CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

11.1.2 Bestemmingsplan Ens Oost fase 2.pdf

Gemeenteraad 2 oktober 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 11: Bestemmingsplan Ens Oost fase 223.915 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

AERIUS

Projectberekening

CALCULATOR

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden,op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

" " " "

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Détailgegevens per emissiebron

Deze PDF Is een digitaal bestand dat weer In te lezen Is In AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden In een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie Is te raadplegen vla: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit Omschrijving Toelichting

BJZ.nu Drietorensweg, - Ens Ens fase 2 Realisatie woningen en kleinschalig gezondheidscentrum

Berekening AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

Roxh7isJ71JA 20 februari 2023,13:08 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH3

Emissie NO

Aanlegfase - Beoogd

2023

6,6 kg/j

196,1 kg/j

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Aanlegfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

2/9

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Aanlegfase (Beoogd), rekenjaar2023

Emissiebronnen Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Aanlegfase Tiny Houses Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Aanlegfase Rijwoningen Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Zorgcentrum Verkeersnetwerk

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

Emissie NH3

Emissie NO*

0,6 kg/j

17,0 kg/j

2,7 kg/j

83,6 kg/j

3,3 kg/j

94,6 kg/j

29,3 g/j

1,0 kg/j

3/9

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

] Habitatrichtlijn ] Vogelrichtlijn ] Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn ] Niet bepaald

f f

V

Grootste afname van depositie

Grootste toename van depositie

Hoogste totale depositie

De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie.

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

4/9

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanlegfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd) Totaal

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr) -

Met toename (ha gekarteerd) -

Grootste toename (mol N/ha/jr) -

Met afname (ha gekarteerd) -

Grootste afname (mol N/ha/jr) -

5/9

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Aanlegfase, Rekenjaar 2023 ^9 Mobiele werktuigen ļ Bouw, Industrieën Delfstoffenwinning Naam

Oppervlakte

Aanlegfase Tiny Houses X:185097,19 Y:517094,19 0,11 ha

Naam

Stageklasse

Graafmachine

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

Locatie

NOx NHa

17,0 kg/j 0,6 kg/j

Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue verbruik 684 l/j 35 u/j 42 l/j

Stof NOx

Emissie 3,4 kg/j

NHa

0,2

kg/j Hijskraan

Stage-V, ^ 2019,75-560 kW, diesel, SCR:ja

1564 l/j

80 u/j

94 l/j

NOx NHa

8,8

kg/j 0,4 kg/j

Betonstorter

Stage-V, ^ 2019,75-560 kW, diesel, SCR:ja

245 l/j

12

u/j

15 l/j

NOx NHa

1,2

kg/j 58,8 g/j

Shovel

Stage-IV, 2014-2018, <= 56 kW, diesel, SCR: nee

82 l/j

24 U/j

NOx

1,8

kg/j NHa

0,0

kg/j Mini Graafmachine

Stage-IV, 2014-2018, ^ 56 kW, diesel, SCR: nee

77 l/j

24 U/j

NOx

1,7 kg/j

NHa

0,0

kg/j Trilplaat

alle werktuigen op benzine, 2takt

NOx

36 l/j

0,1

kg/j NHa

0,0

kg/j

^9 Wegverkeer ļ Weg Naam

BouwverkeerTiny Houses

Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Typehoogteligging

X:185159,51 Y:517110,32 189,38 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen

Weghoogte

Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOx NŨ2 NH3 -

67,6 g/j 18,0 g/j 2,1

g/j

-

1

Normaal Om

Verkeer Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

Type scherm

Max. snelheid Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Aantal voertuigen 320 p/jaar 27 p/jaar 60 p/jaar 0 p/jaar

in file O.Oo/o 0,0 o/o 0,0 o/o 0,0 o/o

6/9

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR 3

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrieën Delfstoffenwinning

Naam

Oppervlakte

Aanlegfase Rijwoningen X:185121,92 Y:517063,74 0,33 ha

Naam

Stageklasse

Graafmachine

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

Locatie

NOx NHa

83,6 kg/j 2.7 kg/j

Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue verbruik 141 l/j 2345 l/j 120 u/j

Stof

Emissie

NOx

13,1 kg/j

NHa

0,6

NOx

44,2

kg/j Hijskraan

Heistelling

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

Stage-V, ^ 2019,75-560 kW, diesel, SCR:ja

7817 l/j

400 U/j

469 l/j

kg/j

567 l/j

30 u/j

35 l/j

NHa

1,9 kg/j

NOx

2,8

kg/j NHa

0,1

kg/j Betonstorter

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

567 l/j

30 u/j

35 l/j

NOx

2,8

kg/j NHa

0,1

NOx

10,2

kg/j Shovel

Stage-IV, 2014-2018, ^ 56 kW, diesel, SCR: nee

476 l/j

140 u/j

NHa Mini Graafmachine Trilplaat

Stage-IV, 2014-2018, ^ 56 kW, diesel, SCR: nee alle werktuigen op benzine, 2takt

448 l/j

210

140 u/j

kg/j 3,6 g/j

NOx

9,7

NHa

kg/j 3,4 g/j

NOx

l/j

NHa

0,8

kg/j g/j

1,6

Wegverkeer ļ Weg Naam

Bouwverkeer Won i n gen

Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Typehoogteligging

X:185114,39 Y:517093,61 300,47 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal

Weghoogte

0m

Verkeer Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

Max. snelheid Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOx NŨ2 NH3 -

0,3 kg/j 85,5 g/j 10,2 g/j

-

Aantal voertuigen 960 p/jaar 80 p/jaar 180 p/jaar 0 p/jaar

in file O.Oo/o 0,0 o/o 0,0 o/o 0,0 o/o

7/9

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR 5

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrieën Delfstoffenwinning

Naam Locatie Oppervlakte

Zorgcentrum X:185143,78 Y:517021,79 0,32 ha

NOx NHa

Naam

Stageklasse

Brandstofverbruik Draaiuren AdBlue verbruik

Stof

Emissie

Graafmachine

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

2736 l/j

NOx

15,1

NHa

kg/j 0,7

NOx

53,0

NHa

kg/j 2,3

140 u/j

94,6 kg/j 3,3 kg/j

165 l/j

kg/j Hijskraan

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

9380 l/j

480 U/j

563 l/j

kg/j Heistelling

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

782 l/j

40 u/j

47 l/j

NOx

4,4 kg/j

NHa

0,2

kg/j Betonstorter

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:ja

782 l/j

40 u/j

47 l/j

NOx

4,4 kg/j

NHa

0,2

kg/j Shovel

Stage-IV, 2014-2018, ^ 56 kW, diesel, SCR: nee

Mini Graafmachine Trilplaat

Stage-IV, 2014-2018, ^ 56 kW, diesel, SCR: nee alle werktuigen op benzine, 2takt

408 l/j

384 l/j

120 U/j

NOx

120 U/j

180 l/j

8,8

NHa

kg/j 3,1 g/j

NOx

8,3

NHa

kg/j 2,9 g/j

NOx

0,7

NHa

kg/j 1.4 g/j

Wegverkeer ļ Weg Naam

Bouwverkeer Gezondheidscentrum

Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Typehoogteligging

X:185096,8 Y:517083,l 343,20 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal

Weghoogte

0m

Verkeer Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Max. snelheid Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOx NŨ2 NH3 -

kg/j kg/j 17,0 g/j

0,6 0,2

-

Aantal voertuigen 1100 p/jaar 150 p/jaar 300 p/jaar 0 p/jaar

In file O.Oo/o 0,0 o/o 0,0 o/o 0,0 o/o

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

8/9

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022J20230126J290cbff6e8 Database versie 2022-290cbff6e8 Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/

Roxh7isJ71JA (20 februari 2023)

9/9

AERIUS-Berekening Ens, Ens fase 2 Definitief

Bijlage 2

Rekenresultaten gebruiksfase

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

13

AERIUS

Projectberekening

CALCULATOR

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden,op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

" " " "

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Détailgegevens per emissiebron

Deze PDF Is een digitaal bestand dat weer In te lezen Is In AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden In een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie Is te raadplegen vla: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

BJZ.nu Drietorensweg, - Ens

Activiteit Omschrijving Toelichting

Ens fase 2 Realisatie woningen en kleinschalig gezondheidscentrum

Berekening AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RQqStyW8kNbo 07 juli 2023,15:12 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH3

Emissie NO

Situatie 1 - Beoogd

2024

1,8 kg/j

57,7 kg/j

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Situatie 1 - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

2/7

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar2024

Emissiebronnen

D Wonen en Werken | Woningen | Projectgebied en Werken | Kantoren en winkels | Emissie O Wonen gezondheidscentrum Anders... | Anders... | Emissie laden en lossen Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | o Werktuigen in de gebruiksfase Verkeersnetwerk

RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

Emissie NH3

Emissie NO*

-

-

-

5,6 kg/j

0,2 kg/j

13,3 kg/j

1,0 kg/j

24,4 kg/j

0,7 kg/j

14,4 kg/j

3/7

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

] Habitatrichtlijn ] Vogelrichtlijn

Grootste toename (projectberekening)

Grootste afname (projectberekening)

] Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn ] Niet bepaald

Hoogste totaal (achtergrond + project be re ke ni ng)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

4/7

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd) Totaal

RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

Hoogste totale depositie (mol N/ha/jr) -

Met toename (ha gekarteerd) -

Grootste toename (mol N/ha/jr) -

Met afname (ha gekarteerd) -

Grootste afname (mol N/ha/jr) -

5/7

A

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR

Situatie 1, Rekenjaar 2024 ^9 Wonen en Werken ļ Woningen Naam Locatie

Projectgebied X:185125,28 Y:517041,83 Oppervlakte 1,25 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

Uittreedhoogte Warmteinhoud Spreiding

1.0 m 0.000 MW 1m

^9 Wonen en Werken ļ Kantoren en winkels Naam

Emissie Uittreedhoogte gezondheidscentrumWarmteinhoud Locatie X:185133,78 Y:517009,12 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Standaard Profiel Industrie 3

13,0 m 0.014 MW

NOx

5,6 kg/j

Type scherm

Links Rechts NOx 5,3 kg/j NO2 1,3 kg/j

Wegverkeer | Weg

Naam

Route gebruiksverkeer

Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Typehoogteligging

X:185177,93 Y:517083,ll 127,39 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen

Weghoogte

Hoogte Afstand tot de weg

-

-

NH3

0,3 kg/j

1 Normaal Om

Verkeer

Max. snelheid Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Aantal voertuigbewegingen

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

0,0 p/jaar 0,0 p/jaar

386,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 1,1 p/etmaal 0,0 p/etmaal

In file O.Oo/o O.Oo/o O.Oo/o O.Oo/o O.Oo/o O.Oo/o O.Oo/o O.Qo/o

2.120,0 p/jaar 0,0 p/jaar

^9 Wegverkeer ļ Weg Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Typehoogteligging Weghoogte

verkeer binnen het projectgebied X:185083,58Y:517063,45 168,72 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1

Type scherm Hoogte Afstand tot de weg

Links Rechts NOx NO2 NH3

9.1 kg/j 2.2 kg/j 0,4 kg/j

Normaal Om

Verkeer Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Max. snelheid Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Aantal voertu i gbewegi ngen 386,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 1,1 p/etmaal 0,0 p/etmaal

In file 70,00Zo 0,0 0/ū 70,0 0/0 0,0 0/ū

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

0,0 p/jaar 0,0 p/jaar

0,0 0/ū 0,0 0/ū 70,0 0/0 0,0 0/ū

RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

2.120,0 p/jaar 0,0 p/jaar

6/7

Projectberekening

AERIUS CALCULATOR 5

Anders... Anders...

Naam

Emissie laden en Uittreedhoogte lossen Warmteinhoud Locatie X:185090,17 Spreiding Y:517049,5 Oppervlakte 0,33 ha Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie

2,5 m 0.000 MW 3m

NOx NHa

13,3 kg/j 0,2 kg/j

^9 Mobiele werktuigen ļ Bouw, Industrieën Delfstoffenwinning Naam Locatie Oppervlakte

NOx NHa

Werktuigen in de gebruiksfase X:185125,28 Y:517041,83 1,25 ha

24,4 kg/j 1,0 kg/j

Naam

Stageklasse

Brandstof­ verbruik

Draaiuren AdBlue verbruik

Stof

Emissie

60 kW

Stage-IV, 2014-2018,56-75 kW, diesel, SCR: ja

1248 l/j

200 u/j

75 l/j

NOx NHa

7,7 kg/j 0,3 kg/j

150 kW

Stage-IV, 2014-2018,75-560 kW, diesel, SCR:

2958 l/j

200 u/j

178 l/j

NOx

16,7

ja NHa

kg/j 0,7 kg/j

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de Ínhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.2-20230704j)b872f8ea4 Database versie 2022.2job872f8ea4 Voor meer informatie over de gebruikte methodieken data zie: https://www.aerius.nl/

RQqStyW8kNbo (07 juli 2023)

7/7

■■'ÉBJZnu ruimtelijke plannen en advies

Natuurtoets

Ens Oost fase 2 Toetsing in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) en het Natuurnetwerk Nederland (NNN)

Omgevingsvergunningen Wijzigingsplannen Uw specialist in Bestemmingsplannen Rood voor Rood - Ruimte voor Ruimte

Ruimtelijk advies

T 0546 454 466

E info@bjz.nu

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Natuurtoets Ens Oost fase 2

Auteur: Veldwerk uitgevoerd door: Gecontroleerd door: Opdrachtgever: Status: Datum: Projectnummer:

Q. Vos Q. Vos S. van Staa Gemeente Noordoostpolder Definitief 28 juli 2022 2022-155

4LíÉBJZ.nu ruimtelijke plannen en advies

NATIONALE DATABANK

FLORA EN FAUNA

Vestiging Almelo Twentepoort Oost 16 7609 RG ALMELO T: E: I:

0546-54 44 ćć infũQbjz.nu www.bjz.nu

Vestiging Zwolle Dr, Van Wiechenweg 2 8025 BZ ZWOLLE

Vestiging Utrecht Euclideslaan 265 3584 BV UTRECHT

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleiding.......................................................................................... 3 1.1 1.2

Aanleiding................................................................................................................................. 3 Doelstelling.............................................................................................................................. 3

Hoofdstuk 2 Plangebied....................................................................................... 4 2.1 2.2 2.3 2.4

Ligging...................................................................................................................................... 4 Impressie en begrenzing............................................................................................................. 4 Voorgenomen ingrepen............................................................................................................. 6 Vaststellen van het onderzoeksgebied...................................................................................... 7

Hoofdstuk 3 Wettelijk Kader.............................................................................. 8 3.1 3.2

WET NATUURBESCHERMING........................................................................................................... 8 Wet ruimtelijke ordening: Natuurnetwerk Nederland........................................................... 10

Hoofdstuk 4 Werkwijze..................................................................................... 11 4.1 4.2 4.3 4.4

NATURA 2000........................................................................................................................... 11 Soortenbescherming............................................................................................................... 11 Houtopstanden....................................................................................................................... 12 Wet ruimtelijke ordening: Natuurnetwerk Nederland........................................................... 12

Hoofdstuk 5 Resultaten Gebiedsbescherming.................................................... 13 5.1 5.2

Natura 2000........................................................................................................................... 13 Natuurnetwerk Nederland..................................................................................................... 14

Hoofdstuk 6 Resultaten Soortbescherming....................................................... 15 6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7

Vogels..................................................................................................................................... 15 Grondgebonden zoogdieren................................................................................................... 16 Vleermuizen............................................................................................................................ 17 Amfibieën................................................................................................................................. 18 Reptielen................................................................................................................................. 18 Overige soorten...................................................................................................................... 19 Samenvattende tabel............................................................................................................... 19

Hoofdstuk 7 Conclusie en advies........................................................................ 20 Bijlagen ...................................................................................................... 22 Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3 Bijlage 4

Geraadpleegde bronnen................................................................................................... 23 Toelichting op wettelijke kaders.......................................................................................24 Vrijgestelde soorten per provincie................................................................................... 27 Natuurkalender............................................................................................................... 28

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 1

Inleiding

1.1 Aanleiding Er zijn plannen voor de herontwikkeling van een perceel gelegen op de hoek van de Drietorensweg en het Oostereind in de kern Ens. De initiatiefnemer is voornemens om ter plaatse een kleinschalig gezondheidscentrum en woningen te realiseren. Daarnaast wordt er een nieuwe ontsluiting aangebracht, waarna daar het bestaande groen wordt verwijderd, bomen worden gerooid en kavelsloten worden gedempt of worden overbrugt met een duiker. Omdat overtreding van de wet- en regelgeving voor beschermde soorten en gebieden op voorhand niet uitgesloten kan worden, is BJZ.nu door initiatiefnemer gevraagd om een natuurwaardenonderzoek uit te voeren. In voorliggend rapport worden de bevindingen van het uitgevoerde onderzoek gepresenteerd. Naast een beschrijving van het onderzoeksgebied, de onderzoeksopzet en de resultaten van het onderzoek, worden de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten weergegeven.

1.2

Doelstelling

In het voorliggende rapport worden mogelijke effecten van het project op de natuur in kaart gebracht en getoetst aan de kaders van de Wnb (Soortbescherming, Gebiedsbescherming en bescherming van Houtopstanden) en de provinciale verordening voor het onderdeel betreffende het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Op basis van de onderzoeksresultaten worden de wettelijke consequenties in beeld gebracht. De resultaten hebben in principe een geldigheid van driejaar. Wijzigingen in het project of wezenlijke veranderingen binnen het onderzoeksgebied kunnen invloed hebben op de beoordeelde effecten. In dat geval dient een nieuwe beoordeling plaats te vinden. De onderzoeksvragen voor deze natuurtoets zijn: » Welke beschermde planten en dieren en beschermde nesten, holen, vaste rust- en voortplantingsplaatsen en andere beschermde functies kunnen voorkomen binnen (de invloedsfeer van) het plangebied? » Welke negatieve effecten kunnen vanuit het voornemen op deze gebieden, soorten en houtopstanden worden verwacht of niet worden uitgesloten? » Zijn er voorzorgsmaatregelen te treffen om deze effecten te voorkomen? » Is er nader onderzoek nodig om effecten op beschermde gebieden te bepalen en/of om de aanwezigheid van beschermde soorten vast te stellen of uit te sluiten?

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 2

Plangebied

2.1 Ligging Het plangebied (Figuur 2.1) bevindt zich op de hoek van de Drietorensweg en het Oostereind in de kern Ens. Ten westen van het plangebied zijn sportvelden aanwezig. Verder wordt het plangebied aan de noordzijde begrensd door een bosperceel. De functionele structuur van de directe omgeving kenmerkt zich voornamelijk door woonfuncties en verspreid liggende (voormalige) agrarische bedrijven. Tot slot zijn aan de aan de zuidzijde van het plangebied een aantal kwekerijen aanwezig met grootschalige kassencomplexen.

2.2 Impressie en begrenzing Het plangebied (Figuur 2.2) bestaat uit een sportveld omringd door bomen, struweel en een (droge) sloot aan de noordwestkant.

Figuur 2.2: Impressie van het plangebied (Bron: PDOK).

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Figuur 2.3 (links): Aanzicht noordwestzijde; Figuur 2.4 (rechts): Aanzicht noordoostzijde.

Figuur 2.5 (links): Aanzicht zuidoostzijde; Figuur 2.6 (rechts): Aanzicht zuidwestzijde.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

2.3 Voorgenomen ingrepen Het voornemen ziet toe om ter plaatse een kleinschalig gezondheidscentrum en woningen te realiseren. Daarnaast wordt er een nieuwe ontsluiting aangebracht, waarna daar het bestaande groen wordt verwijderd, bomen worden gerooid en kavelsloten worden gedempt of worden overbrugt met een duiker. Figuur 2.7 weergeeft een impressie van de gewenste situatie en Figuur 2.8 geeft aan waar de nieuwe ontsluiting wordt beoogd.

Figuur 2.7: Verbeelding van het wenselijk eindbeeld (Bron: Initiatiefnemer).

Figuur 2.8: Nieuwe ontsluiting (blauw omcirkeld) binnen het plangebied (Bron: PDOK).

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief De volgende activiteiten worden getoetst op relevantie t.a.v. de Wet natuurbescherming: » Verwijderen beplanting; » Rooien van bomen; » Uitvoeren grondverzet; » Bouwwerkzaamheden; » Aanleggen erfverharding; » Aanleggen erfbeplanting. Voorgenoemde ingrepen zijn onder te verdelen in tijdelijke en permanente effecten. Tijdelijke effecten treden alleen op tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Deze tijdelijke effecten kunnen leiden tot de verstoring van rust- en voortplantingsplaatsen als gevolg van geluid, stof en trillingen tijdens de werkzaamheden. Permanente effecten daarentegen kunnen een gevolg zijn van de activiteiten zelf alsmede de resultaten hiervan. Ze kunnen leiden tot: » Mogelijk afname/verdwijnen van beschermde vaste rust- of voortplantingsplaatsen en/of jaar rond beschermde nesten; » Vernielen/verdwijnen van beschermde soorten; » Aantasting van de kwaliteit van het leefgebied van beschermde soorten.

2.4 Vaststellen van het onderzoeksgebied Naast een tijdelijk effect in het plangebied, kan het voorkomen dat een voorgenomen activiteit een negatief effect heeft op beschermde soorten of beschermd natuurgebied buiten het plangebied. Dit noemen we de invloedsfeer. De omvang van de invloedsfeer wordt bepaald door de duur, aard en omvang van de tijdelijke en/of permanente nieuwe situatie. Bij het bepalen van de invloedsfeer wordt alleen gekeken naar de uitvoering van de fysieke werkzaamheden, zoals sloop- en bouwwerkzaamheden. Het plangebied grenst aan bos, landbouw, kwekerij en sportvelden. Het is niet aannemelijk dat beschermde waarden nabij het plangebied negatief beïnvloed worden door uitvoering van de voorgenomen activiteiten. Er is geen aanleiding te veronderstellen dat beschermde soorten en/of waarden buiten het plangebied op een dusdanige wijze aangetast worden, dat dit leidt tot wettelijke consequenties. De fysieke werkzaamheden hebben een minimale invloedssfeer, daarom wordt het onderzoeksgebied gelijkgesteld aan het plangebied.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 3

Wettelijk Kader Het wettelijk kader weergeeft de diverse kaders waaraan het initiatief getoetst wordt.

3.1 Wet natuurbescherming De biodiversiteit (soortenrijkdom) in Europa gaat al geruime tijd achteruit. In verband met het grensoverschrijdende karakter van de natuur is het van belang om de bescherming van deze soortenrijkdom op Europees niveau aan te pakken. Zo wordt voorkomen dat de natuur in nationaal en internationaal verband eenvormiger wordt. Daartoe is in 1979 de Vogelrichtlijn opgesteld en in 1992 de Habitatrichtlijn, welke in 2017 zijn samengevoegd onder één wet, de Wet natuurbescherming (Wnb). Deze richtlijnen hebben twee componenten: soortenbescherming en gebiedsbescherming. Alle EU-lidstaten wijzen beschermde gebieden aan voor specifieke (leefgebieden van) (vogel-)soorten. De onder beide richtlijnen aangewezen beschermde gebieden vormen het Natura 2000-netwerk. De Nederlandse bijdrage aan dit Europese netwerk van beschermde natuurgebieden bestaat uit ruim 160 gebieden. 3.1.1 Natura 2000 Het gebiedsbeschermingsdeel van de Wet natuurbescherming (Wnb) heeft als doel het beschermen van Natura 2000-gebieden (Vogelrichtlijn- en/of Habitatrichtlijngebieden) in Nederland. Projecten die significante gevolgen voor deze gebieden kunnen hebben, zijn in beginsel - zonder vergunning - niet toegestaan.

Ook het vaststellen van plannen zoals een bestemmingsplan of een inpassingsplan is niet toegestaan, indien het betreffende plan significante gevolgen kan hebben voor Natura 2000gebieden. Naast directe effecten (bijv. ruimtebeslag), dient ook gekeken te worden naar indirecte effecten als gevolg van externe werking (bijv. door geluid, licht en stikstofdepositie). De eerste stap in de toetsing is vaak een voortoets of effectenbeoordeling. Als significante gevolgen in de voortoets niet op voorhand met zekerheid kunnen worden uitgesloten, dan is een passende beoordeling noodzakelijk. In dat geval is voor een project een vergunning noodzakelijk op grond van artikel 2.7 Wet natuurbescherming. 3.1.2 Soortenbescherming In de Wnb is de soortenbescherming in Nederland geregeld. In de wet zijn lijsten opgenomen met beschermde soorten.

In de Wnb worden drie verschillende beschermingsregimes gehanteerd waaraan verschillende verbodsbepalingen zijn gekoppeld: Soorten Vogelrichtlijn (artikel 3.1 e.v.): » lid 1) Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen; » lid 2) Het is verboden opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen; » lid 3) Het is verboden eieren van vogels als bedoeld in het eerste lid te rapen en deze onder zich te hebben; » lid 4) Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen; » lid 5) Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing nietvan wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort.

Soorten Habitatrichtlijn (artikel 3.5 e.v.); » lid 1) Het is verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen; » lid 2) Het is verboden dieren als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te verstoren; » lid 3) Het is verboden eieren van dieren als bedoeld in het eerste lid in de natuuropzettelijk te vernielen ofte rapen;

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief » »

lid 4) Het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in het eerste lid te beschadigen of te vernielen; lid 5) Het is verboden planten van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen.

Andere Soorten (artikel 3.10 e.v.) lid 1) Onverminderd artikel 3.5, eerste, vierde en vijfde lid, is het verboden: » onderdeel a. in het wild levende zoogdieren, amfibieën, reptielen, vissen, dagvlinders, libellen en kevers van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel A, bij deze wet, opzettelijk te doden of te vangen; » onderdeel b. de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren als bedoeld in onderdeel a opzettelijk te beschadigen of te vernielen, of » onderdeel c. vaatplanten van de soorten, genoemd in de bijlage, onderdeel B, bij deze wet, in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Ten aanzien van de andere beschermde soorten geldt dat het bevoegd gezag (provincies c.q. ministerie van LNV) de vrijheid hebben om soorten binnen deze categorie vrij te stellen van de verbodsbepalingen uit ontheffingsplicht artikel 3.10 uit de Wnb. Voor beschermde soorten die niet zijn vrijgesteld dient bij overtreding van de verbodsbepalingen uit de Wnb een ontheffing te worden aangevraagd. Het is ook mogelijk om voor beide categorie soorten te werken volgens een goedgekeurde gedragscode die is afgestemd op de Wet natuurbescherming. Er is dan geen ontheffing nodig.

3.1.3 Zorgplicht Binnen de Wnb, artikel 1.11, is de algemene zorgplicht opgenomen die na streeft om het doden, verontrusten en beschadigen van aanwezige soorten te voorkomen en indien voorkomen in redelijkheid niet mogelijk is, dit zoveel mogelijk te beperken. Deze geldt ten alle tijden voor alle in het wild levende dieren en planten en hun directe omgeving en voor Natura 2000-gebieden. 3.1.4 Houtopstanden In de Wnb is ook de bescherming van houtopstanden geregeld. Dit is een implementatie van de oude Boswet die het doel had om bossen te beschermen. Dit geldt nog steeds. Het uitgangspunt is dat Er netto geen oppervlakte bos mag verdwijnen. De handhaving hiervan ligt in principe bij de provincies en in sommige gevallen bij het Ministerie van LNV, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Onder houtopstanden wordt verstaan: een zelfstandige eenheid aan bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend, die een oppervlakte grond beslaat vanaf 10 are of bestaat uit een bomenrij van meer dan 20 bomen.

Wanneer een houtopstand gekapt wordt, of er andere maatregelen genomen worden die (eventueel indirect) tot het verminderen van het oppervlakte bos leiden geldt er een meld­ en herplantingsplicht, tenzij: » het bomen op erven of in tuinen zijn; » het fruitbomen en windschermen om boomgaarden zijn; » het wilgen of populieren langs wegen of landbouwgrond zijn; » het kerstbomen (niet ouder dan 20 jaar) zijn; » het kweekgoed is; » het dunnen van een houtopstand is; » het uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen bedoeld voor de productie van houtige biomassa en die:

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief minimaal eens per tien jaar worden geoogst; bestaan uit minstens tienduizend stoven per hectare ; o na 1 januari 2013 zijn aangelegd. het houtopstanden zijn binnen de begrenzing van een bebouwde kom. o o

»

Volgens artikel 4.2 is het verboden een houtopstand geheel of gedeeltelijk te vellen zonder daar (zoels hiervoor genoemd) melding van te doen bij Gedeputeerde Staten. Aan de hand van een kapmelding kan de provincie ervoor kiezen om een kapverbod op te leggen (maximaal 5 jaar), ter bescherming van bijzondere natuur of landschapswaarden. Daarnaast geldt er voor kap van houtopstanden een herplantplicht: binnen 3 jaar moet het gevelde deel weer zijn herplant. Kan deze niet worden uitgevoerd op het oorspronkelijke perceel, dan kan er compensatie plaatsvinden door de herplant te realiseren op een ander perceel. De voorwaarden hiervan verschillen per provincie. Er geldt daarentegen geen meldingsplicht of verplichting om binnen 3 jaar te herplanten als er wordt gewerkt met een goedgekeurde gedragscode waarin een werkwijze is opgenomen die waarborgt dat: » er geen afbreuk wordt gedaan aan bijzondere natuur- of landschapswaarden; » de te vellen houtopstanden geen deel uitmaken van een boskern; » herplanting op een bosbouwkundig verantwoorde wijze plaatsvindt; » de grond waarop herbeplanting plaatsvindt ten minste dezelfde kwaliteit heeft als de grond waarop de gevelde houtopstand zich bevond; » de grond waarop de herbeplanting plaatsvindt ten minste een gelijke oppervlakte heeft als de grond waarop de gevelde houtopstand zich bevond.

Daarnaast is er een vrijstelling van de herplantplicht mits het bijdraagt aan het halen van de instandhoudingsdoelstellingen voor Natura 2000-gebieden en opgelegde mitigatie of compensatie in het kader van vergunningen of ontheffingen, nodig zijn voor aanleg en het onderhoud van brandgangen op natuurterreinen en houtkap voor biomassaplantages.

3.2 Wet ruimtelijke ordening: Natuurnetwerk Nederland In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is het ruimtelijk beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau vastgesteld, waarin onder andere de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland (NNNj/Ecologische Hoofdstructuur (EHS) is verankerd. De EHS werd officieel geïntroduceerd in het Natuurbeleidsplan en is daarna opgenomen in de Nota Ruimte, welke inmiddels vervangen is door de Nationale omgevingsvisie (NOVI). Kaderstellende regels ten aanzien van o.a. NNN/EHS zijn opgenomen in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). Bij geplande ingrepen die binnen het NNN/EHS vallen moet het belang van de natuurbescherming worden afgewogen tegen andere belangen, indien de voorgenomen ingreep negatief uitwerkt op de aanwezige natuurwaarden. De kern van de afweging vormt het 'nee, tenzij'-principe. Dit wil zeggen dat schadelijke ingrepen niet zijn toegestaan, tenzij er andere belangen zijn die de ingreep rechtvaardigen. In dat geval zijn compenserende maatregelen voorgeschreven. Concrete beleidsregels ten aanzien van de NNN in Flevoland zijn opgenomen in de vigerende provinciale ruimtelijke verordening van de provincie.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 4

Werkwijze In dit hoofdstuk worden de wettelijk vastgelegde beoordelingskaders toegelicht waaraan het initiatief getoetst wordt.

4.1

Natura 2000

Voor de oriëntatie in het kader van de Gebiedsbescherming is bekeken of nabijgelegen Natura 2000gebieden mogelijk significante directe en indirecte effecten ondervinden van de beoogde ingrepen.

4.2 Soortenbescherming In de Wnb is de soortenbescherming in Nederland geregeld. Voor de totstandkoming van het advies betreffende dit onderzoek zijn de volgende stappen gezet: 1. Bureaustudie; 2. Veldbezoek; 3. Concluderende analyse. Bureaustudie De bureaustudie bestaat uit het bestuderen van (de geschiedenis van) het plangebied, bronnenonderzoek en een analyse van de flora- en faunagegevens van de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). Voor verdere verkenning in het kader van de Soortenbescherming is een analyse van de bestaande flora- en faunagegevens uitgevoerd. Hierbīj zijn de gegevens van beschermde soorten in een straal van 500 meter rondom het plangebied van de laatste 5 jaar opgevraagd in de NDFF. Flet plangebied bestaat uit een sportveld omringd door bomen, struweel en een (droge) sloot. Gelet op de inrichting en het gevoerde beheer, behoort het plangebied mogelijk tot functioneel leefgebied van diersoorten uit onderstaande soortgroepen: » Vogels; » Vleermuizen; » Grondgebonden zoogdieren; » Amfibieën. Flet is niet te verwachten dat beschermde soorten als reptielen, libellen, vissen, dag- en nachtvlinders, bladmossen, sporenplanten, haften en kreeftachtigen binnen het onderzoeksgebied voorkomen omdat het onderzoeksgebied geen geschikte habitat vormt voor deze soorten of omdat het plangebied buiten het normale verspreidingsgebied van deze soortgroepen ligt.

Flet is niet aannemelijk dat soorten, of soortgroepen, die (soms) moeilijk nieuwe leefgebieden koloniseren, zich spontaan buiten het normale verspreidingsgebied vestigen. Dit geldt bijvoorbeeld voor sommige kleine grondgebonden zoogdieren, reptielen en voor planten. Veldbezoek Flet veldbezoek heeft een verkennend karakter en kan daarom niet worden gezien als uitputtende soorteninventarisatie. In het kader van het natuurwaardenonderzoek is het plangebied op 14 juli 2022 te voet bezocht door Q. Vos, tussen 13:00-14:00 uur. Flet plangebied is visueel en auditief onderzocht op de aanwezigheid van beschermde flora- en faunawaarden. Hierbīj is gebruik gemaakt van een verrekijker (Eden HD 8x42) en een zaklamp. Tijdens het veldbezoek was het 23 graden Celsius en overwegend bewolkt.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief Gedurende het veldbezoek is het volgende onderzocht: » Houtopstanden en struweel; »

Bestaande bebouwing en potentiële rust- en verblijfsplaatsen;

»

(Mogelijke voortplantings) Wateren;

»

Sporen in de vorm van holen en nesten;

»

Sporen in de vorm van pootafdrukken, graaf-, krab- en bijtsporen;

» »

Sporen in de vorm van fecaliën, veren/haren en prooiresten; Overige indicaties die wijzen op de aanwezigheid van beschermde soorten.

Analyse en conclusie Aan de hand van de verzamelde verspreidingsgegevens en de resultaten van het veldbezoek is beoordeeld voor welke beschermde soorten geschikt habitat aanwezig is in en/of rondom het plangebied. De beoogde ingrepen zijn beoordeeld in relatie tot de biotoopeisen van de beschermde soorten uit het plangebied. Bij voldoende zekerheid over het al dan niet voorkomen van beschermde soorten, zijn mogelijke (negatieve) effecten bepaald. Ten slotte is beoordeeld of wettelijke consequenties aan de orde zijn. In hoeverre het mogelijk is om een complete effectenanalyse te maken, is afhankelijk van de volledigheid en bruikbaarheid van de beschikbare verspreidingsgegevens en duidelijkheid over de beoogde werkzaamheden en uitvoeringsplanning.

4.3

Houtopstanden

Omdat het plangebied binnen de bebouwde kom ligt, is er geen sprake van overtreding van de verbodsbepalingen als weergeven in H4 van de Wnb. Om deze reden worden Houtopstanden ook niet verder behandeld in voorliggende rapportage.

4.4 Wet ruimtelijke ordening: Natuurnetwerk Nederland In de Wet ruimtelijke ordening is het ruimtelijk beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau vastgesteld, waarin onder andere de bescherming van Natuurnetwerk Nederland (NNN) is verankerd. Provincies zijn verantwoordelijk voor de veiligstelling en ontwikkeling van het NNN. Ter beoordeling van de voorgenomen activiteiten in relatie tot de NNN is gekeken naar de nabijheid van NNN en de eventuele (negatieve) effecten op de aanwezige natuurwaarden.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 5

Resultaten Gebiedsbescherming In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het mogelijke effect van de voorgenomen activiteiten op Natura 2000-gebied en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). 5.1

Natura 2000

5.1.1 Ligging t.o.v. het plangebied Het plangebied ligt op minimaal 2,8 kilometer afstand van het meest nabijgelegen Natura 2000gebied, Zwarte meer (Figuur 5.1).

Figuur 5.1: Ligging van Natura 2000 in de omgeving van het plangebied (rode ster). Gronden die tot Natura 2000 behoren worden met de blauwe kleur op de kaart aangeduid. De minimale afstand tussen het plangebied en Natura 2000-gebied bedraagt 2,8 km (Bron: PDOK).

5.1.2 Effectbeoordeling Beoordeling uitvoering fysieke activiteiten Het plangebied is niet zichtbaar vanuit Natura 2000-gebied. Van verstoringseffecten, zoals geluid, optische verstoring of licht is derhalve geen sprake. Gelet op de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten en de afstand tussen plangebied en Natura 2000-gebied, wordt een negatief effect op instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebied uitgesloten. Beoordeling stikstof (ontwikkelfase) Per 1 juli 2021 is de Wet stikstofreductie en natuurverbetering van kracht. Dat houdt in dat stikstofemissie welke ontstaat tijdens de ontwikkelfase, niet beoordeeld hoeft te worden op mogelijk negatieve effecten op Natura 2000-gebied. Wel dient de gebruiksfase beoordeeld te worden. Deze regeling staat op moment van schrijven onder druk. In geval van uitloop van de procedure kan het mogelijk zijn dat stikstofemissie gedurende de ontwikkelfase ook beoordeeld dient te worden. Beoordeling stikstof (toekomstige gebruiksfase) Het is aannemelijk dat de voorgenomen ingrepen voor een toename van verkeersbewegingen zal zorgen ten opzichte van de huidige situatie. Door de omvang en ingebruikname van het plangebied kan een negatief effect op Natura 2000-gebied niet uitgesloten worden. Om vast te kunnen stellen of sprake is van toename van stikstofdepositie in Natura 2000-gebied, dient een stikstofberekening uitgevoerd te worden.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

5.2 Natuurnetwerk Nederland 5.2.1 Ligging t.o.v. het plangebied Het plangebied ligt op minimaal 3,2 kilometer afstand van gronden die tot NNN behoren. Het plangebied ligt daarmee buiten de begrenzing van het NNN. In Figuur 5.2 wordt de ligging van het NNN in de omgeving van het plangebied weergegeven.

Figuur 5.2: Ligging van Natuurnetwerk Nederland in de omgeving van het plangebied (rode omlijning). Gronden die tot NNN behoren worden met de groene kleur op de kaart aangeduid. De minimale afstand tussen het plangebied en gronden die tot NNN behoren bedraagt 3,2 km (Bron: PDOK).

5.2.2 Beschermingsregime De bescherming van het NNN kent externe werking in Flevoland. Als er aantasting van waarden optreedt, geldt dat de negatieve effecten als gevolg van de verstoring, waar mogelijk, worden beperkt en als dat niet mogelijk is, worden gecompenseerd. Omdat het hier gaat om een ontwikkeling buiten het NNN, is ook de regeling kwaliteitsverbetering landschap (Artikel 3.9) van toepassing. Per geval wordt bekeken of de verplichte compensatie voldoende is om ook aan de verplichte kwaliteitsverbetering te voldoen of dat er aanvullend maatregelen nodig zijn. Voorop staat dat de compensatie van de aantasting altijd plaatsvindt. Hoe hoog de compensatieverplichting is vanwege verstoring is per geval verschillend en betreft maatwerk. Er wordt een sloot gedempt, groen verwijderd en bomen gerooid op een gedeelte van het perceel en bebouwing gerealiseerd, op minimaal 3,2 kilometer afstand van gronden die tot het NNN behoren. Het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten is niet waarneembaar in het NNN. Uitvoering van de voorgenomen activiteiten is niet strijdig met beleidsregels t.a.v. de bescherming van het NNN.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 6

Resultaten Soortbescherming In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten en de bijbehorende wettelijke consequenties van de voorgenomen ingrepen.

6.1 Vogels 6.1.1 Jaarrond beschermde nestsoorten Het plangebied behoort mogelijk tot functioneel leefgebied van de jaarrond beschermde nestsoorten als de ransuil, roek, slechtvalk, steenuil, bosuil, torenvalk en huismus. In de bomen en stuiken op en rond het plangebied zijn geen (takken)nesten waargenomen van koloniebroeders als de roek, roofvogels en uilen. Deze bouwen opvallende nesten. Ook zijn er geen nestkasten waargenomen waar soorten als de kerkuil, steenuil en torenvalk in kunnen broeden. Tevens zijn er geen aanwijzingen gevonden dat roofvogels en uilen er een vaste rust- of nestplaats bezetten. Aanwezigheid van deze soorten is doorgaans gemakkelijk vast te stellen aan de hand van braakballen, schijtsporen en ruiveren. Echter valt niet uit te sluiten dat jaarrond beschermde soorten van het plangebied gebruik maken om te foerageren en te rusten. Het meeste groen en bomen blijven staan en gelet op de omgeving wordt niet verwacht dat het om essentieel foerageergebied gaat. Bovendien wordt door de grote aanwezigheid van hoge bomen, de aanwezigheid van de huismus binnen het plangebied niet verwacht. Huismussen mijden bossen en hebben voorkeur aan meer stedelijk gebied. 6.1.2 Categorie 5 beschermde nest soorten Het plangebied behoort mogelijk tot functioneel leefgebied van de categorie 5 beschermde nestsoorten havik, sperwer, wespendief, spechten, raaf en spreeuw.

In de bomen en stuiken op en rond het plangebied zijn geen (takken)nesten waargenomen van raven of spreeuwen. Deze bouwen opvallende nesten. Tevens zijn er geen aanwijzingen gevonden dat roofvogels een vaste rust- of nestplaats bezetten. Aanwezigheid van deze soorten is doorgaans gemakkelijk vast te stellen aan de hand van schijtsporen en ruiveren. Er valt ook niet uit te sluiten dat categorie 5 beschermde soorten van het plangebied gebruik maken om te foerageren en te rusten. Het meeste groen en bomen blijven staan en gelet op de omgeving wordt niet verwacht dat het om essentieel foerageergebied gaat. Er is binnen het plangebied wel een holenboom gevonden (Figuur 6.1), waardoor de aanwezigheid van spechten niet kan worden uitgesloten. In het plangebied zijn o.a. beuk, esdoorn en eik geïdentificeerd. Deze boomsoorten kunnen eventueel geschikt zijn voor nestholtes. Echter bevindt zich achter het plangebied een bos met voldoende uitwijkmogelijkheden binnen de leefomgeving. Hierdoor worden spechten in dit gebied niet als jaarrond beschermde nestsoorten beschouwd.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Figuur 6.1: Een nestholte in een boom binnen het plangebied.

6.1.3 Vogels algemeen Gedurende het veldbezoek zijn er geen nesten aantroffen. Echter valt er niet uit te sluiten dat vogels van het plangebied gebruik maken om te foerageren, te rusten of eventueel een nest bezetten door de aanwezigheid van het dichte struweel. 6.1.4 Wettelijke consequenties Er worden geen jaarrond beschermde nestsoorten verwacht, maar mogelijk in het broedseizoen wel niet jaarrond beschermde soorten. Voor vogels zonder jaarronde nestbescherming geldt dat het bezette nest beschermd is, niet het oude of verlaten nest. Werkzaamheden die kunnen leiden tot het verstoren/vernielen van bezette vogelnesten dienen daarom buiten de voortplantingsperiode van vogels dienen te worden uitgevoerd. De meest geschikte periode om de voorgenomen activiteiten uit te voeren is augustus-februari. Voorgenomen werkzaamheden mogen juridisch beschouwd wel plaats vinden tijdens het broedseizoen van vogels, mits geen bezette vogelnesten beschadigd/vernield worden. Indien de voorgenomen activiteiten uitgevoerd worden tijdens de voortplantingsperiode, dient een broedvogelscan uitgevoerd te worden om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te sluiten.

6.2

Grondgebonden zoogdieren

Het plangebied behoort mogelijk tot functioneel leefgebied van de steenmarter, wezel en bunzing. Er zijn geen sporen aangetroffen van marters binnen het plangebied in de vorm van graafsporen, prooiresten, uitwerpselen/ latrines etc. Door de afwezigheid van bebouwing (zoals oude gebouwen of schuren met holle ruimten), puinhopen, groenhopen, holen in de grond zijn er geen mogelijkheden voor rust- of voortplantingsplaatsen in het plangebied. Er wordt wel verwacht dat marters het gebied gebruiken als doortrekroute/foerageergebied. Echter gelet op de inrichting (intensief onderhouden grasveld), wordt het gebied niet als hoogwaardig foerageergebied beschouwd. Ook zijn er voldoende uitwijkmogelijkheden in de omgeving aanwezig. Wettelijke consequenties Er wordt geen beschermd grondgebonden zoogdier gedood en er wordt geen vaste rust- of voortplantingsplaats beschadigd of vernield, als gevolg van de uitvoering van de voorgenomen ingrepen. De voorgenomen ingrepen leiden niet tot wettelijke consequenties. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing van de verbodsbepalingen aangevraagd te worden om de voorgenomen activiteiten uit te mogen voeren in het kader van de Wnb.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

6.3

Vleermuizen

Het plangebied behoort mogelijk tot functioneel leefgebied van laatvlieger, meervleermuis, watervleermuis, rosse vleermuis, ruige- en gewone dwergvleermuis. 6.3.1 Verblijfplaatsen Door afwezigheid van bebouwing in het plangebied zijn rust- en verblijfplaatsen voor gebouwbewonende soorten als laatvlieger, meervleermuis, ruige- en gewone dwergvleermuis uit te sluiten. Er zijn wel (holen)bomen in het gebied aanwezig die zouden kunnen dienen als rust- en verblijfplaatsen voor boombewonende soorten als de watervleermuis en rosse vleermuis. 6.3.2 Foerageergebied Het veldbezoek is uitgevoerd buiten de periode van de dag waarop vleermuizen foerageren, maar op basis van een beoordeling van de inrichting en het gevoerde beheer, wordt het plangebied als geschikt foerageergebied beschouwd. Vermoedelijk foerageren er verschillende vleermuissoorten rondom de bomen, struweel en over het veld. De meeste beplanting blijft staan waardoor het foerageergebied niet in functionaliteit wordt aangetast. Er zal er wel verstoring plaatsvinden. Echter is er voldoende alternatief in de omgeving aanwezig waardoor het gebied niet als essentieel foerageergebied wordt beschouwd. 6.3.3 Vliegroute Sommige vleermuissoorten benutten lijnvormige elementen ter geleiding tijdens het foerageren en om van verblijfplaats naar foerageergebied (en van foerageergebied naar verblijfplaats) of tussen verblijven te vliegen.

Lijnvormige elementen die benut worden als vliegroute kunnen bestaan uit houtopstanden en wateren, maar ook een rij gevels van woningen. Het plangebied vormt een verbindende schakel in een lijnvormig landschapselement en maakt daarom onderdeel uit van een vliegroute van vleermuizen. Uitvoering van de voorgenomen activiteiten heeft geen negatief effect op vliegroutes van vleermuizen. De meeste aanwezige beplanting blijft staan, waardoor mogelijke vliegroutes niet zullen worden aangetast. 6.3.4

Wettelijke consequenties

Verblijfplaatsen Het kappen van bomen kan leiden tot het vernielen van rust- of verblijfplaatsen en verstoren of doden van een vleermuis. Verblijfplaatsen van vleermuizen zijn jaarrond beschermd en mogen alleen met een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming beschadigd en vernield worden. Om de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten in beeld te krijgen wordt nader onderzoek naar watervleermuizen en rosse vleermuis noodzakelijk geacht. Dit nader onderzoek dient uitgevoerd te worden conform het vleermuisprotocol1. Foerageergebied Gezien het plangebied niet als essentieel foerageergebied wordt beschouwd, wordt het verwijderen van een stuk aanwezige beplanting niet als aantasting beschouwd op de functionaliteit als foerageergebied. Daarnaast bevinden zich voldoende uitwijkmogelijkheden in de omgeving die als vervangende of aanvullende foerageerlocatie kunnen dienen. Er wordt daardoor geen essentieel foerageergebied aangetast. Uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt niet tot wettelijke consequenties. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing van de verbodsbepalingen aangevraagd te worden om de voorgenomen activiteiten uit te mogen voeren in het kader van de Wnb.* i https://www.netwerkgroenebureaus.nl/werken-aan-kwaliteit/vleermuisprotocol

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief Vliegroute Het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten heeft geen negatief effect op (essentiële) vliegroutes2 van vleermuizen. Uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt niet tot wettelijke consequenties. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing van de verbodsbepalingen aangevraagd te worden om de voorgenomen activiteiten uit te mogen voeren in het kader van de Wnb.

6.4 Amfibieën Het plangebied behoort mogelijk tot functioneel leefgebied van de rugstreeppad. Er zijn tijdens het veldbezoek een groot aantal jonge kikkers waargenomen in een uitgedroogde sloot aan de rand van het plangebied aan de noordwestzijde (Figuur 6.2). De kikkersoorten in de provincie zijn of vrijgesteld of komen op basis van hun verspreiding niet voor binnen het plangebied.

Figuur 6.2: De sloot aan de noordwestzijde.

Echter bieden tijdelijke wateren en laag begroeide terreinen (zoals graslanden) mogelijk wél voortplantingsbiotoop voor de rugstreeppad. Deze tijdelijke wateren worden o.a gecreëerd door regenwater en grondwater in sloten, maar ook door bandensporen van voertuigen. 6.4.1 Wettelijke consequenties Gezien er een gedeelte van de sloot aan de noordoostzijde wordt gedempt ten behoeve van de aanleg van een nieuwe ontsluiting, wordt er mogelijk een amfibie (opzettelijk) gedood en mogelijk voortplantingsbiotoop aangetast en daarmee verbodsbepalingen overtreden. Nader onderzoek naar de rugstreeppad wordt als noodzakelijk geacht om de aanwezigheid vast te stellen. Daarnaast worden er enkele voorzorgsmaatregelen aangeraden bij het bouwrijp maken als het gebruik van ijzeren platen voor de werkvoertuigen om te voorkomen dat er per ongeluk geschikt biotoop wordt gerealiseerd met de werkzaamheden. Tevens wordt er geadviseerd om een amfibieënscherm te plaatsen.

6.5 Reptielen Gedurende het veldbezoek is er geen reptiel waargenomen. Het plangebied voldoet niet aan de habitateisen of broedbiotoop van deze beschermde reptielen. Er zijn geen bosjes, houtwallen, broeihopen of stenenstapels om in te kunnen schuilen. Deze specifieke habitateisen zijn vaak terug te vinden in ruigere terreinen als duinen, bossen, heidevelden en veengebieden met gestructureerde vegetatie waar in het plangebied niet aan wordt voldaan.

2 Vliegroutes van vleermuizen zijn beschermd wanneer deze essentieel zijn voor het kunnen functioneren van de verblijfplaats van een vleermuis. Niet ieder lijnvormig element waar langs vleermuizen vliegen is een essentiële vliegroute.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief 6.5.1 Wettelijke consequenties Het is uitgesloten dat er negatieve effecten op beschermde reptielen optreden. Het uitvoeren van een nader onderzoek en/of het aanvragen van een ontheffing is niet aan de orde.

6.6 Overige soorten Het plangebied behoort niet tot het functioneel leefgebied van andere beschermde flora- of faunasoorten. Vanwege de lokale invloedsfeer heeft de voorgenomen activiteit geen negatief effect op andere beschermde soorten. Nader onderzoek of het aanvragen van een ontheffing is niet noodzakelijk.

6.7 Samenvattende tabel Tabel 6.1: Samenvatting Soortenbescherming

Soortgroep

Mogelijk voorkomende soorten

Te beoordelen effecten?

Overtreding Wnb

Vervolgstappen

Vogels

Spechten en vogels algemeen

Art. 3.1, lid 1, 2 en 4.

Nemen voorzorgsmaatregelen om verstoring en doding broedende vogels te voorkomen, uitvoeren werkzaamheden buiten broedperiode van augustus t/m februari.

Grondgebonden zoogdieren

kleine marterachtigen en steenmarter.

Art. 3.10, lid la en lb.

Nader onderzoek wordt niet noodzakelijke geacht.

Vleermuizen

Watervleermuis en rosse vleermuis

Verstoring broedende vogels en doding van individuen Verstoring/ aantasting foerageergebied. Verstoring en doding van individuen en aantasten van verblijfplaatsen en foerageergebied. Verstoring en doding van individuen en aantasten van verblijfplaatsen.

Art 3.5 lid 1,2 en 4.

Nader onderzoek naar verblijfplaatsen boombewonende vleermuissoorten wordt noodzakelijk geacht.

Amfibieën

Rugstreeppad

Verstoring endoding van individuen en aantasten van voortplantingsen rustplaatsen.

Art. 3.10, lid la en lb.

Nader onderzoek naar de rugstreeppad wordt noodzakelijk geacht.

Niet van toepassing. Niet van toepassing.

N.v.t. N.v.t.

Tevens worden er voorzorgsmaatregelen geadviseerd zoals het plaatsen van een amfibieënscherm en het gebruik van ijzeren platen voor de werkvoertuigen om te voorkomen dat er geschikt biotoop wordt gerealiseerd. Niet van toepassing. Niet van toepassing.

Reptielen Overige soorten

Niet aanwezig. Niet aanwezig.

BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies

TOETSING WNB EN NNN - Ens Oost fase 2 Status: Definitief

Hoofdstuk 7

Conclusie en advies De voorgenomen activiteiten worden gezien als 'ruimtelijke ontwikkeling'. Voor beschermde soorten die niet op de vrījstellingslijst (bijlage 3) van de provincie staan, is een ontheffing vereist om ze te mogen verstoren en om opzettelijk de vaste rust- en voortplantingsplaats te mogen beschadigen en te vernielen. Voor het doden van beschermde diersoorten geldt geen vrijstelling van de verbodsbepalingen. Afhankelijk van de status van de beschermde soorten, kan soms ook gewerkt worden conform een door de minister goedgekeurde, en op de situatie toepasbare, gedragscode. In het kader van de zorgplicht moet rekening worden gehouden met alle in het plangebied aanwezige planten en dieren en moet er gekozen worden voor een werkmethode en/of planning in de tijd, waardoor planten en dieren zo min mogelijk schade ondervinden als gevolg van de voorgenomen activiteiten. Gebiedsbescherming Gezien de ruime afstand van het plangebied naar het meest nabij gelegen Natura 2000-gebied en de schaal van de beoogde ingrepen, is het onwaarschijnlijk dat er een significant effect ten gevolge van de ingreep en de gebruiksfase plaats zal vinden. Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000-gebied.

Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in de provincie. Vogels met jaarronde nestbescherming Als gevolg van het uitvoeren van de voorgenomen ingrepen in als buiten het broedseizoen wordt er geen bezet vogelnest van jaarrond beschermde vogelsoorten verstoord, beschadigd of vernield. Vogels algemeen Voor vogels met en zonder jaarronde nestbescherming geldt dat het bezette nest beschermd is, niet het oude of verlaten nest. Werkzaamheden die kunnen leiden tot het verstoren/vernielen van vogelnesten dienen buiten de voortplantingsperiode van vogels uitgevoerd te worden. De meest geschikte periode om de voorgenomen activiteiten uit te voeren is oktober-februari. Voorgenomen werkzaamheden mogen juridisch beschouwd wel plaats vinden tijdens het broedseizoen van vogels, mits geen bezette vogelnesten beschadigd/vernield worden. Indien de voorgenomen activiteiten uitgevoerd worden tijdens de voortplantingsperiode, dient een broedvogelscan uitgevoerd te worden om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te sluiten. Grondgebonden zoogdieren Er wordt geen beschermd grondgebonden zoogdier gedood en wordt geen vaste rust- of voortplantingsplaats beschadigd of vernield, als gevolg van uitvoering van de voorgenomen activiteiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2085/documents/35886