Bestuursverslag Sociaal Domein over 2023
Tekst van het document
Zorgaanbieders worden hiervoor het jaar daarna gecompenseerd, maar dragen wel de kosten voor het betreffende jaar waarin dit speelt. 14. De krapte op de arbeidsmarkt voor jeugdhulp en Wmo neemt steeds verder toe. Hierdoor ontstaan wachtlijsten en ontvangen jeugdigen langer overbruggingszorg en wordt er minder gericht zorg verleend (omdat deze vanwege de personeelskrapte niet beschikbaar is). Gevolg is dat jeugdigen langer jeugdhulp nodig hebben en minder snel uitstromen. Dit geldt eveneens voor de mensen die Wmo-ondersteuning ontvangen. 20. Ombouw gesloten jeugdhulp naar kleinschalige open woonvoorzieningen: De door de rijksoverheid opgelegde afbouw van gesloten jeugdhulp verloopt sneller dan verwacht. De gesloten jeugdhulp dient hierbij omgebouwd te worden naar kleinschalige open woonvoorzieningen. De realisatie van kleinschalige open woonvoorzieningen verloopt echter trager dan de afbouw van gesloten jeugdhulp. Door de huidige snelle afbouw van gesloten jeugdhulp worden jeugdigen met zeer zware problematiek in open settingen opgenomen. In deze open settingen moet zeer intensieve ondersteuning en zorg aan deze jeugdigen worden geboden, in de zin van één begeleider op één jeugdige en zelfs twee begeleiders op één jeugdige.
Per saldo geeft dit in de huidige situatie, met nog onvoldoende kleinschalige open woonvoorzieningen, meer kosten dan dat deze jeugdigen in de gesloten jeugdhulp zouden zijn opgenomen. Ook naar de toekomst toe, als de ombouw van gesloten jeugdhulp naar kleinschalige open woonvoorzieningen heeft plaatsgevonden, zal dit structureel meer kosten
80%
Max. fin. Invloed gevolg € 2.000.000 4,57%
80%
€ 2.000.000 4,56%
80%
€ 1.000.000 2,54%
80%
€ 1.000.000 2,28%
70%
€ 400.000
43
0,93%
geven. De kleinschalige open woonvoorziening is qua begeleiding/jeugdzorg immers intensiever en daarmee duurder dan de gesloten jeugdhulp. Naar schatting is er één begeleider op drie jeugdigen nodig in plaats van één begeleider op zes jeugdigen 24. Als gevolg van de toestroom van vluchtelingen naar Nederland bestaat 50% de kans dat in Nissewaard de vraag naar gemeentelijke faciliteiten en hulp toeneemt. De kans bestaat dat niet al deze kosten vergoed worden uit specifieke rijksuitkeringen.
€ 500.000
0,71%
De financiële situatie in het sociaal domein is zeer zorgelijk (o.a. risico 4). Dit heeft voor een groot deel te maken met (te) lage vergoedingen door het rijk, beperkte keuzevrijheid (bijvoorbeeld strakke wetgeving in Participatiewet, abonnementstarief Wmo, wettelijke verwijzers naar jeugdhulp en de regelgeving rondom reële tarieven). Ook complexer wordende ondersteuningsvragen speelt een rol (bijvoorbeeld meer mensen met arbeidsbeperking in Participatiewet, grotere problematiek in Wmo en jeugdhulp). We krijgen steeds beter inzicht in wat er gebeurt, zowel door nieuwe of betere monitoring, data-analyse als door inzet van accountmanagement, toezicht en kwaliteitswerk. De grootste financiële risico’s zitten op jeugdhulp. Daarom is begin 2024 de taskforce jeugd ingericht. Het plan van aanpak is via deze link plan van aanpak taskforce jeugd te vinden. Naast het algemene risico op jeugdhulp (nummer 3) is het risico nummer 20 benoemd, de afbouw van gesloten jeugdhulp. Dit wordt regionaal opgepakt in samenwerking met de landelijke overheid en andere regio’s. De uitkomsten zijn echter onzeker. Uit onderzoek11 uit 2023 blijkt dat Nissewaard aan de goede kant van het gemiddelde zit, als je kijkt naar kosteneffectiviteit van inkoop in de jeugdhulp.
Hieruit blijkt onder andere dat open housecontracten met de mogelijkheid van tussentijdse toetreden, zoals we in Nissewaard voor veel jeugdhulp en Wmo-voorzieningen hebben, kosteneffectiever is dan andere vormen van inkoop. We zien echter steeds vaker vanuit zorgaanbieders de roep om kostprijsonderzoeken in Wmo en Jeugdwet om te bezien of onze tarieven nog reëel zijn (risico 11). Er is nog geen enkel kostprijsonderzoek uitgevoerd met een uitkomst dat lagere tarieven reëel zijn. Indien goed en door voldoende organisaties onderbouwd, moeten we volgens de Algemene Maatregel van Bestuur reële prijs Wmo/Jeugdwet gehoor geven aan de vraag om een kostprijsonderzoek. Met betrekking tot risico nummer 14 wordt de transformatie van persoonsgebonden voorzieningen naar algemeen toegankelijke voorzieningen en inzet van vrijwilligers en informele hulp, steeds urgenter. Daarom zijn we met andere gemeenten en organisaties die ondersteuning en hulp bieden, in gesprek om die mogelijkheden concreet te maken. Inzet op de integrale ingang is hier een voorbeeld van, net als de overgang naar dagbesteding als algemene voorziening binnen de Wmo die per 1 januari 2025 gerealiseerd zal zijn. Met de Thuis in Nissewaard-partners wordt momenteel een advies voorbereid voor het transformeren van het basisaanbod, mede in het licht van de bezuinigingen en personeelsproblematiek.
De krapte op de arbeidsmarkt is echter niet op te lossen op gemeentelijk niveau en daarmee ook een realiteit waar we in de praktijk mee moeten werken. Risico 24 heeft zich vooralsnog niet voorgedaan. Ondanks alle inspanning om de risico’s beheersbaar te houden, lukt dit niet. De risico’s zijn ook dermate groot en veelzijdig, dat deze ook de komende jaren nog zullen blijven bestaan.
11
Jongleren in de jeugdzorg, empirisch onderzoek naar de relatie tussen inkoop en kostendoelmatigheid van de jeugdzorg in Nederlandse gemeenten. Jos L.T. Blank, Alex A.S. van Heezik en Vivian G. Valdmanis, Stichting Instituut Publieke Sector Efficiëntie Studies (juni 2023). Link: Kostendoelmatigheid jeugdzorg
44
7.3 Wat hebben we in 2023 gedaan binnen programmalijn gemeentelijke regierol Naast de reguliere (wettelijke) taken, zoals het uitvoeren van onze regierol in het sociaal domein (zie paragraaf 1.2) en de planning & control-werkzaamheden, hebben we de volgende taken uitgevoerd: • In 2023 hebben we de verordeningen Wmo en Jeugd zo aangepast dat handhaving en toezicht beter gefaciliteerd wordt. • De integrale ingang Thuis in Nissewaard is gerealiseerd en de vorming van de gemeentelijke toegang is zodanig voorbereid, dat deze in 2024 kan worden geïmplementeerd. • We bleven onze regisserende rol binnen het sociaal domein ontwikkelen zodanig dat onze rol als opdrachtgever in het getransformeerde sociaal domein adequaat vervuld kon worden. We stelden daartoe onder andere een Integraal Beleidskader Sociaal domein op dat door de raad werd vastgesteld begin 2023, alsmede is een werkdocument voor de uitvoeringspraktijk opgeleverd: het Handelingskader. • Het monitoren van het gebruik- en de effectiviteit van de geboden ondersteuning is belangrijk om te borgen dat de juiste zorg ook echt terecht komt bij de kwetsbare inwoners die het nodig hebben én om daar waar mogelijk de hulp ook weer tijdig af te schalen. Daarvoor hebben we in 2023 de eerste stappen gezet.
Beleid, kwaliteit, handhaving en toezicht en accountmanagement werken samen om deze monitoring in 2024 verder vorm te geven en door te ontwikkelen. • De mogelijkheden voor het besparen en bezuinigen op de uitgaven sociaal domein zijn verkend en hebben uiteindelijk geleid tot een voorstel in de perspectiefnota 2025. 7.4 Tot slot Het sociaal domein is breed en complex. Met dit verslag hebben we hierin overzicht en inzicht willen bieden, hetgeen kan helpen bij de kaderstellende en controlerende rol die de raad heeft. Zo gezien is het bestuursverslag zelf ook onderdeel van de gemeentelijke regierol op het sociaal domein. Het bestuursverslag is een levend document. Dit betekent dat er volgend jaar nieuwe informatie aan kan worden toegevoegd, mits hierover objectieve en betrouwbare informatie is te verkrijgen.
45