CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2027 (Raad)

Gemeenteraad 8 juli 2026, gemeente NissewaardBij agendapunt: Perspectiefnota 202732.814 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

19

Taakstelling effectiever en efficiënter werken door meer in eigen beheer te doen Aanbestedingsvoordeel verzekeringen

572

572

572

100

100

100

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2027 2028 2029

2030

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029

2030

100

Duurzaam ontwikkelen en wonen 2026 Ruimtelijke ontwikkeling Leges omgevingsvergunningen

1.200

Bereikbaarheid en mobiliteit Storting reserve Mobiliteitsmanagement Onttrekking reserve Bereikbaarheid

-200 200

Bouwprojecten en grondexploitatie Anterieure overeenkomsten Reserve Projecten

513 -513

Leren, participeren en ondersteunen

Onderwijs IHP Primair onderwijs – tijdelijke huisvesting Reserve Onderwijshuisvesting IHP Primair onderwijs - indexatie

165 -165

38 -38 -71

-56 56 -164

PM PM -162

PM PM -161

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 -171 -99 PM PM

2030 PM

Overzichten

Eigenrisicodrager Werkloosheidswet (WW) Structurele kostenontwikkeling ICT-contracten en softwarelicenties - indexatie Nieuwe Digitale Werkplek – eenmalige middelen

-200

-200

-200

-200

-500

In bijlage II wordt een nadere uiteenzetting gegeven van de betreffende knelpunten. Daar zijn ook de knelpunten met betrekking tot het Sociaal Domein terug te vinden. Daarmee ziet het financieel perspectief er als volgt uit.

Saldo Algemene Dienst Stelpost Sociaal Domein Saldo begroting 2026 – 2030 (A) Technische begroting 2027 – 2030 Knelpunten Algemene Dienst

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 5.196 2.400 -1.156 -2.143 2.344 1.851 -2.493 -4.766 7.540 4.251 -3.649 -6.909 3.471 3.463 3.443 82 -817 -787 -564

2030 -2.143 -4.766 -6.909 3.443 -763 20

Knelpunten Sociaal Domein Subtotaal (B) Overige Risico (gedeeltelijk) wegvallen suppletieuitkering ad € 4,4 miljoen per jaar Meicirculaire 2026 (Eind)analyse begroting 2027 – 2030 Septembercirculaire 2026 Subtotaal overige (C) Totaal (A+B+C)

-944 -862

PM PM PM 6.678

-4.077 -1.423

PM PM PM PM 2.828

-3.883 -1.207

PM PM PM PM -4.856

-3.659 -780

-6.110 -3.430

PM

PM

PM PM PM PM -7.689

PM PM PM PM -10.339

De begroting 2026 laat een positief saldo zien van € 6,7 miljoen. Voor de begroting 2027 – 2030 is sprake van een positief saldo van € 2,8 miljoen in 2027 aflopend tot een negatief saldo van - € 10,3 miljoen in 2030. In paragraaf 2.5 Aanpak sluitende begroting 2026 – 2030 zal nader ingegaan worden op het voorstel hoe hier mee om te gaan voor het opstellen van de begroting 2027 - 2030. Voor de volledigheid zijn in de bovenstaande tabel het risico op het (gedeeltelijk) wegvallen van de suppletie-uitkering ad € 4,4 miljoen per jaar, de meicirculaire 2026, de (eind)analyse van de begroting 2027 – 2030 en de septembercirculaire 2026 toegevoegd aan de tabel. Deze onderwerpen zullen in positieve dan wel negatieve zin van invloed zijn op het financieel perspectief. Omdat de hiermee samenhangende financiële effecten pas in de loop van de zomer duidelijk zullen worden, zal hier bij de programmabegroting 2027 – 2030 nader over geadviseerd worden. De uitzondering hierop betreft de meicirculaire 2026. Deze circulaire was op het moment dat deze perspectiefnota in de collegevergadering werd behandeld nog niet geanalyseerd. Om de informatie rondom de Perspectiefnota 2027 zo compleet en actueel mogelijk te laten zijn, zal getracht worden om voor de gemeenteraadsbehandeling een eerste analyse van de meicirculaire 2026 via een brief toe te zenden.

Afhankelijk van de financiële effecten van het risico op het (gedeeltelijk) wegvallen van de suppletieuitkering ad € 4,4 miljoen per jaar, de meicirculaire 2026, de (eind)analyse van de begroting 2027 – 2030 en de septembercirculaire 2026 kan het zijn dat opgenomen knelpunten en beschikbaar gestelde middelen voor de realisatie van diverse ambities heroverwogen worden, zodat de gemeenteraad in november 2026 een sluitende (meerjaren)begroting ter besluitvorming kan worden aangeboden.

2.2

Sociaal Domein

Naast de bovengenoemde zaken zijn ook de verwachte ontwikkelingen met betrekking tot het Sociaal Domein van belang voor het financieel perspectief van de gemeente. Stelpost Sociaal Domein De stelpost Sociaal Domein vormt een belangrijk indicator voor de financiële stand van zaken op dit terrein. De stand van de stelpost Sociaal Domein1 zag er ten tijde van het opstellen van deze perspectiefnota als volgt uit. Stelpost sociaal domein Stelpost Sociaal Domein na 2e turap 2025

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 2030 2.344 1.851 -2.493 -4.766 -4.766

1

Betreft het Sociaal Domein exclusief de centrumtaken Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, Beschermd wonen en Brede aanpak dak- en thuislozen (middelen bestemd voor de ZHE-regiogemeenten).

21

Knelpunten PPN 2027: • Indexering SD • Thema Onderwijs • Thema thuis in Nissewaard • Thema thuis in Nissewaard • Thema Maatwerk Jeugd • Thema Maatwerk Volwassenen Totaal knelpunten PPN 2027 Stand stelpost na PPN 2027

50 -156 156 -937 -56 -944

-1.625 53

-1.686 53

-1.755 53

-1.755 53

-2.284 -221 -4.077

-2.264 14 -3.883

-1.971 14 -3.659

-4.422 14 -6.110

1.400

-2.226

-6.376

-8.425 -10.876

Onderstaand wordt een nadere uitsplitsing gegeven van de post “Indexering SD” en “overige mutaties PPN 2027 SD per thema”. Knelpunten indexering in PPN 2027 Indexering Jeugd Lokaal Indexering Daginvulling Jeugd Indexering GRJR Indexering OVA Wmo Totaal knelpunt Indexering SD

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 2030 -179 -179 -179 -179 -122 -122 -122 -122 -939 -999 -1.069 -1.069 -385 -385 -385 -385 -1.625 -1.686 -1.755 -1.755

Overige mutaties PPN 2027 SD per thema 2026 Onderwijs Wet Kinderopvang Thuis in Nissewaard Ontwikkelbudget SD Ontwikkelbudget SD - reserve SD Maatwerk Jeugd GRJR: Ontwerp begrotingswijziging 2026 + gemeentelijke zorgkosten / Ontwerpbegroting GRJR 2027 en MJR 2028 – 2030 + gemeentelijke zorgkosten Jeugd Begeleiding Daginvulling Jeugd dagbehandeling VP Daginvulling Jeugd 2025 Jeugdgezondheidszorg Maatwerk Volwassenen Dagbesteding Hulpmiddelen Volumegroei hulpmiddelen en HH Eigen bijdrage Wmo PGB Huishoudelijke Hulp Medisch advies Wmo Volumegroei stelpost Totaal overige mutaties PPN

50

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2027 2028 2029 2030 53

53

53

53

-1.743

-1.723

-1.429

-3.880

-272

-272

-272

-272

-270

-270

-270

-270

27 -61 -489 25 23

27 -61 -489 25 23

27 -61 -489 25 23

27 -61 -489 25 23

254 -2.452

489 -2.197

489 -1.904

489 -4.355

-156 156

-1.029

-73 165

27 -60 25 22 -70 -944

22

Voor een nadere toelichting op de afzonderlijke posten wordt verwezen naar bijlage II. Reserve Sociaal Domein Het verloop van de reserve Sociaal Domein ziet er, inclusief de voorstellen vanuit deze perspectiefnota, als volgt uit.

Reserve Sociaal Domein Saldo 1 januari Reeds besloten Voorstellen Perspectiefnota 2027 Overheveling 2025/2026 (PPN 2027) Beschermd Thuis Nissewaard (PPN 2027)* Onderzoeken materiele controle Pilot Ombuiging Medische Verwijzingen: Tijdelijke fte team Jeugd en incidentele subsidie Pilot Ombuiging Medische Verwijzingen: Incidentele kosten impuls AI en automatisering Saldo 31 december

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 2030 21.124 13.080 10.602 10.303 10.303 -6.527 -1.762 -184 -1.388 845 -156

2

-318

-718

-115

10.602

10.303

-500 13.080

10.303 10.303

* Deze middelen zijn gelabeld aan het Uitvoeringsprogramma Woonzorgvisie/Beschermd Thuis Nissewaard.

2.3

Invulling bezuinigingen Algemene Dienst en Sociaal Domein

Invullingsvoorstellen bezuinigingen Algemene Dienst In deze Perspectiefnota 2027 zijn de volgende invullingsvoorstellen met betrekking tot de openstaande bezuinigingen voor de Algemene Dienst meegenomen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Nr. Omschrijving

Lasten/ Baten

2026

Lasten

3

Lasten

77

2027

2028

2029

2030

80

80

80

80

Totaal ingevulde bezuinigingen AD 80 80 80 80 In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen.

80

Schoon, heel en veilig Beheer openbare ruimte 20. Reinis niet-DVO-taken Accommodaties en parkeren Controle op betalen parkeerbelasting 28. uitvoeren via elektrische scooter

Invullingsvoorstellen bezuinigingen Sociaal Domein In deze Perspectiefnota 2027 zijn de volgende invullingsvoorstellen met betrekking tot de openstaande bezuinigingen voor het Sociaal Domein meegenomen. Voor de “GR Jeugd en lokale jeugdhulp”, “huishoudelijke hulp” en “Lokaal Beschermd Thuis” gaat het om een gedeeltelijke invulling van de bezuinigingstaakstellingen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Lasten/ Nr. Omschrijving 2026 2027 2028 2029 Baten Leren, participeren en ondersteunen

2030

23

Maatwerk Jeugd 11. GR Jeugd en lokale jeugdhulp Maatwerk Volwassenen 19. Huishoudelijke hulp 27. Collectief vervoer Wmo 24. Lokaal Beschermd Thuis

Lasten

507

290

240

240

240

Lasten Lasten Lasten

159 60

159 61

159 61 77

159 61 77

159 61 77

Totaal ingevulde bezuinigingen SD 726 510 537 537 In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen.

537

Daarmee wordt in deze Perspectiefnota 2027 voor een bedrag van € 0,8 miljoen in 2026 aflopend tot € 0,7 miljoen in 2030 aan bezuinigingen ingevuld. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Omschrijving 2026 2027 2028 2029 2030 Ingevulde bezuinigingen Algemene Dienst 80 80 80 80 80 Ingevulde bezuinigingen Sociaal Domein 726 510 537 537 537 Totaal ingevulde bezuinigingen PPN 2027 806 590 617 617 617 In bijlage III Bezuinigingen 2026 -2030 wordt een en ander nader toegelicht.

2.4

Openstaande bezuinigingen Algemene Dienst en Sociaal Domein

De volgende taakstellingen zijn, na invulling van bovenstaande taakstellingen, op dit moment nog actueel in de begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027 – 2030. Daarbij heeft een aantal bezuinigingen meer opgeleverd aan besparing dan was begroot. Deze posten zijn te herkennen aan de “-”-posten. Deze financiële ruimte wordt vooralsnog apart gehouden voor het geval een bezuiniging onverhoopt minder aan besparing blijkt op te leveren. Openstaande bezuinigingen Algemene Dienst Nr. Omschrijving

3. 5. 8.

Bedragen x € 1.000 “-” = voordelig Lasten/ Afgerond 2026 2027 2028 2029 2030 Baten

Bestuur en dienstverlening Burgerzaken Automatische uitgifte documenten Lasten Online verlengen documenten Lasten Wet Basisregistratie Personen Lasten geen huisbezoeken meer

Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 13. VRR Beheer openbare ruimte 16. GEO /data op orde 20. Reinis niet-DVO-taken 23. Korting GR DCMR Totaal openstaande bezuinigingen Algemene Dienst

Lasten Lasten Lasten Lasten

✓

✓

60

60 60

60 60

6

6

6

6

6

-28

-151

-213

-275

-275

205 -20

209 60 -21

209 60 -21

209 60 -21

209 60 -21

163

103

101

99

99

24

In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen. Openstaande bezuinigingen Sociaal Domein Bedragen x € 1.000 “-” = voordelig Nr. A 9. 10. 14. 11. 19. 24.

B

Omschrijving Leren, participeren en ondersteunen Bezuinigingen Nissewaard Maatwerk Jeugd Aanpak 10 duurste gezinnen GR Jeugd en lokale jeugdhulp Daginvulling jeugd RBOK GRJR Maatwerk Volwassenen Huishoudelijke hulp Lokaal Beschermd Thuis Totaal bezuinigingen Nissewaard Bezuinigingen Rijk Maatwerk Jeugd Kortere trajectduur jeugdhulp GRJR Eigen bijdragen jeugdzorg Maatwerk Volwassenen Eigen bijdragen Wmo Totaal bezuinigingen Rijk

Lasten/ Baten

Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten Lasten

2026

2027

2028

2029

2030

1.315

214 1.621 315 3.290

214 1.329 315 5.618

214 1.319 315 5.617

214 1.319 315 5.617

726

653

3.416

6.093

653 69 8.198

653 140 8.258

653 140 8.258

342 1.290

352 1.327

352 1.327

1.004 2.636

1.004 2.683

1.004 2.683

1.375

Lasten Baten Baten

1.004 1.004

A+B Totaal openstaande taakstellingen SD 3.416 7.097 10.835 10.940 10.940 In de kolom “Nr.” staat het oorspronkelijke volgnummer zoals opgenomen in de begroting 2025 – 2028 in de bijlage Bezuinigingen. Daarmee staat in 2026 nog een bedrag van € 3,6 miljoen aan nog in te vullen bezuinigingen open oplopend tot € 8,4 miljoen in 2030. Bedragen x € 1.000 “-” = voordelig Omschrijving 2026 2027 2028 2029 2030 Openstaande bezuinigingen Algemene Dienst 163 103 101 99 99 Openstaande bezuinigingen Sociaal Domein 3.416 6.093 8.198 8.258 8.258 Totaal openstaande bezuinigingen 3.579 6.196 8.299 8.357 8.357 In bijlage III Bezuinigingen 2026 -2030 wordt een en ander nader toegelicht.

2.5

Aanpak sluitende begroting 2026 – 2030

Op basis van het bovenstaande sluiten de jaren 2026 en 2027 met positieve saldi en de jaren 2028 en verder met negatieve saldi. Dit laatste is vooral als gevolg van de aanvullende knelpunten ten aanzien van de Jeugdzorg. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 2030 Technische begroting 2027 – 2030 (A) 3.471 3.463 3.443 3.443

25

Saldo Algemene Dienst Knelpunten Algemene Dienst Totaal saldo Algemene Dienst (B)

5.196 82 5.278

2.400 -817 1.583

-1.156 -787 -1.943

-2.143 -564 -2.707

-2.143 -763 -2.906

Saldo stelpost Sociaal Domein Knelpunten Sociaal Domein Totaal stelpost Sociaal Domein (C)

2.344 -944 1.400

1.851 -4.077 -2.226

-2.493 -3.883 -6.376

-4.766 -3.659 -8.425

-4.766 -6.110 -10.876

Totaal begrotingssaldo (A+B+C)

6.678

2.828

-4.856

-7.689

-10.339

Om volgens de financiële spelregels te bepalen of sprake is van niet alleen een sluitende, maar ook een structureel en materieel sluitende, begroting is het zaak om rekening te houden met incidentele lasten en baten en (nog) niet bestede stelposten. In de onderstaande tabel is dit verwerkt. Structureel en materieel begrotingssaldo (Financieel Toezicht provincie Zuid-Holland)

Totaal begrotingssaldo Openstaande bezuinigingen ‘Vrij besteedbare’ stelposten Saldo reservemutaties Overige correcties incidentele lasten en baten Gecorrigeerd begrotingssaldo (Dekkings)voorstellen ‘Isoleren’ knelpunten + bez. Jeugdzorg conform brief VNG Onderuitputting budgetten conform brief VNG Heroverweging indexatie tarieven en heffingen Overige maatregelen Inzet surplus Algemene reserve Begrotingssaldo

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2027 2028 2029 2.828 -4.856 -7.689 6.196 8.299 8.357 PM PM PM PM PM PM PM PM PM 3.099 -3.368 -13.155 -16.046 2026 6.678 3.579

3.099

PM PM PM 3.400 32

2030 -10.339 8.357 PM PM PM -18.696

11.041

10.806

13.257

PM PM PM PM -2.114

PM PM PM PM -5.240

PM PM PM PM -5.439

Op basis van de bovenstaande tabel bedraagt het gecorrigeerde begrotingssaldo voor 2026 € 3,1 miljoen positief aflopend naar - € 18,7 miljoen negatief in 2030. Dit structurele nadeel betreft voor - € 13,3 miljoen openstaande bezuinigingen en knelpunten met betrekking tot de Jeugdzorg. Vanuit het perspectief dat het Rijk ook structureel z’n verantwoordelijkheid moet nemen voor de stijgende kosten van de Jeugdzorg, wordt voor de begroting 2027 – 2030 dan ook de lijn gevolgd die De Vereniging van Nederlandse Gemeenten heeft geadviseerd in haar brief “Begrotingsadvies 20272030” van 19 mei 2026: “maak de begroting voor 2027 sluitend en breng vanaf 2028 baten en lasten voor jeugdzorg in balans met (redactie: negatieve) stelposten, waarbij de lasten voor jeugdzorg zo realistisch mogelijk worden geraamd”. In de brief van de VNG wordt ook geadviseerd om te kijken naar de onderuitputting van budgetten. Ook dit advies nemen we over en zal nader onderzocht worden. Verder is in 2024 (onderzoek gemeentefondsspecialiste dhr. J. Verhagen) geconstateerd dat gemeenten al jaren steevast te weinig compensatie voor inflatie ontvangen van het Rijk via hun Algemene uitkering uit het Gemeentefonds. Ook bij deze perspectiefnota zijn diverse indexatieknelpunten geconstateerd. De achterblijvende inflatiecompensatie vanuit het Rijk komt de financiële situatie van Nissewaard logischerwijs niet ten goede.

Op basis van de gehanteerde indexatieberekening door Nissewaard bedraagt de stijging voor tarieven en heffingen 2027 1,52%. Gezien het achterblijven van de compensatie vanuit het Rijk de 26

afgelopen jaren en de geconstateerde indexatieknelpunten zal richting de begroting 2027 – 2030 nog nader bekeken worden of het te hanteren stijgingspercentage voor tarieven en heffing van 1,52% nog heroverwogen moet worden. Zolang het solvabiliteitspercentage (Eigen Vermogen / Totaal vermogen x 100%) van de gemeente 20% of hoger bedraagt mag een deel van de Algemene reserve ingezet worden als dekkingsmiddel waarbij dit getypeerd wordt als ‘structureel’. Voor Nissewaard gaat om een bedrag van (maximaal) ca € 4 miljoen. Voor het begrotingsjaar 2027 wordt voorgesteld om dit (deels) in te zetten als dekkingsmiddel. Bij de Programmabegroting 2027 – 2030 zal, rekening houdende met de meicirculaire 2026, de eindanalyse van de begroting 2027 – 2030 en de septembercirculaire 2026, nader geadviseerd worden over het financieel perspectief.

2.6

Investeringskredieten

In bijlage VI is een overzicht van de investeringskredieten opgenomen zoals deze voor het lopende jaar beschikbaar zijn gesteld en voor de komende jaren verwacht worden. Zoals is te zien staat er voor 2026 een bedrag van € 63,1 miljoen aan lopende investeringen open. De kapitaallasten die met deze investeringen samenhangen zijn al via eerdere besluitvorming gedekt in de begroting.

2.7

Ontwikkelingen Algemene reserve

Voor een compleet beeld van het financieel perspectief zijn zowel de verwachte ontwikkelingen ten aanzien van de exploitatie als de Algemene reserve van belang. Deze laatste vormt immers de belangrijkste buffer om risico’s op te vangen. Deze risico’s betreffen voornamelijk de grondexploitaties en de algemene uitkering. De verwachte ontwikkeling van de Algemene reserve er als volgt uit. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 70.075 59.052 58.898 58.787 -111 -50 -7.300 -144 55

Verloop Algemene reserve Saldo 1-1 (begroting) Reeds besloten Rekeningresultaat 2025 (1) Voorstellen Perspectiefnota 2027 Overheveling 2025 -> 2026 -4.466 -10 Correctie reserve Frictiekosten 500 Vrijval reserve De Boeg 188 Saldo 31-12 (rekening) 59.052 58.898 58.787 58.737 (1) Deze post is een voorlopige inschatting en nog onder voorbehoud van vaststelling door de gemeenteraad van de betreffende financiële stukken.

58.737

Naast de Algemene reserve beschikt de gemeente Nissewaard ook nog over andere (bestemmings-) reserves. In bijlage V is hiervan het verloop terug te vinden.

2.8

2030 58.737

Weerstandsratio

De gemeentelijke huishouding is zowel beleidsmatig als financieel zeer omvangrijk. Hier zijn onvermijdelijk risico’s mee verbonden. Om het financiële huishoudboekje op orde te houden is het zaak om bewust met deze risico’s bezig te zijn (risicomanagement). Dit begint met het in kaart brengen van potentiële risico’s en de daarmee samenhangende financiële effecten, het (waar) 27

mogelijk reduceren van deze risico’s en zorgen voor voldoende weerstandsvermogen om de financiële effecten die met de risico’s samenhangen op te kunnen vangen. Jaarlijks wordt de gemeenteraad hierover via de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer in de begroting en jaarrekening geïnformeerd en geadviseerd. Uitgaande van de bij de Jaarstukken 2025 bepaalde benodigde weerstandscapaciteit, de reserves welke tot de weerstandscapaciteit worden gerekend2 en de standen van de reserves zoals vermeld in bijlage V, ziet de weerstandsratio er als volgt uit. Bedragen x € 1.000 Benodigde weerstandscapaciteit 90% (ceteris paribus jaarrekening 2025)

21.114

Algemene reserve Reserve Sociaal Domein Reserve Beheer

58.737 10.303 8.828

Totaal weerstandsvermogen

77.868

Weerstandsratio

3,7

De streefwaarde van de weerstandsratio bedraagt 1. Op basis van het bovenstaande meerjarenoverzicht beschikt de gemeente Nissewaard over een “uitstekend” weerstandsvermogen.

2.9

Stelpost loon- en prijsstijging

Jaarlijks krijgt de gemeente via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds compensatie voor de verwachte loon- en prijsstijgingen. Omdat onze begroting in constante prijzen wordt geraamd, worden de meerjarige loon- en prijsstijging bij de raming van de algemene uitkering buiten beschouwing gelaten. Immers, wanneer de verwachte loon- en prijsstijging voor 2028 reeds als beschikbare ruimte bij de voor de begroting 2027 – 2030 wordt betrokken, is er bij het opstellen van de begroting 2028 – 2031 geen ruimte meer om de loon- en prijsstijging 2028 te kunnen betalen. Dit neemt niet weg dat er wel inzicht gegeven kan worden in de loon- en prijscompensatie welke de komende jaren via de algemene uitkering verwacht wordt. Ten behoeve van dit inzicht wordt de algemene uitkering inclusief de loon- en prijscompensatie voor de komende jaren geraamd. Deze loon- en prijscompensatie wordt vervolgens geparkeerd op een stelpost, ter dekking van de verwachte loon- en prijsstijgingen bij de komende begrotingen.

Onderwerp Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2027 t/m 2030 cumulatief Loon- en prijscompensatie 2027 – reeds verwerkt in het saldo van de technische begroting 2027 – 2030

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2027 2028 2029

2030

9.115

16.716

24.634

24.634

9.115

9.115

9.115

9.115

2

Hierbij is rekening gehouden met de reeds besloten onttrekkingen en stortingen in de deze reserves alsook de (meerjarige) mutaties die voorgesteld worden in deze perspectiefnota. Tegen deze achtergrond wijkt deze tabel dan ook af ten opzichte van hetgeen is opgenomen in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer in de Jaarstukken 2025.

28

Saldo loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 0 7.601 15.519 15.519* 2027 t/m 2030 cumulatief *Bij de meicirculaire 2026 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2030 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Het saldo van deze stelpost wordt betrokken bij het opstellen van de begrotingen 2028 en verder.

2.10

Stelpost areaalmutaties

Het aantal woningen en inwoners fluctueert van jaar tot jaar. Hoewel dit op het totaal van beperkte omvang is, kan dit wel extra lasten voor de gemeente met zich meebrengen alsook extra baten. Zo zal bijvoorbeeld het bouwen van extra woningen leiden tot een groter gebied dat beheert moet worden. Daar staat dan weer tegenover dat de extra woningen en inwoners leiden tot een hogere algemene uitkering en meer OZB-inkomsten. Een en ander vice versa bij een daling van het aantal woningen en inwoners. Net als de hierboven genoemde meerjarige loon- en prijscompensatie is het de bedoeling om hiermee meer inzicht te creëren in de verwachte toekomstige groei (en krimp) van onze gemeente.

Onderwerp Stelpost Areaalmutaties Areaaluitbreiding De Elementen en Krekenbos Areaalmutaties OZB 2027 t/m 2030 Saldo

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 313 635 743 846 -234 -330 -360 -360

79

PM 305

PM 383

PM 486

2030 846 -360 PM 486

Met het opstellen van de programmabegroting 2027 – 2030 zal deze stelpost worden geactualiseerd.

2.11

Stelpost hoeveelheidsverschillen

Bij de analyse van de circulaires van het Rijk over de ontwikkelingen met betrekking tot de Algemene uitkering uit het Gemeentefonds wordt ook bekeken in hoeverre de aantallen per maatstaf (bijvoorbeeld aantal inwoners, bijstandcliënten, etc.) (meerjarig) nog veranderd zijn. De analyseverschillen die hierdoor ontstaan worden op een stelpost Hoeveelheidsverschillen geplaatst om vervolgens bij de opstelling van de nieuwe begroting te bekijken in hoeverre deze financiële ruimte nodig is om bepaalde lastenbudgetten te verhogen. Immers, de uitgangspunten voor de raming van de (meerjarige) baten (Algemene uitkering) moeten overeenkomen met de uitgangspunten voor de raming van de (meerjarige) lasten.

Onderwerp Stelpost Hoeveelheidsverschillen Inzet bij begroting 2027 - 2030 Saldo

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2027 2028 2029 1.686 2.477 2.611 PM PM PM 883 1.686 2.477 2.611

2026 883

2030 2.611 PM 2.611

Met het opstellen van de programmabegroting 2027 – 2030 zal hier nader over geadviseerd worden.

29

3.

Indeling programmabegroting 2027 – 2030

3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt de indeling aangegeven voor de programmabegroting 2027 – 2030. Per programma is, conform de programmabegroting 2026 – 2029 een aantal thema’s benoemd welke de (politieke) essentie van het betreffende programma weergeven. Per thema worden vervolgens de volgende punten aangegeven: • Wat willen we bereiken? (doelen en indicatoren) • Wat gaan we daarvoor doen? (activiteiten, inzet, etc.) • Financiën (lasten en baten) • Verbonden partijen Naast de onderstaande programma’s en thema’s zal de programmabegroting, net als in de vorige gemeenteraadsperiode een bestuurlijke samenvatting (hoofdpunten beleid en financiën), paragrafen (specifieke onderwerpen) en de financiële begroting (financieel technische informatie over de opbouw van de begroting) bevatten.

3.2

Programma’s

1. Bestuur en dienstverlening Thema’s 1.1 Bestuur 1.2 Burgerzaken 1.3 Dienstverlening 2. Schoon, heel en veilig Thema’s: 2.1 Openbare orde & veiligheid 2.2 Beheer openbare ruimte 2.3 Accommodaties & parkeren 3. Duurzaam ontwikkelen en wonen Thema’s: 3.1 Ruimtelijke ontwikkeling 3.2 Bereikbaarheid & mobiliteit 3.3 Duurzaamheid 3.4 Wonen 3.5 Bouwprojecten & grondexploitatie 4. Ondernemen en ontspannen Thema’s: 4.1 Economie 4.2 Cultuur 4.3 Recreatie & toerisme 4.4 Cultureel erfgoed 4.5 Sport

30

5. Leren, participeren en ondersteunen Thema’s: 5.1 Onderwijs 5.2 Thuis in Nissewaard 5.3 Maatwerk Jeugd 5.4 Maatwerk volwassenen 5.5 Werk, inkomen, armoedebeleid & emancipatie 5.6 Volksgezondheid 6. Overzichten Thema’s: 6.1 Ondersteuning organisatie 6.2 Treasury 6.3 Vennootschapsbelasting 6.4 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 6.5 Onroerende Zaakbelasting 6.6 Overige belastingen 6.7 Overige baten en lasten

3.3

Paragrafen

Lokale Heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheer Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Openbaarheid (Woo)

31

4.

Bijlage I Indexatie

De meerjarenraming van Nissewaard wordt in constante prijzen geraamd, dat wil zeggen de baten en lasten worden meerjarig niet geïndexeerd. Deze indexatie wordt op jaarbasis gedaan bij het opstellen van de nieuwe (technische) begroting voor het komende dienstjaar en vastgelegd in de perspectiefnota. Het uitgangspunt voor deze indexatie is dat de baten en lasten met de inflatie meebewegen. Bij het indexeren zijn er vier mogelijkheden: • Geen indexatie • Alleen loonindexatie • Alleen prijsindexatie • Gemengde indexatie Op basis van de soort kosten is per lasten- en baten categorie bepaald welke indexatie van toepassing is. Voor de indexatie van de begroting 2027 wordt teruggekeken naar eerdere indexatie prognoses op basis van de realisatiecijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hiervoor afgeeft. Voor de prognoses van indexatie maken we gebruik van de informatie van het Centraal Planbureau (CPB) de Macro Economische Verkenning (MEV) en het Centraal Economisch Plan (CEP).

4.1

Prijzen

Deze indexatie wordt gebruikt voor de materiële budgetten. Herberekening 2025 In de Perspectiefnota 2026 is uitgegaan van 3,2% als stijgingspercentage materiële kosten 2025. Op basis van het CBS is het inflatiepercentage 2025 op 3,3% uitgekomen. In de Perspectiefnota 2027 vindt er dan ook een correctie plaats van 0,1%. Inschatting 2026 In de Perspectiefnota 2026 is 3% opgenomen als stijgingspercentage materiële kosten 2026. Op basis van de prognose van het CPB september 2025 wordt voor 2026 een stijgingspercentage van 2,3% voorspeld. In de Perspectiefnota 2027 vindt er dan ook een correctie plaats van -0,7%. Inschatting 2027 De prognose voor 2027 wordt geschat op 2,3%. Dit, gegeven de inschatting voor 2026 en het streefpercentage van de Europese Centrale Bank van 2%. Ten opzichte van de begroting 2026 vindt daarmee een prijsindexatie plaats van 1,7% (0,1% nacalculatie 2025 - 0,7% bijstelling inschatting 2026 + 2,3% inschatting 2027). Conclusie: Indexatie prijzen 2027 +1,7 %

4.2

Lonen

De huidige CAO loopt van 1 april 2025 tot en met 31 maart 2027. Voor de berekening van het stijgingspercentage voor personele kosten in 2027 worden de volgende componenten meegenomen: 32

a. Gevolgen van CAO-ontwikkelingen. b. Wijzigingen in de werkgeverspremies, zoals pensioen-, WAO- en ziektekostenpremies. c. Reguliere jaarlijkse periodieke verhogingen van individuele loonkostenontwikkelingen. Herberekening 2025 In de Perspectiefnota 2026 is 4,08% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2025. Naar aanleiding van de huidige CAO-afspraken wordt dit percentage bij de Perspectiefnota 2027 geraamd op 3,04%, derhalve vindt een correctie van -1,04% plaats. Dit betreft een correctie op de CAOstijging. Inschatting 2026 In de Perspectiefnota 2026 is 4,5% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2026. In de Perspectiefnota 2027 wordt dit percentage 2,92%, derhalve een correctie van -1,58%. Dit betreft een correctie op de raming van de CAO-stijging en de werkgeverslastenstijging. Inschatting 2027 Voor 2027 wordt een stijging van de loonkosten geraamd van 3,46%. Dit bestaat uit 2,84% verwachte stijging van het CAO gerelateerd loon, 0,62% doorwerking CAO 2026 en 0,5% als verwachte stijging werkgeverslasten. Herberekening 2025 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies

PPN 2026 4,08% 0,50%

PPN 2027 3,04% 0,50%

Verschil - 1,04% 0,00% -1,04%*

Inschatting 2026 CAO ontwikkelingen Doorwerking CAO 2025 Werkgeverspremies

3,00% 1,00% 0,50%

1,38% 1,89% -0,35%

-1,62% 0,89% -0,85% -1,58%*

Inschatting 2027 CAO ontwikkelingen Doorwerking CAO 2025 Werkgeverspremies

0,00% 0,00% 0,00%

2,84% 0,62% 0,50%

2,84% 0,62% 0,50% 3,96%*

*De periodieken en loonontwikkeling wordt met ingang van de begroting 2022 – 2025 niet langer als percentage in de technische begroting verwerkt, maar als bedrag. De effecten 2025, 2026 en 2027 bij elkaar geteld geven een indexatie voor lonen van 1,34% ten opzichte van de begroting 2026. Conclusie : Indexatie lonen 2027 +1,34%

4.3

Samengesteld percentage

Bepaalde budgetten in de begroting bestaan zowel uit prijs- als looncomponenten. Bijvoorbeeld subsidies aan instellingen. Voor de indexatie van deze budgetten wordt uitgegaan van een 33

samengesteld percentage van het geraamde prijs- en loonstijgingspercentage op basis van een verhouding van 50% materiële en 50% personele kosten. De berekening hiervan ziet er als volgt uit: 50% x stijging personele kosten 50% x prijsstijging + stijging samengestelde budgetten

: : :

50% x 1,34% 50% x 1,70%

= 0,67% = 0,85% + 1,52%

Conclusie : Indexatie samengestelde budgetten 2027 +1,52% De indexatie van de samengestelde budgetten is tevens de basis voor de indexatie van de belastingen en tarieven. Conclusie : Indexatie belastingen en tarieven 2026 +1,52%

4.4

Toelichting berekeningswijze belastingen (OZB) en tarieven (riolering)

Hierboven is aangegeven dat het indexatiepercentage voor de gemeentelijke belastingen en tarieven voor 2027 1,52% bedraagt. Houdt dat nu ook in dat daarmee het stijgingspercentage van de belastingen en tarieven voor 2027 automatisch 1,52% bedraagt? Nee, het uiteindelijke stijgingspercentage kan afwijken. Dit kan geïllustreerd worden aan de hand van een drietal voorbeelden: de OZB-tarieven, het rioolrecht en de afvalstoffenheffing. OZB Voor de OZB-tarieven zijn er naast het indexatiepercentage diverse andere factoren van invloed op de hoogte van het stijgingspercentage. Gedacht kan worden aan de waarde-ontwikkeling van woningen. Wanneer woningen meer waard worden, daalt het OZB-tarief. Wanneer woningen minder waard worden, stijgt dit tarief. Hierdoor wordt een door de tijd heen zo gelijkmatig mogelijke belastingdruk bewerkstelligd. Wanneer deze correctie niet zou plaatsvinden, zou dat flinke schommelingen veroorzaken in het bedrag dat inwoners jaarlijks aan OZB moeten betalen, maar ook wat de gemeente jaarlijks aan OZB ontvangt. Dit is voor onze inwoners niet wenselijk, maar ook niet voor de gemeente. Hiermee zouden flinke schommelingen in de begroting kunnen ontstaan, wat het moeilijker maakt om een stabiel gemeentelijk beleid te voeren. Daarnaast wordt in de hoogte van de tarieven rekening gehouden met bijvoorbeeld ‘oninvorderbare aanslagen’.

Waarom gebeurt dat? Het is de bedoeling dat de in de (technische) begroting geraamde OZB-inkomsten worden binnen gehaald, in dit geval vermeerderd met 1,52%. Wanneer geen rekening gehouden zou worden met ‘oninvorderbaar’ zou de geraamde belastingopbrengst nooit gehaald worden met als gevolg een tekort in de begroting en een nadeel bij de jaarrekening. Bij het bepalen van de OZB-tarieven voor 2027 wordt gekeken naar de in de begroting 2026 geraamde opbrengst. Deze wordt vermenigvuldigd met 1,52%. Daarmee is de te innen OZBopbrengst bepaald. Vervolgens wordt rekening gehouden met oninvorderbaar, leegstand (bij nietwoningen) en waardemutaties. Ter illustratie: Opbrengst OZB begroting 2026 + 1,52% inflatiestijging = te realiseren opbrengst OZB 2027. Te realiseren opbrengst OZB 2027 = totale waarde onroerend goed x OZB-tarief 2027 Om het tarief 2027 te bepalen wordt dus de te realiseren opbrengst OZB 2026 als uitgangspunt genomen. Vervolgens wordt in de tariefsbepaling rekening gehouden met (mutaties ten aanzien van) waardeontwikkeling als gevolg van bezwaarschriften, oninvorderbaar en leegstand. 34

Rioolrecht Het tarief voor het rioolrecht is naast de hoogte van het inflatiepercentage afhankelijk van de kosten welke de gemeente moet maken om de afvoer van (afval)water te regelen. Zo leiden meer investeringen (kosten) tot een hoger tarief. Afvalstoffenheffing Ook voor dit tarief geldt dat er meer aspecten van invloed zijn dan alleen het inflatiepercentage. In dit geval zijn vooral de hoeveelheid aangeboden afval en de verwerkingskosten van dat afval bepalende factoren. De belastingtarieven worden in concept berekend bij de begroting 2027 waarna in december 2026 de tarieven ter definitieve vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

35

5.

Bijlage II Overzicht knelpunten 2026 – 2030

Onderstaand wordt een overzicht inclusief bijbehorende toelichting weergegeven van de geïnventariseerde knelpunten voor 2026 – 2030. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Nr. Omschrijving Bestuur en dienstverlening Bestuur Ondersteuning bestuurlijke 1. wisseling 2. Regiobudget samenwerking Burgerzaken 3a. Paspoortenpiek – formatie 3b. Paspoortenpiek – leges Totaal Bestuur en dienstverlening Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 4. Opgave Weerbaarheid 5. Preventie met gezag Beheer openbare ruimte Kinderboerderij - personele 6. capaciteit Areaaluitbreiding beheer De 7a. Elementen / Krekenbos 7b. Inzet stelpost Areaalmutaties 8. Vergunningen kabels en leidingen Accommodaties en parkeren Energiekosten (str. risico Midden9. Oosten) 10. Galileilaan 1 over naar projecten 11a. Formatie-uitbreiding Vastgoed Taakstelling effectiever en 11b. efficiënter werken door meer in eigen beheer te doen VVE bijdrage Dr. J.M. den Uijllaan 12. 1 Aanbestedingsvoordeel 13. verzekeringen Totaal Schoon, heel en veilig

Lasten/ Baten

2026

Lasten

-50

Lasten

2027

2028

2029

2030

-20

-35

-35

-35

Lasten Baten

-350 -20 -420

-484 20 -484

-407 -14 -456

-229 -264

-429 -464

Lasten Lasten

-148

PM -60

PM

PM

PM

-60

-60

-60

-60

Lasten Lasten

-234

-330

-360

-360

-360

Lasten Baten

234 200

330 200

360 200

360 200

360 200

Lasten

39

44

73

73

73

Lasten Lasten

-33

-33

-33 -572

-33 -572

-33 -572

572

572

572

-28

-28

-28

-28

100

100

100

100

30

163

224

252

252

PM 1.200

PM

PM

PM

PM

-50

-50

-50

-50

Lasten Lasten

-28

Lasten

Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 14. Leges omgevingsvergunningen Baten 15. Leges omgevingsvergunningen Baten Bereikbaarheid en mobiliteit Mobiliteitsmanagement Zuid16a. Lasten Hollandse Eilanden en Haven

36

Storting reserve Mobiliteitsmanagement Onttrekking reserve 16c. Bereikbaarheid Onttrekking reserve 16d. Mobiliteitsmanagement Bouwprojecten en grondexploitatie 17a. Anterieure overeenkomsten 17b. Reserve Projecten Totaal Duurzaam ontwikkelen en wonen 16b.

Ondernemen en ontspannen Recreatie & toerisme Boerderij de Wolvenstee – extra 18. kosten grondwateronderzoek + uitvoering Totaal Ondernemen en ontspannen

Lasten

-200

Baten

200

Baten

Baten Lasten

25. 26. 27. 28. 29.

50

50

50

0

0

0

0

-28

0

0

0

0

165

38

-56

PM

PM

-165

-38 -71

56 -66 -164

PM -65 -162

PM -65 -161

-92

55

55

55

55

92

-55

-55

-55

-55

-71

-230

-227

-226

PM

PM

PM

PM

-99

PM

PM

PM

-60

-60

-60

-60

-200

-200

-200

-200

PM

PM

PM

513 -513 1.200

Lasten

Leren, participeren en ondersteunen Onderwijs IHP Primair onderwijs - tijdelijke 19a. Lasten huisvesting 19b. Reserve Onderwijshuisvesting Baten 20. IHP Primair onderwijs - IKC Noord Lasten 21. IHP Primair onderwijs - indexatie Lasten Exploitatie huur en verhuur 22a. Lasten onderwijs 22b. Stelpost Onderwijshuisvesting Lasten IKC De Dijkwachter - bijdrage Klein 23a. Lasten maar dapper + Mundo 23b. Stelpost Onderwijshuisvesting Lasten Totaal Leren, participeren en ondersteunen

24.

50

Overzichten Ondersteuning organisatie Arbodienst Lasten Eigenrisicodrager Lasten Werkloosheidswet (WW) Indexatie contracten facilitaire diensten en hogere kosten op Lasten producten Inhuur extra beveiliging stadhuis Lasten Kostenontwikkeling ICT-contracten Lasten en softwarelicenties - indexatie Kostenontwikkeling ICT-contracten Lasten en softwarelicenties

-28+PM

-38 38 0

-171

-30

37

Voordeel samenwerking VaZ op gebied van ICT 31. Nieuwe Digitale Werkplek 32. Evenementen Treasury Kapitaalbehoefte Stedin – effect 33. dividend Totaal Overzichten 30.

Lasten

PM

Lasten Lasten

-500

Baten

Totaal knelpunten Alg. Dienst Sociaal Domein - knelpunten

PM

PM

PM

PM

-65

-65

-65

-65

PM

PM

PM

PM

PM

-701

-424

-325

-325

-325

82

-817

-787

-564

-763

-944 -4.077

-3.883

-3.659

-6.110

Toelichting knelpunten

5.1

Bestuur en dienstverlening

Bestuur 1. Ondersteuning bestuurlijke wisseling De gemeenteraadsverkiezingen brengen vierjaarlijks extra kosten voor de Griffie met zich mee. Het gaat hierbij om zaken die verband houden met het afscheid van de oude raad, de installatie en het inwerken van de nieuwe raad. 2. Regiobudget samenwerking Voor de regionale samenwerking, waaronder de regio deals, de R8 en de New Town alliantie, is budget benodigd. Hoewel deze samenwerkingsverbanden de komende jaren doorlopen, is er vanaf 2027 onvoldoende budget beschikbaar. Burgerzaken 3. Paspoortenpiek In de begroting is er wel rekening gehouden met extra baten die de paspoortenpiek oplevert (zie Perspectiefnota 2021, voor 2024 en verder), maar niet met de lasten (de extra formatie) die nodig zijn om deze extra werkzaamheden uit te voeren. In het eerste kwartaal van 2029 is de verwachting dat de paspoortenpiek over is. Dit is de achtergrond van dit knelpunt voor de jaren 2026 t/m 2028. Aantal paspoorten 2026

2027

2028

13.911

16.787

15.509 Aantal paspoorten tijdens de piek

6.454 7.457

6.454 10.333

6.454 Aantal paspoorten regulier gemiddeld. 8.685 Aantal extra paspoorten tijdens de piek

Met het verdwijnen van de paspoortenpiek in 2029 neemt ook de hoeveelheid baten af. Dit betreft het nadeel voor de jaren 2029 en 2030. De afloop van de baten in de tijd gaat geleidelijk, deels in 2029 en deels (aanvullend t.o.v. 2029) in 2030, vandaar dat het nadeel in 2030 groter is dan in 2029.

38

5.2

Schoon, heel en veilig

Openbare orde en veiligheid 4. Opgave Weerbaarheid Elke Nederlandse gemeente staat momenteel voor de opgave om de weerbaarheid van de eigen organisatie en de lokale samenleving (inwoners én bedrijven) te versterken. De noodzaak hiertoe ligt in de gevolgen van de geopolitieke spanningen, cyberdreigingen en klimaatverandering. De VNG heeft in augustus 2025 de handreiking 'Weerbaarheid en veerkracht op lokaal niveau' gepubliceerd. Deze handreiking biedt gemeenten een praktische basis om lokaal aan de slag te gaan met het versterken van de maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht. De kern van de handreiking is een lijst met de uitwerking van 41 maatregelen op lokaal niveau. Deze maatregelen zijn onder zes pijlers verdeeld. Een concrete verantwoordelijkheid voor gemeenten is het oprichten van noodsteunpunten. Nissewaard neemt deel aan de pilot noodsteunpunten van de veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond en ontvangt hiervoor in 2026 budget. Voor het uitvoeren van de opgave weerbaarheid in Nissewaard is personele capaciteit nodig. 5. Preventie met gezag Met behulp van de Preventie met Gezag middelen hebben we onder andere gekozen voor de intensivering van reeds bestaande en bewezen interventies. PmG stopt per 1 juli 2027 en vanuit het Rijk wordt er zowel inhoudelijke als financiële borging geëist.

Er is gekozen om voor 2027, vanaf juli, eenmalig € 60.000 beschikbaar te stellen voor de interventie Pak je Kans. Preventie met Gezag, en met name Pak je Kans, is een succesvol project dat we in het kader van de NewTowns aanpak graag willen voortzetten. Om die reden willen we met dit geld 2027 overbruggen. Zo kan Pak je Kans in 2027 het hele jaar worden gecontinueerd en vanaf 2028 krijgen we hopelijk middelen vanuit de New Towns voor deze interventie zodat deze ook daarna kan worden gecontinueerd en daarmee geborgd. Deze halve formatieplaats vormt een onderdeel van de contrafinanciering die het Rijk vraagt. Beheer openbare ruimte 6. Kinderboerderij - personele capaciteit Op de kinderboerderij ‘De Trotse Pauw’ werd sinds jaar en dag gebruik gemaakt van inhuur om de bezetting rond te krijgen. De vaste personele capaciteit was onvoldoende om de kinderboerderij veilig en verantwoord te exploiteren. In 2025 is het inhuurbudget ingezet om een tijdelijke functie mogelijk te maken, waar een vaste medewerker met een tijdelijk contract op geplaatst is. Het voorstel is om deze tijdelijke formatie om te zetten naar vaste formatie zodat de personele capaciteit en daarmee de exploitatie van de kinderboerderij structuur geborgd wordt en inhuurkosten in de toekomst vermeden worden. 7.

Areaaluitbreiding beheer De Elementen en Krekenbos / Inzet stelpost Areaalmutaties De komende jaren gaan een aantal gebieden van de Elementen en het Krekenbos in Zuidland over naar het beheer van de openbare ruimte. Dit knelpunt kan gedekt worden door de stelpost Areaalmutaties. 8. Vergunningen kabels en leidingen Op basis van de realisatie van de afgelopen jaren voor de leges van de aanleg van kabels & leidingen en de vaste aansluitingen van laadpalen wordt € 200.000 meer begroot aan inkomsten. Accommodaties en parkeren 9. Energiekosten (str. risico Midden-Oosten) Naar aanleiding van de in rekening gebrachte energiekosten en de ontvangen afrekeningen van de energieleverancier over de periode 2025 zijn de huidige energiebudgetten van de accommodaties geanalyseerd. Het potentiële structurele voordeel wordt veroorzaakt door het implementeren van diverse verduurzamingsmaatregelen zoals uitvoering geven aan de Erkende Maatregelenlijsten 39

(EML), het aanbrengen van ledverlichting in de parkeergarages en het toepassen van Phase Change Material koeling in de MER-ruimte. Daarnaast zijn van de niet slimme meters de meterstanden doorgegeven aan de nieuwe gasleverancier, waarvan een aantal in het verleden op schatting werden afgerekend, met als gevolg een positieve afrekening. Het voorstel is om het exploitatieresultaat vrij te laten vallen. De instabiele situatie in het Midden-Oosten heeft veel impact op de energiemarkten. De kosten voor brandstof en energie lopen op. Dit leidt tot financiële onzekerheid voor de gemeentelijke begroting. De directe lasten van de gemeente voor de energiekosten van het eigen vastgoed (zoals de werkgebouwen) lopen op. Ook worden energiekosten in rekening gebracht bij de gebruikers (zoals scholen en verenigingen) van ons vastgoed. Hogere kosten vormen een risico voor deze organisaties. Het is dan ook de vraag of het (politiek) wenselijk is dat we de gestegen energiekosten doorberekenen. Daarnaast werken de hogere energie- en materiaalprijzen door in de tarieven van aannemers. Dit heeft gevolgen voor de budgetten van zowel lopende als geplande projecten. Vanwege de onvoorspelbaarheid van de marktomstandigheden moet rekening worden gehouden met hogere kosten. De hoogte hiervan is op dit moment nog onduidelijk. 10.

Galileilaan 1 over naar projecten Het object Galileilaan 1 te Spijkenisse is overgedragen aan projecten en derhalve het voorstel om de exploitatiebudgetten af te ramen. 11. Formatie-uitbreiding Vastgoed / Taakstelling effectiever en efficiënter werken door meer in eigen beheer te doen Met de 2e Tussenrapportage 2025 is de personele uitbreiding bekrachtigd voor het verstevigen van het fundament van het cluster vastgoed. Onder andere door het terughalen van werkzaamheden die nu zijn uitbesteed of worden ingevuld met externe inhuur, gaan we efficiënter werken en garanderen we de continuïteit en stabiliteit. De dekking hiervoor ligt in de boekjaren 2026 en 2027 de reserve Onderhoud. De investering verdient zich vanaf 2028 terug, door: a. minder extra inhuur; b. taken die nu extern belegd, zijn terughalen; c. slimme strategische keuzes en d. betere sturing en een proactieve aanpak. Om dit inzichtelijk te maken, wordt vanaf 2028 een taakstelling opgenomen. 12. VVE bijdrage Dr. J.M. den Uijllaan 1 De VVE-bijdrage City Plaza is aangepast en gebaseerd op de splitsingsakte, waarbij de voormalige verdeling op appartementsrecht juridisch niet mogelijk is. Het gevolg is dat de gemeente op verdeling van breukdeel een hogere bijdrage dient te betalen. 13.

Aanbestedingsvoordeel verzekeringen De nieuwe aanbesteding van de verzekeringscontracten heeft een voordeel van structureel € 100.000 opgeleverd.

40

5.3

Duurzaam ontwikkelen en wonen

Ruimtelijke ontwikkeling 14. Leges omgevingsvergunningen Momenteel wordt onderzoek gedaan naar de mate van kostendekkendheid van de gemeentelijke leges en tarieven. De eerste indruk is, dat de kostendekkendheid van de omgevingsvergunningen omhoog zou kunnen. Hier wordt nog nader over geadviseerd. 15. Leges omgevingsvergunningen Voor 2026 en verder worden hogere opbrengsten omgevingsvergunningen in verband met de verwachte woningbouwontwikkelingen verwacht. Netcongestie vormt op de langere termijn hierbij wel een risico. Bereikbaarheid en mobiliteit 16. Mobiliteitsmanagement Zuid-Hollandse Eilanden en Haven / Onttrekking reserve Bereikbaarheid De gemeenten van de Zuid-Hollandse Eilanden en overige regionale overheden en organisaties werken samen aan een strategisch bereikbaarheidsplan met daarin maatregelen gericht op hinderbeperking vanwege grote onderhoudsopgaven in de regio de komende jaren. Dit gebeurt vanuit de gezamenlijkheid in het besef dat maatregelen in het gebied hun effect hebben op de bereikbaarheid van het gebied als geheel. Van alle partijen wordt een financiële bijdrage verwacht, € 50.000 per gemeente per jaar voor een periode van vier jaar. Voor deze ‘beleidsintensivering’ wordt een aparte reserve Mobiliteitsmanagement ingesteld ad € 200.000 ten lasten van de reserve Bereikbaarheid. Na 4 jaar zal de reserve Mobiliteitsmanagement opgeheven worden.

Bouwprojecten en grondexploitatie 17. Anterieure overeenkomsten/Reserve Projecten In het eerste kwartaal van 2026 zijn twee anterieure overeenkomsten gesloten voor de Vredehofstraat en de Zuidrand. Met deze overeenkomsten is in de begroting nog geen rekening gehouden.

5.4

Ondernemen en ontspannen

Recreatie & toerisme 18. Boerderij de Wolvenstee – extra kosten grondwateronderzoek + uitvoering In de 2e Tussenrapportage 2025 is een budget van € 42.385 beschikbaar gesteld voor het onderzoek Wolvenstee. Het onderzoek zelf kost zo’n € 60.000. Daarbij komen nog extra kosten voor onderzoek waterkwaliteit (€ 5.000) en peilonderzoek water (€5.600). Het beschikbaar gestelde budget is derhalve niet toereikend. Daarnaast zal in 2026 de oplossingsmaatregel, te weten het plaatsen van een grindkoffer of andere maatregel, worden uitgevoerd. Het precieze benodigde bedrag hiervoor is nog niet bekend. Daarnaast zal dit jaar een schade onderzoek worden uitgevoerd, met als doel om te kunnen beoordelen in hoeverre de wateroverlast de verzakking van de boerderij veroorzaakt heeft. Kosten hiervan zijn ook nog niet inzichtelijk. Als blijkt dat de verzakking door de waterschade is veroorzaakt, dan zal hiervoor ook een bedrag betaald moeten worden.

41

5.5

Leren, participeren en ondersteunen

Onderwijs 19. IHP Primair onderwijs - tijdelijke huisvesting / Reserve Onderwijshuisvesting Bij een aantal scholen worden noodlokalen ingezet om het ruimtetekort voor de leerlingen op te vangen. Door vertraging in de uitvoering van de permanente oplossing worden een aantal noodlokalen langer gehuurd dan eerder werd voorzien. Andere noodlokalen konden daarentegen juist eerder worden verwijderd, waardoor het financieel knelpunt in 2028 gedekt kan worden door een financieel voordeel in 2026 en 2027. 20. IHP Primair onderwijs - IKC Noord Het budget voor de bouw van een integraal kindcentrum in Spijkenisse-Noord is berekend met de gegevens die bekend waren tijdens de vaststelling van het integraal huisvestingsplan voor het primair onderwijs 2023-2042 (IHP). Inmiddels zijn de leerlingprognoses herzien. Op basis van deze hernieuwde gegevens wordt beoogd een groter schoolgebouw te bouwen dan eerder werd voorzien. 21. IHP Primair onderwijs - indexatie Gemeente indexeert de investeringsbudgetten voor de uitvoering van het integraal huisvestingsplan voor het primair onderwijs. De inflatie in de bouw ligt echter hoger dan de algemene indexering op investeringen. Met dit financieel knelpunt volgt de gemeente de indexatie die de VNG hanteert voor de onderwijshuisvesting. 22.

Exploitatie huur en verhuur onderwijs / Stelpost Onderwijshuisvesting De huidige exploitatiebudgetten van de aangehuurde scholen en welke in eigendom zijn van de gemeente zijn naar aanleiding van de exploitatieresultaten boekjaar 2025 nader geanalyseerd. Het ontstane verschil wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door de uitbreiding en aanbouw aan de Zoetemanring in Zuidland. Het voorstel is om dit te verrekenen de stelpost Onderwijshuisvesting. 23. IKC De Dijkwachter - bijdrage Klein maar dapper + Mundo/ Stelpost Onderwijshuisvesting Dit betreft een bijdrage aan Klein maar dapper en Mundo naar aanleiding van project nieuwbouw IKC De Elementen, welke nog onderhanden is. Dekking vindt plaats vanuit de stelpost Onderwijshuisvesting.

5.6

Overzichten

Ondersteuning organisatie 24. Arbodienst Op het budget Arbo en ziekteverzuim is circa € 247.000 geraamd voor abonnementskosten van de arbodienst, inclusief bedrijfsmaatschappelijk werk en psychologische ondersteuning. Het huidige contract loopt af per 1 januari 2027; hiervoor wordt een aanbesteding voorbereid met als doel een nieuwe overeenkomst per die datum. Het budget is de afgelopen jaren niet geïndexeerd, terwijl de kosten per medewerker zijn gestegen door organisatiegroei en prijsindexaties. De abonnementsprijs per 2027 is nog niet bekend, maar de stijgende kosten zijn niet meer binnen het huidige budget op te vangen. 25. Eigenrisicodrager Werkloosheidswet (WW) Binnen de organisatie is een hogere instroom in de WW zichtbaar. Er wordt kritischer gekeken naar het niet verlengen van tijdelijke contracten en er wordt meer gestuurd op functioneren, wat leidt tot een hogere instroom in de WW.

42

26. Indexatie contracten facilitaire diensten en hogere kosten op producten Vanuit de lopende contracten met Asito (schoonmaak) en Securitas (beveiliging) zijn hogere indexaties doorgevoerd dan waarmee in de gemeentelijke budgetten rekening is gehouden. Hierdoor ontstaat vanaf 2027 een structureel tekort van € 60.298. Dit tekort betreft overigens uitsluitend kosten die niet kunnen worden doorbelast aan huurders/afnemers, zoals schoonmaakkosten en beveiliging van werkgebouwen (stadhuis, parkeerbeheer, etc.). 27. Inhuur extra beveiliging stadhuis Voorgesteld wordt om tot einde van het jaar een beveiliger in te huren voor de donderdagavond openstelling, met als resultaat om de veiligheid van burger en medewerker voldoende te waarborgen. Daarnaast was de organisatie ook genoodzaakt om een ‘extra’ beveiliger in te huren in het eerste kwartaal, omdat de paniekknop disfunctioneerde en er sprake was van veel agressie in de centrale hal. 28. Kostenontwikkeling ICT-contracten en softwarelicenties – indexatie De huidige begroting en gehanteerde indexatie sluiten onvoldoende aan op de feitelijke ontwikkeling van ICT-contractkosten en softwarelicenties. Waar de gemeentelijke begroting uitgaat van een generieke indexatie van circa 1,5%–3,5%, laten marktontwikkelingen in de ICT-sector structureel hogere prijsstijgingen zien.

Een belangrijk deel van de ICT-contracten valt onder de GIBIT-voorwaarden, waarbij leveranciers contractueel prijsindexaties mogen toepassen die hoger liggen dan de gemeentelijke index. Hierdoor ontstaat een structurele mismatch tussen begroting en werkelijke kostenontwikkeling. Dit betreft geen lokaal vraagstuk, maar een bredere landelijke ontwikkeling waar gemeenten mee worden geconfronteerd. 29. Kostenontwikkeling ICT-contracten en softwarelicentie De gemeente Nissewaard maakt net als andere gemeenten gebruik van de collectieve contracten die via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) worden afgesloten. De VNG treedt hierbij namens gemeenten op als onderhandelingspartner richting leveranciers. Hoewel dit schaalvoordelen biedt, blijven gemeenten gevoelig voor marktontwikkelingen. In 2027 lopen meerdere van deze VNG-contracten af, waaronder het Microsoft-contract. Op basis van signalen vanuit de VNG en leveranciers wordt een prijsstijging verwacht die wellicht op kan lopen tot + 40%. In afwachting van de feitelijke resultaten van de onderhandelingen wordt dit knelpunt vooralsnog PM opgenomen. 30. Voordeel samenwerking VaZ op gebied van ICT Met de toetreding van de gemeente Voorne aan Zee tot de gemeenschappelijke regeling Syntrophos is het de verwachting dat hier schaalvoordelen behaald kunnen worden.

Omdat hier nog geen exact beeld van is, is dit vooralsnog PM opgenomen. 31. Nieuwe Digitale Werkplek De implementatie van de Nieuwe Digitale Werkplek (NDW) is een organisatiebreed transformatieproject dat raakt aan alle onderdelen van de gemeente. Het betreft niet enkel een technische vervanging van werkplekken, maar een fundamentele verandering in de manier van werken, samenwerken, informatie delen en gebruik van digitale middelen. De NDW vormt de hoeksteen van onze digitale transformatie en fungeert als het onderliggende platform waarop verdere ontwikkelingen, waaronder AI-toepassingen, veilig en beheerst kunnen landen. Zonder deze basis is het niet mogelijk om op een verantwoorde en schaalbare manier invulling te geven aan innovatie, datagedreven werken en moderne digitale dienstverlening. 43

Daarmee is de NDW geen opzichzelfstaand project, maar een randvoorwaardelijke investering om: • onze dienstverlening toekomstbestendig te houden; • te kunnen blijven voldoen aan wet- en regelgeving (o.a. informatieveiligheid) en • de organisatie in staat te stellen haar taken ook in de toekomst effectief en verantwoord uit te Voeren. Voor een succesvolle implementatie is aanvullende inzet nodig op: • projectleiding (meerdere parallelle trajecten); • specialistische kennis (o.a. migratie, security, Microsoft 365 inrichting) en • organisatiebrede adoptie en verandermanagement De incidentele middelen ad € 500.000 zijn noodzakelijk om deze tijdelijke, maar cruciale inzet te organiseren en het project beheerst, veilig en met voldoende draagvlak uit te voeren. 32. Evenementen Bij de Perspectiefnota 2025 is geconstateerd dat de kosten voor evenementen zijn toegenomen. Dit knelpunt is t/m 2026 incidenteel gedekt door een onttrekking aan de Algemene reserve. Treasury 33. Kapitaalbehoefte Stedin – effect dividend Stedin heeft in verband met de verduurzamingsopgave behoefte aan extra kapitaal. Op welke wijze dit georganiseerd gaat worden, wordt momenteel onderzocht. Een van de opties is het geheel of gedeeltelijk beperkten van het uit te keren dividend. Dit zou voor Nissewaard een nadelig effect zijn. Vooralsnog is dit onderwerp als PM opgenomen.

5.7

Sociaal Domein

De stelpost Sociaal Domein vormt een belangrijke indicator voor de financiële stand van zaken op dit terrein. De stand van de stelpost Sociaal Domein3 zag er ten tijde van het opstellen van deze perspectiefnota als volgt uit. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2026 2027 2028 2029 2030 Stelpost Sociaal Domein na dec. circulaire 2025 2.344 1.851 -2.493 -4.766 -4.766 Knelpunten 2026-2030 PPN 2027: Algemeen 1. Indexering Jeugd Lokaal -179 -179 -179 -179 2. Indexering GRJR -939 -999 -1.069 -1.069 3. Indexering OVA Wmo -385 -385 -385 -385 4. Indexering Daginvulling Jeugd -122 -122 -122 -122 Onderwijs 5. Wet Kinderopvang 50 53 53 53 53 Thuis in Nissewaard 6.a Ontwikkelbudget SD -156 6.b Onttrekking reserve SD 156 Maatwerk Jeugd 7. Jeugd begeleiding lokaal -272 -272 -272 -272 3

Betreft het Sociaal Domein exclusief de centrumtaken Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, Beschermd wonen en Brede aanpak dak- en thuislozen (middelen bestemd voor de ZHE-regiogemeenten).

44

8. GRJR: Ontwerp begrotingswijziging 2026 + gemeentelijke zorgkosten / Ontwerpbegroting GRJR 2027 en MJR 2028 – 2030 + gemeentelijke zorgkosten 9. Daginvulling JH Dagbehandeling 10. Daginvulling Jeugd 11. CJG-jeugdgezondheidszorg Maatwerk Volwassenen 12. Dagbesteding Wmo 13. Hulpmiddelen 14. Volumegroei hulpmiddelen en HH 2027 15. Stelpost volumegroei 16. Eigen bijdragen Wmo 17. PGB Huishoudelijke hulp 18. Wmo medisch advies Totaal mutaties sociaal domein PPN 2027

-1.029

-1.743

-1.723

-1.429

-3.880

-270

-270

-270

-270

25 22 -70 -944

27 -61 -489 254 25 23

27 -61 -489 489 25 23

27 -61 -489 489 25 23

27 -61 -489 489 25 23

-4.077

-3.883

-3.659

-6.110

Stelpost Sociaal domein na PPN 2027

1.400

-2.226

-6.375

-8.425 -10.876

-73 165

27 -60

Toelichting Knelpunten 2025-2029 Sociaal Domein PPN 2027 Algemeen 1. Indexering Jeugd Lokaal De voorlopige OVA-index voor 2027 bedraagt 3,96%. De definitieve OVA-index 2026 bedraagt 4,14% en dat is 0,1% lager dan de voorlopige OVA-index 2026. Het indexpercentage voor de inkoop Open House in 2027 wordt daarmee 3,86% (3,96%-0,1%). Dit is hoger dan het gemeentelijk indexpercentage van 1,52%. Dit resulteert in een nadeel van ongeveer € 179.000 voor de Open House producten van de Jeugd. 2. Indexering GRJR De indexering voor de door de GRJR ingekochte jeugdhulp en de GRJR-subsidies is gebaseerd op de OVA-index. Dit wijkt af van waarmee de GRJR-budgetten in onze begroting 2027 zijn geïndexeerd. Dit resulteert in een nadeel van ongeveer € 939.000 in 2027 oplopend naar € 1.069.000 voor de GRJR. 3. Indexering OVA Wmo De voorlopige OVA-index voor 2027 bedraagt 3,96%. De definitieve OVA-index 2026 bedraagt 4,14% en dat is 0,1% lager dan de voorlopige OVA-index 2026. Het indexpercentage voor de inkoop Open House in 2027 wordt daarmee 3,86% (3,96%-0,1%). Dit is hoger dan het gemeentelijk indexpercentage van 1,52%. Dit resulteert in een nadeel van ongeveer € 385.000 voor de Open House producten van de Wmo. 4.

Indexering OVA Daginvulling Jeugd De definitieve OVA-index voor 2026 bedraagt 4,14% en de definitieve PPC voor 2026 is 1,43%, Met wegingsfactor van 90% op de OVA index en 10% op PPC komt een indexpercentage van €3,87%. Dit is hoger dan de gemeentelijke index. Dit resulteert in een nadeel van ongeveer € 122.000 voor Daginvulling Jeugd.

45

Onderwijs 5. Wet Kinderopvang Het budget Wet Kinderopvang kent vanaf 2026 een structureel voordeel op de lasten, vanaf 2027 bedraagt het structurele voordeel € 53.000. Dit betreft het budget voor de sociaal medische indicatie (SMI) kinderopvang. Dit voordeel wordt verklaard doordat de kinderen waar nodig en mogelijk actief worden doorgeleid naar andere voorzieningen en alternatieven zoals voorschoolse en vroegschoolse educatie (VVE). Thuis in Nissewaard 6. A en B: Ontwikkelbudget SD In het kader van de waarborging van de rechtmatigheid van zorguitgaven vindt uitbesteding van vijf onderzoeken plaats bestaande uit materiele controles. De hiermee gepaard gaande kennis en deskundigheid met betrekking tot de onderzoeken wordt geborgd binnen de gemeente Nissewaard. Met als doel dat deze werkzaamheden vervolgens door de toezichthouders zelf uitgevoerd kunnen worden. De hiermee gepaard gaande incidentele kosten bedragen € 155.600 in 2026 en worden onttrokken aan de reserve sociaal domein. Maatwerk Jeugd 7. Jeugd begeleiding lokaal Voor begeleiding jeugd lokaal is in de begroting 2026/meerjarenraming 2027-2029 voor het jaar 2026 een kostenintensiteit meegenomen. Op basis van de huidige prognose is er geen verhoging nodig in 2026 (PPN 2027). We zien bij begeleiding jeugd een toename in het aantal jeugdigen in 2025 t.o.v. 2024, dit betreft een stijging van gemiddeld ruim 9%.

Daarnaast is er sprake van kostenintensiteit door intensievere trajecten. Vanaf 2024 zien we wel een afvlakking van de stijging van het aantal jeugdigen op begeleiding jeugd. De stijging zet zich dus nog wel door maar minder hard. Gezien deze ontwikkelingen is het nodig om voor 2027 en verder een stijging van de kosten mee te nemen. Indien de inspanningen van de Taskforce Jeugd leiden tot een afvlakking van de stijging, zou de taakstelling op ‘GRJR Jeugdhulp en Lokale Jeugdhulp’ verder kunnen worden ingevuld. 8. Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond (GRJR) Dure en intensieve jeugdhulptrajecten Gemeenten worden steeds vaker geconfronteerd met jeugdhulptrajecten die gepaard gaan met hoge kosten. Voor de door de uitvoeringsorganisatie GRJR ingekochte en gesubsidieerde regionale specialistische jeugdhulp betalen de gemeenten de jeugdhulpkosten voor de eigen jeugdigen. Gemeenten betalen in principe naar gebruik. De kosten per jeugdige zijn afhankelijk van de duur en intensiteit van het jeugdhulptraject. Dit verschilt per jeugdige. Zo is bij Nissewaard aan de orde dat een relatief hogere instroom op (dure) opdrachten, zoals opname met behandeling (opdracht B) en het Landelijk Transitiearrangement (LTA), een relatief lagere instroom/hogere uitstroom op relatief goedkope opdrachten zoals ambulante hulp (opdracht E) te niet doen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17124533/1