CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting Ongewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

Besluitronde (raadsvergadering) 5 april 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Ongewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens -8 (Bredestraat nabij nummer 75) (23/2023)14.416 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

4.10.3.4 Bomenplan Nijmegen (2021) Toetsingskader In de "Omgevingsvisie 2020-2040 Nijmegen Stad in Beweging"heeft de gemeente uitgesproken een economisch veerkrachtige, sociale en gezonde, aantrekkelijke en duurzame stad te willen zijn. Eén van de opgaven uit de omgevingsvisie is een groene en gezonde stad. Aangezien bomen hieraan in sterke mate bijdragen, is als nadere uitwerking van de omgevingsvisie het Bomenplan Nijmegen opgesteld. De doelstellingen van het bomenplan zijn: gezonde bomen zo lang mogelijk behouden; bomenkap zoveel mogelijk vermijden; aanplant van bomen zoveel mogelijk stimuleren; dat de belangrijkste bomen in de stad een groene beschermde verbindende structuur

34

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

vormen.

We geven in het Bomenplan invulling aan onze ambities, de opgaven en ruimtelijke keuzes op het vlak van bomen. Er wordt richting gegeven aan een integrale ontwikkeling van de verschillende belangen en waarden die bomen voor de stad Nijmegen vertegenwoordigen, waaronder het behoud van bomen en het versterken van de boomstructuur. Hoofdboomstructuur In het Bomenplan Nijmegen is de hoofdboomstructuur uit 2009 geactualiseerd. De hoofdboomstructuur bestaat uit verschillende vlakken en lijnen, welke verschillende waarden vertegenwoordigen. We onderscheiden drie categorieën: 1. Stadsgezichten en statige lanen; 2. Ecologische verbinding; 3. Cultuurhistorie. Een bomenlaan of -structuur kan op hetzelfde moment meerdere van deze waarden dienen. We zetten in op het behouden en versterken van de hoofdboomstructuur. Daarnaast is het fijnmazige netwerk van bomen in de wijken en buurten van groot belang. In de wijken is meer ruimte voor flexibiliteit bij zowel aanplant als beheer, meedenken en ook participeren. Planvoornemen Het plangebied is gelegen aan een cultuurhistorische veldweg. Er zijn echter geen bomen aanwezig in of aangrenzend aan het plangebied.

4.10.3.5 Ecologie van de stad Toetsingskader De bijzondere ligging van Nijmegen op een kruispunt van het rivierengebied, de hogere zandgronden en het stuwwallencomplex zorgt ervoor dat niet alleen rondom Nijmegen, maar ook binnen de stadsgrenzen een verscheidenheid aan leefmilieus voor planten en diersoorten aanwezig is. Grootschalige natuurgebieden om de stad, zoals de Gelderse Poort, de uiterwaarden van de Waal, De Ooypolder, het Hatertse Vennengebied, Heumensoord fungeren hierbij als brongebied voor natuurwaarden in de stad. We hebben de ecologische structuren, de ecologische hotspots en de ecologische waardevolle wijkspots in de wijk in Nijmegen in kaart gebracht. Ecologische structuren laten de relaties zien tussen natuurwaarden in de stad en natuurwaarden om de stad. Soorten kunnen zich hierlangs verplaatsen en hebben zo een gevarieerd leefgebied tot hun beschikking. Ecologische hotspots zijn waardevolle gebieden die, in relatie met de gebieden om de stad, een functie vervullen voor algemene en zeldzame soorten. Hier stemmen we het beheer af op de natuurwaarden en wordt het gebruik van die gebieden voor recreatie meer gereguleerd en gestuurd. Tevens waken we bij deze hotspots voor versnippering, aantasting en doorsnijding. De ecologische waardevolle wijkspots vervullen een rol op wijkniveau en maken het mogelijk om natuur dichtbij huis te beleven.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

35

Figuur 9: Uitsnede kaart ecologie van de stad met globale aanduiding plangebied (rode cirkel)

Planvoornemen In bovenstaande afbeelding is globaal de ligging van het plangebied weergegeven. Het plangebied ligt in een gebied met gemiddelde natuurwaarden. In de directe omgeving van het plangebied zijn geen hotspots of ecologische dooraderingen aanwezig.

4.10.3.6 Groen en gezondheid Toetsingskader Groen heeft niet alleen een ecologische waarde, het draagt bij aan de gezondheid van mensen, het zorgt voor een aantrekkelijke omgeving voor wonen, werken en recreëren. Groen bevordert de gezondheid, het nodigt uit om te bewegen en patiënten herstellen sneller in een groene omgeving. Voor kinderen is het belangrijk om juist al op jonge leeftijd in contact te komen met een groene leefomgeving. Bij de inrichting van de (school-)omgeving is dit nadrukkelijk een aspect om rekening mee te houden. Met Nijmegen: Groen, gezond en in beweging (vastgesteld door het College op 14 maart 2017 en ook opgenomen in de gezondheidsagenda) werkt de gemeente aan gezonde inwoners in een gezonde omgeving. Planvoornemen Met voorliggend plan wordt één nieuwe woning mogelijk gemaakt. De ontwikkeling gaat niet ten koste van de groene omgeving die mensen kunnen beleven en welke bijdraagt aan de gezondheid.

36

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

4.10.3.7 Stad en Natuur: klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen Toetsingskader Nijmegen is een van de groenste steden van Nederland. Niet alleen door de aanwezigheid van veel groen, maar ook vanwege de groene bestuurlijke ambities. Bij nieuwe ontwikkelingen zoals dit plangebied ontstaan kansen voor de natuur in de stad. Op 14 november 2018 heeft de gemeenteraad de motie "Natuurinclusief bouwen" aangenomen. Natuurinclusief bouwen is een verzamelterm voor tal van maatregelen en manieren om natuur te integreren bij de bouw van woningen, kantoren en andere gebouwen. Door natuurinclusieve maatregelen wordt de leefomgeving voor gebouwbewonende diersoorten verbeterd en de biodiversiteit bevorderd. Ook hebben de maatregelen effect als anti-mug en anti-stress en geven belevingswaarden. Daarnaast verhoogt het de geluidsisolatie, luchtzuivering, waterbergingscapaciteit en warmteregulering in het stedelijk gebied. Dit verhoogt uiteindelijk de leefkwaliteit van de stad en biedt verschillende soorten een plek in de stad. Onderdeel van natuurinclusief bouwen is ook de toepassing van kruidendaken op de platte daken van nieuwbouw. Een groen dak heeft duidelijk meer waarde voor de biodiversiteit en de leefbaarheid. En tevens heeft het een functie voor de waterberging bij piekbuien, verbetert het de luchtkwaliteit en brengt het koelte in de stad en de woning.

Een bijkomend voordeel is dat groene daken een communicatiemiddel is om het bewustzijn van bewoners te vergroten voor de klimaatverandering. Nijmegen is aangesloten bij de landelijke campagne Operatie Steenbreek. Het doel van deze campagne is om bewoners te enthousiasmeren om hun tuin te vergroenen. De negatieve gevolgen van verstening zoals wateroverlast en ook droogte, hittestress en minder biodiversiteit worden daarbij onder de aandacht gebracht. Beter is nog dat bij de ontwikkeling van dit plangebied groene (binnen)tuinen, groene daken en gevelgroen mee wordt ontworpen zodat verstening van de tuinen vanaf het begin zoveel mogelijk wordt voorkomen. Door de klimaatveranderingen ontstaan er steeds meer milieuproblemen in de stedelijke omgeving. Door overmatige regenval ontstaat wateroverlast; de temperatuurstijging veroorzaakt hitte-eilanden in overmatig stenige omgevingen en door het fijnstofprobleem krijgen steeds meer mensen gezondheidsklachten. Groen kan ingezet worden om deze milieuproblemen te verzachten. Hemelwater kan opgevangen worden in groengebieden en door het vergroenen van stenige pleinen zal de temperatuur iets afnemen en diverse planten nemen fijnstof op uit de lucht. Groen kan op deze wijze bijdragen aan een beter en gezonder leefklimaat.

Vanwege de onlosmakelijke relatie tussen groen/natuur en water zal een deel van de waterberging in de groene ruimte worden gezocht. We streven naar een goed evenwicht tussen beide functies zodat het resultaat een impuls oplevert voor natuurwaarden en natuurontwikkeling.

4.11 Cultuurhistorie en archeologie 4.11.1 Cultuurhistorie

Toetsingskader

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

37

4.11.1.1 Rijksbeleid Cultuurhistorie speelt een belangrijke rol bij de ruimtelijke inrichting van ons land. Het geeft identiteit en kwaliteit aan een gebied. Om deze redenen heeft het rijk de beleidslijn ingezet om cultuurhistorie onderdeel te laten zijn van het afwegingskader bij het opstellen van bestemmingsplannen. Deze beleidslijn is verwoord in de beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg uit 2009 en heeft geleid tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) sinds 1 januari 2012. Met het gewijzigde Bro zijn gemeenten wettelijk verplicht cultuurhistorie deel uit te laten maken van het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het rijk vraagt hiermee aan gemeenten om bij het opstellen van bestemmingsplannen, projectafwijkingsbesluiten en beheersverordeningen cultuurhistorische gebouwen, objecten en structuren te inventariseren en daaraan conclusies te verbinden en die in het bestemmingsplan te verankeren. De Erfgoedwet 2016 vormt de basis voor de monumentenzorg. Rijksmonumenten worden op basis van deze wet aangewezen, evenals rijksbeschermde stadsgezichten. Voor het wijzigen en slopen van rijksmonumenten is een 'Omgevingsvergunning voor de activiteit monumenten' nodig.

4.11.1.2 Gemeentelijk beleid 4.11.1.2.1 Monumentenverordening De aanwijzing van gemeentelijke monumenten, bouwhistorie monumenten, identiteitsbepalende objecten en beschermde stadsbeelden met stadsbeeldobjecten geschiedt op basis van de monumentenverordening. Afhankelijk van de beschermingsvorm is voor wijziging, verbouw en sloop al dan niet een 'Omgevingsvergunning voor de activiteit monumenten' nodig. 4.11.1.2.2 Aandachtslijst Cultureel Erfgoed De aandachtslijst betreft een inventarisatie van onbeschermd waardevol erfgoed en is bedoeld om ongewenste sloop van cultureel erfgoed te voorkomen en herbestemming te stimuleren. De lijst is globaal getoetst aan de selectiecriteria uit de Monumentenverordening. Er is nog geen uitgebreid onderzoek gedaan. Pas als er sprake is van een beschermingsprocedure zal dit onderzoek worden gedaan en worden de exacte cultuurhistorische waarden vastgesteld. Het college heeft de mogelijkheid om bij sloopplannen een beschermingsprocedure te starten. Op 18 maart 2015 is de Aandachtslijst Cultureel Erfgoed door de gemeenteraad van Nijmegen vastgesteld. 4.11.1.2.3 Nota Cultureel Erfgoed Het gemeentelijk erfgoedbeleid is vastgelegd in de Nota Cultureel Erfgoed (vastgesteld 15 mei 2013). Deze nota beschrijft op welke manier erfgoed kan bijdragen aan de ambitie van de gemeente Nijmegen om de identiteit van de stad te behouden en te versterken.

Hiervoor worden drie strategieën ingezet: duurzame ruimtelijke ontwikkeling, kennis & inspiratie en bescherming & instandhouding. De strategie duurzame ruimtelijke ontwikkeling heeft betrekking op een toekomstbestendige stad, waar erfgoed ingezet wordt om bij ruimtelijke ontwikkelingen de eigen identiteit te behouden of te versterken. De verplichtingen vanuit het Besluit ruimtelijke ordening en de daaruit voortvloeiende beleidsvrijheid die we als gemeente hebben, zetten we in om deze ambitie te kunnen realiseren. Erfgoed is namelijk een factor die mede kwaliteit geeft aan de ruimte en daarmee ruimtelijke ontwikkelingen kan verrijken. De cultuurhistorische elementen die onderdeel zijn van de identiteit van de stad kan men niet allemaal als beschermd monument

38

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we onze stad beleven, inrichten en gebruiken. De cultuurhistorische beleidskaart is de basis voor de cultuurhistorische inbreng bij het opstellen van ruimtelijke plannen. De beleidskaart is onderdeel van de gemeentelijke Omgevingsvisie (2020).

Figuur 10: Uitsnede cultuurhistorische beleidskaart met in groen de indicatie van het bestemmingsplangebied 4.11.1.2.4 Cultuurhistorische waarden in het plangebied Het betreffende bestemmingsplangebied Hees-Heseveld-25 valt binnen gebiedstype 3 van de cultuurhistorische beleidskaart. Gebiedstype 3 Bij gebiedstype 3 is sprake van een rijke cultuurhistorische gelaagdheid. Het gaat om zowel de grotere schaal, zoals het stedenbouwkundige plan en historische structuren, als om specifieke objecten en om de samenhang tussen de structuren, bebouwing en/of cultuurlandschap. Bij de bebouwing gaat het niet zozeer om de architectuur en het beeld, maar om het silhouet, zoals de situering, de nok- en goothoogte en de nokrichting. Zowel de zichtbare als de niet-zichtbare geschiedenis van het gebied zal uitgangspunt moeten zijn bij ontwikkelingen. In bestemmingsplannen wordt maatwerk toegepast ten behoeve van de bescherming van cultuurhistorische waarden, indien sprake is van: a. b. c.

cultuurhistorisch waardevolle structuren; cultuurhistorisch waardevolle ensembles; cultuurhistorisch waardevolle zones;

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

39

d.

cultuurhistorisch waardevolle gebieden.

Ad a. Bij cultuurhistorisch waardevolle structuren gaat het om lijnvormige elementen, zoals bijvoorbeeld wegen, dijken, wallen, lanen en waterlopen. Ad b. Bij cultuurhistorisch waardevolle ensembles gaat het om plekken in het stadsweefsel, die van belang zijn vanwege de historische en/of ruimtelijke samenhang tussen objecten en structuren met bijzondere historisch-geografische en historisch-(steden)bouwkundige waarden. Het betreft complexen en terreinen met een herkenbaar karakter dat relatie houdt met de ontwikkelingsgeschiedenis en die een belangrijk onderdeel vormen van de historische gelaagdheid van de buurt, wijk of stad. Ad c. Bij cultuurhistorisch waardevolle zones gaat het om bebouwingslinten die zich in de periode 1850-1940 geleidelijk hebben ontwikkeld langs historische uitvalswegen, landwegen en enkele nieuw aangelegde straten. Kenmerkend voor het stedenbouwkundig patroon van de bebouwinglinten zijn de kleinschaligheid van de bebouwing, de afwisseling in schaal en maat, en de positie van de gebouwen ten opzichte van elkaar en ten opzichte van de openbare ruimte. Nog bestaande historische bebouwingslinten maken de historische ontwikkeling van Nijmegen voelbaar. Ad d.

Vanuit het perspectief van de ontwikkelingsgeschiedenis van Nijmegen kunnen gebieden onderscheiden worden, die vanwege de duidelijk aanwezige gebiedskarakteristiek, de gave stedenbouwkundige en/of landschappelijke structuren en hoge dichtheid aan waardevolle (beschermde) gebouwen een hoge cultuurhistorische waarde vertegenwoordigen. In deze cultuurhistorisch waardevolle gebieden bestaat een samenhang tussen één of meerdere van de volgende aspecten: historische geografie: (relicten van) het cultuurlandschap; historische stedenbouw: gegroeide of planmatig tot stand gekomen stadsweefsel (ruimtelijke samenhang tussen wegenpatroon, verkavelingsstructuur, bebouwing); historische bouwkunst: beschermde monumenten, karakteristieke gebouwen en/of andere waardevolle objecten; historisch groen: tuinen, parken, landgoederen en of andere waardevolle groenstructuren.

Cultuurhistorische analyse Het plangebied ligt aan de Bredestraat, een historische weg met daaraan verspreid liggende bebouwing. Langs dit deel van de Bredestraat, buiten de kern van het voormalig dorp Hees, is het oorspronkelijke agrarische karakter van het gebied, met boerderijen en kwekerijen, nog goed herkenbaar. De bebouwing van het historische lint bestaat uit een afwisseling van op de weg gerichte boerderijen, een tuinderswoning en landhuizen met daartussen een aantal weitjes, volkstuinen en bosschages. De huizen hebben ruime groene tuinen en er zijn doorzichten naar achteren. Het historisch gegroeid bebouwingslint is een structuur met een hoge cultuurhistorische waarde. Het plangebied heeft een geschiedenis als kwekerij. De zavelgronden in Hees waren zowel vruchtbaar als gemakkelijk te bewerken en daardoor uitermate aantrekkelijk voor de tuinbouw. Hees ontwikkelde zich tot een ware voedselschuur voor Nijmegen. Bredestraat 75 is rond 1915 als kwekerijwoning gebouwd. Als geheel vormt het gebouw nog een duidelijke verwijzing naar het oorspronkelijke landelijke karakter van het gebied en heeft daarom een hoge cultuurhistorische waarde. Door zijn prominente vrijstaande ligging op een

40

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

eigen terrein met een bijbehorend hekwerk neemt het pand in zijn omgeving een markante positie in. Binnen het plangebied en direct daaraan grenzend liggen meerdere panden die een beschermde status hebben. Het betreft: Adres Bredestraat 75

Oorspronkelijke functie kwekerij

Bredestraat 79-81

agrarisch

Bredestraat 90

landhuis

Het bestemmingsplangebied op de luchtfoto uit 1974. De kwekerijwoning wordt omsloten door kassen.

Beschermde status voorbescherming vanwege beoogde aanwijzing als beeldbepalend pand voorbescherming vanwege beoogde aanwijzing als beeldbepalend pand gemeentelijk monument

De kwekerijwoning Bredestraat 75 uit ca. 1915

Bestemmingsplanwijziging Met deze bestemmingsplanwijziging wordt het perceel gesplitst en wordt de bouw van één extra vrijstaande woning mogelijk gemaakt. Wat betreft positionering en oriëntatie op de Bredestraat wordt het nieuwe bouwvlak passend ingepast in het bestaande lint. De maximaal toegestane nok- en goothoogte is passend op deze plek. De tuinbestemming voor een ruim deel van het plangebied borgt de groene uitstraling van het perceel en daarmee het behoud van het dorpse karakter van het plangebied en omgeving. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt zijn er daarom geen bezwaren tegen de voorgestelde bestemmingsplanwijziging.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

41

4.11.2 Archeologie 4.11.2.1 Rijksbeleid Met de ondertekening van het Verdrag van Valletta (Malta) in 1992 is in Nederland de beleidsmatige zorg voor het archeologisch bodemarchief aanzienlijk toegenomen. In het verdrag staat: Archeologische waarden dienen als onvervangbaar onderdeel van het culturele erfgoed te worden meegenomen en te worden ontzien bij de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen. Mocht bescherming onvoldoende mogelijk zijn dan dient, volgens dit verdrag, de informatie te worden onttrokken aan de bodem via archeologisch onderzoek. Uitgangspunt hierbij is dat de initiatiefnemer van de verstoring van het bodemarchief de kosten van het onderzoek en de eventuele op te leggen maatregelen dient te dragen. Inmiddels zijn de uitgangspunten van het Verdrag in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd in de (voormalige) Monumentenwet 1988 via de Wijzigingswet Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMz, 1-9-2007). Met het in werking treden van de Erfgoedwet op 1-7-2016 is de Monumentenwet 1988 grotendeels vervallen. Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn de hoofdstukken II, paragrafen 2 en 3, IV, V, paragrafen 1 en 9, en VI van de Monumentenwet 1988, zoals die luidden voor inwerkingtreding van deze wet, nog van toepassing. Hoofdstuk V regelt de Archeologische Monumentenzorg.

Het Besluit ruimtelijke ordening Artikel 3.1.6, lid 5 regelt de omgang van het bestemmingsplan met de in een gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Dit wordt straks onderdeel van de Omgevingswet. Dit komt er op neer dat tenzij dit reeds in een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer is vastgelegd, er ten minste in het bestemmingsplan wordt aangegeven hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.

4.11.2.2 Gemeentelijk beleid Het archeologiebeleid van de gemeente Nijmegen is er, in overeenstemming met Malta en de Erfgoedwet, op gericht om het bodemarchief zoveel mogelijk te ontzien. Indien dat niet mogelijk is, wordt voorafgaande aan de bodemverstoring archeologisch onderzoek verricht. De wijze van onderzoek wordt bepaald op basis van de vast te stellen archeologische waarden en de aard en omvang van de bodemingrepen. De archeologische (in bredere zin: cultuurhistorische) kennis die hierbij wordt vergaard, levert informatie op die mede als inspiratiebron kan dienen voor het ontwerp van een gebouw of bij het inrichten van de openbare ruimte. Zo kan het 'verhaal van de plek' ook door toekomstige generaties nog worden gelezen. De Structuurvisie voor Nijmegen uit 2013 legt nadrukkelijk een koppeling tussen archeologie en lokale identiteit, en als bron of inspirator voor toerisme, een economisch belangrijke factor in de economie van de gemeente Nijmegen. Het zal duidelijk zijn dat een betere bescherming van het bodemarchief en vooral ook het tijdig meewegen van de archeologische belangen vraagt om een zo goed mogelijk inzicht in de verwachte ligging, verspreiding en aard van het bodemarchief.

Om deze reden heeft de gemeente Nijmegen een archeologische beleidskaart ontwikkeld (ABAK), waarop de belangrijkste archeologische vindplaatsen en zones en hun waardering zijn aangegeven. Deze kaart is onderdeel van de Nota Nieuw Beleid (2013) en in een bijgewerkte vorm van het facetbestemmingsplan archeologie (2014). De op de kaart aangeduide waarden vormen de basis voor nieuwe bestemmingsplannen, waar nodig aangevuld met nieuw onderzoek.

42

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

Het streven van de gemeente Nijmegen is in eerste instantie gericht op behoud in situ. Planaanpassingen kunnen de kosten voor archeologisch onderzoek overbodig maken of sterk beperken. Initiatiefnemers wordt dan ook aangeraden in een vroeg stadium met de gemeente in overleg te gaan inzake de mogelijkheden om te kijken naar de best mogelijke opties. Het kan daarbij gaan om adviezen voor de soort van archeologisch onderzoek die het beste gekozen kan worden of om de mogelijkheden van archeologie sparend bouwen te bekijken.

Bestaande archeologische waarden in het plangebied Het plangebied ligt momenteel in een gebied met de dubbelbestemming waarde 3, zie afbeelding hieronder. Een waarde 3 gebied heeft een zeer hoge archeologische waarde, die door de dubbelbestemming beschermd wordt. Aan een waarde 3 gebied zijn ondergrenzen verbonden, waarbij archeologisch onderzoek noodzakelijk wordt. Deze grenzen bedragen voor de geplande ingreep een oppervlak van tenminste 50 m2 en een verstoring of bodemingreep die dieper dan 30 cm gaat.

Figuur 11: Uitsnede van de archeologische beleidskaart Nijmegen met in rood de ligging van het plangebied Uitgevoerde onderzoeken Een bestemmingsplan moet (ook financieel) haalbaar zijn. De aan- of afwezigheid van archeologische waarden in de ondergrond kan van invloed zijn op de haalbaarheid, bijvoorbeeld omdat beschermende maatregelen noodzakelijk zijn of dat delen van het gebied opgegraven dienen te worden. Het plangebied ligt binnen een uitgestrekt terrein met een hoge archeologische waarde. Het betreft terrein Z-29 Hees, dat is beschreven in de catalogus die bij de beleidskaart hoort. Hier ligt de kern van het voormalige dorp Hees. Hoewel het tijdens de stadsuitbreidingen in de jaren zestig van de vorige eeuw overbouwd is staan er nog veel huizen die van voor die tijd dateren. Aan de Korte Bredestraat staat bijvoorbeeld de Petruskerk, die dateert uit de 16e eeuw. Niet alleen sporen uit het meer recente verleden van het dorp, maar ook Romeinse resten bevinden zich nog in de bodem. In 1966 is een graf gevonden uit de 1e eeuw na Chr., zoals blijkt uit een bericht van M.H.P. den Boesterd van het Rijksmuseum G.M. Kam (thans Museum Het Valkhof) : „Bij het bouwen van nieuwe huizen aan de Kometenstraat, Hees werden gevonden : een terra-sigillata-bord in fragmenten met het stempel AFRI M (vorm Drag. 18 / 31) uit La

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

43

Graufesenque, tijd Claudius–Nero ; fragmenten van een kruik van gladwandig geelwit aardewerk, waarvan het oor reeds in antieke tijd is afgebroken (…). Laatstgenoemde stukken werden aangekocht door het Rijksmuseum Kam.” Inmiddels weten we dat het gestempelde bord niet uit het midden van de 1e eeuw, maar uit de 2e eeuw stamt. In november 2009 zijn in het noordelijke gedeelte tijdens een proefsleuvenonderzoek resten van een nederzetting uit de ijzertijd aangetroffen. In 2021 is een bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO) in de vorm van een verkennend booronderzoek uitgevoerdm zie Bijlage 5 Archeologisch vooronderzoek. Doel van dit onderzoek was om inzicht te krijgen in de geo(morfo)logische en/of bodemkundige opbouw situatie evenals in eventuele bodemverstoringen, om daarmee een gespecificeerde archeologische verwachting op te kunnen stellen. De conclusie van dit onderzoek was dat de bodemopbouw binnen het plangebied vrijwel intact is. Het archeologisch sporenniveau bevindt zich aan de basis van het cultuurdek, dat zich op in het zuiden op een diepte vanaf 50-75 cm beneden maaiveld (9,04 à 8,84 m NAP) en in het noorden vanaf 80-90 cm beneden maaiveld (8,58 à 8,68 m NAP) bevindt. Vondstmateriaal kan in het bovenliggende cultuurdek opgenomen zijn.

In de directe omgeving van het plangebied zijn verschillende archeologische onderzoeken uitgevoerd: Ten zuidoosten van het plangebied is een archeologisch proefsleuvenonderzoek (Wf2) uitgevoerd in 2009 ter voorbereiding op de aanleg van een park. Hierbij zijn nederzettingssporen uit de IJzertijd en greppels uit de Romeinse tijd aangetroffen. Op basis van het onderzoek zijn de inrichtingsplannen voor het park aangepast om de archeologische resten te behouden. Ten zuiden van het plangebied heeft in 2014 een archeologische begeleiding van rioleringswerkzaamheden plaatsgevonden. Omdat het nieuwe riool volledig binnen de begrenzing van het oude riool is aangelegd is geen aanvullende informatie verkregen over het hierboven genoemde nederzettingsterrein uit de IJzertijd.

Het uitgevoerde onderzoek binnen het plangebied toont aan dat de bodemopbouw grotendeels intact is. Archeologische resten kunnen worden aangetroffen vanaf 30 cm beneden maaiveld, een intact archeologisch sporenniveau vanaf 50-70 cm beneden maaiveld. Onderzoek uit de omgeving toont de archeologische waarde aan bij een intact bodemprofiel. Op basis hiervan blijft de dubbelbestemming Waarde - Archeologie 3 van toepassing.

Meldingsplicht art. 5.10 en 5.11 Erfgoedwet Archeologische vondsten dan wel waarnemingen gedaan bij niet-archeologisch onderzoek moeten gemeld worden op basis van de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Dit soort vondsten wordt aangeduid als toevalsvondst. Om het documenteren van toevalsvondsten en waarnemingen mogelijk te maken, verdient het aanbeveling de volgende standaardtekst bij de vergunningverlening op te nemen, die refereert aan de wettelijke meldingsplicht van archeologische waarden (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet): Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.10). Degene die bij het opsporen van archeologische monumenten, zonder het verrichten van een

44

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

opgraving, waarnemingen doet, waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat die waarnemingen van belang zijn voor de archeologische monumentenzorg, meldt die waarnemingen zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.11). Deze melding kan in de praktijk worden gedaan bij het bevoegd gezag archeologie van de gemeente Nijmegen.

4.12 Verkeer en parkeren 4.12.1 Bereikbaarheid Gemotoriseerd verkeer: Het plangebied ligt kadastraal gezien aan de Bredestraat, het gemotoriseerd verkeer wordt via deze straat aan de Wolfskuilseweg ontsloten. De Bredestraat functioneert als een erftoegangsweg binnen een 30km/u zone. De Wolfskuilseweg is een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom. Langzaam verkeer: Het plangebied wordt voor de voetganger en fietser vanuit de Bredestraat ontsloten. De Wolfskuilseweg is voorzien van infrastructuur voor fietsers en voetgangers. Openbaar vervoer: Voor gebruik van het openbaar vervoer is het plangebied aanwezen op de haltevoorzieningen aan de Energieweg, deze bevinden zich op ca. 500m. loopafstand.

4.12.2 Expeditie Het expeditie verkeer ontsluit op dezelfde wijze als het overige gemotoriseerde verkeer.

4.12.3 Parkeren Het aantal parkeerplaatsen wordt berekend aan de hand van de beleidsregels parkeren. Dit is een uitwerking van de door Burgemeester en Wethouders vastgestelde nota "Parkeren in Nijmegen, auto en fiets, 2020 - 2030" en "Beleidsregels Parkeren Nijmegen, Parkeernormen Auto en Fiets". De gemeente Nijmegen heeft een stedelijkheidsgraad 'sterk stedelijke" het plangebied 'Bredestraat 75' valt in gebied "Rest bebouwde kom".

4.12.4 Verkeersveiligheid Om de verkeersveiligheid te vergroten richten we onze wegen, waar mogelijk en wenselijk, in als 30 km/uur straten, belangrijke voorwaarde hierbij is dat de auto-intensiteit voldoende laag is. Dit is verwoordt in het Ambitiedocument mobiliteit 2019-2030 'Nijmegen Goed op Weg' Op de wegen binnen de bebouwde kom geldt voor de GOW-plus, GOW-basis en de industrieterreinen een maximum snelheid van 50 km/h. Voor de overige wegen binnen bebouwde kom geldt 30 km/h. Het plangebied ligt aan een erftoegangsweg, binnen bebouwde kom, hiervoor geldt een maximumsnelheid van 30 km/h.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

45

46

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1

Inleiding

Voorliggend bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding (met legenda) en planregels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De verbeelding heeft de rol van visualisering van de bestemmingen. De planregels regelen de gebruiksmogelijkheden van de gronden, de bouwmogelijkheden en de gebruiksmogelijkheden van de aanwezige en/of op te richten bebouwing. De toelichting heeft weliswaar geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het bestemmingsplan en bij de uitleg van de verbeelding en planregels.

5.2

Systematiek van de planregels

Voor het bestemmingplan wordt gebruik gemaakt van het Standaard bestemmingsplan van de gemeente Nijmegen. Het Standaard bestemmingsplan is gebaseerd op de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) waarin landelijke standaarden voor planregels en verbeelding zijn geformuleerd. De standaardisatie maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op een vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. Het bestemmingsplan wordt zowel in analoge als digitale vorm opgesteld. Bij interpretatieverschillen heeft het digitale bestemmingsplan voorrang. De planregels van het bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75) bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsplanregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen.

5.2.1

Inleidende regels

Bij de inleidende regels wordt ingegaan op de begrippen en de wijze van meten.

5.2.2

Bestemmingsplanregels

De gronden van het gehele plangebied hebben een positieve bestemming. Een positieve bestemming betekent dat gebruik van de gronden voor de verschillende bestemmingen direct mogelijk is. Bovendien betekent het dat oprichting van gebouwen direct mogelijk is nadat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning ten behoeve van het bouwen hebben verleend. Een omgevingsvergunning wordt verleend indien zij voldoet aan onder meer de planregels van het bestemmingsplan, het Bouwbesluit, de Bouwverordening en de welstandsnota. De opbouw van de bestemmingen ziet er in beginsel als volgt uit: bestemmingsomschrijving; bouwregels; afwijking van de bouwregels;

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

47

specifieke gebruiksregels; afwijking van de gebruiksregels; omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden; wijzigingsbevoegdheid.

5.2.3

Algemene regels

Onder het kopje algemene regels zijn de regels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden. Hierbij gaat het om de volgende bepalingen: Anti-dubbeltelregel: deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels: regels over beeldende kunst, bouwwerken ten algemenen nutte, jongerenontmoetingsplaatsen en ondergronds bouwen. Algemene gebruiksregels: er zijn regels opgenomen over het toestaan van aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten, bed en breakfast en evenementen. Algemene afwijkingsregels: in deze bepaling wordt aan het bevoegd gezag de bevoegdheid gegeven om een omgevingsvergunning te verlenen ten behoeve van niet-ingrijpende bouwactiviteiten. De criteria, die bij toepassing van de bevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn daarbij aangegeven. Overige regels: in de overige regels staan bepalingen omtrent parkeren en verkamering van woongebouwen. Daarnaast is een bepaling opgenomen over de voorrang van dubbelbestemmingen op enkelbestemmingen.

5.2.4

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht In deze bepaling wordt vorm en inhoud gegeven aan het overgangsrecht die aansluit bij het Besluit ruimtelijke ordening. Slotregels Als laatste is de slotbepaling opgenomen. Deze bepaling bevat zowel de titel van het plan als de vaststellingsbepaling.

5.3

Beschrijving per bestemming

Tuin De bestemming Tuin is opgenomen voor de tuinen en groenvoorzieningen, gebouwen behorend bij het op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw(en), ondergeschikte bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, zoals (brand)trappen, keldertoegangen, koekoeken, bloemkozijnen, luifels en balkons en voor wadi's, water en waterhuishoudkundige voorzieningen. Voor het gehele plangebied geldt een maximum volume. De gebouwde volumes in het bestemmingsvlak Wonen en het bestemmingsvlak Tuin worden bij elkaar opgeteld. De ontsluitingsweg, te weten de in-/uitrit, is uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'ontsluiting'. Wonen De gronden die bestemd zijn als 'Wonen' zijn primair bedoeld voor het wonen. Daarnaast zijn aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten toegestaan (voorwaarden zie artikel 9.1 Aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten). Op deze gronden mogen ten behoeve van

48

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

de bestemming uitsluitend worden gebouwd: gebouwen en overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde. De hoofdgebouwen zijn alleen toegestaan binnen het bouwvlak, dat geheel mag worden bebouwd. De maximum bouwhoogte voor gebouwen is op de verbeelding weergegeven. Aan- en uitbouwen, overkappingen en erfafscheidingen zijn binnen en buiten het bouwvlak toegestaan. Per bouwvlak is een maximum aantal wooneenheden opgenomen. Voor het gehele plangebied geldt een maximum volume. De gebouwde volumes in het bestemmingsvlak Wonen en het bestemmingsvlak Tuin worden bij elkaar opgeteld. Leiding - Riool (dubbelbestemming) In het plangebied ligt de beschermingszone van een rioolleiding. Ter bescherming hiervan is de dubbelbestemming Leiding - Riool opgenomen. Waarde - Archeologie 3 (dubbelbestemming) In gebieden met een zeer hoge archeologische waarde geldt de archeologische dubbelbestemming Waarde - Archeologie 3. Hierin is een regeling opgenomen voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

49

50

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid De betreffende locatie is particulier terrein. De eventueel te maken aanpassingen, kosten e.d., ten gevolge van de realisatie van voorgestelde wijziging, in het openbaar gebied, zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Conform het gestelde in artikel 6.12 Wro is er geen exploitatieplan opgesteld. Met de initiatiefnemer een overeenkomst afgesloten waarin de gemeentelijke kosten, ten gevolge van deze ontwikkeling, in rekening worden gebracht bij de initiatiefnemer. Uit de gevraagde herziening van het bestemmingsplan kan schade voortvloeien als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening om welke reden er gerede twijfel bestaat over de vereiste economische uitvoerbaarheid van de gevraagde planologische maatregel. Er dient voorkomen te worden dat de gemeente voor particuliere initiatieven planschade betaalt. Om die reden is in de overeenkomst opgenomen dat de initiatiefnemer zich ten behoeve van de economische uitvoerbaarheid van de planologische maatregel bereid verklaart de daaruit voortvloeiende voor vergoeding in aanmerking komende planschade volledig aan de gemeente te compenseren. Derhalve kan gesteld worden, dat de bestemmingsplanherziening financieel-economisch uitvoerbaar is.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

51

52

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1

Participatie

In de periode maart 2019 - oktober 2020 heeft de initiatiefnemer middels een uitgebreid stedenbouwkundig vooroverleg, uitgezocht wat er op basis van de regelgeving en de voorkeuren van de gemeente Nijmegen mogelijk is voor het omzetten van kubieke meters oude bebouwing in kubieke meters voor een nieuw woonhuis. De uitkomst van dit vooroverleg is op 8 november 2020 middels een brief gedeeld met buurtbewoners en met Vereniging Dorpsbelang Hees. Op basis daarvan is onder meer een gesprek gevoerd met de direct buren, en met een vertegenwoordiging van Dorpsbelang Hees. Vervolgens is de officiële procedure voor bestemmingsplanwijziging gestart. Binnen die procedure is het ontwerp - naar aanleiding van onder meer de opmerkingen uit de buurt verder beperkt. Tevens zijn omwonenden en Vereniging Dorpsbelang Hees op 20 april 2021 op de hoogte gesteld van het aangepaste plan, en zijn ze uitgenodigd langs te komen om het plan te bespreken. De meeste buren zijn op deze uitnodiging ingegaan, en reageerden positief, het bestuur van Vereniging Dorpsbelang Hees zag echter geen reden om weer in gesprek te gaan over dit individuele bouwplan. Ze staan wel open voor een gesprek over een integrale benadering van het gehele wijkdeel. Op basis van die procedures en input is uiteindelijk het nu voorliggende plan tot stand gekomen.

7.2

Inspraak

Voor dit bestemmingsplan is op 7 september 2022 een vooraankondiging gepubliceerd. De zienswijzenprocedure wordt tevens als inspraak gezien. Het ontwerpbestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75) is ter inzage gelegd van donderdag 22 september tot en met woensdag 2 november 2022. Gedurende deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld zienswijzen kenbaar te maken aan de gemeenteraad. Ten aanzien van het ontwerpbestemmingsplan zijn binnen de daarvoor gestelde termijn 2 zienswijzen naar voren gebracht. De zienswijzen zijn in de Nota Zienswijzen samengevat en van een gemeentelijke reactie voorzien. De Nota Zienswijzen is bijgevoegd als Bijlage 6 in de toelichting van dit bestemmingsplan. Het bestemmingsplan is niet aangepast naar aanleiding van de zienswijzen.

7.3

Overleg

Er heeft vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening plaatsgevonden. De resultaten zijn hieronder opgenomen. Op 13 juni 2022 heeft het Waterschap aangegeven dat er voor dit plan geen nadere afstemming met het waterschap nodig is.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Kanaalhavens - 8 (Bredestraat nabij nummer 75)

53

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=1c80a952-8016-47e7-8c81-3030911a7793