CConstaterende datNoardeast-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Programmabegroting 2022 Noardeast-Fryslan

It Debat 28 oktober 2021, gemeente Noardeast-FryslânBij agendapunt: Begroting 202235.902 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

604

Activiteit: Opstellen van een meerjareninvesteringsplan op basis van combinatie van: • Kapitaalgoederenbeheerplan • Groenstructuurplan • Herstructurering/herinrichting • Verkeersknelpunten • Klimaatadaptatie/wateroverlast. Verkeer/mobiliteit Smartdoel 1: De gemeente draagt naar vermogen bij aan de ambitie van Fryslân zodat er in 2025 geen verkeersdoden en ernstige verkeergewonden zijn. Activiteit: Instellen Budget voor Verkeer & verkeersveiligheid: voor oplossen van verkeersonveilige situaties. Smartdoel 2: Stimuleren fietsverkeer door optimaliseren van het fietsnetwerk en het fietsparkeren. Activiteit: Opstellen fietspadenplan en opwaarderen van fietsnetwerken. Leidraad hiervoor is de verdere uitwerking van de onlangs vastgestelde Mobiliteitsvisie (ANNO). Smartdoel 3: Verbetering van de ketenmobiliteit van alle vormen van vervoer zoals het openbaar vervoer om de bereikbaarheid te verbeteren, zodanig dat wordt voldaan aan de verplaatsingsbehoefte van de verkeersdeelnemers. Activiteit: Dit wordt uitgewerkt in de opgaven zoals deze zijn opgesteld in de onlangs vastgestelde Mobiliteitsvisie (ANNO).

-50-

Onderwerp beleidsdocumenten Het beter functioneren van rioolsystemen Gemeentelijk rioleringsplan (in ontwikkeling) Meetplan riolering (in ontwikkeling) Instandhouden c.q. realiseren van de vastgestelde onderhoudskwaliteit van de openbare ruimte Quick scan kapitaalgoederen en beleid onderhoudsniveau kapitaalgoederen (PPN 2017) Groenbeleids- en beheersplannen Beleidsplannen openbare verlichting Wegenbeleids- en beheersplannen Baggerplannen Realiseren van een duurzame inrichting van de openbare ruimte Intentieverklaring Dark Sky Waddengebied Biodiversiteitsbeleid (in ontwikkeling) Verkeer/mobiliteit Mobiliteitsvisie (ANNO) Manifest verkeersveiligheid (2015)

Verbonden partij GR Leer-Werkbedrijf Noard East Fryslân

Bijdrage aan beleidsdoelstellingen Instandhouden c.q. realiseren van de vastgestelde onderhoudskwaliteit van de openbare ruimte.

Overzicht baten en lasten 2022 Programma 6: Iepenbiere Romte Onderwerpen (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

398

-730

-332

601 Beheer openbare ruimte

5.546

-17.387

-11.841

603 Beheer en onderhoud sportvelden en gebouwen

1.043

-5.325

-4.282

434

-612

-179

7.420

-24.053

-16.633

Toevoegingen aan reserves

0

-126

-126

Onttrekkingen aan reserves

325

0

325

7.745

-24.179

-16.434

504 Verkeer en vervoer / Mobiliteit

604 Beheer en onderhoud begraafplaatsen Totalen voor mutaties reserves

Geraamd resultaat

-51-

Algemiene dekkingsmiddels Waar gaat ‘Algemiene dekkingsmiddels’ over? Algemiene dekkingsmiddels Op grond van het besluit begroting en verantwoording worden de algemene dekkingsmiddelen in de gemeentelijke begroting apart zichtbaar gemaakt. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit: •

Lokale heffingen Dit zijn opbrengsten uit de gemeentelijke belastingen en heffingen en de daarmee samenhangende uitvoeringskosten voor de WOZ, de heffing en de invordering.

•

Algemene uitkeringen Dit zijn de van het Rijk ontvangen middelen om gemeentelijke taken uit te voeren. Een deel van dit geld komt uit het Gemeentefonds en wordt uitgekeerd in de vorm van algemene uitkeringen, dit is inclusief de decentralisatie-uitkering “sociaal domein”.

•

Dividend Dit zijn de de opbrengsten (dividend) uit de deelnemingen in Eneco en de BNG.

•

Overige algemene dekkingsmiddelen Dit zijn de overige algemene dekkingsmiddelen waaronder het taakveld treasury en de overige baten en lasten (stelposten).

Mutaties in de reserves Op grond van het besluit begroting en verantwoording worden de mutaties in de algemene- en bestemmingsreserves apart zichtbaar gemaakt in de begroting. De mutaties in de reserves die een relatie hebben met een specifiek programma zijn opgenomen onder het desbetreffende programma, zodat per programma een resultaat voor en na bestemming zichtbaar is. Onder algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien vinden rentetoevoegingen plaats aan de algemene reserve en de reserve bouwgrondexploitatie.

Verbonden partij NV Afvalsturing Friesland (Omrin)

BV Fryslân Miljeu Noordwest (Omrin) (inzamelen afval)

NV Bank Nederlandse Gemeenten NV Kabeltelevisie Noordoost Friesland

Exploitatiemaatschappij Havencomplex Lauwersoog BV NV Eneco Beheer

Bijdrage aan beleidsdoelstellingen De gemeente is op twee manieren betrokken bij Omrin, als aandeelhouder en als klant/leverancier van afval. Uitvoeren van de wettelijke taak huishoudelijk en bedrijfsafval in te zamelen en te verwerken op basis van contractafspraken met de gemeente NoardeastFryslân en uitsluitend op het grondgebied van de vm gemeente Ferwerderadiel tot 1-1-2022. De bank behartigt het efficiënte betalingsverkeer van alle gemeenten. De aanleg, het beheer, het onderhoud, de instandhouding en de exploitatie van centrale antenne inrichtingen met bijbehorende kabelnetten in de gemeente. De regionale economische ontwikkeling en de werkgelegenheid in de haven. Beschikbaarheid van energievoorzieningen en de daarvoor noodzakelijke infrastructuur. In de vergadering van 23 januari 2020 heeft de raad besloten de aandelen te verkopen. De is

-52-

Verbonden partij NV Stedin groep

Stichting Dataland met een BV Dataland

Uniforme beleidsindicatoren

Eenheid

Overhead Gemiddelde WOZ waarde Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

% van totale lasten Duizend euro In Euro’s In Euro’s

Bijdrage aan beleidsdoelstellingen geeffectueerd op 25 maart 2020. Stedin is een netbeheerder die elektriciteits- en gasnetten aanlegt, beheert en toekomstbestendig maakt. Stedin faciliteert de energiemarkt. Dataland ontzorgt, ondersteunt en faciliteert sinds 2011 gemeenten op het gebied van geo-, WOZ- en vastgoedinformatie, oftewel objectinformatie. Door het bestuur van de vennootschap is in 2019 het besluit genomen tot overname en afbouw van haar activiteit voor eind december 2021. De onderneming kan de beëindiging uit eigen middelen financieren. Periode

2020 2020 2021

Gemeente NoardeastFryslân 10,8% 172,00 759,00

Nederland

Niet bekend 270,00 700

2021

843,00

773

Leeswijzer uniforme beleidsindicatoren: Uniforme beleidsindicatoren Overhead

Gemiddelde WOZ waarde Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

Toelichting Overheadkosten: alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. De gemiddelde WOZ-waarde van woningen. In duizenden euro's Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een éénpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten. Het gemiddelde totaalbedrag in euro's per jaar dat een meerpersoonshuishouden betaalt aan woonlasten.

Bron Eigen begroting

CBS COELO

COELO

Overzicht baten en lasten 2022 Algemiene dekkingsmiddels Onderwerpen (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

Lokale heffingen

9.904

-328

9.576

Algemene uitkeringen

97.426

-485

96.941

Dividend

511

-53

458

Overige algemene dekkingsmiddelen

218

-445

-226

108.059

-1.311

106.748

Toevoegingen aan reserves

0

-1.830

-1.830

Onttrekkingen aan reserves

323

0

323

108.382

-3.140

105.242

Totalen voor mutaties reserves

Geraamd resultaat

-53-

Overhead Waar gaat Overhead over? Overhead In het Wijzigingsbesluit vernieuwing BBV wordt onder artikel l, tweede lid onder l de definitie overhead nader geduid. In de toelichting van het Wijzigingsbesluit vernieuwing BBV is de definitie voor overhead van “Vensters voor Bedrijfsvoering” gehanteerd als uitgangspunt voor de definitie van overhead binnen het BBV. De Commissie BBV heeft als taak om duidelijkheid te verschaffen wanneer de toepassing van deze definitie in de praktijk tot vragen leidt. Dit heeft geleid tot een notitie overhead waarin beschreven is wat wel en wat niet onder de overhead valt. Overhead bestaat in elk geval uit: 1. leidinggevenden primair proces (hiërarchisch); 2. financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; 3. P&O / HRM; 4. inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement); 5. interne en externe communicatie m.u.v. klantcommunicatie (KCC); 6. juridische zaken; 7. bestuurszaken en bestuursondersteuning; 8. informatievoorziening en automatisering (ICT); 9. facilitaire zaken en Huisvesting; 10. documentaire Informatie Voorziening (DIV); 11. managementondersteuning primair proces. Samenwerking Dantumadiel De samenwerking met Dantumadiel wordt verantwoord op het taakveld Overhead.

Zowel de lasten als ook de baten van afgerond € 14 miljoen worden op dit taakveld, in overleg met de accountant, met ingang van de primaire begroting 2021 verantwoord.

Overzicht baten en lasten 2022 Overhead Onderwerpen (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

Overhead

14.977

-33.563

-18.586

Geraamd resultaat

14.977

-33.563

-18.586

-54-

Heffing VPB Waar gaat Heffing VPB over? Heffing VPB Voor een zeer groot aantal activiteiten van de gemeente Noardeast-Fryslân geldt dat niet voldaan wordt aan de ondernemingscriteria en dat deze niet belasting- en aangifteplichtig zijn voor de VPB. Er is ofwel sprake van het aanbieden van een “collectief goed” (geen deelname economische verkeer), “normaal vermogensbeheer” of van “structureel verlieslatende activiteiten”. De gemeente doet alleen aangifte voor haar belaste activiteiten in het kader van de verkoop afvalstromen en het grondbedrijf. Op basis van het meerjarenperspectief is het te betalen bedrag aan VPB op het resultaat behaald met de grondexploitaties op korte termijn beperkt. Daarom is ervoor gekozen het te betalen bedrag aan VPB als een PM-post te oormerken en alleen de externe kosten die gemoeid zijn met het verplichte aangifteproces te begroten.

Overzicht baten en lasten 2022 Heffing VPB Onderwerpen (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

Heffing VPB

0

-5

-5

Geraamd resultaat

0

-5

-5

Onvoorzien Waar gaat Onvoorzien over? Onvoorzien Op grond van het besluit begroting en verantwoording worden de gereserveerde middelen voor structureel onvoorzien apart zichtbaar gemaakt in de begroting.

Overzicht baten en lasten 2022 Onvoorzien Onderwerpen (bedragen x € 1.000)

Baten

Lasten

Saldo

Onvoorzien

0

-96

-96

Geraamd resultaat

0

-96

-96

-55-

Geprognotiseerde balans per 31 december Omschrijving (Bedragen x€ 1.000) Activa (im) Materiële vaste activa Financiële vaste activa: Kapitaalverstrekkingen Financiële vaste activa: Leningen Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar

31-12-2020

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

125.553

122.079

132.600

130.637

129.895

128.467

1.444 5.058

1.444 4.785

1.386 6.634

1.386 6.338

1.386 6.091

1.386 5.840

0

0

0

0

0

0

132.055

128.308

140.620

138.361

137.372

135.693

-2.765

-3.333

-3.623

23

-346

-346

0 39.412 1.235 4.562

0 39.412 2.445 4.562

0 39.412 603 4.562

0 39.412 525 4.562

0 39.412 3.646 4.562

0 39.412 6.299 4.562

42.444

43.086

40.953

44.522

47.274

49.927

174.499

171.394

181.573

182.884

184.646

185.620

31-12-2020

31-12-2021

31-12-2022

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

34.210 13.689 85.649

36.626 13.700 80.117

41.261 19.239 80.122

41.507 20.533 79.893

40.670 18.435 79.538

40.614 19.941 79.062

133.548

130.443

140.622

141.933

138.643

139.617

Vlottende schuld Overlopende passiva Totaal Vlottende Passiva

17.809 23.142

17.809 23.142

17.809 23.142

17.809 23.142

17.809 28.194

17.809 28.194

40.951

40.951

40.951

40.951

46.003

46.003

Totaal Passiva

174.499

171.394

181.573

182.884

184.646

185.620

Totaal Vaste Activa Voorraden: Onderhanden werk & Overige grond- en hulpstoffen Voorraden: Gereed product en handelsgoederen & vooruitbetalingen Uitzettingen <1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal Vlottende Activa Totaal Activa

Omschrijving (Bedragen x € 1.000) Passiva Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schuld Totaal Vaste Passiva

-56-

De meerjarenbegroting 2022 - 2025 Omschrijving (bedragen x € 1.000) Baten 1: Ynwenner en Bestjoer 2: Mienskip 3: Soarch en Wolwêzen 4: Wurk, Bedriuw en Rekreaasje 5: Wenjen en Omjouwing 6: Iepenbiere Romte

Rekening Begroting 2020 2021

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

743 417 23.281 2.465 9.067 8.379

549 387 20.816 10.922 8.457 8.299

580 163 18.905 747 8.192 7.420

600 163 18.900 747 8.484 7.370

600 163 18.900 747 8.474 7.364

600 163 18.900 747 8.188 7.423

Algemiene dekkingsmiddels Overhead Heffing VPB Onvoorzien

131.462 15.707 0 0

106.048 14.915 0 0

108.059 14.977 0 0

103.932 14.860 0 0

104.242 14.862 0 0

105.170 14.877 0 0

Totaal baten

191.522

170.392

159.045

155.056

155.352

156.067

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Lasten 1: Ynwenner en Bestjoer 2: Mienskip 3: Soarch en Wolwêzen 4: Wurk, Bedriuw en Rekreaasje 5: Wenjen en Omjouwing 6: Iepenbiere Romte Algemiene dekkingsmiddels Overhead Heffing VPB Onvoorzien

Rekening Begroting 2020 2021

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

-7.396 -11.646 -75.994 -4.436 -10.531 -21.656 -3.441 -33.713 -13 0

-7.230 -9.537 -74.488 -13.746 -12.525 -22.288 -534 -33.125 -5 -95

-7.129 -8.002 -72.289 -3.229 -9.957 -24.053 -1.311 -33.563 -5 -96

-7.014 -7.710 -71.477 -3.387 -9.226 -23.577 -1.230 -33.148 -5 -96

-7.098 -7.428 -71.016 -3.240 -9.115 -23.602 -1.286 -33.027 -5 -96

-7.151 -7.368 -70.622 -2.879 -9.058 -23.793 -1.222 -32.648 -5 -96

Totaal lasten

-168.826

-173.575

-159.635

-156.870

-155.912

-154.843

-57-

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Geraamde saldo van baten en lasten per programma 1: Ynwenner en Bestjoer 2: Mienskip 3: Soarch en Wolwêzen 4: Wurk, Bedriuw en Rekreaasje 5: Wenjen en Omjouwing 6: Iepenbiere Romte Algemiene dekkingsmiddels Overhead Heffing VPB Onvoorzien Totaal saldo van baten en lasten Toevoegingen & onttrekkingen aan reserves Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Geraamde resultaat

Rekening Begroting 2020 2021

Begroting 2022

Raming 2023

Raming 2024

Raming 2025

-6.653 -11.229 -52.713 -1.971 -1.464 -13.277 128.021 -18.005 -13 0

-6.681 -9.151 -53.672 -2.823 -4.068 -13.989 105.514 -18.211 -5 -95

-6.548 -7.839 -53.384 -2.481 -1.765 -16.633 106.748 -18.586 -5 -96

-6.414 -7.547 -52.577 -2.640 -742 -16.206 102.702 -18.288 -5 -96

-6.499 -7.265 -52.115 -2.493 -641 -16.238 102.956 -18.164 -5 -96

-6.551 -7.204 -51.722 -2.132 -871 -16.371 103.948 -17.771 -5 -96

22.696

-3.182

-590

-1.814

-561

1.224

-38.118 17.656

-12.054 14.610

-1.956 2.774

-276 1.364

-276 791

-276 403

-20.462

2.556

819

1.088

515

127

2.234

-626

229

-726

-46

1.351

-58-

Paragraaf lokale heffingen Hieronder treft u een beknopte uiteenzetting aan van de omvang van het huidige pakket aan belastingen en van het beleid met betrekking tot de jaarlijks vast te stellen belastingtarieven en de kwijtschelding van belastingen. Tot slot worden de effecten van dat beleid afgezet tegen de landelijke en provinciale woonlasten.

Overzicht belastingen en heffingen Onroerendezaakbelastingen De onroerendezaakbelastingen zijn de belangrijkste gemeentelijke belastingen waarvan de opbrengst tot de algemene middelen behoort en dus naar eigen inzicht kan worden besteed. De hoogte van de aanslagen is zowel afhankelijk van de waarde van een pand, zoals die elk jaar wordt bepaald op basis van de Wet waardering onroerende zaken (hierna: Wet WOZ), als van de door de raad vastgestelde tarieven. Er wordt onderscheid gemaakt tussen tarieven voor eigenaren van woningen, eigenaren van niet-woningen en gebruikers van niet-woningen. Roerende woon- en bedrijfsruimteheffingen Deze qua omvang bescheiden heffingen, zijn een tegenhanger van de onroerendezaakbelastingen. Het kenmerkende verschil is, zoals de naam van deze belastingen al doet vermoeden, dat zij zich richten op roerende zaken die bestemd zijn om duurzaam ter plaatse te blijven, zoals bedrijfsvaartuigen en woonboten. De hoogte van de heffing is gekoppeld aan de WOZ-waarde van die objecten. Net als de onroerendezaakbelastingen kennen ook deze belastingen drie tarieven. Forensenbelasting De forensenbelasting wordt geheven van een natuurlijke persoon die voor hemzelf of zijn gezin op meer dan negentig dagen een gemeubileerde woning binnen de gemeente beschikbaar houdt (tweede woning).

Bijkomende eis is, dat diegene geen hoofdverblijf houdt binnen de gemeente waar de woning is gelegen. De belasting is gekoppeld aan de hoogte van de WOZ-waarde van de woning. Dat is dezelfde waarde als wordt gebruikt voor de onroerendezaakbelastingen. Het tarief is een percentage van die waarde met een maximum van € 1.533,00 voor 2022. Toeristenbelasting Deze belasting wordt geheven voor het houden van nachtverblijf tegen vergoeding door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. Met ingang van 1 januari 2021 is het tarief € 1,50 per persoon per overnachting. Er geldt een vrijstelling van belasting voor personen jonger dan 13 jaren. De aanslagen worden op naam gesteld van degene die verblijf biedt. Dat is de belastingplichtige. De aanslagen worden na afloop van een belastingjaar (belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar) vastgesteld op basis van daartoe aan de verblijfbieder gezonden belastingaangiften. Wel worden in de loop van een belastingjaar aan de grootste belastingplichtigen in de maanden juni/juli voorlopige aanslagen gezonden. Reclamebelasting Deze belasting wordt geheven voor het doen van openbare aankondigingen (reclame-uitingen). Het tarief is een vast bedrag per jaar per vestiging.

In de praktijk betalen voornamelijk de eigenaar/gebruikers van winkelruimten in het centrum van Dokkum deze belasting. Vanwege een overeenkomst met Stichting Ondernemersfonds Dokkum, wordt de jaarlijkse opbrengst onder aftrek van perceptiekosten (gemeentelijke kosten om deze belasting te heffen en te innen) uiteindelijk teruggegeven aan de Stichting. De gelden dienen dan te worden aangewend voor diverse promotionele activiteiten gericht op versteviging van de economische positie van de binnenstad van en haar winkelbestand. Parkeerbelastingen Deze belastingen worden geheven voor het parkeren van motorvoertuigen waar dat alleen tegen betaling is toegestaan. En voor de afgifte van een vergunning om op een betaalde plaats te mogen staan zonder de meter in werking te stellen. Het zogenoemde belanghebbende parkeren. De gemeente is vrij om de hoogte van de tarieven te bepalen. Dat geldt niet voor het tarief als niet of niet tijdig voor het parkeren is betaald. In dat geval ontvangt de houder van het kenteken een naheffingsaanslag (“parkeerbon”) waarvan de maximale hoogte wettelijk is vastgesteld.

-59-

Voor het jaar 2021 bedroeg dat maximum € 65,30. Niet eerder dan in het najaar maakt de Rijkswetgever het nieuwe maximum voor 2022 bekend. Precariobelastingen kabels en leidingen Het tarief voor deze belasting is vanwege wettelijke voorschriften tot en met 2021 wettelijk bepaald op € 1,98 per strekkende meter leiding/kabel. Het is niet toegestaan om deze belasting ook nog te heffen ná 31 december 2021. Deze verordening houdt daarom eind 2021 van rechtswege op te bestaan. Baatbelasting Esonstad-Oostmahorn. Met ingang van het jaar 2022 wordt deze belasting niet meer geheven. Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing is een bestemmingsheffing. De opbrengst vloeit niet naar de algemene middelen, maar dient ter dekking van de kosten van afvalinzameling en –verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Het uitgangspunt is dat deze kosten inclusief de kosten van kwijtschelding volledig gedekt worden uit de opbrengst van de afvalstoffenheffing. In de tariefstelling wordt onderscheid gemaakt tussen één en meerpersoonshuishoudens. Hiermee wordt invulling gegeven aan het principe “de vervuiler betaalt”. Rioolheffing De kosten voor het beheren en in stand houden van het rioolstelsel worden door deze heffing verhaald. Gemeenten hebben naast de zorgplicht voor gemeentelijk afval- en hemelwater ook de zorg voor grondwater.

De opbrengst van de rioolheffing, met als uitgangspunt 100% kostendekking, is geoormerkt. De belangrijkste functie is het genereren van inkomsten om de voorzieningen mogelijk te maken. De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt of kan worden afgevoerd. Leges De diensten waarvoor leges worden geheven zijn in de Legesverordening op samenhang geclusterd. • Titel 1 Algemene dienstverlening; • Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning; • Titel 3 Dienstverlening vallend onder de Europese Dienstenrichtlijn. Onder titel 1 vallen met name de legestarieven voor diensten van Burgerzaken (paspoorten, rijbewijzen en huwelijksvoltrekkingen). Onder titel 2 vallen de legestarieven voor diensten die verleend worden onder de noemer ‘omgevingsvergunning’ (voorheen bouwvergunning). Onder titel 3 vallen de legestarieven voor diensten die uitsluitend verleend worden aan ondernemers zoals de drank- en horecavergunning, de evenementenvergunning en de vergunning voor seksbedrijven. Binnen titel 1 is kruissubsidiëring toegestaan. Zo mag bijvoorbeeld het tarief voor huwelijksvoltrekkingen meer dan kostendekkend worden vastgesteld ter compensatie van een niet kostendekkend tarief voor paspoorten.

Ook binnen titel 2 is kruissubsidiëring toegestaan en ook tussen titel 1 en titel 2. Niet kostendekkende tarieven voor de diensten die vallen onder titel 1 mogen dus gecompenseerd worden door meer dan kostendekkende tarieven voor de omgevingsvergunning uit titel 2. Op grond van de Europese Dienstenrichtlijn is binnen titel 3 kruissubsidiëring niet toegestaan. Voor elk van de tarieven van titel 3 geldt de norm van maximaal 100% kostendekking. ANG-model Uitgangspunt voor de berekening van de lasten is al het zogenoemde ANG-model. Ook voor het jaar 2022 is dat model leidend voor de in aanmerking te nemen geraamde lasten per Titel. Liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen Ofschoon de groep van belastingplichtigen in belangrijke mate dezelfde is als die voor de roerende woon- en bedrijfsruimteheffing, dient deze heffing toch een ander doel. De roerende woon- en bedrijfsruimte is een echte belasting zoals de onroerendezaakbelastingen. Daarmee zijn de middelen van die belasting vrij aanwendbaar. De heffing liggelden woonschepen en bedrijfsvaartuigen is daarentegen een retributie, die dient tot verhaal van gemeentelijke kosten voor de instandhouding van ligplaatsen. De houder van de ligplaatsvergunning is belastingplichtig en betaalt per jaar een in de belastingverordening opgenomen vast bedrag.

-60-

Bruggelden Onder de naam “bruggelden” wordt een recht geheven voor het door de gemeente openen en geopend houden van een brug voor het doorlaten van een vaartuig. Het gaat daarbij om een drietal in de belastingverordening nader aangeduide bruggen over de Dokkumer Ee. Afhankelijk van welke brug men passeert, variëren de tarieven van € 1,75 tot € 5,00 per passage. Lig- en staangeld pleziervaartuigen/campers Op grond van deze belastingverordening worden rechten geheven van houders van pleziervaartuigen en campers die gebruik maken van respectievelijk lig- en standplaatsen die bij de gemeente in beheer en onderhoud zijn. De heffing ziet hoofdzakelijk op passanten. Voor zover zij tevens nachtverblijf houden tegen vergoeding is ook toeristenbelasting verschuldigd. De hoogte van de heffing voor liggelden is afhankelijk van de lengte van het schip en de duur van het verblijf. Voor Campers wordt steeds een vast bedrag per dag per standplaats in rekening gebracht. Rioolaansluitrecht Nog slechts zelden worden op fiscale wijze de kosten verhaald voor het aansluiten van bestaande panden op het gemeentelijke rioolnet. In die sporadische gevallen voorziet de verordening rioolaansluitrecht in een eenmalige heffing. De belasting wordt geheven van de aanvrager van de dienst.

Lijkbezorgingsrechten Op basis van deze belastingverordening worden rechten geheven voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen en de daarmee samenhangende diensten. Zowel het gebruik als de aard van de af te nemen diensten kennen veel verschijningsvormen, die in de bij de verordening behorende tarieventabel met naam en toenaam limitatief zijn genoemd.

Tarieven- en kwijtscheldingsbeleid Tarievenbeleid - Voor zover geen ander beleid of andere overwegingen gelden, worden de tarieven van de belastingen, heffingen en rechten verhoogd met de stijging van het consumentenprijsindexcijfer. Voor het jaar 2022 is daarbij uitgegaan van een inflatiepercentage van 1,4%, gebaseerd op de geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP) van het Centraal Planbureau. -

Voor de afvalstoffen- en rioolheffing wordt een kostendekking aangehouden van 100%.

-

Voor de toeristen- en parkeerbelastingen geldt, dat zij dienen als instrumentarium en daarmee als onderdeel van een veel meer omvattend beleid aangaande toerisme en de bereikbaarheid van winkelkernen. De tariefontwikkelingen van die belastingen zijn dan ook zelden autonoom, maar vaak gekoppeld aan de gewenste richting op genoemde beleidsterreinen.

-

Voor de leges is aansluiting gezocht bij het ANG-model

Kwijtscheldingsbeleid Met het hanteren van een kwijtscheldingsregeling geeft de gemeente een deel van zijn burgers de mogelijkheid om voor een lagere belastingaanslag in aanmerking te komen. De ruimte om een eigen gemeentelijk kwijtscheldingsbeleid te voeren is beperkt. De criteria waaraan kwijtscheldingsverzoeken getoetst worden, zijn op rijksniveau vastgesteld. Wel mogen gemeenten zelf bepalen van welke belastingen zij kwijtschelding verlenen en welk deel van de belastingaanslag wordt kwijtgescholden. De aanslagen onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing komen in principe voor kwijtschelding in aanmerking. De gemeente Noardeast-Fryslân maakt gebruik van de ruimst mogelijke normen voor kwijtschelding, te weten de 100% bijstandsnorm en 100% AOW-norm. Het kabinet heeft op 6 juli 2021 besloten om de normen voor kwijtschelding met ingang van 1 januari 2022 aan te passen. De zogenoemde “vermogensnorm”, waaronder te verstaan het in acht te nemen vrij te stellen vermogen om voor kwijtschelding in aanmerking te komen, wordt voor volledig arbeidsongeschikten en AOW’ers verhoogd met € 2.000. De gemeente zal haar beleid daarop aanpassen. Het totaalbedrag aan te verlenen kwijtscheldingen wordt geraamd op € 500.000.

-61-

Tarieven 2022 In de begroting staat jaarlijks een overzicht van de opbrengsten van de lokale heffingen. Het tarief van iedere lokale heffing wordt in het najaar door middel van een apart raadsvoorstel vastgesteld. Met inachtneming van hetgeen hiervoor onder is verwoord over de kaders waarbinnen beslissingen worden genomen over tariefontwikkelingen, zijn hierna de precieze effecten daarvan voor het jaar 2022 ten opzichte van 2021 opgenomen. Belasting soort

Tarief 2021

Tarief 2022

OZB-eigenaar woningen1) OZB-eigenaar niet-woning OZB-gebruiker niet-woning RWBR-eigenaar woning RWBR-eigenaar niet-woning RWBR-gebruiker niet woning Forensenbelasting Reclamebelasting Precariobelasting kabels en leidingen Parkeerbelastingen Leges Toeristenbelasting Baatbelasting Rioolheffing Woning Niet-woning Grootverbruikers Percelen onder aansluiting op waterleidingnet Afvalstoffenheffing Éénpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden Bruggelden Altenabrêge: ➢ Per vaartuig ➢ Per abonnement Bruggen Dokkumer Ee ➢ Per vaartuig Liggeld woonschepen en bedrijfsvaartuigen Lig- en staangeld pleziervaartuigen/campers Rioolaansluitrecht Lijkbezorgingsrechten

0,1625% 0,2512% 0,1922% 0,1744% 0,2512% 0,1922% 0,5201% € 494,00 € 1,98 div. div. € 1,50 € 2.426,00

0,1511% 0,2547% 0,1949% 0,1768% 0,2582% 0,1949% 0,5274% € 508,00 € 0,00 div. div. € 1,50 0

€ € € €

249,88 249,88 22,24 49,90

€ € € €

249,88 249,88 22,24 49,90

0,00% 0,00% 0,00% 0,00%

€ €

199,16 282,90

€ €

206,45 293,30

3,68% 3,68%

€ €

5,00 56,95

1)

1,75 div. div. € 1035,00 div.

Procentuele resultaat -/-7,00% 1,40% 1,40% 1,40% 1,40% 1,40% 1,40% 1,40% 0% n.v.t. n.v.t. 0% n.v.t.

n.v.t. n.v.t.

€

div. div. € 1.050,00 div.

n.v.t. 1,4% 1,4% 1,40% 0,00%

De gemiddelde WOZ-waarde van de woningen bedroeg in het jaar 2021 € 187.000 (taxatiedatum 1 januari 2020). Op basis van cijfers van het CBS verwachten wij voor het jaar 2022 (taxatiedatum 1 januari 2021) een stijging van de woning waarde met 7% tot een gemiddelde WOZ-waarde van € 200.000. Om te bereiken dat ontwikkeling van de WOZ-waarde niet van invloed is op de begrote opbrengst voor het jaar 2022 en dus (per saldo) alleen een tariefverhoging van 1,4% wordt doorgevoerd, is het effect van de stijging met 7% verdisconteerd in het tarief. Dat tarief daalt, omdat de WOZ-waardestijging de autonome tariefstijging van 1,4% overtreft. De verwachting is dat waarde van de niet-woningen voor het jaar 2022 nagenoeg ongewijzigd blijf ten opzichte van 2021.

-62-

Belastingopbrengsten 2022 Onderstaande tabel geeft een samenvatting van de voor het jaar 2022 begrote opbrengsten voor de belastingen, rechten en heffingen van de Gemeente Noardeast-Fryslân. De totale opbrengst voor het jaar 2022 is begroot op € 23.147.851. De daling ten opzichte van het jaar 2021 wordt voornamelijk veroorzaakt door het wegvallen van de precariobelasting op kabels en leidingen. Het is wettelijk niet toegestaan om die belasting na 1 januari 2022 nog te heffen. Opbrengsten belastingen (bedragen x 1 euro) Belasting soort Verwachte opbrengst 2021 OZB-eigenaar woningen 6.110.850 OZB-eigenaar niet-woning 2.166.750 OZB-gebruiker 1.315.620 RWBR 1.283 Forensenbelasting 155.000 Toeristenbelasting 690.000 Parkeerbelastingen 190.00 Baatbelasting 20.000 Reclamebelasting 79.000 Precariobelasting kabels 2.881.743 en leidingen Afvalstoffenheffing 5.156.151 Rioolheffing 5.021.685 Liggeld woonschepen en 3.400 bedrijfsvaartuigen Lig- en staangeld 6.000 pleziervaartuigen/campers Bruggelden 91.347 Leges 1.474.436 Lijkbezorgingsrechten 350.572 Totaal 25.713.837

Begroting 2022

Mutatie

6.196.850 2.197.100 1.334.120 1.303 165.000 690.000 190.000 0 80.100 0

86.000 30.350 18.500 20 10.000 0 0 -/- 20.000 1.100 -/- 2.881.743

5.345.893 5.021.685 3.445

189.742 0 45

6.000

0

91.347 1.474.436 350.572 23.147.851

0 0 0 -/- 2.565.986

Kostendekking afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges en rechten lijkbezorging De geraamde opbrengsten van de afvalstoffenheffing, rioolheffing, rechten lijkbezorging en leges mogen niet uitgaan boven de geraamde lasten ter zake. Dit betekent dat de tarieven van die heffingen maximaal kostendekkend mogen zijn. Een overzicht van de geraamde lasten en opbrengsten die als basis hebben te gelden voor het tarief van deze heffingen treft u hierna aan. Voor de leges hebben wij een verkort overzicht overgenomen. Voor een meer uitgebreid overzicht zij verwezen naar bijgaand ANG-model. Afvalstoffenheffing De tarieven voor het jaar 2022 stijgen met 3,68%. Overzicht kostendekking afvalstoffen

Taakveld

Begroting 2022

Exploitatielasten afvalstoffen

7.3 Afval

4.609.504

Straatreiniging

7.3 Afval

92.052

Heffings en inningskosten

0.64 Belastingen overig

11.878

Overhead

0.4 Overhead

674.957

Compensabele BTW

n.v.t.

581.454

Kwijtscheldingen

6.3 Inkomensregelingen

250.000

Kapitaallasten

7.3 Afval

207.026

LASTEN:

-63-

Overzicht kostendekking afvalstoffen

Taakveld

Totale lasten

Begroting 2022 6.426.871

BATEN: Afvalstoffenheffing

7.3 Afval

5.156.151

Overige baten

7.3 Afval

973.778

Dividend

0.5 Treasury

30.200

Onttrekking Voorziening huishoudelijk afval

7.3 Afval

77.000

Voorgestelde tariefstijging

7.3 Afval

189.742

Totale baten

6.426.871

Dekkingspercentage

100%

Rioolheffing Vooralsnog geven de te verwachten ontwikkeling van de lasten en opbrengsten voor 2022 geen aanleiding om de tarieven aan te passen. Noch een stijging, noch een daling. Daarin kan verandering komen op het moment dat het nieuwe Gemeentelijke Rioleringplan (naar verwachting) in de loop van dit najaar het licht ziet. Niet uitgesloten is, dat op basis van de resultaten van dat plan toch gewijzigde inzichten gaan ontstaan. Eventuele daarmee verband houdende aanpassingen van het tarief dienen dan wel uiterlijk in de raadsvergadering van december dit jaar te worden vastgesteld. In de loop van 2022 kunnen de tarieven voor dat jaar niet meer worden verhoogd. Overzicht kostendekking riolering

Taakveld

Begroting 2022

LASTEN: Exploitatielasten riolering

7.2 Riolering

1.666.178

Straatreiniging

7.2 Riolering

92.052

Heffings- en inningskosten

7.2 Riolering

11.878

Overhead

0.4 Overhead

485.414

Compensabele BTW

n.v.t.

476.090

Kwijtscheldingen

6.3 Inkomensregelingen

250.375

Kapitaallasten

7.2 Riolering

1.719.712

Dotatie aan Voorziening GRP

7.2 Riolering

256.102

Dotatie aan Voorziening Groot onderhoud Riolering

7.2 Riolering

85.000

Totale lasten

5.042.801

BATEN: Rioolheffing

7.2 Riolering

5.021.685

Overige baten

7.2 Riolering

21.116

Voorgestelde tariefstijging

7.2 Riolering

0

Totale baten Dekkingspercentage

5.042.801 100%

-64-

Lijkbezorgingsrechten Overzicht kostendekking riolering

Taakveld

Begroting 2022

LASTEN: Exploitatielasten begraafplaatsen

7.5 Begraafplaatsen

455.431

Overhead

0.4 Overhead

160.898

Kapitaallasten

7.5 Begraafplaatsen

44.102

Totale lasten

6.660.431

BATEN Begraaftarieven

7.5 Begraafplaatsen

350.572

Overige baten

7.5 Begraafplaatsen

96.672

Totale baten

447.244

Dekkingspercentage

68%

Leges

Titel 1 Algemene Dienstverlening Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning Totaal Titel 1 en 2 Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijnen Totaal Legesverordening

Begrote opbrengsten 2022 € 469.530 € 974.656

Toegerekende kosten € 573.731 € 1.614.925

Kostendekking

€ 1.444.186 € 30.250

€ 2.188.656 € 176.481

66% 17%

€ 1.474.436

€ 2.365.137

62%

82% 60%

Woonlastenontwikkeling een- en meerpersoonshuishoudens 2021 – 2022 Voor een beeld over de ontwikkeling van de woonlasten wordt onderscheid gemaakt tussen twee groepen, te weten de eigenaar-bewoners en de huurders. Voor beide groepen wordt dan weer een splitsing aangebracht tussen een- en meerpersoonshuishoudens. Voor beide groepen geldt dat de woonlasten in ieder geval een resultante zijn van tariefontwikkelingen van de afvalstoffen- en rioolheffing. Voor de eigenaar-bewoner wordt dat aangevuld met de tariefontwikkeling voor de onroerendezaakbelastingen woningen. Woonlasten eigenaar-bewoner Gemiddelde woonlasten eigenaarbewoner Onroerendezaakbelastingen eigenaar1) Afvalstoffenheffing Rioolheffing2)

Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden 2022 2022

Totaal

302,20 206,45 249,88 --------758,53

302,20 293,30 249,88 --------845,38

Gemiddelde woonlasten 2021 Toename lokale lastendruk 2022

752,36 1,00%

836,65 1,00%

Voor het jaar 2022 is voor de berekening van de woonlasten een gemiddelde WOZ-woningwaarde aangehouden van € 200.000 Een stijging van 7% ten opzichte van de woningwaarde voor het jaar 2021. 2) Rioolheffing voor meerpersoonshuishoudens gebaseerd op een waterverbruik van 135 m3 per jaar en voor éénpersoonshuishoudens op 46 m3 per jaar. 1)

-65-

Woonlasten huurder Gemiddelde woonlasten huurder

Eenpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden 2022 2022

Afvalstoffenheffing Rioolheffing Totaal

206,45 249,88 --------456,33

293,30 249,88 --------543,18

Gemiddelde woonlasten 2021 Toename lokale lastendruk 2022

449,04 1,60%

532,23 2,00%

Vergelijking woonlasten op basis van Atlas van de lokale belastingen Elk jaar publiceert het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo) een onafhankelijk onderzoeksinstituut verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, de zogenoemde Atlas van de lokale belastingen. Dat Atlas geeft jaarlijks een overzicht van de heffingen van gemeenten, provincies en waterschappen, waaraan wij voor het jaar 2021 de onderstaande tabellen hebben ontleend. In die tabellen worden de gemiddelde woonlasten voor de eigenaar-bewoner en de huurder weergegeven, en ook de provinciale en landelijke rangorde voor wat betreft de meerpersoonshuishoudens. In het verlengde daarvan hebben wij, zowel in relatieve als absolute zin, de afwijkingen ten opzichte van het Friese gemiddelde weergegeven. Let wel: het gaat hierbij om de cijfers 2021. De cijfers 2022 zijn uiteraard pas in de loop van volgend jaar beschikbaar. Woonlasten 2021 eigenaar – bewoner Gemeente

Noardeast-Fryslân Gemiddelde in Friesland Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde In procenten In euro’s

Eénpersoons Meerpersoons

752 685 Éénpersoons 110% 67

Rangorde Rangorde provinciaal landelijk meermeerpersoons persoons 836 141) 2052) 791

Meerpersoons 105% 45

De provinciale rangorde is in 2021 in vergelijk met 2020 ongewijzigd gebleven. Van de 18 gemeenten binnen de provincie staat Noardeast-Frylân nog altijd op plek 14. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Ameland) en nummer 18 de hoogste (Dantumadiel). Landelijk is de positie wel iets verbeterd. Daar is de gemeente gestegen van plek 235 naar 205. Wat verder opvalt is, dat de relatieve verschillen met het Friese gemiddelde steeds verder afnemen. Voor één persoonshuishoudens is die verhouding verbeterd met 6% ten opzichte van 2020 en voor meerspersoonshuishoudens met 2%. De gemeente groeit steeds meer naar dat gemiddelde toe. Woonlasten 2021 huurder Gemeente

Noardeast-Fryslân Gemiddelde in Friesland Verhouding t.o.v. Fries gemiddelde In procenten In euro’s

Eénpersoons Meerpersoons

449 333 Éénpersoons 134% 116

Rangorde Rangorde provinciaal landelijk meermeerpersoons persoons 532 15 301 442

Meerpersoons 120% 90

-66-

Ook voor de huurder met een meerpersoonshuishouden geldt, dat de provinciale positie in 2021 ten opzichte van 2020 ongewijzigd is gebleven. Nog altijd plek 15. Nummer 1 heeft de laagste woonlasten (Harlingen) en nummer 18 de hoogste (Waadhoeke). De landelijk positie is wel iets verbeterd. Daar is de gemeente in de rangorde van “goedkoopste” gemeenten gestegen van plek 320 naar plek 301. Ook hier constateren we, dat de relatieve verschillen ten opzichte van het Friese gemiddelde steeds kleiner worden. Voor éénpersoonshuishoudens daalt dat met 6% ten opzichte van 2020 en voor meerspersoonshuishoudens met 4%. Ook hier groeit de gemeente langzaam naar het Friese gemiddelde toe.

-67-

Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Aanleiding en achtergrond De Gemeente Noardeast-Fryslân vindt het van belang om risico's die van invloed zijn op de bedrijfsvoering beheersbaar te maken. Door inzicht in de risico's wordt de organisatie in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige investeringen in verhouding staan tot de vermogenspositie van de organisatie. Om inzicht in de risico’s van de gemeente te verkrijgen is er een risico-inventarisatie uitgevoerd. Hieronder wordt verslag gedaan van de resultaten van de risico-inventarisatie. Op basis van de geïnventariseerde risico’s is tevens het minimaal noodzakelijke weerstandsvermogen berekend.

Risicoprofiel Om de risico's van de gemeente in kaart te brengen is een risico-inventarisatie uitgevoerd in samenwerking met de betrokken medewerkers uit de organisatie. Hierbij is gebruik gemaakt van het softwareprogramma NARIS waarmee risico's systematisch in kaart kunnen worden gebracht en beoordeeld. Uit de inventarisatie zijn 62 risico's in beeld gebracht. In het onderstaande overzicht wordt de top 20 van deze risico’s gepresenteerd die de hoogste bijdrage leveren aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Deze top 20 risico’s bepalen gezamenlijk voor 76% het noodzakelijke weerstandsvermogen. Met deze risico inventarisatie hebben wij een eerste stap gezet in het beschrijven van risico’s. Het geeft meer inzicht in de aanwezige risico’s en stelt organisatie en bestuur in staat beter te sturen op de beheersing van risico’s en te bepalen welk weerstandsvermogen nodig is om financiële schade voortkomend uit risico’s te ondervangen. Wij zijn van plan de komende jaren het inzicht in risico’s en de sturing en beheersing van de risico’s verder te ontwikkelen. Onderstaand treft u een overzicht aan van de risico top-20 van de gemeente Noardeast-Fryslân. Tabel 1 : belangrijkste financiële risico’s Risico- Risico Gevolgen nummer R169 Groei van het aantal clienten Financieel en voorzieningen waardoor er Uitvoeringskosten WMO meer gebruik wordt gemaakt stijgen. van de WMO.

R267 CORONA - Sterkte instroom en Financieel - -, Imago - vertraagde uitstroom bijstandgerechtigden (BUIG) en bijzondere bijstand zelfstandigen (BBZ) R182 Er is minder uitstroom uit de Financieel - Kosten voor participatiewet dan de beoogde de uitvoering van de 10%. participatiewet dalen niet terwijl daar wel rekening mee wordt gehouden. R260 CORONA Financieel - Extra bijdrage Faillissement/surseance verbonden partijen, Imago verbonden partijen - Extra bijdrage verbonden partijen R162 Prijsstijging van uit te besteden Financieel - Toenemende werk. Vertraging in leveringen. kosten bij onderhoud, Prijsstijging inkoop vervanging en nieuwe bouwmateriaal. projecten. R227 Door de herijking van het Financieel - Herijking zal gemeentefonds zullen de waarschijnlijk tot een plattelandsgemeenten lagere Algemene Uitkering

Kans Financieel gevolg Invloed 70%

max.€ 500.000

8.95%

90%

max.€ 500.000

7.50%

70%

max.€ 525.000

6.01%

50%

max.€ 800.000

5.97%

70%

max.€ 500.000

5.73%

30%

max.€ 1.000.000

4.33%

-68-

Risico- Risico Gevolgen nummer waarschijnlijk minder geld van leiden. het rijk ontvangen. R262 CORONA - Taakstellende Financieel - -, Imago - bezuinigingen worden niet gehaald R261 CORONA - Minder inkomsten Financieel - Minder Faillissement/surseance/financi dividend, Imago - Minder ële tegenvallers bij dividend deelnemingen R155 De munitiestortplaats op de Financieel - In de Engelsmanplaat moet worden begroting is geen rekening gesaneerd en het Rijk houdt de gehouden met mogelijke gemeente daarvoor saneringskosten van verantwoordelijk. munitiestortplaats Engelsmanplaat. R32 Faillissement van MFC. Financieel - Garantstelling van €1,2 miljoen. Afboeken boekwaarde op maatschappelijk vastgoed en treffen alternatieve voorzieningen. R188 Indicaties voor jeugdzorg Financieel - Dit leidt tot worden niet conform contrac- hogere zorgkosten. tafspraken en administratieprotocol uitgevoerd door de zorgaanbieders. R107 Extreem hoog ziekteverzuim Financieel - Er moet meer van het gemeentelijke personeel van derden personeel worden ingehuurd R189 Oneigenlijk gebruik van Financieel - Gemeente gemeenschapsgeld door betaalt voor zorg die niet dubieuze zorgaanbieders volgens afspraak wordt (fraude) geleverd R214 Het budgethouderschap en de Financieel - Overschrijding sturing &amp; control op de van budgetten. bewaking van budgetten is niet optimaal.

R229 Het subsidiebureau voor de Financieel - Een versnellingsagenda maakt een bezwaarschift kan er toe (procedurele) inschattingsfout leiden dat de bij de beoordeling van een aangevraagde middelen ingediende subsidieaanvraag, toch moeten worden waardoor door de Regioboard toegekend.Het niet goed en het college van Noardeast- hanteren van de regels Fryslan een foutieve (bijv. voor steunverlening) subsidietoekenning plaatsvindt. kunnen ertoe leiden dat subsidie moet worden teruggevorderd. R106 Naheffing en/of boete van Financieel - Naheffing belastingdienst, UWV, ABP of en/of boete een andere instantie (belastingdienst) R62 Sud Ie: overschrijding budget Financieel programma R110 Beschikbaarheid van Financieel informatiesystemen R141 Grondexploitatie: kosten vallen Financieel - Lopende

Kans Financieel gevolg Invloed

50%

max.€ 500.000

4.08%

50%

max.€ 446.000

3.09%

3%

max.€ 5.000.000

2.92%

10%

max.€ 2.500.000

2.85%

75%

max.€ 220.000

2.69%

50%

max.€ 251.600

2.67%

30%

max.€ 525.000

2.58%

30%

max.€ 500.000

2.46%

30%

max.€ 500.000

2.44%

20%

max.€ 629.000

2.06%

30%

max.€ 400.000

1.97%

10%

max.€ 1.125.000

1.88%

25%

max.€ 274.000

1.77%

-69-

Risico- Risico nummer hoger uit dan begroot

R165

Gevolgen

Kans Financieel gevolg Invloed

grondexploitaties worden verliesgevend, dan wel minder winstgevend. Financieel - Tekorten moeten worden gedekt uit de algemene reserve van de verbonden partij of door bijdrages van de deelnemende gemeenten

Financiële tekorten bij verbonden partijen waarvoor geldt dat de gemeente mede risicodragend is (gemeenschappelijke regelingen)

10%

max.€ 685.000

1.57%

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie in Naris uitgevoerd. De risicosimulatie is toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag niet nodig is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden. De onderstaande grafiek en tabel 2 laten de resultaten van de risicosimulatie zien Tabel 2: Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentages Percentage 10% 20% 30% 40% 50% 60% 70% 80% 90%

Bedrag € 1.975.853 € 2.279.186 € 2.513.334 € 2.723.554 € 2.926.589 € 3.146.502 € 3.395.978 € 3.707.721 € 4.209.145

Uit de grafiek en de bijbehorende tabel volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van afgerond € 4.209.000 (benodigde weerstandscapaciteit).

Beschikbare weerstandscapaciteit De beschikbare weerstandscapaciteit van Gemeente Noardeast-Fryslan per 1 januari 2022 bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. In het geval van de gemeente Noardeast-Fryslân is dat de Algemene reserve (vrij besteedbaar), de reserve ter dekking van de risico’s en structureel de post onvoorzien. In de reserve ter dekking van de risico’s zit op dit moment een bedrag van € 5.616.000, er zit dus een overdekking in van circa € 1,4mln. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door het kleiner geworden risico aangaande de herijking van het gemeentefonds en de kleiner geworden risico’s in het kapitaalgoederenbeheer omdat hier nu structureel extra middelen voor zijn opgenomen. Bij de jaarrekening worden de risico’s opnieuw beoordeeld en valt zonodig een deel van de reserve ter dekking van risico’s vrij ten gunste van de Algemene reserve. Weerstand Algemene reserve Algemene reserve ter dekking van risico’s Post onvoorzien Totale weerstandscapaciteit

Startcapaciteit 16.453.000 5.616.000 96.000 € 22.165.000

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.

-70-

Risico's:

Weerstandscapaciteit :

Automatisering Financieel Informatievoorziening Juridisch Kwaliteit Materieel Milieu Organisatie Personeel Veiligheid

Algemene reserve

Weerstandvermogen De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit

=

€ 22.165.000 € 4.209.000

= 5,27

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio. Waarderingscijfer A B C D E F

Ratio >2.0 1.4-2.0 1.0-1.4 0.8-1.0 0.6-0.8 <0.6

Betekenis uitstekend ruim voldoende voldoende matig onvoldoende ruim onvoldoende

Het weerstandsvermogen valt in klasse A. Dit duidt op een uitstekend weerstandsvermogen. Echter, het weerstandsvermogen alleen zegt niet zoveel over de financiële positie van de gemeente. Om een beter beeld te krijgen van de financiële positie moeten verschillende kengetallen, opgenomen onder het kopje ‘Kengetallen’ in samenhang beoordeeld worden. Alleengezamelijk en in hun onderlinge verhouding geeft dit een goed beeld van de actuele financiële positie.

Kengetallen Kengetallen zijn getallen die de verhouding uitdrukken tussen bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen helpen bij de beoordeling van de financiële positie van gemeenten. Om dit te bereiken is de BBV op dit onderdeel aangepast en wordt deze paragraaf uitgebreid met de volgende kengetallen voor : -

Netto schuldquote; Solvabiliteitsratio; Grondexploitatie; Structurele exploitatieruimte; Belastingcapaciteit.

Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel (financiële) ruimte de gemeente beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen. Ze geven zodoende inzicht in de financiële weerbaar- en wendbaarheid van de gemeente. Per kengetal worden drie momenten vergeleken, namelijk:

-71-

Netto schuldquote / Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Hoe hoger de schuld hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote laat de verhouding zien tussen de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen van de gemeente en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- en exclusief doorgeleende gelden weergegeven.

Netto schuldquote (excl. doorgeleende gelden) Netto schuldquote

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 27% 45% 47% 48% 49% 47% 29%

47%

43%

44%

45%

43%

De schuldquote blijft over de jaren heen redelijk constant, wat betekent dat we voor het uitvoeren van de begroting geen extra leningen hoeven aan te trekken. Dit is mede te verklaren door de ontvangen middelen door de verkoop van de Eneco aandelen. De signaalwaarde voor de netto schuldquote bedraagt 130%. Bij deze signaalwaarde is sprake van een relatief hoge schuldendruk. Voor Noardeast-Fryslân kan dus vastgesteld worden dat er geen sprake is van een hoge schuldendruk. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio (= Eigen Vermogen / Totaal Vermogen) geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe weerbaarder de gemeente is. Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 Solvabiliteit 25% 21% 23% 23% 22% 22% Harde normen voor de waarde die de solvabiliteit zou moeten hebben, zijn er niet. De signaalwaarde voor de solvabiliteit bedraagt 5%, bij een lagere uitkomst heeft de gemeente een hoge schuldbelasting van het bezit. De Solvabiliteit van een gemeente is relatief laag doordat veel van de activa van de gemeente niet verhandelbaar is. Een solvabiliteit van rond de 20% is voor een gemeente goed te noemen. Door de verkoop van de Eneco aandelen komen we boven de 20% uit.

Om dit niveau vast te houden kan de Algemene reserve slechts beperkt aangewend worden, de raad heeft echter geen minimum niveau voor wat betreft de Solvabiliteit vastgesteld. Grondexploitatie Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten uit de exploitatie. Omwille van de vergelijkbaarheid van jaar op jaar is voor alle jaren uitgegaan van grond waarden exclusief niet in exploitatie genomen gronden (zoals vanaf de jaarrekening 2016 voorgeschreven door het BBV).

Grondexploitatie

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 1% -2% -2% 0% 0% 0%

Het kengetal is negatief, doordat er al opbrengsten zijn gerealiseerd waar nog kosten voor gemaakt gaan worden. Het lage percentage (meerjarig 0%) geeft aan dat de grondposities van de gemeente zeer beperkt zijn. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar het saldo van de structurele baten en structurele lasten en dit saldo wordt afgezet tegen de totale baten.

Structurele exploitatieruimte

Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 1% 2% 0% 0% 1% 1%

De structurele exploitatieruimte ligt dicht bij de 0% omdat het begrotingssaldo ook rond de nul euro ligt.

-72-

Belastingcapaciteit: woonlasten meerpersoonshuishouden De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de woonlasten Het Coelo publiceert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Onder de woonlasten worden verstaan de OZB en de rioolheffing en reinigingsheffing voor een woning met gemiddelde WOZ-waarde in die gemeente. De belastingcapaciteit van gemeenten wordt daarom berekend door de totale lasten woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar “t” te vergelijken met het landelijke gemiddelde in jaar “t-1” in en uit te drukken in een percentage. Rekening Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2020 2021 2022 2023 2024 2025 106% 109% 104% 104% 104% 104%

Belastingcapaciteit

Het betekent dat de gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden in Noardeast-Fryslân boven het landelijk gemiddelde ligt (€ 845,- in Noardeast-Fryslân tegenover € 811,- landelijk gemiddeld). Daarbij opgemerkt dat we niet weten welke stijging andere gemeenten in 2022 gaan toepassen. Mogelijk is deze hoger dan de stijging die Noardeast-Fryslân in 2022 doorvoert, het gevolg zou zijn dat de belastingcapaciteit daalt. In de paragraaf Lokale heffingen wordt nader ingegaan op de gemiddelde woonlasten, ook in relatie tot het Nederlandse en Friese gemiddelde. Benchmark BDO In de benchmark van BDO, waar gemeenten gescoord worden op een vijftal financieel relevante indicatoren, staat Noardeast-Fryslân over 2019 (meest recente informatie) met een rapportcijfer 6 op plek 123 van de 140 gemeenten in de klasse 25.000-50.000 inwoners. In onderstaande tabellen wordt een vergelijking gemaakt tussen de rekening 2019, de begroting 2020 en de rekening 2020. Het hogere cijfer wordt voornamelijk veroorzaakt door de stijging van de Solvabiliteit, wat voornamelijk komt door de verkoop van de aandelen Eneco. Solvabiliteit

Netto schuld quote

Grond exploitatie

Struct. Expl. Ruimte

Rekening 2019

16%

53%

2%

-6%

Belasting capaciteit 108%

Begroting 2020

14%

66%

0%

-2%

109%

Rekening 2020

25%

27%

1%

1%

109%

Begroting 2021

21%

47%

-2%

2%

109%

Begroting 2022

23%

43%

-2%

0%

104%

33,8%

48,2%

12%

-0,1%

105,3%

Totaal cijfer 62

Kengetallen

Gemiddelden gemeenten klasse 25.000-50.000 inwoners Rapport cijfer op basis BDO

Solvabiliteit

Netto schuld quote

Grond exploitatie

Struct. expl. ruimte

Rekening 2019

13

30

15

3

Belasting capaciteit 1

Begroting 2020

13

30

15

3

1

62

Rekening 2020

27

30

15

10

1

83

Begroting 2021

27

30

15

10

1

83

Begroting 2022

27

30

15

6

3

81

Op basis van het cijfer 8,1 zou Noardeast-Fryslân stijgen naar plek 107 van de ranglijst, al is het natuurlijk niet te zeggen hoe de andere gemeenten presteren bij de begroting 2022.

-73-

Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente Noardeast-Fryslân heeft 12.358.360 m2 openbare ruimte in beheer. Er vinden veel activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Voor deze activiteiten zijn veel gemeentelijke kapitaalgoederen nodig, zoals wegen, riolering, kunstwerken, (zoals bruggen, tunnels en kademuren) groen, verlichting en gebouwen. In deze paragraaf wordt ingegaan op de manier waarop Noardeast-Fryslân omgaat met het onderhoud van deze kapitaalgoederen. Onderhoud van kapitaalgoederen beslaat een substantieel deel van de begroting en een integraal overzicht is belangrijk voor een goed inzicht in de financiële positie van de gemeente. De gemeente Noardeast-Fryslân heeft ruwweg de volgende arealen in onderhoud: Gebouwen Groen Bomen Speeltoestellen Verharding Kunstwerken 65 stuks 7.200.000 m2 38.400 st 600 st 4.908.000 m2 750 st

Lichtmasten 8.100 st

Stand van zaken onderhoudsplannen kapitaalgoederen In juni 2021 heeft de raad de nota kapitaalgoederen vastgesteld. In de nota kapitaalgoederen staat het beleidskader beschreven voor het onderhouden van de kapitaalgoederen inclusief de financiële consequenties. Tevens zijn de vervangingsinvesteringen in beeld gebracht en zijn er voorzieningen ingesteld voor het groot onderhoud. De financiële consequenties worden verwerkt in de begroting van 2022. In de tabel hieronder een weergave van de stand van zaken aangaande de beleid / beheerplannen. Onderdeel

Beheers en onderhoudsplan aanwezig

Wegen Onkruidbestrijding Openbare verlichting Kunstwerken Gebouwen Waterwegen

Ja Ja Ja Ja Ja Ja

Datum vaststelling beheerplan gemeenteraad Juni 2021 Juni 2021 Juni 2021 Juni 2021 Juni 2021 Juni 2021

Beheersplan actueel?

Toelichting

Ja Ja Ja Ja Ja Ja

Nota kapitaalgoederen Nota kapitaalgoederen Nota kapitaalgoederen Nota kapitaalgoederen Nota kapitaalgoederen Nota kapitaalgoederen

De raad heeft bij het vaststellen van de Nota kapitaalgoederen, middels een amendement, besloten het onderhoudsniveau voor de wegen en voor het groen vast te stellen op het niveau Basis, voor de gebouwen conditiescore 4, voor de kunstwerken, straatverlichting en baggeren een instandhoudingsniveau te hanteren met als toelichting; Het voorgestelde onderhoudsniveau van bovengenoemde onderdelen minimaal op het huidige niveau instant te houden. Dit om kapitaalvernietiging tegen te gaan. Gedurende de volgende 4-5 jaar toewerken naar een basis-onderhoudsniveau om stapsgewijs het onderhoudsniveau laag te vervangen. Hiervoor middelen te reserveren die elders binnen de gemeentelijke financiën vrijkomen. In de begroting 2022 zijn de financiële consequenties opgenomen voor onderhoudsniveau Basis voor wegen en voor onderhoudsniveau Laag voor Groen, voor de gebouwen het onderhoudsniveau conditiescore 4 en voor de kunstwerken en waterwegen een instandhoudingsniveau. In 2022 zal onderzocht worden waar nog bezuinigd kan worden door bijvoorbeeld (groen)areaal om te vormen of af te stoten. Deze bezuiniging kan op andere plaatsen gebruikt worden om een hoger onderhoudsniveau te realiseren zodat bij het groen toegewerkt kan worden naar onderhoudsniveau Basis.

Dit wordt op de volgende wijze aangepakt: per dorp / wijk de mogelijkheden in beeld te brengen waar bezuinigd kan worden door bijvoorbeeld omvorming. Bij het in beeld brengen van de mogelijkheden zal er ook gekeken worden naar mogelijkheden om de biodiversiteit te vergroten. De besparing die ontstaat te gebruiken om op andere plaatsen de onderhoudskwaliteit te verhogen. De voorstellen zullen besproken worden met de dorpen / wijken.

-74-

Verhardingen Beleidskader verhardingen De wegen worden op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is het onderhoudsniveau Basis. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn met het in het stand van het kapitaalgoed. Er is extra budget voor onkruidbestrijding meegenomen zodat de onkruidbestrijding op het niveau Basis is te onderhouden De financiële voordelen van koppelkansen met riolering (werk met werk maken) zijn niet meegenomen. Tevens zijn de volgende kosten meegenomen in het plan: • • •

“opfrissen” van wegmarkering onderhoud en vervanging van ANWB bewegwijzering de kosten voor de wegeninspecties

Onderhoud verhardingen Een maal per 2 jaar wordt er een visuele weginspectie uitgevoerd ten behoeve van het vaststellen van het groot onderhoud. De inspectiegegevens worden ingebracht in een geautomatiseerde wegbeheersysteem. De onderhoudsstrategieën voor de wegverhardingen zijn gestoeld op de landelijk toegepaste methodiek (gedragsmodellen) van het CROW (kenniscentrum voor verkeer, vervoer en infrastructuur). Binnen de uitvoering van het onderhoud is een tweedeling aangebracht tussen groot en klein onderhoud. Klein onderhoud wordt uitgevoerd door team Utfiering en groot onderhoud wordt uitbesteed aan aannemers. Het klein onderhoud aan verharding betreft het herstel van elementenverhardingen. Dit klein onderhoud wordt uitgevoerd naar aanleiding van eigen constatering, na meldingen van burgers / bedrijven of na opmerkingen die worden gemaakt tijdens het schouwen van de openbare ruimten. Het groot onderhoud is via onderhoudsbestekken door aannemers uitgevoerd onder regie van team Behear. Onkruidbestrijding op verhardingen De onkruidbestrijding op verharding binnen de bebouwde kom is uitbesteed aan een aannemer. Team Utfiering geeft uitvoering aan de onkruidbestrijding op verhardingen buiten de bebouwde kom, rondom gemeentehuizen en werven en op begraafplaatsen.

Openbare verlichting Beleidskader openbare verlichting De Openbare verlichting wordt op het onderhoudsniveau onderhouden zoals vastgesteld in de nota kapitaalgoederen. Dit is een instandhoudingsniveau waarbij geen kapitaalvernietiging plaats vindt. Tevens zijn de investeringen voor de komende jaren in beeld gebracht die onlosmakelijk verbonden zijn met het in het stand van het kapitaalgoed. De besparing op energie en onderhoud door “verledden” is meegenomen. De kosten voor periodieke reiniging van armatuur is meegenomen. Kosten voor het reinigen van masten is niet meegenomen. Het planmatig vervangen van armaturen door LED armaturen leidt tot een besparing op onderhoud en energie. Bij LED armaturen hoeven periodiek geen lampen vervangen te worden en is er ook geen uitval van lampen meer. LED armaturen hebben een lager vermogen dan conventionele armaturen, waardoor er minder energie verbruikt wordt. Dit sluit ook aan op duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente, zonder dat dit een extra investering vraagt. Onderhoud Openbare verlichting Inspectie of schouw van de openbare verlichting vindt niet (meer) plaats. Storingen worden opgelost op basis van meldingen (piepsysteem). De vervangingen van masten en armaturen geschiedt op basis van leeftijd. Met de nota kapitaalgoederen is de vervangingsbehoefte in beeld gebracht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=noardeastfryslan&id=93b75b55-9381-45d5-8023-0e54eb94aaa4