CConstaterende datNoardeast-Fryslân
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Definitieve versie Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân d.d. 15 juli 2024

It Beslút 17 oktober 2024, gemeente Noardeast-FryslânBij agendapunt: Definitief gemeentelijk mobiliteitsprogramma22.535 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Wel staan er op de stations van Feanwâlden en De Westereen deelfietsen van Deelfiets Nederland. Ook stellen particulieren hun auto beschikbaar als deelauto (zoals via SnappCar). Op het gebied van deelmobiliteit is winst te behalen voor de gemeente.

NIEUW: Op een hoog tempo worden nieuwe voertuigen ontwikkeld, denk aan de speed pedelec of een elektrische step. Hierbij is het zoeken naar de juiste plek op straat. Horen ze op de stoep, het fietspad of op de rijbaan? Waar worden ze geparkeerd? De elektrische fiets wordt steeds populairder. Het bereik wordt groter en steeds meer mensen gebruiken de elektrische fiets voor langere afstanden. Omdat hierdoor het realiseren van bredere fietspaden met grotere boogstralen en voldoende veilige fietsenstallingen belangrijker wordt, is dit een belangrijke ontwikkeling om mee te nemen in het mobiliteitsprogramma van Noardeast-Fryslân. GROTER: Door schaalvergroting en technische ontwikkelingen in de landbouwsector zijn tractoren en andere landbouwvoertuigen in de afgelopen jaren groter, zwaarder en sneller geworden. De verwachting is dat qua omvang nu wel het maximum is bereikt en dat er mogelijk in de toekomst ook elektrificering zal plaatsvinden. De weginrichting is (nog) niet altijd aangepast aan deze grote landbouwvoertuigen. Grote en snelle landbouwvoertuigen in combinatie met smalle wegen en ander verkeer kan zorgen voor verkeersonveilige situaties. In de gemeente Noardeast-Fryslân rijdt relatief veel landbouwverkeer.

De gemeente is zich bewust van de effecten van het relatief grote landbouwverkeer op de verkeersveiligheid en heeft landbouwverkeer daarom als criterium meegenomen in de Risicoanalyse Verkeersveiligheid (als onderdeel van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid). VERBONDEN: Door de digitalisering van de samenleving is het makkelijker om voertuigen met elkaar te laten communiceren. Op deze wijze weten we altijd en overal waar verkeersdeelnemers zijn en kan hier rekening mee worden gehouden. Een voorbeeld daarvan zijn bijvoorbeeld intelligente verkeerslichten. Dit zijn verkeerslichten met een extra antenne, waardoor ze kunnen communiceren met bussen of fietsers. Op die

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

48

manier krijgt de richting van de bus groen en kan de bus direct doorrijden. Of fietsers die extra groen krijgen als het regent. Dergelijke complexe verkeersystemen zijn in Noardeast-Fryslân (nog) niet van toepassing. Verder zijn er vanuit het Rijk pilots gaande op het gebied van Mobility as a Service (MaaS). Voorbeelden hiervan zijn reisapps waarmee bijvoorbeeld de koppeling van vervoerswijzen makkelijker wordt en bijvoorbeeld ook met deze app de reis en een eventuele deelfiets of deelauto betaald kan worden. AUTOMATISCH: Voertuigen krijgen steeds meer hulpmiddelen om de rijtaken te ondersteunen of (gedeeltelijk) over te nemen. Er worden eerst proeven gedaan met zelfrijdende voertuigen. De verwachting is dat binnen de periode van het mobiliteitsprogramma (tot 2034) automatische voertuigen geen effect hebben.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

49

mobiliteit De bevolking in Noardeast-Fryslân neemt volgens de recente bevolkingsprognose van het CBS af in de komende decennia; van 45.000 inwoners in 2020 naar 42.000 inwoners in 2050. In de gemeente is er naar verwachting sprake van een lichte bevolkingskrimp. Hier dient de kanttekening bij te worden gemaakt dat er onzekerheid bestaat over de prognose richting toekomst, aangezien migratiestromen lastig te voorspellen zijn. Kijken we naar de leeftijdsopbouw, dan neemt de vergrijzing (aantal 65+ers) tussen 2020 en 2050 toe. Zo stijgt het aantal 65-plussers naar verwachting van 9.500 inwoners in 2020 naar 12.000 inwoners in 2050. Het aantal jongeren en de beroepsbevolking zullen naar verwachting afnemen. Het aantal jongeren (0-20 jaar) daalt van 10.500 inwoners in 2020 naar 8.000 inwoners in 2050. Voor de leeftijdscategorie 20 tot 65 jaar is de verwachting dat het aantal inwoners tussen 2020 en 2050 van 25.000 naar 21.000 inwoners daalt. Bovenstaande demografische trends kunnen resulteren in de volgende aandachtspunten voor mobiliteit: • Het OV wordt minder rendabel bij een afname van de bevolking, met verschraling van het OV als gevolg. • Voorzieningen nemen af, waardoor reisafstanden naar o.a. scholen, winkels en medische voorzieningen toenemen.

Andere vervoersmiddelen zullen sneller worden gekozen door de langer wordende afstanden, zoals de elektrische fiets in plaats van de stadsfiets, de auto of OV in plaats van de fiets of lopen. • Een andere inrichting van wegen en bermen is nodig voor een steeds ouder wordende bevolking die mobiel blijft. Denk hierbij aan bredere fietspaden en fietsstroken, ruimere boogstralen, lagere

maximumsnelheden, vergevingsgezinde bermen (waar je niet direct valt als je in de berm belandt) en doortraproutes voor ouderen.

Bevolkingsprognose Noardeast-Fryslân 50

Bevolking x1000

Demografische trends en effecten

40 30 20 10 0 2020

2025

2030

2035

2040

2045

2050

Noardeast-Fryslân

Prognose Noardeast-Fryslân naar leeftijd 30

Bevolking x1000

3.10

25 20 15 10 5 0 2020

2025 0-20 jr

2030

2035 20-65 jr

2040

2045

2050

65+ jr

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

50

3.11

Ruimtelijke ontwikkelingen in NoardeastFryslân

Ruimtelijke ontwikkelingen zijn infrastructurele en ruimtelijke projecten waarvan besloten is deze de komende jaren te realiseren. Hierna zijn de meest omvangrijke ontwikkelingen samengevat: Infrastructureel: • Rondweg Wânswert; • Toeristische fietsverbinding Waddenkust; • Fietspad Súd Ie; • Onderzoek naar verplaatsing veerhaven Holwert. Woningbouwontwikkelingen Binnen de gemeente is er een grote woningbouwopgave. Tot 2030 zullen er naar verwachting circa 1200 woningen gebouwd worden. Een actueel overzicht van de ontwikkellocaties wordt bijgehouden op de website van de gemeente Noardeast-Fryslân. Ontwikkeling Bedrijventerreinen • Kollumersweach: wonen en werken; • Kollum: bedrijventerrein; • Hallum: bedrijventerrein; • Dokkum: Betterwird fase 2a,; • Dokkum: Betterwird wonen en werken. Ontwikkeling grootschalige schoollocatie Dokkum Het gebied tussen de Rondweg-West, Parklaan en Woudweg moet in de toekomst plaats bieden aan twee extra basisscholen naast de huidige onderwijsvoorzieningen en sportfuncties die er nu ook al zitten. Dit zorgt voor veel uitwisseling van verkeer van met name kinderen.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

51

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

52

4. Waar willen we naartoe? 4.1

Visie op hoofdlijnen

Het hoofddoel van het gemeentelijke verkeers- en vervoersbeleid van Noardeast-Fryslân is het realiseren van een veilig, betrouwbaar en duurzaam verkeers- en vervoerssysteem voor iedereen en voor alle vervoersmiddelen. Dit is overigens een gezamenlijke verantwoordelijkheid van weggebruikers èn beheerders van de infrastructuur. Noardeast-Fryslân heeft een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving. We zetten volop in op behoud daarvan, door in te zetten op duurzame mobiliteit. Dit is ook een doorvertaling van de aspecten uit de Ontwerp Omgevingsvisie van Noardeast-Fryslân en de Regionale Mobiliteitsvisie ‘Ferbining’. Deze visie op hoofdlijnen is vertaald in strategische opgaven op het gebied van verkeersveiligheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Daarbij speelt ook gezondheid van de inwoners een belangrijke rol. Op de volgende pagina’s is het beleid binnen deze vier thema’s op hoofdlijnen uitgewerkt. In het uitvoeringsprogramma van hoofdstuk 5 zijn de concrete projecten opgenomen die bijdragen aan deze strategische opgaven.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

53

4.2

Verkeersveiligheidsopgaven

Het landelijke Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030 (SPV 2030) streeft naar een proactief beleid om het aantal verkeersslachtoffers te verlagen tot nul. Ook Noardeast-Fryslân streeft in samenwerking met andere overheden naar nul verkeerslachtoffers. Om de verkeersveiligheid te vergroten, zetten we in op: • • •

Een eenduidige ordening en inrichting van het wegennet op basis van de principes van Duurzaam Veilig; Veilig fietsen binnen en buiten de bebouwde kom; Voortzetting van de inzet op educatie, gedragsbeïnvloeding en handhaving.

NAAR EEN EENDUIDIGE ORDENING EN INRICHTING VAN HET WEGENNET

vrijliggende fietsvoorzieningen kan, op locaties waar hiervan sprake is, voorlopig nog de maximumsnelheid van 80 km/h worden gehandhaafd. EEM LAGERE RIJSNELHEID MAAKT HET VERSCHIL De kans op een verkeersongeval is klein. Maar als er iets onverwachts gebeurt is de kans op een goede afloop veel groter als je 60km/h rijdt dan als je 80km/h rijdt. Stel, iemand rijdt 60 km/h en kan daardoor net op tijd stoppen voor een overstekende voetganger. Als hij 80 km/h gereden zou hebben, had hij een 20 meter langere remweg en daardoor de voetganger met 62 km/h aangereden. De onderstaande afbeelding illustreert dit. De botssnelheid is bovendien van grote invloed op de afloop van een ongeval. Bij een botssnelheid van 43 km/h is de kans op overlijden van een voetganger circa 5%. Bij een botssnelheid van 62 km/h is dit 20% en bij 78 km/h ruim 60%.

BUITEN DE BEBOUWDE KOM Buiten de bebouwde kom is op het grootste deel van de wegen nog een maximum snelheid van toepassing van 80 km/h. Dit in combinatie met fietsers op de rijbaan. We verlagen de maximum snelheid op deze wegen naar 60 km/h om het risico op letsel en dodelijke ongevallen terug te dringen. Daar hoort ook de bijbehorende weginrichting bij. In het kader van “As it net kin sa't it moat, dan moat it mar sa't it kin” kiezen we voor 80 km/h waar het kan en 60 km/h waar het moet. Een snelheid van 80 km/h is alleen acceptabel als er sprake is van vrijliggende fietsvoorzieningen en een voldoende breed wegprofiel. Kruisingen van 80 km/h-wegen met belangrijke routes voor het langzaam verkeer, worden voorzien van veilig ingerichte oversteekvoorzieningen. In beginsel worden bijna alle gemeentelijke wegen buiten de bebouwde kom gecategoriseerd als erftoegangsweg. Wanneer sprake is van

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

54

‘Het Nieuwe 30’ betekent overigens niet dat alle wegen binnen de bebouwde kom 30 km/h worden gemaakt. Op een beperkt aantal locaties is binnen de bebouwde kom sprake van 50 km/h in combinatie met vrijliggende fietsvoorzieningen of alternatieve fietsroutes. Daar waar het veilig kan, handhaven we de maximumsnelheid van 50 km/h. Voor industriewegen wordt op lange termijn gekeken naar een gewijzigde inrichting. Wanneer geen sprake is van een hoofdfietsroute blijft de maximumsnelheid vooralsnog 50 km/h. In combinatie met onderhoud wordt gekeken of voor deze wegen op termijn een gewijzigde inrichting kan worden toegepast. VOORTZETTING VAN DE INZET OP EDUCATIE , VOORLICHTING EN HANDHAVING

BINNEN DE BEBOUWDE KOM Binnen de bebouwde kom wordt volgens de principes van Duurzaam Veilig onderscheid gemaakt in 30 km/h en 50 km/h wegen. Voor diverse straten binnen de bebouwde kom geldt dat zij qua functie en inrichting niet goed binnen de principes van Duurzaam Veilig passen. Om de verkeersveiligheid en leefbaarheid verder te verbeteren is ‘het Nieuwe 30’ ontstaan. Dit zijn nieuwe inrichtingsprincipes voor straten die niet goed aan de standaard principes van Duurzaam Veilig voldoen, omdat deze straten zowel een verblijfsfunctie als verkeersfunctie kennen. Naast verlaging van de snelheid voor het gemotoriseerd verkeer betreft dit ook een herinrichting van straten. Enkel de maximumsnelheid aanpassen door het plaatsen van borden is niet voldoende voor de geloofwaardigheid van de snelheid bij de weggebruiker. We kiezen voor deze lagere maximum snelheid om de kwetsbare verkeersdeelnemers (voetgangers en fietsers) te beschermen. Daarnaast draagt een verlaging van de maximum snelheid voor autoverkeer ook bij aan het extra aantrekkelijk maken van verplaatsingen per fiets.

De meeste verkeersongevallen ontstaan helaas door een menselijke fout. Dit betreft circa 95% van de ongevallen. Om het aantal verkeerslachtoffers te verminderen, is het, naast veilige infrastructuur, ook belangrijk aandacht te hebben voor veilig verkeersgedrag (via educatie en voorlichting). De gemeente Noardeast-Fryslân werkt daarvoor samen met diverse partners. De maatregelen voor gedragsbeïnvloeding bestaan op hoofdlijnen uit permanente verkeerseductie en specifieke projecten voor kwetsbare doelgroepen en groepen waarvoor de grootste risico: jongeren en ouderen. Nieuw accent in de gedragsbeïnvloeding is het belonen van positief gedrag. De aandachtsgebieden waar we ons op richten zijn: het stimuleren van lage rijsnelheid en het stimuleren van fietsgebruik, zeker bij het halen en brengen van schoolgaande kinderen. Ook handhaving blijft een belangrijke pijler voor de verkeersveiligheid. Samen met de politie zetten we in op meer handhaving op de locaties waar dit nodig is.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

55

4.3

Bereikbaarheidsopgaven

A UTO Bestemmingen in de gemeente Noardeast-Fryslân zijn prima per auto bereikbaar. Datzelfde geldt voor autoverplaatsingen vanuit de gemeente naar voorzieningen buiten de gemeente. Door de komst van de Sintrale As is bereikbaarheid voor met name het bovenlokale verkeer sterk verbeterd en heeft de nieuwe verbinding gezorgd voor minder verkeer door een aantal bestaande kernen ten zuiden van Dokkum. Een belangrijk aandachtspunt voor de bereikbaarheid en leefbaarheid is de ontsluiting van Kollumersweach in combinatie met De Westereen en Twijzelerheide. Dit is belangrijke uitwerking die de komende jaren nog moet plaatsvinden samen met de buurgemeenten. Ook zijn er rond de EE-vallei nog uitdagingen als het gaat om de bereikbaarheid. Met de EE-vallei wordt het gebied bedoeld rond de Dokkumer Ee. De rondweg rond Wânswert is daarbij de eerste stap om de leefbaarheid en de bereikbaarheid van de omgeving te verbeteren. Een nadere analyse van de netwerken op bovenlokaal niveau is daarbij nog wel noodzakelijk. Een ander belangrijk bereikbaarheidsvraagstuk voor onder andere het autoverkeer is de toenemende drukte op de Rondweg West van Dokkum. Aan de westzijde van Dokkum zijn voor de komende jaren ook nog de nodige ontwikkelingen gepland.

Daarbij is het belangrijk om op korte termijn inzichtelijk te krijgen of de beoogde ontwikkelingen doorgang kunnen vinden met de bestaande wegenstructuur of dat een nieuwe rondweg buitenom voorwaardelijk is voor (een deel van) de ruimtelijke ontwikkelingen. Daarbij is het ook belangrijk dat de koppeling vanuit de westelijke woonwijken met het centrumgebied en de voorzieningen wordt versterkt en inwoners juist gestimuleerd worden om gebruik te maken van de fiets.

PARKEREN VOOR AUTO EN FIETS De gemeente Noardeast-Fryslân hanteert alleen een sturend parkeerbeleid in en rond het centrum van Dokkum. In het centrumgebied (binnen de bolwerken) geldt betaald parkeren. Aan de randen van het centrum zijn gratis parkeervoorzieningen aanwezig. We blijven inzetten op parkeren buiten het centrum en realiseren indien nodig extra parkeercapaciteit. Dit blijven we monitoren. Binnen de oudere woonwijken en dorpskernen waar het autobezit verder toeneemt zal het niet altijd mogelijk zijn direct voor huis of een andere bestemming te parkeren. Daar accepteren we ook dat automobilisten soms verder moeten lopen naar een parkeerplek. Bij het toetsen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zoals nieuwbouw en functiewijzigingen van bijvoorbeeld een winkelfunctie naar een woonfunctie, wordt aangesloten bij de meest recente parkeernormen van het CROW. Het gaat hierbij om zowel om het autoparkeren als het fietsparkeren. Het CROW hanteert daarbij een bandbreedte met een minimum en maximum waarde. Daarbij wordt voor de gemeente Noardeast-Fryslân uitgegaan van de gemiddelde waarde. Daarbij wordt uitgegaan van een ‘niet stedelijke’ gemeente. Door het verder stimuleren van het fietsgebruik en het duurder worden van de (elektrische) fietsen is het ook belangrijk om bij ruimtelijke ontwikkelingen rekening te houden met het fietsparkeren.

Het gaat hierbij niet alleen om beschikbare ruimte maar ook om de kwaliteit van de fietsparkeervoorzieningen. Met name voor het centrum van Dokkum wordt de komende periode nader onderzoek gedaan naar een bewaakte fietsparkeervoorziening. OPENBAAR VERVOER De treinverbinding Leeuwarden-Groningen vormt de ruggengraat voor het OV in de regio. Vanuit Dokkum is echter ook de directe (snel)busverbinding met Leeuwarden en Drachten van belang. De haltes

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

56

aan met name de zuidkant van Dokkum worden op dit moment erg goed gebruikt en we onderzoeken of het ook mogelijk is om bijvoorbeeld aan de zuidoostkant van Dokkum aan de doorgaande route richting de Sintrale As nog een extra halte te realiseren. Daarnaast is het belangrijk dat er ook goede stallingsvoorzieningen zijn bij de belangrijke OV-knooppunten en veelgebruikte haltes. We gaan in overleg met de provincie (concessieverlener) over toekomstig bestendig OV met het behoud van de huidige kwaliteit. Belangrijk daarbij is ook dat we inwoners meer bekend laten worden met het OV als duurzaam alternatief voor de auto. De sneltreinstations van Feanwâlden en Buitenpost vervullen hierin een belangrijke functie richting Leeuwarden en Groningen. De sociaal-maatschappelijke functie is het voorzien in de mobiliteitsbehoefte van personen die zich niet te voet, per fiets of per auto kunnen of willen verplaatsen. De gemeente vindt het belangrijk dat zij ontsloten is en blijft met openbaar vervoer. Naast het aanbieden van een alternatief voor de auto, draagt het openbaar vervoer bij aan een leefbare gemeente waar iedereen meetelt en meedoet (de inclusievere samenleving). FIETS De fiets is belangrijk voor de bereikbaarheid van scholen, winkels en maatschappelijke voorzieningen in de kernen.

Een goed fietsnetwerk draagt bovendien bij aan de recreatieve en toeristische economie en daarmee de leefbaarheid. Daarbij is het van belang om ook het ‘fietsgenot’ mee te nemen om inwoners te stimuleren gebruik te maken van de fiets. Denk hierbij aan de aantrekkelijkheid van fietsroutes en bijvoorbeeld voorzieningen die zorgen voor extra beschutting zodat fietsers minder last hebben van de wind. Het stimuleren van het fietsgebruik zorgt daarbij tevens voor het stimuleren van een ‘gezonde’ vorm van vervoer. Vergrijzing is daarbij ook een aandachtspunt. We zorgen met kleine maatregelen dat de fietsinfrastructuur vergevingsgezinder is zodat we het aantal eenzijdige ongevallen onder

ouderen kunnen beperken. Dit doen we door het beperken van het aantal obstakels zoals hoge opstaande stoepranden waar fietsers met de trappers tegenaan kunnen komen. F-wegennet We zetten in op de uitwerking van het zogenaamde ‘F-wegennet’ vanuit de ANNO-regio zodat ook langere verplaatsingen met de (elektrische) fiets een boost krijgen. Ook is daarbij een goede overstapmogelijkheid van het fietsnetwerk op het openbaar vervoer van belang. Daar horen ook goede voorzieningen bij om de fiets te stallen. Waar nodig completeren we het netwerk met ontbrekende schakels. Voorrang voor fietsers op rotondes Binnen Noardeast-Fryslân ligt een aantal rotondes binnen de bebouwde kom waarbij fietsers op dit moment geen voorrang hebben. In Dokkum zijn de meeste rotondes gelegen. In regionaal verband onderzoeken we de mogelijkheden om fietsers binnen de bebouwde kom voorrang te geven op de rondes. Op deze wijze geven we het fietsverkeer extra prioriteit. Voor de verkeersveiligheid is het belangrijk dat wijzigingen in de voorrangssituatie ook in de omliggende gemeenten worden doorgevoerd zodat voor weggebruikers een uniforme situatie ontstaat. Mobiliteit voor iedereen Uit cijfers van het RIVM blijkt dat 10% van de inwoners een mobiliteitsbeperking kent. Deze groep bestaat uit onder andere ouderen, dementerenden, mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking.

We streven er naar om de gemeente zo ‘inclusief ’ mogelijk te maken, zodat deze grote groep zo min mogelijk uitsluiting ondervindt. Deze groep maakt vaak gebruik van specifieke vervoersmiddelen zoals de driewielfiets, de rolstoel en de scootmobiel. Het is van belang dat iedereen met elk vervoersmiddel kan deelnemen aan het verkeer.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

57

Dit stelt eisen aan de toegankelijkheid van de openbare ruimte en het openbaar vervoer. Daarnaast gaat het niet alleen om de fysieke omgeving, maar ook om de sociale omgeving van mensen met mobiliteitsbeperkingen. De gemeente inclusief maken is een integrale opgave.

4.4

Leefbaarheidsopgaven

Leefbaarheid is een breed begrip en dat gaat verder dan alleen de kwaliteit van de leefomgeving. Een goede leefbaarheid binnen de gemeente kan ook worden gezien als ‘brede welvaart’. Dit is een combinatie van de verschillende aspecten die zorgen voor deze goede leefbaarheid. Deze aspecten zijn samengevat in onderstaande figuur. En hebben ook een duidelijke relatie met de andere thema’s die in dit mobiliteitsprogramma aan bod komen.

Een belangrijk onderdeel van de leefbaarheid is ook de sociale inclusiviteit. Hier is bij het onderdeel ‘bereikbaarheid’ ook al nader op ingegaan. In relatie tot mobiliteit gaat het er daarbij met name om dat zoveel mogelijk inwoners zich zelfstandig kunnen verplaatsen. Het gaat hierbij niet alleen om een de toegankelijkheid van de omgeving of de beschikbaarheid van bijvoorbeeld een auto of het openbaar vervoer. Ook het beschikken over voldoende financiële middelen om een verplaatsing te kunnen maken is van essentieel belang voor een leefbare en inclusieve samenleving zonder vervoersarmoede. We zetten in op leefbare dorpen met verblijfskwaliteit. Daarbij hoort primair een ander tempo van verplaatsen (lopen en fietsen), waarbij de kwaliteiten daadwerkelijk worden ervaren. De lagere rijsnelheid op een aantal routes die vanuit verkeersveiligheid van belang is, draagt ook bij aan de verbetering van de verblijfskwaliteit. Door de juiste materialisering en straatmeubilair toe te passen, ondersteunen we het gewenste straatbeeld. De kwaliteit van de openbare ruimte is daarbij van groot belang. Centrumgebied van Dokkum Voor het centrumgebied van Dokkum ligt een belangrijke opgave om de verblijfskwaliteit en de economische vitaliteit te verbeteren.

Het centrum van Dokkum heeft daarbij een belangrijke functie voor zowel de inwoners van de gehele gemeente Noardeast-Fryslân als het toerisme. In een apart planproces wordt samen met inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden een toekomstvisie ontwikkeld voor het centrum van Dokkum. Integrale uitwerking van maatregelen De maatregelen die in het gemeentelijk mobiliteitsprogramma naar voren komen voort uit de opgaven voor verkeersveiligheid, bereikbaarheid, leefbaarheid en duurzaamheid. Belangrijk is wel dat in het vervolgtraject de maatregelen integraal worden uitgewerkt. Zo is het bijvoorbeeld belangrijk dat bij verkeerskundige ontwerpvraagstukken om de verkeersveiligheid te verbeteren, ook

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

58

wordt gekeken naar de aspecten zoals bijvoorbeeld de ruimtelijke kwaliteit en de toegankelijkheid. Geluid en trillingen We zorgen dat de knelpunten voor geluid en trillingen niet groter worden en waar mogelijk worden verminderd in combinatie met beoogde reconstructies of gepland onderhoud. Daarnaast dient de gemeente de geluidssituatie langs drukke wegen in het kader van de Omgevingswet in de toekomst te monitoren zodat de geluidssituatie naar de toekomst toe voor inwoners niet waarneembaar verslechtert. Een waarneembare verslechtering is een geluidstoename van 2 dB of meer. Geluidswijzigingen van 1 dB of minder zijn voor het menselijk oor niet of nauwelijks waarneembaar.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

59

4.5

Duurzaamheidsopgaven

Noardeast-Fryslân gaat samen met de omliggende gemeenten aan de slag om duurzame mobiliteit (waaronder fiets en openbaar vervoer) te stimuleren. Ook het faciliteren van de laadinfrastructuur voor elektrische auto’s hoort daarbij. Vanuit toerisme en recreatie zijn er ook nog opgaven om bijvoorbeeld de recreatieve fietsnetwerken en wandelnetwerken verder te inventariseren en op termijn te optimaliseren. Deze maatregelen zorgen ook voor een verdere stimulering van onder andere het fietsgebruik en zorgt naast een bijdrage aan de duurzaamheid ook voor het verbeteren van de gezondheid.

Mobility as a Service: welke mobiliteitsdiensten bieden we aan? Komen er hubs, en waar? Welke vormen van MaaS bieden we aan? Privéauto: moet het gebied bereikbaar zijn voor privéauto's? En op welke manier? Wat betekent dat voor parkeervoorzieningen? Met name voor landelijke gebieden met voorzieningen op afstand zijn niet alle opties inpasbaar. Toch is het wel belangrijk om goed te kijken naar de gezonde en duurzame vormen van vervoer bij de ontwikkeling van de plannen. Zo begint iedere verplaatsing te voet, al is het maar van bijvoorbeeld het huis naar de parkeerplaats of van de bushalte naar de bestemming.

GROOTSCHALIGE RUIMTELIJKE ONTWIKKELINGEN VOLGENS HET STOMPPRINCIPE

In het verleden stond bij de inrichting van nieuwe ontwikkellocaties met name de auto centraal. Voor de grootschalige nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in de nabijheid van voorzieningen, ontwikkelen we deze op basis van het zogenaamde STOMP-principe. Daarbij wordt als eerste gekeken naar de gezonde duurzame vervoerswijzen en pas als laatste naar de (privé)auto. De volgorde van dit principe is: Stappen: hoe zorgen we voor een gebied met voorzieningen op loopafstand? En hoe zorgen we voor aantrekkelijke looproutes en verblijfsruimtes voor verschillende doelgroepen? Daarbij hoort ook de toegankelijkheid voor mensen met een beperking. Trappen: hoe zorgen we ervoor dat voorzieningen bereikbaar zijn met de fiets? Hoe zorgen we voor directe en comfortabele fietsroutes die ook toegankelijk zijn voor bijvoorbeeld driewielfietsen of scootmobielen? Openbaar vervoer: hoe sluiten we het nieuwe gebied aan op het OVnetwerk? Kunnen we OV-voorzieningen en gebiedsfuncties combineren?

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

60

FACILITEREN LAADBEHOEFTE In het kader van de Nationale Agenda Laadinfrastructuur trekt de gemeente op met de provincie. TotalEnergies zorgt daarbij voor de plaatsing van de laadpalen in de openbare ruimte na goedkeuring van een aanvraag. De gemeente blijft daarbij verantwoordelijk voor waar de laadinfrastructuur wordt gerealiseerd. Dit betekent dat de gemeente beleid gaat opstellen voor het plaatsen van laadinfrastructuur middels een laadvisie. Specifiek voor de fiets zorgen we in de openbare ruimte niet voor oplaadpunten voor elektrische fietsen. Dit laten we eerst bij de lokale ondernemers zoals dat nu ook al in de praktijk wordt gefaciliteerd. Door dit bijvoorbeeld bij horecagelegenheden aan te bieden kan hier een mooie combinatie gevonden worden. Opladen van fietsen kan tot op heden alleen met ‘eigen’ laders die bij de fiets horen en daarvoor is toezicht of een afgesloten ruimte gewenst. Mochten er in de toekomst geclusterde en bewaakte fietsparkeervoorzieningen gerealiseerd worden dan overwegen we op deze locaties het opladen van elektrische fietsen.

snelheidsverschillen op het fietspad is voldoende verhardingsbreedte nodig om elkaar te passeren. De breedte is daarbij mede afhankelijk van de hoeveelheid fietsers. Een goed fietsnetwerk is belangrijk om veilig te kunnen fietsen. Buiten de bebouwde kom is er ook een aantal recreatieve fietspaden waar nog onvoldoende breedte is om elkaar veilig te kunnen passeren. In combinatie met onderhoud streven we voor die locaties naar het verbreden van de infrastructuur. Daarnaast attenderen we inwoners en bezoekers op de reismogelijkheden van de fiets, het openbaar vervoer en de combinatie van verschillende vervoerswijzen. Dit doen we samen met de provincie en de overige gemeenten uit de ANNO-Regio. Voor inwoners kan het bijvoorbeeld erg aantrekkelijk zijn om gebruik te maken van de hub bij station Feanwâlden waarbij overdag vier keer per uur een trein richting zowel Groningen als Leeuwarden vertrekt.

FACILITEITEN NIEUWE VERVOERSCONCEPTEN De gemeente stimuleert initiatieven van marktpartijen die deelvoertuigen zoals deelauto’s of deelscooters aanbieden. In dit kader zijn er al deelfietsen geplaatst op de stations van Feanwâlden, De Westereen en Buitenpost. De gemeente houdt (indien nodig) met regelgeving wel de controle, om wildgroei te voorkomen. STIMULEREN VAN HET FIETSGEBRUIK EN OPENBAAR VERVOER . De fiets is een duurzaam en gezond vervoermiddel. Door de opkomst van de e-bike en de speed pedelec verandert het gebruik van het fietsnetwerk. Mensen gebruiken deze vormen van de elektrische fiets steeds vaker en voor steeds langere afstanden, waardoor het gebruik van het fietsnetwerk toeneemt. Door de toename van de

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

61

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

62

5. Hoe willen we dat bereiken 5.1

Afwegingskader

De strategische opgaven zoals hiervoor benoemd zijn voor de komende 10 jaar vertaald naar concrete maatregelen. Verkeer binnen NoardeastFryslân leeft en belangengroepen en inwoners zijn erg betrokken. Dit resulteert in een groot aantal wensen en knelpunten die uit het participatietraject naar voren zijn gekomen. We kunnen alles niet in één keer oplossen. Daarbij is ook niet alles op te lossen met infrastructurele maatregelen voor specifieke locaties. Veel aangegeven knelpunten hebben ook betrekking op het gedrag van weggebruikers. Daarom is een prioritering gemaakt waarbij de belangrijkste knelpunten en wensen als eerste worden opgepakt in de komende periode. WAAR ZETTEN WE OP IN ? Om te komen tot de benodigde maatregelen is daarom een stroomschema toegepast. Dit schema is weergegeven in figuur 5.1. In dit schema komen knelpunten en wensen vanuit vier verschillende stromen samen. Dit betreft de voorgestelde wegencategorisering in het kader van Duurzaam Veilig, de risicoanalyse & ongevalsdata, de knelpunten & wensen vanuit de inwoners & belangengroepen en de beleidswensen uit het gemeentelijke en regionale mobiliteitsprogramma en zoals beschreven in hoofdstuk 4.

verkeersveiligheid. Is dat het geval, dan wordt het knelpunt of de wens verder meegenomen voor de concrete infrastructurele maatregelen voor de komende tien jaar. OVERLEG MET ANDERE WEGBEHEERDERS In een aantal gevallen hebben knelpunten en wensen betrekking op wegen van de provincie. Voor die knelpunten gaan we in overleg met de provincie. In bijlage C is een overzicht opgenomen van de meest aangedragen wensen en knelpunten. Daarbij is aangegeven op welke wijze er in dit document met deze knelpunten en wensen is omgegaan. Daar waar geen concrete maatregelen zijn opgenomen wordt ingezet op handhaving en kan in overleg met dorpsbelangen of wijkverenigingen gekeken worden of de situatie met kleine maatregelen verbeterd kan worden. Hier wordt in paragraaf 5.11 nader op ingegaan. Daarnaast wordt in het kader van gepland groot onderhoud nader gekeken naar knelpunten en wensen voor de betreffende locaties. In dat geval kunnen wensen mogelijk met beperkte meerkosten worden meegenomen.

Uit het participatietraject is naar voren gekomen dat verkeersveiligheid de hoogste prioriteit moet krijgen binnen het mobiliteitsprogramma. Daarom is er bij de knelpunten en wensen vanuit de inwoners eerst gekeken of er sprake is van een knelpunt op het gebied van

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

63

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

64

5.2

Infrastructurele maatregelen verkeersveiligheid

Uit het beleidskader en participatietraject is naar voren gekomen dat verkeersveiligheid een hoge prioriteit verdient binnen het gemeentelijk mobiliteitsbeleid. Ook vanuit de risicoanalyse in het kader van het strategisch plan verkeersveiligheid is het nodig om infrastructurele maatregelen te treffen. EEN UNIFORME EN HERKENBARE WEGENCATEGORISERING Zoals in dit mobiliteitsprogramma is verwoord, streven we naar een uniforme weginrichting conform de principes van Duurzaam Veilig. Dit principe geeft de wenselijke wegencategorisering van de gemeentelijke wegen binnen Noardeast-Fryslân aan. Voor de wegen buiten de bebouwde kom betekent het dat we voor een groot deel van de wegen de maximum snelheid verlagen naar 60 km/h. Binnen de bebouwde kom verlagen we de maximum snelheid op een aantal locaties naar 30 km/h. Bij het bepalen van de maatregelen is de volgende prioriteitsvolgorde aangehouden: 1: Wegvakken 80 km/h met fietsers op de rijbaan afwaarderen inclusief het aanpassen belangrijke oversteekvoorzieningen; 2: Wegvakken 50 km/h met fietsers op de rijbaan afwaarderen. Drukke routes voor autoverkeer en belangrijke hoofdfietsroutes krijgen daarbij prioriteit. Ook 50 km/h wegen in de buurt van schoollocaties waarderen we af.

Wegen op industrieterreinen die geen belangrijke functie vervullen voor het fietsverkeer worden niet met voorrang aangepakt; 3: Optimalisatie in het kader van de wegencategorisering.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

65

Overzicht wenselijke wegencategorisering

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

66

MAATREGELEN AFWAARDEREN WEGEN 80 KM / H NAAR 60 KM / H De wegen in het buitengebied waar sprake is van 80 km/h in combinatie met fietsers op de rijbaan worden afgewaardeerd naar 60 km/h (maatregel V1). We starten met het plaatsen van borden. In combinatie met het onderhoud van wegen worden waar nodig snelheidsremmende maatregelen toegepast en worden gelijkwaardige kruispunten geaccentueerd middels een afwijkende verhardingskleur en/of het toepassen van een plateau. Af te waarderen gebieden naar 60 Km/h wanneer geen fietsvoorzieningen aanwezig zijn (maatregel V1)

snelheid van 80 km/h te handhaven. Daarom wordt de maximum snelheid voor deze wegen ook teruggebracht naar 60 km/h. Daarnaast worden langs twee routes vrijliggende fietspaden voorgesteld om ook op deze routes een maximum snelheid van 80 km/h te kunnen handhaven. Dit betreft de route tussen Marrum en de nieuwe rondweg Wânswert en de route Saatsenwei – Skânswei. Deze maatregelen zijn in paragraaf 5.3 opgenomen. MAATREGELEN VAN 50 NAAR 30 MET FIETSERS OP DE RIJBAAN TERNAARD Op de Stasjonswei is nog sprake van een maximum snelheid van 50 km/h. Binnen de kom waarderen we de route af naar 30 km/h om de verkeersveiligheid te verbeteren. Aanvullende inrichtingsmaatregelen zijn noodzakelijk om een lagere rijsnelheid af te dwingen (maatregel V3). Afwaardering Stasjonswei Ternaard naar 30 km/h (maatregel V3)

De routes waar vrijliggende fietsvoorzieningen aanwezig zijn, worden voorlopig op 80 km/h gehouden. Dit betreft de routes tussen Dokkum en Ternaard, Dokkum en Mitselwier en Dokkum en Nijewier. Deze routes worden nader onderzocht of op lange termijn ook een maximum snelheid kan worden gehandhaafd en welke wegaanpassingen hiervoor noodzakelijk zijn (maatregel V2). Daarnaast zijn er nog enkele wegen waar een snelheid geldt van 80 km/h met vrijliggende fietsvoorzieningen. Dit gaat om de Triemsterloane ten noorden van Kollumersweach en de Willem Loréweg ten noorden van Kollum. De inrichting van de wegen zelf (met name de wegbreedtes zijn onvoldoende om op een veilige wijze een maximum

MARRUM Binnen de bebouwde kom van Marrum is nog een klein deel van het wegennet waar een maximum snelheid van 50 km/h van toepassing is. Ook deze wegdelen worden afgewaardeerd. Daarbij is wel aandacht nodig voor de route van de de Nieuweweg tussen de provinciale weg

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

67

en de komgrens. Met de komst van de Rondweg Wânswert is op deze locatie extra verkeer te verwachten (maatregel V4).

Afwaardering wegen Dokkum naar 30 km/h (maatregel V5-V7)

Afwaardering Marrum Hearrewei en Nieuweweg naar 30 km/h (maatregel V3)

Binnen Dokkum is nog een tweetal locaties waar sprake is van 50 km/h op de rijbaan in combinatie met een belangrijke fietsroute. Dit betreft de Altenastreek en Aalsumerweg. Beide wegen worden afgewaardeerd naar 30 km/h (maatregel V5 en V6). Het gebied tussen de Rondweg-West, Parklaan en Woudweg moet in de toekomst plaats bieden aan twee extra basisscholen naast de huidige onderwijsvoorzieningen en sportfuncties die er nu ook al zitten. Dit zorgt voor veel uitwisseling van verkeer van met name kinderen. Daarom worden ook de Parklaan en Woudweg afgewaardeerd naar een maximum snelheid van 30 km/h (maatregel V7).

KOLLUMERSWEACH Binnen de bebouwde kom van Kollumersweach is nog sprake van een maximum snelheid van 50 km/h op de Foarwei en de Triemsterloane. Omdat er geen ruimte is voor gescheiden fietsvoorzieningen en veel oversteekbewegingen zijn is het afwaarderen van de route naar 30 km/h noodzakelijk. Met de huidige inrichting is hier grotendeels al op ingespeeld (maatregel V8). Afwaardering Kollumersweach naar 30 km/h (maatregel V8)

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

68

KOLLUM NADER ONDERZOEKEN Op de doorgaande route door Kollum is nog een maximum snelheid van 50 km/h van toepassing. Wel zijn er gescheiden fietsvoorzieningen aanwezig. Er is echter veel uitwisseling van verkeer en ook zijn er veel oversteekbewegingen. Bij een nadere uitwerking wordt onderzocht hoe de toekomstige weginrichting van Kollum, al dan niet in combinatie met een lagere maximum snelheid, kan worden gerealiseerd.

Impressie tracé rondweg Wânswert (maatregel V10)

Nader onderzoek inrichting hoofdroute Kollum (maatregel V9)

OPTIMALISATIE INRICHTING N.A . V . RISICOANALYSE

NIEUWE RONDWEG WÂNSWERT Inmiddels is voor Wânswert het ontwerp van de nieuwe rondweg verder uitgewerkt en wordt de ruimtelijke procedure doorlopen. Vervolgens kan de realisatie plaatsvinden en komt een lang gekoesterde wens vanuit de inwoners in vervulling. Aansluitend zijn op de Nieuweweg nog wel aanvullende maatregelen nodig met een vrijliggende fietsstructuur richting Marrum om 80 km/h op deze route te kunnen handhaven. Ook de weginrichting dient daarbij aangepast te worden (maatregel V10).

In de Risicoanalyse van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid (bijlage 1) is een aantal wegvakken opgenomen waar nog maatregelen gewenst zijn om de verkeersveiligheid te verbeteren. Dit zijn wegvakken waar sprake is van een verhoogd risico door bijvoorbeeld: • Een combinatie van een hoofdfietsroute met overig verkeer; • Er sprake is van een landbouwroute op basis van het kwaliteitsnetwerk landbouwverkeer van de provincie; • Er sprake is van te hoge rijsnelheden of een concentratie van ongevallen of een combinatie van meerdere aspecten. De grootste risicolocaties (50 km/h in combinatie met fietsers op de rijbaan) zijn reeds beschouwd. Daarnaast wordt er in ANNO-verband ook nog onderzoek verricht naar de effecten op netwerkniveau en wordt het kwaliteitsnetwerk voor landbouwverkeer samen met de provincie ook nog geactualiseerd. Zo is het voor het F-wegennet bijvoorbeeld wenselijk om zo min mogelijk conflicten te hebben met het landbouwverkeer. In combinatie met de afwaardering van 80km/h wegen buiten de bebouwde kom, worden deze maatregelen nader uitgewerkt.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

69

GEWIJZIGDE WEGINRICHTING IN COMBINATIE MET ONDERHOUD Voor de locaties waar groot onderhoud gepland is, wordt bekeken of de inrichting voldoet aan de principes van Duurzaam Veilig. Als dat niet het geval is, worden in combinatie met het onderhoud aanvullende maatregelen getroffen om te komen tot een Duurzaam Veilige inrichting.

5.3

Maatregelen fietsverkeer

Een deel van de infrastructurele maatregelen die in de vorige paragraaf zijn benoemd dienen met name om de risico’s voor kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals de fietsers, te beperken. Daarnaast wordt de komende periode verder ingezet op het stimuleren van het fietsverkeer door het realiseren van het zogenaamde F-wegennet.

Nieuwe vrijliggende fietsvoorzieningen Op twee routes is het wenselijk om de maximum snelheid van 80 km/h te handhaven voor het autoverkeer. Om dat mogelijk te maken is het noodzakelijk om vrijliggende fietsvoorzieningen te realiseren langs de Nieuweweg tussen Marrum en Wânswert (maatregel F4) en langs de Saatsenwei en Skânswei nabij Eanjum (maatregel F5). Bij nieuwe fietsvoorzieningen wordt daarbij ook naar routes via de bestaande infrastructuur gekeken. Vrijliggende fietsvoorziening langs Saatsenwei en Skânswei

Maatregelen F-wegennet Door Sweco is reeds een verkennende uitwerking gemaakt welke aanpassingen nodig zijn om te komen tot kwalitatief hoogwaardige fietsverbindingen. Dit betreft de routes tussen Dokkum-Leeuwarden (maatregel F1), Holwert-Leeuwarden (maatregel F2) en KollumBuitenpost (maatregel F3). Op te waarderen routes F-wegennet

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

70

Vrijliggende fietsvoorziening langs Nieuweweg Marrum-rondweg

Realiseren nieuwe fietsverbinding Súd Ie De ruimtelijke procedure voor de nieuwe fietsverbinding is reeds doorlopen en binnenkort wordt gestart met de realisatie van de nieuwe fietsverbinding. Nieuwe fietsverbinding Súd Ie

Ontbrekende schakel Rondweg-Noord Dokkum Aan de noordzijde van de Rondweg-Noord is ter hoogte van de busremise sprake van een ontbrekende schakel. De hoofdfietsroute loopt nu via de fietstunnel onder weg door waarbij fietsers ter hoogte van de rotonde bij de Hantumerweg weer over moeten steken. Het is wenselijk om deze ontbrekende schakel nader in te vullen en ook de huidige inrichting van de fietsinfrastructuur te optimaliseren. Daarbij is aandacht nodig voor de breedtes van de voorzieningen en de aanwezige obstakels zoals rechtopstaande trottoirbanden (maatregel F6). Ontbrekende schakel fietsverkeer Rondweg-Noord

Kwaliteitsverbetering hoofdfietsroutes Dokkum De kwaliteit op de hoofdfietsroutes binnen de bebouwde kom van Dokkum is niet overal op orde. Daarbij gaat het deels om achterstallig onderhoud van de verharding, deels om een te beperkte breedte en de aanwezigheid van risicovolle elementen; zoals rechtopstaande hoge stoepranden. Door de toenemende aantallen fietsers en ook de hogere snelheden van elektrische fietsen is een aangepaste inrichting gewenst. Daarbij gaat de voorkeur bij een nieuwe inrichting uit naar comfortabele verharding in de vorm van beton of asfaltverharding. De routes die daarbij aandacht verdienen zijn met name: • Rondweg-West en Rondwerg-Noord • Parklaan • Woudweg • Harddraversdijk Naast de verkeersveiligheid draagt dit ook bij aan een extra stimulans voor inwoners om gebruik te maken van de fiets. (maatregel F8)

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

71

ONDERZOEK TOERISTISCHE FIETS EN WANDELPADEN Als onderdeel van de Nota Recreatie en Toerisme is een onderzoek naar fiets- en wandelpaden opgenomen. Uit dit onderzoek moet o.a. blijken waar nog behoefte aan is, welke fiets- en wandelpaden niet in de behoefte voorzien en hoe we ons netwerk kunnen optimaliseren (maatregel F9). NADER ONDERZOEK FIETSERS OP ROTONDES IN DE VOORRANG Om het fietsverkeer te bevorderen ten opzichte van het autoverkeer is het wenselijk om fietsers op termijn voorrang te geven op rotondes binnen de bebouwde kom. Belangrijk daarbij is echter wel dat rotondes fysiek worden aangepast zodat automobilisten goed zicht hebben op de fietsers. Daarnaast is het van belang om de voorrangssituatie uniform toe te passen op alle rotondes binnen de bebouwde kom binnen de gehele ANNO-regio. Buiten de bebouwde kom is het vanuit verkeersveiligheidsoogpunt niet wenselijk om fietsverkeer voorrang te verlenen op rotondes. Hoewel het aantal rotondes binnen Noardeast-Fryslân beperkt is, is het toch belangrijk om aan te sluiten bij de keuzes die ook in de buurgemeenten worden toegepast. De afweging is met name voor Dokkum van belang (ook in relatie met de meerstrooks-rotonde ten noorden van de brug in de Rondweg-West) De komende periode wordt in ANNO-verband nader onderzocht of het mogelijk is om fietsverkeer op rotondes binnen de bebouwde kom voorrang te geven.

In de gemeenten Leeuwarden en Smallingerland worden deze principes al verder toegepast (maatregel F10).

5.4

Maatregelen openbaar vervoer

Concreet blijven we als gemeente inzetten op het behoud en toekomstbestendig maken van het openbaar vervoer. Dit doen we samen met de provincie Fryslân. Uitdaging daarbij is wel om inwoners te verleiden ook meer gebruik te maken van het openbaar vervoer. Vanuit de regionale mobiliteitsvisie vanuit de ANNO-gemeenten is bewustwording, marketing en communicatie van het reizen met onder andere het OV en de combinatie van vervoersmogelijkheden (maatregel D2, gekoppeld aan duurzaamheid) opgenomen. Daarnaast wordt in ANNO-verband nog onderzocht hoe we vervoerswijzen beter met elkaar kunnen verknopen en de slimme locaties kunnen kiezen voor zogenaamde hub’s om de overstap tussen de verschillende vervoerswijzen aantrekkelijk te maken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de overstap van de fiets op het openbaar vervoer waarbij de (bewaakte) stallingsmogelijkheden van de fiets een belangrijk aandachtspunt zijn (maatregel D3).

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

72

5.5

Maatregelen leefbaarheid

In het kader van de verkeersveiligheid wordt op een aantal locaties de maximum snelheden verlaagd. Dit heeft ook een gunstig effect op de geluidsbelastingen wanneer de rijsnelheden naar beneden gaan. Aandachtspunt bij de verdere uitwerking is wel het toepassen van een gewijzigde wegdekverharding. Wanneer bijvoorbeeld klinkers worden toegepast in plaats van asfalt kan dit ook weer zorgen voor een toename van de geluidsbelasting waardoor het effect van de lagere rijsnelheid weer wegvalt. Daarnaast is het belangrijk om bij de herinrichtingen goed te kijken naar de risico’s op hinder van trillingen door aangepaste wegdekverhardingen of het toepassen van drempels of plateaus. Rondweg-West Dokkum In de afgelopen jaren is Dokkum vooral aan de westkant gegroeid. Dit heeft geleid tot meer verkeer aan die kant van de stad. Rondom de nu al drukke Rondweg-West staan de komende jaren meer ontwikkelingen op stapel. De herontwikkeling van de Prins-locatie met (minimaal) 300 woningen, de concentratie van de onderwijsvoorzieningen en de verdere uitbreiding van Betterwird zal leiden tot nog meer verkeer op de Rondweg-West. De bereikbaarheid maar ook de verkeersveiligheid en leefbaarheid komen daarmee onder druk te staan. Gezien deze ontwikkelingen komt de realisatie van de Westelijke Rondweg weer in beeld. In 2010 is reeds een voorkeurstracé vastgesteld.

De rondweg is complementair aan De Sintrale As en versterkt en ondersteunt de ontwikkelingen aan de westkant van Dokkum. Gezien dit perspectief pakken we de draad weer op voor het project Westelijke Rondweg. De Westelijke Rondweg is geen doel op zich maar is een middel om ontwikkelingen mogelijk te maken danwel beter te stroomlijnen. Nu 14 jaar nadat het voorkeurstracé is vastgesteld zal de onderbouwing voor een Westelijke Rondweg opnieuw tegen het licht moeten worden gehouden (maatregel L1). Het fundament voor deze onderbouwing kan

worden gelegd in het Omgevingsprogramma Regiostad Dokkum en de ANNO opgave Ee-vallei. Centrumgebied Dokkum Voor het centrumgebied van Dokkum ligt een belangrijke opgave om de verblijfskwaliteit en de economische vitaliteit te verbeteren. Het centrum van Dokkum heeft daarbij een belangrijke functie voor zowel de inwoners van de gehele gemeente Noardeast-Fryslân als het toerisme. In een apart planproces wordt samen met inwoners, ondernemers en andere belanghebbenden een toekomstvisie ontwikkeld voor het centrum van Dokkum (maatregel L2).

Leefbaarheidsopgave Kollumersweach - De Westereen Specifiek is voor de omgeving De Westereen, Kollumersweach en Twijzelerheide een uitwerkingsopgave voor de leefbaarheid geformuleerd. Dit is een apart proces dat vanuit de ANNO-regio wordt opgepakt. Uit deze nadere studie moet blijken welke maatregelen nodig zijn (maatregel L3).

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

73

Leefbaarheidsopgave Ee-vallei Ook voor de Ee-vallei ligt er een regionale leefbaarheidsopgave die de komende periode ook verder wordt uitgewerkt. De eerste stap wordt daarbij al gezet door de realisatie van de rondweg rond Wânswert. Er speelt echter meer in het gebied en het is belangrijk om inzichtelijk te krijgen of ook de overige wegen in het gebied de verkeersstromen aan kunnen door onder andere het beperkte aantal oeververbindingen over de Dokkumer Ee. Deze leefbaarheidsopgave wordt samen met de omliggende gemeenten de komende periode verder uitgewerkt (maatregel L4).

wordt door bijvoorbeeld autonome groei van het verkeer of extra verkeer van ruimtelijke ontwikkelingen (maatregel L6).

Bereikbaarheidsopgave oostflank regio De kwaliteit van de ontsluiting van de oostflank van de regio naar Groningen en Leeuwarden is niet optimaal. Vlotte en veilige routes zijn voor de regiocentra Kollum en Buitenpost en de oostkant van de regio van groot belang voor de aantrekkelijkheid en leefbaarheid van het gebied. Een kwaliteitsverbetering van de ontsluitingsstructuur en de inzet van smart mobility moet bijdragen aan een algehele verbetering van de bereikbaarheid. Dit is een nadere uitwerking in het kader de regionale mobiliteitsvisie (maatregel L5). Om meer inzicht te krijgen in de bereikbaarheid en uitdagingen in de regio wordt de komende periode een netwerkanalyse uitgevoerd.

De komende periode gaan we in overleg met de provincie, de regio, belangenorganisaties en loonwerkers om de wenselijke routes onder de aandacht te brengen. Hierbij wordt ook het huidige Kwaliteitsnetwerk Landbouwverkeer tegen het licht gehouden en samen met de provincie herzien (maatregel L1).

Monitoring geluidssituatie Als verplichting vanuit de Omgevingswet monitoren we de komende periode de verkeersstromen en daaraan gekoppeld de geluidseffecten langs de drukkere wegen in de gemeente. Dit betreft de zogenaamde BGE (BasisGeluidEmissie). De verwachting is dat uiterlijk 2026 de basissituatie vastgelegd dient te worden voor alle wegen binnen de gemeente van 2.500 motorvoertuigen per etmaal of meer. Dit geldt ook voor wegen met een maximum snelheid van 30 km/h die voorheen geen formele geluidszone hadden. De gedachte achter deze verplichting is om te voorkomen dat de geluidssituatie voor inwoners waarneembaar toeneemt of te hoog

5.6

Maatregelen landbouwverkeer

Een belangrijk thema binnen Noardeast-Fryslân is de afwikkeling van landbouwverkeer. De gemeente bestaat voor een groot deel agrarisch grondgebied. In het landelijk gebied moet het landbouwverkeer overal kunnen komen om de landerijen en bedrijven te bereiken.

Aandachtspunt voor landbouwverkeer is daarnaast dat bij gepland onderhoud en herinrichtingen beter rekening wordt gehouden met landbouwverkeer voor de dimensionering van bijvoorbeeld verhardingsbreedtes en snelheidsremmende maatregelen. Dit is ook een belangrijk aandachtspunt wat naar voren gekomen is vanuit de belangenorganisaties.

5.7

Maatregelen bereikbaarheid Ameland

De veerhaven van Holwert ligt in de gemeente Noardeast-Fryslân vanaf de veerhaven vertrekt de boot naar Ameland. Momenteel zijn er grote problemen met de bevaarbaarheid van de vaargeul. Daarom is in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat een verkennende studie uitgevoerd naar mogelijk oplossingsrichtingen om dit probleem op te lossen. Uit de verkennende studie komt naar voren dat het verplaatsen van de veerhaven aan de vaste wal van Holwert naar

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

74

Ferwert het meest probleemoplossend is. Het is echter ook een complexe en risicovolle variant in verband met de mogelijke negatieve effecten op het Natura 2000 gebied Waddenzee. Het Ministerie van I&W heeft de intentie om een MIRT-verkenning te starten waarbij de volgende twee oplossingsrichtingen nader worden beschouwd: • •

optimalisatie bestaande situatie bij Holwert; aanleg nieuwe veerhaven bij Ferwert.

De komende periode wordt door het Ministerie van I&W samen met de regio de verdere scope van het onderzoek bepaald en zal vervolgens de MIRT-verkenning worden gestart. Hiervoor is nog wel een positief besluit vanuit de landelijke overheid noodzakelijk (maatregel B1).

5.8

Maatregelen duurzaamheid

Bewustwording duurzame reismogelijkheden Eén van de opgaven uit de Regionale Mobiliteitsvisie is het attenderen van inwoners en bezoekers op de reismogelijkheden van de fiets, het openbaar vervoer en de combinatie van verschillende vervoerswijzen. Dit doen we samen met de provincie en de overige gemeenten uit de ANNO-Regio. Voor inwoners kan het bijvoorbeeld erg aantrekkelijk zijn om gebruik te maken van de HUB bij station Feanwâlden waarbij overdag vier keer per uur een trein richting zowel Groningen als Leeuwarden vertrekt (maatregel D2). Faciliteren en stimuleren schone brandstoffen Naast het stimuleren van duurzame vervoerswijzen is er ook winst te behalen door bijvoorbeeld gebruik te maken schonere brandstoffen zoals fossielvrije diesel of elektrisch vervoer. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van een deelauto in een dorp of wijk. Initiatieven uit de markt of uit de mienskip zijn hiervoor leidend en de komende periode willen we middels een pilot een schone deelmobiliteit faciliteren. (maatregel D4)

Een aantal maatregelen in het kader van duurzaamheid zoals het stimuleren en faciliteren van fietsgebruik, dragen ook bij aan een betere leefbaarheid, bereikbaarheid en duurzaamheid. Deze zijn reeds beschouwd in de eerdere paragrafen. Specifiek voor het aspect duurzaamheid wordt de komende jaren ingezet op het faciliteren van duurzame initiatieven. Hierna zijn de belangrijkste zaken weergegeven. Faciliteren laadinfrastructuur Faciliteren van de benodigde laadinfrastructuur in de openbare ruimte. Daarbij wordt elektrificatie en het gebruik van de reeds aanwezige laadpalen beschouwd en wordt aanvullende laadinfrastructuur gefaciliteerd. Belangrijk is dat niet alleen maar op basis van een willekeurige vraag een laadpaal wordt geplaatst in de openbare ruimte. De komende periode wordt daarvoor een laadpalenvisie opgesteld. (maatregel D1). Dit is een verplichting voor gemeenten.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

75

5.9

Wandelen en toegankelijkheid

Wandelroutes worden niet uitgebreid in deze visie beschouwd. Wel komt er extra aandacht voor onderhoud, ommetjes en kansen worden benut in het kader van recreatie en toerisme. Daarnaast is het convenant ‘Charter for Walking ondertekend en is er in het kader van de lokale inclusie agenda extra aandacht nodig voor voetgangers. Wanneer grootschalige onderhoudsprojecten plaatsvinden of nieuwe ontwikkelingen, wordt vanaf het begin af aan rekening gehouden met de toegankelijkhe voor voetgangers en inwoners met een beperking die al dan niet gebruik maken van hulpmiddelen (maatregel T1). Het is belangrijk dat dit onderdeel wordt van de standaard werkwijze binnen de gemeente. Binnen de gemeente is daarnaast een werkgroep bezig om maatregelen voor toegankelijkheid verder uit te werken. Een voorbeeld hiervan is het introduceren van zogenaamde OV-maatjes die reizigers helpen om zelfstandig met het openbaar vervoer te kunnen reizen. Op lokaal niveau worden kleine knelpunten aangepakt in samenwerking met de wijken en dorpen. Dit maakt deel uit van het lokale maatwerk en de overleggen tussen de gemeente en de wijken/dorpen, zoals beschreven in paragraaf 5.11.

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

76

5.10

Educatie, handhaving en gedragsbeïnvloeding

Naast aanpassingen aan de weginrichting zijn ook vooral maatregelen nodig op het gebied van gedragsbeïnvloeding en verkeerseducatie. Als gemeente kunnen we zorgen dat de infrastructuur op orde is. De eindverantwoordelijkheid voor het gedrag ligt bij de weggebruiker zelf. UITWERKING IN RELATIE MET HET STRATEGISCH PLAN VERKEERSVEILIGHEID Gebaseerd op het Strategisch Plan Verkeersveiligheid zullen we de focus blijven leggen op verkeerseducatie en gedragscampagnes gericht op kwetsbare groepen. Binnen de gemeente zijn deze initiatieven al gaande en in samenwerking met belangengroepen zullen deze voortgezet worden. Hierbij sluiten we aan bij landelijke en provinciale initiatieven, zoals vermeld in maatregel G1.

5.11

Overige maatregelen

Op dit moment heeft de gemeente geen actueel inzicht in bewegwijzering. Hoewel steeds meer weggebruikers middels navigatie hun weg vinden, is het nog wel nodig om de bewegwijzering op orde te hebben. Met de komst van de Sintrale As is de bewegwijzering deels aangepast maar op lokaal niveau zijn er soms nog foute verwijzingen. De komende periode inventariseren we daarom de huidige bewegwijzering voor zowel het autoverkeer als fietsverkeer en voeren waar nodig aanpassingen door (maatregel O1)

HANDHAVING Om weggebruikers te wijzen op de geldende regels en hierop toe te zien, is handhaving essentieel. Het is echter cruciaal dat de weginrichting overeenstemt met het gebruik en de snelheidsvoorschriften. Er vindt regelmatig overleg plaats met de politie waarbij de handhavingsstrategie wordt besproken en beoordeeld, zoals aangegeven in maatregel G2. Het is de ambitie om daarbij sterker in te zetten op de handhaving dan nu het geval is. POSITIEF GEDRAG BELONEN Niet overal kan continu gehandhaafd worden en het is belangrijk dat weggebruikers hun gedrag blijvend veranderen en zich aan de snelheid houden. Als gemeente willen we graag positief gedrag belonen. We stellen voor om de komende periode samen met een dorpsbelang of een wijkvereniging een pilot uit te voeren waarbij we kijken of we positief gedrag kunnen belonen en weggebruikers op die manier kunnen stimuleren zich beter aan de regels te houden. (maatregel G3).

Gemeentelijk Mobiliteitsprogramma Noardeast-Fryslân - 15 juli 2024

77

5.12

Lokaal maatwerk binnen wijken en dorpen

Los van grotere infrastructurele maatregelen zijn er ook wensen van kleinere aard zoals het realiseren van extra snelheidsremmende maatregelen, een extra parkeerplaats of het plaatsen van fietsparkeervoorzieningen. Daarnaast is soms het wenselijk om bij gepland onderhoud aanvullende maatregelen te treffen waardoor de verkeerssituatie verder verbetert. Hiervoor zijn binnen NoardeastFryslân op voorhand maar beperkte middelen beschikbaar waardoor in de praktijk wensen vanuit de inwoners vaak geen gevolg kunnen krijgen.

5.13

Aanpak van verkeersmeldingen

De gemeente krijgt regelmatig vragen om snelheidsremmende maatregelen aan te leggen i.v.m. de hoge rijsnelheid van het verkeer. Als een straat gepland staat voor onderhoud, dan bekijken we of we deze straat moeten aanpassen. De gemeente houdt dan rekening met de verkeersveiligheid. Zo bepalen we of we snelheidsremmende maatregelen willen uitvoeren. Bij doorgaande routes of ontsluitingswegen hoeven we niet te wachten tot het moment dat de weg voor onderhoud gepland staat. Dan kan de gemeente ook tussentijds bepalen of er snelheid remmende maatregelen nodig zijn. Op wegen met een maximumsnelheid van 50 km/uur of 80 km/uur is de gemeente terughoudend in het toepassen van snelheid remmende maatregelen. Als maatregelen op korte termijn niet kunnen worden gerealiseerd kan de gemeente een snelheidsdisplay plaatsen. De ervaring is dat dit een positief gevolg heeft op de gereden snelheid.

bewoners buurtacties inzetten om het verkeersgedrag van de weggebruikers te beïnvloeden. Dit proces is vertaald in een stroomschema dat is opgenomen in bijlage C.

5.14

Totaaloverzicht van de maatregelen

In de volgende tabel is een (voorlopig) totaaloverzicht van de maatregelen opgenomen op basis van dit mobiliteitsprogramma. Bij de maatregelen is onderscheid te maken in verschillende maatregelcategorieën zoals deze hiervoor ook al in de verschillende paragrafen zijn benoemd. De locatiespecifieke maatregelen zijn weergegeven op de volgende pagina. Daarin zijn dus niet de maatregelen weergegeven die voor de gehele gemeente van toepassing zijn. PRIORITERING VAN MAATREGELEN Bij het overzicht van de maatregelen is middels een prioritering aangegeven welke onderdelen daarbij als eerste opgepakt dienen te worden. Maatregelen met nummer 1 hebben daarbij de hoogste prioriteit. Bij de nadere uitwerking worden deze maatregelen concreet in de tijd gezet waarbij ook de relatie gelegd wordt met gepland onderhoud en de beschikbaarheid van subsidieregelingen. Voor sommige locaties zijn specifieke oplossingen voorgesteld. Echter, voor andere locaties is verdere uitwerking vereist voordat de plannen daadwerkelijk uitgevoerd kunnen worden. In de overzichtstabel is aangegeven of het gaat om specifieke maatregelen of dat er aanvullend onderzoek nodig is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=noardeastfryslan&id=4e4b5102-8631-4981-a3c5-f36122e79e4a