CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

43. MRDH, 1e bestuursrapportage mrdh 2024

Gemeenteraad 18 september 2024, gemeente NissewaardBij agendapunt: Lijst van Ingekomen Stukken18.270 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Opdracht 3

naar voren dat er ruimtelijke consequenties zijn bij het verlengen van de haltes. Met name op het gebied van groen, bomen en parkeerplekken. Gemeente Den Haag, HTM en MRDH werken samen aan een Ruimtelijk hoofdkeuze document voor lijn 2, 3 en 4. Met als doel om ruimtelijke

Opdracht 4

impact en oplossingsrichtingen van het verlengen van de haltes in Den Haag te bepalen. Daarna maken we samen een integrale afweging voor de keuze op welke lijnen gekoppeld te gaan blauw

• uitvoeren verkenning nieuwe spoorbeveiliging Samenloopdeel. Beoordelen van aanmeldingen voor het IPVa 2025 Kleine projecten in het kader van de Woningbouw versnellingsmaatregelen.

Opdracht 6

Opdracht 5

MOVV ‘Gekoppeld Rijden’ RandstadRail:

28

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

●

blauw

●

rijden.

OV-ontwikkelprogramma’s In het vervoersgebied van de RET worden dossiers zoals het Plan Toekomstvast Tramnet, project Metronet, HOV Ridderkerk, HOV Maastunnel korte termijn, diverse knooppunten en OV-doorstromingsprojecten gerealiseerd. In het vervoersgebied van de HTM (OV Next) wordt de instroom nieuwe stadstrams, een remise, versnellingsprojecten OV, knooppunten en het project gekoppeld rijden RandstadRail gerealiseerd. Beide programma’s dragen bij aan de verstedelijkingsopgave.

Opdracht 1

Welke resultaten willen we bereiken? ● Oplevering project HOV Maastunnel ● HOV Ridderkerk met als doel het versnellen van het openbaar vervoer. ● Upgrade van busstation en metrostation Spijkenisse Centrum. ● Invoering 1e fase maatregelen Plan toekomstvast tramnet Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Status

Op basis van de uitwerking HOV Ridderkerk subsidie verlenen aan de

blauw

Opdracht 2

Aangegeven inspanning/activiteit

Toelichting

●

gemeente Ridderkerk met als doel het openbaar vervoer te versnellen. blauw Op basis van rapportage bespreken van de voortgang van de Upgrade van het

Realisatie HOV Maastunnel en knooppunt Zuidplein

●

blauw

● ●

Opdracht 3

bus- en metrostation Spijkenisse centrum. Uitwerking Plan Toekomstvast Tramnet

blauw

Opdracht 3 - Actieve en collectieve vormen van mobiliteit stimuleren

Welke resultaten willen we bereiken? ● Circa 100 km Metropolitane fietsroutes realiseren tot en met 2026.

Opdracht 5

Het programma helpt om hoogwaardige, regionale fietsroutes te realiseren om het gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer te stimuleren. We helpen de individuele gemeenten bij Metropolitane fietsroutes bij het opstellen van een voorkeurstracé, schetsontwerp en financiële raming voor de gehele route. De MRDH levert procesbegeleiding tot en met de samenwerkingsovereenkomst (incl. planstudie) en verleent subsidie aan wegbeheerders. Wegbeheerders leggen de fietsroutes aan en zorgen voor het beheer en onderhoud van de fietsroutes.

Opdracht 4

Programma Metropolitane fietsroutes (MFR)

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

Opdracht 6

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting.

29

Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Toelichting

Verstrekken van subsidie op basis van een definitief ontwerp voor tracédelen

oranje

We monitoren de subsidieaanvragen van de

uit de samenwerkingsovereenkomsten (SOK) MFR routes Zoetermeer –

●

wegbeheerders op basis van een dashboard

Rotterdam, Westland –Rotterdam, Delft – Rotterdam Alexander, Den Haag

per route. We beoordelen het definitief

- Pijnacker, Westland - Delft, Westland - Den Haag HS, Westland - Den Haag CS

ontwerp per wegbeheerder en tracédeel

en (Dordrecht) Ridderkerk – Rotterdam.

op basis van de gemaakte afspraken in de samenwerkingsovereenkomst. Vervolgens verlenen we subsidies.

Opdracht 2

Opdracht 1

Verbeterd OV-systeem Via de OV-concessies en de daarbinnen afgesproken jaarlijkse vervoerplannen kunnen wij de OVmaatregelen ‘op straatniveau’ invoeren. We voeren aanpassingen van het OV-netwerk uit, rekening houdend met andere opgaven, zoals inrichting van de buitenruimte, omgevingshinder, 30-50 km/u, lopen, fietsen en verkeersveiligheid in de gemeenten.

Welke resultaten willen we bereiken? ● Een verbeterd OV-systeem zodat het makkelijker en aantrekkelijk wordt voor de reiziger om het OV te gebruiken en een OV-systeem dat is afgestemd op lopen en fietsen en past in de buitenruimte.

Opdracht 4

Opdracht 3

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Realisatie deelprogramma’s ‘Instroom Nieuwe Trams Haagse Regio (INTHR)

blauw

Start realisatie lijn 1 Delft en Rijswijk

blauw

Ingebruikname lijn 19 naar TU-wijk

Toelichting

● ● blauw ●

Opdracht 5 - Versterken van het regionale mobiliteitsnetwerk

Opdracht 5

Autonetwerk en verkeersmanagement We optimaliseren het bestaande wegennetwerk door het verstrekken van subsidies bij infrastructurele ingrepen in het netwerk door wegbeheerders waarbij ook ingezet wordt op andere mobiliteitsoplossingen als gedragsverandering.

Opdracht 6

Welke resultaten willen we bereiken? ● Optimalisatie van het bestaande wegennetwerk door wegbeheerders. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting.

30

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Subsidiëring voor optimalisatie in het wegennetwerk door wegbeheerders.

blauw

Hiervoor kunnen de gemeenten jaarlijks voorstellen indienen voor opname

Toelichting

●

in het IPVa. De gemeenten hebben tot 31 juli 2023 de tijd om projecten aan te melden. De bestuurscommissie neemt in december 2023 een besluit over opname in het IPVa 2024.

Regionaal basisnetwerk fiets

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

Opdracht 2

Welke resultaten willen we bereiken? ● Circa 100 km fietspad op het regionaal basisnetwerk fiets is verbeterd in 2026 (incl. verkeersveilige inrichting).

Opdracht 1

Het regionale basisnetwerk fiets bestaat uit ongeveer 1.400 km fietspad. Op basis van het regionale basisnetwerk fiets kunnen gemeenten de komende jaren tot maximaal 50% subsidie aanvragen om fietspaden in het netwerk te verbeteren. De MRDH verleent subsidie voor verbeteringen op het regionale basisnetwerk fiets op basis van de samen afgesproken inhoudelijke randvoorwaarden. Wegbeheerders voeren de verbeteringen aan de fietspaden uit.

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Status

Toelichting

Fietspaden die onderdeel zijn van het basisnetwerk fiets komen bij kwaliteits­

oranje

Wegbeheerders hebben nog geen subsidie­

verbetering in aanmerking voor 50% subsidie. Hiervoor kunnen de gemeenten jaarlijks voorstellen indienen voor opname in het IPVa. De gemeenten hebben

●

Opdracht 3

Aangegeven inspanning/activiteit

aanvraag ingediend voor de aanleg of de verbetering van fietsinfrastructuur.

tot 31 juli 2023 de tijd om projecten aan te melden. De bestuurscommissie

Opdracht 4

neemt in december 2023 een besluit over opname in het IPVa 2024.

Programma Knooppunten

Opdracht 6

Welke resultaten willen we bereiken? ● Circa 18 OV-knooppunten zijn verbeterd in 2026. De volgende knooppunten staan op de planning: Capelsebrug, Delft Campus, Den Haag Hoornwijck, Den Haag Ypenburg, Pijnacker Zuid, Nootdorp, Lansingerland Westpolder, Schiedam Vijfsluizen, Maassluis West, Rhoon, Poortugaal, Barendrecht, Zoetermeer Station, Schiedam Centrum, Den Haag Laan van NOI, Rotterdam Beurs, Rotterdam Alexander en Rijswijk Station.

Opdracht 5

De MRDH, stationsbeheerders en de individuele gemeente(n) zetten gezamenlijk in op kwaliteitsverbetering van bestaande knooppunten. De MRDH verstrekt subsidie voor de verbetering van deze OV-knooppunten. De gemeente (als wegbeheerder) of de stationsbeheerder is verantwoordelijk voor de realisatie van de verbetering.

31

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Op basis van het vastgestelde startdocument kunnen gemeenten/

blauw

Toelichting

●

wegbeheerders verder uitvoering geven aan de verbetering van het OVknooppunt. Hiervoor kunnen de gemeenten voorstellen indienen voor het

Opdracht 4

Opdracht 3

Opdracht 2

Opdracht 1

IPVa voor 50% subsidie.

Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid We werken vanuit de aanpak ‘Maak een punt van Nul’, aan het verminderen van het aantal slachtoffers in het verkeer. De MRDH ondersteunt de individuele gemeenten met financiële middelen om gedragsinterventies en infrastructurele maatregelen tot uitvoering te brengen.

Welke resultaten willen we bereiken? ● Er worden circa 160 projecten gerealiseerd voor verbetering van de verkeersveiligheid van het regionale mobiliteitsnetwerk. ● Een toename van het aantal deelnemende basisscholen aan SCHOOL op SEEF van 33% naar 62%. ● Een toename van het aandeel deelnemende voortgezet onderwijsscholen aan TotallyTraffic van 38% naar 49%. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Toelichting

Op basis van de Regionale Uitvoeringsagenda Verkeersveiligheid kunnen

oranje

De gemeenten hebben in 2024 nog geen subsidie

gemeenten/wegbeheerders verder uitvoering geven aan een verkeersveilige

●

inrichting. Hiervoor kunnen de gemeenten voorstellen indienen voor het

aangevraagd voor de in juli 2023 aangemelde verkeersveiligheidsprojecten

IPVA voor 50% subsidie. De gemeenten hebben tot 31 juli 2023 de tijd om projecten aan te melden. De bestuurscommissie neemt in december 2023 een

Opdracht 6

Opdracht 5

besluit over opname in het IPVa 2024.

Doorstromingsprojecten uit OV-Ontwikkelprogramma’s Via deze programma’s werken wij met individuele gemeenten, vervoerders en andere partijen aan een aantal doorstromingsprojecten voor de tram en bus. De MRDH is concessieverlener van het regionale OV en werkt met de individuele gemeenten en vervoerders de projecten voor de ontwikkeling van het OV uit.

Welke resultaten willen we bereiken? ● We investeren in doorstromingsmaatregelen voor het OV om ervoor te zorgen dat de reistijd in het OV wordt verkort.

32

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Toelichting

In het vervoersgebied van HTM en de RET uitvoering geven aan de realisatie

oranje

We werken in Rotterdam met de gemeente en de

van diverse kleinere versnellingsmaatregelen (afscheiding langs trambanen, optimaliseren van verkeerregelinstallaties en halteverplaatsingen).

●

RET de projecten buslijn 70 en tram Laan van zuid uit, we verwachten dit jaar de realisatiebesluiten te nemen.

vastgestelde Plan Toekomstvast tramnetwerk concreet uit. Versnellingsmaatregelen maken daar een groot deel van uit. Verwachte realisatie

Opdracht 1

We werken met de gemeenten en RET het

van maatregelen is vanaf 2025 aan de orde. Den Haag: Leidschendam-Voorburg en HTM versnellings­ maatregelen uit rondom de Mall of the Netherlands. Het gaat onder andere om het

Opdracht 2

We werken samen met de gemeente

vervangen van iVRI’s.

In navolging van Amsterdam gaan ook gemeenten binnen de MRDH voor het verlagen van snelheden als belangrijk middel voor het

Opdracht 3

Van 50 naar 30km/h:

verbeteren van de verkeersveiligheid. Het verlagen van de snelheid van 50 km naar 30 nadelige gevolgen voor het OV te versnellen en dit is nadelig voor onze reizigers (langere reistijd) en voor de exploitatie (meer bussen nodig).

Opdracht 4

km/h op gebiedsontsluitingswegen heeft (grote)

We werken daarom samen met de gemeenten Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Rijswijk en ambitie ‘versnellen van het openbaar vervoer vast te houden.

Opdracht 5

Delft en de HTM aan een visie document om de

Opdracht 6

33

3.2.2 Financiële afwijkingen Programma 2 Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Lasten per programma Projectkosten Verkeer Verkeersmanagement en wegenstructuur

26.108.451

17.680.585

-8.427.866

Fiets- en ketenmobiliteit

31.795.381

34.344.157

2.548.776

Verkeersveiligheid

8.981.454

16.653.191

7.671.737

Subtotaal Verkeer

66.885.286

68.677.933

1.792.647

Netwerk openbaar vervoer

57.662.805

111.926.640

54.263.835

Subtotaal Openbaar vervoer

57.662.805

111.926.640

54.263.835

Directe kosten personeel

1.496.525

1.529.600

33.075

Subtotaal Apparaatslasten

1.496.525

1.529.600

33.075

126.044.616

182.134.173

56.089.557

Onttrekking fonds BDU

124.402.450

180.188.398

55.785.948

Overige inkomsten

1.642.166

1.945.775

303.609

126.044.616

182.134.173

56.089.557

0

0

0

Projectkosten Openbaar vervoer

Apparaatslasten

Totaal lasten Baten

Totaal baten Saldo van baten en lasten

34

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Toelichting financiële afwijkingen Lasten Verkeersmanagement en wegenstructuur De lagere verwachte bestedingen van € 8,4 miljoen ontstaan door: Onderwerp

Mutatie lasten €

In de begroting 2024 was nog rekening gehouden met de start van de realisatie van het bovengrondse ontwerp van de

-

4,0 miljoen

-

0,7 miljoen

subsidiecategorie worden geen projecten meer gerealiseerd. In de begroting 2024 was nog geen rekening gehouden met de bijdrage van het Rijk aan het werkbudget voor het samen­ +

0,4 miljoen

werkingsverband Zuid-Holland Bereikbaar. Het Rijk heeft dit bedrag toegevoegd aan de BDU beschikking voor 2024. In de begroting was de jaarschijf voor de Korte Termijn Aanpak (KTA) Move 2020-2023 van € 6 miljoen nog

5,3 miljoen

Beatrixlaan, één van de maatregelen uit het bestuursakkoord ‘A4 Passage en Poorten & Inprikkers’. Naar verwachting start de uitvoering van het project niet eerder dan in 2026. Bijstelling jaarschijf 2024 Central Innovation District (CID)-Binckhorst, no-regret maatregelen. Binnen deze

-

niet verdeeld over de vier subsidiecategorieën, maar als algemene post begroot binnen de subsidiecategorie Verkeersmanagement en wegenstructuur (VMWS). Die verdeling vindt nu plaats. Binnen WMWS is sprake van een vijftal lopende subsidies: • Westland: Maatregel C4/C8: Werkgeversaanpak Royal Flora Holland, Honderdland en ABC Westland; • Westland: Maatregel C7: Doorstromingsmaatregelen A20 • Voorne-Putten en Haven Rotterdam: Maatregel D2: Logistiek Platform • Voorne-Putten en Haven Rotterdam: Maatregel D3: Mobiliteitsmanagement Gedragsbeïnvloeding • Aanpakken: Maatregel G4: Reefer hub De verwachte bestedingen voor deze projecten bedragen € 0,7 miljoen in 2024. Het budget binnen VMWS voor de KTA wordt daarom met € 5,3 miljoen verlaagd. Het programma AVLM is eind 2022 geëvalueerd. In de bestuurscommissie Vervoersautoriteit is besloten kennis­

+ 1,3 miljoen

ontwikkeling te continueren, lopende projecten af te ronden en geen nieuwe pilots te starten. In de begroting 2024 was nog geen rekening gehouden met bestedingen na 2022. Naast een jaarlijks onderzoeksbudget van € 0,2 miljoen lopen er nog twee pilotprojecten: • project Certificering Autonoom Vervoer in de Openbare Ruimte (CAVIDOR); • realiseren van automatisch vervoer bij Rotterdam The Hague Airport (MARTHA). De verwachte bestedingen voor 2024 voor AVLM bedragen in totaal € 1,3 miljoen. In de begroting wordt voor het programma Kleine Projecten in eerste instantie rekening gehouden met een stelpost

- 0,1 miljoen

voor nieuwe subsidieverleningen ten laste van het subsidieplafond in het begrotingsjaar. Deze stelpost is per subsidiecategorie gelijk (25% van het totale subsidieplafond van € 30 miljoen, d.w.z. € 7,5 per subsidiecategorie) en wordt verdeeld over drie jaar (€ 2,5 miljoen per jaar) vanwege de aanname dat infrastructurele projecten gemiddeld in drie jaar tot volledige realisatie en dus besteding komen. De stelpost wordt op het moment van subsidieverlening omgezet naar concrete projecten in de begroting. In de begroting 2024 was in dit kader voor de jaarschijf 2024 een stelpost van € 5 miljoen opgenomen voor het IPVa 2023 en 2024. Het IPVa 2023 is inmiddels volledig verplicht en voor het IPVa 2024 is het totale subsidieplafond verhoogd met € 5 miljoen naar € 35 miljoen. De stelpost voor het jaar 2024 wordt daarom verhoogd met 25% van € 5 miljoen en verdeeld over drie jaar (€ 0,4 miljoen). Per saldo wordt de begroting binnen de subsidiecategorie Verkeersmanagement en wegenstructuur verlaagd met € 0,1 miljoen: • Stelpost 2023 verlagen met € 2,5 miljoen; • Stelpost 2024 verhogen met € 0,4 miljoen; • Lopende kleine subsidieprojecten 2023 en eerder: verhogen jaarschijf 2024 met € 2 miljoen. Totaal

- € 8,4 miljoen

35

Fiets- en ketenmobiliteit De hogere verwachte bestedingen van € 2,5 miljoen ontstaan door: Onderwerp

Mutatie lasten €

Realisatie van de metropolitane fietsroutes Zoetermeer-Rotterdam en Den Haag - Pijnacker starten niet eerder dan in

-

6,2 miljoen

+

3,1 miljoen

+

1,4 miljoen

+

4,2 miljoen

2025. In de begroting 2024 was voor deze routes nog € 6,2 miljoen opgenomen. Bij de 2e bestuursrapportage 2024 is meer zicht op de voortgang van de overige routes en voor die routes zal op dat moment indien nodig een bijstelling plaatsvinden. In de begroting was de jaarschijf voor de Korte Termijn Aanpak (KTA) Move 2020-2023 van € 6 miljoen nog niet verdeeld over de vier subsidiecategorieën, maar als algemene post begroot binnen de subsidiecategorie Verkeersmanagement en wegenstructuur (VMWS). Die verdeling vindt nu plaats. Binnen Fiets- en ketenmobiliteit is sprake van een drietal lopende subsidies: • Oeververbinding (inclusief Algeracorridor): Maatregel B03: Snelfietsroute Algerabrug - Capelsebrug • Oeververbinding (inclusief Algeracorridor): Maatregel B13: Snelfietsroute Algerabrug (tracé Capelle) • Zoetermeer: Maatregel E03: Aansluiting Entreegebied op station Zoetermeer De verwachte bestedingen voor deze projecten bedragen € 3,1 miljoen in 2024. Het budget binnen deze subsidiecategorie voor de KTA wordt daarom met € 3,1 miljoen verhoogd. In het kader van het Transitieprogramma OV en corona is er voor stimulering van ketenmobiliteit € 1,4 miljoen aan budget doorgeschoven vanuit de jaarrekening 2023. Bij de 2e bestuursrapportage 2024 is meer zicht op de specifieke invulling van het budget en zal indien nodig nog een bijstelling plaatsvinden.

In de begroting wordt voor het programma Kleine Projecten in eerste instantie rekening gehouden met een stelpost voor nieuwe subsidieverleningen ten laste van het subsidieplafond in het begrotingsjaar. Deze stelpost is per subsidiecategorie gelijk (25% van het totale subsidieplafond van € 30 miljoen, d.w.z. € 7,5 per subsidiecategorie) en wordt verdeeld over drie jaar (€ 2,5 miljoen per jaar) vanwege de aanname dat infrastructurele projecten gemiddeld in drie jaar tot volledige realisatie en dus besteding komen. De stelpost wordt op het moment van subsidieverlening omgezet naar concrete projecten in de begroting. In de begroting 2024 was in dit kader voor de jaarschijf 2024 een stelpost van € 5 miljoen opgenomen voor het IPVa 2023 en 2024. Het IPVa 2023 is inmiddels volledig verplicht en voor het IPVa 2024 is het totale subsidieplafond verhoogd met € 5 miljoen naar € 35 miljoen. De stelpost voor het jaar 2024 wordt daarom verhoogd met 25% van € 5 miljoen en verdeeld over drie jaar (€ 0,4 miljoen). Per saldo wordt de begroting binnen de subsidiecategorie Fiets- en ketenmobiliteit verhoogd met € 4,2 miljoen: • Stelpost 2023 verlagen met € 2,5 miljoen; • Stelpost 2024 verhogen met € 0,4 miljoen; • Lopende kleine subsidieprojecten 2023 en eerder: verhogen jaarschijf 2024 met € 6,3 miljoen. Totaal

36

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

+ € 2,5 miljoen

Verkeersveiligheid De hogere verwachte bestedingen van € 7,7 miljoen ontstaan door: Onderwerp

Mutatie lasten €

Voor de nog lopende projecten in het kader van de Rijksregeling Stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen worden

+

1,6 miljoen

+

6,1 miljoen

de budgetten over de nog resterende jaarschijven verdeeld op basis van realisatie bij de jaarrekening 2023 en verwachte verdere projectvoortgang. Voor 2024 betekent dit een verhoging van het budget met € 1,6 miljoen. In de begroting wordt voor het programma Kleine Projecten in eerste instantie rekening gehouden met een stelpost voor nieuwe subsidieverleningen ten laste van het subsidieplafond in het begrotingsjaar. Deze stelpost is per subsidiecategorie gelijk (25% van het totale subsidieplafond van € 30 miljoen, d.w.z. € 7,5 per subsidiecategorie) en wordt verdeeld over drie jaar (€ 2,5 miljoen per jaar) vanwege de aanname dat infrastructurele projecten gemiddeld in drie jaar tot volledige realisatie en dus besteding komen. De stelpost wordt op het moment van subsidieverlening omgezet naar concrete projecten in de begroting. In de begroting 2024 was in dit kader voor de jaarschijf 2024 een stelpost van € 4,6 miljoen opgenomen voor het IPVa 2023 en 2024. Het IPVa 2023 is inmiddels volledig verplicht en voor het IPVa 2024 is het totale subsidieplafond verhoogd met € 5 miljoen naar € 35 miljoen. De stelpost voor het jaar 2024 wordt daarom verhoogd met 25% van € 5 miljoen en verdeeld over drie jaar (€ 0,4 miljoen).

Per saldo wordt de begroting binnen de subsidiecategorie Verkeersveiligheid verhoogd met € 6,1 miljoen: • Stelpost 2023 verlagen met € 2,5 miljoen; • Stelpost 2024 verhogen met € 0,4 miljoen; • Lopende kleine subsidieprojecten 2023 en eerder: verhogen jaarschijf 2024 met € 8,2 miljoen. Totaal

+ € 7,7 miljoen

Netwerk openbaar vervoer De hogere verwachte bestedingen van € 54,3 miljoen ontstaan door: Onderwerp

Mutatie lasten €

Voor een aantal projecten schuift de realisatie in tijd naar achter, waardoor de lasten uit 2023 terecht komen

+

25,8 miljoen

+

19,3 miljoen

+

9,0 miljoen

terwijl ze stonden begroot bij Verkeersmanagement en wegenstructuur. Voor lijn 19 is 2023 besloten door de BCVa om extra budget beschikbaar te stellen. Het besluit leidt naar verwachting

+

2,7 miljoen

ook tot hogere lasten in 2024. Voor kleine OV-projecten binnen het programma Kleine projecten wordt in 2024 meer realisatie verwacht (€ 1,1 miljoen).

+

1,1 miljoen

Door vertraging in de realisatie schuift een deel van de lasten voor het programma versnellingsmaatregelen OV naar 2025.

-

3,6 miljoen

Totaal

+ € 54,3 miljoen

in 2024. Het gaat om programma Instroom nieuwe trams Haagse regio (INTHR) voor € 16,2 miljoen. Dit wordt veroorzaakt doordat er minder aanvragen van gemeente Den Haag zijn ontvangen dan voorzien, vertraging van het aanvraagproces en vertraging in de uitvoering. Daarnaast schuiven de projecten Systeemspring sneltramtraject (€ 2,3 miljoen), 4-sporigheid Schiedam (3,2 miljoen), Hart van Zuid (€ 0,5 miljoen), Hoekse lijn (€ 1,6 miljoen), Sebastiaansbrug (€ 0,9 miljoen) en R-net Ridderkerk Rotterdam (1,1 miljoen). De verwachte studiekosten van de projecten gekoppeld rijden RandstadRail & vernieuwen spoorbeveiliging (€ 1,5 miljoen), Metronet (€ 2,7 miljoen) Oude lijn & Knooppunten (€ 1,9 miljoen), Bereikbaarheid CID Binckhorst (€ 10,3 miljoen incl. Rijksbijdrage) en Stadsbrug Rotterdam (€ 2,9 miljoen) zijn geactualiseerd en leiden tot extra lasten in 2024. De toenemende lasten komen enerzijds door het doorschuiven van ongebruikt budget uit 2023. Anderzijds als gevolg van afspraken over de verdeling van de studiekosten binnen de projecten die bij het opstellen van de begroting 2024 nog niet waren gemaakt en dus ook niet waren begroot. De reserveringen voor de studiekosten komen ten laste van het totale beschikbare budget voor deze projecten, dus het betreft een verschuiving in tijd en geen extra budget.

Voor een aantal (deel)projecten uit de programma’s no regret Binckhorst en de Korte Termijn Aanpak (KTA) geldt dat de verleningen en daarbij behorende lasten in 2024 uiteindelijk binnen categorie netwerk openbaar zullen vallen

37

Apparaatslasten De stijging van de lasten betreft de verwerking van de cao stijging. Zie voor de verdere toelichting de paragraaf Bedrijfsvoering (opgenomen in hoofdstuk 5.3).

Baten

Opdracht 1

Onttrekking fonds BDU De BDU-onttrekking betreft het saldo van de kosten minus de overige inkomsten van derden. Overige inkomsten Dit betreft de specifieke uitkering in het kader van de Rijksregeling Stimulering verkeersveiligheids­ maatregelen. De verwachte realisatie van dit Rijksbudget is gekoppeld aan de verwachte voortgang van deze projecten.

Opdracht 2

3.3 Programma Economisch Vestigingsklimaat De begroting voor het programma Economisch Vestigingsklimaat is opgezet langs de opdrachten uit de Strategische Agenda voor het vernieuwen van de economie. Het gaat voor dit programma om de volgende twee opdrachten:

Opdracht 3

Opdracht 2 - toekomstbestendige economie stimuleren; Opdracht 4 - vernieuwen van werklocaties. Bij iedere opdracht zijn in de Strategische Agenda resultaten beschreven. Deze resultaten geven antwoord op de vraag wat we de komende jaren willen bereiken. De resultaten zijn gekoppeld aan één of meer activiteiten. Deze activiteiten geven aan wat we gaan doen om deze resultaten te bereiken.

Opdracht 6

Opdracht 5

Opdracht 4

3.3.1 Wat willen we bereiken en wat gaan we daarvoor doen? Opdracht 2 - Toekomstbestendige economie stimuleren Algemeen Het aanpakken van de mismatch tussen onderwijs en arbeidsmarkt en het verhogen van de productiviteit en bedrijvigheid zorgt voor de groei van welvaart en welzijn. Door een groei van het aantal arbeidsplaatsen en deze arbeidsplaatsen in te vullen met geschikt personeel groeit de arbeidsparticipatie. De extra arbeidsplaatsen en productiviteit dragen bij aan de ambitie van extra groei van welvaart en welzijn. Voor een betere aansluiting tussen onderwijs en de arbeidsmarkt zetten we in op twee programma’s: Campusprogramma en Leven Lang Ontwikkelen programma. Voor extra productiviteit en bedrijvigheid zetten we in op Versterken mkb en Versterken innovatieecosysteem en innovatieprogramma’s. Hierna wordt per aandachtsgebied op basis van de Strategische Agenda aangegeven wat we willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen in 2024.

38

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Campusprogramma Minimaal veertien campussen in de regio richten zich op het ontwikkelen van toekomstbestendige vaardigheden waaronder ondernemerschap, innovatie en kennisvalorisatie. Vanwege de krappe arbeidsmarkt ligt de focus op de IT-, energie-, techniek-, greenport- en zorgsector en het haven industrieel complex. De MRDH focust op de samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid en onderwijs op mbo- en hbo-campussen. Driekwart van het totaal aantal studenten in de regio is namelijk mbo-en hbo-student. Ook het merendeel van de banen in deze regio betreft mbo- en hbo-niveau. Daarom liggen hier de meeste kansen.

Opdracht 2

Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Status

Toelichting

We leveren een financiële bijdrage aan vier campusversterkingsprojecten.

oranje

Op dit moment inventariseren we bij alle

●

gemeenten en campussen aan welke initiatieven zou kunnen worden bijgedragen. We voeren nu eerste gesprekken met een aantal gemeenten

Opdracht 3

Aangegeven inspanning/activiteit

Opdracht 1

Welke resultaten willen we bereiken? ● Verbeterde samenwerking tussen onderwijs, overheid en bedrijfsleven via regionale mbo- en hbocampussen en mogelijk via nieuwe samenwerkingen met onderwijsinstellingen. ● Jaarlijks nemen minimaal 1.000 studenten en 250 bedrijven per jaar deel aan campus(innovatie) opdrachten en programma’s. ● Minimaal veertien fysieke mbo- en hbo-campussen, dichtbij regionale bedrijvigheid met een goede geografische spreiding in de regio.

over mogelijke campusprojecten, zowel nieuwe als bestaande campussen. De gemeenten hebben blauw

We stimuleren de samenwerking tussen mbo- en hbo-campussen en tussen

blauw

deze campussen en wo-campussen in innovatie en kennisvalorisatietrajecten die bijdragen aan regionale transitieopgaven. We ondersteunen campussen in hun communicatie naar mkb- bedrijven

nog geen concrete projecten aangemeld.

● ●

blauw

● Opdracht 5

met behulp van de ontwikkelde toolkit, die een kopverhaal over het

Opdracht 4

We organiseren drie campus netwerksessies voor kennisdeling.

campusnetwerk en kernverhalen per sector bevat, een corporate presentatie, feiten en cijfers, showcases en een folder.

Opdracht 6

39

Programma Leven Lang Ontwikkelen (LLO) LLO zorgt door om- en bijscholing van werkenden en werkzoekenden voor een kwalitatief goede beroepsbevolking, die op alle niveaus bijdraagt aan de regionale economie.

Opdracht 2

Opdracht 1

Welke resultaten willen we bereiken? ● Verbeterd aanbod LLO op de campussen en bij andere grote mbo- en hbo-opleiders in de regio. ● Meer werkenden en werkzoekenden volgen een omscholing- en bijscholingstraject. ● Jaarlijks ronden minimaal 1.300 werkenden en zij-instromers een omscholing of bijscholingstraject aan een campus af. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

We leveren een financiële bijdrage aan minimaal vier LLO-projecten per jaar

blauw

in die sectoren die voor de metropoolregio de grootste opgave hebben (IT-,

Toelichting

●

energie-, techniek-, het haven industrieel complex, greenport en zorgsector) en in samenwerking met een mbo en/of hbo campus. We gaan nieuwe samenwerkingen aan met regionale partijen gericht op werkenden, werkzoekenden en zij-instromers, die skills opleidingen

blauw

●

Opdracht 5

Opdracht 4

Opdracht 3

aanbieden, met ook aandacht voor diversiteit. Dit met als doel de impact van de LLO-projecten op de arbeidsmarkt te vergroten, evenals de regionale samenwerking op LLO-gebied.

Versterken mkb Er is een grote groep mkb in de metropoolregio die behoefte heeft aan toegang tot informatie en advies om tijdig beslissingen te nemen om hun bedrijf gezond te houden, weer gezond te maken of tijdig te stoppen. Ondernemers hebben behoefte aan een transparant systeem van dienstverlening waarbij het aanbod van verschillende partijen onderling samenhangt, transparant en begrijpelijk is. Dit is in de praktijk nog te weinig het geval.

Welke resultaten willen we bereiken? ● Een hoger deel mkb is ondersteund. ● Meer samenhang tussen initiatieven voor het mkb in de regio. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

Opdracht 6

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting.

40

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Aangegeven inspanning/activiteit

Status

Op basis van een in 2023 uitgevoerde behoefte-inventarisatie onder

blauw

accountmanagers ondernemers/bedrijven van 21 gemeenten wordt

Toelichting

●

een bijbehorend uitvoeringsplan opgesteld. De activiteiten die in het uitvoeringsplan voor 2024 bepaald zijn gaan we in 2024 uitvoeren. oranje We leveren een financiële bijdrage aan één tot twee projecten waarin het mkb

Gemeenten hebben nog geen projectaanvragen

gestimuleerd wordt innovatie toe te passen.

ingediend. We proberen deze actief op te halen

●

in gesprekken met gemeenten. Hierbij maken we een koppeling met projecten uit Region of We onderhouden een netwerk van accountmanagers ondernemers/bedrijven

the Future.

●

Opdracht 1

van 21 gemeenten en we delen kennis over innovatieprogramma's, regelingen

blauw

en best practices via twee tot drie sessies en/of via andere kanalen die uit de behoefte-inventarisatie van 2023 komen.

Versterken innovatie-ecosysteem en innovatieprogramma’s

Opdracht 2 Opdracht 3

In Region of the Future worden samen met Yes!Delft oplossingen ontwikkeld voor regionale innovatie­ vraagstukken. Startups ontwikkelen schaalbare, commercieel en technisch haalbare oplossingen. Gemeenten kunnen hier optreden als eerste klant, waardoor maatschappelijke opgaven direct worden gekoppeld aan de uitdagingen van individuele gemeenten. De nieuwe producten en diensten die dit oplevert zorgen voor stageplaatsen, nieuwe bedrijvigheid, kostenbesparingen en productiviteitsgroei. Daarnaast stimuleren we sectorale innovatieprogramma’s en innovatieve programma’s/projecten op economische toplocaties die zorgen ervoor dat bedrijven hun vernieuwende producten en diensten sneller ontwikkelen in testomgevingen (‘fieldlabs’). Hierbij ligt de focus op het toepassen van innovatie bij het mkb. De MRDH stimuleert innovatie door met strategische partners zoals InnovationQuarter en de provincie Zuid-Holland financiering en schaalvergroting van programma’s te organiseren waardoor deze meer maatschappelijke- en economische effecten opleveren.

Opdracht 4

Welke resultaten willen we bereiken? ● Toename percentage van startups en scaleups binnen de totale bedrijvigheid in de regio. ● Adoptie van businesscases uit het innovatie-ecosysteem door minimaal tien gemeenten. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

Opdracht 5

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status

We brengen de resultaten van het programma Region of the Future (RotF)

blauw

actief onder de aandacht van gemeenten en we kijken met gemeenten of zij

Toelichting

● Opdracht 6

kunnen/willen optreden als launching customer. blauw We kijken op basis van de resultaten van het programma Region of the Future

●

in 2023 of er nieuwe en bestaande startups kunnen worden versterkt. blauw In de afspraken met InnovationQuarter versterken we innovatie-ecosystemen en stellen de rol van regionaal mkb daarin centraal.

●

41

Opdracht 4 - Vernieuwen van werklocaties

Opdracht 5

Opdracht 4

Opdracht 3

Opdracht 2

Opdracht 1

Het economische en maatschappelijke belang van winkelgebieden, kantorenlocaties en bedrijven­ terreinen is groot. Deze plekken bieden werkgelegenheid aan een brede beroepsbevolking, bieden ondernemers en bedrijven de ruimte om te produceren, innoveren en slimme oplossingen te bedenken. Daarmee spelen ze (in potentie) een sleutelrol in grote transities, zoals de energietransitie, circulaire transitie en klimaatadaptatie (waaronder ruimte voor groenblauwe oplossingen op bedrijventerreinen) en digitalisering. Aan de hand van de Strategie werklocaties MRDH sturen de 21 gemeenten op het versterken van de ruimtelijke economische structuur van de regio door marktevenwicht tussen vraag en aanbod van ruimte te stimuleren, het beter benutten van de bestaande werklocaties en het aanjagen van vergroening en verduurzaming. De MRDH organiseert de regionale afstemming tussen de individuele gemeenten om gezamenlijk te sturen op de voorraad van winkels, bedrijventerreinen en kantoren.

Welke resultaten willen we bereiken? ● Lager percentage leegstand bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel (o.b.v. vloeroppervlakten). ● Beter benutten van geschikte locaties voor watergebonden bedrijven en voor HMC-bedrijven op bestaande bedrijventerreinen. ● Hoger percentage kantoren met minimaal energielabel C. ● Revitalisering/verduurzaming verouderd of leegstaand vastgoed op bedrijventerreinen voor nieuwe bedrijvigheid. Wat gaan we daarvoor doen in 2024?

● Blauw: project loopt volgens begroting; ● Oranje: project loopt niet volgens begroting. Aangegeven inspanning/activiteit

Status Toelichting

We voeren de in 2023 opgestelde Uitvoeringsagenda 2023-2024 voor het

blauw

programma Werklocaties uit langs de lijnen: bedrijventerreinen, kantoren,

●

detailhandel/ vitale kernen. blauw We organiseren regionale afstemming ten behoeve van passende ruimte voor werklocaties. Dit gebeurt op basis van een adviesvraag van gemeenten. We monitoren de regionale kantorenmarkt en de regionale winkelvoorraad. We organiseren zes bijeenkomsten over verschillende thema’s binnen het domein werklocaties voor kennisdeling, netwerkvorming en beleidsvorming. We zorgen voor kennisontwikkeling op de (on)mogelijkheden van beter benutten van bestaande bedrijventerreinen (onder meer onderzoeken en

Opdracht 6

kennisdeling van ervaringen van gemeenten).

42

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

●

blauw

● ●

blauw

blauw

●

Aangegeven inspanning/activiteit

Status Toelichting

We dragen (financieel) bij aan projecten gericht op beter benutten van

oranje

bedrijventerreinen door advisering of inzet van de bijdrageregeling MRDH.

● De gemeenten hebben nog geen concrete

projecten ingediend. We voeren nu gesprekken met de gemeenten over mogelijke projecten. Bovendien gaan we vanaf april 2024 gezamenlijk werken aan een beter benutten aanpak, gevoed door aangedragen casussen van gemeenten. Rondom het zomerreces verwachten we projectvoorstellen om bedrijventerreinen beter

We stellen een lobbystrategie op voor de agendering en bekostiging van de

blauw

blauw

kantoren. We voeren het programma Next Economy Bedrijventerreinen uit, inclusief

blauw

Opdracht 1

●

opgave van revitalisering/beter benutten van bedrijventerreinen. We organiseren twee kennissessies op het gebied van verduurzaming

projectfinanciering en kennisdeling.

te benutten.

● ●

Opdracht 2 Opdracht 3 Opdracht 4 Opdracht 5 Opdracht 6

43

3.3.2 Financiële afwijkingen Programma 3 Economisch vestigingsklimaat

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Lasten Subtotaal programmakosten

3.160.479

3.116.851

-43.628

Subtotaal InnovationQuarter

986.081

986.081

0

Subtotaal YES!Delft

500.000

500.000

0

Subtotaal directe kosten personeel

1.070.550

1.094.239

23.689

Totaal lasten

5.717.110

5.697.171

-19.939

5.677.110

5.657.171

-19.939

40.000

40.000

0

5.717.110

5.697.171

-19.939

Saldo van baten en lasten

0

0

0

Onttrekking aan Egalisatiereserve EV

0

0

0

Resultaat

0

0

0

Baten Inwonerbijdrage Overige inkomensoverdrachten gemeenten Totaal baten

Toelichting financiële afwijkingen Lasten De begrote lasten op het programma dalen met € 19.939 door de verwerking van het nieuwe cao akkoord in de salarislasten. Vanwege de stijging van de salarislasten stijgt de bijdrage aan de overheadkosten vanuit de inwonerbijdrage met € 19.939. De inwonerbijdrage als geheel wijzigt niet. Zodoende daalt de beschikbare inwonerbijdrage binnen het programma. Deze daling van de baten komt ten laste van de programmakosten. Daarnaast komt de stijging van de apparaatslasten binnen dit programma als gevolg van de cao stijging ook ten laste van de programmakosten. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf bedrijfsvoering (hoofdstuk 5.2).

Baten Door de verwerking van het nieuwe cao akkoord in de salarislasten stijgt de bijdrage aan de overhead­ kosten vanuit de inwonerbijdrage met € 19.939. De inwonerbijdrage die de MRDH in 2023 ontvangt van de gemeenten wijzigt niet. Zodoende daalt de beschikbare inwonerbijdrage binnen het programma met € 19.939.

44

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Hoofdstuk 4 Overhead 4.1 Overhead Overhead

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Lasten Personele overhead Va

3.444.557

3.773.018

328.461

Materiële overhead Va

2.799.200

2.546.960

-252.240

Totaal Overhead Va

6.243.757

6.319.978

76.221

Personele overhead EV

901.873

984.872

82.999

Materiële overhead EV

699.800

636.740

-63.060

Totaal Overhead EV

1.601.673

1.621.612

19.939

Totaal lasten overhead

7.845.430

7.941.590

96.160

Dekkingsbronnen Overhead

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Onttrekking fonds BDU

6.243.757

6.319.978

76.221

Inwonerbijdrage EV

1.601.673

1.621.612

19.939

Totaal dekkingsbronnen Overhead

7.845.430

7.941.590

96.160

0

0

0

Resultaat

Toelichting financiële afwijkingen Lasten De stijging van de personele overheadkosten is het gevolg van een structurele toevoeging van de functies HRM medewerker, HRM adviseur en adviseur Informatiebeheer aan het functiegebouw van de MRDH (€ 315.300) en verwerking van het cao akkoord voor de gemeentelijke sector (€ 96.160). Dekking van de structurele toevoeging van de functies vindt plaats uit het verlagen van het materiële budget met € 315.300. Zie voor een verdere toelichting de paragraaf bedrijfsvoering. De totale apparaatslasten (overhead en directe kosten personeel op de begrotingsprogramma’s) worden toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering (zie hoofdstuk 5.2). De uitgaven worden conform de in de begroting opgenomen verdeelsleutels toegerekend aan de BDU-middelen en aan de inwonerbijdrage Economisch vestigingsklimaat: ● De salariskosten van alle medewerkers - dus inclusief management en secretariaat (overhead) - van de afdelingen Verkeer en Openbaar Vervoer worden ten laste gebracht van de rijksmiddelen BDU. ● De salariskosten - dus inclusief management en secretariaat (overhead) - van alle medewerkers van de afdeling Economisch Vestigingsklimaat komen ten laste van de inwonerbijdrage EV.

45

●

De salariskosten van de stafbureaus (inclusief secretaris-algemeen directeur) en de overige bedrijfsvoeringskosten: 80% van deze kosten komt ten laste van de rijksmiddelen BDU en 20% van deze kosten komt ten laste van de inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat.

Baten De verhoging van het overhead budget wordt bekostigd door een verhoging van de Dekkingsbronnen Overhead met € 96.160. De in de begroting opgenomen verdeelsleutels worden gehanteerd voor de toerekening aan de twee dekkingsbronnen (zie toelichting bij de lasten).

46

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Hoofdstuk 5 Paragrafen 5.1 Financiering Financieringsfunctie

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Lasten per programma Rente OV-bedrijven

22.157.857

16.556.168

-5.601.689

Rente overbesteding

0

0

0

22.157.857

16.556.168

-5.601.689

Rente OV-bedrijven

22.157.857

16.556.168

-5.601.689

Marktconformiteits-opslag OV-bedrijven

8.152.654

6.996.834

-1.155.820

0

0

0

Totaal

30.310.511

23.553.002

-6.757.509

Saldo van baten en lasten

8.152.654

6.996.834

-1.155.820

Dotatie (-)/onttrekking risicoreserve

-7.647.038

-6.000.000

1.647.038

financiering Resultaat

505.616

996.834

491.218

Totaal Baten per programma

Te activeren rente overbesteding

Toelichting financiële afwijkingen Lasten en baten van de financieringsfunctie zijn geheel toegerekend aan het programma Exploitatie verkeer en openbaar vervoer.

Lasten De financieringsbehoefte van de OV-bedrijven is lager dan vooraf gedacht voor 2024. Hierdoor dalen de begrote rentelasten met € 5,6 miljoen.

Baten Voor elke verstrekte lening, garantie en borgstelling wordt op grond van het Treasurystatuut en de Verordening bussenleningen een marktconformiteits-opslag in rekening gebracht bij de OV-bedrijven. De in rekening te brengen opslag daalt vanwege de lagere financieringsbehoefte van de OV-bedrijven.

Reserve De benodigde weerstandscapaciteit voor de financieringsfunctie wordt bepaald door de leningen aan de vervoerbedrijven af te zetten tegen de boekwaarde van de materiële vaste activa waarop de MRDH een pandrecht heeft. Door een toevoeging van € 6 miljoen wordt de Risicoreserve financieringen weer op een voldoende niveau gebracht. Zie voor een verdere toelichting paragraaf 5.2 Weerstandsvermogen en risico’s.

47

5.2 Weerstandsvermogen en risico’s Risicoreservering financiering regionale OV-bedrijven De ondergrens voor de opbouw van de risicoreserve financieringen wordt berekend op basis van de maandelijks te betalen concessievergoedingen. De maandelijkse concessievergoedingen voor rail en bus bedragen in de periode 2024-2027 gemiddeld € 40 miljoen. Uitgaande van een worst case scenario (faillissement) wordt de kans dat maximaal één maand aan concessievergoeding als verloren moet worden beschouwd, als hoog (90%) ingeschat. De ondergrens van de op te bouwen risicoreserve wordt daarmee bepaald op € 36 miljoen. De verschillen tussen de in rekening te brengen marktconformiteitsopslag en de jaarlijks benodigde toevoeging aan de risicoreserve worden aangewend als aanvullende dekking voor de lasten van het programma Exploitatie verkeer en openbaar vervoer (hoofdstuk 3.1.). De daarvoor benodigde BDU bijdrage wordt daardoor lager. In de volgende tabel is de op te bouwen risicoreserve financieringen in cijfers uitgewerkt: Risicoreservering financiering regionale OV-bedrijven per jaar

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Financiering aan HTM, RET en EBS (inclusief

1.442.878.196

1.249.305.885

-193.572.311

garanties) boekwaarde MVA HTM, RET en EBS

1.471.204.808

1.408.721.574

-62.483.234

Economische waarde MVA (65% boekwaarde)

956.283.125

915.669.023

-40.614.102

Dekkingstekort economische waarde versus

486.595.071

333.636.862

-152.958.209

8%

8%

8%

Netto/gewogen risico

38.927.606

26.690.949

-12.236.657

Netto/gewogen risico (ondergrens

38.927.606

36.000.000

-2.927.606

€ 36 miljoen.) Risicoreserve financieringen aanvang jaar

31.280.568

30.000.000

-1.280.568

cumulatief In rekening gebrachte marktconformiteits-

8.152.654

6.996.834

-1.155.820

opslag per jaar Toevoeging opslag aan risicoreserve

7.647.038

6.000.000

-1.647.038

Dekkingstekort risicoreserve ultimo jaar

0

0

0

505.616

996.834

491.218

financiering Weging risico

Beschikbaar voor exploitatie

48

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

5.3 Bedrijfsvoering MRDH-organisatie Dit komt door een structurele toevoeging van de functies HRM medewerker, HRM adviseur en adviseur Informatiebeheer aan het functiegebouw van de MRDH, waardoor de formatie van de MRDH organisatie wijzigt van 92,6 fte naar 95,6 fte. De besluiten zijn op 9 oktober 2023 (voor de functies HRM medewerker en HRM adviseur) en op 15 januari 2024 (functie adviseur Informatiebeheer) genomen door het dagelijks bestuur.

Structurele toevoeging HRM In 2017 lag de focus van de HRM-dienstverlening nog vooral op het verrichten van instandhoudingstaken. De dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Rotterdam was ook op deze basis van focus ingericht. Sindsdien is de MRDH significant gegroeid, daarnaast heeft ze voor de periode van 2023-2026 een ambitieuze Strategische Agenda opgesteld die veel vraagt van de organisatie en haar medewerkers. Ook heeft de organisatie behoefte aan de (door)ontwikkeling van HRM-processen en -beleid. Deze veranderingen maken aanpassing van de HRM-dienstverlening noodzakelijk, waarbij in de nieuwe situatie meer aandacht is voor: ● de begeleiding van het verandertraject van de MRDH; ● het borgen en optimaliseren van HRM-processen en -beleid; ● het behoud van kennis en continuïteit in de HRM-dienstverlening Een uitgebreidere inzet en een grotere betrokkenheid van (de medewerkers van) HRM bij de MRDH is essentieel om recht te doen aan de bovenstaande ambities en omstandigheden.

Structurele toevoeging ICT De MRDH streeft continu naar verbeteringen op het gebied van gebruiksvriendelijkheid, veilig werken en documentenbeheer. Sinds de oprichting zijn de informatiestromen binnen de MRDH significant gegroeid en is er voor de periode van 2023-2026 een ambitieuze Strategische Agenda opgesteld die veel vraagt van de organisatie en haar medewerkers. Informatiebeheer is onder invloed van digitalisering sterk in beweging en de eisen die gesteld worden aan informatieveiligheid nemen toe. Kennis van de organisatie en de werkprocessen van de MRDH is van substantieel belang om nieuwe ontwikkelingen te kunnen vertalen naar de werkwijzen binnen de MRDH. Het kunnen inspelen op nieuwe en aangescherpte wetgeving op het gebied van informatiebeheer gecombineerd met de huidige beperkte bezetting en het vertrek van de externe inhuur zorgt ervoor dat de opgave fors groter is dan we aan capaciteit kunnen bieden. Naast dat dit in Planning & Control producten de afgelopen jaren is toegelicht, wordt dit ook door de account bij de jaarrekeningcontrole en in de managementletter van 2023 opgemerkt. Om te voorkomen dat we nieuwe ontwikkelingen in de toekomst niet meer bij kunnen benen en risico’s mogelijk onvoldoende beheerst kunnen worden is besloten om het informatiebeheer per 2024 intern te gaan organiseren.

Een uitgebreidere inzet en een grotere betrokkenheid van een adviseur informatiebeheer bij de werkprocessen van de MRDH is essentieel om recht te doen aan de bovenstaande ambities en omstandigheden.

49

Financiële verwerking Om de drie functies structureel in de personeelskostenbegroting op te nemen is het noodzakelijk de begrotingspost personele overhead met € 315.300,- (prijspeil 2024 na cao verhoging) op te hogen. De budget neutrale dekking vindt plaats door gelijktijdige verlaging van de budgetten voor materiële overhead voor hetzelfde bedrag. Door deze gelijktijdige verlaging heeft deze formatie uitbreiding geen effect op de Meerjarenbegroting. Dit omdat zowel de personele als de materiële kosten van de overhead voor 20% ten laste komen van de inwonerbijdrage EV en voor 80% ten laste van de BDU Verkeer en Vervoer. Naast de structurele toevoeging van de drie functies aan het functiegebouw van de MRDH is het cao akkoord voor de gemeentelijke sector verwerkt. Sinds december 2023 is er een definitief akkoord over de nieuwe cao. Het akkoord geldt van 1 januari 2024 tot en met eind maart 2025, waarbij schaalbedragen vanaf 1 januari 2024 met 4,75% en per 1 oktober 2024 met 1,25% stijgen. Voor de MRDH begroting betekent de verwerking van de cao verhoging een totale mutatie van € 230.633 en is als volgt opgebouwd: Verdeling cao verhoging Kosten Verdeling

prijspeil basis

Verwerking

begroting

cao verhoging

bedragen in euro’s

fte's

Toevoeging HRM

1,00

85.519

medewerker Toevoeging HRM adviseur

1,00

107.885

Toevoeging adviseur

1,00

121.896

informatiebeheer Totaal toevoeging functies

3,00

0

0

Totaal

315.300

Overhead

Programma's

0

0

Overige functies MRDH

92,60

10.428.700

230.633

10.659.333

96.160

134.473

Totalen

95,60

10.428.700

230.633

10.974.633

96.160

134.473

50

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

In de volgende overzichten is de was-wordt situatie van de verdeling van de apparaatslasten over de drie programma’s (zie hoofdstuk 3) en het overzicht Overhead (zie hoofdstuk 4.1) weergegeven: Was kostenverdeling

Kostenverdeling

apparaatslasten 2024

BDU verkeer en vervoer

Onderdeel

Programma Programma Infra-

Programma

Exploitatie structuur verkeer

Economisch

verkeer en

en openbaar

fte's

Kosten openbaar vervoer

vervoer

Secretaris-algemeen directeur

1,0

216.009

BFC, BSB en BID

29,6

3.147.393

Vervoersautoriteit

52,0

5.765.556

Economisch Vestigingsklimaat

10,0

1.299.743

Totaal personele apparaatslasten

92,6

10.428.701

bedragen in euro’s

Inwonerbijdrage EV Overhead

vestigings- inwoner-bijdrage Overhead BDU

klimaat

EV

Personele apparaatslasten

Materiële apparaatslasten

3.499.000

Totalen

13.927.701

3.515.195 3.515.195

1.496.525 1.496.525

172.807

43.202

2.517.914

629.479

753.836 3.444.557

1.070.550

229.193

1.070.550

901.873

2.799.200 3.515.195

1.496.525

Wordt kostenverdeling

6.243.757

699.800 1.070.550

1.601.673

Kostenverdeling

apparaatslasten 2024

BDU verkeer en vervoer

Inwonerbijdrage EV

Programma Programma Infra-

Programma

Exploitatie structuur verkeer

Economisch

verkeer en

en openbaar

vestigings- inwoner-bijdrage

fte's

Kosten openbaar vervoer

vervoer

Secretaris-algemeen directeur

1,0

220.789

176.631

44.158

BFC, BSB en BID

32,6

3.532.309

2.825.847

706.462

Vervoersautoriteit

52,0

5.893.044

Onderdeel bedragen in euro’s

Overhead BDU

klimaat

Overhead EV

Personele apparaatslasten

Economisch Vestigingsklimaat

10,0

1.328.492

Totaal personele apparaatslasten

95,6

10.974.634

Materiële apparaatslasten

3.183.700

Totalen

14.158.334

3.592.904

1.529.600

770.540

3.592.904

1.529.600

3.773.018

1.094.239

234.253

1.094.239

984.873

2.546.960 3.592.904

1.529.600

6.319.978

636.740 1.094.239

1.621.613

51

Wijziging kostenverdeling

Kostenverdeling

apparaatslasten 2024

BDU verkeer en vervoer

Onderdeel

Programma Programma Infra-

Programma

Exploitatie structuur verkeer

Economisch

verkeer en

en openbaar

fte's

Kosten openbaar vervoer

vervoer

Secretaris-algemeen directeur

0,0

4.780

bedragen in euro’s

Inwonerbijdrage EV Overhead

vestigings- inwoner-bijdrage Overhead BDU

klimaat

EV

Personele apparaatslasten BFC, BSB en BID

3,0

384.916

Vervoersautoriteit

0,0

127.488

Economisch Vestigingsklimaat

0,0

28.749

Totaal personele apparaatslasten

3,0

545.933

Materiële apparaatslasten

-315.300

Totalen

230.633

77.709

33.075

77.709

3.824

956

307.933

76.983

16.704

33.075

328.461

23.689

5.060

23.689

82.999

-252.240 77.709

33.075

-63.060

76.221

23.689

19.939

Informatiebeveiliging, privacy en informatiebeheer De MRDH heeft in december 2021 het informatiebeleidsplan vastgesteld, hier wordt het ICT beleid voor de periode 2021-2026 mee vormgegeven. Als onderdeel hiervan heeft het Managementteam van de MRDH op 3 oktober 2023 besluiten genomen met betrekking tot het informatiebeheer, informatiebeveiliging en archivering. Daarnaast is er een Roadmap 2024 opgesteld. Per 1 januari 2024 is er een vaste formatieplek voor een informatiemanager (1 fte) bijgekomen.

Planning Op basis van de Roadmap 2024 volgt onderstaande planning voor 2024: Planning 2024

Planning 2024

Planning 2024

Planning 2024

Eerste kwartaal - Q1

Tweede kwartaal - Q2

Derde kwartaal - Q3

Vierde kwartaal - Q4

Migratie sharepoint (vervanging E-docs door Visidosis) Oplevering applicaties Informatie beleid en processen Upgrade E-docs

Digitalisering werkprocessen Kwaliteitssysteem

Functioneel beheer/Reguliere (IT-)processen Uitvoeren informatiebeleid Uitvoeren beveiligingsbeleid

52

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Onderstaand een statusoverzicht van de bijbehorende openstaande actiepunten:

Informatiebeveiliging en privacy Onderwerp

Status

Uitvoeren van back-up en recovery test

De back-up recovery is succesvol uitgevoerd.

Uitvoeren van autorisatie beheer

Het autorisatie beheer wordt vanaf Q2-2023 periodiek bijgehouden.

Uitvoeren van een penetratie test

De penetratie test is door een extern bureau uitgevoerd. De MRDH heeft de resultaten ontvangen. De aanbevelingen zijn gewogen en

Contract, SLA en DAP met Den Haag ondertekenen

uitgevoerd. Er is een nieuwe overeenkomst gesloten (en getekend) tussen de

Vervangen Extranet en Stratech

MRDH en de gemeente Den Haag. De DAP is ondertekend. Stratech is in Q1-2024 vervangen door AFAS. De vervanging van Extranet is ook gereed en wordt momenteel gebruikt voor het

Het vaststellen van een risico-classificatie en Privacy Risico analyse

verzenden van vergaderstukken. Inventarisatie zal in Q3-Q4 2024 plaats vinden.

voor alle gebruikte applicaties Uitvoeren van de Fit-Gap analyse

In Q4-2022 is de Fit-Gap analyse uitgevoerd. Dit zal in Q4-2024

Opstellen van een bedrijfscontinuïteitsplan

wederom plaats vinden. Dit staat gepland voor 2025.

E-docs upgrade

De upgrade is momenteel in uitvoering. De verwachte is dat dit in

Upgrade hardware vergaderzalen

Q2-2024 gereed zal zijn. In Q1-2024 zijn, in verband met de privacy/AVG regelgeving, de mini pc’s in vergaderzalen vervangen door clickshare systemen.

Informatiebeheer Onderwerp

Status

Opzetten van een kwaliteitsmonitoringssysteem voor

De opdracht is gegeven hiervoor en wordt gestart in Q2-2024.

informatiebeheer

IT projecten Onderwerp

Status

Migratie naar SharePoint

In Q2-2024 volgen alle medewerkers van de MRDH-organisatie een SharePoint cursus. De voorbereidingen voor de migratie zijn gestart

Live uitzenden vergaderingen

waaronder het voorlichting van de MRDH-organisatie. Het inrichten van het live uitzenden in de Hans Horlingszaal van de MRDH is in Q2-2024 gestart.

53

Hoofdstuk 6 Besluit Het algemeen bestuur van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag, gelet op artikel 4:1 van de Gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag 2014; gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur d.d. 27 juni 2024;

Besluit 1. kennis te nemen van de 1e Bestuursrapportage 2024; 2. de in de 1e Bestuursrapportage 2024 opgenomen 1e begrotingswijziging 2024 vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 5 juli 2024 van het algemeen bestuur.

de secretaris,

de voorzitter,

Christel Mourik

Jan van Zanen

54

Bijlage 1

Staat van reserves en fondsen In onderstaand overzicht wordt de stand van reserves en fondsen weergegeven op basis van de stand van de Jaarrekening 2023 (na resultaatbestemming) en de voor het exploitatiejaar 2024 geraamde mutaties, inclusief de bij deze rapportage voorgestelde begrotingswijzigingen. Omschrijving bedragen in euro’s

Saldo jaarrekening

Raming

Raming

Raming saldo

31-12-2023*

toevoeging 2024

onttrekking 2024

31-12-2024

Reserves Egalisatiereserve EV

5.421.548

0

0

5.421.548

Risicoreserve financieringen

30.000.000

6.000.000

0

36.000.000

Subtotaal reserves

35.421.548

6.000.000

0

41.421.548

BDU

404.188.389

619.259.828

679.093.464

344.354.753

Subtotaal fondsen

404.188.389

619.259.828

679.093.464

344.354.753

Totaal generaal

439.609.937

625.259.828

679.093.464

385.776.301

Fondsen

* inclusief resultaatbestemming

Toelichting mutaties Egalisatiereserve EV Voor de financiële afwikkeling van verleende projectbijdragen is de Egalisatiereserve economisch vestigingsklimaat ingesteld. Toevoegingen of onttrekkingen worden weergegeven bij Programma 3 Economisch vestigingsklimaat. In deze bestuursrapportage wordt geen mutatie voorgesteld. Risicoreserve financieringen Deze reserve is in 2016 ingesteld om de risico’s die zijn verbonden aan het aantrekken en verstrekken van leningen uit hoofde van de publieke taak voldoende te beheersen. De toevoeging is weergegeven bij Programma 1 Exploitatie verkeer en openbaar vervoer (hoofdstuk 3) en betreft de marktconformiteitsopslag die in rekening wordt gebracht bij de vervoerders. Deze opslag wordt toegevoegd aan de reserve totdat deze risico-reserve op voldoende niveau is. Ten opzichte van de Begroting MRDH 2024 is de geraamde toevoeging met € 1,6 miljoen gedaald. BDU De toevoeging is gebaseerd op de meest recente beschikking van het ministerie (december 2023) vermeerderd met de voorlopig verkregen indexatie van 4,615%. De onttrekkingen betreffen de bijdragen aan de exploitatie van: ● programma 1 Exploitatie verkeer en openbaar vervoer (€ 492.585.088); ● programma 2 Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer (€ 180.188.398); ● overhead (€ 6.319.978) Toelichtingen zijn opgenomen in hoofdstuk 3 (programma’s) en hoofdstuk 4.1 (Overhead).

55

MRDH

●

1e Bestuursrapportage 2024

Bijlage 2

Overzicht incidentele baten en lasten Inzicht in de incidentele baten en lasten is nodig om in beeld te brengen of de begroting materieel in evenwicht is, dat wil zeggen dat de structurele lasten worden gedekt door structurele baten. De incidentele baten en lasten tellen niet mee voor het materieel in evenwicht zijn van de begroting. Onder incidentele baten en lasten worden onder meer de volgende posten verstaan: ● stortingen in en onttrekkingen aan reserves; ● bijzondere ontvangen en verstrekte subsidies en (specifieke) uitkeringen. Verdere kaders zijn opgenomen in de Notitie structurele en incidentele baten en lasten van 30 augustus 2018 van de commissie BBV en de Handreiking 2021 - verduidelijking structurele en incidentele baten en lasten van de toezichthoudende provincies, waaronder de provincie Zuid-Holland. De grootste geldstroom, de Brede Doeluitkering verkeer en vervoer (BDU) betreft een structurele geldstroom en daarmee een structurele baat. De projectkosten die met deze baten worden gedekt zijn daarmee ook structurele lasten. Met ingang van het begrotingsjaar 2024 worden de incidentele toevoegingen door het Rijk aan de BDU ook als structureel gekenmerkt omdat ze niet van invloed zijn op het structurele begrotingssaldo (baten = lasten). Ook de Inwonerbijdrage Economisch Vestigingsklimaat en de daaraan gerelateerde uitgaven worden als structureel aangemerkt.

In de hierna volgende tabel zijn voor de programma’s en het onderdeel Overhead de incidentele lasten en baten weergegeven: Incidentele baten en lasten

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Incidentele lasten per programma 1. Exploitatie verkeer en openbaar vervoer

7.647.038

21.235.187

13.588.149

2. Infrastructuur verkeer en openbaar Vervoer

6.642.166

1.945.775

-4.696.391

3. Economisch Vestigingsklimaat

0

0

0

Overhead

0

0

0

14.289.204

23.180.962

8.891.758

0

15.235.187

15.235.187

6.642.166

1.945.775

-4.696.391

3. Economisch Vestigingsklimaat

0

0

0

Dekking overhead uit BDU en

0

0

0

Inwonerbijdrage EV Totaal

6.642.166

17.180.962

10.538.796

Saldo van incidentele baten en lasten

7.647.038

6.000.000

-1.647.038

Totaal Baten per programma 1. Exploitatie verkeer en openbaar vervoer 2. Infrastructuur verkeer en openbaar Vervoer

56

Toelichting incidentele baten en lasten Exploitatie verkeer en openbaar vervoer De incidentele lasten betreft de toevoeging aan de risicoreserve financieringen (€ 6,0 miljoen, zie bijlage 1 Staat van reserves en fondsen). Daarnaast ontvangt de MRDH een eenmalige compensatie, via een specifieke uitkering, voor het negatieve effect van de herijking van de contractvergoeding Studentenreisrecht OV (SOV). Deze compensatie wordt 1 op 1 doorgezet naar de vervoerders. De specificatie is als volgt: Project gefinancierd met incidentele bijdragen

Begroting 2024

bedragen in euro’s

Begroting 2024

Begrotingswijzigingen

na 1e Bestuursrapportage

2024-1

Incidentele baten Subsidie SOV-herijkingscompensatie

0

15.235.187

15.235.187

Totaal

0

15.235.187

15.235.187

Infrastructuur verkeer en openbaar vervoer Zoals hiervoor aangegeven worden vanaf het begrotingsjaar 2024 de incidentele toevoegingen aan de BDU als structureel aangemerkt en komen deze niet meer terug in het overzicht (mutatie no regret Den Haag). De MRDH heeft in 2021 en 2022 een specifieke uitkering van het Rijk voor verkeersveiligheidsmaatregelen ontvangen. Bijstelling vindt plaats op basis van realisatie bij de jaarrekening 2023 en verwachte verdere projectvoortgang. Project gefinancierd met incidentele bijdragen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14493580/1