CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Gewijzigd bestemmingsplan Beukenlaan 7 Compleet

Gemeenteraad 24 april 2024, gemeente NissewaardBij agendapunt: Vaststellen gewijzigd bestemmingsplan Beukenlaan 7, Spijkenisse21.383 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.5

Ecologie

4.5.1 Wet natuurbescherming Met de Wnb zijn alle bepalingen met betrekking tot de bescherming van natuurgebieden en dier- en plantensoorten samengebracht in één wet. De Wnb implementeert diverse Europeesrechtelijke regelgeving, zoals de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn in de Nederlandse wetgeving. Gebiedsbescherming De Wnb kent diverse soorten natuurgebieden, te weten:  Natura 2000-gebieden;  Natuurnetwerk Nederland (NNN). Natura 2000-gebieden De Minister van Economische Zaken (EZ) wijst gebieden aan die deel uitmaken van het Europese netwerk van natuurgebieden: Natura 2000. Een dergelijk besluit bevat de instandhoudingsdoelstellingen voor de leefgebieden van vogelsoorten (Vogelrichtlijn) en de instandhoudingsdoelstellingen voor de natuurlijke habitats en habitats van soorten (Habitatrichtlijn). Een bestemmingsplan dat afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor een Natura 2000-gebied, kan uitsluitend vastgesteld worden indien uit een passende beoordeling de zekerheid is verkregen dat het plan, onderscheidenlijk het project de natuurlijke kenmerken van het gebied niet zal aantasten.

Indien deze zekerheid niet is verkregen, kan het plan worden vastgesteld, indien wordt voldaan aan de volgende drie voorwaarden:  alternatieve oplossingen zijn niet voor handen;  het plan is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard, en  de nodige compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Natura 2000-netwerk bewaard blijft.

37/108

De bescherming van deze gebieden heeft externe werking, zodat ook ingrepen die buiten deze gebieden plaatsvinden verstoring kunnen veroorzaken en moeten worden getoetst op het effect van de ingreep op soorten en habitats. Natuurnetwerk Nederland (NNN) Gebieden die deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) worden aangewezen in de provinciale verordening. Voor dit soort gebieden geldt het 'nee, tenzij' principe, wat inhoudt dat binnen deze gebieden in beginsel geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogen plaatsvinden. Soortenbescherming In de Wnb wordt een onderscheid gemaakt tussen:  soorten die worden beschermd in de Vogelrichtlijn;  soorten die worden beschermd in de Habitatrichtlijn;  overige soorten. De Wnb bevat onder andere verbodsbepalingen ten aanzien van het opzettelijk vernielen of beschadigen van nesten, eieren en rustplaatsen van vogels als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn. Gedeputeerde Staten (hierna: GS) kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen Provinciale Staten (hierna: PS) vrijstelling verlenen van dit verbod. De voorwaarden waaraan voldaan moet worden om ontheffing of vrijstelling te kunnen verlenen zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Vogelrichtlijn.

Verder is het verboden in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn, in hun natuurlijk verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen of te verstoren. GS kunnen hiervan ontheffing verlenen en bij verordening kunnen PS vrijstelling verlenen van dit verbod. De gronden voor verlening van ontheffing of vrijstelling zijn opgenomen in de Wnb en vloeien direct voort uit de Habitatrichtlijn. Ten slotte is een verbodsbepaling opgenomen voor overige soorten. Deze soorten zijn opgenomen in de bijlage onder de onderdelen A en B bij de Wnb. De provincie kan ontheffing verlenen van deze verboden. Verder kan bij provinciale verordening vrijstelling worden verleend van de verboden. De noodzaak tot ontheffing of vrijstelling kan hierbij ook verband houden met handelingen in het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden. Bij de voorbereiding van het bestemmingsplan moet worden onderzocht of de Wet natuurbescherming de uitvoering van het plan niet in de weg staat. Dit is het geval wanneer de uitvoering tot ingrepen noodzaakt waarvan moet worden aangenomen dat daarvoor geen vergunning of ontheffing ingevolge de wet zal kunnen worden verkregen.

Uitwerking Verordening uitvoering Wet natuurbescherming Zuid-Holland In de provincie Zuid-Holland wordt vrijstelling verleend voor het weiden van vee en voor het op of in de bodem brengen van meststoffen. In het kader van de ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied, bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw, bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of natuurbeheer, of bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied worden vrijstellingen verleend ten aanzien van de soorten genoemd in bijlage 6 bij de verordening. Het betreft aardmuis, bastaardkikker, bosmuis, bruine kikker, bunzing, dwergmuis, dwergspitsmuis, egel, gewone bosspitsmuis, gewone pad, haas, hermelijn, huisspitsmuis, kleine watersalamander, konijn, meerkikker, ree, rosse woelmuis, veldmuis, vos, wezel en woelrat.

38/108

4.5.2 Gebiedsbescherming Het plangebied is geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000. Het dichtstbijzijnde stikstofgevoelige Natura 2000-gebied Krammer-Volkerak ligt op circa 15,2. Het plangebied maakt ook geen deel uit van het Natuurnetwerk Nederland/Natuurnetwerk Zuid-Holland. Het dichtstbijzijnde onderdeel van het NNN bevindt zich op een afstand van circa 1,3 meter (figuur 4.4).

Figuur 4.4 Ligging plangebied (rood omcirkeld) t.o.v. beschermde natuurgebieden (bron: Provincie Zuid-Holland) Vanwege de afstand zijn directe effecten zoals areaalverlies, versnippering, verandering van de waterhuishouding en verstoring op voorhand uitgesloten. Met het programma AERIUS Calculator (versie 2022) is een berekening uitgevoerd om de gevolgen voor de stikstofdepositie binnen Natura 2000 in beeld te brengen en te toetsen of de eventuele toename past binnen de eisen die gelden op grond van de Wet natuurbescherming. De memo is opgenomen in bijlage 6 en de berekening van de realisatie- en gebruiksfase is opgenomen in bijlage 7. Daaruit blijkt dat de realisatie- en gebruiksfase van de ontwikkeling geen stikstofdepositie hoger dan 0,00 mol/ha/jaar op kwetsbare Natura 2000-gebieden oplevert. Er is geen vergunning nodig in het kader van de Wet natuurbescherming. 4.5.3 Soortenbescherming In opdracht van Rho Adviseurs is in 2023 een quickscan uitgevoerd omdat de opdrachtgever voornemens is de volgende werkzaamheden uit te voeren: 1. sloop van alle bebouwing in het plangebied; 2. rooien van bomen en struiken in het plangebied; 3. nieuwbouw woningen en openbare voorzieningen.

39/108

De rapportage van dit onderzoek is opgenomen in bijlage 8 bij deze toelichting op het bestemmingsplan. De conclusie van dit onderzoek is opgenomen in tabel 4.5 Tabel 4. 5 Conclusies

x = maatregel of onderzoek is benodigd. (x) maatregelen kunnen worden toegepast. Nader onderzoek Uit de quickscan is gebleken dat het niet uit te sluiten is dat vleermuizen en huismus gebruik maken van het plangebied als vaste rust- en verblijfplaats en mogelijk een deel als vliegroute/geleiding van en naar de rust- en verblijfplaats (bij aanwezigheid van vleermuizen in de bebouwing). Derhalve wordt nader onderzoek uitgevoerd naar deze soorten. In voorliggend bestemmingsplan is in artikel 13 een sloopverbod opgenomen tot het nader onderzoek is afgerond en eventuele aanbevelingen worden opgevolgd.

4.5.4 Conclusie uit het stikstofonderzoek is gebleken dat er geen stikstofdepositie op omliggende natura-2000 gebieden plaats vindt als gevolg van deze ontwikkeling. Nader onderzoek moet uitwijzen of er geen beschermde diersoorten worden geraakt door de ontwikkeling.

4.6

Luchtkwaliteit

4.6.1 Beleid en normstelling In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt bij het opstellen van een ruimtelijk plan uit het oogpunt van de bescherming van de gezondheid van de mens rekening gehouden met de luchtkwaliteit. Het toetsingskader voor luchtkwaliteit wordt gevormd door hoofdstuk 5, titel 5.2 van de Wet milieubeheer. Dit onderdeel van de Wet milieubeheer (Wm) bevat grenswaarden voor zwaveldioxide, stikstofdioxide en stikstofoxiden, fijn stof, lood, koolmonoxide en benzeen. Hierbij zijn in de ruimtelijke ordeningspraktijk langs wegen vooral de grenswaarden voor stikstofdioxide (jaargemiddelde) en fijn stof (jaar- en daggemiddelde) van belang. De grenswaarden van de laatstgenoemde stoffen zijn in tabel 4.5 weergegeven. Tabel 4.5 Grenswaarden maatgevende stoffen Wm Stof

Toetsing van

Grenswaarde

stikstofdioxide (NO2)

jaargemiddelde concentratie

40 µg/m³

fijn stof (PM10)

jaargemiddelde concentratie

40 µg/m³

24-uurgemiddelde concentratie

max. 35 keer p.j. meer dan 50 µg/m³

jaargemiddelde concentratie

25 µg/m³

fijn stof (PM2,5)

40/108

Op grond van artikel 5.16 van de Wm kunnen bestuursorganen bevoegdheden die gevolgen kunnen hebben voor de luchtkwaliteit onder andere uitoefenen indien de bevoegdheden/ontwikkelingen niet leiden tot een overschrijding van de grenswaarden of de bevoegdheden/ontwikkelingen niet in betekenende mate bijdragen aan de concentratie in de buitenlucht. Besluit niet in betekenende mate In dit Besluit niet in betekenende mate is bepaald in welke gevallen een plan vanwege de gevolgen voor de luchtkwaliteit niet aan de grenswaarden hoeft te worden getoetst. Hierbij worden 2 situaties onderscheiden:  een plan heeft een effect van minder dan 3% van de jaargemiddelde grenswaarde NO2 en PM10 (= 1,2 µg/m³);  een plan valt in een categorie die is vrijgesteld aan toetsing aan de grenswaarden; deze categorieën betreffen onder andere woningbouw met niet meer dan 1.500 woningen bij één ontsluitingsweg en 3.000 woningen bij twee ontsluitingswegen, kantoorlocaties met een bruto vloeroppervlak van niet meer dan 100.000 m2 bij één ontsluitingsweg en 200.000 m2 bij twee ontsluitingswegen. 4.6.2 Onderzoek en conclusie Het bestemmingsplan maakt de realisatie van 40 woningen mogelijk. Dit aantal valt ruim onder de grens van 1.500 woningen, die is vrijgesteld aan toetsing aan de grenswaarden voor luchtkwaliteit.

Het plan draagt dan ook niet in betekenende mate bij aan de toename van de hoeveelheid stikstofdioxide en fijn stof in de lucht. Er wordt dan ook voldaan aan de luchtkwaliteitswetgeving en nader onderzoek is niet noodzakelijk. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is een indicatie van de luchtkwaliteit ter plaatse van het plangebied gegeven. Dit is gedaan aan de hand van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit 2022 (https://www.cimlk.nl/kaart) die bij het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit hoort. De dichtstbijzijnde maatgevende weg betreft de Hazelaarstraat direct ten noorden van het plangebied. Uit de kaart van het CIMLK blijkt dat in 2021 de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide en fijn stof langs deze weg ruimschoots onder de grenswaarden lagen. De concentraties luchtverontreinigende stoffen bedroegen in 2021; 19,9 µg/m³ voor NO2, 17,2 µg/m³ voor PM10 en 9,6 µg/m³ voor PM2,5. Het aantal overschrijdingsdagen van de 24-uur gemiddelde concentratie PM10 bedroeg 6 dagen. Hierdoor is er ter plaatste van het plangebied sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling in het plangebied. Ter plaatse van het plangebied is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

4.7

Bedrijven en milieuhinder

4.7.1 Beleid en normstelling In het kader van een goede ruimtelijke ordening is het van belang dat bij de aanwezigheid van bedrijven in de omgeving van milieugevoelige functies zoals woningen:  ter plaatse van de woningen een goed woon- en leefmilieu kan worden gegarandeerd;  rekening wordt gehouden met de bedrijfsvoering en milieuruimte van de betreffende bedrijven.

41/108

Om in de bestemmingsregeling de belangenafweging tussen bedrijvigheid en nieuwe woningen in voldoende mate mee te nemen, wordt in dit plan gebruikgemaakt van de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering (editie 2009). In deze publicatie is een lijst opgenomen waarin de meest voorkomende bedrijven en bedrijfsactiviteiten zijn gerangschikt naar mate van milieubelasting. Voor elke bedrijfsactiviteit is de maximale richtafstand ten opzichte van milieugevoelige functies aangegeven op grond waarvan de categorie-indeling heeft plaatsgevonden. De richtafstanden gelden ten opzichte van het omgevingstype 'rustige woonwijk'. Naarmate de milieubelasting van de activiteiten groter is, wordt uitgegaan van een grotere richtafstand. In geval van een omgevingstype 'gemengd gebied' mag de richtafstand met één stap worden verkleind. Gemengd gebied is een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Milieuzonering beperkt zich tot de milieuaspecten met een ruimtelijke dimensie: geluid, geur, gevaar en stof. 4.7.2 Onderzoek en conclusie In de beoogde situatie worden 40 woningen gerealiseerd. Hiermee wordt een milieugevoelige functie opgericht en moet worden getoetst aan de richtafstanden zoals vermeld in de VNG-brochure. De locatie is in de nabije omgeving van centrumvoorzieningen gelegen. Tevens is de locatie aan de belangrijke ontsluitingswegen Beukenlaan en Heemraadlaan gelegen.

Hierdoor kan de omgeving getypeerd worden als 'gemengd gebied'. Ten noorden, op een afstand van circa 15 meter bevindt zich een centrumbestemming. Hier mogen detailhandel, dienstverleningen en bedrijven uit ten hoogste milieucategorie 2 worden gerealiseerd. De richtafstand behorende bij milieucategorie 2 en bedraagt 10 meter in een gemengd gebied. Hier wordt aan voldaan. Op korte afstand is restaurant 'Pak Boli' en de laad- en loslocatie van de supermarkt gelegen. Een restaurant en supermarkt vallen onder milieucategorie 1 en kunnen in een gemengd gebied naast woningen gerealiseerd worden. De vrachtwagens van de supermarkt zullen op gematigde snelheid rijden langs het plangebied en ter hoogte van de loslocatie kort manoeuvreren. Dit kan zorgen voor enige hinder, maar is passend binnen een gemengd gebied. Het aan- en afrijden zal in de regel onderdeel zijn van het verkeer op de Beukenlaan en Hazelaarstraat. Gezien de afstand van circa 23 meter tot de loslocatie wordt niet verwacht dat de richtwaarden voor het maximaal geluidniveau worden overschreden. Conclusie Als gevolg van de beoogde ontwikkeling is er voor de woonbestemmingen sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Omliggende bedrijven worden niet belemmerd in hun bedrijfsvoering.

4.8

Externe veiligheid

4.8.1 Beleid en normstelling In de huidige wetgeving zijn de begrippen risicobron, (beperkt) kwetsbaar object, plaatsgebonden risico (PR) en groepsrisico van belang. Het plaatsgebonden risico (PR) is een maat voor de kans per jaar dat één persoon die zich onafgebroken en onbeschermd op die plaats bevindt, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een calamiteit met een gevaarlijke stof. Het groepsrisico GR is de kans per jaar dat een groep personen van een bepaalde grootte tegelijk slachtoffer wordt van een ongeval met gevaarlijke stoffen.

42/108

Risicovolle inrichtingen Het Besluit externe veiligheid inrichtingen (hierna: Bevi) is van toepassing op het externe veiligheidsbeleid rondom risicovolle inrichtingen. Op basis van het Bevi geldt voor het PR rondom een risicovolle inrichting een grenswaarde voor kwetsbare objecten en een richtwaarde voor beperkt kwetsbare objecten. Beide liggen op een niveau van 10-6 per jaar, bij een ruimtelijke ontwikkeling moet aan deze normen worden voldaan. Het Bevi bevat geen grenswaarde voor het groepsrisico, maar wel geldt hiervoor een verantwoordingsplicht in het invloedsgebied rondom de inrichting. De in het externe veiligheidsbeleid gehanteerde norm voor het GR geldt daarbij als oriëntatiewaarde. Vervoer van gevaarlijke stoffen Op het vervoer van gevaarlijke stoffen zijn het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) en het Basisnet van toepassing; het Bevt vormt de wet- en regelgeving, en de concrete uitwerking volgt in het Basisnet. Het Basisnet is onderverdeeld in drie onderdelen: Basisnet Spoor, Basisnet Weg en Basisnet Water. Het Bevt en het bijbehorende Basisnet maakt bij het PR onderscheid in bestaande en nieuwe situaties. Het Bevt en het bijbehorende Basisnet maakt bij het PR geen onderscheid in bestaande en nieuwe situaties.

Voor beide situaties geldt een grenswaarde voor het PR van 10-6 per jaar ter plaatse van kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten en een streefwaarde van 10-6 per jaar. Tevens worden in het Basisnet de plasbrandaandachtsgebieden benoemd voor transportroutes. Hiermee wordt geanticipeerd op de beperkingen voor ruimtelijke ontwikkelingen die samenhangen met deze plasbrandaandachtsgebieden. Besluit externe veiligheid buisleidingen In het Besluit externe veiligheid buisleidingen wordt aangesloten bij de risicobenadering uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), zodat ook voor buisleidingen normen voor het PR en het GR gelden. 4.8.2

Onderzoek

Figuur 4.5 Uitsnede professionele risicokaart met plangebied groen omcirkeld

43/108

In de directe omgeving van het plangebied vindt geen vervoer van gevaarlijke stoffen plaats over het water of door buisleidingen met een externe werking. Volgens de risicokaart zijn er op grotere afstand van het plangebied risicovolle inrichtingen gelegen. De invloedsgebieden en PR 10-6 contouren liggen niet over het plangebied. Vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg Ten noorden van het plangebied bevindt zich de A15 waarover vervoer van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De locatie is buiten de PR-contour en plasbrandaandachtsgebied gelegen. Het invloedsgebied wordt bepaald door de maatgevende stofcategorie GT4 en bedraagt 4 kilometer. Het plangebied bevindt zich op een afstand van circa 3,5 kilometer van de A15. Hiermee is de ontwikkeling in het invloedsgebied gelegen. Omdat de afstand groter is dan 200 meter, hoeven er volgens het Bevt geen beperkingen te worden gesteld aan het ruimtegebruik. Wel dient er in een beknopte verantwoording nader in te worden gegaan op de aspecten bestrijdbaarheid, bereikbaarheid en zelfredzaamheid. Vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor Op een afstand van circa 3,6 kilometer ten noorden van het plangebied is het spoortraject Pernis - Botlek gelegen. Over dit traject vindt vervoer van gevaarlijke stoffen plaats en is daarom onderdeel van het Basisnet. Het invloedsgebied bedraagt 4 kilometer.

De ontwikkeling is buiten de PR-contour en plasbrandaandachtsgebied, maar wel in het invloedsgebied gelegen. Omdat de afstand ook hier groter is dan 200 meter, kan er worden volstaan met een beknopte verantwoording. Beknopte verantwoording groepsrisico Bestrijdbaarheid en bereikbaarheid Voor zowel de bereikbaarheid en bestrijdbaarheid van 'dagelijkse incidenten', zoals brand of wateroverlast, als voor calamiteiten op het gebied van externe veiligheid, is het van belang dat de bereikbaarheid voor de hulpdiensten en bluswatervoorzieningen voldoende geborgd zijn. De bestrijdbaarheid is afhankelijk van de inzetbaarheid van hulpverleningsdiensten. De brandweer moet in staat zijn om hun taken goed uit te kunnen voeren om daarmee verdere escalatie van een incident te voorkomen. Hierbij kan gedacht worden aan het voldoende/adequaat aanwezig zijn van aanvalswegen en bluswatervoorzieningen. Het plangebied wordt ontsloten via de Hazelaarstraat en Beukenlaan. Deze wegen sluit aan op het verdere wegennetwerk van Spijkenisse. Het wegennetwerk biedt vluchtmogelijkheden in verschillende richtingen, waardoor altijd van de bron af kan worden gevlucht. Het gedegen netwerk komt de bestrijdbaarheid ten goede.

44/108

Zelfredzaamheid In de toekomstige situatie worden woningen gerealiseerd. Eventueel aanwezige kinderen en ouderen worden gezien als verminderd zelfredzame personen. Bij deze groepen wordt echter ervan uitgegaan dat in geval van nood de verzorgers/ouders de kinderen en ouderen zullen begeleiden. Als gevolg van een incident met toxische stoffen over het spoor en de weg geldt dat een toxische wolk het meest aannemelijk is. Zelfredzaamheid in deze scenario's is alleen mogelijk als er tijdig alarmering plaatsvindt en gebouwen geschikt zijn om te schuilen. Denk hierbij aan het sluiten van ramen en deuren en met name het uitschakelen van (mechanische) ventilatiesystemen. Hiermee worden de aanwezigen beschermd tegen de blootstelling aan toxische gassen. Daarnaast dienen, in het kader van effectieve zelfredzaamheid, de gebruikers van de objecten door risicocommunicatie te worden geïnstrueerd over de risico's en de mogelijke maatregelen die zij kunnen nemen. De alarmering van de aanwezigen wordt momenteel nog gerealiseerd middels het waarschuwings- en alarmeringssysteem (WAS). Dit systeem wordt de komende jaren uitgefaseerd. Het waarschuwingssysteem wordt vervangen door een totaal pakket aan alarmeringsmiddelen, waaronder de calamiteitenzenders, de sirenes, crisis.nl, NL-Alert en het gebruik van sociale media.

4.8.3 Conclusie Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van de A15 en spoortraject Pernis - Botlek waarover gevaarlijke stoffen worden vervoerd. Uit de beknopte verantwoording blijkt dat de zelfredzaamheid, bestrijdbaarheid en bereikbaarheid van het plangebied als voldoende worden beschouwd. Verder zijn in de directe omgeving van het plangebied geen risicovolle bronnen aanwezig. Het aspect externe veiligheid vormt dan ook geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

4.9

Bodemkwaliteit

4.9.1 Toetsingskader Wet bodembescherming (Wbb) De Wet bodembescherming (Wbb) stelt regels om de bodem en het zich daar in bevindende grondwater te beschermen. Enerzijds bevat deze wet bepalingen ter regulering van handelingen die een bedreiging vormen voor de bodem en het grondwater. Als er toch een verontreiniging optreedt dienen maatregelen te worden genomen om de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken. Deze zorgplichtbepaling verplicht bij (dreigende) bodemverontreiniging, dus ook van het grondwater, tot het nemen van alle maatregelen die redelijkerwijs kunnen worden gevergd. De zorgplicht geldt alleen voor zogenaamde 'nieuwe' bodemverontreinigingen, dit zijn gevallen die op of na 1 januari 1987 zijn ontstaan. Anderzijds moeten bestaande verontreinigingen (ontstaan voor 1 januari 1987) worden aangepakt en gesaneerd of beheerd. Er is sprake van een geval van ernstige verontreiniging indien voor ten minste één stof de gemiddelde gemeten concentratie van minimaal 25 m3 bodemvolume in het geval van bodemverontreiniging, of 100 m3 poriënverzadigd bodemvolume in het geval van een grondwaterverontreiniging, hoger is dan de interventiewaarde. Als een geval van ernstige verontreiniging is vastgesteld dan is er sprake van een potentieel risico dat aanleiding geeft tot een vorm van saneren of beheren.

45/108

Besluit en Regeling bodemkwaliteit Het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) met bijbehorende Regeling bevat het wettelijk kader voor het toepassen van bouwstoffen, grond en baggerspecie op of in de bodem of in oppervlaktewater. Voor toepassing in oppervlaktewater is een specifieke zorgplicht in het Besluit bodemkwaliteit opgenomen om nadelige gevolgen voor de kwaliteit van het oppervlaktewater te voorkomen. Voor toepassing op de landbodem is deze al afdoende opgenomen in de Wet Bodembescherming. Het generieke kader van het Besluit bodemkwaliteit is van toepassing op elk gebied waarvoor geen gebiedspecifiek beleid is vastgesteld. Uitgangspunt van het generieke kader voor landbodems is dat de kwaliteit van de toe te passen grond of baggerspecie moet aansluiten bij de functie die de bodem heeft. Ook mag de actuele kwaliteit van de ontvangende bodem niet verslechteren. Naast de toetsingskaders voor gebiedspecifiek en generiek beleid, kent het Besluit nog een andere categorie van toepassingen: grootschalige toepassingen. Bij deze categorieën hoeft niet te worden getoetst aan de kwaliteit van de ontvangende bodem. Wél moet worden voldaan aan de kwaliteitseisen en randvoorwaarden die het Besluit stelt aan deze toepassingen. Nota bodembeheer regio Voorne-Putten De regio Voorne-Putten bestaat uit de gemeenten Westvoorne, Brielle, Hellevoetsluis en Nissewaard.

Verhoogde gehalten metalen in het grondwater In de regio komen verhoogde gehalten aan zware metalen in het grondwater voor. Bij matig tot sterk verhoogde gehalten aan zware metalen dient per situatie bekeken te worden of sprake is van een bodemverontreiniging of natuurlijk verhoogde achtergrondgehalten. Indien verhoogde gehalten aan zware metalen kunnen worden gerelateerd aan bedrijfsactiviteiten op of in de omgeving van het onderzochte perceel dient altijd een herbemonstering plaats te vinden. Op basis van de resultaten van de herbemonstering dient per geval bepaald te worden of nader onderzoek noodzakelijk is. Indien de verhoogde gehalten niet gerelateerd kunnen worden aan bedrijfsactiviteiten en er geen sprake is van een verontreiniging van de grond, is mogelijk sprake van een natuurlijk verhoogd achtergrondgehalte. Herbemonstering is, mits voldoende onderbouwd, dan niet noodzakelijk. Asbestonderzoek Asbestonderzoek is verplicht bij bodemonderzoeken van locaties die op grond van voorinformatie uit terreinbezoek, vooronderzoek of tijdens veldwerkzaamheden verdacht zijn gebleken op het voorkomen van asbest. Dit betreft onder andere:  Erven van agrarische bedrijven met bebouwing van voor 1993 of waar voor 1997 sloopwerkzaamheden zijn uitgevoerd;  Autosloperijen;  Puinhoudende bodemlagen;  Oude ophooglagen binnen de bebouwde kom.

46/108

4.9.2 Onderzoek en conclusie In opdracht van NLVO advies Arbo en Milieu heeft Moerdijk Bodemsanering B.V. een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de locatie Beukenlaan 7 te Spijkenisse. De rapportage van dit bodemonderzoek (dd. 23 juni 2023) is opgenomen als bijlage 9 bij deze toelichting op het bestemmingsplan. De eindconclusie uit de rapportage is als volgt: Over het algemeen zijn op de gehele locatie in de grond en het grondwater ten hoogste lichte verhogingen aangetroffen. Ten oosten van de werkplaats is een sterke grondverontreiniging met minerale olie aangetroffen van circa 15 m3. Gezien de toekomstige ontwikkeling wordt geadviseerd om de grondverontreiniging te saneren middels ontgraving. Voorafgaand aan de sanering dient een 'plan van aanpak' ingediend te worden bij het bevoegd gezag.

4.10 Cultuurhistorie en archeologie 4.10.1 Cultuurhistorie Er zijn in en rondom het plangebied geen monumenten of andere cultuurhistorische waarden aanwezig. Tevens gelden er geen cultuurhistorische dubbelbestemmingen ter plaatse van het plangebied. Als gevolg van de voorziene ontwikkeling worden geen cultuurhistorisch waardevolle elementen verstoord. Het aspect cultuurhistorie vormt hierom geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling. 4.10.2 Archeologie Beleidskader De gemeente Spijkenisse heeft een archeologisch beleid en beleidsinstrumenten ontwikkeld, waaronder de Archeologische Waarden- en Beleidskaart Spijkenisse (AWK), waarmee een tijdige en volwaardige inbreng van archeologische belangen bij ruimtelijke ontwikkelingen is gewaarborgd. Ook worden bestemmingsplannen voorzien van een archeologieparagraaf. Meer specifiek is het doel van het voorgenomen archeologisch beleid (1) te zorgen voor het behoud van archeologische waarden ter plaatse in de bodem; (2) te zorgen voor de documentatie van archeologische waarden indien behoud ter plaatse niet mogelijk is; (3) te zorgen dat de resultaten van het archeologisch onderzoek bereikbaar en kenbaar zijn voor derden.

Het bovenstaande sluit aan op en komt mede voort uit het rijksbeleid en het provinciale beleid dat naar aanleiding van het Europese Verdrag van Malta is ontwikkeld en dat aansluit bij de Wet op de archeologische monumentenzorg (Wamz 2007). Belangrijk gemeentelijk toetsinstrument is de Archeologische Waarden- en Beleidskaart Spijkenisse (vaststelling in procedure). Het vaststellen, waarderen en documenteren van archeologische waarden vindt binnen de archeologische monumentenzorg gefaseerd plaats. Na een bureauonderzoek kan het nodig zijn een archeologische inventarisatie in het veld uit te voeren. De resultaten van de inventarisatie kunnen vervolgens leiden tot een aanvullend archeologisch onderzoek. De resultaten van laatstgenoemd onderzoek vormen het uitgangspunt bij de keuze om een vindplaats te behouden, op te graven, waarnemingen uit te voeren tijdens het bouwproject of geen verdere stappen te ondernemen.

47/108

Onderzoek Op het bestemmingsplan 'Schenkel Groenewoud' (onherroepelijk vastgesteld op 6 maart 2013)) ligt het plangebied in een zone met dubbelbestemming Waarde – Archeologie – 2. In deze zone is het verplicht een rapport te overleggen van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld. Deze verplichting geldt bij het aanvragen van een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken inclusief het aanbrengen van palenfunderingen en het slaan van damwanden, maar ook bij andere grondbewerkingen en het ingraven van kabels en leidingen als deze dieper reiken dan 50 cm -mv en een terreinoppervlakte omvatten dat groter is dan 200 m2. Het plangebied is groter dan deze vrijstellingsgrenzen en bij het bebouwen van de deelgebieden zullen de werkzaamheden dieper reiken dan de grens van 50 cm -mv. Uit deze dubbelbestemming blijkt dat voor de nu geplande ingrepen op basis van het bestemmingsplan een archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Advies BOOR Het BOOR heeft advies uitgebracht ten aanzien van het aspect archeologie voor het plangebied. Het advies is opgenomen in bijlage 10. De conclusie luidt als volgt: De toegestane marges van diepte en oppervlakte van het bestemmingsplan worden overschreden. De werkzaamheden vormen daarmee een bedreiging voor eventueel in de ondergrond aanwezige archeologische waarden.

Opstellen Programma van Eisen voor het onderzoek Als de gemeente besluit tot een onderzoekseis, dan zal Archeologie Rotterdam, als archeologisch adviseur van de gemeente, een Programma van Eisen opstellen, waarin de algemene en gebieds-specifieke richtlijnen voor de uitvoering van het veldonderzoek worden verwoord. Op de verbeelding en in de regels is de vigerende dubbelbestemming opgenomen ter bescherming van eventuele archeologie waarden ter plaatse. In een latere fase van de ontwikkeling wordt het nader archeologisch onderzoek uitgevoerd. Eventuele maatregelen die hieruit voortkomen worden opgevolgd. Conclusie Het aspect cultuurhistorie en archeologie vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

4.11 Kabels en leidingen 4.11.1 Toetsingskader Rond planologisch relevante leidingen dient rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden (belemmeringenzones). 4.11.2 Onderzoek en conclusie Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. Het aspect kabels en leidingen staat de beoogde ontwikkeling niet in de weg.

48/108

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

Voor de opbouw van een bestemmingsplan is door het Ministerie van I&M een standaard ontwikkeld, de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012). In dit bestemmingsplan wordt van deze standaarden gebruikgemaakt. Hiermee wordt de rechtsgelijkheid en de uniformiteit binnen de gemeentelijke c.q. landelijke bestemmingsplannen gediend. Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding zijn de bestemmingen aangewezen. Aan deze bestemmingen zijn bouwregels en regels betreffende het gebruik gekoppeld. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen, de onderzoeksresultaten en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Ook is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan. Tot slot maakt een eventuele bijlage onlosmakelijk onderdeel uit van het bestemmingsplan. Op de verbeelding worden de bestemmingen weergegeven met daarbij andere bepalingen als gebiedsaanduidingen, bouwaanduidingen, bouwvlakken etc.

Voor de analoge verbeelding is gebruik gemaakt van een digitale ondergrond (Grootschalige Basiskaart en/of kadastrale kaart). De hoofdstukindeling van de bestemmingsplanregels bestaat uit: 1. Inleidende regels; 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels; 4. Overgangs- en slotregels.

5.2

Inleidende regels

De begrippen die in het bestemmingsplan gebruikt worden zijn in dit artikel gedefinieerd. Dit wordt gedaan om interpretatieverschillen te voorkomen. Dit artikel maakt duidelijk hoe de lengte, breedte, hoogte, diepte en oppervlakte en dergelijke van gronden en bouwwerken worden gemeten of berekend. Alle begrippen waarin maten en waarden voorkomen worden in dit artikel verklaard.

49/108

5.3

Bestemmingsregels

Artikel 3 Verkeer - 2 De bestemming 'Verkeer - 2' is toegekend aan het overige verkeers- en verblijfsgebied, zoals wegen in het verblijfsgebied waaraan een maximum snelheid van 30 km per uur gekoppeld is. Ook vallen kleine groenstroken, parkeerplaatsen en fiets- en wandelroutes onder deze bestemming. Artikel 4 Wonen - 2 De bestemming 'Wonen - 2' met de daarbij behorende tuinen en erven en in samenhang daarmee de uitoefening van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijn op de verbeelding aangegeven. In de regels is vastgelegd dat de hoofdgebouwen binnen een bouwvlak moeten worden gerealiseerd en tot welk percentage het grondoppervlak met aan-, uit- en bijgebouwen mag worden bebouwd. Artikel 5 Wonen - 3 De bestemming 'Wonen - 3' is opgenomen voor meergezinsgebouwen met de daarbij behorende tuinen en erven en in samenhang daarmee de uitoefening van aan-huis-gebonden beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten zijn op de verbeelding aangegeven. In de regels is vastgelegd dat de hoofdgebouwen binnen een bouwvlak moeten worden gerealiseerd en tot welk percentage het grondoppervlak met aan-, uit- en bijgebouwen mag worden bebouwd.

Artikel 6 Waarde - Archeologie - 2 Ter bescherming van de archeologische waarden die mogelijk in het gebied voorkomen, is de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie - 2' opgenomen, Overeenkomstig het onderliggende bestemmingsplan 'Schenkel Groenewoud'.

5.4

Algemene regels

Artikel 7 Anti-dubbeltelregel Om misbruik van de bouwregels te voorkomen, is in dit artikel bepaald dat gronden, die al eens als berekeningsgrondslag voor een bouwvergunning hebben gediend, niet nogmaals als zodanig kunnen dienen. Artikel 8 Algemene bouwregels Deze algemene regels zijn van belang voor een juiste interpretatie van de bestemmingsregels. Het betreft hier onder andere de overschrijding van bouwgrenzen. Ook is duidelijk vastgelegd hoe met ondergronds bouwen moet worden omgegaan. Artikel 9 Algemene gebruiksregels In dit artikel zijn algemene regels opgenomen ten aanzien van het strijdige gebruik. Artikel 10 Algemene afwijkingsregels In dit artikel is een aantal algemene afwijkingsregels opgenomen. Deze afwijkingen betreffen bijvoorbeeld het bouwen van gebouwtjes van openbaar nut, het overschrijden van bebouwingsgrenzen, beperkte verschuivingen van de bestemmingsgrenzen én het oprichten van masten en antennes tot een bepaalde bouwhoogte.

50/108

Artikel 11 Overige regels Parkeren Hier is de parkeerregeling opgenomen zoals vervat in het paraplubestemmingsplan 'Parkeren & laden en lossen'. Sloop- en bouwverbod Er is een sloopverbod opgenomen voor de bestaande bebouwing om te voorkomen dat beschermde plant- en diersoorten worden aangetast. Wanneer uit nader onderzoek is gebleken dat er geen nadelige effecten zijn op beschermde plant- en diersoorten of dat een ontheffing op basis van de Wet Natuurbescherming is verkregen kan van dit verbod worden afgeweken. Sloop- en bouwverbod In deze regels wordt bepaald dat waar naar wettelijke regelingen wordt verwezen, de regelingen bedoeld worden zoals bepaald op het moment van vaststelling van het plan.

5.5

Overgangs- en slotregels

Artikel 12 Overgangsrecht en Artikel 13 Slotregel De overgangsbepalingen zijn conform het Besluit ruimtelijke ordening.

51/108

52/108

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.1.1 Inspraak en overleg ex artikel 3.1.1 Bro Het voorontwerpbestemmingsplan 'Beukenlaan 7 Spijkenisse' heeft met ingang van 13 september 2023 gedurende 6 weken ter inzage gelegen conform het bepaalde in de Inspraak- en participatieverordening Nissewaard 2020. Tevens is het plan in het kader van het wettelijke vooroverleg aan diverse overlegpartners gestuurd. Tijdens deze periode zijn er 2 inspraakreacties en 1 vooroverlegreactie binnengekomen In bijlage 11 zijn de reacties samengevat en voorzien van een gemeentelijke reactie, waarbij met redenen omkleed wordt aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van het bestemmingsplan wordt overgegaan.

6.1.2 Zienswijzen De formele bestemmingsplanprocedure start met het ter visie leggen van het ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken ter inzage gelegen. Belanghebbenden konden binnen deze periode een zienswijze indienen. Er zijn op het ontwerpbestemmingsplan geen zienswijze binnengekomen.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd. De kosten voor de uitvoering van het bouwplan liggen volledig bij de ontwikkelende partij. Tevens wordt er een anterieure overeenkomst tussen de gemeente en de initiatiefnemer gesloten. Hierdoor is een exploitatieplan niet noodzakelijk. Geconcludeerd wordt dat er voldoende middelen zijn om de ontwikkeling tot uitvoering te brengen. Het plan is daarmee financieel uitvoerbaar.

53/108

54/108

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

Bijlage 1 Projectboek Beukenlaan Spijkenisse mei 2023

ARCHITECTEN

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

UATIE

SIT IIDIGE

HU

enewoud

winkelcentrum gro

BEUKENLAAN hazelaarstraat

SKN00D 09443G0000 gemeente

inrit vervalt

4L 5100

4L

18 p-pl

3L

(eigen terrein)

15 p-pl

bestaande bebouwing

kavel SKN D 3584 3152,3 m2

perceelsgrens DCB

perceelsgrens DCB

t a n k s t a ti o n

UATIE

IT IGE S D I I U H

)

Lindenstraat

3L

w erk+ h e d era

3L haag 2,0m hoog

Lindenstraat

3L

(sta af m at h e k

3L

perceelsgrens DCB

9*0,8=7,2 p-pl

3L

DCB

e r m in g gro e n e afs c h

14 p-pl

3L

DCB kavel A 61 ,5 m2 naar

oude perceelsgrens

2500

1210

bra n d p a d

inrit vervalt

5460

3800

10290

6000

12745

kavel SKN D 3583 237,8 m2

3 p-pl

inrit vervalt

kavel SKN D 3584 3152,3 m2

5L

totaal 57 p-pl SKN00D 09630G0000 gemeente

5L

4L

3L

2L

bestaande bebouwing

contour nieuwbouw

kavel B 294,8 m2 naar DCB

kavel SKN D 3583 237,8 m2

kavel SKN D 9296 6,4 m2

speelplaatsje

wing

rooilijn bestaande bebou kavel SKN D 9297 49,9 m2

kavel SKN D 9297 49,9 m2

kavel SKN D 9295 141,1 m2

kavel SKN D 9295 141,1 m2

HEEMRAADLAAN

HEEMRAADLAAN

recht van opstal vervalt totaal 191m2 SKN00D 09294G0000 gemeente

ARCHITECTEN

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

newoud

winkelcentrum groe

BEUKENLAAN

135 tot 150m2 GO 9 stadswoningen 3 lagen 2 GO 23 appartementen ca 75m GO 2 53m ca en ent em art 8 app totaal 40 woningen berekening vlgs CROW: huurhuis vrije sector huur etage midden

hazelaarstraat inrit vervalt

eis: 16,2p-pl. 40,3p-pl. totaal: 56,5p-pl.

norm: 1,4 - 2,2 -> 1,8 0,9 - 1,7 -> 1,3

aantal won: 9x 31x

de kom

sterk stedelijk, rest bebouw

s

incl. 0,3pl/won bezoeker

speedgate of slagboom

speedgate of slagboom

intercom tbv bezoekers

4L 5100

4L

18 p-pl

15 p-pl

)

kavel SKN D 3583 237,8 m2

3 p-pl

inrit vervalt

kavel SKN D 3584 3152,3 m2

5L

totaal 57 p-pl

k a v el g r e n s

w erk + h e d era

3L

k a v el g r e n s

haag 2,0m hoog

Lindenstraat

(sta af m ath e k

perceelsgrens DCB

9*0,8=7,2 p-pl

(eigen terrein)

ni e u w e

3L 3L 3L 3L 3L gen 9 x sta d s w o nin

DCB

er m in g gro e n e afsc h

14 p-pl

3L

DCB kavel A 61,5 m2 naar

oude perceelsgrens

2500

1210

bra n d p a d

inrit vervalt

10330

5460

3800

10290

6000

12745

entree fietsen

entree woongebouw g a l e r ij

4L

entree woongebouw

5L

2L

3L

6900

kavel SKN D 9296 6,4 m2

buitenruimte

overstek 1e verd

entree fietsen

buitenruimte

ni e u w e

kavel B 294,8 m2 naar DCB

m e nte n 3 1 x a p p a rt e

buitenruimte

speelplaatsje

buitenruimte

k a v el g r e n s

ing

ouw rooilijn bestaande beb kavel SKN D 9297 49,9 m2

kavel SKN D 9295 141,1 m2

HEEMRAADLAAN

ARCHITECTEN

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

ca 15,5m contour plan inloopavond

6300 woningen Lindenstraat

brandpad groenwal

achtertuinen

ca 56m parkeren

appartementen 4 tot 5 lagen

- 9x grondgebon - 31 appartemen totaal: 40 won

ca 12,2m

ca 9,2m

ca 12,2m

aanpass

voetpad stadswoning 3 tot 4 lagen

groenperk beukenlaan

13160 24400

ARCHITECTEN

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

hazelaarstraat 10330

10330

delfse stoep

8

9

9,8m2 7,7m2

slaapkamer

5100

7

5100

7,7m2

slaapkamer slaapkamer

9,8m2 9,8m2 7,7m2

slaapkamer

(7 stuks in 3 lagen / 3 stuks in 4 lagen)

sta d s w o nin g e n

slaapkamer

7,7m2 9,8m2 9,8m2

slaapkamer slaapkamer

7,7m2 7,7m2

slaapkamer slaapkamer

9,8m2 9,8m2

slaapkamer

badkamer badkamer

7,7m2

slaapkamer

badkamer

14,4m2

slaapkamer

6,1m2 6,1m2

slaapkamer

14,4m2 14,4m2

slaapkamer

6,1m2 6,1m2

14,4m2

slaapkamer

36,1m2 36,1m2

woonkamer

woonkamer

hal

3,9m2

keuken keuken 3,9m2

hal

badkamer

sta d s w o nin g e n

(7 stuks in 3 lagen / 2 stuks in 4 lagen)

36,1m2 36,1m2

woonkamer

hal

3,9m2

woonkamer

hal

3,9m2

keuken

keuken

1000 1000

toilet toilet 1000 1000

haag 2,0m hoog

1500

6700

balkon

6700

0.250+ P

hal

toilet keuken

9,8m2

slaapkamer

7,7m2

9,8m2

16

12,2m2

slaapkamer

7,7m2

slaapkamer

24,4m2

slaapkamer

badkamer badkamer

14,4m2

slaapkamer

6,1m2 6,1m2

14,4m2

slaapkamer

36,1m2 36,1m2

woonkamer

woonkamer

hal

3,9m2

keuken keuken 3,9m2

hal

10 woonkamer

51m2 GO

slaapkamer

toilet 1000

toilet

1000

0.300+ P

slaapkamer

1500

12,2m2

woonkamer 24,4m2

hal

51m2 GO toilet

install ./ berging

badkamer

keuken

3,3m2

install ./ berging

3,4m2

badkamer 3,3m2

3,4m2 3,4m2

badkamer

terrein oploopt

0.250+ P

hal

0.250+ P

woonkamer

51m2 GO

12,2m2

0.300+ P

slaapkamer

balkon

toilet

24,4m2

install ./ berging

keuken

6700

11

keuken

3,3m2

hellingbaan 1:12

6700

delfse stoep

0.250+ P

3,4m2

install ./ berging

3,3m2

badkamer

toilet

17

hal

24,4m2

woonkamer

51m2 GO

3 1 a p p a rt e m e n t e n

a p p a rte m e n te n

12,2m2

slaapkamer

0.250+ P

2860

180

1360

39m2 1900

galerij

2860

375

entreehal

galerij

1550

P= 0.00

1360

13,7m2

1360

slaapkamer

slaapkamer

slaapkamer

6,3m2

6,3m2

6,3m2

6,3m2

slaapkamer

960

P= 0.00

1360

slaapkamer

hal

hal

slaapkamer

slaapkamer

13,7m2

13,7m2

balkon

1550

1200

slaapkamer

hal

toilet

slaapkamer hal

hal

1360

13,4m2

installaties/ berging

13,7m2

berging

slaapkamer

4,4m2

13,7m2

hal

3,7m2

1360 slaapkamer

slaapkamer

6,3m2

6,3m2

1360

slaapkamer 13,7m2

hal

slaapkamer

slaapkamer

13,7m2

13,7m2

hal

1360 slaapkamer

slaapkamer

6,3m2

6,3m2

slaapkamer hal

hal

13,7m2

P= 0.00

4,6m2

installaties

badkamer

4,6m2

5,0m2

400

badkamer

72 st Optima V10

toilet

5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

2100

2263

13m2

fietsenberging

woonkamer

woonkamer

29,4m2 400

30 st Optima Ventura

4,6m2

4,6m2

badkamer

toilet

5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

installaties

installaties

4,6m2

4,6m2

badkamer

toilet

5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

installaties 4,6m2

badkamer

toilet

5,4m2

0.300+ P

86m2. 122 fietsen P= 0.00

P= 0.00

installaties

2100

2100

20 st Optima Ventura

portaal

installaties/ berging

11960

installaties

4,6m2

11400

installaties

11960

4,6m2

11400

installaties

11400

woonkamer

29,4m2

29,4m2

woonkamer 29,4m2

woonkamer

woonkamer

slaapkamer

32,9m2

73m2 GO

73m2 GO

73m2 GO

73m2 GO

30,8m2

woonkamer

woonkamer

30,8m2

woonkamer

30,8m2

woonkamer

30,8m2

30,8m2

9,4m2

83m2 GO

72m2 GO

73m2 GO

73m2 GO

73m2 GO

73m2 GO

0.250+ P

6520

NIVO 0

ARCHITECTEN

6900

buitenruimte

buitenruimte

buitenruimte

buitenruimte

6900

6900

6900

6900

13

14

15

muur 0,8m hoog

12

3600

BEUKENLAAN

toilet

slaapkamer

toilet

slaapkamer

badkamer badkamer

slaapkamer

6,1m2

36,1m2

14,4m2 14,4m2

slaapkamer

6,1m2

5100

woonkamer

36,1m2

woonkamer

hal

3,9m2

9

keuken

5100

8

keuken

5100

7

3,9m2

5100

6

hal

5100

5

1000

5100

4

1000

5100

3

toilet

5100

2

5100

toilet

slaapkamer

5100

6

5100

6,1m2

5100

5

badkamer

5100

4

14,4m2

5100

3

slaapkamer

5100 5100

2

5100

36,1m2

keuken

woonkamer

1

hal

3,9m2

1000

1

9770

9530

toilet

5100

9770

18 6520

balkon

19

6900

20 6900

21 6900

22 6900

balkon

23 6900

NIVO 1

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

10330

5100

5100

5100

5100

9770

5100

5100

5100

6300

ca 9,2m

5100

5100

5100

ca 15,5m

slaapkamer

1500

6,1m2

6700

woonkamer 24,0m2

hal

toilet install ./ berging

keuken

4,3m2

37 67m2 GO slaapkamer

badkamer

17,7m2

6700

4,9m2

slaapkamer

slaapkamer

12,9m2

8,1m2

1550

galerij

badkamer

hal

7,3m2

toilet slaapkamer installaties/ berging

6,3m2

berging

slaapkamer

slaapkamer

4,4m2

13,7m2

hal

3,5m2

keuken

hal

13,7m2

installaties/ berging

installaties

4,6m2

woonkamer

4,6m2

1220

badkamer

badkamer

toilet

dak (PV-panelen)

toilet

5,4m2

5,4m2

38

39

40

78m2 GO

62m2 GO woonkamer

63m2 GO woonkamer 20,2m2

1470

20,2m2

11960

11400

31,3m2

6520

6900

6900

6900

6900

6900

NIVO 4

a p p a rt e m e n t e n

10330

10330

9770

9770 6800

1765

zolder

5100

2

zolder

5100

16,4m2 16,4m2

slaapkamer

16,4m2

slaapkamer

slaapkamer

4,2m2

4,2m2

installaties

badkamer

4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

1

5

5100

5100 5100

5100

4

5100

16,4m2

slaapkamer

16,4m2

slaapkamer

4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

3

5100

7

5100

8

5100

9

6700

16,4m2

slaapkamer

16,4m2

slaapkamer

5100

(7 stuks in 3 lagen / 3 stuks in 4 lagen)

16,4m2

slaapkamer

16,4m2

slaapkamer

4,2m2

4,2m2

installaties

badkamer

4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

dak 6 (PV-panelen)

woonkamer

16,6m2

hobby / werkkamer

slaapkamer

24

31

1500

12,2m2

woonkamer 24,4m2

51m2 GO toilet keuken

install ./ berging

badkamer

slaapkamer

hal

51m2 GO toilet keuken

install ./ berging

3,3m2

3,4m2

balkon

keuken

12,2m2

1360

berging

slaapkamer

4,4m2

hal

3,7m2

badkamer

11400

5,0m2

13,7m2

6,3m2

4,6m2

badkamer 5,4m2

woonkamer 30,8m2

badkamer

toilet

5,4m2

6700 6,3m2

slaapkamer

slaapkamer

13,7m2

13,7m2

installaties/ berging

hal

installaties

4,6m2

badkamer

toilet

28

5,4m2

29

woonkamer

toilet

5,4m2

72m2 GO

woonkamer

30,8m2

73m2 GO

balkon

6520

6900

balkon

6900

NIVO 2

ARCHITECTEN

5,0m2

hal

1360 slaapkamer

slaapkamer

6,3m2

6,3m2

slaapkamer 13,7m2

slaapkamer hal

hal

installaties 4,6m2

4,6m2

badkamer 5,4m2

badkamer

toilet

5,4m2

34

4,6m2

5,4m2

36

woonkamer

woonkamer

30,8m2

30,8m2

badkamer

toilet

35

woonkamer

13,7m2

installaties

30,8m2

9,4m2

72m2 GO balkon

6900

13,7m2

installaties/ berging

slaapkamer

83m2 GO balkon

6900

slaapkamer

4,4m2

toilet

32,9m2

73m2 GO balkon

6900

badkamer

woonkamer

30,8m2

73m2 GO

berging

33

30

woonkamer

30,8m2

badkamer

1360

3,7m2

installaties

4,6m2

toilet

13,4m2

9,4m2

83m2 GO

galerij

hal

slaapkamer

1360 slaapkamer

hal

installaties

27

slaapkamer

6,3m2

hal

4,6m2

26

slaapkamer

slaapkamer

installaties/ berging

toilet

32,9m2

13,7m2

a p p a rt e m e n t e n

12,2m2

slaapkamer

balkon

installaties/ berging

1360 slaapkamer

11960

toilet

13,4m2

woonkamer

51m2 GO

1550

galerij balkon

1550

slaapkamer

hal

24,4m2

balkon

a p p a rt e m e n t e n

woonkamer

51m2 GO

woonkamer

3,3m2

badkamer

toilet

32

11400

6700

keuken

hal

24,4m2

hal

3,3m2

3,4m2

install ./ berging

3,3m2

badkamer

toilet

25

slaapkamer

badkamer

3,4m2

3,4m2

install ./ berging

1500

12,2m2

24,4m2

balkon

hal

11960

6700

balkon

WP

WP 4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

16,6m2 16,6m2

hobby / werkkamer

hobby / werkkamer

WP

WP 4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

16,6m2 16,6m2

hobby / werkkamer

hobby / werkkamer

WP

sta d s w o nin g e n

WP 4,2m2

4,2m2

badkamer

installaties

16,6m2 16,6m2

hobby / werkkamer

hobby / werkkamer

WP

WP

9

4,2m2

5100

8

4,2m2

5100

7

badkamer

5100

6

installaties

5100

5

16,6m2

5100

4

hobby / werkkamer

5100

3

16,6m2

5100

2

hobby / werkkamer

5100

1

5100

WP

1765

6520

6900

73m2 GO

73m2 GO

balkon

balkon

6900

6900

6900

6900

NIVO 3

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

GALERIJ

slaapkamer

entreehal

slaapkamer

2100

1360

3000

wm wd

4560

13,7m2

6,3m2

mk

4,6m2

1400

11160

badkamer

toilet

11960

WP

1800

5,4m2 920

stramien 6,9m GO = ca 73,1m2 12,2m diep

4660

keuken

woonkamer 30,8m2

BALKON 3450

2100

6600

6900

4800

4800 slaapkamer

3000

5100

slaapkamer

3150

5100

3070

2400

optionele uitbouw woonkamer

niet ingedeelde ruimte (OPTIONEEL: max 3 slaapkamers/badkamer)

3823 9530

10330

badkamer

9530

woonkamer 34m2

wm wd

stramien 5,1m GO = ca 137m2 10,33m diep

2576 WP

entreehal

toilet 1030

1050

ARCHITECTEN

4800

3240

keuken slaapkamer

slaapkamer

2170

2560

slaapkamer

slaapkamer

i.o.v. DCB. 01 mei 2023

Bijlage 2 Boekje zonnediagrammen 31aug23

a t

H a z ela a r str a

2

2

16

22 24 26 28 30

18

B e u k e n la a n

a n H e e m r a a d la

20 22 24 26 28 30

a n H e e m r a a d la

a t

H a z ela a r str a

2

2

16

22 24 26 28 30

18

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

20

a n H e e m r a a d la

20 22 24 26

Li n d e n s tr a a t

14

16

Li n d e n s tr a a t

14

18

H a z ela a r str a

a t

28 30

a n H e e m r a a d la

a t

H a z ela a r str a

2

a t

2

16

20 22 24 26 28 30

a n H e e m r a a d la

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

18

18 20 22 24 26

Li n d e n s tr a a t

14

16

Li n d e n s tr a a t

14

28 30

a n H e e m r a a d la

zonsondergang 21 JUNI 22.04u

B e u k e n la a n

20

Li n d e n s tr a a t

14

16

Li n d e n s tr a a t

14

18

H a z ela a r str a

a t

BEZONNINGSSCHEMA JUNI

H a z ela a r str a

H a z el a a r str a

a t

H a z el a a r str a

2

2

16

22 24 26 28 30

18

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

20

a n H e e m r a a dl a

20 22 24 26

L in d e n s tr a a t

14

16

L in d e n s tr a a t

14

18

H a z el a a r str a

a t

28 30

a n H e e m r a a dl a

a t

H a z el a a r str a

2

a t

2

16

16

20 22 24 26 28 30

a n H e e m r a a dl a

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

18

18 20 22 24 26

L in d e n s tr a a t

14

L in d e n s tr a a t

14

28 30

a n H e e m r a a dl a

BEZONNINGSSCHEMA SEPTEMBER

zonsondergang 21 SEP 19.41u

a t

H a z el a a r str a

2

2

16

16

22 24 26 28 30

18

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

20

a n H e e m r a a dl a

L in d e n s tr a a t

14

L in d e n s tr a a t

14

18

H a z el a a r str a

a t

H a z el a a r str a

20 22 24 26 28 30

a n H e e m r a a dl a

a t

H a z el a a r str a

2

a t

2 14

14

22 24 26 28 30

a n H e e m r a a dl a

18 20 22 24 26

L in d e n s tr a a t

20

16

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

18

L in d e n s tr a a t

16

28 30

a n H e e m r a a dl a

BEZONNINGSSCHEMA NOVEMBER

zonsondergang 21 NOV 16.41u

a t

H a z el a a r str a

2

2

16

16

22 24 26 28 30

18

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

20

a n H e e m r a a dl a

L in d e n s tr a a t

14

L in d e n s tr a a t

14

18

H a z el a a r str a

a t

H a z el a a r str a

20 22 24 26 28 30

a n H e e m r a a dl a

a t

H a z el a a r str a

2

a t

2 14

14

22 24 26 28 30

a n H e e m r a a dl a

18 20 22 24 26

L in d e n s tr a a t

20

16

B e u k e n la a n

B e u k e n la a n

18

L in d e n s tr a a t

16

28 30

a n H e e m r a a dl a

BEZONNINGSSCHEMA JANUARI

zonsondergang 21 JAN 17.08u

Bijlage 3 Aanmeldnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling Beukenlaan 7, Spijkenisse

AANMELDNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r.-beoordeling 10 november 2023

1/24

DATUM KENMERK

10 november 2023 20210997/121765/

PROJECT PROJECTLEIDER

Beukenlaan Spijkenisse M.M.W. Backx, MSc

OPDRACHTGEVER Prohuis BV PROJECTNUMMER 20210997 AUTEUR STATUS

2/24

I. van Malsen, MSc ConceptConcept

INHOUD 1.

2.

3.

4.

3/24

Inleiding

4

1.1 1.2 1.3

4 5 5

Aanleiding Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in? Leeswijzer

Plaats en omvang van het project

6

2.1 2.2

Plaats van het project Omvang van het project

6 9

Kenmerken van de milieufactoren

11

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9 3.10

11 12 14 15 18 19 19 22 23 23

Verkeer en parkeren Geluid Bodem Water Natuur Luchtkwaliteit Risico’s op zware ongevallen of rampen en risico’s voor de menselijke gezondheid Archeologie en cultuurhistorie Sloop- en aanlegwerkzaamheden Maatregelen

Conclusie

24

1. INLEIDING 1.1

Aanleiding

De initiatiefnemer is voornemens om op het adres Beukenlaan 7 in Spijkenisse de bedrijfsactiviteiten te staken en de opstallen te slopen om zo plaats te maken voor woningbouw. In de nieuwe situatie is een appartementengebouw met 31 appartementen en 9 grondgebonden woningen beoogd. Het plangebied is gelegen op het adres Beukenlaan 7 te Spijkenisse, op figuur 1.1 is de ligging van het plangebied in Spijkenisse weergegeven.

Figuur 1.1 Ligging van het plangebied.

De ontwikkeling past niet in het vigerende bestemmingsplan ‘Schenkel Groenewoud’, woningbouw is op deze locatie niet toegestaan. Om de ontwikkeling juridisch planologisch mogelijk te maken is een nieuw bestemmingsplan opgesteld. In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op ‘een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer’ (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). Met het plan worden in totaal 40 woningen mogelijk gemaakt. Dit aantal blijft ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' noodzakelijk is waarin dit document in voorziet.

4/24

1.2

Wat houdt een m.e.r.-beoordeling in?

In een m.e.r.- beoordeling wordt getoetst of een m.e.r. procedure doorlopen moet worden. De wettelijke regeling voor de m.e.r.-beoordeling gaat uit van het principe 'nee, tenzij'. Dat wil zeggen, een volwaardige m.e.r.-procedure is alleen noodzakelijk als sprake is van 'belangrijke nadelige gevolgen' die het betreffende project voor het milieu kan hebben. Daarbij moet het bevoegd gezag rekening houden met de omstandigheden zoals aangegeven in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling, te weten: ● de plaats van het project; ● de omvang van het project; ● de kenmerken van de potentiële milieueffecten (in samenhang met de eerste twee criteria). Het bevoegd gezag dient een m.e.r-beoordelingsbeslissing te nemen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de omvang van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

1.3

Leeswijzer

Deze m.e.r.-beoordelingsnotitie: ● beschrijft in hoofdstuk 2 de plaats en omvang van het project; ● licht in hoofdstuk 3 de verwachte effecten voor de verschillende milieueffecten toe; ● geeft ten slotte in hoofdstuk 4 de conclusie weer voor de m.e.r.-beoordeling. Bij de analyse in hoofdstuk 2 en 3 is gebruik gemaakt van informatie uit de onderzoeken toegevoegd aan de bijlagen van het bestemmingsplan.

5/24

2. PLAATS EN OMVANG VAN HET PROJECT 2.1

Plaats van het project

Het plangebied is gelegen aan de Beukenlaan 7 in Spijkenisse. Op figuur 2.1 is de begrenzing van het plangebied weergegeven. Het plangebied bevind zich tussen de Beukenlaan, (west), Hazelaarstraat (noord) en de Heemraadlaan (zuid). De westkant wordt gevormd door de bestaande woningen. Binnen het plangebied bevindt zich in de huidige situatie een bedrijfspand en een tankstation met een ondergrondse LPG-tank. Ten zuiden van dit tankstation is een groenstrook gelegen langs de Heemraadlaan. Ten noorden van het plangebied ligt de Hazelaarstraat met het winkelcentrum "Groenewoud" van circa 9 meter hoog, ten oosten van het plangebied staan geschakelde woningen aan de Lindenstraat met een goot- en bouwhoogte van 6 en 9 meter. De zuid- en westzijde van het plangebied worden begrensd door de Heemraadlaan en de Beukenlaan. Aan de overzijden van deze straat zijn overwegend geschakelde woningen gelegen met een maximale goot- en bouwhoogte van 6 en 9 meter.

Figuur 2.1 Ligging en begrenzing plangebied

6/24

BIJZONDERE GEBIEDEN EN HET OPNAMEVERMOGEN VAN HET NATUURLIJK MILIEU Het plangebied is niet gelegen in een kwetsbaar gebied en/of een gebied met beschermde status zoals grondwaterbeschermingsgebieden (zie figuur 2.3). Ook bevindt het plangebied zich niet in een stiltegebied (zie figuur 2.4). Het plangebied vormt geen onderdeel van een natuur- of groengebied met een beschermde status, zoals Natura 2000 of Natuurnetwerk Nederland. Het plangebied ligt op circa 15,2 kilometer van het Natura 2000-gebied Krammer-Volkerak. De dichtstbijzijnde delen van het Natuurnetwerk bevinden zich op een afstand van circa 1,3 kilometer (zie figuur 2.5).

Figuur 2.3 Grondwaterbeschermings- en waterwingebieden nabij de planlocatie (paarse cirkel) (bron: Provincie Zuid-Holland)

7/24

Figuur 2.4 Stiltegebieden ten opzichte van plangebied (paarse cirkel) (bron: Provincie Zuid-Holland)

Figuur 2.5 Natura 2000 en NNN nabij de planlocatie (paarse cirkel) (bron: Provincie Zuid-Holland)

8/24

2.2

Omvang van het project

INRICHTING PLAN Het plan bestaat uit het ontwikkelen van het plangebied ten behoeve van woningbouw waarbij een appartementengebouw met 31 appartementen en 9 grondgebonden woningen wordt mogelijk gemaakt. De beoogde situatie is weergegeven in figuur 2.6. Alle opstallen en groen binnen het plangebied wordt gesloopt/gerooid, ook de ondergrondse LPG-tank wordt verwijderd.

Figuur 2.6 Herinrichting plangebied (bron: projectboek Beukenlaan Spijkenisse mei 2023)

Het programma Het programma voor de ontwikkeling bestaat uit 40 woningen onderverdeeld in de volgende woningtypen: ● 9 stadswoningen bestaande uit 3 lagen (135 tot 150m² GO) ● 23 appartementen (circa 75m² GO) ● 8 appartementen (circa 53m² GO)

9/24

GEBRUIK NATUURLIJKE HULPBRONNEN EN PRODUCTIE VAN AFVALSTOFFEN Natuurlijke hulpbronnen worden gebruikt tijdens de bouw en het gebruik van de ontwikkeling. Het betreft hier natuurlijke hulpbronnen als energie, water en grondstoffen. Dit zou echter op elke willekeurige locatie het geval zijn. De gevolgen hiervan zijn van een dusdanig beperkte omvang, dat hierdoor geen beslag wordt gelegd op natuurlijke hulpbronnen. Het ontstaan van afval tijdens de bouw van de ontwikkeling is vanzelfsprekend. Bouwafval wordt zoveel mogelijk hergebruikt of afgevoerd naar een erkende verwerker. Het afval van de medewerkers zal volgens de geldende regelgeving worden gerecycled/verwerkt. Dit zou op elke locatie het geval zijn. Er is geen aanleiding om dit aspect nader te laten onderzoeken in het kader van het opstellen van een milieueffectrapport.

VERONTREINIGING, HINDER, RISICO VAN ZWARE ONGEVALLEN EN RAMPEN, RISICO’S VOOR DE MENSELIJKE GEZONDHEID Deze thema’s komen mede aan bod in het volgende hoofdstuk.

CUMULATIE MET ANDERE PROJECTEN Voor zover bekend zijn er geen redelijkerwijs te verwachten toekomstige ontwikkelingen in de buurt waarmee cumulatie verwacht kan worden.

10/24

3. KENMERKEN VAN DE MILIEUFACTOREN In dit hoofdstuk worden de belangrijkste milieueffecten van de beoogde ontwikkeling beschreven ten opzichte van de referentiesituatie. De referentiesituatie bestaat uit toekomstige situatie, gebaseerd op de huidige situatie inclusief autonome ontwikkelingen en trends. De effectbeoordeling in dit hoofdstuk is gebaseerd op de informatie uit het bestemmingsplan dat voor de beoogde ontwikkeling is opgesteld.

3.1

Verkeer en parkeren

Parkeren De parkeerbehoefte voor de ontwikkeling is weergegeven in tabel 3.1. Voor het juiste kencijfer/parkeernorm wordt een ligging in schil centrum gehanteerd, de kern Spijkenisse binnen de gemeente Nissewaard wordt op basis van adressendichtheid getypeerd als sterk stedelijk gebied (CBS). Verder wordt uitgegaan van het gemiddelde binnen de bandbreedte van het kencijfer/parkeernorm. In totaal worden er binnen het plangebied 57 parkeerplaatsen gerealiseerd waardoor op eigen terrein in de parkeerbehoefte wordt voorzien. Tabel 3.1 Totale parkeerbehoefte planontwikkeling

Verkeersgeneratie In de huidige situatie is ter plaatse van het plangebied een bedrijfspand en een tankstation met carwash gevestigd. Voor het tankstation en de carwash zijn geen kengetallen opgenomen door het CROW. Hiervoor wordt de categorie bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief voor gehanteerd, vanwege het grote aantal bezoekers voor deze functies. De huidige verkeersgeneratie is weergegeven in tabel 3.2. Tabel 3.2 Verkeersgeneratie huidige situatie per mvt/etmaal

In tabel 3.3 is de toekomstige verkeersgeneratie opgenomen. De planontwikkeling zorgt voor een verkeersgeneratie van 237,5 mvt/etmaal op een gemiddelde weekdag. Om de verkeersafwikkeling te beoordelen is de afwikkeling in een spitsuur maatgevend, waarin doorgaans maximaal 10% van de etmaalintensiteit wordt afgewikkeld. In een gemiddeld spitsuur betekent dit een verkeersgeneratie van 24 mvt. Het plangebied genereert hiernaast in de huidige situatie ook veel verkeer. De beperkte toename zal geen negatieve gevolgen hebben op de omliggende ontsluitingswegen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13982197/3