CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Ontwerpbesluit Omgevingsvergunning Windpark Brielse Maasdijk

Gemeenteraad 9 oktober 2024, gemeente NissewaardBij agendapunt: Raadsvoorstel van het college van burgemeester en wethouders “Windpark Brielse Maasdijk Verklaring van Geen Bedenkingen”17.637 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het onderzoek moet gebaseerd zijn op de NEN 5740 ‘Onderzoekstrategie vaststelling nulsituatie bij een toekomstige bodembelasting’ en afgestemd zijn op de toegepaste stoffen. b. Ter zake van de uitvoering van het bodemonderzoek kunnen binnen 6 weken nadat voornoemde rapportage is overgelegd nadere eisen worden gesteld door het bevoegd gezag; inhoudende dat meerdere monsternemingen of analyses moeten worden verricht, indien dit op grond van de overgelegde hypothese(n) en onderzoeksstrategie noodzakelijk blijkt. c. Geadviseerd wordt om ten minste 2 weken voorafgaand aan de uitvoering van het nul-situatiebodemonderzoek een onderzoeksvoorstel met boorplan conform de NEN5740 ter beoordeling bij de DCMR in te dienen. 13. Binnen drie maanden na beëindiging van een bodembedreigende activiteit moet ter vaststelling van de kwaliteit van de bodem een bodembelastingonderzoek naar de eindsituatie zijn uitgevoerd. De resultaten moeten uiterlijk één maand nadat dit onderzoek is uitgevoerd aan het bevoegd gezag zijn overgelegd. a. Ter plaatse van de tijdens het nulsituatieonderzoek onderzochte locaties moet het eindonderzoek dezelfde opzet en intensiteit hebben als het nulsituatieonderzoek, mits het nulsituatieonderzoek correct is uitgevoerd. b.

Als het nulsituatieonderzoek niet correct is uitgevoerd dan moet het eindonderzoek betrekking hebben op alle plaatsen binnen de inrichting waar bodembedreigende activiteiten hebben plaatsgevonden. c. Het eindonderzoek moet gebaseerd zijn op de NEN 5740 ‘Onderzoekstrategie vaststelling nulsituatie bij een toekomstige bodembelasting’ en afgestemd zijn op de toegepaste stoffen.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

25 van 47

Omgevingsvergunning WBM

14. Indien uit het onderzoek, bedoeld in de voorschriften 12 en 13 blijkt dat de bodem als gevolg van de activiteiten in de inrichting is aangetast of verontreinigd, draagt degene die de inrichting drijft er zorg voor dat zo spoedig mogelijk na toezending van dat rapport dan wel binnen een met het bevoegd gezag nader overeengekomen termijn, de bodemkwaliteit is hersteld tot de nulsituatie, zoals vastgelegd in het onderzoek als bedoeld in voorschrift 12. 15. Het herstel van de bodemkwaliteit geschiedt door een erkend persoon of instelling op grond van het Besluit bodemkwaliteit. Geluid 16. De (jaargemiddelde) geluidbelasting ter plaatse van gevoelige gebouwen, vanwege de windturbines waarvoor de vergunning is aangevraagd, bepaald overeenkomstig de methoden van bijlage 4 van de Activiteitenregeling milieubeheer (Reken- en meetvoorschrift windturbines), mag niet meer bedragen dan 45 dB Lden en 39 dB Lnight. 17. De windturbines, waarvoor de vergunning is aangevraagd, moeten zodanig zijn ingesteld (met windsnelheidsafhankelijke geluidmodes) dat, ter plaatse van gevoelige gebouwen, gedurende tenminste 95% van de tijd in de perioden van 23:00 uur tot 05:30 uur bij windrichtingen tussen 120 - 240 graden, het equivalente geluidniveau L Aeq,T over 30 minuten, niet hoger is dan de windnormcurve1. 18.

Ter plaatse van de gevel van geluidgevoelige ruimtes van de Justitiële Jeugdinrichting De Hartelborgt (gevestigd aan de Borgtweg 1 te Spijkenisse), mag het equivalente geluidniveau LAeq,T over het tijdvak van 23:00 uur tot 07:00 uur niet meer bedragen dan 45 dB(A). 19. Nadat de geluidwering van de geluidgevoelige ruimtes is bepaald in de situatie na afronding van de (voorgenomen) verbouwing van de Justitiële Jeugdinrichting De Hartelborgt, moet binnen 3 maanden aan het bevoegd gezag een rapport worden gezonden ter goedkeuring. In dit rapport moet zijn onderbouwd welk equivalent geluidniveau L Aeq,T, vanwege de windturbines waarvoor de vergunning is aangevraagd, over het tijdvak van 23:00 uur tot 07:00 uur, volstaat om te waarborgen dat de binnenwaarde van de geluidgevoelige ruimtes niet hoger is dan 25 dB(A). Het bevoegd gezag kan de in voorschrift 18 genoemde waarde van het equivalente geluidniveau LAeq,T actualiseren (ambtshalve of op verzoek). 20. Uiterlijk zes maanden voordat de windturbines, waarvoor de vergunning is aangevraagd, in gebruik worden gesteld, moet aan het bevoegd gezag een rapport worden gezonden ter goedkeuring. In dit rapport moet zijn onderbouwd welke instellingen zullen worden toegepast, per windturbine en per winsnelheidsklasse van 1 m/s, ten einde te voldoen aan de geluidnormen in dit hoofdstuk (voorschriften 16, 17 en 18).

Het bevoegd gezag kan de instellingen vastleggen in een voorschrift (actualisatie voorschriften).

1

Hierbij wordt opgemerkt dat de waarden van de curve niet mogen worden afgerond, omdat de curve zelf een tussenresultaat is (de

afronding van het eindresultaat is de 35 in WNC35).met basiswaarde 35 dB(A) (WNC35))

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

26 van 47

Omgevingsvergunning WBM

21. De drijver van de inrichting registreert per windturbine, waarvoor de vergunning is aangevraagd, de volgende gegevens (zoals gedefinieerd in bijlage 4 van de Activiteitenregeling milieubeheer): a. de emissieterm LE, gebaseerd op de effectieve werking gedurende het afgelopen kalenderjaar; b. de voor de duur van een handhavingsmeting benodigde gegevens ter bepaling van de windsnelheid op ashoogte; c. per 30 minuten in de perioden van 23:00 uur tot 05:30 uur bij windrichtingen tussen 120 – 240 graden: - de windsnelheid op ashoogte; - de ingestelde geluidmodus en - het geluidvermogen LW. Slagschaduw 22. Met het oog op het voorkomen of beperken van slagschaduw veroorzaakt het windpark niet meer dan één uur slagschaduw per jaar in een verblijfsruimte van een slagschaduwgevoelig gebouw en in de schaduwgevoelige verblijfsruimten (cellen) en luchtplaatsen binnen De Hartelborgt. 23. Met het oog op het voorkomen of beperken van slagschaduw is elke windturbine die meer dan één uur slagschaduw per jaar op een schaduwgevoelig gebouw kan veroorzaken voorzien van een automatische stilstandvoorziening waarmee wordt geborgd dat niet meer slagschaduw optreedt dan volgens voorschrift 22 is toegestaan. 24. Voor elke windturbine met een stilstandvoorziening moet een logboek worden bijgehouden.

Per etmaal wordt de daadwerkelijk opgetreden slagschaduw vermeld en alle gegevens worden opgenomen die relevant zijn om de opgetreden slagschaduw te bepalen. Het logboek bevat ten minste een slagschaduwkalender voor elk relevant gevoelig gebouw in tabelvorm waarin de astronomisch maximaal mogelijke slagschaduwduur wordt weergegeven én een vermelding van het aantal minuten slagschaduw per jaar dat op elk relevant gevoelig gebouw is veroorzaakt. Lichtschittering 25. Teneinde hinder als gevolg van lichtschittering bij het in werking hebben van een windturbine te voorkomen of te beperken, mag de reflectiewaarde van – aan de buitenkant zichtbare – materialen of daarop aangebrachte coatings maximaal 30% bedragen. 26. Het meten van reflectiewaarden vindt plaats overeenkomstig NEN-EN-ISO 2813 of een daaraan ten minste gelijkwaardige meetmethode. 27. Binnen 3 maanden na ingebruikname van de het windpark dient vergunninghouder middels een meetrapport danwel op andere geschikte wijze aan te tonen dat aan voorschrift 26 wordt voldaan. Obstakelverlichting 28. Teneinde lichthinder als gevolg van wettelijk verplichte obstakelverlichting zoveel mogelijk te voorkomen dan wel te beperken, moet vergunninghouder uiterlijk drie maanden voor aanvang bouwfase een verlichtingsplan ter goedkeuring aan het college voor te leggen.

In dit verlichtingsplan moeten in ieder geval de maatregelen opgenomen worden die HVC voornemens is te nemen ter minimalisering van lichthinder als gevolg van

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

27 van 47

Omgevingsvergunning WBM

obstakelverlichting. Op de vereiste goedkeuring is de reguliere procedure van afdeling 4.1 Awb van toepassing. HVC dient het verlichtingsplan zoals goedgekeurd uit te voeren vanaf start exploitatiefase tot einde hiervan. Brandveiligheid algemeen 29. Alle brandblusmiddelen moeten steeds: a. bedrijfszeker en voor onmiddellijk gebruik gereed zijn; b. goed bereikbaar zijn; c. als zodanig herkenbaar zijn en d. geschikt zijn voor de beheersing of de blussing van een bepaald type brand. Veiligheid 30. Voordat een windturbine in gebruik wordt genomen, moet de vergunninghouder aan het bevoegd gezag aantonen dat de windturbine constructief voldoet aan de heersende windklasse (IEC-II). 31. Een windturbine wordt ten minste eenmaal per kalenderjaar beoordeeld op de noodzakelijke beveiligingen, onderhoud en reparaties door een deskundige op het gebied van windturbines. Het uitgevoerde onderhoud dient bijgehouden te worden in een logboek. 32. Indien wordt geconstateerd of indien het redelijk vermoeden bestaat dat een onderdeel of onderdelen van de windturbine een gebrek bezitten, waardoor de veiligheid voor de omgeving in het geding is, wordt de windturbine onmiddellijk buiten bedrijf gesteld en het bevoegd gezag daaromtrent geïnformeerd. De windturbine wordt pas weer in bedrijf genomen nadat alle gebreken aantoonbaar zijn hersteld. 33.

Indien een windturbine als gevolg van het in werking treden van een beveiliging buiten bedrijf is gesteld, wordt deze pas weer in werking gesteld nadat de oorzaak van het buiten werking stellen aantoonbaar is opgeheven. Externe veiligheid 34. Het plaatsgebonden risico voor een buiten de inrichting gelegen kwetsbaar object, veroorzaakt door een windturbine of een combinatie van windturbines, is niet hoger dan 10 -6 per jaar. 35. Het plaatsgebonden risico voor een buiten de inrichting gelegen beperkt kwetsbaar object, veroorzaakt door een windturbine of een combinatie van windturbines, is niet hoger dan 10 -5 per jaar. Beïnvloeding gasleiding Gasunie 36. Uiterlijk 12 weken voor aanvang van de bouwfase dient vergunninghouder middels een schriftelijke rapportage aan het college aan te tonen dat wordt voldaan aan de voorwaarden uit de NEN 3654 (Wederzijdse beïnvloeding van buisleidingen en hoogspanningssystemen) opdat verzekerd is dat de geselecteerde ondergrondse stroomkabel(s) die onderdeel vormen van het vergunde windpark geen onaanvaardbare risico’s met zich brengen voor de gasleidingen van Gasunie in het projectgebied.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

28 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Maximale afmetingen windturbines 37. Overeenkomstig tabel 3 van de toelichting bij de aanvraag (p. 17) zijn de maximale afmetingen van de windturbines: Windturbine

Ashoogte

Rotor- diameter

Maximale ashoogte Maximaletiphoogte o.b.v. o.b.v. VKA t.o.v. NAP VKA t.o.v. NAP

WT4A

149

163

154

235,5

WT5

149

163

154

235,5

WT6

149

163

154

235,5

WT7

149

163

154

235,5

WT10

125

163

130

211,5

OVERWEGINGEN Activiteitenbesluit milieubeheer In het Activiteitenbesluit milieubeheer zijn voor bepaalde activiteiten die binnen inrichtingen plaats kunnen vinden, algemene regels opgenomen. Op vergunningplichtige (type C) inrichtingen kunnen bepaalde artikelen uit het Activiteitenbesluit van toepassing zijn. Dit betekent dat bepaalde voorschriften uit het Activiteitenbesluit en de bijbehorende Activiteitenregeling een rechtstreekse werking hebben en niet in de vergunning mogen worden opgenomen. In de vergunning kan van het Activiteitenbesluit worden afgeweken voor zover dat in het Activiteitenbesluit is aangegeven. De inrichting waarvoor vergunning is aangevraagd, wordt aangemerkt als een type-C inrichting. Jurisprudentie Op 30 juni 2021 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) geoordeeld dat de algemene normen in paragraaf 3.2.3 van het Activiteitenbesluit en paragraaf 3.2.3 van de Activiteitenregeling niet mogen worden gebruikt voor windturbineparken. Deze uitspraak ging concreet over het bestemmingsplan ‘Windpark Delfzijl Uitbreiding 2020’, maar heeft gevolgen voor alle nieuwe windturbineparken in heel Nederland.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

29 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Voor de algemene normen over geluid, slagschaduw en veiligheid die in Nederland voor windturbineparken gelden, moet op grond van de SMB-richtlijn (Europese richtlijn voor de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma's) een milieubeoordeling worden gemaakt van de gevolgen voor het milieu. Deze milieubeoordeling is door de regering bij het opstellen van de algemene normen in paragraaf 3.2.3 van het Activiteitenbesluit en paragraaf 3.2.3 van de Activiteitenregeling ten onrechte niet gemaakt. Vanwege dit geconstateerde gebrek moeten de bepalingen uit het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling buiten toepassing gelaten worden voor nieuwe windturbineparken. Dit betekent dat – als gevolg van deze uitspraak – in de aanvraag geen activiteiten zijn opgenomen, zoals genoemd in hoofdstuk 3 en/of hoofdstuk 5 van het Activiteitenbesluit. Omdat de activiteiten uit de aanvraag niet worden geregeld in hoofdstuk 3 en/of hoofdstuk 5 van het Activiteitenbesluit, zijn de betrokken milieuaspecten, geluid, slagschaduw en externe veiligheid, uit de aanvraag beoordeeld met inachtneming van artikel 2.14, eerste lid, van de Wabo. De voorschriften die in deze vergunning zijn opgenomen zijn niet geregeld in het Activiteitenbesluit en de bijbehorende Activiteitenregeling.

Meldingsplicht Op basis van artikel 1.9b en 1.10 van het Activiteitenbesluit geldt een meldingsplicht bij vergunningplichtige (type C) inrichtingen voor het oprichten en/of veranderen van activiteiten waarop hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit van toepassing is. Omdat op activiteiten die verricht worden binnen de inrichting hoofdstuk 3 van het Activiteitenbesluit niet van toepassing is, is artikel 1.9b niet van toepassing en is er ook geen meldingsplicht. Voor het overige is in het Activiteitenbesluit per hoofdstuk, dan wel per afdeling, aangegeven of deze op een type C inrichting van toepassing is. Dit betekent dat ook hoofdstuk 1, afdeling 2.1 tot en met 2.4, 2.10 en 2.11 van hoofdstuk 2 en de overgangsbepalingen uit hoofdstuk 6 van het Activiteitenbesluit van toepassing kunnen zijn. Toetsingskader en toetsing Bij onze beslissing op de aanvraag hebben wij: - de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, onder a, van de Wabo betrokken; - met de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, onder b, van de Wabo rekening gehouden; - de aspecten genoemd in artikel 2.14, eerste lid, onder c, van de Wabo in acht genomen. In de onderstaande hoofdstukken lichten wij dit nader toe, waarbij wij ons beperken tot die onderdelen van het toetsingskader die ook daadwerkelijk op onze beslissing van invloed (kunnen) zijn.

Bij onze beslissing op de aanvraag houden wij rekening met de voorwaarden die de gemeente heeft vastgesteld geeft voor geluid, slagschaduw, externe veiligheid en licht en verbinden wij voor deze aspecten voorschriften aan deze oprichtingsvergunning milieu.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

30 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Gevolg uitspraak van de Raad van State Omdat de windturbinebepalingen voor windparken uit het Activiteitenbesluit buiten toepassing zijn gelaten bij uitspraak van de ABRvS van 30 juni 2021, en deze amvb nadien overeenkomstig is gewijzigd, zijn bij de VVGB in het ruimtelijk spoor voor geluid, slagschaduw, veiligheid, lichthinder en lichtschittering de normen onderbouwd en vastgesteld die zijn toegesneden op de lokale situatie.

Beste beschikbare technieken Binnen de inrichting is geen sprake van activiteiten uit bijlage 1 van de Richtlijn Industriële Emissies. Wij hebben bij de bepaling van BBT onder andere gebruik gemaakt van de in de bijlage bij de Regeling omgevingsrecht (Mor) opgenomen lijst met Nederlandse informatiedocumenten over BBT. In deze bijlage is de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming 2012 (NRB) opgenomen. De uitwerking van BBT vindt plaats onder de betreffende paragraaf. Toetsingskader Op afwegingen voor dit herstelbesluit is artikel 2.14 Wabo van toepassing. Hierin wordt, kort samengevat, verlangd dat bij de beslissing op de aanvraag de gevolgen voor het milieu worden betrokken. Op grond van art. 2.22 Wabo worden voorschriften aan het besluit verbonden indien dat nodig is met het belang dat voor de activiteit in artikel 2.14 Wabo, te weten de bescherming van het milieu. Voor het bepalen van de normen voor de windactiviteit, geluid, slagschaduw, lichthinder en veiligheid hebben wij (de gemeente Nissewaard) windturbinenormen onderzocht en opgesteld voor dit windturbinepark die actueel en deugdelijk zijn, op zichzelf staan en op de lokale situatie zijn toegesneden, uitgegaan van de beschikbare, algemeen aanvaarde wetenschappelijke inzichten.

Wij hebben hierbij een afweging gemaakt tussen aan de ene kant de omgeving en (het aantal) mensen dat bij een bepaalde norm mogelijk ernstige hinder van het windpark ondervindt, tegen aan de andere kant de energieproductie die met het windpark wordt gehaald. Dat heeft geresulteerd in gemeentelijke windturbinenormen voor Windpark Brielse Maasdijk. In dit besluit wordt de aanvraag en de aanvulling daarop aan deze regels getoetst en in voorschriften opgenomen, waarvan de beoordeling hieronder per milieuaspect worden behandeld. Bodem Het kader voor de bescherming van de bodem Het (nationale) preventieve bodembeschermingbeleid is vastgelegd in de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming (NRB). Het uitgangspunt van de NRB is dat door een combinatie van voorzieningen en maatregelen (cvm) een verwaarloosbaar bodemrisico wordt gerealiseerd. Alleen in bepaalde bestaande situaties kan conform de NRB onder voorwaarden volstaan worden met een aanvaardbaar bodemrisico. Op basis van de NRB worden de (voorgenomen) activiteiten beoordeeld en wordt bepaald welke combinatie van maatregelen noodzakelijk is om tot een verwaarloosbaar bodemrisico te komen.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

31 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Daarbij richt de NRB zich op de normale bedrijfsvoering en voorzienbare incidenten. Bodembescherming in situaties van calamiteiten wordt in het kader van de NRB niet behandeld. De bodembedreigende activiteiten Binnen de inrichting is geen opslag van bodembedreigende stoffen, wel is er toepassing van bodembedreigende stoffen in gesloten systemen en procesinstallaties op de volgende plaatsen binnen de inrichting: - Windturbines. De installaties in de turbine bevatten de volgende milieu gevaarlijke stoffen (hoeveelheden zijn afhankelijk van definitief turbinetype): - Antivries (b.v. water met glycerol) (koelsysteem generator, dempers, power unit); - Koelvloeistof (transformator); - Hydraulische olie (hydraulisch systeem); - Olie (smering overbrengingssysteem). Onderstation: - Olie (koeling transformator); - Accu’s (noodstroom). Beoordeling Bij de aanvraag is geen nulsituatie bodemonderzoek gevoegd. De aanvrager heeft aangegeven dat ter plaatse voorafgaand aan de bouw een nulsituatie bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de strategie ‘NUL’ uit de NEN 5740. Wij hebben deze verplichting opgenomen in de voorschriften Om de activiteit te mogen uitvoeren moet voor alle bodembedreigende activiteiten blijken dat het verwaarloosbaar bodemrisico wordt behaald.

Om het verwaarloosbaar bodemrisico te borgen, zijn in de vergunningvoorschriften opgenomen die voorzien in de inspectie en het onderhoud van de bodembeschermende voorzieningen. Nulsituatie-onderzoek Het preventieve bodembeschermingbeleid gaat er van uit dat (zelfs) een verwaarloosbaar bodemrisico nooit volledig uitsluit dat een verontreiniging of aantasting van de bodem optreedt. Om die reden is altijd een nulsituatie-onderzoek naar de kwaliteit van de bodem noodzakelijk. Het nulsituatie-onderzoek richt zich op de afzonderlijke activiteiten en de daar gebruikte stoffen. Het nulsituatie-onderzoek bestaat uit het vastleggen van de nulsituatie bodemkwaliteit voorafgaand aan de start van de betreffende activiteit(en). Na het beëindigen van de betreffende activiteit(en) dient een vergelijkbaar eindsituatie-onderzoek te worden uitgevoerd. Het nulsituatie-onderzoek moet ten minste duidelijkheid verstrekken over: - de bodemkwaliteit ter plaatse van de bodembedreigende activiteiten die binnen de inrichting worden uitgevoerd. Hierbij is ook van belang dat op de stoffen wordt geanalyseerd die worden gebruikt; - de locatie van bemonsteringspunten, rekening houdend met de mobiliteit van de gebruikte stoffen en de lokale grondwaterstroming;

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

32 van 47

Omgevingsvergunning WBM

-

de wijze waarop de betreffende stoffen moeten worden gedetecteerd, bemonsterd en geanalyseerd; de bodemkwaliteit ter plaatse van bemonsteringslocaties.

De in het nulsituatie-onderzoek vastgelegde bodemkwaliteit geldt als uitgangspunt bij de beoordeling of ten gevolge van de betreffende activiteiten verontreiniging of aantasting van de bodem heeft plaatsgevonden en of bodemherstel nodig is. In de aanvraag wordt verzocht het rapport met de resultaten van het nulsituatie-onderzoek ter vaststelling van de kwaliteit van de bodem op een later moment, maar uiterlijk binnen drie maanden voordat gestart wordt met de bouw van de windturbines te overleggen. Nu in de aanvraag de bodembedreigende activiteiten en stoffen voldoende in beeld zijn gebracht kan met dit verzoek worden ingestemd. Wel wordt geadviseerd om ten minste 2 weken voorafgaand aan de uitvoering van het nulsituatiebodemonderzoek een onderzoeksvoorstel met boorplan conform de NEN5740 ter beoordeling bij de DCMR in te dienen. Voor het bodemonderzoek noodzakelijke werkzaamheden, als vermeld in de Regeling bodemkwaliteit, moeten zijn uitgevoerd door een erkende instantie als bedoeld in het Besluit bodemkwaliteit. Het risico dat door de aangevraagde activiteiten in combinatie met de getroffen en te treffen voorzieningen een bodemverontreiniging ontstaat, is (in combinatie met de gestelde voorschriften) verwaarloosbaar conform het gestelde in de NRB. Het is dan ook niet noodzakelijk dat de bodemkwaliteit tussentijds wordt gecontroleerd.

Eindsituatieonderzoek en herstelplicht bij geconstateerde verontreiniging Na beëindiging van de activiteiten of een deel daarvan moet een eindsituatie-onderzoek naar de kwaliteit van de bodem worden verricht. Indien blijkt dat sprake is van een bodembelasting als gevolg van de activiteiten, zal de bodemkwaliteit hersteld moeten worden. Hiertoe zijn voorschriften in de vergunning opgenomen. Brandveiligheid Bouwbesluit 2012 De regels ten aanzien van het brandveilig gebruik van bouwwerken, de brandveilige opslag van kleine hoeveelheden brandbare, milieugevaarlijke stoffen en de brandveilige opslag van brandbare, nietmilieugevaarlijke stoffen, zoals hout, rubberbanden en kunststoffen zijn opgenomen in het Bouwbesluit 2012. Externe Veiligheid Algemeen Het externe veiligheidsbeleid in Nederland is gericht op het verminderen en beheersen van risico's van activiteiten voor de omgeving (mens en milieu). Zoals in het NMP 4 (Vierde Nationaal

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

33 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Milieubeleidsplan) is aangegeven, is de basis van het huidige risicobeleid dat het gevaar van een activiteit acceptabel is wanneer: - het plaatsgebonden risico niet hoger is dan is genormeerd; - de kans op een groot ongeluk met veel slachtoffers kan worden verantwoord (het groepsrisico). Het plaatsgebonden risico (PR) is een maatstaf om te bepalen welke afstand nodig is tussen de risicodragende activiteit en de bebouwde omgeving. Het plaatsgebonden risico is de kans dat zich op een bepaalde plaats over een periode van één jaar een dodelijk ongeval voordoet als direct gevolg van een incident met gevaarlijke stoffen, indien zich op die plaats 24 uur per dag en onbeschermd een persoon zou bevinden. De gehanteerde norm voor het plaatsgevonden risico in Nederland is in beginsel 10-6 per jaar (d.w.z. een kans van 1 op de miljoen per jaar). Deze norm is opgenomen in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). In het Bevi is aangegeven in welke gevallen hiervan (tijdelijk) kan worden afgeweken. Het groepsrisico (GR) voegt daar als maatstaf aan toe; de verwachte omvang van een ongeval uitgedrukt in het aantal dodelijke slachtoffers, gegeven de kans op dat ongeval. Het groepsrisico geeft de kans aan dat in een keer een groep personen die zich in de omgeving van de risicosituatie bevindt, overlijdt vanwege een ongeval met gevaarlijke stoffen.

Met de grootheid groepsrisico is getracht een maat voor maatschappelijke ontwrichting te creëren. In het Bevi is een niet-normatieve benadering van het groepsrisico neergelegd. Het groepsrisico moet altijd verantwoord worden. Bij de beoordeling van het groepsrisico is de vraag aan de orde welke omvang van een ramp, gegeven de kans daarop, maatschappelijk aanvaardbaar is. Beleid windturbines Bij windturbines wordt de beoordelingssystematiek uit het Bevi gevolgd. Dit houdt in dat er geen beperkt kwetsbare objecten binnen de PR10-5/jr risicocontour en geen kwetsbaar object binnen de PR10-6/jr risicocontour gelegen mogen zijn. De risicocontouren voor windturbines zijn vooral gebaseerd op de fysieke kenmerken van de windturbine. Zo is de PR10-5/jr risicocontour gelijk aan de halve rotordiameter en is de PR10-6/jr meestal gelijk aan de tiphoogte van de turbine (tenzij de werpafstand bij nominaal toerental groter is). Het invloedgebied van een windturbine wordt bepaald door de maximale werpafstand van kleine turbineonderdelen bij 2x het nominale toerental (overtoeren). Bij een windturbine zelf is de directe kans op een groepsrisico (> 9 dodelijke slachtoffers) zeer klein. Dit zou namelijk inhouden dat (de onderdelen van) de windturbine direct die slachtoffers zou treffen.

Wel is het bij windturbines denkbaar dat deze indirect voor een groepsrisico zorgen doordat (een onderdeel van) de windturbine een bestaande risicobron raakt en deze faalt (domino-effect). Door deze trefkans kan ook het bestaande groepsrisico van de getroffen risicobron worden verhoogd. In dit geval moet worden bekeken of het (verhoogde) groepsrisico van de risicobron nog binnen de wettelijke eisen ligt en/of nader moet worden verantwoord. Uit de aanvraag en het daarbij behorende onderzoek blijkt dat deze volledig binnen de reikwijdte van het MER-onderzoek valt. Het onderzoek uitgevoerd in verband met de MER geeft een worst-case

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

34 van 47

Omgevingsvergunning WBM

situatie weer. Uit beide onderzoeken is gebleken dat voor wat betreft het aspect externe veiligheid aan alle voorwaarden wordt voldaan. Externe veiligheid vormt hiermee geen belemmering voor het verlenen van deze vergunning. Omdat uit de aanvraag blijkt dat aanvrager nog geen keuze voor een windturbine heeft gemaakt, zal de aanvrager moeten aantonen dat de windturbine die uiteindelijk geplaats wordt, past binnen de ruimte die zoals deze is aangevraagd binnen de beperkte bandbreedte in de aanvraag.

Relatie met Activiteitenbesluit Par. 3.2.3 Activiteitenbesluit is niet van toepassing op dit windturbinepark. Constructie Een in Nederland geplaatste windturbine dient te voldoen aan vastgestelde veiligheidsconstructieeisen. Dat houdt in dat de te plaatsen windturbine (combinatie van mast en gondel) dient te zijn voorzien van een geldig typecertificaat waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de constructie-eisen uit de norm NEN-EN-IEC-61400. Afhankelijk van de masthoogte kan in Rijnmond windklasse IEC-I (zeelocaties) of IEC-II (kustlocaties) gelden. De windgebieden zijn aangegeven in de weerkaarten van agentschap.nl. Voor onderhavig windpark geldt de windklasse voor kustlocaties (IEC-II). Gevolgen van het voorkomen slagschaduw en veiligheid Om slagschaduw te voorkomen zal de windturbine frequent stilgezet moeten worden. De draaisnelheid van de turbine is meestal rond tussen de 5 en 20 rotaties per minuut. De draaiende delen wegen tientallen tonnen. Voor het stoppen van een windturbine zijn zeer krachtige remmen nodig. Deze remmen zullen door de krachten (wrijving) slijten. Ook is het niet ondenkbaar dat andere onderdelen in de windturbine bij het frequent stilzetten van de windturbine harder zullen slijten dan bij een ruimere norm voor slagschaduw. Het veelvoudig stilzetten van de windturbine zal dus resulteren in meer slijtage.

Om risico’s voor het kapotgaan van cruciale onderdelen te voorkomen moet dit worden meegenomen in het onderhoudsplan. Geluid Algemeen De vergunning wordt aangevraagd voor het afwijken van het bestemmingsplan en voor de bouw- en exploitatie van een windpark op de Brielse Maasdijk met een gezamenlijk vermogen van maximaal 35 megawatt (MW). Het windpark bevat drie turbines westelijk en twee oostelijk van de Hartelbrug, met een ashoogte tov NAP van154 m (WT4A, 5, 6 en 7) respectievelijk 130 m (WT10), allen met een rotordiameter van 163 m en een generatorvermogen van 5 – 7 MW per turbine. Er is nog niet bekend welk type windturbine geplaatst wordt. Geluidhinder is te verwachten in de buurten Schiekamp-Noord en Hoogwerf-Noord van Spijkenisse, omdat het ritmisch geluid van de windturbines daar luider kan zijn dan het overige omgevingsgeluid. Op de lokale situatie toegesneden geluidnormen

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

35 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Omdat de geluidnormen voor windturbines uit het Activiteitenbesluit buiten werking zijn als gevolg van een uitspraak van de Raad van State, is in het ruimtelijk spoor een geluidnorm onderbouwd en vastgesteld die is toegesneden op de lokale situatie. Zie de motivering behorend bij de VVGB. De onderbouwing van de norm houdt rekening met de aanwezige geluidbelasting door de industrie in de Botlek, de rijksweg A15, de Havenspoorlijn en het wegverkeer over de Hartelbrug en de Groene Kruisweg. In nachten met zuidelijke windrichtingen valt de overige geluidbelasting weg. Zonder beperking van de geluidemissies zou het ritmisch geluid van de windturbines dan overheersend worden. Aanvullend op de jaargemiddelde geluidnormen van 45 dB L den en 39 dB Lnight, heeft de locatie specifieke norm als doel om hinder en slaapverstoring in deze relatief rustige nachten (die van belang worden geacht ter compensatie van de hoge geluidbelastingen gedurende de overige tijd) zoveel als redelijkerwijs mogelijk te voorkomen. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde ‘windnormcurve’ met basiswaarde 35 dB(A) (afgekort: WNC35). De WNC35 staat in de basis een (door de windturbines veroorzaakt) geluidniveau toe van 35 dB(A) en een hoger geluidniveau bij oplopende windsnelheden op 10 meter hoogte.

Bij hogere windsnelheden is er in de woonwijk een hoger niveau van het achtergrondgeluid, dat dan hoofdzakelijk bestaat uit windgeruis, dat het windturbinegeluid gedeeltelijk maskeert. In de bij de aanvraag gevoegde Arcadis-memo van 27 mei 20232).is beschreven hoe de windturbines zodanig kunnen worden ingesteld dat ten minste 95 % van de tijd voldaan wordt aan deze aanvullende geluidnorm. Toe te passen geluidmodes op de windturbines Omdat nog niet bekend is welk type windturbine geplaatst wordt, is ook nog niet duidelijk welke geluidmodes 3 op de windturbines moeten worden ingesteld om de norm te halen. Daarom hebben wij een voorschrift opgenomen dat erop ziet dat de te hanteren instellingen worden gespecificeerd vóórdat de windturbines in werking worden gesteld. De set aan instellingen kunnen wij vervolgens vastleggen als voorschrift dat eenduidig, naleefbaar en handhaafbaar is. Dit voorschrift betreft hiermee uitgestelde vergunningverlening, dat dan een sluitend onderdeel van de vergunning wordt. Justitiële Jeugdinrichting De Hartelborgt De geluidnormen in het ruimtelijk spoor houden ook rekening met de Justitiële Jeugdinrichting De Hartelborgt. Doel van de geluidnormen is om te waarborgen dat de binnenwaarde in de geluidsgevoelige ruimtes niet hoger is dan 25 dB(A).

Het geluidniveau dat buiten op de gevel mag invallen als gevolg de windturbines, is afhankelijk van de geluidwering van de gevel van deze ruimtes. De Hartelborgt heeft een verbouwing gepland. Initieel is voor de geluidwering van de gevel een waarde van 20 dB(A) verondersteld. Het resulterende geluidniveau van 45 dB(A) is vastgelegd in een voorschrift. Nadat de verbouwing is afgerond, kan de feitelijke, definitieve geluidwering worden vastgesteld. Op basis daarvan kan de waarde van het geluidniveau in het voorschrift worden geactualiseerd (ambtshalve of op verzoek). Registratie

2

MER bijlage HH, “Normstellingsvarianten Windpark Brielse Maasdijk”, Arcadis memo met referentie D10060940:4 van 27 mei 2023

3

Een ‘geluidmodus’ is een instelling op een windturbine die de geluidproductie (en ook de energieproductie) in een bepaalde mate

reduceert. Afhankelijk van het type windturbine, kunnen verschillende geluidmodes beschikbaar zijn.)

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

36 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Om te controleren dat voldaan worden aan de geluidbepalingen in deze vergunning moet de vergunninghouder een registratie voeren zoals op genomen in de voorschriften. Deze registratie moet beschikbaar zijn voor het bevoegd gezag Slagschaduw en lichtschittering Algemeen Vanwege de verwachting dat zonlicht slagschaduw gaat veroorzaken op gevoelige objecten en de aanwezigheid van omwonenden is er een noodzaak deze te beschermen. Het is noodzakelijk voorschriften voor lichtschittering en slagschaduw op te nemen in maatwerkvoorschriften. Het toetsingskader is het artikel 2.1, vierde lid, Activiteitenbesluit milieubeheer. Onderbouwing op te leggen voorschriften Door gebruik te maken van niet-reflecterende materialen of door een coating laag aan te brengen wordt reflectie voorkomen, dan wel zoveel als mogelijk beperkt. Gladde en glimmende oppervlakken (bijvoorbeeld glas, maar ook geschilderde oppervlakken) kunnen invallend zonlicht reflecteren. Wanneer dit licht bij de ontvanger aankomt kan dit een hinderlijk (verblindend) effect hebben of tot gevaarlijke situaties leiden, bijvoorbeeld voor wegverkeer. Dit effect kan echter eenvoudig worden voorkomen door de betreffende objecten en oppervlakken te voorzien van een anti-reflecterende coating of gebruik te maken van niet reflecterende materialen.

De mate van hinder van slagschaduw wordt bepaald door de blootstellingsduur, de frequentie van het passeren en de intensiteit van de wisselingen in lichtsterkte.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

37 van 47

Omgevingsvergunning WBM

ACTIVITEIT

‘UITVOEREN VAN WERK, GEEN BOUWWERK ZIJNDE, OF WERKZAAMHEDEN’

VOORSCHRIFTEN De volgende voorschriften zijn van toepassing: 1. Voorafgaand aan de start van de werkzaamheden dient een KLIC-melding (graafmelding) gedaan te worden met betrekking tot alle kabel- en leidinginformatie ter plaatse. De kabels en leidingen dienen goed in beeld te worden gebracht door middel van een proefsleuf, zodat men er zeker van kan zijn dat er geen schade ontstaat tijdens de aanleg van het vergunde windpark. Archeologie 2. Aanvrager dient voorafgaand aan de start van de bouwfase een inventariserend verkennend veldonderzoek door middel van grondboringen uit te (laten) voeren conform het PvE van BOOR van 25 mei 2022 (GRO, bijlage 31). Uiterlijk 12 weken voorafgaand aan de start van de bouwfase dient aanvrager de resultaten hiervan schriftelijk ter goedkeuring voor te leggen aan het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag kan aan deze goedkeuring voorwaarden verbinden ter bescherming van archeologische waarden, bijvoorbeeld nadere onderzoeksplichten en/of maatregelen gericht op behoud (in situ of anderszins). Op de vereiste goedkeuring is de reguliere procedure van afdeling 4.1 Awb van toepassing. 3. Er dient altijd rekening te worden gehouden met zogenaamde toevalsvondsten bij de voorgenomen werkzaamheden in het plangebied. Hiervan dient de uitvoerder op basis van artikel 5.10 van de Erfgoedwet melding te maken bij de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q.

de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (vondstmelding Archis). Om praktische redenen is het eenvoudiger om dit bij de gemeente Nissewaard te doen. OVERWEGINGEN Ten behoeve van de realisatie van het aangevraagde windpark moeten vijf windturbines (inclusief funderingen) worden gebouwd alsmede een onderstation met een transformator. Het betreft hier bouwwerken. Hiernaast voorziet de aanvraag in de realisatie van: - vijf permanente kraanopstelplaatsen (met onderheide kraanstempellocaties); - vijf voorzieningen voor (tijdelijke) vrije werkruimte; - Een tijdelijke werkweg nabij bij WT10; en - Een ondergronds kabeltracé (maximaal 1 meter breed en1 meter diep) t.b.v. de aanleg van de kabelaansluiting. Dit betreft in essentie aanlegwerken en/of -werkzaamheden. De opstelplaatsen, vrije werkruimte en de tijdelijke werkweg worden aangelegd buiten het vrije profiel van de primaire waterkering en vereisen deels graafwerkzaamheden en/of deels ophoging en/of het aanleggen van gesloten verharding. Zowel de beheersverordening Hartel West 2013 (artikel 10) als de beheersverordening Hartel Oostbroek (artikel 12) kennen een ‘aanlegvergunningstelsel’ (binnenplanse omgevingsvergunning) ter bescherming van de waterkering voor werkzaamheden bestaande uit afgraven (dieper dan 0,3 meter), ophogen en het aanbrengen

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

38 van 47

Omgevingsvergunning WBM

van gesloten verharding. De vereiste omgevingsvergunning wordt verleend indien genoemde werken of werkzaamheden het doelmatig functioneren van de waterkering niet onevenredig aantast, met dien verstande, dat geen omgevingsvergunning mag worden verleend dan nadat het waterschap is gehoord. Gelet op het positieve advies van het waterschap van 31 maart 2023 en van RWS van 25 mei 2023 (zie paragraaf 13.1 van de motivering van de VVGB) alsmede het voornemen van het waterschap om watervergunning te verlenen, is de functionaliteit van de waterkering afdoende geborgd en kunnen de aangevraagde (aanleg)activiteiten worden vergund. Een deel van de vrije werkruimte behorend bij WT4 ligt op Rotterdams grondgebied en valt onder het bestemmingsplan Botlek-Vondelingenplaat. Dit bestemmingsplan kent geen aanlegvergunningstelsel voor grondophogingen en/of ter bescherming van de waterkering. Dus geen vergunning vereist voor dit deel van de betrokken vrije werkruimte. Overigens bevat dit bestemmingsplan ter plaatse evenmin een aanlegvergunningstelsel ter bescherming van archeologische waarden. Beide genoemde beheersverordeningen kennen tevens een ‘aanlegvergunningstelsel’ ter bescherming van archeologische waarden.

Voor grondbewerkingen, afgraven, ingraven en heien is omgevingsvergunning vereist indien bepaalde drempelwaarden worden overschreden (zie voor een overzicht het Programma van Eisen van Archeologie Rotterdam/BOOR (PvE), p. 5). Voor de betrokken ‘aanlegwerkzaamheden’ worden deze drempelwaarden niet overschreden, met uitzondering van de (onderheide) kraanopstelplaatsen en het kabeltracé. In verband hiermee is in de motivering van de VVGB (paragraaf 18) voorgesteld om een passend voorschrift aan de omgevingsvergunning te verbinden strekkende tot het uitvoeren van nader archeologisch onderzoek conform het door BOOR opgestelde PvE. In dit PvE zijn de resultaten neergelegd van het archeologische bureauonderzoek (zie met name paragraaf 2.5.4 en 2.6). Het nader archeologisch onderzoek betreft in eerste instantie het (laten) uitvoeren van verkennend inventariserend veldonderzoek ter plaatse van de funderingen van de windturbines WT4, WT5, WT6 en WT7 alsmede de kraanopstelplaatsen die direct naast deze turbines zijn gelegen. Bij WT10 is geen nader onderzoek vereist. Ook ter plaatse van het kabeltracé is blijkens het PvE geen nader onderzoek vereist omdat de kabels naar verwachting niet dieper zullen worden gelegd dan het oorspronkelijke maaiveldniveau.

Kortom, met een verplichting tot uitvoering van nader archeologisch inventariserend veldonderzoek door middel van grondboringen kan het belang van (behoud van) archeologische waarden afdoende worden geborgd. Er is derhalve geen grond om vergunning voor de aangevraagde ‘aanlegwerkzaamheden’ te weigeren. MEDEDELINGEN Aan deze omgevingsvergunning zijn eveneens de volgende voorwaarden verbonden: 1. De aanvang van de werkzaamheden dient ten minste zeven dagen voor aanvang te worden gemeld via het emailadres: bouwinspecteurs@nissewaard.nl. 2. Te allen tijde dient de omgevingsvergunning met alle daarbij goedgekeurde bescheiden op het bouwwerk aanwezig te zijn.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

39 van 47

Omgevingsvergunning WBM

3. Met betrekking tot werkzaamheden in de nabijheid van de gas-, water-, elektriciteits- en caiaansluitingen en de eventueel benodigde voorzieningen hiervoor dient men zelf contact op te nemen met de betreffende energieleveranciers en beheerders. OVERIGE VOORSCHRIFTEN Herplantplicht 1. Onverminderd wettelijke herplantverplichtingen, is vergunninghouder gehouden om zich in te spannen om voor iedere gekapte boom twee kwalitatief gelijkwaardige bomen terug te planten in het projectgebied, of, wanneer dit redelijkerwijs niet mogelijk is, buiten het projectgebied. Onder het projectgebied wordt verstaan het gebied van de Brielse Maasdijk alsmede het gebied direct ten zuiden van het voedingskanaal, een en ander tussen hoogspanningsstation Geervliet in het westen en de inlaatsluis Spijkenisse in het oosten. 2. Om invulling te geven aan de inspanningsverplichting dient vergunninghouder uiterlijk 12 weken voor aanvang van de bouwfase een herplantplan ter goedkeuring aan het college voor te leggen. Op de vereiste goedkeuring is de reguliere procedure van afdeling 4.1 Awb van toepassing. 3. Uiterlijk binnen twaalf maanden na aanvang bouw dient het aan het goedgekeurde herplantplan uitvoering worden gegeven. Vergunninghouder dient de hergeplante bomen in stand te houden. Recreatie & compensatie 4.

Uiterlijk 12 weken voor aanvang van de bouwfase dient vergunninghouder een uitgewerkt compensatieplan ter goedkeuring aan het college voor te leggen. In dit compensatieplan moet het totaal aan maatregelen zijn opgenomen (inclusief tijdspad voor uitvoering hiervan) gericht op compensatie van negatieve gevolgen van het windpark, zodanig dat de kwaliteit van het recreatiegebied per saldo gelijk blijft. Op de vereiste goedkeuring is de reguliere procedure van afdeling 4.1 Awb van toepassing. 5. Onderdeel van het compensatieplan vormt een beeldkwaliteitsplan met (foto)visualisaties. 6. Afschrift van dit compensatieplan met verzoek om goedkeuring wordt onverwijld door vergunninghouder aan GS van Zuid-Holland verstrekt. Inpassingsplan voeten van turbines en transformatorgebouw 7. Mede gelet op de recreatieve functie van de Brielse Maasdijk, dient vergunninghouder uiterlijk 12 weken voor aanvang van de bouwfase een landschappelijk inpassingsplan ter goedkeuring aan het college voor te leggen, zowel voor de voeten van de windturbines als voor het transformatorgebouw en het onderstation. Uit dit inpassingplan moet blijken hoe (en wanneer) de voeten, het transformatorgebouw en het onderstation zorgvuldig ruimtelijk worden ingepast in overeenstemming met de uitstraling en het recreatieve gebruik van het gebied.

Op de vereiste goedkeuring is de reguliere procedure van afdeling 4.1 Awb van toepassing. 8. Uiterlijk binnen twaalf maanden na aanvang bouw dient het aan het goedgekeurde inpassingsplan volledig uitvoering worden gegeven. Vergunninghouder dient de goedgekeurde inpassingsmaatregelen in stand te houden. 9. Onderdeel van het inpassingplan vormt een beeldkwaliteitsplan met (foto)visualisaties. 10. Afschrift van dit inpassingsplan met verzoek om goedkeuring wordt onverwijld door vergunninghouder aan GS van Zuid-Holland verstrekt.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

40 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

41 van 47

Omgevingsvergunning WBM

BIJLAGE 4: BEGRIPPENLIJST EN LIJST VAN AFKORTINGEN Voor zover in een voorschrift verwezen wordt naar een DIN-, DIN-ISO, NEN-, NEN-EN-, NEN-ISO-, NVN-norm, AI-blad, BRL, CPR, PGS of NPR, wordt de uitgave bedoeld die voor de datum waarop de vergunning is verleend het laatst is uitgegeven met tot die datum uitgegeven aanvullingen of correctiebladen. Indien er sprake is van reeds bestaande constructies, toestellen, werktuigen en installaties is de norm, BRL, CPR, PGS, NPR of het AI-blad van toepassing die bij de aanleg of installatie van die constructies, toestellen, werktuigen en installaties is toegepast, tenzij in het voorschrift anders is bepaald. Alle onderstaande verklaringen en definities zijn van toepassing op de in de voorschriften gebruikte benamingen en termen, aangevuld met, dan wel in afwijking van de in NEN 5880 (Afval en afvalverwijdering, Algemene termen en definities) en de NEN 5884 (Afval en afvalverwerking, termen en definities voor bouw- en sloopafval) gegeven verklaringen en definities. Voor de begrippen die niet in deze lijst zijn opgenomen refereren wij naar de definities zoals die zijn opgenomen in de geldende wet- en regelgeving (zoals het Activiteitenbesluit, de Activiteitenregeling, het Besluit omgevingsrecht, het Besluit externe veiligheid inrichtingen, de Wet geurhinder en veehouderij etc.

Besteladressen, Publicaties zijn in ieder geval verkrijgbaar bij de onderstaande instanties: AI-bladen: SDU Service, afdeling Verkoop Postbus 20025 2500 EA DEN HAAG Telefoon : 070 - 378 98 80 Fax : 070 - 378 97 83 PGS-richtlijnen zijn digitaal verkrijgbaar via: www.publicatiereeksgevaarlijkestoffen.nl. DIN, DIN-ISO, NEN, NEN-EN, NEN-ISO, NVN-normen en NPR-richtlijnen: Nederlands Normalisatie-instituut (NEN), Afdeling verkoop Postbus 5059 2600 GB DELFT Telefoon : 015 - 269 04 35 Internet : www.nen.nl. BRL-richtlijnen: KIWA Certificatie en Keuringen Postbus 70 2280 EA RIJSWIJK Telefoon : 070 - 414 44 00 Fax : 070 - 414 44 20

Internet

: www.kiwa.nl.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

42 van 47

Omgevingsvergunning WBM

BBT Beste Beschikbare Techniek genoemd in een BBT document. BBT-conclusies Document met de conclusies over beste beschikbare technieken, vastgesteld overeenkomstig artikel 13, vijfde en zevende lid, van de EU-richtlijn industriële emissies. Bedrijfsduurcorrectie (met betrekking tot geluid) Correctie als bedoeld in de Handleiding meten en rekenen industrielawaai, zijnde de logaritmische verhouding tussen de tijdsduur dat de geluidsbron gedurende de beoordelingstijd in werking is, en de duur van die beoordelingsperiode. Beperkt kwetsbaar object (met betrekking tot externe veiligheid) Beperkt kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. Beste beschikbare technieken Voor het bereiken van een hoog niveau van bescherming van het milieu meest doeltreffende technieken om de emissies en andere nadelige gevolgen voor het milieu, die een inrichting kan veroorzaken, te voorkomen of, indien dat niet mogelijk is, zoveel mogelijk te beperken, die - kosten en baten in aanmerking genomen - economisch en technisch haalbaar in de bedrijfstak waartoe de inrichting behoort, kunnen worden toegepast, en die voor degene die de inrichting drijft, redelijkerwijs in Nederland of daarbuiten te verkrijgen zijn.

Daarbij wordt onder technieken mede begrepen het ontwerp van de inrichting, de wijze waarop zij wordt gebouwd en onderhouden, alsmede de wijze van bedrijfsvoering en de wijze waarop de inrichting buiten gebruik wordt gesteld. Bevoegd gezag Bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een vergunning of ten aanzien van een al verleende vergunning, p/a DCMR Milieudienst Rijnmond, Postbus 843, 3100 AV Schiedam. Bevi Besluit externe veiligheid inrichtingen. Bodem Het vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare en gasvormige bestanddelen en organismen. Bodembedreigende activiteit Bedrijfsmatige activiteit die gepaard gaat met het gebruik, de productie of de emissie van een bodembedreigende stof overeenkomstig de definitie van het Activiteitenbesluit milieubeheer. Bodembedreigende stof Stof die blijkens het stoffenschema, bedoeld in bijlage 2, bij deel 3, van de NRB, de bodem kan verontreinigen.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

43 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Bodembeschermende maatregel Op de gebezigde stoffen en gebruikte bodembeschermende voorziening toegesneden beheermaatregel gericht op reparatie, schoonmaak, onderhoud, actie bij incidenten, bedrijfsinterne controle, inspectie of toezicht, ter voorkoming van immissies in de bodem of herstel van de effecten van zulke immissies op de bodemkwaliteit, waarvan de uitvoering is gewaarborgd. Bodembeschermende voorziening Een vloeistofkerende voorziening, een vloeistofdichte vloer of verharding of een andere doelmatige fysieke voorziening ter voorkoming van immissies in de bodem. Bodemincident Een incident waarvan op voorhand een redelijk vermoeden bestaat dat vrijgekomen stoffen de bodem zullen verontreinigen, dan wel een incident waarna door middel van lekdetectie of anderszins is vastgesteld dat bodemverontreiniging is opgetreden. Bodemrisicodocument Document dat inzicht geeft in het risico van bodemverontreiniging. Hiertoe wordt per bodembedreigende activiteit overeenkomstig de bodemrisicochecklist uit de NRB bepaald of met de aanwezige of voorgenomen combinatie van voorzieningen en maatregelen sprake is of zal zijn van een verwaarloosbaar bodemrisico. Bor Besluit omgevingsrecht.

Brandbestrijdingssystemen De repressieve middelen ter bestrijding van brand, zoals brandkranen (blusbootaansluitingen), handblusmiddelen (haspels en poederblussers), sprinklers, deluge, blusgasinstallaties etc. Brandbeveiligingssystemen Alle brandveiligheidsvoorzieningen, zoals de brandbestrijdingssystemen en de branddetectie en doormelding. Brandgevaarlijke stof Vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brandbevorderend is, of bij brand gevaar oplevert, in de zin van de ADR-klassen 2 t/m 5. DCMR DCMR Milieudienst Rijnmond Parallelweg 1, 3112 NA Schiedam Postbus 843, 3100 AV Schiedam Telefoon : 010 - 246 80 00 Fax : 010 – 246 82 83 E-mail : info@dcmr.nl.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

44 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Installatie onderdelen houdt in dat wanneer het aansturingsysteem wegvalt (perslucht en/of elektriciteit) de kleppen en afsluiters terugvallen in hun veilige stand. Deze veilige stand houdt in dat de installatie zonder of met minimaal gevaar voor de externe veiligheid en een minimale belasting van het milieu uit bedrijf kan worden genomen. Emissieterm LE De emissieterm van een windturbine zijnde het geluidvermogensniveau voor de dag-,avond- en nachtperiode, rekening houdend met de over het jaar voorkomende windsnelheden op de ashoogte en de bedrijfsduur van de turbine. Geluidsgevoelige bestemmingen Gebouwen of objecten, aangewezen in het Besluit geluidhinder krachtens de artikelen 49 en 68 van de Wet geluidhinder (Stb. 1982, 465). Geluidsgevoelige ruimte van een woning Een verblijfsruimte als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van het Bouwbesluit 2012. [In een verblijfsgebied gelegen ruimte voor het verblijven van personen]. Geluidsniveau in dB(A) Het niveau van het ter plaatse optredende geluid, uitgedrukt in dB(A), overeenkomstig de door de Internationale Elektrotechnische Commissie (IEC) terzake opgestelde regels, zoals neergelegd in de IEC-publicatie no. 651, uitgave 1989.

Groepsrisico Cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1.000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. ILT Inspectie Leefomgeving en Transport. Immissierelevante bronsterkte (LWR) Het geluidsvermogen niveau van een rondom afstralende puntbron die op een plaats van de echte geluidsbron, dan wel het broncentrum van een stelsel geluidsbronnen staat, en op het immissiepunt hetzelfde geluidsniveau geeft als deze geluidsbron(nen). InfoMil Het informatiecentrum in Nederland over milieuwet- en regelgeving. Installaties Die onderdelen van de inrichting, die als een zelfstandige eenheid kunnen worden beschouwd. Installaties kunnen met elkaar verbonden zijn, bijvoorbeeld via pijpleidingen.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

45 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Invloedgebied (met betrekking tot externe veiligheid) Gebied waarin bij ministeriële regeling op grond van artikel 15, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen te stellen regels personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico. Kwetsbaar object (met betrekking tot externe veiligheid) Kwetsbaar object als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel l, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen. Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr,LT) Het A-gewogen gemiddelde van de afwisselende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode optredende geluid en zo nodig gecorrigeerd voor de aanwezigheid van impulsachtig geluid, tonaal geluid of muziekgeluid, vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999. Maximaal geluidsniveau (LAMAX) Het hoogste A-gewogen geluidsniveau, afgelezen in de meterstand 'fast', verminderd met de meteocorrectieterm Cm, vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999. De meterstand 'fast' komt overeen met een tijdconstante van 125 ms. Meldkamer DCMR De meldkamer van de DCMR Milieudienst Rijnmond. Telefoonnummers: Milieuklachten : 0888 - 333 555 Bedrijfsmeldingen : 010 - 246 86 86 MER Milieueffectrapport. MTG-waarde Maximaal Toelaatbare Geluidsbelasting.

Ongewoon voorval Elke gebeurtenis in een inrichting, ongeacht de oorzaak van die gebeurtenis, die afwijkt van de normale bedrijfsactiviteiten - met inbegrip van storingen in het productieproces en storingen in de voorzieningen (mits daaruit nadelige gevolgen voor het milieu voortkomen) van de inrichtingen alsook ongelukken en calamiteiten – en waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstaan of dreigen te ontstaan. Plaatsgebonden risico Risico op een plaats buiten een inrichting, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

46 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Referentieniveau De hoogste waarde van de hieronder genoemde niveaus, bepaald overeenkomstig het Besluit bepaling referentieniveau-periode (Stcrt. 1982, 162): - het geluidsniveau, uitgedrukt in dB(A), dat gemeten over een bepaalde periode gedurende 95% van de tijd wordt overschreden, exclusief de bijdrage van de inrichting zelf; - het optredende equivalente geluidsniveau (LAeq) veroorzaakt door wegverkeerbronnen minus 10 dB(A), met dien verstande dat voor de nachtperiode van 23.00 tot 07.00 uur alleen wegverkeerbronnen in rekening mogen worden gebracht met een intensiteit van meer dan 500 motorvoertuigen gedurende die periode. Slagschaduw Met slagschaduw wordt de schaduw bedoeld die ontstaat als de zon tegen de wieken van de windmolen schijnt. Doordat de wieken bewegen, beweegt deze schaduw ook. Als deze bewegende schaduw over een verblijfsruimte van een slagschaduwgevoelig gebouw gaat spreken we van slagschaduw. Stilzetten van de windturbine in relatie tot slagschaduw Zodra er slagschaduw optreedt moet de windturbine binnen een minuut zijn stilgezet. Wabo Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Windnormcurve WNC Wind Norm Curve. Deze geeft de relatie weer tussen de windsnelheid en het geluidniveau. Wnb Wet natuurbescherming Wm Wet milieubeheer.

Woning Gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening, of, indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, van de Wabo van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet. Woonruimte Een ruimte binnen een woning voor zover die als slaap-, woon-, of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd.

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

datum

ons kenmerk

pagina

betreft

xx xx 2024

CLZ-00000203

47 van 47

Omgevingsvergunning WBM

Bijlage 1 VVGB (inclusief motivering en normenkader) Bijlage 2 Documentenlijst en link naar map Bijlage 3 Nota van Zienswijzen Bijlage 4 Begrippenlijst en lijst van afkortingen

Postadres Postbus 25, 3200 AA Spijkenisse Bezoekadres Raadhuislaan 106, 3201 EL Nissewaard Telefoon 14 0181 E-mail gemeente@nissewaard.nl www nissewaard.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14465313/2