Redengevende omschrijving Scherpenkampweg 69
Tekst van het document
Gemeentelijke Monumentenlijst Register van beschermde monumenten krachtens de Nijmeegse Erfgoedverordening
Plaatselijke aanduiding monument
Scherpenkampweg 69 Aanwijzingsbesluit
n.t.b ID-code
nummer Redengevende omschrijving van het monument INLEIDING
Context In het westen van Nijmegen, in het stadsdeel Lindenholt en de wijk Neerbosch-West, ligt Kinderdorp Neerbosch. Kinderdorp Neerbosch is oorspronkelijk ontstaan als weesinrichting. In 1867 startte Johannes van ’t Lindenhout de bouw van een weeshuis. Weeskinderen uit heel het land werden opgevangen en kregen hier huisvesting en onderwijs. Tussen hun 18e en 21e levensjaar verlieten de weeskinderen het weeshuis. De weesinrichting groeide onder de naam Van ’t Lindenhoutstichting en ving in 1893 bijna duizend kinderen op. Tot ongeveer 1903 groeide de weesinrichting uit tot een zelfvoorzienend dorp, waarbij bijna alle gebouwen onder leiding van de leermeesters, door de weeskinderen zelf gebouwd waren. Het dorp had eigen werkplaatsen zoals een klompenmakerij, kleermakerij, drukkerij, uitgeverij en bakkerij. Verder was het dorp voorzien van een eigen kapel, scholen, een boerderij, een ziekenhuis en een begraafplaats. Het Kinderdorp was hiermee de grootste weesinrichting van Nederland. Vanaf 1901 werden de kinderwetten aangenomen. Ook kwamen er nieuwe regels op het gebied van jeugdstrafrecht en werden in 1905 de Voogdijraden ingevoerd. In 1903 werd dominee Schrijver directeur van de weesinrichting. De instelling van de nieuwe Voogdijraden gaf de doorslag om voortaan ook voogdijkinderen op te vangen.
Tot ongeveer het jaar 1905 werd de weesinrichting gefinancierd door giften en bijdrages van protestantse filantropen uit heel het land. Door de nieuwe regels kreeg de weesinrichting ook steun op financieel gebied van de overheid. Tegelijkertijd daalde door de nieuwe wetten het aantal wezen dat in weeshuizen werd opgevangen. In 1930 stabiliseerde het aantal op ca. 500 weeskinderen. Op de eerste oorlogsdag van de Tweede Wereldoorlog werden de weeskinderen geëvacueerd naar Ewijk en Winssen. In 1944 werden vijfhonderd geallieerde soldaten in het Kinderdorp gekwartierd. De gebouwen leden weinig schade tijdens de oorlog, alleen ruiten en gas-en elektriciteitsleidingen waren niet meer heel en de boerderij uit 1869 brandde in 1944 uit. Na de Tweede Wereldoorlog veranderde de kijk op opvoedingsmethodes, waardoor in plaats van het opvoeden van kinderen in grote groepen het kind centraal kwam te staan. Hierdoor veranderde in 1963 de weesinrichting in een behandelcentrum voor kinderen, genaamd Kinderdorp Neerbosch. Het kind stond nu centraal en ook de protestants-christelijke levensvisie was niet meer van groot belang. Het personeelsbestand raakte nu meer gevarieerd: er waren nu psychologen, maatschappelijk werkers, orthopedagogen, cultureel leiders, onderwijskundigen en sportleiders in dienst. De kinderen kwamen meer uit de regio.
De stichting deelde de kinderen in kleinere groepen in om hen meer persoonlijke aandacht te geven. Om deze nieuwe inzichten van het behandelcentrum goed te faciliteren werd veel
blad 1 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 1
grootschalige gebouwen in de jaren zestig gesloopt en vervangen door kleinschaliger bebouwing. Door de economische crisis in de laten jaren zeventig en tachtig stopte de modernisering van de bebouwing echter. Hierdoor kwamen er ook minder plekken beschikbaar voor kinderen en kreeg het behandelcentrum minder subsidie binnen. Aan het eind van de jaren tachtig kreeg de Kinderbescherming nieuwe ideeën over het oplossen van de problemen van kinderen. Voorheen ving de stichting kinderen op in een geïsoleerde leefomgeving, maar vanaf eind jaren tachtig werden de problemen bij voorkeur thuis opgelost, waardoor minder kinderen werden overgeplaatst naar het Behandelcentrum. Doordat in 1989 de Wet op de Jeugdhulpverlening werd aangenomen, werden tussen 1992 en 1999 veel jeugdinstanties samengevoegd. Uiteindelijk werden er achttien Gelderse jeugdinstanties samengevoegd onder de naam Entrea Lindenhout. Dit leidde tot veel problemen, daarnaast wilde de organisatie zich graag dichter bij de stad vestigen. In 1996 vestigde het hoofdkantoor zich in Arnhem, hierdoor sloot uiteindelijk de zorginstelling in Neerbosch. Kinderdorp Neerbosch lag oorspronkelijk in een agrarisch gebied maar raakte vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw steeds meer door bedrijvigheid, infrastructuur en een woonwijk omringd, maar op het terrein zelf is dit nauwelijks merkbaar.
Hier heerst nog sterk de sfeer van een groen, dorpsachtig instellingsterrein. Scherpenkampweg 69 Centraal in het Kinderdorp staat aan een smalle eenzijdig bebouwde straat in een klein rijtje woningen uit de eerste bouwfase van de weesinrichting het woonhuis aan de Scherpenkampweg 69. Het woonhuis maakt deel uit van de panden die zijn gebouwd tijdens de ontwikkeling van de weesinrichting tot zelfvoorzienend dorp. Het pand is in 1877 gebouwd als werkplaats in opdracht van Johannes van ’t Lindenhout, onder leiding van de leermeesters, door de weeskinderen zelf. In 1885 fungeerde het pand als schilderswerkplaats, maar het heeft ook dienstgedaan als washuis, drogerij, schoenmakerij, klompenmakerij en varken- en kippenstal. In 1922 werd het gebruikt als brandstoffenmagazijn. In de eerste helft van de twintigste eeuw is het dak verhoogd, door de gevels op te hogen en de dakvoet en nok te verplaatsen. Vanaf zeker 1947 is het pand in gebruik als bakkerij. In 1947 werd vergunning verleend voor het dichtzetten van twee gevelopeningen in de zijgevels, het plaatsen van een nieuwe oven en het aanpassen van de indeling. In 1962 werd de indeling van de bakkerij opnieuw gewijzigd. Tot 1974 was het pand in gebruik als bakkerij, daarna functioneerde het als atelier en later als opslagplaats.
In de tweede helft van de twintigste eeuw is de voorgevel indeling gewijzigd door de centraal gelegen voordeur op locatie van het linker venster te plaatsen, waarbij de oorspronkelijke deuropening en het rechter venster werden verkleind. In 2002 is vergunning verleend voor het verbouwen van het pand tot woonhuis, waarbij alle gevelopeningen werden aangepast en de gevelinvullingen werden vernieuwd. Hierbij zijn de zesruits vensters in de voorgevel vernieuwd teruggeplaatst en is de voordeur verplaatst naar de linkerzijgevel. Ook werden er dakramen geplaatst en is de interieur indeling en afwerking volledig aangepast. OMSCHRIJVING VAN HET MONUMENT
Het betreft een van oorsprong vrijstaand pand dat aan de achterzijde van de rechter zijgevel vastgebouwd is geraakt aan het buurpand nr.65, toen dat met een eenlaags aanbouw werd uitgebreid. Het pand staat op een langgerekte kavel tegen de rechter kavelgrens, achter een klein voorerf met een
blad 2 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 2
de linkerzijkant een met grind verhard zijerf met inrit, en aan de achterzijde een ruime groene tuin met opgaande bomen. Het pand is eenlaags opgetrokken vanuit een smalle en lange rechthoekige plattegrond onder zadeldak dat is gedekt met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen. De met nokvorsten gedekte nok staat haaks op de voorgevel. Het pand is opgetrokken in metselwerk en de gevels zijn voorzien van witgeschilderd pleisterwerk met een gecementeerde plint. De gevelopeningen zijn gevuld met ongeprofileerde houten kozijnen met houten ramen en deuren uit 2002. In het linkerzijdakvlak bevinden zich twee dakvensters en verder naar achteren een dubbel dakvenster. In het rechterzijdakvlak bevindt zich ook een dakvenster. Tegen het achterste deel van de rechterzijgevel staat de uitbouw van de naastgelegen woning. Tegen de achtergevel staat een kleine eenlaagse aanbouw opgetrokken vanuit een rechthoekige plattegrond onder lessenaarsdak gedekt met gesmoorde verbeterde Hollandse pannen. De gevels zijn opgetrokken in machinaal geproduceerde rode baksteen in halfsteensverband met een cementvoeg. De aanbouw dateert uit de tweede helft van de twintigste eeuw. Voorgevel (zuidoostzijde): In de symmetrisch ingedeelde voorgevel op de begane grond bevinden zich drie hoge licht getoogde vensters met houten zesruits schuifvensters met houten dorpel.
Het middelste venster is breder dan de buitenste vensters. Op de verdieping zijn twee licht getoogde vensters met houten vierruits schuifvensters met Frans balkonhekwerk en houten dorpel aanwezig. De topgevel wordt beëindigd met een eenvoudig geprofileerde windveer onder gevelpannen met in de top een decoratief gesneden sluitstuk. Linkerzijgevel (zuidwestzijde): In de linkerzijgevel bevindt zich links, onder tweeruits bovenlicht een houten paneeldeur met bovenin twee verticale glaspanelen. Het houten kozijn staat op hardstenen neuten en hardstenen dorpel. Voor de deur ligt een iets verhoogd bakstenen stoepje. Rechts daarvan zijn er twee vensters met bakstenen dorpels, gevuld met houten kozijnen voorzien van vast raam onder bovenlicht met kiepraam. Rechts hiervan bevinden zich onder tweeruits bovenlicht een houten paneeldeur met een houten kozijn op hardstenen neuten en hardstenen dorpel en twee vensters met houten dorpel gevuld met houten zesruits schuiframen met brede middenstijl (empirevensters). Zeven eenvoudige smeedijzeren muurankers bevestigen de linkerzijgevel met de achterliggende constructie. De linkerzijgevel wordt beëindigd door een houten bakgoot met klein profiellijstje op eenvoudig geprofileerde klossen. De linkerzijgevel van de eenlaagse aanbouw tegen de achtergevel betreft een blinde gevel die wordt beëindigd door een gootplank onder mastgoot.
Achtergevel (noordwestzijde): In de achtergevel van het woonhuis bevinden zich op de begane grond boven de aanbouw een laag liggend venster met houten kozijn met kiepraam en rechts een venster met houten kozijn voorzien van een vast raam onder bovenlicht met kiepraam. Op de verdieping bevinden zich twee vensters met houten kozijnen voorzien van een vast raam onder bovenlicht met kiepraam met Frans balkonhekwerk. Alle vensters in de achtergevel hebben een bakstenen lekdorpel. De topgevel wordt beëindigd met een eenvoudig geprofileerde windveer onder gevelpannen.
blad 3 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 3
Rechterzijgevel (noordoostzijde): De rechterzijgevel betreft een blinde gevel die rechts voor een deel wordt afgedekt door de aanbouw van buurpand nr. 65. Vier eenvoudige smeedijzeren muurankers bevestigen het zichtbare gedeelte van de rechterzijgevel met de achterliggende constructie. In de rechterzijgevel achter de aanbouw bevinden zich in houten kozijnen een dubbel houten valraam en enkel houten valraam. De rechterzijgevel wordt beëindigd door een houten bakgoot met klein profiellijstje op houten klossen met eenvoudige profilering. Interieur: De interieur indeling- en afwerking dateert uit 2002 en later, en valt daarom buiten de bescherming. WAARDERING
Het object bevat de volgende waarden (refererend aan de Beleidsregels selectiecriteria voor aanwijzing van gemeentelijk beschermde monumenten en gemeentelijke stadsbeelden gemeente Nijmegen, 1812-2024): Stedenbouwkundige waarden: Het pand is in essentie onderdeel van het stedenbouwkundige en historisch-functionele ensemble van Kinderdorp Neerbosch. Net als bijna alle andere gebouwen in het Kinderdorp maakt dit pand onderdeel uit van een stedenbouwkundig plan, dat in de loop der tijd steeds werd aangepast. Het pand bezit hoge stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de oorspronkelijke weesinrichting. Tegelijkertijd maakt het pand deel uit van de ontwikkeling van weesinrichting tot zelfvoorzienend dorp, waarbij ieder pand een eigen functie had. Het pand heeft diverse functies gehad, zoals werkplaats en bakkerij en sluit aan bij de panden met een dorps karakter. Tevens heeft het pand ensemblewaarde in relatie met de naastgelegen waardevolle historische bebouwing, en de groen- en wegenstructuren van het Kinderdorp. Architectuurhistorische waarden: Het pand maakt deel uit van de 19de-eeuwse bebouwing die onder leiding van de leermeesters door de weeskinderen zelf is gerealiseerd tijdens de ontwikkeling van de weesinrichting tot zelfvoorzienend dorp.
Architectuurhistorische waarde is gelegen in de kenmerkende eenvoudige dorpse architectuur die tot uiting komt in hoofdvorm, constructie, gevelindeling en materialisering. De samenhang met de andere panden uit dezelfde bouwperiode op het terrein is door de bouwstijl herkenbaar aanwezig door de hoofdvorm en o.a. het gebruik van witgeschilderd pleisterwerk. Het pand is ook van belang wegens de traditioneel ambachtelijke bouwwijze die is uitgevoerd onder leiding van de leermeesters door de weeskinderen zelf. Cultuurhistorische waarden: Het pand heeft hoge cultuurhistorische waarde als onderdeel van de weesinrichting met zijn bijzondere maatschappelijke waarde, die zich ontwikkelde tot zelfvoorzienend dorp . Het Kinderdorp Neerbosch geeft uitdrukking aan de typische ontwikkeling van de jeugdzorg vanaf 1863. De verandering in opvoedmethodes weerspiegelt zich in het Kinderdorp. Het pand is onderdeel van de eerste bouwfase van het Kinderdorp Neerbosch.
blad 4 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 4
Het is uniek dat de weesinrichting zich eind negentiende eeuw heeft ontwikkeld tot grootste kinderdorp van Nederland , waarbij de weeskinderen onder leiding van de leermeesters de panden bouwden. Het pand maakt hier onderdeel van uit en is daarom als onderdeel van de eerste bouwfase ook van cultuurhistorisch belang op nationaal niveau. Conclusie: Het pand voldoet aan de criteria voor bescherming als gemeentelijk monument, conform de Erfgoedverordening Nijmegen. Het interieur valt buiten de bescherming.
Bronnen: Museum Kinderdorp Neerbosch. (2024). Nummers bij maquette. [word-bestand]. Museum Kinderdorp Neerbosch. Thijssen, A. A. W. (2020). De tienhoekige paviljoens. [Masterscriptie, Universiteit Utrecht]. UU Theses Repository. Thijssen, A. A. W. (2020). Kinderdorp Neerbosch. Gemeente Nijmegen. Vereniging Oud-Neerbosschers. (1988). Neerbosch en……de 20.000 KINDEREN van Johannes van ’t Lindenhout. 1863-1988. Drukkerij-Uitgeverij Gevana.
[einde omschrijving]
----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------- ---Kadastrale tenaamstelling Kadastrale aanduiding Gemeente: Sectie: Nummer(s):
Gegevens 14 juli 2011
Neerbosch K 3529
foto’s op vervolgblad
blad 5 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 5
Voorgevel.
Linkerzijgevel.
blad 6 van 10
Deur linkerzijde.
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 6
Linkerzijde linkerzijgevel.
Voordeur in linkerzijgevel.
blad 7 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 7
Achtergevel met de aanbouw links.
Achtergevel.
blad 8 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 8
Voorzijde rechterzijgevel.
blad 9 van 10
Adres.doc
Gemeentelijke Monumentenlijst
Vervolgvel 9
Kadastrale kaart. Het groen omlijnde gebied geeft het pand Scherpenkampweg 69 aan.
blad 10 van 10
Adres.doc