CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Toelichting Bijlage 16 Plan-MER Uitbreiding bedrijventerrein de Grift definitief (juli 2023)

Besluitronde (raadsvergadering) 1 november 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan 'Chw-bestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift' (98/2023)35.223 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Dit kan door energiegebruik te beperken en/of duurzame energiebronnen te gebruiken en door gebruik te maken materialen uit hernieuwbare bronnen. Het doortrekken van de A15 heeft geen effect op klimaat en energie. De conclusies zijn daarom gelijk aan de situatie zowel mét als zonder doortrekking van de A15.

4.9.2

Referentiesituatie

In het MER Waalsprong 2003/2007 is het onderdeel klimaat en energie benoemd onder de deelaspecten energie en waterhuishouding. Hierbij lag voor het deelaspect energie de nadruk op CO 2-reductie die vooral in de wijken in de Waalsprong zelf kon worden behaald door toepassing van een warmtenet en door energiebesparende maatregelen. Dit principe geldt in de referentiesituatie nog steeds, waarbij opgemerkt moet worden dat ten opzichte van de situatie in 2003 de energievraag van woningen en ook bedrijven sterk is teruggedrongen en de toepassing van aanvullende duurzame energiebronnen (zonne-energie) energetisch en financieel rendabeler geworden is. Zonnepanelen op daken zijn dan ook onderdeel van het stedenbouwkundig plan. Klimaat In de huidige situatie heeft het gebied waar bedrijventerrein De Grift wordt uitgebreid geen specifieke klimaatadaptieve functie en autonome ontwikkelingen hebben hier voor het plangebied geen invloed op. Omdat het een groen gebied is, is het adaptief vermogen van het gebied groter dan wanneer het gebied een bebouwd gebied is en daarom is het gebied in de huidige staat beter voorbereid op perioden van extreme regenval. Wateroverlast In onderstaande afbeelding is te zien welke plekken van het bedrijventerrein kwetsbaar zijn voor wateroverlast (hoe donkerder blauw, hoe kwetsbaarder).

Het kaartbeeld geeft een indicatie weer van overlast bij 60 mm regen in uur, waarbij het riool al vol zit en waarbij infiltratie in de bodem niet is meegenomen. Dit type extreme buien zal in de toekomst steeds frequenter vallen. Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

64

Projectgerelateerd

Figuur 4.9.1 kwetsbare plekken in het plangebied voor wateroverlast

Droogte Naast wateroverlast wordt droogte ook een steeds groter probleem. Ook dit gebied is hier gevoelig voor. De gemeente wil daarom het water dat valt zo lang mogelijk vasthouden en ten goede laten komen aan het groen in dit plangebied. Hemelwater wordt in eerste instantie afgevoerd naar het groen op het eigen perceel. Tevens wordt geadviseerd bij de plant- en boomkeuze en de bijbehorende groeiplaatsen rekening te houden met het toekomstig klimaat. Hittestress In dit plangebied is hittestress tevens een aandachtspunt. Bedrijventerreinen bestaan vaak uit grote vlakken verharding dat in de zomer flink opwarmt en nauwelijks afkoelt. Op het bestaande bedrijventerrein in De Grift kan de in de zomer temperatuur oplopen. Op de niet-ontwikkelde gebieden is daar vanzelfsprekend geen sprake van, maar is het onderwerp wel een nadrukkelijk aandachtspunt. Groendaken, gevelgroen en groen op parkeerterreinen verminderen de hittestress in de gebouwen én de omgeving. Ook kleur en materiaalgebruik kunnen een positief effect op de omgevingstemperatuur en hebben in potentie een positieve meerwaarde, zoals betere isolatie, en verhoogde vastgoedwaarde. Ook schaduw door bomen kan een belangrijke bijdrage zijn aan de koelte in dit gebied. Koele plekken dragen bij aan een aangenaam leefen werkklimaat.

Figuur 4.9.2 Uitsnede kaartbeeld hittestress Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

65

Projectgerelateerd

In het kaartbeeld op figuur 4.9.2 is te zien dat het aangrenzende bestaande bedrijventerrein veel warmer is dan het aangrenzende buitengebied. De afbeelding laat het verschil in gevoelstemperatuur zien bij het huidige klimaat. In het toekomstige klimaat zal lange periodes van hitte frequenter voorkomen en de extremen verder toenemen. Energie Nijmegen-Noord, de locatie van de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift, staat al bekend om het energiebewust karakter door de aanwezigheid van vier windturbines langs de A15, die van ver te zien zijn (zie Figuur 4.9.3). In verlenging hiervan is de keuze gemaakt om een zonnepark aan te leggen in De GriftOost. In 2022 is dit zonnepark met 11.000 zonnepanelen geopend. Hiermee wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een energielandschap. Daarnaast is een groot deel van de daken van bestaande bedrijvigheid in het gebied reeds voorzien van zonnepanelen. Figuur 4.9.3 Windmolens langs de A15 in het plangebied (Cyclomedia)

Door de ontwikkelingen in Nijmegen-Noord zit het huidige transformatorstation, dat hier elektriciteit levert, aan de maximale capaciteit. In korte tijd zijn er in dit gebied veel woningen en voorzieningen gerealiseerd. Een nieuw transformatorstation is in aanbouw. Deze draagt bij aan de plannen van de Gemeente Nijmegen op het gebied van energie in het gebied. Binnen het beoogde uitbreidingsgebied van het bedrijventerrein De Grift bevindt zich de bovengrondse hoogspanningsverbinding Nijmegen-Elst 150 kV en en aangrenzend aan het gebied bevindt zich de bovengrondse hoogspanningsverbinding Dodewaard – Doetinchem 380 kV die onderdeel uitmaken van het landelijk hoogspanningsnet en die in beheer en eigendom zijn van TenneT. Daarnaast valt het in aanbouw zijnde transformatorstation binnen het gebied. Met het oog op de energietransitie kunnen er de komende jaren diverse netuitbreidingen/wijzigingen plaatsvinden om de klimaatdoelstellingen te kunnen nakomen. Een stabiel en toekomstbestendig elektriciteitsnetwerk wordt nog meer noodzakelijk vanwege de afnemende beschikbaarheid van fossiele brandstoffen en de opkomst van nieuwe energiebronnen.

Door de aanwezigheid van verschillende hoogspanningsverbindingen vormt TenneT een van de ruimtevragers en belanghebbenden, waarbij de bescherming van de veiligheid en leveringszekerheid van de hoogspanningsverbinding beperkingen op kan leveren voor het gebruik van de betreffende gronden.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

66

Projectgerelateerd

4.9.3

Effecten

De Grift wordt ingericht als energielandschap; er zijn al 4 windturbines gerealiseerd. De Grift biedt goede kansen als energie-opwekkend bedrijventerrein. Een minimumambitie hierbij is het benutten van beschikbare dakvlakken voor zonne-energie en het gebruik van duurzame energie en duurzame mobiliteit door de te vestigen functies. Voor de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift zijn vijf kernwaarden voor klimaat en energie bepaald waaraan de ontwikkelingen worden getoetst. Deze kernwaarden zijn:  Klimaatadaptief; openbare ruimte en uitgeefbare grond vormen een harmonieuze hemelwatercascade. Hierin staat bergen, opvangen en vertraagd afgeven van hemelwater centraal.  Slimme mobiliteit; de ligging van De Grift en de benodigde infrastructurele ingrepen zullen zo gepositioneerd worden dat de afvang van grote vrachtwagens binnen de Knoop 38 gebeurt. Hierdoor hebben personenauto’s en stadsdistributie meer ruimte en biedt de kans tot afschaling in modaliteit en verduurzaming zich aan.  De Grift als energiebron; De Grift heeft zijn herkenbaarheid als energielandschap door de reeds aanwezige energievoorzieningen. Met de ontwikkeling van de nieuwe delen van het bedrijventerrein wordt ingezet op het extra winnen van elektriciteit. Ook wordt het uitwisselen van warme en koude gestimuleerd.

Door dubbel grondgebruik te stimuleren kan De Grift naast een grote energiegebruiker ook een bron worden voor naastgelegen ontwikkelingen.  Circulaire complementaire ontwikkelingen; het aanbieden van een diversiteit in kavel groottes en bedrijf categorieën onderschrijft het onderling gebruik van reststromen voor bedrijfsdoeleinden. Daarnaast worden aan de gebouwen GPR en BREEAM eisen gesteld waar hergebruik van bouwmaterialen en mate van demontage een belangrijke factor spelen.  Stedelijke herkenbaarheid; Nijmegen is een stad met een groene allure en keert haar rug niet toe naar benodigde utilitaire ontwikkelingen voor haar bewoners. De Grift en haar gebruikers worden onderdeel van de groene stad en zijn geen los bedrijventerrein. Het zal fungeren als de stadsentree vanaf de A15 en Elst. Ruimtelijke kwaliteit staat ook voor dit gebied hoog in het vaandel. Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.4.9.4 laat schematisch zien hoe deze kernwaarden in de ontwikkeling van bedrijventerrein De Grift samen kunnen komen.

Figuur 4.9.4 Schematische doorsnede gebiedsvisie De Grift [bron: Gebiedsvisie De Grift, 14 april 2020]

Klimaat

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

67

Projectgerelateerd

Wateroverlast Vanuit de rijksoverheid is in 2017 het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie gestart, waardoor de Gemeente Nijmegen verplicht is aan de slag te gaan met een klimaatbestendige en water robuuste inrichting van de ruimtelijke omgeving. In 2019 hebben de regio’s Rijk van Nijmegen en Land van Maas & Waal met de Provincie Gelderland, het Waterschap Rivierenland en met regionale stakeholders de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) opgesteld, waarin de strategie staat beschreven hoe op de korte en lagere termijn wordt gewerkt aan klimaatadaptatie. De Gemeente Nijmegen is bezig met een klimaatadaptiestrategie die duidelijk maakt welke maatregelen er moeten worden genomen om de negatieve effecten van klimaatverandering op te kunnen vangen in de stad. Deze klimaatadaptatiestrategie zal volgend jaar worden vastgesteld. Om wateroverlast en overbelasting van het riool te voorkomen dient berging van hemelwater in beginsel op eigen terrein plaats te vinden. De benodigde waterberging kan onder meer een plek krijgen in de groene kavelranden. De realisatie en instandhouding van deze groene kavelranden is verankerd in de bestemmingsplanregels en daarmee gewaarborgd.

Droogte De Gemeente Nijmegen wil voor de uitbreiding van het bedrijventerrein De Grift inzetten op robuuste klimaatadaptieve structuren, waarbij het gebied wordt voorbereid op perioden van extreme regenval, extreme droogte en hitte. Regenwater wordt in de natte tijden op een natuurlijke en gedoseerde manier geïnfiltreerd waardoor het grondwater op peil blijft gedurende de droge tijden. Dit wordt gedaan door middel van een duurzaam gescheiden rioolstelsel, waarbij het hemelwater apart van het afvalwater wordt afgevoerd. Ook wordt het mogelijk om overtollig water op (groene) daken op te vangen. De waterstructuur in het gebied wordt verder uitgebreid en wordt verweven met de groene structuur, waarbij gebruik wordt gemaakt van natuurvriendelijke oevers en wadi’s/zaksloten. Hittestress Om te voorkomen dat het beoogde bedrijventerrein een hitte-eiland wordt dienen maatregelen getroffen te worden. Zodoende is in de regels van dit bestemmingsplan verankerd dat het dakvlak van gebouwen uitgevoerd moet worden in een lichte kleur (warmtewerend) of als groendak (verkoelend). Schuine daken vormen hierop een uitzondering met het oog op beeldkwaliteit, maar ook hier verdient het voorkomen van hittestress door het toepassen van warmte werende materialen of verkoelende maatregelen aandacht.

In aanvulling op het voorgaande verdient het aanbeveling verhardingen op eigen terrein zoveel mogelijk uit te voeren als halfverharding of in een lichte kleur. Om voldoende schaduw te creëren is bepaald dat bij langzaam verkeersverbinding in het gebied met XXL-logistiek voorzien moet worden in 30% schaduw gevend groen. Energie In de huidige situatie heeft de locatie waar de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift komt al een energiebewust karakter door de aanwezigheid van vier windturbines langs de A15. De Gemeente Nijmegen wil hier graag verder op inspelen en het energiebewuste karakter versterken. Hiervoor wordt zowel naar de vraag- als de aanbodkant van energieopgave gekeken. Eerst wordt ervoor gezorgd dat de energievraag van de gebouwen en de bedrijfsprocessen geminimaliseerd wordt. De vraag die dan over blijft, wordt vervolgens zo duurzaam mogelijk opgewekt. Zo worden de daken van de gebouwen zo veel mogelijk vol gelegd met zonnepanelen en moeten alle daken geschikt zijn voor zonnepanelen. Dit gaat in praktijk goed samen met het realiseren van groendaken. Verder wordt er gekeken naar de mogelijkheid van energieopslag, laadstations voor elektrisch vervoer en het uitbreiden van de windenergie in het gebied. De mogelijkheid hiervoor wordt versterkt door de bouw van het nieuwe transformatorstation ten noorden van de Rietgraaf.

De uitbreiding van bedrijventerrein De Grift heeft de

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

68

Projectgerelateerd

potentie om op die manier een energieopwekkend bedrijventerrein te worden. Verder worden de gebouwen aangesloten op het warmtenet en is er de mogelijkheid voor warmte-koude-opslag, zodat er geen aardgas gebruikt hoeft te worden. XXL-logistiek speelt in toenemende mate een rol in de circulaire economie. In het kader van circulaire economie is in de planvorming van belang om slim om te gaan met het benutten van de bebouwde vierkante meters, door vastgoed te ontwikkelen op een multifunctionele, duurzame en energiezuinige wijze. Bij de bouw van bedrijventerrein De Grift wordt er gestuurd op circulair bouwen, onder andere door het inzetten van modulair opgebouwde gevels. Daarnaast wordt er gekeken hoe afvalstomen op andere manieren geminimaliseerd kunnen worden, bijvoorbeeld door een bedrijf met restproducten te plaatsen naast een bedrijf die deze restproducten weer in het eigen productieproces kan gebruiken. Conclusie Klimaat en Energie Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op het milieuaspect Klimaat en energie is Positief (+) ten opzichte van de referentiesituatie, ongeacht het doortrekken van de A15. De Grift wordt ingericht als energielandschap; er zijn in de referentiesituatie al vier windturbines gerealiseerd en er is een zonnepark aangelegd.

Bovendien dragen klimaatadaptieve maatregelen bij aan de leefbaarheid en weerbaarheid van het gebied onder druk van klimaatverandering. Om te voorkomen dat het beoogde bedrijventerrein een hitte-eiland wordt, wordt zodoende in de regels van het bestemmingsplan verankerd dat het dakvlak van gebouwen uitgevoerd moet worden in een lichte kleur (warmte werend) of als groendak (verkoelend). Bij langzaam verkeersverbindingen in het gebied met XXL-logistiek moet daarnaast worden voorzien in 30% schaduw gevend groen. De Grift biedt daarnaast goede kansen als energie-opwekkend bedrijventerrein. Een minimumambitie hierbij is het benutten van beschikbare dakvlakken voor zonne-energie en het gebruik van duurzame energie en duurzame mobiliteit door de te vestigen functies. De Grift heeft de potentie om op die manier een energieopwekkend bedrijventerrein te worden. Met voorgenomen maatregelen bij de ontwikkeling van bedrijventerrein De Grift verbetert het energieopwekkend vermogen van het gebied ten opzichte van de referentiesituatie.

4.9.4

Mitigerende Maatregelen

Er kunnen maatregelen genomen worden om ons aan te passen aan de gewijzigde omstandigheden door de klimaatverandering. Bijvoorbeeld:  Een groen ingerichte omgeving met niet meer dan noodzakelijke verharding van wegen, fiets/voetpaden, parkeerplaatsen en terrassen. Met het vele groen ontstaat een natuurlijke piekberging voor neerslag en het zorgt voor minder hittestress en droogte;  Het verwerken van hemelwater op de plek waar het valt omdat het water dan verderop in het afvoertraject geen overlast kan veroorzaken. Groen en water dragen bij aan het ter plekke vasthouden en verwerken van hemelwater zowel in de openbare ruimte als op particulier grondgebied;  Op het gebied van energie wordt ingezet op energiebesparende maatregelen die in het bestemmingsplan worden opgenomen als voorwaarde bij de ontwikkeling van het terrein

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

69

Projectgerelateerd

4.10

Landschap en cultuurhistorie

4.10.1 Inleiding De locatie waar bedrijventerrein De Grift wordt ontwikkeld heeft een lange geschiedenis en daarom moet nagegaan worden in welke mate deze wordt aangetast door de ontwikkelingen. In deze paragraaf wordt de landschappelijke en cultuurhistorische waarden beschouwd waarbij het planvoornemen wordt getoetst aan de referentiesituatie. In het MER 2003 (bijlage Stadslandschap) is een overzicht gegeven van alle cultuurhistorische elementen, structuren en gebieden en de gevolgen per variant. In 2006 is voor een aantal aspecten, waaronder cultuurhistorie, een aanvulling MER Waalsprong 2006 gemaakt ten behoeve van de Aanvulling MER Waalsprong 2007. In dit rapport is een cultuurhistorische waardenkaart opgenomen. Het doortrekken van de A15 heeft geen onderscheidend effect op het thema landschap en cultuurhistorie. De conclusies zijn daarom gelijk aan de situatie zowel mét als zonder doortrekking van de A15. Landschappelijke waarden Het thema landschappelijke geeft aan dat er sprake is van een zekere waarde die wordt ontleend aan een landschappelijk beeld dat niet verstedelijkt is. Kenmerken van landschappelijke waarden zijn bijvoorbeeld openheid, historische verkaveling of de schaal van bebouwing.

Cultuurhistorische waarden Bij cultuurhistorische waarden gaat het over sporen, objecten en structuren die onderdeel uitmaken van de leefomgeving en een beeld geven van een historische situatie of ontwikkeling. In veel gevallen bepalen deze cultuurhistorische waarden de identiteit van een gebied

4.10.2 Referentiesituatie Landschappelijke waarden De omgeving van het plangebied bestaat voor een groot gedeelte uit een bedrijventerrein met een divers karakter door een combinatie van veel verschillende soorten bedrijven, maatschappelijke instellingen en voorzieningen in het groen. Het gebied kent daardoor een zeer breed scala aan werkfuncties. Het plangebied kenmerkt zich voornamelijk door groen en agrarische gronden.

Figuur 4.10.1 Landschappelijke waarde: historisch verkavelingspatroon en verloren Zeeg (blauw)

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

70

Projectgerelateerd

Deze gronden hebben een historisch uniek verkavelingspatroon. Het gaat om een onregelmatige blokverkaveling, gemarkeerd met sloten. Het landschapspatroon is goed bewaard gebleven. De verkaveling herinnert aan de ontginningsgeschiedenis en de agrarische geschiedenis van het gebied. Het bestaande verkavelingspatroon heeft een lange historie. De voor dit gebied typerende onregelmatige blokverkaveling, veelal gemarkeerd door sloten, is al zichtbaar op de eerste kadastrale kaart en heeft een ouderdom van minimaal 200 jaar. De overblijfselen van de historische verkaveling herinneren aan de ontginningsgeschiedenis en de agrarische geschiedenis van het gebied en hebben daarmee cultuurhistorische waarde. De Verloren Zeeg is al zichtbaar is op de kadastrale kaart uit 1832 maar heeft zijn oorsprong in de Late Middeleeuwen. De hoofdwatergang vormde van oudsher de grens tussen verschillende dorpspolders. Deze historische waterloop, waarvan het beloop ongewijzigd is, is een onderdeel van de historische waterhuishouding in het gebied en heeft daarmee cultuurhistorische waarde. Cultuurhistorische waarden Cultuurhistorie geeft identiteit en kwaliteit aan een gebied. Daarom is het sinds 1 januari 2012 verankerd in de wet door middel van een wijziging in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).

Met het gewijzigde Bro zijn gemeenten wettelijk verplicht cultuurhistorie deel uit te laten maken van het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het rijk vraagt hiermee aan gemeenten om bij het opstellen van bestemmingsplannen, projectafwijkingsbesluiten en beheersverordeningen cultuurhistorische gebouwen, objecten en structuren te inventariseren en daaraan conclusies te verbinden en die in het bestemmingsplan te verankeren. Daarnaast kent de gemeente ook gemeentelijk beleid, namelijk de Monumentenverordening, Aandachtslijst Cultureel Erfgoed, Nota Cultureel Erfgoed en de strategie duurzame ruimtelijke ontwikkeling. De cultuurhistorisch waardevolle structuren in het gebied zijn (zie Figuur 4.10.2 en Figuur 4.10.3): 

Bebouwing: 

Griftdijk 201 (tramstation 1901)

Stationsstraat 24 (boerderij en schuur)

Stationsstraat 29 (boerderij)

Griftdijk 212 (boerderij op terp; mogelijk herbestemming)

Lintbebouwing Stationsstraat (aantal erven met een lange bewoningsgeschiedenis)

Wegen: 

Stationsstraat (het deel ten westen van De Griftdijk stamt uit 1832, het deel ten oosten uit de eerste decennia van de 20e eeuw)

Griftdijk (historische weg langs verdwenen trekvaart De Grift)

Water: 

Voormalige trekvaart De Grift (tussen 1608-1610 aangelegd als trekvaart tussen Arnhem en Nijmegen en daarmee één van de oudste trekvaarten van Nederland)

De Verloren Zeeg (onderdeel van de historische waterhuishouding)

Sinds de MER Waalsprong 2003 is het behoud van cultuurhistorie sterker verankerd in wet- en regelgeving en in het gemeentelijk beleid. Dit heeft echter geen effect op de beoordeling van de effecten op dit milieuaspect. De autonome ontwikkelingen in het gebied zullen geen effect hebben op de cultuurhistorische waarden in het gebied. Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

71

Projectgerelateerd

Figuur 4.10.2 Objecten met cultuurhistorische waarde (van links naar rechts): De Griftdijk, verkaveling en Griftdijk 212 (bron: Regionale inbedding en Stedenbouwkundig raamwerk De Grift, februari 2021)

Figuur 4.10.3 Cultuurhistorisch waardevolle locaties in De Grift (bron: Regionale inbedding en Stedenbouwkundig raamwerk De Grift, februari 2021)

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

72

Projectgerelateerd

4.10.3 Effecten Effecten planalternatief zonder doortrekking A15 Landschappelijke waarden Het doel van de gemeente Nijmegen is om het historische slotenpatroon zo veel mogelijk te behouden in de verkaveling van de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift. Op het bedrijventerrein komt, in verlenging hiervan, een groenblauwe (openbare) hoofdstructuur die wordt gelinkt aan de ecologische waarden. Van het historische landschap is in de referentiesituatie al weinig meer te zien. De uitbreiding van het bedrijventerrein zal daarom weinig effect hebben op de landschappelijke waarden. Cultuurhistorische waarden De locatie van bedrijventerrein De Grift valt binnen gebiedstype 2 van de cultuurhistorische beleidskaart. Dit betekent dat er rekening moet worden gehouden met de samenhang tussen structuren en historische bebouwing en dat de huidige stedenbouwkundige kwaliteiten uitgangspunt zijn bij ruimtelijke plannen. De gemeente Nijmegen streeft er daarom naar om bij gebiedsontwikkelingen bestaande cultuurhistorisch waardevolle structuren, zoals bij de ontwikkeling van bedrijventerrein De Grift de overblijfselen van de voormalige trekvaart De Grift en het historische slotenpatroon, zoveel mogelijk in te passen. In het Het doel is ongewenste sloop van gebouwen te voorkomen. Griftdijk 201 en de panden aan de Stationsstraat blijven in de uitbreiding van De Grift behouden.

In het voorliggende bestemmingsplan worden echter verder geen specifieke maatregelen opgenomen om de hierboven besproken waarden binnen het plangebied te borgen. Door de schaalvergroting die nodig is voor het toekomstige bedrijventerrein, kunnen historische waarden slechts beperkt worden ingepast. Hierdoor zal de historische verkaveling niet behouden blijven. Het aanzien van de Griftdijk, als historische ruimtelijke drager met aanliggende bebouwing zal daarmee binnen het plangebied veranderen. Het beeld van het historisch lint maakt plaats voor grootschalige bebouwing die met de achterzijde op de Griftdijk gericht is, maar hoogwaardig wordt vormgegeven (kortheidshalve wordt hiervoor verwezen naar het beeldkwaliteitplan). Op enkele plaatsen wordt door middel van een groenstrook langs de Griftdijk de herkenbaarheid van de historische structuur enigszins behouden. Vanwege de gewenste schaalvergroting en ontwikkelruimte voor bedrijvigheid is het niet mogelijk de oude verhoogde huisplaats aan de Griftdijk 212 in te passen. De bebouwing en het historische reliëf zullen daarmee verdwijnen. Conclusie Landschap en cultuurhistorie Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op het milieuaspect Landschap en cultuurhistorie is negatief (-) ten opzichte van de referentiesituatie, ongeacht het doortrekken van de A15.

Met de ontwikkeling van het bedrijventerrein worden zowel de in praktijk beperkt zichtbare landschappelijke als cultuurhistorische waarden in het plangebied beïnvloed. Het aanzien van De Griftdijk, als historische ruimtelijke drager met aanliggende bebouwing zal daarmee binnen het plangebied veranderen. Ook het historisch verkavelingspatroon wordt met de ontwikkeling naar verwachting doorsneden.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

73

Projectgerelateerd

4.10.4 Mitigerende maatregelen Er kan gedacht worden aan de volgende maatregelen om de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van het plangebied en omgeving te behouden en versterken:  Het beter beleefbaar maken van de cultuurhistorische elementen door inzet van de aanwezige historische objecten en structuren. Niet alleen behouden, maar ook versterken. Veel kansen om de cultuurhistorische kwaliteiten van het plangebied te versterken, worden nu nog onbenut gelaten;  Beweegroutes benoemd in de Omgevingsvisie langs de groenblauwe netwerken en cultuurhistorische lijnen, objecten en structuren borgen in toekomstige uitwerkingsplannen van het plangebied;

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

74

Projectgerelateerd

4.11

Bodem

4.11.1 Inleiding Om inzicht te geven in de bestaande milieu hygiënische bodemkwaliteit van het plangebied is bodemonderzoek nodig. Op basis hiervan kan inzicht worden gegeven in mogelijkheden en belemmeringen van ingrepen in de bodem. In dat kader wordt ook gekeken naar de mogelijke aanwezigheid en Opsporen van Ontplofbare Oorlogsresten (OOO). Dit gebeurt op basis van bureauonderzoek en (voor zover beschikbaar) uitgevoerd veldonderzoek. Bodemkwaliteit Binnen het plangebied kunnen als gevolg van huidige en historische bedrijfsactiviteiten sterke verontreinigingen in de bodem aanwezig zijn. Wanneer dit een belemmering vormt voor het gebruik of functie van de locatie, en als het noodzakelijk is grondwerkzaamheden uit te voeren, dan zijn saneringsmaatregelen noodzakelijk. Uitgangspunt in de beoordeling van de bodemkwaliteit, is dat bij realisatie van nieuwe potentieel bodembedreigende activiteiten in het plangebied, dit niet leidt tot een verslechtering van de bodemkwaliteit. Voor deze nieuwe potentieel bodembedreigende activiteiten geldt de zorgplicht en de verplichting tot het nemen van bodem-beschermende maatregelen, waardoor de kans op het ontstaan van bodemverontreiniging wordt teruggebracht tot verwaarloosbaar Ontplofbare Oorlogsresten In de tweede wereldoorlog hebben in Nijmegen vele oorlogshandelingen plaats gevonden.

Binnen het plangebied kunnen daardoor ontplofbare oorlogsresten aanwezig zijn. Voor ontplofbare oorlogsresten kan onderscheid worden gemaakt in verschoten munitie, geschut munitie en afwerpmunitie. De impact van verschoten munitie is relatief klein. Dit betreft met name kogels in de klasse klein, groot en zwaar kaliber munitie. Zowel geschut munitie als afwerpmunitie heeft een brisante werking. De impact van geschutmunitie (bv granaten en mortieren) is groot, maar kleiner dan in het geval van afwerpmunitie (bv vliegtuigbom). Het verwijderen van geschutmunitie en afwerpmunitie verhoogd de veiligheid in het gebied waar ze zich bevinden. Het doortrekken van de A15 heeft geen onderscheidend effect op het thema bodem. De conclusies zijn daarom gelijk aan de situatie zowel mét als zonder doortrekking van de A15.

4.11.2 Referentiesituatie Bodemkwaliteit In het kader van de voorgenomen ontwikkeling zijn diverse bodemonderzoeken uitgevoerd. In figuur 4.11.1 zijn de gebieden weergegeven waar kans op aantreffen van bodemverontreiniging groot is. Op basis van uitgevoerde onderzoeken blijkt dat in het overgrote deel van de uitbreiding van De Grift ten hoogste licht verhoogde gehalten in de bodem worden gemeten. Deze gehalten vormen geen belemmering voor de beoogde gebiedsontwikkeling. Voor de bodemverontreiniging met minerale olie in deelgebied de Grift West zijn sanerende maatregelen nodig op grond van de Wet bodembescherming. Binnen het plangebied worden diverse spots met bodemvreemd materiaal aangetroffen in de vorm van gedempte sloten, terreinophogingen en half verharde paden. Directe risico's zijn niet aanwezig, maar voor de beoogde gebiedsontwikkeling is het noodzakelijk deze spots te verwijderen.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

75

Projectgerelateerd

Figuur 4.11.1 Overzicht locaties met verminderde bodemkwaliteit (bron: gemeente Nijmegen)

Grift Noord Op het maaiveld is asbesthoudend materiaal aangetroffen. Bij graafwerkzaamheden dient rekening te worden gehouden met deze verontreiniging en dient het materiaal mogelijk apart afgevoerd te worden. Daarnaast zijn concentraties PAK, puin en olie gevonden die mogelijk moeten worden verwijderd. Het betreft in geen geval ernstige bodemverontreiniging. Afhankelijk van de graafwerkzaamheden is verwijdering van verontreiniging mogelijk noodzakelijk. Grift Zuid In De Grift Zuid (zie onderstaande afbeelding) is een omvangrijke bodemsanering uitgevoerd. In het kader van de sanering is circa 14.000 ton met asbest verontreinigde grond ontgraven. Na zeving is circa 7.000 ton asbesthoudende grond afgevoerd en is 7.000 ton na zeving en keuring herschikt op de locatie. De saneringsdoelstelling is behaald en de verontreiniging met asbest is geheel verwijderd. Milieuhygiënisch zijn er geen belemmeringen voor het toekomstig gebruik van de locatie. De minerale olie in grond en grondwater, vrijgekomen door lekkage van een noogstroomagregaat is afdoende gesaneerd. Grift West Uit de uitgevoerde bodemonderzoeken blijkt in het algemeen dat de grond schoon tot (plaatselijk) licht verontreinigd is met zware metalen, bestrijdingsmiddelen (DDT's), PAK en/of PCB. Wel is in de sloot fosfor en zwavel gemeten en is herbemonstering is gewenst.

Binnen de contour van een voormalige kas worden in het grondwater gehalten aan nikkel aangetroffen in gehalten boven de interventiewaarde. Het sterk verhoogde gehalte is een verstoring van het bodemevenwicht door een overmatig gebruik van kunstmest en zal waarschijnlijk na verloop van jaren zich herstellen. Herbemonstering van het grondwater is noodzakelijk. Door een ondergrondse tank is een bodemverontreiniging met minerale olie ontstaan in grond en grondwater. Bij herinrichting van het terrein zal een saneringsplan ingediend moeten worden en de bodem gesaneerd te worden. Daarnaast dient het gebied rondom de Stationsstraat te worden onderzocht op mogelijk voorkomen van asbest in de bodem. Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

76

Projectgerelateerd

Ontplofbare Oorlogsresten In en rondom Nijmegen hebben tijdens de Tweede Wereldoorlog allerlei oorlogshandelingen plaatsgevonden. Nijmegen behoort dan ook tot de zwaarst getroffen regio’s uit WOII. Na WOII zijn veel van de explosieven geruimd. Daarnaast hebben er na WOII allerlei grondroerende werkzaamheden plaats gevonden waarbij veel explosieven zijn aangetroffen. Deze explosieven zijn door de Explosieven Opruimingsdienst van Defensie (EODD) onschadelijk gemaakt en vernietigd. Een deel van de gebruikte munitie is niet gedetoneerd en mogelijk in de bodem achtergebleven. In de afgelopen decennia zijn bij grondroerende werkzaamheden met enige regelmaat ontplofbare oorlogsresten (OO) aangetroffen. Onderstaande kaart laat zien op welke locaties in het plangebied er verdachte gebieden zijn met verhoogde kans op aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten in de grond. Uit de kaart blijkt dat het plangebied met name verdacht is voor geschutmunitie en dumpmunitie (delen van het plangebied). Dumpmunitie kan bestaan uit diverse soorten munitie zoals kogels, (hand)granaten, mijnen en mortieren. Figuur 4.11.2 Overzicht locaties met verdachte gebieden ontplofbare oorlogsresten (bron: gemeente Nijmegen)

4.11.3 Effecten De alternatieven maken geen verschil ten opzichte van de referentiesituatie. Bij de uitbreiding van het bedrijventerrein zal rekening moeten worden gehouden de in de bodemonderzoeken geconstateerde resultaten. Bodemkwaliteit In een deel van het plangebied zijn (rest)verontreinigingen aanwezig. Deze (rest)verontreinigingen vormen een mogelijke belemmering voor het toekomstige gebruik. Om zowel bedrijven/voorzieningen als woningbouw te realiseren, dient de bodemkwaliteit geschikt te worden gemaakt voor de functie/gebruik. De sanerende maatregel wordt daarbij mede bepaald door de toekomstige functie (functiegerichte sanering). Om het planvoornemen te realiseren zijn meerdere sanerende maatregelen noodzakelijk om de bodemkwaliteit geschikt te maken voor de gewenste functie. Doordat saneringen nodig zijn, zal de bodemkwaliteit verbeteren en blootstelling aan achterblijvende verontreinigingen wordt voorkomen. Op basis hiervan wordt aan het voornemen ten aanzien van bodemkwaliteit de score positief (+) toegekend.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

77

Projectgerelateerd

Ontplofbare oorlogsresten De geplande ontwikkeling leidt mogelijk tot grondroering/grondverzet in de ondiepe en diepe bodemlagen in verdachte gebieden voor ontplofbare oorlogsresten. Om de gebieden bouwrijp te maken moet de aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten worden bepaald door middel van een aanvullend onderzoek op de plaatsen waar dat nog niet gedaan is. Indien de aanwezigheid is vastgesteld moeten de ontplofbare oorlogsresten worden verwijderd. De verwachte aanwezigheid van hoofdzakelijk geschut- en dumpmunitie maakt dat de potentiële impact groot is waarbij schade kan ontstaan aan infrastructuur, gebouwen en mensen in de directe omgeving van de munitie. Het opsporen en verwijderen van deze oorlogsresten draagt bij aan een verbeterde veiligheid van het gebied. Op basis hiervan wordt aan het voornemen ten aanzien van ontplofbare oorlogsresten de score + (positief effect) toegekend. Conclusie Bodem Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op Bodem en Ontplofbare Oorlogsresten in het gebied, is ongeacht het doortrekken van de A15 overwegend positief (+), maar er zitten wel een aantal voorwaarden aan. Binnen het plangebied zijn meerdere verontreinigingen aanwezig, waarvoor sanerende maatregelen noodzakelijk zijn. In het plangebied zijn daarnaast verdachte gebieden aanwezig voor dumpmunitie en geschutmunitie.

Doordat bij de uitbreiding van het bedrijventerrein saneringen nodig zijn, zal de bodemkwaliteit verbeteren en wordt blootstelling aan achterblijvende verontreinigingen voorkomen. Bovendien zal het opsporen en verwijderen van oorlogsresten bijdragen aan een verbeterde veiligheid van het gebied.

4.11.4 Mitigerende maatregelen Rekening houdend met de eventueel noodzakelijke toepassing van het Gebiedsgericht saneren en Gebiedsgericht bodembeleid op de percelen die nog eigendom van particulieren zijn, geeft het omgevingsaspect bodem geen aanleiding om voor verdere mitigerende maatregelen.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

78

Projectgerelateerd

4.12

Gezondheid

4.12.1 Inleiding Gezondheid is een nieuw omgevingsaspect dat bij ontwikkeling in de fysieke leefomgeving wordt meegewogen. In het MER Waalsprong 2003/2007 kwam het nog niet aan bod. Relevante effecten in dat kader zijn geluidhinder, luchtkwaliteit en veiligheid, structuur voor langzaam verkeer, groen en recreatie. In dit hoofdstuk vindt een kwalitatieve beschouwing van gezondheid als omgevingsaspect plaats, op basis van de beoordeling van de effecten op (langzaam) verkeer (paragraaf 4.2), luchtkwaliteit (paragraaf 4.5) en geluid (paragraaf 4.6). Gezondheid en een gezonde leefomgeving is een belangrijk aspect binnen de milieu-effectbeoordeling. De gezondheidssituatie en de rol van de leefomgeving verschilt daarbij van provincie tot provincie en van gemeente tot gemeente. Kwetsbare groepen, zoals ouderen, kinderen en chronisch zieken zijn extra gevoelig voor de invloed van milieuverontreiniging en de inrichting van de leefomgeving. Gezond gedrag kan ook worden beïnvloed door de inrichting van de leefomgeving, denk daarbij aan het gebruik van de fiets of de toegankelijkheid van gezonde voeding. Het thema Gezondheid kan daardoor meeliften met andere ambities en beleid. Denk aan klimaatadaptatie waarbij door het tegengaan van hittestress extra sterfte bij hittegolven kan worden voorkomen.

Maar ook mobiliteitsbeleid kan een bijdrage leveren aan goede fietspaden en wandelgebieden en zo gezonde mobiliteit te bevorderen. De uitbreiding van De Grift zorgt voor een gewijzigde verkeersituatie, waardoor de concentraties van stoffen in de lucht worden beïnvloed. Bovendien heeft het voornemen mogelijk invloed op de geluidsniveaus in de omgeving en bijvoorbeeld de hittebestendigheid van het gebied. Het thema gezondheid bestaat uit enerzijds het beschermen van de mens tegen schadelijke blootstelling aan geluidbelasting, luchtverontreiniging en omgevingsrisico’s. Anderzijds is ook van belang in hoeverre de omgeving de gezondheid bevordert door het stimuleren en mogelijk maken van een gezonde leefstijl. In het MER worden beide beschouwd.

4.12.2 Referentiesituatie Luchtkwaliteit Luchtverontreiniging leidt tot gezondheidsklachten en mogelijk vroegtijdige sterfte. Gezondheidsklachten die worden gerelateerd aan luchtverontreiniging zijn onder andere hoesten, benauwdheid, verminderde longfunctie, hart- en vaataandoeningen, diabetes, neurologische aandoeningen, laag geboortegewicht en vroeggeboorten. Ongeveer 5% van de ziektelast in Nederland wordt veroorzaakt door luchtverontreiniging. In het kader van luchtkwaliteit wordt gekeken naar de uitstoot van de stoffen stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10). Fijnstof kan al bij lage concentraties tot gezondheidseffecten leiden. Er is geen concentratie waarbij gezondheidseffecten kunnen worden uitgesloten. Voor fijnstof (PM10) zijn Europese normen vastgesteld. Vanuit zowel de Wet milieubeheer als vanuit een goede ruimtelijke ordening voldoen de concentraties PM10 in de autonome situatie aan de richtwaarde van de WHO van 20 µg/m3 jaargemiddeld. In 2032 voldoen de concentraties PM2,5 in de autonome als de beoogde situatie aan de advieswaarde van 10 µg/m3 van de WHO. Geluid Geluid is na luchtverontreiniging de milieufactor met de meeste gezondheidseffecten. Wegverkeerslawaai heeft het grootste aandeel bij ongewenst geluid. Voor wegverkeer hanteert de World Health Organization (WHO) de advieswaarden 53 Lden (excl. art. 110g Wgh) en 45 Lnight.

Deze waarden geven weer bij welke Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

79

Projectgerelateerd

geluidbelasting een gezond leefklimaat gerealiseerd kan worden en hinder en slaapverstoring zoveel mogelijk voorkomen kan worden. Daarnaast speelt de cumulatie van geluid uit verschillende bronnen. Daarom zal in dit onderzoek, de cumulatie van geluid in relatie tot de gezondheid voor de omgeving als beoordelingscriterium meegenomen worden. Hitte Hittestress is een groeiend probleem en houdt nauw verband met een veranderend klimaat. Hoe warmer het wordt, des te sneller hittestress optreedt in steden, maar ook in kleine tot middelgrote gemeenten. De twee belangrijkste oorzaken van dit effect zijn absorptie van het zonlicht door de materialen in de stad (zoals steen en asfalt) en door de relatief lage windsnelheden in de stad. Hierdoor wordt de warmte opgeslagen in de stad. Gezondheidseffecten door hittestress variëren van mild tot ernstig. Hitte leidt doorgaans tot een verminderde arbeidsproductiviteit en stress, maar ook tot slaapproblemen en in enkele gevallen zelfs tot sterfte. In dit plangebied is hittestress tevens een aandachtspunt. Bedrijventerreinen bestaan vaak uit grote vlakken verharding dat in de zomer flink opwarmt en nauwelijks afkoelt. Op het bestaande bedrijventerrein in De Grift kan de in de zomer temperatuur oplopen (zie 4.9.3). Op de niet-ontwikkelde gebieden is daar vanzelfsprekend geen sprake van, maar is het onderwerp wel een nadrukkelijk aandachtspunt.

Externe veiligheid Met externe veiligheid gaat het om de risico’s voor de omgeving ten gevolge van een ongeval bij de productie, het transport en de opslag van gevaarlijke stoffen en de kans op dodelijke slachtoffers. Voor externe veiligheid wordt gehandeld in lijn met het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), het Bevt (Besluit externe veiligheid transportroutes) en het Bevb (Besluit externe veiligheid buisleidingen). In de referentiesituatie zijn de Externe Veiligheidsrisico’s in overeenstemming met beleid en regelgeving dat daarvoor is opgesteld. Gezondheidsbevordering Door in de gebiedsontwikkeling in te zetten op het faciliteren van bewegen, sporten, groen en ontspanning, kan winst worden behaald in het verbeteren van de maatschappelijke gezondheid en dan met name voor de huidige en toekomstige gebruikers van De Grift. Door het aandeel groen en ruimte voor voor beweging en ontspanning te vergroten, draagt de gemeente bij aan de bevordering van de gezondheid in en om het plangebied. In de referentiesituatie zijn er feitelijk geen gezondheid bevorderende maatregelen in het plangebied aanwezig.

4.12.3 Effecten In het stedenbouwkundig plan 2022 is aandacht voor geluid, ruimte voor langzaam verkeer en groen. Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen staan de leefwereld, het welbevinden en de gezondheid van inwoners centraal. De gemeente wil als stad bijdragen aan de gezondheid van inwoners. Een gezonde leefomgeving is daarbij een belangrijk integraal thema. Het gaat daarbij het onder andere om luchtkwaliteit, geluidsbelasting, hitte, groen en bewegen. Luchtkwaliteit De beoogde uitbreiding van bedrijventerrein De Grift draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Daarmee is aangetoond dat er geen sprake is van (dreigende) grenswaarde-overschrijdingen. De blootstelling aan luchtverontreiniging is hierdoor beperkt en leidt niet tot onaanvaardbare gezondheidsrisico’s. Vanuit zowel de Wet milieubeheer als vanuit een goede ruimtelijke ordening vormt het plan op het gebied van luchtkwaliteit daarom geen belemmering. In 2032 voldoen de concentraties PM10 in zowel de autonome als beoogde situatie aan de richtwaarde van de WHO van 20 Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

80

Projectgerelateerd

µg/m3 jaargemiddeld. In 2032 voldoen de concentraties PM2,5 in zowel de autonome als de beoogde situatie aan de advieswaarde van 10 µg/m3 van de WHO. Daarmee voldoet het plan aan de luchtkwaliteitseisen op het gebied van gezondheid. Geluid In de toekomstige situatie voor het bedrijventerrein neemt het aantal geluidgevoelige objecten die een geluidbelasting Letmaal ten gevolge van het industrielawaai van meer dan 50 dB(A) toe. Akoestisch onderzoek toont aan dat zowel voor de toekomstige situatie met als met zonder A15, er geen reconstructieeffect ontstaat op geluidgevoelige bestemmingen De Griftdijk. Dit reconstructie-effect is berekend voor de wijziging van het kruispunt Griftdijk en Stationsstraat van een rotonde naar een kruising met verkeersregelinstallatie. De hier beschreven toekomstige situatie met plan moet als worst case worden beschouwd. Verwacht wordt dat met een overwogen indeling van de bedrijven op het terrein en andere maatregelen een veel beter eindresultaat bereikt kan worden. De effecten op de gezondheid zijn daarmee vanuit geluid bezien een aandachtspunt. Hitte Om te voorkomen dat het beoogde bedrijventerrein een hitte-eiland wordt, dienen maatregelen getroffen te worden. Zodoende is in de regels van het bestemmingsplan verankerd dat het dakvlak van gebouwen uitgevoerd moet worden in een lichte kleur (warmtewerend) of als groendak (verkoelend).

Schuine daken vormen hierop een uitzondering met het oog op beeldkwaliteit, maar ook hier verdient het voorkomen van hittestress door het toepassen van warmtewerende materialen of verkoelende maatregelen aandacht. In aanvulling op het voorgaande verdient het aanbeveling verhardingen op eigen terrein zoveel mogelijk uit te voeren als halfverharding of in een lichte kleur. Om voldoende schaduw te creëren is bepaald dat bij langzaam verkeersverbinding in het gebied met XXL-logistiek voorzien moet worden in 30% schaduwgevend groen. De effecten op de gezondheid zijn daarmee vanuit Hitte bezien positief. Externe veiligheid Het planvoornemen maakt een bedrijventerrein mogelijk. Het gebied is opgedeeld in verschillende deelgebieden voor verschillende type bedrijven. Het planvoornemen maakt in de gebieden verschillende milieucategorieën mogelijk, variërend van categorie 3.1, 3.2 en 4.2. Binnen milieucategorie 4.2 vallen tevens Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi)-inrichtingen. De uitbreiding van De Grift heeft hiermee impact op de externe veiligheidsrisico’s ten gevolge van de verschillende risicobronnen en als mogelijke locatie voor nieuwe risicobronnen. De inschattingen van de hoogte van de groepsrisico’s is gedaan op basis van expert judgement.

In de vervolgfase dienen er risicoberekeningen te worden uitgevoerd om eventuele veranderingen in de hoogte van de groepsrisco’s te kunnen onderbouwen. Daarnaast is de positionering van beperkt kwetsbare gebouwen ten aanzien van de windturbines een belangrijk aandachtspunt (zie ook hoofdstuk 4.7). In de plansituatie dienen, mede in het kader van gezondheid, de externe veiligheidsrisico’s in overeenstemming met beleid en regelgeving te zijn dat daarvoor is opgesteld. Gezondheidsbevordering Door de uitbreiding van De Grift neemt per saldo het verhard oppervlakte toe ten opzichte van de referentiesituatie. De groene randen van het gebied enkel bestemd voor ‘groene’ activiteiten. Binnen deze bestemming zijn de gronden primair bestemd voor groenvoorzieningen en groene structuren, alsmede voor de daarbij behorende voorzieningen zoals speelvoorzieningen, terrassen, honden-uitlaatterreinen. In de ontwikkeling is bovendien voorzien in een groene dooradering van het plangebied, met rustpunten en ruimte voor bewegen. Met de uitbreiding van De Grift wordt zo een aantal gezondheid bevorderende maatregelen genomen. Binnen de bestemming 'Groen' is het realiseren van wadi's, water en waterhuishoudkundige Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

81

Projectgerelateerd

voorzieningen, overstortvijvers en rioolbuffers eveneens toegestaan, alsmede daarbij behorende voorzieningen zoals duikers, kunstwerken en overbruggingen. Ook wordt ten behoeve van de bereikbaarheid van het gebied gelet op de bereikbaarheid per fiets en te voet. Het plangebied krijgt een hoofdstructuur die geschikt is voor verkeer, waarbij voor fietsers overigens wordt aangesloten op het fietspad langs De Griftdijk. Dat fietspad wordt in de toekomst onderdeel van een snelfietsroute, waarmee de bereikbaarheid van het plangebied per fiets toeneemt en dus een gezonde manier van verplaatsen wordt bevorderd. De inrichting van de fysieke leefomgeving bij de ontwikkeling, draagt daarmee bij aan de gezondheidsbevordering van inwoners en bezoekers van De Grift, aangezien ruimte en aandacht is voor beweging en een groen. De effecten op de gezondheid zijn daarmee vanuit gezondheidsbevordering positief. Conclusie Gezondheid Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op de gezondheid in het gebied is als neutraal beoordeeld. Er zitten wel een aantal voorwaarden aan: zoals bij externe veiligheid en geluid. In 2032 voldoen de concentraties voor luchtkwaliteit PM2,5 als PM10 in zowel de autonome als de beoogde situatie aan de advieswaarden van de WHO.

Om te voorkomen dat het beoogde bedrijventerrein een hitte-eiland wordt, zijn voor dit onderwerp regels in het bestemmingsplan verankerd. De effecten op de gezondheid zijn daarmee vanuit Hitte bezien positief. Op het onderdeel geluid is de verwachting dat met een overwogen indeling van de bedrijven op het terrein en het mogelijk amoveren van woningen, de effecten op de gezondheid niet significant zijn. Geluid is vooralsnog wel een aandachtspunt dat negatief scoort in het MER en daarmee een belangrijk aandachtspunt. De uitbreiding van De Grift heeft impact op de externe veiligheidsrisico’s ten gevolge van de verschillende risicobronnen en als mogelijke locatie voor nieuwe risicobronnen. In de plansituatie dienen mede in het kader van gezondheid, de Externe Veiligheidsrisico’s in overeenstemming met beleid en regelgeving te zijn dat daarvoor is opgesteld. Onder die voorwaarde scoort de gezondheid op ook dat aspect positief.

4.12.4 Mitigerende maatregelen In het plan is reeds rekening gehouden met de inpassing van langzaam verkeersroutes over en direct langs het terrein en behoud en versterking van groenstructuren en voorkomen van hittestress. Verdergaande maatregelen om effecten ten aanzien van gezondheid te beperken lijken voor een industrieterrein niet opportuun.

5

Conclusies

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

82

Projectgerelateerd

De uitbreiding van De Grift, speelt zich grotendeels af binnen de bandbreedte van inrichtingsmogelijkheden die in het MER Waalsprong 2003 is onderzocht. Enkele milieuaspecten zijn in het kader van dit MER nader bekeken vanwege wijzigingen in wet- en regelgeving, vanwege nieuwe informatie over de huidige waarden en vanwege nieuwe inzichten. Het betreft onderzoeken naar:    

Verkeer Geluid Externe Veiligheid Stikstof

Daarnaast is een aantal onderzoeken in het MER aangevuld en/of toegevoegd, zodat deze actueel zijn en toekomstbestendig bij de uitbreiding van De Grift. Daarbij gaat het onder andere om Luchtkwaliteit, Natuur, Klimaat en Gezondheid. In de effectbeoordeling worden de effecten ten opzichte van de referentiesituatie per criterium vertaald naar een score ten opzichte van de referentiesituatie:   

Positief (+) - Alternatief zorgt voor een verbetering van het criterium in vergelijking met de referentiesituatie; Neutraal (0) - Alternatief heeft geen veranderend effect ten opzichte van de referentiesituatie; Negatief (-) - Alternatief zorgt voor een verslechtering van het criterium in vergelijking met de referentiesituatie.

Omgevingsaspect

Zonder A15

Met A15

Verkeer

+

+

Natuur - stikstofdepositie

-

-

Natuur – flora en fauna

-

-

Luchtkwaliteit

0

0

Geluid

-

-

Externe veiligheid

-

Water

0

Klimaat en energie

+

Landschap en Cultuurhistorie

-

Bodem

+

Gezondheid

0

0

Conclusie In voorliggend MER zijn de milieueffecten van de voorgenomen uitbreiding van bedrijventerrein De Grift onderzocht. De belangrijkste en meest onderscheidende conclusies die uit dit MER getrokken worden zijn: 

Het doortrekken van de snelweg A15 is als onderscheidend thema in het MER beschouwd bij de beschrijving van alternatieven. Daar waar het doortrekken van de A15 relevante verschillen opleverde, is daarvan een uitwerking gemaakt. Het betreft de onderzoeken: verkeer, natuur-stikstofdepositie, geluid en indirect gezondheid. In het geval de A15 een onderscheiden effect heeft, is uitgegaan van de worst-case situatie. Daarmee zijn de maximale milieueffecten van het plan in beeld gebracht. Voor een aantal onderzoeken is de doortrekking van de A15 niet onderscheidend en is een beschrijving gegeven

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

83

Projectgerelateerd

van de te verwachte toekomstige situatie na uitbreiding van De Grift ten opzichte van de referentiesituatie. Denk daarbij aan externe veiligheid, natuur-flora en fauna, water, klimaat en energie, en landschap en cultuurhistorie. 

Het aantal verkeersbewegingen neemt als gevolg van de uitbreiding van De Grift toe ten opzichte van de referentiesituatie. Dat geldt voor zowel de situatie mét als zonder doortrekking A15. De infrastructurele maatregelen die in het planvoornemen zijn opgenomen, zorgen er voor dat de verkeersafwikkeling rondom het plangebied verbetert ten opzichte van de referentiesituatie in de Waalsprong.

De uitbreiding van het bedrijventerrein en de verandering van de verkeersstromen als gevolg daarvan, hebben effecten op de emissie van stikstof uit het wegverkeer en de depositie van stikstof op nabijgelegen Natura2000 gebieden. Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift is, ongeacht het doortrekken van de A15, op het milieuaspect stikstof negatief. Er moeten daarom mitigerende maatregelen worden genomen om de significante effecten te compenseren.

Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op het milieuaspect Natuur – Flora en Fauna is negatief. De uitbreiding van het bedrijventerrein heeft effecten op de leef- en verblijfsgebieden van een aantal voorkomende soorten in het plangebied.

Het effect van het uitbreiden van bedrijventerrein De Grift op het milieuaspect geluid is negatief ten opzichte van de referentiesituatie, ongeacht het doortrekken van de A15. In de toekomstige situatie neemt het aantal geluidgevoelige objecten toe als gevolg van de planontwikkeling. De reconstructie van de infrastructuur zorgt niet voor significante veranderingen.

Externe Veiligheid vraagt om aandacht in de verdere planuitwerking. Plaatsgebonden risico scoort negatief ten opzichte van de referentiesituatie als het gaat om de aanwezige windturbines. Groepsrisico scoort negatief ten opzichte van de referentiesituatie vanwege het LPG-tankstation. In het algemeen geldt een verantwoordingsplicht door het bevoegd gezag in de bestemmingsplanprocedure ten aanzien van alle in dit MER benoemde risicobronnen, omdat het invloed gebied over het planvoornemen ligt waar (beperkt) kwetsbare objecten/gebouwen worden mogelijk gemaakt. Met de ontwikkeling van het bedrijventerrein worden zowel de in praktijk beperkt zichtbare landschappelijke als cultuurhistorische waarden in het plangebied beïnvloed. Het aanzien van de Griftdijk als historische ruimtelijke drager met aanliggende bebouwing zal daarmee binnen het plangebied veranderen. Ook het historisch verkavelingspatroon wordt met de ontwikkeling naar verwachting doorsneden. Dit vertaalt zich in een negatieve score op het aspect Landschap en Cultuurhistorie.

6

Leemten in kennis en evaluatieprogramma

6.1

Leemten in kennis

Bij de beschrijving van leemten in kennis en informatie wordt onderscheid gemaakt in de voorgenomen activiteit en in diverse relevante milieuaspecten. Mogelijke oorzaken van leemten in kennis en informatie kunnen zijn:  het ontbreken van voldoende detailinformatie over (onderdelen van) de voorgenomen activiteit, waardoor effectvoorspellingen slechts in algemene zin kunnen plaatsvinden;  onvoldoende informatie omtrent ingreep-effectrelaties; Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

84

Projectgerelateerd

onzekerheid omtrent autonome ontwikkelingen.

Voor alle milieuaspecten geldt dat exacte effecten op dit moment niet inzichtelijk kunnen worden gemaakt omdat er sprake is van een enige mate van flexibiliteit voor het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte wat er voor het gebied wordt opgesteld. Bij toekomstige vergunningentrajecten zal door het bevoegd gezag bepaald moeten worden of sprake is van een acceptabele situatie in relatie tot hetgeen in dit MER is onderzocht en in het bestemmingsplan is geregeld. Dit zal deels gepaard gaan met nadere onderzoeken. Relevante leemten in kennis zijn:  Het verkeersonderzoek is gebaseerd op verkeersmodellen waarin altijd een zekere mate van onzekerheid zit. Ondanks dat sprake is van beperkt negatieve effecten, kan monitoring van de verkeersontwikkeling mogelijk zinvol zijn om eventuele ontwikkelingen in de gaten te houden.  Voor een aantal thema’s, waaronder luchtkwaliteit en geluid, is gebruik gemaakt van modellering. Modelberekeningen kennen een zekere mate van onnauwkeurigheid. Zeker in het geval modellen een waarde weergeven die rond een grenswaarde ligt, is een interpretatie van de gegevens van belang.  Voor geluid geldt dat het duidelijk is dat er toenames te verwachten zijn als gevolg van het voornemen, de uitwerking van maatregelen hiervoor zorgt ervoor dat dit nog een onzeker eindeffect heeft.

6.2

Evaluatie

In deze paragraaf wordt een eerste aanzet gegeven voor een dergelijk evaluatieprogramma. Op basis van deze aanzet stelt het bevoegd gezag een evaluatieprogramma op. Er bestaat in het kader van milieueffectrapportage de wettelijke verplichting om een evaluatieonderzoek uit te voeren. Hierin wordt aandacht besteed aan de gevolgen van het uiteindelijk gekozen en daadwerkelijk te realiseren alternatief/variant. Het evaluatieprogramma heeft als doel een voortgaande studie te maken van de toetsing van de voorspelde effecten aan de daadwerkelijk optredende effecten en de monitoring van de effectiviteit van de mitigerende en compenserende maatregelen. Daarnaast helpt dit om bij te kunnen sturen als blijkt dat effecten negatiever uitpakken dan in dit MER voorzien. Op deze manier kan worden gecontroleerd of de voorspelde en gewenste ontwikkelingen ook daadwerkelijk hebben plaatsgevonden.

Bij de uitwerking van het evaluatieprogramma komen onder andere de volgende aspecten aan de orde:  Voortgaande studie naar de vastgestelde leemten in kennis en informatie;  Toetsing van daadwerkelijk optredende effecten ten opzichte van de in dit MER (en de daartoe opgestelde diverse specialistische onderzoeken) voorspelde effecten;  Beschrijving van eventuele externe ontwikkelingen die leiden tot veranderende inzichten in de aard en omvang van de milieueffecten;  Bepaling noodzaak van aanvullende mitigerende en/of compenserende maatregelen;  Eventuele discussiepunten bij de uiteindelijke besluitvorming. Ten behoeve van het evalueren van effecten geldt de volgende overweging. Effecten die direct verband houden met het ruimtebeslag van bebouwing en infrastructuur (zoals vernietiging van groei- en leefplaatsen van flora en fauna) hoeven niet achteraf te worden geëvalueerd; bij planuitwerking is immers direct duidelijk welke effecten op zullen treden. Belangrijk is dus om bij planuitwerking rekening te houden met de milieueffecten (bijv. bij het bepalen van de locatie en omvang van bedrijven, in relatie tot landschappelijke en cultuurhistorische waarden, of het plaatsen van groene voorzieningen). Bij enkele andere effecten is de invloed lastiger te onderscheiden (bijv. de werkelijke extra geluidhinder of stikstofdepositie).

De effectbeoordelingen dit MER maken aannemelijk dat in ieder geval de volgende aspecten gemonitord moeten worden. Het betreft zaken die optreden tijdens de realisatie, planuitwerking en besluitvorming van en over het project.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

85

Projectgerelateerd

Verkeer: o Intensiteiten en verkeersafwikkeling op hoofdwegen en kruispunten; o Effecten op verkeersveiligheid Geluid o Ontwikkelingen weg- en verkeerslawaai o Cumulatieve effecten in het kader van gezondheid Externe veiligheid o Uitwerking en vastleggen risicocontouren o Effecten groeps- en plaatsgebonden risico

Op basis van evaluatie kan meer inzicht ontstaan over effecten in de verdere toekomst. Bovendien kunnen de gehanteerde voorspellings- en onderzoeksmethoden op basis hiervan verder worden verfijnd ten behoeve van toepassing in toekomstige vergelijkbare projecten. Verder is van belang dat gegevens die in de toekomst beschikbaar komen, worden gebruikt om de effecten te monitoren en op grond daarvan eventueel aanvullende (mitigerende) maatregelen te nemen.

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

86

Projectgerelateerd

Bijlagen MER Onderzoek Verkeer en vervoer MER Onderzoek Stikstof MER Onderzoek Geluid MER Onderzoek Externe Veiligheid

Monday, 31 July 2023

BI5542-RHD-ZZ-XX-RP-Z-0001

87

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=51b03466-e7f1-4b28-bb1e-d11d8eaa94ab