Gewijzigd bestemmingsplan C. Villeriuslaan, Spijkenisse; Bijlage bij de toelichting
Tekst van het document
Bestemmingsplan Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse Gemeente Nissewaard Bijlagenboek
Bestemmingsplan Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse Gemeente Nissewaard Bijlagenboek
Rapportnummer:
P03764
IMRO-identificatienummer:
NL.IMRO.1930.BPCVilleriuslaan-2001
Datum:
8 augustus 2022
Opdrachtgever:
Gemeente Nissewaard
Projectteam BRO:
WdR, TAu, TSc
Bron foto kaft:
Hevo BV
BRO Hoofdvestiging Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl
Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse
Inhoudsopgave
Bijlagen bij toelichting
5
Bijlage 1
Samenvatting stedenbouwkundig plan
6
Bijlage 2
Ladderonderbouwing
9
Bijlage 3
Verkeersonderzoek Heijwegenlaan
22
Bijlage 4
Akoestisch onderzoek
40
Bijlage 5
Quickscan flora en fauna
88
Bijlage 6
Vervolgonderzoek ecologie
111
Bijlage 7
Bodemonderzoek
152
Bijlage 8
Beoordeling bodem Milieudienst
423
Bijlage 9
Aanvullend verkennend bodemonderzoek en asbestonderzoek
430
Bijlage 10
Onderzoek watersysteem
571
Bijlage 11
Waterparagraaf
592
Bijlage 12
Archeologisch onderzoek
634
Bijlage 13
Vooronderzoek explosieven
680
Bijlage 14
Aanmeldingsnotitie MER
718
Bijlage 15
Verslag inloopbijeenkomst 5 juli 2021
734
Bijlage 16
Ontwerpbesluit vaststelling Hogere Waarde Wet Geluidhinder
743
Bijlage 17
Nota van inspraak en vooroverleg
750
Bijlage 18
Nota kruispuntenanalyse
753
Bijlage 19
Nota van zienswijzen
760
2
Bestemmingsplan "Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse" (vastgesteld)
Bijlagen bij toelichting
Bestemmingsplan "Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse" (ontwerp)
3
Bijlage 1 Samenvatting stedenbouwkundig plan
4
Bestemmingsplan "Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse" (ontwerp)
Het stedenbouwkundig plan is opgebouwd op basis van een aantal uitgangspunten.
Stevig profiel Groene Kruisweg In het gebiedspaspoort Groene Kruisweg is de ambitie voor de Groene Kruisweg geformuleerd. Daarin wordt aangegeven dat de weg moet transformeren naar een stedelijke boulevard met bebouwing erlangs die is georiënteerd op de weg en zorgt voor een goede begeleiding van de weg. Dit draagt vervolgens bij aan de andere wens om de weg een veel grotere verblijfskwaliteit te geven, zodat ook fietsers en voetgangers hier prettig kunnen verblijven of passeren.
Veel groen en duurzaam Een belangrijke waarde die het woongenot voor een groot deel bepaalt is de aanwezigheid van voldoende groen in de omgeving. Ook wil Nissewaard vergroenen en de groenstructuren beter op elkaar aansluiten. Een robuuste groenstructuur vormt dus een uitgangspunt van dit plan. Evenals duurzaamheid, dat tegenwoordig ook een vast onderdeel van plannen dient te zijn.
Goede fietsroutes Het maken van goede fietsroutes vanuit het plangebied naar de omliggende wijken is essentieel. Vooral omdat de wens vanuit duurzaamheid en gezondheid is dat men vaker de auto laat staan en sneller op de fiets stapt. Daarnaast wil Nissewaard beter verbonden zijn met het groene ommeland, zodat mensen worden uitgenodigd een rondje te gaan fietsen en te ontdekken wat een mooi landschap er zo dichtbij de stad te vinden is. Ook voor de scholen is het van belang dat de fietsroutes van en naar de scholen goed en veilig zijn.
Gebruikskwaliteit openbare ruimte De hiervoor genoemde groenstructuur in het plan moet aantrekkelijk en bruikbaar zijn voor verschillende doelgroepen. De bewoners moeten er goed gebruik van kunnen maken in de vorm van ommetjes wandelen en speelplekken voor kinderen. Daarnaast zal PENTA beschikken over een sportveld voor hun leerlingen om in de zomer te kunnen buitengymmen en eventueel na school gebruik van te maken. De openbare ruimte wordt zodanig ingericht dat het voor beide groepen interessant en goed bruikbaar wordt.
Stedenbouwkundig plan VO | Heijwegenlaan
Stedenbouwkundig plan VO
Het idee voor de nieuwe wijk is om een groen, rustig middengebied te maken bestaande uit grondgebonden woningen met daar omheen een “schil” van hogere bebouwing langs de grote wegen aan de buitenzijde van de wijk. Deze gebouwen vormen als het ware een geluidsscherm voor de bebouwing erachter en ze vormen daarnaast een gezicht naar de omgeving. Aan de zijde van de Groene Kruisweg wordt de schil gevormd door de twee nieuwe schoolgebouwen van MY college en Penta mavo. Aan de Hekelingseweg en de Baljuwlaan komen appartementen gebouwen. In het middengebied komen laagbouwwoningen aan autovrije straatjes en met een zo groen mogelijke inrichting.
Stedenbouwkundig plan VO | Heijwegenlaan
Concept
Bijlage 2 Ladderonderbouwing
Bestemmingsplan "Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse" (ontwerp)
7
Notitie
notitie
Ladder Duurzame Verstedelijking
project Ladder Duurzame Verstedelijking datum 4 januari 2022 opdrachtgever gemeente Nissewaard projectnummer p03764 opgesteld door JvdL, RV
Ladder Duurzame Verstedelijking 1.1 Aanleiding
Ladder voor Duurzame Verstedelijking
Ten westen van het centrum van Spijkenisse (gemeente Nissenwaard), tussen de Baljuwlaan en Hekelingseweg, ligt een cluster van verschillende scholencomplexen, waaronder de scholen MY College en Penta. Bij MY College wordt les gegeven in vmbo en mavo onderwijs en bij Penta in het mavo, havo en vwo (atheneum en gymnasium) onderwijs. Deze twee scholen hebben het voornemen om te verplaatsen naar een noordoostelijk gelegen braakliggend terrein. De wens is om twee nieuwe complexen te realiseren en de verouderde schoolgebouwen op termijn te slopen. De nieuwbouw vindt plaats net ten zuiden van de Groene Kruisweg. Op dit moment is dit gebied onbebouwd. Het planinitiatief is onderdeel van de gebiedsuitwerking Groene Kruisweg e.o.
Per 1 juli 2017 luidt het tweede lid van art. 3.1.6. als volgt: “De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien.”
1.2 Toepassing Ladder voor Duurzame Verstedelijking Het functioneel gebruik van de gronden ten behoeve van de functie onderwijs wordt door het vigerend bestemmingsplan “Voorzieningen Groene Kruisweg” (d.d. 12 juni 2013)” niet toegestaan. Op grond van dit bestemmingsplan zijn de voorgenomen ontwikkelingen in strijd met de bouw- en gebruiksregels van de genoemde verordening. Het toekomstige gebruik en de toekomstige bebouwing wijkt af van het huidige gebruik. Een nieuw bestemmingsplan is daarom nodig om de ontwikkeling mogelijk te maken. BRO Bosscheweg 107 5282 WV Boxtel T +31 (0)411 850 400 E info@bro.nl www.bro.nl
ladder is een wettelijk verplicht motiveringsinstrument waaraan iedere ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ (art 1.1.1 Bro) moet worden getoetst.
In het artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is vastgelegd dat de toelichting bij een bestemmingsplan of projectafwijking moet voldoen aan de systematiek van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking (hierna: ‘ladder’). De
De realisatie van de onderwijsfaciliteit geldt als een nieuwe stedelijke ontwikkeling: 1. Op basis van de beheersverordening is onderwijs op de locatie niet toegestaan en is een wijziging van de bestemming noodzakelijk. 2. Een stedelijke ontwikkeling is volgens het besluit ‘een ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen’. Het initiatief om twee schoolgebouwen met max. 3.800 en max. 4.230 m2 BVO te bouwen kan onder deze definitie worden geschaard, gezien het hier gaat om de wijziging naar de bestemming ‘Maatschappelijk’ met functieaanduiding ‘onderwijs’. 3. Aangezien het om de toevoeging gaat van twee schoolgebouwen met max. 4.500 en max. 5.750 m2 BVO, kan het initiatief gekwalificeerd worden als een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’. Het doel van de Ladder is zorgvuldig en duurzaam ruimtegebruik, met oog voor de toekomstige ruimtebehoefte en ontwikkelingen in de omgeving. De Ladder geeft daarmee invul-
1
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
ling aan het nationaal ruimtelijk belang gericht op een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij ruimtelijke besluiten.
Langs de Groene Kruisweg, tussen de C. Villeriuslaan en de Hekelingseweg komt nieuwbouw voor de beide scholen. De bebouwingsvelden van de twee schoolgebouwen zijn tussen de 4.500 (MY college) en 5.750 m2 (Penta Mavo) groot.
1.3 Planinitiatief De ontwikkeling van nieuwbouw voor de VO scholen zijn een onderdeel van de ontwikkeling Groene Kruisweg. De Groene Kruisweg kan de ruggengraat van Spijkenisse worden die de stad verbindt met haar omgeving maar ook goed verbonden is met haar eigen stedelijk weefsel. De ruimtelijke opzet van de nieuwe wijk is een stevige schil langs de drukke wegen aan de buitenzijde en daarbinnen een beschut milieu met grondgebonden woningen. Aan de zuidzijde komt meer bebouwing aan de weg te staan met ingangen aan de Groene Kruisweg waarbij hier een aantrekkelijk verblijfsgebied ontstaat, waar ook fietsers en voetgangers prettig kunnen verblijven. Langs de oost strook is de ambitie een ventweg te maken die wordt gekoppeld aan de bestaande afslag naar een kantoorgebouw (Veldsink Driekleur Verzekeringen). Vanaf de ventweg komen ingangen naar inpandige parkeergarages. Op die manier ontstaat meer levendigheid, reuring en aantrekkelijkheid. De nieuwbouw voor de twee scholen MY college en de nieuwe Penta Mavo kan hier een sterke rol in spelen. Zij kunnen langs de weg een buffer vormen naar het rustiger achtergelegen woongebied, terwijl ze zelf profiteren van een goede uitstraling naar de omgeving en goede bereikbaarheid. De nieuwe schoolgebouwen voor MY college en de nieuwe Penta Mavo worden langs de Groene Kruisweg gepositioneerd ten westen van de Hekelingseweg (figuur 1).
De bestaande schoolgebouwen van het Penta College en MY College te Spijkenisse zijn verouderd en aan vervanging toe.
dinsdag 4 januari 2022
Langs de Groene Kruisweg en Hekelingseweg is het van belang dat er actieve plinten komen met maatschappelijke of werkfuncties. Dit zorgt voor een open en aantrekkelijke uitstraling, zie referentiebeelden in figuur 2. Ook dienen de voorkanten met entrees zoveel mogelijk aan de hoofdwegen te liggen. In deze verkaveling is er voor gekozen om de straat, in het verlengende van de C. Villeriuslaan, iets te verleggen zodat de bouwblokken aan de Groene Kruisweg wat meer diepte krijgen. Het is van belang dat een goede continuïteit van het fietsnetwerk wordt gewaarborgd (figuur 3, 4 en 5). Om die reden blijft de Villeriuslaan goed aangesloten op het kruispunt van de Groene Kruisweg - Hekelingseweg zodat fietsers soepel door kunnen fietsen richting centrum.
De hoofdvraag van dit onderzoek luidt: Voldoet het initiatief aan een (kwantitatieve en kwalitatieve) behoefte en is er sprake van duurzaam ruimtegebruik binnen het verzorgingsgebied? Het antwoord op de hoofdvraag uit dit onderzoek wordt verkregen door middel van ruimtelijk-functioneel onderzoek, waarbij zowel de kwantitatieve als kwalitatieve behoefte aan de ontwikkeling wordt onderzocht binnen het verzorgingsgebied. Ook wordt gekeken naar de locatieafweging binnen of buiten het bestaand stedelijk gebied. Bovendien worden door middel van het onderzoek de te verwachten effecten van de beoogde ontwikkeling in beeld gebracht. Met de resultaten van het onderzoek is de Ladder voor Duurzame Verstedelijking doorlopen.
De Villeriuslaan is onderdeel van het historische trambaanpad. Ter hoogte van de Hekelingseweg wordt deze route onderbroken. Er is destijds voor gekozen om de route door te zetten langs de Groene Kruisweg via het Baljuwplein. Binnen het plangebied speelt de Villeriuslaan nog een belangrijke rol als fietsroute om de scholen te bereiken. Om de historische betekenis te benadrukken is het aan te bevelen om dit zichtbaar te maken in het profiel.
1.4 Opzet onderzoek Voor het initiatief wordt onderzocht of en op welke manier de ontwikkeling van een nieuwe school voor My College en Penta Mavo te verantwoorden is vanuit de methodiek van de Ladder voor Duurzame Verstedelijking.
2
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
Figuur 2:: Referentiebeelden toekomstige schoolgebouwen en plinten (Kavelpaspoort scholenstrook, 2021)
Figuur 1: Toekomstige locatie My College & Penta College
dinsdag 4 januari 2022
3
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
Figuur 3: Gebiedsuitwerking Groene Kruisweg (Kavelpaspoort scholenstrook, 2021)
Figuur 4: Bouwvlakken toekomstige schoolgebouwen My College en Penta College (Kavelpaspoort scholenstrook, 2021)
dinsdag 4 januari 2022
4
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
2. Toets aan de Ladder voor Duurzame Verstedelijking Bij de toetsing van het initiatief aan de ladder zijn de volgende aspecten van belang: Het ruimtelijk verzorgingsgebied van de ontwikkeling: wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling, dient de toelichting van het bestemmingsplan een beschrijving van de behoefte te bevatten binnen het ruimtelijk verzorgingsgebied van de ontwikkeling. De behoefte aan de voorgenomen ontwikkeling: bij de beoordeling van de behoefte dient het bestaande aanbod en vraag betrokken te worden. Bovendien dient inzichtelijk te worden gemaakt dat het plan geen zodanige leegstand tot gevolg zal hebben, dat dit tot een onaanvaardbare situatie zal leiden uit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening. De ligging van de ontwikkeling binnen of buiten bestaand stedelijk gebied: op basis van met name de bestemming wordt beoordeeld of de ontwikkeling is gelegen binnen bestaand stedelijk gebied. Als de woningbouwontwikkeling buiten bestaand stedelijk gebied is gepland, moet volgens artikel 3.1.6 lid 2 Bro gemotiveerd worden waarom niet binnen bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Daarbij spelen de beschikbaarheid en geschiktheid van locaties binnen bestaand stedelijk gebied een rol.
1
2.1 Passend binnen behoefte van het ruimtelijk verzorgingsgebied Voor de onderbouwing van de behoefte is gekeken naar de afbakening van de relevante regio, om zo de behoefte in beeld te brengen. Voor onderwijsvoorzieningen is het verzorgingsgebied het gebied waarbinnen de school zijn (voornaamste) gebruikers vindt. In het geval van het nieuwe scholencomplex MY College & Penta is het verzorgingsgebied gemeente Nissenwaard en leerlingen buiten de regio zoals Albrandswaard, Hoogvliet Rotterdam en Rozenburg1.
Het initiatief wordt passend geacht binnen de Ladder voor Duurzame Verstedelijking. Hieronder volgt een beknopte toelichting. De volledige onderbouwing is opgenomen in bijlage 1 van deze notitie. Met het planinitiatief om twee nieuwe schoolgebouw voor, My College en Penta scholen Rietvelden/Charles de Foucauld van circa max. 4.500 en max. 5.750 m2 bvo te realiseren voor mavo en vmbo, wordt voorzien in een behoefte: Op nationaal en lokaal niveau wordt een leerlingendaling geconstateerd in het Voortgezet Onderwijs. Een leerlingendaling leidt op de scholen My College en Scala Rietvelden tot een overcapaciteit wat vervolgens leidt tot een normatieve leegstand. Met een normatieve leegstand ontvangen scholen geen instandhoudingsvergoeding voor de vierkante meters leegstand. Met het krimpende leerlingen aantal lopen de kosten voor de scholen My College en Scala Rietvelden op. In combinatie met het renoveren van schoolgebouwen is dit een flinke kostenpost voor de scholen. Een samenwerking tussen schoolbesturen wordt daarom als urgent en noodzakelijke gezien om kwaliteit van goed onderwijsaanbod in stand te houden. Dit varieert van het delen
van ondersteunde diensten, huisvesting of personeel, het uitbesteden van leerlingen en het uitruilen van onderwijsaanbod, tot het aangaan van een fusie (bestuurlijk of institutioneel). Vanuit het Bestuurlijk Akkoord Voortgezet Onderwijs wordt nadrukkelijk de mogelijkheden die synergie van (gebruik van) ruimten en (sport- en ondersteunende) faciliteiten biedt en een ruimtelijk plan waarbinnen de drie genoemde onderwijsinstellingen, met behoud van eigen identiteit, onderdak vinden. De beoogde ontwikkeling voor het nieuwe scholencomplex voorziet hier in. Door de samenwerking van de scholen creëren zij een efficiëntere onderwijshuisvesting waardoor problemen zoals minder bekostiging per leerling, daardoor ook minder personeel, duurdere kosten voor huisvestiging en minder onderwijsaanbod verlaagd worden. Hierdoor komen er meer financiële middelen beschikbaar voor de verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast voorziet de ontwikkelingen in het benadrukken van de synergie, doordat beide scholen (My College en Scala Rietvelden/Charles de Foucauld) gebruik maken van dezelfde buitenruimte en faciliteiten. Tot slot, is het wenselijk geacht dat er nieuwe, duurzame schoolgebouwen gerealiseerd worden die zorgen voor een goede huisvesting in het onderwijs, het verbeteren van het binnenklimaat en het transformeren naar een duurzaam schoolgebouw.
Met de verhuizing van de scholen naar een nieuw duurzaam scholencomplex wordt hierin voorzien.
De beoogde ontwikkeling van twee nieuwe schoolgebouwen My College & Penta college past ook binnen de vigerende beleidskaders:
Rapport Transitieatlas 2017 regio Voorne Putten
dinsdag 4 januari 2022
5
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
De nieuwbouw voor de twee scholen maakt onderdeel uit van een grotere gebiedsopgave waarbij het de brede uitvalsweg van Spijkenisse: van ‘snelweg’ naar stadsboulevard wilt transformeren in een actieve plint van met maatschappelijke en/of werkfuncties met achter de nieuwbouw een wijk met grondgebonden woningen. Daarnaast wordt de gebiedsuitwerking gezien als kans om de stad te verbinden met de omgeving en het eigen stedelijk weefsel. Dit strookt met de ambities vanuit de provincie, regio en gemeente om een vitale samenleving te creëren door middel van het versterken van leef- en vestigingsklimaat met een mix aan functies zoals bedrijven en maatschappelijke voorzieningen, maar ook om het stedelijk weefsel met de stad en de omgeving te verbinden. De waarborging van de goede continuïteit van het fietsennetwerk en het bouwen binnen het netwerk van stedelijke centra en knooppunten met hoogwaardige openbaar vervoer (metro) en het versterken van langzaam vervoersrelaties (fietsnetwerk) moet bijdragen aan de goede bereikbaarheid van het gebied. Daarnaast wordt er conform de omgevingsverordening van Provincie gebouwd naar behoefte en is het initiatief toekomstbestendig omdat scholen energiezuinig worden gerealiseerd met ruimte voor water en groene schoolpleinen. Tot slot, voldoet het initiatief aan de twee beoordelingscriteria uit de verordening onderwijshuisvesting.
(1) De noodzaak van aangevraagde voorzieningen. De scholen zijn namelijk verouderd (conditie 3). (2) Vervangende bouw omdat de leerlingendaling blijft toenemen en past het bij de ontwikkeling van de nieuwe ruimtelijke ordening als gevolg van stadsvernieuwing en het ontwikkelen van een nieuwe wijk.
dinsdag 4 januari 2022
2.2 Geen onaanvaardbare effecten Het planinitiatief is onderdeel van de gebiedsuitwerking Groene Kruisweg e.o.. En, zoals vermeld kan de Groene Kruisstraat de ruggengraat van Spijkenisse worden die de stad verbindt met haar omgeving maar ook goed verbonden is met haar eigen stedelijk weefsel. De ruimtelijke opzet van de nieuwe wijk is een stevige schil langs de drukke wegen aan de buitenzijde en daarbinnen een beschut milieu met grondgebonden woningen. De verouderde scholen My College en Scala Rietvelden zijn gevestigd binnen deze beoogde ontwikkeling en worden gesloopt. In plaats van de verouderde scholen komen woningen (Kuijper, 2021). Daarnaast is in het Bestuurlijk Akkoord Voortgezet Onderwijs de afspraak gemaakt dat toekomstige leegstand van de schoolgebouwen gebruikt worden voor andere ‘doeleinden’. Aangenomen wordt dat hierdoor panden gesloopt gaan worden ten doeleinden van grondgebonden woningen of ten doeleinden van transformatie voor bijvoorbeeld meergezinswoningen.
dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. In de jurisprudentie is dit begrip nader ingevuld . Wanneer er op gronden een niet-agrarische bestemming rust (waaronder niet alleen 'rode' stedelijke functies, maar bijvoorbeeld ook functies voor sport, recreatie of stedelijk groen), dan is er sprake van bestaand stedelijk gebied, ook al is de locatie nog onbebouwd, mits de locatie onderdeel is van het bestaand stedelijk samenstel van bebouwing. Bovenstaand is het geval op de planlocatie. De huidige bestemming betreft stedelijk groen en maatschappelijk, wat gezien moet worden als een niet-agrarische, dus ‘stedelijke’ bestemming. Tevens vormt de bestaande groenstrook en de bebouwing, samen met de omliggende bebouwing, een bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing met de daarbij behorende stedelijk groen. De planlocatie kan vanwege deze bestaande stedelijke bestemming als bestaand stedelijk gebied worden aangemerkt.
Hieruit wordt geconstateerd dat de effecten van de ontwikkeling per saldo volledig positief zijn en er géén sprake is van onaanvaardbare, structurele leegstand met negatieve effecten op het woon, leef- en ondernemersklimaat.
2.3 Gesitueerd binnen bestaand stedelijk gebied De locatie is binnen bestaand stedelijk gebied. In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip 'bestaand stedelijk gebied' vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen,
Figuur 5: Huidige bestemmingen (bestemmingsplan beheersverorderning vastgesteld 2013-06-12)
6
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
Bijlage 1: Onderbouwing behoefte B1.1 Afbakening verzorgingsgebied Voor onderwijsvoorzieningen is het verzorgingsgebied het gebied waarbinnen de school zijn (voornaamste) gebruikers vindt. Het verzorgingsgebied wordt globaal afgebakend door de reistijd die leerlingen bereid zijn af te leggen. De profilering, omvang en kwaliteit van het onderwijs bepalen, samen met de nabijheid en bereikbaarheid, de omvang van de acceptabele reistijd. Voor het voortgezet onderwijs is deze afstand groter dan voor het primair onderwijs en varieert van de wijk tot de gehele gemeente of zelfs daarbuiten. In 2017 is er op regionaal niveau (Voorne-Putten) onderzoek uitgevoerd naar de toekomstige bevolkingstransitie, het effect daarvan op het voortgezet onderwijs (VO) en hoe met de gevolgen om te gaan. Op basis hiervan is het aantal VO per gemeenten inzichtelijk gemaakt en welke in- en uitstroom van leerlingen er is vanuit de aangrenzende regio’s. Daarnaast is onderzocht welke gewenste maximale reisafstand leerlingen willen afleggen naar school toe. 47% gaf aan dat de maximale reisafstand 5 – 10 km is en nog eens 47% gaf aan dat het de reisafstand niet boven de 15 km mag uitkomen. Uit eigen analyse blijkt dat hemelsbreed de buitenste grens van de gemeente Nissewaard op ca.
5 km van het planinitiatief ligt (figuur 6) waarop geconstateerd is dat het primaire verzorgingsgebied de gemeente Nissewaard betreft. Daarnaast toont het rapport aan dat er sprake is van een secundair verzorgingsgebied door instroming uit de aangrenzende regio aan de noordoost zijde. Het betreft instroming uit de kern Albrandswaard, Hoogvliet Rotterdam en 1/3 van de kern Rozenburg. Samen zou dit een instroom van 1.264 leerlingen zijn.
dinsdag 4 januari 2022
Figuur 6: Afbakening verzorgingsgebied, minimale straal 5km.
Provinciaal
energieneutraal te bouwen vlakbij passende mobiliteitsvoorzieningen waarbij het bebouwd gebied klimaat adaptief wordt ingericht.
De provincie Zuid-Holland geeft in de omgevingsvisie (2021) aan dat het een vitale samenleving wil creëren. Dit kan door leef- en vestigingsklimaat te versterken, stad en land goed te verbinden, ruimte te bieden voor groen en water in de stad, maar ook middels een evenwichtige woningvoorraad en passende werklocaties. De vitaliteit van de stad is ook gebaat bij cultuur, kenniscentra en aantrekkelijke binnensteden. Daarnaast zet de provincie in om nieuwbouw
De provincie Zuid-Holland geeft in de omgevingsverordening (2021) richting en ruimte aan een optimale wisselwerking tussen ruimtelijke ontwikkelingen en gebiedskwaliteit : een evenwicht en samenspel van toekomstwaarde, gebruikswaarde en belevingswaarde. Ruimtelijke kwaliteit speelt op verschillende niveaus: veelal plek gebonden, maar ook op het niveau van de gehele provincie en soms daarbuiten.
B1.2 Beleidskaders
7
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
In de gehele provincie, zowel in het stedelijk gebied als in het landelijk gebied, beoogt het kwaliteitsbeleid een ‘ja, mits-beleid’: ruimtelijke ontwikkelingen zijn mogelijk, met behoud of versterking van de ruimtelijke kwaliteit (waarborg ruimtelijke kwaliteit). Met behulp van de ladder van duurzame verstedelijking stuurt de provincie op regionale programma's en behoud en verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. De provincie stelt met het handelingskader ruimtelijke kwaliteit spelregels vast die het bovenlokale, algemene belang borgen. Daarnaast streeft de provincie naar het beter benutten en de kwaliteitsverbetering van bestaand stads- en dorpsgebied. Dit is in lijn met de maatschappelijke behoefte en draagt bij aan een zorgvuldig gebruik van de ruimte. De provincie zet in daarom in op verdichting, concentratie en specialisatie binnen het bestaand stads- en dorpsgebied, en op een hiërarchie van knooppunten en centra met een goede onderlinge bereikbaarheid. Daartoe worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: 1. Bouw naar behoefte; 2. Bouw binnen bestaand stads- en dorpsgebied; 3. Bouw georiënteerd op hoogwaardig openbaar vervoer; versterk de langzaam vervoersrelaties 4. Benut het netwerk van stedelijke centra en knooppunten; 5. Bouw toekomstbestendig; houd rekening met energietransitie, natuurinclusiviteit, klimaatadaptie en een gezonde leefomgeving.
2
Regionaal In de regionale woonvisie Regio Rotterdam 2021 – 2040 (2021) wordt kwaliteit gestimuleerd. Wonen gaat om de kwaliteit en veiligheid van de leefomgeving, de toekomstbestendigheid en passendheid van woningen en toegankelijkheid van de woningmarkt. De locatie van nieuwbouwwoningen draagt bij aan de toekomstbestendigheid. Het fijnmazige netwerk dient benut te worden met voorzieningen, werken, winkelen, recreëren en infrastructuur en het netwerk versterken waar het kan. Dit vraagt om omdenken en inventiviteit in het ruimtegebruik. Het toevoegen van extra woningen moet in balans zijn met het openbaar vervoernetwerk, het wegennet en de openbare ruimte, maar ook met onderwijs- en sportvoorzieningen, de culturele voorzieningen, werkplekken en recreatieve plekken. De regio zet vooral in op de ontwikkeling van locaties nabij knooppunten van (hoogwaardig) openbaar vervoer. Een goede, verantwoorde en integrale afweging van de invulling van de beschikbare ruimte is noodzakelijk om de woningbehoefte te accommoderen met behoud en versterking van de leefkwaliteit in de regio. Gemeentelijk In Nissewaard naar 2040 wordt gesteld dat Nissewaard te maken heeft met een aantal vraagstukken van sociaal economische, maatschappelijke en ruimtelijke aard. Voor nieuwe verstedelijking ligt een sterke basis in de bestaande structuur.
Dit biedt mogelijkheden in de voormalige groeikern Spijkenisse, zoals strategische oplossingen voor onderwijs. Kansen in Nissewaard worden gezien rondom nieuwe ontwikkeling bij metrostations. Mogelijkheden zoals een mix van functies en verdichting in de vorm van retail, bedrijven, andere woonvormen, studentenhuisvestiging, onderwijsinstellingen en slimme oplossingen voor parkeren. Daarnaast is er
een extra focus om onderwijs en werkgelegenheid te combineren rondom metrostations. In het Bestuurlijk akkoord Onderwijshuisvesting Nissewaard 2018-2022 (2017) stelt de gemeente duidelijke criteria voor de onderwijshuisvesting. Capaciteit (ruimtebehoefte van de school). Met de mogelijkheden van de verordening onderwijshuisvesting als basis werkt de gemeente samen met de schoolbesturen daar waar noodzakelijk aan het afstemmen van de huisvestingscapaciteit, de ruimtebehoefte en een zo efficiënt mogelijke inzet van onderwijshuisvesting. Kwaliteit. Een groot deel van de scholen is gebouwd in ’70 en ’80. Dit betekent dat een groot deel va de gebouwen rond de veertig jaar oud is en dat hoge kosten voor vervangingsonderhoud bij veel scholen tegelijk komen. Bovendien moeten scholen na renovatie minimaal voldoen aan het bouwbesluit, het kwaliteitskader onderwijshuisvesting en het programma van eisen Frisse Scholen klasse B. “Kies bij nieuwbouw en ingrijpende renovaties in beginsel op alle aspecten voor een klasse B-kwaliteit.”2 Spreiding en bereikbaarheid. Versnippering van onderwijslocaties wordt zoveel mogelijk beperkt. De gemeente wil samen met de schoolbesturen vraag en aanbod beter op elkaar afstemmen, een rijk palet aan onderwijs vormen en dubbelingen van opleidingen c.q. afdelingen in het VO voorkomen.
Inhoudelijke ontwikkelingen/de gezamenlijke visie van de schoolbesturen en de gemeente op onderwijshuisvesting. Niet alleen leerlingaantallen en vierkante meters centraal staan, maar ook de inhoudelijke ambities van de gemeente en de schoolbesturen met betrekking tot het onderwijs en ander beleid. Vanuit een
Programma van Eisen Frisse Scholen 2021, Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
dinsdag 4 januari 2022
8
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
visie op het toekomstig onderwijs wordt in het IHP ook een doorkijk gegeven naar de toekomstige voorzieningenstructuur. Er moet rekening worden gehouden met onder andere brede schoolconcepten, onderwijsvernieuwing, passend onderwijs, schakelklassen, het Masterplan, Thuis in de Wijk, de Omgevingswet en investeringen op het gebied van woningbouw. In de tweede tussenrapportage 2020 over het beleid geeft de gemeente aan, verenigingen en scholen te faciliteren bij verduurzaming accommodaties + inzet op educatie en bewustwording. De verduurzaming van schoolgebouwen en schoolpleinen wordt meegenomen in de Integrale Huisvestingsplannen van het primair en het voortgezet onderwijs. De opdracht is om de schoolgebouwen bij renovatie of nieuwbouw te ontwikkelen tot bijna energieneutrale gebouwen (BENG). Deze ambitie is vastgelegd in het bestuurlijk akkoord met zowel primair als voortgezet onderwijs. Tevens ligt er een voorstel om de komende jaren structureel geld vrij te maken voor vergroening van schoolpleinen. Groenblauwe schoolpleinen leveren een bijdrage aan de oplossing voor veranderingen in het klimaat zoals het verminderen van wateroverlast. Ook het verminderen van hittestress is een belangrijke, juist omdat het om kinderen gaat. Dat laatste aspect maakt dat het vergroenen van schoolpleinen ook een sterk bewustwordingsdoel dient.
Verordening Onderwijshuisvesting (2015) Beoordelingscriteria noodzaak aangevraagde voorzieningen. Vervangende bouw 1) Vervangende nieuwbouw kan het gevolg zijn van een tweetal situaties. Ten eerste vanwege de slechte conditie (bouwkundige staat) van een gebouw.
dinsdag 4 januari 2022
2) Vervangende nieuwbouw kan ten tweede het gevolg zijn een herschikkingsoperatie. Dit kan zich in meerdere gevallen voordoen: bevoegde gezagsorganen kunnen overeenkomen om schoolgebouwen te ruilen omdat is vastgesteld dat er voldoende capaciteit voor het huisvesten van de leerlingen beschikbaar is, maar dat het ene schoolgebouw een overmaat aan capaciteit heeft en het andere schoolgebouw een tekort aan capaciteit. Door onderlinge ruil, eventueel met een beperkte bouwkundige aanpassing of uitbreiding bij een bestaand schoolgebouw of in relatie met vervangende nieuwbouw voor een bestaand schoolgebouw kan een efficiënte bezetting van de schoolgebouwen worden gerealiseerd en kan mogelijk een schoolgebouw worden afgestoten; fusies van scholen kunnen aanleiding zijn voor een herschikkingsoperatie omdat een fusie op schoolniveau ook gevolgen heeft voor de leerlingenstromen, waardoor mogelijk door een beperkte uitbreiding (= vervangende bouw) van het ene schoolgebouw het andere schoolgebouw kan worden afgestoten; vervangende nieuwbouw kan verband houden met ontwikkelingen in de ruimtelijke ordening, als gevolg van bijv. stadsvernieuwing, of het herinrichten van een wijk, waarvoor het noodzakelijk is dat het bestaande schoolgebouw of de bestaande schoolgebouwen vervangen wordt/worden.
Uitgangspunt van investeringen die het gevolg zijn van een herschikkingsplan is dat een grotere doelmatigheid in het gebruik van de schoolgebouwen wordt bereikt en dat het voor het college een budgettair neutrale investering is, dus voor de gemeente geen extra investeringslasten ontstaan.
Conclusie beleidskaders De beoogde ontwikkeling van twee nieuwe schoolgebouwen My College & Penta college past ook binnen de vigerende beleidskaders: De nieuwbouw voor de twee scholen maakt onderdeel uit van een grotere gebiedsopgave waarbij het de brede uitvalsweg van Spijkenisse: van ‘snelweg’ naar stadsboulevard wilt transformeren in een actieve plint van met maatschappelijke en/of werkfuncties met achter de nieuwbouw een wijk met grondgebonden woningen. Daarnaast wordt de gebiedsuitwerking gezien als kans om de stad te verbinden met de omgeving en het eigen stedelijk weefsel. Dit strookt met de ambities vanuit de provincie, regio en gemeente om een vitale samenleving te creëren door middel van het versterken van leef- en vestigingsklimaat met een mix aan functies zoals bedrijven en maatschappelijke voorzieningen. En het stedelijk weefsel met de stad en de omgeving te verbinden. De waarborging van de goede continuïteit van het fietsennetwerk en het bouwen binnen het netwerk van stedelijke centra en knooppunten met hoogwaardige openbaar vervoer (metro) en het versterken van langzaam vervoersrelaties (fietsnetwerk) moet bijdragen aan de goede bereikbaarheid van het gebied.
Tevens het bouwt het naar behoefte en toekomstbestendig omdat scholen energiezuinig gebouwd worden met ruimte voor water en groene schoolpleinen, dat conform de omgevingsverordening van de provincie is. Tot slot, voldoet het initiatief aan de twee beoordelingscriteria uit de verordening onderwijshuisvesting. (1) De noodzaak van aangevraagde voorzieningen. De scholen zijn namelijk verouderd (conditie 3). (2) Vervangende bouw omdat de leerlingendaling blijft toenemen en past het bij de ontwikkeling van de nieuwe ruimtelijke ordening als gevolg van stadsvernieuwing en het ontwikkelen van een nieuwe wijk.
9
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
B1.3 Behoefte De nieuwbouwbehoefte van onderwijs komt voort uit meerdere aspecten. Op deze aspecten wordt hieronder ingegaan. De Voortgezet Onderwijs Raad (2021) geeft aan dat het aantal leerlingen in het voortgezet onderwijs al een aantal jaren daalt. De grootste effecten hiervan zullen zich de komende jaren manifesteren. In sommige regio’s loopt de leerlingendaling op tot meer dan 30%. Op veel plaatsen is samenwerking tussen schoolbesturen urgent en noodzakelijk om een kwalitatief goed onderwijsaanbod in stand te houden. Een oplossing dat bijdraagt om de gevolgen van leerlingendaling (minder bekostiging per leerling, daardoor ook minder personeel, duurdere kosten voor huisvestiging, minder onderwijsaanbod) op te lossen, is door samenwerken. Samenwerken kan op verschillende terreinen. Dit varieert van het delen van ondersteunde diensten, huisvesting of personeel, het uitbesteden van leerlingen en het uitruilen van onderwijsaanbod, tot het aangaan van een fusie (bestuurlijk of institutioneel). De gemeente zijn verantwoordelijk voor eventuele nieuwbouw van huisvesting, waardoor de totale uitgaven aan huisvesting in werkelijkheid een stuk hoger liggen. Er zijn ook schoolbesturen die de verantwoordelijkheid voor de huisvesting van de gemeente hebben overgenomen, wat doordecentralisatie wordt genoemd. Goede huisvesting is nodig voor goed onderwijs.
Om goed onderwijs te kunnen geven, zijn goede schoolgebouwen nodig. Een goed schoolgebouw biedt een prettige en gezonde leer- en werkomgeving en staat daarmee optimaal ten dienste van het onderwijs dat erin wordt gegeven. Het is ook belangrijk dat het gebouw geschikt is voor moderne vormen van onderwijs en dat het
dinsdag 4 januari 2022
passend is voor leerlingen met een specifieke ondersteuningsbehoefte. Kortom: huisvesting moet toegankelijk, duurzaam, betaalbaar en inclusief zijn. Binnenklimaat en duurzaamheid moet beter. 80% van de schoolgebouwen heeft een binnenklimaat (licht, lucht, geluid en temperatuur) dat niet voldoet aan de normen, zo geven de GGD’s aan. Een slecht binnenklimaat heeft een negatieve impact op leerresultaten en verhoogt het ziekteverzuim. Aandacht voor duurzaamheid. In Nederland is steeds meer aandacht voor verduurzaming, ook van scholen. Een duurzaam schoolgebouw heeft een gezond binnenklimaat, een laag energieverbruik, een lage CO2-uitstoot en is betaalbaar, ook in de exploitatiefase. In het Klimaatakkoord staat een doelstelling van 95% verlaging van de CO2-uitstoot in 2050 ten opzichte van 1990. Om die te kunnen halen, is het versnellen van vernieuwing van schoolgebouwen noodzakelijk. Op dit moment heeft 25% van de schoolgebouwen energielabel G. Voor het halen van de doelstellingen in het Klimaatakkoord is label A+++++ (energieneutraal) vereist.
wenst de gemeente een toekomstbestendige invulling te zien van de onderwijshuisvesting voor de lange termijn en afstermming met de besturen van het primair onderwijs en speciaal onderwijs. De oorsprong van de behoefte aan een Bestuurlijk Akkoord onderwijshuisvesting VO ligt ook een aantal specifieke vraagstukken ten grondslag specifiek gericht op de scholen My College, Scala Rietvelden en Charles de Foucauld. Het betreft: Een verzoek tot plaatsing op het huisvestingsprogramma 2020 van het bestuur van Onderwijsgroep Galilei voor vervangende nieuwbouw van My College. De aanwezigheid van asbest in het huidige gebouw, de grote leegstand en het niet aansluiten van het huidige gebouw aan het onderwijsconcept geeft de urgentie aan die aan het verzoek om nieuwbouw ten grondslag ligt. De bereidheid van de schoolbesturen Mavo Scala Rietvelden en Charles de Foucauld Mavo om vanuit een vergaande samenwerking te komen van twee mavo’s naar één mavo voor 600 leerlingen.
Uit verschillende eerdere scenariodoorrekeningen blijkt dat het funderend onderwijs de klimaatdoelstellingen niet haalt met de BENG-norm, zeker nu het erop lijkt dat deze norm bij de ingangsdatum versoepeld is. Het is noodzakelijk dat de normering door het Rijk zo snel mogelijk op ENG gesteld wordt en dat de indicator in kWh/m2/jaar hierop aansluit, met bijbehorende bijstelling van het gemeentefonds om aan deze verplichting te kunnen voldoen.
Uitgangsituatie Kwaliteit van de gebouwen. De gemiddelde leeftijd van schoolgebouwen voor het VO in Nissewaard is hoog. Gebouwen voldoen niet aan de eisen die heden ten dage gesteld worden aan duurzaamheid en energiebesparing. Sprake van een grote leegstand in huidige schoolgebouwen door leerlingendaling. Dit leidt voor schoolbesturen tot grote exploitatietekorten.
Bestuurlijk Akkoord Voortgezet Onderwijs (VO) (vastgesteld 29-01-2020) Het doel van dit Bestuurlijk Akkoord is dat de gemeente Nisewaard meer grip krijgt op haar onderwijsvastgoed en bijbehorende investeringen voor de vastgestelde periode. Daarbij
Prognoses en ruimtebehoefte VO Normatieve behoefte. In het onderwijs wordt de (normatieve) ruimtebehoefte bepaald op basis van het aantal leerlingen, dus leerlingenprognoses.
10
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
Volgens de “Verordening Voorzieningen Huisvesting Onderwijs Gemeente Nissewaard” komt een school pas in aanmerking voor permanente uitbreiding bij een behoefte die minimaal vijftien jaren aanhoudt.
Leerlingenprognoses De leerlingendaling in het VO begint duidelijke vormen aan te nemen. Samen met de schoolbesturen van het VO wordt gewerkt om aan het leegstandspercentage van 28% (in 2023) een halt toe te roepen. Er wordt naar gestreefd om de leegstand voor de komende vijf jaar terug te dringen naar 8%. De verwachten leerlingendaling op basis van de nu uitgebrachte prognose (figuur 8) tussen 2019 en 2039 ligt op max. 4%. De gemeente Nissewaard heeft een wettelijke zorgplicht voor de schoolgebouwen op haar grondgebied. De gemeente heeft hierbij de taak om te voorzien in adequate huisvesting voor het onderwijs op basis van een verordening. De ruimtebehoefte in (en om) de schoolgebouwen wordt bepaald door het aantal leerlingen dat elk jaar ingeschreven staat op de school.
Figuur 8: Leerlingenprognose Voortgezet Onderwijs en Primair Onderwijs (Bestuurlijk Akkoord Voortgezet Onderwijs, 2020)
Analyse knelpunten bij de plannen. 1. Een grootgedeelte van de schoolgebouwen zijn 40 jaar of ouder of naderen de 40 jaar. Niet alle schoolgebouwen zijn gerenoveerd waardoor er sprake is van een
dinsdag 4 januari 2022
2.
3.
functioneel en technisch gedateerde schoolgebouwen. Middels vernieuwing van de huisvesting in de vorm van vervangende nieuwbouw of renovatie wordt toegewerkt naar het gewenste resultaat: ‘Huisvesting van gelijkwaardige kwaliteit’. Duurzaamheidsscan: Het verduurzamen van onderwijshuisvesting is als ambitie opgenomen in het Coalitieprogramma van de gemeente Nissewaard en wordt opgenomen in dit Bestuurlijk Akkoord. Leegstand: Een aantal scholen kampen met normatieve leegstand. Met normatieve leegstand ontvangen scholen geen instandhoudingsvergoeding voor de vierkante meters leegstand. Met het oog op het krimpende leerlingenaantal kunnen de kosten voor vierkante meter oplopen. In combinatie met oudere schoolgebouwen is dit een flinke kostenpost voor schoolbesturen.
Aandachtspunten huisvesting voor start Bestuurlijk Akkoord Huisvesting VO. Er speelt een aantal aandachtspunten bij de invulling van het Bestuurlijk Akkoord onderwijshuisvesting VO dat zich specifiek op de scholen My College, Scala Rietvelden en Charles de Foucauld richt. Gelet op asbestproblematiek en exploitatietekorten als gevolg van overcapaciteit verzoek voor vervangende nieuwbouw t.b.v. My College. Renovatie/nieuwbouw Scala Rietvelden als gevolg van “constructiefout” en exploitatietekorten door overcapaciteit. Huisvesting Charles de Foucauld. Tijdens het huisvestingsoverleg over de renovatie van Scala Rietvelden waren besprekingen gaande over verdergaande samenwerking tussen Scala Rietvelden en Charles de Foucauld. Gesprekken hebben geleidt tot een gezamenlijke samenwerking in een gezamenlijke nieuwbouw voor beide scholen,
Reductie van het capaciteitsoverschot van het VO in Nissewaard. Het voornemen is op korte termijn nieuwbouw te realiseren voor MY College. Binnen vier jaar zal er tevens voorzien worden in nieuwbouw waarin de mavo’s van Scala Rietvelden en de Charles de Foucauld geïntegreerd kunnen gehuisvest kunnen worden. Hierdoor komen de huidige gebouwen en locaties van deze drie scholen beschikbaar voor andere doeleinden. Dit zal bijdragen aan de reductie van het capaciteitsoverschot van het VO in Nissewaard. Hierbij dient nadrukkelijk meegenomen te worden de mogelijkheden die synergie van (gebruik van) ruimten en (sport- en ondersteunende) faciliteiten biedt en een ruimtelijk plan waarbinnen de drie genoemde onderwijsinstellingen, met behoud van eigen identiteit, onderdak vinden.
Hieruit is op te maken dat de gebouwen van zowel het My College als Scala Rietvelden kampen met grote overcapaciteit. Daarnaast hebben beide besturen de wens geuit de huidige locaties te willen verlaten voor nieuwbouw waarbij er bij Scala Rietvelden sprake is van enen mogelijk samengaan met Charles de Foucauld. De door de drie VO-scholen gevraagde nieuwbouw betekent een reductie van de overtollige capaciteit door het bouwen binnen de normatieve kaders en de door de voordelen van multifunctioneel gebruik én synergie optimaal te benutten.
11
Notitie Ladder Duurzame Verstedelijking
De gemeente Nissewaard geeft via de website 3 aan dat de kwaliteit van het onderwijs verbeterd moet worden. Gemeenten zijn in deze verantwoordelijk voor de huisvesting van scholen en streeft het gemeentebestuur er naar dat onderwijsgebouwen efficiënt worden benut. “Dat komt de kwaliteit van het onderwijs ten goede. Leerlingen en docenten verdienen een fris en duurzaam schoolgebouw om optimaal les te kunnen geven aan de leerlingen in Nissewaard. Het rijk stelt steeds hogere eisen aan bijvoorbeeld duurzaamheid. Door met elkaar op dit gebied nauwer samen te werken, kunnen we enerzijds tegemoet komen aan die eisen en anderzijds de kwaliteit van het onderwijs en de huisvesting verbeteren. “ (Wethouder Struijk, 2021)
Daarnaast heeft Nissewaard de ambitie om samen met het onderwijs te komen tot duurzame onderwijshuisvesting voor zowel het primair als voortgezet onderwijs. Bij de keuze tussen renovatie van bestaande scholen of vervangende nieuwbouw spelen factoren als duurzaamheid en energieneutraal bouwen een belangrijke rol. Met dit bestuurlijk akkoord willen de gemeente en de schoolbesturen de huisvesting van scholen laten aansluiten bij het huidig en toekomstig aantal leerlingen en bij de ambities voor duurzaamheid. Conclusie behoefte Met het planinitiatief om twee nieuwe schoolgebouw voor, My College en Penta scholen Rietvelden/Charles de Foucauld van circa max. 4.500 en max. 5.750 m2 BVO te realiseren voor mavo en vmbo, wordt voorzien in een behoefte: Op nationaal en lokaal niveau wordt een leerlingendaling geconstateerd in het Voortgezet Onderwijs. Een leerlingendaling leidt op de scholen My College en Scala Rietvelden tot een overcapaciteit wat vervolgens leidt tot een
3
normatieve leegstand. Met een normatieve leegstand ontvangen scholen geen instand-houdingsvergoeding voor de vierkante meters leegstand. Met het krimpende leerlingen aantal lopen de kosten voor de scholen My College en Scala Rietvelden op. In combinatie met het renoveren van schoolgebouwen is dit een flinke kostenpost voor de scholen. Een samenwerking tussen schoolbesturen wordt daarom als urgent en noodzakelijke gezien om kwaliteit van goed onderwijsaanbod in stand te houden. Dit varieert van het delen van ondersteunde diensten, huisvesting of personeel, het uitbesteden van leerlingen en het uitruilen van onderwijsaanbod, tot het aangaan van een fusie (bestuurlijk of institutioneel). Vanuit het Bestuurlijk Akkoord Voortgezet Onderwijs wordt nadrukkelijk meegenomen te worden de mogelijkheden die synergie van (gebruik van) ruimten en (sporten ondersteunende) faciliteiten biedt en een ruimtelijk plan waarbinnen de drie genoemde onderwijsinstellingen, met behoud van eigen identiteit, onderdak vinden. De beoogde ontwikkeling voor het nieuwe scholencomplex voorziet hier in. Door de samenwerking van de scholen creëren zij een efficiëntere onderwijshuisvesting waardoor problemen zoals minder bekostiging per leerling, daardoor ook minder personeel, duurdere kosten voor huisvestiging en minder onderwijsaanbod verlaagd worden.
Hierdoor komen er meer financiële middelen beschikbaar voor de verbetering van de kwaliteit van het onderwijs. Daarnaast voorziet de ontwikkelingen het in het benadrukken van de synergie, doordat beide scholen (My College en Scala Rietvelden/Charles de Foucauld) gebruik maken van dezelfde buiten ruimte en faciliteiten. Tot slot, is het wenselijk geacht dat er nieuwe, duurzame schoolgebouwen gerealiseerd worden die zorgen voor
een goede huisvesting in het onderwijs, het verbeteren van het binnenklimaat en het transformeren naar een duurzaam schoolgebouw, met de verhuizing van de scholen naar een nieuw duurzaam scholencomplex wordt hierin voorzien.
https://www.nissewaard.nl/paspoort-rijbewijs-en-uittreksel_to/gemeente-investeert-samen-met-scholen-in-huisvesting.html
dinsdag 4 januari 2022
12
Bijlage 3 Verkeersonderzoek Heijwegenlaan
22
Bestemmingsplan "Scholen C. Villeriuslaan te Spijkenisse" (vastgesteld)
Verkeersonderzoek Heijwegenlaan Opdrachtgever
Gemeente Nissewaard
Datum
13 december 2021
Auteur
Tjitte Prins en Frank de Winter
Kenmerk
008576.N01.05
Pagina
1/16
1. Inleiding De gemeente is van plan om ruimtelijke ontwikkelingen rond de Heijwegenlaan toe te staan. Deze plannen voorzien in het verhuizen van een aantal scholen binnen het gebied en het bouwen van woningen. Deze studie is bedoeld om inzicht te geven in de verkeerseffecten van de plannen. Onderstaand zijn de plannen weergegeven.
Figuur 1 – Plannen voor de Heijwegenlaan
Goudappel BV werkt vanuit Amsterdam, Den Haag, Deventer, Eindhoven en Leeuwarden Snipperlingsdijk 4
Postbus 161
+31(0) 570 666 222
BTW
NL 0072 11 879 B01
7417 BJ Deventer
7400 AD Deventer
info@goudappel.nl
KVK
3801 7479
Nederland
Nederland
www.goudappel.nl
IBAN NL09 INGB 0001 2746 32
De plannen hebben de volgende onderdelen: •
Vestiging 103 eengezinswoningen en 175 appartementen
•
Het verplaatsen van scholen (My college en Penta MAVO) binnen het gebied
•
Het verplaatsen van de Rietvelden HAVO/ buiten het gebied
•
Het handhaven van het Praktijkcollege, de Levende Steen en de sporthal Den Oert, inclusief parkeerplaats binnen het gebied.
2. Huidige verkeerssituatie
Figuur 2 – Ligging van het plangebied
2
Het gebied rond de Heijwegenlaan bestaat uit woningen in het zuidelijk deel: in totaal staan momenteel 463 woningen in het gebied. In het noordelijk deel van het gebied staan een aantal scholen, te weten: MY college (vmbo, 430 leerlingen) aan de Zinkseweg 2, Praktijk College aan de Van Dintelstraat 11 (190 leerlingen) en Scala Rietvelden aan de Heijwegenlaan (mavo/havo, 900 leerlingen). Totaal bevat het gebied 1.520 leerlingen. Aan de noordoostzijde ligt de sporthal Den Oert en aan de noordzijde het kerkgebouw De Levende Steen. Voor de auto vormt de aansluiting van de Heijwegenlaan op de Hekelingseweg de hoofdontsluiting van de wijk. Alleen de parkeerplaats van de Levende Steen heeft een aparte aansluiting op de Groene Kruisweg; dit vormt voor de auto een afgesloten deel van het gebied. Alle wegen in het gebied zijn erftoegangswegen met een maximum snelheid van 30 km/u. Wel is de Heijwegenlaan voorzien van een tweerichtingenfietspad. Alle kruispunten in het gebied zijn gelijkwaardig en het gebied kent zowel langs- als dwarsparkeerplaatsen.
Figuur 3 – Aanduiding 30 km/u-zone aan het begin (oostzijde) van de Heijwegenlaan
In de periode van 3 tot 16 december 2020 heeft de gemeente tellingen laten houden op een aantal wegen in het gebied. Ter toelichting op de tellingen: op 15 december 2020 is de gedeeltelijke lockdown overgegaan in een harde lockdown; dit betekent dat de telcijfers vrijwel geheel betrekking hebben op de periode met de gedeeltelijke lockdown. Het NDW (Nationaal Dataportaal Wegverkeer) heeft inzicht in de verkeerseffecten door deze te vergelijken met 3 maart 2020 (voor de
3
lockdown)1. De index voor de verkeersintensiteit op het onderliggend wegennet is voor Zuid-Holland is 91% op 8 december en 88% op de 15e. Globaal genomen mag verwacht worden, op basis van bovenstaande waarnemingen, dat de verkeersintensiteiten gemiddeld 10% lager liggen vanwege de Corona-maatregelen. Op specifieke locaties kan dit natuurlijk afwijken. Door deze aantallen “terug te rekenen” naar de situatie pré-Corona, gaan we ervan uit dat de verkeerssituatie op kortere termijn weer teruggaan deze situatie. Dat is natuurlijk onzeker: wellicht wordt er minder met het OV gereisd en meer thuisgewerkt? Dit is echter onzeker en vooralsnog houden we daarom de pré-Corona situatie aan. In figuur 4 is de gemiddelde verkeersintensiteit (werkdagen) weergegeven en het 85% percentiel van de gereden snelheden. De V85 betekent dat 15% van de weggebruikers sneller rijdt dan de aangegeven snelheid. De snelheden in figuur 4 liggen allen onder de 30 km/u, met uitzondering van de C. Villeriuslaan aan de noordzijde. Dit vormt een aandachtspunt bij de uitwerking van het gebied.
Figuur 4 – Getelde gemiddelde etmaalintensiteiten (werkdag) en snelheden (85%-percentiel) in de periode van 3 tot 16 dec. 2020 (exclusief Corona-opslag)
1
Bron: https://www.verkeerskunde.nl/artikel/effecten-van-harde-lockdown-op-verkeer
4
straat
Etmaalintensiteiten (werkdag) minimum maximum gemiddeld
Snelheid gemiddeld V85
C. Villeriuslaan
337
527
413
26,0
31,2
Zinkseweg
369
427
375
19,3
24,3
J Witteveenlaan
104
126
115
22,2
26,9
J.A. Heijwegenlaan
3.137
3.527
3.321
23,4
28,6
Tabel 1 – Gemeten etmaalintensiteit en snelheden (3-14 dec. 2020)2 Om de intensiteiten te verhogen naar een situatie pré-Corona is een opslag van 10% nodig. Dit betekent dat de intensiteiten op de J.A. Heijwegenlaan op werkdagen tussen de 3.450 en 3.900 mvt/etmaal zit (gemiddeld 3.650). De gemeten intensiteiten zijn passend voor een erftoegangsweg, waarbij meestal een grenswaarde van 4.000 tot 6.000 mvt/etmaal wordt aangehouden.
3. Plansituatie De plannen voor het gebied Heijwegenlaan noord zijn samengevat in tabel 1. Met het plan wijzigt ook de wegenstructuur in het noordelijk deel van het gebied, zie figuur 1: •
Aan de oostzijde wordt de J. Witteveenweg langs de nieuwe schoolgebouwen doorgetrokken naar de C. Villeriuslaan/Groene Kruisweg. Na de bocht naar links wordt dit een fietsstraat met eenrichtingsverkeer voor de auto’s.
•
De Zinkseweg wordt verbreed en krijgt een aansluiting op de C. Villeriuslaan/Groene Kruisweg.
Categorie Nieuw Verplaatst binnen gebied Verplaatst buiten gebied Handhaven binnen gebied
Onderdeel
Omvang
Grondgebonden woningen Appartementen koop en huur My college (no-hoek) Penta MAVO (gedeelte Charles de Foucauld is nieuw in het gebied) Rietvelden HAVO (naar Molenwatering) Praktijkcollege Levende Steen Sporthal Den Oert
103 wo 175 app 430 leerlingen 600 leerlingen 600 leerlingen 270 leerlingen
Tabel 2 – Plannen voor Heijwegenlaan
Naast de weekenden zijn ook de intensiteiten op 15 en 16 dec (ingaan strenge lockdown) niet meegeteld. 2
5
Door de plannen gaat het leerlingenaantal in het gebied van 1.520 nu naar 1.300: een lichte afname. In bijlage 1 is een berekening gemaakt wat de verschillende onderdelen van de huidige en toekomstige situatie aan verkeer genereren, op basis van de publicatie CROW 381. Dit is vervolgens toegedeeld aan het wegennet. Samengevat zijn de resultaten als volgt: •
In de huidige situatie genereert het gebied Heijwegenlaan gemiddeld 3.900 autoritten per werkdagetmaal. Het overgrote deel van het verkeer in het gebied wordt afgewikkeld via de Heijwegenlaan (87%) en de rest via de C. Villeriuslaan (500 mvt/etm).
•
Met realisatie van de plannen gaat dit naar 3.600 en 1.900 mvt/etmaal voor de Heijwegenlaan en de C. Villeriuslaan. Dit betekent een beperkte groei voor Heijwegenlaan (6%), maar een forse groei voor de C. Villeriuslaan (bijna een verviervoudiging). In absolute aantallen blijven de aantallen beperkt.
•
In de plansituatie genereert het gebied gemiddeld 5.500 autoritten per werkdagetmaal: een groei van 40%.
In figuur 5 zijn berekende intensiteiten opgenomen:
Figuur 5 – Berekende verkeersintensiteiten voor de huidige situatie (I-huidig) en voor de plansituatie (I-plan) in mvt/werkdagetmaal
6
Door de C. Villeriuslaan te verbinden met het de rest van het gebied blijven de verkeerseffecten van de ruimtelijke ontwikkeling op de Heijwegenlaan en andere wegen beperkt. Nergens overschrijden de intensiteiten waarden, die worden aangehouden voor erftoegangswegen (4.000 tot 6.000 mvt/etm): dat betekent dat de intensiteiten prima passen op wegen in woonwijken.
4. De fietsstraat Het noordelijk deel van de Witteveenlaan wordt in de plannen een fietsstraat met autoverkeer in één richting en fietsverkeer in twee richtingen. De berekende intensiteit op deze weg is circa 400 mvt/etmaal. Dit komt overeen met circa 40 mvt/u in de spitsen. Rekening houdend met het leerlingenaantal van de Penta Mavo (600 ll.) en My College (430 ll.) kunnen de fietsintensiteiten hier oplopen tot circa 500 - 700 fietsers in het drukste uur (ochtendspits). Het fietsberaad heeft in maart 2019, op basis van analyse van het gebruik van fietsstraten, adviezen opgesteld over fietsstraten binnen de kom3. Conform de eisen van Duurzaam Veilig dienen functie, vorm en gebruik bij elkaar te passen en voor een fietsstraat is dit: •
Functie: er is sprake van een hoofdfietsroute voor de fiets en een erftoegangsfunctie voor het autoverkeer.
•
Vorm: de fietsstraat dient als zodanig herkenbaar te zijn door rijbaanbreedte, profielindeling, verharding, kruispuntsvorm etc.
•
(Beoogd) gebruik: veel fietsers en lage intensiteit en snelheid van auto’s en er is ruimte voor overstekende voetgangers.
In de Witteveenlaan noord wordt het gebruik door de auto aangepast door hier eenrichtingsverkeer in te stellen. Het fietsberaad stelt dat optredende intensiteiten en wegbreedte bepalend zijn voor het succes van een fietsstraat. Daarbij is de indicator “hinderlijke ontmoetingen per fietser” een bepalende factor.
3
CROW-fietsberaad (maart 2019), Fietsberaadnotitie aanbevelingen fietsstraten binnen de kom.
7
Het Fietsberaad komt tot het volgende schema voor de wegbreedte:
Figuur 6 – Aanbevolen rijbaanbreedte (cm) voor fietsstraten met tweerichtingsverkeer en partieel eenrichtingsverkeer. Opvallend is dat in figuur 6 de auto-intensiteiten laag zijn en de verwachte fietsintensiteiten het aangegeven aantal overstijgen. Aangezien de fietsers ook van meerdere richtingen komen in het drukste uur, wordt aanbevolen 4,5 m aan te houden en het deel tussen de inritten van beide scholen breder te kiezen t.b.v. manoeuvreren. Passend is om hier te kiezen voor een fietsstraat met één rijloper.
5. Kruispunten De plannen voor Heijwegenlaan hebben consequenties voor de kruispunten: •
De rotonde Heijwegenlaan – Hekelingseweg;
•
Het kruispunt C. Villeriuslaan – Groene Kruisweg (met verkeerslichten) en
•
Het kruispunt Hekelingseweg – Groene Kruisweg (met verkeerslichten).
In het rapport ‘Verkeerseffecten Nissewaard naar 2040’ is nagegaan wat de verkeerseffecten van alle bouwplannen tezamen zijn op het wegennet. In deze studie is rekening gehouden met de extra realisatie van bijna 300 woningen en 2.000 m2 bvo aan bedrijventerrein: dat is meer dan waar nu actueel in deze studie sprake van is. Toetsing van de verkeerseffecten in deze studie leert dat de eerste twee kruispunten de toekomstige verkeersintensiteiten goed kunnen verwerken en dat hier geen aanleiding is om maatregelen te nemen.
8
Figuur 7 – Het kruispunt Hekelingseweg – Groene Kruisweg – Winston Churchilllaan
Het derde kruispunt (Hekelingseweg – Groene Kruisweg) is echter kritisch: •
Volgens de berekeningen nemen de verkeersintensiteiten op dit kruispunt toe met 12% en 4% in de ochtend- respectievelijk avondspits door de ruimtelijke ontwikkeling.
•
In de situatie met de ruimtelijke ontwikkelingen overschrijdt dit kruispunt de maximale cyclustijd: deze gaat van 110 sec (zonder de RO) naar 129 (met RO). De grenswaarde voor de cyclustijd ligt op 120 sec en dat betekent dat het kruispunt overbelast raakt. Een oplossing is om richting 7 (Groene Kruisweg west rechtsaf naar de Hekelingseweg) twee opstelstroken te geven.
9
Bijlage 1: berekening verkeersgeneratie en toedeling Uitgangspunten: Spijkenisse is sterk stedelijk De ligging is: rest bebouwde kom De verkeersgeneratie uit CROW, publicatie 381 is gebruikt Huidige situatie:
huidig
eenheid
categorie CROW 381
Verkeersgeneratie/eenh. min max
80
aantal
koop, appartement midden
5,2
6
240
aantal
koop, huis tussen/hoek
6,7
7,5
36
aantal
huur, appartement, midden/goedkoop/SH
3,2
4
108
aantal
huur, huis, SH
4,5
5,3
Praktijkcollege
190
100 ll
middelbare school
11
17,6
My college
430
100 ll
middelbare school
11
17,6
Rietvelden Havo/Mavo
600
100 ll
middelbare school
11
17,6
TOTAAL
463
woningen
Functie koopwoningen bestaand (app. 25%) koopwoningen bestaand (huis 75%) huurwoningen bestaand (app 25%) huurwoningen bestaand (huis 75%)
Tabel B1 – Gehanteerde uitgangspunten voor de huidige functies4
4
De verdeling van de bestaande woningen is geschat.
10
Functie
huidig
eenheid
Verkeersgeneratie totaal Min max gemiddeld
Koopappartementen
80
aantal
415
479
447
Koopwoningen
240
aantal
1605
1797
1701
huurappartementen
36
aantal
115
144
129
huurwoningen
108
aantal
484
571
527
Praktijkcollege
190
aantal ll
21
33
27
My college
430
aantal ll
47
76
61
Rietvelden Havo/VWO
1200
aantal ll
99
158
129
2.787
3.258
3.022
TOTAAL
Tabel B2: berekening verkeersgeneratie huidige situatie in mvt/etmaal (weekdag) • • • •
•
Gemiddelde verkeersgeneratie weekdag per etmaal: 3.022 autoritten Gemiddelde verkeersgeneratie werkdag per etmaal: 3.355 autoritten Gemeten intensiteit pp Den Oert: gemiddeld 115 mvt/etm werkdag (telling) + 10% Corona = 127 mvt/etm Gemeten intensiteit De Levende Steen (C. Villeriuslaan): gemiddeld 413 mvt/etm werkdag (telling) + 10% Corona = 454 mvt/etm Totale verkeersgeneratie = 3.936 autoritten per werkdagetmaal.