CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Reactie op de brief van de Auditcommissie over de stadsbegroting 2026-2029

Besluitronde (raadsvergadering) 12 november 2025, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Stadsbegroting 2026-2029 (85/2025)3.569 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postadres Gemeente Nijmegen

Aan de gemeenteraad van Nijmegen

Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl

Datum Onderwerp

Contactgegevens nijmegen.nl/contact

4 november 2025 Reactie op de brief van de auditcommissie over de stadsbegroting 2026-2029

Ons kenmerk E25.002294 Bijlage(n) Bijgevoegd: Ja

Geachte leden van de raad, In deze brief reageren wij op de adviesbrief van de auditcommissie over de Stadsbegroting 2026-2029. We willen de auditcommissie bedanken voor de uitvoerige beoordeling van de Stadsbegroting en de daarbij geformuleerde constateringen en aanbevelingen. De bevindingen helpen ons om de begroting verder aan te scherpen en waar nodig verbeteringen door te voeren. In de adviesbrief benoemt de auditcommissie de volgende constateringen: Algemene constateringen Financiële positie De auditcommissie constateert dat de begroting meerjarig sluitend is en dat het weerstandsvermogen significant boven de risico’s ligt. Het financieel beeld en de saldireserve hebben zich positief ontwikkeld. Het financieel beeld is inderdaad rooskleuriger. In de inleiding wordt dit ook aangegeven: “Zeker in 2026 en 2027 zit Nijmegen financieel ruim in haar jas, onder meer door afspraken tussen het rijk en de gemeenten over tijdelijke extra middelen voor jeugdhulp en demping van het ‘ravijn’” De bijlage ‘Doelen nader geduid’ Het verheugt ons dat de auditcommissie positief is over het document Doelen nader geduid en het document ziet als een kansrijke bijdrage aan het debat op hoofdlijnen. Zoals wij in de inleiding van de stadsbegroting hebben aangegeven, markeert dit document een belangrijke stap richting een transparante en inzichtelijke begroting.

Dit traject heeft voor de gehele organisatie aanzienlijke extra inzet gevraagd. Ons college is zich ervan bewust dat het instrument verdere doorontwikkeling behoeft om de effectiviteit hiervan te vergroten en de raad voldoende handvatten te bieden . We hechten daarom veel waarde

Gemeente Nijmegen

Pagina 1 van 9

aan de bevindingen van de auditcommissie en zullen deze bevindingen meenemen in de verdere uitwerking van dit instrument. Indexeringsproblemen Het valt de auditcommissie op dat in verschillende programma’s een verschil bestaat tussen de indexeringen die gemeente Nijmegen toepast, en indexeringen die door externe partijen worden gehanteerd. In dit kader verwijst de auditcommissie naar haar suggestie in de brief van vorig jaar om de methode van indexering die gemeente Nijmegen toepast, te verduidelijken en waar nodig te heroverwegen - als wij kennelijk zo afwijken van andere partners in het land en er jaarlijks moet worden gecorrigeerd. De (centrale) indexering beoogt dat programma’s voldoende middelen aangevuld krijgen om reguliere prijsstijging op te vangen. Daarbij ontstaan zowel voor- als nadelen. De financiële spelregels voorzien in de mogelijkheid om eventuele voordelen te gebruiken om elders in het programma knelpunten op te lossen. Dit is een belangrijke reden waarom claims veelal nadelig zijn. Verder kan de brief van de auditcommissie de indruk wekken dat andere partners een uniforme manier van indexeren kennen. Dat is niet het geval. De invloed van prijsindexering is zeer divers. Als het gaat bijvoorbeeld loonontwikkeling dan is de CAOgemeenten van belang, maar ook de ontwikkeling in andere sectoren (bijvoorbeeld zorg) hebben invloed.

Als het gaat om contracten voor de levering van goederen en diensten dan worden door partijen verschillende prijsindices gebruikt. Het rijk kent vervolgens ook een aantal manieren waarop zij prijsinvloeden verwerken. Normaliter liggen de prijsontwikkelingen dicht bij elkaar en is de bandbreedte waarbinnen de prijzen zich bewegen niet erg groot. De afgelopen jaren waren wat betreft uitzonderlijk. Hieronder wordt dit nader toegelicht. In de begroting wordt uitgegaan van de prijsontwikkeling zoals het Centraal Plan Bureau (CPB) die raamt voor het komend jaar. Ook het rijk gaat uit van de raming van het CPB voor haar begroting. Dit geldt ook voor het gemeentefonds, dat is immers een onderdeel van de rijksbegroting. Contracten worden veelal geïndexeerd op basis van gerealiseerde prijsontwikkeling. Deze worden gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Om het verschil duidelijk te maken: het CPB kijkt vooruit, het CBS administreert wat er is gebeurd. De loonontwikkeling kent een geheel eigen dynamiek, waarbij het niet te voorspellen is wat de exacte uitkomst zal zijn. Tot 2020 was de prijsontwikkeling relatief stabiel. Ook de verschillen tussen de raming van het CPB en de daadwerkelijke ontwikkeling die het CBS registreerde waren gering. Vanaf 2020 werd de prijsontwikkeling volatieler.

Dit wordt in onderstaande grafiek geïllustreerd met de prijsindices die worden gebruikt voor de begroting.

Gemeente Nijmegen

Pagina 2 van 9

Ontwikkeling prijzen 2006 - 2026 (bron: MEV sep 2026 van het CPB)

20,0

-10,0

2026

2025

2024

2023

2022

2021

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

2012

2011

2010

2009

2008

2007

0,0

2006

10,0

Loonvoet sector overheid Prijs intermediair verbruik (materiële lasten) Inflatie, nationale consumentenprijsindex (cpi)

De verwachting is dat de prijsontwikkeling vanaf 2026 stabieler zal zijn en meer lijkt op de dynamiek van voor de Corona periode. Voor deze begroting hebben we nog voor een deel te maken met de onrustige prijsontwikkeling van de afgelopen jaren. Contracten worden geïndexeerd op basis van de (hogere) gerealiseerde prijsontwikkeling, dat afwijkt van de verwachte prijsontwikkeling. De verwachting is dat de komende jaren de verwachting en realisatie dichter bij elkaar gaan liggen. De paragraaf ‘wat willen we in 2026 bereiken?’ wordt verschillend ingevuld Wij hebben de suggestie van vorig jaar om een eenduidige lijn aan te houden overgenomen en zien daarin ook verbeteringen. De auditcommissie constateert terecht dat er nog steeds verschillen bestaan tussen de programma’s. We gaan hier strakker op sturen, met name op de wijze waarop de activiteiten uit de doelenboom worden vertaald naar activiteiten voor het betreffende begrotingsjaar. De sturingsinformatie werkt niet naar behoren De belangrijkste reden waarom de sturingsinformatie nog niet goed gevuld is, is de volgende. Tot de set van indicatoren behoren 34 verplichte indicatoren, die iedere gemeente op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording in de Stadsbegroting moet opnemen. Deze indicatoren worden gepubliceerd en geactualiseerd op waarstaatjegemeente.nl van de VNG.

Een deel van de jaarcijfers komt pas laat in het jaar daarop ter beschikking. We hebben daar geen invloed op. De door uw raad benoemde indicatoren zijn veel beter gevuld. Voor een beperkt deel van die indicatoren zijn we afhankelijk van wanneer de cijfers op waarstaatjegemeente.nl geactualiseerd zijn. Verder geldt voor een deel van die indicatoren dat we de cijfers één keer in de twee jaar actualiseren, omdat de bron tweejaarlijks bevolkingsonderzoek is (de Burgerpeiling). We gaan in 2026 een evaluatie van de huidige set sturingsinformatie uitvoeren, in afstemming met de nieuwe gemeenteraad. Deze evaluatie biedt een goed moment om samen te bekijken hoe we de actualiteit en bruikbaarheid van de sturingsinformatie verder kunnen versterken.

Gemeente Nijmegen

Pagina 3 van 9

Less is more De auditcommissie constateert dat de hoeveelheid ambities, doelen en activiteiten die het college aan de raad voorstelt, onverminderd hoog blijft. Is er met de huidige hoeveelheid doelen en taken voldoende focus om de ambities te realiseren? Ook laten de teksten soms aan duidelijkheid te wensen over. Na de kwaliteitsverbetering van de doelenboom voor de stadsbegroting 2025 is er geen centrale sturing meer geweest op de teksten. In de nieuwe bestuursperiode zullen wij hier aandacht aan besteden, met specifieke aandacht voor de hoeveelheid doelen en taken om voldoende focus op de ambities te realiseren. Constateringen bij de programma’s Bij een aantal programma’s brengt de auditcommissie enkele constateringen voor het voetlicht. Hieronder geven wij een korte reactie op deze constateringen. Economie & Toerisme De auditcommissie mist een uitleg over wat nut en noodzaak is van het instellen van de reserve voor de chiptechsector, of wanneer deze reserve zal worden ingezet. Het college zet samen met triple helix partners al sinds 2006 in op de ontwikkeling van het chiptechcluster dat zijn oorsprong kent in de halfgeleiderfabriek van Philips. De semicon industrie is een groeimarkt met een internationale waardeketen. Gezien alle geopolitieke ontwikkelingen is het onzeker dat die groei in de gemeente Nijmegen blijft.

Om de innovatiekracht die nu aanwezig is te behouden, moeten we ons sterker positioneren, samen met andere semicon clusters in Nederland. De semiconsector telt inmiddels ruim 3.000 banen in Nijmegen, verspreid over 29 bedrijven. De raad heeft ons college via de motie Versterk de Nijmeegse chipsector van 28 mei 2025 opgedragen om bestaande initiatieven te versnellen. In de regio werken we aan een gedeeld beeld en een gezamenlijke ambitie. Omdat de coördinatie hierop ontbreekt is het denkbaar dat de regio haar unieke positie dreigt te verliezen. Daarom is de Regiegroep Lifeport Semicon opgericht door gemeente Nijmegen en provincie Gelderland. Deze groep voert regie op projecten rond ruimte, innovatie, marktstrategie, talent en profilering. Voor de uitvoering is een financiële bijdrage van alle triple helix-partners nodig. De reserve is nodig voor de dekking van de financiële bijdrage vanuit de gemeente voor gezamenlijke projecten uit de regiegroep, om private investeringen los te krijgen en als cofinanciering om middelen los te krijgen bij andere overheden. De regiegroep is gestart en de verwachting is dat de eerste projecten in 2026 al concreet zijn voor uitvoering waar ook financiering voor nodig is. Welke projecten dit precies zijn en welke bijdrage dit vanuit de gemeente vraagt zal komende tijd worden uitgewerkt.

Dit zijn projecten binnen de thema's ruimte, innovatie, marktstrategie en talent. Daarom is het voorstel om op dit moment een reserve in de begroting op te nemen om als gemeente klaar te staan voor een financiële vraag die het semiconcluster in Nijmegen versterkt.

Gemeente Nijmegen

Pagina 4 van 9

Werk & Inkomen De auditcommissie constateert dat bij doel 10.1 staat dat de dienstverlening van participatiecoaches wordt uitgebreid, zodat 300 tot 400 inwoners kunnen worden begeleid bij maatschappelijke participatie. Echter staat verderop in het programma: Met de structurele uitbreiding van 2 fte kunnen Participatiecoaches zo’n 200 inwoners per jaar begeleiden. Dat is een significant verschil. Er zijn op dit moment 5,8 fte’s aan participatiecoaches actief bij de afdeling Inkomen, Zorg en Leerrecht. In totaal begeleiden zij nu zo’n 300 inwoners per jaar. Van deze formatie worden 4 fte’s tot en met eind 2025 gedekt uit restantmiddelen van het project ‘Doe je mee’. Met de voorgestelde structurele uitbreiding van 2 fte’s in de Stadsbegroting 20262029 (blz. 67) komen we uit op 3,8 fte’s, waarmee we in totaal zo’n 200 inwoners per jaar kunnen begeleiden. Het college is voornemens daarnaast ook nog een uitbreiding van 2 fte’s vast te leggen via de lokale keuzekaart van de Dienstverleningsovereenkomst 2026/2027 met WerkBedrijf. Besluitvorming hierover vindt plaats in december 2025. Met die uitbreiding erbij zitten we weer op 5,8 fte. We hebben tot doel gesteld met deze formatie 300 tot 400 inwoners te begeleiden, waarbij 300 de ondergrens is. Tekort DVO DAR De auditcommissie constateert dat de onderbouwing van de het gevraagde extra budget van 1,9 miljoen euro summier is.

De afgelopen jaren heeft de gemeentelijke begroting een hogere indexering gekend die voor de benodigde ruimte in de Programma’s Bereikbaarheid en Openbare ruimte zorgde, om invulling te kunnen geven aan het brede takenpakket van Dar NV op Afval, Reiniging en IBOR-taken, dat vanuit wet- en regelgeving en beleidskeuzes is opgebouwd. Hierdoor zijn voor verschillende aanvullende taken, die bij Dar neer zijn gelegd, geen claims ingediend bij het begrotingsproces en is extra beslag op de beperkte vrije ruimte binnen de algemene middelen voorkomen. Met de structureel toegenomen marktprijzen en loonkosten, de areaalherijking in Nijmegen Noord én de ontwikkelingen op de (Europese) afzetmarkt voor ingezamelde fracties, is er vanaf 2025 onvoldoende ruimte in de programma’s Openbare ruimte en Bereikbaarheid om de wettelijke en beleidsmatig vastgelegde taken uit de DVO met Dar NV binnen het budget uit te voeren. Dit resulteert voor 2025 in een tekort van 2,5 miljoen euro. Een doorkijk naar 2026 geeft hetzelfde beeld vanwege de genoemde, aanblijvende onzekerheden. Vanwege het nut en de noodzaak van het takenpakket is het niet eenvoudig om op de korte termijn slimme keuzes te maken om kosten te besparen. Het vraagt tijd om zaken anders, minder of niet meer te doen. Daarnaast zijn er beleidsmatige keuzes die aan de gemeenteraad zijn.

Daarbij beoordelen we of het binnen het programma past en/of er extra middelen nodig geacht worden. Het borgen hiervan, in euro’s en processen, verdient in het vervolg aandacht.

Gemeente Nijmegen

Pagina 5 van 9

Welzijn, Wijkontwikkeling en Zorg In 2025 zijn taakstellingen in de begroting opgenomen voor ambulante jeugdhulp en ambulante WMO begeleiding. In hoeverre zijn deze taakstellingen gerealiseerd en hoe is hiermee rekening gehouden in de begroting van 2026? In de paragraaf Risicomanagement en weerstandsvermogen lezen we dat de kans dat deze taakstelling niet wordt gehaald, 75% is met een maximaal netto gevolg van € 1.650.000. De auditcommissie vraagt zich of er dan nog wel sprake is van een risico. Ook vraagt de commissie zich af hoe dit bedrag zich verhoudt tot de eerder genoemde € 5,4 miljoen. Eerder was een risico van 5,4 miljoen euro opgenomen voor jeugd en wmo begeleiding. Deze kwam voort uit de twee taakstellingen ter waarde van 7,2 miljoen euro (6 en 1,2 miljoen euro). De kans dat deze taakstellingen niet gerealiseerd zouden worden werd geschat op 75%. 7,2 miljoen euro x 75% maakt een risico van 5,4 miljoen euro. Later is gezegd dat bij jeugd het bedrag van 6 miljoen euro in het risico kon worden verlaagd naar 1 miljoen euro. Bij wmo begeleiding bleef de 1,2 miljoen euro staan. Dan is het totaal 2,2 miljoen. Met een kans van 75% dat de taakstelling niet wordt gehaald, wordt het risico 1,65 miljoen euro (2,2 miljoen euro x 75%). De 1,65 is dus nog steeds een combinatie van jeugd en wmo begeleiding.

Voor jeugd geldt dat 1 miljoen euro van de taakstelling mogelijk niet wordt gerealiseerd en voor wmo begeleiding geldt dat de 1,2 miljoen euro taakstelling mogelijk niet volledig wordt gerealiseerd. Dus bij beide is nog steeds sprake van een risico. Dit wordt ook bij beide onderdelen in de 2e Voortgangsmonitor gemeld. Constateringen over de paragrafen Bedrijfsvoering De auditcommissie stelt de vraag hoe de impuls van 3,5 miljoen euro in 2025 en vanaf 2026 3,7 miljoen euro voor versterking van de bedrijfsvoering in de nieuwe begroting is geland. De budgetten voor versterking van de bedrijfsvoering hebben in 2025 geleid tot structurele personele invulling op de werkterreinen van bedrijfsvoering. Grotendeels betrof dat I&A en P&O (2,9 miljoen) en verder enkele centrale en decentrale functies op andere bedrijfsvoeringonderdelen. In de nieuwe begroting maakt deze bezetting structureel onderdeel uit van de bedrijfsvoeringorganisatie waarmee zowel ondersteuning van de gegroeide organisatie als de voorgenomen ontwikkelingen uitgevoerd kunnen worden. In de begroting maken de budgetten onderdeel uit het programma bestuur en organisatie en staan onder 'Wat kost het' bij het taakveld 0.4 Overhead. Het toegekende budget is volledig en structureel bestemd voor 2025 en volgende jaren.

Daarnaast stelt de auditcommissie de vraag welke kaders worden bedoeld met de kaders die zullen leiden tot fundamentele keuzes voor een toekomstbestendige inrichting van de ambtelijke organisatie. Nijmegen groeit en de afgelopen jaren is de ambtelijke organisatie geleidelijk meegegroeid. We zien dat deze groei leidt tot groter wordende teams, waardoor de

Gemeente Nijmegen

Pagina 6 van 9

aandacht voor medewerkers vanuit een leidinggevende en de beheersing van het dagelijks werk sterk onder druk staat. We passen de kaders op de sturing en inrichting van de organisatie aan, zodat we de huidige en toekomstige vraagstukken op de groei van de stad kunnen opvangen. Deze kaders moeten leiden tot een organisatie waarin medewerkers met plezier (blijven) werken, met een leidinggevende die nabij is en waarin het duidelijk is wat er wordt verwacht in doelen en resultaten. Grondbeleid Bekostiging rioolvoorzieningen en hemelwaterafvoer Winkelsteeg Wij erkennen dat in de tekst te stellig wordt beweerd dat de kosten voor rioolvoorziening alleen via grondexploitatie of rioolheffing bekostigd kunnen worden. Ondanks dat alleen deze twee methoden genoemd worden in de notitie, zijn er ook andere opties denkbaar en wettelijk mogelijk. Dat is voor ons reden om een erratum op de concept Stadsbegroting 2026-2029 voor te stellen om de volgende zin de concept Stadsbegroting te verwijderen: “Daar komt bij dat in de BBV-notitie lokale heffingen is gesteld dat kosten voor rioolvoorzieningen alleen uit de grondexploitatie of rioolheffing bekostigd kunnen worden en dus niet uit de gemeentebegroting.” Een inhoudelijk MPG en dashboard Op dit moment wordt gewerkt aan een dashboard met hierin de grootschalige projecten.

Het dashboard komt naast de (tussen-)rapportage grootschalige projecten, waarbij in één opslag te zien is waar risico's zijn (te verwachten) of wat goed gaat. De rapportage blijft inhoudelijk leidend, het dashboard zal aanvullend de ‘highlights’ laten zien, vormgegeven in een stoplichtmodel met verwijzing naar de rapportage/MPG. Het dashboard zal worden vrijgegeven via cijfers over Nijmegen op de website van de gemeente, naar verwachting is het dashboard in december online. Investeringen De auditcommissie heeft in haar beschouwingen over de paragraaf Investeringen enerzijds opmerkingen die betrekking hebben op de omvang van investeringen en anderzijds bij de toelichting per investering. In de Stadsbegroting hebben we toegelicht dat we de grip op de investeringsagenda verder willen verbeteren. De behoefte van uw raad om beter te kunnen sturen op investeringen nemen we daarin mee. Zoals in de paragraaf investeringen over dit onderwerp is toegelicht, willen we gaan werken met een lijst met voorgenomen investeringen waarin ook een prioritering kan worden aangebracht. Door te prioriteren kan het onderscheid tussen noodzakelijkheid en wenselijkheid duidelijk worden gemaakt (door wenselijke investeringen een lagere prioriteit te geven en/of verder weg te zetten in de tijd).

In het najaar werken we dit verder uit en willen uw raad over de nieuwe werkwijze in het eerste kwartaal van 2026 informeren. In de stadsbegroting, voortgangsmonitoren en stadsrekening informeren we u over het investeringsplan, wijzigingen en voortgang. Een juiste en volledige informatievoorziening heeft onze voortdurende aandacht. De ruimte die er in voornoemde planning- en control-

Gemeente Nijmegen

Pagina 7 van 9

documenten is om uw raad over investeringen te informeren, is beperkt. Indien u over een investering specifieke vragen heeft, verstrekken wij graag nadere informatie middels beantwoording van technische vragen, een raadsbrief of een separaat raadsvoorstel. Kapitaalgoederen De auditcommissie constateert dat er nog substantiële investeringen bij gaan komen die nu nog niet in de begroting zijn opgenomen. De opmerkingen van de auditcommissie over realisme, transparantie en prioritering in de investeringsplanning onderkennen wij. De Uitvoeringsstrategie Kapitaalgoederen openbare ruimte (eind 2025) zal hieraan tegemoet komen door: Duidelijke prioritering: De urgentie voor de instandhouding en vernieuwingsopgave worden uitgewerkt en in tijd bepaald, zodat investeringen in de openbare ruimte beter worden geselecteerd dan in het huidige stapelingsmodel. Realistische ambitie: Via het inzicht van de strategie weten we welke investeringen daadwerkelijk in de komende jaren kunnen worden uitgevoerd, waardoor de tienjarenplanning beter wordt gevuld en meer realistisch wordt. Transparante informatievoorziening: De raad ontvangt hiermee de informatie die nodig is om bewuste keuzes te maken over (grote) investeringsbeslissingen, in plaats van deze impliciet vast te stellen bij begroting.

Vervolgstap: De Uitvoeringsstrategie zal als input dienen voor de begrotingsronde 20272030, waarin de voorgestelde verbeteringen concreet kunnen worden ingebracht. Dit voorkomt dat nu al investeringen in de begroting worden opgenomen waarvan scope, timing en financiering nog niet helder zijn. Dit sluit aan bij het inzicht dat door de Nota Kapitaalgoederen openbare ruimte is ontstaan, namelijk dat de investeringsbehoefte hierin komende tientallen jaren gelijkblijvend hoog is. Ook laat de Nota zien dat er vanaf begrotingsjaar 2028 nog onvoldoende budget hiertoe beschikbaar is en dat die periode dus invulling moet worden gegeven. Hieronder gaan wij specifiek in op de constatering over het onderdeel Gebouwen De toekomstige behoefte aan gemeentelijk maatschappelijk vastgoed hangt nauw samen met de inhoudelijke en strategische keuzes binnen de programma’s, want deze bepalen welke functies en voorzieningen we als gemeente in stand willen houden (op basis van beleid). Totdat die keuzes gemaakt zijn, voeren we per object instandhoudingsonderhoud uit, conform de kadernota gemeentelijk maatschappelijk vastgoed. Daarbij gaan we uit van de NEN 2767 methodiek waarbij we norm ‘3 redelijke conditie’ hanteren. Hierdoor kunnen we op een efficiënte en transparante manier de onderhoudsstaat van ons maatschappelijk vastgoed vaststellen.

We hebben hiervoor een jaarlijks beschikbaar onderhoudsbudget. Echter, door beperkte onderhoudsmiddelen maken we ieder jaar middels het uitvoeringsjaarplan keuzes in welk onderhoud we wel, en welk onderhoud we (nog) niet uitvoeren. Door stijgende bouw- en onderhoudskosten en indexering zit er een risico op de (middel)lange termijn om dat binnen de huidige beschikbare middelen uit te blijven voeren. Dit maken we inzichtelijk in de nota kapitaalgoederen vastgoed en krijgt hierna mogelijk een financiële vertaalslag. De

Gemeente Nijmegen

Pagina 8 van 9

instandhouding realiseren we door uitvoering van het wettelijk en periodiek onderhoud, het planmatig onderhoud, het gebrekenonderhoud en het storingsonderhoud. Zo zorgen we ervoor dat de objecten het noodzakelijk onderhoud krijgen, waardoor deze ingezet kunnen blijven worden voor de functie waarvoor deze bedoeld zijn. Deze aanpak beperkt in algemene zin de noodzaak tot grootschalig onderhoud en/of renovatie en verlengt de technische levensduur van onze gebouwen. Dit betekent dat panden soms verouderd aanvoelen, omdat niet-noodzakelijke vernieuwingen niet uitgevoerd worden. Dat wordt pas gedaan bij renovatie, waar dan apart budget voor aangevraagd wordt. Openbaarheidsparagraaf Dank voor het compliment. Omdat het platform eerst na het zomerreces is gevuld, is gewacht met het bekendmaken van het publicatieplatform. Uiteraard zal het publicatieplatform nog breed worden uitgedragen. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen

A.P.W. van de Klift gemeentesecretaris

H.M.F. Bruls burgemeester

Gemeente Nijmegen

Pagina 9 van 9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=81306f58-68e9-40c9-8a56-528425c2287f