Bijlage 2 definitief Ontwerp Spijkenisse Busstation
Tekst van het document
Definitief Ontwerp
Projectboek
6 oktober 2021
Definitief ontwerp Busstation Spijkenisse.
2
DO Busstation Spijkenisse.
DO Busstation Spijkenisse.
Definitief ontwerp Busstation Spijkenisse Inhoudsopgave 4
Hoofdstuk 1 Inleiding. 5 6 7 8
10
De opgave Projectscope Planprincipes Voorlopig ontwerp
Hoofdstuk 2 Plan- en themakaarten. 11 12 14 18 22 24 26 28 30 32 34 36 38 40 42
44
Definitief ontwerp Deelgebieden Materialisatie Vormgeving scherven Bushaltes, logistiek en draaicirkels Verkeer en parkeren Fietsparkeren Integrale toegankelijkheid Afwatering Verlichting en cameratoezicht Lichtplan type armaturen Bewegwijzering Inrichtingselementen Elementenlijst Fasering
Hoofdstuk 3 Groenplan 45 46 48
52
Beplantingsvisie Beplantingsplan Bomen
Hoofdstuk 4 Uitwerking details 53 60 64 72 84 90 94
98
Hoofdstuk 5 Bijlagen. 99 100 100 101 102 104
Materialen en oppervlaktes Boom effect analyse Bomenposter: werken rond bomen Lichtplan (verbijzondering) Colofon
Overzichtskaart details en gebiedsdoorsnedes Deelgebied 1 Deelgebied 2 Deelgebied 3 Deelgebied 4 Deelgebied 5 Deelgebied 6
3
DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Hoofdstuk 1
Inleiding.
Voor u ligt de uitwerking van het Definitief Ontwerp (DO) voor het stationsgebied in Spijkenisse. Dit document geeft inzicht en onderbouwing in de gemaakte keuzes in het ontwerp. Aan de hand van relevante thema’s zijn hierin de belangrijkste vormgevingsprincipes, -details en materialiseringen beschreven en verbeeld. De uitkomsten zijn het resultaat van een gezamenlijk proces waarbij een integraal toegankelijk, uitnodigend busstation voorop staat. Dit Defintitief Ontwerp (DO) dient als basis voor verdere uitwerking naar een Uitvoerings Ontwerp (UO). 4
N DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Plangebied busstation Spijkenisse Centrum
01
De opgave De gemeente Nissewaard heeft de wens om het bus- en metrostation Spijkenisse Centrum om te vormen tot een integraal stationsgebied. Spijkenisse verdient een aantrekkelijk, functioneel knooppunt dat tegelijkertijd fungeert als stadsentree richting het nabijgelegen centrum. Daarvoor is het van belang een stationsgebied te creëren dat levendig is, lang mooi blijft en tegen een stootje kan. Het metro- en busstation Spijkenisse Centrum is één van de drie (bovengronds gelegen) stations van de Rotterdamse metro in Spijkenisse. Deze OV-knoop heeft een belangrijke regionale
vervoersfunctie. Op werkdagen rijdt er in de spits gemiddeld elke drie á vier minuten een metro. Op straatniveau bevindt zich het busstation voor het stads- en streekvervoer richting Rotterdam, Brielle, Rockanje, Hellevoetsluis, Rozenburg en Goeree-Overflakkee. Het gebouw van het metrostation dateert uit 1985 naar een ontwerp van Carel Weeber (ism de gemeente Rotterdam) en werd in 1986 bekroond met de Nationale Staalprijs. In 2000 werd het busstation verbouwd zodat deze aan de hedendaagse eisen van het openbaar vervoer zou voldoen. Inmiddels voldoet het stationsgebied niet meer aan de eisen
voor een integraal toegankelijk busstation. Het gebied heeft weinig verblijfskwaliteit en is toe aan een herontwerp. Om een goed perspectief te geven op de herontwikkeling, hebben we integraal naar het stationsgebied en de aangrenzende projecten gekeken. De bredere context van de opgave hebben we gehaald uit de gemeentelijke visie ‘Nissewaard 2040’. Dit heeft geleid tot een positionering van het plangebied in de stad, met als doel om het project in breder perspectief te plaatsen en als katalysator voor het centrumgebied te laten dienen.
5
DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Deelgebied Bliekstraat Deelgebied Stationsplein
Projectscope
Ontwikkelplot B Ontwikkelplot A Busbuffer en parkeerplaats
In Nissewaard 2040 wordt de locatie van het busstation omschreven als de schakel tussen Rotterdam, het centrum en de rest van de regio.
Busstation
3
De positie van het busstation - op een steenworp afstand van het centrum - is een belangrijke aanleiding om niet alleen het busstation zelf, maar ook de directe omgeving in beschouwing te nemen. Naast de renovatie van het busstation spelen er diverse ontwikkelingen.
RET metrostation Ruwaard van Puttenweg
7a
2
1
2. Busbuffer en parkeerplaatsen Een toekomstbestendig busstation vraagt om ruimte voor de reiziger en ruimte voor vervoer. De plek waar bussen zullen bufferen wordt gescheiden van de stationsomgeving en maakt plaats voor een prettige verblijfsruimte.
3. Deelgebied Bliekstraat Binnen de plangrens zijn een aantal deelgebieden opgenomen die noodzakelijk zijn om mee te nemen in de projectscope. Deze gebieden zijn belangrijk om de aanhechting van het busstation met de omgeving te optimaliseren en te komen tot een goed functionerend bus- en metrostation. Met de focus op de aanrijroutes van fietsers, voetgangers en in mindere mate het autoverkeer. De P.J. Bliekstraat is één van deze belangrijke ontsluitingsroutes die opgenomen is in het plangebied en onmisbaar is voor een goed functionerend ov-knooppunt.
4. Deelgebied Stationsplein Het stationsplein dat aan het buseiland grenst, heeft een prominente verbindingsfunctie voor voetgangers richting het station. Om het stationsgebied goed te laten aansluiten op het naastgelegen park en de doorstroming van voetgangers 6
7b
6
1. Plangebied Het plangebied omvat het huidige busstation en de naastgelegen parkeerplaatsen. De parkeerplaatsen gelegen aan de zuidwest zijde van het busstation zijn in gebruik als park en ride plekken. Ten noorden van het busstation bevinden zich nog een aantal openbare parkeerplekken en fietsparkeerplekken.
4
5
en fietsers goed te reguleren, is het stationsplein opgenomen in de projectscope. Hierdoor kan worden gegarandeerd dat de aansluitingen vanuit het park, via het stationsplein, op het station vloeiend verlopen en de verbinding wordt verbeterd.
5. RET metrostation Om een goed functionerend bus-metrostation te krijgen is het van essentieel belang dat de RET de routing en leesbaarheid van het metrostation aanpakt. De RET is bezig met de uitwerking van deze renovatie. Het ontwerp van het busstation wordt in nauwe samenwerking met de RET afgestemd. Hierbij wordt gestreefd naar zo veel mogelijk integratie van beide plannen, om de overstap tussen bus en metro zo vloeiend mogelijk te laten verlopen.
6. Ruwaard van Puttenweg De Ruwaard van Puttenweg, die aan de zuidoostkant van het busstation ligt, wordt meegenomen in de ontwikkeling, omdat enerzijds het buseiland functioneel beter gemaakt moet worden (i.v.m. R-net-haltes en mindervaliden) en anderzijds de doorstroming van bussen te bevorderen. De aansluitingen van het busstation op de Ruwaard van Puttenweg moeten door de aanpassing van het busstation ook geoptimaliseerd worden. De deeluitwerking van de Ruwaard van Puttenweg is niet nadrukkelijk in dit DO opgenomen, maar
de uitwerkingstekeningen van de Ruwaard van Puttenweg zijn afgestemd met de tekeningen van het busstation en sluiten derhalve probleemloos op elkaar aan.
7. Ontwikkellocaties
Aan de randen van het plangebied bevinden zich diverse locaties die in Nissewaard naar 2040 zijn aangeduid als potentiële ontwikkellocaties voor nieuwbouw. Door op deze plekken programma toe te voegen, zoals wonen, werken en kleinschalige voorzieningen versterkt de functie van het busen metrostation als knoop. Er heeft zich een initiatiefnemer voor deze ontwikkellocaties gemeld, waarmee we tijdens de totstandkoming van het ruimtelijk ontwerp hebben samengewerkt om tot integrale oplossingen te komen. De fietsenstalling is in overleg met de ontwikkelaar voorzien in één van deze twee ontwikkellocaties.
DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Planprincipes Het ontwerp van het busstation is gestoeld op 4 peilers. Deze peilers zijn belangrijke uitgangspunten voor verdere uitwerking van het ontwerp.
Het park en stationsplein lopen in elkaar over.
Gradiënten benadrukken routing en accentueren plekken
De vergroeningsopgave voor het station is een belangrijke peiler. Om het stationsgebied te laten aansluiten bij het park is gekozen voor een concept van ‘scherven’ die vanuit het park het stationsplein en het buseiland op komen. De vorm en het formaat van de scherven past zich aan aan de omgeving: hoe dichter bij het park, hoe groter de scherven zijn. De scherven zijn ten dele opgehoogd, waardoor de groenvakken bezoekers
De pleinvloer is qua materialisering ontworpen om een element van rust te zijn in een ruimte waar al veel rondom gebeurt. Zo zijn er diverse architectuurstijlen te ontdekken en zal de bezoeker ook veelal gehaast zijn om de bus of metro te halen. De pleinvloer begeleidt daarom en stuurt de reiziger als vanzelfsprekend naar de ingangen van belangrijke functies. Dit gebeurt met een gradiënt in de verharding. Routing wordt zo
begeleiden, de weg wijzen of een rustplek kunnen bieden.
intuïtief.
Een plek waar vele functies bij elkaar komen. Het stationsgebied zal in de toekomst nog veranderen door verschillende ontwikkelingen rondom. Hierdoor ontstaat een gevarieerd en levendig stationsgebied waar op ieder moment van de dag activiteit plaatsvindt. Het ontwerp speelt daarop in en zorgt voor sturing: logische routes voor de reiziger, prettige verblijfsplekken voor de bezoeker.
Objecten herkenbaar voor het hele stationsgebied
Het gehele stationsgebied zal in een eenduidige stijl worden ontworpen. De objecten en elementen zijn hier een belangrijke bijdrage in. Door herkenbaar materiaalgebruik en één vormentaal te kiezen zal de reiziger en bezoeker herkennen wanneer zij het stationsgebied betreedt.
7
DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Verbinding met de stad
Een goed functionerend stationsgebied
Veiligheid en comfort
Voorlopig ontwerp Uitgangspunten ontwerp De uitstraling van de toekomstige buitenruimte zal aansluiten bij de ambities van het bus- en metrostation als belangrijke vervoersknoop en bestemming. Daarbij geldt dat: •
De pleinzone het duidelijke centrumgebied is; een prettige verblijfsplek waar ontmoeten wordt gefaciliteerd.
•
De ruimte op het buseiland een duidelijke en overzichtelijke plek is voor reizigers; waar wachten wordt gefaciliteerd.
•
De situering van elementen de aanwezige/nieuwe loopstromen verduidelijkt.
•
Er aandacht wordt besteed aan de vergroeningsopgave van het gebied en er op diverse plekken plantvakken en bomen worden geplaatst.
Functies van het busstation
Buseiland Om genoeg ruimte te bieden voor de bussen, wordt het buseiland verlengd. Het ontwerp voorziet in één buseiland met zaagtandperrons rondom. Dit biedt voordelen voor de reiziger, omdat de routing en positionering van de bussen makkelijker te overzien is. Door het verlengen van het buseiland ontstaat meer overzicht en rust in het ontwerp en blijft er voldoende 8
ruimte over voor betere verblijfs- en wachtruimtes voor de reiziger. De positie van de centrale wacht- en informatieplek midden op het nieuwe buseiland zorgt voor overzicht over de vertrekkende bussen en metro’s. De bestaande kiosk blijft behouden, rondom worden plekken gefaciliteerd om te zitten en te wachten.
Busbuffer De bufferende bussen krijgen een plek separaat van het busstation. Het spreiden van deze stromen zorgt voor minder busbewegingen rondom het busstation en de stilstaande bussen zorgen voor zo min mogelijk hinder in de verblijfsruimtes. Door toevoeging van een nieuwe pauzeplek voor de chauffeurs, wordt de busbuffer ook visueel gescheiden van het doorgaande busverkeer en de verblijfsruimtes. Fietsparkeren De fietsparkeerplekken worden in een van de ontwikkelvelden gebouwd opgelost. De routing van en naar de parkeerruimte is uitvoerig onderzocht, voetgangersoversteekplaatsen op logische plekken vanuit de in- en uitgangen voorzien in heldere looproutes en bewegwijzering.
Autoparkeren Aan de rand van het plangebied faciliteert het ontwerp park en ride plekken voor bezoekers met de auto. Dit zal door middel van een slagboom worden afgesloten en alleen voor OV reizigers beschikbaar zijn.
Verbinding met het centrum en buurten Het buseiland staat via veilige oversteekplekken in verbinding met het naastgelegen stationsplein, met het medisch centrum, en omliggende buurten en voorzieningen. Aan het stationsplein zullen in de toekomst nieuwe gebouwen ontstaan die met programmering en plint diverse functies aan het busstation gaan toekennen. Het pleinontwerp speelt hier op in en biedt ruimte aan terrassen, een shared space route naar de fietsenstalling en plekken om te ontmoeten en te ontspannen. Op deze manier begint de kwalitatief groene, levendige en aantrekkelijke stad direct wanneer je uit de metro en/of bus stapt.
DO Busstation Spijkenisse. Inleiding
Auto te gast in de P.J. Bliekstraat
Shared space verbinding van P.J. Bliekstraat naar de entree van de fietsparkeergarage en het park
Stationsplein met delen die gemarkeerd zijn als shared space
Gebouwde fietsenstalling (inpandig)
Voorlopig ontwerp: januari 2021
Busbuffer
Wachtruimte voor de chauffeurs
Buseiland met centrale wachtruimte
Metrostation RET Kiss and Ride en taxistandplaatsen
N
Park en ride
9
10
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Hoofdstuk 2
Plan- en themakaarten.
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
J.C. Sterren burgstr aat
N B
D.C. Meesstraa t
d pa wijk re Mar
Definitief ontwerp met plangrens en deelgebieden
A A P. Kwakstraat
1:1000 (A3) W
A
Schepenpad
B
A
A
t aa tstr ou Sch
C C
A A
W
H
H
W
H
H
H
C
C
P.J. Bliekstraat
C
B
C C C
C
C
H
A
C
H
A
C
A
C
A
A
A
A
A
A A
A Schoutstraat
H
C
A
A
H
B
Centrumlaan
H
A
H
H
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D H
H
A
B
H
A
A
H Ruwaard van Puttenweg
H
H
H H
H
H
H
H Ruwaard van Puttenweg
Barbier
Schrijnwerker
W
Wolwever
Barbier
Hoefsmid
Definitief ontwerp Hoefsmid
Groenewoudlaan
Schrijnwerker
met projectgrens en plandelen
Beurtschipper
11
Veerman
Barbier Klompenma
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Deelgebieden Het ontwerpgebied beslaat verschillende deelgebieden. Ieder deelgebied heeft eigen kenmerken. In de themakaarten in dit hoofdstuk worden specifieke eisen voor de beeldkwaliteit gekoppeld aan de verschillende deelgebieden.
De volgende deelgebieden worden onderscheiden: 1.
Promenade
2.
Stationsplein
3.
Buseiland
4.
Buszone
5.
Bliekstraat
6.
P+R en randen
7. Ruwaard van Puttenweg De deeluitwerking van de Ruwaard van Puttenweg is niet nadrukkelijk in dit DO opgenomen, maar de uitwerkingstekeningen van de Ruwaard van Puttenweg zijn afgestemd met de tekeningen van het busstation en sluiten derhalve probleemloos op elkaar aan.
12
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart deelgebieden
1:2000 (A3)
2 5
6 3 4
6 1
6
6
6 7
13
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Basismateriaal pleinvloer: een gradient van stenen begeleidt de wandelaar
Vloer is op sommige plekken minder contrastrijk, voor rustiger zachter beeld
Materialisatie Visie Voor de verharding van het stationsgebied wordt er voor bepaalde deelgebieden (deelgebieden promenade, stationsplein en buseiland) een uitzondering gemaakt op het LIOR van de gemeente Nissewaad. Deze uitzondering in verharding van het stationsgebied berust op het uitgangspunt dat het de reiziger stuurt en begeleidt en duidelijk aangeeft dat de reiziger in het stationsgebied is aangekomen. Loopstromen en verblijfsplekken worden door middel van het bestratingspatroon als logisch ervaren voor de reiziger. Het bestratingspatroon wordt in verschillende mixen van grijstinten aangelegd om loopstromen te begeleiden en te benadrukken. Het uitgangspunt daar bij is dat de lichte, koele kleuren een aanduiding voor doorstroom zijn. De donkere en warme kleuren benadrukken plekken voor verblijf.
Stationsplein en shared space Op een deel van het stationsplein wordt een shared space ingericht. Door middel van bebording (gesloten voor gemotoriseerd verkeer) en door de keuze van bestratingsmix zal de shared space verduidelijkt worden ten opzichte van de rest van de verharding. De specifieke vormgeving van de shared space en de verschillende mixen binnen het gekozen bestratingspatroon wordt nader gespecificeerd op de volgende pagina's.
Promenade
•
Gebruik van frisse, koele kleuren in de verharding (diverse grijstinten)
In het park is een brede promenade ontworpen waarin een aantal bestaande bomen worden ingepast, om boomkap van grote parkbomen te voorkomen. De promenade is onderdeel van de shared space, maar de nadruk ligt hier op ruimte voor de voetganger. In de smallere bypass die parallel aan de promenade loopt zal de fietser geprioriteerd worden.
•
Tegelpatroon gelegd in verschillende kleurmixen om verschillend gebruik, zoals loopstromen te begeleiden en
Een eis die hiervoor geldt is:
Uitgangspunten voor de materialisatie zijn:
14
verblijfsplekken te benadrukken.
•
In de eerste maanden na oplevering moeten er tijdelijke markeringen geplaatst worden, bijvoorbeeld door middel van thermoplast op de bestrating of tijdelijke bebording die de reizigers bekend laat worden met de nieuwe situatie.
Bliekstraat Door de nieuwe ontwikkelingen rondom het station, krijgt de Bliekstraat een fietsstraat-inrichting, zodat het station en de fietsenstalling voor de fietser prettig te bereiken is. Wat niet is opgenomen in de scope van het ontwerp, maar wat wel als belangrijke aanbeveling wordt gedaan; het verlengen van het vrijliggend fietspad vanaf de Anthonius van der Nootstraat 5, via de Schoutstraat (ter hoogte van de kruising Marrewijkpad). Hierdoor wordt de verbinding voor fietsers vanaf de Hekelingseweg verbeterd en de positie van de Bliekstraat als fietsstraat ondersteund. De specificaties voor de inrichting van de Bliekstraat worden nader toegelicht in het hoofdstuk detailuitwerkingen.
1:1000 (A3) Legenda
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart materialisatie
15
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Mix 1
Voorbeelden van kleurstelling (leverancier: Struyk Verwo of vergelijkbaar)
0 % Tagenta d 0% Tagenta c 100 % Tagenta e
Tagenta d
Tagenta c
Tagenta e
Mix 2 0% Tagenta d 30% Tagenta c 70 % Tagenta e
Eisen elementenverharding deelgebieden promenade, stationsplein en buseiland: •
Materiaal: betonstraatsteen met geslepen deklaag met 100% natuursteengranulaten (bijvoorbeeld: Struyk Verwo, type Lucida - of vergelijkbaar)
•
De verharding wordt in vier mixen toegepast waarbij diverse percentages van 3 grijstinten worden gecombineerd.
•
De grijstinten zijn contrastrijk
•
Naden tussen de tegels hebben een maximale grootte van 2 mm.
•
De kleur van het voegzand in dezelfde kleur als de lichtste steen
•
Legverband: lineair wildverband
•
Formaten (m): 0,30 x 0,60 / 0,20 x 0,60 / 0,15 x 0,60.
•
Materiaal(dikte) en fundering moeten sterk genoeg zijn zodat (onderhouds)materieel (hoogwerker, vuilniswagen, ambulance, brandweer) er over kan rijden.
•
De stenen dienen gelijkmatig in de hoogte, haaksheid en in de lijn (met koord) gelegd te worden.
•
Verdichting van de stenen vindt zodanig plaats dat er geen deformatie van de stenen optreedt.
•
De overgangen tussen de verschillende mixen (mix 1,2,3 en 4) wordt gradueel vormgegeven, geen harde rechte overgangen.
•
Proefstroken van minimaal 1m2 van de vier mixen worden ter goedkeuring voorgelegd aan de architect.
Afmetingen elementen (m)
Mix 3 20 % Tagenta d 30% Tagenta c 50% Tagenta e
Mix 4 Legverband straatstenen
16
65 % Tagenta d 10% Tagenta c 25 % Tagenta e
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart Gradienten 1:1000 (A3)
Mix 1 Mix 1 wordt toegepast voor de shared space. Voor deze mix wordt het wildverband in één enkele kleur aangelegd, namelijk 'tagenta e' (of soortgelijk). Door de enkele kleur ontstaat een rustig, overzichtelijk beeld.
Mix 2 Mix 2 wordt toegepast op grote delen van het stationsplein en het buseiland. In deze mix wordt het wildverband in twee kleuren aangebracht, namelijk 'tagenta e' en 'tagenta c' (of soortgelijk). De overgang van mix 1 naar mix 2 op het
stationsplein laat duidelijk onderscheid zien tussen de shared space en het deel dat alleen voor voetgangers toegankelijk is. Mix 2 geeft de loopstromen van het stationsgebied aan.
Mix 3 Mix 3 wordt gebruikt om verblijfsgebied aan te geven, buiten de loopstromen. Een donkerdere tegel wordt aan de mix toegevoegd, waardoor mix 3 uit drie tinten grijs bestaat: 'tagenta e' 'tagenta c' en 'tagenta d' (of soortgelijk). Deze mix wordt aangebracht rondom plekken zoals de scherfvormige groenvakken, de kiosk en de grote zitbank van het wachtplein.
Mix 4 Mix 4 wordt aangebracht rondom de gevels van het nieuw ontworpen metrostation om de overgang te maken van de donkere tegel die binnen het metrostation wordt aangelegd, naar de lichtere mix van het buseiland.
Metro (intern) De bestrating van het metrostation loopt zo vloeiend mogelijk over in de busstation bestrating. Bij voorkeur wordt dezelfde steen toegepast, in de donkerste kleur. Dit gebeurt in afstemming met de RET. 17
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Vormgeving scherven Visie Vergroening is een belangrijke opgave voor het nieuwe ontwerp van het busstation. Met onderstaande ingrepen krijgt het versteende stationsgebied een groene uitstraling en vormt het een logische overgang naar het aangrenzende centrumpark. Vanuit die gedachten zijn 'groenscherven' ontworpen; scherfvormige groenvakken die de bezoekers op een natuurlijke wijze vanuit het park richting het stationsgebied brengen. Naarmate het buseiland genaderd wordt, worden de scherven steeds kleiner van maat en schaal. Het deelgebied promenade is een essentiële schakel om de verkeersstromen vanuit het centrum op de juiste manier naar de bus- en metrohaltes af te wikkelen. Het niet opnemen van de ontwerpvoorstellen die voor de promenade worden gedaan kan resulteren in een conflict in gebruikersstromen op het stationsplein zoals bijvoorbeeld onwenselijke oversteekbewegingen van voetgangers en fietsers over de busbaan.
18
De positie en vormgeving van de scherven is bepaald op basis van de primaire loopstromen die in het gebied te verwachten zijn. De scherven doen mee in het spel van de gradiënten van de bestrating en zullen voor de reizigers gelden als begeleiding naar het openbaar vervoer. De scherven hebben afwisselend hoge en lage randen (opsluitbanden) die schuin aflopen richting maaiveld, waardoor hellende vlakken ontstaan. In de basis zijn deze randen smal (200 mm breed), maar aan de hoge zijdes van de vlakken verbreden deze banden. Deze opstaande, bredere banden fungeren zo bijvoorbeeld als zitelement.
Gebruik
De scherven in het plangebied worden voor diverse doeleinden gebruikt: •
Groenscherven om op te liggen, spelen of sporten: deze zijn ingericht met gras.
•
Groenscherven als siergroen. Deze groenvlakken worden ingericht als plantvakken, waar heesters en sierbeplanting worden aangeplant.
•
Er is één scherf opgenomen die functioneert als
watertafel. •
De opstaande randen van de groenscherven kunnen worden gebruikt als zitranden. Op logische plekken zijn hiervoor ook houten elementen toegepast om de zitplek aan te duiden.
1:1000 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart Scherven
19
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Scherf als groenvoorziening
Scherf als watertafel
Opstaande randen met verjongende voet en scherpe afronding
Geïntegreerd zitelement
Eisen groenscherven Voor de randen van de scherven gelden de volgende uitgangspunten: •
Opsluitbanden uitvoeren in zelfverdichtend beton (ZVB) kleur zwart
•
Geen kleurverschillen tussen de banden bij aanleg en naar verloop van tijd
•
Anit-graffiti coating toepassen op alle betonbanden
•
Naden hebben een maximale grootte van 5 mm en worden afgedicht met UV bestendige kit in aansluitende kleur aan de betonbanden.
•
Hoeken scherper dan 55 graden moeten worden voorkomen ivm het te scherp afschuinen van de betonbanden.
•
Wortelopdruk voorkomen door wortelschermen te plaatsen waar nodig.
Betonnen opsluitband schuin zelfverdichtend, donkergrijs Laagste punt a niveau Hoogste punt +470 mm van vloerniveau Aanbrengen nieuwe teelaarde Minimum diepte 1m Plantenmix verschillend per gebied Betonnen opsluitband 200mm zelfverdichtend, donkergrijs a niveau
1
Verharding 100mm Kleurstelling: per gebied 200 Cunet 300mm
Opsluitband principedetail 1 Voor de randen van de scherven die a-niveau liggen gelden de volgende uitgangspunten: •
Afmeting: 200 (H) x 200 (B) x 2000 (L) mm
•
Materiaal: Zelfverdichtend beton
•
Kleur: Zwart
•
De minimale lengte van de elementen bedraagt 2 m1.
•
Het laagste niveau van de scherven ligt a-niveau met het maaiveld
Principedetail 1 Groenscherf met opsluitband a-niveau 20
Opsluitband principedetail 3
Voor de randen van de scherven die als zitrand dienen gelden de volgende uitgangspunten: •
Afmeting: 470 (H) x 526 (B) x 2000 (L) mm
Voor de randen van de scherven die als opstaande rand dienen gelden de volgende uitgangspunten:
•
De minimale lengte van de elementen bedraagt 2 m1.
•
Afmeting: 470 (H) x 526 (B) x 2000 (L) mm
•
Materiaal: Zelfverdichtend beton
•
De minimale lengte van de elementen bedraagt 2 m1.
•
Kleur: Zwart
•
Materiaal: Zelfverdichtend beton
•
Het hoogste punt van de groenscherven is op minimaal 45 cm en maximaal 50 cm ten opzichte van maaiveld, zodat er prettige zithoogte wordt bereikt
•
Kleur: Zwart
•
Het hoogste punt van de groenscherven is op minimaal 45 cm en maximaal 50 cm ten opzichte van maaiveld, zodat er prettige zithoogte wordt bereikt
•
De opsluitband als zitrand verjongt naar de vloer toe. Dit gebeurt onder een hoek van 76 graden.
•
De opsluitband als zitrand verjongt naar de vloer toe. Dit gebeurt onder een hoek van 76 graden.
•
De zitrand is verzonken in het betonelement verwerkt
•
De zitrand wordt vervaardigd uit hardhout
•
De zitrand is zowel op het horizontale als het verticale vlak bevestigd
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Opsluitband principedetail 2
Aanbrengen nieuwe teelaarde Minimum diepte 1m Plantenmix verschillend per gebied
Aanbrengen nieuwe teelaarde Minimum diepte 1m Plantenmix verschillend per gebied
Houten planken 800mmx300mm FSC gecertificeerd hardhout Stalen frame 200mm
450 5mm
525
Betonnen opsluitband zelfverdichtend beton, donkergrijs
R20
Verharding 100mm Kleurstelling: per gebied
76
Cunet 300mm
Cunet 300mm
°
76
470
Verharding 100mm Kleurstelling: per gebied °
5mm
Betonnen opsluitband zelfverdichtend beton
R20
470
100
Principedetail 2
Principedetail 3
Groenscherf met opsluitband als zitrand met geïntegreerde zitting
Groenscherf met opsluitband zonder zitting 21
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Bushaltes, logistiek en draaicirkels Visie De bushaltes worden als zaagtandperrons georganiseerd rondom een eilandperron. De busbufferzone wordt gescheiden van het buseiland door de positionering van een pauzeruimte voor de chauffeurs.
Eisen halteplaatsen •
•
Er worden 4 uitstaphaltes gerealiseerd: 2 aan de zuidzijde van het buseiland vanuit de rijrichting Ruwaard van Puttenweg / Hekelingsweg en 2 aan de noordzijde van het buseiland vanuit de rijrichting Centrumlaan. De uitstaphaltes aan de zuidzijde van het buseiland zijn naast elkaar gepositioneerd. De uitstaphalte dient minimaal 1,5 meter breed te zijn en goede wegmarkering en geleidelijnen voor mindervaliden te bevatten.
•
De maatvoering van de zaagtandperrons volgen de maatvoering conform CROW-publicatie 233 (inclusief Addendum).
•
Iedere halte wordt voorzien van een dynamisch reisinformatiesysteem (DRIS).
• •
Er worden 4 bufferplaatsen voor 15 meter bussen gerealiseerd dit zijn de eerste vier bufferplekken vanaf het metrostation bezien (ivm draaicirkels).
•
Bij entree gebouw minstens 2 meter vrije ruimte opnemen
•
Overige zone rondom gebouw ca. 1 meter: voldoende om omheen te lopen.
•
Aan de noordzijde van het station bevinden zich nog twee bufferplaatsen van 12 meter.
•
Transparante gevel richting metrostation en stationsplein met aandacht voor privacy van de buschauffeurs.
•
De 15 meter bufferplaatsen in de busbuffer zijn geschikt om in de toekomst ook gelede bussen van 18,75 m te parkeren.
•
Entreezone aan de zijde van de busbuffers.
•
Programma gebouw ten minste:
•
De vier 12 meter bufferplaatsen in de busbuffer zijn in de toekomst geschikt voor maximaal 15 meter bussen.
•
Zo nodig, kunnen de 2 bufferplaatsen aan de noordoostzijde in de toekomst voor 1 gelede bus als bufferplaats dienen.
•
Er is plaats voor 6 dienstauto's. Waarvan 3 dienstauto's gesitueerd zijn als langsparkeerplekken naast Bliekstraat 4 aan de zijde van de busbuffer. De andere 3 dienstauto's zijn gesitueerd op de bufferplaats van een 18 m bus gelegen direct naast de pauzeplek van de buschauffeurs.
•
Er worden 4 bufferplaatsen voor 12 meter bussen gerealiseerd. Deze bevinden zich aan de zijde van de park en ride.
•
De invulling van de onderstaande ruimtelijke kaders voor de pauzeplek zullen verder worden uitgewerkt door een geselecteerd architectenbureau. •
Oppervlakte gebouw ca 30 m2
•
Lengte en breedte verhouding vrij in te vullen
•
Positionering van het gebouw mag zichtlijnen en rijcurves van de buschauffeurs niet in de weg zitten.
Benut volledige hoogte tot het viaduct (ca 3,5 m).
Eisen laden en lossen Één van de ontwikkellocaties zal een supermarkt bevatten. Het laden en lossen van de supermarkt zal via het busstation plaatsvinden. Hiervoor worden de volgende eisen meegegeven:
•
Ruimtelijke kaders pauzeruimte buschauffeurs
•
• ruimte (t.b.v. opstal van schoonmaakspullen etc)
De bufferplekken worden gemarkeerd met thermoplast.
De specificaties van halteplaatsen worden nader beschreven in de detailuitwerking buseiland.
Het moet mogelijk zijn om vanaf de uitstaphaltes in 1 keer richting de busbuffer te rijden.
• inclusief klein keukenblok, 2 toiletten, 1 facilitaire
•
•
•
• kantineruimte voor ca. 12 buschauffeurs
De bufferplaats die het meest nabij de pauzeruimte van de buschauffeurs geplaatst is, is bestemd voor dubbelgebruik voor dienstauto's van de chauffeurs.
Bij uitstaphaltes wordt in plaats van de DRIS een uitstaphaltebord geplaatst.
Eisen busbuffer
22
•
Laden en lossen mag enkel plaatsvinden op tijden buiten de reguliere dienstregeling van de RET en de concessiehouder van de bushalte. De vrachtwagen zal niet over de voetgangersgebieden of shared space gebieden rijden.
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart bushaltes, logistiek en draaicirkels 1:1000 (A3) Legenda
23
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Verkeer en parkeren Visie
Eisen park en ride
Het stimuleren van langzaam verkeer zowel op als naar het stationsgebied is een belangrijke peiler. Het stationsplein, de promenade en het buseiland zijn daarom vrij van gemotoriseerd verkeer, dit wordt afgevangen aan de randen van het plangebied.
•
De park en ride wordt afgesloten middels een slagboom welke alleen toegankelijk is voor OV-reizigers.
•
De park en ride biedt plaats voor totaal 78 parkeerplaatsen, waarvan 4 mindervalide plekken en 8 plekken waar een laadmogelijkheid is gesitueerd
Ook worden er minder parkeerplekken gerealiseerd, de te verwijderen parkeerplekken worden gecompenseerd bij metro Heemraadlaan.
•
De mindervalide plekken worden zo dicht mogelijk bij de bus- en metrohaltes geplaatst.
•
De specificaties en maatvoering voor de vormgeving van de park en ride worden nader beschreven in het hoofdstuk detailuitwerking.
Bliekstraat Aan de Bliekstraat blijft het langsparkeren gehandhaafd. Dit zijn plekken die voor bezoekers van omliggende bedrijven noodzakelijk worden geacht. De inrit van Bliekstraat 4 wordt aangepast zodat deze via de Bliekstraat toegankelijk wordt. De inrit van Bliekstraat 5 moet toegankelijk blijven voor autoverkeer.
Eisen kiss and ride en taxistandplaatsen Aan de Ruwaard van Puttenweg (uit de rijrichting Centrumlaan) wordt naast de bestaande kiss and ride zone nog een nieuwe kiss and ride zone geplaatst. Hier worden in totaal 7 plekken voor kort parkeren gerealiseerd. Uitgangspunten voor de kiss and ride zone zijn: •
24
Er worden 3 kiss and ride plekken gerealiseerd.
•
Er worden 4 taxistandplaatsen gerealiseerd.
•
Onwenselijke oversteekbewegingen worden tegengehouden door de plaatsing van een hekwerk langs de uitstapzone. Dit hekwerk wordt nader gespecificeerd in de elementenlijst.
•
De kiss and ride stroken aan weerszijden van de Ruwaard van Puttenweg worden in dezelfde materialen uitgevoerd.
•
De specificaties en maatvoering voor de vormgeving van de kiss and ride worden nader beschreven in het hoofdstuk detailuitwerking.
1:1000 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart verkeer en parkeren Legenda
25
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Dubbelaags parkeersysteem
Fietsparkeren Visie De fietsparkeersituatie op het station wordt verbeterd door de toevoeging van fietsparkeerplekken. De fietsenstalling zal in de toekomst inpandig plaatsvinden en daarmee zullen de fietsparkeerplekken op één locatie gebundeld zijn en verrommeling van de openbare ruimte rondom het station tegen worden gegaan.
Eisen fietsparkeren Uitgangspunt is een inpandige fietsenstalling in de toekomstige ontwikkellocatie. •
Er worden minimaal 600 fietsparkeerplekken geplaatst die alleen voor de OV gebruiker toegankelijk zijn.
•
Etagerekken voor dubbellaags parkeren. Voorkeur voor een easylift systeem (bijvoorbeeld Velopa Easy Lift systeem of vergelijkbaar).
•
Etagerekken dienen geplaatst te worden conform richtlijnen ASVV rekening houdend met onder andere een vrije doorloop- en uitrijruimte achter de fietsen.
•
Fietsparkeerrekken voldoen minimaal aan de norm FietsParKeur.
•
Elke fietsplaats is voorzien van een aanbindoog voor fietssloten. Het aanbindoog is groot genoeg voor kabelen kettingsloten.
Concrete handvatten voor afwijkend formaat fietsen worden 26
niet gegeven. Wel wordt er in een CROW publicatie uit oktober 2016 gesproken over volgende percentages: "Bij een hoge bezettingsgraad is de theoretische behoefte aan afwijkende plekken 18% voor bewaakte en 30% voor onbewaakte stallingen. Het feitelijke gedrag van fietsers bevestigt dit. In bewaakte stallingen staat 15% van de fietsen buiten de rekken. In onbewaakte stallingen is dat 29%. De werkelijkheid is overigens complexer: een groot deel van de fietsen met accessoires staat in de rekken, veel standaardfietsen erbuiten.". In het geval van de fietsenstalling kan dit worden vertaald naar: •
In de fietsenstalling worden ca 30% gereserveerd voor voertuigen met afwijkende maten (fietsen met kratjes, bakfietsen etc.).
•
Een op de 100 dubbele etagerekken wordt voorzien van een oplaadpunt.
•
In de fietsenstalling worden plekken gereserveerd voor een deelfietssysteem zoals bijvoorbeeld de OV-fiets. De exacte aantallen moeten samen met de toekomstig aanbieder worden bepaald.
•
Bromfietsplaatsen op grond markeren (20 st.).
Eisen gebouwde fietsenstalling •
Minimale vrije hoogte van 2,75 m is vereist.
•
Alle entrees naar de fietsenstalling dienen minstens 6 meter breed te zijn om toegankelijkheid, zichtbaarheid en een sociaal veilige ruimte te creëren.
•
De drie entrees van de fietsenstalling moeten duidelijk zichtbaar zijn door middel van eenduidig ontworpen verlichting en signing.
•
De voetgangerspassage bevindt zich centraal in het gebouw, uitgelijnd op de voetgangersoversteekplaats en heeft een minimale breedte van 3 meter, om toegankelijkheid, zichtbaarheid en een sociaal veilige ruimte te creëren. Wenselijk is een visuele verbinding te leggen met de naastgelegen entreepartij van de woningen.
•
De routing en signing naar en in de fietsenstalling dient dusdanig ontworpen te zijn dat het gemakkelijk is de fiets terug te vinden. Denk hierbij aan verschillende kleuren voor gangpaden of het kleuren van handgrepen van de fietsenrekken. De signing wordt in dezelfde stijl ontworpen als voor de signing op de bushaltes gebruikt wordt.
1:500 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Plattegrond fietsparkeren
27
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Klanktegel 600 x 900 mm
Geleidelijnen Epoxy kleur zwart
'Houd de lijn vrij' tegel
Integrale toegankelijkheid Het busstation voldoet aan de eisen van een integraal toegankelijk station. Zo kan iedereen zich zelfstandig, veilig en comfortabel in zijn of haar leefomgeving bewegen. Daarom is tijdens de totstandkoming van dit definitief ontwerp veel aandacht besteed aan de wensen van diverse mindervalide groepen. Zo is het busstation bezocht met iemand met een visuele beperking onder begeleiding van een geleidehond, en is een rondgang gemaakt met iemand in een scootmobiel. Deze rondgangen hebben tot ontwerpinzichten geleid om de integrale toegankelijkheid van het stationsgebied te optimaliseren.
• Afmetingen: 600x900x4mm.
28
•
Er wordt een gelijkvloerse instap tussen bus en perron gerealiseerd.
•
De bushaltes worden uitgevoerd met een klankplaat als instapmarkering die aan de volgende eisen voldoet:
•
Bij uitgangen van het metrostation worden 'houd de lijn vrij' tegels geplaatst, om de bewustwording van de overige reizigers te vergroten.
•
De volgende eisen gelden voor de aanbreng van de geleidelijnen:
• Kleur: (mat)zilver. • Profiel: 150 conische noppen in orthogonaal verband •
De bushaltes worden uitgevoerd met klanktegels voor objectmarkering van belangrijke voorzieningen, zoals liften, SOS-palen, entrees metrostation, kaartautomaten en haltepalen met audioknop. Deze moeten aan de volgende eisen voldoen: • Afmeting tegel: 300x300x4mm • Afmeting objectmarkering: 60x60 (4 tegels) • Materiaal: aluminium
Om de integrale toegankelijkheid van het busstation te vergroten worden de volgende eisen gehanteerd: De dynamische reisinformatiesystemen (DRIS) worden uitgerust met audiovoorziening die de reizigersinformatie gesproken overdraagt. Dit bestaat uit een drukknop op de mast van een display. De drukknop wordt op 110 cm boven maaiveld geplaatst. Dit wordt eveneens uitgerust met braille op de mast die het haltenummer aangeeft.
Er wordt d.m.v. de maat van de geleidelijn onderscheid gemaakt tussen de hoofdroutes richting de omgeving (60 cm brede lijn) en de routes die naar de haltes leiden (30 cm brede lijn) om het station extra leesbaar te maken.
• Materiaal: aluminium.
Eisen busperrons
•
•
• Kleur: (mat)zilver
• Geleidelijnen worden rechtstreeks op de ondergrond aangebracht. • Materiaal: Epoxy • Kleur: zwart (RAL 9011) • Opbouw: 4 lijnen parallel
Eisen geleidelijnen
• H.o.h. maat: 75 mm
Voor de geleidelijnen op het busstation gelden de volgende eisen:
• Lijnlengte: maximaal 350 mm
• Lijnbreedte: basis 30 mm / top: 22-25 mm
De geleidelijnen moeten zoveel mogelijk rechte lijnen volgen en in hoeken van 90 graden worden aangelegd.
• Lijnbreedte: 30mm / top: 22-25 mm
•
Rondom de geleidelijn wordt aan weerszijden 50 cm obstakelvrije ruimte gehanteerd.
• Vorm: afgeronde hoeken
•
De geleidelijnen worden vloeiend aangesloten op de geleidelijnen van het metrostation.
•
• Lijnhoogte: 1 tot 4,5mm boven afgewerkte vloer
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart integrale toegankelijkheid 1:1000 (A3) Legenda
29
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
tegeldeksel put met doorgelegde bestrating
kolk in perronband
Sleufgoot op stationsplein
Afwatering Opvang en berging van hemelwater
Eisen
Via een aantal kolken, lijn- en roostergoten wordt hemelwater afgevoerd naar het ondergrondse leidingenstelsel. Precieze afwateringsprincipes en de ligging van de goten wordt in de technische uitwerking gespecificeerd. De ontwerpen voor het watersysteem dienen aan de architect voorgelegd te worden ter goedkeuring.
•
Putdeksels op het wachtplein en het stationsplein zijn afgewerkt met het materiaal waarin zij zich bevinden. Dit wordt over de putdeksel aangebracht middels een tegeldeksel.
•
Putten en putdeksels mogen opsluitbanden en betondbanden niet doorkruisen.
Er liggen kansen om onder de park en ride water vertraagd af te voeren naar het riool. Dit kan middels een zandpakket onder de goten of bijvoorbeeld middels een krattensysteem voor waterbuffering. Verdere uitwerking daarvan wordt nader gespecificeerd in de technische uitwerking.
30
1:1000 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart afwatering
Legenda
31
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Lichtmasten alzijdig (stationsplein)
Verlichting en cameratoezicht Visie Het stationsgebied moet op alle delen van de dag een (sociaal) veilige en overzichtelijke omgeving zijn. In het lichtplan dient rekening te worden gehouden met een regelmatig lichtbeeld waarbij verkeersveiligheid, sociale veiligheid, comfort, belevingswaarde, functionaliteit belangrijke uitgangspunten zijn. Het wachtplein wordt functioneel verlicht, met toevoeging van een aantal sierverlichtingselementen rondom de centrale wachtruimte die de belevingswaarde vergroten.
Indien technisch onhaalbaar, dienen de cameramasten en lichtmasten op een logische plek ten opzichte van elkaar geplaatst te worden, dusdanig dat ze zowel ruimtelijk niet in de weg van de reiziger staan, maar ook niet in het zichtof lichtveld staan. •
Eisen deelgebieden stationsplein, buseiland, buszone, promenade •
Deelgebied stationsplein, buseiland, buszone en promenade zijn afwijkend van het LIOR.
•
Masten en armaturen worden gepoedercoat in kleur: antractiet RAL 7016
De overige deelgebieden worden conform LIOR ingericht, zoveel mogelijk doelmatig en waar mogelijk door middel van hergebruik van masten en armaturen. Dit gebeurt in nadere afstemming met de gemeente.
•
Aan de wanden van de nieuwe bebouwing worden wandarmaturen geplaatst, welke voldoende licht bieden om de naastgelegen wandelpaden te verlichten.
•
Hergebruik van bestaande masten kan plaatsvinden. Deze moeten dan worden schoongemaakt en opnieuw worden gecoats in kleur antraciet: RAL 7016
De gekozen armaturen zijn te vinden in de bijlagen.
•
Verlichtingsmasten zoveel als mogelijk in gelijke afstand en in één lijn plaatsen
•
Bebording dient zoveel mogelijk gecombineerd te worden met de lichtmasten
• 32
De verlichtingsmasten kunnen naar wens van de gemeente technisch worden voorbereid op een smart city netwerk.
Het stationsplein wordt functioneel verlicht middels hoge masten met spots die diverse richtingen op kunnen worden gedraaid.
Eisen verlichting en cameratoezicht
Er worden 5 camerapalen geplaatst: daar waar mogelijk, dienen camera's aan de lichtmasten bevestigd te worden.
Verlichting onder het viaduct, verbijzondering
Verlichting onder het viaduct, spots
Eisen deelgebied Bliekstraat, deelgebied P+R en randen •
Deze deelgebieden voldoen aan de eisen van LIOR
•
Daar waar mogelijk worden bestaande masten gehandhaafd of verplaatst. Deze worden teruggeplaatst in de deelgebieden waar het LIOR geldt.
LEDlijn aan luifel
1:1000 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart verlichting
Legenda
33
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Lichtplan type armaturen De verlichtingsberekening en het lichtplan behorend bij dit thema is als bijlage toegevoegd aan het document. Aantallen en type armaturen standaard (LIOR): STUKS TYPE 24 Philips Micro Luma - Paaltop (Mastopzet) 24
Masten
Aantallen en type armaturen verbijzondering: STUKS TYPE 39 Nyx 330 SCL- Dim - Paaltop (Mastopzet) 11 Nyx 330 SCL- Dim - Wand 3 Nyx 330 T4 - Dim Wand 24 Mini shot 1500lm - Dim 18 Bazz 1000mm - Dim 9 Bazz 2000mm - Dim 140 Ledlijn per meter - Dim 7 Iprox 1200mm - Dim 24 5
34
Mast 4 meter Mast 7 meter
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Paaltop armatuur 3-voudig Naam: NYX
Paaltop armatuur Naam: NYX
Armatuur A
Armatuur B
Armatuur E
Opbouw armatuur Naam: Iprox
Armatuur G
Armatuur C
Inbouw armatuur Naam: Bazz Locatie: verbijzondering viaduct
Spots Naam: Mini shot Locatie: Kolommen
Armatuur D
Wandarmatuur Naam: NYX Locatie: Nieuwbouw
LED-strip Locatie: luifels metrostation
Armatuur F
LIOR armatuur Naam: Micro-Luma (Philips)
Armatuur H
35
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Bewegwijzering Visie Voor een functioneel en leesbaar busstation is aandacht nodig voor bewegwijzering. Hierin is onderscheid gemaakt in vier verschillende types bewegwijzering: •
Gebiedsorientatie (richtingen centrum, medisch centrum, omliggende wijken, fietsenstalling).
•
Informatie bussen algemeen (vertrektijden, verschillende lijnen, locaties haltes).
•
Halteinformatie (haltenummer, vertrektijden).
•
Informatie metrostation (buiten de scope van dit project).
Eisen bewegwijzering
36
•
De bewegwijzering van het busstation dient in een eenduidige en herkenbare stijl te worden ontworpen.
•
Bijgevoegd voorstel is een advies van de ontwerper: er wordt geadviseerd hiervoor een bewegwijzeringsexpert in te schakelen.
1:500 (A3)
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart Bewegwijzering
Legenda
37
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Inrichtingselementen Visie Het stationsgebied wordt hoogwaardig ingericht met elementen die passen binnen de vernieuwde stijl van het busstation. De inrichtingselementen zijn robuust en hufterproof. Daarvoor wordt ten dele afgeweken van het LIOR. In de beheersparagraaf in de bijlagen wordt een globale indruk gegeven van de daarbij behorende beheersinspanningen en kosten.
Meubilair
Toe te passen elementen in het ontwerp zijn benoemd in de elementenlijst. Alle onderdelen uit de themakaart elementen worden daarin toegelicht en omschreven.
•
De afvalbakken worden bekleed met FSC gekeurd hout.
•
Afvalbakken dienen bereikbaar te zijn voor minder valide mensen door de bovenkant op een hoogte van 1,00 m te stellen.
•
Er worden twee ondergrondse containers geplaatst.
•
De toevoer van vers drinkwater naar het watertappunt.
Bestrating
•
De toevoer van schoon speelwater naar de watertafel.
Bijzondere tegelelementen die worden toegepast zijn:
•
In het kader van mogelijke elektrificatie van de bussen wordt in de ondergrondse situatie een ruimtereservering gemaakt voor de benodigde kabels en leidingen. Hiervoor kunnen bijvoorbeeld mantelbuizen onder het straatwerk worden aangelegd.
•
De locatie van toekomstige oplaadpunten voor elektrificatie van bussen bevindt zich in de zone van de busbuffer. Laadvoorzieningen dienen daar gecombineerd worden met het metroviaduct.
•
Functionele bebording dient zoveel mogelijk met elkaar gecombineerd te worden.
•
Borden en bijbehorende masten mogen geen storende situering hebben. Dat wil zeggen: de masten worden zoveel mogelijk aan de randen van wandelpaden geplaatst te worden en met de plaatsing dient rekening gehouden te
•
38
•
De shared space is verboden voor gemotoriseerd verkeer. In de Bliekstraat, aan het begin van de shared space worden borden toegepast: Gesloten voor bromfietsen, snorfietsen en gehandicaptenvoertuigen met in werking zijnde motor (bord C13).
•
Het station wordt een rookvrije zone, dit dient te worden
Afvalbakken
Nuts
De ondergrondse situatie wordt integraal meeontworpen met het nieuwe ontwerp van het plein. Hierbij moet rekening gehouden worden met:
worden met zichtlijnen van voetgangers en fietsers in de omgeving.
'Houd de lijn vrij' tegels, om de bewustwording van de reiziger van blinden en slechtzienden te bevorderen.
Bebording Voor de bebording in het gebied gelden de volgende eisen:
aangegeven (ook worden er daarom geen rookpalen e.d. toegepast).
Te verwijderen elementen Op de kaart staan een aantal objecten aangegeven die zullen worden verwijderd in het plan. Deze zijn in oranje aangegeven.
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
N
Themakaart elementen 1:1000 (A3) Legenda
1 st
elektrische laadpalen
39
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
40
Elementenlijst Elementen
Soort
Aantal
Conform handboek straatmeubilair (ja/nee)
Ondergrondse container
Product: Subway ® Lumio / Leverancier: Reinis
2
ja
Vuilnisbakken
Product: Constructo 100 met houten afwerking / Kleur: Kleur: antractiet RAL7016 13 / Leverancier: Grijsen of vergelijkbaar
nee
Hekwerk
Spijlenhekwerk uitvoering SR 1m / Kleur: antraciet RAL7016 / Leverancier Hexta
100 m1
ja
Paal
Verzinkbare paal RVS Model 115
2
ja
Drinkwatertappunt
Type join the pipe, Poedercoaten in kleur wit: RAL 9016. Vloerplaat passend/ aansluitend in bestaande verharding opnemen.
1
nee
Scooterparkeerplekken
Markering met thermoplast.
20
nvt
Bewegwijzering centrum
Herplaatsen
nvt
Informatiepaneel spijkenisse centrum
Herplaatsen
nvt
Slagboom P+R
met functie inchecken OV kaart (nadere invulling af te stemmen met parkeerdiensten)
1
nvt
Brievenbussen
te herplaatsen
2
nvt
Paal
RVS Model 115, verzinkbare paal
1
ja
Geintegreerde banken in groenscherven
maatwerk element
17 st
nee
Zitbank op buseiland
maatwerk element
1 st
nee
Laadpalen auto's
laadgelegenheid elektrisch vervoer
4 st
Laadpunt fietsers
nader te bepalen
ntb
Fietsparkeerplaatsen
Etagerekken voor dubbellaags parkeren. Voorkeur voor een easylift systeem (bijvoorbeeld Velopa Easy Lift systeem of vergelijkbaar).
300 st
Centraal informatiepaneel
Tweezijdig. Conform handboek Halteplaatsen 2014
2 st
Wachtruimte informatiepaneel
Tweezijdig. Conform handboek Halteplaatsen 2014
1 st
Halte informatiepaneel
Tweezijdig. Conform handboek Halteplaatsen 2014
12 st
nee
Afvalbak Grijsen Constructio 100 afwerking met hout
Watertappunt. Gepoedercoat in kleur wit: RAL 9016
Verzinkbare paal (RVS)
Ondergrondse afvalcontainer. 4m³ met 60l trommel en 1-haaks ophaalsysteem
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
P+R + slagboom
Spijlenhekwerk SR 1 m. Verzinkt en gecoat staal. kleur antraciet: RAL 7016
Bewegwijzering centrum. Herplaatsing noodzakelijk: advies gemeente
Brievenbussen (2 st) herplaatsen
41
C
on
ce
pt
C
on
ce
pt
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Fasering
ce on
Tijdens de gehele bouwperiode van het stationsgebied en omliggende ontwikkellocaties moeten er minimaal xx plekken als tijdelijke fietsvoorzieningen worden gerealiseerd.
C
•
pt
De realisatie van het busstation zal in fases plaatsvinden. In samenwerking met Antea is een logische fasering bedacht. Tijdens de werkzaamheden is het uitgangspunt dat het bus- en metrostation ten alle tijde toegankelijk moet blijven. De volgende eisen gelden:
Faseringstekeningen Bron: Antea
42
pt ce on C
pt
ce
on
C
pt ce on C
pt
ce
on
C
pt ce on C
pt ce on C
DO Busstation Spijkenisse. Plan- en themakaarten
Faseringstekeningen Bron: Antea
43
44
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
Hoofdstuk 3
Groenplan
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
N
Themakaart beplantingsplan 1:1000 (A3) Legenda
Beplantingsvisie Voor het herontwerp van het busstation is speciale aandacht uitgegaan naar het groen. Het groen in het plangebied moet zorgen voor een aantrekkelijke sfeer in het gebied en heeft daarnaast een natuurinclusieve en klimaatadaptieve functie.
Het groen, en vooral de bomen zullen zorgen voor een aantrekkelijker klimaat in het stationsgebied. Door verdamping en schaduwwerking, biedt het groen verkoeling op hete dagen, waardoor het hitte-eilandeffect wordt tegengegaan.
Zo is er voor de selectie van soorten, naast sierwaarde, gelet op aantrekkelijkheid voor bijen, vlinders, vogels, andere insecten en mogelijk zelfs kleine zoogdieren. Ook zijn er veelal soorten gekozen die extra luchtzuiverend zijn.
Het plan bestaat uit verschillende groenstructuren, door deze structuren verschillend te maken qua beplanting en vorm ontstaan er verschillende kleine stadsbiotopen, wat de biodiversiteit in het gebied kan vergroten. 45
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
Beplantingsplan Gazon In het park worden door zijpaden een aantal grotere scherfvormige stukken park gecreëerd. In het park wordt het gazon behouden, zodat hier optimaal gebruik van kan worden gemaakt. Er wordt ingezet op zo min mogelijk kap van de bestaande parkbomen.
Mix 1 De scherfvormige vakken op de pleinen zijn schuin oplopend (hellend) om zo het zicht op het groen te optimaliseren. Men heeft hierdoor meer zicht op het groenvak. De vakken zijn vooral bedoeld voor de visuele beleving, kijkgroen. Daarom is er gekozen voor een mix aan visueel aantrekkelijke beplanting met kleur en seizoensbeleving. Er wordt hier het GreenToColour-concept toegepast. Eén van de vakken op het stationsplein wordt enkel beplant met gazon en bomen, zoals het park. Dit zodat hier ook door pleinbezoekers gebruik van gemaakt kan worden. De bomen die in deze vakken worden geplaatst zijn de Zelkova serrata 'Village Green', Parrotia persica, Amelanchier arborea 'Robin Hill' (alledrie meerstammig) en de Alnus glutinosa.
Mix 2 De strook voor de nieuwe laagbouwontwikkeling van Synchroon heeft de functie om te zorgen dan mensen
46
niet overal kunnen oversteken naar het station vanuit het laagbouw-gebouw en andersom. Hierom wordt er een onderbepanting toegevoegd van lage struiken (max. 70 cm hoog) zodat er wel zicht behouden blijft op de plinten van het gebouw. De gekozen soorten hiervoor zijn: Buddleja ‘Blue Chip’, Spiraea japonica Pigmaea Alba’ en de Pyracantha ‘Firelight’. Deze worden afgewisseld in groepen geplant, waardoor er een gevarieerd beeld ontstaat. De bomen in deze strook zijn geselecteerd op hun geveerde bladeren. Ze vormen een buffer tussen de laagbouw en het station, zonder het zicht op de gevel geheel te ontnemen. De gekozen soorten zijn de Fraxinus angustifolia, Robinia pseudoacacia 'Frisia en de Styphnolobium japonicum.
Mix 3 Deze groenstrook dient als buffer tussen de nieuwe ontwikkeling en de bestaande bebouwing en achtertuinen. In deze strook wordt het kruidenmengsel 'G2 Bloemrijk graslandmengsel' van leverancier Cruydhoeck toegepast in combinatie met een aantal boomsoorten die ook in het park voorkomen; zoals de Metasequoia glyptostroboides en de Fraxinus exelsior. De bomen zullen privacy bieden voor bewoners.
Mix 4 De Ruwaard van Puttenweg valt buiten het plangebied, maar door de reconstructie van deze weg, kan deze worden
vergroend en meedoen in de grotere groenstructuren in het stationsgebied. Op de kaart is het voorstel te zien waar extra groenstroken en nieuwe bomenlanen de groene uitstraling van het gebied versterken. De groenstroken worden in het voorstel ingezaaid met kruidenmix 'M5 Bloemrijk Graslandmengsel' van leverancier Cruydhoeck en beplant met twee soorten bomen; de Tilia cordata en de Corylus colurna. Deze soorten zijn luchtzuiverend en kunnen tegen extreme omstandigheden (zoals luchtvervuiling, strooizout e.d.).
Boomspiegels in de promenade Om zo min mogelijk bomen te hoeven kappen, is er in het ontwerp getracht de bestaande bomen zoveel mogelijk in te passen in het plan. Daarom wordt de promenade als het ware rondom de bestaande bomen aangelegd, waardoor ze er middenin komen te staan. In deze boomspiegels wordt onderbeplanting toegepast, zoals de Carex morrowii 'Ice Dance', Malva moschata en Persicaria amplexicaulis.
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
Eisen beplantingsmix 1 Voor beplantingsmix 1 met vaste planten wordt het Green to Colour-concept toegepast. De aanplant gebeurt conform het Green to colour concept (leverancier Griffioen). Daarvoor gelden o.a. de volgende eisen: •
Er moet worden voldaan aan de substraateisen van het Greentocolourconcept.
•
Acht planten in p11-kwaliteit per m2.
•
Beplating wordt geplant in wildverband.
•
De plantafstand is 25 - 30 cm.
•
Plantafstand tot de rand van het beplantingsvak is 15 cm.
•
Nazorg: in eerste jaar na planten extra aandacht voor bewatering.
Mix 1 - Green to Colour-concept (exacte soorten bepaald door Griffioen)
Eisen beplantingsmix 2 Voor de heestervakken die aangelegd worden tussen de laagbouw en het station gelden o.a. de volgende eisen: •
Soorten gekozen om het kenmerk niet hoger te groeien dan 70 cm, hierdoor wordt vrij zicht behouden van gebouw en vanaf station.
•
Aanplantdichtheid: 3 st/m2.
•
Geplant in groepen van ca. 10 m2
•
Nazorg: in eerste jaar na planten extra aandacht voor bewatering.
Spiraea japonica 'Pigmaea Alba''
Buddleja 'Blue Chip'
Pyracantha 'Firelight'
Mix 2 - Robuuste strook voor laagbouwontwikkeling Synchroon
Eisen beplantingsmix 3 en 4 De groenstroken die ingezaaid worden met een kruidenmengsel (meerjarige duurzame bloemenweide) gelden de volgende aanvullende eisen: •
Hoeveelheid zaden: 100 gram per 100 m2
•
Handmatig aanbrengen zaadmengsel.
•
Het zaad dient aangemengd te worden met matig vochtig zand om een betere verspreiding te bewerkstelligen. (1 kg zaaigoed op 100 liter zand)
•
1 - 2 x per jaar maaien
Mengsel G2 (leverancier Cruydhoeck)
Mengsel M5 (leverancier Cruydhoeck)
Mix 3 - kruidenmengsel Cruydhoeck
Mix 4 - kruidenmengsel Cruydhoeck 47
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
De kwaliteit van de bestaande bomen wordt getoetst in een boom effect analyse
Bomen Het behoud van de bestaande bomen waar mogelijk is uitgangspunt geweest voor het buitenruimte ontwerp. De ambitie is om verplaatsing toe te passen voor de bomen waarbij dat mogelijk is. Een boomeffectanalyse (BEA) zal moeten uitwijzen welke bomen behouden, verwijderd of herplant kunnen worden. Ten tijde van schrijven van dit DO is de boomeffectanalyse nog niet uitgevoerd. De conclusies van dat rapport zullen effect hebben op deze paragraaf en later nog als addendum worden toegevoegd.
Eisen inpassing bestaande bomen •
Maximale ophoging van grond ter plaatse van het wortelpakket van bestaande bomen bedraagt 10 cm
•
Bij de inpassing van bestaande bomen dient veel aandacht te zijn voor behoud en bescherming. Waar nodig extra maatregelen nemen zoals bewatering en beluchting van de bomen om te voorkomen dat de boom na realisatie afsterft.
•
Takken van bestaande bomen die lager hangen dan 2 meter zullen worden verwijderd om een vrije doorgang voor voetgangers en fietsers te garanderen. Dit gebeurt enkel als de gezondheid van de boom dat toelaat.
Boombescherming tijdens de bouw In het nieuwe ontwerp worden bestaande bomen ingepast. Hierbij gelden de volgende voorwaarden: •
•
Kroonprojectie-berscherming: afbakening van de kroonprojectie of wortelzone van 2 meter.
•
Voorkom bodemverdichting onder de kroonprojectie door transport, opslag van materialen e.d.
•
Machinaal graafwerk binnen de kroonprojectie is verboden.
•
48
Bomen op het werkterrein dienen zodanig met geschikte materialen beschermd te worden zodat beschadiging aan de wortelzone, stam en kroon uitgesloten zijn.
Tijdens de bouw gelden de eisen zoals opgesteld door Norminstituut bomen: werken rond bomen (als bijlage toegevoegd aan dit document).
Eisen inpassing nieuwe bomen De nieuwe bomen die worden toegevoegd zijn op de kaart aangegeven. •
Bij de plaatsing van nieuwe en bestaande bomen dient aandacht te worden besteed aan het voorkomen van wortelopdruk.
•
Bij bomen in verharding bomenzand toepassen
•
Bomen moeten worden voorzien van beluchtingsysteem en watergeefsysteem.
De kwaliteit van de bestaande bomen wordt getoetst in een boom effect analyse
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
N
Themakaart bomenplan
3 Aa
Ailanthus altissima
Hemelboom
1:1000 (A3)
2 AaR
Amelanchier arborea 'Robin Hill' (meerstammig)
Krentenboompje ‘Robin Hill’
8 Ag
Alnus glutinosa
Gewone els
8 Asp
Acer saccharinum 'Pyramidale'
'Pyramidale' Zilveresdoorn
7 Cc
Corylus colurna
Boomhazelaar
5 Fa
Fraxinus angustifolia
Smalbladige es
3 Fe
Fraxinus excelsior
Gewone es
2 Mg
Metasequoia glyptostroboides
Watercipres
Afk Botanische naam
Legenda
Nederlandse naam • alle rode bomen uit BEA zijn verwijderd (max 2-5 jaar levensverwachting). Hiervoor in de plaats herplant
PsA
• boom die verplaatst kan worden > verplaatsen (daarvoor in de plaats nieuwe aanplant)
B
Fe
1 MgG Metasequoia glyptostroboides 'Goldrush'
Watercipres 'Goldrush'
2 Pp
Parrotia persica (meerstammig)
Perzisch ijzerhout
3 PsA
Prunus ×subhirtella 'Autumnalis'
Winterbloeiende sierkers
2 Qp
Quercus palustris
Moeraseik
5 RpF
Robinia pseudoacacia 'Frisia'
Gele Acacia
13 RpP
Robinia pseudoacacia 'Pyramidalis'
Gewone acacia 'Pyramidalis'
4 Sj
Styphnolobium japonicum
Honingboom
12 Tc
Tilia cordata
Winterlinde
5 ZsV
Zelkova serrata 'Village Green' (meerstammig)
Japanse zelkova 'Village Green'
Fe Asp
Qp Mg
A A
PsA MgG
Ag A B
Qp
85
PsA A
Asp Ag
Fe
Asp
Ag
Ag
Ag
Asp
Asp
A
Mg
C C
Asp
A A
H
H
H
H
H
C
C
Pp Asp
Aa
C
B
C
Aa
Aa
C
ZsV
Ag
C
Asp
ZsV
AaR
H
C
C
RpF Fa
A
A
RpF
C
Sj
Fa
RpF
A
C
C
RpF
Sj A
RpP
H
RpP
Fa
RpF Fa
Fa
H
Sj
A
A
A
A
RpP
Sj
A
C
RpP
A
RpP
A
RpP
RpP
A
A
H
AaR
Ag
B
ZsV
H
ZsV
Pp
RpP
RpP
RpP
H
A
H
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D
D H
H
Ag RpP
RpP
RpP
H
B
ZsV
A A
A
H
H
Tc
Cc
Cc
Tc
Tc H
H H
H
H
H
H
Tc
Cc
Tc
Tc
Tc
Cc
Tc
Cc
Tc
Tc
Cc
Tc
Tc
Cc
49
DO Busstation Spijkenisse. Groenplan
Tilia cordata Hoogstam Eironde, gesloten kroon H: 20 - 25 m B: 10 - 15 m Bijen, vogels Luchtzuiverend Aanplantmaat: 20-25
Quercus palustris Hoogstam Breed piramidaal, halfopen kroon H: 20 - 25 m B: 15 - 18 m Bijen, vlinders, vogels, kleine zoogdieren Luchtzuiverend Aanplantmaat: 20-25
Acer saccharinum 'Pyramidale' Hoogstam Ovaal, gesloten kroon H: 18 - 20 m B: 8 - 12 m Bijen, vlinders Luchtzuiverend Aanplantmaat: 20-25
Corylus colurna Hoogstam Eirond, halfopen kroon H: 15 - 20 m B: 10 - 12 m Bijen, vogels, kleine zoogdieren Luchtzuiverend Aanplantmaat: 20-25
Metasequoia glyptostroboides Hoogstam Smal piramidaal, open kroon H: 20 - 30 m B: 5 - 10 m Luchtzuiverend Aanplantmaat: 20-25
Prunus x subhirtella ‘Autumnalis’ Hoogstam Vaasvormig, open kroon H: 3 - 5 m B: 3 - 5 m Drachtboom voor bijen Aanplantmaat: 20-25
Klimaatlaan (Ruwaard van Puttenweg)
Parrotia persica Meerstammig Ronde, gesloten kroon H: 6 - 10 m B: 10 - 12 m Luchtzuiverend Aanplantmaat: 175/200
Zelkova serrata 'Village Green' Meerstammig Vaasvormige, halfopen kroon H: 10 - 12 m B: 5 - 6 m Aanplantmaat: 175/200
50
Pleinscherven
Park
Amelanchier arborea 'Robin Hill' Meerstamming Ovaal, halfopen kroon H:5 - 8 m B: 3 - 4 m Bijen, vlinders, vogels Aanplantmaat: 175/200