45. Raadsinformatiebrief Werkplan DCMR 2026; Bijlage
Tekst van het document
Mede in het licht van deze ontwikkelingen heeft DCMR de ambitie uitgesproken om een datagedreven organisatie te worden en is in 2024 het Programma Werken met Data opgestart. Door data te voorzien van geo-referenties (coördinaten) wordt het mogelijk data te combineren en geo-analyses uit te voeren. Geo-informatie en kaarten worden behalve in het primaire proces ook weer gebruikt in rapporten, notities, analyses en in overlegsituaties zoals bestuurlijke overleggen en participatietrajecten. Daarnaast worden geo-visualisaties gebruikt om informatie over te brengen (en probleemstellingen helder te krijgen). DCMR deelt zijn data via webservices met participanten en met andere partijen. Met de ingerichte webservices worden ook geo-viewers ingericht. Deze geo-viewers zijn webbased applicaties waarmee kaartlagen online kunnen worden bekeken. Geo-viewers worden onder andere ingericht om het werk van DCMR-medewerkers te faciliteren bijvoorbeeld bij advisering van participanten aangaande VTH-processen, bij het werk van toezichthouders als zij op pad zijn, bij RO-ontwikkelingen of MER-procedures, maar ook voor participanten (o.a. via Staat van Rijnmond (zie 3.5.15) en de dashboards voor de bestuurlijke overleggen). Verder worden geoviewers ingericht en beheerd voor het informeren van burgers. Deze geo-viewers zijn benaderbaar via de website van DCMR.
Werkplan 2026 I 24
Regionale Verkeers- en Milieukaart De Regionale Verkeers- en Milieukaart (RVMK) is opgebouwd uit verkeersdata in combinatie met informatie over de fysieke omstandigheden per weg. Verkeersdata worden jaarlijks verstrekt door de MRDH en de gebruikte data zijn identiek aan de data die voor CIMLK (luchtmodellering) worden gebruikt. De RVMK is zodanig opgebouwd, dat het alle wegkenmerken bevat die voor geluidsmodellering noodzakelijk zijn. DCMR beheert de RVMK in opdracht van de gemeente Rotterdam en de regiogemeenten. De meest recente datasets zijn opvraagbaar via https://www.dcmr.nl/verkeersgegevens-rvmk. DCMR stelt jaarlijks de RVMK voor het diagnosejaar (voorgaand jaar) en prognosejaar (huidig jaar +10) beschikbaar. De RVMK bevat alle gemeentelijke en waterschapwegen die opgenomen zijn in het verkeersmodel van de MRDH. In afwijking van het verkeersmodel worden rijbanen gesplitst waar sprake is van een fysieke scheiding van rijrichtingen. Wegsegmenten worden op basis van de basisregistratie grootschalige topografie (BGT) geografisch correct gelegd. Informatie over stil wegdek aangeleverd door de gemeente wordt evenals de maximumsnelheid verwerkt in de RVMK. Bij een verschil in fysieke omstandigheden zoals wegdekverharding wordt een wegsegment opgesplitst.
Het streven is om de RVMK jaarlijks voor 1 juli te updaten, hierbij is de DCMR afhankelijk van de beschikbaarheid van benodigde data. 3.5.13 Cluster Accountbeheer Deze regio brede werkzaamheden zijn onder te verdelen in twee hoofdgroepen. D14 Relatiebeheer: te verrekenen onder de regiogemeenten: • Werkplannen; • Voortgangsrapportages; • Regio breed beleid; • Participantenoverleg; • Relatiebeheer. D12 Voorlichting: te verrekenen onder alle participanten: • Corporate communicatie In het werkplan is hiervoor € 72.146 gereserveerd. 3.5.14 Cluster Projectbijdragen De bijdragen voor de projecten zijn als gevolg van de tariefstijging verhoogd met 1,8% ten opzichte van 2025. Aan de in deze paragraaf genoemde producten wordt door meerdere participanten en/of organisaties een bijdrage geleverd. Zie hiervoor bijlage 4. Samenwerkingsknooppunt Rijnmond Het samenwerkingsknooppunt Rijnmond (SKP) verricht werkzaamheden die erop gericht zijn een efficiënte en effectieve handhaving binnen de regio te bevorderen en DCMR met externe ketens en handhavingspartners te verbinden. De SKP-bijdrage wordt ingezet om de Intelligence-taak uit te voeren. Kerntaak van Intelligence is het leveren van operationele informatie vanuit externe netwerken aan de afdeling Toezicht en Handhaving. De Intelligence Officer heeft hiermee een belangrijke rol in de informatie gestuurde aanpak die DCMR voorstaat.
Daarbij wordt een beeld gecreëerd van milieurisico’s op basis waarvan strategische tactische en operationele keuzes kunnen worden gemaakt.
Werkplan 2026 I 25
De Intelligence-taak omvat onder meer: • Het onderhouden van een breed extern netwerk met inspectiepartners en ervoor zorgen dat daaruit signalen worden ontvangen ten behoeve van het DCMR-toezicht en/of dat een gezamenlijke aanpak tussen inspectiepartners wordt ingezet/bevorderd; • Bijdragen aan informatie gestuurde aanpak van het toezicht bij de afdeling Toezicht en Handhaving. De bijdragen van de deelnemers aan het SKP zijn in overeenstemming met een vastgestelde verdeelsleutel. Monitoring en Omgevingsinformatie (Staat van Rijnmond) Staat van Rijnmond (MOI) is een project van alle participanten samen, waarin kwalitatief hoogwaardige data van binnen en buiten DCMR verzameld en bewerkt worden tot informatie in de vorm van beleidsindicatoren en kaarten. De indicatoren geven per gemeente, informatie over de kwaliteit van de leefomgeving (in de vorm van kaarten) en de ontwikkelingen in de tijd daarin (in de vorm van grafieken). Ook is informatie opgenomen over de bronnen van milieubelasting en van activiteiten van overheden en stakeholders om zowel bronnen als kwaliteit te beïnvloeden. Informatie wordt gepubliceerd op www.staatvanrijnmond.nl, een interactieve website waar gemeenten onderling vergeleken kunnen worden, en desgewenst data kunnen worden gedownload.
De informatie is geordend in dashboards per Omgevingswetthema (gezondheid, bereikbaarheid, circulair etc.) en er is een uitgebreide databank met aanvullende informatie. Ook de wijze waarop kaartinformatie getoond wordt, is sterk verbeterd door de inzet van nieuwe geosoftware. De Staat van Rijnmond wordt gefinancierd door de provincie Zuid-Holland, de gemeente Rotterdam, de regiogemeenten en het Havenbedrijf. Deze organisaties sturen het project aan via de Stuurgroep Staat van Rijnmond. De inhoud van Staat van Rijnmond wordt bepaald in zogenoemde themawerkgroepen, waarin experts van de verschillende deelnemende organisaties zitten. In 2024 heeft de Stuurgroep Staat van Rijnmond verschillende scenario’s voor de verdere ontwikkeling besproken. Op basis van het genomen besluit is in 2025 de gepresenteerde informatie geactualiseerd. In 2026 ligt de focus op het uitbreiden met nieuwe indicatoren en het versterken van de communicatie over de Staat van Rijnmond. Zo werken wij toe naar een vollediger beeld en een bredere benutting van de beschikbare informatie. Gemeentelijke crisisbeheersing De Wet op de veiligheidsregio’s is bij (multidisciplinaire) voorbereiding op ramp- en crisissituaties een belangrijke pijler. De wet stelt (kwaliteits-)eisen aan de organisatie en de deelnemers in een veiligheidsregio.
Onder regie van de VRR ontwikkelen de partners in de VRR-crisisscenario’s en crisisbeheersingsplannen. Veel aandacht gaat uit naar opleiden, trainen en oefenen. DCMR-werkzaamheden hierbij zijn het inbrengen van kennis en vertegenwoordiging in de VRR, deelname aan oefeningen en in stand houden van de crisisorganisatie binnen DCMR. 3.5.15 Cluster Materiële kosten Materiële kosten zijn veelal kosten die gemaakt worden door inzet van externe partijen. Dit kan bijvoorbeeld gaan om monsternames, partijkeuringen of het maken van communicatiemateriaal. Ook kunnen onvoorziene taken in 2026 gefinancierd worden uit dit cluster.
Werkplan 2026 I 26
4
Aanvullende opdrachten
Raamofferte In opdracht van de gemeente Nissewaard voert DCMR diverse werkzaamheden uit. Afspraken met betrekking tot deze werkzaamheden zijn in het werkplan opgenomen. Voor een deel worden in opdracht van de gemeente ook werkzaamheden uitgevoerd buiten het werkplan. Dit gebeurt meestal op offertebasis. Nadeel hiervan is dat het veel tijd kost offertes op te stellen en dat DCMR moeilijk kan inschatten hoeveel uren voor deze werkzaamheden moeten worden gereserveerd. Daarom is besloten een deel van de werkzaamheden met betrekking tot ruimtelijke ontwikkelingen en andere projecten die buiten het werkplan worden uitgevoerd, te financieren vanuit een raamofferte. In 2025 is geconstateerd dat het voorschotsaldo negatief is en zonder bijsturing geen positief saldo zal bereiken. Als onderdeel van de bijsturing worden ook in 2026 de volgende taken buiten het werkplan, maar wel via de raamofferte uitgevoerd: Advisering bij omgevingsvergunningen; Advisering bij projecten; Advisering bij beleid. De gemeente Nissewaard draagt zorg voor het verhaal en dekking van de kosten voor deze werkzaamheden via de raamofferte. De adviestaken betreffen met name (niet limitatief) de ROen bodemadviezen.
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai (SSV) Het beleid van de (rijks)overheid is erop gericht om het ontstaan van geluidhinder zoveel mogelijk te voorkomen, maar ook om geluidhindersituaties die al langer bestaan op te lossen. Voor bestaande situaties met een te hoge geluidbelasting is in de Wet geluidhinder een saneringsplicht opgenomen. De ‘subsidieregeling sanering verkeerslawaai’ heeft betrekking op de voorbereiding, begeleiding en het toezicht om de uitvoering van saneringsprogramma’s te bekostigen. De werkzaamheden worden gefinancierd vanuit de voorschotten op de subsidieregeling. DCMR voert in opdracht van de gemeente het nog lopende geluidsaneringsproject uit en verricht in het kader van de reguliere geluidsaneringssubsidie (SSV). De verwachting is dat in 2026 de geluidsanering voor de gemeente zal worden afgerond. Informatieplicht energiebesparing en SPUK-gelden energie Op grond van de Omgevingswet gelden verplichtingen op het gebied van verduurzaming. In de Omgevingswet is de besparingsplicht voor activiteiten en processen in het Bal en voor gebouwen in het Bbl geregeld. Deze verplichting heeft betrekking op alle bedrijven en gebouwen met een jaarlijks energieverbruik van meer dan 50.000 kWh en/of meer dan 25.000 m3 aardgas equivalenten.
De plicht houdt in dat rendabele maatregelen ter verduurzaming van het energieverbruik moeten worden genomen én dat hierover vierjaarlijks een melding of een onderzoek moet worden ingediend. Deze verplichting is van toepassing voor ca 4.500 bedrijven en naar verwachting een vergelijkbaar aantal panden, binnen het Rijnmondgebied. De verplichting geldt ook voor industriële bedrijven die deelnemen aan de Emissiehandel (ETS). De maatregelen voor duurzame opwekking met een terugverdientijd van maximaal 5 jaar zijn verplicht gesteld. Ondersteuningsregeling informatieplicht energiebesparing Het Rijk biedt tot en met 2026 een financiële impuls voor het toezicht op de energiebesparingsplicht. Dit gebeurt door middel van een Specifieke Uitkering (SPUK). Deze regeling heeft tot doel om meerjarig additionele capaciteit voor toezicht en handhaving op de energiebesparingsplicht te realiseren. Een omgevingsdienst kan daarvoor een aanvraag indienen. De SPUK mag alleen aangevraagd worden als additioneel budget met 2022 als referentie jaar. Dit ter voorkoming dat de structurele bijdrage afkomstig van gemeenten, die voor de VUE-regeling nodig was, afneemt. Om optimaal van de SPUK gebruik te maken, is door de DCMR een aanvraag ingediend die vervolgens is gehonoreerd. Twee keer per jaar wordt aan het Rijk hierover verantwoording afgelegd.
Werkplan 2026 I 27
SPUK gelden Met de SPUK gelden worden activiteiten uitgevoerd zoals aangegeven in onderstaande tabel. Dit zijn activiteiten die de DCMR doet in aanvulling op de werkzaamheden die in de werkplannen van de participanten zijn opgenomen. Er wordt tenminste 70% van het SPUKbudget besteed aan de activiteiten A1 t/m A5 en maximaal 30% van het SPUK-budget aan activiteiten B1 tot en met B4. Nummer
Activiteit
Nummer
Activiteit
A1
Bedrijfsbezoeken en hercontroles
B1
A2
Administratieve controles (opvragen en beoordelen ingediende rapportages) Opvragen benodigde energiegegevens Ondersteuning 1,2,3 (technisch juridisch advies) Deelname landelijk coördinatieteam ODNL (kennisopbouw en uniformeren beoordeling)
B2
B3
Stimulerende toezichtsactiviteiten uitvoeren van maatregelen (bovenwettelijk) Verbeteren inzicht in de doelgroep (anders dan bij activiteiten A2 en A3) Opleiding en training
B4.1 B4.2 B4.3 B4.4
Inrichten monitorsystemen Aanleveren periodieke rapportages Jaarlijks aanpassen projectplan Management- en wervingskosten
A3 A4 A5
SPUK Bodem Op grond van de Regeling van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat van 2 me 2024, nr. IENW/BSK-2024/133084 (Tijdelijke regeling uitkering bodem 2024-2030) kunnen provincies en gemeenten een specifieke uitkering aanvragen om taken op het gebied van bodem goed af te ronden en nieuwe bodemkwaliteitsopgaven te signaleren en daarop te reageren met een passende aanpak; dit zijn de zogenaamde SPUK-middelen bodem. De aanvraag is beperkt tot een aantal specifieke onderwerpen. Deze staan in de regeling helder beschreven en is voor de gemeenten die in 2024 bevoegd gezag zijn geworden vrijwel uitsluitend beperkt tot onderzoek naar loodverontreiniging. In 2024 SPUK heeft een aantal gemeenten middelen aangevraagd en ontvangen. De DCMR ondersteunt deze gemeenten bij de aanvraag en uitvoering van de SPUK-projecten. In 2026 kunnen gemeenten weer SPUK aanvragen. Door het ministerie van I&W is de aanvraag voorzien in februari 2026. Toekenning zal dan naar verwachting een half jaar later plaatsvinden. Omgevingsvisie en omgevingsplan Op verzoek van de gemeente adviseert DCMR in omgevingswetprocessen vanuit de beleidscyclus (omgevingsplan en -visie, monitoring en programma) De gemeente gaat de komende jaren een traject in om te komen tot een vastgesteld definitief omgevingsplan.
Dit geldt ook voor een omgevingsvisie met daaraan gekoppelde beleidsstukken, zoals omgevingsveiligheid, geluid en lucht/geur. Dit komt boven op de reguliere adviesrol van DCMR bij ruimtelijke ontwikkelingen. Afhankelijk van de vraag en in welk stadium het proces zich bevindt, dient rekening te worden gehouden met een extra belasting van het werkplan. Daarom wordt met de gemeente gekeken wat de mogelijkheden zijn van financiering buiten het werkplan wanneer de werkplanuren niet toereikend zijn.
Werkplan 2026 I 28
5
Bijlagen
Bijlage 1
Samenvatting werkzaamheden
Producten
PDC
Vooroverleg
OA03
Advies Omgevingstafel
OA06
Omgevingsvergunning milieu-inrichting
OR01
Behandeling melding Bal
OR03
Maatwerkbesluit
OR04
Gelijkwaardigheidsbesluit
OR05
Besluit overleggen rapportage
OR06
Behandeling tijdelijke activiteiten
OR08
Beoordeling verplichte rapportage
OT05
Beoordeling reguleringssituatie
OT15
Gedoogbeslissing
OR40
Besluit op verplichte rapportages
OR42
Totaal cluster Reguleren Toezicht milieubelastende activiteiten (preventief)
OT01
Toezicht (repressief)
OT02
Gebiedstoezicht
OT03
Meldkamer
OD10
Totaal cluster Milieutoezicht Handhavingsbesluit
OH01
Sanctie (bestuurlijk)
OH02
Bestuurlijke strafbeschikking milieu (BSB-m)
OH03
Proces-verbaal
OH04
Besluit op handhavingsverzoek
OH05
Totaal cluster Handhaving Behandeling bezwaar
OJ01
Behandeling (hoger) beroep
OJ02
Juridische (beleids-) ondersteuning
OJ03
Totaal cluster Juridische werkzaamheden Advies milieuaspecten (MJP)
A01
Advies milieuaspecten (Themabeheer)
A01
Borgingstaken
OD24
Totaal cluster Kwaliteit en ontwikkeling VTH Omgevingsvergunning milieu-inrichting
Uren
Kosten in €
968
€ 126.876
5.856
€ 744.765
328
€ 45.464
37
€ 5.222
341
€ 48.436
-
-
OR01
Totaal cluster Regie Advies milieuaspecten
A01
Omgevingsvergunning milieu-inrichting
OR01
Werkplan 2026 I 29
Producten
PDC
Maatwerkbesluit Behandeling melding Bal voor het aanleggen en gebruiken van een gesloten bodemenergiesysteem Ontheffing vervoer gevaarlijke stoffen
OR04
Ontheffing geluidsbelasting
OR26
(Sloop)melding asbest
R28
Beschikking Woo- verzoek
OR41
Toezicht milieubelastende activiteiten (preventief)
OT01
Beoordeling verplichte rapportage
OT05
Toezicht bodembescherming
OT09
Toezicht geluidnormen
OT12
Controle BRIKS
T13
Uren
Kosten in €
OR09 OR12
Totaal cluster Overige VTH taken Advies milieuaspecten
A01
Advies Omgevingstafel
OA06
Beoordeling MER-plicht/ 0-stapadvies
OA04
Mer-beoordelingsprocedure voor ruimtelijke besluiten
OA07
Mer-procedure voor ruimtelijke besluiten
OA08
Beschikking hogere waarde Mer-beoordelingsprocedure voor omgevingsvergunning milieubelastende activiteit Mer-procedure voor omgevingsvergunning milieubelastende activiteit Totaal cluster Omgevingsadvies
OR25
Advies milieuaspecten
A01
Ontheffing geluidsbelasting
OR26
1.000
€ 116.190
187
€ 24.936
189
€ 25.736
752
€ 93.609
R60 R61
Totaal cluster Beleidsadvisering Advies milieuaspecten
A01
Vooroverleg
OA03
Coördinatie bodemsanering
OD03
Informatie-ontsluiting
D11
Behandeling melding sanering van de bodem
OR14
Behandeling melding Besluit bodemkwaliteit
OR15
Beschikking bedrijvenregeling bodemsanering
OR39
Maatwerkvoorschrift bodem
OR55
Beoordeling rapportage bodemonderzoek
OT08
Toezicht bodembescherming
OT09
Gebiedstoezicht bodembescherming
OT10
Totaal cluster Bodem Advies milieuaspecten
A01
Monitoring van de omgevingswaarden voor luchtkwaliteit
OD08
Werkplan 2026 I 30
Producten Meting en monitoring milieukwaliteit
PDC
Kosten in €
D19
Totaal cluster Lucht Advies milieuaspecten
A01
Regionaal afsprakenkader RAK
A01
Geluidbeheer industrielawaai
OD04
Geluidsanering woningen
OD05
Meting en monitoring milieukwaliteit
D19
Aanpassen Geluidproductieplafond
OR27
Totaal cluster Geluid Advies milieuaspecten
A01
Informatie ontsluiting
D11
Totaal Omgevingsveiligheid Informatie-ontsluiting databeheer
D11
Informatie-ontsluiting RVMK
D11
Totaal Cluster Monitoring en databeheer Relatiebeheer
D14
Voorlichting
D12
Totaal cluster Accountbeheer
Uren
51
€ 7.039
36
€ 4.761
117
€ 15.988
188
€ 24.382
552
€ 72.146
-
€ 18.136
-
€ 74.537
Samenwerkingsknoop punt Rijnmond Chemisch advies Monitoring en Omgevingsinformatie Deelname crisisorganisatie /Crisisbeheer gemeenten I-kwadraat Totaal cluster Projectbijdragen Materiële kosten Totaal cluster Materiële kosten Totaal werkplan
10.602
€1.448.222
Werkplan 2026 I 31
Bijlage 2
Overzichtstabel DCMR-werkzaamheden Regiogemeenten
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Arrangement
Reguleren
OA03
Vooroverleg
C
Reguleren
OA06
Advies Omgevingstafel
Reguleren
OR01
Omgevingsvergunning milieuinrichting
Reguleren
OR03
Behandeling melding Bal
Reguleren
OR04
Maatwerkbesluit
Reguleren
OR05
Gelijkwaardigheidsbesluit
Reguleren
OR06
Besluit overleggen rapportage
Reguleren
OR08
Behandeling tijdelijke activiteiten
Reguleren
OT05
Beoordeling verplichte rapportage
Advisering van de initiatiefnemer van een activiteit voorafgaand aan de indiening van de formele aanvraag voor een vergunning of ontheffing. Wettelijk kader: Omgevingswet, Omgevingsbesluit, Bbl, Bal, Awb e.a. Advisering van de initiatiefnemer van een activiteit voorafgaand aan de indiening van de formele aanvraag voor een vergunning of ontheffing. Besluit strekkende tot toestemming voor het uitvoeren van activiteiten die een belasting voor het milieu kunnen vormen. Betreft: Omgevingsvergunning MBA, Revisievergunning, Wijziging omgevingsvergunning, Intrekkingsbesluit (op verzoek en ambtshalve), Geactualiseerde omgevingsvergunning mba, Verklaring van geen bezwaar, Regie Omgevingswet. Beoordeling van een melding in het kader van het Bal betreffende het uitvoeren van activiteiten die een belasting voor het milieu kunnen vormen. Besluit bevattende nadere voorschriften betreffende het uitvoeren van activiteiten die een belasting voor het milieu kunnen vormen. Op aanvraag/verzoek kan toestemming worden verleend om, in plaats daarvan, een gelijkwaardige maatregel te treffen. Met de gelijkwaardige maatregel wordt ten minste hetzelfde resultaat bereikt als met de voorgeschreven maatregel is beoogd. Besluit strekkende tot de verplichting tot het overleggen van een rapportage.
Acceptatie van een kennisgeving van het tijdelijk uitvoeren van activiteiten die een belasting voor de omgeving vormen. In dit cluster voor activiteiten uit het basisbudget VTH. Beoordeling van een, volgens wet- en regelgeving, met betrekking tot milieubelastende activiteiten verplichte in te dienen rapportage. Betreft: beoordeling rapportageverplichting, beoordeling E-PRTRrapportage.
Werkplan 2026 I 32
C A
A A A
A A B
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Reguleren
OT15
Beoordeling reguleringssituatie
Reguleren
OR40
Gedoogbeslissing
Reguleren
OR42
Besluit op verplichte rapportages
Milieutoezicht
OT01
Toezicht milieubelastende activiteiten (preventief)
Milieutoezicht
OT02
Toezicht (repressief)
Milieutoezicht
OT03
Gebiedstoezicht
Milieutoezicht
OD10
Meldkamer
Handhaving
OH01
Handhavingsbesluit
Beoordeling of een bedrijf over de juiste vergunningen e.d. beschikt. Betreft: actualisatietoets vergunningen. Besluit om onder voorwaarden tijdelijk geen gebruik te maken van de handhavingsbevoegdheid. Beoordeling van een, volgens wet- en regelgeving, verplicht door bedrijven in te dienen rapportage, welke goedkeuring van het bevoegd gezag behoeft. Planmatige verificatie of de, voor een milieubelastende activiteit van toepassing zijnde, wet- en regelgeving, de verleende vergunningen en de hieraan verbonden voorschriften worden nageleefd. Betreft: administratief toezicht, deeltoezicht, integraal toezicht, opleveringscontrole, gestapeld toezicht. Verificatie, naar aanleiding van voorafgaande constateringen, of bepaalde, voor een milieubelastende activiteit van toepassing zijnde, wet- en regelgeving, verleende vergunningen en hieraan verbonden voorschriften worden nageleefd. Betreft: administratieve hercontrole, hercontrole, sanctiecontrole, toezicht n.a.v. klacht/ongewoon voorval/handhavingsverzoek. Controle binnen een bepaald gebied op nieuwe en gewijzigde milieubelastende activiteiten en/of op specifieke vergunningssoorten bij milieubelastende activiteiten die onder de Omgevingswet vallen. Betreft: Inventarisatie milieubelastende activiteiten, milieuvlucht, gebiedscontrole specifieke wetgeving. Aannemen van klachten en bedrijfsmeldingen inzake milieuoverlast en incidenten.
De hoofdtaken van de meldkamer zijn het registreren en onderzoeken van milieumeldingen van burgers en bedrijven en het wegnemen van overlast voor burgers en omgeving. Besluit om de naleving van wet- en regelgeving af te dwingen. Betreft: Last onder dwangsom, last onder bestuursdwang, intrekking vergunning en bestuurlijke maatregel horeca.
Werkplan 2026 I 33
Arrangement B C A B
B
B
B
B
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Handhaving
OH02
Sanctie (bestuurlijk)
Handhaving
OH03
Bestuurlijke strafbeschikking milieu (BSB-m)
Handhaving
OH04
Proces-verbaal
Handhaving
OH05
Besluit op handhavingsverzoek
Juridische werkzaamheden
OJ01
Behandeling bezwaar
Juridische werkzaamheden
OJ02
Behandeling (hoger) beroep
Kwaliteit en ontwikkeling VTH
A01
Advies milieuaspecten (MJP)
Ten uitvoer leggen van een bestuurlijk dwangmiddel om de naleving van wet- en regelgeving af te dwingen. Betreft: Voornemen invorderingsbeschikking, invorderingsbeschikking, kostenbeschikking, aanmaning, dwangbevel. Opgelegde straf in de vorm van een boete, door middel van een Bestuurlijke Strafbeschikking Milieufeiten, naar aanleiding van een overtreding van een milieufeit. Bewijskrachtig proces-verbaal dat het Openbaar Ministerie in staat stelt bedrijven en personen te straffen naar aanleiding van een geconstateerde overtreding. Betreft: proces-verbaal functioneel parket (FP), Proces-verbaal CJIB, Snelle Afdoening Milieudelicten (SAM-pv). Besluit op een verzoek van een belanghebbende om een sanctie op een vermeende overtreding toe te passen. Het verdedigen van een eerder genomen besluit voor de bezwarencommissie van het bevoegd gezag. Betreft: Behandeling bezwaar met voorlopige voorziening, behandeling bezwaar zonder voorlopige voorziening. Het bij de Rechtbank of de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verdedigen van een eerder genomen besluit. Betreft: Behandeling beroep met voorlopige voorziening, behandeling beroep zonder voorlopige voorziening, behandeling hoger beroep met voorlopige voorziening, behandeling hoger beroep zonder voorlopige voorziening. Inhoudelijke ontwikkeling en sturing van het MJP.
Kwaliteit en ontwikkeling VTH
A01
Advies milieuaspecten (Themabeheer)
Inhoudelijke ontwikkeling en sturing van de VTH-taken.
Kwaliteit en ontwikkeling VTH
OD24
Borgingstaken
Taken om te voldoen aan geldende proceseisen voor vergunningverlening, toezicht en handhaving (waaronder ook regie en verantwoording UB en monitoring MJP).
Werkplan 2026 I 34
Arrangement B
B B
B A en B
A en B
C C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Arrangement
Regie Omgevingswet
OR01
Omgevingsvergunning milieuinrichting
De regie reguleren werkzaamheden zijn onder te verdelen in 3 hoofdgroepen: Het regisseren van de aanvragen, procesbeheer (administratie) en coördinatie & juridische control.
Overige VTH-taken
A01
Advies milieuaspecten
C
Overige VTH-taken
OR01
Overige VTH-taken
OR09
Beoordeling van een melding Bal voor het aanleggen en gebruiken van een gesloten bodemenergiesysteem.
A
Overige VTH-taken
OR12
Omgevingsvergunning milieuinrichting Behandeling melding Bal voor het aanleggen en gebruiken van een gesloten bodemenergiesysteem Ontheffing vervoer gevaarlijke stoffen
Advies op één of meer milieuaspecten op verzoek van het bevoegd gezag. In dit cluster OVTH-taken die niet uit het basisbudget VTH worden gefinancierd (is eigen tekst/specificatie) Betreft: bijvoorbeeld advies vergunningen, ontheffingen en toezicht. Omgevingsvergunning Bibob
A
Overige VTH-taken
OR26
Ontheffing geluidsbelasting
Overige VTH-taken
R28
(Sloop)melding asbest
Overige VTH-taken
OR41
Beschikking Woo- verzoek
Overige VTH-taken
OT01
Toezicht milieubelastende activiteiten (preventief)
Overige VTH-taken
OT05
Beoordeling verplichte rapportage
Besluit strekkende tot toestemming voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over een specifieke route. Betreft: Ontheffing route gevaarlijke stoffen. Besluit strekkende tot toestemming voor het tijdelijk overschrijden van geluidsnormen door activiteiten. Betreft: bijvoorbeeld evenementen, wegwerkzaamheden en sloopactiviteiten Toetsen en afhandelen (asbest)sloopmelding en het inventarisatierapport. Behandelen van een verzoek om informatie waarbij een beroep wordt gedaan op de Wet open overheid. Planmatige verificatie of de, voor een milieubelastende activiteit van toepassing zijnde, wet- en regelgeving, de verleende vergunningen en de hieraan verbonden voorschriften worden nageleefd. Wettelijk kader: Awb, Omgevingswet, Bal, Bkl, Omgevingsbesluit, Omgevingsplan Varianten DCMR: Toezicht label C (Bbl), EPDB (Bbl) Beoordeling van een, volgens wet- en regelgeving, verplicht door bedrijven in te dienen rapportage.
Werkplan 2026 I 35
A
C
A A B
B
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Overige VTH-taken
OT09
Toezicht bodembescherming
Overige VTH-taken
OT12
Toezicht geluidnormen
Overige VTH-taken Omgevingsadvies
T13 A01
Controle BRIKS Advies milieuaspecten
Omgevingsadvies
OA06
Advies Omgevingstafel
Omgevingsadvies
OA04
Beoordeling MER-plicht/ 0-stapadvies
Omgevingsadvies
OA07
Omgevingsadvies
OA08
Mer-beoordelingsprocedure voor ruimtelijke besluiten Mer-procedure voor ruimtelijke besluiten
Omschrijving
Arrangement
Betreft: Beoordeling rapportageverplichting, E-PRTR-rapportage, Toezicht registratieverplichting werkgebonden personen Mobiliteit, Volledigheid veiligheidsrapportage en kennisgeving Seveso-richtlijn. Controles GBES Planmatige verificatie of wet- en regelgeving wordt nageleefd bij een bodemsanering (of de nazorg daarvan) of bij het omgaan met grond of een lozing. Wettelijk kader: Omgevingswet Planmatige verificatie of de toestemming voor het tijdelijk overschrijden van geluidnormen wordt nageleefd. Wettelijk kader: Omgevingswet, Bbl, omgevingsplan. Betreft bijvoorbeeld het houden van een evenement, uitvoering van wegwerkzaamheden of sloopactiviteiten. Uitvoeren van toezicht op het verwijderen van asbest. Advies over één of meer milieuaspecten op verzoek van het bevoegd gezag. Betreft: Advies milieuaspecten ruimtelijke plannen, advies milieuaspecten taakuitoefening bevoegd gezag, advies milieuaspecten beleid bevoegd gezag, advies milieuaspecten calamiteit, advies vergunningen, ontheffingen en toezicht, Milieubeleidsplan, advies milieutaken privaatrechtelijke taken. Advisering van de initiatiefnemer van een activiteit voorafgaand aan de indiening van de formele aanvraag voor een vergunning of ontheffing. Advies over de vraag of voor een te nemen besluit het uitvoeren van een milieueffectrapportage (mer)-beoordelingsprocedure of het doorlopen van een mer-procedure noodzakelijk is.
Voorbereiding van en besluitvorming van mer-beoordelingsbesluiten ten behoeve van besluitvorming over ruimtelijke besluiten. Uitvoering van de advisering en administratieve taken voor de milieueffectrapportage (mer)-procedure voor ruimtelijke besluiten en programma’s.
Werkplan 2026 I 36
B
C
B C
C C C C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Omgevingsadvies
OR25
Beschikking hogere waarde voor gevallen waar geen GPP’s zijn vastgesteld
Omgevingsadvies
R60
Omgevingsadvies
R61
Beleidsadvisering
A01
Mer-beoordelingsprocedure voor omgevingsvergunning milieubelastende activiteit Mer-procedure voor omgevingsvergunning milieubelastende activiteit Advies milieuaspecten
Beleidsadvisering
OR26
Ontheffing geluidsbelasting
Bodem
A01
Advies milieuaspecten
Bodem
OA03
Vooroverleg
Bodem
OD03
Coördinatie bodemsanering
Besluit strekkende tot vaststelling van een hogere waarde als de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting vanwege weg- en railverkeerslawaai en industrielawaai bij bestaande en nieuwe geluidgevoelige bestemmingen. Dit product vervalt bij in werking treden Omgevingswet, maar als het bevoegd gezag in een bepaald gebied een hogere waarde mogelijk wil maken kan de gemeente dit regelen in het omgevingsplan. Voorbereiding van en besluitvorming van mer-beoordelingsbesluiten ten behoeve van besluitvorming over omgevingsvergunningen milieubelastende activiteit (mba). Uitvoering van de besluitvorming, advisering en overige taken voor de milieueffectrapportage (mer)-procedure voor omgevingsvergunningen milieubelastende activiteit (mba). Advies over één of meer milieuaspecten op verzoek van het bevoegd gezag. Betreft: Advies milieuaspecten ruimtelijke plannen, advies milieuaspecten taakuitoefening bevoegd gezag, advies milieuaspecten beleid bevoegd gezag, advies milieuaspecten calamiteit, advies vergunningen, ontheffingen en toezicht, Milieubeleidsplan, advies milieutaken privaatrechtelijke taken. Besluit strekkende tot toestemming voor het tijdelijk overschrijden van geluidsnormen door activiteiten. Advies over één of meer milieuaspecten op verzoek van het bevoegd gezag. In dit cluster m.b.t. bodem.
Betreft: Advies milieuaspecten ruimtelijke plannen, advies milieuaspecten taakuitoefening bevoegd gezag, advies milieuaspecten beleid bevoegd gezag, advies milieuaspecten calamiteit, advies vergunningen, ontheffingen en toezicht, Milieubeleidsplan, advies milieutaken privaatrechtelijke taken. Advisering van de initiatiefnemer van een activiteit voorafgaand aan de indiening van de formele aanvraag voor een vergunning of ontheffing. Coördinatie van het traject van bodemonderzoek tot en met een eventuele sanering.
Werkplan 2026 I 37
Arrangement C
A
A
C
C A
C C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Bodem
D11
Informatie-ontsluiting
Bodem
R13
Beschikking bodemsanering
Bodem
OR14
Behandeling melding sanering van de bodem
Bodem
OR15
Behandeling melding Besluit bodemkwaliteit
Bodem
OR39
Bodem
OR55
Beschikking bedrijvenregeling bodemsanering Maatwerkvoorschrift bodem
Bodem
OT08
Het toegankelijk hebben van informatie betreffend de taakvelden van de Omgevingsdienst voor de bevoegde gezagen en eventuele andere participanten. • Beheer bodeminformatiesysteem • Bodemtelefoon of DCMR-website. In de Wbb zijn regels gesteld ten aanzien van de sanering van gevallen van (ernstige) bodemverontreiniging. N.a.v. een aanvraag beoordeelt DCMR of de sanering goed en volgens de wettelijke regelingen wordt uitgevoerd. DCMR stelt een beschikking op over de ernst van een verontreiniging en spoedeisendheid van de sanering, de instemming met het saneringsplan, en de evaluatie van de uitgevoerde sanering en eventueel het nazorgplan. Dit betreft overgangsrecht en is alleen van toepassing voor Schiedam. Beoordeling van de melding van de uitvoering van een eenvoudige bodemsanering. Mba graven boven en beneden interventiewaarden. Voorheen BUS-melding. Beoordeling van een melding van het toepassen van grond, bagger of bepaalde bouwstoffen in en/of op de bodem of het tijdelijk opslaan van grond of bagger op de bodem. Betreft: beoordeling melding MBA opslaan en toepassen; beperkte beoordeling melding MBA opslaan en toepassen. Beschikking op een aanvraag voor subsidie voor uitvoering van een bodemsanering Besluit bevattende nadere voorschriften betreffende het uitvoeren van bodemactiviteiten.
Beoordeling van een bodemonderzoeksrapportage op van toepassing zijnde wet- en regelgeving. Betreft: Onderzoek rapportage bodemonderzoek, beoordeling plan van aanpak, beoordelen evaluatieverslag toevalsvondst, beoordelen monitoringsrapportage.
Beoordeling rapportage bodemonderzoek
Arrangement
Werkplan 2026 I 38
A
A
A
A A C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Arrangement B
Bodem
OT09
Toezicht bodembescherming
Bodem
OT10
Gebiedstoezicht bodembescherming
Planmatige verificatie of wet- en regelgeving wordt nageleefd bij een bodemsanering (of de nazorg daarvan) of bij het omgaan met grond of een lozing. Betreft: Toezicht MBA saneren/graven, toezicht bodemsanering, toezicht bodemsanering administratief, toezicht MBA toepassen/opslaan, toezicht ontgronding, toezicht nazorglocaties, toezicht herstelplicht, toezicht toepassing maatwerkregels/ -voorschriften, toezicht grondwaterbescherming, toezicht niet gemelde MBA’s saneren, toezicht spoedlocaties en toevalsvondsten, toezicht ongewoon voorval/ illegale bodemverontreiniging. Toezicht binnen een bepaald gebied op grondstromen, grondwater, B grondwerken en opslagplaatsen voor grond die onder de Omgevingswet of het overgangsrecht vallen.
Lucht
A01
Advies milieuaspecten
Lucht
D19
Meting en monitoring milieukwaliteit
Lucht
OD08
Geluid
A01
Monitoring van de omgevingswaarden voor luchtkwaliteit Advies milieuaspecten
Geluid
A01
Regionaal afsprakenkader RAK
Advies op één of meer milieuaspecten op verzoek van het bevoegd gezag. Het incidenteel, periodiek of continu verzamelen van, analyseren en rapporteren en rapporteren over milieudata. Betreft: meting milieukwaliteit, meting milieukwaliteit continu. Monitoring van de rijksomgevingswaarden over de luchtkwaliteit m.b.v. een monitoringtool.
C
Advies op één of meer milieuaspecten (in dit cluster m.b.t. geluid) op verzoek van het bevoegd gezag. (verdeelsleutelproject) Regionaal Afspraken kader Geluid (RAK): Op 8 juli 2015 ondertekenden de provincie Zuid-Holland, de gemeenten Rotterdam, Brielle (nu Voorne aan Zee), Maassluis, Nissewaard, Schiedam, Vlaardingen, Westvoorne (nu Voorne aan Zee), Deltalinqs, het Havenbedrijf Rotterdam en DCMR een afsprakenkader over geluid en ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied Rijnmond-West. Albrandswaard is sinds 2023 aangesloten. DCMR voert het secretariaat. Ook moet het afsprakenkader vernieuwd worden.
C
Werkplan 2026 I 39
B
C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Geluid
OD04
Geluidbeheer industrielawaai
Geluid
OD05
Geluidsanering woningen
Geluid
OR27
Aanpassen Geluidproductieplafond
Geluidbeheer industrieterreinen verplicht en bedrijventerreinen (indien gewenst). Betreft: Beheer en onderhoud, beheerplan, inpassing bedrijf, opstellen beleidskader. Opstellen van een saneringsprogramma vanwege te hoge geluidbelastingen en advisering en begeleiding van de uitvoering van dit programma. Voorbereiden van het besluit tot aanpassen van een geluidproductieplafond vanwege wegverkeerslawaai en industrielawaai bij bestaande en nieuwe geluidgevoelige bestemmingen. Betreft: aanpassen geluidproductieplafond. Dienstbrede Omgevingsveiligheid werkzaamheden (doeluitkering)
Omgevingsveiligheid A01
Advies milieuaspecten
Omgevingsveiligheid D11
Informatie ontsluiting
Monitoring en databeheer
D11
Informatie-ontsluiting
Monitoring en databeheer
D11
Informatie-ontsluiting
Accountbeheer
D14
Relatiebeheer
Accountbeheer
D12
Voorlichting
Het toegankelijk hebben van informatie betreffend de taakvelden van de Omgevingsdienst voor de bevoegde gezagen en eventuele andere participanten. Betreft: informatiebeheer veiligheid (doeluitkering). Het toegankelijk hebben van informatie betreffend de taakvelden van de Omgevingsdienst voor de bevoegde gezagen en eventuele andere participanten. Doel van het project Databeheer is het ondersteunen van de processen vergunningverlening, toezicht en handhaving, (omgevings-) advisering, MER en monitoring. In het kader van dit project worden geografische data (kaarten) en ruimtelijke milieugegevens verzameld, beheerd en ontsloten. RVMK Geografische visualisatie van de milieubelasting als gevolg van wegverkeer. Het beheren van het (ambtelijke en waar nodig bestuurlijke) netwerk met de gemeentelijke (en provinciaal) opdrachtgever. Gevraagd en ongevraagd informatie verschaffen aan de maatschappij over de taakuitoefening door de omgevingsdienst door middel van communicatie.
Werkplan 2026 I 40
Arrangement B C
C
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Arrangement
Projectbijdragen
NVT
Samenwerkingsknoop punt Rijnmond
Projectbijdragen
NVT
Chemisch advies
Projectbijdragen
NVT
Monitoring en Omgevingsinformatie
Projectbijdragen
NVT
Crisisbeheersing/ Deelname crisisorganisatie
Het samenwerkingsknooppunt Rijnmond (SKP) verricht werkzaamheden die erop gericht zijn een efficiënte en effectieve handhaving binnen de regio te bevorderen en DCMR met externe ketens en handhavingspartners te verbinden. Het SKP heeft een initiërende, coördinerende en faciliterende rol. De bijdragen van de deelnemers aan het SKP zijn overeenkomstig een vastgestelde verdeelsleutel. Advisering bij incidenten met gevaarlijke stoffen is per 1 januari 2018 overgenomen door de VRR. DCMR voert de taak nog wel gedeeltelijk uit onder verantwoordelijkheid en op kosten van de VRR. De afspraken hierover tussen DCMR en de VRR zijn vastgelegd in een Dienstverleningsovereenkomst (DVO). Gegevens worden verzameld en verwerkt tot circa 130 relevante indicatoren. In 2018 wordt tevens verder gewerkt aan versterking van de sturing, zodat meer samenhang ontstaat in alle DCMR (omgevings)data, -monitoring en –informatie. Inbreng van specifieke expertise bij calamiteiten en de nazorg daarvan. De Wet op de veiligheidsregio’s is bij (multidisciplinaire) voorbereiding op ramp- en crisissituaties een belangrijke pijler en stelt (kwaliteits-)eisen aan de organisatie en de deelnemers in een veiligheidsregio. Onder regie van de VRR wordt door de partners in de VRR gewerkt aan de ontwikkeling van crisisscenario’s, crisisbeheersingsplannen en wordt veel aandacht besteed aan opleiden, trainen en oefenen.
DCMRwerkzaamheden hierbij zijn het inbrengen van kennis en vertegenwoordiging in VRR, deelname aan oefeningen en in stand houden van de crisisorganisatie binnen DCMR.
Werkplan 2026 I 41
Cluster
PDC
Productsoort PDC
Omschrijving
Arrangement
Projectbijdragen
NVT
I-kwadraat
Materiële kosten
NVT
Materiële kosten
Het Informatiesysteem Industrielawaai (I-kwadraat) is het systeem (van database, software en werkafspraken) waarmee het beheer gedaan wordt van de geluidmodellen van de industrieterreinen waarvoor de gemeente in de Wet geluidhinder is aangewezen als zonebeheerder. Door middel van de geluidmodellen wordt inzichtelijk gehouden hoeveel geluidruimte binnen een zone beschikbaar is en worden de grenswaarden bewaakt die van toepassing zijn op de geluidbelasting van het industrieterrein als geheel. Het systeem wordt ook gebruikt voor het sturen op de inrichting van de (akoestische) ruimte van het industrie- of bedrijventerrein zoals dit is vastgelegd in een beleidsregel of bestemmingsplan. Specifieke kosten die gemaakt worden voor werkzaamheden in het programma milieubeheer.
Werkplan 2026 I 42
Bijlage 3
Taken, bevoegdheden en mandaat
1. Gemeenschappelijke regeling DCMR Artikel 20 Taken 1. De dienst kan, met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden, adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden verrichten op het gebied van de zorg voor de leefomgeving, het milieu en duurzaamheid. 2. De dienst heeft in ieder geval tot taak het in standhouden van een meldkamer. 3. Naast de taak genoemd in het vorige lid voert de dienst, in ieder geval de volgende taken uit, met inachtneming van het takenpakket zoals vastgelegd in het Besluit activiteiten leefomgeving, het ter zake door de deelnemer geformuleerde beleid en van de daartoe gemaakte afspraken en opdrachtverlening: a) Adviseren over en uitvoeren van taken van (onderdelen van) door gedeputeerde staten, en colleges van burgemeester en wethouders te geven beschikkingen bij of op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Wet milieubeheer en de Algemene wet bestuursrecht en/of na inwerkingtreding van die wet, de omgevingswet en de op die wet gebaseerde regels; b) Uitoefenen van (deel-) toezicht op de naleving van het bij of op basis van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de in die wet in artikel 5.1 genoemde wetten en/of na inwerkingtreding van die wet, de omgevingswet en de op die wet gebaseerde regels, en het adviseren over het toepassen van bestuursrechtelijke handhaving; c) Uitvoeren van bezwaar- en beroepsprocedures
conform de Algemene wet bestuursrecht en andere relevante regelgeving; d) Multidisciplinaire taken in de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond (m.u.v. de provincie Zuid-Holland); e) Milieutoezicht bij bedrijfsmatige activiteiten die vallen onder het Besluit bodemkwaliteit voor zover het die activiteiten betreft; f) Milieutoezicht bij bodemsanering, sanering van bedrijfsterreinen en lozing van grondwater bij bodemsanering en proefbronnering voor zover het die activiteiten betreft; g) Ketengericht milieutoezicht bij bedrijfsmatige activiteiten. 4. Met betrekking tot de uitvoering en nadere invulling van de in het vorige lid sub a. tot en met e. genoemde taken worden door of namens het dagelijks bestuur en elk van de deelnemers schriftelijk werkafspraken gemaakt. 5. In aanvulling op het bepaalde in het derde lid verricht de dienst op verzoek van een deelnemer - ook buiten het samenwerkingsgebied - andere adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden. 6. Onverminderd de verplichtingen die voortvloeien uit de in het derde en vijfde lid bedoelde taken, kan de dienst op verzoek van derden - ook buiten het samenwerkingsgebied adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden verrichten. 7.
Indien ten gevolge van wijziging van wettelijke regelingen werkzaamheden als bedoeld in dit artikel gaan strekken ter uitvoering van een andere regeling dan ter uitvoering waarvan zij ten tijde van het van kracht worden van deze gemeenschappelijke regeling strekten, dan wel indien in deze werkzaamheden ten gevolge van een dergelijke wijziging veranderingen optreden, blijven zij, voor zover hun strekking en omvang door die wijziging niet wezenlijk veranderen, behoren tot de taken die overeenkomstig dit artikel aan de dienst zijn opgedragen. Artikel 21 Bevoegdheden 1. Aan het bestuur van de dienst worden geen bevoegdheden gedelegeerd door de deelnemers, tenzij wetgeving de delegatie van bevoegdheden voorschrijft. 2. De colleges van de deelnemers kunnen hun bevoegdheden ten aanzien van de bij of krachtens artikel 20 aan de dienst opgedragen taken, mandateren aan de directeur van de dienst. 3. Ambtenaren van de deelnemers kunnen ondermandaat verlenen aan de directeur van de dienst, voor zover zij hiertoe bevoegd zijn.
Werkplan 2026 I 43
2. Mandaten Mandaatgever
Omschrijving
Datum besluit 21-01-2025
Burgemeester en Mandaat- en machtigingsbesluit wethouders van Nissewaard gemeente Nissewaard voor de directeur DCMR Milieudienst Rijnmond
Werkplan 2026 I 44
Bijlage 4
Dienstbrede Projectbijdragen
Participant
SKP
Albrandswaard
€ 2.639
€ 4.227
€ 1.734
€ 3.835
Totaal Project bijdragen € 12.434
Barendrecht
€ 2.639
€ 740
€ 1.734
€ 4.341
€ 9.453
Capelle a/d IJssel
€ 2.639
€ 1.734
€ 3.835
€ 8.207
Goeree Overflakkee
€ 7.612
€ 5.283
€ 3.484
€ 12.737
€ 29.116
Krimpen a/d IJssel
€ 2.639
€ 5.072
€ 1.734
€ 3.366
€ 12.810
Lansingerland
€ 7.612
€ 3.484
€ 12.737
€ 23.832
Maassluis
€ 2.639
€ 1.734
€ 3.147
€ 10.266
Nissewaard
€ 5.281
€ 3.484
€ 9.371
€ 18.136
Ridderkerk
€ 2.639
€ 7.502
€ 1.734
€ 8.178
€ 20.052
Schiedam
€ 7.612
€ 11.042
€ 3.484
€ 9.371
€ 31.508
Vlaardingen
€ 7.612
€ 10.356
€ 3.484
€ 7.924
€ 29.375
WE-Nose
Ranomos I-kwadraat
€ 2.747
MOI
Crisisbeheersing
Voorne aan Zee
€ 7.612
€ 3.484
€ 13.459
Rotterdam
€ 34.056
€ 93.854
€ 28.845
€ 73.968
€ 89.907
€ 158.695
Provincie ZuidHolland Totaal werkplannen Havenbedrijf Rotterdam N.V. Rotterdam The Hague Airport Totaal projectbijdragen
€ 45.218
€ 93.854
€ 28.845
€ 73.968
€ 89.907
€ 138.445
€ 187.707
€ 57.690
€ 194.905
€ 211.117
€ 73.968
€ 29.540
€ 250.994
€ 187.707
€ 86.535
Lucht meetnet
€ 24.554 € 10.950
€ 145.000
€ 635.274
€ 10.950
€ 435.000
€ 777.741
€ 21.900
€ 580.000
€ 1.642.759 € 103.508
€ 28.845 € 138.445
RTHA
€ 51.100 € 268.873
€ 240.657
€ 250.994
€ 73.000
€ 79.945 € 580.000
Werkplan 2026 I 45
€1.826.212
Bijlage 5
Uitvoeringsbeleidsplan MJP 2023-2026
Het Uitvoeringsbeleidsplan MJP 2023-2026 Het Uitvoeringsbeleidsplan MJP 2023-2026 beschrijft de wijze waarop DCMR de VTH-taken uitvoert. Bestaande en in ontwikkeling zijnde beleidskaders van de participanten en het Rijk zijn hierin het uitgangspunt. De beleidsuitgangspunten van de VTH-taken zijn gericht op effect en zetten in op de bijdrage aan een vitale, innovatieve en toekomstbestendige regionale economie, zoals circulaire economie en energietransitie. Daarnaast is door het samenwerkingsverband SEVESO+ de kwaliteit van de uitvoering en het level playing field voor bedrijven verstevigd. Door de invoering van de Omgevingswet wordt bij nieuwe activiteiten breder gekeken dan alleen milieu, de scope is een gezonde leefomgeving. De samenwerking met de GGD wordt bevorderd om expertises te bundelen. Verder is het doortastend vergunning verlenen scherp geformuleerd. De vergunningsprocedures worden efficiënter gemaakt door het verbeteren van de communicatie tussen DCMR en de bedrijven. DCMR zal participanten ondersteunen bij het leveren van informatie voor het berekenen van leges. Het huidige VTH-stelsel wordt versterkt door de prioritering, de inzet en het creëren van capaciteit voor strafrechtelijke handhaving en vervolging, informatie-uitwisseling en het investeren in kennisontwikkeling en -deling.
Verder is op basis van één risicoanalyse per regio één uitvoerings- en handhavingsbeleid en één uitvoeringsprogramma opgesteld. Bij de uitvoering van VTH-taken is de inhoudelijke aanpak sterk verbonden met de discussie over capaciteitsinzet, prioriteitstelling en de kwaliteitseisen die aan de uitvoering worden gesteld. Daarom behandelt het Uitvoeringsbeleidsplan de wijze van budgettering en prioriteitstelling alsook de wijze waarop de kwaliteit van de uitvoering wordt verbeterd en geborgd. Daarmee is vastgelegd hoe de VTH-taken worden gefinancierd, geprioriteerd en uitgevoerd. Belangrijke onderdelen in het plan zijn het basisbudget gemeenten, de kostprijs berekenings-methodiek voor de provincie Zuid-Holland, de borgingstaken en het verwerken van de consequenties van de Omgevingswet. Het onderdeel meerjarenprogramma (MJP) geeft inzicht in de prioriteiten en in de accenten die DCMR daarbij legt. Het vormt het kader voor de uitvoering van wettelijke taken, beleid en ambities van onze participanten. De doelen, die in het meerjarenprogramma voor de komende vier jaar zijn benoemd, zijn in onze ogen ambitieus maar ook realistisch en haalbaar. Gezien de snel veranderende koers van de maatschappelijke ontwikkelingen zijn goede monitoring en jaarlijkse bijstelling van focuspunten van groot belang.
Zo brengen we een schone, gezonde, hindervrije en duurzame omgeving voor alle inwoners van de Rijnmond dichterbij De onderdelen risicosturing, de thema’s met risicoscores per branche, de sanctiestrategie, borgingstaken en het meerjarenprogramma worden hieronder nader toegelicht. 1.1 Risicosturing Risicosturing bij toezicht en handhaving Om uitvoering te geven aan risicosturing wordt elk jaar een uitvoeringsprogramma opgesteld. Het deel dat betrekking heeft op toezicht komt tot stand in drie stappen: 1) Het potentieel effect van de risico’s die aan een inrichting zijn verbonden, zijn het uitgangspunt bij het bepalen van het toezicht. DCMR onderscheidt verschillende niveaus. De aanpak is afhankelijk van de risicoscores op de thema’s. Per branche is bepaald welke thema’s prioritair zijn. 2) Het naleefgedrag van de bedrijven bepaalt de selectie van de bedrijven waarop DCMR het toezicht en de aard en diepgang van het toezicht specifiek richt. 3) De doelgroep analyse (hoe zit de sector in elkaar, wat wil DCMR daar bereiken, wat waren eerdere resultaten, wat leert DCMR van het naleefgedrag van de sector) bepaalt mede de aanpak van het toezicht door de keuze van de interventie-instrumenten vastgelegd in een brancheplan.
Werkplan 2026 I 46
Samen bepalen deze drie stappen de aard en omvang van het toezicht. Stap 1 is voor het grootste deel afhankelijk van het bedrijvenbestand en relatief stabiel over de jaren. Stappen 2 en 3 zullen zich van jaar tot jaar ontwikkelen op basis van voortschrijdend inzicht en het gedrag van de bedrijven. De gegevens voor stappen 1 en 2 zijn opgenomen in het risicomodel RIAN. Stap 3 levert input voor de aanpak. Risicosturing bij reguleren Jaarlijks vindt er een actualisatietoets plaats op het vergunningenbestand, waarbij: • Een toetsing plaatsvindt op actualiteit van alle vergunningen naar aanleiding van nieuwe wet- en regelgeving; • Een toetsing plaatsvindt van vergunningen van tien jaar oud op inhoud en overzichtelijkheid. Voor Seveso-bedrijven geldt dat deze hieraan eens in de vijf jaar worden onderworpen; • De inhoudelijke toets richt zich in ieder geval op de thema’s ‘luchtkwaliteit’, ‘externe veiligheid’ en ‘zeer zorgwekkende stoffen’. DCMR stelt jaarlijks op basis van de uitgevoerde toets een actualisatieprogramma op met daarin de volgorde en prioritering van de actualisaties. Deze zijn afhankelijk van de risico’s voor veiligheid en de leefomgeving en de wettelijke termijnen voor implementatie van nieuwe wet- en regelgeving.
Bij de totstandkoming van het actualisatieprogramma worden de politiek bestuurlijke prioriteiten zoals die onder meer als focuspunten zijn vastgelegd in het Meerjarenprogramma, de resultaten van de actualisatietoets en de bevindingen van toezicht en handhaving in het afgelopen jaar, betrokken. De relatie met het budget Het benodigde budget voor de VTH-basistaken wordt vastgesteld op basis van de bedrijfskentallen die gebaseerd zijn op de complexiteit van het bedrijvenbestand per participant. De hoogte van het budget is dus onafhankelijk van de uitkomsten van het RIAN. Het uitvoeringsprogramma 2025 moet uiteraard passen binnen de budgetten die met de participant zijn afgesproken. Het passend maken van het programma per participant gebeurt door aan twee knoppen te draaien: • De selectie van de bedrijven; • De intensiteit van de toezichtaanpak (omvang van de brancheaanpak of steekproef, fasering over de jaren, etc.). Het is aan DCMR om met een slimme aanpak van toezicht ervoor te zorgen dat het uitvoeringsprogramma past binnen de budgetten en indien nodig hierover een discussie aan te gaan of risico-afwegingen voor te leggen. De vastgestelde beleidsbegroting, waarin genoemde VTH-budgetten zijn opgenomen, is daarbij leidend.
Werkplan 2026 I 47
1.2 Thema’s met risicoscores per brancheclusters Voor het uitwerken van brancheplannen wordt gebruik gemaakt van inherente risicoscores per thema. Een thema kan bij een branche een score 0 t/m 3 hebben. Hoe hoger de score hoe meer invloed de branche heeft op het thema. INHERENTE RISICOSCORE THEMAS PER BRANCHE 0 Branchecluster heeft (potentieel) geen invloed/bijdrage aan thema in Rijnmondgebied 1 Branchecluster heeft (potentieel) enige invloed/bijdrage aan thema in Rijnmondgebied 2 Branchecluster heeft (potentieel) belangrijke invloed/bijdrage aan thema in Rijnmondgebied 3 Branchecluster heeft (potentieel) zeer veel invloed/bijdrage aan thema in Rijnmondgebied BRANCHE
LUCHT STANK VEILIG GELUID BODEM ENERGIE AFVAL AFVAL VERVOERS TOTAAL HEID WATER MANAGEMENT SCORE
Horeca
0
2
0
3
0
1
2
2
1
11
Installaties
1
0
1
1
1
1
0
1
0
6
Metaalrecycling
1
2
2
2
2
2
3
3
2
19
Metaalelektro
1
1
1
1
2
1
1
1
1
10
Onderwijs
0
0
1
1
0
2
1
0
1
6
Op- en overslag (tank)
3
2
3
1
3
3
1
2
2
20
Op- en overslag afvalbedrijven
1
2
1
2
2
2
3
3
3
19
Op- en overslag gevaarlijke stoffen
1
0
3
1
1
1
1
1
2
11
Op- en overslag overig
0
0
1
1
1
1
1
1
2
8
Overige dienstverlening
0
0
0
1
0
2
1
0
2
6
Raffinaderijen
3
3
3
2
3
3
2
3
3
25
Rubber en kunststof
2
1
1
1
2
2
1
2
2
14
Scheepswerven
1
1
1
2
2
2
1
1
1
12
Sport en recreatie
0
0
0
2
0
1
1
1
2
7
Tankstations
2
1
2
1
3
2
0
1
0
12
Veehouderijen
2
2
1
1
1
1
1
1
0
10
Voedingsmiddelenindustrie
0
2
1
1
1
2
2
2
2
13
Consumentenvuurwerk
0
0
2
0
0
0
0
0
0
2
Zorg excl. ziekenhuizen
1
0
1
1
0
2
2
2
2
11
Zorg ziekenhuizen (niet psych)
2
0
2
1
2
3
3
2
2
17
Werkplan 2026 I 48
1.3 Sanctiestrategie Bij constatering van overtredingen treedt DCMR repressief op, volgens de ‘Sanctiestrategie voor milieuovertredingen’. De sanctiestrategie geeft, in de vorm van een matrix, een richtinggevend kader voor het opleggen van een passende sanctie op basis van de ernst van de overtreding en het gedrag van de overtreder. Landelijke Handhavingsstrategie Omgevingsrecht (LHSO) Eind 2022 is de nieuwe LHSO door het bestuurlijk omgevingsberaad (BOB) vastgesteld. Sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet werkt DCMR overeenkomstig de nieuwe LHSO. De landelijke handhavingsstrategie Brzo is ook aangepast aan de Omgevingswet en heet nu de Landelijke Handhavingsstrategie Seveso-inrichtingen (LHS). De nieuwe LHSO is geactualiseerd en gericht op de Omgevingswet met toepassing van nieuwe instrumenten (bijv. de bestuurlijke boete) en kent een sterkere afstemming tussen het bestuursrecht en het strafrecht. Tegelijkertijd is de impact voor de werkwijze bij DCMR beperkt, aangezien grote delen gelijk zijn gebleven (bijv. de sanctiematrix blijft grotendeels gelijk) en al overeenkomstig de uitgangspunten van de toekomstige LHSO werd gewerkt. De sanctiestrategie milieuovertredingen ziet er schematisch als volgt uit:
Bij de ernst van de overtreding gaat het om (mogelijke) risico's voor milieu, veiligheid en gezondheid. Bij het gedrag van de overtreder gaat het om de categorieën: proactief, onverschillig, calculerend of een bewuste structurele overtreding. Afhankelijk van de ernst van de overtreding en het gedrag van de overtreder worden alleen bestuursrechtelijke of in zwaardere gevallen ook strafrechtelijke maatregelen getroffen.
Werkplan 2026 I 49
1.4 Borgingstaken De werkzaamheden die nodig zijn om aan de kwaliteitseisen van de Omgevingswet te voldoen, noemen we de ‘borgingstaken’. Er gelden eisen voor het beleid en de uitvoering van regulering, inspectie en handhaving. De werkwijze omvat een plan-do-act-cyclus, die helemaal moet worden doorlopen. In 2024 is de handreiking regionale beleidscyclus vastgesteld in het kader van het Interbestuurlijk programma VTH. Aan de hand van de handreiking zal worden beoordeeld of de werkwijze onder de borgingstaken nog wijziging behoeft. Belangrijk onderdeel van de handreiking is bijvoorbeeld de strategische samenwerking met partners om tot gezamenlijke focus, aanpak en inzet te komen. Het maximumaantal uren dat DCMR jaarlijks voor deze taken inzet, bedraagt 6.500. Dit is nu toereikend om de verplichte borgingsproducten op een voldoende niveau te realiseren. De volgende activiteiten vallen onder de borgingstaken: • Meerjarenprogramma; • Jaarprogramma; • Nalevingstrategie; • Kwaliteitsborging; • Beheer risicoanalyse model RIAN; • Volgen ontwikkelingen; • Extern overleg. Meerjarenprogrammering (MJP) DCMR actualiseert de meerjarenprogrammering één keer in de vier jaar. Het Meerjarenprogramma is in 2022 bijgesteld in het Uitvoeringsbeleidsplan MJP 2023-2026. Het MJP is de weergave van de gezamenlijke visie op de zogenaamde focuspunten. De focuspunten zijn in het MJP uitgewerkt.
Ze dienen als dienstbreed (programmatisch) uitvoeringskader voor de jaarplannen van de verschillende afdelingen. In deze jaarplannen laten de afdelingen zien op welke manier zij aan de visie en doelstellingen gaan bijdragen. Met duidelijke doelstellingen wil DCMR zichtbaar maken op welke manier haar inspanningen bijdragen aan maatschappelijke doelen en daarmee aan de gezamenlijke visie van participanten. Om de onderbouwing van het meerjarenprogramma op peil te houden zijn monitoring, informatie en analyse nodig. Dat kost elk jaar tijd, net als het bijhouden van relevante ontwikkelingen. Ook leiden nieuwe focuspunten tot nieuwe protocollen om data te verzamelen ten behoeve van de KPI’s uit het MJP. De protocollen dienen ook om de datakwaliteit te toetsen en voor de verslaglegging over bereikte doelen. In 2025 is gestart met de implementatie van de handreiking regionale beleidscyclus. Doel is om met externe partners en andere OD's in Zuid-Holland tot strategische afspraken te komen voor het volgende MJP. Jaarprogramma Het jaarprogramma omvat het programmeren van werkzaamheden voor regulering, toezicht en handhaving in toezichtsplannen, de doelgroep-analyse en het actualisatieprogramma vergunningverlening. Een groot deel daarvan pakt DCMR planmatig op. De werkzaamheden omvatten daarom het opstellen van de toezichtsplannen en het actualisatieprogramma.
De vertaling daarvan naar de werkplannen (het uitwerken van de participant specifieke impact) is niet inbegrepen, evenmin als de uren voor de projectleiding. Tijd wordt ingezet op het op strategisch en tactisch niveau analyseren van data. Ook wordt een evaluatie van de doelen opgenomen. Naast de plannen per proces heeft DCMR op bepaalde focuspunten uit het MJP een programma opgesteld waarbij zowel intern als extern interdisciplinair wordt gewerkt, waarmee ook ruimtelijke- en beleidsadvisering een plek hebben in de aanpak. Zo zijn er programma´s voor energietransitie en circulaire economie en ZZS. Tevens vinden er verkenningen plaats naar nieuwe focuspunten voor het MJP in een programma in oprichting voor de waterkwaliteit en gezondheid.
Werkplan 2026 I 50
Nalevingstrategie (toezicht, sanctie, gedoog) Eens n de vier jaar vindt een herziening van de nalevingstrategie plaats. Daarnaast houdt DCMR jaarlijks de ontwikkelingen en actualiteit bij. Ook is er aandacht voor de wijze waarop sancties, termijnen en het uitvoeren daarvan worden gehanteerd en afgestemd. Kwaliteitsborging Jaarlijks worden protocollen vergunningverlening, toezicht en handhaving, productaudits, intervisie en procesreviews geactualiseerd. Op deze post wordt tevens ingezet op digitalisering van handhavingsbevindingen door middel van digitale checklist en handleidingen toezicht en vergunningverlening. Daarnaast vindt een jaarlijkse check plaats op het voldoen aan de kwaliteitseisen voor personele middelen en rapportage op de in de kwaliteitscriteria genoemde aspecten. Roulatie van medewerkers wordt geborgd. Benodigd en beschikbaar budget worden op elkaar afgestemd. Beheer risicoanalysemodel (RIAN) Dit omvat het onderhoud aan het risicomodel RIAN. Volgen van ontwikkelingen in beleid, regelgeving, jurisprudentie In de proceseisen van de kwaliteitscriteria, is het volgen van ontwikkelingen in beleid, regelgeving en jurisprudentie voorwaarde om VTH-taken op niveau te kunnen uitvoeren. Voeren van extern overleg, gericht op de uitvoering De proceseisen omvatten overleg met parket, politie, brandweer en waterkwaliteitsbeheerder.
Daarbij gaat het onder meer om het verwerven, beheer en onderhoud van externe data. Het gaat om het deel van het werk dat redelijkerwijs kan worden omgeslagen over alle categorieën bedrijven. Onder deze post valt onder andere het Rijnmondberaad. Het Rijnmondberaad bestaat uit deelnemers van de 12 Rijnmondgemeenten, gemeente Goeree en de Ketenpartners (GGD, VRR, Waterschappen, etc.). Het is een ambtelijk overleg met als belangrijkste onderwerp de Omgevingswet en heeft als belangrijkste doel kennisdeling en samenwerkingsverbanden mogelijk maken. DCMR faciliteert het overleg en levert de voorzitter. De voorzitter wordt intern ondersteund door een procesondersteuner. DCMR ziet het Rijnmondberaad als een mooi platform om kennis te delen en samenwerkingsverbanden mogelijk te maken ook op andere onderwerpen dan de Omgevingswet. 1.5 Meerjarenprogramma In hoofdstuk 2 van het Uitvoeringsbeleidsplan MJP 2023-2026 is het geactualiseerde meerjarenprogramma MJP opgenomen. Het meerjarenprogramma (MJP 2023-2026) geeft richting aan doelen en ambities van de regio, door het aanbrengen van focus en prioritering in de taakuitvoering. Aan de focuspunten wordt extra aandacht besteed naast de reguliere taakuitvoering. Per focuspunt zijn doelen (in termen van te bereiken effecten) en activiteiten die bijdragen aan de realisatie van die doelen geformuleerd.