24. Plan van aanpak Opgaveteam Wmo
Tekst van het document
VPW geeft aan dat dit voor hun haalbaar is, maar het is voor de potentiële deelnemers wel een overweging die ze moeten maken. VPW is daarbij voor de cliënten een grootschaligere omgeving dan wat ze nu bij de aanbieders gewend zijn. Nu wordt dagbesteding aangeboden in kleinere ruimtes met minder prikkels. Tijdens de strategische dagen van september 2024 is gekozen nog niet te starten met de pilot dagbesteding bij VPW. Redenen hiervoor zijn dat andere maatregelen urgenter zijn, omdat er een hogere bezuiniging mee gemoeid is. Het betreft immers op dit onderdeel slechts enkele tientallen cliënten. Deze maatregel wordt echter wel als kansrijk gezien, juist ook omdat het ontwikkelpotentieel van cliënten hierdoor beter kan worden benut. Wanneer echter het perspectief van Beschermd thuis leidend wordt in het vraagstuk van daginvulling voor de groep 18 tot grofweg 60 jaar, leidt dit tot andere onderzoeksvragen. Vraagstukken bij deze maatregel zijn: 1. Wat is de breedte van deze maatregel? Oftewel: wat is het doel en de doelgroep van arbeidsmatige dagbesteding binnen Nissewaard en hoe verhoudt zich dit tot beschikbare instrumenten en doelgroepen vanuit de Participatiewet2? 2. Hoeveel inwoners maken in totaal gebruik van de verschillende vormen van zinvolle daginvulling? Hoe vindt toeleiding naar deze vormen plaats, wat bepaalt van welke vormen iemand gebruik maakt? 3.
Kunnen deze maatregelen beter/vaker/gerichter worden ingezet om kwetsbare inwoners te ondersteunen bij hun herstel zodat er minder risico is op terugval en/of individuele begeleiding eerder kan worden afgebouwd? 4. Op welke wijze kan bijvoorbeeld Wmo-dagbesteding voor de beroepsbevolking, herstelgerichte activiteiten voor de doelgroep ‘beschermd thuis’ en re-integratie voor uitkeringsgerechtigden met ggz-problematiek (zoals inzet van de methodiek Individuele Plaatsing en Steun zoals die al bij Werk & Inkomen wordt ingezet) worden verbonden als dit meerwaarde heeft en worden vormgegeven? In hoeverre kan VPW hierin een rol vervullen? In hoeverre kan SROI-inzet hierin een rol vervullen? 5. Kunnen alle cliënten ofwel terecht bij deze nieuwe vorm van arbeidsmatige dagbesteding ofwel bij de gesubsidieerde daginvulling (op grond van de subsidieregeling ondersteuning en
2
Hierbij ook de doelgroep thuiswonende jongeren zonder uitkering meenemen, die onvoldoende gekwalificeerd zijn voor een baan. Onduidelijk is nu of deze groep ondersteund kan worden vanuit doorstroomcoach, Wmo dagbesteding of Participatiewet.
20
participatie), of zijn er uitzonderingen waarvoor Wmo-dagbesteding een product moet blijven binnen de Wmo? 6. Indien dagbesteding een product moet blijven binnen de Wmo (indien gewenst ook gekoppeld aan beschermd thuis), voor welk type cliënten is dat dan en hoe moet die dagbesteding er dan uitzien en op welke wijze kan de inkoop dan het beste worden vormgegeven (bestaande open house met minder aanbieders, of anders)? 7. Op welke wijze moeten de aanpassingen worden geborgd? a. In verordening, nadere regels en beleidsregels? b. In werkprocessen en werkinstructies? c. In monitoring en data? d. In communicatie? Maatregel 11: Nieuwe woon- en opvangvormen Voor inwoners die (dreigend) dak- of thuisloos zijn willen we als gemeente diverse woon- en opvangvormen realiseren. Deels betreft het woonvormen met begeleiding en deels woonvormen zonder begeleiding. Dit vindt plaats in nauwe afstemming met woon- en opvangvormen die worden georganiseerd in regionaal verband. Ook hier moet in een aantal gevallen wel lokaal een ruimte voor worden gevonden. Het daadwerkelijk realiseren van de nieuwe locaties vindt grotendeels door middel van projectpagina’s binnen het uitvoeringsprogramma woonzorgvisie plaats, omdat zo de betrokkenheid van ruimtelijk domein, woningcorporaties of vastgoedeigenaren kan worden geborgd. Collega’s van vastgoed, wonen en planologie hebben een belangrijke rol.
Uit te voeren activiteiten hier zijn in elk geval: 1. Borgen huidige lokale begeleid wonen projecten voor jonge moeders en jongvolwassenen. Het gaat om de projecten Room First en CVD Baarsveen; 2. Realiseren van noodwoningen bij met passende begeleiding voor acuut dakloze gezinnen. Het gaat hier om 2 noodwoningen bij een woningcorporatie waar gezinnen met minderjarige kind(eren) tijdelijk kunnen worden gehuisvest als zij acuut dakloos raken. De noodwoningen zijn de ‘opvolger’ van de regionale gezinsopvang die per 1-7-2025 sluit, passend bij het regionale uitgangspunt dat gezinnen niet in een opvang thuishoren. Vanuit een noodwoning kunnen zij doorstromen naar een begeleide woonvorm of een escalatiewoning. 3. Realiseren van een geschikte locatie voor begeleid wonen voor gezinnen per 1-1-2026 (of 17-2025). Er is behoefte aan begeleide woonplekken voor gezinnen, die dakloos zijn of dreigen te raken en waarbij de ouders op dat moment over onvoldoende vaardigheden beschikken om zelfstandig te wonen en een veilige omgeving te bieden voor hun kind. De geschatte behoefte is 4 tot 6 woningen (gelabeld voor begeleid wonen). 4. Realiseren van een geschikte locatie voor een sociaal hostel per 1-1-2026.
De maatschappelijke opvang in de huidige vorm stopt per 1-1-2026, vanaf die datum is het de bedoeling dat er per gemeente een sociaal hostel is waar (dreigend) dak- en thuisloze inwoners lokaal kunnen worden opgevangen. Per gemeente moet hiervoor een geschikte locatie voor worden gevonden, waarbij de voorkeur is dat dit gemeentelijk vastgoed betreft (aankoop of aanhuur). Vanuit de centrumgemeente worden de kosten voor het pand en de begeleiding bekostigd. 5. In april 2024 is er een tijdelijke opvanglocatie geopend in de voormalige Ontmoetingskerk in Nissewaard. Deze opvanglocatie doet dienst tot uiterlijk 1-7-2025, waarna de eigenaar hier appartementen gaat ontwikkelen. Omdat de sociale hostels waarschijnlijk pas per 1-1-2026 openen, is er een tijdelijke locatie nodig ter overbrugging. Formeel is het de verantwoordelijkheid van de centrumgemeente om deze locatie te vinden, maar in de praktijk zal dit binnen Nissewaard gevonden moeten worden en daarom is lokale inzet hierop belangrijk. Gekeken wordt of de huidige locatie van gezinsopvang hiervoor kan worden ingezet. Dat betekent wel dat deze eerder moet stoppen dan per 1-7-2025 omdat er 21
tijd nodig is voor het verhuizen. Andere optie is om het sociaal hostel eerder te kunnen openen zodat deze locatie gebruikt kan worden. 6. Realiseren van een geschikte locatie voor ‘anders wonen’ (skaeve huse) per 1-1-2026. Er is behoefte aan één of twee kavels voor in totaal 10-12 individuele woonunits (lokale behoefte Nissewaard). Deze zijn bedoeld voor mensen met psychiatrische problemen en/of chronische middelenafhankelijkheid die meerdere malen uit instellingen zijn gezet en ook overlast veroorzaken in een woonwijk of instelling. Vaak zijn ze zorgmijdend (geworden) door negatieve ervaringen met instanties. Het is wonen in een rustige omgeving, met weinig prikkels van buitenaf. Mensen betalen zelf hun huur. 7. Sturen op de realisatie van 100 flexwoningen in Nissewaard, waarvan de eerste 30 per 1-12026, inclusief sociaal beheer. De term ‘flexwonen’ gaat over flexibele woonoplossingen die relatief snel en goedkoop kunnen worden gerealiseerd. Kenmerkend is het ‘tijdelijke karakter’ van de woning zelf, de bewoning of het gebruik van een locatie waarop de woning wordt geplaatst. Deze vorm van wonen is geschikt voor spoedzoekers met een vrij hoge mate van zelfredzaamheid. Het is essentieel om dit te realiseren vanuit het oogpunt van preventie en om doorstroom vanuit het sociaal hostel mogelijk te maken. 8. Mogelijk maken en stimuleren vormen van woningdelen (i.i.g.
hospitaverhuur). Hierbij kijken we samen met de andere gemeenten op ZHE naar de optie van deelname aan het landelijke concept ‘Kamers met Aandacht’, specifiek gericht op jongvolwassenen die op eigen benen willen staan, maar nog niet geheel zelfstandig kunnen wonen. Ze kunnen door omstandigheden niet bij hun ouders blijven wonen en hebben geen of een beperkt sociaal vangnet. Sommige jongeren hebben een verleden in de jeugdzorg, anderen wonen in een opvang en/of dreigen dakloos te worden. Voor het realiseren van hospitaverhuur geldt dat enkele aanpassingen nodig zijn in het gemeentelijke beleid, o.a. dat inwoners (tot een bepaald bedrag) inkomen mogen verwerven uit onderhuur zonder hiervoor gekort te worden op hun uitkering. Dit is nu niet toegestaan. Ook zijn afspraken met de woningcorporaties nodig, want het is nu niet toegestaan voor huurders om een kamer onder te verhuren aan iemand anders3. Uiteraard geldt ook voor deze acties dat gekeken moet worden op welke wijze het kan worden geborgd: a. In verordening, nadere regels en beleidsregels? b. In werkprocessen en werkinstructies? c. In monitoring en data? d. In communicatie? Maatregel 12: Monitoring en evaluatie Om het beleid beschermd thuis uiteindelijk te kunnen evalueren, is het nodig om een systeem van monitoring in te richten.
In ieder geval moeten onderstaande vragen kunnen worden beantwoord: • de mate waarin de voorstellen zijn gerealiseerd; • welke kansen en knelpunten zich daarbij hebben voorgedaan; • de uitnutting van het beschikbare budget; • eerste beeld van de mate waarin het gerealiseerde aansluit op de lokale behoefte (kwalitatief en kwantitatief); • eerste beeld van de baten in relatie tot de kosten.
3
In het regeerakkoord dat vorige maand werd gepresenteerd, wordt een wetswijziging aangekondigd om belemmeringen rondom hospitaverhuur weg te nemen. Mogelijk is dit een stimulans voor corporaties om eerder stappen hierin te zetten.
22