2022.05.20 Coalitieakkoord definitief
Tekst van het document
preventie, samenwerking met ketenpartners en de juiste zorg op maat, want er zullen altijd kinderen zijn die specialistische hulp nodig hebben en die kunnen bouwen op de gemeente. Uitgangspunt blijft hierbij dat we gebruik maken van de eigen mogelijkheden van jongeren, ouders en hun sociale netwerk, zoals school en de (sport)vereniging. Zij moeten de regie houden over hun leven en uiteindelijk op eigen benen kunnen staan. En daar waar nodig kunnen ze samen met professionele hulpverlening zoeken naar oplossingen voor hun hulpvraag. En die hulp willen we laagdrempeliger en toegankelijker maken door dit dichter bij het kind te organiseren, zoals op school, de (sport) vereniging of een verlengd dagarrangement. De combinatiefunctionarissen kunnen hierbij een verbindende rol vervullen richting de jeugd ondersteuningsteams. Ook Jongerenwerk kan hierbij helpen en dat blijven we daarom continueren. Ook breiden we samen met het onderwijs het jongerenwerk op school verder uit. Iedere ouder wil zijn kind opvoeden tot een zelfstandige volwassenen. Soms is daar hulp van buitenaf voor nodig. We vinden het belangrijk ouders daarbij te helpen. Investeren in ouderschap en opvoeden resulteert in een gezondere veerkrachtigere generatie en voorkomt problemen en uiteindelijk duurdere zorg. In Nissewaard kunnen ouders onder andere terecht bij het Jeugd ondersteuningsteam.
Daarnaast willen we onderzoeken hoe we ouders ook een steuntje in de rug kunnen bieden, bijvoorbeeld door laagdrempelige bijeenkomsten voor (aankomende) ouders om inzicht te geven in vragen die andere ouders ook hebben. Zo leer je van andere ouders en help je elkaar. 5.3 Onderwijs 5.3.1 Goed kwalitatief onderwijs! We willen dat iedereen zijn talent kan ontwikkelen. Daarom streven we met de onderwijsinstellingen naar kwalitatief goed en bereikbaar onderwijs. Ongeacht de levensbeschouwing of religieuze overtuiging waarop het onderwijs binnen een school gebaseerd is. Daarom stimuleren wij een goede samenwerking van onderwijspartners onderling, maar ook samen met ons. We zijn dan ook een voorstander van samenwerkingsscholen. De Lokale Educatieve Agenda primair en voortgezet onderwijs ontwikkelen we daarom verder. Maar ook samenwerking binnen het mbo juichen wij toe. Goed onderwijs staat in Nissewaard dus voorop. Dat is de basis voor de toekomst. De randvoorwaarden daarvoor moeten op orde zijn. Wij willen dat iedereen door voldoende opleiding volwaardig kan participeren in de samenleving. Het onderwijs begint al op de voorschool om gelijke kansen te kunnen bieden. Waar nodig wordt er passende zorg en ondersteuning geboden. Een goede aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt vergroot de kans om het verkrijgen van passend werk, zodat leren loont.
Aansluiting bij de Gelijke Kansen Alliantie kan hierbij helpen. 5.3.2 Schoolgebouwen Nissewaard staat voor een grote vervangingsopgave met betrekking tot de onderwijshuisvesting. Hoge kosten voor vervangingsonderhoud komen bij veel scholen tegelijk. Daarnaast is er een ruimtevraag vanwege de groei van het aantal leerlingen.
42
Niet alles kan tegelijk. Dit vraagt om een scherpe analyse, stevige keuzes en goede samenwerking met onze onderwijspartners. Het is belangrijk dat ook scholen hun steentje bijdragen. Enerzijds in hun verantwoordelijkheid voor instandhouding, beheer en onderhoud. Anderzijds door het positieve effect op de exploitatie van terugverdieneffecten van verduurzaming, zowel bij bestaande als bij nieuwe gebouwen, aan te wenden ten behoeve van goede huisvesting. Dit komt ook ten goede aan de begroting van het schoolbesturen, dus streven we hierbij naar cofinanciering. In een integraal huisvestingsplan (IHP), dat we samen met het onderwijs opstellen, schetsen we de toekomst van de schoolgebouwen in Nissewaard. Deze raadsperiode zullen we de reeds ingang gezette projecten onderwijshuisvesting uitvoeren, te weten: • Nieuwbouw Sterrenkwartier • Nieuwbouw de Elementen / Schenkel • Nieuwbouw My College • Nieuwbouw Scala Rietvelden/Charles de Foucauld Daarnaast is het voornemen maar liefst 25 miljoen extra geld beschikbaar te stellen om te investeren in de grote vervangingsopgave van onderwijshuisvesting samen met de schoolbesturen. We kijken naar mogelijke slimme combinaties, niet alleen tussen scholen, maar ook met andere maatschappelijke functies. Bij nieuwbouw beogen we functies te combineren in Integrale Kind Centra (IKC), als daartoe kansen zijn en dit meerwaarde biedt.
We mikken op win-win situaties, waarbij we meerwaarde voor de wijk creëren. We zoeken daarom verbinding met wijk- en gebiedsontwikkelingen. De onderwijshuisvestingsopgave kan als motor dienen om de wijken in Nissewaard toekomstbestendig te maken. Hierbij wordt een zorgvuldige afweging gemaakt tussen financieel en maatschappelijk rendement van investeringen. Als werk met werk maken per saldo voor de langere termijn meer oplevert, is dit een optie als de beschikbare middelen hiervoor toereikend zijn. Frisse scholen zijn belangrijk. Dat is nog maar eens extra gebleken gedurende de Corona-periode. Ieder kind heeft baat bij een gezonde leeromgeving, waarin de luchtkwaliteit goed is. Deze periode onderzoeken wij waar het nodig is om hier verbetering in aan te brengen en hoe wij ons steentje kunnen bijdragen. 5.3.3 Onderwijsachterstandenbeleid en laaggeletterdheid Ieder kind heeft recht op goed onderwijs en onderwijsachterstanden moeten worden aangepakt. Dit vergroot de kansengelijkheid in de toekomst. We willen met het onderwijs kijken waar we verbeteringen kunnen maken. Een goede start op jonge leeftijd is cruciaal. Met voorscholen (kinderopvang) bieden we al vroeg professionele ontwikkelingsondersteuning aan ieder kind. We vinden het belangrijk dat er voor ieder kind kwalitatief goede peuteropvang beschikbaar is, met voldoende keuze in organisaties en locaties.
Taal speelt een belangrijke rol in het verloop van schoolloopbaan en zelfontwikkeling, het volgen van (vervolg)onderwijs, het vinden en behouden van betaald werk, en het participeren in de maatschappij. Ten behoeve van jonge kinderen benutten we het beschikbare Onderwijsachterstandenbudget zo ruim 43
mogelijk voor interventies en initiatieven ter voorkoming van taalachterstand. Dit betekent extra Voorschoolse Educatie voor ieder kind die dat nodig heeft, ondersteuning van initiatieven die preventie en vroegsignalering binnen kinderopvang en gezinnen versterkt en sterk extra taalonderwijs binnen het basisonderwijs. We hebben daarbij een open houding richting initiatieven, die kunnen zorgen voor een minder onderbroken (taal)leerlijn in de zomervakantie. Voor leerlingen met een taalachterstand door anderstaligheid wordt een goed aanbod van taalonderwijs verzorgd. Bibliotheek op School willen we op iedere school gerealiseerd hebben. Voor een gelijke kans is het vaststellen van dyslexie cruciaal. We vinden het belangrijk dat dyslexie vroegtijdig gesignaleerd wordt. Om te zorgen dat dit op een goede manier gebeurt, gaan we het gesprek met het onderwijs aan. 5.3.4 Onderwijs en arbeidsmarkt De arbeidsmarkt verandert voortdurend als gevolg van technologie en economische ontwikkelingen. Het is belangrijk dat jongeren goed voorbereid worden op de arbeidsmarkt en dat er de gelegenheid is voor ‘een leven lang ontwikkelen’. We willen dat iedere jongere het onderwijs kan verlaten met een startkwalificatie. Dat biedt de beste garantie voor een structurele plek op de arbeidsmarkt. Voortijdig schoolverlaters worden daarom begeleid naar school en, als dat niet haalbaar is, naar werk.
We willen het succesvolle ‘back2school’, een mooie samenwerking tussen Zadkine en JOZ, continueren. We bieden vanzelfsprekend zelf als gemeente ook stageplekken aan, omdat we het belang zien van een goede opleiding en het opdoen van praktijkervaring. We maken met de onderwijspartners en ondernemers in de regio, binnen de Regiodeal Zuid-Hollandse Delta, afspraken om onderwijs en arbeidsmarkt beter op elkaar te laten aansluiten en bijvoorbeeld een campus in Nissewaard te realiseren. Mbo Nissewaard met hbo-trajecten/dependance Samenwerking tussen mbo-instellingen voor een mbo Nissewaard juichen wij toe. Zeker als hieraan ook hbo-trajecten verbonden kunnen worden. Wij stimuleren een goede samenwerking van onderwijspartners onderling en met betrokken ondernemers. Zo willen we graag samen met de partners een zorgcampus nabij metrostation Spijkenisse Centrum realiseren, gericht op innovatie in de zorg en bijpassende onderwijsvormen. Dit om antwoord te kunnen geven op de vraag hoe we met vergrijzing en minder arbeidskrachten toch goede zorg kunnen blijven verlenen. Voor de techniek/ICT willen we ruimte bieden voor een campus op het bedrijventerrein Halfweg Molenwatering, als antwoord op de vraag naar arbeidskrachten voor de ondernemers in de regio en het havenindustrieel complex. Een dependance van hbo is van harte welkom en faciliteren we graag.
5.4 Zorg en Wet maatschappelijke ondersteuning Onze inwoners kunnen rekenen op noodzakelijke ondersteuning en zorg. Doordat meer kwetsbare inwoners zelfstandig wonen (extramuralisering en vergrijzing) en de samenleving steeds ingewikkelder wordt, neemt het aantal inwoners met intensieve en complexe ondersteuningsvragen toe. Dit vraagt van ons dat we steeds beter in staat is om integrale maatwerkoplossingen te realiseren, die flexibel ingezet kunnen worden en een duurzaam positief effect hebben. 44
We willen daarnaast meer grip krijgen op het gebruik van voorzieningen binnen het sociaal domein. Als een inwoner zich meldt, wordt bij de ingang samen met Thuis in de Wijk-partners SWO, MEE en Kwadraad bekeken of er oplossingen te vinden zijn in het algemene aanbod (zoals trainingen, zelfhulpgroepen, ervaringsdeskundigen of kortdurende begeleiding), iemands netwerk of vrijwilligersorganisaties. Zo kunnen we aanvragen voor persoonsgebonden voorzieningen deels voorkomen en worden inwoners beter geholpen. Door het creëren van meer welzijn en algemeen aanbod en het zoeken naar slimme verbindingen, zijn er minder (dure) persoonsgebonden voorzieningen nodig. Door dit goed te organiseren kan sociale isolatie en eenzaamheid worden tegengegaan, kunnen zware mantelzorgtaken eerder worden gesignaleerd en helpen om afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen. Naar aanleiding van de aangenomen motie wordt onderzocht op welke wijze een strippenkaart voor algemene voorzieningen ingevoerd kan worden, als mogelijk middel binnen een bredere (communicatie)strategie om kwetsbare inwoners te laten participeren We hebben specifieke aandacht voor (voorzieningen voor) mantelzorgers, en niet in de laatste plaats voor jonge mantelzorgers. We hebben ook aandacht voor mensen die zich eenzaam voelen.
Het is belangrijk dat zij niet onder de radar blijven en dat tijdig gesignaleerd wordt wanneer zij hulp kunnen gebruiken. Voor deze groepen zijn zaken als sociale ontmoeting en bekendheid met beschikbare voorzieningen, maar ook met zorg en ondersteuning dichtbij huis, extra belangrijk. Initiatieven voor het creëren van voldoende aanbod, ondersteunen wij van harte. We zijn ook een dementievriendelijke gemeente. We zetten ons actief in om mensen met dementie en hun mantelzorgers zo lang mogelijk mee te laten doen in de samenleving. 5.4.1 Ouderenzorg De vergrijzing rechtvaardigt duidelijke focus en perspectief op de behoeften en zorg van de ouder wordende Nissewaarders. Deze focus gaan we aanbrengen in een duidelijk en samenhangend overzicht met een plan van aanpak gericht op ouderen. Hiermee maken we inzichtelijk en kenbaar richting inwoner wat er allemaal is en kan. 5.4.2 Hospice We vinden het hospice een belangrijke voorziening en dragen het een warm hart toe. We staan ervoor open om samen met het hospice te onderzoeken hoe een nieuwe locatie gerealiseerd kan worden. 5.4.3 Centrumtaken Als er meer zorg nodig is, zijn er voorzieningen voor opvang en beschermd wonen, namelijk vrouwenopvang (aanpak huiselijk geweld), maatschappelijke opvang en beschermd wonen voor inwoners met psychische problemen. Voor deze voorzieningen is de gemeente Nissewaard centrumgemeente.
Dat betekent dat deze voorzieningen namens alle gemeenten op Voorne-Putten, Goeree-Overflakkee en de Hoeksche Waard worden gerealiseerd. Ook lokaal wordt gewerkt aan hulpverlening aan personen met verward gedrag en de verdere monitoring en verbetering voor de uitvoering van de Wet Verplichte GGZ. Waar nodig worden deze taken ook in samenwerking met andere gemeenten opgepakt. Komende periode lopen samenwerkingsovereenkomsten met de regio af. Vanuit de gedachte ‘regionaal wat moet, lokaal wat kan’ zal met andere gemeente worden besproken hoe de verdere samenwerking vorm te geven. Hierin zitten financiële uitdagingen. De komende 10 jaar gaat een 45
financiële doordecentralisatie plaatsvinden waarin individuele gemeenten steeds meer middelen voor Beschermd wonen krijgen en de centrumgemeente steeds minder. Binnenkort wordt in regionaal verband een gesprek over ontschotting van de drie centrumbudgetten gevoerd. We onderzoeken ook de mogelijkheid om het initiatief ‘Onder de Pannen’ in te voeren in Nissewaard. ‘Onder de Pannen’ brengt mensen die recent dakloos zijn geworden, bijvoorbeeld door scheiding of verlies van werk, onder bij een dorps-/stadgenoot die een kamer ter beschikking heeft, zonder dat men gekort wordt op toeslagen en/of uitkeringen. 5.5 Volksgezondheid en acute zorg We zetten ons in voor het beschermen, bewaken en bevorderen van de gezondheid van onze inwoners. Deze verantwoordelijkheid richt zich niet alleen op de algemene bevorderingstaken jeugdgezondheidszorg tot 19 jaar, maar ook op de ouderengezondheidszorg vanaf 65 jaar en infectieziekte bestrijding. De GGD Rotterdam-Rijnmond en het CJG Rijnmond zijn de organisaties die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering voor ons gezondheidsbeleid. Dit doen zij op basis van hun eigen strategische agenda, die met alle deelnemende gemeenten regionaal is afgestemd. De coronapandemie geeft meer dan ooit de urgentie van werken aan gezondheid en gezond zijn aan.
Een gezonde leefstijl voorkomt veel fysieke en mentale problematiek en is belangrijk voor de samenleving en de economie. Sporten, beweging en gezonder eten worden meer gestimuleerd om overgewicht, roken, depressie, eenzaamheid en verslaving te voorkomen. Juist nu is het belangrijk dat iedereen in staat is om gezonde keuzes te maken. Met het onlangs vastgestelde gezondheidsbeleid is aandacht voor sociaal-economische gezondheidsverschillen, ongelijkheid en achterstanden op wijk- of kernniveau en tussen verschillende groepen inwoners. Met de uitvoering van het beleid zetten we hiermee breed in op achterliggende problematiek en de totale sociale- en fysieke leefomgeving van onze inwoners. Gezondheid krijgt via de GGD ook een grotere rol in de toetsing van ruimtelijke initiatieven in het kader van de Omgevingswet. 5.5.1 Acute zorg Wij blijven ons inspannen voor een goed acuut zorgsysteem op Voorne-Putten en daarmee in Nissewaard. Acute zorg valt uiteen in burgerhulpverlening, de huisartsenpost, ambulancezorg en spoedeisende zorg. Een spoedplein dat 24/7 open is, is inmiddels gerealiseerd. Mede vanwege de kwetsbare ontsluiting van het eiland, vinden we het belangrijk dat het aanbod van het Spijkenisse Medisch Centrum (SMC) verder wordt uitgebreid. Bij de aankomende renovaties van de bruggen willen we dat de zorg, zoals verloskunde, geborgd is.
We blijven in gesprek met het SMC en zorgverzekeraars over of er andere vormen van medische zorg kunnen worden toegevoegd aan de dienstverlening van het SMC. We volgen de aanrijtijden van ambulances en werken mee aan de realisatie van opkomstlocaties voor Ambulancezorg Rotterdam-Rijnmond (AZRR) in onze gemeente. 5.5.2 AED - hartveilig Nissewaard We werken mee aan BuurtAED.nl, verzorgen een subsidieregeling voor het ophangen van buurt-AED’s en bij onze eigen accommodaties maken we AED’s publiek toegankelijk. De dekking van AED’s moet ook in de toekomst gegarandeerd blijven. Daarom onderzoeken we hoe we met onderhoud om kunnen gaan na 46
afloop van onderhoudscontracten van AED’s bij particulieren en maatschappelijke instellingen. Hartveilig worden we ook door te leren reanimeren. Daarom willen we in samenwerking met het onderwijs reanimatiecursussen van EHBO-verenigingen aanbieden. 5.6 Werk & Inkomen Meedoen, participeren, het benutten van je talenten en het dragen van eigen verantwoordelijkheid zijn belangrijke elementen voor een gelukkig en zinvol leven. Werk zorgt voor betekenisgeving, verbinding, voldoening en het ervaren van ontwikkeling. Dit is echter niet voor iedereen vanzelfsprekend. Hierbij bieden wij dan ook de benodigde ondersteuning. 5.6.1 Participatie Vanuit de Participatiewet zorgen we ervoor dat mensen ondersteund worden bij re-integratie en arbeidsontwikkeling in de volle breedte en dat mensen verzekerd zijn van een minimuminkomen als zij daar zelf niet (volledig) in kunnen voorzien. Het aanvragen en verstrekken van een uitkering wordt steeds meer digitaal uitgevoerd: laagdrempelig, snel en efficiënt. Een correcte en tijdige afhandeling van aanvragen en beheer van de uitkering is het uitgangspunt. Het is belangrijk dat bij de dienstverlening voor onze klanten alle informatie beschikbaar is, ook over de rechten en plichten. Dit moet klip en klaar zijn. Complexe boodschappen, zoals over de inlichtingenplicht, presenteren we op een begrijpelijke manier, bijvoorbeeld via een animatie.
Hierbij houden we er rekening mee dat er veel op de inwoner af kan komen en omstandigheden impact kunnen maken. We zijn tegen de kostendelersnorm bij thuiswonende kinderen tot 27 jaar en vinden het daarom terecht dat deze volgend jaar wordt afgeschaft. Wie tot die tijd hierdoor knel komt te zitten, kan op ons bouwen. Schrijnende gevallen lossen we op via maatwerk. Jongeren waarbij nu sprake is van toepassing van de kostendelersnorm, zullen we actief benaderen om te kijken of zich op dit moment problemen voordoen. Mocht blijken dat het wetsvoorstel tot wijziging van de kostendelersnorm niet ingevoerd wordt per 1 januari 2023 dan zullen we voorbereidingen treffen om lokaal een overbruggingsregeling hiervoor te treffen. Voor degene die niet kan werken, is de tegenprestatie het instrument om mee te doen naar vermogen in de samenleving. De tegenprestatie is het uitvoeren van een onbetaalde, maatschappelijk nuttige activiteit. Bij de tegenprestatie is het belangrijk dat gekeken wordt naar de mens. Bij de begeleiding naar betaald werk wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de talenten van een inwoner. Als dit beter past, kunnen dit ook onbetaalde maatschappelijke werkzaamheden zijn, bijvoorbeeld als vrijwilliger of mantelzorger. Want mantelzorgers en vrijwilligers zijn onmisbaar en van grote betekenis in onze gemeente. Zij helpen anderen en wij helpen hen door te ondersteunen.
Wel vinden we het belangrijk dat dit onbetaalde werk ertoe leidt dat de afstand tot de arbeidsmarkt wordt verkleind. Het doel is deel gaan uitmaken van de arbeidsmarkt en uiteindelijk betaald werk. Als je in de bijstand zit, kun je een steun in de rug goed gebruiken. Daarom mogen mensen in Nissewaard in de bijstand tot een bedrag van 1200 euro per jaar giften ontvangen.
47
5.6.2 Voorne-Putten Werkt (VPW) Voorne-Putten Werkt (VPW) is het leerwerkbedrijf voor Voorne-Putten. Vanuit het principe “werken, leren en ontwikkelen” bevordert VPW een zo groot mogelijke mate van participatie en zelfstandigheid van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Hiervoor biedt VPW onder andere leerlijnen aan met duidelijke beroepsrichtingen, waarin werkervaring wordt opgedaan en scholing wordt gevolgd. Dit doet VPW in samenwerking met onderwijs, ondernemers en organisaties. Met de inzet van VPW willen we bereiken dat mensen een duurzame plaats vinden op de arbeidsmarkt. Daarvoor kennen we de vraag van de arbeidsmarkt en de talenten van werkzoekenden. Het vinden van banen die aansluiten op het arbeidspotentieel heeft onze prioriteit. Branches waar we op focussen zijn onder meer techniek in combinatie met duurzaamheid, haven en veiligheid, zorg en recreatie, maar ook horeca. Daarnaast voert VPW de Wet sociale werkvoorziening uit. Deze is bedoeld voor mensen die door een lichamelijke, psychische of verstandelijke handicap niet onder normale omstandigheden kunnen werken. In de sociale werkvoorziening wordt het werk aangepast aan betrokkenen en hun mogelijkheden. Binnen VPW zorgen we ervoor dat mensen trots zijn op hun werk, op hun werkgever, en kunnen werken in prettige omgeving met persoonlijke aandacht.
In samenwerking met de regio streven we naar het sluiten van leerwerkakkoorden met onderwijs en werkgevers op de Zuid Hollandse Eilanden. 5.6.3 Toeslagenaffaire Het vertrouwen in de overheid heeft een knauw gekregen door de toeslagenaffaire. Wij zorgen voor een zo goed mogelijke afhandeling van de financiële compensatie, zodat we deze kwetsbare groep steunen. Daarnaast worden ook andere instrumenten ingezet om hen te helpen, zoals het organiseren van een lotgenotenavond en de getroffenen kennis laten maken met ervaringsdeskundigen. Vanzelfsprekend zetten we ook onze reguliere taken in om deze groep te helpen op de vlakken waar zij dit nodig hebben. 5.7 Armoedebeleid Minder armoede en schulden bij Nissewaardse gezinnen, met speciale aandacht voor kinderen, jongeren en voor ouderen, dat is wat er nodig is. Wij willen dat iedereen maatschappelijk meedoet. We zetten in op het verminderen van het aantal huishoudens met een laag inkomen en het bieden van perspectief om uit de (verborgen) armoedesituatie te geraken. Ook willen we generatiegebonden armoede doorbreken. Wij gaan voor méér kansengelijkheid, minder risico om in armoede terecht te komen en meer kansen voor Nissewaarders om uit armoede te komen. Het huidige armoedebeleid is ruimhartig en uitgebreid. En heeft effect. Minder mensen zijn genoodzaakt gebruik te maken van schuldhulpverlening.
We blijven inzetten op financiële educatie, preventie en vroegsignalering, zodat we schulden kunnen voorkomen of vroegtijdig kunnen verhelpen. Er wordt onderzocht of mensen met schulden nog verder geholpen of ontzorgd kunnen worden, zodat ze minder stress hebben. Financieel in de knel zitten, geeft namelijk stress. Daarom hebben we als gemeente een stress-sensitieve dienstverlening en een empathische houding naar de inwoners. Het is goed om rekening te houden met wat zo’n situatie met een mens doet. De Geldkrant blijven we uitbrengen, 48
omdat we de mogelijkheden en voorzieningen zoveel mogelijk onder de aandacht willen brengen. De campagnes voor specifieke groepen inwoners worden vervolgd en uitgebreid. Ook zijn we alert op nieuwe oorzaken van armoede, zoals energie- en mobiliteitsarmoede, waardoor nog meer huishoudens onder financiële druk kunnen komen te staan. Hiervoor zetten we budgetcoaches en/of energiecoaches in. Wij willen bij schulden de inwoner zoveel mogelijk ontzien en aandacht geven aan de achterliggende problematiek. Wij zetten in op het voortzetten van de succesvolle Rotterdampas tegen een gereduceerd tarief voor de minima. Ook voor mensen in schuldhulpverlening wordt het mogelijk de Rotterdampas tegen gereduceerd tarief aan te schaffen. Wij juichen het toe als lokale ondernemers en andere partners deel gaan nemen aan de Rotterdampas. Voor minima die de AOW-leeftijd hebben bereikt, maken we gratis reizen in het ov mogelijk. De gratis dagkaarten voor minima breiden we uit van drie naar vijf. Ook wordt voor minima geen hondenbelasting geheven voor de eerste hond. We zijn blij met de samenwerking met partners als de voedselbank en Stichting Urgente Noden Nissewaard (SUNN) en continueren de samenwerking met hen. Inzet van ervaringsdeskundigheid We zien het belang ervan in om ervaringsdeskundigen in te zetten bij het maken van beleid als in de uitvoering.
In de praktijk hebben we binnen armoede en schulden hier goede ervaring mee gehad. Er zijn hierdoor goede en betere contacten ontstaan met de inwoner. Ervaringsdeskundigen weten wat er speelt en staan op die manier dicht bij de inwoner. Tegengaan van kinderarmoede Het is belangrijk dat ieder kind de kans krijgt om mee te doen met leeftijdsgenoten. We zetten erop in dat het gebruik van bijvoorbeeld sport- en cultuurfondsen wordt voorgezet en waar mogelijk verbeterd wordt om het bereik te vergroten. Wij willen dat het kind de winnaar is! Ieder kind moet op de fiets naar school kunnen. Het Kinderfietsplan is een nieuw initiatief voor kinderen vanuit een huishouden met een laag inkomen (minima). Dit initiatief draagt bij aan het hergebruik van fietsen, die door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt of door stagiaires van het praktijkonderwijs worden opgeknapt. Ook houden we de vangnetconstructie voor zwemles in stand. 5.8 Diversiteit & inclusie Niet iedereen is hetzelfde. Maar iedereen heeft wel gelijke rechten. We vinden het belangrijk dat iedereen mee kan doen én dat eenieder gelijke kansen heeft om mee te doen, dus ook nieuwkomers, inwoners met een beperking en lesbische, homoseksuele, biseksuele, transgender en interseksuele inwoners (LHBTI+). Daarom zijn wij ook Regenbooggemeente en dragen we deze boodschap actief uit.
We zorgen voor bewustzijn en deskundigheidsbevordering bij partners op dit vlak. Ook wordt voorlichting op scholen verzorgd. Als sluitpost is er de anti-discriminatievoorziening waar inwoners terecht kunnen als zij discriminatie hebben ondervonden. De ambtelijke organisatie geeft het goede voorbeeld. Wij zien de meerwaarde van diversiteit in de ambtelijke organisatie. Daar is ruimte om te zijn wie je bent. Om dit te onderschrijven sluiten we ons de 49
komende periode aan bij het zogenaamde Charter Diversiteit. Ook schrijven we onze inwoners aan met “inwoner of bewoner”. Komende periode geven we invulling aan de lokale inclusie agenda. Dat betekent dat er (meer) aandacht moet uitgaan naar de fysieke toegankelijkheid van openbare gebouwen en openbare ruimten, naar sociale toegankelijkheid van maatschappelijke voorzieningen en publieksdiensten, naar toegankelijke informatieverstrekking en dienstverlening aan alle inwoners. Daarnaast vraagt het realiseren van een (meer) inclusieve samenleving, ook om een (meer) onderlinge betrokkenheid en verdraagzaamheid in de Nissewaardse samenleving. Dit is een continu proces en alles kan niet in één keer gerealiseerd worden, maar ‘stapje voor stapje’ over een langere periode. 5.9 Inburgering en nieuwkomers We benutten de nieuwe Wet inburgering zodat nieuwkomers goed landen en dat ze zich kunnen aanpassen aan en meedoen in onze samenleving. Bij meedoen denken we aan (vrijwilligers)werk, onderwijs of dagbesteding. De startklas voor statushouders kan hier bijvoorbeeld bij helpen. Zo kan snel vastgesteld worden wat voor de desbetreffende persoon het meest passende traject is voor een goede landing en een nieuwe start. Het beleid voorziet in meer dan alleen het uitvoeren van een wettelijke verplichting. We bieden een intensievere begeleiding, onder andere door inzet van succesvolle inburgeraars.
Dit doen we in samenwerking met (maatschappelijke) partners. Daarmee investeren we in het netwerk, waarbij de gemeente de regierol vervult. Deze gezamenlijke inspanningen vergroten de kans op succes. Vanuit de middelen voor volwasseneducatie (WEB) bieden we, na afronding van de verplichte inburgering, trajecten ter ontwikkeling van de basisvaardigheden aan, zoals rekenen, computervaardigheid en Nederlandse taal. Het (Digi)Taalhuis vervult een verbindende rol en is een belangrijke schakel tussen samenleving en de nieuwkomer. In dit kader zijn taalmaatjes actief. Het aanbod van het (Digi)Taalhuis wordt in samenhang met andere taalaanbieders aangeboden, waarbij we aandacht hebben voor de kwaliteit van trajecten. We blijven stimuleren om de kwaliteit van taalaanbieders inzichtelijk te maken. 5.9.1 Vluchtelingen / statushouders Als gevolg van de oorlog in de Oekraïne zien we ons geconfronteerd met een vluchtelingenstroom. Ook wij nemen onze verantwoordelijkheid en dragen bij door voor hen passende opvang te realiseren. Daarnaast heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het huisvesten van toegewezen statushouders in Nissewaard. Er zijn zorgen in hoeverre de samenleving deze opgaven aan kan, gelet op de leefbaarheid, de krapte op de woningmarkt en de gemeentelijke financiën. Het is belangrijk de balans te bewaken en deze aandachtspunten scherp in het oog te houden.
Daarom nemen we onze verantwoordelijk zodanig dat dit zo min mogelijk ten koste van onze inwoners gaat. Als alle gemeenten in onze regio een eerlijk evenredig deel voor hun rekening nemen, doen wij dat ook. Dit zal niet anders zijn als het Rijk ons of de regio aanwijst voor de opvang van andere vluchtelingen. Wij gaan ervan uit dat de opvang tijdelijk is. Het is de verantwoordelijkheid van de Rijksoverheid om de kosten voor de opvang te vergoeden.
50
Wij willen het vraagstuk en de oplossingen rondom statushouders en opvang in samenhang en integraal benaderen. Zo zien we kansen bij het creëren van tijdelijke huisvesting. Als bijvoorbeeld voor een bepaalde doelgroep flexwoningen zijn gecreëerd, kunnen deze later ook ingezet worden voor een andere doelgroep, die nu in de overspannen woningmarkt buiten de boot vallen, zoals jongeren of spoedzoekers.
51
6. Financiën Een goede financiële huishouding is cruciaal. Het gemeentelijk huishoudboekje moet dus op orde zijn. De beschikbare middelen bepalen immers wat wij kunnen doen voor de stad en kernen en dus voor onze inwoners. De middelen, die de gemeente van het Rijk voor de uitvoering van haar taken ontvangt, zijn onvoorspelbaar en creëren een flinke onzekerheid voor de komende jaren. Zeker ook omdat de financiële middelen, die het Rijksbeleid vergezellen, niet altijd even goed daarmee corresponderen. Wat helaas wel een zekerheid is gebleken, is het nadelig effect van drie miljoen euro structureel als gevolg van de herverdeling van het Gemeentefonds. De financiële druk wordt versterkt door de enorme inflatie en onzekerheden als gevolg van bijvoorbeeld de oorlog in Oekraïne. Door het beheersen van de risico’s en het versterken van het weerstandsvermogen heeft de gemeente in de afgelopen jaren een gezonde buffer opgebouwd. Hierdoor zijn we in staat tegenvallers, zoals het nadelig effect van de herverdeling van het Gemeentefonds, op te vangen en op bepaalde vlakken wat extra’s te doen. Door het voornemen om eenmalig 25 miljoen euro vrij te maken vanuit de Algemene Reserve voor een kapitaalreserve kunnen we de investeringen doen, die noodzakelijk zijn om onze gemeente schoon, heel en veilig te houden.
Het uitgangspunt hierbij is een verantwoord financieel beleid waarbij het risicoprofiel en de weerstandcapaciteit op peil blijven. Bij besteding blijft een efficiënte en effectieve inzet van middelen eveneens het uitgangspunt, zodat we middelen (kunnen) blijven inzetten waar deze het meest nodig zijn. De financiële doorvertaling van het coalitieakkoord zal zijn weg vinden in de perspectiefnota als basis voor het gesprek met de raad. Zorgdragen voor een gezonde financiële huishouding is de afgelopen jaren een belangrijke leidraad geweest. Door een verantwoord financieel beleid heeft de gemeente Nissewaard een gezonde financiële huishouding, waarmee de grote uitdagingen waar alle gemeenten mee te maken hebben, hier niet leiden tot financiële problemen. Dit zal ook de komende jaren zo blijven; een goede balans tussen investeren in de stad en het versterken van de gemeentelijke financiële positie. Daarbij is het uitgangspunt dat het college de raad hiertoe jaarlijks een sluitende meerjarenbegroting aanbiedt en zorgt voor voldoende weerstandsbuffer om risico’s op te kunnen vangen. In het nieuwe regeerakkoord zitten echter forse onzekerheden ten aanzien van de gemeentelijke financiën, met name in de periode vanaf 2026. Door een andere verdeling van het gemeentefonds, de belangrijkste inkomstenbron van de gemeenten, ontvangt Nissewaard daarnaast een lagere vergoeding van het Rijk.
Vooral newtowns, zoals Nissewaard, lijken de dupe te worden. Daarbij hebben we te maken met forse kostenstijgingen als gevolg van stijgende inflatie door de krapte op de arbeidsmarkt, de corona-crisis en de oorlog in Oekraïne. De beperkte financiële ruimte die er wel is moeten we zorgvuldig gebruiken, bijvoorbeeld voor de gewenste en noodzakelijke investeringen in onze stad en kernen. Belangrijke onderwerpen waar wij in dit verband mee aan de slag willen zijn onder meer: het beheer van de openbare ruimte, extra investeren in veiligheid, onderhoud en verduurzaming van de gemeentelijke accommodaties, onderwijshuisvesting en een toekomstbestendig sociaal domein. In dit coalitieakkoord zijn hiervoor diverse intensiveringen opgenomen, maar waar nodig worden ook beleidskeuzes gemaakt om de kosten beheersbaar te houden. Uitgangspunt is daarbij dat de dienstverlening aan de inwoner zo min mogelijk wordt geraakt. 52
6.1 Risicobeheersing en -reductie Onze gemeente heeft een omvangrijk en divers takenpakket waarmee aanzienlijke financiële middelen gemoeid zijn. Dat de uitvoering van dat takenpakket risico’s met zich meebrengt is een gegeven. Het is dan ook van belang om deze (potentiële) risico’s zo goed mogelijk in beeld te krijgen en waar mogelijk maatregelen te nemen deze te reduceren. De afgelopen jaren zijn hier belangrijke resultaten geboekt. Door het beheersen van de risico’s op onze grondposities en de verkoop van Eneco is onze weerstandsratio gegroeid naar meer dan uitstekend. Ook de solvabiliteit en schuldpositie van de gemeente is flink verbeterd. Het weerstandsvermogen biedt daardoor voldoende ruimte om de komende jaren eventuele tegenvallers op te vangen en geeft ons ook de mogelijkheid om de negatieve effecten van de herverdeling van de rijksmiddelen grotendeels te kunnen dragen. Het voorstel is om een deel van de algemene reserve (25 miljoen euro) in te zetten om de structurele effecten van deze korting door het Rijk te kunnen afwenden. Hierdoor blijft het mogelijk om de noodzakelijke investeringen in zowel het fysieke als het sociale domein te blijven doen, waarbij tevens maatregelen zullen worden genomen om duurzaam financieel gezond te blijven. Ook na de uitname van de 25 miljoen euro dient de weerstandsratio op orde te blijven.
In het regeerakkoord zijn extra middelen toegezegd voor de uitvoering van het Klimaatakkoord. Uitgangspunt is dat deze middelen het financiële kader vormen voor het tempo en de mate waarin duurzaamheidsmaatregelen kunnen worden uitgevoerd. Ten aanzien van de herverdeling van het gemeentefonds blijven we ons op verschillende vlakken verzetten, onder andere door een actieve lobby richting het Rijk met vergelijkbare gemeenten en de VNG. Indien nodig zullen hierbij juridische stappen worden genomen. Het jaar 2026 is een bijzonder begrotingsjaar, dat inmiddels al door verschillende betrokkenen “het ravijn” wordt genoemd. Verschillende in het regeerakkoord genoemde maatregelen, bijvoorbeeld met betrekking tot de opschalingskorting en het accres, zorgen ervoor dat er een aanzienlijk nadeel in 2026 ontstaat ten opzichte van de jaren daarvoor. Alle gemeenten worden hiermee geconfronteerd. De vraag is hoe realistisch en uitvoerbaar deze maatregelen daadwerkelijk zijn. Ter illustratie, het CBP heeft in haar doorrekening van het regeerakkoord het jaar 2026 zelfs om deze reden buiten beschouwing gelaten. Ook het Rijk zelf realiseert zich dit. Om die reden vindt er overleg plaats tussen Rijk en onder meer de VNG. Op basis hiervan beoogt men dit jaar meer duidelijkheid te geven hoe om te gaan met het begrotingsjaar 2026.
Ondanks onze intentie de begroting altijd sluitend te maken, zien we ons door de onzekerheid, die het Rijk voor de gemeenten overlaat, genoodzaakt om op dit moment de begroting vanaf het jaar 2026 niet sluitend te presenteren. Het sluitend presenteren van het jaar 2026 zou namelijk betekenen dat we moeten bezuinigen op voorzieningen en dienstverlening en daarmee onze inwoners raken, terwijl achteraf kan blijken dat deze niet nodig waren. Wij vinden dat de inwoners van Nissewaard niet de dupe mogen worden van deze onzekerheid. Uitgangspunt is daarom dat nu het jaar 2025 als (realistisch) richtjaar gebruikt wordt. Daarom wordt er tot en met 2025 jaarlijks een sluitend financieel perspectief 53
gerealiseerd. Dit geeft in de jaren tot 2026 de nodige ruimte om hierop te sturen, afhankelijk van de welke wijze waarop het Rijk de financiering van de gemeenten verder vorm denkt te geven. De ontwikkelingen hieromtrent zullen wij dan ook nauwgezet volgen. 6.2 Hek Sociaal Domein Met de decentralisatie van Rijkstaken op het terrein van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), jeugd en participatie, beter bekend als het “Sociaal Domein”, is het takenpakket van gemeenten aanzienlijk uitgebreid. De onzekerheid over de effecten hiervan op het gemeentelijke huishoudboekje hebben eerder doen besluiten om een ‘hek’ rondom het Sociaal Domein te plaatsen. Zowel de kosten van Jeugdhulp als voor de Wmo zijn de afgelopen periode fors gestegen, mede door maatregelen van het Rijk waar de gemeente geen invloed heeft. Een voorbeeld hiervan is de invoering van het abonnementstarief bij de Wmo. Door de dynamiek vanuit het Rijk is het een uitdaging om structureel balans te vinden tussen de beschikbare middelen en goede zorg voor onze inwoners. Uitgangspunt is dat de inwoner op voorzieningen kan rekenen die passend en effectief zijn. Kwetsbare inwoners met complexere situatie krijgen zorg op maat, terwijl overzichtelijke problemen dichter bij huis en buiten de zorg opgelost kunnen worden.
Om dit te bereiken is het nodig om de financiële ruimte te creëren om te kunnen sturen op de inzet van middelen daar waar ze het meest effectief. Dit vraagt om het maken van keuzes, die onvermijdelijk ook pijn doen. De toekenning van extra middelen voor Jeugd door de landelijke arbitragecommissie biedt op korte termijn wel enige verlichting, maar verdere maatregelen blijven noodzakelijk. De hiervoor bedoelde landelijke hervormingsagenda vertaalt zich in een regionale aanpak via de transformatieagenda. Ook lokaal moeten maatregelen ervoor zorgen dat onze jeugdhulp passend, maar niet per se duur is. Bij de Wmo ontstaan kansen als het voornemen om het abonnementstarief af te schaffen in 2026 door het Rijk wordt doorgevoerd. Maar voor die tijd wordt ook breder dan Jeugd en Wmo naar maatregelen gekeken. Deze maatregelen zorgen voor de benodigde ruimte om erop te kunnen sturen dat de beschikbare middelen worden besteed aan de oplossingen, die het grootste verschil maken. Het doel hiervan is om tot en met 2025 ook binnen het Sociaal domein een sluitend financieel een perspectief te realiseren, waarbij ruimte wordt gemaakt voor nieuw beleid. Omdat de te nemen maatregelen niet altijd direct zullen renderen, wordt eenmalig een bedrag van 2,5 miljoen worden toegevoegd aan de reserve sociaal domein. Hiermee wordt de noodzakelijke extra bewegingsruimte gecreëerd.
Tegen deze achtergrond zijn wij van mening dat het hek, inclusief de reserve Sociaal Domein, vooralsnog in stand moet blijven. Wij zullen daarbij de ontwikkelingen nauwgezet monitoren, waarbij ook de werking van het “hek” en de reserve sociaal domein onderwerp van gesprek zullen blijven. 6.3 Belastingen De gemeentelijke belastingen stijgen jaarlijks slechts maximaal met de loon-en prijsindex. Dit percentage is enerzijds gebaseerd op de consumentenprijsindex (CPI) volgens het CBS en anderzijds op de stijging van de loonkosten als gevolg van de cao en wettelijke premies. Doordat dit jaar de inflatie fors is gestegen, zal dit in 2023 leiden tot een hoger stijgingspercentage dan gemiddeld. Leges, heffingen en 54
andere tarieven zijn zoveel mogelijk kostendekkend. De woonlasten blijven daarmee in reële zin gelijk. Deze woonlasten worden gevormd door de onroerendezaakbelasting (OZB), de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. Onderlinge vereveningen tussen deze woonlasten zijn mogelijk zolang de reële woonlasten gelijk blijven. De belastingen en heffingen worden gebruikt om onze inwoners te voorzien van diensten en producten. 6.3.1 Hondenbelasting Het Rijk heeft aangegeven de consequenties van de eventuele afschaffing van de hondenbelasting te onderzoeken en dit mee te nemen in de uitwerking van een nieuw gemeentelijke belastinggebied in de periode vanaf 2026. De gemeente Nissewaard zal de uitkomsten van dit onderzoek afwachten, hetgeen betekent dat de komende drie jaar de hondenbelasting blijft bestaan en deze mogelijk na 2025 zal worden afgebouwd of afgeschaft. Conform het in 2021 aangenomen amendement zal de komende drie jaren de hondenbelasting worden beschouwd als een doelbelasting, hetgeen betekent dat de tarieven maximaal kostendekkend mogen zijn. Er zal worden ingezet op een betere zichtbaarheid en herkenbaarheid bij inwoners ten aanzien van de besteding van het geld richting hondenbeleid. Voor minima zal vanaf 2023 de mogelijkheid worden ingesteld tot het verlenen van kwijtschelding van de belasting voor de eerste hond.
Ook zaken als extra uitrenvelden worden uit deze opbrengsten gefinancierd. 6.4 Corona-reserve Een deel van de coronareserve wordt achter de hand gehouden als gezonde buffer. Wat niet nodig (b)lijkt wordt aangewend om de lokale economie te stimuleren en herstellen. Dit deel kan worden omgevormd of gebruikt worden voor een herstelfonds, mogelijk (deels) in de vorm van een voucherregeling. Dit doen we in overleg met ondernemersverenigingen en BIZ-en. Een eventueel restant gaat terug naar de algemene reserve. 6.5 Leges Uitgangspunt is dat leges zoveel mogelijk kostendekkend zijn. De invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) zullen ingrijpende gevolgen hebben voor het proces van bouwen en vergunningverlening. De gevolgen hiervan voor de leges worden de komende periode in beeld gebracht. Extra benodigde capaciteit voor het behandelen van de toename aan aanvragen wordt doorberekend in de legesopbrengsten. Ook worden mogelijkheden voor nieuwe leges hierbij meegenomen, bijvoorbeeld milieuleges en de kosten van vooroverleg. Ook zal worden onderzocht op welke wijze een tariefdifferentiatie mogelijk is om de kostenstijging voor particulieren zoveel mogelijk te beperken. Om een zo goed mogelijk beeld te krijgen zal een onderzoek worden gedaan naar de kostendekkendheid van leges.
Waar mogelijk wordt ingezet op het verhalen van kosten via anterieure overeenkomsten.
55
7. Portefeuilleverdeling 2022-2026 De samenwerking binnen het college van burgemeester en wethouders wordt gekenmerkt door collegialiteit ten opzichte van elkaar. We dragen samen de verantwoordelijkheid voor dit akkoord en de uitvoering ervan. Deze gezamenlijkheid komt tot uitdrukking in de portefeuilleverdeling, waar er een kruisbestuiving is tussen de onderwerpen. Op grote thema’s werken we samen in duo’s tussen portefeuilles. Volgorde van loco-burgemeesterschap: 1e loco: Martijn Hamerslag 2e loco: Wouter Struijk 3e loco: Chris Hottentot 4e loco: Jan Willem Mijnans 5e loco: Jeroen Postma Burgemeester Foort van Oosten Wettelijke taken openbare orde en veiligheid Politie Brandweer Personeelsvoorziening Rampenbestrijding/ crisisbeheersing Bestuurlijke organisatie Reglementering raad, B&W, commissies Algemene aspecten van participatie en inspraak en interactieve beleidsontwikkeling Wet Open Overheid Juridische Zaken Burgerzaken Externe oriëntatie Externe bestuurlijke organisatie (provincie, gemeente en samenwerkingsverbanden) Samenwerking andere overheden Personeel en organisatie Organisatie van het gemeentelijk apparaat Personeelsbeleid Personeelsvoorzieningen Communicatie en Representatie Pers Gemeentelijke voorlichting en public relations Representatie Internationale Contacten 56
Wethouder Martijn Hamerslag Financiën Financieel beleid/ meerjarenbeleid/ meerjarenbegroting Begrotingen Jaarrekeningen Control met betrekking tot de financiën Belastingen Grondzaken Grondexploitatie bestemmingsplannen (w.o. bouwrijp maken) Beheer van het grondbedrijf, aan-/verkoop gronden en verhuur gemeentelijke eigendommen (niet zijnde accommodaties) Aankoop en uitgifte van gronden (excl. die van het grondbedrijf) Overheidsbedrijven Vertegenwoordigingen in de positie van aandeelhouderschap Economie stadscentrum en parkeren Exploitatie van het parkeerbedrijf Parkeerbelasting Economie Stadscentrum Accommodaties Beheer maatschappelijke accommodaties Beheer Sportaccommodaties Beheer sportvelden en -terreinen Exploitatie wijkcentra Planning sportaccommodaties Toerisme en recreatie Recreatiebeleid Planning aanleg, beheer en exploitatie van voorzieningen en gebieden
57
Wethouder Wouter Struijk Coördinerend wethouder sociaal domein Werk en inkomen Uitvoering Participatiewet (waaronder Tegenprestatie en Voorne Putten werkt) I.O.A.W. + I.O.A.Z., VP Werkt Arbeidsmarktbeleid Participatiebudget (en BUIG) Jeugd
Jeugdbeleid Jongerenwerk Jongerenparticipatie Jeugdgezondheidszorg (CJG) Jeugdzorg (GRJR)
Onderwijs Onderwijsbeleid (LEA/REA) Planning van onderwijs- en andere educatieve voorzieningen (o.a. onderwijshuisvesting) Onderwijsachterstandenbeleid en kansengelijkheid Contacten met het openbaar en bijzonder onderwijs Zorgstructuur onderwijs Kinderopvang en peuterspeelzaalwerk Volwasseneneducatie Mbo/ Hbo Voortijdig Schoolverlaters (VSV) Armoedebeleid Minimabeleid Voedselbank Schuldhulpverlening Afhandeling Toeslagenaffaire Emancipatie / Inclusie Integratie Diversiteit en emancipatie (waaronder LHBTI+) Anti-discriminatie Nieuwkomers Ervaringsdeskundigheid Volksgezondheid 58
Basisgezondheidszorg (GGD) Gezondheidsbeleid Acute zorg (SMC, AED’s)
59
Wethouder Chris Hottentot Ruimtelijke Ontwikkeling Omgevingswet Handhaving van ruimtelijk beleid Ruimtelijke projecten Bedrijfsverplaatsingen Coördinatie vergunningenbeleid (Wabo) Bouw- en woningtoezicht Bouwvergunningen Verkeer en Vervoer Bereikbaarheid en mobiliteit Verkeer- en vervoersplannen Openbaar vervoer Verkeersinfrastructuur Verkeerszaken (waaronder verkeersveiligheid) Binnenhavens en waterwegen Dierenwelzijn Dierenwelzijnsbeleid Dierenopvang Dienstverlening, digitale zaken en informatiemanagement Dienstverlening ICT (automatisering) Informatievoorziening (inclusief randvoorwaarden Wet Open Overheid) Informatieveiligheid Duurzaamheid Integraal duurzaamheids- en milieubeleid Handhaving milieudelicten Energietransitie Circulaire economie Klimaatadaptatie Bodemsanering Milieueducatie Evenementen Evenementenbeleid Citymarketing Placebranding 60
Wethouder Jan Willem Mijnans Beheer Openbare Ruimte Beheer van het openbaar gebied Aanleg, onderhoud en beheer van bovengrondse - en ondergrondse infrastructuur Begraafplaatsen Kinderboerderij Verkeerszaken (w.o. verkeersveiligheid), voor zover op wijkniveau Bewegwijzering Straatnaamgeving Speelplaatsenbeleid Schoon- en afvaltaken Waterbeheersing Grondstoffenbeleid Nn 2040 Coördinatie Nn2040 Wonen Woonbeleid Regie op woningcorporaties Huurbeleid Woonruimteverdeling Woningontruiming Woningverbetering bestaande voorraad Nieuwbouw en herstructurering Economische zaken Accounthouderschap en acquisitie - Contacten met bedrijven - Bestuurlijk overleg met brancheorganisaties - Beurzen e.d. Ruimtelijke en economische ontwikkelingen - Handhaving economische wetgeving - Uitvoering economisch ontwikkelingsbeleid - Programmering en planning winkels, kantoren, bedrijven en industrieën Werklocaties - Vestigingsbeleid - Bedrijventerreinen - Detailhandel (=Standplaatsen/ Markten/Middenstandsaangelegenheden) Agrarische zaken Bestuurlijke vertegenwoordiging in Agrarische Commissie 61
Wethouder Jeroen Postma Sport
Sportbeleid
Wijk- en kerngerichte aanpak Coördinatie vitale kernen en kwaliteitsimpuls wijken Zorg
Maatschappelijke dienstverlening (waaronder Algemeen Maatschappelijk Werk) Subsidiebeleid Maatschappelijke zorg Maatschappelijke opvang en beschermd wonen Vrouwenopvang en Huiselijk geweld (waaronder crisisdienst en daderhulpverlening) Clientondersteuning Ouderenbeleid, lichamelijk en verstandelijk gehandicaptenbeleid en zorg voor overige bijzondere groepen Wonen met Zorg en Welzijn Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 Eenzaamheidsbestrijding Hervorming langdurige zorg Mantelzorg Geestelijke gezondheidszorg en openbare geestelijke gezondheidszorg Doelgroepenvervoer, inclusief leerlingenvervoer
Welzijn Sociaal Cultureel werk (wijkgroepen, migrantenorganisaties, bewonersgroepen en kernplatforms, inclusief subsidies) Vrijwilligerswerk en Vrijwilligersbeleid Cultuur Cultuurbeleid Bibliotheek De Boekenberg, Centrum voor de kunsten en theater De Stoep (Binnenschoolse) Cultuureducatie Culturele activiteiten / verenigingen Kunst in de openbare ruimte Cultureel erfgoed en monumentenzorg
62