CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

3.1 Ruimtelijke onderbouwing - Oosterringweg 39 te Luttelgeest 4.pdf

Commissie Woonomgeving 17 april 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 4: (Ontwerp)verklaring van geen bedenkingen Oosterringweg 39 te Luttelgeest25.550 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 15 7 39

OOST

KRACHT

12

Het koude biomethaan wordt nog dieper gekoeld met de kou van het flashgas dat terugkeert uit het flitsvat. De temperatuur is gelijk aan de vloeibaarmakingstemperatuur van het gas bij atmosferische druk tot 3 bar (-162 0 C). Vervolgens wordt het gekoelde gecomprimeerde biomethaan met een Joules Thompson (JT) -klep van 19 bar onder druk teruggebracht tot atmosferische druk. Door de expansie zal het biomethaan afkoelen tot -1610 C en zal het biomethaan vloeistofdruppeltjes vormen. De druppels worden opgevangen in een flitsvat/ cycloon, terwijl het flitsgas wordt gebruikt om de voorgaande stappen voor te koelen. In deze PFD wordt het flitsgas naar de klant gestuurd, maar in werkelijkheid is er een tweede identieke cyclus waarbij het flitsgas op exact de hierboven beschreven manier wordt gecomprimeerd, gekoeld en vloeibaar gemaakt. De hoeveelheid flashgas in de liquefactie van de tweede trap is aanzienlijk lager, waardoor de conversie van biomethaan naar BioLNG wordt geoptimaliseerd. Het vloeibare biomethaan (BioLNG) van zowel fase 1 als 2 wordt verplaatst naar een opslagtank waar de BioLNG onder atmosferische druk wordt verzameld tot max. 3 bar druk.

2.2.6

Buisleidingen

In het hele proces van vergisting naar LNG is sprake van een aantal transportbewegingen middels buisleidingen. Vanaf de vergister lopen lagedrukleidingen naar de gasopwerking, en van de gasopwerking naar de PTSA-unit. Na de PTSA-unit zijn er buisleidingen naar de warmtepompen waarna een deel van het biogas met een druk van 40 barg naar het buisleidingennetwerk van de Gasunie wordt getransporteerd. Een deel gaat via buisleidingen aar de LNG installatie, en na afronding van dat proces ook via een buisleiding naar de opslagtank.

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 16 7 39

3

12

Selectie relevante insluitsystemen

3.1 Algemeen De (sub)selectie heeft tot doel de insluitsystemen binnen de inrichting aan te wijzen die het meest bepalend zijn voor het externe risico en dus in de QRA moeten worden meegenomen. Een insluitsysteem wordt in de Handleiding risicoberekeningen Bevi, versie 4.3 (verder: Hari) omschreven als een of meerdere toestellen, waarvan de eventuele onderdelen blijvend met elkaar in open verbinding staan en bestemd om één of meerdere stoffen te omsluiten. Voor de subselectie is bepalend dat een 'Loss of Containment' in één insluitsysteem niet leidt tot het vrijkomen van significante hoeveelheden gevaarlijk stof uit andere insluitsystemen. Zoals eerder beschreven wordt de selectie en daarmee de QRA uitgevoerd voor stoffen, die onder normale bedrijfsomstandigheden brandbaar, explosief of toxisch zijn. Definitie gevoorlijke stoffen Conform de Hari, is een brandbare stof een stof die een procestemperatuur heeft die gelijk is aan of hoger is dan het vlampunt. Een stof wordt als toxisch gezien, indien de LC50 (rat, inhalatie, 1 uur)-waarde van de stof lager is dan 20.000 mg/m3. Onder explosieve stoffen wordt verstaan: 1. Stoffen en preparaten die ontploffingsgevaar leveren door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken (waarschuwingszin R2/H220); 2.

Pyrotechnische stoffen: een stof of mengsel van stoffen die of dat tot doel heeft warmte, licht, geluid, gas of rook of een combinatie van dergelijke verschijnselen te produceren door middel van niet-ontploffende, zichzelf onderhoudende exotherme chemische reacties; 3. Ontplofbare of pyrotechnische stoffen en preparaten die in voorwerpen zijn vervat; 4. Stoffen en preparaten die ernstig ontploffingsgevaar opleveren door schok, wrijving, vuur of andere ontstekingsoorzaken (waarschuwingszin R3/H220). Gevoorlijke stoffen binnen de biogasinstallatie LNG-verwerker Luttelgeest De stoffen die betrokken zijn bij het proces en eventueel als gevaarlijk kunnen worden aangemerkt zijn opgenomen in onderstaande tabel. Tabel 2: Toetsing gevaarlijke stoffen op relevantie voor de QRA

Stof

H-zinnen toxisch of ontvlambaar

Ontvlambaar

Giftig

Relevant voor QRA

Ruw biogas ^50 ppm H2S) (65% CH4/35% CO2)* Gereinigd gas (10C^ CH4) LNG (10096 CH4) Geconcentreerd, tot vloeistof verdicht CO2 Tetrahydrotiofeen (THT) Waterstofsulfide (H2S) Verdund Zwavelzuur

H220 H220 H220 H225 H220, H330 -

Ja Ja Ja Nee Ja Ja Nee

Nee Nee Nee Ja Nee Ja Nee

Ja Ja Ja Nee Ja Ja Nee

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 17 7 39

Stof Ammoniumsulfaat

12

H-zinnen toxisch of ontvlambaar -

Ontvlambaar

Giftig

Nee

Nee

Relevant voor QRA Nee

*ln Safeti-NL is uitgegaan van een 'worst-case' verhouding van 65Vo CH4 en 35^. C02 in ruw biogas (grootste brandbare fractie).

Selectie van geconcentreerdtot vloeistof verdicht koolstofdioxide (CO2) Geconcentreerd, tot vloeistof verdicht CO2 is onder normale omstandigheden (ofwel bij atmosferische druk en gemiddelde buitentemperatuur van 9,8 DC, conform de Hari) niet als toxisch te beschouwen. Echter, in deze inrichting is een opslagtank met een capaciteit 120 m2 3 (124,3 ton bij 18 bar(g) en -21DC) aanwezig en wordt CO2 per as afgevoerd van het terrein in tankwagens met een Ínhoud van 22,2 m3 (23 ton bij 18 bar(g) en -21DC). Bij deze omstandigheden kan, in geval van ongevallen tijdens de opslag of verlading met CO2, een dodelijke concentratie ontstaan ^ 5.000 ppm ofwel 9.000 mg/m3; de 8-uurs grenswaarde voor werknemers2) als dit tot vloeistof verdichte CC^-gas vrijkomt. Om deze reden is deze stof toch als toxische stof meegenomen in deze QRA. CO2 is een stof die niet standaard geclassificeerd is als giftig via inhalatie, zoals aangeduid met H330 of H331, volgens de ECHA3. Wel leiden zeer hoge concentraties ^ 100.000 mg/m3 gedurende 1 uur4) mogelijk tot letale effecten buiten de inrichtingsgrens, wat deze stof relevant maakt voor externe veiligheid.

3.2

Subselectie

Gekozen is om de systemen met een voor de QRA relevante component, allemaal mee te nemen in de QRA. Hierbij is een uitzondering gemaakt voor de volgende onderdelen: het zeer korte leidingwerk tussen de verschillende installatieonderdelen. Dit leidingwerk is dermate kort dat een lekkage of breuk onderdeel uit maakt van de aangesloten installatieonderdelen zoals de diverse compressoren, warmtewisselaar en filterunits; Waterstofsulfide (verder: H2S) is zowel een brandbaar als toxisch gas. H2S wordt gevormd tijdens de vergisting in de vergisters. De concentratie H2S blijft echter zeer beperkt tot minder dan 196, waarmee geen reëel toxiciteitsrisico meer bestaat. Conform het onderzoek van het RIVM: 'Veiligheid grootschalige productie biogas', RIVM, d.d. 2010 kenmerk 620201001/2010' van Mesch en Hezen zullen nauwelijks toxische effecten buiten de inrichtingsgrens optreden bij een H2S-gehalte lager dan 196. Daarom is in deze QRA het ruwe biogas, met een zeer beperkte concentratie H2S, alleen als brandbaar beschouwd; Tetrahydrotiofeen (THT) wordt als geurstof toegevoegd aan het gereinigde biogas wat geleverd wordt aan het net van de Gasunie, via de Odorisatie-unit. De hoeveelheid THT binnen de inrichting is zeer beperkt waarmee geen externe veiligheidsrisico ontstaat. De unit met THT is daarom buiten beschouwing gelaten; Zoals in par.

3.1 beschreven is CO2 weliswaar geselecteerd voor deze QRA, maar hierbij is specifiek rekening gehouden met de grootste insluitsystemen: de opslagtank (120 m3) en de tankwagen (22,2 m3) met bijbehorende verladingsscenario's. Alle overige procesonderdelen, zoals procesvaten, compressoren,

2 Bron: RIVM, RVS Zoeksysteem (geraadpleegd 18 nov. 2021), zie: https://rvszoeksysteem.rivm.nl/stof/detail/858 3 Stofinformatie voor C02 (CAS 124-38-9) volgens ECHA-database. Bron: https://echa.europa.eu/nl/information-on-chemicals/clinventory-databaseZVdiscliZdetailsZl31271 4 Voor C02 is de Levensbedreigdende waarde (LBW) voor 1 uur: 100.000 mg/m3. Bron: https://rvszoeksysteem.rivm.nl/stof/detail/858

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 18 7 39

12

warmtewisselaars en leidingen, zijn niet meegenomen vanwege de kleine hoeveelheden aan CO2 die toxicologisch gezien en voor externe veiligheid niet relevant zijn (onder normale omstandigheden geen toxische stof, alleen in zeergrote hoeveelheden en onder hoge druk); De beperkte hoeveelheden (opgelost) ammoniak (NH3) en vluchtige organische koolwaterstoffen (VOS of VOC) die vrijkomen uit de 'Upgrading planť zijn met name milieugevaarlijk of aanvullend als corrosief zijn geclassificeerd (NH3, H314). Dergelijke stoffen zijn niet dermate acuut brandbaar, explosief of toxisch en daarom verder buiten beschouwing gelaten in deze QRA; Het digestaat wordt vanuit de vergisterprocestanks in de navergisters gebracht, waar het ontgassen plaatsvindt. Door koeling wordt het vergistingsproces vertraagd en gestopt, hierbij ontstaat nog wel ruw biogas; Ten slotte zijn installaties die alleen in noodgevallen worden gebruikt niet meegenomen in de berekeningen, zoals de affakkelinstallatie (als veiligheidsvoorziening). Dit omdat de gebruiksduur op jaarbasis incidenteel en daarmee verwaarloosbaar is ten opzichte van de andere installatieonderdelen. Om de insluitsystemen die een potentieel risico voor externe veiligheid vormen en dus nader worden beschouwd in de QRA, zijn de locaties binnen de inrichting bepaald. Hiervoor is gebruik gemaakt van de plattegrondtekening zoals bijgevoegd in Bijlage 1.

In onderstaande tabel is de relevantie per locatie/ ruimte aangegeven. De nummers bij de genoemde ruimtes corresponderen met de nummers genoemd in Bijlage 2, waarin alle relevante procesonderdelen worden weergegeven, met bijbehorende uitgangspunten die zijn afgeleid uit de door opdrachtgever verstrekte stukken en informatie. Hierin is per onderdeel aangegeven of deze al dan niet is meegenomen in de daadwerkelijke risicoberekeningen. Tabel 3: Relevantie locaties 8l activiteiten t.b.v. subselectie

Omschrijving ruimte

Relevante insluitsystemen

Relevante gevaarlijke stof

Buitenruimte, 54

Tankwagenverlading (twee verlaadplaatsen)

Vloeibaar biogas (LNG) en CO2 vanuit opslagtanks naar tankwagen

35, 36, 37, 38, 44, 45, 46 Tussen vergisters en pretreatment; loods G Loods G

Vergisters (zeven stuks)

Ruw biogas

Compressoren

Ruw biogas, gereinigd biogas, LNG

Warmtewisselaars

Ruw biogas, gereinigd biogas Ruw biogas, gereinigd biogas, LNG

Loods G

Procesvaten

LNG opslagtank - links, 33

Opslagvat

LNG

CO2 opslagtank - rechts, 33 Boven- en ondergrondse leidingen tussen de verschillende installaties

Opslagvat

CO2

Leidingen

Ruw biogas, gereinigd biogas

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 19 7 39

4

12

Scenario's

Voor het kwantificeren van de risico's zijn modelberekeningen uitgevoerd. De scenario's zijn met het door de overheid voorgeschreven actuele rekenprogramma Safeti-NL (versie 8.5) doorgerekend. In onderstaande paragrafen worden de uitgangpunten en rekenparameters nader omschreven die in de modelberekeningen zijn toegepast. Een gedetailleerde weergave van de gehanteerde modelparameters is weergegeven in de tabel in Bijlage 3. Een vertaling van deze rekenparameters naar de resultaten is in hoofdstuk 6 nader uitgewerkt.

4.1

Ongevalscenario's

In onderstaande paragraaf worden per "insluitsysteem" weergegeven met welke scenario's rekening wordt gehouden. In de navolgende subparagrafen per type insluitsysteem wordt niet tot in detail op de uitgangspunten die gehanteerd zijn in de modellering. Deze zijn nauwkeurig weergegeven in Bijlage 3, waar een totaaloverzicht van de scenario's en gehanteerde uitgangspunten is opgenomen. Tevens is in Bijlage 2 een totaaloverzicht opgenomen van de gegevens van de diverse installaties/insluitsystemen.

4.1.1

Scenario's vergisters

Het ruwe biogas wordt gevormd in de vergisters onder een lichte overdruk van maximaal 5mbar. Voor de ongevalscenario's en bijbehorende faalkansen van de vergisters zijn deze als aangegeven door het RIVM, beschouwd als enkelwandige atmosferische opslagtanks. Kijkend naar de mogelijke scenario's is het niet reëel ervanuit te gaan dat bij het falen van een vergisters, enkel de gehele Ínhoud van de betreffende vergister vrijkomt bij het instantaan falen en het leegstromen in 10 minuten. Er wordt conform de Hari rekening gehouden met nalevering uit de overige vergisters, met een snelheid van de reguliere productiestroom uit de vergisters, te weten 1.800 NmVuur, gedurende een maximale duur van 20 minuten. De totale hoeveelheid ruw biogas die vrij kan komen bij het falen bedraagt daarmee het volume van de vergister, aangevuld met 600 Nm3. De gehanteerde scenario's en bijbehorende faalfrequenties zijn gegeven in onderstaande tabel 17 uit de Hari. Tabel 4: Scenario's voor enkelwandige atmosferische opslagtanks (Hari)

Scenario's Instantaan vrijkomen van de gehele Ínhoud Vrijkomen van de gehele Ínhoud in 10 min. in een continue en constante stroom Continu vrijkomen uit een gat met een effectieve diameter van 10 mm

Frequentie (per jaar) 5 x 106 5 x ïcr6

1 x 104

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 20 7 39

12

4.1.2 Scenario's gasleidingen Het transport van het ruwe biogas, het gereinigde biogas en de LNG vindt plaats via leidingen. Er is sprake van zowel ondergrondse als bovengrondse leidingen, van verschillende diameters. De vergisters zijn met een leiding aangesloten op een aantal ventilatoren en een compressor. Het transport naar de opwerking van het biogas en tussen de verdere diverse onderdelen van de installatie wordt gestuwd door diverse compressoren. Zoals toegelicht in hoofdstuk 3, zijn de korte verbindingsleidingen tussen de installatieonderdelen niet beschouwd. In totaal vijf leidingen zijn wel gemodelleerd in Safeti-NL. De uitstroom van de leidingen bij breuk worden bepaald door de stroming in het gehele systeem. Terugstroom in het systeem wordt voorkomen door de compressoren. Voor het debiet is uitgegaan van de aanvoerende stroom, welke bepaald wordt door de installatie/compressor voorafgaand aan de leiding, vermenigvuldigd met een factor 1,5. Dit debiet is ingevoerd in Safeti-NL door de Flow Control in het Short Pipe model. Voor de leiding vanaf de vergisters is geen sprake van een stuwende compressor en daarom is daar uitgegaan van de reguliere flow van 1.800 NmVuur. Tabel 5: Scenario's gasleidingen Ondergronds

Scenario's Breuk van de leiding Lek (20 mm) van de leiding

Frequentie (per meter per jaar) 5,0 x 10‘7 1,5 x 10‘6

Tabel 6: Scenario's gasleidingen Bovengronds (type: 75 mm tot 150 mm)

Scenario's Breuk van de leiding Lek (10% nominale diameter) van de leiding

Frequentie (per meter per jaar) 3,0 x 10’7 2,0 x 106

Tabel 7: Scenario's gasleidingen Bovengronds (type: > 150 mm)

Scenario's Breuk van de leiding Lek (10% nominale diameter) van de leiding

Frequentie (per meter per jaar) 1,0 x 107 5,0 x 10 7

4.1.3 Compressoren De aanwezige compressoren en ventilatoren binnen de inrichting zijn allen beschouwd als Compressoren met pakking zoals benoemd in de Hari. De scenario's en faalfrequenties voor de compressoren zijn weergegeven in tabel 8. In Bijlage 3 is aangegeven welke installaties (met een detaillering van de installaties in Bijlage 2) zijn beschouwd als compressor. Falen van compressoren wordt gemodelleerd als breuk in de aanvoerleiding, catastrofaal falen. De uitstroom van de aanvoerleidingen worden bepaald door de stroming in het gehele systeem. Terugstroom in het systeem wordt voorkomen door de compressoren. Voor het debiet is uitgegaan van de aanvoerende stroom, welke bepaald wordt door de installatie/compressor voorafgaand aan de leiding, vermenigvuldigd met een factor 1,5. Voor de modellering is worst-case uitgegaan van de hoogste druk in de betreffende installaties en de laagste temperatuur. De bedrijfsduurcorrectie voor de faalfrequentie bedraagt een factor 1, oftewel een continue bedrijfstijd.

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 21 7 39

12

Tabel 8: Scenario's compressoren

Scenario's Catastrofaal falen (breuk aanvoerleiding) Lek (1C^ aanvoerleiding)

Frequentie (per jaar) 1,0 x 10’4 4,4 x 103

4.1.4 Warmtewisselaars De aanwezige warmtewisselaars binnen de inrichting zijn allen beschouwd als Warmtewisselaars met de gevaarlijke stof binnen de pijpleiding, zoals benoemd in de Hari. De scenario's en faalfrequenties zijn weergegeven in tabel 19. In Bijlage 3 is aangegeven welke installaties (met een detaillering van de installaties in Bijlage 2) zijn beschouwd als warmtewisselaar. De warmtewisselaars hebben een zeer beperkt eigen volume, waardoor bij falen de nalevering door de aanvoerende leidingen het risico bepalen. Gelijk aan de compressoren in paragraaf 4.1.3 wordt het debiet en het volume van de uitstroom bepaald door de aanvoerende leidingen. Ook hier is sprake van een continue bedrijfstijd en daarmee een bedrijfsduurcorrectie voor faalfrequentie van een factor 1. Tabel 9: Scenario's warmtewisselaars

Scenario's Breuk van 10 pijpen tegelijkertijd Breuk van 1 pijp Lek met een effectieve diameter van 10% van de nominale diameter van één pijp, maximaal 50 mm

Frequentie (per jaar) 1,0 x 105 1,0 x 10’3 1,0 x 10’2

4.1.5 Procesvaten Binnen de inrichting is sprake van een aantal installaties die beschouwd kunnen worden als procesvaten. Dit betreft de koolfilters voor het zuiveren van ruw biogas en afvangen van H2S, de koolfiters voor het zuiveren en afvangen van VOC/NH3 en de Carborex CO2 Membraan-unit, waarna gereinigd biogas of groengas (methaan) ontstaat. Voor deze procesvaten geldt dat de uitstroom bepaald wordt door het aanvoerende debiet, zoals beschreven in paragraaf 4.1.3. De bijbehorende scenario's zijn weergegeven in onderstaande tabel. De bedrijfsduurcorrectie voor de faalfrequentie bedraagt een factor 1, oftewel een continue bedrijfstijd. Tabel 10: Scenario's procesvaten

Scenario's Instantaan vrijkomen van de gehele Ínhoud van het reactorvat/ procesvat Vrijkomen van de gehele Ínhoud in 10 min. in een continue en constante stroom Continu vrijkomen uit een gat met een effectieve diameter van 10 mm

Frequentie (per jaar) 5,0 x 10’6 5,0 x 10’6 1,0 x 10’4

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 22 7 39

12

4.1.6 Opslagvat onder druk De LNG- als de CC^-opslagtanks worden beide gezien als een opslagvat onder druk, vanwege opslag van tot vloeistof verdichte gassen onder druk. Hiervoor gelden een aantal scenario's zoals weergegeven in onderstaande tabel. Verder gelden de details van deze opslagtanks en uitgangspunten voor de modellering zoals opgenomen in Bijlage 2 en 3. Tabel 11: Scenario's opslagvat onder druk

Scenario's Instantaan vrijkomen van de gehele Ínhoud van het reactorvat/ procesvat Vrijkomen van de gehele Ínhoud in 10 min. In een continue en constante stroom Continu vrijkomen uit een gat met een effectieve diameter van 10 mm

Frequentie (per jaar) 5,0 x 10-7 5,0 x ÏO’7 1,0 x ÏO-5

4.1.7 Tankwagenverlading LNG en CO2 De opgeslagen LNG wordt afgevoerd van de inrichting per tankwagen. Deze wordt opgesteld direct naast de LNG opslagtank en verbonden met een laad/losslang. Er wordt geen gebruik gemaakt van een pomp, maar de druk in de LNG opslagtank wordt op circa 3 bar gehouden, waarmee door drukverschil de tankwagen gevuld kan worden. Op basis van de jaarlijkse productiecapaciteit van de inrichting en de opslagcapaciteit van 114 m3 LNG (capaciteit 120 m3, vullingsgraad 950Zo), wordt uitgegaan van een tankwagenafvoer van eens per dag. Uitgaande van een gemiddeld volume van 40 m3 per tankwagen en een vullingsgraad van 90Yo van deze tankwagen, is de jaarlijkse afvoer per tankwagen, 13.149 m3. Voor CO2 geldt dat de opslagcapaciteit van de tank eveneens 120 m3 bedraagt. Aangezien de vullingsgraad nog niet bekend is, is 'worst-case' gerekend met 10096. Uitgaande van 23 ton (22,2 m3) verlading van CO2 via één tankwagenafvoer per dag en een vullingsgraad van 9096 van deze tankwagen, bedraagt de jaarlijkse afvoer van CO2 7.301 m3 per jaar. Het verwachte pompdebiet bedraagt 36 m3 /uur (600 L/min) waarmee in totaal circa 365 uur per jaar verladen zal worden. Naast de verladingsduur zal de tankwagen per verlading een kwartier extra op de inrichting aanwezig zijn, zodat de aanwezigheidsduur per tankwagen op jaarbasis ca. 457 uur bedraagt.

Bij de verlading van de tanks naar de bijbehorende tankwagen is, bij een breuk van de losslang, terugstroom vanuit de tankwagen mogelijk. Hiermee is rekening gehouden bij de modellering van het uitstroomvolume en debiet. De verlading wordt beveiligd met een terugslagklep in de tankwagen en een automatisch inbloksysteem bij de tank. Deze veiligheidsvoorzieningen zijn meegenomen in de modellering. Hier is uitgegaan van een faalkans van de terugslagklep van 696 en een ingrijptijd van 5 seconden en een faalkans van het automatische inbloksysteem van 0,196 en een ingrijptijd van 5 seconden. Bij de verlading zijn de volgende scenario's gehanteerd, welke gecorrigeerd zijn voor de tijdsduur van verlading en aanwezigheid en de faalkans+ingrijptijd van de veiligheidssystemen.

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 23 7 39

12

Tabel 12: Scenario's tankwagenverlading onder druk

Scenario's Tl. Tankauto - Instantaan falen T2. Tankauto - vrijkomen uit de grootste aansluiting BI. Tankauto - Domino-scenario, Instantaan vrijkomen gehele Ínhoud tijdens verlading - BLEVE L.la: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen werkt L.lb: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen faalt L.2a: Breuk Losslang, ingrijpen faalt, Terugslagklep tankwagen werkt L.2b: Breuk Losslang, ingrijpen faalt, Terugslagklep tankwagen faalt L.3: Lek Losslang

Frequentie 5,0 x 10'7 per jaar 5,0 x 10'7 per jaar 5,0 x 10 10 per uur 4,0 x 10'6 per uur 4,0 x 10'6 per uur 4,0 x 10'6 per uur 4,0 x 10'6 per uur 4,0 x 10'5 per uur

4.2 Omgevingsfactoren De relevante omgevingsdata voor de berekeningen van de externe risico's betreffen de bevolkingsdichtheid rondom de inrichting, de weergegevens van de omgeving, de ruwheidslengte van de omgeving, de ontstekingsbronnen in de omgeving van de inrichting en potentiële domino-effecten. 4.2.1 Bevolking De omgeving van de inrichting en de maximale effectafstand (berekend als de contour van het plaatsgebonden risico van 1,0 x 10"3(Vjaar) WOrdt getoond in Figuur 4. De berekening van het groepsrisico wordt gebaseerd op de aanwezigheid van personen afgeleid met de BAG populatieservice, opgevraagd op 27 augustus 2020.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 24/39

OOST

KRACHT

12

Figuur 4: Invloedsgebied, gebaseerd op de PR lxlO‘3(Vjaar contour

4.2.2 Meteorologische gegevens en oppervlakteruwheid Voor het uitvoeren van de verspreidingsberekeningen moeten meteorologische gegevens en oppervlakteruwheid worden ingevoerd. Als uitgangspunt zijn de weergegevens van het dichtst nabijgelegen weerstation (Leeuwarden) gekozen. De ruwheidlengte is een (kunstmatige) lengtemaat die de invloed van de omgeving op de windsnelheid aangeeft. Voor de oppervlakteruwheid is de standaard ruwheidlengte van 0,3 m aangehouden, wat past bij een landelijke omgeving. 4.2.3 Ontstekingsbronnen Ontstekingsbronnen zijn van belang voor de QRA. Dit kunnen puntbronnen, oppervlaktebronnen of lijnbronnen zijn. Bij de ontsteking wordt onderscheid gemaakt tussen twee typen: 1. Directe ontsteking; 2. Vertraagde ontsteking.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 25 7 39

OOST

KRACHT

12

Directe ontsteking is afhankelijk van het type installatie (stationair of transportmiddel), de stofcategorie en de uitstroomhoeveelheid. In de berekeningen kan deze ontsteking gemodelleerd worden direct bij het betreffende scenario. Voor vertraagde ontsteking wordt voor het plaatsgebonden risico gerekend met de grootste wolkomvang. Voor het groepsrisico wordt gerekend met de ontstekingsbronnen die zich buiten de inrichting bevinden. Dit omvat zowel de aanwezige populatie, als installaties als fakkels, ovens, boilers, hoogspanningskabels, naburige procesinstallaties en voer- en vaartuigen. In de modellering van de populatie zijn vanuit de standaardmethodiek in Safeti-NL reeds potentiële ontstekingsbronnen opgenomen. Aanvullende ontstekingsbronnen zijn niet geïdentificeerd. De inrichting is niet gevestigd langs een doorgaande route van weg, water of spoor en hoogspanningslijnen zijn ook niet aanwezig in de directe omgeving.

4.2.4 Domino-effecten Installaties in de omgeving kunnen een risico vormen voor de installaties van de inrichting en visa versa. Wanneer dit een significant risico betreft (meer dan ÏC^ van de basisfaalkans op catastrofaal falen van de installaties van de inrichting), dient dit nader getoetst te worden in de QRA. Uit een beschouwing van de omgeving is echter gebleken dat er geen risicovolle bedrijven met gevaarlijke stoffen in de omgeving van de inrichting aanwezig zijn. Er is geen invloedsgebied wat reikt over de inrichting en het invloedsgebied van de inrichting reikt niet over een ander bedrijf met gevaarlijke stoffen. Verder kunnen, conform het Handboek Risicozonering Windturbines, windturbines een effectafstand (uitgaande van de maximale werpafstand bij overtoeren) van maximaal 716 meter hebben. In een straal van 716 meter rond de inrichting zijn geen windturbines gelegen. Het ontstaan van domino-effecten veroorzaakt door windturbines wordt daarmee niet aannemelijk geacht.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 26 7 39

5

OOST

KRACHT

12

Resultaten

Er is een risicoanalyse uitgevoerd met als doel het inzicht verkrijgen in de externe risico's. Deze QRA is uitgevoerd met het door de overheid voorgeschreven modelleringprogramma SAFETI-NL. De resultaten van de QRA kunnen in de volgende onderdelen worden samengevat: Het plaatsgebonden risico; Het groepsrisico; De maximale effectafstanden en; de scenario's met de grootste bijdrage. In de onderstaande paragrafen worden de rekenresultaten omschreven. Hierbij wordt eerst kort ingegaan op de resultaten uit de berekeningen voor de huidig vergunde situatie (QRA 2017). Daarna wordt kort ingegaan op de resultaten uit de berekeningen van de aangevraagde situatie en wordt een vergelijking gemaakt tussen de beide situaties.

5.1 Plaatsgebonden risico Het plaatsgebonden risico (PR) is de kans per jaar dat een persoon, die zich continu en onbeschermd op een bepaalde plaats in de omgeving van een inrichting bevindt, overlijdt door een ongeval met gevaarlijke stoffen bij die inrichting. Het PR met een kans van 1,0 x lO'Vjaar (PR 10"6) betekent voor kwetsbare objecten zoals woningen, grotere kantoren en hotels, scholen en ziekenhuizen, een grenswaarde. Een kans hoger dan PR 10"6 is ontoelaatbaar voor kwetsbare objecten. Voor beperkt kwetsbare objecten zoals bedrijfsgebouwen, kleinere kantoren en hotels, individuele winkels en verspreid liggende woningen, is de PR 10"6 een richtwaarde waar enkel met een gewichtige redenen vanaf geweken kan worden.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 27 7 39

OOST

KRACHT

12

5.1.1 Plaatsgebonden risico bestaande situatie In navolgend figuur zijn de Plaatsgebonden risicocontouren opgenomen zoals zijn berekend in de QRA van 1 augustus 2017, behorende bij de vergunde situatie.

Figuur 5: Plaatsgebonden risicocontouren vergunde situatie

In de vergunde situatie ligt de PR lxlO"67jaar contour op de grens van de inrichting. Binnen de contour ligt geen (beperkt) kwetsbaar object en daarmee wordt voldaan aan de normen en richtwaarden van het Bevi.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 28 7 39

OOST

KRACHT

12

5.1.2 Plaatsgebonden risico toekomstige situatie In de navolgende figuren zijn de plaatsgebonden risicocontouren van de aangevraagde situatie opgenomen.

Figuur 6: Plaatsgebonden risicocontouren aangevraagde situatie

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 29 7 39

OOST

KRACHT

12

Figuur 7: Inzoom op PR lxlCľ67jaar voor de aangevraagde situatie

Uit de berekeningen blijkt dat de PR 10"6 contour ontstaat en voor een deel buiten de inrichtingsgrens ligt. Binnen het deel wat buiten de inrichtingsgrens ligt, zijn geen (beperkt) kwetsbare objecten gelegen. Er wordt daarmee voldaan aan de grens- en richtwaarden uit het Bevi voor het PR. De aangevraagde situatie betekent een toename van het plaatsgebonden risico. Hiermee komt de PR lxlO"67jaar contour buiten de inrichtingsgrens te liggen. In zowel de huidige- als de aangevraagde wordt desondanks voldaan aan de normen en richtwaarde van het plaatsgebonden risico.

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 30 7 39

12

5.2 Groepsrisico Het groepsrisico (GR) is de kans per jaar dat een groep van een bepaalde grootte dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval. Het GR wordt vastgelegd in een zogenaamde F(N)-curve (GR-curve) en is afhankelijk van de aanwezige personen in de omgeving van het bedrijf. In een GR-curve staat op de verticale as de cumulatieve kans weergegeven dat meer dan N slachtoffers ten gevolge van de beschouwde scenario's komen te overlijden. Deze kans wordt uitgedrukt in de eenheid 'per jaar'. Op de horizontale as staat het aantal slachtoffers weergegeven. Voor het GR geldt in vergelijking tot het PR geen 'harde' norm, maar is een oriënterende waarde opgenomen zonder normatieve status voor inrichtingen. Wel geldt voor het GR een verantwoordingsplicht wanneer (beperkt) kwetsbare objecten binnen het invloedsgebied van de inrichting liggen. 5.2.1 Groepsrisico bestaande situatie In de QRA van 1 augustus 2017, behorende bij de vergunde situatie is het groepsrisico berekend. Uit de berekening kwam naar voren dat geen groepsrisico voor meer dan 10 slachtoffers berekend werd. Derhalue kan ook geen Groepsrisicocurve getoond worden. 5.2.2 Groepsrisico toekomstige situatie In navolgend figuur is de GR-curve van de aangevraagde situatie weergegeven, waaruit blijkt dat het groepsrisico ruim onder 196 van de oriëntatiewaarde blijft.

Het maximaal berekende aantal slachtoffers bedraagt 17 personen bij een kans van 1,64 x 109 per jaar. De aangevraagde situatie betekent daarmee een toename van het groepsrisico, aangezien voor de aangevraagde situatie wel meer dan 10 slachtoffers berekend worden. Groepsrisicoberekening (fN-curve)

Number of fatalities

Figuur 8: Groepsrisicocurve van de aangevraagde situatie

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 31 7 39

5.3

OOST

KRACHT

12

Invloedsgebied

Het invloedsgebied is het volledige gebied waarbinnen 196 van de aanwezigen kan komen te overlijden als gevolg van het scenario met het grootste effect. De grootste effectafstand van 317,1 meter wordt gevonden bij het scenario Instontoon falen van het Opslagvat met LNG, bij weerstypen D 5 en F 1,5. Het invloedsgebied van de gehele inrichting is visueel gemaakt in figuur 9 door berekening van de PR 10"30 contour. In Bijlage 6 is een totaaloverzicht opgenomen van de effectafstanden per scenario.

Figuur 9: Invloedsgebied inrichting

OOST

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 32 7 39

5.4

12

Scenario's met de grootste risicobijdrage

Ten behoeve van de bepaling van de meest risico-bijdragende scenario's zijn twee Risk Ranking Points in het model geplaatst. Op het punt waar de eerste woonbebouwing ligt, ten noordoosten van de inrichting en het punt aan de noordwestzijde van inrichting waar een ander deels bebouwd perceel begint. Deze plaatsen zijn aangegeven met een blauwe punt in figuur 5 en 6. In de navolgende tabellen zijn de belangrijkste scenario's ^ 196 bijdrage) opgesomd met hun relatieve bijdrage aan respectievelijk het PR. Tabel 13: Risk Ranking NoordOost - Plaatsgebonden risico

Plaatsgebonden Risico - Scenario

Bijdrage

Cumulatief

Opslagtank LNG - Instantaan falen

86,1 96

86,196

Opslagtank LNG - Uitstroming in 10 minuten

10,7 96

96,8 96

Tankwagen LNG - Instantaan falen

1,6 96

98,4 96

Opslagtank CO2 - Instantaan falen

1,3 96

99,7 96

Overige scenario's

0,3 96

100 96

Tabel 14: Risk Ranking Noordwest - Plaatsgebonden risico

Plaatsgebonden Risico - Scenario

Bijdrage

Cumulatief

Opslagtank LNG - Instantaan falen

72,8 96

72,8 96

Opslagtank LNG - Uitstroming in 10 minuten

15,0 96

87,8 96

Tankwagenlading - Breuk Losslang, ingrijpen faalt, Terugslagklep tankwagen werkt

4,8 96

92,6 96

Opslagtank CO2 - Instantaan falen

4,3 96

96,9 96

Tankwagen LNG - Instantaan falen

2,3 96

99,2 96

Overige scenario's

0,8 96

100 96

In Bijlage 4 is het volledige Individual risk ranking rapport weergegeven. In de navolgende tabel zijn de scenario's opgesomd met hun relatieve bijdrage aan het Groepsrisico. Tabel 15: Risk Ranking - Groepsrisico

Groepsrisico - Scenario

Bijdrage

Cumulatief

Opslagtank LNG - Uitstroming in 10 minuten

63,0 96

63,0 96

Opslagtank LNG - Instantaan Falen

36,6 96

99,6 96

Overige scenario's

0,4 96

100 96

In Bijlage 5 is het volledige Societal risk ranking rapport weergegeven.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 33 7 39

6

OOST

KRACHT

12

Conclusie

BioValue Supply BV is voornemens om de biovergistingsinstallatie in Luttelgeest uit te breiden met onder andere zowel een LNG-installatie als een CC^-installatie. Vooruitlopend op een nieuwe omgevingsvergunning heeft het Bevoegd Gezag verzocht om de risico's op het gebied van externe veiligheid in beeld te brengen door het laten uitvoeren van een kwantitatieve risicoberekening (QRA). Het doel van de QRA is het vaststellen van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico van de risicodragende activiteiten. Risicoanalysemethodiek. In onderhavige QRA worden de gevolgen voor de externe veiligheid ten gevolge van de voorgenomen activiteit beschreven. De berekeningen zijn uitgevoerd conform de Handleiding Risicoberekeningen Bevi, versie 4.3 (hierna Hari) en met het risicoberekeningsprogramma Safeti-NL versie 8.5.

6.1

Plaatsgebonden Risico

Uit de berekeningen blijkt dat de PR 10"6 contour ontstaat en voor een deel buiten de inrichtingsgrens ligt. Binnen het deel wat buiten de inrichtingsgrens ligt, zijn geen (beperkt) kwetsbare objecten gelegen. Er wordt daarmee voldaan aan de grens- en richtwaarden uit het Bevi voor het PR.

6.2

Groepsrisico

Uit de curve kan opgemaakt worden dat het groepsrisico ruim onder 196 van de oriëntatiewaarde blijft. Wel is sprake van een beperkte toename van het groepsrisico. Omdat (beperkt) kwetsbare objecten binnen het invloedsgebied zijn gelegen, dient het Bevoegd Gezag bij het verlenen van de omgevingsvergunning voor een inrichting die onder het Bevi valt, (de toename van) het groepsrisico te verantwoorden, zoals voorgeschreven in Artikel 12 van het Bevi.

6.3

Invloedsgebied

Het invloedsgebied is het volledige gebied waarbinnen 196 van de aanwezige kan komen te overlijden als gevolg van het scenario met het grootste effect. De grootste effectafstand van 317,1 meter wordt gevonden bij het scenario Instontoon falen van de LNG opslagtank, bij weerstype D 5 en F 1,5.

QRA Biovergister met LNG installatie Luttelgeest- BioValue Supply BV (vh. Agradu)

KRACHT

Pagina 34 7 39

Bijlage 1.

OOST

12

Plattegrondtekening

RENVOOI NR Gebouw

Omschrijving:

Aantal Eenheid

©

K

Stalling landbouw tractoren

div

-

©

K

Stalling landbouwwerktuigen

div

-

Dieselolietank Electrische dieselpomp

01

3000 Itr.

Smeerolie

01

50 Itr.

06

6 Itr.

K

Brandblusser ļ| Werkplaats divers electrische gereedsch.

01

90 m2

K

Lasapparaat

01

-

©k1 buiten

Hogedrukspuit

01

-

©

B

Bestrijdingsmiddelen akkerbouw

01

-

©

B

Kantine/ kantoor

01

50 m2

J

01

150 m2

© buiten

Wortelen Weegbrug

01

-

©

K

Opslag van kunstmest

01

25 ton.

©

J

Ventilatoren akkerbouw Zhiel-Abegg

12

3.6kw

©

J

Aardappels en uien

01

500 m2

©

1

01

150 m2

©

H

Laad en los ruimte Ventilatoren akkerbouw Zhiel-Abegg

06

3.6kw

©

H

01

-

(20)

H

TRAFO WKK Meet en regelapperatuur

01

-

©

H

Noodkoelers WKK's

01

400 Kwth

@

K

© buiten (05) K © divers ®

©

01

01

2500 m2

Laden en Lossen Tank coproducten vloeibaar

01

25 m2

02

179 m3

(25)

K

Opslag van vaste eindfractie

01

-

©

silo

Mestpomp

01

10 Kw.

@

silo

Roerwerk

19

17 Kw.

©

silo

Vastestofinvoer

01

54 Kw.

K

C02 recovery Unit 7 x 3.5m2

01

24.5m2Z50m3

LC02 storage

01

120 m3

Koelaggregaat bewaarloods

01

20 Kw.

© Buiten

LNG Opslagtank

02

120 m3

@

G

Biobed

01

250m2

G

01

40.000 m3Ajur

© ®

Opslag coproducten vast

@ buiten (24) K

buiten ®

J

©

Silo

Biobed - schoorsteen Vergister 1

01

2000 m3

®

Silo

Hydrolyse

01

2000 m3

@

Silo

Vergister 2

01

2000 m3

©

Silo

Vergister 3

01

4000 m3

®

G

DAF unit

01

-

©

G

Decanter

01

35 Kw.

®

H

1050 Kw

B

WKK Bedrijfscontainer

01

®

01

500 Itr.

®

G

Droog installatie

01

(44)

Silo

Vergister 4

01

6000 m3

®

Vergister 5

01

6000 m3

Silo

Vergister 6

01

6000 m3

©

G

Zwavelzuur tank

01

40 m3

®

G

100 m3 cap. 40.000 MS/uur

Ammoniumsulfaat tank

01

© buiten

Chemische luchtwasser

01

© buiten

TRAFO liander

01

© buiten @ buiten

Biobed container 01 Biobed container -schoorsteen op dak loods 01 Bio2grid 01

© buiten

LNG Liquefaction

02

-

® buiten

Truck loading

02

-

® buiten

LNG pretreatment

01

-

© buiten

Wasplaats incl slibvangbak

01

-

® buiten

Pompput wasplaats

01

-

© buiten

Obas Controle put

01

-

01

-

Kelder Vacuum verdamp installatie

01

500 m3

01

-

© buiten

Biogasinstallatie 1 Groengas opwaardering

01

-

® buiten

Gas kastjes

02

-

© buiten

TRAFO

01

-

©

01

1000 kw

© buiten

Ketel Greenstep

01

-

©

G

UF /papierfilter

01

(D (D

Silo

®

K

Tank coprodcuten vloeibaar

02

©

G

Gedroogde digestaat

-

©

G

Kunstmest vervanger/mineralen concentraat

® buiten

© buiten ©

B

©

G

H

60 m2 15.000 m3Ajur -

149m3

@ buiten

polem silo 1 buiten spuiwater

01

50m3

@ buiten

Polem silo 2 buiten Water condensaat Polem silo 3 buiten Spuiwater luchtwasser

01

50m3

@ buiten

01

50m3

© buiten

Gasflessen opslag

06

') afmetingen tot erfgrens en van groenstrook en inrichtingsgrens volgens omgevingsvergunning 2017, tekening PL-08-Situatietekening-nieuw-dd-26-07-2017

A 10-2-2023 erf-en intrichtingsgrens aangepast c.f. vergunning Revisie Datum

Wijziging

Project

Peters Biogas

Locatie

Oosterringweg 39, Luttelgeest

Opdrachtgever Titel Datum Revisie Schaal Formaat Getekend Gecontroleerd

YR

Getek.

Gecon.

Bio Value Milieutekening 01-03-2023 A 1:300 A1 C.M. Visser Y.L. Roelevink

Status :

Definitief 1/1

Tjukemarwei 6, 8521 NA Sint Nicolaasga /O IUG085-4012908 - info@biovalue.nl - www.biovalue.nl we fuel the future

CV

Deze tekening blijft eigendom van BioValue BV en mag zonder onze toestemming niet worden gedupliceerd.

Blad :

C:\Users\chrvi\BioValue Dropbox\6. Biogasinstallaties\0020. Luttelgeest\0020. Bouw Luttelgeest\2 - Definitief Ontwerp\Tekenwerk\0. Plattegrond en algemeen\mileutekening.dwg

© buiten

QRA Bîovergîster met LNG installatie Luttelgeest ~ BioValue Supply BV (vh. Agradu)

Pagina 35 j 39

20ST KRACHT 12

Bijlage 2.

Totaaloverzicht installatie en kenmerken per installatie

Project

o0ST KRACHT 10

Opdrachtgever Projectnummer Uitvoering OK10 Datum Versie

QRA biogasinstallatie Luttelgeest BioValue Supply BV (vh. Agradu B V) 2020-025 C. van Loon/G. Ruiten 29-nov-22 5.0

Bijlage 2 - Totaaloverzicht Installaties en gegevens Nr

Insluit systeem

Tank Nr

Proces / opslag

Omschrijving ! locatie

Modelstof

Bruto volume (m3]

Vulgraad

Max Ínhoud (m3)

Flow [Nm3Ajur]

Maximale operationele Atmosf. t druk

Maximale procestemperatuur [0C]

Hoogte [m] (hoogte tank * dak)

Diameter [meter]

ļvergisting

1.0 Hydrolyse 1.1 N ave rgister 1.2 N ave rgister

vO-36

Opslag

hydrolyse

Ruw Biogas

2000

-\80Zo

350

n.v.t

Atmosferisch

20

6

21

v1-35

Opslag

navergister pasteurisatie

Ruw Biogas

2000

3707o

737

n.v.t

Atmosferisch

55

6

21

v2-37

Opslag

navergister pasteurisatie

Ruw Biogas

2000

3707o

737

n.v.t

Atmosferisch

55

6

21

1.3 Hoofdve rgi ster

v3-38

Opslag

vergister

Ruw Biogas

4000

SOO/o

1988

n.v.t

Atmosferisch

43

6

30

1.4 Hoofdve rgi ster

v4~44

Opslag

vergister

Ruw Biogas

6000

440/0

2610

n.v.t

Atmosferisch

43

7

33

1.5 Hoofdve rgi ster 1.6 Opslag dunne digestaat

v5-45

Opslag

vergister

Ruw Biogas

6000

440/0

2610

n.v.t

Atmosferisch

43

7

33

OPSLAG

Opslag

opslag dunne digestaat

Ruw Biogas

6000

440/0

2610

n.v.t

Atmosferisch

43

7

[Groengasinstallatie/ Pre-Treatment

33 Diameter [mm]

Proces

Warmtewisselaar tussen vergisters en pre-treatment

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

20 mbar

43

n.v.t.

250

3.1 Feedblowers

nvt

Proces

Pre-treatment MS

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

3.2 Feedblowers

nvt

Proces

Pre-treatment MS

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

3.3 Feedblowers

nvt

Proces

Pre-treatment MS

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

25

n.v.t.

250

2 O ntwatering sin stallatie! Warmtewisselaar

4.1 Koolfilter voor H2S

Proces

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

2195,0

180 mbar

4.2 Koolfilter voor H2S

Proces

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

2195,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

4.3 Koolfilter voor VOC‘sZNH3

Proces

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

2195,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

4.4 Koolfilter voor VOC‘sZNH3 n.v.t. Zwavelzuurtank

Proces

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

2195,0

180 mbar

25

n.v.t.

250

Zwavelzuur - Niet Relevant

40,0

90o7o

36,0

n.v.t.

Atmosferisch

100,0 Bruto volume (m3]

n.v.t. Ammoniumsulfaattank n.v.t. Biologische luchtwasser

47 Opslag 48 Opslag

Chemische wasser (buiten) Loods G

Ammoniumsulfaat- Niet Relevant

34 n.v.t.

Loods K

gasvormige resten - Niet relevant

[upgrading Plant í CH4-C02 scheiding

5 Com pressor voor aanvoer ruw biogas 6 Carborex C02 Membraan-unit 7a C02 Opslagtank n.v.t. C02 recovery unit 7b Tankwagen C02

n.v.t. Vulgraad

Max Ínhoud (m3)

Proces

Compressor tussen pre-treatment en upgrading (GC200)

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

180 mbar

25

n.v.t.

Proces Opslag

Carborex MS400

Ruw Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1800,0

15 barg

25

n.v.t.

50

Eindproduct opslag C02

C02

120,0

lOOO/o

120,0

n.v.t.

18 barg

-21

4,1

3850

Loods K

C02

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

1300,0

15 barg

100

n.v.t.

n.v.t.

#verladingen per jaar en tijdsduur per verlading in bijlage 3

C02

23,0

100o7o

23,0

n.v.t.

18 barg

-21

n.v.t.

n.v.t.

Bruto volume (m3]

Vulgraad

Max ínhoud (m3)

30 Proces T ransport

Diameter [mm]

250

WKK Ketel installatie

n.v.t.

n.v.t. Resonantie gebouw

Niet relevant Loods G, 1050 Kw

Niet relevant

n.v.t. Noodkoeler WKK

41 n.v.t. 21 n.v.t.

Loods G, 400Kwth

Niet relevant

n.v.t. Biogas ketel

65 n.v.t.

LoodsH, 1000 Kw

Niet relevant

40 n.v.t. 39 n.v.t.

Loods G

fermentatieresten, ongevaarlijk

Loods G

fermentatieresten, ongevaarlijk

43 n.v.t. 61 n.v.t.

Loods G

fermentatieresten, ongevaarlijk

Loods G

fermentatieresten, ongevaarlijk

67 n.v.t. 49 n.v.t.

Loods G

fermentatieresten, ongevaarlijk

buiten

fermentatieresten, ongevaarlijk

n.v.t. Uitlaat WKK

Digestaat verwerking

n.v.t. Decanter n.v.t. DAF-unit n.v.t. Drooginstallatie n.v.t. Vacuumverdampinstallatie n.v.t. Vacuumverdamper n.v.t. Chemische luchtwasser Affakkel instal latie

n.v.t.

n.v.t. Mobiele affakkelingsinstallatie

Incidenteel gebruik van fakkel

Niet relevant

LNG-installatie

n.v.t.

Navolgende delen

Liquifier

8 Com pressor tbv LNG-installatie 9 Voorkoeling

Liq

Proces

Compressor tbv op druk brengen naar 20 barg voor LNG

Gereinigd Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

250,0

3 barg

-10

n.v.t.

n.v.t.

Liq

Proces

Warmtewisselaar eerste koelstap in LNG-installatie

Gereinigd Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

250,0

131 barg

-50

n.v.t.

n.v.t.

10 Hoofdkoeling

Liq

Proces

Warmtewisselaar tweede koelstap in LNG-installatie

Gereinigd Biogas

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

250,0

131 barg

-100

n.v.t.

n.v.t.

LNG

120,0

950A

114,0

n.v.t.

3 barg

-162

15

3

LNG

40,0

90oA

36,0

36 m3Ajur

Saturated Liquid

-162

n.v.t.

n.v.t.

llļopslagtank LNG 12[Tankwagen LNG Buisleidingen

33 Opslag Transport

#verladingen per jaar en tijdsduur per verlading in bijlage 3

Ligging

Beschrijving

Bovengronds

Verzamel leiding vergisters

Ruw biogas

270

250

1 m

1800,0

5 mbar

43

Ondergronds

Compressor naar Pre-treatment unit

Ruw biogas

70

250

0m

2195,0

180 mbar

25

15 Buisleiding naar Gasunie 16 Naar LNG installatie

Ondergronds

Opgewerkt gas naar buisleiding Gasunie

Gereinigd Biogas

70

200

0m

322,0

8 barg

0

Bovengronds

Upgrading Plant naar Liquefaction

Gereinigd Biogas

10

100

1 m

250,0

3 barg

25

17 Naar opslagtank LNG

Ondergronds

Liquefaction naar LNG opslagtank

LNG

10

25

0m

200 kg/uur

15 barg

-162

13 Vergister naar Compressor 14 Compressor naar opwerking sin stal latie

Lengte [m]

Modelstof

Diameter [mm]

Hoogte

Flow [Nm3Ajur]

Druk

Temperatuur [X]

QRA Bîovergîster met LNG installatie Luttelgeest ~ BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 36 j 39

20ST KRACHT 12

Bijlage 3.

Totaaloverzicht ongevalscenario's met faalfrequenties

o0ST KRACHT 12

Project Opdrachtgever Projectnummer Uitvoering OK10 Datum Versie

QRA biogasinstallatie Luĩtelgeesĩ BioValue Supply BV (vh. Agradu BV) 2020-025 C. van Loon/G. Ruĩten 29-nov-22 5.0

Bijlage 3 - Totaaloverzicht Scenario's Algemene gegevens Ruw Biogas en gebruik Gegevens

Gegevens

Gegevens

Gegevens

Ruw Bioqas 65/35 5 mbar 15 0C 1,074 2195

Gereiniqd bioqas 100/0 180 mbar 25 0C 0,62 322

LNG 100/0 Verzadiqinqsdruk

C02 0/100 18 bar -21 0C 1035,7 720

LNG

C02

Af voer Per Tankwagen

Af voer Per Tankwagen

13149 40 90oZo Druk 600,000 365,25 1,25 456,56 Losslanq 2 inch Automatische in blok Teruqslaqklep

7301 22,21 90O/O Druk 600,000 202,81 1,25 253,51 Losslanq 2 inch Automatische in blok Teruqslaqklep

<^0 m

<^0 m

2 inch Bovenqronds Geen Dag ! nacht evenredig 120 9507o

2 inch Bovenqronds Geen Dag ! nacht evenredig 120

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [uur]

Factor 1

Factor 2

T1: Tankauto - instantaan falen

5,00E~07

per jaar

456,56

nvt

nvt

T2: Tankauto ~ vrijkomen uit de grootste aansluiting

5,00E~07

per jaar

456,56

nvt

nvt

B1: Tankauto - Instantaan vrijkomen gehele ínhoud tijdens verlading - BLEVE

5,80E~10

per uur

365,25

nvt

nvt

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [uur]

LOD Lossing

LOD tankwagen terugstroom

L.1a: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen werkt L.1b: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen faalt L.2a: Breuk Losslang, ingrijpen faalt, Terugslagklep tankwagen werkt L.2b: Breuk Losslanq, inqrijpen faalt, Teruqslaqklep tankwaqen faalt

4,00E-06 4,00E-06 4.00E-06 4,00E-06

per uur per uur per uur per uur

365,25 365,25 365,25 365,25

0,999 0,999 0,001 0,001

0,94 0,06 0,94 0,06

L.3: Lek Losslang

4.00E-05

per uur

365,25

1

nvt

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [uur]

Factor 1

Factor 2

T1: Tankauto - instantaan falen

5,00E-07

per jaar

253,51

nvt

nvt

T2: Tankauto ~ vrijkomen uit de grootste aansluiting

5,00E-07

per jaar

253,51

nvt

nvt

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [uur]

LOD Lossing

LOD tankwagen terugstroom

L.1a: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen werkt L.1b: Breuk Losslang, ingrijpen succesvol, Terugslagklep tankwagen faalt L.2a: Breuk Losslang, ingrijpen faalt, terugstroom niet mogelijk L.2b: Breuk Losslang, ingrijpen faalt, Terugslagklep tankwagen faalt

3.00E-08 3,00E-08 3,00E-08 3,00E-08

per uur per uur per uur per uur

202,81 202,81 202,81 202,81

0,999 0,999 0,001 0,001

0,94 0,06 0,94 0,06

L.3: Lek Losslang

3.00E-07

per uur

202,81

1

nvt

Vergisters

Ruw Biogas

Vergist er

Eigen Volume

Scenario 1+2

1.0 t/m 1.6

0 1 2

350 737 737

950 1337 1337

3

1988

2588

Laden Tankwagen Algemene gegevens Parameter Doorzet op jaarbasis [nrë/jaar] Bruto maximaal volume tankwagen [m3] Maximale vullingsgraad tankwagen Type tankwagen Pomp-debiet [l/min] Ladingsduur op jaarbasis [uur] Factor aanwezigheidsduur tov Ladingsduur Aanwezigheidsduur tankwagen op jaarbasis [uur] Medium verlading [slang (metaal/composiet) i arm] Diameter verlaadslang LOD Lossing - Losslang en Pomp LOD Tankwagen terugstroom Lengte vulleiding [m] Diameter Vulleiding Ligging Vulleiding LOD Vulleiding Verdeling dag- (08:00 -18:30) í nachtperiode (18:30 - 08:00) Bruto maximaal volume Opslagtank [m3] Maximale vullingsgraad Opslagtank

o o

Parameter Model stof Verhouding Methaan en C02 (volume 0A) Druk Temperatuur Dichtheid [kg/nrë] Maximale flow[Nm3Ajur]

412,7 36 mG/uur

Eenmaal per dag laden (zowel C02 als LNG) LNG: 16,5 ton, C02: 23 ton

1000/0

1 - Faalscenario's tankwagen LNG Scenario

Uitstroomdebiet Nvt Safeti-NL bepaald Nvt

2 - Faalscenario's Lossing LNG

Scenario

Duur van uitstroming [sec]

Duur van Terugstroom [sec]

Nvt

Instantaan

Nvt

Safeti-NL bepaald

Nvt

Instantaan

Terugstroom-debiet

Max ínhoud

Vrijkomende hoeveelheid [kg]

Frequentie [per jaar]

Nvt

14857,2

2.604E-08

Nvt

Safeti-NL bepaald

2,604E-08

-

Nvt

14857,2

4.237E-09

~

48252,5 kg (114 m3) in Opslagtank

Opmerkingen -

14857,2 kg (36 m3) in tankwagen

Terugstroom-debiet

Duur van uitstroming [sec]

Duur van Terugstroom [sec]

Vrijkomende hoeveelheid [kg]

Frequentie [per iaar]

4,009 4,009 4,009 4,009

5 5 1455,466 1455,466

5 1800 5 1800

102,275 7298,4 23956,6 31152,8

1.37E-Ũ3 8.76E-Ũ5 1.37E-06 8.77E-08

Vrijkomen met 20,455 kq/s door qrotere leidinqdiameter Gemodelleerd als vrijkomen van 7298,43 kq in 1800 sec Gemodelleerd als 1457 sec lang 16,445 kg/s Gemodelleerd als 1523 sec lanq 20,455 kq/s

Safeti-NL bepaald

nvt

1800

Nvt

Safeti-NL bepaald

1.46E-02

-

Uitstroomdebiet

Terugstroom-debiet

Duur van uitstroming [sec]

Duur van Terugstroom [sec]

Vrijkomende hoeveelheid [kg]

Frequentie [per

Nvt

Instantaan

Nvt

23002,9

iaar] 1.446E-08

-

Nvt

Safeti-NL bepaald

Nvt

Safeti-NL bepaald

1.446E-08

-

Uitstroomdebiet [kg/s] 16,446 16,446 16,446 16,446

Opmerkingen

3 - Faalscenario's tankwagen C02 Scenario

Nvt Safeti-NL bepaald

4 - Faalscenario's Lossing C02 Scenario

Max ínhoud

Uitstroomdebiet [kg/s] 59,700 59,700 59,700 59,700 Safeti-NL bepaald

124284 kg (120 m3) in Opslagtank

Scenario

6 vergisters Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Frequentie [per jaar]

Opmerkingen

23002,9 kg (22,2 m3) in tankwagen

Terugstroom-debiet

Duur van uitstroming [sec]

Duur van Terugstroom [sec]

Vrijkomende hoeveelheid [kg]

Frequentie [per iaar]

58,694 58,694 58,694 58,694

5 5 1800 1800

5 1800 5 253,13

591,9715 9460,4 49817,5 58727,21

5,71 E-06 3.65E-07 5.72E-09 3.65E-10

Vrijkomen met 118,394 kq/s door qrotere leidinqdiameter Gemodelleerd als vrijkomen van 15155,7 kq in 1800 sec Gemodelleerd als 1800 sec lanq 13,461 kq/s Gemodelleerd als 1800 sec lanq 21,552 kq/s

nvt

1800

Nvt

Safeti-NL bepaald

6,08E-05

-

Vrijkomend Volume

1 - Faalscenario's Vergisters (Atmosferische enkelwandige opslagtanks)

Opmerkingen

Opmerkingen

V1.1 - Instantaan vrijkomen van de gehele ínhoud

5,00E-06

perjaar

1

5,00E-06

V1.2 - Vrijkomen van de gehele ínhoud in 10 minuten

5,00E-06

perjaar

1

5,00E-06

Totale uitstroom is de gehele ínhoud van 1 vergister + door nalevering nog 600 Nm3 (20 minuten met 1.800 NmS/uur). Bij deze scenario's is aangenomen dat deze ínhoud geheel vrijkomt bij het betreffende scenario.

V. - Continu vrijkomen uit een gat met een diameter van 10 mm

1,00E-04

perjaar

1

1,00E-04

-

4

2610

3210

5

2610

3210

6

2610

3210

8

Ruw Biogas 3.1 - 3.3

Ruw Biogas 5

LNG 8

Methaan í C02 1800 2700 0,75785 20 mbar Bovenqronds 250 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Methaan í C02 1800 2700 0,93732 180 mbar 25 0C Bovenqronds 250 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Methaan 250 375 1,27828 15 barq -10 0C Bovenqronds 100 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

# Ruw Biogas (3.1, 3.2, 3.3)

Frequentie Ruw Biogas

# Ruw Biogas (5)

Frequentie Ruw Biogas

# Gereinigd Biogas (7 en 8)

Frequentie Gereinigd Biogas

1,00E~04 4,40E~03

per iaar per iaar

1 1

3 3

3,00E~04 1.32E-02

1 1

1.00E-04 4,40E-03

1 1

1.00E-04 4,40E-03

O

Model stof Stroomsnelheid [NmS/uur] Uitstromingssnelheid (1,5 x Stroomsnelheid) [NmS/uur] Uitstroomsnelheid in kg/s Druk Temperatuur (aanvoerend) Ligging installatie Leidingdiameter (aanvoerend) Uitstromingshoogte Uitstromingsduur Uitstromingsrichting Verdeling dag- (08:00 -18:30) í nachtperiode (18:30 - 08:00)

LNG

3.1 t/m 3.3 5

o

Uitgangspunten Parameter

Ruw Biogas

f c .

Compressoren 1 Ventilatoren

Faalscenario's Compressoren

Ruw Biogas 2

Gereinigd Biogas 9

Gereinigd Biogas 10

Methaan í C02 1800 2700 0,75785 20 mbar

Methaan 322 483 27,8636 131 barq

Bovenqronds 250 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Daq 1 nacht 100o7o

Methaan 2195 3292,5 2,72222 3 barq -10 0C Bovenqronds 200 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Daq 1 nacht 100o7o

Bovenqronds 250 mm 1 m 1800 sec Horizontaal Daq 1 nacht 100o7o

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

# Ruw Biogas

Frequentie Ruw Biogas

# Gereinigd Biogas

Frequentie Gereinigd Biogas

1,00E-05 1,00E-03 1,00E-02

per iaar per iaar per jaar

1 1 1

1 1 1

1,00E-05 1,00E-03 1.00E-02

1 1 1

1,00E-05 1,00E-03 1.00E-02

O

9 10

o

Mod el stof Stroomsnelheid [Nm3Zuur] Uitstromingssnelheid (1,5 x Stroomsnelheid) Uitstroomsnelheid in kg/s Druk(aanvoerend) Temperatuur (aanvoerend) Ligging installatie Leidingdiameter (aanvoerend) Uitstromingshoogte Uitstromingsduur Uitstromingsrichting Verdeling dag- (08:00 - 18:30) í nachtperiode (18:30 - 08:00)

Opmerkingen

Gereinigd Biogas

2

c!n

Uitgangspunten Warmtewisselaars Parameter

Ruw Biogas

O

Warmtewisselaars

o

Catastrofaal falen Lek (1007o diameter)

f c .

Scenario

Faalscenario's Warmtewisselaars (gevaarlijke stof binnen de pijpleidingen) Scenario Breuk van 10 pijpen tegelijkertijd Breuk van 1 pijp Lek met een effectieve diameter van 1007o van de nominale diameter van 1 pijp, maximaal 50 mm

Procesvaten

Ruw Biogas 4.1 4.2 4.3 4.4 6

Uitgangspunten Procesvaten Parameter Model stof Stroomsnelheid [Nm3Zuur] Uitstromingssnelheid (1,5 x Stroomsnelheid) Uitstroomsnelheid in kg/s Druk Temperatuur Ligging Leidingdiameter in installatie Hoogte 1 Breedte Uitstromingshoogte Uitstromingsduur Uitstromingsrichting Verdeling dag- (08:00 -18:30) í nachtperiode (18:30 - 08:00)

Ruw Biogas 4.1,4.2

Ruw Biogas 4.3,4.4

Ruw Biogas 6

Methaan 1C02 2195 3292,5 0,9373 180 mbar 25 0C Bovenqronds 250 mm n.v.t. 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Methaan 1C02 2195 3292,5 0,9373 180 mbar 25 0C Bovenqronds 200 mm n.v.t. 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Methaan 1C02 1800 2700 13,0849 15 barq 25 0C Bovenqronds n.v.t. n.v.t. 1 m 1800 sec Horizontaal Dag 1 nacht 100o7o

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

# Ruw Biogas (4.1, 4.2)

Frequentie Ruw Biogas

# Ruw Biogas (4.3, 4.4)

Frequentie Ruw Biogas

# Ruw Biogas (6)

Frequentie Ruw Biogas

Opmerkingen

5,00E-06 5,00E-06 1,00E-04

per jaar per jaar per jaar

1 1 1

2 2 2

1.00E-05 1.00E-05 2.00E-04

2 2 2

1.00E-05 1.00E-05 2.00E-04

1 1 1

5,00E-06 5,00E-06 1.00E-04

Instantaan falen en Continue uitstroom gaat uit van de uitstroom op basis van de aanvoer

Faalscenario's Procesvat Scenario Instantaan vrijkomen van de gehele Ínhoud van het reactorvat 1 procesvat Vrijkomen van de gehele ínhoud in 10 min. In een continue en constante stroom Continu vrijkomen uit een gat met een effectieve diameter van 10 mm

Opslagvat onder druk

LNG

Uitgangspunten Opslagtank onder druk Parameter Model stof Volume [m3] Druk Temperatuur Ligging Leidingdiameter (aanvoerend) Hoogte 1 Breedte Uitstromingshoogte Uitstromingsduur Uitstromingsrichting Verdeling dag- (08:00 -18:30) i nachtperiode (18:30 - 08:00)

Methaan 114 m3 3 barq -162 0C Bovenqronds n.v.t. 15/3 1 m 1800 sec Horizontaal Daq 1 nacht 100o7o

Faalscenario's Opslagtank onder druk Scenario

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

# LNG

Frequentie LNG

5,00E~07 5,00E~07 1.00E-05

per iaar per iaar per jaar

1 1 1

1 1 1

5.00E-07 5.00E-07 1.00E-05

Ruw Biogas

Gereinigd Biogas

LNG

12 13

14 15

16

13

14

15

16

LNG 17

Methaan í C02 1800 n.v.t. 0,50253 5 mbar 43 0C Bovenqronds 250 mm 270,00 1 m 1800 sec Horizontaal Daq / nacht 10007o

Methaan í C02 2195 3292,5 0,93732 180 mbar 25 0C Onderqronds 250 mm 70,00 0 1800 sec Verticaal Daq / nacht 10007o

Methaan 322 483 2,09448 20 barq 0 oc Onderqronds 200 mm 70,00 0 m 1800 sec Verticaal Daq / nacht 10007o

Methaan 250 375 0,27254 3 barq 25 0C Bovenqronds 100 mm 10,00 1 m 1800 sec Horizontaal Daq 1 nacht 10007o

Methaan 200 kq/uur 300 kq/uur 0,083333333 15 barq -162 0C Onderqronds 25 mm 10,00 0 m 1800 sec Horizontaal Daq / nacht 10007o

NR 13 Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Lengte

Frequentie Ruw Biogas

per meter / iaar per meter 1 iaar

1 1

270 270

2,70E-05 1.35E-04 1.62E-04

LNG

Instantaan vrijkomen van de gehele Ínhoud van het reactorvat 1 procesvat Vrijkomen van de gehele ínhoud in 10 min. In een continue en constante stroom Continu vrijkomen uit een gat met een effectieve diameter van 10 mm

Leidingen Uitgangspunten Leidingen Parameter Mod el stof Stroomsnelheid [Nm3Zuur] Uitstromingssnelheid (1,5 x Stroomsnelheid) Uitstroomsnelheid in kg/s Druk Temperatuur Ligging Leidingdiameter Lengte Uitstromingshoogte Uitstromingsduur Uitstromingsrichting Verdeling dag- (08:00 -18:30) i nachtperiode (18:30 - 08:00)

Faalscenario's Leidingen Bovengronds > 150 mm Scenario

1.00E-07 5,00E~07

NR 14 Basis-frequentie

Faalscenario's Leidingen Ondergronds - Overige leidingen

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Lengte

Frequentie Ruw Biogas

per meter / jaar per meter 1 iaar

1 1

70 70

3.50E-05 1.05E-04 1.40E-04

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Lengte

5,00E~07 1.50E-06

per meter / iaar per meter 1 iaar

1 1

70 70

Faalscenario's Leidingen Bovengronds 75 mm tot 150 mm

Basis-frequentie

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Lengte

Frequentie Gereinigd Biogas

Breuk van de leiding Lek met een effectieve diameter van 100Zo van de nominale diameter, max 50 mm

3,00E~07 2,00E~06

per meter 1 iaar per meter 1 iaar

1 1

10 10

3,00E-06 2,00E-05

Frequentie Gereinigd Biogas 3,50E-05 1.05E-04 1.40E-04

Breuk van de leiding Lek met een effectieve diameter van 20 mm

Kansverdeling 0,25 0,75 1

Kansverdeling 0,25 0,75 1

NR 16

2,30E-05 Faalscenario's Leidingen Ondergronds - Overige leidingen Scenario

Kansverdeling 0,17 0,83 1

NR 15

Breuk van de leiding Lek met een effectieve diameter van 20 mm

Scenario

Gereinigd Biogas

5,00E~07 1.50E-06

Breuk van de leidinq Lek met een effectieve diameter van 20 mm

Scenario

vullingsgraad

7,5 m voor instantaan falen

Ruw Biogas

Breuk van de leiding Lek met een effectieve diameter van 100Zo van de nominale diameter, max 50 mm

Faalscenario's Leidingen Ondergronds - Overige leidingen Scenario

Gebaseerd op bruto volume 120 m3 met

NR 17 Basis-frequentie 5,00E~07 1.50E-06

Frequentie-eenheid

Bedrijfsduur [fractie]

Lengte

Frequentie LNG

per meter / iaar per meter 1 iaar

1 1

10 10

5,00E-06 1.50E-05

2,00E-05

Kansverdeling 0,13 0,87 1 Kansverdeling 0,25 0,75 1

QRA Bîovergîster met LNG installatie Luttelgeest ~ BioValue Supply BV (vh. Agradu) Pagina 37 j 39

20ST KRACHT 12

Bijlage 4.

Bijdrage installatie aan het Plaatsgebonden Risico

Combination! Combination

Outdoor vulnerability

3,87188E-07 \ Vf r'iŕZL\-'ĩ.\ 5-1 Study\Opslagtank\ll - Opslagtank LNG\Catastrophic rupture

184647,1

530492,5

86,09503232

Instantaneous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Instantaneous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Instantaneous release with Rainout Immediate fireBall with additional Pool fire effects

1.19357E-07 1,78313 E-07 3.568E-08

35,80524015 53,49128697 10,70347289

0,655806434 0,653161889 0,792889476

Continuous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Continuous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Continuous release with Rainout Immediate Horizontal Jet fire with additional Pool fire effects

1.94416E-08 2.17134E-08 1.86846E-10

47,02651184 52,52153401 0,451954157

0,696174138 0,518347791 0,20877604

Toxic effects for a release in which Only toxic effects w

5.02304E -09

100

0,056100462

Study\Opslagtank\ll - Opslagtank LNG\Fixed duration release

Study\Opslagtank\7a - Opslagtank C02\Catastrophic rupture

0,321828392

Study\Tankwagens\12 - Tankwagen LNG laden\Bl - Bleve Tankwagen\Fi reball

0,294095409

Study\Tankwagens\12 - Tankwagen LNG laden\Tankwagen LNG\Catastrophic rupture

Instantaneous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Instantaneous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Instantaneous release with Rainout Immediate fireBall with additional Pool fire effects, Transportation source

1.236E-09 1.71423E-09 3.0633E-09

20,55365376 28,50619862 50,94014762

0,356690541 0,329799978 0,29409542

40,00000602 59,99999398

0,518005661 0,518005509

Study\Tankwagens\12 - Tankwagen LNG laden\Verlading - L.2b en L3\L.2b - Short pipe

Continuous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Continuous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Noordwest

184552,672

530544,938

Outdoor vulnerability

5,94645E-07

rrmrmFF~i\. Study\Opslagtank\ll - Opslagtank LNG\Catastrophic rupture

Instantaneous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Instantaneous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Instantaneous release with Rainout Immediate fireBall with additional Pool fire effects

1.55334E -07 2.33001E-07 4.43489E -08

35,9001047 53,85016001 10,24973529

0,85348216 0,85348214 0,985530887

Continuous release with Rainout free field Flash fire with explosion and Pool fire Continuous release with Rainout free field Flash Fire with Pool fire Continuous release with Rainout Immediate Horizontal Jet fire with additional Pool fire effects

3,789 46 E-08 4.90781E-08 2.09645E -09

42,54515484 55,10110814 2,353737014

0,482503041 0,416599744 0,453126861

Toxic effects for a release in which Only toxic effects were modelled

2.53926E-08 530515,5

100 4.237E-09

0,251191396 2.98152E-09

StandAlone fire model Immediate fireBall Only

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2028/documents/33998