CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Totaaloverzicht openstaande moties tot en met 3 juli 2024

Besluitronde (raadsvergadering) 18 december 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Overzicht uitvoering aanvaarde raadsmoties tot en met 3 juli 2024 (118/2024)51.478 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

In het coalitieakkoord zijn middelen opgenomen om een subsidieregeling voor erfgoed op te zetten. Op welke manier de gebroeders van Lymborch hier in plek in krijgen moet nog worden uitgewerkt. Hierover is contact met de stichting. We stellen voor de motie nog niet af te voeren. Mei 2022: Inmiddels is er via een amendement bij de stadsbegroting een aanvullend budget van € 36.000 voor het jaar 2022 en 2023 toegevoegd aan de begroting van Cultuur en Cultureel erfgoed. De stichting is een subsidieaanvraag aan het voorbereiden om deze aanvullende middelen aan te vragen. Voor subsidie vanaf 2023 heeft de stichting een aanvraag ingediend bij het meerjarige culturele programma. Deze aanvraag wordt beoordeeld door de adviescommissie Groei. Voor de zomer wordt er een besluit genomen over deze subsidieaanvraag. Een structurele oplossing door een passende plek in de erfgoedstrategie is nog niet gevonden. Daarvoor ontbreken op dit moment de middelen. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2021: De situatie te opzichte van mei is onveranderd, we stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

15

Mei 2021: We hebben een gesprek gevoerd met de stichting over de toegekende subsidie. De stichting heeft een aangepast plan ingediend dat past binnen dit bedrag. Inmiddels hebben wij de beschikking daarop aangepast. In de loop van 2021 evalueren we Verleden Verbeeld en nemen we daarin het tweede onderdeel van de motie mee. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

16

Motienummer 10

Onderwerp

201216.01

Biodiverse natuur, 16 december 2020 zonder nut juist waardevol

Inhoud Motie:

Verzoekt het College: 1. De intrinsieke waarde van natuur te erkennen, dus los van haar nut voor de mens; 2. Binnen de groene Metropoolregio, de Economic Board en in de Regionale agenda meer in te zetten op vergroting van biodiversiteit dan nu het geval is; 3. In de groene Metropoolregio en de Regionale agenda genoeg ruimte te laten voor natuur die geen-directe nutswaarde heeft voor de mens, maar we! voor de dieren en planten die daarin leven, 4. De inspanningen en resultaten volgend uit beslispunt 2 en 3 mee te nemen in de gebruikelijke rapportages, mailingen en nieuwsbrieven over o.a. de groene Metropoolregio aan de Raad, En gaat over tot de orde van de dag. We voeren de motie uit. Wij erkennen de intrinsieke waarde van natuur en biodiversiteit zeer zeker. Naast verstedelijking en ontspannen leefkwaliteit, staat het groen centraal in onze metropoolregio. In de regionale verstedelijkingstrategie onderscheiden we verschillende bouwstenen, waaronder mobiliteit, economie, wonen, en leefomgeving. In de bouwsteen leefomgeving werken we aan de inrichtingsprincipes voor de toekomstige verstedelijking. Dit doen we aan de hand van het natuurlijke systeem, zoals bodem, water, landschap en natuurgebieden. Deze leveren principes op voor toekomstige verstedelijking.

Denk daarbij aan het versterken van groene corridors, het niet bouwen in waardevolle landschappen en het versterken van de natuur in de stad bij verdere inbreiding. Het versterken van de natuur is ook een belangrijk onderdeel van de Gelderse maatregelen Stikstof en een speerpunt in de regionale aanpak in Arnhem Nijmegen. Natuur, groen en biodiversiteit heeft dus zeker onze aandacht in de verdere uitwerking en uitvoering van de regionale agenda. We zullen de motie actief onder de aandacht brengen bij de trekkers van de regionale opgaven voor de circulaire en groene groei-regio en hier aandacht aan besteden in de communicatie en rapportages aan uw raad. Oktober 2024: De vragen met betrekking tot de GMR zijn doorgezet naar deze organisatie. Van de groene gebieden zonder directe nutswaarde voor de mens binnen de gemeente Nijmegen is op dit moment nog geen overzicht te geven. De hoofdgroenstructuurkaart wordt gemaakt, maar is nog niet voltooid. We verwachten in april 2025 meer informatie te hebben op beide punten. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

1e reactie:

Voortgang:

Datum politieke avond

Portefeuille houder

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

N. P. Vergunst

Wonen en Stedelijke ontwikkeling

Arno Koldenhof

Partij voor de Dieren

E. Lauret

College motie afvoeren Nee

PA 3 juli 2024: De motie kan nog niet worden afgevoerd totdat de gewenste informatie is geleverd. Er is inmiddels in de GMR meer ingezet op biodiversiteit dan voorheen het geval was. Dat hebben we al eerder geconstateerd. We zien in de regioagenda van de GMR op pagina 22/23 bovendien dat bij het uitbreiden van het stedelijk uitloopgebied 1) er gelet wordt op de gevolgen van recreatie op natuurwaarden en 2) inmiddels de vraag wordt gesteld waar het landschap open wordt gesteld voor onze inwoners en waar juist de ruimte wordt gegeven aan dieren. Dat lijkt ons een stap in de goede richting. Maar tegelijkertijd lezen wij in de Regionale Agenda en het Groen-blauwe raamwerk niet dat niet-toegankelijke natuur een belangrijk speerpunt zou zijn, zoals de GMR aangeeft. Op welke pagina's staat dat? Waar kunnen we dat dan teruglezen? Als de motie volgens het AB van de GMR al op 7 juli 2021 is afgedaan, wat is dan toen besloten? En kunnen we een overzicht krijgen van waar de natuurgebieden liggen die geen directe nutswaarde, zoals uitloop en recreatie en (stads)landbouw, hebben voor de mens? Als dictum 3 binnen de GMR (voorlopig nog) niet te bereiken is, dan graag een overzicht van waar we binnen Nijmegen natuur zonder nutswaarde voor de mens hebben of gaan krijgen.

Als we dit overzicht in ieder geval binnen Nijmegen hebben en antwoord van de GMR op bovenstaande vragen hebben ontvangen, kunnen wij bespreken of we bereid zijn deze motie af te voeren. April 2024: Dit punt is deze maand opnieuw onder de aandacht gebracht bij de GMR. De GMR geeft aan dat niet-toegankelijke natuur een belangrijk speerpunt is in de Regionale Agenda en het Groen-blauwe raamwerk. Daarnaast geven ze aan dat deze motie in het AB van de GMR op 7 juli 2021 al is afgedaan. Binnen de gemeente, waar we meer invloed hebben op dit soort zaken, wordt

17

bekeken hoe we in de hoofdgroenstructuur zones kunnen maken waar geen mensen kunnen komen. Net zoals nu bijvoorbeeld het geval is bij het Berchmanianum. De gedetailleerde kaart van de hoofdgroenstructuur wordt momenteel gemaakt, daarna volgen de planregels van het Omgevingsplan. Hierin zijn (regels voor) dergelijke zones vast te leggen. We blijven ons (zoals verwoord in de klimaatadaptatiestrategie) regionaal inspannen voor dit onderwerp (binnen GMR, Economic Board en de DPRA-regio’s. We stellen voor om de motie af te voeren. PA 20 december 2023: Deze kan nog niet worden afgevoerd, omdat nog niet is voldaan aan beslispunt 3 en dientengevolge ook niet aan beslispunt 4. We zien dat de GMR duidelijk meer dan voorheen inzet op natuur, biodiversiteit en natuurinclusiviteit. Daar zijn we blij mee. Wat we echter niet zien is dat er genoeg ruimte wordt gelaten voor natuur die geen directe nutswaarde heeft voor de mens: zo ongeveer overal wordt ingezet op ontsluiting van de natuur voor mensen, op toegankelijkheid van de natuur en recreatie in de natuur. Dat uit zich ook in termen en zinsneden als 'landschapsparken', 'vervlechting van lagen (o.a.

natuurlijke systeem en recreatieve laag)' en 'koppelkansen voor functiemenging (verstedelijking, de ontwikkeling van logistieke bedrijvigheid, de energietransitie en de landbouwtransitie worden gekoppeld aan de ontwikkeling van groenblauwe kwaliteiten)' in het Rapport Vervlochten regio. Versterking van natuur is niet genoeg als dit altijd wordt gecombineerd met meer recreatie en toerisme, met name omdat de balans al lang weg is en steeds vooral gericht is op naar nut voor en gebruik door mensen. In het regioarrangement GMR lezen wij het volgende: "In het zoeken naar ruimtelijke oplossingen proberen we zoveel mogelijk functies te integreren en te combineren. Soms is het echter nodig om bepaalde functies uit te sluiten en een duidelijke keuze te maken." Juist daar had de keuze gemaakt kunnen worden bepaalde gebieden aan te wijzen die puur natuur worden zonder nutswaarde voor de mens, maar dat is tot op heden niet gebeurd. De vorige keer hebben wij gevraagd waar ruimte wordt gelaten voor natuur zonder nutswaarde voor de mens.

Als dan het antwoord is dat dit bijvoorbeeld in de Kop van Malden is, waarjuist het afgelopen jaar de vestiging van een noodopvangvoorziening voor vluchtelingen de natuur zeer ernstig heeft verstoord (verlies van habitat en foerageergebied gedurende maanden voor diverse in het gebied levende diersoorten, 2 doodgereden dassen, bodemverdichting, verstoring door licht/ geluid/ geur, niet/ onvoldoende en verkeerd uitgevoerde compensatiemaatregelen) en waaraan de gemeente Nijmegen medewerking heeft verleend, dan is dat een gotspe en/of heeft het college de strekking van de motie niet begrepen. Wij willen helderheid over waar ruimte komt voor natuur zonder nutswaarde voor de mens en dit willen wij ook terugzien in de diverse visies en communicatie. Oktober 2023: De regio zet zich in voor het versterken van de groene en blauwe kwaliteiten in de regio. In het regioarrangement van de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen zijn 11 denklijnen opgenomen als aanzet voor een maatregelenpakket waarmee landschap en natuur in de regio worden versterkt. Veel van deze denklijnen, waaronder die over omvorming en extensivering van landbouwgebieden in natura 2000 gebied Rijntakken, de ontwikkeling van ecologische verbindingszones en areaaluitbreiding van natuur in de Gelderse Poort, hebben als doel om de natuur te versterken en/of beschermen.

Ook de groenblauwe dooradering in gebieden zoals de Kop van Malden en rondom Kinderdorp Neerbosch versterken de verblijfgebieden en de verbindingen ertussen voor plant en dier. We stellen voor om de motie af te voeren. PA 12 juli: Deze kan nog niet worden afgevoerd. Fijn dat het college de intrinsieke waarde van natuur erkent. We zien ook echt dat de GMR meer inzet op natuur, biodiversiteit en natuurinclusiviteit dan voorheen. Daar zijn we blij mee. Wat we echter niet zien is dat er genoeg ruimte wordt gelaten voor natuur die geen directe nutswaarde heeft voor de mens: zo ongeveer overal wordt ingezet op ontsluiting van de natuur voor mensen, op toegankelijkheid van de natuur en recreatie in de natuur. Dat uit zich ook in termen en zinsneden als 'landschapsparken', 'vervlechting van lagen (o.a. natuurlijke systeem en recreatieve laag)' en 'koppelkansen voor functiemenging (verstedelijking, de ontwikkeling van logistieke bedrijvigheid, de energietransitie en de landbouwtransitie worden gekoppeld aan de ontwikkeling van groenblauwe kwaliteiten)' in het Rapport Vervlochten regio. Versterking van natuur is niet genoeg als dit altijd wordt gecombineerd met meer recreatie en toerisme, met name omdat de balans al lang weg is en nog steeds altijd doorslaat naar nut voor en gebruik door mensen.

Waar wordt ruimte gelaten voor natuur zonder nutswaarde voor de mens? Daar willen wij helderheid over en dit willen wij ook terugzien in de diverse visies en communicatie. Mei 2023:In de regionale agenda 2023-2024 van de Groene Metropoolregio is het Groen-blauw raamwerk als een van de speerpunten opgenomen. Het speerpunt onderschrijft expliciet de intrinsieke waarde van natuur (en water en landschap) en het belang om, vanwege die intrinsieke waarde, de natuur te herstellen, uit te breiden en verbeteren. Het Groen-blauw raamwerk is verbeeld en verwoord in het rapport ‘Vervlochten regio’. De regio gebruikt het Groen-blauwraamwerk als denkkader en inbreng voor het programma Vitaal Landelijk Gebied Gelderland en het regioarrangement. Middels een raadsbrief over het regioarrangement en Groen-blauw raamwerk, met het rapport Vervlochten regio als bijlage, wordt de raad hierover in het voorjaar geïnformeerd. De brief is op 11 april aan de raad gestuurd. Wij stellen voor om de motie af te voeren. PA 22 december: Wij willen o.a. eerst het rapport Groen-Blauw raamwerk zien, voordat we een goed oordeel kunnen geven over of onze motie goed wordt uitgevoerd. Wij zien tot nu toe vooral dat steeds meer groen wordt aangelegd dat vooral nut heeft voor de mens (recreatie, sport).

Daarbij wordt minder tot geen rekening gehouden met bestaande natuur en de dieren die op die plek al in onze stad leven. Zij raken vooral habitat en verbindingszones kwijt, meestal zonder dat er (voldoende) wordt gecompenseerd. In de gebruikelijke rapportages, mailingen en nieuwsbrieven etc. zien we wel meer inzet op biodiversiteit (beslispunten 2/4), maar nog niets over bewuste aanleg/ behoud van natuur die geen directe nutswaarde heeft voor de mens (beslispunten 3/4). De inzet lijkt momenteel vooral gericht op steeds meer nutswaarde voor de mens: hoe ontsluiten we deze natuur zodanig dat mensen er kunnen recreëren en sporten? Voorbeeld hiervan zijn de MTB-trails in Westermeerwijk. Oktober 2022: Op 15 september 2021 heeft het Algemeen Bestuur van de Groene Metropoolregio de regionale agenda 2022 vastgesteld. Bij de formulering van een aantal speerpunten is uitgegaan van de intrinsieke waarde van natuur. Zo zet de Groene Metropoolregio met het speerpunt ‘Groen-Blauw Raamwerk’ in op het behouden en versterken van o.a. natuurwaarden. Met vergroeningsprojecten in steden en kernen zet men in op het bevorderen van de biodiversiteit. Het rapport Groen-Blauw raamwerk is in de afrondende fase en zal ter kennisname aan de raad worden aangeboden.

Dat is ook terug te zien bij de doelstelling om natuur-inclusief en biodivers te bouwen (speerpunt ‘Water en Klimaatadaptatie’ en speerpunt ‘Wonen in balans’). In rapportages en communicatie-uitingen zal de Groene Metropoolregio regelmatig aandacht besteden aan de hierboven genoemde speerpunten, acties en projecten. De waardering voor de intrinsieke waarde van natuur heeft dus zeker de gewenste en noodzakelijk aandacht. Een breed gedragen regionale agenda 2022 is de eerste stap naar vergroting van biodiversiteit. Wij stellen voor de motie af te voeren. Mei 2022: De uitvoering van de motie zal verder tot uitdrukking komen wanneer de raad gevraagd zal worden dit najaar in te tekenen op de opgaven van de regionale agenda GMR. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. PA 12/22: Indiener is van mening dat deze motie niet kan worden afgevoerd, omdat er daadwerkelijk moet kunnen worden gezien dat in alle gebruikelijke rapportages, mailingen en nieuwbrieven aandacht voor biodiversiteit en voor natuur zonder nutswaarde voor de mens (maar wel voor planten en dieren) is. We hebben nog nauwelijks rapportages, mailingen en nieuwbrieven gehad over de inspanningen en resultaten op dit gebied. Oktober 2021: In de zienswijze op de concept regionale agenda 2022 is opnieuw aandacht gevraagd voor de motie Biodiverse natuur, zonder nut juist waardevol.

Op 15 september 2021 heeft het Algemeen Bestuur van de Groene Metropoolregio de regionale agenda 2022 vastgesteld. Bij de formulering van een aantal speerpunten is uitgegaan van de intrinsieke waarde van natuur. Zo zet de Groene Metropoolregio met het speerpunt ‘Groen-Blauw Raamwerk’ in op het behouden en versterken van o.a. natuurwaarden. Met vergroeningsprojecten in steden en kernen zet men in op het

18

bevorderen van de biodiversiteit bevorderen. Dat is ook terug te zien bij de doelstelling om natuur-inclusief en biodivers te bouwen (speerpunt ‘Water en Klimaatadaptatie’ en speerpunt ‘Wonen in balans’). In rapportages en communicatie-uitingen zal de Groene Metropoolregio regelmatig aandacht besteden aan de hierboven genoemde speerpunten, acties en projecten. De waardering voor de intrinsieke waarde van natuur heeft dus zeker de gewenste en noodzakelijk aandacht. Een breed gedragen regionale agenda 2022 is de eerste stap naar vergroting van biodiversiteit. Wij stellen voor om de motie af te voeren. Mei 2021: Besluit van AB 13 januari 2021: De motie wordt later in 2021 ter hand genomen. Wij stellen voor om deze motie nog niet af te voeren.

19

Motienummer 11

Onderwerp

Datum politieke avond

Portefeuille houder

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

201216.04

Natuurlijk! Ook goed natuuronderzoek gaat volgens de regels

16 december 2020

C. Daemen

Openbare ruimte

Nicole Sonneveldt

Partij voor de Dieren

E. Lauret

Inhoud Motie:

Verzoekt het College: 1. Voortaan bij projecten in en buiten Nijmegen te voldoen aan nationale en internationale natuurwetgeving; 2. Voortaan alleen goede natuuronderzoeksbureaus in te schakelen die fatsoenlijke quick scans en natuurtoetsen uitvoeren; 3. Voortaan voorafgaand aan projecten waarin er iets gebeurt met natuur omwonenden, natuurorganisaties en wetenschappers met kennis van zaken goed te betrekken bij de plannen, En gaat over tot de orde van de dag We voeren de motie uit. 1. We voeren bij alle ruimtelijke projecten, waar de Wet Natuurbescherming van toepassing is, natuuronderzoek uit volgens de geldende regels en houden ons daarbij aan alle (inter)nationale regelgeving. Bijvoorbeeld bij de bouw van de Stadsbrug is compensatie gedaan voor aantasting van het Natura 2000 gebied. 2. Natuuronderzoek gaat in twee stappen: een Quick scan, wat een bureaustudie is. Als er beschermde soorten zitten, die negatief beïnvloed worden door een project, volgt ook een Nader Onderzoek van een jaar. Omdat dit dus een tijdrovende procedure kan zijn, is voor de Waalsprongontwikkeling een Soortenmanagementplan Nijmegen-Noord opgesteld en heeft de provincie daardoor een gebiedsontheffing gegeven voor een aantal diersoorten. De verplichte monitoring heeft dit jaar al plaatsgevonden.

Bij eventuele renovaties van gemeentelijke panden wordt er door ons altijd onderzoek gedaan naar vleermuizen en andere gebouw-bewonende soorten. Wij schakelen hiervoor een gerenommeerd Ecologisch bureau in (Waardenburg), die ook andere monitoring voor ons verzorgt en nu het Biodiversiteitplan voor ons opstelt. Bij de vergunning verlening voor de MTB-route is de aanvraag en dus ook het zoeken van een ecologisch bureau gedaan door de stichting MTB Routenetwerk Rijk van Nijmegen. Wij hebben daarin geen rol gehad. Een volgende keer zullen we daar beter op toezien. 3. Bij Nijmeegse uitvoeringsprojecten is het standaard om omwonenden te betrekken bij de plannen. Indien het gaat om een project in een natuurgebied worden eventueel natuurorganisaties en wetenschappers met kennis van zaken betrokken. Bijvoorbeeld bij het beheerplan voor Park Staddijk is dat een uitvoerig proces geweest, waarin het IVN een grote rol speelde. De Natuurparelkaart is zelfs alleen door de wetenschappers en het IVN opgesteld. Voor de aanleg van gehele MTB route is ook een uitgebreid communicatieproces geweest vanuit de gemeente Berg en Dal en de stichting MTB Routenetwerk Rijk van Nijmegen. Helaas hebben de bewoners van de omgeving Kwakkenberg daar te weinig van gemerkt. In het vervolg zullen zij wel worden betrokken.

Oktober 2024: Aanvullend op de bestaande werkwijze die we hanteren bij de (inter)nationaal beschermde soorten is er vanuit de zorgplicht een algemene verplichting om zorg te dragen voor in het wild levende planten en dieren met specifiek aandacht voor bedreigde soorten (= genoemd in bijlage IX of in de rode lijsten). Dit doen we door bedreigde soorten in kaart te brengen en mee te nemen in quickscans. Dat was voor 1 januari 2024 juridisch ook niet noodzakelijk. Alle quickscans die nu uitgezet worden zullen voldoen aan de nu geldende wet- en regelgeving (Omgevingswet). De raad zal op korte termijn geïnformeerd worden over de nieuwe situatie die met het ingaan van de Omgevingswet is ontstaan en het proces en de stappen die in dat kader voor de onderzoeken gezet worden. Wij stellen voor om de motie alvast af te voeren.

1e reactie: 1.

2.

3.

Voortgang:

College motie afvoeren Ja

Pa 3 juli 2024: Wij hebben tot op heden nog te weinig bewijs gezien van natuuronderzoeken die conform_wet- en regelgeving verliepen. Zo werden diverse diersoorten zoals de Rode Lijstsoort Patrijs regelmatig over het hoofd gezien, of werden ze wel geconstateerd, maar werden ze niet meegenomen in het natuuronderzoek of werd de noodzaak van beschermende, mitigerende of compenserende maatregelen niet benoemd (laat staan uitgevoerd). We hebben nog onvoldoende gezien dat bij o.a. bestemmingsplannen aan de wetgeving en de specifieke zorgplicht voor o.a. Rode Lijstsoorten wordt voldaan. Voldoen aan wetgeving is hier meer dan het in kaart brengen van bedreigde soorten en het meenemen van

20

bedreigde soorten in quick scans. Ze moeten ook worden meegenomen in de op quick scans volgende natuuronderzoeken. Niet alleen moet daarbij voor een activiteit worden vastgesteld welke van nature in Nederland levende vogels (conform Vogelrichtlijn), welke van nature in Nederland in het wild levende dieren of planten van soorten, genoemd in de bijlagen II, IV en V bij de Habitatrichtlijn en welke dieren of planten van soorten, genoemd in bijlage IX of in de rode lijsten, op de locatie of in de directe nabijheid van de locatie aanwezig zijn. Ook moet worden vastgesteld of er voor die soorten een belangrijk leefgebied of natuurlijke habitat is op de locatie of in de nabijheid van die locatie waar de activiteit wordt verricht. Verder moet worden vastgesteld of op voorhand op grond van objectieve gegevens nadelige gevolgen kunnen worden uitgesloten voor dieren van die soorten, hun nesten, hun foerageerplaatsen, hun voortplantingsplaatsen, hun rustplaatsen en hun eieren, of voor planten van die soorten. Als die gevolgen niet kunnen worden uitgesloten moet worden nagegaan welke gevolgen de activiteit kan hebben voor dieren van die soorten, hun nesten, hun foerageerplaatsen, hun voortplantingsplaatsen, hun rustplaatsen en hun eieren, of voor planten van die soorten. Alle passende preventieve maatregelen moeten worden getroffen om die nadelige gevolgen te voorkomen.

Tijdens en na het verrichten van de activiteit moet worden nagegaan of de getroffen maatregelen de beoogde effecten hebben. Het verrichten van de activiteit moet worden gestaakt als de nadelige gevolgen toch niet worden voorkomen, of, als staken van de activiteit redelijkerwijs niet meer mogelijk is, moeten passende herstelmaatregelen worden getroffen. April 2024: Aanvullend op de bestaande werkwijze die we hanteren bij de (inter)nationaal beschermde soorten is er vanuit de zorgplicht een algemene verplichting om zorg te dragen voor in het wild levende planten en dieren met specifiek aandacht voor bedreigde soorten (=genoemd in bijlage IX of in de rode lijsten). Dit doen we door bedreigde soorten in kaart te brengen en mee te nemen in quickscans. We stellen voor om de motie af te voeren. PA 20 december 2023: Deze kan nog niet worden afgevoerd. We zijn blij dat steeds vaker inwoners en natuurorganisaties worden betrokken en dat sommige soorten structureler worden gemonitord, maar dat gebeurt nog niet overal/altijd. Vooral gaat er nog steeds veel mis bij natuuronderzoeken in Nijmegen: regelmatig worden beschermde soorten over het hoofd gezien en zijn onderzoeken dus onvolledig. Soms bijna stelselmatig, zoals bij de Patrijs. Zelfs na melding dat ergens een beschermde soort zit, volgt meestal geen of soms met moeite aanvullend natuuronderzoek.

Laat staan dat er voldoende en juiste compenserende maatregelen worden genomen, als leefgebieden van deze soorten worden aangetast. Daardoor wordt dus nationale en internationale natuurwet- en regelgeving overtreden. Pas als dit goed gaat, kan deze motie worden afgevoerd. De motie vroeg niet om meer monitoring (advies is met de provincie in gesprek te gaan over de monitoring van Rode Lijstsoorten), wel om te voldoen aan natuurwetgeving. Dat bij elke ruimtelijke ontwikkeling het standaardproces wordt doorlopen van Quickscans en Nader Onderzoek geeft blijkbaar geen garantie dat wordt voldaan aan natuurwetgeving. De quickscans moeten gewoon goed zijn en alle in het gebied voorkomende beschermde soorten benoemen (dat is echt niet moeilijk met de gegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna en de databank van waarneming.nl) en vervolgens moeten de beschermde soorten, die daar voorkomen en mogelijk nadeel ondervinden van de planontwikkeling, beschermd worden en moeten voldoende mitigerende en compenserende maatregelen worden genomen. Oktober 2023: De biodiversiteitsagenda zal binnenkort naar het college gaan om vastgesteld te worden. Dit beleidsstuk is een abstracte versie van het eerder vastgestelde rapport “Biodiversiteit in Nijmegen”.

In de Biodiversiteitsagenda staan doelen en uitgangspunten waarvan we willen dat die opgenomen worden (na integrale afweging met andere doelen) in de nieuwe Omgevingsvisie. Ook bevat de Biodiversiteitsagenda een abstracte verbeelding van de gewenste Hoofdgroenstructuur om op te nemen in de Omgevingsvisie. De biodiversiteitsagenda zal niet het probleem kunnen oplossen van te weinig monitoring. We hebben als gemeente noch het budget om alle beschermde soorten te monitoren, noch hebben de adviesbureaus daar personeel voor. Daarom voeren we elk jaar een gerichte monitoring uit, zoals dit jaar voor de 2e keer een vleermuismonitoring. Bij elke ruimtelijke ontwikkeling wordt het standaard proces doorlopen van Quickscan en Nader Onderzoek. Daarmee hopen we zo goed als mogelijk is de biodiversiteit te beschermen en te versterken. We stellen voor om de motie af te voeren. PA 12 juli: Deze kan nog niet worden afgevoerd. We zijn blij dat steeds vaker inwoners en natuurorganisaties worden betrokken en dat sommige soorten structureler worden gemonitord, maar dat kan nog veel beter. Er gaat nog steeds veel mis bij natuuronderzoeken in Nijmegen: regelmatig worden beschermde soorten over het hoofd gezien en zijn onderzoeken dus onvolledig. Soms bijna stelselmatig, zoals bij de patrijs.

Zelfs na melding dat ergens een beschermde soort zit, volgt soms geen of soms met moeite aanvullend natuuronderzoek. Dat is niet volgens de regels. Wij willen daarnaast de biodiversiteitsagenda afwachten in de hoop dat daarin maatregelen worden genoemd om zulke 'missers' te voorkomen. Mei 2023: Het rapport Biodiversiteit in Nijmegen is eind 2022 naar het college en naar de raad gegaan, waar het ter kennisgeving is aangenomen. In dit plan zat als bijlage het Natuurparelrapport. Inmiddels is een plan van aanpak opgesteld voor het vervolg en werken we aan de biodiversiteitsagenda, die bestaat uit een visiedeel, een verbeelding (kaart) en een globaal uitvoeringsprogramma. We verwachten de biodiversiteitsagenda voor de zomer van 2023 vast te stellen. Doel van deze Biodiversiteitsagenda is dat het een bouwsteen wordt voor de actualisatie van de Omgevingsvisie. Daarnaast monitoren we al een aantal zaken: de vleermuismonitoring van 2022 zal herhaald worden. Dat geldt ook geldt voor de insectenmonitoring. En er is een start gemaakt met een monitoring met burgers in hun tuinen. Uiteindelijke doel is om burgers meer te betrekken in de monitoring van hun wijk (citizen science) of van de stad (vleermuizen) of van poelen (met IVN samen). Wij stellen voor om de motie af te voeren. Oktober 2022: Het externe rapport over Biodiversiteit in Nijmegen wordt op dit moment afgerond.

We verwachten dit rapport dit najaar aan de raad voor te leggen. Met de raad willen we bespreken hoe we het behoud en de versterking van de biodiversiteit het beste kunnen vormgeven en borgen. In de eerste helft van volgend jaar zal mede op basis van de input van de raad een Biodiversiteitsagenda worden opgesteld. Tevens wordt dan het proces geschetst hoe deze Biodiversiteitsagenda meegenomen zal worden bij de actualisatie van de Omgevingsvisie. In deze Biodiversiteitsagenda zullen we ook nader ingaan op de onderzoeken en monitoring voor biodiversiteitsbehoud. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2022: Het Biodiversiteitsplan is nog niet afgerond. We verwachting het rond de zomer van 2022 gereed te hebben voor besluitvorming. De gedragscode Soortenbescherming gemeente is inmiddels vastgesteld en er wordt nu gewerkt aan het implementeren in de interne en externe organisaties. De afgelopen jaren en ook dit jaar wordt monitoring uitgevoerd door deskundige bureaus om onze kennis over diersoorten in de stad te vergroten, wat ook weer ten nutte komt van de procesvoering omtrent bouwontwikkelingen en ons groenbeheer. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2021: Het Biodiversiteitsplan wordt binnen enkele maanden afgerond en uitgewerkt in een uitvoeringsagenda. Dit zal een bouwsteen zijn voor de actualisatie van de Omgevingsvisie.

Binnenkort komt ook de Gedragscode Soortenbescherming gemeenten ter bespreking bij het college. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2021: Op dit moment wordt een Biodiversiteitsplan opgesteld door Bureau Waardenburg. Een groot deel van het plan gaat over biodiversiteit beschermen en versterken. De Natuurparelkaart wordt in dit plan opgenomen en er wordt een nieuwe Hoofdgroenstructuurkaart vastgesteld. Deze Hoofdgroenstructuur zal een gradatie krijgen van natuurgebieden die absoluut beschermd moeten worden tot nog aan te leggen groenstructuur (zoekgebieden voor ecologische verbindingen, die ook over private grond kunnen gaan). In het Biodiversiteitsplan komt ook de wet- en regelgeving aan bod, inclusief de nieuwe gedragscode van Stadswerk voor groenbeheer. Daarmee geeft dit Biodiversiteitsplan ook de basis voor ons (ecologisch) groenbeheer. Hoe dit juridisch vastgelegd moet worden zal verder worden uitgewerkt in het Uitvoeringsprogramma. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

21

Motienummer 12

Onderwerp

Datum politieke avond

Portefeuille houder

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

210303.01

Een museum voor gisteren, vandaag en de toekomst

3 maart 2021

T. van Elferen N. Vergunst

Cultuur en Cultureel erfgoed

Erik Boelaars

GroenLinks, D66, Gewoon Nijmegen, Voor Nijmegen.NU

M. Buck

Inhoud Motie:

<span style=

1e reactie:

Voortgang:

College motie afvoeren Nee

Roept het College op om: 1. Te borgen dat in alle plannen van het museum het cultuurhistorisch erfgoed uit (het Rijk van) Nijmegen bewaard blijft en aantrekkelijk gepresenteerd wordt; 2. In ieder geval lopende de huidige subsidieperiode en de daaropvolgende subsidieperiode geen extra subsidie ter beschikking te stellen aan Museum het Valkhof. Kortom: te verzekeren dat het museum mogelijke tegenvallers in de exploitatie in deze periode op zal vangen binnen de museale begroting/organisatie zelf; 3. De Raad jaarlijks op de hoogte te brengen van de vorderingen in het realiseren van de ambities en eventuele bijstellingen daarvan in het businessplan. 4. In het ontwerp van de verbouwing meer rekening te houden met de historische omgeving van het museum. We voeren de motie uit. Ad 1: Te borgen dat in alle plannen van het museum het cultuurhistorisch erfgoed uit (het Rijk van) Nijmegen bewaard blijft en aantrekkelijk gepresenteerd wordt; We gaan ervoor zorgen dat het aantrekkelijk presenteren van erfgoed een van de hoofdtaken van het museum blijft. Dit is inmiddels opgenomen in de ambitie- en inrichtingsplannen van het museum. Ad 2: In ieder geval lopende de huidige subsidieperiode en de daaropvolgende subsidieperiode geen extra subsidie ter beschikking te stellen aan Museum het Valkhof.

Kortom: te verzekeren dat het museum mogelijke tegenvallers in de exploitatie in deze periode op zal vangen binnen de museale begroting/organisatie zelf; We nemen dit punt gedeeltelijk over. Voor de periode tot en met 2024 blijft de subsidie op het huidige niveau. Als gevolg van corona zijn we bezig met overbrugging en herstel van de culturele sector en maken ook middelen vrij om de sector waar nodig financieel te ondersteunen. Dat geldt ook voor het museum. De nadere duiding van dit punt tijdens het raadsdebat, waarin is aangegeven dat er desgevraagd ruimte moet zijn om steun te vragen voor bijzondere tentoonstellingskansen, onderschrijven wij. Over de periode na 2025 willen wij ons niet op voorhand vastleggen. Dit laten wij aan nieuw college/gemeenteraad over. Ad 3: De Raad jaarlijks op de hoogte te brengen van de vorderingen in het realiseren van de ambities en eventuele bijstellingen daarvan in het businessplan. We gaan uw raad regelmatig informeren over de voortgang van de bouwplannen en het realiseren van de ambities van het museum. Ad 4: In het ontwerp van de verbouwing meer rekening te houden met de historische omgeving van het museum. De relatie met de historische omgeving wordt gelegd door de verbinding van museum met Valkhofkwartier waarbij het de ambitie is om de contouren van het Castellum zichtbaar te maken.

Oktober 2024: Ad 1 Wij willen de herinrichting van het verbouwde museum graag aan de raad presenteren. Daarvoor ontvangt de raad een uitnodiging. Ad 2 De meerjarige subsidie voor de periode 2025-2028 willen we 15 oktober verlenen. De hoogte van de subsidie is gelijk aan de voorgaande periode. De subsidie wordt jaarlijks geïndexeerd. Ad 3 Wij informeren de raad regelmatig Ad 4 Geen wijzigingen ten opzichte van april dit jaar. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. 22

April 2024: Ad 1 De vergunning is verleend en in april 2024 start de verbouwing. Voor de herinrichting heeft het museum een ontwerp gemaakt. Hierover informeren we de raad later dit jaar via een presentatie. Ad 2: Subsidie is niet verhoogd. Ook de subsidie voor de periode 2025-2028 wordt dit jaar verleend en is gelijk aan de huidige subsidie. Ad 3: Geen veranderingen Ad 4: De historische omgeving is onderdeel van de herinrichting van het plein aan de voorzijde van het museum. Via een drietal beelden wordt de Romeinse geschiedenis verbeeld. De presentatie hiervan was op 6 februari 2024 in de Lindenberg. Het ontwerp is goed ontvangen en kan rekenen op enthousiasme. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2023: Op 3 oktober hebben we de raad over het definitief ontwerp van het gebouw geïnformeerd. De herinrichting en presentatie van de collectie wordt uitgevoerd door het museum zelf. Hierover informeren we de raad op een later moment. De subsidie voor het museum loopt tot en met eind 2024. De historische omgeving van het Valkhof Museum wordt ook meegenomen bij de herinrichting van het Kelfkensbos. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2023: Start van de verbouwing staat gepland voor oktober 2023. Voor de zomer komen wij met een raadsinformatiebrief over de stand van zaken. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

Oktober 2022: In oktober 2022 zijn de raad, geïnteresseerden en omwonenden uitgenodigd voor een informatieavond over de het Kelfkensbos en de verbouwing van het museum. Tijdens deze avond zijn het voorlopig ontwerp van het museum en het schetsontwerp van het Kelfkensbos getoond. In het ontwerp van beide plannen wordt rekening gehouden met de historische omgeving van het museum. Ook geeft het museum informatie over de nieuwe collectiepresentatie. Over de subsidie van het museum 2022,2023 en 2024 wordt in december 2022 een besluit genomen. Uitgangspunt is het subsidieniveau van 2021. Het businessplan is niet veranderd of aangepast. We stellen voor de motie nog niet af te voeren. Mei 2022: Inmiddels is er een architect gecontracteerd die aan de slag is met een voorlopig ontwerp. Voor de zomer verwachten we de eerste tekeningen breed te kunnen delen. De subsidie aan het museum wordt voor 2022 bevoorschot op het niveau van 2021. De subsidieaanvraag 2022 tot en met 2023 wordt beoordeeld door de adviescommissie Groei. Op basis van dit advies verlenen wij de subsidie voor de komende 3 jaren. We verwachten dit besluit voor de zomer te kunnen nemen. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2021: Er zijn geen veranderingen ten opzichte van de vorige melding. Voor het eind van het jaar hopen we te komen met schetsontwerpen.

We stellen voor de motie nog niet af te voeren. Mei 2021: Er zijn geen veranderingen ten opzichte van de vorige melding. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

23

Motienummer 13

Onderwerp

Datum politieke Portefeuille houder avond

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

210331.02

Geef balans een kans!

31 maart 2021

Openbare ruimte

Arno Koldenhof

Partij voor de Dieren

E. Lauret

Inhoud Motie:

Verzoekt het College: 1 Te onderzoeken welk instrument een goed instrument is om de voordelen en maatschappelijke waarden van groen, water, biodiversiteit en ecosysteemdiensten in Nijmegen te berekenen; 2 Zo'n instrument te betrekken bij de volgende herziening van de omgevingsvisie (gepland 2022). En gaat over tot de orde van de dag We voeren de motie uit. The Economics of Ecosystems and Biodiversity (TEEB) is één van de tools die gebruikt kunnen worden om de waarde van de omgevingsfactoren te berekenen. Wij vinden het een interessant instrument en willen graag bekijken of dit toepasbaar is binnen planprocessen om tot een goede ruimtelijke afweging te komen. Maar ook of andere tools wellicht beter geschikt zijn voor het gestelde doel. Om te kunnen beoordeling of TEEB inzetbaar is, nemen we dit, zoals in de motie gevraagd wordt, mee bij de herziening van de Omgevingsvisie volgend jaar. Oktober 2024: We hebben door een extern bureau op een rij laten zetten welke waarderingsmethoden nu toegepast worden en wat daar de ervaringen mee zijn. Op dit moment bestaat er geen alomvattend instrument om de maatschappelijke waarde van alle ecosysteemdiensten én van de biodiversiteit te meten op gemeenteniveau. We zien het meeste mogelijkheden in het toepassen van de Groene Baten Planner (GBP). Dit is de beoogde opvolger van TEEB.

Deze tool kan op dit moment 2 waarden berekenen: klimaatadaptatie (waterberging en hittestress) en gezondheid. Onderzocht moet worden of Nijmegen de hoge gedetailleerde kaarten en data in haar bezit heeft om te kunnen werken met de GBP. Als blijkt dat dit een werkbaar instrument is (toetsing door o.a. ontwikkelaars, stedebouwkundigen en landschaparchitecten), dan kunnen we bij de uitwerking van de gebiedsuitwerkingen van de omgevingsvisie in enkele ruimtelijke ontwikkeltrajecten dit instrument gaan toepassen. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

1e reactie:

Voortgang:

C. Daemen

College motie afvoeren Nee

April 2024: Het instrument TEEB was altijd vrij generiek, waarbij er onvoldoende onderscheid werd gemaakt bij dezelfde groenelementen. Zo kreeg bijvoorbeeld een boom altijd dezelfde waarde, ongeacht leeftijd, formaat, standplaats en dergelijke. Daardoor zegt een uitkomst vrij weinig. We gaan ons daarom opnieuw verdiepen in hoe TEEB er nú uitziet. We gaan ook inventariseren wat de ervaringen bij andere gemeenten zijn. De resultaten van deze inventarisatie zullen we delen met uw raad. Op basis daarvan kan door u worden besloten of de baten de (aanzienlijke) investering waard zijn. Als wordt besloten om dit uit te voeren, kan het over 2 jaar in de volgende actualisatie van de Omgevingsvisie worden meegenomen. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2023: Er zijn geen nieuwe ontwikkelingen. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2023: Er zijn geen nieuwe ontwikkelingen te melden. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. PA 22 december: Het college geeft aan dat ze op dit moment geen mogelijkheden zien om het instrument TEEB in te zetten, zolang er geen specifiek gebied is dat zich daarvoor leent. Elk gebied in Nijmegen/ heel Nijmegen leent zich daarvoor.

Dat het proces van de actualisatie van de Omgevingsvisie vertraagd is en er nu eerst een Nota van uitgangspunten wordt opgesteld hoe dat proces van actualisatie moet gaan verlopen, is ook geen reden om de motie af te voeren. Het college wilde eerder nog onderzoeken of 'de tool' (waarbij het niet duidelijk was welke tool werd bedoeld) te gebruiken was om de waarde van de toekomstige Hoofdgroenstructuur te berekenen. Toen was niet duidelijk welke tool bedoeld werd, maar van dat onderzoek hebben wij nog geen resultaten gezien. De motie richtte zich bovendien niet alleen op waarden van de Hoofdgroenstructuur, maar op voordelen en maatschappelijke waarden van groen, water, biodiversiteit en ecosysteemdiensten. Een instrument om de voordelen en maatschappelijke waarden van groen, water, biodiversiteit en ecosysteemdiensten in Nijmegen te berekenen is nog niet controleerbaar betrokken bij de volgende herziening van de Omgevingsvisie, zoals de motie vroeg. Oktober 2022: We zien op dit moment geen mogelijkheden om het instrument TEEB in te zetten, zolang er geen specifiek gebied is dat zich daarvoor leent. Daarnaast is het proces van de actualisatie van de Omgevingsvisie vertraagd en wordt nu eerst een Nota van uitgangspunten opgesteld hoe dat proces van actualisatie moet gaan verlopen. Wij stellen voor om de motie af te voeren.

PA 13/07: De indiener is van mening dat deze motie nog niet kan worden afgevoerd. Het college wil blijkbaar nog onderzoeken of de tool is te gebruiken om de waarde van de toekomstige Hoofdgroenstructuur te berekenen. Daarbij is niet duidelijk welke tool bedoeld wordt en het onderzoek waarom gevraagd werd heeft blijkbaar nog niet plaatsgevonden. De motie richtte zich bovendien niet alleen op waarden van de Hoofdgroenstructuur, maar op voordelen en maatschappelijke waarden van groen, water, biodiversiteit en ecosysteemdiensten. Het is onduidelijk waarom bijvoorbeeld TEEB niet kan worden ingezet. Daarnaast is zo’n instrument nog niet controleerbaar betrokken bij de volgende herziening van de Omgevingsvisie, zoals de motie vroeg.

24

Mei 2022: Het blijft moeilijk om een tool te gebruiken voor de genoemde doelen. We willen gaan onderzoeken of de tool is te gebruiken om de waarde van de toekomstige Hoofdgroenstructuur te berekenen. Deze is nu alleen nog globaal begrensd en pas later dit jaar komt een definitieve begrenzing, die vastgesteld gaat worden bij de actualisatie van de Omgevingsvisie. Wij stellen voor om de motie af te voeren. Oktober 2021: We onderzoeken de mogelijkheden. Vooralsnog lijken er echter geen generieke bruikbare tools beschikbaar. Een dergelijke tool zou specifiek ontwikkeld moeten worden voor Nijmegen, waarbij rekening wordt gehouden met de ecosysteemdiensten die bepaald zijn bij de vaststelling van het Bomenplan en de nog vast te stellen uitwerkingen op het gebied van biodiversiteit en klimaatadaptatie. Bij de actualisatie van de Omgevingsvisie die rond de zomer 2022 naar de raad gaat, zullen we de mogelijkheden afwegen. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

25

Motienummer 14

Onderwerp

Datum politieke Portefeuille houder avond

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

210428.01

Groene energie ten koste van groen is niet groen

28 april 2021

Openbare Ruimte

Arno Koldenhof

GroenLinks, PvdA, Partij voor de Dieren

M. van Doorn

Inhoud Motie:

Verzoekt het college: 1. In aanloop naar de RES 2.0 in de RES-regio Arnhem Nijmegen erop in te zetten de aanwezige natuurgebieden (blijvend) te ontzien bij de aan te wijzen locaties voor windturbines; 2. In aanloop naar de RES 2.0 in de RES-regio Arnhem Nijmegen erop in te zetten om zonnevelden dusdanig te plaatsen dat ze niet de natuur verstoren of verdringen en dat expliciet wordt ingezet op het versterken van natuur(waarden) en biodiversiteit; 3. Met de relevante energieleveranciers en andere organisaties en overheden binnen de RES-regio Arnhem-Nijmegen in gesprek te gaan, om te werken aan een plan om de gevaren en risico's voor vogels, vleermuizen en insecten door windturbines te beperken en daarbij alle inzichten en innovaties in ogenschouw te nemen; 4. De gemeenteraad te informeren over de vorderingen, de resultaten en eventuele implementatievoornemens. We voeren de motie uit. Inhoudelijk: Het is in het Regionale Energiestrategie (RES) bod nadrukkelijk het uitgangspunt de belangen van natuur mee te nemen. Bij het benoemen van de zoeklocaties zijn natuurgebieden vermeden; in het vervolgproces richten we ons via de integrale aanpak nadrukkelijk op koppelkansen, onder meer voor natuur en landschap. Uit het RES 1.0: Er liggen interessante kansen en uitdagingen om het natuur- en ecologienetwerk te versterken binnen onze RES-regio.

Er kunnen binnen de RES-opgave accenten worden gelegd in het robuuster maken van het bestaande natuurnetwerk, door extra areaal toe te voegen of te werken aan de vermindering van de ongewenste stikstofuitstoot in deze gebieden. Ook klimaat-adaptieve maatregelen zoals tegengaan van verdamping door omvorming van naaldbossen en een robuuster waterbeheer voor de aanpak van verdroging in landbouw- en natuurgebieden is gewenst. • Het robuuster maken en versterken/vergroten van het areaal natuurgebieden. • Extra bosaanplant als compensatie voor de stikstofuitstoot waardoor stedelijke ontwikkelingsopgave kunnen plaatsvinden. • Investeren in nieuwe ecologische corridors om robuustere natuurnetwerken te ontwikkelen. • Transformeren naaldbossen naar loofbossen waardoor verdamping wordt tegengegaan. • Meer ruimte voor waterretentie en peilverhoging in agrarische- en natuurgebieden als waterbuffer voor de lente en zomer. • Aanpak verdroging en maatregelen ter voorkoming van een te lage grondwaterstand in agrarische- en natuurgebieden. • Bij planvorming voor verstedelijkingsopgave integraal aandacht besteden aan behoud en ontwikkeling natuurwaarden. • Versterking biodiversiteit door natuurvriendelijke agrarische productiemethoden, beheersmaatregelen en herstructurering intensieve veehouderij.

Deze uitgangspunten zullen in het RES 2.0 verder uitgewerkt worden in samenspraak met alle stakeholders. Hiermee wordt invulling gegeven aan de eerste drie punten van de motie. Procedureel: De werkorganisatie RES verzamelt alle reacties van de Raden op de RES 1.0 in een oplegnotitie. Deze oplegnotitie met daarin alle reacties zal uiterlijk 1 juli a.s. samen met het definitieve bod RES 1.0 worden ingediend bij het NPRES en PBL. Het RES traject kent een doorlooptijd tot 2030. De RES wordt in een cyclus van minimaal 2 jaar geüpdatet. De RES 2.0 is een nadere uitwerking en mogelijke herziening van de RES 1.0. Over de RES 2.0 vindt, net als bij de RES 1.0, weer besluitvorming plaats.

1e reactie:

T. van Elferen

College motie afvoeren Nee

26

Voortgang:

De afspraken in de RES 1.0 en de reacties van de Raden vormen de basis voor het proces naar de RES 2.0. De RES 2.0 moet uiterlijk 1 maart 2023 worden ingediend bij het Rijk. De Raad zal gedurende het opstellen van RES 2.0 op de hoogte gehouden worden van de ontwikkelingen, hierin zullen ook de natuurbelangen meegenomen worden, waarmee invulling aan het vierde punt gegeven wordt. Oktober 2024: Na de vaststelling van de RES1.0 is in 2022/2023 een planMER opgesteld - met daarin aandacht voor de effecten op natuurwaarden - als input voor de opvolging van de RES1.0. De huidige planning voor de RES is dat een actualisatie van de RES1.0 medio november 2024 wordt vastgesteld door het college van B&W. Vervolgens krijgt de raad de gelegenheid om wensen en bedenkingen in te dienen in december/januari. Een volledige herrijking tot een RES2.0 is voorzien in 2025. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. April 2024: De landelijke Commissie m.e.r. bracht november 2023 een toetsingsadvies uit op de planMER voor de RES. De commissie noemde als aandachtspunt voor uitwerking van de RES1.0 binnen gemeenten cq herijking tot de RES2.0 dat de informatie over natuur en landschap in de planMER volgens de Commissie nog van onvoldoende kwaliteit was. De RES2.0, waarin de adviezen van de Commissie m.e.r.

over de gevolgen van grootschalige duurzame opwek voor de natuur, worden verwerkt, is momenteel in voorbereiding. De planning is dat deze eind 2e kwartaal van 2024 aangeboden kan worden aan de gemeenten voor vaststelling. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2023: Op dit moment ligt de planMER bij de Commissie m.e.r. ter beoordeling. Het gaat om een verplichte kwaliteitstoets, waarbij de commissie mogelijk vraagt om het rapport – middels een addendum - op punten aan te vullen. Vervolgstap is dat de consequenties van de planMER per gemeente met een maatwerkproces in beeld worden gebracht en doorgevoerd in de RES 2.0. Specifiek voor Nijmegen geldt dat de projecten die in RES 1.0 waren opgenomen binnen onze gemeentegrenzen, grotendeels zijn gerealiseerd: de wind- en zonneparken ten noorden van de Grift bij de A15 en op het ENGIE-terrein en het zonnepark langs de A73. In juli is de planMER over RES 1.0 aangeboden aan de gemeenteraad. Het planMER geeft de milieu- en natuureffecten objectief weer. Het is aan de bestuurders van colleges en gemeenteraden van andere gemeenten, om af te wegen wat zij met de uitkomsten van dit onderzoek gaan doen in de besluiten die zij nemen. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2023: Op 21 december 2022 heeft uw raad zienswijzen ingediend op de notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) voor de planMER RES.

In deze zienswijze roept u onder meer op om in de planMER mee te nemen hoe de natuur kan worden ontzien én versterkt. De planMER wordt naar verwachting in Q2 2023 opgeleverd en dient als input voor de RES 2.0. De RES 2.0 wordt vastgesteld door de gemeenteraden, provinciale staten en de algemeen besturen van de waterschappen. De uitgangspunten uit de RES 1.0, zoals hierboven beschreven, worden hierin meegenomen. Specifiek voor de bescherming van de wespendief heeft de provincie een strategie vastgesteld: In een zone van 1-8 km rondom de Veluwe mogen maar één of twee windparken komen met een stilstandsvoorziening. Door in te zetten op natuurherstel en innovatieve oplossingen zoals cameradetectie bij windturbines, kunnen er in de 1-8 km zone mogelijk in de toekomst wel meer windparken komen. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2022: De notitie reikwijdte en detailniveau (NRD) van de plan-MER voor de RES 2.0 gaat in oktober naar de gemeenteraden. De gemeenteraden hebben tot december de tijd om zienswijzen in te dienen. Uitgangspunt van het plan-MER is om de milieu-effecten van verschillende scenario’s inzichtelijk te maken. De discussie hoe deze milieu-effecten meewegen in de RES is onderwerp van gesprek in de besluitvorming richting de RES 2.0. We stellen voor de motie niet af te voeren.

Mei 2022: De colleges van alle gemeenten in de RES Arnhem Nijmegen hebben besloten om een gezamenlijke plan-MER uit te voeren voor de RES. Met een regionale plan-MER zorgen we voor inzicht in de milieueffecten (inclusief natuur en landschap) van duurzame energieopwekking en maken we expliciete afweging van de milieueffecten mogelijk bij de verdere uitwerking van de RES 1.0. De onderzoeksvragen worden uitgewerkt in een notitie reikwijdte en detailniveau, die aan de gemeenteraden wordt voorgelegd. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2021: De 16 gemeenten in de regio Arnhem-Nijmegen hebben het bod RES 1.0 vastgesteld en aangeboden aan NPRES en PBL. De uitwerking van de afspraken in het bod RES1.0 wordt nu opgestart evenals de voorbereiding van een nieuw bod RES2.0 dat in 2023 moet worden opgeleverd. We informeren de raad gedurende het opstellen van RES 2.0. Op dit moment is dit nog niet aan de orde. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

27

Motienummer 15

Onderwerp

Datum politieke Portefeuille houder avond

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

210922.01

Een sluitende ontsluiting

22 september 2021

Wonen en Stedelijke ontwikkeling

Arno Koldenhof

CDA

M. Buck

Inhoud Motie:

Roept het College op om: 1) Park Waaijenstein niet over de Volsellastraat te ontsluiten, maar de bestaande ontsluiting over de Van Boetzelaerstraat te hanteren; 2) Waar nodig maatregelen te nemen om de inrichting van deze weg beter geschikt te maken voor ontsluiting, zoals het inrichten van een woonerf, een fietsstraat of een eventuele verbreding van de weg; 3) De meerkosten te verhalen op de grondexploitatie Waalsprong en deze af te dekken door de inkomsten vanuit de grondexploitatie te verhogen middels intensivering en/of te verwerken in de planexploitatie Waaijenstein, waarbij dit leidt tot een aanpassing in het VGP 2022; We voeren de motie onder voorwaarden uit. De komende periode zal gekeken worden naar de technische uitvoerbaarheid van de motie en de verkeerskundige inrichting die hiervoor nodig is op de Van Boetzelaerstraat. Dit verkeerskundig ontwerp zal enige tijd in beslag nemen. Een definitief besluit over de wijze waarop op deze motie gereageerd zal worden zal daarom pas in een later stadium genomen kunnen worden, op dat moment bepalen we ook hoe we omgaan met de reeds genomen (verkeers-)besluiten en zullen we de eventuele andere (waaronder financiële) effecten ook in beeld brengen.

1e reactie:

Voortgang:

N. P. Vergunst

College motie afvoeren Nee

Oktober 2024: Ons college heeft de raad eind 2022 geïnformeerd over haar zienswijze aangaande de ontsluiting van Waaijensteijn; ons college houdt vast aan de variant van ontsluiten via de Volsellastraat. Ons college heeft eveneens toegezegd de Volsellastraat veiliger te maken. Om tot verbetervoorstellen te komen voor het veiliger maken van de Volsellastraat is een bewonersenquête georganiseerd. Op basis van de resultaten van de enquête werken we aan een plan van aanpak om uiteindelijk tot passende maatregelen te komen. Via MijnWijkplan worden bewoners op de hoogte gehouden van de vorderingen. Het college heeft een beslissing op bezwaar vastgesteld betreffende de lopende procedure aangaande de ontsluiting van de Van Boetzelaerstraat. In deze beslissing op bezwaar zijn de bezwaren ongegrond verklaard. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. April 2024: Om tot verbetervoorstellen te komen voor het veiliger maken van de Volsellastraat is een bewoners enquête georganiseerd. Op basis van de resultaten van de enquête werken we aan een plan van aanpak om uiteindelijk tot passende maatregelen te komen. Via Mijn Wijkplan worden bewoners op de hoogte gehouden van de vorderingen. Het college heeft een beslissing op bezwaar vastgesteld betreffende de lopende procedure aangaande de ontsluiting van de Van Boetzelaerstraat.

In dit beslissing op bezwaar zijn de bezwaren ongegrond verklaart. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2023. Geen nieuwe ontwikkelingen t.o.v. mei 2023. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Mei 2023: Ons college heeft de raad eind 2022 geïnformeerd over haar zienswijze aangaande de ontsluiting van Waaijensteijn; ons college houdt vast aan de variant van ontsluiten via de Volsellastraat. Ons college heeft tevens toegezegd de Volsellastraat veiliger te maken. Hiertoe zal in mei 2023 een bewonersoverleg worden georganiseerd. Er loopt nog een bezwarenprocedure van bewoners over het verkeersbesluit ontsluiting Volsellastraat. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2022: Er lijkt een impasse te ontstaan in het overleg met bewoners. Een deel wil alleen praten over de variant Van Boetzelaerstraat. Maar deze variant heeft niet bij alle bewoners draagvlak. We verkennen ons op de te volgen marsroute en zullen de raad daarover nader informeren. Wij stellen voor de motie nog niet af te voeren. Mei 2022: Voor de ontsluiting van de vrije kavels in Waaijenstein zijn drie mogelijke scenario’s voorstelbaar: 1 Het oorspronkelijke plan gaat uit van ontsluiting via de Volsellastraat. Deze heeft vanuit de motie niet de voorkeur van de raad.

2 De door de gemeenteraad aangenomen motie ‘Een Sluitende Ontsluiting’ vraagt om ontsluiting via de Van Boetzelaerstraat. 3 Een derde optie is het inzetten van de busbaan Terralaan voor de ontsluiting van het zuidelijk deel van Oosterhout en de vrije kavels in park Waaijenstein. Ambtelijk wordt geadviseerd niet te kiezen voor ontsluiting via de Van Boetzelaerstraat conform de motie. De aangehaalde probleemstelling van de aansluiting Volsellastraat op de Griftdijk wordt hiermee niet opgelost. Om tegemoet te komen aan de zorgen van bewoners en de wens van de gemeenteraad voor een veiligere ontsluiting wordt geadviseerd een ontsluiting via de busbaan Terralaan mogelijk te maken. Hiervoor is een positief overleg gevoerd met provincie en Breng. Om de ontsluiting via de Terralaan mogelijk te maken dient een planprocedure voor wijziging van het bestemmingsplan worden opgestart. Hiervoor is reeds een verkenning opgesteld.

28

De voorkeursoptie, de ontsluiting via de busbaan moet nog met bewoners gecommuniceerd worden. Dit wordt nu voorbereid. De bewoners, die gebruik maken van de huidige ontsluitingen (Van Boetzelaarstraat en Volsellastraat), zullen middels een brief geïnformeerd en uitgenodigd worden om hun opvattingen met ons te delen. Dit kan in de vorm van gesprekken met stakeholdergroepen, een informatieavond etc. In de tussentijd kan de bestaande situatie met ontsluiting via de Van Boetzelaerstraat worden gehandhaafd. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

29

Motienummer 16

Onderwerp

Datum politieke Portefeuille houder avond

Programma

Concernmanager

Fractie(s)

Eerste indiener

211020.05

Laad de laadpalen

20 oktober 2021

Bereikbaarheid

Arno Koldenhof

Stadspartij Nijmegen

W. Grutters

Inhoud Motie:

Roept het college op om; 1. Een voorstel aan de raad te doen toekomen voor het uitbreiden van de Arnhemse proef naar Nijmegen om zo integratie van laadpalen voor auto's én elektrische fietsen in lantaarnpalen nader te testen. 2. Voor deze proef wijken te selecteren waar er geen tot weinig mogelijkheid is om zelf een laadpaal bij het huis te hebben. 3. Daarbij een onderzoek te verrichten naar de nog beschikbare maximale ruimte aan netcapaciteit in Nijmegen voor uitbreidingen van het laadnet. 4. Hierover verslag te doen aan de raad voor februari 2022. We voeren de motie uit. Wij vinden deze motie een goed initiatief dat aansluit bij ons Programma laadinfrastructuur. We zien daarom ook mogelijkheden voor toepassing in Nijmegen. Komend voorjaar stellen we Plaatsingsbeleid op als uitwerking van ons Programma laadinfrastructuur. Hierin nemen wij deze nieuwe vorm van laadinfrastructuur mee en onderzoeken daarin de mogelijkheden waarop deze motie aandringt. Oktober 2024: Het onderzoek naar laadinfrastruxtuur in lichtmasten wordt momenteel afgerond. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

1e reactie:

Voortgang:

C. Daemen

College motie afvoeren Nee

April 2024:Geen nieuwe ontwikkelingen t.o.v. mei/oktober 2023. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. Oktober 2023: Geen nieuwe ontwikkelingen t.o.v. mei 2023. We stellen voor om de motie nog niet af te voeren. PA 12 juli: De motie kan nog niet worden afgevoerd omdat het onderzoek nog gaande is en de raad daar nog geen terugkoppeling van heeft ontvangen. Mei 2023: Het onderzoek naar laadpalen in lichtmasten is gaande. De Arnhemse proef is ongeschikt omdat daar 2 voedingen in een object zijn gebruikt, dit is niet toegestaan. Daarnaast is de netbeheerder in maart 2023 met nieuwe eisen gekomen voor dit soort objecten. Onze voorlopige conclusie is dat de businesscase nog in ontwikkeling is en realisatie op korte termijn lastig. Wij stellen voor om de motie af te voeren. Oktober 2022: Aan het plaatsingsbeleid wordt nog gewerkt. Wel is specifiek over de voortgang te melden dat we, ook met de ambities en budget uit het coalitieakkoord, onderzoeken welke innovatieve laadoplossingen o.a. met het combineren van lichtmasten en oplaadpunten haalbaar en inpasbaar zijn. Daarbij kijken we landelijk naar voorbeelden en aanbod op dit gebied. Dit doen we in eerste instantie voor nieuwbouwontwikkelingen en herinrichtingsprojecten. De netimpact is een regionale afstemming binnen de GO-RAL, gebaseerd op de ambities per gemeente, zo ook die van Nijmegen.

De planning is om in het eerste kwartaal van 2023 de raad te informeren over de aanpak met lichtmasten. We stellen voor de motie niet uit te voeren. Mei 2022: In het plaatsingsbeleid nemen we deze nieuwe vorm van laadinfrastructuur met lantaarnpalen mee. We starten voor de zomer met het opstellen van het Plaatsingsbeleid met het doel het dit najaar gereed te hebben. Dan informeren we de raad. We volgen op dit moment de ontwikkelingen en mogelijkheden van nieuwe vormen van laden. Daarnaast zoeken we aansluiting bij ruimtelijke gebiedsontwikkelingen voor eventuele inpassing van deze vorm van laden. Wij stellen voor om de motie nog niet af te voeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=96f8289c-817c-4dd5-89db-c127b3ad78b4