemeente voor grote gebieden geen specifieke regels stelt, zoals in het buitengebied, ligt het voor de hand dat het voorschrijven van een beeldkwaliteitsplan terughoudend wordt ingezet. Een beeldkwaliteitseisen kunnen worden ingezet bij in- en uitbreidingslocaties en entreegebieden.
3.4.3.2
Toetsing van het initiatief aan de Beleidsregel Uiterlijk Bouwwerken
Het plangebied is niet gelegen in een aangewezen gebied waarvoor regels zijn opgesteld of een beeldkwaliteitsplan van kracht is. Voor de ontwikkeling wordt daarom een beeldkwaliteitseisen opgesteld en separaat vastgesteld.
Het beeldkwaliteitseisen gaan, na vaststelling van voorliggend plan, onderdeel uitmaken van de Beleidsregel Uiterlijk Bouwwerken. Omgevingsvergunningen zullen op grond van de regels uit de bruidsschat getoetst worden aan de beleidsregel uiterlijk bouwwerken. 3.4.4 Duurzaamheidsvisie Noordoostpolder 3.4.4.1
Algemeen
In haar duurzaamheidsvisie streeft de gemeente Noordoostpolder naar energieneutraliteit in 2030. De gemeente richt zich daarnaast op de inzet van schone energie. Energiegebruik en besparing in woningen maken daar een belangrijk onderdeel van uit. Het energiegebruik door woningen bedraagt ongeveer 16% van het totale energiegebruik in Noordoostpolder.
Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat de vergunningaanvragen sinds 1 januari 2021 moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Die eisen vloeien voort uit het Energieakkoord voor duurzame groei en uit de Europese Energy Performance of Buildings Directive (EPBD).
Op 3 april 2018 is een aanpassing van de Gaswet in werking getreden, waardoor de gasaansluitplicht is komen te vervallen. Sindsdien mogen er geen omgevingsvergunningen meer worden afgegeven voor nieuwbouw die wordt aangesloten op een gasnet. Deze regeling geldt voor vergunningaanvragen vanaf 1 juli 2018.
Een gemeente kan een ontheffing verlenen, waardoor toch op het gasnet aangesloten mag worden. Dit kan echter alleen in uitzonderlijke situaties waarbij grote maatschappelijke effecten ontstaan door het niet aansluiten op gas.
3.4.4.2
Toetsing aan de duurzaamheidsvisie Noordoostpolder
Voor de geplande woningen zijn technische duurzaamheidsoplossingen, zoals aardgasloos wonen en bouwen, beschikbaar en financieel haalbaar. Het is daarom niet noodzakelijk om een ontheffing te verlenen.
bestemmingsplan (ontwerp)
27
bestemmingsplan TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22f Emmeloord - Emmelhage fase 4
3.4.5 Beleid parkeren en parkeernormen 2025-2030 Bij de ontwikkeling dienen de parkeernormen, zoals opgenomen in het Beleid parkeren en parkeernormen 2025-2030, in acht te worden genomen. Parkeergelegenheid op eigen terrein, zoals opritten en garages, telt daarbij gedeeltelijk mee bij het parkeeraanbod. Ook hiervoor wordt verwezen naar het beleid.
Op grond van het tijdelijk deel van het omgevingsplan Noordoostpolder, waarin het Parapluplan Parkeren is opgenomen, dient getoetst te worden aan dit parapluplan. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de normen die zijn opgenomen in de dan geldende beleidsregel. In voorliggend geval is dat het document 'Beleid parkeren en parkeernormen 2025-2030'.