Raadsbijlage ontwikkelagenda Sociaal Domein 2022-2026 deel 2
Tekst van het document
Voor de niet-arbeidsmatige dagbesteding is de wens dit zoveel mogelijk als algemene voorziening te realiseren. Door dagbesteding een algemene voorzieningen te maken, in plaats van een persoonsgebonden voorziening, wordt het hebben van een daginvulling meer genormaliseerd en minder geproblematiseerd zoals nu het geval is. Dit draagt bij aan de mogelijkheden van kwetsbare inwoners en mantelzorgers om, met behulp van algemene voorzieningen, voor zichzelf en elkaar te kunnen zorgen. Momenteel zijn er in Nissewaard voorzieningen voor ontmoeting en dagactiviteiten voor ouderen, mensen met een beperking of mensen met GGZproblematiek, die vrij toegankelijk zijn, bijvoorbeeld SWO, Pameijer (GGZ inloop), De Nieuwe Brug, Argos/Careijn (wijkservicecentra) en Ipse de Bruggen (Klussendienst). Dit wordt gesubsidieerd. Daarnaast is er sinds 2015 dagbesteding als Wmo-voorziening met een indicatie. Dit laatste is een open eindregeling. Niet altijd is het verschil in doelgroep of activiteiten goed te duiden. Wens is daarom zoveel mogelijk daginvulling/dagbesteding om te vormen 42
Ontwikkelagenda deel 2 Inspanningen voor het sociaal domein 2022 -2026 naar vrij toegankelijke voorzieningen en mogelijkheden voor daginvulling, dat op basis van voorzieningen wordt bekostigd. Dit is toegankelijker voor de inwoners en kan financieel beter worden beheerst doordat de voorzieningen worden bekostigd en niet de indicaties. Voordat tot implementatie kan worden overgegaan, zal eerst onderzocht moeten worden, met huidige zorgaanbieders en welzijnsorganisaties die vrij toegankelijke daginvulling bieden, welke vorm wenselijk is en hoe de toeleiding van inwoners naar een juiste vorm van daginvulling plaatsvindt. Ook dient duidelijk te zijn of er groepen zijn waarvoor toch geïndiceerde dagbesteding noodzakelijk zal blijven, bijvoorbeeld vanwege medische vereisten. Wens is te komen tot een samenwerking van verschillende partijen, die diverse vormen van daginvulling bieden, en waar mogelijk ook al de verbinding te leggen met regulier vrije tijdsaanbod in de sterke samenleving. Dit laatste kan gezien de snelheid van implementatie, ook een doorontwikkeling zijn. Ook de vraag in hoeverre voor deze algemene voorziening een eigen bijdrage wordt opgelegd (pag. 40 van het coalitieakkoord), kan hierin worden meegenomen.
Deze inspanning moet leiden tot een besparing van € 200.000 op het huidige budget, zijnde rond de 8% van het budget voor dagbesteding en gesubsidieerde daginvulling samen. Voor deze inspanning is binnen het bestaande ontwikkelbudget € 100.000 in 2023 geraamd voor onderzoek en implementatie van dagbesteding als algemene voorziening. In de huidige situatie worden voor iedere woningaanpassing enkele offertes opgevraagd voor de uitvoering van de aanpassingen. Momenteel is een aanbestedingstraject gestart om alle woningaanpassingen bij een of enkele bedrijven onder te brengen. Onzeker is nog of dit kostenbesparing oplevert. Het is in ieder geval effectiever omdat het zorgt voor minder gemeentelijke ureninzet per woningaanpassing en snellere uitvoering als de woningaanpassing is toegekend, omdat er geen offertes hoeven worden gevraagd en beoordeeld. De voorziening hulpmiddelen moet opnieuw worden aanbesteed in deze collegeperiode. Bij de nieuwe inkoop kan gekeken worden naar een effectievere vorm van uitvoering van deze voorziening. In hoeverre dit mogelijk is, is echter niet te voorspellen. Daarbij komt dat de prijzen enorm zijn gestegen, waardoor de kans aanwezig is dat de nieuwe inkoop niet leidt tot lagere kosten, maar juist tot hogere kosten. Deze inspanning kan binnen de bestaande capaciteit worden uitgevoerd. Of de financiële middelen toereikend zijn is de vraag.
Het proces is inmiddels gestart. De cliënten met de meeste voorzieningen zijn inwoners die zich op de grens begeven van de Wmo en de Wlz. Door het optimaliseren van de werkwijze om inwoners te laten doorstromen naar de Wlz, kunnen die cliënten wellicht eerder uitstromen uit de Wmo en daalt het aantal cliënten. Ook voorkomen we met een betere werkwijze dat inwoners met een Wlz-indicatie, ook nog Wmo-voorzieningen ontvangen. Indien er eenmaal een Wlz-indicatie is, moeten alle kosten voor zorg en ondersteuning door het zorgkantoor worden betaald. Voor inwoners is het positief om onder de Wlz te vallen; dit geeft meer mogelijkheden op zwaardere zorg en langdurige indicatiestelling. Uiteraard ligt de bevoegdheid tot indicatiestelling Wlz niet bij ons, waardoor het nog onzeker is of het verbeteren van de werkwijzen ook tot veel effect zal leiden. Een eenmalige actie om de Wmo-indicatie te beëindigen van inwoners die ook een Wlz-indicatie hebben, heeft geleid tot een besparing van € 280.000 op jaarbasis (zie collegebesluit Evaluatie formatie accountmanagement en kwaliteitsmedewerker in sociaal domein d.d. 21-12-2021). Besparingen die met deze inspanning worden gerealiseerd, vallen onder de taakstelling toezicht, kwaliteit en accountmanagement (zie programmalijn gemeentelijke regierol).
43
Ontwikkelagenda deel 2 Inspanningen voor het sociaal domein 2022 -2026 Toelichting op inspanningen bij doel ‘multiprobleemhuishoudens’ Multiproblematiek is nu nog moeilijk aan te pakken door onvoldoende borging in wetgeving. Daarom is de aanpak van multiproblematiek in deze collegeperiode nog beperkt. Met de komst van de Wet multiproblematiek (Wams) per 2024 (vermoedelijk), komt hierin verandering. Met de inrichting van casus- en procesregie binnen de gemeentelijke toegang, wordt hierop al een voorschot genomen. Met dit doel, willen we de aanpak van multiproblematiek ook daadwerkelijk vorm geven, met als doel een betere uitkomst voor het huishouden en lagere kosten voor de gemeente. Momenteel is een wijziging van de Wmo in voorbereiding, die de gemeente meer bevoegdheden geeft op gebied van multiproblematiek. Het wetsvoorstel regelt een extra wettelijke taak voor gemeenten voor een gecoördineerde aanpak van meervoudige problematiek, juridische grondslagen voor de hiervoor benodigde verwerking en uitwisseling van persoonsgegevens, en waarborgen tegen onnodige verspreiding of verzameling van persoonsgegevens. De voorbereiding van deze wet, zoals lokale regelgeving en keuze voor een methodiek, vindt plaats binnen de bestaande beleidscapaciteit en binnen het project gemeentelijke toegang.
De kans is zeer wel aanwezig dat de uitvoering van deze wet structureel extra capaciteit vraagt, omdat de gemeente verplicht wordt een coördinerende taak uit te voeren bij multiproblematiek, die er nu nog niet is. Onduidelijk is of hier ook extra middelen vanuit het Rijk voor beschikbaar worden gesteld. Na invoering van de wet, zullen wij als gemeente actief aan de slag gaan met multiproblematiek, door het selecteren van 20 huishoudens met multiproblematiek en hoge kosten in het sociaal domein, om te bezien in hoeverre een integrale aanpak een beter resultaat oplevert, tegen lagere kosten. Welke methodiek hiervoor wordt gebruikt, is onderdeel van de voorbereiding van de Wams. Het monitoren van de resultaten, zowel qua effect voor het huishouden, als qua kosten, is onderdeel van deze inspanning.
Tot slot De hier genoemde inspanningen gelden voor de gehele collegeperiode. Dit is echter een behoorlijk lange periode. Het kan dus zijn dat omstandigheden in de samenleving, gewijzigd rijksbeleid, de financiële situatie of jurisprudentie, maken dat we keuzes en prioriteiten moeten herzien. Het kan ook zijn dat inspanningen sneller gerealiseerd worden dan verwacht, waardoor extra ambities mogelijk worden, of dat onze inschatting omtrent de (kosten van) realisatie niet juist was. Kortom, we willen jaarlijks bezien in hoeverre deze inspanningen, de randvoorwaarden daarvoor en wellicht ook de operationele doelen, bijstelling vereisen. Hiermee geeft dit document wel de benodigde richting en focus, maar biedt het tegelijk de ruimte om aanpassingen te doen wanneer dit nodig is, op basis van vaste reflectiemomenten.
44