Wijzigingsbesluit Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024
Tekst van het document
Wijzigingsbesluit van de
verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024
De gemeenteraad van de gemeente Nijmegen, bijeen in de vergadering van 18 december 2024; gelet op de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024, BESLUIT: vast te stellen de volgende wijziging van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024,
A. De Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024 wordt gewijzigd als volgt: Artikel 1: -
Sub e eerste zin komt als volgt te luiden: de inwoner woont in zijn eigen (al of niet gedeelde) woning met de benodigde begeleiding en een vorm van 24-uurs bereikbaarheid en beschikbaarheid.
-
Sub e wordt toegevoegd dat luidt als volgt: begeleiding: is bedoeld voor volwassenen met een beperking, chronisch psychisch of psychosociaal probleem die ondersteuning nodig heeft bij het vergroten en/of vasthouden van de regie, zelfredzaamheid en participatie. De inwoner en/of zijn systeem heeft begeleiding nodig bij het (h)erkennen van en leren omgaan met zijn of haar problematiek. De inwoner kan ondersteuning vragen om het geleerde toe te (blijven) passen in het dagelijks leven. De vraag aan de begeleider beperkt zich tot één of enkele leefgebieden. De inwoner ontvangt ondersteuning op geplande momenten. Met de inzet van begeleiding wordt in zijn algemeenheid beoogd dat de inwoner: vaardigheden heeft om de zelfredzaamheid te behouden, te vergroten of terugval te remmen (oefenen en inslijpen/toepassen van vaardigheden in het dagelijks leven.
-
Sub f wordt toegevoegd dat luidt als volgt: Begeleiding plus is bedoeld voor volwassenen met een beperking, chronisch psychisch of psychosociaal probleem van 18 jaar of ouder die
ondersteuning nodig heeft bij het verkrijgen, vergroten en/of vasthouden van de regie zelfredzaamheid en participatie. De inwoner en/of zijn systeem heeft begeleiding nodig bij het (h)erkennen van en leren omgaan met zijn of haar problematiek. De hulpvragen aan de begeleider beslaan meerdere leefgebieden. Het merendeel van volgende criteria is van toepassing: de inwoner kan zorg over het algemeen wel op geplande momenten ontvangen, bij persoonlijke veranderingen zijn er grote gevolgen voor het dagelijks leven, de leefsituatie is onvoorspelbaar, de cliënt is zeer snel (psychisch) uit balans, de inwoner is gebaat bij een proactieve benadering, de inwoner heeft geen of beperkt zelfinzicht, er is sprake van een onstabiel medicatiegebruik, er is sprake van (acute) onveiligheid of overlast. Met de inzet van begeleiding plus wordt in zijn algemeenheid beoogd dat de inwoner: Vaardigheden heeft om de zelfredzaamheid te verkrijgen, stimuleren, behouden of terugval te remmen en/of voorkomen (oefenen en inslijpen/toepassen van vaardigheden). -
Sub h wordt als volgt tekstueel gewijzigd: Beschermd Wonen: Een vorm van ondersteuning met onplanbare zorg voor cliënten die als gevolg van een ernstige psychiatrische aandoening en/of kwetsbare inwoners die vanwege een licht verstandelijke beperking niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en 24-uurs toezicht, bereikbaarheid, beschikbaarheid en intensieve ondersteuning nodig hebben in verband met risico op (zelf)verwaarlozing of overlast. Binnen Beschermd Wonen kennen we drie productcategorieën: Beschermd Wonen intramuraal, Trainingshuis en Beschermd Thuis.
-
Er wordt een nieuw sub i toegevoegd dat luidt als volgt: Beschermd Wonen intramuraal: verblijf in een accommodatie met toezicht en een op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden afgestemd geheel van diensten die worden geleverd met 24-uurs bereikbaarheid en beschikbaarheid. Wonen en zorg zijn gekoppeld.
-
Er wordt een nieuw sub j toegevoegd dat luidt als volgt: bovengebruikelijke hulp: de extra zorg en hulp die bovenop de gebruikelijke hulp komt. Bovengebruikelijke hulp valt onder eigen kracht van ouders, voor zover zij beschikbaar en in staat zijn de noodzakelijke hulp te bieden, dit geen (dreigende) overbelasting oplevert en door het bieden van de bovengebruikelijke hulp geen financiële problemen in het gezin ontstaan.
-
Daaropvolgende sub leden wijzigen op alfabetische volgorde waarbij het oude sub g het nieuwe sub k wordt, het oude sub h het nieuwe sub l enzovoorts.
-
Na sub i dat wijzigt in sub m, wordt een nieuw sub n opgenomen dat luidt als volgt: Draagkracht: de normale, dagelijkse hulp die ouders en of andere huisgenoten vanuit eigen kracht elkaar onderling kunnen bieden. Dit betreft zowel gebruikelijke hulp als bovengebruikelijke hulp op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf.
-
Na het nieuwe sub n wordt een nieuw sub o opgenomen dat luidt als volgt: Draaglast: de belasting die op de draagkracht gedaan wordt.
-
Na het nieuwe sub o, wordt een nieuwe sub p opgenomen dat luidt als volgt: Eigen kracht: de eigen mogelijkheden en probleemoplossend vermogen van de jeugdige en zijn ouders en de personen die tot hun sociale netwerk behoren, om de benodigde hulp en ondersteuning te bieden bij opgroei-, opvoedings- en psychische problemen en stoornissen.
-
Daaropvolgende sub leden wijzigen op alfabetische volgorde waarbij het oude sub j het nieuwe sub q wordt, het oude sub k het nieuwe sub r enzovoorts.
-
Aan het oude sub j dat wijzigt in sub q wordt een tweede zin toegevoegd die luidt: Gebruikelijke hulp is hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van ouders en/of andere verzorgers of opvoeders. Zij zijn namelijk verplicht de tot hun gezin behorende minderjarige jeugdigen te verzorgen, op te voeden, te begeleiden en toezicht op hen te houden. Dit geldt ook als de jeugdige een ziekte, aandoening, beperking of andere problematiek heeft. Bij uitval van 1 van de ouders neemt de andere ouder de gebruikelijke hulp over. Dit geldt ook bij gescheiden ouders. Er wordt dan ook rekening gehouden met de gebruikelijke hulp van de ouder waar de jeugdige niet woont.
-
Na sub r dat wijzigt in sub y, wordt een nieuwe sub z toegevoegd dat luidt als volgt: Ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht: de wettelijke plicht van de ouder met gezag om zijn minderjarige kind te verzorgen en op te voeden. Daaronder valt de zorg en de verantwoordelijkheid voor het geestelijk en lichamelijk welzijn en de veiligheid van het kind alsook het bevorderen van de ontwikkeling van zijn persoonlijkheid.
-
Na sub v dat wijzigt in sub dd, wordt een nieuwe sub ee opgenomen dat luidt als volgt: Praktische begeleiding is bedoeld voor volwassenen met een verhoogde behoefte aan ondersteuning op het gebied van huishoudelijke taken, stabilisatie, regie en organisatie van het huishouden. Er is behoefte aan een eenvoudige vorm van begeleiding en/of verlichting van de mantelzorgtaken. De begeleiding is gericht op: het huishouden op orde brengen, aanleren van structuur in het huishouden en praktische ondersteuning. Activeren en stimuleren van participatie en deelname aan de maatschappij en (tijdelijke) ontlasting van de mantelzorger. Doelstelling van de inzet van praktische begeleiding is het bieden van passende ondersteuning op de grens van huishoudelijke hulp en begeleiding, het zelfstandig functioneren en participatie vergroten en behouden of voorkomen / vertragen van achteruitgang (m.n. bij ouderen) met behulp van het eigen netwerk.
-
Daaropvolgende sub leden wijzigen op alfabetische volgorde. Het oude sub w wijzigt in sub ff, sub x wijzigt in sub gg enzovoorts.
-
Na sub x dat wijzigt in sub gg, wordt een nieuwe sub hh opgenomen dat luidt als volgt: Trainingshuis: de inwoner woont in een (al of niet gedeelde) woning, met de benodigde begeleiding en een vorm van 24-uurs bereikbaarheid en beschikbaarheid. Er kan sprake zijn van het wonen in een groep (waarin men voorzieningen deelt) of (zelfstandig) geclusterd wonen (waarbij men zodanig geclusterd woont dat inzet van groepsbegeleiding mogelijk is). Er is sprake van een component groepsbegeleiding die door de zorginstelling geleverd wordt. De inwoner woont zelfstandig en is dus zelf verantwoordelijk voor de huur, vaste lasten en alle kosten van het levensonderhoud. Wonen en zorg zijn gekoppeld.
-
Daaropvolgende sub leden wijzigen op alfabetische volgorde. Het oude sub y wijzigt in sub ii, sub z wijzigt in sub jj, sub aa wijzigt in sub kk.
Artikel 4 In artikel 4 lid 4 wordt achter “de hulpvraag beschrijven” ingevoegd “wat hij daar zelf, eventueel met behulp van zijn sociale netwerk in kan betekenen”.
Artikel 8 Artikel 8 lid 2 sub b: de woorden ‘beschermd thuis’ worden verwijderd. Een nieuw artikel 8a wordt toegevoegd en luidt als volgt: Artikel 8a. Eigen kracht in de Jeugdwet 1. In het onderzoek naar een jeugdhulpvoorziening wordt ten eerste de benodigde hulp en ondersteuning bepaald. Vervolgens wordt beoordeeld: a. Welk deel van deze hulp en ondersteuning onder de gebruikelijke hulp van ouders aan kinderen valt; b. Welk deel van de hulp bovengebruikelijk is; c. Of jeugdige en ouders over voldoende eigen kracht beschikken om de benodigde bovengebruikelijke hulp zelf, eventueel met hun sociale netwerk te kunnen bieden; d. Of de jeugdige daarenboven nog een jeugdhulpvoorziening nodig hebben. 2. Indien en voor zover de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de jeugdige of zijn ouders toereikend zijn om de problemen zelf het hoofd te bieden, eventueel met behulp van personen uit het sociale netwerk of andere instellingen die ondersteuning bieden, verstrekt het college geen jeugdhulpvoorziening. Dit vereist een zorgvuldige individuele beoordeling gemaakt tegen de achtergrond van de specifieke problematiek van de jeugdige. 3. Uitgangspunten bij de individuele beoordeling zijn: a. Ouderlijke verzorgings- en opvoedingsplicht; b.
Gebruikelijke hulp, waarbij de leeftijd van het kind bepalend kan zijn in de hoeveelheid gebruikelijke hulp die van een ouder verwacht wordt; c. Het bieden van een beschermende woonomgeving door de ouders, wat betekent dat: a. De lichamelijke en sociale veiligheid van het kind gewaarborgd is; b. De ouders een bij de leeftijd van het kind passend opvoedkundig klimaat bieden; c. Het kind de verzorging begeleiding en stimulans krijgt die nodig is bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid. 4. Bovengebruikelijke hulp valt onder eigen kracht zo lang de ouders zonder problemen in staat en beschikbaar zijn bovengebruikelijke hulp te bieden.
Een nieuw artikel 8b wordt toegevoegd en luidt als volgt: Artikel 8b. Draagkracht en draaglast in de Jeugdwet Bovengebruikelijke hulp
1. Een gezonde draagkracht betekent dat ouders of andere huisgenoten onderling zorg kunnen dragen voor gebruikelijke hulp. Ouders zijn verplicht de tot hun gezin behorende minderjarige kinderen te verzorgen, op te voeden en toezicht op hen te houden. Dit geldt ook wanneer sprake is van een minderjarig kind met een ziekte, aandoening of beperking. Voor zover het van toepassing is en tot de mogelijkheden behoort dat ouders hun kinderen zelf hulp bieden op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf, kent het college geen individuele voorziening jeugdhulp toe. (...) 2. Wanneer de noodzakelijke hulp op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf van ouders voor hun kinderen voor wat betreft de aard, frequentie en benodigde tijd voor deze handelingen zwaarder is dan de zorg die kinderen van dezelfde leeftijd redelijkerwijs nodig hebben en dus bovengebruikelijk is, neemt het college in haar onderzoek de balans tussen draaglast en draagkracht mee. Het college bepaalt of de draagkracht van het gezin om zelf de nodige ondersteuning, hulp en zorg te kunnen bieden in overeenstemming is met de draaglast, op basis van de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouders, samen met de personen die tot hun sociale omgeving behoren en beschikbare voorliggende voorzieningen. 3.
Het college maakt voor wat betreft het vaststellen van de balans tussen draagkracht als bedoeld in het eerste lid en draaglast als bedoeld in het tweede lid een onderscheid in kortdurende en langdurende situaties. a. Van een kortdurende situatie is sprake wanneer uitzicht op herstel van het (gezondheids)probleem bestaat en de daarmee samenhangende zelfredzaamheid van de jeugdige. Het gaat hierbij over een aaneengesloten éénmalige periode van maximaal drie maanden in één kalenderjaar. b. Van een langdurende situatie is sprake wanneer het een chronische situatie betreft waarbij naar verwachting de jeugdhulp langer dan drie maanden nodig zal zijn of meerdere periodes van drie maanden in één kalenderjaar. 4. In kortdurende situaties neemt het college aan dat draagkracht en draaglast in balans zijn en bieden ouders of huisgenoten alle vormen van hulp op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf zelf, tenzij dit gezien de aard van de benodigde hulp (geheel of gedeeltelijk) niet van ouders of huisgenoten mag worden verwacht. 5.
In langdurende situaties bieden ouders of huisgenoten alle vormen van hulp op het gebied van persoonlijke verzorging, begeleiding en verblijf zelf als het college op basis van algemeen aanvaarde maatstaven vaststelt dat draaglast en draagkracht in balans zijn, tenzij dit gezien de aard van de benodigde hulp geheel of gedeeltelijk niet van ouders of huisgenoten mag worden verwacht. 6. Het bieden van een beschermende woonomgeving van ouders aan kinderen is tot en met de leeftijd van 17 jaar gebruikelijke hulp in zowel kortdurende als langdurende situaties.
Het college kan nadere regels stellen ten aanzien van het onderzoek naar de balans tussen draagkracht en draaglast en de uitwerking daarvan. Artikel 9 In artikel 9, lid 1 sub e, wordt voetnoot 1 verwijderd. Artikel 9a Wonen en zorg wijzigt tekstueel als volgt: Het is niet toegestaan een overeenkomst af te sluiten met een aanbieder dan wel een derde (in geval van een pgb) waarin het bieden van de geïndiceerde ondersteuning mede afhankelijk is van de woonruimte die door de organisatie dan wel derde wordt geboden, tenzij het verblijf onderdeel is van de indicatie. Verblijf is onderdeel van de indicatie bij de maatwerkvoorzieningen Beschermd Wonen intramuraal en Trainingshuis.
Artikel 12 In artikel 12 lid 1 sub e worden de drie woorden ‘of beschermd thuis’ verwijderd. Aan artikel 12 wordt een achtste lid toegevoegd dat luidt als volgt: Aanvullend op wettelijke voorwaarden en weigeringsgronden wordt een pgb niet of niet langer verstrekt indien: a. de Wet Schuldsanering natuurlijke personen op een cliënt van toepassing is en/of de cliënt onder bewind is gesteld, tenzij de cliënt al langer in een dergelijke situatie verkeert; b. op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat de aanvrager problemen zal hebben bij het omgaan met een pgb. Dit is onder andere het geval wanneer de belanghebbende: i.
last heeft van verslavings- of schuldenproblematiek of
ii.
een verleden kent van misbruik en/of fraude van een pgb.
c. op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstige vermoeden bestaat dat de aanvrager problemen zal hebben bij het omgaan met een persoonsgebonden budget; d. er naar het oordeel van het college andere, zwaarwegende, bezwaren bestaan tegen de verstrekking. Artikel 15 In artikel 15 lid 5 sub a wordt het woord ggz verwijderd.
Artikel 38 In artikel 38 leden 1, 2, 3 en 4 wordt 2022 vervangen voor 2023.
B. Toelichting Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2025 Artikel 8 In de Toelichting op artikel 8 wordt toegevoegd een toelichting op het vijfde lid dat luidt als volgt: In het vijfde lid van artikel 8 worden redenen benoemd waarmee geen recht op een maatwerkvoorziening met betrekking tot respijtzorg bestaat. Dit lid komt voort uit een wettelijke bepaling in de Jeugdwet en is ter verduidelijking ook opgenomen in de verordening. In de praktijk geeft dit lid verwijzers duidelijkheid of respijtzorg passend is voor de aanvrager. Hierbij wordt eerst gekeken of de benodigde hulp niet uit een andere voorliggende wet verkregen kan worden. Daarnaast roept het artikellid op tot zorgvuldig onderzoek naar mogelijkheden van versterking van de eigen kracht van het gezin. Artikel 10 In de Toelichting op artikel 10 wijzigt de eerste volzin van de vierde alinea als volgt: Bij het tweede lid, onder c, geldt dat als het college een voorziening beschermd wonen in natura verstrekt, de gecontracteerde aanbieder vervolgens gedurende de verstrekking de individuele begeleiding en mogelijk dagbesteding verstrekt waar de cliënt volgens het herstelplan, opgesteld door cliënt en gecontracteerde aanbieder, behoefte aan heeft.
Artikel 12 In de Toelichting op artikel 12 wijzigt de zesde alinea als volgt: In lid 1 onder e is opgenomen dat de cliënt in het plan de kosten moet uiteenzetten voor begeleiding, inclusief aanvullende specialistische begeleiding en mogelijk dagbesteding. Toegang Beschermd Wonen adviseert het college welke product pgb beschermd wonen nodig is voor de cliënt. Dit doet het team op basis van het door de cliënt opgestelde plan. Daarom is het noodzakelijk dat de cliënt in het plan een nauwkeurige begroting opneemt voor alle onderdelen van het aanbod beschermd wonen.
C. Bijlagen bij verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Gemeente Nijmegen 2025 Bijlage 1 vormen van maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp
bij de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024 wordt de alinea Vormen van maatschappelijke ondersteuning gewijzigd als volgt: Op grond van de Wmo 2015 kunnen de volgende maatwerkvoorzieningen worden verstrekt: • Hulp bij het huishouden •
Rolstoel
•
Woonvoorzieningen
•
Woningaanpassingen
•
Vervoersvoorzieningen
•
Vervoersregeling
•
Begeleiding
•
Begeleiding Plus
•
Praktische begeleiding
•
Persoonlijke verzorging
•
Dagbesteding
•
Kortdurend verblijf
•
Beschermd wonen: Beschermd wonen intramuraal, Trainingshuis en Beschermd Thuis
•
Opvang
•
Vergoedingsregeling wijziging geslachtsregistratie
•
Respijtzorg
Middels hulp bij het huishouden dienen de volgende resultaten te worden bereikt: • in het kader van de leefbaarheid gerealiseerde hulp in het huishouden in de vorm van licht en/of zwaar huishoudelijk werk in de woonkamer, slaapvertrekken, keuken en sanitaire ruimten van de woning; •
adequaat gebruik kunnen maken van goederen voor primaire levensbehoeften;
•
adequaat gebruik kunnen maken van schone, draagbare en doelmatige kleding;
•
het thuis kunnen zorgen voor kinderen die tot het gezin behoren;
•
regie op het huishouden kunnen voeren.
Bijlage 2 : financiële bijlage Bij de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2025 wordt gewijzigd als volgt:
In Bijlage 2, hoofdstuk 1, paragraaf 2, komt artikel 2.5 te vervallen. In Bijlage 2, hoofdstuk 2, paragraaf 5, komt als volgt te luiden: Paragraaf 5. Beschermd wonen Artikel 10 10.1 De tarieven voor beschermd wonen in natura worden bepaald aan de hand van door de gemeente bedongen uurtarieven bij een aanbesteding.
10.2 De vaststelling van een persoonsgebonden budget ten aanzien van beschermd wonen (beschermd wonen intramuraal, trainingshuis of beschermd thuis) vindt plaats op basis van acht producten (tabel in 10.3). De hulpvraag bepaalt welk product beschermd wonen wordt toegekend.
10.3 1. Binnen beschermd wonen wordt onderscheid gemaakt tussen de zorgverlening door professionals en niet-professionals. Bij zorgverlening door professionals hanteren wij een standaardtarief per dag. Voor niet-professionals wordt gerekend met een uurtarief. Onder niet-professionals wordt het sociaal netwerk van een cliënt verstaan. Tot het sociale netwerk behoren personen uit de huiselijke kring of andere personen met wie de cliënt een sociale relatie onderhoudt (artikel 1.1.1 Wmo). Dit is ook het geval als de persoon uit het sociale netwerk een professionele zorgverlener is of in het bezit is een relevant diploma. 2. Vaststelling van het persoonsgebonden budget voor beschermd wonen is gebaseerd op het totaal aantal begeleidingsuren dat een cliënt met een bepaald profiel nodig zou hebben. De cliënt mag binnen het totaal aantal uren, vanwege zijn specifieke situatie, de verdeling tussen individuele en groepsbegeleiding afwijkend invullen.
Categorie
Aantal uren groepsbegeleiding per week
Aantal uren individuele begeleiding per week
Beschermd Thuis: licht
0
2-3
Beschermd Thuis: middel
0
4-6
Beschermd Thuis: zwaar Beschermd Wonen intramuraal: licht
0 7
6-9 4-6
Beschermd wonen intramuraal: middel
7
7-9
Beschermd wonen intramuraal: zwaar Trainingshuis licht
7
10-14
7
2,5-4,5
Trainingshuis middel
7
5-7
Met het aantal in te zetten uren individuele en/of groepsbegeleiding mag worden gewisseld, waarbij we gebruikmaken van de omrekenfactor 1 op 6. Dat wil zeggen dat 6 groepsuren gelijk staan aan 1 individueel uur. 10.4 1. In bepaalde gevallen wordt het persoonsgebonden budget niet berekend op basis van dagtarieven maar op basis van uurtarieven. Het gaat om de volgende situaties: a. De budgethouder geeft aan gebruik te willen maken van niet professionele zorg. b. De budgethouder geeft aan gebruik te willen maken van een mix van niet-professionele en professionele zorg. Een uitsplitsing wordt gemaakt om te bepalen hoeveel uren niet-professioneel en hoeveel uren de budgethouder professioneel nodig heeft. Deze zullen worden toegekend conform de uurtarieven in bovenstaande tabel in 11.3. c. De indicatiesteller (GGD Gelderland-Zuid, Toegang Beschermd Wonen) constateert dat de individuele zorgvraag significant hoger of lager ligt dan het gemiddelde aantal uren dat gerekend mag worden bij de geïndiceerde categorie. In voorkomende gevallen geeft de GGD een advies over het aantal uren dat de betreffende cliënt nodig heeft. 2. Indien een cliënt met een persoonsbudget voor beschermd wonen zowel professionele zorg inkoopt bij een aanbieder als niet-professionele zorg uit zijn eigen netwerk, leveren beide partijen ieder een deel van de totaal geïndiceerde hoeveelheid zorg.
Het totale persoonsgebonden budget is gebaseerd op een totaal aantal uren dat de uren in bovenstaande tabel niet kan overschrijden.
Bijlage 2, hoofdstuk 4, paragraaf 1, artikel 17:
lid 1 wijzigt en luidt als volgt: De vergoeding voor de wijziging van de geslachtsregistratie kan bestaan uit de volgende componenten:
a) kosten voor de deskundigenbeoordeling- of verklaring, of b) een gedeeltelijke vergoeding eigen bijdrage rechtbankkosten, welke gebaseerd is op het tarief lage inkomens van de Raad voor de Rechtsbijstand; c) legeskosten voor de aanpassing van de inschrijving in de Basisregistratie Personen; d) legeskosten voor een rijbewijs en of een nieuw identiteitsbewijs. Lid 5 wordt toegevoegd, dat luidt: De vergoeding bedraagt maximaal € 520 euro. In Bijlage 2, hoofdstuk 4, paragraaf 3 komt: - de Tabel tarieven pgb Wmo/Jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024 te luiden: Tabel tarieven pgb Wmo/Jeugdhulp gemeente Nijmegen 2025. Zie: Tabel tarieven pgb Wmo/Jeugdhulp gemeente Nijmegen 2025 Wmo Perceel
Persoonlijke verzorging Begeleiding
Dagbesteding Logeeropvang Vervoer
HH Perceel
Producten
Productcode
Eenheid
PGB professioneel
PGB informeel
Persoonlijke Wmo 03A03 verzorging Begeleiding Wmo 02A03 Wmo Begeleiding Wmo 02A05 plus Begeleiding in Wmo 02A17 een groep Wmo
Per uur
€ 36,31
€ 26,78
Per uur
€ 59,04
€ 29,52
Per uur
€ 72,00
€ 36,00
Per uur, gedeeld door het aantal deelnemers Per uur
€ 70,56
€ 35,28
€ 86,40
€ 43,20
Per uur
€ 48,03
n.v.t.
Per dagdeel Per etmaal
€ 41,53 € 190,09
€ 26,56 € 40,20
Per etmaal
€ 13,40
n.v.t.
Eenheid
PGB professioneel
PGB informeel
Begeleiding Wmo 02A20 plus in een groep Casemanageme Wmo 02A21 nt Dagbesteding Wmo 07A03 Kortdurend Wmo 04A04 verblijf Vervoer Wmo 08A03 dagbesteding en kortdurend verblijf Producten
Productcode
Huishoudelijke hulp 1 Huishoudelijke hulp 2 Praktische begeleiding
01A04
Per uur
€ 22,02
€ 22,02
01A05
Per uur
€ 27,78
€ 27,78
01A06
Per uur
€ 45,12
€ 22,56
Producten
Productcode
Eenheid
PGB professioneel
PGB informeel
Verzorging en Jw 40A04 begeleiding Reguliere Jw 45A04 begeleiding Specialistische Jw 45A05 begeleiding Specialistische Jw 45A49 Begeleiding in een groep Casemanageme Jw 45A55 nt Reguliere Jw 45A71 begeleiding in een groep Dagbesteding Voorschoolse JW 41A11 en dagbehandeling dagbehandeling Naschoolse JW 41A12 dagbehandeling Naschoolse JW 41A13 dagbehandeling LVB+ BSO+ JW41A19 OnderwijsJW41A20 toeleidende dagbesteding
Per uur
€ 60,20
€ 26,78
Per uur
€ 48,03
€ 26,78
Per uur
€ 48,03
€ 26,78
Per uur
€ 16,01
n.v.t.
Per uur
€ 48,03
n.v.t.
Per uur
€ 16,01
n.v.t.
Per uur
€ 28,80
€ 14,40
Per uur
€ 26,88
€ 13,44
Per uur
€ 34,56
€ 17,28
Per uur Per uur
€ 17,76 € 16,80
€ 8,88 € 8,40
Dyslexie
Dyslexie
Per uur
€ 87,38
n.v.t.
Logeeropvang
Logeeropvang
Per etmaal
€ 289,47
€ 144,74
Vervoer
Vervoer
Per etmaal
€ 29,80
n.v.t.
GGZ
Vaktherapie
Per uur
€ 74,56
€ 25,88
Jw 45A53 Groepsgerichte vaktherapie Jw 45A52
Per uur
€ 79,20
n.v.t.
Jeugd Perceel
Persoonlijke verzorging Begeleiding
Jw 45A74
Jw 44A09 Jw 42A03
Behandeling Jw 54001 basis Jeugd GGZ Specialistische Jeugd GGz (incl. Jw 54002 obs en diagnostiek)
Per uur
€ 93,60
n.v.t.
Per uur
€ 105,60
n.v.t.
ZG Perceel
Producten
Ondersteuning vroegdoven
Gespecialiseerde begeleiding ZG 02L05 Revaliderende begeleiding ZG 02L06 Dagactiviteit zintuigelijk gehandicapten 07L01 Gespecialiseerde begeleiding doofblinden 02L12 Begeleidersvoorzien ing Doofblinden 02L13 Revaliderende begeleiding ZG 02L14 Dagactiviteit zintuigelijk gehandicapten 07L02 Gespecialiseerde begeleiding 02L15
Ondersteuning Doofblinden
Ondersteuning visueel
Productco Eenheid de
per uur per uur
per dagdeel
per uur per uur per uur
per dagdeel per uur
PGB professioneel PGB informeel
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
€ 48,03
€ 26,78
- de tabel tarieven Zorg in Natura Tarieven en Producten 2024 te luiden: Tabel tarieven Zorg in Natura Tarieven en Producten 2025. Zie:
Wmo
Persoonlijke verzorging
Persoonlijke verzorging
Wmo 03A03
€ 1,04
per minuut
Begeleiding
Begeleiding Wmo
Wmo 02A03 Wmo 02A05
€ 1,23
per minuut per minuut
Begeleiding plus
€ 1,50
Begeleiding in een groep Wmo Begeleiding plus in een groep Casemanagement Dagbesteding
Dagbesteding
Logeeropvang
Kortdurend verblijf
Vervoer
Vervoer dagbesteding en kortdurend verblijf Praktische begeleiding
Hulp bij Huishouden
Persoonlijke verzorging
Begeleiding
Dagbesteding en Jeugd (ambulant) dagbehandeling
Dyslexie Logeeropvang Vervoer
GGZ
Wmo 02A17 Wmo 02A20 Wmo 02A21 Wmo 07A03 Wmo 04A04 Wmo 08A03 01A06
€ 1,47 € 1,80 € 1,33 € 46,78 € 192,00 € 18,88 € 0,94
per minuut per minuut per minuut per dagdeel per etmaal per etmaal Per minuut
Verzorging en begeleiding Reguliere begeleiding Specialistische begeleiding Specialistische Begeleiding in een groep Casemanagement Reguliere begeleiding in een groep
Jw 40A04 Jw 45A04 Jw 45A05
€ 1,33 per minuut € 1,25 per minuut € 1,51 per minuut
Jw 45A49 Jw 45A55
€ 1,81 per minuut € 1,33 per minuut
Jw 45A71
€ 0,38 per minuut
Voorschoolse dagbehandeling Naschoolse dagbehandeling Naschoolse dagbehandeling LVB+ BSO+ Onderwijs-toeleidende dagbesteding Dyslexie
JW 41A11
€ 0,60 per minuut € 0,56 per minuut
Logeeropvang Vervoer Vaktherapie Groepsgerichte vaktherapie Behandeling basis Jeugd GGZ Specialistische Jeugd GGz (incl. obs en diagnostiek)
Jw 44A09 Jw 42A03 Jw 45A53 Jw 45A52 Jw 54001
JW 41A12 JW 41A13 JW 41A20 JW 41A21 Jw 45A74
Jw 54002
€ 0,72 per minuut € 0,37 per minuut € 0,35 per minuut € 1,81 per minuut € 361,84 per etmaal € 37,25 per etmaal € 1,51 per minuut € 1,65 per minuut volgt per minuut volgt per minuut
In Bijlage 2, hoofdstuk 4, paragraaf 3 komt het product Tijdelijk Verblijf LVB in zijn geheel te vervallen.
In Bijlage 2 hoofdstuk 4 paragraaf 3 komt de tabel Beschermd Wonen Zorg in Natura Tarieven 2024 als volgt te luiden: Beschermd Wonen Zorg in Natura Tarieven 2025, Zie: Beschermd Wonen Zorg in Natura Tarieven 2025 Producten Beschermd wonen/Beschermd Productcode Thuis vanaf 2025 Beschermd Thuis: Licht 15N02
Etmaal
ZIN tarief 2025 € 37,08
Beschermd Thuis: Middel
15N03
Etmaal
€ 70,63
Beschermd Thuis: Zwaar
15N04
Etmaal
€ 104,19
Beschermd wonen intramuraal: Licht
15N11
Etmaal
€ 145,18
Beschermd wonen intramuraal: Middel
15N12
Etmaal
€ 186,38
Beschermd wonen intramuraal: Zwaar
15N13
Etmaal
€ 227,58
Trainingshuis licht
15N14
Etmaal
€ 64,43
Trainingshuis middel
15N15
Etmaal
€ 94,00
Overige producten
Eenheid
Eenheid
ZIN
Dagbesteding
Productcode 15N21
Dagdeel
€ 46,78
Meerzorg
15N31
Uur
€ 80,40
Vervoer van en naar dagbesteding Afwezigheidsdag Wachtzorg Toeslag Wakende Wacht
15N51 15N41 15N17 15N16
Retourrit Etmaal Etmaal Etmaal
€ 18,88 € 68,94 € 37,08 € 29,10
In Bijlage 2 hoofdstuk 4 paragraaf 3 komt de tabel Beschermd Wonen PGB Tarieven 2024 als volgt te luiden: Beschermd Wonen Zorg PGB Tarieven 2025, Zie: PGB tarieven 2025 Tarief PGB professioneel
Eenheid
Tarief PGB informeel
Beschermd Thuis: licht
€ 32,23
Etmaal
€ 10,65
Beschermd Thuis: middel
€ 61,41
Etmaal
€ 19,54
Beschermd Thuis: zwaar
€ 90,59
Etmaal
€ 28,43
Product Beschermd Wonen
Beschermd Wonen intramuraal licht
€ 78,73
Etmaal
nvt
Beschermd Wonen intramuraal middel
€114,55
Etmaal
nvt
Beschermd Wonen intramuraal zwaar
€150,36
Etmaal
nvt
Trainingshuis: licht
€ 32,23
Etmaal
nvt
Trainingshuis: middel € 61,41 Etmaal nvt In Bijlage 2 hoofdstuk 4 paragraaf 3 komt de tabel Tarieven 2024 overige producten PGB als volgt te luiden: Tarieven 2025 overige producten PGB. Zie: Overige producten
PGB professioneel
Dagbesteding
€ 41,53
Meerzorg
€ 69,52
Vervoer van en naar dagbesteding
€ 13,40
Eenheid Dagdeel Uur Retourrit
PGB informeel € 26,56 € 24,89 n.v.t.
Bijlage 3 Criteria pgb zorgaanbieders en onderaannemers
In bijlage 3 wordt onder ‘Kwaliteitseisen begeleiding, dagbesteding en beschermd wonen (Wmo) en Jeugdhulp’ de tabel vervangen door de volgende tekst met verwijzing: Voor de kwaliteitseisen wordt verwezen naar de aanbestedingsdocumenten: Documentatie & Downloads - ROB regio Nijmegen - Regionaal Ondersteuningsbureau Wmo & Jeugdhulp.
Bijlage 4 wordt aan de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp gemeente Nijmegen 2024 toegevoegd en komt als volgt te luiden:
Bijlage 4 Protocol gebruikelijke hulp en ondersteuning bij jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Inleiding Het college verstrekt alleen een maatwerkvoorziening wanneer de jeugdige en/of zijn ouders naar het oordeel van het college niet op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit zijn sociale netwerk dan wel met gebruikmaking van algemene voorzieningen in staat is gezond en veilig op te groeien en zich zo goed mogelijk te ontwikkelen. Het college kan weigeren om een maatwerkvoorziening te verstrekken vanwege de aanwezigheid van gebruikelijke hulp die de ouders geacht worden te verlenen aan hun kind.
De aanwezigheid van gebruikelijke hulp en de omvang daarvan, moet op basis van objectieve criteria worden gemotiveerd en geconcretiseerd. Deze criteria worden in dit protocol uitgewerkt. Dit protocol heeft naast de inleiding drie onderdelen, namelijk: 1. Verhouding gebruikelijke hulp en ondersteuning 2. Begeleiding en verzorging Jeugdwet 3. Tabel 1. Verhouding gebruikelijk hulp en ondersteuning t.o.v. artikel 5 lid 2 van de Verordening Wmo en Jeugd en de daarbij behorende Beleidsregels In artikel 5 lid 2 van de Verordening staat dat het college in ieder geval onderzoekt: a. de behoeften, persoonskenmerken en voorkeuren van de cliënt; b. het gewenste resultaat van de hulpvraag; c. de behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger van de cliënt; d. de mogelijkheden om op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, een algemene voorziening of algemeen gebruikelijke voorzieningen een oplossing voor de hulpvraag te vinden; e. de mogelijkheden om met mantelzorg, het verrichten van maatschappelijk nuttige activiteiten of hulp van andere personen uit zijn sociaal netwerk een oplossing voor de hulpvraag te vinden; f.
de mogelijkheden om door middel van voorliggende voorzieningen of door samen met zorgverzekeraars en zorgaanbieders als bedoeld in de Zvw en andere partijen op het gebied van publieke gezondheid, maatschappelijke ondersteuning, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen, een oplossing voor de hulpvraag te vinden en de wijze waarop een mogelijk toe te kennen maatwerkvoorziening wordt afgestemd op andere voorzieningen op deze domeinen; g. de mogelijkheden om met een maatwerkvoorziening een oplossing voor de hulpvraag te vinden. Omdat gebruikelijke hulp hulp is waarvan we minimaal verwachten dat mensen die ‘normaal’ aan elkaar geven, wordt het niet gecompenseerd vanuit de Jeugdwet. Mantelzorg of ondersteuning door het sociaal netwerk kunnen we echter niet eisen en bieden mensen vrijwillig. Afhankelijk van de situatie zijn mensen meer of minder in staat om iets te betekenen voor een ander. Het is maatwerk in hoeverre mantelzorg en steun vanuit het eigen netwerk, bovenop gebruikelijke hulp, meeweegt in het besluit om al dan niet een maatwerkvoorziening te verstrekken. Na de beoordeling van gebruikelijke hulp, wordt met de cliënt en het netwerk besproken wat zij voor elkaar kunnen betekenen en in hoeverre aanvullende ondersteuning nodig is, bijvoorbeeld om de mantelzorger te ontlasten.
Dit betekent dus niet dat alle bovengebruikelijke hulp wordt gehonoreerd met een maatwerkvoorziening in de vorm van zorg in natura of in de vorm van een pgb als iemand hierom vraagt (zoals eerder onder de AWBZ het geval was). Het hangt af van de sociale relatie welke hulp en ondersteuning mensen van elkaar mogen verwachten. Hoe intiemer de relatie, des te meer hulp en ondersteuning mensen elkaar horen te geven. Als het gebruikelijk is dat mensen in een bepaalde relatie elkaar hulp en ondersteuning bieden, is dat niet vrijblijvend met betrekking tot het mogelijke beroep op een maatwerkvoorziening op basis van Wmo 2015 en Jeugdwet. De criteria voor pgb genoemd in artikel 12 t/m 15 van de Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp en zijn (dan ook) voorliggend op dit protocol.
Het principe van 'gebruikelijke hulp' heeft een verplichtend karakter. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt op basis van bijvoorbeeld sekse, religie, cultuur, gezinssamenstelling en de wijze van inkomensverwerving. 2. Begeleiding en verzorging vanuit de Jeugdwet 2.1 Beoordelingskader bij ouders en jeugdige(n) Als eerste wordt de benodigde hulp en ondersteuning bepaald, vervolgens wordt beoordeeld: Welk deel van deze hulp en ondersteuning onder de gebruikelijke hulp van ouders aan kinderen valt. - Ouders aan kinderen, in kortdurende situaties Alle begeleiding door de ouder aan het kind is gebruikelijke hulp en ondersteuning als er sprake is van een kortdurende zorgsituatie met uitzicht op een dusdanig herstel van het gezondheidsprobleem en de daarmee samenhangende zelfredzaamheid van de cliënt, dat een maatwerkvoorziening daarna niet langer is aangewezen. We spreken van een kortdurende zorgsituatie als sprake is van een aaneengesloten éénmalige periode van maximaal drie maanden in één kalenderjaar. - Ouders aan kinderen, in langdurige situaties Als het gaat om een chronische situatie, waarbij de gebruikelijke begeleiding in vergelijking tot een gezond kind c.q. een kind zonder beperkingen van dezelfde leeftijdscategorie volgens de in de bijlage aangegeven richtlijnen per levensfase wordt overschreden, is sprake van bovengebruikelijke hulp.
Welk deel van de benodigde hulp en ondersteuning als aanvullend kan worden gezien.
In hoeverre de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouder(s) en van het sociale netwerk toereikend zijn om zelf de nodige hulp en ondersteuning te kunnen bieden.
Om vast te stellen op welke hulp en ondersteuning het kind redelijkerwijs is aangewezen, wordt, gelet op de omstandigheden van het betrokken kind, beoordeeld welke hulp en ondersteuning op het gebied van persoonlijke verzorging en hulpverlening uitgaat boven de hulp en ondersteuning die een kind van dezelfde leeftijd zonder beperkingen redelijkerwijs nodig heeft. 2.1.1 Leeftijd Bij de beoordeling wordt rekening gehouden met verschillen die tussen jeugdigen in dezelfde leeftijdscategorie bestaan. Ook bij gezonde jeugdigen van dezelfde leeftijd kan de hulp en ondersteuning die het ene kind nodig heeft namelijk meer of minder zijn dan de hulp en ondersteuning die een ander kind nodig heeft. 2.1.2 Aard van de (zorg)handelingen Gebruikelijke hulp en ondersteuning bij jeugdigen kunnen ook handelingen omvatten die niet standaard bij alle jeugdigen voorkomen, zoals het geven van sondevoeding in plaats van eten, of het geven van medicijnen. Voorbeelden van handelingen die gebruikelijke hulphandelingen vervangen kunnen zijn: het legen van een katheterzakje in plaats van verschonen; bij een kind met een verstandelijke beperking oefenen met het gebruik van pictogrammen in plaats van oefenen met topografie.
2.1.3 Frequentie en patroon van de (zorg)handelingen (samenloop) Zorghandelingen die meelopen in het normale patroon van dagelijkse hulp en ondersteuning aan een kind, zoals drie keer eten per dag, kunnen als gebruikelijke hulp en ondersteuning worden aangemerkt. Hetzelfde geldt voor het aanreiken van spullen of speelgoed na afloop van de maaltijd of na een drinkmoment, bij jeugdigen met een lichamelijke beperking. Een voorbeeld van zorghandelingen die niet meelopen in het normale patroon van dagelijkse hulp en ondersteuning van ouders aan een kind, is het meerdere malen per nacht bieden van hulp van ouders aan een ouder kind. 2.1.4 Omvang van de met de (zorg)handelingen gemoeide tijd De tijd die met de zorghandelingen is gemoeid, kan (bijvoorbeeld wassen en kleden bij spasticiteit) meebrengen dat niet langer van gebruikelijke hulp en ondersteuning sprake is. 2.1.5 Beschermende woonomgeving en jeugdigen Het door de ouders aan het kind bieden van een beschermende woonomgeving moet afhankelijk van de levensfase van het kind als gebruikelijke hulp en ondersteuning worden aangemerkt, ook indien sprake is van een kind met een ziekte, aandoening of beperking. In de tabel zijn per levensfase richtlijnen ten aanzien van de gebruikelijke hulp en ondersteuning van ouders voor jeugdigen met een normaal ontwikkelingsprofiel opgenomen. 2.1.6.
Aandachtspunten Ouderlijk toezicht aan kinderen is gebruikelijke hulp en ondersteuning. Kinderen (met of zonder ziekte of handicap) hebben ouderlijk toezicht nodig. Dit toezicht wordt anders van aard naarmate een kind ouder wordt en zich ontwikkelt. In de bijlage zijn per levensfase richtlijnen ten aanzien van de gebruikelijke hulp en ondersteuning van ouders voor jeugdigen met een normaal ontwikkelingsprofiel opgenomen. Dit zijn uitgangspunten bij de beoordeling of sprake is van gebruikelijke hulp en ondersteuning. Per casus moet worden gemotiveerd waarom dit protocol van toepassing is. 3.Tabel toekenningsvoorwaarden en afwegingsfactoren Wat is gebruikelijke hulp van ouders aan jeugdigen met een normaal ontwikkelingsprofiel (ter vergelijking bij aanvragen van maatwerkvoorzieningen op grond van de Wmo 2015 en de Jeugdwet)? Deze tabel geeft slechts een richtlijn/indicatie. Maatwerk staat voorop, dus in elk geval moet een zorgvuldige individuele afweging gemaakt worden of en in hoeverre deze tabel van toepassing is in een specifieke situatie. 1.
Jeugdigen van 0 tot 3 jaar hebben bij alle activiteiten verzorging van een ouder nodig; ouderlijk toezicht is zeer nabij nodig; zijn in toenemende mate zelfstandig in bewegen en verplaatsen; hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden. 2. Jeugdigen van 3 tot 5 jaar
kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. Dit toezicht kan binnenshuis korte tijd op gehoorafstand (bijv. ouder kan was ophangen in andere kamer); hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; kunnen zelf zitten, en op gelijkvloerse plaatsen zelf staan en lopen; hebben hulp, toezicht, stimulans, zindelijkheidstraining en controle nodig bij de toiletgang; hebben hulp, toezicht, stimulans en controle nodig bij aan- en uitkleden, eten en wassen, in- en uit bed komen, dag- en nachtritme en dagindeling bepalen; hebben begeleiding nodig bij hun spel en vrijetijdsbesteding; zijn niet in staat zich zonder begeleiding in het verkeer te begeven; hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
3. Jeugdigen van 5 tot 12 jaar jeugdigen vanaf 5 jaar hebben een reguliere dagbesteding op school, oplopend van 22 tot 25 uur per week; kunnen niet zonder toezicht van volwassenen. Dit toezicht kan op enige afstand (bijv. jeugdige kan buitenspelen in directe omgeving van de woning als ouder thuis is); hebben toezicht, stimulans en controle nodig en vanaf 6 jaar tot 12 jaar geleidelijk aan steeds minder hulp nodig bij hun persoonlijke verzorging zoals het zich wassen en tanden poetsen; hebben hulp nodig bij het gebruik van medicatie; zijn overdag zindelijk, en ‘s nachts merendeels ook; ontvangen zo nodig zindelijkheidstraining van de ouders/verzorgers; hebben begeleiding en stimulans nodig bij hun psychomotorische ontwikkeling; hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; hebben begeleiding van een volwassene nodig in het verkeer wanneer zij van en naar school, activiteiten ter vervanging van school of vrije tijdsbesteding gaan; hebben een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden. 4.
Jeugdigen van 12 tot 18 jaar hebben geen voortdurend toezicht nodig van volwassenen; kunnen vanaf 12 jaar enkele uren alleen gelaten worden; kunnen vanaf 16 jaar een dag en/of een nacht alleen gelaten worden; kunnen vanaf 18 jaar zelfstandig wonen; hebben bij hun persoonlijke verzorging geen hulp en maar weinig toezicht nodig; hebben bij gebruik van medicatie tot hun 18e jaar toezicht, stimulans en controle nodig; hebben tot 18 jaar een reguliere dagbesteding op school/opleiding;
hebben begeleiding en stimulans nodig bij ontplooiing en ontwikkeling (bv. huiswerk of het zelfstandig gaan wonen); hebben begeleiding en stimulans nodig bij de ontwikkeling naar zelfstandigheid en zelfredzaamheid; hebben tot 18 jaar een beschermende woonomgeving nodig waarin de fysieke en sociale veiligheid is gewaarborgd en een passend pedagogisch klimaat wordt geboden.
Artikel II Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2025.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering d.d. 18 december 2024,
De raadsgriffier, drs. S.J. Ruta
De voorzitter drs. H.M.F. Bruls