CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

12.2 Ontwerp-Omgevingsvisie Effect Rapportage Noordoostpolder 2050.pdf

Gemeenteraad 26 februari 2024, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 12: Ontwerp-Omgevingsvisie Noordoostpolder 205040.651 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Naast de bereikbaarheid van zorgvoorzieningen wordt de gezondheid van de inwoners ook beïnvloed door de aanwezigheid van openbaar groen, voorzieningen voor sport- en bewegen, sociale voorzieningen en de milieukwaliteit (o.a. luchtkwaliteit en geluidsoverlast). De staat van deze aspecten is besproken in de betreffende paragrafen. De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie de volgende opgaven en maatregelen opgenomen voor het beleidsveld gezondheid: Hoofdopgave We zorgen dat inwoners zich vitaal en gezond voelen (en zijn)

Deelopgave Voldoende aanbod voor sport en bewegen (sportvoorzieningen, recreatieve uitloopgebieden, etc.) Voldoende zorgvoorzieningen/aanbod bieden

We borgen een goede landschappelijke en milieutechnische inpassing van initiatieven We zorgen voor een goede functionele leefomgeving

We maken mensen bewust van hun gezondheid (bijv. rookvrije gemeente) Voldoende bescherming tegen emissies (o.a. van landbouw) Een goed woon- en leefklimaat (geur, gewasbescherming, dierziekten, bereikbaarheid) Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)

Maatregel Voorzieningen voor sport en bewegen (sportvoorzieningen, recreatieve uitloopgebieden, etc.) realiseren Geen concrete maatregelen gekoppeld aan deze deelopgave Inzetten op een rookvrije gemeente

Geen concrete maatregelen gekoppeld aan deze deelopgave Bieden van ruimte aan (agrarisch) ondernemen, waar dat past bij een goed en duurzaam woon- en leefklimaat Vergroenen en aantrekkelijker maken oudste wijken van Emmeloord, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten.

De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie drie hoofdopgaven opgenomen: zij wil zorgen dat inwoners zich vitaal en gezond voelen (en zijn), ze wil een goede landschappelijke en milieutechnische inpassing van initiatieven borgen en ze wil zorgen voor een goede functionele leefomgeving. Ten aanzien van de eerste hoofdopgave wil de gemeente onder meer voldoende aanbod voor sport en bewegen realiseren. Het effect van deze maatregel wordt besproken onder het beleidsveld Sport en bewegen in paragraaf 3.3.26. Daarnaast wil de gemeente voldoende zorgvoorzieningen/- aanbod aanbieden. Dit lijkt een passende maatregel die ervoor kan zorgen dat de bereikbaarheid van zorgvoorzieningen verbeterd. Wel is het aan te beleven om nader te specificeren om welke zorgvoorzieningen het gaat, zo is er bijvoorbeeld een tekort aan (bereikbare) apotheken en huisartsenposten. Ook is het aan te bevelen om uit te werken waar deze voorzieningen dienen te komen, om zo te borgen dat daarmee de bereikbaarheid van de voorzieningen verbeterd. Tevens wil de gemeente

11 https://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/nl/dataset/80305ned/table?fromstatweb

64

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

haar inwoners bewust maken van hun gezondheid, bijvoorbeeld door in te zetten op het concept van de rookvrije gemeente. Dit lijkt een passende maatregel. Daarnaast wil de gemeente voldoende bescherming tegen emissies (van onder andere de landbouw) bieden. Dit is een belangrijke opgave, aangezien de landbouw een belangrijke sector binnen de gemeente is en op een groot deel van het grondgebied plaatsvindt. De gemeente heeft echter niet geconcretiseerd hoe zij die bescherming tegen emissies wilt bieden. Ten aanzien van de tweede hoofdopgave wil de gemeente zorgen dat initiatieven passen binnen een goed woon- en leefklimaat. In de omgevingsvisie is niet nader gespecificeerd om welke initiatieven het gaat, maar het betreft in ieder geval agrarische activiteiten. Het is aan te bevelen om in de omgevingsvisie nader uit te werken wat de gemeente verstaat onder een goed woon- en leefklimaat. Dit kan bijvoorbeeld middels het vastleggen van omgevingswaarden in het Omgevingsplan op het gebied van licht, geluid, lucht, geur etc.. De beoordelingen van de aspecten licht, geluid en lucht zijn te vinden in respectievelijk paragrafen 3.3.18, 3.3.19 en 3.3.20. Ten aanzien van de derde hoofdopgave wil de gemeente een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen realiseren.

Als concrete maatregel heeft de gemeente opgenomen om de oudste wijken van Emmeloord te vergroenen en aantrekkelijker maken, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten. Dit draagt bij aan zowel de fysieke als mentale gezondheid van de inwoners. Echter is de maatregel beperkt tot enkel de oudste wijken van Emmeloord en is het aan te beleven om dit ook toe te passen in andere wijken (zie ook de beoordeling van openbaar groen in paragraaf 3.3.1). De staat van de leefomgeving wat betreft gezondheid verandert positief door het verbeteren van het zorgaanbod en toevoegen van sport-, beweeg- en groenvoorzieningen. Daarnaast wil de gemeente dat initiatieven passen binnen een goed woon- en leefklimaat, maar het begrip goed woon- en leefklimaat dient nader te worden gespecificeerd.

3.3.25

Sociale cohesie en leefbaarheid

Indicator Mate waarin de inrichting van de openbare ruimte en het beleid van de gemeente bijdragen aan een de leefbaarheid en sociale cohesie

Beoordeling Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Doelbereik

Score

+/-

-

Toelichting De leefbaarheid en sociale cohesie binnen de gemeente scoren vergelijkbaar met het gemiddelde van Nederland. Wel zijn er een aantal aandachtspunten, waaronder voorzieningenniveau, de sociale samenhang in Emmeloord en de fysieke omgeving in het buitengebied. De demografische groei en daarmee gepaard gaande woningvraag zet mogelijk druk op de toegankelijkheid van de openbare ruimte en voorzieningen. Er zijn geen autonome ontwikkelingen bekend die de sociale cohesie beïnvloedden. Het centreren van voorzieningen en laten meegroeien van het voorzieningenniveau met de woningbouw zal zorgen voor een verbeterde bereikbaarheid van deze voorzieningen en daarmee ook een verhoogde leefbaarheid. Het is aan te bevelen om nader te specificeren om welke voorzieningen het gaat, bijvoorbeeld voorzieningen ten behoeve van ontmoeting om daarmee ook de sociale cohesie op peil te houden en mogelijk te verbeteren.

In de Foto van de leefomgeving is opgenomen dat de ervaren leefbaarheid binnen de gemeente over het algemeen voldoende is. De leefbaarheid is afhankelijk van een aantal factoren, waaronder de fysieke maar ook de sociale omgeving. De Leefbaarometer toont op groot schaalniveau in de Noordoostpolder een tamelijk positief beeld met als minimaal oordeel een “Ruim voldoende”. Lokaal zijn er grote verschillen. Als gedeeld negatief oordeel kan het voorzieningenniveau benoemd worden. Dit heeft ermee te maken dat veel dagelijkse voorzieningen zijn gecentreerd in 65

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Emmeloord, en dat er maar een paar overblijven in de dorpen. Van alle wijken en buurten in de Noordoostpolder scoort alleen een enkele wijk in het centrum van Emmeloord positief op het gebied van voorzieningen. De score voor overlast en onveiligheid is over het algemeen beter dan gemiddeld, dit vormt slechts plaatselijk een issue. Op gebied van sociale samenhang scoren de dorpen boven het landelijk gemiddelde en delen van Emmeloord scoren onder gemiddeld. De fysieke omgeving scoort juist in de dorpen en in Emmeloord positief maar scoort zeer negatief in het buitengebied. In de toekomstige situatie zal de toegankelijkheid van voorzieningen vanuit de beoogde groei van de Noordoostpolder een aandachtspunt vormen. Denk hierbij aan het bereikbaar houden van zorg en voorzieningen in de nieuwbouwwijken. In de Foto van de leefomgeving worden geen autonome ontwikkelingen benoemd die de sociale cohesie kunnen beïnvloedden. De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie de volgende opgaven en maatregelen opgenomen voor het beleidsveld sociale cohesie en leefbaarheid: Hoofdopgave We bieden iedereen gelijke kansen om (naar eigen vermogen) mee te doen We willen dat voorzieningen toegankelijk, nabij en bereikbaar zijn

Deelopgave Toegang tot kindcentra (onderwijs en kinderopvang)

Maatregel Geen concrete maatregelen gekoppeld aan deze deelopgave

Centrale/gezamenlijke voorzieningen van meerdere dorpen

We werken aan een passend en toekomstbestendig woningaanbod

Bouwen voor doelgroepen (eigen inwoners, extra groei, beschermd wonen) Bouwen in passende typen woningen (woningen op erven, huisvesting arbeidsmigranten etc.)

Voorzieningen centreren in en rond kernen/dorpen Geleidelijke groei van nieuwe buurten met oog op het vergroten van draagvlak voor bestaande en nieuwe voorzieningen Bouwen voor jongeren uit de gemeente

We zorgen voor een goede functionele leefomgeving

Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)

Nieuwe buurten bestaan uit een menging van sociale huurwoningen, middeldure huur- en koopwoningen en duurdere woningen. Vergroenen en aantrekkelijker maken oudste wijken van Emmeloord, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten.

De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie drie hoofdopgaven opgenomen voor het thema sociale cohesie en leefbaarheid. Als eerste wil de gemeente iedereen gelijke kansen bieden om (naar eigen vermogen) mee te doen. Als tweede wilde de gemeente dat voorzieningen toegankelijk, nabij en bereikbaar zijn. Als derde wil de gemeente werken aan een passend en toekomstbestendig woningaanbod. Ten aanzien van de eerste hoofdopgave wil de gemeente voorzien in toegang tot kindcentra, waaronder onderwijs en kinderopvang. Het is onduidelijk of de gemeente hiermee bedoelt dat zij daarvoor meer kindcentra wil realiseren, of dat zij de drempel tot deze kindcentra wil wegnemen door middel van bijvoorbeeld financiële lastenverlaging. Ten aanzien van de tweede hoofdopgave wil de gemeente centrale en gezamenlijke voorzieningen van meerdere dorpen realiseren. De ontwikkeling van nieuwe voorzieningen moeten met name gecentreerd in de bestaande dorpen en kernen plaatsvinden. Daarnaast zal bij nieuwbouw van buurten worden ingezet op geleidelijke groei met oog op het vergroten van draagvlak voor bestaande en nieuwe voorzieningen. Het inzetten op een geleidelijke groei van woningen en het laten meegroeien van het voorzieningenaanbod om het voorzieningenniveau niet verder onder druk te zetten is een passende maatregel.

Ook het centreren van de voorzieningen zal bijdragen aan een betere bereikbaarheid van deze voorzieningen, ook voor de nieuwe bewoners, aangezien de woningbouwontwikkeling ook met name in- en rondom de kernen dient plaats te vinden. Wel is in de concept omgevingsvisie nog onduidelijk welke voorzieningen de gemeente verwacht te gaan realiseren. Het is aan te bevelen om nader te specificeren om welke voorzieningen het gaat, bijvoorbeeld voorzieningen ten behoeve van ontmoeting om daarmee ook de sociale cohesie op peil te houden en mogelijk te verbeteren. 66

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Ten aanzien van het passende en toekomstbestendige woningaanbod wordt er door de gemeente ingezet op bouwen voor doelgroepen. De gemeente wil met name woningen voor jongeren gaan realiseren om te zorgen dat jongeren die in de gemeente willen blijven dat ook kunnen. Daarnaast wil de gemeente voorzien in een menging van verschillende typen woningen, waaronder sociale huurwoningen, middeldure huur- en koopwoningen en duurdere woningen. Dit zorgt voor een mix van verschillende typen bewoners, hetgeen een positief effect heeft op de sociale cohesie. Tevens wil de gemeente de leefomgeving verbeteren door een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen te realiseren. Daarvoor wil zij onder meer de oudste wijken vergroenen en aantrekkelijker maken, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten. Het is aan te bevelen deze aanpassingen niet alleen te beperken tot de oudste wijken van Emmeloord, maar ook toe te passen op de andere kernen en dorpen. De staat van de leefomgeving wat betreft sociale cohesie en leefbaarheid verandert positief door het centreren van voorzieningen en laten meegroeien van het voorzieningenniveau met de woningbouw. Het is aan te bevelen om nader te specificeren om welke voorzieningen het gaat, bijvoorbeeld voorzieningen ten behoeve van ontmoeting om daarmee ook de sociale cohesie op peil te houden en mogelijk te verbeteren.

3.3.26

Sport en bewegen

Indicator Mate waarin de inrichting van de openbare ruimte en het beleid van de gemeente bijdragen aan mogelijkheden tot sport en beweging voor inwoners

Beoordeling Huidige situatie

Autonome ontwikkeling

Doelbereik

Score

-

-

Toelichting Noordoostpolder heeft in 2022 een beweegvriendelijke omgevingsscore van 47, dit is onder gemiddeld in vergelijking met Nederland (60). De gemeente scoort vooral laag op de indicator nabijheid van voorzieningen, maar ook op aanwezigheid sport- en speelplekken en sportaccommodaties. De landelijke verwachting is dat mensen meer gaan sporten en meer individueel/zelfgeorganiseerd dan in clubverband. De behoefte voor sportaccommodaties zal afnemen, maar de druk op de openbare ruimte zal toenemen. De staat van de leefomgeving wat betreft sport en bewegen verandert positief door het realiseren van voldoende aanbod voor sport en bewegen, en door de openbare ruimte in te richten zodat deze uitnodigt tot bewegen, sport en spel. Wel is het aan te bevelen de aanpassing van de openbare ruimte niet alleen te beperken tot de oudste wijken van Emmeloord, maar ook in de andere kernen en dorpen en om te specificeren waar en hoeveel sportvoorzieningen de gemeente wil gaan realiseren.

In de Foto van de leefomgeving is onvoldoende informatie beschikbaar over het aspect sport en bewegen binnen de gemeente Noordoostpolder. Daarom is een korte aanvullende analyse uitgevoerd op basis van openbaar beschikbare informatie. De beweegvriendelijkheid van de gemeente is geanalyseerd op basis van de indicator Beweegvriendelijke Omgeving van het Mulier Instituut. Een beweegvriendelijke omgeving is een leefomgeving die mensen faciliteert, stimuleert en uitdaagt om te bewegen, te spelen en te sporten. Uit die analyse blijkt dat beweegvriendelijkheid van de omgeving in de Noordoostpolder een score van 47 krijgt, dat is over het algemeen onder het landelijk gemiddelde (60). De gemeente scoort vooral laag op de indicator nabijheid van voorzieningen, maar ook op de aanwezigheid van sport- en speelplekken en sportaccommodaties. Met name in de buitengebieden is de beweegvriendelijkheid laag. In de kernen en dorpen ligt de beweegvriendelijkheid rondom het gemiddelde. In de kernen Emmeloord-Centrum-Centrum Oost, Emmeloord-Espelervaart-Bergenbuurt en Emmeloord-Espelervaart-Rivierenbuurt. Dat komt met name door een goed aanbod aan sport- en speelplekken en nabijheid van voorzieningen. 67

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Op basis van de gegevens van het CBS uit de gezondheidsmonitor volwassenen en ouderen 2022 blijkt dat in de Noordoostpolder 43,2% van de inwoners voldoet aan de beweegrichtlijn12. Dit ligt iets lager dan het gemiddelde van Nederland (47,5%). De overheid wil dat 75% van de Nederlandse bevolking in 2040 aan de Beweegrichtlijn voldoet. Op het gebied van bewegen zijn daarom nog grote stappen te zetten, zowel landelijk als in de Noordoostpolder. De landelijke verwachting is dat meer Nederlanders de komende jaren gaan voldoen aan de beweegnormen in 2030. Mensen gaan steeds meer individueel of in zelfgeorganiseerde groepen en minder in clubverband sporten. Het zelf organiseren van sportactiviteiten gaat door technologische ontwikkelingen steeds gemakkelijker, via Social Media of een ander medium kan men makkelijker met elkaar afspraken maken of sportprestaties online delen. Met deze groeiende behoefte aan zelfgeorganiseerde sport zal er ook minder behoefte zijn aan sportaccommodaties, de openbare ruimte komt in het vizier als een geschikte sportlocatie. De toename van meer mensen die zelfgeorganiseerd buiten gaan sporten stelt nieuwe eisen aan de beweegvriendelijkheid van de openbare ruimte. De vraag naar ruimte om onder meer te kunnen fietsen, wandelen, hardlopen en fitnessen neemt toe.

Er is echter geen onderzoek gedaan naar de omvang van de ruimtevraag voor deze maatschappelijke functie. Bestaande sportlocaties kunnen efficiënter met de beschikbare ruimte omgaan, bijvoorbeeld multifunctioneel of langer in het seizoen. Daarnaast veranderen de wensen voor sportvoorzieningen door vergrijzing, migratie en commercialisering van sport. De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie de volgende opgaven en maatregelen opgenomen voor het beleidsveld sport en bewegen: Hoofdopgave We zorgen dat inwoners zich vitaal en gezond voelen (en zijn) We willen dat voorzieningen toegankelijk, nabij en bereikbaar zijn We zorgen voor een goede functionele leefomgeving

Deelopgave Voldoende aanbod voor sport en bewegen (sportvoorzieningen, recreatieve uitloopgebieden, etc.) Centrale/gezamenlijke voorzieningen van meerdere dorpen

Maatregel Geen concrete maatregelen gekoppeld aan deze deelopgave

Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)

Vergroenen en aantrekkelijker maken oudste wijken van Emmeloord, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten.

Voorzieningen centreren in en rond kernen/dorpen

De gemeente heeft in haar concept Omgevingsvisie opgenomen dat ze wil zorgen dat inwoners zich vitaal en gezond voelen (en zijn). Daarbij hoort volgens de gemeente een voldoende aanbod van sport en bewegen, in de vorm van sportvoorzieningen en recreatieve uitloopgebieden. De gemeente heeft echter niet nader gespecifieerd hoeveel sportvoorzieningen zij wil realiseren en waar. Ook wil de gemeente de algemene voorzieningen (scholen, supermarkten, etc.) beter bereikbaar maken door ze te centreren in en rond de kernen en dorpen. Hierdoor wordt ook gestimuleerd dat inwoners eerder met de fiets of te voet naar deze voorzieningen gaan dan dat ze de auto pakken. Tevens wil de gemeente de leefomgeving verbeteren door een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen te realiseren. Daarvoor wil zij onder meer de oudste wijken vergroenen en aantrekkelijker maken, waardoor deze uitnodigen tot bewegen, sport, spel en ontmoeten. Het is aan te bevelen deze aanpassingen niet alleen te beperken tot de oudste wijken van Emmeloord, maar ook toe te passen op de andere kernen en dorpen. De staat van de leefomgeving wat betreft sport en bewegen verandert positief door het realiseren van voldoende aanbod voor sport en bewegen, en door de openbare ruimte in te richten zodat deze uitnodigt tot bewegen, sport en spel.

Wel is het aan te bevelen de aanpassing van de openbare ruimte niet alleen te beperken tot de oudste wijken van Emmeloord, maar ook in de andere kernen en dorpen.

12 De beweegrichtlijnen houden in dat volwassenen elke week ten minste 2,5 uur matig of zwaar intensief bewegen, en daarnaast minimaal 2 keer

per week spier- en botversterkende activiteiten doen.

68

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

3.4

Aanbevelingen concept Omgevingsvisie

Om in dit OER het doelbereik van het voorgenomen beleid van de concept Omgevingsvisie te bepalen en specifieke aanbevelingen te geven, ontbreekt er belangrijke informatie over de referentiesituatie of zijn maatregelen onvoldoende concreet. Belangrijke onderwerpen in de concept Omgevingsvisie van de gemeente zijn woningbouw en de toekomst van de landbouw. Voor woningbouw is er meer informatie nodig over de demografische ontwikkelingen in de gemeente en ontbreken concrete maatregelen gericht op de kwalitatieve woonbehoefte. Voor landbouw wordt perspectief geboden wat betreft ruimte voor landbouw, maar niet wat betreft de transitie naar duurzame vormen van landbouw. Ook hierbij ontbreekt informatie over de referentiesituatie en zijn geen doelen en maatregelen opgenomen in de concept Omgevingsvisie. Verder is nadere concretisering van klimaatadaptieve maatregelen (met betrekking tot droogte, hittestress, wateroverlast en vergroening) wenselijk. Mogelijk vindt dit plaats in de visie Klimaatadaptatie. Het is aan te bevelen een link te leggen tussen deze visie en de concept Omgevingsvisie. Ten slotte is het aan te bevelen om zowel onderzoek te doen naar de referentiesituatie als een visie te bepalen met betrekking tot de kwaliteit en kwantiteit van grond- en oppervlaktewater, circulaire bedrijvigheid in de gemeente en knelpunten voor ruimte in de ondergrond.

Verder zijn er voor de verschillende beleidsvelden nog een aantal aanbevelingen die voortkomen uit de beoordeling en die gebruikt kunnen worden om de Omgevingsvisie aan te scherpen. Deze aanbevelingen richten zich met name op het concretiseren van doelen en/of maatregelen, het uitbreiden van maatregelen en het verbinden van beleidsveld overstijgende opgaven. De aanbevelingen per beleidsveld zijn in onderstaande tabel opgenomen. Beleidsveld

Aanbeveling

Openbaar groen

Concretiseren wat “vergroenen” betekent. Wil de gemeente inzetten op het toevoegen van meer openbaar groen (in de vorm van plantsoenen, parkjes, etc.) of op bijvoorbeeld het vergroenen van gebouwen (groen op daken, bomen, groene tuinen, etc.) of een combinatie van beiden? Benoem de vastgestelde groennorm in de Omgevingsvisie als uitwerking van de vergroeningsopgave of specificeer nader hoeveel groen de gemeenste wenst toe te voegen. Leg de link tussen het verbeteren van het (openbaar) groen in relatie tot andere thema’s binnen de Omgevingsvisie. Denk aan positieve effecten op de biodiversiteit, het verminderen van hittestress, wateroverlast en luchtvervuiling. In de Omgevingsvisie is opgenomen dat in de oudste wijken van Emmeloord meer groen zal worden toegevoegd. Deze maatregel zou ook moeten worden doorgetrokken naar andere kernen/dorpen, als ook duidelijk in beeld is waar groen onder druk staat.

Biodiversiteit

Concretiseren wat “variatie in biodiversiteit versterken” betekent. Bijvoorbeeld: het realiseren van kruidenrijke bermen en het laten verwilderen van groen (dat in beheer is van de gemeente). Maatregelen opnemen om agrarisch natuurbeheer te faciliteren en te stimuleren. Eisen aan nieuwbouwwoningen stellen ten behoeve van de biodiversiteit. Denk aan het opnemen van de groennorm of de eis om natuurinclusief te bouwen. Bij het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad ook rekening houden met het voorkomen van mogelijke soorten en de bescherming daarvan. Denk bijvoorbeeld aan vleermuizen die zich genesteld kunnen hebben in spouwmuren. Beschouw het beschermen en verbeteren van de biodiversiteit en de integriteit van ecosystemen in samenhang met recreatieve ontwikkelingen.

Landschap

69

Concretiseren wat “Beschermen landschap, bijzondere elementen als Schokland en het samenhangende ontwerp van de polder en bijzondere natuurgebieden en grote bossen” betekent. Dit kan bijvoorbeeld middels een planologische bescherming op te nemen dat

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

nieuwe (stedelijke) ontwikkelingen binnen of in de directe nabijheid van specifieke landschappen en gebieden als Schokland niet zijn toegestaan of enkel zijn toegestaan onder specifieke voorwaarden. Stel een Heritage Impact Assessment op voor grote landschappelijke ingrepen. Zie: https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/werelderfgoed/heritage-impactassessment Cultureel erfgoed

Concretiseren wat “Beschermen landschap, bijzondere elementen als Schokland en het samenhangende ontwerp van de polder en bijzondere natuurgebieden en grote bossen” betekent. Dit kan bijvoorbeeld middels een planologische bescherming op te nemen dat nieuwe (stedelijke) ontwikkelingen binnen of in de directe nabijheid van cultuurhistorisch erfgoed niet zijn toegestaan of enkel zijn toegestaan onder specifieke voorwaarden. Verduidelijk wat wordt verstaan onder het ‘creëren van nieuw erfgoed’.

Grond- en oppervlaktewater

Nader (bureau)onderzoek doen naar kwaliteit en kwantiteit van grondwater en oppervlaktewater in de gemeente, mogelijk in overleg met provincie en waterschap. Concretiseren hoe de gemeente het principe ‘bodem en water sturend’ vorm gaat geven. Concretiseren hoe landbouw ‘passend’ gemaakt wordt binnen een natuurlijk en robuust watersysteem. Bijvoorbeeld door het afstappen van onkruidbestrijdingsmiddelen etc. Concretiseren wat verstaan wordt onder ‘zorgvuldig omgaan’ met het grond- en oppervlaktewater. Bijvoorbeeld door (stedelijk) water beter op te vangen en vast te houden middels wadi’s en waterbergingsgebieden, het afstappen van onkruidbestrijdingsmiddelen in gemeentelijk groenbeheer, etc. Ter inspiratie zie: https://klimaatadaptatienederland.nl/kennisdossiers/stedelijke-waterkwaliteit/kunnegatieve-effecten-waterkwaliteit-tegengaan/ Geef aan welke rol de gemeente inneemt bij de Kaderrichtlijn Water projecten.

Bodem en ondergrond

Concretiseren hoe de gemeente het principe ‘bodem en water sturend’ vorm gaat geven. Aanvullende maatregelen opnemen voor het saneren van verontreinigende bodems onder vrijkomende erven. Nader (bureau)onderzoek doen naar ruimtebeschikbaarheid of knelpunten in de ondergrond.

Droogte

Zet bij zowel de woningbouwopgave als bij eventuele nieuwe bedrijventerreinen in op waterinfiltratie en wateropvang middels bijvoorbeeld meer groen in plaats van verharding aanbrengen, het verbeteren van de bodembiodiversiteit of het realiseren van waterreservoirs. Voor inspiratie zie: https://klimaatadaptatienederland.nl/kennisdossiers/droogte/we-gevolgen-droogtebeperken/

Wateroverlast

Concretiseer maatregelen tegen wateroverlast. Bijvoorbeeld door het aanleggen van waterdoorlatende bestrating, wadi’s of het afkoppelen van regenwater van het vuilwaterriool. Voor inspiratie zie: https://klimaatadaptatienederland.nl/kennisdossiers/wateroverlast/wateroverlastbeperken/

Hittestress

Neem gerichte maatregelen m.b.t. gebieden waar LV2 (extreme) hittestress voorkomt , bijvoorbeeld door het toevoegen van bomen, groene daken/gevels en het opstellen van een hitteplan. Voor inspiratie zie: https://klimaatadaptatienederland.nl/kennisdossiers/hitte/maatregelen/

Circulaire economie

Nader (bureau)onderzoek naar de circulaire economie binnen de gemeente. Ruimte bieden aan een transitie naar circulaire economie met de maatregelen met betrekking het toevoegen van bedrijventerrein in de gemeente. Beschrijf dit in Omgevingsvisie. Bijvoorbeeld door:

70

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

• • • Energietransitie

Bedrijventerreinen te profileren/planologische ruimte bieden voor circulaire bedrijvigheid, het realiseren van een grondstoffenbank, en bedrijven te stimuleren en faciliteren in het gebruik van duurzame warmte Duurzame gemeentelijke bedrijfsvoering, sturing door inkoop Voor meer informatie over wat je als gemeente kan doen om circulariteit te bevorderen, zie: https://www.deverschilmakers.nl/kennisplatform

Gezamenlijk met de woningcorporaties concrete maatregelen opnemen voor de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. Bijvoorbeeld door middel van renovatie en isolatie, het aansluiten van corporatiewoningen op warmtenetten en de installatie van zonnepanelen. Stimuleren van particuliere eigenaren om hun woning/bedrijfsgebouw te verduurzamen, bijvoorbeeld door campagnes of een duurzaamheidsfonds. Doelen en maatregelen opnemen met betrekking tot het verduurzamen van het gemeentelijke vastgoed. Concretiseren op welke mix van vormen van duurzame energieopwekking de gemeente wil inzetten en hoe. Aangeven welke rol de gemeente kan spelen bij het aanpakken van de netcongestie.

Modal shift en duurzame mobiliteit

Concretiseer hoe de gemeente het snelfietsnetwerk wil uitbreiden, met name op welke locaties. Neem concrete maatregelen op over hoe de gemeente de frequentie van buslijnen wil verhogen. Denk bijvoorbeeld aan het faciliteren van een belbus. Probeer het gebruik van de auto terug te dringen, bijvoorbeeld door bij (nieuwe woningbouw in kernen en dorpen nabij voorzieningen) de parkeernorm omlaag te brengen. Neem concrete maatregelen op om knelpunten in het fietsnetwerk, met name met betrekking tot verkeersveiligheid, te verbeteren. Denk aan het verbeteren van de veiligheid van oversteekplaatsen.

Bereikbaarheid

Neem in de Omgevingsvisie een verwijzing op naar het mobiliteitsplan 2030.

Recreatie en toerisme

Concretiseren welke vormen van waterrecreatie onderzocht zullen worden (met de gemeente Urk). Concretiseren hoe en waar de gemeente het (snel)fietsnetwerk wil uitbreiden. Concretiseren op welke manier de gemeente lokale initiatieven zal ondersteunen. Bijvoorbeeld door middel van een publiek fonds, ondersteuning in de planologische procedure, etc.

Economie

Duidelijk maken welke profilering de gemeente voorziet op eventuele nieuwe bedrijventerreinen (denk bijvoorbeeld aan circulaire economie). Neem daarbij de randvoorwaarden ook duidelijk mee. Concretiseren welke type bedrijvigheid (kennis en/of maakindustrie) de gemeente voorziet op de bedrijventerreinen. Dit bepaalt namelijk ook de ruimtevraag.

Land- en tuinbouw

Opnemen wat de gemeente verstaat onder duurzame landbouw. Denk bijvoorbeeld aan: Extensiveren van de landbouw, circulaire landbouw en/of, hoogtechnologisch. Opnemen hoe de gemeente een transitie naar een duurzame landbouw gaat faciliteren en stimuleren.

Geluid Luchtkwaliteit

Neem geluid concreet mee in maatregelen rondom nieuw/uitbreiding bedrijventerreinen en woningbouw, want beiden hebben een verkeersaantrekkende werking en daarnaast worden er meer geluidsgevoelige bestemmingen gecreëerd. Denk als gemeente na over de omgevingswaarde die je wilt nastreven op het gebied van geluid, bijvoorbeeld de WHO-adviesnorm.

71

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Denk als gemeente na over de omgevingswaarde die je wilt nastreven op het gebied van luchtkwaliteit, bijvoorbeeld de WHO-adviesnorm. Overweeg maatregelen gericht op verminderen houtstook en verkeersknelpunten. Wonen

Voer een analyse naar de demografische bevolkingsontwikkeling uit (hoeveel jongeren, ouderen, zorgbehoevenden, arbeidsmigranten, etc. komen er tot 2050 bij?) en laat deze leidend zijn bij het bepalen van de invulling van de woonopgave. In de omgevingsvisie of in een eventueel nader uit te werken omgevingsprogramma specificeren hoe de woningbouw over de gemeente verdeeld gaat worden, wat de verhoudingen tussen de verschillende type woningen gaat zijn, welke randvoorwaarden er gesteld gaat worden aan de nieuwe woningbouw Concretiseren aan welke initiatieven voor woningbouw er ruimte wordt geboden en op welke manier. Nader duiden hoe de gemeente omgaat met arbeidsmigranten en waar (woon)ruimte voor deze doelgroep wordt gerealiseerd. Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat ze niet worden “weggezet in het landelijke gebied”?

Gezondheid

Specificeren wat de gemeente verstaat onder een ‘goed woon- en leefklimaat’. Dit kan bijvoorbeeld middels het vastleggen van omgevingswaarden in het Omgevingsplan op het gebied van geluid, lucht, geur Specificeren welke zorgvoorzieningen de gemeente wil realiseren en waar, zo is er bijvoorbeeld een tekort aan (bereikbare) apotheken en huisartsenposten. In de Omgevingsvisie is opgenomen dat in de oudste wijken van Emmeloord meer groen zal worden toegevoegd. Deze maatregel zou ook moeten worden doorgetrokken naar andere kernen/dorpen.

Sociale cohesie en leefbaarheid

Het is aan te bevelen om nader te specificeren welke voorzieningen de gemeente wil versterken, bijvoorbeeld supermarkten en ontmoetingsplekken.

Sport en bewegen

Het is aan te bevelen de aanpassing van de openbare ruimte niet alleen te beperken tot de oudste wijken van Emmeloord, maar ook in de andere kernen en dorpen Specificeren welke sport- en beweegvoorzieningen de gemeente wil realiseren en waar.

72

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

4

Beoordeling ontwerp Omgevingsvisie

4.1

Van concept naar ontwerp Omgevingsvisie

Dit Omgevingseffectrapport is in een ontwerpend proces tot stand gekomen met als doel beter beleid en een besluit waarin milieu expliciet een plek heeft gekregen in de afwegingen voor de Omgevingsvisie. De gemeente heeft onder andere op basis van deze beoordeling van het voorgenomen beleid in de concept Omgevingsvisie en de aanbevelingen uit hoofdstuk 3.4 haar voorgenomen beleid aangevuld en aangescherpt. Dit heeft geleid tot een ontwerp Omgevingsvisie van 3 januari 2024. In paragraaf 4.2 zijn de wijzigingen in de doelen van de ontwerp Omgevingsvisie aangegeven ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. In paragraaf 4.3 zijn de maatregelen uit de uitvoeringsagenda van de ontwerp Omgevingsvisie onderverdeeld over alle indicatoren uit het beoordelingskader. De beoordeling op doelbereik is in paragraaf 4.4 opnieuw uitgevoerd. Dit heeft geresulteerd in een aantal herzieningen op de doelbereikbeoordeling.

4.2

Doelen ontwerp Omgevingsvisie

In de onderstaande tabellen zijn de wijzigingen met betrekking tot de doelen van de concept Omgevingsvisie naar de ontwerp Omgevingsvisie weergegeven. De doorgestreepte teksten komen niet meer in de omschrijving van de hoofden deelopgaven van de ontwerp Omgevingsvisie voor. In oranje zijn aanvullingen of nieuwe doelen weergegeven. Tabel 4-1. hoofd- en deelopgaven bij kernopgave 1 groei en bloei van dorpen en wijken (ontwerp Omgevingsvisie, 3 januari 2024).

#

Hoofd- en deelopgaven

1

We bieden iedereen gelijke kansen om (naar eigen vermogen) mee te doen

A

Beschikbaarheid van bestaanszekerheid (voldoende werk en inkomen)

B

Toegang tot kindcentra (onderwijs en kinderopvang)

C

Duurzame energie-investeringen toegankelijk voor iedereen

2

We zorgen dat inwoners zich vitaal en gezond voelen (en zijn)

A

Voldoende aanbod voor sport en bewegen (sportvoorzieningen, recreatieve uitloopgebieden, etc.)

B

Voldoende zorgvoorzieningen/-aanbod bieden

C

We maken mensen bewust van hun gezondheid (bijv. rookvrije gemeente)

D

Voldoende bescherming tegen emissies (o.a. van landbouw)

3

We nodigen uit tot omzien naar elkaar, samenwerken en pionieren

A

Eigen verantwoordelijkheid van bewoners

B

Ruimte bieden voor eigen initiatieven

C

Gemeenschapszin en poldermentaliteit bevorderen

4

We werken aan een passend en toekomstbestendig woningaanbod

A

Bouwen voor doelgroepen (eigen inwoners, extra groei, beschermd wonen)

B

Bouwen in passende typen woningen (woningen op erven, huisvesting arbeidsmigranten etc.)

C

Verduurzamen woningen (energieneutraal)

D

Ruimte bieden aan initiatieven

E

Groeimogelijkheden voor ieder dorp

5

We willen dat voorzieningen toegankelijk, nabij en bereikbaar zijn

A

Herinvulling maatschappelijk vastgoed (breder dan kerkenvisie)

B

Centrale/gezamenlijke voorzieningen van meerdere dorpen

6

We zorgen voor een goede functionele leefomgeving

A

Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)

B

Ruimte geven aan nieuwe bouwbehoefte (minder welstand/minder regels)

73

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

De belangrijkste wijzigingen voor kernopgave 1 zijn zoals aangegeven in Tabel 4-1 de nieuwe deelopgave ‘ruimte bieden aan initiatieven’ bij de hoofdopgave ‘we werken aan een passend en toekomstbestendig woningaanbod’ en het weglaten van de deelopgave ‘ruimte geven aan nieuwe bouwbehoefte (minder welstand/minder regels)’ bij de hoofdopgave ‘we zorgen voor een goede leefomgeving’. Tabel 4-2. hoofd- en deelopgaven bij kernopgave 2 vitaal landelijk gebied (ontwerp Omgevingsvisie, 3 januari 2024).

#

Hoofd- en deelopgaven

7

We bieden perspectief voor agrarisch ondernemen Perspectief Voor de agrarische sector is er ruimte voor nieuwe vormen van landbouw, veehouderij schaalvergroting en tuinbouw., toekomst veehouderij

A B

Ruimte bieden voor verbreding, verlenging, vrijkomende vrijgekomen erven, nevenfuncties, mestopslag en verwerking

8

We borgen een goede landschappelijke en milieutechnische inpassing van initiatieven

A

Een De inpassing die rekenschap geeft van houdt rekening met de kernkwaliteiten van de Noordoostpolder

B

Een goed woon- en leefklimaat (geur, gewasbeschermingsmiddelen, dierziekten, bereikbaarheid)

9

Het versterken van de natuur

A

We gaan uit van bodem- en watersturend (werken aan een gezonde bodem en een natuurlijk en robuust watersysteem door passende landbouw en zorgvuldig omgaan met ons grond- en oppervlaktewater

B

We behouden en versterken biodiversiteit, de verbindingen tussen natuurgebieden, het agrarisch natuurbeheer (maatregelen ten gunste van natuur en landschap) en de bossen

De belangrijkste wijzigingen voor kernopgave 2 zijn zoals aangegeven in Tabel 4-2 het weglaten van de deelopgave met betrekking tot bodem en watersturend als uitgangspunt voor de ontwikkelingen in het landelijk gebied. Daarnaast is er een duidelijkere toespitsing op de agrarische sector voor deze kernopgave en enige aanscherping van de deelopgaven onder hoofdopgave 7 en 8. Tabel 4-3. hoofd- en deelopgaven bij kernopgave 3 aantrekkelijke regio (ontwerp Omgevingsvisie, 3 januari 2024).

#

Hoofd- en deelopgaven

10

We beschermen en benutten ons erfgoed en maken het beleefbaar

A

Behouden en bekend maken van: het oorspronkelijke ontwerp Noordoostpolder en van archeologie & monumenten (Schokland als werelderfgoed, bijzonder dorp Nagele, Wederopbouwgebied Nagele & heel NOP, Monumenten, Archeologie, DNA, Landschap)

B

Toekomstig erfgoed creëren: nieuwe ontwikkelingen zoals nieuwbouw en (her)inrichting landschap benaderen als waardevol/bijzonder voor de toekomst.

11

We versterken (innovatief) ondernemerschap

A

Ruimte bieden aan vestiging van bedrijven (fysiek, in regels, etc.)

B

Verder ontwikkelen van onze sterke sectoren zoals agrofood, maakindustrie en hoogwaardige innovatie (MTC)

C

MKB-vriendelijk blijven

12

We breiden vrije tijdseconomie (recreatie en toerisme) actief uit

A

Ruimte bieden voor dag-attractieparken en verblijfsrecreatie/recreatieparken Ruimte bieden aan mogelijkheden voor kleinschalige recreatie, agrarische nevenactiviteiten en plattelandstoerisme

B

74

C

Beter ontsluiten van het landschap door recreatieve fysieke voorzieningen (fiets- en wandelroutes, vaarroutes, etc.)

D

Meer watergebonden recreatie ontwikkelen (o.a. door de kuststrook te ontwikkelen en door vaarten en tochten te verbinden)

E

Centrumvoorzieningen voor bewoners en bezoekers goed houden/ontwikkelen (cultuur, detailhandel, horeca, evenementen, parkeren)

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

13

We verbeteren de bereikbaarheid en stimuleren nieuwe vormen van mobiliteit

A

Verbeteren van de bereikbaarheid van – en in – de Noordoostpolder (Lelylijn, N50, fietsnetwerk, keteltunnel, Openbaar vervoer, vervangingsopgave infra)

B

Stimuleren van duurzame mobiliteit (deelmobiliteit etc.)

14

We bieden toegang tot duurzame energie voor onze inwoners en ondernemers

A

Werken aan opwekking, opslag en conversie van een mix van verschillende vormen van duurzame energie

B

Werken aan de warmtetransitie

De belangrijkste wijzigingen voor kernopgave 3 zijn zoals aangegeven in Tabel 4-3 de toevoeging van de deelopgave ‘werken aan de warmtetransitie’ en het verduidelijken van de deelopgave ‘toekomstig erfgoed creëren’. Het gaat hierbij expliciet om nieuwe ontwikkelingen te zien als erfgoed van de toekomst en dit mee te nemen aan de voorkant van nieuwe ontwikkelingen en niet het toekennen van een erfgoedstatus aan bestaande gebouwen of landschappelijke kenmerken. Kortom, ten opzichte van de concept Omgevingsvisie zijn de doelen (in de vorm van hoofd- en deelopgaven) redelijk gelijk gebleven in de ontwerp Omgevingsvisie, met enkele kleine aanpassingen, twee nieuwe deelopgaven en twee weggelaten deelopgaven.

4.3

Maatregelen ontwerp Omgevingsvisie

Ten opzichte van de concept Omgevingsvisie van 15 november 2023 is het voorgenomen beleid aangevuld en geconcretiseerd. De ontwerp Omgevingsvisie bestaat enerzijds uit kernopgaven met daaronder hoofd- en deelopgaven en anderzijds uit een uitvoeringsagenda. In deze uitvoeringsagenda staan de beschouwde maatregelen. Deze maatregelen zijn voor dit OER onderverdeeld over de indicatoren uit het beoordelingskader in Bijlage C. Op deze manier kan het effect van het voorgenomen beleid uit de ontwerp Omgevingsvisie voor ieder beleidsveld bepaald worden.

4.4

Beoordeling ontwerp Omgevingsvisie

In deze paragraaf is per beleidsveld uit het beoordelingskader (zie paragraaf 2.3) en voor iedere indicator aangegeven of de beoordeling op doelbereik wijzigt naar aanleiding van wijzigingen in de ontwerp Omgevingsvisie ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. Hierbij is gekeken naar: • • •

Wijzigingen met betrekking tot relevante doelen voor het beleidsveld; Wijzigingen met betrekking tot maatregelen om deze doelen te bereiken; De mate waarin aanbevelingen vanuit het concept OER benut zijn.

De beoordeling van de ontwerp Omgevingsvisie is weergegeven op het Rad van de Leefomgeving.

75

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Figuur 4-1 Het Rad van de Leefomgeving voor het beleid in de ontwerp Omgevingsvisie. De schijven op het rad geven de scores aan; hoe verder naar buiten een indicator geprojecteerd is, hoe hoger de score en hoe gunstiger de situatie. De kleuren geven de score van de referentiesituatie (autonome situatie) weer. De pijlen geven verbeteringen ten opzichte van de referentiesituatie aan als gevolg van het voorgenomen beleid in de ontwerp Omgevingsvisie (de pijlen geven een richting aan, geen exacte score).

76

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Openbaar groen De beoordeling en aanbevelingen voor het beleidsveld openbaar groen hebben bijgedragen aan het aanscherpen van het voorgenomen beleid met betrekking tot openbaar groen in de Omgevingsvisie. Het doel voor dit beleidsveld is ongewijzigd. De gemeente streeft naar ‘een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)’. De eerdere maatregel uit de concept Omgevingsvisie, het vergroenen van de oudste wijken in Emmeloord, is weggelaten. In de tekst van de ontwerp Omgevingsvisie staat wel beschreven dat er extra aandacht is voor kwetsbare wijken, maar er wordt geen concrete uitvoering aan gegeven. Ook worden er geen concrete locaties aangeduid waar sprake is van kwetsbare wijken. Wel wordt in de uitvoeringsagenda beschreven dat er bij het ontwerp, inrichting, beheer en onderhoud van het gemeentelijk groen meer variatie in het (openbaar) groen komt. Het is niet duidelijk waar het oppervlak aan openbaar groen wordt vergroot. In de ontwerp Omgevingsvisie is de belangrijke aanbeveling uit het OER met betrekking tot het aanhalen van de groennorm uit het gemeentelijke beleidsplan Openbare Ruimte niet overgenomen. Daarnaast wordt niet duidelijk hoe omgegaan wordt met de toenemende druk op openbaar groen vanwege woningbouw en andere ruimtelijke opgaven in stedelijk gebied.

Het beleid met betrekking tot openbaar groen blijft op een hoog abstractie- en ambitieniveau. Het aangepaste beleid in de ontwerp Omgevingsvisie heeft niet geleid tot een andere beoordeling op doelbereik. Indicator Oppervlakte openbaar groen per inwoner

Beoordeling huidige situatie

+

Beoordeling autonome ontwikkeling

Beoordeling op doelbereik

+/-

Biodiversiteit De beoordeling en aanbevelingen voor het beleidsveld biodiversiteit hebben bijgedragen aan het aanscherpen van het voorgenomen beleid in de Omgevingsvisie. Het doel met betrekking tot dit beleidsveld is inhoudelijk niet gewijzigd: ‘we behouden en versterken biodiversiteit, de verbindingen tussen natuurgebieden, het agrarisch natuurbeheer (maatregelen ten gunste van natuur en landschap) en de bossen’. In het doel is nu aangegeven wat de gemeente onder agrarisch natuurbeheer verstaat. De maatregel uit de concept Omgevingsvisie is verder uitgewerkt in de ontwerp Omgevingsvisie. De gemeente gaat natuurgebieden verbinden door onder andere het versterken van wegbeplantingen, vooral aan de oostkant van de polder, door (agrarisch) natuurbeheer op private terreinen, door het versterken van verbindingen tussen water en groen bij de vaarten, en een nog te ontwikkelen plan voor een gebiedsdekkend natuurnetwerk. Daarbij wil de gemeente biodiversiteit behouden en versterken. Het is aannemelijk dat de maatregelen met betrekking leidt tot meer verbondenheid van natuur in de gemeente en daarmee tot meer integriteit van ecosystemen. Dit heeft naar verwachting ook een positief effect op de soortendiversiteit.

Vanwege autonome ontwikkelingen zoals demografische groei en daarmee gepaard gaande woningvraag, het behoud van ruimte voor landbouw met gevolgen voor biodiversiteit, en overige ruimtelijke ontwikkelingen die ingepast moeten worden, zal de druk op ecosystemen en biodiversiteit echter toenemen. In de ontwerp Omgevingsvisie ontbreken doelen en maatregelen gericht op het verminderen van deze negatieve effecten. Daarnaast wordt natuur in de ontwerp Omgevingsvisie ook benut voor recreatie. Mede vanwege demografische groei zal de recreatieve druk op natuur naar verwachting ook toenemen. Het aangepaste beleid in de ontwerp Omgevingsvisie heeft om deze redenen niet geleid tot andere beoordelingen op doelbereik ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. Indicator Aantal soorten per km2 Integriteit van ecosystemen

77

Beoordeling huidige situatie

+/-

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Beoordeling autonome ontwikkeling

-

Beoordeling op doelbereik

Landschap & ruimtelijke kwaliteit De beoordeling en aanbevelingen voor het beleidsveld openbaar groen hebben niet direct bijgedragen aan het aanscherpen van het voorgenomen beleid met betrekking tot landschap en ruimtelijke kwaliteit in de Omgevingsvisie. De doelen die betrekking hebben op dit beleidsveld zijn inhoudelijk niet gewijzigd, maar enkel verduidelijkt in de ontwerp Omgevingsvisie: ‘de inpassing (van initiatieven) houdt rekening met de kernkwaliteiten van de Noordoostpolder’ en ‘behouden en bekend maken van: het oorspronkelijke ontwerp Noordoostpolder en van archeologie & monumenten (Schokland als werelderfgoed, bijzonder dorp Nagele, Wederopbouwgebied Noordoostpolder, Monumenten, Archeologie, DNA, Landschap)’. Voor deze bescherming gelden reeds een aantal beschermingsregimes en -kaders. In de ontwerp Omgevingsvisie zijn wel een aantal maatregelen gewijzigd ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. Concreet worden een aantal belangrijke voorwaarden gesteld, waarmee bij (her)inrichting en ruimtelijke ontwikkelingen rekening gehouden wordt met het karakter en de identiteit van de Noordoostpolder: 1. Bij planologische besluiten en nieuwe initiatieven meewegen van de kernkwaliteiten (dorpssingels, erfsingels en kavelstructuur). 2. Bij functiewijziging of uitbreiding is behoud en herstel van volwaardige erfsingels voorwaarde. 3.

Aanpassing van de (water)wegen alleen met respect voor de landschappelijke waarde (en rekening houden met water en bodem). Hoewel de ruimtevraag vanuit opgaven als woningbouw, energietransitie, natuur en eenmalige ontwikkelingen zoals mogelijk de verbreding van de N50 en de Lelylijn in de toekomst toe zal nemen en daarmee de druk op het landschap en ruimtelijke kwaliteit, zijn dit concrete voorwaarden om invulling te geven aan het borgen van de bescherming van het landschap en ruimtelijke kwaliteit bij ruimtelijke ontwikkelingen in stedelijk gebied en landelijk gebied. Het aangepaste beleid in de ontwerp Omgevingsvisie heeft desondanks niet geleid tot een andere beoordeling op doelbereik. Indicator Instandhouding en herstel van karakteristieke landschappen en ruimtelijke kwaliteit

Beoordeling huidige situatie

+/-

Beoordeling autonome ontwikkeling

Beoordeling op doelbereik

-

Cultureel erfgoed & archeologie De beoordeling en aanbevelingen voor het beleidsveld cultureel erfgoed en archeologie hebben bijgedragen aan het aanscherpen van de doelen met betrekking tot cultureel erfgoed en archeologie in de Omgevingsvisie. Onder toekomstig erfgoed creëren verstaat de gemeente: ‘nieuwe ontwikkelingen zoals nieuwbouw en (her)inrichting landschap benaderen als waardevol/bijzonder voor de toekomst’. Daarnaast blijft ook het doel ‘behouden en bekend maken van: het oorspronkelijke ontwerp Noordoostpolder en van archeologie & monumenten (Schokland als werelderfgoed, bijzonder dorp Nagele, Wederopbouwgebied Noordoostpolder, Monumenten, Archeologie, DNA, Landschap)’ relevant. In de ontwerp Omgevingsvisie ziet de gemeente erfgoed als inspiratiebron binnen het ruimtelijk beleid en ziet de belevingswaarde van haar erfgoed als belangrijk voor toerisme. De gemeente geeft in haar ontwerp Omgevingsvisie aan dat zij haar erfgoedbeleid gaat evalueren en herijken. Dit is een nieuwe maatregel ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. Hierbij wordt gedacht aan het evalueren van de gemeentelijke monumentenlijst en mogelijk het aanwijzen van nieuwe beeldbepalende elementen.

Het is niet duidelijk op welke manier dit de negatieve impact vermindert van ruimtelijke ontwikkelingen zoals het gevolg van de woningvraag en verzwaring van het elektriciteitsnet op cultureel erfgoed, omdat de uitvoering van deze maatregel buiten de Omgevingsvisie plaatsvindt. Daarnaast zijn er geen maatregelen gericht op het beschermen van de bodemarchieven met archeologische verwachtingswaarde. Het is niet mogelijk om te concluderen of de staat van de leefomgeving verbetert ten opzichte van de autonome ontwikkelingen. Het aangepaste beleid in de ontwerp Omgevingsvisie heeft om deze redenen niet geleid tot andere beoordelingen op doelbereik ten opzichte van de concept Omgevingsvisie.

78

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Indicator Instandhouding van cultuurhistorische en bodemarchieven

Beoordeling huidige situatie

+

Beoordeling autonome ontwikkeling

Beoordeling op doelbereik

-

Grond- en oppervlaktewater Vanwege leemten in kennis met betrekking tot de kwaliteit en kwantiteit van grond- en oppervlaktewater in de Noordoostpolder is het niet mogelijk om de referentiesituatie te beoordelen en daarmee ook de beoordeling op doelbereik. Ten opzichte van de concept Omgevingsvisie is het relevante doel ‘We gaan uit van bodem- en watersturend (werken aan een gezonde bodem en een natuurlijk en robuust watersysteem door passende landbouw en zorgvuldig omgaan met ons grond- en oppervlaktewater’ verwijderd in de ontwerp Omgevingsvisie. In de uitvoeringsagenda van de ontwerp Omgevingsvisie wordt wel genoemd dat de gemeente ‘water- en bodemsturend’ gaat werken wat betreft de ruimtelijke inrichting van de gemeente, maar daar wordt geen verdere invulling aan gegeven. Wel zijn er twee maatregelen met betrekking tot water toegevoegd in de uitvoeringsagenda: het stimuleren van opvang en gebruik van regenwater en onderzoek doen naar het effect van (de uitbreiding van) grijswatersystemen. De gemeente toont dus inzet op hergebruik van water. Het is echter niet duidelijk hoe de gemeente deze stimulering wil realiseren en wat het doel is van het onderzoek. De mogelijk effecten op de kwaliteit en kwantiteit van het grond- en oppervlaktewater in de gemeente zijn onbekend. Indicator Kwaliteit en kwantiteit grond- en oppervlaktewater

Beoordeling huidige situatie ?

Beoordeling autonome ontwikkeling ?

Beoordeling op doelbereik ?

Bodem en ondergrond Ten opzichte van de concept Omgevingsvisie is het relevante doel ‘We gaan uit van bodem- en watersturend (werken aan een gezonde bodem en een natuurlijk en robuust watersysteem door passende landbouw en zorgvuldig omgaan met ons grond- en oppervlaktewater’ verwijderd in de ontwerp Omgevingsvisie. In de uitvoeringsagenda van de ontwerp Omgevingsvisie wordt wel genoemd dat de gemeente ‘water- en bodemsturend’ gaat werken wat betreft de ruimtelijke inrichting van de gemeente, maar daar wordt geen verdere invulling aan gegeven. In de concept Omgevingsvisie was al opgenomen dat er woningbouwlocaties worden ontwikkeld en dat woningen op erven worden toegestaan, waardoor indirect mogelijk bodemverontreinigingen worden gesaneerd. Er zijn geen nieuwe maatregelen met betrekking tot bodemverontreiniging opgenomen. De beoordeling op doelbereik voor de indicator ‘aantal humane en ecologische spoedlocaties’ blijft daarom gelijk. Vanwege leemten in kennis met betrekking tot de ruimte in de ondergrond voor maatschappelijke opgaven in de Noordoostpolder is het niet mogelijk om de referentiesituatie te beoordelen en daarmee ook de beoordeling op doelbereik. Een gebrek aan inzicht in ruimte in de ondergrond kan tot risico’s voor planvorming en uitvoering leiden, boven- en ondergrond voor maatschappelijke opgaven.

Er zijn geen nieuwe doelen of maatregelen opgenomen in de ontwerp Omgevingsvisie die betrekking hebben op deze indicator. Indicator

Beoordeling huidige situatie

Beoordeling autonome ontwikkeling

Aantal humane en ecologische spoedlocaties

-

-

Ruimte in de ondergrond voor maatschappelijke opgaven

?

?

79

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Beoordeling op doelbereik

?

Droogte Er zijn geen concrete doelen en maatregelen in de concept Omgevingsvisie en de ontwerp Omgevingsvisie opgenomen met betrekking tot het beleidsveld droogte. De aanbeveling uit het OER is niet overgenomen. In de uitvoeringsagenda van de ontwerp Omgevingsvisie wordt wel genoemd dat de gemeente ‘water- en bodemsturend’ gaat werken wat betreft de ruimtelijke inrichting van de gemeente, maar daar wordt geen verdere invulling aan gegeven. Mogelijk wordt beleid met betrekking tot droogte ontwikkeld binnen de gemeentelijke Visie Klimaatadaptatie. De beoordeling op doelbereik voor dit beleidsveld blijft gelijk. Indicator Gevoeligheid voor verdroging van landbouwgronden en natuurgebieden

Beoordeling huidige situatie

+/-

Beoordeling autonome ontwikkeling

Beoordeling op doelbereik

-

Wateroverlast Het doel dat betrekking heeft op het beleidsveld wateroverlast is niet gewijzigd: ‘Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)’. In de uitvoeringsagenda van haar ontwerp Omgevingsvisie geeft de gemeente aan ‘te zorgen voor een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen. Dat doen we door het ontwerp, inrichting, beheer en onderhoud ervan zo uit te voeren dat het klimaatadaptief is’. Zowel het doel als de maatregel uit de uitvoeringsagenda blijven op een hoog abstractieniveau. Het is niet duidelijk wat het effect van de maatregel zal zijn. De aanbeveling uit het OER om maatregelen te concretiseren is niet overgenomen. Mogelijk wordt beleid met betrekking tot wateroverlast ontwikkeld binnen de gemeentelijke Visie Klimaatadaptatie. De beoordeling op doelbereik voor dit beleidsveld blijft gelijk. Indicator Gevoeligheid van het landelijk en stedelijk gebied voor water op straat en in woningen na piekbuien

Beoordeling huidige situatie

-

Beoordeling autonome ontwikkeling

Beoordeling op doelbereik

--

Hittestress Het doel dat betrekking heeft op het beleidsveld hittestress is niet gewijzigd: ‘Een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen (klimaatadaptief, bereikbaar, passend bij de functie van de omgeving)’. In de uitvoeringsagenda van haar ontwerp Omgevingsvisie geeft de gemeente aan ‘te zorgen voor een aantrekkelijke openbare ruimte met water, groen en voorzieningen. Dat doen we door het ontwerp, inrichting, beheer en onderhoud ervan zo uit te voeren dat het klimaatadaptief is’. Zowel het doel als de maatregel uit de uitvoeringsagenda blijven op een hoog abstractieniveau. Het is daarom niet duidelijk wat het effect van de maatregel zal zijn. In de gemeente zijn risicolocaties bekend voor extreme hittestress. De aanbeveling uit het OER om hier gerichte maatregelen voor te nemen is niet overgenomen. Mogelijk wordt beleid met betrekking tot hittestress ontwikkeld binnen de gemeentelijke Visie Klimaatadaptatie. De beoordeling op doelbereik voor dit beleidsveld blijft gelijk. Indicator Bedrijfslocaties en buitenruimtes voor hittestress (drempelwaarde gevoelstemperatuur van 41 graden Celsius) & Gevoeligheid van woningen 80

Beoordeling huidige situatie

-

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Beoordeling autonome ontwikkeling

--

Beoordeling op doelbereik

Circulaire economie Vanwege leemten in kennis met betrekking tot de circulaire economie en bedrijvigheid in de Noordoostpolder is het niet mogelijk om de referentiesituatie te beoordelen en daarmee ook de beoordeling op doelbereik. De gemeente heeft als doel om (innovatief) ondernemerschap te versterken door ruimte te bieden aan vestiging van bedrijven, met een focus op de sterke sectoren in de gemeente zoals agrofood, maakindustrie en specifiek MKB. Hierbij is het zorgen voor voldoende bedrijfskavels een belangrijke maatregel. De locaties en mogelijk ook de profilering van deze bedrijventerreinen wordt duidelijk met een nog te ontwikkelen visie op werklocaties. In de uitvoeringsagenda geeft de gemeente aan dat zij kennis wil ontwikkelen op het gebied van circulaire economie. Het is echter niet duidelijk welke specifieke kennis hiermee wordt bedoeld en wat de gemeente beoogt met deze kennisontwikkeling. Mogelijk is het doel om de eerdergenoemde leemten in kennis op het gebied van circulaire economie in te vullen. Indicator Aantal bedrijven dat volgens een circulair principe werkt Ruimte binnen de gemeente voor circulaire bedrijfsvoering

Beoordeling huidige situatie ?

?

Beoordeling autonome ontwikkeling ?

?

Beoordeling op doelbereik ?

?

Energietransitie Voor het beleidsveld energietransitie is bij het hoofddoel ‘we bieden toegang tot duurzame energie voor onze inwoners en ondernemers’ met daaronder een doel met betrekking tot opwerk, opslag en conversie van verschillende vormen van duurzame energie, ook een tweede doel toegevoegd in de ontwerp Omgevingsvisie: ‘werken aan de warmtetransitie’. De gemeente geeft in haar ontwerp Omgevingsvisie aan een energievisie op te gaan stellen waarin de uitvoering van deze doelen voornamelijk vormgegeven zal worden. In de ontwerp Omgevingsvisie zijn wel een aantal maatregelen beschreven. Deze zijn gewijzigd ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. Met betrekking tot de opwek van duurzame energie gaat de gemeente onderzoek doen naar de mogelijkheden voor duurzame energieopwekking voor eigen gebruik bij een agrarisch bedrijf, wil de gemeente lokaal eigendom stimuleren van duurzame energieprojecten en wil de gemeente initiatieven van ondernemers en inwoners ondersteunen uit haar duurzaamheidsfonds. Deze maatregelen dragen naar verwachting bij aan een positief klimaat voor ondernemers om duurzame energieopwekking in de Noordoostpolder te ontwikkelen.

Daarbij stelt de gemeente twee concrete randvoorwaarden: ‘geen nieuwe ruimte voor zonnepanelen op landbouwgrond’ en ‘duurzame energie wordt zo dicht mogelijk bij de plek waar het gebruikt geproduceerd’, om belasting van het energienet te beperken. De gemeente bestaat voor een groot deel uit landbouwgrond. Impliciet lijkt de gemeente aan te geven in te zetten op meer windenergie, zon-op-dak en mogelijk andere vormen. Hoewel het voorgenomen beleid nog concretisering behoeft, is het aannemelijk dat het aandeel duurzame elektriciteit ten opzichte van het stroomverbruik zal toenemen. De beoordeling op doelbereik verandert voor deze indicator daarom van neutraal naar positief. Wat betreft duurzame warmte zijn in de ontwerp Omgevingsvisie ook een aantal maatregelen gewijzigd en toegevoegd ten opzichte van de concept Omgevingsvisie. De gemeente wil haar inwoners, woningcorporaties, projectontwikkelaars en woningbeleggers stimuleren om bestaande woningen te verduurzamen. De gemeente schrijft dat de gebouwde omgeving ook aardgasvrij wordt gemaakt. Daarnaast gaat de gemeente ook haar eigen gemeentelijk vastgoed verduurzamen. Deze maatregelen blijven op een hoog abstractie- en ambitieniveau. Het is niet duidelijk op welke manier de gemeente de warmtetransitie wil stimuleren, waar, wanneer en welke woningen en vastgoed verduurzaamd en aardgasvrij zullen worden.

De verwachting is dat in de energievisie de uitvoering van deze maatregelen concreter wordt. De beoordeling op doelbereik blijft daarom gelijk voor de indicator aandeel duurzame warmte in gebouwde omgeving.

81

Onze referentie: 1.0 - Datum: 25 januari 2024 - Public

Indicator

Beoordeling huidige situatie

Beoordeling autonome ontwikkeling

Aandeel duurzame elektriciteit ten opzichte van stroomverbruik

++

+

Aandeel duurzame warmte in gebouwde omgeving

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2126/documents/37584