Perspectiefnota 2023 + aanbiedingsbrief
Tekst van het document
Perspectiefnota 2023
2
Inhoudsopgave Voorwoord en leeswijzer
5
1. Aanbiedingsbrief 1.1 Samen bouwen op Nissewaard 1.2 Bestuur en dienstverlening 1.3 Schoon, heel en veilig 1.4 Duurzaam ontwikkelen en wonen 1.5 Ondernemen en ontspannen 1.6 Leren, participeren en ondersteunen 1.7 Financiën 1.8 Bestuurlijk proces
6 7 7 7 7 8 8 9 10
2. Financieel perspectief 2022 - 2026 2.1 Financieel perspectief 2022 e.v. 2.2 Sociaal Domein 2.3 Aanpak sluitende begroting 2022 en begroting 2023 - 2026 2.4 Openstaande taakstellingen 2.5 Investeringskredieten 2.6 Ontwikkelingen Algemene reserve 2.7 Verloop weerstandsratio 2.8 Stelposten loon- en prijsstijging 2.9 Stelpost areaalmutaties
11 11 14 16 17 18 18 19 19 20
3. Indeling programmabegroting 2023 - 2026 3.1 Inleiding 3.2 Programma’s 3.3 Paragrafen
21 21 21 22
4. Bijlage I Indexatie 4.1 Prijzen 4.2 Lonen 4.3 Samengesteld percentage 4.4 Actualisatie raming loon- en prijsstijging 2023 4.5 Toelichting berekeningswijze belastingen (OZB) en tarieven (riolering)
23 23 23 24 25 25
5. Bijlage II Overzicht knelpunten 2022 – 2026 5.1 Bestuur en dienstverlening 5.2 Schoon, heel en veilig 5.3 Duurzaam ontwikkelen en wonen 5.4 Ondernemen en ontspannen 5.5 Leren, participeren en ondersteunen 5.6 Overzichten 5.7 Coronacrisis 5.8 Sociaal Domein
27 31 31 34 37 37 38 39 40
6. Bijlage III Coalitieakkoord Samen bouwen op Nissewaard 6.1 Schoon, heel en veilig 6.2 Duurzaam ontwikkelen en wonen 6.3 Ondernemen en ontspannen 6.4 Sociaal Domein
47 48 50 52 54
3
7. Bijlage IV Overzicht administratieve mutaties 2022 - 2026
57
8. Bijlage V Reserves en voorzieningen
63
9. Bijlage VI Investeringskredieten
65
4
Voorwoord en leeswijzer Doel perspectiefnota De perspectiefnota is een eigen document van de gemeente Nissewaard (zie Financiële Verordening 2020) en komt als zodanig niet voor in het Besluit Begroting en Verantwoording voor Provincies en Gemeenten (BBV). De perspectiefnota is bedoeld om de afwijkingen weer te geven van de lopende begroting alsook het vastleggen van de uitgangspunten en verwachte (financiële) ontwikkelingen bij het opstellen van de begroting voor de komende jaren. Een groot deel van het werk van een gemeente bestaat uit “going concern” werkzaamheden, hierin zijn accenten aan te leggen, maar deze hebben minder politieke prioriteit. In het coalitieakkoord Samen bouwen op Nissewaard zijn de politieke lijnen uitgezet voor de huidige gemeenteraadsperiode. De perspectiefnota dient als handvat voor de gemeenteraad om de koers te bepalen voor de volgende programmabegroting. Via het indienen van moties kan de gemeenteraad deze richtinggevende uitspraken kenbaar maken. Het college stelt de begroting op. In de programmabegroting wordt vervolgens aangegeven op welke wijze de moties een plek hebben gekregen in de programmabegroting. Leeswijzer De aanbiedingsbrief schetst een beeld van het beleidsmatig perspectief. Dit is gebaseerd op het coalitieakkoord Samen bouwen op Nissewaard.
De aanbiedingsbrief sluit af met een korte beschrijving van de wijze waarop het bestuurlijke besluitvormingsproces verloopt. In hoofdstuk 2 wordt een uiteenzetting gegeven van het financieel perspectief 2022 – 2026. Ten tijde van het schrijven van deze perspectiefnota was de meicirculaire 2022 nog niet beschikbaar. Wij gaan ervan uit dat deze circulaire tijdig verschijnt om bij de behandeling te kunnen betrekken door middel van een brief waarin de belangrijkste ontwikkelingen van deze circulaire op de gemeentefinanciën geschetst worden. In dit hoofdstuk (en overige onderdelen van deze perspectiefnota) wordt bij sommige posten “PM” vermeld. Dit houdt in dat er wel (mogelijke) financiële mutaties (positief dan wel negatief) verwacht worden, maar dat momenteel daar nog geen/onvoldoende zicht op is. Zodra daar meer over bekend is, is het bovendien nog de vraag of hier extra middelen beschikbaar voor moeten worden gesteld dan wel dat het binnen de bestaande budgetten kan worden verwerkt/opgevangen. Indien de verwachte mutatie hiertoe aanleiding geeft, wordt er nader over geadviseerd. In hoofdstuk 3 wordt de programma-indeling voor de begroting 2023 – 2026 uiteengezet waarbij tevens per programma de betreffende thema’s worden benoemd. In bijlage I wordt een nadere toelichting gegeven op de berekening van de gehanteerde indexpercentages voor 2023.
In bijlage II zijn de geïnventariseerde knelpunten 2022 – 2026 terug te vinden. In bijlage III wordt een overzicht gegeven van de te verwerken administratieve mutaties 2022 – 2026. Deze zijn budgettair neutraal en zijn enkel en alleen aan deze perspectiefnota toegevoegd omdat ze over programma’s heen gaan waarmee ze, vanuit financieel technisch oogpunt, door de gemeenteraad dienen te worden geautoriseerd. Tenslotte worden in bijlage IV en V een overzicht gegeven van respectievelijk de reserves en voorzieningen en de investeringskredieten.
5
1.
Aanbiedingsbrief Nissewaard, 7 juni 2022
Aan de Gemeenteraad, Voor u ligt de eerste perspectiefnota van deze college- en gemeenteraadsperiode van de gemeente Nissewaard. Normaal gesproken is een perspectiefnota zowel beleidsmatig als financieel van aard. Deze perspectiefnota is echter, in tegenstelling tot hetgeen gebruikelijk is, slechts financieel van karakter. Dit hangt samen met de gemeenteraadsverkiezingen in maart van dit jaar, de daarop volgende coalitievorming en het opstellen van het coalitieakkoord ‘Samen bouwen op Nissewaard’. Op 17 mei jl. is het coalitieakkoord gepubliceerd. In dit coalitieakkoord staan de hoofdlijnen voor het beleid en ambities verwoord voor de komende vier jaar. De tijd tussen het verschijnen van het coalitieakkoord en het opstellen van deze perspectiefnota is te kort geweest om nu al (uitgewerkte) voorstellen te kunnen doen over de wijze waarop de genoemde ambities gerealiseerd kunnen gaan worden. De uitwerking van de actiepunten zal bij de begroting 2023 – 2026 worden betrokken. Dit neemt niet weg dat in het kader van het financieel perspectief er wel al een schets gegeven kan worden van de middelen die naar verwachting benodigd/gewenst zijn om een uitwerking te kunnen geven aan het coalitieakkoord.
Het coalitieakkoord ‘Samen bouwen op Nissewaard’ wordt, als belangrijkste politiek beleidskader, dan ook betrokken worden bij het opstellen van de Programmabegroting 2023 en de meerjarenraming 2024 – 2026. Om het financieel perspectief desalniettemin zo compleet mogelijk aan uw gemeenteraad voor te leggen, is in deze nota wel reeds een globale doorrekening van het coalitieakkoord terug te vinden. Zie in dit verband bijlage III Coalitieakkoord Samen bouwen op Nissewaard. Over de (meer gedetailleerde) uitwerking van het coalitieakkoord zal bij de Programmabegroting 2023 - 2026 zowel inhoudelijk als financieel nader worden geadviseerd. Nissewaard heeft een aantal belangrijke opgaven voor de boeg. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de vervangings- en onderhoudsopgaven in de publieke buitenruimte, onze gemeentelijke accommodaties en de onderwijshuisvesting. Ook zaken als veiligheid, duurzaamheid, bereikbaarheid en de herstructurering/verbetering van onze wijken zullen de komende jaren onze aandacht vragen. In deze Perspectiefnota zijn dan ook diverse voorstellen opgenomen om hier een impuls aan te geven. Ook op het gebied van het Sociaal Domein staat Nissewaard voor de nodige uitdagingen. De jeugdzorg en de Wmo zijn daarin het meest prominent.
Dit komt niet in de laatste plaats doordat het Rijk ons verantwoordelijk heeft gemaakt voor diverse taken op deze beleidsterreinen, zonder daarbij voldoende budget en sturingsmogelijkheden beschikbaar te stellen. Om de benodigde zorg te kunnen blijven leveren, is het zaak om de efficiency en effectiviteit van het beleid nog een kritisch te bezien. Inwoners die ondersteuning nodig hebben, moeten daar immers op kunnen bouwen, nu en in de toekomst. In dit verband is in deze Perspectiefnota dan ook een voorstel opgenomen om een extra storting te doen in de reserve Sociaal Domein. Om met de bovengenoemde opgaven/uitdagingen aan de slag te gaan moeten we als Nissewaard ook kunnen bouwen op het Rijk. Dat blijkt helaas niet altijd het geval. Zo heeft het nieuwe regeerakkoord behoorlijk wat (financiële) stof doen opwaaien. In dit regeerakkoord staat namelijk dat de groei van het Gemeentefonds in 2026 een forse duik neemt en komt in dat jaar de zogenaamde opschalingskorting weer op tafel. Voor alle gemeenten in Nederland is dit een nagenoeg onoplosbaar en onacceptabel vraagstuk. In de media wordt het verloop van 2025 naar 2026 inmiddels ook wel aangeduid als het ‘financieel ravijn’. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) ageert hier dan ook fel tegen en het Centraal Planbureau (CPB) heeft zelfs geweigerd om de cijfers voor 2026 van het regeerakkoord door te rekenen.
Het is nu afwachten hoe dit verder gaat. 6
Naast dit ‘financieel ravijn’ heeft Nissewaard ook te maken met een nadelig effect van de voorgestelde herverdeling van het Gemeentefonds van - € 3 miljoen structureel. Daar waar het de verwachting is dat op landelijk niveau er een oplossing zal komen voor het ‘financieel ravijn’, zal dit niet gelden voor het herverdeeleffect. Om dit effect te dempen wordt voorgesteld om een reserve Kapitaallasten in te stellen met een omvang van € 25 miljoen. Hiermee wordt ca € 2 miljoen per jaar aan ruimte vrijgespeeld in de begroting zodat we kunnen blijven investeren in onze gemeente. 1.1. Samen bouwen op Nissewaard Wonen, werken en leven in Nissewaard is fijn en dat moet zo blijven. Met onze aanpak – doen wat we zeggen, en zeggen wat we doen – investeren we nu en in de toekomst om Nissewaard verder vooruit te brengen naar een aantrekkelijke, vitale, toekomstbestendige woon- en werkgemeente in 2040. We zijn een anker voor onze inwoners en ondernemers, zij moeten meer dan ooit op ons kunnen bouwen en met ons kunnen samenwerken. Dat doen we transparant én met een duidelijke koers, zodat inwoners en ondernemers weten wat zij van ons kunnen verwachten. In 2040 zijn we een aantrekkelijke, vitale, toekomstbestendige woon- en werkgemeente. Op weg daar naar toe komen we een aantal opgaven tegen, waar we met elkaar aan gaan bouwen.
Onze belangrijkste opgaven luiden als volgt: 1.2 Bestuur en dienstverlening We bouwen aan vertrouwen en transparantie Wij vinden het belangrijk dat onze inwoners en ondernemers weten dat ze op ons kunnen bouwen en vertrouwen. We zijn open en toegankelijk voor alle inwoners en ondernemers; Informatie en privacy: Informatie is beschikbaar, toegankelijk en veilig; We doen wat we zeggen en zeggen wat we doen: servicenormen worden nageleefd; We doen het samen: participatie die past bij het onderwerp en de doelgroep (maatwerk). 1.3 Schoon, heel en veilig We bouwen aan een schoon heel veilig Nissewaard Wij zorgen samen dat we een schone, hele en veilige leefomgeving hebben, zodat Nissewaard een plek is waar iedereen zich prettig en veilig kan voelen. Beheren en investeren (50+ miljoen) in onze openbare ruimtes, om het niveau op peil te houden, ondanks de enorme vervangingsopgave; De wijken de Hoek, Akkers en Waterland krijgen een kwaliteitsimpuls; Overlast voorkomen is beter dan genezen; preventie en proactieve aanpak, maar repressief waar nodig; We zorgen voor cameratoezicht rondom metrostations om overlast tegen te gaan; 1.4 Duurzaam ontwikkelen en wonen We bouwen aan een gevarieerde woonomgeving In Nissewaard is het prettig wonen voor iedereen. De zes mooie dorpen en de stad Spijkenisse hebben een rijk, divers en duurzaam woningaanbod voor alle typen huishoudens.
Wij houden rekening met verschillende woonbehoeften; We blijven bouwen aan kwaliteit en gevarieerd aanbod; In Nissewaard kan je wooncarrière maken; We bouwen door op de gelegde basis vanuit Nissewaard naar 2040; we realiseren verschillende transformatie- en ontwikkelprojecten. We blijven inzetten op de Rotterdamwet, de opkoopbescherming en zelfbewoningsplicht
7
We bouwen aan bereikbaarheid Nissewaard heeft een unieke ligging, de haven, het groene achterland, de zee en Rotterdam; allemaal is het binnen een half uur bereikbaar. Om prettig te kunnen wonen, werken, ondernemen en recreëren, is een goede bereikbaarheid voor ons allen van groot belang. We netwerken voor een goede ontsluiting: lobby A4 zuid; De renovatie van de bruggen zijn een flinke bedreiging voor onze ontsluiting; Wij doen wat we kunnen en we vragen hetzelfde van provincie en Rijkswaterstaat door pro-actief aan te dringen de overlast zoveel mogelijk beperken, waarvan communicatie naar inwoners een belangrijk onderdeel is; We zetten in op veiligheid voor alle verkeersdeelnemers; We bouwen aan goede OV-voorzieningen; Het OV is bereikbaarder voor minima: gratis OV voor AOW-gerechtigde minima en meer gratis dagkaarten voor alle minima; We realiseren goede fietsvoorzieningen. 1.5 Ondernemen en ontspannen We bouwen aan een aantrekkelijke, duurzame en sportieve leefomgeving Door de crisis zoeken inwoners ook meer ontspanning en rust dichtbij huis. Daarom investeren wij in een groene woonomgeving, recreatiemogelijkheden en sportvoorzieningen.
Investeren in meer groen: dit is goed voor het leefklimaat en de gezondheid; Verduurzamen: haalbaar en betaalbaar én samen met inwoners en ondernemers; door bewustmaking, educatie en stimuleren verduurzamingsmaatregelen; Verder bouwen aan het prettige verblijfsmogelijkheden in het stadcentrum; Investeren in kwaliteit van en activiteiten in recreatiegebieden en parken; We realiseren goede en eigentijdse (sport)voorzieningen; We gaan voor een sterk verenigingsleven en actieve inwoners; Er is wat te beleven: we realiseren evenementen, zoals Beleef Bernisse, Magisch Heenvliet, Spijkenisse Festival en het Vliegerfestival. We bouwen samen met ondernemend Nissewaard Ondernemers zijn van groot belang voor Nissewaard vanwege de economie en werkgelegenheid: Ondernemersloket: wij helpen de ondernemer op weg; We werken aan herstel van en stimuleren de lokale economie; We bieden ruimte om te ondernemen in het stadscentrum, de kernen en de bedrijventerreinen; We zijn blij met startups en arbeidsintensieve bedrijvigheid. 1.6 Leren, participeren en ondersteunen We bouwen aan passende en betaalbare zorg voor nu en later Inwoners kunnen terugvallen op ons indien nodig. We gaan uit van de zelfstandigheid van de inwoners, maar als het moet kun je op ons bouwen en zijn we er voor een steuntje in de rug. Voor jong en oud, ook als het financieel even tegen zit.
Samen zoeken met onze inwoner naar oplossingen en betrekken daar de omgeving en het sociale netwerk bij. We zetten in op preventie en investeren in de mens: we helpen inwoners zelfredzaam te zijn, worden en te blijven; We zorgen voor gelijke kansen en inclusie zodat al onze inwoners mee kunnen doen; We helpen je aan het werk; Als het even zelf niet lukt, dan helpen we met passende zorg, jong en oud; We spannen ons in voor een breed aanbod van het Spijkenisse Medisch Centrum.
8
We bouwen voor een goede toekomst voor onze jeugd; De jeugd heeft de toekomst. Ons belangrijkste doel blijft ervoor zorgen dat kinderen en jongeren gezond en veilig opgroeien en hun talenten kunnen ontwikkelen in hun eigen omgeving. We zijn in gesprek met onze jeugd: we bieden hen de mogelijkheid om mee te praten en mee te doen; We stimuleren onze jeugd gezond en sportief te leven, onder meer door goede faciliteiten voor hen; We zorgen voor goede kansen met goed kwalitatief onderwijs; We investeren in goede huisvesting voor onze scholen; Zorgen voor goede aansluiting toekomstige banen en vervolgopleiding. 1.7 Financiën We bouwen aan een solide financieel beleid Een goede financiële huishouding is cruciaal. De beschikbare middelen bepalen immers wat wij kunnen doen voor de stad en kernen en dus voor onze inwoners. De middelen, die de gemeente van het Rijk voor de uitvoering van haar taken ontvangt, zijn onvoorspelbaar en creëren een flinke onzekerheid voor de komende jaren. Zeker ook omdat de gelden voor de uitvoering van haar taken, die het Rijksbeleid vergezellen, zoals aangegeven in de inleiding, niet altijd even goed daarmee corresponderen. Wat helaas wel een zekerheid is gebleken, is het nadelig effect van - € 3 miljoen met ingang van 2025 structureel als gevolg van de herverdeling van het Gemeentefonds.
De financiële druk wordt versterkt door de enorme inflatie en onzekerheden als gevolg van bijvoorbeeld de oorlog in Oekraïne. Door het beheersen van de risico’s en het versterken van het weerstandsvermogen heeft de gemeente in de afgelopen jaren een gezonde buffer opgebouwd. Hierdoor zijn we in staat tegenvallers, zoals het nadelig effect van de herverdeling van het Gemeentefonds, op te vangen en op bepaalde vlakken wat extra’s te doen. Door het voornemen om eenmalig € 25 miljoen vrij te maken vanuit de Algemene Reserve voor een kapitaalreserve, kunnen we de investeringen doen die noodzakelijk zijn om onze gemeente schoon, heel en veilig te houden. Het uitgangspunt hierbij is een verantwoord financieel beleid waarbij het risicoprofiel en de weerstandcapaciteit op peil blijven. Bij besteding blijft een efficiënte en effectieve inzet van middelen eveneens het uitgangspunt, zodat we middelen (kunnen) blijven inzetten waar deze het meest nodig zijn om te bouwen aan een aantrekkelijke, vitale, toekomstbestendige woon- en werkgemeente in 2040. Een gezonde financiële huishouding wordt gekenmerkt door een sluitende (meerjaren)begroting, voldoende weerstandsvermogen en een verantwoorde schuldquote.
Om met dit laatste te beginnen; de jaarrekening 2021 (paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer) laat zien dat de gemeentelijke schuldquote 55,7% bedraagt (dit is de omvang schuld gecorrigeerd voor uitgezette leningen / begrotingsomvang x 100%). Daarmee bevindt deze zich in de categorie “laag risico” zoals gedefinieerd door de VNG. Ook het weerstandsvermogen is van uitstekende omvang in relatie tot de geïnventariseerde risico’s. Dit wordt nader uiteengezet in het hoofdstuk Financieel Perspectief 2022 - 2026. Een sluitende (meerjaren)begroting completeert het geheel. Het belang hiervan is dan ook opgenomen in het nieuwe coalitieakkoord. Onderdeel van een sluitende (meerjaren)begroting is om zo goed mogelijk zicht te hebben op de te verwachten lasten (en baten). (Vervangings)investeringen spelen hierin een belangrijke rol. In het toezicht door de provincie Zuid-Holland heeft dit ook een prominente plaats door het belang dat gehecht wordt aan een goede paragraaf Kapitaalgoederen in de programmabegroting. Dit is dan ook een onderwerp dat de afgelopen jaren en ook dit jaar weer een belangrijk aandachtspunt zal zijn.
9
1.8 Bestuurlijke proces Om u mee te nemen in de Perspectiefnota 2023 is op 9 juni 2022 een thema-avond voor de raad gepland. De perspectiefnota wordt vervolgens op 10 juni 2022 verzonden. Naar aanleiding hiervan krijgen de fracties de gelegenheid tot het stellen van technische vragen, die schriftelijk ingediend kunnen worden tot uiterlijk 14 juni 2022 voor 12.00 uur. Dit, ter voorbereiding op de behandeling in de gecombineerde commissievergadering op 23 juni 2022. Het college spant zich in om alle technische antwoorden 20 juni 2022 in de namiddag via de Griffie te verzenden. U wordt op 6 juli 2022 tijdens de gemeenteraadsvergadering in de gelegenheid gesteld om algemene beschouwingen te houden en uw eventuele moties toe te lichten, waarna besluitvorming plaatsvindt over de ingediende moties en de Perspectiefnota 2023. Het college zal de moties die worden aangenomen, als richtinggevende uitspraken meenemen bij het opstellen van de definitieve programmabegroting 2023 - 2026.
10
2.
Financieel perspectief 2022 – 2026
2.1 Financieel perspectief 2022 e.v. De basis voor het financieel perspectief voor 2022 en verder wordt gevormd door positieve saldi in de lopende – begroting 2022 – 2025. Deze bedragen € 3,9 miljoen in 2022 aflopend tot € 3 miljoen in 2025. Daarnaast is voor de begroting 2023 – 2026 een technische doorrekening gemaakt van de huidige meerjarenraming rekening houdende met de verwachte loon- en prijsstijging voor 2023 en is een inventarisatie gedaan van de gesignaleerde knelpunten voor het lopende jaar 2022 en de op te stellen programmabegroting 2023 – 2026. Onderstaand wordt hier nader op ingegaan. 1. Technische begroting 2023 – 2026 De technische begroting 2023 – 2026 sluit met een nadelig saldo van - € 3,3 miljoen structureel. De technische begroting is gebaseerd op de meerjarenraming van de huidige begroting 2022 – 2025 waarbij de budgetten zijn geïndexeerd voor de verwachte loon- en prijsstijging in 2023 (zie ook bijlage I). Hiervoor zijn de volgende percentages berekend: Loon 2,30% Prijs 4,40% Mix 3,35% (Dit indexpercentage is bedoeld voor budgetten welke zowel een loon als een materiële component in zich hebben.) Een deel van het saldo van de technische begroting valt binnen het hek rondom het Sociaal Domein. Dit betreft € 1,2 miljoen.
Dit hangt samen met de evaluatie van het hek rondom het Sociaal Domein bij de Perspectiefnota 2021 en de afspraken die naar aanleiding hiervan gemaakt zijn. De bovengenoemde percentages zijn medio januari 2022 ingeschat voor 2023. Inmiddels is gebleken dat de gestegen inflatie vooralsnog aanhoudt en dat het Centraal Planbureau (CPB) haar prognoses voor 2022 en 2023 ook heeft bijgesteld via het Centraal Economisch Plan 2022 (CEP). Rekening houdende met deze nieuwe prognoses ziet de raming van de loon- en prijsstijging voor de begroting 2023 er als volgt uit: Loon 2,70% Prijs 7,50% Mix 5,10% (Dit indexpercentage is bedoeld voor budgetten welke zowel een loon als een materiële component in zich hebben.) Via de knelpunten is rekening gehouden met de oplopende inflatie en deze actuele stijgingspercentages. In bijlage I wordt deze actualisatie nader toegelicht. 2. Knelpunten Perspectiefnota 2023 Ten behoeve van de deze perspectiefnota is bekeken in hoeverre de beschikbare budgetten 2022 t/m 2026 voldoen gegeven de verwachte ontwikkelingen. Deze knelpunten tellen op tot een bedrag van - € 747.000 in 2022 oplopend tot - € 6.542.000 in 2026. De belangrijkste knelpunten betreffen: Schoon, heel en veilig
VRR Prijsstijgingen onderhoudscontracten Groen, Bomen en Onkruidbestrijding Prijsstijgingen overige beheerplannen Stelpost beheer - vervangingen 11
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 -22 -334 -279 -340
2026 -359
-1.803
-2.547
-2.498
-2.368
-1.868
PM
PM
PM
PM
PM -225
Onderwijshuisvesting - lasten Onderwijshuisvesting - baten Stormschade Onderhoud accommodaties Streekarchief Stijging energielasten - gas Stijging energielasten - elektriciteit
-471 287 -500 -970 -80 -300 PM
-1.270 -80 -300 PM
-1.570 -80 -300 PM
-1.870 -80 -300 PM
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 PM PM PM PM
2026 PM
PM
PM
PM
PM
PM
-30
-214
-214
-214
-214
100
100
100
100
-60
-157 97
-157 97
-157 97
-255
-255
-255
-255
125
125
125
125
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025
2026
Duurzaam ontwikkelen en wonen
Stijging VAT-kosten + overige prijzen Grote verkeersaanpassingen i.v.m. ruimtelijke ontwikkelingen Omgevingswet - uitvoering + gezondheidsadvisering GGD Verhogen/nieuwe leges tarieven anders reorg. best. org. Inhuur bouwvergunningen Bouwleges Windpark Brielse Maasdijk Windpark Brielse Maasdijk – bijdrage uitvoerder Formatie Verkeer en Vervoer Dekking anterieure ov.komsten/keuzes maken Uitbreiding capaciteit i.v.m. toename aanvragen vergunningen Legesink. i.r.t. Wet kwal.borging bouwen (Wkb)
-473 473 -105 105 -60
Leren, participeren en ondersteunen
Onderwijshuisvesting nieuw IHP (scholen + gymzalen) (invest. € 24 miljoen) Onderwijshuisvesting – VAT-kosten (€ 7,2 miljoen) Onderwijshuisvesting lasten Onderwijshuisvesting baten
-250
-750
-1.000
-60
-190
-250
-28 28
-28 28
-28 28
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025
2026
586
46 138
-28 28
Overzichten
Vrijval stelpost stijg. pensioenpremie per 1-12022 Flankerend beleid Stelpost ICT Syntrophos
586
586
586
586
-65
-250 -400 -83
-250 -400 -126
-250 -400 -126
-600
12
Herverdeeleffect Gemeentefonds (GF) Regeerakkoord (RA) Verrekening GF + RA 37% naar Sociaal Domein Extra inzet stelpost loon- en prijsstijgingen regeerakkoord Verrekening 37% loon- en prijscompensatie RA naar Sociaal Domein Belastingen en tarieven – actualisatie index OZB – areaalmutaties Stelpost Areaalmutaties
1.529 -566
-638 2.973 -864
-1.913 6.380 -1.653
-3.000 7.475 -1.656
-3.000 338 985
1.302
1.911
1.911
1.911
1.911
-482
-707
-707
-707
-707
15 -15
304 68 -68
304 153 -153
304 150 -150
304 238 -238
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 3.869 2.151 2.272 2.964 -3.517 -3.332 -3.336 1.301 1.233 1.234 -747 -1.144 -932 -1.692 0 0 0 0
2026 2.964 -3.336 1.234 -6.542 0
In bijlage II wordt een nadere uiteenzetting gegeven van de betreffende knelpunten. Daarmee ziet het financieel perspectief er als volgt uit.
Saldo begroting 2022 – 2025 Technische begroting 2023 – 2026 Technische begroting 2023 – 2026 – Soc. Dom. Knelpunten Sociaal Domein Overige Meicirculaire 2022 (Eind)analyse begroting 2023 – 2026 Septembercirculaire 2022 Saldo + PM
PM PM 3.122
PM PM PM -1.209
PM PM PM -759
PM PM PM -830
PM PM PM -5.680
De begroting 2022 laat een positief saldo zien van € 3,1 miljoen. Voor de begroting 2023 – 2026 is sprake van een nadelig saldo van - € 1,2 miljoen oplopend tot - € 5,7 miljoen in 2026. In paragraaf 2.3 Aanpak sluitende begroting 2022 en begroting 2023 – 2026 zullen nadere voorstellen gedaan worden hoe te komen tot een sluitend financieel perspectief. Voor de volledigheid zijn in de bovenstaande tabel de meicirculaire 2022, de (eind)analyse van de begroting 2023 – 2026 en de septembercirculaire 2022 toegevoegd aan de tabel. Deze onderwerpen zullen in positieve dan wel negatieve zin van invloed zijn op het financieel perspectief. Omdat de hiermee samenhangende financiële effecten pas in de loop van de zomer duidelijk zullen worden, zal hier bij de programmabegroting 2023 – 2026 nader over geadviseerd worden. De uitzondering hierop betreft de meicirculaire 2022. Deze circulaire was op het moment dat deze perspectiefnota in de collegevergadering werd behandeld net ontvangen en derhalve nog niet geanalyseerd. Om de informatie rondom de Perspectiefnota 2023 zo compleet en actueel mogelijk te laten zijn, zal voor de gemeenteraadsbehandeling een eerste analyse van de meicirculaire 2022 via een brief worden toegezonden.
Afhankelijk van de financiële effecten de meicirculaire 2022, de (eind)analyse van de begroting 2023 – 2026 en de septembercirculaire 2022 kan het zijn dat opgenomen knelpunten en beschikbaar gestelde middelen voor de realisatie van diverse ambities heroverwogen worden, zodat de gemeenteraad in november 2022 een sluitende (meerjaren)begroting ter besluitvorming kan worden aangeboden.
13
2.2 Sociaal Domein Naast de bovengenoemde zaken zijn ook de verwachte ontwikkelingen met betrekking tot het Sociaal Domein van belang voor het financieel perspectief van de gemeente. Stelpost Sociaal Domein De stelpost Sociaal Domein vormt een belangrijk indicator voor de financiële stand van zaken op dit terrein. De stand van de stelpost Sociaal Domein1 zag er ten tijde van het opstellen van deze perspectiefnota als volgt uit.
Saldo stelpost SD begr. 2022-2025 + adviezen Saldo effect technische begroting 37% aandeel Regeerakkoord (RA) - Jeugd arbitrage 25% Regeerakkoord (RA) - Jeugd korting Regeerakkoord (RA) - 37% saldo sociaal domein Verrekening 37% loon- en prijscompensatie RA naar Sociaal Domein Mutaties PPN 2023 Meicirculaire 2022 Effecten bijstelling BUIG Stand stelpost na mutaties nieuwe effecten 2022-2026
2022 593
2023 -3 -1.301 1.923
2024 9 -1.233 1.806
2025 595 -1.234 1.664
566
864
1.653
1.656
2026 595 -1.234 1.664 -1.549 -985
482
707
707
707
707
-1.335 PM PM
-4.158 PM PM
-4.243 PM PM
-5.110 PM PM
-4.548 PM PM
306
-1.968
-1.302
-1.722
-5.349
Onderstaand wordt een nadere uitsplitsing gegeven van de post mutaties PPN 2023. Bedragen x € 1.000 2022 2023 2024
Mutaties Sociaal Domein in PPN 2023 SD Breed Formatie t.b.v. taken SD eenheid WI&I Administratieve correcties Geen indexering aantal budgetten Jeugd en Onderwijs POH niet structureel geraamd Continuering extra inzet JOT’s Begrotingswijziging GR JR 2022 Begroting GR JR 2023 en meerjarenraming 2024 2026 Hervormingsagenda Jeugd extra opgave Overheveling perceel D en E van de GR JR (deels) naar lokaal (structureel € 1,6 miljoen van GR JR naar Nissewaard) – aanname budgettair neutraal + implementatie + uitvoering Vrijval stelpost jeugd woonplaatsbeginsel 25% IVH-budget wordt besteed aan jeugdhulp buiten het JOT
1
-36 -1
2025
2026
-749 -6 289
-713 -6 267
-713 -6 267
-185
-370
-400 -370
-400 -370
-3.823
-4.419
-4.765
-5.131
PM
PM
800
-784 -6 289
-1.607
-96
-96
PM
PM
PM
1.346
1.530
1.530
1.530
1.530
199
206
206
206
206
Betreft het Sociaal Domein exclusief de centrumtaken Maatschappelijke Opvang, Vrouwenopvang, Beschermd wonen en Brede aanpak dak- en thuislozen (middelen bestemd voor de ZHE-regiogemeenten).
14
Huisvestingskosten JOT's Leerlingenvervoer Jeugd vervoer PGB Jeugd Jeugd lokaal: begroot o.b.v. realisatie 2021 + index (stijgende lijn vanaf 2022 is niet begroot) Wmo Stijgende lijn Wmo vanaf 2022 niet begroot + uitvoering Ontwikkeling abonnementstarief Verhuiskosten Wmo PGB Wmo Participatie wet Business Case: Formatie loonkostensubsidie Business Case: Besparing BUIG a.g.v. inzet loonkostensubsidie Bijstelling BUIG (uitkeringen en rijksinkomsten) Individuele studietoeslag Saldo mutaties PPN 2023
104 -50 143
-196 104 -50 143
104 -50 143
104 -50 143
104 -50 143
-38
-39
-39
-39
-39
-593
-1.233
-1.233
-1.233
-1.233
-48 75
PM -46 75
PM -46 75
PM -46 75
PM -46 75
-156
-312
-312
-312
-312
208
639
854
854
854
-757 -30 -1.335
-319 -54 -4.158
-167 -54 -4.243
-300 -54 -5.110
-173 -54 -4.548
Voor een nadere toelichting op de afzonderlijke posten wordt verwezen naar bijlage II. De stelpost Sociaal Domein laat voor 2022 een positief saldo zien van € 0,3 miljoen. Voor de jaren 2023 en verder is sprake van oplopende negatieve saldi. In paragraaf 2.3 Aanpak sluitende begroting 2022 en begroting 2023 – 2026 zullen nadere voorstellen gedaan worden hoe te komen tot een sluitend financieel perspectief met betrekking tot het Sociaal Domein. Reserve Sociaal Domein Het verloop van de reserve Sociaal Domein ziet er als volgt uit.
Reserve Sociaal Domein
2021
Saldo 1 januari Reeds besloten onttrekkingen voor sept 2021 2e Turap - aanvullen tekort in 2021 2e Turap - overheveling 2021/2022 2e Turap - mutaties stelpost in 2022, 2023 en 2024 Opheffen GR Leerplicht Saldo jaarrekening 2021 Overheveling 2021-2022 Vrijval reserve SD centrumtaken (raad 23-222) PPN 2023: tekort stelpost SD Extra storting in reserve SD Saldo 31 december
6.895 -6.395 500 407
-1.034 936
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 1.309 -140
2.702
3.445
280
-237
-43
96
-48
-48
2026
3.354
3.354
3.354
3.354
-407
-936 2.016 -988
1.309
15
2.500 2.702
3.445
3.354
2.3 Aanpak sluitende begroting 2022 en begroting 2023 - 2026 Op basis van het beschikbare saldo in de begroting, saldo van de technische begroting 2022 – 2025 en de geïnventariseerde knelpunten resteert er voor 2022 een positief begrotingssaldo. Voor de daaropvolgende jaren is echter sprake van negatieve saldi. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 2026 Begrotingssaldo 3.122 -1.209 -759 -830 -5.680 Dekkingsvoorstellen Instellen reserve Kapitaallasten (€ 25 miljoen) 2.000 2.000 2.000 2.000 t.l.v. Algemene reserve Nader te bepalen 197 Storting reserve Sociaal Domein -2.500 Subtotaal 622 988 1.241 1.170 -3.680 Coalitieakkoord -350 -988 -1.008 -1.078 -1.097 Saldo 272 0 233 92 -4.777 Instellen reserve Kapitaallasten (€ 25 miljoen) t.l.v. Algemene reserve Volgens de financiële spelregels, het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), mag je als gemeente een reserve vormen ter dekking van de kapitaallasten van een investering. Dit biedt de mogelijkheid om een deel van de omvangrijke Algemene reserve te benutten om structurele ruimte in de begroting te realiseren. Tegen deze achtergrond wordt dan ook voorgesteld om € 25 miljoen vanuit de Algemene reserve te storten in een reserve Kapitaallasten. Deze reserve zal vervolgens gekoppeld worden aan de kapitaallasten van enkele reeds bestaande investeringen.
Omdat de betreffende kapitaallasten daarmee gedekt worden door onttrekkingen aan deze reserve, wordt daarmee structurele begrotingsruimte vrijgespeeld ter grootte van zo’n € 2 miljoen structureel. Hiermee wordt het nadelige effect van de herverdeling Gemeentefonds ad € 3 miljoen structureel voor een belangrijk deel opgevangen en kunnen de benodigde investeringen in onze gemeente gedaan worden. Storting reserve Sociaal Domein Zoals hierboven aangegeven zullen binnen het Sociaal Domein aanvullende maatregelen moeten worden getroffen om financieel overeind te blijven. Omdat bij dit soort maatregelen de kosten vaak voor de baten uitgaan, wordt voorgesteld om € 2,5 miljoen toe te voegen aan de reserve Sociaal Domein. Sociaal Domein Zoals aangegeven, is het om te kunnen spreken van een sluitende meerjarenbegroting noodzakelijk dat ook de stelpost Sociaal Domein alle jaren positief is. Dat is momenteel nog niet het geval. Om te komen tot een positieve stelpost Sociaal Domein, daarbij rekening houdende met het nieuwe coalitieakkoord Samen bouwen op Nissewaard, worden aanvullende maatregelen voorgesteld. Het uitgangspunt hierbij is dat de stelpost Sociaal Domein ieder jaar minimaal ca € 500.000 in de plus moet komen te staan zodat er ook een structurele buffer ontstaat om eventuele tegenvallers op te vangen.
De maatregelen moeten een bedrag opleveren van € 0,5 miljoen in 2022 tot € 3,5 miljoen in 2026. De grootste financiële problemen bestaan bij het onderdeel Jeugd & Gezin, waardoor we juist ook daar kijken naar besparingsmogelijkheden. We kijken naar de mogelijkheden om de gemeentelijke verantwoordelijkheden minder breed te interpreteren dan we nu doen, bijvoorbeeld door strenger te kijken naar de verantwoordelijkheden van ouders als opvoeder en naar de verantwoordelijkheden van samenwerkingspartners. We kijken ook sterk naar de effectiviteit van de inzet en stoppen we met activiteiten die niet voldoende effect sorteren. Ook heroverwegen we werkbudget en kijken nogmaals kritisch naar ontstane ruimte in budgetten, bijvoorbeeld omdat er door eerder genomen 16
maatregelen onderbesteding is ontstaan. Daarnaast leggen we onszelf opdrachten op om steviger in te zetten op handhaving en toezicht op organisaties die voor ons taken uitvoeren en door ons hiervoor worden gefinancierd. Voor de langere termijn werken we aan diverse transformatieopdrachten binnen het sociaal domein, onder andere in lijn met de hervormingsagenda voor de Jeugdwet vanuit de rijksoverheid. Over de invulling van de te treffen maatregelen zal nog nader worden geadviseerd.
Stelpost Sociaal Domein Dekkingsvoorstellen Maatregelen (nog nader te bepalen) Subtotaal stelpost Sociaal Domein + dekkingsvoorstellen maatregelen Coalitieakkoord Onttrekking reserve Sociaal Domein Saldo
2022 306
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2023 2024 2025 2026 -1.968 -1.302 -1.722 -5.349
500
2.000
2.500
3.000
3.500
806
32
1.198
1.278
-1.849
-125
-520 988 500
-480
-500
-450
718
778
-2.299
681
Het financieel ‘ravijn’ in 2026 Net als alle gemeenten in Nederland heeft ook Nissewaard last van de merkwaardige wijze waarop het Rijk met het begrotingsjaar 2026 is omgegaan. Zo is voor Nissewaard van 2025 naar 2026 € 4,6 miljoen aan accres Gemeentefonds verdwenen en komt de opschalingskorting in 2026 weer terug voor een bedrag van € 3,2 miljoen. Dat het Rijk op een vreemde manier met het begrotingsjaar 2026 omgaat wordt nog eens geïllustreerd doordat zelfs het Centraal Planbureau bij de doorrekening van het regeerakkoord heeft geweigerd om de cijfers voor 2026 uit het regeerakkoord te hanteren. Zowel voor de algemene dienst als binnen het Sociaal Domein is 2026 dan ook momenteel niet sluitend. Voorgesteld wordt om dit vooralsnog ook zo te laten. Het is de mening van het college dat de prognoses van het Rijk voor 2026 dusdanig merkwaardige zijn, dat dit niet als realistisch kan worden beschouwd. Immers, dit zou inhouden dat diverse voorzieningen moeten worden beperkt dan wel wegbezuinigd om in 2026 tot een sluitende begroting te komen. De kans is zeer reëel dat dit uiteindelijk niet nodig blijkt te zijn. Zeker gezien de effecten die dat heeft voor onze inwoners kiest het college er dan ook voor om de nadelige saldi in 2026 vooralsnog te laten voor wat ze zijn. 2.4 Openstaande taakstellingen Naar aanleiding van de vorige begroting(en) staan nog een aantal taakstellingen open.
Openstaande taakstellingen Accommodaties ICT Zaaksysteem Belastingtaken Totaal openstaande taakstellingen
2022 90 234
324
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2023 2024 2025 92 108 108 138 88 88 55 55 50 150 150 280 401 401
Accommodaties Over de invulling van (het restant) van deze taakstelling zal bij de begroting 2023 – 2026 nader worden geadviseerd.
17
2026 108 88 55 150 401
ICT/Zaaksysteem Momenteel loopt een inventarisatie van alle applicaties binnen de gemeente, welke kosten daarmee samenhangen en wie de gebruikers zijn. Op basis van deze inventarisatie zal nader bepaald worden van welke applicaties afscheid genomen kan worden. Belastingtaken Naar aanleiding van het doelmatigheidsonderzoek in de eerste helft van 2021 is geconcludeerd dat de uitvoering van de belastingtaken € 300.000 moet kunnen. Hiervan is de helft ingevuld. Het resterende deel zal naar verwachting de komende periode worden ingevuld. 2.5 Investeringskredieten In bijlage V is een overzicht van de investeringskredieten opgenomen zoals deze voor het lopende jaar beschikbaar zijn gesteld en voor de komende jaren verwacht worden. Zoals is te zien staat er voor 2022 een bedrag van € 72,1 miljoen aan lopende investeringen open. De kapitaallasten die met deze investeringen samenhangen zijn al via eerdere besluitvorming gedekt in de begroting. 2.5 Ontwikkelingen Algemene reserve Voor een compleet beeld van het financieel perspectief zijn zowel de verwachte ontwikkelingen ten aanzien van de exploitatie als de Algemene reserve van belang. Deze laatste vormt immers de belangrijkste buffer om risico’s op te vangen. Deze risico’s betreffen voornamelijk de grondexploitaties en de algemene uitkering.
Met de verkoopopbrengst van de Eneco aandelen is de Algemene reserve sterk in omvang toegenomen en vormt daarmee een stevige buffer voor mogelijke risico’s maar ook voor de opgaven waar de gemeente nog voor staat. Denk daarbij aan Nn2040, duurzaamheid, bereikbaarheid en de herstructurering van wijken. De verwachte ontwikkeling van de Algemene reserve er als volgt uit. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 69.649 30.615 29.535 29.385 1.898 -4.542 -2.633 -150 -257 -1.080 -1.500
Verloop Algemene reserve 2026 29.385 Saldo 1-1 (begroting) Jaarrekening 2021 (voor account. controle) (1) Overheveling 2021 -> 2022 categorie 1 (2) Overheveling 2021 -> 2022 categorie 2 en 3 Reeds opgenomen in begroting 2022 - 2025 Opvang Oekraïense vluchtelingen Voorstellen Perspectiefnota 2023 Kapitaallastenreserve i.v.m. herverdeling -25.000 gemeentefonds Kwaliteitsimpuls 3 wijken -2.000 Bereikbaarheid Voorne-Putten/Nissewaard -5.000 30.615 29.535 29.385 29.385 29.385 Saldo 31-12 (rekening) (1) Deze post is een voorlopige inschatting en nog onder voorbehoud van vaststelling door de gemeenteraad van de betreffende financiële stukken. (2) Dit betreft reserve onttrekkingen die niet in 2021 hebben plaatsgevonden, maar via de overheveling 2021 -> 2022 in 2022 plaatsvinden. In tegenstelling tot de reserve onttrekkingen met betrekking tot de categorieën 2 en 3 hebben deze geen effect op het rekeningresultaat 2021. Naast de Algemene reserve beschikt de gemeente Nissewaard ook nog over andere (bestemmings-) reserves. In bijlage IV is hiervan het verloop terug te vinden.
18
2.7 Verloop weerstandsratio De gemeentelijke huishouding is zowel beleidsmatig als financieel zeer omvangrijk. Hier zijn onvermijdelijk risico’s mee verbonden. Om het financiële huishoudboekje op orde te houden is het zaak om bewust met deze risico’s bezig te zijn (risicomanagement). Dit begint met het in kaart brengen potentiële risico’s en de daarmee samenhangende financiële effecten, het (waar) mogelijk reduceren van deze risico’s en zorgen voor voldoende weerstandsvermogen om de financiële effecten die met de risico’s samenhangen op te kunnen vangen. Jaarlijks wordt de gemeenteraad hierover via de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer in de begroting en jaarrekening geïnformeerd en geadviseerd. Uitgaande van het bij de jaarrekening 2021 bepaalde benodigde weerstandscapaciteit, de reserves welke tot de weerstandscapaciteit worden gerekend en de standen van de reserves zoals vermeld in bijlage IV, ziet het verloop van de weerstandsratio er als volgt uit.
1-1-2022
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 1-1-2023 1-1-2024 1-1-2025
1-1-2026
Benodigde weerstandscapaciteit 90% (ceteris paribus jaarrekening 2021)
15.730
15.730
15.730
15.730
15.730
Algemene reserve Reserve Sociaal Domein Reserve Beheer Totaal weerstandsvermogen
69.649 1.309 5.896 76.854
30.615 2.703 2.745 36.062
29.535 3.445 1.910 34.890
29.385 3.354 1.625 34.364
29.385 3.354 1.625 34.364
4,89
2,29
2,22
2,18
2,18
Weerstandsratio
De streefwaarde van de weerstandsratio bedraagt 1. Op basis van het bovenstaande meerjarenoverzicht beschikt de gemeente Nissewaard over een “uitstekend” weerstandsvermogen. 2.8 Stelposten loon- en prijsstijging Jaarlijks krijgt de gemeente via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds compensatie voor de verwachte loon- en prijsstijgingen. Omdat onze begroting in constante prijzen wordt geraamd, worden de meerjarige loon- en prijsstijging bij de raming van de algemene uitkering buiten beschouwing gelaten. Immers, wanneer de verwachte loon- en prijsstijging voor 2024 reeds als beschikbare ruimte bij de voor de begroting 2023 – 2026 wordt betrokken, is er bij het opstellen van de begroting 2024 – 2027 geen ruimte meer om de loon- en prijsstijging 2024 te kunnen betalen. Dit neemt niet weg dat er wel inzicht gegeven kan worden in de loon- en prijscompensatie welke de komende jaren via de algemene uitkering verwacht wordt. Ten behoeve van dit inzicht wordt de algemene uitkering inclusief de loon- en prijscompensatie voor de komende jaren geraamd. Deze loon- en prijscompensatie wordt vervolgens geparkeerd worden op een stelpost, ter dekking van de verwachte loon- en prijsstijgingen bij de komende begrotingen.
Onderwerp Raming algemene uitkering in “lopende prijzen” Totaal constante prijzen (septembercirculaire 2021) Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2023 t/m 2026 cumulatief
19
Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2023 2024 2025 2026 186.684 188.309 191.164 191.164 183.911 183.268 183.852 183.852 2.773
5.041
7.312
7.312
Loon- en prijscompensatie 2023 (septembercir. 2021) – 2.773 2.773 2.773 2.773 reeds verwerkt in het saldo van de technische begroting 2023 – 2026 Saldo loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 0 2.267 4.539 4.539* 2023 t/m 2026 cumulatief *Bij de meicirculaire 2022 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2026 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Algemene dienst Daarmee wordt in de begroting 2023 – 2026 de volgende stelpost loon- en prijscompensatie voor 2024 t/m 2026 opgenomen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2023 2024 2025 2026 Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2023 t/m 2026 cumulatief 2.267 4.539 4.539* *Bij de meicirculaire 2022 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2026 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Deze stelpost wordt betrokken bij het opstellen van de begrotingen 2024 en verder. 2.9 Stelpost areaalmutaties Het aantal woningen en inwoners fluctueert van jaar tot jaar. Hoewel dit op het totaal van beperkte omvang is, kan dit wel extra lasten voor de gemeente met zich meebrengen alsook extra baten. Zo zal bijvoorbeeld het bouwen van extra woningen leiden tot een groter gebied dat beheert moet worden. Daar staat dan weer tegenover dat de extra woningen en inwoners leiden tot een hogere algemene uitkering en meer OZB-inkomsten.
Een en ander vice versa bij een daling van het aantal woningen en inwoners. Net als de hierboven genoemde meerjarige loon- en prijscompensatie is het de bedoeling om hiermee meer inzicht te creëren in de verwachte toekomstige groei (en krimp) van onze gemeente. Het verloop van de stelpost ziet er als volgt uit. Hierbij is rekening gehouden met de voorgesteld onttrekking voor het knelpunt areaaluitbreiding Beheer. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2022 2023 2024 2025 2026 Stelpost Areaalmutaties 284 275 200 226 226 Areaalmutaties OZB 2022 t/m 2026 15 68 153 150 238 Areaaluitbreiding beheer de Schoener, PM PM PM PM Veerkade fase 1 en Terras aan de Maas fase 2 Saldo 299 343 353 376 464 Met het opstellen van de programmabegroting 2023 – 2026 zal deze stelpost verder worden geactualiseerd.
20
3.
Indeling programmabegroting 2023 - 2026
3.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt de indeling aangegeven voor de programmabegroting 2023 – 2026. Per programma is, conform de programmabegroting 2022 -2025 een aantal thema’s benoemd welke de (politieke) essentie van het betreffende programma weergeven. Per thema worden vervolgens de volgende punten aangegeven: • Wat willen we bereiken? (doelen en indicatoren) • Wat gaan we daarvoor doen? (activiteiten, inzet, etc.) • Financiën (lasten en baten) • Verbonden partijen Naast de onderstaande programma’s en thema’s zal de programmabegroting, net als in de vorige gemeenteraadsperiode een bestuurlijke samenvatting (hoofdpunten beleid en financiën), paragrafen (specifieke onderwerpen) en de financiële begroting (financieel technische informatie over de opbouw van de begroting) bevatten. 3.2 Programma’s 1. Bestuur en dienstverlening Thema’s 1.1 Bestuur 1.2 Burgerzaken 1.3 Dienstverlening 2. Schoon, heel en veilig Thema’s: 2.1 Openbare orde & veiligheid 2.2 Beheer openbare ruimte 2.3 Accommodaties & parkeren 3. Duurzaam ontwikkelen en wonen Thema’s: 3.1 Ruimtelijke ontwikkeling 3.2 Bereikbaarheid & mobiliteit 3.3 Duurzaamheid 3.4 Wonen 3.5 Bouwprojecten & grondexploitatie 4. Ondernemen en ontspannen Thema’s: 4.1 Economie 4.2 Cultuur 4.3 Recreatie & toerisme 4.4 Cultureel erfgoed 4.5 Sport 21
5. Leren, participeren en ondersteunen Thema’s: 5.1 Onderwijs 5.2 Thuis in de Wijk 5.3 Maatwerk Jeugd 5.4 Maatwerk volwassenen 5.5 Werk, inkomen, armoedebeleid & emancipatie 5.6 Volksgezondheid 6. Overzichten Thema’s: 6.1 Ondersteuning organisatie 6.2 Treasury 6.3 Vennootschapsbelasting 6.4 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 6.5 Onroerende Zaakbelasting 6.6 Overige belastingen 6.7 Overige baten en lasten 3.3 Paragrafen Lokale Heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheer Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Corona Overige ontwikkelingen
22
4.
Bijlage I Indexatie
De meerjarenraming van Nissewaard wordt in constante – prijzen geraamd, dat wil zeggen de baten en lasten worden meerjarig niet geïndexeerd. Deze indexatie wordt op jaarbasis gedaan bij het opstellen van de nieuwe (technische) begroting voor het komende dienstjaar en vastgelegd in de perspectiefnota. Het uitgangspunt voor deze indexatie is dat de baten en lasten met de inflatie meebewegen. Bij het indexeren zijn er vier mogelijkheden: Geen indexatie Alleen loonindexatie Alleen prijsindexatie Gemengde indexatie Op basis van de soort kosten is per lasten- en baten categorie bepaald welke indexatie van toepassing is. Voor de indexatie van de begroting 2023 wordt teruggekeken naar eerdere indexatie prognoses op basis van de realisatiecijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hiervoor afgeeft. Voor de prognoses van indexatie maken we gebruik van de informatie van het Centraal Planbureau (CPB) de Macro Economische Verkenning (MEV) en het Centraal Economisch Plan (CEP). 4.1 Prijzen
Deze indexatie wordt gebruikt voor de materiële budgetten. Herberekening 2021 In de Perspectiefnota 2022 is uitgegaan van 1,4% als stijgingspercentage materiële kosten 2021. Op basis van het CBS is het inflatiepercentage 2021 op 2,7% uitgekomen. In de Perspectiefnota 2023 vindt er dan ook een correctie plaats van 1,3%. Inschatting 2022 In de Perspectiefnota 2022 is 1,4% opgenomen als stijgingspercentage materiële kosten 2022. Op basis van de prognose van het CPB september 2021 wordt voor 2022 een stijgingspercentage van 2,5% voorspeld. In de Perspectiefnota 2023 vindt er dan ook een correctie plaats van 1,1%. Inschatting 2023 De prognose voor 2023 wordt geschat op 2%. Dit, in het verlengde van het streefpercentage van de Europese Centrale Bank. Ten opzichte van de begroting 2022 vindt daarmee een prijsindexatie plaats van 4,4% (1,3% nacalculatie 2021 + 1,1% bijstelling inschatting 2022 + 2% inschatting 2023). Conclusie: Indexatie prijzen 2023 +4,4 % 4.2 Lonen De huidige CAO loopt van 1 januari 2021 tot 1 januari 2023.
23
Voor de berekening van het stijgingspercentage voor personele kosten in 2023 worden de volgende componenten meegenomen: a. Gevolgen van CAO-ontwikkelingen. b. Wijzigingen in de werkgeverspremies, zoals pensioen-, WAO- en ziektekostenpremies. c. Reguliere jaarlijkse periodieke verhogingen van individuele loonkostenontwikkelingen. Herberekening 2021 In de Perspectiefnota 2022 is 4,71% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2021. In de Perspectiefnota 2023 vindt daar conform de afgesloten CAO een correctie op plaats van -1,27%. Inschatting 2022 In de Perspectiefnota 2022 is 2% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2022. In de Perspectiefnota 2023 wordt dit percentage 2,47%, derhalve een correctie van 0,47%. Dit betreft een correctie op de raming van de CAO-stijging van 1,67% en – 1,2% daling van de werkgeverslasten. Inschatting 2023 Voor 2023 wordt een stijging van de loonkosten geraamd van 3,1%. Dit bestaat uit 0,6% doorwerking CAO 2022, 2% verwachte stijging van het CAO gerelateerd loon en 0,5% als verwachte stijging werkgeverslasten. Herberekening 2021 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies Periodieken en loonontwikkeling
2,65% 36,59% 0,5%
1,38% 36,59% 0,5%
-1,27% 0,00% 0,00% -1,27%
Inschatting 2022 Doorwerking CAO 2021 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies
0,00% 1,50% 37,59%
1,37% 1,80% 36,39%
1,37% 0,30% -1,20% 0,47%*
Inschatting 2023 Doorwerking CAO 2022 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies
0,00% 0,00% 36,39%
0,60% 2,00% 36,89%
0,60% 2,00% 0,50% 3,10%*
*De periodieken en loonontwikkeling wordt met ingang van de begroting 2022 – 2025 niet langer als percentage in de technische begroting verwerkt, maar als bedrag. De effecten 2021, 2022 en 2023 bij elkaar geteld geven een indexatie voor lonen van 2,3% ten opzicht van de begroting 2022. Conclusie : Indexatie lonen 2023 +2,3% 4.3 Samengesteld percentage Bepaalde budgetten in de begroting bestaan zowel uit prijs- als looncomponenten. Bijvoorbeeld subsidies aan instellingen. Voor de indexatie van deze budgetten wordt uitgegaan van een
24
samengesteld percentage van het geraamde prijs- en loonstijgingspercentage op basis van een verhouding van 50% materiële en 50% personele kosten. De berekening hiervan ziet er als volgt uit: 50% x stijging personele kosten 50% x prijsstijging + stijging samengestelde budgetten
: : :
50% x 2,30% 50% x 4,40%
= 1,15% = 2,20% + 3,35%
Conclusie : Indexatie samengestelde budgetten en belastingen en tarieven 2023 +3,35 % 4.4 Actualisatie raming loon- en prijsstijging 2023 Zoals aan het begin van het hoofdstuk Financieel perspectief 2022 – 2026 is aangegeven zijn de ramingen voor de loon- en prijsstijgingen 2023 in januari 2022 gemaakt. Inmiddels is duidelijk dat de opgelopen inflatie vooralsnog aanhoudt. Het Centraal Planbureau (CPB) heeft op basis hiervan dan ook de prognoses voor 2022 en 2023 bijgesteld, zie het Centraal Economisch Plan (CEP) 2022. Hierin wordt aangegeven dat de verwachte inflatie in 2022 5,2% bedraagt en voor 2023 2,4%. Ten opzichte van de hierboven opgenomen raming betekent dit dat de geraamde prijsstijging voor 2022 van 2,5% met 2,7% verhoogd moet worden naar 5,2%. Voor 2003 dient de geraamde prijsstijging van 2% met 0,4% verhoogd te worden naar 2,4%. De prijsstijging voor de begroting 2023 ten opzichte van de begroting 2022 komt daarmee uit op: 4,4% + 2,7% (correctie 2022) + 0,4% (correctie 2023) = 7,5%. Ten aanzien van de raming van de loonstijging 2023 wordt voorgesteld om deze aan te laten sluiten bij het verwachte inflatiepercentage voor 2023 ad 2,4%. Ten opzichte van de hierboven opgenomen raming betekent dit dat de geraamde loonstijging voor 2023 van 2% met 0,4% verhoogd moet worden naar 2,4%.
De loonstijging voor de begroting 2023 ten opzichte van de begroting 2022 komt daarmee uit op: 2,3% + 0,4% (correctie 2023) = 2,7%. Het mixpercentage komt daarmee op: 50% x stijging personele kosten 50% x prijsstijging + stijging samengestelde budgetten
: : :
50% x 2,70% 50% x 7,50%
= 1,35% = 3,75% + 5,10%
Conclusie : Indexatie samengestelde budgetten en belastingen en tarieven 2023 +5,1 % 4.5 Toelichting berekeningswijze belastingen (OZB) en tarieven (riolering) Hierboven is aangegeven dat het indexatiepercentage voor de gemeentelijke belastingen en tarieven voor 2023 5,1% bedraagt. Houdt dat nu ook in dat daarmee het stijgingspercentage van de belastingen en tarieven voor 2023 automatisch 5,1% bedraagt? Nee, het uiteindelijke stijgingspercentage kan afwijken. Dit kan geïllustreerd worden aan de hand van een drietal voorbeelden: de OZB-tarieven, het rioolrecht en de afvalstoffenheffing.
25
OZB Voor de OZB-tarieven zijn er naast het indexatiepercentage diverse andere factoren van invloed op de hoogte van het stijgingspercentage. Gedacht kan worden aan de waarde-ontwikkeling van woningen. Wanneer woningen meer waard worden, daalt het OZB-tarief. Wanneer woningen minder waard worden, stijgt dit tarief. Hierdoor wordt een door de tijd heen zo gelijkmatig mogelijke belastingdruk bewerkstelligd. Wanneer deze correctie niet zou plaatsvinden, zou dat flinke schommelingen veroorzaken in het bedrag dat inwoners jaarlijks aan OZB moeten betalen, maar ook wat de gemeente jaarlijks aan OZB ontvangt. Dit is voor onze inwoners niet wenselijk, maar ook niet voor de gemeente. Hiermee zouden flinke schommelingen in de begroting kunnen ontstaan, wat het moeilijker maakt om een stabiel gemeentelijk beleid te voeren. Daarnaast wordt in de hoogte van de tarieven rekening gehouden met bijvoorbeeld ‘oninvorderbare aanslagen’. Waarom gebeurt dat? Het is de bedoeling dat de in de (technische) begroting geraamde OZB-inkomsten worden binnen gehaald, in dit geval vermeerderd met 5,1%. Wanneer geen rekening gehouden zou worden met ‘oninvorderbaar’ zou de geraamde belastingopbrengst nooit gehaald worden met als gevolg een tekort in de begroting en een nadeel bij de jaarrekening. Bij het bepalen van de OZB-tarieven voor 2022 wordt gekeken naar de in de begroting geraamde opbrengst.
Deze wordt vermenigvuldigd met 5,1%. Daarmee is de te innen OZB-opbrengst bepaald. Vervolgens wordt rekening gehouden met oninvorderbaar, leegstand (bij niet-woningen) en waardemutaties. Ter illustratie: Opbrengst OZB begroting 2022 + 5,1% inflatiestijging = te realiseren opbrengst OZB 2023. Ter realiseren opbrengst OZB 2023 = totale waarde onroerend goed x OZB-tarief 2023 Om het tarief 2023 te bepalen wordt dus de te realiseren opbrengst OZB 2022 als uitgangspunt genomen. Vervolgens wordt in de tariefsbepaling rekening gehouden met (mutaties ten aanzien van) waardeontwikkeling als gevolg van bezwaarschriften, oninvorderbaar en leegstand. Rioolrecht Het tarief voor het rioolrecht is naast de hoogte van het inflatiepercentage afhankelijk van de kosten welke de gemeente moet maken om de afvoer van (afval)water te regelen. Zo leiden meer investeringen (kosten) tot een hoger tarief. Afvalstoffenheffing Ook voor dit tarief geldt dat er meer aspecten van invloed zijn dan alleen het inflatiepercentage. In dit geval zijn vooral de hoeveelheid aangeboden afval en de verwerkingskosten van dat afval bepalende factoren. De belastingtarieven worden in concept berekend bij de begroting 2023 waarna in december 2022 de tarieven ter definitieve vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
26
5.
Bijlage II Overzicht knelpunten 2022 – 2026
Onderstaand wordt een overzicht inclusief bijbehorende toelichting weergegeven van de geïnventariseerde knelpunten voor 2022 – – 2026. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 2022 2023 2024 2025 2026 Bestuur en dienstverlening Burgerzaken 1. Burgerzaken Lasten -13 17 88 1 1 Burgerzaken Baten 45 -17 -146 37 37 2. Burgerzaken - verkiezingen Lasten -12 -12 -12 -12 -12 3. Burgerzaken – LSI-project Lasten -82 Burgerzaken – LSI-project Lasten 13 14 15 15 15 vrijval lasten Totaal Bestuur en 33 -80 -55 41 41 dienstverlening Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 4. VRR – reeds besloten extra Lasten -22 -334 -279 -340 -359 taken + bijdragemethodiek Beheer openbare ruimte 5. Prijsstijgingen Lasten -1.803 -2.547 -2.498 -2.368 -1.868 onderhoudscontracten Groen, Bomen en Onkruidbestrijding 6. Prijsstijgingen overige Lasten PM PM PM PM PM beheerplannen 7. Stelpost Beheer Lasten -225 vervangingen 8. Areaaluitbreiding beheer Lasten PM PM PM PM PM de Schoener, Veerkade fase 1 en Terras aan de Maas fase 2 Dekking stelpost Lasten PM PM PM PM PM Areaalmutaties 9. Riolering Lasten -17 Baten 17 10. Baggeren haven Lasten -6 11. Inhuur VTH Lasten -71 12. Onderwijshuisvesting Lasten -471 Onderwijshuisvesting Baten 287 13. Stormschade Lasten -500 14. Speeltuin NAM Lasten -10 Speeltuin NAM Baten 10 15.
Investeringen riolering Lasten -11 -11 -11 -11 -11 Rioolheffing Baten 11 11 11 11 11
27
Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 16. Geluidswerende Lasten maatregelen Heemraadlaan Stelpost Beheer Lasten Accommodaties en parkeren 17. Onderhoud accommodaties Lasten 18. Streekarchief Lasten 19. Beheer parkeergarage Lasten Westakker 20. Stijging energielasten - gas Lasten Stijging energielasten Lasten 21. elektriciteit 22. Prijsstijgingen aanbesteding Lasten toegangssystemen, kentekenparkeren parkeergarages 23. Installatie en beheer AED's Lasten Totaal Schoon, heel en veilig Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 24. Stijging VAT-kosten + Lasten overige prijzen 25. Grote Lasten verkeersaanpassingen i.v.m. ruimtelijke ontwikkelingen 26. Omgevingswet - uitvoering Lasten + gezondheidsadvisering GGD Verhogen/nieuwe leges Baten tarieven anders reorg. best. org. 27. Anterieure Lasten overeenkomsten – storting reserve Projecten Anterieure Baten overeenkomsten 28. Inhuur bouwvergunningen Lasten Bouwleges Baten 29. KTA-maatregelen – Lasten overheveling KTA-maatregelen Baten overheveling 30. Windpark Brielse Maasdijk Lasten Windpark Brielse Maasdijk Baten - bijdrage uitvoerder Bereikbaarheid en mobiliteit
2022
2023 -31
2024 -31
2025 -31
2026 -31
31
31
31
31
-970 -80 -53
-1.270 -80 -53
-1.570 -80 -53
-1.870 -80 -53
-300 PM
-300 PM
-300 PM
-300 PM
PM
PM
PM
PM
PM
-33
-8
-8
-8
-8
-2.619
-4.292
-4.488
-4.719
-4.763
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
-30
-214
-214
-214
-214
100
100
100
100
-12
12 -473 473 -43 43 -105 105
28
Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 31. Formatie Verkeer en Lasten Vervoer Dekking anterieure Baten ov.komsten/keuzes maken Duurzaamheid 32. Energietransitie Lasten uitvoeringslasten (€ 2 á 3 mln per jr) Vergoeding Rijk Baten klimaatakkoord (€ ???) 33. Energietransitie Lasten onderzoeks- en investeringskosten Wonen 34. Uitbreiding capaciteit i.v.m. Lasten toename aanvragen vergunningen Legesink. i.r.t. Wet Baten kwal.borging bouwen (Wkb) 35. Aanleg 3 standplaatsen Lasten voor woonwagens (investering € 300.000) Huurinkomsten Baten Totaal Duurzaam ontwikkelen en wonen Ondernemen en ontspannen Cultuur 36. Exploitatie De Stoep Baten Totaal Ondernemen en ontspannen Leren, participeren en ondersteunen Onderwijs 37. Onderwijshuisvesting Lasten nieuw IHP (scholen + gymzalen) (invest. € 24 miljoen) 38. Onderwijshuisvesting – Lasten VAT-kosten (€ 7,2 miljoen) 39. Tijdelijke huisvesting + 1e Lasten inrichting Reserve Baten Onderwijshuisvesting 40. Externe advisering Lasten opstellen IHP Reserve Baten Onderwijshuisvesting 41. Onderwijshuisvesting Lasten lasten
2022 -60
2023 -60
2024 -157
2025 -157
2026 -157
97
97
97
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
PM
-255
-255
-255
-255
125
125
125
125
-14
-14
-14
-14
PM
PM
PM
PM
-90
-318
-318
-318
-318
PM 0
0
0
0
0
-250
-750
-1.000
-60
-190