Stadscentrummonitor 2020-2021
Tekst van het document
Stadscentrummonitor 2020/21 Voorrapportage winkelaanbod, bezoekniveau en passantenonderzoek
februari 2021
Gemeente Nijmegen Onderzoek en Statistiek contactpersoon: Bram Verhoef tel.: 024-329 27 26 / 024-329 98 89 (O&S) e-mailadres: onderzoek.statistiek@nijmegen.nl www.nijmegen.nl/over-de-gemeente/onderzoek-en-cijfers
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
1
Samenvatting Deze tweejaarlijkse stadscentrummonitor volgt sinds 1996 de ontwikkelingen aan de hand van statistieken en enquêtes. Deze voorrapportage gaat in op de ontwikkeling van het aanbod in de binnenstad, bezoekniveau en –spreiding en de uitkomsten van een straatenquête onder 870 passanten. De gangbare statistieken over bouwinvesteringen en werkgelegenheid volgen later in de definitieve rapportage. Het onderzoek is uiteraard sterk beïnvloed door de effecten van de coronapandemie. Het veldwerk is gehouden van 24 oktober tot 12 november 2020, met open, maar beperkt toegankelijke winkels en horeca die gesloten was voor bezoek. Bij oordelen is mensen gevraagd niet alleen te kijken naar de situatie van dat moment, maar naar heel 2020, inclusief de tweede lockdown-periode. In 2020 zien we bij de trends aan de pluskant een groeiend draagvlak door de groei van de stad, maar tegelijkertijd een sterke verschuiving naar internet voor oriëntatie en aankopen. De coronacrisis raakt de binnenstad veel harder dan gemiddeld. Getroffen sectoren omvatten 45% van de banen. Het tweede kwartaal was extreem slecht, het derde nagenoeg normaal en het vierde weer een stuk minder. In het aanbod is er een sterke verschuiving van detailhandel naar leisure (horeca, cultuur en vermaak). Eerdere edities van deze monitor lieten zien dan vanaf 2016 de horeca een grotere werkgever is dan de detailhandel.
Het aantal winkels daalt en het winkelvloeroppervlak neemt af, beide met ongeveer een 20-25% sinds de top in 2006. Binnen die krimpende winkelfunctie blijft het percentage zuivere detailhandelsleegstand vrij laag, ook in vergelijking met andere stadscentra. Wel zien we een flinke concentratie van die leegstand in de Molenpoortpassage. Het bezoekniveau ligt in 2020 lager dan in 2018. Locatus schat het verlies op basis van summiere steekproeftellingen op 40%, in afgezette parkeeruren zien we een min van 30% in parkeerduur, -23% in transacties in 2020 vergeleken met 2019. Men blijft 25 minuten korter in de stad tijdens de lockdown-perioden. April was daarbij het dieptepunt, juli was vrijwel normaal. In de automatische passantentellingen in centrumstraten en het stationsgebied zien we 37% minder drukte in 2020 ten opzichte van 2019. April was het stilst met min 66%. Maar ook in de beste maanden van 2020 bleef het ca. 20% rustiger op straat. In de verdeling van de drukte over het winkelgebied valt op dat de passantenstroom twee niveaus lager ligt dan in 2018. Straten met meer dan 20.000 passanten per week komen in 2020 niet voor. De 870 geënquêteerde passanten in de hoofdwinkelstraten komen meer dan in 2018 uit Nijmegen en minder uit het buitenland. De mensen komen veel meer te voet en ook wel op de fiets of met de auto, maar veel minder met het OV (26 naar 12%).
Voor de groep die overstapt van OV naar auto, is voor ca. 40% corona de reden. De passanten komen veel vaker met winkelen als bezoekdoel en veel minder met recreatieve doelen. Binnen die recreatieve doelen daalt het horecabezoek en groeit het rondkijken en wandelen. Functioneel bezoek neemt ook af door het thuiswerken. Door de meer lokaal/regionale herkomst van het bezoek, zijn er minder incidentele bezoekers en ook minder mensen die de stad voor het eerst bezoeken. Mensen blijven ook
2
veel korter in de binnenstad, mede door gesloten horeca. De bestedingen per bezoekgroep is niet sterk veranderd in 2020, een fractie minder lijkt het. Met een 7,6 krijgt het stadscentrum van Nijmegen opnieuw een (zeer) ruime voldoende van bezoekers als algemeen oordeel, wel iets lager dan in 2018. Ondanks de beperkingen van dat moment, blijven waarderingen voor het aanbod aan horeca, evenementen, cultuur winkels en evenementen over het algemeen op peil. De waardering voor de verschillende onderdelen van de ambiance van de binnenstad is in 2020 voldoende tot ruim voldoende. Met een 6,3 voor het groen in de binnenstad blijft dit aspect in waardering –ondanks een stijging in de laatste metingen- wat achter op de andere scores. In 2020 valt wel de terugval in het oordeel over de netheid op. Dat heeft te maken met de omschakeling van de horeca op afhalen. De normale capaciteit van de openbare afvalbakken was onvoldoende om de afgehaalde voedsel- en drankverpakkingen te kunnen bergen. Hierdoor ontstond meer zwerfafval dan normaal. De verschillende aspecten van de bereikbaarheid van de binnenstad worden voldoende tot goed beoordeeld door bezoekers. Enkel de parkeertarieven krijgen met een 5,4 nog net een onvoldoende. Dit rapportcijfer is wel sterk gestegen na 2012, plus 1,5 rapportpunt vanaf 3,9.
De overige scores voor de bereikbaarheid per auto veranderen in 2020 niet sterk ten opzichte van 2018. De beschikbaarheid van parkeerplaatsen krijgt een ruim voldoende, weer iets beter dan in 2018, het tarief wordt ook wat gunstiger gevonden. In 2020 is voor het eerst gevraagd naar een rapportcijfer voor transferia. Degenen die daar wat over konden zeggen geven een 6,5. De waarderingen voor de bereikbaarheid per fiets en de stallingsmogelijkheden doen in 2020 een stapje terug, na een sterke verbetering in de periode daarvoor. De bereikbaarheid per OV doet ook een stap terug in 2020. Naast de corona-effecten op het OV, is er in 2020 ten opzichte van 2018 sprake van een andere lijnvoering van en naar het stadscentrum, mede door de renovatie van de Waalbrug. Over het algemeen is de belevingswaarde van de Nijmeegse binnenstad vrij goed. Uitzondering hierop is de stellingen of leegstand storend aanwezig is. 33% is het hiermee (net als in 2018) eens of helemaal eens (en dus negatief). We zien mogelijk vanwege de meer lokaal regionale herkomst van het bezoek in 2020 lagere scores op “aangenaam verrast”, “aanbevelen bij vrienden/familie”. Driekwart van de bezoekers voelt zich i.v.m. corona veilig in de binnenstad, 14% voelt zich minder veilig.
Mensen zien terugkijkend over de laatste jaren per saldo nog steeds meer vooruitgang in de Nijmeegse binnenstad dan achteruitgang, maar wel veel minder dan in 2018. Hetzelfde geldt voor de komende jaren: nog steeds per saldo meer mensen die vooruitgang verwachten i.p.v. achteruitgang, maar de stemming is duidelijk somberder. Van de nieuwe binnenstadsprojecten is de nieuwe inrichting van de Waalkade is het meest ingeburgerd. De toeristische route “De groene lijn” is een goede tweede. Onder fietsers is ongeveer twee derde met de regels rond fietsparkeren bekend. Van de 200 autobezoekers waarvoor het van toepassing is, heeft 3% van een transferium gebruik van gemaakt of het gezien, 44% is er bekend mee of heeft ervan gehoord en 53% is er onbekend mee. De mensen die er een oordeel over kunnen geven, waarderen de transferia met een 6,5.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
3
Als aanpakprioriteit voor de gemeente komt als (verreweg) meest genoemde “meer groen” naar voren. Dit is ook in lijn met de weliswaar gestegen, maar nog steeds achterblijvende waardering voor dat aspect van de binnenstad (waardering 6,3 tegenover 7,6 algemeen oordeel). Op plaatsen 2-10, staan in willekeurige volgorde: betere bereikbaarheid; betere parkeermogelijkheden voor auto, fiets en scooter; lagere parkeertarieven; meer diversiteit aan winkels, minder leegstand; veiligheid in de avond; schonere binnenstad, minder zwerfafval; meer bankjes; meer openbare toiletten; meer handhaving (hard rijden, overlast etc.).
4
Inhoudsopgave Samenvatting 1. Inleiding 2. Maatschappelijke trends 3. Winkelaanbod 4. Bezoekniveau en druktebeeld 5. Bezoekers en bezoekgedrag 6. Waardering voor de binnenstad 7. Beleving van de binnenstad 8. Beleidsinitiatieven en aanpakprioriteiten
2 6 7 9 14 19 26 30 34
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
5
1. Inleiding De Stadscentrummonitor wordt sinds 1996 tweejaarlijks uitgevoerd om belangrijke ontwikkelingen in het Nijmeegse stadscentrum te kunnen volgen en de effecten van investeringen te kunnen benoemen. Hiervoor worden de trends van verschillende indicatoren rond het economisch functioneren en de aantrekkelijkheid voor bezoekers in kaart gebracht1.
De statistieken De statistieken die gebruikt worden om ontwikkelingen en beleidseffecten te bestuderen lopen door tot en met januari 2021. Om bezoekersaantallen en loopstromen in kaart te brengen, worden parkeerafzetcijfers (gemeente Nijmegen) en passantentellingen (Locatus en sensormetingen) gebruikt. Ontwikkelingen en investeringen in het aanbod in de binnenstad worden onderzocht door middel van tellingen (Locatus) en de afgegeven bouwvergunningen (gemeente Nijmegen). Daarnaast wordt via een jaarlijks onderzoek van de provincie Gelderland (PWE Gelderland) de aard en omvang van de werkgelegenheid in de binnenstad gevolgd. In deze voorrapportage zijn de cijfers over investeringen en banen nog niet geactualiseerd.
Het veldwerk Op dezelfde manier als in eerdere metingen zijn aan bezoekers in de binnenstad vragen gesteld over het bezoek zelf en de waardering voor verschillende aspecten van de binnenstad. Op zes plekken in de binnenstad zijn op verschillende doordeweekse dagen (overdag), zaterdagen (overdag) koopzondagen en een deel van de koopavonden van 24 oktober tot 12 november 2020 in totaal 870 enquêtes afgenomen. Het veldwerk in 2020 is sterk beïnvloed door de coronamaatregelen. Tijdens het veldwerk was de horeca gesloten voor bezoek en golden er beperkingen aan de groepsgrootte. Winkels mochten na 20:00 u niet open zijn waardoor de binnenstad op de koopavond feitelijk niet functioneerde. Bij de waarderingsvragen over thema’s als horeca-aanbod, evenementenaanbod, cultureel aanbod en sfeer en gezelligheid is mensen gevraagd het oordeel te baseren op de situatie in het hele jaar 2020. Dus niet alleen op basis van de situatie op dat moment, waar veel gesloten was. Van de andere kant mochten de sluitingen van aanbod en activiteiten wel doorwegen in het oordeel.
1
Het ondernemersklimaat in de binnenstad wordt in beeld gebracht in de Monitor Vestigingsklimaat, de
kwaliteit van de woon- en leefomgeving is terug te vinden in de Wijkmonitor.
6
2. Maatschappelijke trends Het winkel- en horeca-aanbod, de leegstand en andere ontwikkelingen in de Nijmeegse binnenstad staan niet los van sociaal-maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Dit hoofdstuk bevat geen compleet overzicht van alle trends en gebeurtenissen, maar een korte schets van een aantal ontwikkelingen die belangrijk zijn voor de Nijmeegse binnenstad en dit onderzoek. De Nijmeegse bevolking zal de komende jaren geleidelijk aan groeien en vergrijzen. Sinds 2000 is de Nijmeegse bevolking met ruim 25.000 inwoners gegroeid. Dat is een plus van 17% tegen 10% landelijk. Ook ten opzichte van vergelijkbare steden2 is de groei bovengemiddeld. Daarbij lag het accent van de groei binnen de groepen 20-ers en 60-ers. De eerste groep groeit op basis van de toegenomen aanzuiging van de opleidingen (HAN, RU) in de stad, de tweede groep door het opschuiven van de grote naoorlogse geboortegeneraties in de ‘eigen’ Nijmeegse bevolking. De komende jaren zal het inwoneraantal blijven groeien, tot naar verwachting 198.500 in 20353, waarbij de sterkste toename wordt verwacht in de groep van 70 tot 80 jaar oud (gemeente Nijmegen, 2018). Voor de hele regio Arnhem-Nijmegen wordt verwacht dat in 2030 ongeveer 20 tot 25 procent van de inwoners 65 jaar of ouder zal zijn (CBS en PBL, 2016).
Deze (toekomstige) ouderen hebben over het algemeen relatief veel te besteden maar zijn minder mobiel en meer gericht op verzorging, service en comfort (Inretail, 2013). Internetwinkelen zit nog steeds in de lift. In relatief korte tijd is een flink deel van de omzet van consumenten verschoven van de fysieke winkels naar internet. Daarbij is de non-food detailhandel in winkels het meest geraakt en dat is juist een specialisme van binnensteden. Met name in de branches elektronica, sport, schoenen en mode bestaat veel online concurrentie. Daarnaast is de online oriëntatie vóór de aankoop sterk gestegen. Meer consumenten oriënteren zich online voordat ze overgaan tot koop, off- en online. Daar begint dus de ‘klantreis’ voor velen (ABN-AMRO insights) en minder dan vroeger lopend in de winkelstraat. De verwachting is dat in de nabije toekomst het aandeel online aankopen zal blijven stijgen. Door de coronamaatregelen en de gedragsreacties van consumenten op het virus is de ontwikkeling naar online in een stroomversnelling gekomen. Ook minder geraakte sectoren (supermarktaankopen en restaurants / fastfood) hebben een enorme inhaalslag gemaakt richting online. Door het sluiten van de horeca voor bezoek en het ontbreken van evenementen is de sterke verschuiving van binnensteden van aankoopplaats naar ontmoetingsplaats plotseling tot stilstand gekomen.
De economische situatie in Nederland is sterk verslechterd in 2020. De afgelopen jaren kende een sterke groei van het BBP, banen en inmiddels ook inkomens. In dit jaar zijn de bestedingsmogelijkheden in binnensteden sterk ingeperkt in de eerste en tweede lockdown. Dit raakte de binnenstad bovengemiddeld hard. In de stad als geheel viel ca. 24% van de banen binnen de zgn. getroffen sectoren in de TOGS-regeling van het voorjaar van 2020. In de binnenstad was dat 45% van de banen. In de periode 1 juni tot half oktober 2 Vergelijkingssteden Enschede, Arnhem, Nijmegen, Leiden, Tilburg, Eindhoven en Maastricht
(Groningen kende grootschalige herindelingen/samenvoegingen) 3 In een meer behoudend scenario m.n. wat betreft de studenteninstroom zou het aantal in 2035 op
188.500 uitkomen
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
7
kon de binnenstad, met beperkingen, nagenoeg normaal functioneren. We zagen volle terrassen, wachtenden bij de winkels, een herstel van parkeertransacties tot bijna normale aantallen. Mensen bleven wel korter en de drukte op straat bleef op ca. 20% onder het niveau van een jaar eerder. Vanaf half oktober kwam hieraan met de tweede lockdown een einde voor de horeca en vanaf half december 2020 ook voor de non-food winkels.
8
3. Winkelaanbod Verkooppunten en winkeloppervlak naar branchegroep In het Nijmeegse stadscentrum staan relatief grote panden uit de wederopbouwperiode en de winkelsamenstelling bleef ten opzichte van andere binnensteden lang vrij breed en gevarieerd. Langer dan in andere binnensteden bleef een behoorlijk deel van het aanbod gericht op doelgerichte aankopen (bijvoorbeeld woninginrichting, elektro). Vanaf ca. 1990 daalde ook in Nijmegen het oppervlak aan doelgerichte aankopen flink. Meestal betrof dit verdwenen meubelzaken, die grotendeels zijn verbouwd tot woningen, met een commerciële “plint” op de begane grond. Het centrale winkelaanbod at in gebruik is voor detailhandel beslaat in januari 2021 83.000 m2 winkelvloeroppervlak (excl. leegstand) en circa 393 vestigingen. Sinds het maximum in 2006 neemt het totaal aantal voor detailhandel in gebruik zijnde (winkel) verkooppunten geleidelijk aan af in de gehele Nijmeegse binnenstad (-136 winkels, -26%). Daarentegen neemt het aantal verkooppunten voor leisure (horeca, cultuur en ontspanning) de laatste jaren duidelijk toe (+52, +20%). Figuur 1: Aantal verkooppunten in de Nijmeegse binnenstad (in januari van ieder jaar)
350 300 250 200 150 100 50 0 04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
dagelijks
vergelijkend winkelen
doelgerichte aankopen
leegstand
18
19
20
21
leisure
Bron: Locatus, bewerking O&S Nijmegen.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
9
Figuur 2: Het winkelvloeroppervlak in m2 in de Nijmeegse binnenstad (in januari van ieder jaar)
70000
60000 50000
40000 30000
20000 10000
0 04
05
06
07
08
09
10
11
12
13
14
15
16
17
dagelijks artikelen
vergelijkend winkelen
doelgerichte aankopen
zuivere winkelleegstand
18
19
20
21
Bron: Locatus, bewerking O&S Nijmegen.
Er is een duidelijke verschuiving zichtbaar tussen vanaf 2016. Het failliet gaan van de V&D heeft voor een duidelijke daling in het aantal vierkante meters vergelijkend winkelen gezorgd. Een groot deel van het pand dat door de V&D werd achtergelaten is eerst overgenomen door Topshelf, en daarna door All About Living-woninginrichting, beide in zgn. “doelgerichte aankopen” en vervolgens (deels)door Decathlon (Sport/doelgericht) en TKmaxx (mode en luxe art/vergelijkend winkelen), en Jumbo/La Place (food en horeca). Hierdoor is ook het aantal vierkante meters winkelvloeroppervlak (WVO) in de doelgerichte aankopen in 2017 en 2019 sterk gestegen, met daar tussenin een piekje in de leegstand. Het aanbod in WVO voor dagelijkse artikelen (food, drogisterijartikelen) zet in de laatste twee jaar de licht stijgende trend voort, geholpen door het stijgende inwonertal van de binnenstad en dichtbijgelegen woongebieden Het totale aantal vierkante meter winkelvloeroppervlak dat in gebruik is voor detailhandel, is tussen het maximum in 2006 (108.500 m2) en 2021 (83.000 m2) met ongeveer 25.000 m2 afgenomen. Voor een deel kan deze daling worden toegeschreven aan het nog maar deels in gebruik nemen van het voormalige V&D-pand. Voor een ander deel aan de omzetting naar leisurefuncties (horeca, cultuur en ontspanning), omzetting naar wonen en naar leegstand of sloop.
10
Detailhandelsleegstand Figuur 3: Zuivere detailhandelsleegstand4 in winkeloppervlak en winkelunits (in januari van ieder jaar) 09 10 in winkelunits 58 63 in oppervlakte (m2) 9800 9600 Percentage 8,6 8,9 * 5,9% excl. vm. V&D, 12,7 inclusief
11 72 9100 8,6
12 60 8500 8,1
13 76 9600 9,2
14 73 9200 8,6
15 96 12100 10,6
16 89 10200 8,8
17 71 8100 7,6
18 56 12780 5,9/12,7*
19 54 6180 6,2
20
21
86
69
6440 7,2%
5950 6,7%
Bron: Locatus, bewerking O&S Nijmegen.
In januari 2021 stonden 69 van de 905 units in detailhandel, horeca, dienstverlening et cetera (de zogenaamde verkooppunten) leeg. De oppervlakte aan zuivere detailhandelsleegstand was met 5.950 m2 op dat moment 6,7%. Het leegstandspercentage zit daarmee aan de onderkant van de bandbreedte in de laatste jaren en is ook lager dan gemiddeld in vergelijkbare binnensteden. Samengevat zien we dus een tamelijk laag leegstandpercentage in de detailhandel, maar wel binnen een flink krimpende winkelfunctie. Voor een deel is deze winkelruimte uit de statistieken verdwenen, voor een ander deel komt de ruimte terug in andere functies. Traditioneel is er meer leegstand aanwezig in de ringstraten en buiten de binnenstadskern dan in de binnenstadskern (‘winkelcircuit’). In 2021 valt op dat bínnen het centrale winkelcircuit de leegstand in de Molenpoortpassage domineert. In de ringstraten zien we betere resultaten. Leegstand is daar beperkt en niet structureel. De hoek Bloemerstraat/Doddendaal (Intersportpand) was met meerdere ruimten grote ruimten in het verleden een vaste post in de structurele leegstand. Door de sloop is het gebouw uit de statistieken verdwenen. Samenvattend lijken de pure detailhandelsstraten het wél goed te doen waar het de topstraten betreft. Buiten die topstraten is het voordeliger een mix van functies te hebben, waaronder de in de afgelopen jaren florerende horeca.
4
De leegstand die dataleverancier Locatus in winkelgebieden inventariseert, omvat niet alleen
detailhandelsleegstand, maar ook leegstand in horeca en consumentgerichte dienstverlening. Deze inventarisatie is niet continu en afhankelijk van toevalligheden. Voor de bepaling van de zuivere detailhandelsleegstand schrijft Locatus een correctie voor die voor Nijmegen-Centrum resulteert in 6,7% zuivere detailhandelsleegstand. Zonder de correctie zou de ‘bruto leegstand’ 9,6% bedragen (zie ook notitie: ‘Leegstand: wat verstaan we daar nu onder?’, Locatus, 2015).
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
11
Figuur 4: Leegstaande panden in het centrum van Nijmegen, januari 2021.
Bron: Locatus, 2021
Branchering Figuur 5: Winkelaanbod en zuivere leegstand in m2 WVO in centrale winkelgebieden van steden (120.000-225.000 inwoners), januari 2021.
0%
10%
Arnhem
12,5%
Breda
9,4%
Eindhoven
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
13,3%
Enschede 5,4%
Groningen
12,4%
Haarlem 5,3% Leiden
13,4%
Maastricht
14,2%
Nijmegen 6,7% S Hertogenbosch 6,4% Tilburg
14,5%
zuivere detailhandelleegstand
dagelijks
Bron: Locatus 2021, bewerking O&S Nijmegen.
12
vergelijkend winkelen
doelgerichte aankopen
In vergelijking met andere binnensteden valt vooral de vrij beperkte leegstand op. Dat zijn wel een beetje ‘dagkoersen’ omdat steden verschillen in het absorberen van het oude V&Den Hudsons Bay-vastgoed. Ook kent Nijmegen iets meer aanbod in doelgerichte aankopen, maar de verschillen met het gemiddelde zijn klein. Figuur 6: Brancheverdeling in het kernwinkelgebied van Nijmegen, op straatniveau, 2019.
Bron: Locatus, 2019.
In Nijmegen valt op dat de verschillende branchegroepen een zekere mate van ruimtelijke ordening kennen. Zo treffen we mode en luxeartikelen (oranje op de kaart) vooral in de winkelkern aan. Horecavoorzieningen, geel op de kaart) zien we geconcentreerd aan de uiteinden van het winkelgebied en in de horeca-accentgebieden. Winkels die dagelijkse artikelen aanbieden liggen verspreid door het winkelgebied heen, met een zeker accent op de “poorten” van het winkelgebied.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
13
4. Bezoekniveau en druktebeeld Bezoekniveau Op basis van steekproeftellingen die eens per twee jaar worden gehouden, geeft Locatus een indicatie van het gemiddelde weekbezoek aan de Nijmeegse binnenstad tijdens de traditionele winkeluren5. In 2018 bezochten volgens de rekenregel van Locatus gemiddeld 210.000 bezoekers per week de Nijmeegse binnenstad. In 2020 is er weer gemeten, eind september. Dat was nog niet in de tweede lockdown, maar wel met sterk gelimiteerde inpandige horeca en beperkt toegankelijke winkels. Op dat moment was het toch beduidend minder druk in de binnenstad. Locatus schat het aantal bezoekers op weekbasis op 123.000, ca. 40% minder dan in 2018. Via de parkeerafzetcijfers en elektronische passantentellingen beschikken we - naast de summiere tweejaarlijkse steekproeftellingen van Locatus - ook over 24/7 geregistreerde gegevens. In de jaarcijfers parkeren zien we in 2020 23% minder parkeertransacties en 30% minder afgezette parkeertijd dan in 2019. De jaren daarvoor was de trend ook al licht dalend. Daarbij valt op dat het derde kwartaal van 2020 vrijwel een gelijke afzet als in hetzelfde kwartaal van 2019 kent. Het tweede kwartaal zat met transacties 40% onder 2019 en 50% lager in parkeerduur. Het vierde kwartaal kende eveneens de helft minder parkeerduur maar dan met één derde minder transacties. In de lockdown-perioden wordt dus de verblijfstijd korter.
Normaal is twee uur en een kwartier parkeertijd, in de lockdown is dat 25 minuten korter (1 uur en 50 minuten). Per maand bezien, was april 2020 het dieptepunt met - 75% parkeertijd, in december 2020 (voor de helft in de tweede strenge lockdown) werden 48% minder transacties en 58% minder parkeeruren geregistreerd dan december een jaar ervoor. De maand juli 2020 presteerde daarentegen boven normaal, met iets meer afgezette parkeeruren (+13%) en transacties (+11%) dan dezelfde maand in 2019. Passanten Voor de sensormetingen van passanten hebben we nog niet zo’n lange tijd reeks als voor de parkeerdata. Vanaf februari 2019 zijn gegevens beschikbaar voor een aantal continu gemeten centrumstraten en het stationsgebied.
5 Locatus maakt een schatting op basis van één teldag en transactiegegevens waar zij over beschikken.
Op de teldag wordt van 10:00 tot 17:00 uur geteld, bezoek buiten die uren blijft buiten beschouwing. Uiteindelijk bepalen de acht drukste telpunten het gemiddeld weekbezoek van het stadscentrum. Het meten van het bezoekniveau van de binnenstad is sterk in ontwikkeling (ook bij Locatus). Verschillende partijen zijn op dit moment telmethoden aan het ontwikkelen en vernieuwen, bijvoorbeeld elektronische continu tellingen.
14
160 140 120 100 80 60
40 20 0
index, gemiddelde2019 =100 f m a m
j
j
a
s
o
n
d
j
f m a m
19
j
j
a
s
o
n
d
20
Figuur 7 Gemeten passanten in enkele winkelstraten en het stationsgebied, februari 2019-december 2020; index gemiddelde van 2019 = 100
Wanneer we de drukte per maand in 2020 vergelijken met 2019, ontstaat het onderstaande beeld. 120 100 80 60
40 20
index, zelfde maand 1 jaar eerder =100
0 f
m
a
m
j
j
a
s
o
n
d
De maand april 2019 was een heel drukke maand. April 2020 is daardoor nog eens extra zwaar in de min. Twee derde minder mensen op straat. Daarna volgt wel een herstel, maar zelfs in de goede maanden blijft de teller steken op een afname van rond de 20% in het druktebeeld. De gehele periode februari t/m december 2020 komt 37% lager uit in druktebeeld dan dezelfde periode in 2019.
Druktebeeld In Figuur 8 is te zien in welke gebieden van het kernwinkelgebied in 2018 de meeste passanten kwamen. De Molenstraat, Broerstraat en Burchtstraat en de Grote Markt kenden de meeste passanten in de binnenstad. In de straten aan de rand van het winkelgebied worden traditioneel minder passanten geteld.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
15
In 2020 is geteld eind september, vlak vóór de tweede lockdown. Dat was nog met open winkels (wel met beperkte toegang), open terrassen en gesloten inpandige horeca. In Figuur 9 is de spreiding van passanten op dat moment in beeld gebracht. De drukte zit twee niveaus lager dan in 2018. Straten met meer dan 20.000 passanten komen in 2020 niet voor. Figuur 8: Verdeling van het aantal passanten het kernwinkelgebied van Nijmegen 2018 (zie legenda).
Bron: Locatus, 2019.
16
Figuur 9 Verdeling van het aantal passanten het kernwinkelgebied van Nijmegen 2020 (zie legenda).
Marikenstraat, benedenniveau Bron: Locatus, 2021
Het bestaan van zogenaamde A1, A2, B en C-locaties hangt samen met het aantal passanten ter plaatse. Bij een A1-locatie bedraagt het aantal passanten 75% tot 100% van de drukste plaats. Dit zijn de locaties in het Nijmeegse stadscentrum die het gunstigst liggen in de routing. Voor A2, B en C-locaties zijn respectievelijk 50% tot 75%, 25% tot 50% en 10% tot 25% van het hoogst getelde aantal passanten de grenswaarden. A2-locaties zitten wat meer aan de rand van het stadshart, maar profiteren wel mee van de klantenrouting in het centrum. Ze liggen vaak in de buurt van parkeerplaatsen. B-locaties zijn vaak wat beter te bereiken met het openbaar vervoer en de auto. Dat geldt ook voor Clocaties, waar duidelijk minder passanten komen. Winkels op deze locaties hebben vaak meer mogelijkheden voor de klant om te parkeren in de buurt.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
17
Figuur 10: Locatiesegmentatie in het kernwinkelgebied van Nijmegen 2020, op straatniveau (straatnaamlabels niet altijd correct!)
Bron: Locatus, 2021.
De drukste winkelstraten zijn als A1 segment aangemerkt (rood) en duidelijk zichtbaar in de kaart. Het segment waarin winkelstraten zich bevinden wordt bepaald op basis van het verschil met het aantal passanten op het drukste punt in het stadscentrum. Ondanks het lagere aantal passanten, is het beeld van 2020 naar locatiesegment niet heel erg afwijkend van 2018. Omdat de “standkwaliteit” een percentage is van het aantal passanten op het drukste punt is dit logisch. Alles schuift mee. Opvallend is wel dat in 2020 het A2 milieu (met 50-75% van de drukte van het drukste punt) niet voorkomt. Burchtstraat Noordzijde en ten oosten van de Marikenstraat gaat omhoog van A2 naar A1 en de Molenstraat komt een stapje lager uit (van A2 naar B1).
18
5. Bezoekers en bezoekgedrag Inleiding Aan bezoekers van de binnenstad zijn verschillende vragen voorgelegd over henzelf, het bezoek en de waardering van verschillende aspecten van de Nijmeegse binnenstad. Door de opzet van het onderzoek kunnen de resultaten afwijken van het werkelijke totale binnenstadsbezoek. Mensen met een erg korte verblijfstijd en mensen die de kern van de binnenstad niet bezoeken tijdens de veldwerkperiode hebben een kleinere trefkans respectievelijk geen trefkans in het onderzoek. Passanten met een lange verblijfsduur hebben juist een hogere trefkans. Door de tijden waarop de enquêteurs in de stad aanwezig waren is de trefkans voor het uitgaanspubliek en publiek voor de culturele instellingen ook een stuk kleiner. De wijze van benaderen is echter wel constant in vergelijking met eerdere jaren, waardoor ontwikkelingen gevolgd kunnen worden. Herkomst De herkomst van de bezoekers is een indicator van het verzorgingsgebied van de binnenstad en de populariteit als toeristische bestemming. Figuur 11: Waar woont u?
1%
Nijmegen Regio
18% 17% 64%
rest van Nederland buitenland
Logischerwijs zijn de meeste bezoekers van de binnenstad afkomstig uit Nijmegen zelf. In 2020 zijn de verhoudingen tussen de bezoekers uit Nijmegen, de regio, de rest van Nederland en buitenlandse bezoekers verschoven. Het bezoek uit het buitenland is veel kleiner en meer mensen komen uit Nijmegen zelf (2018 60%, 2020 64%). Langer terugkijkend lijkt het aantal bezoekers van buiten de regio en het buitenland steeds iets toe te nemen. Het blijft wel lastig bezoekers te benaderen (en te enquêteren) die de Nederlandse taal niet machtig zijn waardoor het bezoek uit het buitenland in deze cijfers mogelijk wordt onderschat. De groep regiobewoners neemt juist iets af in de loop van de jaren, terwijl de Nijmegenaren vrij constant blijven. Gelet op het groeiende inwonertal van de stad zou een daling ook vreemd zijn. Maar in 2020, als gevolg van de corona-pandemie en de maatregelen daartegen, dus minder buitenlanders en meer Nijmegenaren in de binnenstad.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
19
Figuur 12: Herkomst van passanten door de jaren heen.
100% 90% 80% 70% 60%
buitenland
50%
rest van Nederland Regio
40%
Nijmegen
30% 20% 10% 0% 2004
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
Vervoerswijze Figuur 13: Met welk vervoersmiddel bent u naar de binnenstad gekomen?
auto 26%
29%
fiets Openbaar Vervoer
12% 33%
te voet
De meeste bezoekers geven in 2020 aan met de fiets te zijn gekomen. De grote verliezer is het openbaar vervoer in 2020. In 2018 nog goed voor 26% van het binnenstadsbezoek en in 2020 nog maar 12%. Veel meer mensen kiezen ervoor te voet te gaan, met de fiets en in wat mindere mate met de auto, anderen zijn mogelijk weggebleven en vallen daarmee buiten de enquête. In 2020 is 85% met het vervoermiddel gekomen dat zij normaal ook zouden gebruiken. De grootste groepen die anders reizen, zijn mensen die van fiets naar bus of te voet gaan en van bus of trein naar auto. Bij die laatste groep was voor ca. 40% van de mensen corona de reden van de overstap.
20
Figuur 14: Vervoersmiddel van de bezoekers door de jaren heen. 100% 90% 80%
70% 60%
te voet Openbaar Vervoer
50%
fiets
40%
auto
30% 20% 10% 0% 1993 1994 1996 1998 2000 2002 2004 2006 2008 2010 2012 2014 2016 2018 2020
Bezoekdoel Tijdens het onderzoek is aan passanten gevraagd wat de voornaamste doelen van het bezoek aan de Nijmeegse binnenstad waren. De mogelijke bezoekdoelen zijn opgedeeld in drie categorieën, winkelen, recreëren en functioneel bezoek. Onder winkelen valt ook het marktbezoek. Onder recreëren vallen diegenen die aangaven dat een bezoek aan de horeca of gewoon het kijken en wandelen één van de hoofddoelen van het bezoek was. Onder functioneel bezoek vallen ook de passanten die aangaven op weg te zijn naar huis of naar het werk of van een specifieke dienst gebruik te maken. Figuur 15: Met welk doel bezoekt u de binnenstad?
7%
winkelen
29% 64%
recreëren functioneel bezoek
In 2020 is winkelen een veel prominenter bezoekdoel dan in 2018. In 64% van de antwoorden kwam dit terug (2018: 51%). Recreatief bezoek aan de binnenstad komt in 29% van de antwoorden terug als hoofddoel van de passanten, veel minder dan eerder. Dit is een breuk met het langjarige beeld van een toename van recreatief bezoek ten koste van het winkelen. Binnen het recreatieve bezoek zien we een verschuiving: veel minder horeca als bezoekdoel en veel meer “kijken en wandelen”, in lijn met de grotere groep Nijmegenaren, die te voet wat “verstrooiing” zoekt in de binnenstad. Functioneel bezoek komt ook iets lager uit doordat er minder werkenden in de binnenstad zijn aangetroffen.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
21
Figuur 16: Bezoekdoelen van passanten door de jaren heen. 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0% 2000
2002
2004
2006 winkelen
2008 recreëren
2010
2012
2014
2016
2018
2020
functioneel bezoek
Bezoekfrequentie Figuur 17 Hoe vaak bezoekt u de binnenstad van Nijmegen?
1-7 x p week 1-2 x p maand
incidenteel Bijna 60% van de passanten bezoekt het stadscentrum van Nijmegen ten minste wekelijks. De groep die 1-2 keer per maand de binnenstad bezoekt is in 2020 met 27% groter dan eerder (2018: 22%). Incidentele bezoekers zijn er wat minder. De groep mensen die Nijmegen voor het eerst bezoekt is in 2020 de helft kleiner dan eerder (2,5% nu, 5% in 2018).
22
Figuur 18: Bezoekfrequentie door de jaren heen. 100%
90% 80% 70% 60%
incidenteel
50%
1-2 x p maand
40%
1-7 x p week
30% 20% 10% 0% 1993 1995 1996 1998 2000 2002 2004 2006 2008 2010 2012 2014 2016 2018 2020
Verblijfstijd Figuur 19: Hoe lang denkt u in totaal in de binnenstad te verblijven?
korter dan 2 uur
11%
2 tot 4 uur 33%
56%
langer dan 4 uur Wat betreft verblijfstijd laat 2020 een heel ander beeld zien dan eerdere jaren. Waar eerder de grootste groep 2-4 uur doorbracht in de binnenstad, is nu de groep die korter dan twee uur blijft in de meerderheid. De beperkte horeca, incl. minder mogelijkheden om van sanitair gebruik te maken, zullen alleen al biologisch een lang verblijf in de binnenstad bemoeilijkt hebben voor delen van de bezoekersgroep. Dit korte verblijf is een breuk met de trend uit het verleden, waarbij kort verblijf juist afnam, hand in hand met de toename van recreatieve bezoekdoelen en de groei van het horeca-aanbod.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
23
Figuur 20: Verblijfstijd van bezoekers door de jaren heen. 100% 90% 80% 70% 60%
langer dan 4 uur
50%
2 tot 4 uur
40%
korter dan 2 uur
30% 20% 10% 0% 2004
2006
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
Bestedingen Figuur 21: Wat denkt u in totaal uit te geven in dit bezoek aan de binnenstad?
31%
30%
minder dan 10 euro 10 tot 50 euro
38%
meer dan 50 euro
In de bestedingen zit er niet heel veel verschil tussen 2020 en eerdere jaren. Er ligt iets meer accent op wat lagere bedragen.
24
Figuur 22: De uitgaven van bezoekers door de jaren heen. 100%
90% 80% 70%
60% meer dan 50 euro 50%
10 tot 50 euro
40%
minder dan 10 euro
30% 20% 10%
0% 2004
2006
2008
2010
2012
2014
2016
2018
2020
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
25
6. Waardering voor de binnenstad Inleiding Sinds 1996 wordt aan bezoekers gevraagd een waardering te geven voor de Nijmeegse binnenstad in het algemeen, en voor 16 deelaspecten. Deze rapportcijfers geven daardoor niet alleen een goede indicatie hoe het stadscentrum ervoor staat volgens de bezoekers, maar ook over de ontwikkelingen in de loop van de jaren op de verschillende deelgebieden. In 2020 was tijdens het veldwerk van oktober-november door corona-maatregelen sprake van een abnormale situatie. Horeca-, evenementen- en cultureel aanbod was ernstig ingeperkt in de activiteiten. Aan de enquêteurs is de instructie meegegeven te vragen naar het oordeel over héél 2020, dus niet alleen de gedeeltelijke lockdown-situatie van dat moment. Maar de lockdown mocht wel betrokken worden/meewegen in het oordeel. Het aanbod Figuur 23: Algemene waardering voor de Nijmeegse binnenstad en de waardering van het aanbod door passanten6.
Nijmeegse binnenstad
2018 2020 trend v/a 1996 7,7 7,6
cultureel aanbod horeca-aanbod varieteit winkels kwaliteit winkels evenementenaanbod
7,4 8,1 7,3 7,5 7,5
7,5 8,1 7,3 7,5 7,6
Met een 7,6 krijgt het stadscentrum van Nijmegen opnieuw een (zeer) ruime voldoende van bezoekers als algemeen oordeel, wel iets lager dan in 2018. Daarbinnen wordt (ondanks de gedeeltelijke sluiting van dat moment) vooral het horeca-aanbod met een 8,1 goed gewaardeerd. In vergelijking met 2018 is de waardering voor het culturele en evenementenaanbod zelfs iets gestegen, wederom ondanks de coronabeperkingen. Verder terugkijkend zijn de algemene waardering voor de Nijmeegse binnenstad en de verschillende waarderingen voor de deelaspecten geleidelijk gestegen, vanaf soms bescheiden niveaus bij het begin van de metingen in 1996.
6
Evenementenaanbod wordt sinds 2006 gemeten.
26
De ambiance Figuur 24: Waardering van de ambiance van de Nijmeegse binnenstad door passanten7.
sfeer/gezelligheid veiligheid netheid inrichting groen in binnenstad
2018 2020 trend v/a 1996 7,7 7,7 7,6 7,5 7,3 7,1 7,1 7,2 6,2 6,3
De waardering voor de verschillende onderdelen van de ambiance van de binnenstad is in 2020 voldoende tot ruim voldoende. Met een 6,3 voor het groen in de binnenstad blijft dit aspect in waardering wat achter op de andere. Wel is er door de jaren heen grosso modo een positieve ontwikkeling in het oordeel over groen in de binnenstad. De laatste jaren is de hoge waardering voor de verschillende deelaspecten vastgehouden of licht verbeterd. Verder terugkijkend zien we vooral tussen 2008 en 2012 een dip in de waardering voor de verschillende aspecten van de ambiance8. Vooral het verbouwen van Plein 1944 zorgde voor de nodige overlast voor bezoekers van de binnenstad. Met het afronden van de bouwprojecten steeg ook de waardering voor de ambiance en zit deze voor de verschillende aspecten weer op hetzelfde niveau of hoger dan voor de aanvang. In 2020 valt wel de terugval in het oordeel over de netheid op. Dat heeft te maken met de omschakeling van de horeca op afhalen. De normale capaciteit van de openbare afvalbakken was onvoldoende om de afgehaalde voedsel- en drankverpakkingen te kunnen bergen. Hierdoor ontstond meer zwerfafval dan normaal.
7 Naar een rapportcijfer voor het groen in de binnenstad wordt pas sinds 2006 gevraagd. 8 Zie ook figuur 25 op bladzijde 32.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
27
De bereikbaarheid
bereikbaarheid fiets fietsstalling bereikbaarheid OV bereikbaarheid auto parkeerplaatsen parkeertarief
2018 2020 trend v/a 1996 8,2 8,0 7,5 7,3 7,9 7,7 6,9 6,9 6,8 7,0 5,2 5,4
De verschillende aspecten van de bereikbaarheid van de binnenstad worden voldoende tot goed beoordeeld door bezoekers. Enkel de parkeertarieven krijgen met een 5,4 een onvoldoende. Dit rapportcijfer is wel sterk gestegen na 2012, plus 1,5 rapportpunt vanaf 3,9. In 2013 is het goedkope avondtarief voor de parkeergarages ingevoerd. Mogelijk is dat de achtergrond van deze opmerkelijke verbetering in de waardering. De overige scores voor de bereikbaarheid per auto verandert in 2020 niet ten opzichte van 2018. De beschikbaarheid van parkeerplaatsen krijgt een ruim voldoende. Langer terugkijkend zien we dat bereikbaarheid per auto en de beschikbaarheid van parkeerplaatsen juist tot de sterkst verbeterde aspecten behoren (van 5,1 en 4,9 in 1996 naar 6,9 en 7,0 in 2020 dus +1,8 en 2,1 punt). In 2020 is voor het eerst gevraagd naar een rapportcijfer voor transferia. Degenen die daar wat over konden zeggen geven een 6,5. De waarderingen voor de bereikbaarheid per fiets en de stallingsmogelijkheden doen in 2020 een stapje terug, na een sterke verbetering in de periode daarvoor. De bereikbaarheid per OV doet een stap terug in 2020. Naast de corona-effecten op het OV, is er in 2020 ten opzichte van 2018 sprake van een andere lijnvoering van en naar het stadscentrum, mede door de renovatie van de Waalbrug.
28
Totaalbeeld Alle cijfers op een rij geven een positief beeld van de ontwikkelingen in de waardering voor de Nijmeegse binnenstad de afgelopen jaren. Figuur 25: Totaaloverzicht van de waarderingen van bezoekers sinds 1996. algemeen oordeel cultureel aanbod horeca-aanbod varieteit winkels kwaliteit winkels evenementenaanbod
sfeer/gezelligheid veiligheid netheid inrichting groen in binnenstad
bereikbaarheid fiets fietsstalling bereikbaarheid OV bereikbaarheid auto parkeerplaatsen parkeertarief
1996 6,9
1998 7,1
2000 7,3
2002 7,2
2004 7,2
2006 7,4
2008 7,4
2010 7,4
2012 7,4
2014 7,5
2016 7,5
2018 7,7
2020 7,6
6,8 7,5 6,7 6,8
7,0 7,5 6,8 7,0
7,1 7,5 6,9 7,2
7,1 7,3 6,9 7,2
7,2 7,5 6,9 7,2
7,2 7,5 7,1 7,3 7,0
7,2 7,6 7,1 7,3 7,2
7,3 7,5 7,1 7,4 7,3
7,3 7,6 7,1 7,4 7,3
7,3 7,7 7,2 7,4 7,3
7,2 7,8 7,1 7,3 7,5
7,4 8,1 7,3 7,5 7,5
7,5 8,1 7,3 7,5 7,6
1996 6,8 6,6 6,3 6,2
1998 6,9 6,7 6,7 6,5
2000 7,1 6,9 6,7 6,9
2002 7,1 6,8 6,8 6,8
2004 7,3 7,1 6,8 6,9
2006 7,4 7,2 7,0 6,9 5,9
2008 7,3 7,2 7,1 6,8 6,0
2010 7,4 7,1 6,8 6,7 5,7
2012 7,4 7,1 7,0 6,6 5,6
2014 7,6 7,4 7,2 6,9 6,0
2016 7,5 7,5 7,2 7,0 6,3
2018 7,7 7,6 7,3 7,1 6,2
2020 7,7 7,5 7,1 7,2 6,3
1996 7,5 6,2 7,2 5,1 4,9 4,4
1998 7,1 5,6 7,3 5,6 5,7 5,0
2000 7,2 6,0 7,2 5,7 5,8 5,3
2002 7,4 6,3 7,2 5,9 5,7 4,4
2004 7,5 6,4 7,4 5,7 5,5 4,1
2006 7,5 6,6 7,4 5,4 5,2 4,0
2008 7,5 6,6 7,5 5,7 5,3 4,2
2010 7,4 5,9 7,2 5,9 5,4 4,2
2012 7,7 6,1 7,5 6,0 5,7 3,9
2014 7,8 7,3 7,6 6,9 6,7 4,7
2016 7,7 7,2 7,6 6,9 6,8 5,2
2018 8,2 7,5 7,9 6,9 6,8 5,2
2020 8,0 7,3 7,7 6,9 7,0 5,4
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
29
7. Beleving van de binnenstad Om het hoofd te bieden aan de opkomst van het internetwinkelen richten steeds meer stadscentra zich op de belevingswaarde van de omgeving. Niet de mogelijkheid tot aankoop, maar de ervaring eromheen staat in toenemende mate centraal. Van ‘place to buy’ naar ‘place to meet’. Om de belevingswaarde van het Nijmeegse stadscentrum te peilen is er aan passanten een aantal stellingen voorgelegd. Figuur 26: Antwoorden van passanten op stellingen over het Nijmeegse stadscentrum. 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
90%
100%
leegstaande winkels storend aanwezig levendige plek eigen karakter
aangenaam verrast aanbevelen bij vrienden/ familie waalkade hoort er bij valkhofkwartier is niet te missen veilig in coronatijd
helemaal mee eens
mee eens
noch eens, noch oneens
mee oneens
Over het algemeen is de belevingswaarde van de Nijmeegse binnenstad vrij goed. Op de meeste stellingen wordt overwegend positief gereageerd. Uitzondering hierop is de stellingen of leegstand storend aanwezig is. 33% is het hiermee eens of helemaal eens (en dus negatief), 54% kijkt hier positiever tegenaan, 14% neutraal. Dit oordeel is vergelijkbaar met 2018, maar slechter dan in 2016. Ook de stellingen of de specifieke deelgebieden van de binnenstad, de Waalkade en het Valkhofkwartier erbij horen worden wat minder vanzelfsprekend gevonden. Ten opzichte van 2018 is het binnenstadsbezoek wat meer bekend met Nijmegen, minder mensen van ver weg, minder incidentele en eerste-keer-bezoekers. We zien mogelijk daarom in 2020 lagere scores op “aangenaam verrast”, “aanbevelen bij vrienden/familie”. Specifiek is in 2020 gevraagd of mensen zich veilig voelen in de binnenstad. Dat is voor driekwart van de bezoekers het geval. 14% voelt zich minder veilig.
30
helemaal mee oneens
Figuur 27: Vindt u het stadscentrum er de afgelopen jaren er op vooruit of achteruit gegaan?
45% 40% 35% 30% 25% 20% 15% 10% 5%
0% vooruit
geen verandering
achteruit
In 2020 vindt 39%van de bezoekers dat het stadscentrum erop vooruit is gegaan de afgelopen jaren (2018 42%). Ongeveer 20% van de bezoekers constateert een achteruitgang (2018 14%). Dit is dus minder vooruitgang, en tegelijk ook duidelijk meer geconstateerde achteruitgang. Per saldo is het oordeel over de ontwikkeling in de afgelopen jaren daarmee per saldo nog steeds positief, maar wel duidelijk minder dan in 2018.
Gevraagd naar de achtergronden van dit oordeel, komt bij de negatieve ontwikkelingen de structuurverandering in de detailhandel naar voren, met de concurrentie van online en de gevolgen daarvan voor het winkelaanbod en leegstand. Aan de pluskant staat ook 6 jaar na oplevering Plein 1944 nog centraal. Ook de herinrichting van de Waalkade is opgemerkt. Andere pluspunten zijn nieuwe horeca en
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
31
winkelaanbod en (waarschijnlijk het uit de hoofdwinkelstraten verdwijnen van) de bussen. Voor de rest veel positieve uitspraken over sfeer, mooiere inrichting en groen.
Figuur 28: Denkt u dat het stadscentrum er de komende jaren er op vooruit of achteruit gaat?
50% 45% 40% 35%
30% 25% 20% 15%
10% 5% 0% vooruit
geen verandering
achteruit
Passanten zijn nog steeds per saldo positief over de toekomst van het stadscentrum van Nijmegen, maar wel veel minder dan in 2018. Het deel van de respondenten dat een vooruitgang verwacht in de komende jaren is 10 procentpunten groter dan het percentage dat verwacht dat het stadscentrum er de komende jaren op achteruit gaat. In 2018 was het verschil nog 33 procentpunten. In 2020 verwacht 33% vooruitgang (was in 2018 42%) en 24% een achteruitgang (was in 2018 9%).
De positieve antwoorden zijn vooral gericht op het vertrouwen in de verbeteringsplannen van de gemeente, lijkt het, om de binnenstad mooier en groener te maken.
32
Diegenen die een negatieve ontwikkeling verwachten, geven aan dat de toenemende leegstand en concurrentie met het online winkels het stadscentrum geen goed zal doen de komende jaren. Ook de corona en crisisverwachtingen worden aangevoerd door mensen die de toekomst voor de binnenstad somber inzien.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
33
8. Beleidsinitiatieven en aanpakprioriteiten Beleidsinitiatieven/projecten In de vragenlijst zijn enkele recente beleidsinitiatieven of projecten voorgelegd met de vraag of mensen daar bekend mee zijn. 0%
10%
20%
30%
40%
50%
60%
70%
80%
onbekend mee
nvt
90%
100%
Nieuwe inrichting Waalkade
Toer. Route Groene Lijn
Lokale regels fietsparkeren
Transferia
gezien/gebruikt
bekend mee
van gehoord
De nieuwe inrichting van de Waalkade is het meest ingeburgerd. Een ruime meerderheid van de passanten in het centrum geeft dat wel eens gezien of bezocht, is er bekend mee of heeft ervan gehoord. De toeristische route “De groene lijn” is ook voor meer dan de helft van de mensen niet onbekend. De lokale regels rond fietsparkeren zijn niet voor iedereen van toepassing. Onder fietsers is ongeveer twee derde daarmee bekend en één derde onbekend. Ook transferia zijn niet voor iedereen relevant. Van de 200 autobezoekers waarvoor het wel van toepassing is, heeft 3% er gebruik van gemaakt of het gezien, 44% is er bekend mee of heeft ervan gehoord en 53% is er onbekend mee. De mensen die er een oordeel over kunnen geven, waarderen de transferia met een 6,5.
34
Aanpakprioriteiten In de vragenlijst is ook gevraagd welke zaken de gemeente met voorrang zou moeten aanpakken wanneer het gaat om de binnenstad. Mensen konden drie mogelijkheden aangeven. Onderstaand het beeld van de termen die mensen gebruiken binnen hun suggesties. De omvang van de woorden zegt iets over het aantal keren dat het genoemd is.
Van de maximaal drie prioriteiten die door de 870 respondenten zijn genoemd is met tekstanalyse een top tien gemaakt (Figuur 29).
Figuur 29 Aanpakprioriteiten volgens de binnenstadsbezoekers
Eerste plaats: meer groen Plaatsen 2-10, in willekeurige volgorde: betere bereikbaarheid betere parkeermogelijkheden voor auto, fiets en scooter lagere parkeertarieven meer diversiteit aan winkels, minder leegstand veiligheid in de avond schonere binnenstad, minder zwerfafval meer bankjes meer openbare toiletten meer handhaving (hard rijden, overlast etc.) Als (verreweg) meest genoemde komt “meer groen” naar voren. Dit is ook in lijn met de weliswaar gestegen, maar nog steeds achterblijvende waardering voor dat aspect van de binnenstad (waardering 6,3 tegenover 7,6 algemeen oordeel).
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
35
Daaronder staat een veelheid aan verbeterpunten waar moeilijk een prioriteit in is aan te geven. Sommige lijken ook wel coronatijd-gerelateerd (“zwerfafval” door tijdelijke takeaways in de horeca, “meer openbare toiletten”, mogelijk vanwege minder mogelijkheden in de horeca en wellicht ook “meer bankjes” doordat binnen zitten in de horeca niet kon). Maar het zou ook los van corona een wens kunnen zijn naar een schonere binnenstad, meer comfort in de vorm van openbare toiletten en bankjes. Andere aanpakprioriteiten clusteren rond bereikbaarheid/stallen/parkeren en rond veiligheid/toezicht.
36