Zienswijzenbrief aan de ODRN Kadernota ODRN 2023/2024
Tekst van het document
Postadres Gemeente Nijmegen ST20 Postbus 9105
Omgevingsdienst regio Nijmegen t.a.v. De voorzitter van het Algemeen Bestuur Mariënburg 75 6511 PS NIJMEGEN
6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl
Datum Betreft
Contactpersoon Linda Scheuter l.scheuter@nijmegen.nl T 06 – 82 47 02 99
20 december 2022 Zienswijze op Kadernota ODRN 2023/2024
Ons kenmerk D221228546
Geachte heer Van der Meer, Wij hebben uw kadernota ODRN 2023/2024 ontvangen. Hierin informeert u ons over het kader voor de actualisatie van de begroting van 2023 en de behandeling voor de begroting van 2024. U stelt ons in de gelegenheid om zienswijzen daarop kenbaar te maken. Wij danken u voor deze vooruitblik en het geven van inzicht op de ontwikkelingen en risico’s. Via deze brief informeren wij u over onze zienswijzen.
Bijlage(n) Bijgevoegd: Ja
Zienswijzen 1. U uit uw zorg over de druk op en de bemensing van uw organisatie. U vraagt daarom om structureel aanvullend opleidings- en ontwikkelbudget en schetst daarvan de contouren. Deze zien met name op organisatieontwikkeling. Wij vragen u daarom inzichtelijk te maken hoe u investeert in uw personeelsbeleid en adviseren u breder te onderzoeken wat nodig is om medewerkers gemotiveerd en betrokken te houden. 2. U vermeldt de noodzaak tot vervanging van een aantal ICT-systemen. Mogelijk leidt dit tot hogere kosten voor Nijmegen en andere deelnemers. Wij vragen u daarom om voor het aanschaffen van nieuwe systemen goed te onderzoeken welke keuzeruimte u in het gastheercontract is gelaten en welk effect dit qua inzet en financiën heeft voor zowel (de deelnemers van) ODRN als Nijmegen. 3. U geeft aan dat er veel ontwikkelingen op uw organisatie afkomen met een mogelijk negatief effect dat u vertaalt in oranje en rode bolletjes. Wat ontbreekt is een indicatie van de grootte van het te verwachten effect. Hierdoor ontbreekt het beeld over wat kan worden verwacht: verwacht uw organisatie aanvullende middelen nodig te hebben of juist minder nu u minder realisatie verwacht? Wij vragen u de financiële implicaties scherper in beeld te brengen en te verwerken in de begroting. Ook vragen wij u voortaan bij de kadernota een indicatie te geven van de te verwachte financiële effecten. 4.
U verwacht in 2022 minder te realiseren dan bij werkplannen is afgesproken. Wij vragen u daarom de begroting van 2023 realistisch te actualiseren en voor 2024 realistisch te begroten, waarbij gelet op de capaciteitstekorten rekening wordt gehouden met de haalbaarheid van de uit te voeren taken. Dat kan betekenen dat er
Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Brief
Gemeente Nijmegen
Pagina 1 van 6
een begroting wordt gemaakt die uitgaat van het uitvoeren van minder taken dan de afgelopen jaren. Hierbij gaan we er wel van uit dat de minimaal wettelijke kwaliteit van taken altijd geborgd blijft. Toelichting Ad. 1. Opleidings- en ontwikkelbudget U typeert de omgeving van uw organisatie als een onrustige zee. Ook wij constateren dat de ontwikkelingen binnen het VTH-werkveld elkaar snel opvolgen. Van een deel van deze ontwikkelingen zien wij de noodzaak. Zoals het Interbestuurlijk Programma dat is gestart naar aanleiding van adviescommissie Van Aartsen. Het VTH-stelsel heeft verbetering en versterking nodig om schade aan het milieu te voorkomen. Niet reageren maar tijdig anticiperen is daarom noodzakelijk. Want als de wind uit een andere hoek gaat waaien, moet je soms het roer omgooien en een andere koers gaan varen. Dat vraagt wat van de flexibiliteit en wendbaarheid van uw organisatie. Juist hierom delen wij uw zorg over de druk op uw organisatie. Zonder voldoende kwalitatieve bemanning is het immers lastig varen. U merkt op dat het aantrekken, boeien en binden uw aandacht heeft en gaat onderzoeken of het salarishuis achterblijft op die van vergelijkbare omgevingsdiensten. Wat ons opvalt is dat er de afgelopen jaren veel geïnvesteerd is in het opleidings- en ontwikkelprogramma, maar ons is niet duidelijk wat de gedane investeringen hebben opgeleverd.
Met andere woorden: we zien wat het gekost heeft maar welke baten staan daartegenover? Welk personeelsbeleid is gevoerd om personeel voor uw organisatie in deze tijden te (kunnen) behouden? Deze zorg uiten wij temeer nu wij een vrij lage indexering, een toename aan inhuurcontracten en een toename aan werkdruk van u vernemen. Daar komt bij dat u in uw kadernota lijkt aan te geven het gevraagde ontwikkel- en opleidingsbudget meer voor de organisatie dan voor het personeel in te gaan zetten. Wij adviseren u dan ook uw personeelsbeleid tegen het licht te houden en breed te onderzoeken wat nodig is om medewerkers intrinsiek gemotiveerd en betrokken te houden. Ad. 2. Vervanging ICT U geeft aan dat een groot deel van de ICT-pakketten de komende jaren op de schop gaan. Meer specifiek geeft u aan dat het financiële administratiepakket CODA en het zaaksysteem WRS worden vervangen en dat dit veel geld en inzet zal vragen. U neemt de financiële vertaling mee bij de begrotingsbehandeling. Wij begrijpen dat dit noodzakelijke vervangingen zijn. Wij gaan ervan uit dat een dergelijke vervangingen budgettair neutraal zijn. Er kan hier wel een financieel risico ontstaan.
Daarom vinden wij het belangrijk om u te wijzen op het gastheercontract rondom de PIOFACH-taken (personeel, informatievoorziening, organisatie, financiën, automatisering, communicatie en huisvesting) die u met Nijmegen heeft afgesloten. De gedachte achter deze dienstverleningsovereenkomst is een kwantiteitsvoordeel voor beide organisaties, ontstaan ten tijde van de outsourcing van medewerkers van de gemeente Nijmegen naar ODRN. Hoewel het begrijpelijk is dat u zoekt naar het meer zelfstandig kunnen acteren van
Gemeente Nijmegen
Pagina 2 van 6
de organisatie, ontstaat hiermee wel een financieel risico waarbij zowel voor u (en uw deelnemers) als voor de Nijmeegse organisatie de kosten hoger kunnen worden. Wij wijzen u dan ook op het gastheercontract en vragen u voor het aanschaffen van nieuwe systemen of applicaties goed te onderzoeken welke keuzeruimte is gelaten en welk effect dit qua inzet en financiën heeft voor zowel u (en uw deelnemers) als Nijmegen. Om hogere kosten te voorkomen adviseren we u zoveel mogelijk te blijven aansluiten bij de systemen die Nijmegen als gastheer aanbiedt. Dit kan ook gelden voor de systemen die rondom anonimiseren in het kader van de nieuwe Wet Open Overheid nodig zijn. Het gastheerschap kan in dat kader ontzorgen en (meer) kosten voor ODRN en deelnemers voorkomen. Het valt aan te raden daar (in ieder geval voor de komende onzekere periode) gebruik van te maken. Ad. 3. Verwacht financieel effect U benoemt een hoop ontwikkelingen en risico’s maar geeft daarbij veelal geen inzicht in de financiële implicaties. Zo benoemt u mogelijke herverdeeleffecten door de nieuwe financieringssystematiek, mogelijk lagere kosten door het gezamenlijk VTH-beleid, effecten vanwege de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, verwachte structurele kostenstijging bij het terughalen van BRIKS-taken, kosten vanwege nieuwe ICT-systemen, etc.
U haalt aan dat u daar in de begroting op terugkomt en vraagt daarmee rekening te houden. Meer specifiek geeft u voor de Omgevingswet aan dat uitstel kosten met zich mee kan brengen. U motiveert dit door te benoemen dat de projectorganisatie langer ‘in de lucht moet worden gehouden’. U vermeldt hier wederom dat u daarop terugkomt bij begroting, maar geeft geen indicatie van het te verwachten effect. Ons oogt juist dat uitstel maakt dat de medewerkers ingezet kunnen worden om andere taken uit te voeren, zoals die uit het te realiseren werkplan. We zien daarom de verwachte meerkosten niet duidelijk. Omdat een indicatie van de grootte van het te verwachten effect ontbreekt, is onduidelijk wat kan worden verwacht. Verwacht uw organisatie aanvullende middelen nodig te hebben? Of zal juist sprake zijn van onderbesteding nu er minder kan worden gerealiseerd? Of mogen wij ervan uit gaan dat alle genoemde ontwikkelingen budgettair neutraal kunnen worden gerealiseerd? Wij vragen u de financiële implicaties scherper in beeld te brengen en te verwerken in de begroting. Ook vragen wij u voortaan bij kadernota een indicatie te geven van de te verwachte financiële effecten, zodat wij onze zienswijze gerichter op de genoemde ontwikkelingen en risico’s kunnen meegeven. Ad. 4. Haalbaar begroten U geeft aan dat in 2022 mogelijk minder wordt gerealiseerd dan bij werkplannen is afgesproken.
Wij zijn uiteraard benieuwd naar de uiteindelijke realisatie en vragen u bij onderbesteding in het jaarverslag aan te geven welke taken niet zijn uitgevoerd en welke risico’s (zoals voor de kwaliteit en voor het milieu) dit met zich meebrengt.
Gemeente Nijmegen
Pagina 3 van 6
Om dit voor 2023 te voorkomen, vragen wij u de begroting realistisch te actualiseren en voor 2024 realistisch te begroten, waarbij gelet op de capaciteitstekorten rekening wordt gehouden met de haalbaarheid van de uit te voeren taken. Dat kan betekenen dat er een begroting wordt gemaakt die uitgaat van het uitvoeren van minder taken dan de afgelopen jaren. Hierbij gaan we er wel van dat de minimaal wettelijke kwaliteit van taken altijd geborgd blijft. Aanvullende opmerkingen Naast onze zienswijzen willen we ook een aantal thema’s benoemen waarop wij expliciet een inbreng willen hebben of afstemming zoeken. Ontwikkeling milieutaakuitvoering en organisatie Een goed functionerend stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving is essentieel voor het voorkomen van schade aan het milieu. Ten behoeve van een doelmatige en doeltreffende uitvoering van deze VTH-taak zijn omgevingsdiensten opgericht. De Commissie van Aartsen heeft onderzoek gedaan naar het functioneren van de omgevingsdiensten, ook in relatie met het bevoegd gezag, en concludeert dat het stelsel niet functioneert zoals bedoeld waardoor vermijdbare schade ontstaat. De commissie heeft daarop tien aanbevelingen ter verbetering gedaan. Betrokken partijen (Ministeries, IPO, VNG en ODNL) zijn via het Integraal Bestuurlijk Programma (IBP) aan de slag met deze aanbevelingen ter versterking van het VTH-stelsel.
Onderdeel van de aanbevelingen maakt uit het verhogen van de ondergrens van omgevingsdiensten. Het Gelders Stelsel wordt daarbij genoemd als voorbeeld waar de omgevingsdiensten qua schaal naar beneden zijn afgeweken van het gewenste schaalniveau. Reden waarom de provincie onderzoek doet naar wat voor een goede kwaliteit van de VTH-uitvoering (nog meer) nodig is in Gelderland. De verwachting is dat zowel het IBP als het onderzoek naar het Gelders Stelsel gevolgen heeft voor de organisatie van en taakuitvoering door ODRN. Meer specifiek over de Nijmeegse situatie heeft adviesbureau Berenschot de onderlinge samenwerking tussen ODRN en Nijmegen onderzocht inzake type C-inrichtingen naar aanleiding van incidenten rondom de asfaltcentrale in Nijmegen West. In het eindrapport worden aanbevelingen gedaan om de sturing op output te verbeteren en over hoe in de toekomst richting sturing vanuit outcome kan worden gegaan. Hierbij zal het maatschappelijk effect centraler staan in de uitvoering. Dat betekent iets voor de ruimte die professionals binnen ODRN krijgen en moeten nemen, maar dit kan ook effect hebben op de financiering en de sturing daarop in de toekomst. In het bijzonder zien we door de ontwikkelingen die uw organisatie bezighoudt, een risico ontstaan op een toename aan indirect productieve uren.
Wij vragen u dan ook om ons goed aangehaakt te houden bij de ontwikkelingen en wat deze voor ODRN betekenen. Graag zien wij terugkoppeling van wat ODRN inzake het IBP en de Berenschotaanbevelingen onderneemt en welk (kwalitatief) effect daarvan wordt gezien of verwacht. Ook zouden we graag meegenomen willen worden in de stelseldiscussie die
Gemeente Nijmegen
Pagina 4 van 6
binnen Gelderland wordt gevoerd over de rol, reikwijdte en taken van omgevingsdiensten. Waarbij wij u meegeven dat volgens ons niet een zo groot mogelijke mate van robuustheid leidend zou moeten zijn, maar meer een zo effectief en functioneel mogelijke taakuitvoering, die gericht is op het zoveel mogelijk voorkomen van schade aan het milieu en het borgen van een kwalitatief gezonde leefomgeving voor onze inwoners. Bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaat de bevoegdheid voor de Wet bodembescherming (Wbb) over van provincies naar gemeenten. Het is nog niet duidelijk in hoeverre gemeenten hiervoor in het gemeentefonds gecompenseerd worden en of de overheveling budgettair neutraal zal zijn. Dit wordt samen met u nader verkend. Wij worden hier graag te zijner tijd over geïnformeerd. Facultatieve taken Het college van de gemeente Nijmegen heeft de wens kenbaar gemaakt de zogenoemde BRIKS-taken weer in eigen huis te willen uitvoeren. Met u wordt een proces ingericht om deze wens concreet vorm te geven en inhoudelijke keuzes te maken over zaken zoals taken, personeel en kosten. Via het proces van wensen en bedenkingen (ex. artikel 169 lid 4 Gemeentewet) zullen wij ons buigen over de concrete inrichting en de financiële implicaties.
Uitvoering VTH-Beleid U roept in uw kadernota op stappen te zetten die leiden naar een regionaal speelveld: één uitvoerings- en handhavingsbeleid en één uitvoeringsprogramma op basis van één risicoanalyse per regio. Dit is een aanbeveling gedaan door de Commissie van Aartsen. U geeft aan dat het ontbreken van een regionaal uitvoeringsprogramma u belemmert middelen effectiever en efficiënter in te zetten. Zoals u weet is het afgelopen jaar in de regio hard gewerkt aan een gezamenlijk VTH-beleid op basis van een gezamenlijke risicoanalyse. Dit nieuwe beleid gaat helpen eenduidiger en uniformer te werken. Dit moet de dienstverlening aan onze inwoners en bedrijven versterken. Een resultaat waar alle partners trots op mogen zijn. Wij roepen u op tot een goede implementatie van dit beleid te komen en vragen u initiatief te nemen om tot een gezamenlijk uitvoeringsprogramma te komen. We vragen u daarbij wel ruimte te houden voor de lokale verschillen. In het jaarlijks verslag zien we graag de resultaten daarvan en of u de bedoelde middelen effectiever en efficiënter kan inzetten. Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) Inmiddels is de nieuwe Wgr van kracht. U geeft aan dat dit voor wat betreft ODRN voornamelijk effect heeft op de procedure voor het vaststellen van de begroting. Omdat hiermee meer tijd gemoeid gaat, is de termijn van vaststelling verlengd.
U geeft aan dat dat deze verlenging grotendeels in het zomerreces valt. Ook geeft u aan dat extra procedurestappen inzake de jaarrekening tot een knelpunt kan leiden. U bespreekt dit met de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen.
Gemeente Nijmegen
Pagina 5 van 6
Het meenemen van ons als gemeenteraad is belangrijk voor de democratische legitimiteit. Tegelijk moeten lange, stroperige besluitvormingsprocedures worden voorkomen. Wij wegen dan ook graag samen met u af wat wenselijk en effectief is. Omdat de implementatie van de Wgr wijzigingen gezamenlijk gebeurd in het Rijk van Nijmegen, gaan wij ervan uit dat wij gedurende dat proces worden betrokken bij de te maken keuzes. Dienstverlening Gemeente Nijmegen vindt een goede dienstverlening aan haar inwoners en bedrijven belangrijk. Wij lezen in uw nota niet terug hoe uw dienstverlening wordt ervaren, hoe u het doet ten opzichte van de andere omgevingsdiensten, of u daarin verbetermogelijkheden ziet en of u daarin stappen gaat ondernemen. Wij vragen uw aandacht hiervoor en vragen ons te informeren via het jaarlijks verslag. Tot slot Wij complimenteren u over de groei die u door maakt in uw P&C-cyclus en de verantwoording daarop. Het stelt ons steeds beter in staat onze kaderstellende en controlerende taak uit te voeren. Gemeente Nijmegen is daarom altijd bereid samen te werken in en met u mee te denken over de (organisatie van uw) taakuitvoering. Mocht u hierop prijs stellen dan mag u zich in eerste instantie richten tot onze accountmanager ODRN. Haar contactgegevens vindt u op de voorkant van deze brief.
Voor nu danken wij u hartelijk voor uw kadernota en uw diensten aan de gemeente Nijmegen. De raad der gemeente Nijmegen,
drs. S.J. Ruta raadsgriffier
drs. H.M.F. Bruls burgemeester
Gemeente Nijmegen
Pagina 6 van 6