39. Toezicht Openbaar Onderwijs; Nissewijs jaarverslag 2023
Tekst van het document
16%
16%
8%
6%
7%
> 5% < 82%
% Personeel/baten
80%
82%
87%
86%
84%
Rentabiliteit
2,0%
0,3%
-3,8%
-1,8%
0,6%
568.000
-64.000
-3.796.000
-4.452.000
-4.421.000
Signaleringswaarde
Toelichting op de financiële positie Solvabiliteit Eigen vermogen en voorzieningen gedeeld door het totale vermogen. De solvabiliteit geeft de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen aan en geeft daarmee inzicht in de financieringsopbouw. De solvabiliteit geeft ook aan in hoeverre de instelling op langere termijn aan haar verplichtingen kan voldoen. De solvabiliteit van 55% voldoet. Current ratio De verhouding tussen de vlottende activa (som van liquide middelen, vorderingen en voorraden) en de kortlopende schulden. De current ratio geeft aan in hoeverre de instelling op korte termijn (korter dan een jaar) aan haar verplichtingen kan voldoen. De Inspectie van het Onderwijs hanteert een signaleringswaarde van < 0,75. Meer gebruikelijk is een signaleringswaarde van < 1,0 die wij intern dan ook hanteren. De liquiditeitsratio is gedaald door hogere investeringen dan begroot en de stijging van de vlottende passiva door vooruit ontvangen subsidies en nog te verwachten afrekeningen. Weerstandsvermogen Het eigen vermogen uitgedrukt in een percentage van de totale baten (inclusief financiële baten). Het weerstandsvermogen geeft aan in hoeverre de organisatie erin slaagt om niet voorziene en tot de reguliere bedrijfsvoering behorende risico’s te financieren.
De norm voor het weerstandsvermogen van 5% is laag, maar als we rekening houden met de wijzigingen rondom de behandeling van het groot onderhoud achten wij deze verantwoord als ondergrens. Het weerstandsvermogen van Nissewijs is ten opzichte van 2022 stabiel gebleven. Personeelskosten uitgedrukt in % van de baten Nissewijs streeft naar een verhouding van maximaal 82%. In 2023 voldoen wij hieraan. Rentabiliteit Een schoolbestuur streeft ernaar de ontvangen middelen voor haar doelstellingen in te zetten en hierbij financieel gezond te blijven. De rentabiliteit is bij een onderwijsinstelling een momentopname door de wijze van subsidiëring. Subsidies worden in jaar 1 ontvangen en de bestedingen vinden in jaar 2 plaats. Dat zien wij ook terug bij Nissewijs. In 2022 en 2023 zijn veel middelen ontvangen, de bestedingen volgen de komende jaren, waarin wij met een verwacht exploitatietekort werken. Signaleringswaarde publiek eigen vermogen Met ingang van het verslagjaar 2020 moeten onderwijsinstellingen aandacht besteden aan het publiek eigen vermogen in relatie tot het genormeerd publiek eigen vermogen. Is het publiek eigen vermogen groter dan het genormeerd publiek eigen vermogen, dan dient te worden toegelicht hoe het bovenmatig publiek eigen vermogen wordt afgebouwd.
• nissewijs.nl
45
BESTUURSVERSLAG 2023
Het genormeerd publiek eigen vermogen wordt als volgt berekend: • 50% van de aanschafwaarde van de gebouwen vermenigvuldigd met 1,27 + • De boekwaarde van de overige vaste activa + • 5% van de totale baten als risicobuffer = Genormeerd eigen vermogen Het publiek eigen vermogen van Nissewijs ligt eind 2023 net onder het genormeerd publiek eigen vermogen Door de begrote exploitatietekorten in de komende jaren neemt het verschil tussen het genormeerd publiek eigen vermogen en het aanwezig publiek eigen vermogen toe. Op basis van de overige kengetallen concluderen wij dat de financiële positie van Nissewijs gezond is. Na 2025 verwachten wij dat het exploitatietekort voordelig is. In 2024 en 2025 worden de eerder ontvangen middelen ingezet. Ondertekening door bestuur Naam:
Dhr. M. Groeneveld
Functie:
Voorzitter college van bestuur
Datum:
6 juni 2024
Handtekening:
• nissewijs.nl
46
BESTUURSVERSLAG 2023
• 4. VERSLAG INTERN TOEZICHT 4.1. Hoe het toezicht is vormgegeven Toezichtvisie
De Raad van Toezicht (RvT) ziet het als een belangrijke taak om de maatschappelijke omgeving van Nissewijs te vertegenwoordigen. Naast het interne toezicht willen wij ook oog houden voor de vragen en aandachtspunten die bij belanghebbenden leven als het gaat om het werk van Nissewijs. Wij houden o.a. een vinger aan de pols via gesprekken met de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad, overleg met de wethouder van Onderwijs en de betrokken ambtenaren, en door schoolbezoeken af te leggen.
Toezichtkader
De RvT heeft dit jaar veel tijd en aandacht besteed aan de ontwikkeling van een nieuw toezichtkader. Wij baseerden ons daarbij op de uitgangspunten van policy governance en hebben ons laten ondersteunen door extern adviseur Hartger Wassink. In dit toezichtkader dat in nauwe dialoog met het College van Bestuur (CvB) tot stand is gekomen, zijn de beoogde resultaten die wij gesteld hebben, opgenomen. Daarnaast hebben we de kaders vastgelegd, waarbinnen deze doelen gerealiseerd mogen worden. Het creëren van professionele ruimte vinden wij daarbij een belangrijk uitgangspunt dat ook congruent binnen de organisatie moet worden toegepast. Wij hanteren ijkpunten om te kunnen bepalen of de beoogde resultaten binnen de afgesproken kaders worden gehaald. In een bestuursrapportage verantwoordt het CvB zich over de voortgang van haar werkzaamheden. Wij hechten aan een zorgvuldige dialoog over de rapportage. Jaarlijks wordt het toezichtkader geëvalueerd en zo nodig aangepast. Bij de totstandkoming van het toezichtkader hebben we de Code Goed Toezicht van de VTOI-NVTK gebruikt. Er zijn in 2023 geen afwijkingen op de code.
Organisatievorm
Nissewijs kent een organisatievorm met een heldere scheiding tussen bestuur en toezicht. Het CvB is belast met de ontwikkeling en uitvoering van beleid dat aansluit bij het toezichtkader. De leden van de RvT bekleden een onafhankelijke positie binnen Nissewijs. De werkwijze van de RvT staat beschreven in het toezichtkader.
Werkwijze
De RvT vergadert vijf tot zes keer per jaar. Alle beoogde resultaten en ijkpunten komen aan de orde aan de hand van een jaarkalender. De RvT heeft drie commissies: • Remuneratiecommissie • Auditcommissie • Commissie Onderwijs en Kwaliteit Voorafgaand aan de agendering in de vergadering van de voltallige RvT voeren de commissies overleg met het CvB en de betrokken beleidsmedewerkers. Dit biedt de ruimte om diepgaander en gedetailleerder over voorliggende onderwerpen in gesprek te gaan. Een commissie heeft een adviserende rol binnen de RvT. Het is de voltallige RvT die de verantwoordelijkheid draagt en tot besluitvorming komt. De voorzitter van de RvT bereidt in overleg met het CvB de agenda van de Raad van Toezicht voor. Bij bepaalde onderwerpen vergadert de RvT in afwezigheid van het CvB.
Doelmatigheid
De RvT buigt zich regelmatig over de rechtmatige verwerving en de rechtmatige en doelmatige besteding van middelen. De RvT toetst daarbij de relatie tussen de middelen die worden ingezet en de (onderwijs)opbrengsten die met de ingezette middelen worden behaald. Onderwijs is doelmatig als doelstellingen tegen zo laag mogelijke kosten worden bereikt of bestedingen tot de best mogelijke prestaties leiden. Een causale relatie tussen inspanningen en middelen aan de ene kant en onderwijskwaliteit en onderwijsopbrengsten aan de andere kant is niet altijd eenvoudig aan te tonen. De toetsing op doelmatigheid hebben we in 2023 als volgt ingevuld: • Periodieke gesprekken met het CvB. • Beoordeling en goedkeuring van de financiële meerjarenbegroting en achterliggende onderbouwingen. • Monitoring van de financiële performance (uitputting versus begroting) aan de hand van aangeleverde tussentijdse bestuursrapportages. • Beoordeling van de uitkomsten van de interne en externe audits op de onderwijskwaliteit. • Monitoring op de realisatie van de in het koersplan afgesproken prestatie-indicatoren. • Schoolbezoeken op de scholen van Nissewijs. • Beoordeling van de bevindingen en rapportages van de controlerend accountant.
• nissewijs.nl
47
BESTUURSVERSLAG 2023
Voor zover we dat vanuit de toezichthoudende rol kunnen beoordelen, worden de onderwijsmiddelen doelmatig ingezet. Dit oordeel wordt onderbouwd met: • De afhandeling van de klachten. • De meerjarenbegroting. • Toereikende financiële positie op basis van signaleringswaardes Inspectie van het Onderwijs.
Professionalisering
De RvT maakt afspraken over professionalisering. Het proces dat leidde tot het nieuwe toezichtkader betekende ook een verdieping op de uitgangspunten van policy governance. René van Harten volgt een intervisietraject van de VTOI-NVTK voor voorzitters van Raden van Toezicht. Manon Vanderkaa heeft in 2023 de leergang voor gecertificeerd toezichthouders aan Maastricht University afgerond. Ranie Bhadjan neemt vanaf september 2023 deel aan de Blikverruimers Academie die jonge talenten voorbereidt op het worden van toezichthouder.
4.2. Toelichting op gegeven adviezen 2023 vormt de start van Nissewijs als fusieorganisatie. De RvT is tevreden met het resultaat van het fusieproces. Er is voortvarend gewerkt aan de inrichting van de nieuwe organisatie. De RvT hield zes reguliere vergaderingen in het verslagjaar. Daarnaast waren er bijeenkomsten om tot het toezichtkader te komen. De bestuursrapportage in januari 2023 betrof nog de fusiepartners VCPO en Prokind. De RvT vroeg om aanscherping van het traject met betremming tot de VOG. De bedrijfsprocessen waren bij de start van Nissewijs goed op orde. De RvT vroeg om aandacht voor inkoop- en contractmanagement. De managementletters werden goedgekeurd. In de governance werden de integriteitscode, bezoldiging RvT en CvB, het rooster van aftreden RvT en de samenstelling van de commissies vastgesteld. In maart besprak de RvT het conceptkoersplan. De RvT was onder de indruk van de ambitie van het CvB, vond het concept heel inspirerend en benadrukte het belang van ‘ontmoetingsleren’. De RvT adviseerde de tekst nog wat compacter te maken met oog op de leesbaarheid. Het CvB lichtte haar worsteling toe tussen de basis op orde brengen en haar eigen ambities. Het proces om de twee toen nog komende vacatures in de RvT in te vullen werd vastgesteld. Het overleg met de GMR werd voorbereid en het CvB gaf meer uitleg over het IHP.
In de aprilvergadering werd het nieuwe koersplan door de RvT goedgekeurd. De RvT werd door het CvB geïnformeerd over het inspectietoezicht op De Duif dat uitmondde in een onvoldoende oordeel op “Zicht op ontwikkeling”. Zowel de inspectie als het CvB stelden vast dat de nieuwe schooldirectie doortastend aan het werk was gegaan. De RvT zag tot haar genoegen dat de bevindingen goed waren doorgesproken met de school en het directeurenoverleg. In de junivergadering werd het jaarverslag over 2022 vastgesteld met een positief advies van de auditcommissie. De RvT heeft aandacht gevraagd voor het vastgoed- en onderhoudsplan. Bij de bespreking van de bestuursrapportage stelde de RvT vast dat er goed wordt gestuurd op het ziekteverzuim. Uit de rapportage komt naar voren dat de werkdruk als hoog wordt ervaren. Dit heeft de aandacht van het CvB. De kaderbrief 2024 werd vastgesteld, waarbij de RvT het CvB vraagt om alert te zijn op de komst van de spreidingswet. Op voorstel van de remuneratiecommissie heeft de RvT met overtuiging mevrouw Charlotte van Bodegom een vaste aanstelling gegeven als lid van het College van Bestuur. Op 24 mei bracht de RvT een schoolbezoek aan Jan Campert. Wij spraken over de onderwerpen diversiteit en onveiligheid in de wijk. De RvT voelde veel enthousiasme en energie bij het team.
Vlak voor de zomervakantie werd de wervingsprocedure voor twee nieuwe RvT-leden succesvol afgerond met de benoeming van Manon Vanderkaa (voordrachtszetel GMR) en Ranie Bhadjan (voordrachtszetel gemeente Nissewaard). In het najaar werd na een intensief en inspirerend traject onder leiding van een extern adviseur (Hartger Wassink) het nieuwe toezichtkader vastgesteld. In de bestuursrapportage kwam de verbeteropdracht van basisschool De Duif als onderdeel van het jaarplan aan de orde. Het CvB vertelde hoe het verbeterproces wordt gevolgd en dat geeft de RvT veel vertrouwen. De RvT deelt met het CvB de zorgen rond het lerarentekort. De RvT stelde in deze vergadering verder het remuneratiebeleid voor het CvB vast. De auditcommissie heeft bij de bespreking van de meerjarenbegroting aangegeven op dat moment nog geen goedkeuring te willen verlenen aan de voorgestelde concrete invulling van de bezuiniging op het bestuurskantoor. In de laatste vergadering van 2023 werd op advies van de auditcommissie de meerjarenbegroting 2024-2027 besproken en goedgekeurd. Bij de bespreking werd beoordeeld in hoeverre de pijlers van het koersplan zijn vertaald in de financiën. Het introductieprogramma voor nieuwe RvT-leden werd vastgesteld. De voorzitter van de RvT voerde samen met het CvB tweemaal overleg met de wethouder van Onderwijs en betrokken ambtenaren.
• nissewijs.nl
48
BESTUURSVERSLAG 2023
Besluitenlijst Datum
Besluit
30-01-2023
De RvT keurt de bestuursrapportages goed.
30-01-2023
De RvT keurt de integriteitscode goed.
30-01-2023
De RvT stelt de volgende bezoldigingsindelingen vast: a. Voor 2022 voor Stichting Nissewijs bezoldigingsklasse C met een maximale bezoldiging van € 154.000. b. Voor 2022 voor VCPO Spijkenisse bezoldigingsklasse C met een maximale bezoldiging van € 154.000. c. Voor 2023 voor Stichting Nissewijs bezoldigingsklasse D met een maximale bezoldiging van € 173.000.
30-01-2023
De RvT besluit de bezoldiging voor de leden van de RvT op 4% te zetten en voor de voorzitter van de RvT op 6%.
30-01-2023
De RvT besluit het voorstel voor de bezoldiging voor de bestuurders, zoals beschreven in stuk 5.3B, over te nemen. De bezoldiging gaat in per 1 januari 2023.
30-01-2023
De RvT besluit de volgende commissies als volgt te onderscheiden: a. Renumeratiecommissie: P. van Nieuwamerongen & R. van Harten b. Auditcommissie: R. Frishert & J. Maijer c. Commissie Onderwijs & Kwaliteit: J. Nederhand & J. Maijer
14-03-2023
De RvT keurt de managementletters goed.
14-03-2023
De RvT gaat akkoord met het rooster van aftreden.
18-04-2023
De Rvt keurt het koersplan goed.
07-06-2023
De RvT keurt de jaarverslagen 2022 goed.
07-06-2023
De RvT neemt kennis van de accountantsverslagen 2022.
07-06-2023
De RvT stelt de jaarplanning 2023-2024 vast. Met de toevoeging van twee vergaderingen met de GMR op 31 oktober 2023 & 26 maart 2024.
07-06-2023
De RvT stemt in met het voorstel tot vaste aanstelling van C. van Bodegom.
07-06-2023
De RvT stemt in met het benoemingsbesluit voor R. van der Sluijs tot lid Raad van Toezicht per 1 januari 2023 t/m 30 juni 2023.
27-06-2023
De RvT stemt in met de voordracht van M. Vanderkaa (voordrachtszetel GMR) en R. Bhadjan (voordrachtszetel gemeente Nissewaard) tot nieuwe leden van de RvT met ingang van 1 september 2023.
07-11-2023
De RvT stemt in met de benoeming van M. Vanderkaa als vicevoorzitter van de Raad van Toezicht van Nissewijs.
07-11-2023
De RvT stemt in met de benoeming van M. Vanderkaa als lid van de auditcommissie.
07-11-2023
De RvT stemt in met de benoeming van R. Bhadjan als lid van de remuneratiecommissie.
07-11-2023
De RvT stelt het Toezichtkader RvT versie 1.0 vast.
07-11-2023
De RvT stelt het remuneratiebeleid CvB vast.
07-11-2023
De RvT stemt in met de vervolg procesgang met betrekking tot de voorgenomen fusie tussen De Branding en De Tandem.
19-12-2023
De RvT keurt de meerjarenbegroting 2024-2027 goed.
19-12-2023
De RvT stelt het introductieprogramma nieuwe RvT-leden vast.
19-12-2023
Met inachtneming van de toevoeging van de ijkpunten voor beoogd resultaat bij ijkpunt 2.3, stelt de RvT de jaarplanning van 2024 o.b.v. het toezichtkader vast.
• nissewijs.nl
49
BESTUURSVERSLAG 2023
4.3
Samenstelling intern toezicht
Tabel 14: Gegevens leden Raad van Toezicht Naam
Functie
Nevenfuncties bezoldigd/onbezoldigd
Aandachtsgebied en/of commissies
Dhr. R. van Harten Voorzitter Raad van Toezicht
Gepensioneerd
•
Remuneratiecommissie
Mevr. R. Bhadjan Lid Raad van Toezicht (per 01-09-2023)
Tax Manager MKB & Grote Ondernemingen
Remuneratiecommissie
Dhr. R. Frishert Lid Raad van Toezicht
Financial CLdN Cargo BV
Auditcommissie
Dhr. J. Maijer Lid Raad van Toezicht
Taalcoach Z-route voor statushouders (onbezoldigd)
•
• • •
Voorzitter Raad van Toezicht Stichting Librijn (bezoldigd) Lid Raad van Inspiratie ScoliX (onbezoldigd)
Taalmaatje Taalhuis Oostland (onbezoldigd) Lid Toetsingscommissie Huisvesting Pijnacker Nootdorp (bezoldigd) Voorzitter Humanitas Voorne Putten Rozenburg (onbezoldigd)
Auditcommissie Onderwijs- & kwaliteitscommissie
Mevr. J. Nederhand Lid Raad van Toezicht
Assistant Professor, Erasmus Universiteit Rotterdam
•
Manager Research and Impact Vital Cities and Citizens (bezoldigd)
Onderwijs- & kwaliteitscommissie
Mevr. M. Vanderkaa Vice-voorzitter Raad van Toezicht (per 01-09-2023)
Zelfstandig interim-manager
•
Lid raad van toezicht Jantje Beton (onbezoldigd) Lid raad van toezicht Kinderopvang Solidoe (bezoldigd) Lid raad van toezicht Stichting Fluenta (bezoldigd) Lid raad van advies Tilburg University (onbezoldigd)
Auditcommissie
Examinator afstuderen (extern) IGO Hogeschool Rotterdam (bezoldigd)
Algemeen lid
• • •
Dhr. R. van der Sluijs Lid Raad van Toezicht (tot 01-07-2023)
Eenheidsmanager • Ruimtelijke Ordening gemeente Nissewaard
Dhr. P. van Nieuwamerongen Lid Raad van Toezicht
Stafmedewerker Antes
Remuneratiecommissie
• nissewijs.nl
50
BESTUURSVERSLAG 2023
Honorering De RvT-leden ontvangen een honorering voor hun werkzaamheden. Voor de leden bedraagt in 2023 het honorarium € 6.920. Voor de voorzitter van de RvT bedraagt in 2023 het honorarium € 10.380. De RvT is van mening dat deze regeling recht doet aan de toegenomen verantwoordelijkheden, bevoegdheden en aansprakelijkheden die de maatschappij op dit moment van toezichthouders vraagt. Tot slot Aan het eind van het jaar nam de RvT afscheid van drie zeer betrokken leden: Peter van Nieuwamerongen, Ron Frishert en Raymond van der Sluijs. Zij hebben zich alle drie geruime tijd ingezet voor voorheen de VCPO en Prokind en voor de totstandkoming van Nissewijs. Wij bedanken hen hartelijk voor hun inzet. De RvT spreekt tot slot haar waardering uit voor de inzet van het College van Bestuur en alle medewerkers en kijkt terug op een mooi eerste Nissewijsjaar! Ondertekening door toezichthouder Naam
René van Harten
Functie
Voorzitter Raad van Toezicht
Datum
3 juni 2024
Handtekening
• nissewijs.nl
51
BESTUURSVERSLAG 2023
• 5. VERSLAG GEMEENSCHAPPELIJKE MEDEZEGGENSCHAPSRAAD (GMR) De Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (GMR) vertegenwoordigt de ouders en personeelsleden van de scholen van Nissewijs. Als vertegenwoordiging van het bestuur behartigt het College van Bestuur (CvB) de contacten met de GMR. Vanaf de fusiedatum vormden de gemeenschappelijke medezeggenschapsraden van Prokind en VCPO samen de GMR van Nissewijs. De belangrijkste opdracht was het organiseren van de verkiezingen en komen tot een nieuwe GMR die de ouders en het personeel zo breed mogelijk vertegenwoordigen. Door de organisatie in te delen in wijken en de verkiezingen op die manier te organiseren vormt de GMR nu een goede afspiegeling van personeelsleden en ouders van alle scholen binnen de organisatie. Een externe onderwijsadviseur (VOS/ABB) begeleidde het proces om tot een gezamenlijke GMR te komen en werkte mee aan het formuleren van het medezeggenschapsreglement en het -statuut. De vaststelling van beide documenten vond plaats binnen het schooljaar 2022-2023, wat bijdroeg aan een warme overdracht naar de nieuwe GMR. Onderdeel van het inwerkprogramma van de nieuwe GMR-leden was het aanbod om tot 1 augustus 2024 gebruik te kunnen maken van een klankbordgroep die bestaat uit een aantal oud-GMR-leden. De GMR is op 1 augustus 2023 geformeerd en bestaat uit zes ouders en zes personeelsleden.
Sinds september 2023 krijgt de GMR ondersteuning van een (externe) ambtelijk secretaris, wat aansluit op het voornemen om de medezeggenschap verder te professionaliseren. Een aantal ouders en personeelsleden uit de GMR heeft een basistraining gevolgd bij Verus. De training ging in op de positie van de (G)MR, de wettelijke rechten en plichten als ook de rollen die een (G)MR kan pakken. De GMR is in 2023 acht keer bijeengekomen. De GMR volgde daarbij deels de beleidscyclus van Nissewijs en deels de eigen jaarkalender met eigen accenten. De eerste bijeenkomst van de nieuwe GMR stond in het teken van kennismaken met elkaar, wet- en regelgeving en de warme overdracht door de leden van de klankbordgroep. De GMR heeft de volgende beleidsdocumenten en advies- en instemmingsaanvragen behandeld:
Aanvraag
Resultaat
Klachtenregeling
Instemming
Klokkenluidersregeling
Instemming
Functiegebouw & -boek
Instemming
Arbobeleidsplan
Instemming
Definitieve begroting 2023-2027
Advies
Gedragscode ICT en internet
Instemming
Vakantierooster 2023-2024
Advies
Integriteitscode
Instemming
GMR statuut en -reglement
Instemming
Arbeidsmarkttoelage NPO
Instemming
Beleid toelaten, schorsen en verwijderen
Advies
Cafetariaregeling
Instemming
Vakantieverlofregeling 2023-2024
Instemming
Programmamanager onderwijshuisvesting
Instemming
Vakantierooster 2024-2025
Advies
Vakantierooster medewerkers 2024-2025
Instemming
Meerjarenbegroting 2024-2027
Advies
Beleidsplan informatiebeveiliging en privacy
Instemming
Kwaliteitskader en -beleid
Instemming
• nissewijs.nl
52
• BESTUURSVERSLAG 2023
• nissewijs.nl
Stichting Nissewijs
Jaarverslag 2023 41639 Stichting Nissewijs Gemeenlandsedijk Noord 26f 3216 AG Abbenbroek
Jaarrekening 2023
1
Stichting Nissewijs
Inhoudsopgave Pagina
Jaarrekening Grondslagen
3
Model A: Balans per 31 december 2021 na resultaatbestemming
10
Model B: Staat van baten en lasten over 2021
11
Model C: Kasstroomoverzicht
12
Model VA: Vaste Activa
13
Model VV: Voorraden en vorderingen
15
Model EL: Effecten en Liquide middelen
16
Model EV: Eigen vermogen
17
Model VL: Voorzieningen en langlopende schulden
18
Model KS: Kortlopende schulden
19
Model G: Verantwoording subsidies
20
Model OB: Opgave overheidsbijdragen
21
Model AB: Opgave andere baten
22
Model LA: Opgave van de lasten
23
Model FB: Financiële baten en lasten
25
Model E: Overzicht verbonden partijen
26
WNT: Wet normering bezoldiging
27
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen
32
Overige gegevens Ondertekening door bestuurders en toezichthouders
33
Controle verklaring van de onafhankelijke accountant
34
Gegevens over de rechtspersoon
35
Jaarrekening 2023
2
Stichting Nissewijs
A1 Grondslagen 1
Algemeen
Activiteiten van het bevoegd gezag In deze jaarrekening zijn de activiteiten van de Stichting Nissewijs en van de onder deze rechtspersoon vallende scholen (zie gegevens rechtspersoon) verantwoord.
Grondslagen voor de jaarrekening De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de bepalingen opgenomen in de Ministeriële Richtlijn jaarverslaggeving onderwijs. Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de bepalingen van Boek2 titel 9 van het Burgerlijk Wetboek en de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving waaronder Richtlijn 660 Onderwijsinstellingen. Aan de bestemmingsreserves ligt een plan ten grondslag waarin is opgenomen welke uitgaven ten laste van de reserve komen, een inschatting van het totaal van de uitgaven en een inschatting in welk jaar de uitgaven zullen worden gedaan. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verplichtingen en mogelijke verliezen die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. De in de jaarrekening opgenomen bedragen luiden in hele euro's. Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling. De corona crisis zorgt niet voor financiele discontinuiteit. Vergelijkende cijfers Voor zover van toepassing zijn ter vergelijking de realisatiecijfers opgenomen van het voorgaande jaar, alsmede de cijfers van de meest recente, vastgestelde versie van de begroting van het verantwoordingsjaar.
Jaarrekening 2023
3
Stichting Nissewijs
2 Grondslagen voor waardering van activa en passiva Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa Voor vaste activa wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er aanwijzingen zijn dat deze activa onderhevig zijn aan bijzondere waardeverminderingen. Als dergelijke indicaties aanwezig zijn, wordt de realiseerbare waarde van het actief geschat. De realiseerbare waarde is de hoogste van de bedrijfswaarde en de opbrengstwaarde. Als het niet mogelijk is de realiseerbare waarde te schatten voor een individueel actief, wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroom genererende eenheid waartoe het actief behoort. Wanneer de boekwaarde van een actief (of een kasstroom genererende eenheid) hoger is dan de realiseerbare waarde, wordt een bijzonder waardeverminderingsverlies verantwoord voor het verschil tussen de boekwaarde en de realiseerbare waarde.
Indien sprake is van een bijzonder waardeverminderingsverlies van een kasstroom genererende eenheid, wordt het verlies allereerst toegerekend aan goodwill die is toegerekend aan de kasstroom genererende eenheid. Een eventueel restant verlies wordt toegerekend aan de andere activa van de eenheid naar rato van hun boekwaarden. Verder wordt op iedere balansdatum beoordeeld of er enige indicatie is dat een in eerdere jaren verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies is verminderd. Als een dergelijke indicatie aanwezig is, wordt de realiseerbare waarde van het betreffende actief (of kasstroom genererende eenheid) geschat. Terugneming van een eerder verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies vindt alleen plaats als sprake is van een wijziging van de gehanteerde schattingen bij het bepalen van de realiseerbare waarde sinds de verantwoording van het laatste bijzonder waardeverminderingsverlies. In dat geval wordt de boekwaarde van het actief (of kasstroom genererende eenheid) opgehoogd tot de geschatte realiseerbare waarde, maar niet hoger dan de boekwaarde die bepaald zou zijn (na afschrijvingen) als in voorgaande jaren geen bijzonder waardeverminderingsverlies voor het actief (of kasstroom genererende eenheid) zou zijn verantwoord.
Vorderingen en overlopende activa De vorderingen en overlopende activa worden bij de eerste verwerking opgenomen tegen de reele waarde en vervolgens gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. De vorderingen en overlopende activa hebben een looptijd korter dan een jaar, tenzij dit bij de toelichting op de balans anders is aangegeven. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor het risico van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. Liquide middelen Liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen die niet ter directe beschikking staan worden verwerkt onder de vorderingen. Liquide middelen die gedurende langer dan 12 maanden niet ter directe beschikking staan, worden verwerkt onder de financiële vaste activa. De liquide middelen staan ter vrije beschikking aan de stichting.
Jaarrekening 2023
4
Stichting Nissewijs
Algemene reserve Publiek Deze post betreft de niet-gebonden reserve die voortkomt uit de door (semi-)overheidsinstellingen gefinancierde activiteiten. De algemene reserve vormt een buffer ter waarborging van de continuïteit van de Stichting Nissewijs. Deze wordt opgebouwd uit de resultaatbestemming van overschotten welke ontstaan uit het verschil tussen de toegerekende baten en werkelijk gemaakte lasten. In geval van een tekort wordt dit resultaat ten laste van de algemene reserve gebracht. Bestemmingsreserve De bestemmingsreserve is het niet-vrije gedeelte van het eigen vermogen. Er is een reserve gevormd om een aantal specifieke projecten te kunnen financieren het betreft projecten voor kwaliteit, samenwerking en duurzaamheid. De private bestemmingsreserve is opgebouwd uit middelen welke niet afkomstig zijn van de overheid. Het gaat hier om de ouderbijdragen van de scholen en is opgebouwd uit resultaatbestemming van overschotten welke ontstaan uit het verschil tussen de toegerekende baten en de gerealiseerde lasten (in geval van een tekort wordt dit resultaat ten laste van de algemene reserve gebracht). De private middelen zijn in liquiditeit opgenomen onder 1.7.4.
Voorzieningen De voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen die op balansdatum bestaan waarbij het waarschijnlijk is dat een uitstroom van middelen noodzakelijk is, waarvan de hoogte redelijkerwijs geschat kan worden en voor zover deze verplichtingen en risico's niet op activa in mindering zijn gebracht. Eveneens worden voorzieningen gevormd voor verliezen die naar waarschijnlijkheid in de toekomst zullen worden geboekt maar die voortkomen uit risico's die op balansdatum aanwezig zijn. Voorzieningen kunnen worden gevormd ter egalisatie van kosten waarbij een deel van de in de toekomst te verwachten uitgaven zijn oorsprong heeft voor balansdatum. Voorziening groot onderhoud De voorziening voor de gelijkmatige verdeling van onderhoudslasten gebouwen wordt bepaald op basis van te verwachten kosten over een reeks van jaren op basis van een onderhoudsplan. De voorziening wordt lineair opgebouwd. De voorziening wordt gewaardeerd tegen nominale waarde. Het uitgevoerde onderhoud wordt ten laste van deze voorziening gebracht. De toevoeging aan de voorziening wordt bepaald op basis van het geschatte bedrag van het onderhoud en de periode die telkens tussen de werkzaamheden van groot onderhoud verloopt.
De gehanteerde methode is in lijn met de voor de jaren 2018 tot en met 2023 tijdelijk toegestane verwerkingswijze zoals gepubliceerd in een wijziging van de Regeling jaarverslaggeving onderwijs. Nissewijs maakt derhalve gebruik van de overgangsregeling zoals genomen opgenomen in de RJO voor onderhoudsvoorzieningen. Voorziening ambtsjubileum De voorziening betreft het geschatte bedrag van de in de toekomst uit te keren jubileumuitkeringen. De berekening is gebaseerd op de contante waarde van de gedane toezeggingen, rekening houdend met de blijfkansen, opgebouwde diensttijden in het onderwijs, leeftijd, verwachte pensioendatum, het huidige salaris en de verwachte toekomstige salarisontwikkelingen. Er is een disconteringsvoet van 0% gehanteerd in de berekening van de voorziening. Voorziening langdurig zieken Voorziening langdurig zieken De voorziening langdurig zieken is gevormd ter dekking van salariskosten bij ziekte en waarbij de eerste twee jaar voor rekening van de werkgever zien en zijn bepaald tot aan de UWV-uitkeringsdatum van de WIA of IVA, of de pensioendatum. De voorziening is gebaseerd op de contante waarde op een inschattingskans op re-integratie en herstel. Alleen voor de gevallen waarbij de verwachting is dat medewerkers gedeeltelijk of volledig ziek uit dienst gaan is een voorziening gevormd.
Jaarrekening 2023
5
Stichting Nissewijs
Kortlopende schulden Dit betreffen schulden met een op balansdatum resterende looptijd van ten hoogste één jaar. Kortlopende schulden worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs. Overlopende passiva De overlopende passiva betreffen vooruit ontvangen bedragen die aan opvolgende perioden worden toegerekend en nog te betalen bedragen, voor zover ze niet onder andere kortlopende schulden zijn te plaatsen.
3 Grondslagen voor de resultaatbepaling Algemeen Het resultaat wordt bepaald als verschil tussen de baten en alle hiermee verbonden, aan het verslagjaar toe te rekenen lasten. De baten en lasten worden toegerekend aan de verslagperiode waarop deze betrekking hebben. Rijksbijdragen Onder de rijksbijdragen worden de vergoedingen voor de personele en materiële exploitatie opgenomen verstrekt door het Ministerie OCW. De ontvangen (normatieve) rijksbijdragen uit hoofde van de basisbekostiging (lumpsum) worden in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft (in het jaar van toewijzing) volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten. Niet-geoormerkte OCW-subsidies (subsidies die volledig vrij besteedbaar zijn) worden in het jaar waarop de toekenning betrekking heeft volledig als baten verwerkt in de staat van baten en lasten. De niet bestede niet-geoormerkte OCW-subsidies worden op uitzondering verantwoord onder de vooruitontvangen subsidies OCW (overlopende passiva) indien er een afgebakend bestedingsplan is opgesteld waarmee expliciet kan worden aangetoond dat de middelen in de toekomst worden aangewend. Geoormerkte OCW-subsidies met een vrij besteedbaar overschot (G1-doelsubsidies waarbij het overschot geen verrekening-clausule heeft) worden naar rato van de voortgang (%) van de gesubsidieerde activiteiten verwerkt in de staat van baten en lasten.
De subsidies waarvoor nog niet (alle) activiteiten (prestaties) zijn verricht per balansdatum worden verantwoord onder de vooruitontvangen subsidies OCW (overlopende passiva) zolang de bestedingstermijn (subsidietijdvak) nog niet is verlopen. Geoormerkte OCW-subsidies (G2-doelsubsidies met verrekening-clausule) worden ten gunste van de staat van de baten en lasten verantwoord in het jaar waarvan de werkelijke subsidiabele lasten komen (naar rato van de aan het verslagjaar toe te rekenen werkelijke subsidiabele uitgaven). Niet bestede middelen worden verantwoord onder de vooruitontvangen subsidies OCW (overlopende passiva) zolang de bestedingstermijn (subsidietijdvak) nog niet is verlopen. Niet bestede middelen worden verantwoord als schuld aan het Ministerie van OCW onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn (subsidietijdvak) is verlopen op balansdatum (terugvordering door Ministerie OCW). Niet bestede middelen worden verantwoord onder de kortlopende schulden zodra de bestedingstermijn is verlopen op balansdatum.
Voor Onderwijsinstellingen: Op basis van de brief van 1 december 2017 van de Minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media zijn de bedragen die het Samenwerkingsverband vanaf 1 januari 2017 als gelden passend onderwijs heeft doorbetaald aan Nissewijs primair onderwijs als volgt verwerkt: Nissewijs primair onderwijs overmaakt zijn verantwoord onder categorie 3.1.1 Ontvangen Rijksbijdragen; overdrachten (arrangementen) worden onder categorie ‘3.1.3.3 Ontvangen doorbetalingen Rijksbijdrage Samenwerkingsverbanden’ verwerkt. Overige overheidsbijdragen Onder de overige overheidsbijdragen worden de vergoedingen opgenomen verstrekt door gemeente, provincie of andere overheidsinstellingen. De overige overheidsbijdragen worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben.
Jaarrekening 2023
6
Stichting Nissewijs
Overige baten Onder de overige baten worden de vergoedingen opgenomen die niet verstrekt zijn door het Ministerie van OCW, gemeenten, provincie of andere overheidsinstellingen. De overige baten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Personele lasten De beloningen van het personeel worden als last in de staat van baten en lasten verantwoord in de periode waarin de arbeidsprestatie wordt verricht en, voor zover nog niet uitbetaald, als verplichting op de balans opgenomen. Als de reeds betaalde bedragen de verschuldigde beloningen overtreffen, wordt het meerdere opgenomen als een overlopend actief voor zover er sprake zal zijn van terugbetaling door het personeel of van verrekening met toekomstige betalingen door de stichting. Voor de beloningen met opbouw van rechten, sabbatical leave, bonussen worden de verwachte lasten gedurende het dienstverband in aanmerking genomen. Een verwachte vergoeding ten gevolge van bonusbetalingen wordt verantwoord indien de verplichting tot betaling van die vergoeding is ontstaan op of vóór balansdatum en een betrouwbare schatting van de verplichtingen kan worden gemaakt. Ontvangen bijdragen voortvloeiend uit levensloopregelingen worden in aanmerking genomen in de periode waarover deze bijdragen zijn verschuldigd.
Toevoegingen aan en vrijval van verplichtingen worden ten laste respectievelijk ten gunste van de staat van baten en lasten gebracht. Indien een beloning wordt betaald, waarbij geen rechten worden opgebouwd (bijvoorbeeld doorbetaling in geval van ziekte of arbeidsongeschiktheid) worden de verwachte lasten verantwoord in de periode waarover deze beloning is verschuldigd. Voor op balansdatum bestaande verplichtingen tot het in de toekomst doorbetalen van beloningen (inclusief ontslagvergoedingen) aan personeelsleden die op balansdatum naar verwachting blijvend geheel of gedeeltelijk niet in staat zijn om werkzaamheden te verrichten door ziekte of arbeidsongeschiktheid wordt een voorziening opgenomen. De verantwoorde verplichting betreft de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichting op balansdatum af te wikkelen. De beste schatting is gebaseerd op contractuele afspraken met personeelsleden (cao en individuele arbeidsovereenkomsten). Toevoegingen aan en vrijval van verplichtingen worden ten laste respectievelijk ten gunste van de staat van baten en lasten gebracht.
Pensioenen Nissewijs heeft een voor haar werknemers een toegezegd pensioenregeling.Hiervoor in aanmerking komen de werknemers die op de pensioengerechtigde leeftijd recht hebben op een pensioen dat is gebaseerd op het gemiddeld verdiende loon berekend over de jaren dat de werknemer pensioen heeft opgebouwd.De verplichtingen, welke voortvloeien uit deze rechten van haar personeel, zijn ondergebracht bij het bedrijfstakpensioenfonds ABP. Aan het ABP worden premies betaald waarvan een deel door de werkgever en een deel door de werknemer wordt betaald.De pensioenrechten worden jaarlijks geïndexeerd, indien en voor zover de dekkingsgraad van het pensioenfonds (het vermogen van het pensioenfonds gedeeld door haar financiële verplichtingen) dit toelaat. De stichting heeft een toegezegde pensioenregeling bij Stichting Bedrijfspensioenfonds ABP. Op deze pensioenregeling zijn de bepalingen van de Nederlandse Pensioenwet van toepassing en worden op verplichte en contractuele basis premies betaald aan de instelling. ABP hanteert het middelloon als pensioengevende salarisgrondslag. ABP probeert ieder jaar de pensioenen te verhogen met de gemiddelde stijging van de lonen in de sectoren overheid en onderwijs. Wanneer de dekkingsgraad lager is dan 110%, vindt er geen indexatie plaats. De premies worden verantwoord als personeelskosten zodra deze verschuldigd zijn.
Vooruitbetaalde premies worden opgenomen als overlopende activa indien dit tot een terugstorting leidt of tot een vermindering van toekomstige betalingen. Nog niet betaalde premies worden als verplichting op de balans opgenomen. De beleidsdekkingsgraad van het ABP-pensioenfonds bedraagt per 31 december 2023: 110,5% (2022: 110,9%). Nissewijs heeft geen verplichting tot het voldoen van aanvullende bijdragen in geval van een tekort bij het pensioenfonds, anders dan het effect van hogere toekomstige premies. Nissewijs heeft daarom alleen de verschuldigde premies tot en met het einde van het boekjaar in de jaarrekening verantwoord.
Jaarrekening 2023
7
Stichting Nissewijs
Afschrijvingen De afschrijvingen zijn gerelateerd aan de aanschafwaarde van de desbetreffende materiële vaste activa. In het jaar van investeren wordt afgeschreven op basis van de door het bestuur gemaakte keuzen. Huisvestingslasten Onder de huisvestingslasten worden de uitgaven voor huisvesting opgenomen. De lasten worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Overige lasten De overige lasten hebben betrekking op uitgaven die voortvloeien uit aangegane afspraken dan wel noodzakelijk zijn voor het geven van onderwijs en worden toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Financieel resultaat De rentebaten en -lasten betreffen de op de verslagperiode betrekking hebbende renteopbrengsten en -lasten van uitgegeven en ontvangen leningen.
Jaarrekening 2023
8
Stichting Nissewijs 4 Grondslagen voor het kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld volgens de indirecte methode. Bij deze methode wordt het nettoresultaat aangepast voor posten van de winst- en verliesrekening die geen invloed hebben op ontvangsten en uitgaven in het verslagjaar, mutaties in de balansposten en posten van de winst- en verliesrekening waarvan de ontvangsten en uitgaven niet worden beschouwd als behorende tot de operationele activiteiten.De liquiditeitspositie in het kasstroomoverzicht bestaat uit liquide middelen onder aftrek van gerealiseerde bankkredieten. In het kasstroomoverzicht wordt onderscheid gemaakt tussen operationele, investerings- en financieringsactiviteiten. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit liquide middelen en vlottende effecten. Effecten worden als liquide gezien indien deze als vlottend actief worden verantwoord. Transacties waarbij geen ruil van geldmiddelen plaatsvindt, waaronder financial leasing, worden niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De betaling van leasetermijnen is opgenomen onder de operationele activiteiten. Gebeurtenissen na balansdatum Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum die van invloed zijn op de waardering van de in de balans getoonde posten of het resultaat.
Gebruik van schattingen De opstelling van de jaarrekening vereist dat het college van bestuur oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en passiva en van baten en lasten. De belangrijkste schattingen hebben betrekking op: - de waardering van materiële vaste activa, waaronder de gehanteerde afschrijvingstermijnen; - de verwachte onderhoudsuitgaven bij bepaling van de voorziening voor groot onderhoud; - de bepaling van personele voorzieningen. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft. Bepaling reële waarde Een aantal grondslagen en toelichtingen in de jaarrekening vereist de bepaling van de reële waarde van zowel financiële als niet-financiële activa en verplichtingen. Voor waarderings- en informatieverschaffingsdoeleinden is de reële waarde op basis van de volgende methoden bepaald.
Indien van toepassing wordt nadere informatie over de uitgangspunten voor de bepaling van de reële waarde vermeld bij het onderdeel van deze toelichting dat specifiek op het betreffende actief of de betreffende verplichting van toepassing is. De reële waarde van financiële instrumenten wordt bepaald door de verwachte kasstromen contant te maken tegen een disconteringsvoet die gelijk is aan de geldende risicovrije marktrente voor de resterende looptijd vermeerderd met krediet- en liquiditeitsopslagen. Nationaal Programma Onderwijs Het Nationaal Programma Onderwijs is een programma voor de periode maart - juli 2021 en de schooljaren 2021-2022 en 2022-2023. Een programma waar voor de gehele onderwijssector in totaliteit € 8,5 miljard voor is uitgetrokken, waarvan € 5,7 miljard voor het funderend onderwijs. Via het Nationaal Programma Onderwijs moeten deze achterstanden op het gebied van leerontwikkeling, sociale ontwikkeling en welbevinden van leerlingen worden ingelopen. Voor het schooljaar 2022-2023 is een bedrag van € 500,00 per leerling beschikbaar en voor scholen met een achterstandsscore is € 463,78 per achterstandspunt beschikbaar. Voor het SBO zijn deze bedragen respectievelijk € 750,00 en €989,60.
Jaarrekening 2023
9
Stichting Nissewijs
MAB Model A Balans na resultaatbestemming 1
Activa 31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR
3.604.043
Vaste Activa 1.2
Materiële vaste activa
4.236.854
1.3
Financiële vaste activa
350
0
Totaal vaste activa
4.237.204
3.604.043
Vlottende activa 1.5
Vorderingen
1.462.624
719.773
1.7
Liquide middelen
10.153.674
9.681.984
Totaal vlottende activa
11.616.298
10.401.757
15.853.502
14.005.800
31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR
Totaal activa 2
Passiva
2.1
Eigen vermogen
6.290.227
6.191.086
2.2
Voorzieningen
1.949.149
2.037.191
2.4
Kortlopende schulden
7.614.127
5.777.524
15.853.502
14.005.801
Totaal passiva
Jaarrekening 2023
10
Stichting Nissewijs
MB Model B Staat v. Baten en Lasten 3.
Baten
Realisatie
Begroting
Realisatie
2023
2023
2022
EUR
EUR
EUR
37.226.700
34.234.508
35.328.484
372.683
521.553
202.709
3.1
Rijksbijdragen
3.2
Overige overheidsbijdragen en -subsidies
3.5
Overige baten
1.682.320
1.357.662
2.260.125
Totaal Baten
39.281.703
36.113.723
37.791.318
Lasten
Realisatie
Begroting
Realisatie
2023
2023
2021
4.
EUR
EUR
EUR 30.340.256
4.1
Personeelslasten
32.370.677
30.247.656
4.2
Afschrijvingen
789.213
862.145
700.293
4.3
Huisvestingslasten
3.122.664
2.648.869
2.583.994
4.4
Overige lasten
2.976.810
2.383.372
3.375.504
Totaal Lasten
39.259.364
36.142.042
37.000.047
Saldo Baten en Lasten
22.339
-28.319
791.270
Financiële baten en lasten
76.802
-1.000
-31.604
Totaal resultaat
99.141
-29.319
759.666
5
Jaarrekening 2023
11
Stichting Nissewijs
MC Model C Kasstroomoverzicht 31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR
22.339
791.270
Afschrijvingen
789.213
700.293
Desinvesteringsafschrijvingen
-43.852
0
Mutaties voorzieningen
-88.042
3.921
Vorderingen (-/-)
-742.850
1.668.142
Schulden
1.836.601
905.302
Totaal Kasstroom uit bedrijfsoperaties
1.773.408
4.068.928
Kasstroom uit operationele activiteiten Saldo Baten en Lasten Aanpassing voor:
Verandering in vlottende middelen:
Ontvangen interest
79.644
0
Betaalde interest
-2.842
-31.604
Totaal kasstroom uit operationele activiteiten
1.850.210
4.037.324
Kasstroom uit investeringsactiviteiten Investeringen in materiële vaste activa (-/-)
1.437.024
1.327.151
Desinvesteringen in materiële vaste activa
58.852
160.304
Desinvesteringen in financiële vaste activa
0
0
Totaal kasstroom uit investeringensactiviteiten Overige balansmutaties Mutatie liquide middelen Beginstand liquide middelen Mutatie liquide middelen Eindstand Liquide middelen
-1.378.522
-1.166.847
0
60.911
471.688
2.931.388
9.681.984
11.885.879
471.688
2.931.386 10.153.672
Jaarrekening 2023
14.817.265
12
Stichting Nissewijs
VA Vaste activa 1. Activa 1.2
Materiële vaste activa Cumulatieve Aanschaf waarde 1-1-2021 EUR
1.2.1 Gebouwen
Cumulatieve
Boekwaarde
Afschrijving
per
1-1-2021
1-1-2021
EUR
EUR
Investeringen
Desinveste
activum
Verkoop
desinvesterings
ringen
resultaat
desinveste ring
afschrijvingen
EUR
EUR
Afschrijvingen Cumulatieve
Cumulatieve
Aanschaf Afschrijving waarde 31-12-2022 31-12-2022
EUR
EUR
EUR
EUR
Boekwaarde per 31-12-202 EUR
59.590
2.708
56.882
5.161
-15.000
0
0
0
3.192
49.751
5.900
43.851
1.2.2 Inventaris en apparatuur
5.983.278
3.027.610
2.955.668
1.176.901
-43.852
0
0
-43.852
640.717
7.204.031
3.712.179
3.491.852
1.2.3 Andere vaste bedrijfsmiddelen
1.450.112
858.618
591.494
254.962
0
0
0
0
145.304
1.705.074
1.003.922
701.152
Materiele vaste activa
7.492.979
3.888.936
3.604.043
1.437.024
-58.852
0
0
-43.852
789.213
8.958.855
4.722.001
4.236.854
Onder inventaris en apparatuur vallen de posten meubilair, inventaris en ICT middelen. Duurzame goederen worden geactiveerd bij een aanschafwaarde boven de € 500, de volgende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd:
afschrijvingspercentages / methode: 10
Gebouwen
60-180
20
Techn. Inst. En overige invent. en app Kantoormeubilair ICT Leermiddelen
60-180
30 40 80
48-300 48-120 96
maanden maanden maanden maanden maanden
7% - 20% 7% - 20%
4% - 25% 10% - 25% 13%
13
Jaarrekening 2023
Stichting Nissewijs 1.3
Financiële vaste activa
Boekwaarde
Investeringen
Desinvesteringen
Resultaat deelnemingen
1-1-2023
1.3.7 Waarborgsommen Financiële vaste activa
Boekwaarde 1-12-2023
EUR
EUR
EUR
EUR
EUR
0
350
0
0
350
0
350
0
0
350
14
Jaarrekening 2023
Stichting Nissewijs
VV Voorraden & Vorderingen 1.5
Vorderingen 31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR
1.5.1
Debiteuren
156.392
126.039
1.5.2
OCW
325.010
30.011
1.5.6
Overige overheden
47.758
86.979
1.5.7
Overige vorderingen
47.008
0
1.5.8
Overlopende activa
886.456
476.745
1.462.624
719.774
Vorderingen Uitsplitsing gemeente vandalisme
1.904
1.438
r/c gemeente inz huisvestingsinvesteringen
45.854
25.671
1.5.6
Overige overheden
47.758
27.109
1.5.8.1
Vooruitbetaalde kosten
86.721
86.391
1.5.8.3
Overige overlopende activa
799.735
390.354
1.5.8
Overlopende activa
886.456
476.745
Jaarrekening 2023
15
Stichting Nissewijs
EL Effecten & Liquide middelen 1.7
Liquide middelen
1.7.2
Tegoeden op bank- en girorekeningen
1.7.4
Overige liquide middelen Liquide middelen
31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR
10.121.236
9.657.250
32.438
24.734
10.153.674
9.681.984
Jaarrekening 2023
16
Stichting Nissewijs
EV Eigen vermogen 2.1
Eigen vermogen Stand 1-12023 EUR
Resultaat EUR
Overige mutaties EUR
Stand 31-12-2023 EUR
2.1.1
Algemene reserve
2.932.261
44.321
249.596
3.226.178
2.1.2
Bestemmingsreserve (publiek)
3.114.973
54.820
-249.596
2.920.197
2.1.3
Bestemmingsreserve (privaat)
143.852
0
0
143.852
6.191.086
99.141
0
6.290.227
Algemene reserve
2.932.261
44.321
249.596
3.226.178
Algemene reserve
2.932.261
44.321
249.596
3.226.178
Reserve Verzuim
276.535
0
-249.596
26.939
Reserve Expertisedeling
37.325
-37.325
0
0
Reserve Inclusiever onderwijs
733.655
194.719
0
928.374
Reserve NPO
2.067.457
-102.574
0
1.964.883
Bestemmingsreserve (publiek)
3.114.973
54.820
-249.596
2.920.197
Bankrekeningen ouderraden
143.852
0
0
143.852
Bestemmingsreserve (privaat)
143.852
0
0
143.852
Eigen vermogen Uitsplitsing 2.1.1
2.1.2
2.1.3
Door een fusie is een nieuwe stichting ontstaan waar in de 14FR De Wissel is opgenomen.
Door de fusie is het eigenvermogen van de school opgenomen in de nieuwe stichting. Door deze onttrekking is er een vermogensmutatie ontstaan van € 306.016,-De bestemming van het resultaat. Het voorstel voor de resultaatbestemming is als volgt: Resultaat 2016 Aan de Publieke bestemmingsreserve wordt een bedrag onttrokken van: Aan de algemene reserve zal een bedrag worden toegevoegd van: Totale resultaat verdeling
Jaarrekening 2023
-702.792 122.412 -580.380
17
Stichting Nissewijs
VL Voorzieningen en langlopende schulden 2.2
Voorzieningen
1-1-2023
Dotaties
2.2.1
Personeelsvoorzieningen jubilea
318.246
2.2.1
Personeelsvoorzieningen langdurig zieken
145.881
2.2.1
Voorziening transitie en wachtgeldvergoedingen NPO
89.056
2.2.1
Voorziening wachtgeldvergoedingen
0
58.224
2.2.3
Overige voorziening groot onderhoud
1.484.008
582.000
Voorzieningen
2.037.191
652.231
Vrijval
Onttrekkingen
32.031
Rente mutatie contant
22.517
Stand per 31-12- 2023
Kortlopend deel <1 jaar
Langlopend deel >1 jaar
0
0
263.698
12.007
157.888 89.056
0 58.224
596.669
32.031
708.242
1.469.339
0
1.949.149
18 Jaarrekening 2023
Stichting Nissewijs
KS Kortlopende schulden 2.4
Kortlopende schulden 31-12-2023
31-12-2022
EUR
EUR 450.443
2.4.3
Crediteuren
770.262
2.4.4
Schulden OCW
734.961
367.003
2.4.7
Belastingen en premies sociale verzekeringen
1.524.658
1.430.940
2.4.8
Schulden terzake van pensioenen
362.888
375.677
2.4.9
Overige kortlopende schulden
112.396
109.524
2.4.10
Overlopende passiva
4.108.962
3.043.938
Kortlopende schulden
7.614.127
5.777.526
1.463.858
1.422.131
Uitsplitsing 2.4.7.1
Loonheffing
2.4.7.3
Premies sociale verzekeringen
2.4.7
Belastingen en premies sociale verzekeringen
2.4.9.2
Overige
60.800
8.810
1.524.658
555.468
Te betalen netto salarissen
112.396
109.524
2.4.9
Overige kortlopende schulden
112.396
109.524
2.4.10.5
Vakantiegeld
1.053.294
939.592
2.4.10.6
Accountant en Administratiekosten
2.4.10.7
7.376
25.225
Overige overlopende passiva
3.048.292
2.079.122
Overlopende passiva
4.108.962
3.043.939
Jaarrekening 2023
19
Stichting Nissewijs
MG Model G Verantwoording subsidies G1
Subsidies waarbij het eventueel niet aangewende deel van de subsidie, mits de activiteiten volledig zijn uitgevoerd, kan worden besteed aan andere activiteiten waarvoor bekostiging wordt verstrekt De activiteiten zijn ultimo verslagjaar Toewijzing Omschrijving
Kenmerk
conform de subsidiebeschikking geheel Datum
uitgevoerd en afgerond Ja / Nee / Onderhanden
Convenant aanpak lerarentekort
RAP220007
28-7-2022
Ja
Convenant aanpak lerarentekort
RAP23002
2-8-2023
Ja
Studieverlof
1277638-1
22-8-2022
Ja
Studieverlof
1277689-1
22-8-2022
Ja
Studieverlof
1277551-1
22-8-2022
Ja
Studieverlof
ABLTINS-391564
20-6-2023
Onderhanden
Studieverlof
ABLTTOE-1971272
28-8-2023
Onderhanden
Lerarenbeurs 2021
1074316
20-8-2021
Ja
Inhaalprogramma
IOP4-45917
9-6-2021
Ja
Ventilatie op scholen
VENT-B-220005
14-12-2022
Onderhanden
Ventilatie op scholen
VENT-B-220008
14-12-2022
Onderhanden
Ventilatie op scholen
VENT-B-220009
14-12-2022
Onderhanden
Ventiatie op scholen
VENT-B-220010
14-12-2022
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV22-PO-1410
11-11-2022
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV22-PO-1411
11-11-2022
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV22-PO-1588
11-11-2022
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-2968
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-3045
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-2963
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-3043
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-3827
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-3044
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-2863
31-5-2023
Onderhanden
Verbetering basisvaardigheden
VBV23-PO-3830
31-5-2023
Onderhanden
Beleidskader subsidie intensivering
GKO22-055
8-12-2022
Onderhanden
Subsidie voorlopers onderwijsregio's
VOWR2308
24-11-2023
Onderhanden
Expertisedeling nieuwkomers
SEN22071
28-11-2022
Ja
G2A Subsidie met verrekeningsclausule aflopend per ultimo verslagjaar Toewijzing Omschrijving
Kenmerk
Datum
Bedrag v/d
Ontvangen t/m
Stand begin
Ontvangst in
Lasten in
toewijzing
vorig verslagjaar vorig verslagjaar
Lasten t/m
verslagjaar
verslagjaar
verslagjaar ultimo verslagjaar
Te verrekenen
Bedrag v/d
Ontvangen t/m
Stand begin
Ontvangst in
Lasten in
Stand ultimo
Saldo nog te besteden
toewijzing
vorig verslagjaar vorig verslagjaar
verslagjaar
verslagjaar
verslagjaar
verslagjaar
ultimo verslagjaar
G2B Subsidie met verrekeningsclausule doorlopend tot in volgend verslagjaar Toewijzing Omschrijving Ventilatie op scholen
Kenmerk
VENT-B-220004
Datum
14-12-2022
146.534
-
Jaarrekening 2023
Lasten t/m
-
146.354
-
-
146.534
20
Stichting Nissewijs
OB Overheidsbijdragen 3.1
Rijksbijdragen Realisatie
Realisatie
2023
2022 EUR
EUR
3.1.1
Rijksbijdragen OCW
34.720.500
30.859.115
3.1.2
Overige subsidies OCW
1.807.995
2.923.783
3.1.3
Ontvangen doorbetalingen rijksbijdrage SWV
698.205
1.545.585
37.226.700
35.328.483
Rijksbijdragen
3.2
Overheidbijdrage en Subsidies overige overheden 3.2
3.2.1
Bijdrage educatie
3.2.1
Overige gemeentelijke bijdragen
3.2.2
Bijdrage Overige Overheden
Realisatie
Realisatie
2023
2022 EUR
EUR
29.567
29.123
0
-414
343.116
174.000
372.683
202.709
Jaarrekening 2023
21
Stichting Nissewijs
AB Andere baten 3.5
Overige baten Realisatie
Realisatie
2023
20022 EUR
EUR 214.531
3.5.1
Verhuur
269.360
3.5.2
Detachering personeel
-32.288
954.309
3.5.6
Overig
1.445.248
1.091.285
Overige baten
1.682.320
2.260.125
Bijdragen van derden
662.528
978.204
Overige baten
782.720
113.081
1.445.248
1.091.285
Uitsplitsing
3.5.6
Overig
Jaarrekening 2023
22
Stichting Nissewijs
LA Lasten 4
Lasten
4.1
Personeelslasten
Realisatie
Realisatie
2023
2022 EUR
EUR
4.1.1
Lonen en salarissen
30.163.128
27.712.148
4.1.2
Overige personele lasten
2.637.330
3.025.845
4.1.3
Af: uitkeringen
-429.781
-397.737
32.370.677
30.340.256
387,23
377,45
Personeelslasten Aantal FTE per balansdatum Directie
13,74
14,01
OP
236,97
242,94
OOP
136,53
120,50
4.1.1.1
Brutolonen en salarissen
23.331.421
20.093.774
4.1.1.2
Sociale lasten
3.752.569
3.230.683
4.1.1.3
Pensioenpremies
3.079.138
2.998.122
Lonen en salarissen
30.163.128
26.322.579
4.1.2.1
Mutatie personele voorzieningen
-73.373
7.835
4.1.2.2
Personeel niet in loondienst
935.973
1.817.917
4.1.2.3
Overig
1.774.730
1.200.093
Overige personele lasten
2.637.330
3.025.845
Jaarrekening 2023
23
Stichting Nissewijs
4.2
4.2.2
Afschrijvingen Realisatie
Realisatie
2023
2022 EUR
EUR
Materiële vaste activa
789.213
700.293
Afschrijvingen
789.213
700.293
Gebouwen Inventaris en apparatuur
3.192
2.708
212.703
185.563
Machines en Installaties
36.497
33.870
ICT
391.517
350.402
Leermethoden
145.304
127.749
789.213
700.293
Resultaat desinvesteringen Materiële vaste activa 4.3
0
Huisvestingslasten Realisatie
Realisatie
2023
2022 EUR
EUR
4.3.1
Huur
382.253
333.285
4.3.3
Onderhoud
740.180
523.122
4.3.4
Energie en water
569.745
486.133
4.3.5
Schoonmaakkosten
809.493
624.992
4.3.6
Heffingen
38.993
34.461
4.3.8
Dotatie onderhoudsvoorzieningen
582.000
582.000
3.122.664
2.583.994
Realisatie
Realisatie
2023
2022
Huisvestingslasten
4.4
Overige lasten
EUR
EUR
4.4.1
Administratie en beheerslasten
1.167.546
1.273.884
4.4.2
Inventaris, apparatuur en leermiddelen
1.016.985
1.803.765
4.4.4
Overige Overige lasten
792.279
297.855
2.976.810
3.375.504
Specificatie honorarium 4.4.1.1
Onderzoek jaarrekening
32.500
39.156
4.4.1.2
Andere controle opdrachten
0
0
4.4.1.3
adviesdiensten op fiscaal terrein
0
0
4.4.1.4
Andere niet controle opdrachten
0
0
32.500
39.156
Accountantslasten
Jaarrekening 2023
24
Stichting Nissewijs
FB Financieel en buitengewoon 5
Financiële baten en lasten Realisatie
Realisatie
20023
2022 EUR
EUR
5.1
Rentebaten en soortgelijke opbrengsten
79.644
0
5.5
Rentelasten en soortgelijke kosten (-/-)
-2.842
-4.451
Financiële baten en lasten
76.802
-4.451
Jaarrekening 2023
25
Stichting Nissewijs
VT Verplichte Toelichting Model E: Verbonden partijen Naam
Stichting Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Voorne-Putten Rozenburg.
Juridische vorm Stichting
Statutaire zetel
Code activiteiten
Nissewaard
Jaarrekening 2023
Consolidatie
4 Nee
26
Stichting Nissewijs
Verantwoordingsmodel WNT 2023 WNT-verantwoording 2023 Stichting Nissewijs De WNT is van toepassing op Stichting Nissewijs. Het voor Stichting Nissewijs toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2023 € 173.000,00 bezoldigingsklasse D). 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13 e maand van de functievervulling Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13 e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt Gegevens 2023 bedragen x € 1
M. Groeneveld
C. van Bodegom
Functiegegevens
College van bestuur
College van bestuur
01/01 – 31/12
01/01 – 31/12
Aanvang en einde functievervulling in 2023 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
1
Dienstbetrekking?
ja
ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 125.120
€ 122.631
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.211
€ 20.820
Subtotaal
€ 147.331
€ 143.451
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 173.000
€ 173.000
N.v.t.
N.v.t.
€ 147.331
€ 143.451
Bezoldiging
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
Gegevens 2022 bedragen x € 1
M. Groeneveld
C. van Bodegom
Functiegegevens
Directeur-bestuurder
College van bestuur
01/01 – 31/12
01/09 – 31/12
Aanvang en einde functievervulling in 2022 Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1
1
Dienstbetrekking?
ja
ja
Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 119.210
€ 40.077
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.128]
€ 7.377
Subtotaal
€ 141.338
€ 47.454
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 154.000
€ 51.333
Bezoldiging
€ 141.338
€ 47.454
Bezoldiging
Jaarrekening 2023
27
Stichting Nissewijs
1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12
Gegevens 2023 E. Boom Bestuurder
Functiegegevens Kalenderjaar
2023
2022
Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde)
1-01 tm 31-10
Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar
10
Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar
32
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maxima op basis van de normbedragen per maand Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
0
€ 244.600 € 244.600
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Bezoldiging in de betreffende periode
€ 161.820
Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
€ 161.820
N.v.t.
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
€ 161.820
Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
Jaarrekening 2023
28
Stichting Nissewijs
1c. Toezichthoudende topfunctionarissen Gegevens 2023 bedragen x € 1
R. van Harten
J. Mayer
R. Frishert
Functiegegevens
Voorzitter
Lid
Lid
Aanvang en einde functievervulling in 2023
1/1 – 31/12
1/1 – 31/12
1/1 – 31/12
Bezoldiging
€ 10.380
€ 6.760
€ 5.190
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 25.950
€ 17.300
€ 17.300
Bezoldiging
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging
Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022