CConstaterende datNoardeast-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Jaarstukken 2023 Dokwurk

It Beslút 20 juni 2024, gemeente Noardeast-FryslânBij agendapunt: Jaarrekening 2023 en begroting 2024 Dokwurk17.159 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Vanwege de huidige energiecrisis en hiermee gepaard gaande forse inflatie neemt het risicoprofiel van opdrachtgevers in algemene zin toe. Dokwurk is zich hiervan bewust en zal hier zo goed mogelijk op blijven monitoren en anticiperen.

27

Algemene reserve Het Algemeen Bestuur heeft in 2016 een strategische notitie vastgesteld inzake een verantwoorde en gewenste algemene reserve bij Dokwurk. De gewenste algemene reserve is hierbij gebaseerd op een solvabiliteit van tenminste 30%. Per eind 2023 heeft Dokwurk een algemene reserve van 3,6 miljoen euro hetgeen overeenkomt met een solvabiliteit van 15,1%. Inclusief bestemmingsreserves is de solvabiliteit 44,1%, zie ook Treasuryparagraaf. Bestemmingsreserves Per 31-12-2023 heeft Dokwurk vijf bestemmingsreserves gevormd voor een totaal van € 6.840.000,als volgt:

1 Reserve t.b.v. organisatiewijzigingen en modernisering 2 Reserve hogere kapitaallasten (kostenstijging nieuwbouw) 3 Reserve verlofsaldi Wsw personeel 4 Reserve uitbreiding en goedkoper maken 80-banenplan 5 Reserve nieuwbouw (uitbreiding) Hendoweg 6 Reserve duurzaamheid Totaal bestemmingsreserves

473.000 1.814.000 400.000 1.055.000 2.920.000 179.000 6.840.000

1. De reserve ten behoeve van organisatiewijzigingen en modernisering is bedoeld voor onvoorziene transitiekosten annex met de invoering van de Participatiewet en afbouw van de Wsw. 2. De reserve hogere kapitaallasten (kostenstijging nieuwbouw) is gevormd vanuit positieve resultaten uit voorgaande boekjaren en zal worden ingezet als egalisatiereserve om de hogere exploitatielasten als gevolg van nieuwbouw voor de komende 10 jaar op te vangen. 3. De reserve verlofsaldi Wsw personeel is bedoeld om de verplichting (schuld) op verlofsaldi van personeel te dekken. 4. De reserve uitbreiding en goedkoper maken 80-banenplan is gevormd vanuit positieve resultaten uit voorgaand boekjaren en is bedoeld om startbanen voor mensen uit de bijstand financieel mogelijk te maken. 5. De reserve nieuwbouw (uitbreiding) Hendoweg is gevormd vanuit het positieve resultaat 2023 en zal worden ingezet als egalisatiereserve om de exploitatielasten als gevolg van deze uitbreidingsnieuwbouw over 40 jaar (grotendeels) af te dekken. 6. De reserve duurzaamheid is gevormd uit het positieve resultaat 2022 en is bedoeld voor (verdere) verduurzaming van de bestaande huisvesting.

28

Onderhoud kapitaalgoederen 1. Hendoweg 26, Dokkum Per augustus 2021 is het nieuwe pand van Dokwurk aan de Hendoweg 26 te Dokkum in gebruik genomen. Dokwurk heeft hiermee een nieuwe en duurzame werkomgeving gecreëerd waarmee ze haar ambities als maatschappelijke organisatie in de regio Noordoost Friesland verder kan vormgeven. In 2022 is in samenspraak met de bouwkundig aannemer en de installateur een meerjarenonderhoudsplan voor het nieuwe pand uitgewerkt met als doel het pand in een goede en verzorgde conditie te houden. Per eind 2023 verkeert het pand in een uitstekende staat van onderhoud. De onderhoudsvoorziening in relatie tot dit pand is per eind 2023 in overeenstemming met het meerjarenonderhoudsplan. 2. Rijdstraat 2, Kollum Het pand aan de Rijdstraat 2 te Kollum heeft in 2023 een nieuwe bestemming gekregen. Het pand vormt de thuisbasis voor de afdeling gemeentewerken Kollum. Tevens heeft Dokwurk op deze locatie een samenwerking met Raderwerk met activiteiten annex met circulariteit. Ingaande 2024 zullen ook de gebiedsteams van gemeente Noardeast-Fryslân het kantorengedeelte op deze locatie in gebruik gaan nemen. Op deze wijze borgt Dokwurk haar werkplekken in Kollum en ontstaat er een efficiënte en economisch verantwoorde bezetting in relatie tot openbaar vastgoed op deze locatie.

Het pand is in 2022 gemoderniseerd waarbij de gehele buitenschil van het pand is aangepast aan de huidige bouwnormen. In 2023 is het kantorengedeelte gemoderniseerd. In 2024 zullen de gebouweninstallaties voor het kantorendeel nog worden vervangen. Met deze verbouwingen is het pand bouwkundig in een goede staat van onderhoud gebracht. In 2024 zal een nulmeting worden uitgevoerd om te komen tot een nieuw meerjarenonderhoudsplan voor deze locatie. De onderhoudsvoorziening in relatie tot dit pand is per eind 2023 in overeenstemming met het meerjarenonderhoudsplan. 3. Holwerderweg 21, Dokkum Het pand aan de Holwerderweg 21 in Dokkum bevindt zich eind 2023 in een zeer matige en deels slechte staat van onderhoud. Het pand zit grotendeels aan het einde van de levenscyclus en kan, althans grotendeels, worden beschouwd als een her-ontwikkellocatie. Het pand was in 2023 gedeeltelijk verhuurd aan diverse partijen en daarnaast is het pand ingezet voor werkzaamheden ten behoeve van Dokwurk (o.a. groen, petfood productie en food project). Gemeente Noardeast-Fryslân en Dokwurk zijn in gesprek om op deze locatie een Startwerkplaats vorm te geven. Beoogd wordt het idee van een Startwerkplaats aan te jagen via een nieuwe werklocatie voor de afdeling gemeentewerken Noardeast-Fryslân met daaraan verbonden de Groenacademy van Dokwurk.

De ambitie is om dit verder uit te bouwen tot een circulair ambachtscentrum met daarbij een aantal nader vorm te geven leerlijnen en ateliers. Dokwurk heeft het pand vanuit dit perspectief te koop aangeboden aan gemeente Noardeast-Fryslân en we verwachten in 2024 nadere besluitvorming hieromtrent. De projectleiding op dit vlak is belegd bij de gemeente NE-F. De onderhoudsvoorziening in relatie tot dit pand is per eind 2023 vanwege de voorgenomen verkoop op nihil gesteld.

29

3.2 Financiering (Treasury) Algemeen Onder Treasury wordt verstaan het besturen en beheersen van de financiële vermogenswaarden, de financiële geldstromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s. Deze Treasury paragraaf is opgenomen in het kader van de wet Fido (Wet financiering decentrale overheden). Dokwurk heeft de wet Fido verankerd in een Treasurystatuut en geïntegreerd in het financieel beleid. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet heeft betrekking op het kunnen aantrekken van kort geld (rente typische looptijd korter dan 1 jaar). De kasgeldlimiet is, volgens de wet Fido, vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal (dat wil zeggen 8,5% van de lasten in de begroting). Na het vaststellen van de begroting blijft de kasgeldlimiet ongewijzigd. Op basis van de goedgekeurde programmabegroting 2023 is voor Dokwurk de volgende kasgeldlimiet van toepassing: Kasgeldlimiet (x € 1.000,-): 2023 24.638 814 25.452 2.163

Begrote lasten (excl. grondstoffen) Begroot grondstoffen / uitbesteed werk Tot. begrotingsbedrag (= lasten in exploitatie) Percentage 8,5%

In 2023 is Dokwurk steeds (ruim) onder de kasgeldlimiet gebleven (zie onderstaande tabel). Over het gehele boekjaar was er geen sprake van een gemiddelde netto vlottende schuld. Kasgeld (x € 1.000,-):

1e kwartaal 2023 -7.540 2.163 9.703

Gemiddelde netto vlottende schuld Kasgeldlimiet (= vast over het jaar) Ruimte onder de kasgeldlimiet

2e kwartaal 2023 -8.424 2.163 10.587

3e kwartaal 2023 -8.525 2.163 10.688

4e kwartaal 2023 -10.313 2.163 12.476

Renterisiconorm Het renterisico is in het kader van de wet Fido omschreven als de mate waarin het saldo van de rentelasten van een openbaar lichaam verandert door wijzigingen in het rentepercentage op leningen en uitzettingen met een rente typische looptijd van een jaar of langer. Het renterisico dient te voldoen aan de renterisiconorm. De renterisiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen als totaal niet meer dan 20% van het begrotingstotaal mogen bedragen (begrotingstotaal = totaal van lasten in de begroting). Het doel van de renterisiconorm is het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Dokwurk is in 2023 ruim onder de renterisiconorm gebleven (zie onderstaande tabel) en verwacht de komende jaren geen nieuwe leningen te hoeven afsluiten.

30

Renterisiconorm (x € 1.000,-): 2023 1. Renteherzieningen

0

2. Aflossingen

500

3. Renterisico (1 + 2)

500

4. Renterisiconorm

5.090

5a. Ruimte onder renterisiconorm (4 > 3) 5b. Overschrijding renterisiconorm (3 > 4)

4.590 n.v.t.

Berekening renterisiconorm: 4a. Begrotingstotaal 4b. Percentage 4. (= 4a x 4b) Renterisiconorm

25.452 20% 5.090

Rentevisie Dokwurk heeft ultimo 2023 een tweetal langlopende leningen ter financiering van de nieuwe huisvesting. De rentepercentages zijn vast voor de looptijd en zijn respectievelijk 0,59% en 0,79%. De rentelasten voor de komende jaren op grond van de langlopende leningen zijn daarom bekend. Het lenen van kort geld geschiedt binnen de kasgeldlimiet. Dokwurk loopt hier een (gering) renterisico welke in de begroting is afgedekt. Liquiditeitsrisico In 2023 heeft Dokwurk, mede door het positieve resultaat, steeds over voldoende liquide middelen kunnen beschikken. Dit is, met in acht neming van de rente- en aflossingsverplichtingen annex met de nieuwe huisvesting, ook de verwachting voor de komende jaren. In algemene zin geldt dat de liquiditeitspositie steeds een aandachtspunt blijft voor Dokwurk vanwege het begrotingstekort voor gemeentelijke bijdrage en de relatieve grote geldstroom annex met de rijksbijdrage Wsw. Om in de bedrijfsvoering te kunnen blijven beschikken over voldoende liquide middelen is het nodig dat de deelnemende gemeenten de voorschotnota’s in relatie tot het begrotingstekort en rijksbijdragen in het kader van de Participatiewet steeds tijdig blijven voldoen hetgeen in de huidige samenwerking overigens keurig is gewaarborgd. Debiteurenrisico Het debiteurenrisico binnen Dokwurk kan per eind 2023 als “normaal” worden beschouwd.

Posten met een verhoogd risico zijn als zodanig beoordeeld en via de debiteurenvoorziening voorzien. De debiteurenbewaking verloopt via een vaste procedure. Het debiteurenrisico wordt in de jaarrekening zichtbaar gemaakt en afgedekt via de voorziening dubieuze debiteuren. Opgemerkt wordt dat de bedrijfsvoering bij Industrie en Groepsdetacheringen afhankelijk is van enkele grote opdrachtgevers. Deze klanten hebben een kredietlimiet en betalingstermijn passend bij de (hogere) omzet. Dit geeft een hoger debiteurenrisico, maar is passend bij de activiteiten.

31

Koers- en valutarisico’s Niet van toepassing, omdat alle transacties zijn afgewikkeld in euro’s. Schatkistbankieren Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen aan te houden in ’s Rijks schatkist. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is er een drempelbedrag (afhankelijk van het begrotingstotaal) dat buiten de schatkist mag worden aangehouden. Per 1 juli 2021 is het drempelbedrag verruimd en vastgesteld op minimaal € 1.000.000,-. De benutting van het drempelbedrag mag worden berekend als gemiddelde over alle dagen in een kwartaal. In onderstaande tabel is per kwartaal zichtbaar hoeveel middelen Dokwurk gemiddeld in 2023 buiten ’s Rijksschatkist heeft aangehouden, waarbij negatieve bedragen als nihil worden weergegeven. Liquide middelen per kwartaal, in hele euro's Gemiddeld aangehouden middelen

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

501.845

590.635

778.394

554.892

Uit bovenstaande tabel blijkt dat Dokwurk het drempelbedrag in 2023 niet heeft overschreden. Kengetallen In onderstaande tabel zijn de voor Dokwurk van toepassing zijnde kengetallen (kader BBV) opgenomen: Boekjaar 2023 Kengetallen: Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

2022 15,2% 15,2% 38,4% -4,7%

2023B 21,8% 21,8% 34,9% -6,3%

2023 4,7% 4,7% 44,1% -3,3%

Geconcludeerd kan worden dat de structurele exploitatieruimte per ultimo 2023 ten opzichte van 2022 licht is verbeterd van -4,7% naar -3,3%. Dit wordt met name veroorzaakt door een hogere rijksbudget voor re-integratie werkzaamheden. Het effect van deze budgetverhoging wordt enigszins gedempt vanwege stijgende loonkosten voor ambtelijk personeel. Vanwege de uitstroom uit de (oude) doelgroep Wsw dient de vervangingsvraag voor staf- en kaderpersoneel in toenemende mate vanuit de reguliere arbeidsmarkt te worden aangetrokken. De solvabiliteit van Dokwurk zit per ultimo 2023 op 44,1%. Dit betreft de solvabiliteit inclusief de gevormde bestemmingsreserves. Zonder bestemmingsreserves is de solvabiliteit 15,1%.

32

3.3 Verbonden Partijen Dokwurk is georganiseerd in de gemeenschappelijke regeling Werk-/leerbedrijf NoardEast Fryslân (NEF). Annex hieraan kent Dokwurk een hulpstructuur via NEF Holding B.V. De Gemeenschappelijke Regeling is enig aandeelhouder van NEF Holding B.V. Het doel van NEF Holding B.V. is in een ander, beter passend, risicoprofiel allianties aan te gaan met het bedrijfsleven ter bevordering van de werkgelegenheid voor de doelgroepen van Dokwurk en tevens om passende instrumenten in te regelen ten behoeve van de bedrijfsvoering van Dokwurk. NEF Holding BV participeert per 31 december 2023 in een tweetal B.V. ’s, te weten:  100% aandeelhouder in NEF Askare B.V.;  49% aandeelhouder in Visser Houtbewerking Dokkum B.V. Eventuele risico’s in relatie tot deze verbonden partijen worden opgenomen in de risicoparagraaf van het jaarverslag van Dokwurk. In 2023 zijn geen bijzonderheden te melden en zijn daarom ook geen risico’s opgenomen.

3.4 Bedrijfsvoering Dokwurk is een maatschappelijk bedrijf van en voor de regio Noordoost Friesland. De missie van Dokwurk is gericht op ondersteuning en begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt op bij voorkeur een externe (zo regulier mogelijke) werkplek. Naast de Wsw en beschut werken in het kader van de Participatiewet verzorgt Dokwurk ook activering en re-integratie, dagbesteding en diverse taken met betrekking tot de nieuwe wet Inburgering voor de gemeenten Noardeast-Fryslân, Dantumadiel en Schiermonnikoog. De infrastructuur van Dokwurk leent zich bij uitstek voor de ontwikkeling van mensen vanuit de Wsw en de doelgroepen onder de Participatiewet. Binnen het ontwikkelbedrijf kunnen mensen vanuit de diverse doelgroepen werkervaring opdoen, werkritme behouden en “ontwikkelen en leren” in relatie tot diverse werksoorten, zodat hun kansen binnen de samenleving toenemen. Het beleid en de bedrijfsvoering van Dokwurk is afgestemd op bovenstaande missie, het zoeken en inzetten van de talenten van mensen. Investerings- en beleidsbeslissingen worden voortdurend getoetst aan de missie.

33

Rechtmatigheid Als gevolg van de invoering van de Wet versterking decentrale rekenkamers per 1-1-2023, is de uitvoering van de rechtmatigheidscontrole ingaande 2023 belegd bij het Dagelijks Bestuur. Het Dagelijks Bestuur informeert het Algemeen Bestuur jaarlijks via de jaarrapportage over haar bevindingen en verbeterpunten op het vlak van rechtmatigheid. De accountant toetst de bevindingen op basis van getrouwheid. In onderstaande tabel zijn de bevindingen op hoofdlijnen vanuit boekjaar 2023 weergegeven. Vanuit de bevindingen zijn in boekjaar 2023 geen afwijkingen geconstateerd boven de verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 767.400). Nr. Bevindingen

Onderdeel

Controlemethode

Incidenteel/ Structureel

1.

Wijzigingen in caseloads niet tijdig doorgevoerd.

Personeel

Aanwezigheidscontrole

Incidenteel

2.

Onjuiste WKR-kostendrager meegegeven aan boeking.

Personeel

WKR

Incidenteel

3.

Verlofsaldi niet op 0,00 bij uit dienst.

Personeel

Datavalidatie

4.

Prestatielevering van een inkoopverplichting zonder inkooporder kan niet aangetoond worden.

Factuurafhandeling Steekproef factuurafhandeling

5.

Er wordt niet altijd een inkooporder aangemaakt bij het aangaan van een inkoopverplichting.

Factuurafhandeling Steekproef factuurafhandeling

Incidenteel

6.

Gefactureerd met een verkeerd tarief.

Volledigheid baten Volledigheid detacheringsopbrengsten

Incidenteel

7.

Er is geen urenrondrekening voor het vaststellen van de volledigheid detacheringsopbrengsten.

Volledigheid baten Volledigheid detacheringsopbrengsten

Structureel

8.

Het is lastig voor de lijncontrole om offertes Industrie bij een verkooporder/-factuur te zoeken.

Volledigheid baten Verkooporders

Structureel

9.

Transport dient aanbesteed te worden.

Aanbesteding

Structureel

Nr. Verbeteractie

1.

Gebruik maken van mutatie workflows in Compas Cloud dwingt tijdig muteren af.

2.

Kennis van de WKR up to date houden.

3.

Structureel beleid maken op hoe om te gaan met verlofuren en uit dienst.

4.

Implementatie Elvy Inkoopmanagement, hier wordt de prestatielevering geborgt.

5.

Het aanleggen van een verplichtingenadministratie met de invoer van Elvy Inkoopmanagement.

6.

Tijdig geconstateerd en in overleg met de inlener opgelost.

7.

Periodiek maken van een urenrondrekening.

8.

Standaardiseren van calculaties en betere borging in nieuwe CRM-module Compas Cloud.

9.

Aanbestedingstraject voor transport opstarten.

34

Aanbesteding

Incidenteel Structureel

3.5 Openbaarheidsparagraaf Per 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) ingevoerd. De Woo is de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) en regelt het recht van burgers op informatie van de overheid. De Woo is ook van toepassing op de Dokwurk en is daarom opgenomen in het normenkader van Dokwurk. Om invulling te geven aan deze wet publiceert Dokwurk de Jaarrekening, de Programmabegroting en de notulen van het Dagelijks en Algemeen bestuur vanaf 1-7-2023 via haar website. Alle overige managementinformatie, waaronder maand- en kwartaalrapportages, zijn te kwalificeren als “concurrentiegevoelige” informatie en worden daarom niet gepubliceerd.

35

Jaarrekening NEF 2023

Opgemaakt d.d. 17-04-2024

36

37

38

39

40

41

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s, die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De jaarrekening is opgesteld op basis van de veronderstelling van continuïteit. Bestuur en directie van Dokwurk hebben op basis van de uitkomsten van 2023, de vermogenspositie, de begroting voor 2024 geen aanleiding te veronderstellen dat de continuïteit op enigerlei wijze in het geding is. Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat:  

De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; De financiële rechtmatigheid het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat:

 Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 4-12-2023 door het algemeen bestuur is vastgesteld;  Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld. Dokwurk informeert haar bestuur via de kwartaalrapportages.  Ten aanzien van het M&O2 criterium is het M&O beleid van onze organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. 

De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2023 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat:

 Een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 767.400) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;  Rechtmatigheidsfouten boven de verantwoordingsgrens 3% worden verantwoord in de paragraaf bedrijfsvoering van het jaarverslag. Tevens zullen hier de belangrijkste controlebevindingen worden beschreven.

2 Misbruik en Oneigenlijk gebruik

42

Begrotingscyclus De programmabegroting van Dokwurk wordt op grond van de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr) jaarlijks voor 15 april bij de gemeenten ingediend voor zienswijze. Aangezien dit vroeg in het jaar is, maakt Dokwurk later in het jaar een interne stuurbegroting. De programmabegroting vormt het financieel kader voor de stuurbegroting. Deze werkwijze kan leiden tot presentatiewijzigingen ten opzichte van de programmabegroting. De interne stuurbegroting is vervolgens leidend voor de informatieverstrekking. Als blijkt dat het financieel kader vanuit de programmabegroting niet volstaat, wordt overgegaan tot een formele begrotingswijziging. Schattingen Om de grondslagen en regels voor het opstellen van de jaarrekening te kunnen toepassen, is het nodig dat over verschillende zaken een oordeel wordt gevormd en dat er schattingen worden gemaakt die essentieel kunnen zijn voor de in de jaarrekening opgenomen bedragen. Wanneer het noodzakelijk is voor het geven van het vereiste inzicht is de aard van deze oordelen en schattingen, inclusief de bijbehorende veronderstellingen, opgenomen bij de toelichting op de betreffende jaarrekeningposten. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met een economisch nut De materiële vaste activa met een economisch nut zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

Een investering wordt geactiveerd indien het uitgegeven bedrag hoger is dan € 1.500. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven. De maximale gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren:

Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde indien deze naar verwachting duurzaam is. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. De materiële vaste activa waarvan de vennootschap krachtens een financiële leaseovereenkomst de economische eigendom heeft, worden geactiveerd. De uit de financiële leaseovereenkomst voortkomende verplichting wordt als schuld verantwoord. De in de toekomstige leasetermijnen begrepen interest wordt gedurende de looptijd van de financiële leaseovereenkomst ten laste van het resultaat gebracht. Dokwurk kent alleen activa met economisch nut. Hiervoor kunnen geen heffingen in rekening worden gebracht.

43

Financiële vaste activa Participaties in het aandelenkapitaal van vennootschappen zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Vlottende activa Voorraden De grond- en hulpstoffen (magazijnvoorraden) worden gewaardeerd tegen standaard verrekenprijzen, die zijn gebaseerd op de gemiddeld betaalde inkoopprijs. Verschillen tussen de standaard verrekenprijs en betaalde inkoopprijs worden als resultaat verantwoord. Incourante voorraden worden afgewaardeerd naar marktwaarde. Gerede producten worden gewaardeerd tegen de verkoopprijs van de producten. Bij waardering wordt rekening gehouden met het risico van incourantheid. Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Buiten de balanstelling wordt het bedrag opgenomen waarvan het recht bestaat op verliescompensatie krachtens de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. Omdat dit voor Dokwurk nihil bedraagt, is hier geen bedrag vermeld. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Vaste passiva Bestemmingsreserves Onder een bestemmingsreserve wordt verstaan een reserve waaraan door het bestuur een bepaalde bestemming is gegeven. Belangrijke mutaties in deze reserves vinden pas plaats na accordering door het algemeen bestuur. Voorzieningen Voorzieningen worden getroffen voor verplichtingen die met een redelijke mate van betrouwbaarheid zijn in te schatten. Verplichtingen, die dat niet zijn, worden opgenomen onder de risicoparagraaf. De voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Voorziening groot onderhoud De voorziening ter gelijkmatige verdeling van lasten voor groot onderhoud van bedrijfsgebouwen wordt bepaald op basis van de te verwachten kosten over een reeks van jaren. De voorziening wordt lineair opgebouwd. Het uitgevoerde groot onderhoud wordt ten laste van deze voorziening gebracht. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Buiten de balanstelling wordt het bedrag opgenomen waartoe aan natuurlijke en rechtspersonen borgstellingen of garantstellingen zijn verstrekt. Omdat dit voor Dokwurk nihil bedraagt, is hier geen bedrag vermeld. 44

Overzicht van baten en lasten Omzet Omzet zijn de bruto-opbrengsten van aan derden geleverde goederen en diensten exclusief de over de omzet geheven belastingen en onder aftrek van kortingen. Grondstoffen / uitbesteed werk Onder grondstoffen en uitbesteed werk worden opgenomen de kosten van uitbesteed werk en andere externe kosten, die rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de in het desbetreffende boekjaar geleverde goederen en diensten alsmede de ingekochte grondstoffen tegen de standaard verrekenprijs. Overige bedrijfsopbrengsten De overige bedrijfsopbrengsten omvatten de resultaten uit verhuur van onroerend goed, dienstverlening aan derden en diverse overige opbrengsten. Projectsubsidies worden (pas) verantwoord in de staat van baten en lasten op het moment dat ze voldoende zeker zijn. Dit is doorgaans het geval als de beschikking ontvangen is of als het bericht is gekomen dat een factuur mag worden verstuurd. Loonkosten Wsw en beschut werk Onder loonkosten Wsw en beschut werk wordt verstaan het bruto bedrag van de aan het boekjaar toe te rekenen salarissen aan Wsw werknemers en beschutte werkplekken, vermeerderd met de uitbetaalde vakantiegeldrechten en verminderd met de ontvangen ziekengelden, WAO-uitkeringen en loonkostensubsidies.

De sociale lasten betreffen de ter zake van de werknemersverzekering verschuldigde werkgeverslasten alsmede het werkgeversaandeel in de pensioenvoorziening van Wsw-werknemers. Kosten ambtelijk en overig personeel Hieronder wordt verstaan de aan het boekjaar toe te rekenen salarissen, vermeerderd met de uitbetaalde vakantiegeldrechten en de daarmee samenhangende sociale lasten en pensioenpremies en de overige personeelskosten. Overhead Dokwurk heeft als overhead verantwoord: de totale (loon en overige) kosten en opbrengsten van de directie, het MT, Arbo, Commercie, Algemene zaken en ICT, Financiën, HR, Kantine en huishoudelijke dienst en de huisvestingskosten. Deze opstelling is in lijn met de interne kostenplaatsen zoals Dokwurk deze voor de staf gebruikt. Naast een staat van baten en lasten op grond van het BBV heeft Dokwurk een staat van baten en lasten opgenomen op basis van de opstelling zoals gehanteerd wordt in de periodieke maandelijkse rapportages. Naar onze mening sluit deze indeling beter aan bij de bedrijfsvoering van Dokwurk. Om die reden is de toelichting op de staat van baten en lasten ook gebaseerd op deze interne opstelling. Het voorgeschreven overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld is opgenomen in bijlage V. Rijksbijdrage Betreft de bijdrage van het Rijk conform artikel 8 tot en met 10 van de Wet sociale werkvoorziening.

De rijksbijdrage wordt door de GR gemeenten en buitengemeenten betaalbaar gesteld. Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage omvat de in de Gemeenschappelijke Regeling overeengekomen bijdrage in het resultaat.

45

Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Een eventueel positief saldo kan, na bestuursbesluit, worden opgenomen onder het eigen vermogen. Belastingen De belasting over het resultaat wordt berekend over het resultaat voor belastingen volgens het overzicht van baten en lasten, rekening houdend met beschikbare, fiscaal compensabele verliezen uit voorgaande jaren (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen) en vrijgestelde winstbestanddelen en na bijtelling van niet-aftrekbare kosten. Tevens wordt rekening gehouden met wijzigingen die optreden in de latente belastingvorderingen en latente belastingschulden uit hoofde van wijzigingen in het te hanteren belastingtarief.

Kasstroomoverzicht Grondslagen voor de opstelling van het kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht wordt opgesteld volgens de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen op de debet- en creditzijde van de balans.

46

47

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar: Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Rekening-courant verhoudingen met niet-financiële instellingen Overige vorderingen: Debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren Overige vorderingen Totaal uitzettingen per 31 december

31-12-2023 486 9.015 53

31-12-2022 449 6.900 48

849 -55 179 10.528

838 -55 32 8.213

De vorderingen op openbare lichamen zijn inclusief de afrekeningen van de rijksbijdrage voor de diverse doelgroepen. Ook het nog te vorderen lage-inkomensvoordeel (LIV) is hierin begrepen. De rekening courant verhouding met niet-financiele instellingen betreft een vordering op Visser Houtbewerking Dokkum BV. Deze BV vormt een verbonden partij met Dokwurk. Verloop voorziening dubieuze debiteuren: Stand per 1 januari Dotatie boekjaar Onttrekkingen boekjaar Vrijval boekjaar Stand per 31 december

55 12 0 12 55

44 12 0 1 55

Liquide middelen: Bank Kasgelden Totaal liquide middelen per 31 december

627 0 627

502 1 503

Er bestaan geen beperkingen ten aanzien van de beschikbaarheid van de liquide middelen. Evenmin worden er ten aanzien van de liquide middelen valutatarisico's gelopen. Overlopende activa: Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal overlopende activa per 31 december

68 68

48

35 35

Vaste passiva Eigen vermogen:

31-12-2023

31-12-2022

3.580 0 0 3.580

3.046 533 0 3.580

473 0 0 473

473 0 0 473

2.064 0 250 1.814

2.314 0 250 2.064

400 0 0 400

400 0 0 400

Reserve uitbreiding en goedkoper maken banenplan: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december

1.422 0 366 1.055

792 630 0 1.422

Reserve nieuwbouw (uitbreiding) Hendoweg: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december

0 2.920 0 2.920

0 0 0 0

300 0 121 179

0 300 0 300

6.841

4.658

Algemene reserve: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december Bestemmingsreserves: Reserve t.b.v. organisatiewijzingen en modernisering: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december Reserve hogere kapitaallasten (kostenstijging nieuwbouw): Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december Reserve verlofsaldi Wsw en ambtelijk personeel: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december

Reserve duurzaamheid Dokwurk: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december Totaal bestemmingsreserves per 31 december

De mutaties in de bestemmingsreserves komen voort uit de diverse besluitvorming door het Algemeen Bestuur. Het positieve resultaat over 2023 mag volledig worden ingezet voor het vormen van een nieuwe bestemmingreserve, namelijk nieuwbouw (uitbreiding) Hendoweg.

49

Voorzieningen: Groot onderhoud: Saldo per 1 januari Toevoegingen Vrijval Onttrekkingen Stand per 31 december

31-12-2023

31-12-2022

645 297 150 79 713

274 370 0 0 645

Spaarverlof ambtelijk: Saldo per 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Stand per 31 december

43 21 0 63

0 43 0 43

Stand per 31 december

776

687

De jaarlijkse dotatie voor groot onderhoud is grotendeels gebaseerd op de meerjaren onderhoudsplannen waarbij is uitgegaan van regulier jaarlijks onderhoud en tevens kostenramingen voor toekomstig onderhoud. De onderhoudsvoorziening voor de locatie Holwerderweg 21 is in overleg met de accountant op "nul" gesteld vanwege de beoogde verkoop van het pand in 2024. De voorziening spaarverlof ambtelijk is sinds 2022 getroffen voor verlofuren van ambtenaren die als spaarverlof zijn aangeduid. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen: Saldo per 1 januari Bij: nieuwe leningen (o/g) Af: aflossingen boekjaar Totaal langlopende schulden per 31 december

11.000 0 500 10.500

11.500 0 500 11.000

De leningen zijn afgesloten voor de financiering van het nieuwe bedrijfspand (bouwjaar 2021) aan de Hendoweg 26 te Dokkum. De rentelast op de leningen bedroeg in 2023 € 81.700. Het rente % varieert tussen de 0,59 en 0,79%. De aflossingsverplichting binnen 12 maanden na afloop van het boekjaar is € 500.000. Van het totaal bedrag aan langlopende schulden heeft een bedrag van € 8,0 miljoen een resterende looptijd van langer dan 5 jaren. Voor de renterisico's (kader Wet fido) verwijzen wij u graag naar de treasuryparagraaf in het jaarverslag. Vlottende passiva Netto-vlottende schulden: Banksaldi Overige kortlopende schulden: Schulden aan openbare lichamen Crediteuren Schulden aan verbonden partijen Overige kortlopende schulden Totaal kortlopende schulden per 31 december Overlopende passiva: Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgend begrotingsjaar komen Totaal overlopende passiva per 31 december

0

0

759 441 358 126 1.683

737 413 127 95 1.371

131

55

120 251

120 175

De vooruit ontvangen bedragen bestaan uit vooruit gefactureerde opbrengsten voor de activiteit Inburgering. Een inburgeringstraject duurt 3 jaar en d.m.v. deze balanspost worden de opbrengsten annex aan de uitvoering ook over 3 jaar toegekend. Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen De niet in de balans opgenomen verplichtingen per 31 december 2023 bedragen € 516.467,- en bestaan uit: 1. Lease wagenpark € 52.166 verplichting 2. Lease hardware (copiers) € 10.347 verplichting 3. Verplichting verlofsaldi ambtenaren € 105.004 verplichting 4. Verplichting verlofsaldi WSW-medewerkers € 348.950 verplichting Totaal € 516.467

50

51

Personeelskosten Wsw en beschut werken Loonkosten Wsw (= loon minus lage-inkomensvoordeel) Kosten inhuur beschut werken (= loon minus BUIG subsidie) Vervoerskosten Studiekosten Overige personeelskosten Totale personeelskosten Wsw en beschut werken Kosten begeleid werken Loonkostensubsidie Overige kosten begeleid werken Totale kosten begeleid werken Totale kosten Wsw en beschut werken Hieronder volgen enkele kengetallen: Gemiddeld aantal medewerkers Wsw, in fte's Gemiddelde loonkosten Wsw per fte, in hele euro's Gemiddelde totale kosten Wsw per fte, in hele euro's

€ €

2023 Realisatie

2023 Begroot

2022 Realisatie

15.812 554 233 66 350 17.015

15.685 354 210 50 300 16.599

15.935 305 231 69 385 16.925

447 14 460

463 0 463

427 13 440

17.476

17.062

17.365

420,2 37.631 € 39.174 €

424,6 36.944 € 38.263 €

445,5 35.770 37.306

De loonkosten Wsw zijn, ondanks de krimp van de Wsw, met gemiddeld 5,2% gestegen. De oorzaak is gelegen in de cao-bijstellingen die zijn doorgevoerd om medewerkers te compenseren voor de sterke inflatie in de afgelopen jaren. Gemiddeld aantal medewerkers begeleid werken, in fte's Gemiddelde kosten begeleid werken per fte, in hele euro's

25,3 18.182 €

25,1 18.485 €

26,3 16.713

Dekkingsgraad pensioenfonds PWRI per december

126,3%

n.v.t.

130,7%

Kosten ambtelijk en overig personeel Salarissen en sociale lasten ambtelijk personeel Studiekosten Inhuur personeel Overige personeelskosten Totale kosten ambtelijk en overig personeel

4.414 48 844 130 5.436

4.135 60 885 60 5.140

4.182 79 863 78 5.203

Hieronder volgen enkele kengetallen: Aantal ambtenaren per 31 december, in fte's Aantal ingehuurd personeel per 31 december, in fte's Totaal ambtelijk en ingehuurd personeel, in fte's

54,6 14,9 69,4

57,4 8,7 66,1

54,6 14,5 69,0

110,5%

n.v.t.

110,9%

€

Dekkingsgraad pensioenfonds ABP per december

52

(x € 1.000,-) Afschrijving, rente en huur Rente Afschrijving Huur Totaal afschrijving, rente en huur

2023 Realisatie

2023 Begroot

2022 Realisatie

-230 849 36 656

86 864 41 991

85 818 50 953

De rentepost is in 2023 negatief. De oorzaak hiervan zijn rentebaten in het zgn. Schatkistbankieren. Deze baten waren ten tijde van begroten niet voorzien. Overige bedrijfskosten Belastingen en verzekeringen Energie Onderhoud Dotatie voorziening groot onderhoud Vrijval c.q. dotatie voorziening dubieuze debiteuren Indirecte productiekosten Dienstverlening door derden Studiekosten re-integratietrajecten Loonkostensubsidies re-integratietrajecten Algemene kosten Totaal overige bedrijfskosten

158 461 642 147 0 224 73 19 75 217 2.015

120 208 390 130 12 150 40 40 80 274 1.444

142 225 491 370 11 286 64 31 57 449 2.127

De totale overige bedrijfskosten zijn € 571.000 hoger dan begroot. Het verschil met de begroting zit met name in de hogere kosten energie (€ 253.000), hogere kosten voor onderhoud (€ 252.000) en hogere indirecte productiekosten vanwege extra omzet Industrie.

Rijksbijdrage

15.669

14.549

15.605

De totale rijksbijdrage is ruim 1,1 miljoen hoger dan begroot. De hogere rijksbijdrage komt o.a. voort uit compensatie voor gestegen minimum loon (per 1-1-2023 met 10,15%). Tevens is er landelijk gezien een grotere krimp op de Wsw dan voorzien waardoor de rijksbijdrage per subsidie-eenheid (se) per saldo omhoog gaat.

Totaal gerealiseerde arbeidsplaatsen, in arbeidsjaren Waarvan gerealiseerde begeleid werkenplekken, in arbeidsjaren Toegewezen bedrag per Wsw arbeidsjaar, in euro's Dienstverbanden nieuw beschut werken ultimo jaar (basis 31 uur)

€

468,40 27,99 33.453 € 67,9

478,30 30,80 30.418 € 58

495,63 29,44 31.486 47,6

Er zijn ultimo 2023 67,9 dienstverbanden Beschut Werken gerealiseerd. Dit zijn er bijna 40 meer dan de taakstelling (SZW) taakstelling van 28 voor onze gemeenten. De extra plekken zijn gerealiseerd om de wachtlijst beschut werken te beperken. Dokwurk volgt hierbij de vuistregel 3 Wsw eruit 1 beschut werken terug conform afspraken met haar gemeenten.

53

(x € 1.000,-) Gemeentelijke bijdrage Retour Gemeentelijke bijdrage Totaal Gemeentelijke bijdrage

2023 Realisatie

2023 Begroot

2022 Realisatie

1.558 0 1.558

1.558 0 1.558

1.461 0 1.461

De deelnemende gemeenten zijn op grond van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) verantwoordelijk voor eventuele exploitatietekorten van Dokwurk. De gemeentelijke bijdrage wordt jaarlijks op basis van de programmabegroting vastgesteld. Het Algemeen bestuur beslist jaarlijks over de resultaatbestemming. Afhankelijke van de solvabiliteit kan het bestuur besluiten om tekorten ten opzichte van de begroting te dekken vanuit de algemene reserve. Bestemming van het resultaat Toevoegingen aan reserves Toevoegingen aan de algemene reserve Toevoegingen aan bestemmingsreserves: Reserve kader banenplan Reserve nieuwbouw Hendoweg Reserve duurzaamheid Dokwurk Totaal toevoegingen aan reserves

0

0

533

0 2.920 0 2.920

0 0 0 0

630 0 300 1.463

Over 2023 komt het resultaat voor gemeentelijke bijdrage uit op een plus van € 1,3 miljoen (zie H3). Begroot was een tekort van € 1,6 miljoen. Per saldo is Dokwurk circa € 2,9 miljoen binnen de begroting gebleven. In samenspraak met het Algemeen bestuur is het gunstige resultaat over 2023 volledig toegevoegd aan een reserve nieuwbouw van een extra produtiehal aan de Hendoweg 26 te Dokkum (gepland 2024). De reserve zal worden ingezet om de rente- en afschrijvingslasten gedurende de afschrijvingstermijn te compenseren. Onttrekkingen aan reserves Onttrekkingen aan bestemmingsreserves: Reserve uitbreiding en goedkoper maken banenplan Reserve hogere kapitaallasten (annex nieuwbouw) Reserve inzet Digi-coach Reserve pilot project WMO Reserve opening nieuwe pand en open dag Reserve duurzaamheid Dokwurk Totaal onttrekkingen aan reserves

366 250 0 0 0 121 737

54

332 250 0 0 0 0 582

0 250 11 180 150 0 591

Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld 2023 Onderstaande overzicht sluit aan bij het overzicht van baten en lasten 2023 volgens de interne opstelling, zoals opgenomen op bladzijde 37. (x € 1.000,-)

Omzet Detachering en Groen Omzet Re-integratietrajecten Omzet Industrie en Schoonmaak Af: grondstoffen / uitbesteed werk Netto toegevoegde waarde Overige bedrijfsopbrengsten Totale netto bedrijfsopbrengsten

2023 Taakveld 6.4 Realisatie Begeleide participatie

Taakveld 0.4 Overhead

Taakveld 0.10 Mutaties reserves

4.273 2.746 3.085 1.508 8.596,42 1.941 10.538

4.273 2.746 3.085 1.418 8.687 1.443 10.130

0 0 0 90 -90 498 408

0 0 0 0 0 0 0

Loonkosten Wsw en beschut werken Overige personeelskosten Kosten begeleid werken Totale kosten Wsw en beschut werken

16.367 649 460 17.476

15.240 649 460 16.349

1.126 0 0 1.126

0 0 0 0

Kosten ambtelijk en overig personeel

5.436

3.192

2.244

0

Afschrijving, rente en huur en overige bedrijfskosten

2.670

1.066

1.604

0

Totale bedrijfslasten

25.582

20.607

4.975

0

Bedrijfsresultaat

-15.044

-10.477

-4.567

0

Rijksbijdrage Gemeentelijke bijdrage

15.669 1.558

14.922 1.558

747 0

0 0

Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten

2.183

6.004

-3.820

0

Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves

2.920 737

0 0

0 0

2.920 737

0

6.004

-3.820

-2.183

Gerealiseerd resultaat (na bestemmen)

55

Verantwoording rechtmatigheid Verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur De baten en lasten en ook de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten en ook de balansmutaties blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten en ook de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten en ook de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en gemeentelijke verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur op 4-12-2023 vastgestelde normenkader (versie 22-11-2023) van de relevante weten regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken.

Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 3% (= maximaal) van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op € 767.400,-. Bevindingen Het Dagelijks Bestuur constateert dat de in deze jaarrekening verantwoorde de baten en lasten alsmede de balansmutaties in boekjaar 2023 niet rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. In formele zin is daarom sprake geweest van een begrotingsonrechtmatigheid. De geconstateerde afwijkingen zijn als volgt: 2023 Realisatie

2023 Begroting

1. Overschrijding van de begrote lasten

25.582

24.638

944

3,8%

2. Overschrijding van de begrote baten

27.765

24.056

3.709

15,4%

544

300

244

81,3%

Rechtmatigheid Begrotingscriterium (x € 1.000)

3. Overschrijding van de investeringsbegroting

bedrag afwijking %

SubTotaal begrotingsonrechtmatigheden

4.897

4. Acceptable afwijking vlg. vastgestelde beleidskader (= 3% lastentotaal)

764,4

Saldo begrotingscriterium

4.132

De oorzaken hiervan zijn als volgt: Specificatie verschil in lasten: 1. hogere loonkosten voor doelgroepen (o.a. door verhoging WML en cao effect, samen ruim 10%) 2. hogere loonkosten voor ambtelijk personeel en inhuur (o.a. cao bijstellingen en bezetting) 3. hogere bedrijfskosten (divers, zie ook toelichting op de baten en lasten jaarrekening) Verschil Specificatie verschil in baten: 1. hogere netto toegevoegde waarde uit werkzaamheden en rijksbijdrage t.b.v. re-integratie 2. hogere overige opbrengsten (o.a. ESF bate van € 530k en diverse huurbaten) 3. hogere Wsw rijksbijdrage (o.a. vanwege LPO indexatie en compensatie stijging WML) Verschil Specificatie verschil begroting investeringsbudget 1. O.a. verbouwing kantoren Rijdstraat 2 (buiten reguliere investeringsbudget, in samenspraak met bestuur) Verschil

56

413 296 235 944

1.593 995 1.121 3.709

244 244

Zoals blijkt uit deze tabel met oorzaken, zijn de verschillen met de begroting duidelijk aanwijsbaar en gelegen in een aantal ontwikkelingen die ten tijde van het opstellen van de programmabegroting niet waren te voorzien. Het bestuur en de deelnemende gemeenten zijn via de maand- en kwartaalrapportages steeds tijdig meegenomen en geïnformeerd over de actuele ontwikkelingen in het werkveld en de ontstane afwijkingen ten opzichte van de goedgekeurde begroting. Tot slot merken wij op dat de overschrijding van het reguliere investeringsbudget met name voortkomt uit de renovatie van het kantorengedeelte van het pand aan de Rijdstraat 2 in Kollum. Deze verbouwing kwam deels voort uit achterstallig onderhoud en is uitgevoerd in samenspraak met het bestuur. Voorwaardencriterium

bedrag

(x € 1.000) Geen bevindingen Saldo voorwaardencriterium

0 0

M&O-criterium

bedrag

(x € 1.000) Geen bevindingen Saldo M&O-criterium

0 0

In de paragraaf bedrijfsvoering is op basis van de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV en op basis van de afspraken met het algemeen bestuur aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid. In deze paragraaf heeft het dagelijks bestuur ook beschreven welke actie hij onderneemt om vermelde afwijkingen in de toekomst te voorkomen.

57

WNT-verantwoording 2023 Dokwurk De Wet normering topinkomens (WNT) is van toepassing op Dokwurk. Het voor Dokwurk toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 223.000. Dit betreft het algemeen bezoldigingsmaximum. 1. Bezoldiging topfunctionarissen Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking:

Gegevens 2023 bedragen x € 1

J. Knol

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

Directeur 1/1 - 31/12 0,778 ja

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

173.445

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

101.067 9.431 110.498

n.v.t. 110.498

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling Gegevens 2022 bedragen x € 1

n.v.t. n.v.t.

J. Knol

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte) Dienstbetrekking? Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn Subtotaal

Directeur 1/1 - 31/12 1,0 ja

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

216.000

Bezoldiging

137.700

58

124.624 13.076 137.700

Topfunctionarissen Algemeen Bestuur (AB) en Dagelijks Bestuur (DB) met een bezoldiging van € 1.700 of minder Gegevens 2022 Naam topfunctionaris

Functie

R. Kempenaar P.L. Braaksma K. Wielstra J.D. de Vries

Voorzitter Secretaris AB AB

2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking alsmede degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt Er zijn door Dokwurk in 2023 geen uitkeringen aan topfunctionarissen met of zonder dienstbetrekking verricht wegens beëindiging van het dienstverband. 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2023 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

59

Goedkeuring Bestuur Opgemaakt door het Dagelijks Bestuur van Dokwurk in de vergadering van 17 april 2024.

Voorzitter was getekend, de heer R. Kempenaar

Secretaris was getekend, de heer P.L. Braaksma

Aldus vastgesteld door het Algemeen Bestuur van Dokwurk in de vergadering van 1 juli 2024.

Voorzitter de heer R. Kempenaar

Secretaris de heer P.L. Braaksma

60

Bijlagen

61

Bijlage 1. Staat van activa en afschrijvingen 2023 Omschrijving

Terreinen

Aanschafwaarde 1-1-2023

Afschrijvingen cumulatief 1-1-2023

Boekwaarde 1-1-2023

Investeringen 2023

Desinvesteringen 2023

Aanschafwaarde 31-12-2023

Afschrijving desinvestering 2023

Afschrijvingen 2023

Afschrijvingen cumulatief 31-12-2023

Boekwaarde per 31-12-2023

1.507.875

0

1.507.875

0

0

1.507.875

0

0

0

1.507.875

908.545

248.736

659.809

41.741

0

950.286

0

36.013

284.749

665.537

Gebouwen

10.707.667

3.706.148

7.001.518

227.810

0

10.935.477

0

214.516

3.920.665

7.014.812

Machines

2.776.608

2.376.599

400.009

83.755

550.477

2.309.886

546.010

151.046

1.981.636

328.250

447.857

307.918

139.939

72.350

40.717

479.490

40.717

50.918

318.119

161.371

3.990.677

1.478.827

2.511.850

3.810

76.146

3.918.341

76.146

301.021

1.703.702

2.214.639

Inventaris

928.914

658.322

270.591

66.298

84.939

910.274

79.569

70.630

649.384

260.890

Hardware

101.751

85.414

16.337

3.832

0

105.583

0

12.854

98.269

7.315

Voorzieningen op terreinen

Transportmiddelen Technische installaties

Software TOTAAL ACTIVA

261.153

255.424

5.729

44.779

0

305.932

0

11.864

267.288

38.644

21.631.047

9.117.389

12.513.658

544.375

752.278

21.423.144

742.441

848.863

9.223.811

12.199.332

Bij aanschaf van activa is gedurende het boekjaar geen sprake geweest van bijdragen van derden.

62

Bijlage 2. Bestuurssamenstelling De samenstelling van het Algemeen en Dagelijks Bestuur van GR Werk-/leerbedrijf Noardeast Fryslân (NEF) is per 31-12-2023 als volgt: Dhr. R. Kempenaar Dhr. P.L Braaksma Dhr. K. Wielstra Dhr. J.D. de Vries

B&W Dantumadiel, voorzitter B&W Noardeast-Fryslân, secretaris B&W Dantumadiel B&W Noardeast-Fryslân

De adviseurs voor het Algemeen en Dagelijks Bestuur vanuit Dokwurk zijn: Dhr. J. Knol Dhr. J.J. de Jong

Algemeen directeur Concern Controller

63

DB en AB DB en AB AB AB

Bijlage 3. Verantwoording Wsw en Beschut Werken 2023 WSW Arbeidsjaren (SE's) Gemeente- Gemeente nummer

2023 Het totaal aantal gerealiseerde Het totaal aantal gerealiseerde arbeids-plaatsen voor geïndiceerde arbeids-plaatsen voor geïndiceerde inwoners in 2023 naar wooninwoners in 2023 naar subsidie gemeente, uitgedrukt in ontvangende gemeente, uitgedrukt arbeidsjaren. in arbeidsjaren.

59 Achtkarspelen 74 Heerenveen 80 Leeuwarden 86 Opsterland 90 Smallingerland 106 Assen 737 Tytsjerksteradiel 1680 Aa en Hunze 1701 Westerveld 1891 Dantumadiel 1949 Waadhoeke 1966 Het Hogeland 1969 Westerkwartier 1970 Noardeast-Fryslân Eindtotaal

11 1,89 5,1 0,56 2,94 0 5,83 0 0,17 120,67 1 0,92 2 316,33 468,41

152,97

315,44 468,41

Beschut werken Fte's - 31 uur Gemeente nummer Gemeente Woongemeente 737 Tytsjerksteradiel 1891 Dantumadiel 1970 Noardeast-Fryslân Eindtotaal

2023 Betaalgemeente 1 12,93 53,93 67,86

64

1 12,93 53,93 67,86

Bijlage 4. Ondernemingsraad 2023

65

66

Bijlage 5. Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

67

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=noardeastfryslan&id=5aea9465-874b-4b42-aac7-84fec3e03b93