CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Stads en Wijkmonitor 2025, samenvatting

Besluitronde (raadsvergadering) 10 september 2025, gemeente NijmegenBij agendapunt: D12 d.d. 27 mei 2025 over Stads- en Wijkmonitor 202513.790 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Onderzoek naar het imago van Nijmegen onder Nederlanders laat zien dat een aantal van de veel genoemde redenen om Nijmegen te bezoeken met de binnenstad te maken heeft (winkelen, horecabezoek, bekijken binnenstad, geschiedenis ervaren, museumbezoek, evenementenbezoek en recreëren rond de Waal). Ten opzichte van de eerdere metingen in 2015 en 2017 zijn horecabezoek en het bekijken van de binnenstad in 2022 vaker als bezoekredenen genoemd.

Bereikbaarheid •

•

Voor de bereikbaarheid binnen de stad met de fiets geven bewoners gemiddeld het rapportcijfer 8. De bereikbaarheid binnen de stad met de bus krijgt een 7. De bereikbaarheid binnen de stad met de auto waarderen de bewoners minder hoog, met een 6. De waardering voor de bereikbaarheid met de bus is sinds 2015 wat aan het dalen (was 7,5 in 2015). De waardering van bewoners voor de bereikbaarheid binnen de stad (6,0) is lager dan die voor de bereikbaarheid van de stad (van buiten Nijmegen de stad binnenrijden) (6,7). Najaar 2023 staat de verkeersdrukte op nummer twee in de top tien van belangrijkste stadsproblemen volgens bewoners, net als in 2021.

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

25

rapportcijfers van bewoners voor: bereikbaarheid VAN stad per auto

bereikbaarheid BINNEN stad per auto

bereikbaarheid BINNEN stad per fiets

bereikbaarheid BINNEN stad per bus

2013

2019

8,5 8,0 7,5 7,0 6,5 6,0 5,5 2015

2017

2021

2023

Figuur 14: Gemiddelde rapportcijfers van bewoners voor de bereikbaarheid per fiets, auto en bus. Bron: Burgerpeiling, O&S.

•

•

•

•

•

De waardering van binnenstadbezoekers voor bereikbaarheid van het stadscentrum met de auto (6,9) ligt in de buurt van de 6,7 die bewoners voor de bereikbaarheid van de stad met de auto geven. Voor de bereikbaarheid van het stadscentrum met het openbaar vervoer en de fiets geven bezoekers een 7,6 respectievelijk 7,9. Aan bedrijven en instellingen is in 2024 gevraagd naar de belangrijkste aandachtspunten voor de verbetering van de bedrijfsomgeving (de openbare ruimte in de directe omgeving van de vestiging). Het op een na meest aangekruiste aandachtspunt is de bereikbaarheid per auto (door 30%). Dit is duidelijk vaker gekozen dan de bereikbaarheid per openbaar vervoer (15%) en de bereikbaarheid per fiets (9%). Ook is gevraagd naar aandachtspunten voor de verbetering van het ondernemingsklimaat in Nijmegen. Hierbij is de ‘bereikbaarheid van de gehele stad’ het meest aangekruist (door 42%). Van de in Nijmegen werkende inwoners gaat 66% meestal met de fiets naar het werk (meting in 2023). Dit percentage is bij de laatste Burgerpeilingmetingen vrij stabiel. Op plek twee staat ‘met de auto’ (22%). De fiets is ook is veruit het meest gebruikte vervoermiddel voor bewoners om naar de binnenstad te gaan. Het aandeel Nijmegenaren, dat meestal met de fiets naar de binnenstad gaat, ligt voor overdag tussen de 70 en 74% en voor ’s avonds op 77% (meting in 2023).

Deze percentages zijn ten opzichte van 2021 niet veel veranderd, maar zijn wel wat hoger dan in 2019 (overdag tussen de 66 en 69% en ’s avonds 74%). Op plek twee staat ‘te voet’. Verschillende bronnen laten zien dat er de nodige parkeeroverlast ervaren wordt. Bij bedrijven en instellingen is dit het meest aangekruiste aandachtspunt voor de verbetering van de directe bedrijfsomgeving (42%). In de top tien van het aantal Meld & Herstel meldingen door bewoners is parkeeroverlast in 2024 gestegen naar de derde plaats. En ‘onvoldoende parkeerplaatsen/parkeeroverlast’ staat najaar 2023 op de tweede plaats in de ranglijst van de met voorrang aan te pakken buurtproblemen volgens de bewoners van Nijmegen. In Lindenholt, Nijmegen-Oud-West en NijmegenCentrum is het aandeel bewoners dat vaak parkeeroverlast ervaart wat hoger dan gemiddeld (27-28% versus gemiddeld 22%).

26

•

•

Het percentage bewoners, dat vaak overlast van hardrijdend verkeer ervaart, is gestegen van 29% in 2017 naar 37% in 2021 en 2023. ‘Verkeersveiligheid/hard rijden’ staat najaar 2023 op de derde plek in de lijst van de meeste genoemde buurtproblemen volgens bewoners. Het aantal geregistreerde verkeersongevallen per 100.000 Nijmegenaren lag in 2023 op 603. Dat is ongeveer even hoog als in 2019, het jaar voor de coronapandemie. Tijdens de pandemie was dit aantal lager; in de periode 2015-2018 was het hoger.

Openbare ruimte •

•

•

•

•

Het oordeel over enkele aspecten van de openbare ruimte in de stad is in 2023 weinig veranderd ten opzichte van 2021. In 2021 en 2023 vindt 58% Nijmegen een schone stad (bij metingen daarvoor was dit percentage wat hoger). In 2023 vindt 73% Nijmegen een stad met veel groen, versus 72% in 2021 (bij de metingen daarvoor was dat 74-77%). Het oordeel over het onderhoud van de wegen is ongeveer gelijk gebleven; het percentage Nijmegenaren dat tevreden is over het onderhoud van de fietspaden in de stad (69%) is groter dan het percentage dat tevreden is over het onderhoud van de wegen voor het autoverkeer in de stad (53%). Het oordeel over enkele aspecten van de openbare ruimte in de buurt is in 2023 iets minder gunstig dan in 2021: 69% van de Nijmegenaren vindt de woonbuurt schoon (71% in 2021), 77% is tevreden over de verlichting in de buurt (79% in 2021), 57% is tevreden over het onderhoud van wegen in de buurt (60% in 2021) en 54% is tevreden over de speelvoorzieningen in de buurt (58% in 2021). In 2023 is 65% tevreden over de groenvoorzieningen in de buurt en is 17% er ontevreden over. Dat ligt dicht in de buurt van de in 2021 gemeten percentages. In de jaren 2017 en 2019 was een wat hoger percentage tevreden over de groenvoorzieningen in de buurt (71 respectievelijk 68%).

Als belangrijkste buurtprobleem kwam bij de Burgerpeiling 2023 rommel en zwerfvuil naar voren, net als in 2021 en 2019. Hierbij aansluitend gaan veel Meld & Herstel meldingen van bewoners over afval en vervuiling (32% van alle meldingen in 2024, waarmee dit de grootste meldcategorie is). Ook gaan in 2024 veel meldingen over overlast (vooral over overlast van personen, vuurwerk, fietsen, andere voertuigen en geluid), parkeeroverlast, trottoirs/wandelpaden en wegen/pleinen (over fietspaden worden veel minder meldingen gedaan), straatverlichting (defecte lampen), groen (bomen, plantsoenen, grasvelden/bermen) en verkeerslichten/-borden. In de top tien van het aantal Meld & Herstel meldingen is parkeeroverlast in 2024 gestegen naar de derde plaats. ‘Onvoldoende parkeerplaatsen/parkeeroverlast’ staat najaar 2023 op de tweede plaats in de ranglijst van de met voorrang aan te pakken buurtproblemen volgens de bewoners van Nijmegen. Meldingen over vuurwerk vallen deels onder de categorie ‘overlast’ (subcategorie ‘overlast door vuurwerk’). Daarnaast is er ook een aparte meldcategorie ‘vuurwerk’. Als we de meldingen over vuurwerk bij elkaar optellen, zien we een forse stijging van 1.261 meldingen in 2023 naar 2.370 in 2024.

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

27

19.183

afval en vervuiling

12.341 10.820 10.805

overlast

8.962 8.027 5.392

parkeeroverlast

2024

3.334 2.609

wegen, paden en pleinen

4.981 3.762 3.911

straatverlichting

4.924 3.905 3.509

2023 2022

4.436 3.944 3.572

groen

verkeerslichten en -borden

3.050 1.467 1.729

straatmeubilair en paaltjes

1.521 1.260 1.286

(dode) dieren, ongedierte en hondenpoep

1.175 1.072 1.172

riolering en water

1.143 1.268 786

0

5.000

10.000

15.000

20.000

Figuur 15: Top 10 meldingen over openbare ruimte door bewoners, 2022, 2023 en 2024. Bron: registratiegegevens Meld & Herstel meldingen.

Zorg De gemeente biedt bewoners met ondersteuningsvragen en problemen op allerlei manieren hulp, onder meer via: • Stips (voor Nijmegenaren met informatie- en adviesvragen) (24.300 bezoeken in 2023, versus 23.100 in 2019, het jaar voor corona). • Buurtteams Volwassenen (voor iedereen tussen de 18 en 65 jaar, zonder thuiswonende kinderen, die ondersteuning nodig heeft of problemen ervaart in het dagelijks leven; de teams bieden in de buurt basishulp én indien nodig toegang tot aanvullende zorg/maatwerkvoorzieningen; boden in 2024 hulp aan bijna 3.500 inwoners). • Buurtteams Jeugd en Gezin (bieden basiszorg en toegang tot aanvullende zorg/maatwerkvoorzieningen voor personen in gezinnen met inwonende kinderen tot 18 jaar). • Algemene voorzieningen en preventieve hulpverlening. • Allerlei maatwerkvoorzieningen binnen de Wmo en jeugdhulp (afgestemd op de persoonlijke situatie).

28

• • •

• •

•

•

•

De Doorbraakaanpak (gericht op huishoudens met problemen op meerdere leefgebieden; in 2024 zijn er 142 casussen aangemeld). Regieteams (woonoverlast- en multiprobleemaanpak voor huishoudens met de meest complexe problematiek; in 2024 waren er 456 casussen in behandeling). Het Zorg- en Veiligheidshuis Gelderland Zuid (voor hulpverlening op basis van een combinatie van zorg en strafrecht/dwang in gevallen van complexe problematiek; in 2023 waren er 221 Nijmeegse casussen in behandeling). Diverse regelingen voor inkomensondersteuning. In 2024 hadden 11.800 cliënten - zo’n 7.5% van de volwassen inwoners – 1 of meer indicaties voor een maatwerkvoorzieningen vanuit de Wmo (hulpmiddelen, huishoudelijke hulp, begeleiding, dagbesteding, 24uursopvang, crisisopvang; beschermd wonen is niet meegerekend, omdat Nijmegen hiervoor een regiofunctie vervuld). De afgelopen jaren nam het aantal cliënten voor de Wmomaatwerkvoorzieningen af, in 2024 met circa 310 cliënten. Deze afname wordt met name veroorzaakt door de daling van het aantal cliënten voor Wmo-ondersteuning (begeleiding en dagbesteding): van 3.580 cliënten in 2021 naar 2.270 cliënten in 2024. Dat heeft te maken met het van start gaan van de buurtteams volwassenen op 1 januari 2022. Deze teams bieden ondersteuning (basishulp) aan inwoners, waardoor in een deel van de gevallen geen maatwerkvoorziening ingezet hoeft te worden.

De buurtteams volwassenen gaven in 2024 aan 3.490 inwoners ondersteuning, versus 3.270 in 2022. Als inwoners met ondersteuning van het buurtteam volwassenen en Wmo maatwerk worden samengenomen, is een gestage groei van aantal cliënten te zien. De laatste vier metingen (over 2020 t/m 2023) in het kader van het cliëntervaringsonderzoek Wmo laten geen grote verschuivingen in de uitkomsten zien. Uit de meting over 2023 blijkt dat 80% van de cliënten de geboden hulp/ondersteuning van goede kwaliteit vindt; 9% vindt dat dat niet het geval is (11% ‘neutraal’). Verder geeft 78% aan dat de geboden hulp de ervaren kwaliteit van leven verbeterd heeft; 5% geeft aan dat dat niet het geval is. Bijna twee derde (64%) geeft aan dat men snel geholpen werd; 18% geeft aan dat dat niet het geval was. Bij de toekomstige ontwikkeling van het aantal Wmo-cliënten zijn de vergrijzing en het beleid gericht op zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen belangrijke factoren. Van de cliëntgroep met hulpmiddelen is circa twee derde 65 jaar of ouder en van de cliëntgroep met huishoudelijke hulp circa drie kwart. Tot 2035 zal het aantal 70plussers relatief sterk groeien. Die sterke groei van het aantal 70-plussers zal leiden tot een grotere zorgvraag en ook tot een grotere behoefte aan woonruimte geschikt voor ouderen. In 2024 kregen bijna 4.050 Nijmeegse jongeren jeugdhulp via een maatwerkvoorziening.

Bij deze groep zijn ook jongeren van 18 tot 23 jaar meegerekend die verlengde jeugdzorg ontvangen. Van de inwoners tot 18 jaar ontving in 2024 13,3% jeugdhulp via een maatwerkvoorziening. De afgelopen twee jaar nam het aantal cliënten voor een maatwerkvoorziening jeugdhulp af, in 2024 met ongeveer 150 jongeren. Die daling heeft onder meer te maken met de ondersteuning (basishulp) die jongeren en ouders van de buurtteams jeugd en gezin krijgen, waardoor in een deel van de gevallen geen maatwerkvoorziening ingezet hoeft te worden. Deze teams gingen op 1 juli 2021 van start.

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

29

•

•

•

•

Een door O&S ontwikkeld prognosemodel laat voor de periode 2025-2030 een daling van het aantal jongeren met jeugdhulp zien. In het model, dat jaarlijks wordt aangepast, worden interventies als buurtteams, budgetplafonds en versterking van basisvoorzieningen meegenomen. Jeugdhulp is er in twee vormen: hulp zonder verblijf (zoals ambulante begeleiding of behandeling) en hulp met verblijf (zoals in een behandelgroep, pleeggezin of gezinshuis). In 2024 kregen ruim 400 jongeren hulp met verblijf, veelal gecombineerd met jeugdhulp zonder verblijf. In 2022 waren dat er circa 440. Uit het cliëntervaringsonderzoek jeugdhulp over 2023 blijkt dat de cliënten vanaf 15 jaar de kwaliteit van de jeugdhulp (maatwerkvoorzieningen) gemiddeld met het rapportcijfer 7,5 waarderen; 84% voelt zich beter door de hulp en 2% voelt zich er niet beter door. Het regelen van de jeugdhulp waarderen de cliënten met een 7,4. Deze uitkomsten zijn gunstiger dan het gemiddelde beeld voor de jaren 2020, 2021 en 2022. De ouders van cliënten tot 15 jaar geven gemiddeld een 7,5 voor de kwaliteit van de jeugdhulp; 82% geeft aan dat hun kind zich door de hulp beter voelt en 3% vindt dat dat niet het geval is. Het regelen van de jeugdhulp waarderen de ouders met een 7,4. De uitkomsten van de ouders liggen in de buurt van het gemiddelde beeld voor de jaren 2020, 2021 en 2022.

Een deel van de huishoudens heeft hulp en ondersteuning op meerdere vlakken nodig. Als we kijken naar alle gemeentelijke regelingen op het vlak van zorg, jeugd, inkomen en werk, blijkt dat in 2023 7,6% van de huishoudens van minstens vijf regelingen gebruikmaakten. Bij eenoudergezinnen lag dat percentage hoger (24%, tegenover 4 tot 9% bij andere typen huishoudens). Ook bij huishoudens met een migratieachtergrond is dit percentage hoger, waarbij er verschillen zijn naar land van herkomst.

Onderwijs •

•

•

Met een indicatie voor- of vroegschoolse educatie (VVE) vanwege een taal- en/of ontwikkelingsrisico komt een 2-3-jarig kind in aanmerking voor een gesubsidieerde plaats op een peutergroep en kan het de peutergroep een extra dagdeel bezoeken. Alle peutergroepen in Nijmegen bieden een speciaal VVE-programma aan. Ook sommige kinderdagverblijven hebben zo'n programma. Het aandeel 2-3-jarigen, dat van de GGD een VVE-indicatie heeft gekregen, schommelt rond de 20%. Het hoogste aandeel geïndiceerden werd gezien in 2022 (22%); in april 2025 heeft 19% van de peuters een indicatie. In Nijmegen en de benchmarksteden zijn er relatief veel basisscholen met naar verhouding veel leerlingen met een groter risico op onderwijsachterstand. Waar gemiddeld 15% van de scholen in Nederland in deze categorie valt, is dat in Nijmegen en de benchmarksteden een kwart. Maar nog opvallender is de oververtegenwoordiging van scholen met naar verhouding veel leerlingen met weinig risico op onderwijsachterstand. De helft van de Nijmeegse scholen valt in deze categorie, tegenover 15% van de Nederlandse scholen. Deze situatie hangt samen met de samenstelling van de Nijmeegse bevolking: veel hbo- en wo-opgeleiden en ook veel mensen uit kwetsbare groepen.

Voor verschillende kwetsbaarheids- en achterstandsindicatoren op het vlak van onderwijs (aandeel 2-3-jarigen met een VVE-indicatie, concentratiegebieden van basisschoolleerlingen met achterstandsrisico, aandeel leerlingen in het voortgezet onderwijs dat naar havo of vwo gaat, aandeel leerlingen dat contact met Leerplicht

30

heeft gehad) is eenzelfde spreidingsbeeld over de stad te zien. Aan de westkant van de stad (Dukenburg, Lindenholt, Hatert en Neerbosch-Oost) is het beeld relatief ongunstig. •

•

•

60% van de Nijmeegse basisschoolleerlingen bezoekt een school die dicht bij huis is; 40% bezoekt een school verder van huis (school ligt minstens 300 meter verder van de woning dan de dichtstbijzijnde school). Het aandeel, dat een basisschool verder van huis bezoekt, is tussen 2014/2015 en 2022/2023 toegenomen van 34 naar 40%. De stijging is het grootst in Nijmegen-Noord. De belangrijkste verklaring hiervoor is dat er in die periode veel scholen in Nijmegen-Noord zijn bijgekomen; tien jaar geleden was er veel minder keus voor ouders en kinderen waardoor er "vanzelf" veel kinderen naar de dichtstbijzijnde school gingen. In Nijmegen volgen ruim 12.000 kinderen basisonderwijs en bezoeken ruim 14.000 jongeren het middelbaar onderwijs. Op de mbo-scholen volgen 9.400 jongeren onderwijs en aan de Radboud Universiteit en Hogeschool Arnhem Nijmegen studeren circa 48.000 mensen. Na de jarenlange forse stijging van het aantal hbo-studenten in Nijmegen, is dit aantal de laatste jaren aan het dalen. In studiejaar 2024/2025 was 11% van de universitaire studenten in Nijmegen uit het buitenland afkomstig. In alle andere benchmarksteden met een universiteit was dit aandeel een stuk hoger. In Nijmegen ligt het aandeel buitenlandse studenten al jarenlang op hetzelfde niveau.

Het aantal buitenlandse studenten groeide wel, maar dat was min of meer in verhouding met de totale groei van het aantal studenten aan de Radboud Universiteit.

Cultuur en cultureel erfgoed • •

•

In de ‘samenvatting brede welvaart’ zijn onder ‘vrije tijd’ diverse cijfers opgenomen over de cultuurdeelname bij Nijmegenaren. Na de coronapandemie zien we een sterke groei van het aantal bezoeken aan podiumvoorstellingen. In 2024 werden in Nijmegen 551.400 bezoeken aan podiumvoorstellingen gebracht, versus 430.900 in 2019. Voor de Stadsschouwburg, De Vereeniging, Doornroosje en Openluchttheater de Goffert bracht 2024 recordaantallen bezoekers. Ook het filmbezoek in LUX nam na de coronaperiode toe. Wel is het aantal bezoeken in 2024 (219.000) lager dan in recordjaar 2019 (252.900).

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

31

aantal bezoeken aan gesubsidieerde podia 900.000 770.471

800.000 683.776

700.000 600.000 500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0 2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

2023

2024

Figuur 16: Totaal aantal bezoeken aan culturele voorstellingen in Doornroosje, De Vereeniging, de Stadsschouwburg, LUX, het Lindenberg Theater en Openluchttheater De Goffert. Bron: cijfers podia.

•

•

• • • •

•

•

In 2024 zijn ruim 39.000 Nijmegenaren lid van de bibliotheek, van wie er bijna 23.000 jonger dan 18 jaar en ruim 16.000 volwassen zijn. Bij de leden onder de 18 jaar nam het aantal uitleningen (exclusief verlengingen) toe van 538.600 in 2022 naar 557.000 in 2024 (+3%). Bij de volwassen leden nam het aantal uitleningen (exclusief verlengingen) af van 354.00 in 2022 naar 330.300 in 2024 (-7%). In 2024 verliep 16% van alle bibliotheekuitleningen in Nijmegen via de Bibliotheek op school (versus ruim 11% in 2019). Naast het uitlenen van boeken vervullen bibliotheken een bredere maatschappelijk functie. Het totaal aantal bezoeken aan de bibliotheekvestigingen nam in 2024 toe. Eind februari 2023 is de vervangende locatie van het Valkhofmuseum op het Keizer Karelplein opengegaan, aanvankelijk met beperkte openingstijden. Deze tijdelijke locatie heeft in 2024 beduidend meer bezoekers getrokken (bijna 37.000) dan in 2023 (bijna 16.000). Museum De Bastei trok in 2024 een 52.000 bezoekers, ongeveer net zo veel als in 2019. Het meest bezochte monument in Nijmegen is de Stevenskerk. In 2024 trok deze kerk een recordaantal bezoekers (238.900 bezoekers). In de afgelopen jaren is het cursisten bij de Lindenberg flink gestegen, van 3.461 in 2022 naar een recordaantal van 5.147 in 2024. In 2022 hebben we voor de derde keer onderzoek naar het imago van Nijmegen onder Nederlanders verricht.

Van de Nederlanders vindt 49% ‘cultuurstad’ een passende omschrijving voor Nijmegen. Dat is meer dan in 2015 (43%) en 2017 (41%). Van de Nederlanders, die Nijmegen in de voorgaande periode bezocht hebben, vindt 63% ‘cultuurstad’ een passende omschrijving, en van bewoners van de gemeenten rond Nijmegen 78%. In 2022 denkt 42% van de Nederlanders dat Nijmegen de oudste stad van Nederland is; 27% noemt Maastricht en 14% Amsterdam. In 2015 was dit verschil kleiner. Toen noemde 35% Nijmegen, 32% Maastricht en 16% Amsterdam. Veertien procent van de Nederlanders, die Nijmegen in de voorgaande periode bezocht hebben, kwam onder meer naar Nijmegen om er de geschiedenis van de stad te ervaren. Bijna al die bezoekers zijn positief over wat Nijmegen op dit vlak te bieden

32

heeft. Het ervaren van de geschiedenis is ook veel genoemd als reden waarom men de stad in de toekomst wil gaan bezoeken, namelijk door 36% van de Nederlanders, die Nijmegen in de toekomst (misschien) willen gaan bezoeken.

Sport •

In de ‘samenvatting brede welvaart’ zijn onder ‘vrije tijd’ diverse cijfers opgenomen over de sportdeelname bij Nijmegenaren.

•

In 2022 gaat het met de meeste Nijmeegse sportverenigingen goed. Er zijn weinig sportverenigingen die qua vitaliteit (ledenontwikkeling, vrijwilligers, bezetting bestuur, financiële situatie) slecht scoren. Wel is de behoefte aan (extra) vrijwilligers onverminderd groot en een aantal verenigingen noemt de hoge energielasten als knelpunt. In 2025 vindt een nieuwe meting plaats. In het eerste jaar na de coronapandemie (2022) werden bij de wandel- en hardloopevenementen in vergelijking met 2019 en eerdere jaren nog niet zo’n hoge aantallen deelnemers gehaald. In 2023 zien we een stijging, gevolgd door een verdere stijging en hoge deelnemersaantallen in 2024. De 4Daagse is in 2022 nog steeds de belangrijkste associatie bij de stad; 49% van de Nederlanders denkt bij Nijmegen spontaan aan dit evenement. Veel mensen vinden ‘loopstad’ dan ook een passende beschrijving van Nijmegen (66%). Voor 30% van de Nederlanders geldt dat men ‘sportstad’ een passende omschrijving van Nijmegen vindt. Ten opzichte van de vorige metingen is dit percentage weinig veranderd.

•

•

Duurzaamheid •

•

In 2022 en 2023 is het gasverbruik van huishoudens sterk gedaald tot 820 m3 gemiddeld in woningen met een gasaansluiting (2023). Tien jaar geleden was dat gemiddeld 1.330 m3. Het aandeel woningen met minimaal energielabel B steeg verder door naar 58% van de woningen met een geldig energielabel in 2024. In de benchmarksteden ligt dat percentage gemiddeld op 50%. We zien een gestage afname van het aandeel woningen waar een aardgasaansluiting gebruikt wordt. Zowel het aandeel woningen met stadsverwarming (van 5,9% in 2017 naar 9,5% in 2023) als het aandeel woningen met elektrische verwarmingsinstallaties (van 1% naar 5,1%) neemt toe.

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

33

100% 95%

3,0% 1,0%

2,4% 1,2%

2,4% 1,6%

2,7% 2,0%

2,8% 2,2%

2,3% 2,8%

1,0% 5,1%

5,9%

7,1%

7,7%

8,3%

8,6%

9,3%

9,5%

90% 85% 80% 75%

90,1%

89,2%

88,2%

86,9%

86,3%

85,4%

84,5%

2018

2019

2020

2021

2022

2023

70% 65% 60%

2017

verwarming aardgas

stadsverwarming

elektrisch verwarmd

installatie onbekend

Figuur 17: Hoofdverwarmingssysteem Nijmeegse woningen. Bron: regionale Klimaatmonitor, RVO.

• •

• • •

•

•

•

Het gemiddelde elektriciteitsverbruik per woning is in 2022 en 2023 behoorlijk gedaald tot 2.200 kWh. Tien jaar geleden was dat gemiddeld 2.640 kWh. Het aantal woningen met een zonnestroominstallatie is gestegen naar ruim 22.000 in 2023. Dat betekent dat op 26% van de Nijmeegse woningen zonnepanelen staan. In Nijmegen zijn er naar verhouding op wat meer woningen zonnestroominstallaties geplaatst dan in de benchmarksteden. Het vermogen van die installaties per woning is in Nijmegen iets hoger (870 watt) dan gemiddeld in de benchmarksteden (850 watt). Bedrijven dragen steeds meer bij aan de totale hoeveelheid opgewekte zonnestroom (36% in 2023). Naast de zonnestroom, zijn er vier windturbines langs de A15 en twee windturbines in Nijmegen-West met in totaal een capaciteit van ruim 17 Megawatt. Het totale energieverbruik binnen onze gemeente is dalende, vooral door verminderd zakelijk gasverbruik bij bedrijven (vaak door sluiting of productiewijzigingen). De energiebesparing in de periode 2008-2023 bedraagt -35,2%. Het aandeel opgewekte hernieuwbare energie in het totale Nijmeegse verbruik is in Nijmegen toegenomen van ruim 3% in 2018 naar 6,4% in 2022 (een actueler cijfer is nog niet beschikbaar). Het percentage gescheiden ingezameld huishoudelijk afval ligt sinds 2020 op 73-74% (versus 67% tien jaar geleden).

Daarbij is de nascheiding van niet gescheiden aangeleverd afval meegerekend (bijvoorbeeld van grof restafval en bouw- en sloopafval). In Nijmegen is het gemiddeld aantal kilo fijn huishoudelijk restafval per inwoner per jaar (75 in 2023) veel lager dan gemiddeld in de benchmarksteden (149). Dit heeft te maken met het hoge percentage gescheiden ingezameld afval in Nijmegen. Na een jarenlange stijging is het aantal personenauto’s van particulieren per 1.000 inwoners in 2023 en 2024 gedaald tot 368 (versus 377 in 2022). Tien jaar geleden waren dat er 354. Bij de Burgerpeiling 2023 geeft 4,5% van de Nijmegenaren aan dat ze in de voorgaande 12 maanden van een deelauto gebruik hebben gemaakt. Verder geeft

34

•

2,2% aan de eigen auto regelmatig uit te lenen aan een ander huishouden en geeft 2,8% aan regelmatig een auto van een ander huishouden te lenen. Het aantal voor meer bewoners toegankelijke laadpunten voor elektrische auto’s nam toe van 385 in 2019 tot 1.860 in januari 2025.

Organisatie •

•

•

•

Inwoners van Nijmegen beoordelen de dienstverlening na een afspraak in de Stadswinkel of bij het Steunpunt in Dukenburg gemiddeld met een 8,5. Dat is even hoog als in 2023. Halverwege 2024 is aanvullend onderzoek gedaan naar de behoeften van inwoners ten aanzien van de gemeentelijke dienstverlening; 78% gaf een positief oordeel over de dienstverlening. In 2024 beoordelen Nijmeegse bedrijven en instellingen de algehele dienstverlening door gemeente Nijmegen met een 6,1; 30% geeft een onvoldoende. Bij de vier metingen daarvoor lag dat cijfer hoger (6,4 of 6,5). De meest aangekruiste aandachtspunten voor verbetering van de algehele dienstverlening zijn: de vindbaarheid van de juiste weg/personen (door 34%), de snelheid waarmee vragen en/of verzoeken worden beantwoord (29%) en de bereikbaarheid van de medewerkers van de gemeente (26%). Door 17% is de digitale dienstverlening als aandachtspunt voor verbetering aangevinkt. Er zijn diverse mogelijkheden voor bedrijven en instellingen om contact met de gemeente op te nemen. De meeste van die mogelijkheden zijn bij minder dan de helft bekend. 15% van de bedrijven en instellingen geeft aan dat ze in de voorgaande twee jaar ‘een paar keer’ of ‘regelmatig’ contact hebben gehad met een gemeentelijke accountmanager bedrijven.

Het rapportcijfer voor de dienstverlening van de accountmanager is het hoogst bij de bedrijven, die regelmatig contact hebben gehad (8,2 tegenover 7,7 voor de bedrijven, die een paar keer contact hebben gehad).

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=1f7529dd-c8c0-438e-be29-eb1ee1bd4375