Rapportage mobiliteit
Tekst van het document
1
Inleiding In de zomer van 2020 werd in de regio Arnhem-Nijmegen de pilot ‘eHUB’ gelanceerd. In deze pilot zijn over verschillende locaties in Arnhem en Nijmegen eHUBS gerealiseerd. Bij deze eHUBS kan iedereen op elektrisch deelvervoer, zoals elektrische (bak) fietsen en auto’s, huren door middel van een app. Het doel van de pilot is om te leren in hoeverre er interesse is in het gebruiken van elektrisch deelvervoer en welke locaties daar geschikt voor zijn. Om een beeld te krijgen van de bekendheid met de pilot, de houding tegenover eHUBS en gebruikerservaring zijn een aantal vragen uitgezet in het digitaal stadspanel. Naast de vragen over eHUBS zijn er enkele stellingen over de vervangende vervoersmiddelen en de toekomst van Nijmegen en het gemeentebestuur voorgelegd. De vragen over vervangende vervoersmiddelen zijn gesteld naar aanleiding van de motie, ‘Parkeren of vrijwillig goedkoop met de bus’, die door de gemeenteraad van Nijmegen op 25 november is ingediend.
In deze motie roept de gemeenteraad het college op om: te onderzoeken of en wanneer bewoners andere vormen van vervoer (OV, fiets, deelmobiliteit) als vervangend alternatief voor een auto zien; Om een busabonnement, naar analogie van het busabonnement voor minima, nadrukkelijk mee te nemen in het onderzoek als mogelijkheid om mensen te stimuleren meer gebruik te maken van het 0V; Te inventariseren op welke manier de gemeente een rol kan spelen om aan de voorwaarden voor deze alternatieven te voldoen. Het digitaal stadspanel bestaat uit 4100 betrokken Nijmegenaren die met enige regelmaat hun mening delen over relevante onderwerpen die op dat moment de aandacht hebben in de stad. Het digitaal stadspanel is verhoudingsgewijs goed verdeeld over de stadsdelen, maar wat hoger opgeleid dan de totale bevolking van Nijmegen. De vragenlijst heeft in eind april 2021 twee weken open gestaan en er is een herinnering gestuurd. Het onderzoek is uitgevoerd door het bureau Onderzoek en Statistiek, gemeente Nijmegen. De resultaten zijn anoniem verwerkt. De vragenlijst is door 1539 respondenten ingevuld, hiervan is 83% in het bezit van een auto, een hybride auto en/of elektrische auto. Een respondent kan over meerdere auto’s beschikken. De vragen over vervangende vervoersmiddelen zijn alleen aan respondenten gesteld die in het bezit zijn van een auto, elektrische auto en/of hybride auto.
2
Inhoudsopgave Inleiding............................................................................................................................................................................ 2 1.
Resultaten ................................................................................................................................................................ 4 1.1.
Autogebruik ................................................................................................................................................... 4
1.2.
Type ritten ...................................................................................................................................................... 4
1.3.
Alternatieve vervoersmiddelen ..................................................................................................................... 5
1.3.1.
OV .............................................................................................................................................................. 5
1.3.2.
Fiets ........................................................................................................................................................... 6
1.3.3.
Deelmobiliteit............................................................................................................................................ 6
1.4.
Overige ideeën alternatief vervoersmiddel .................................................................................................. 7
3
1. Resultaten 83% van alle respondenten is in het bezit van een auto, een hybride auto en/of elektrische auto. Een respondent kan over meerdere auto’s beschikken. In dit hoofdstuk gaat het alleen over de respondenten die in het bezit zijn van een auto (benzine/ elektrisch/ hybride) en worden hierna ‘autobezitters’ genoemd.
1.1.
Autogebruik
Van alle autobezitters gebruikt iets meer dan een kwart (27%) de auto (vrijwel) dagelijks, iets meer dan de helft (52%) enkele keren per week, 20% minder dan een keer per week en 2% gebruikt de auto niet. Let op, deze percentages en de percentages in figuur 1 zijn berekend op basis van het aantal gegeven antwoorden, omdat een persoon over meerdere auto’s kan bezitten. In figuur 1 is het gebruik per autosoort te zien.
Gebruik per auto (Vrijwel) dagelijks 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
Enkele keren per week
2% 20%
Minder dan een keer per week 10%
Ik gebruik mijn auto niet 11%
44% 64%
51%
46% 27% Auto (n=1183)
25% Elektrische auto (n=50)
Hybride auto (n=97)
1 Hoe vaak per week gebruikt u de auto, elektrische of hybride auto?
1.2.
Type ritten
Van alle autobezitters gebruikt 80% de auto voor bezoek aan vrienden/ familie, 68% om boodschappen te doen, 52% voor recreatie, 45% voor woon-werkritten, 6% voor ritten naar school/studie en 8% voor andere ritten. Bij ‘andere ritten’ worden de woorden ‘ziekenhuis’, ‘kinderen’, ‘bezoek’ en ‘vakantie’ het vaakst genoemd. Let op, deze percentages en de percentages in figuur 2 zijn berekend op basis van het aantal gegeven antwoorden, omdat een persoon over meerdere auto’s kan bezitten en de auto voor meerdere type ritten kan gebruiken. In figuur 2 zijn het type ritten per autosoort te zien.
4
Type rit per auto Bezoek vrienden/ familie
Boodschappen/ winkelen
Recreatie
Woon-werkritten
Anders
School/ studie
2% 3% 17%
23%
3% 2% 19%
17%
21%
26%
26%
27%
31%
28%
28%
Auto (n=1183)
Elektrische auto (n=50)
Hybride auto (n=97)
100% 80%
20%
60% 40% 20% 0%
3% 3%
2 Voor welk type rit(ten) gebruikt u de auto?
1.3.
Alternatieve vervoersmiddelen
Er zijn vragen gesteld over drie soorten alternatieve vervoersmiddelen: het openbaar vervoer (hierna OV), de fiets en eHUB 1.
1.3.1.
OV
Voor 40% van de autobezitters is het OV geen alternatief vervoersmiddel, 16% maakt al maximaal gebruik van het OV, 28% geeft aan dat ze het OV gebruiken, maar dat ze dit meer zouden doen als: ‘het goedkoper zou zijn’, ‘er geen pandemie meer is’, ‘het sneller zou zijn’, ‘verbinding/ aansluiting beter is’ (vijf meest genoemde punten). 16% van de autobezitters gebruikt het OV niet, maar zou dit wel gaan doen als: ‘het goedkoper zou zijn’, ‘corona voor bij is’, ‘woon-werkverkeer zou kunnen’. Let op, deze percentages en de percentages in figuur 3 zijn berekend op basis van het aantal gegeven antwoorden, omdat een persoon over meerdere auto’s kan bezitten. In figuur 3 zijn de antwoorden op de vraag over OV als alternatief vervoersmiddel per autosoort te zien.
1
Een eHUB is een locatie waar je elektrische vervoersmiddelen kan huren met een app. Bij de eHUBS worden e-bikes van Urbee, bakfietsen van Cargoroo en e-auto’s van Amber en GoodMoovz aangeboden.
5
OV als alternatief vervoersmiddel OV geen optie 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
Gebruik OV, maar vaker als
Geen gebruik OV, maar wel als 12%
16%
19%
12%
17%
11%
32%
28%
Maximaal gebruik OV
29%
40%
44%
41%
Auto (n=1183)
Elektrische auto (n=50)
Hybride auto (n=97)
3 Wanneer zou u de keuze maken om meer met het OV te gaan reizen en de eigen auto te laten staan?
1.3.2.
Fiets
Voor 16% van de autobezitters is de fiets geen alternatief vervoersmiddel, 66% maakt al maximaal gebruik van de fiets, 14% maakt gebruik van de fiets maar zou dit vaker doen als ‘het weer beter zou zijn’, ‘het werk dichter bij is’, ‘men in het bezit is van een elektrische fiets’. Tot slot gebruikt 4% van de autobezitters de fiets niet, maar zou dit wel gaan doen als, ‘het weer beter zou zijn’, ‘het werk dichterbij zou zijn’. Let op, deze percentages en de percentages in figuur 4 zijn berekend op basis van het aantal gegeven antwoorden, omdat een persoon over meerdere auto’s kan bezitten. In figuur 4 zijn de antwoorden op de vraag over de fiets als alternatief vervoersmiddel per autosoort te zien.
Fiets, alternatief vervoersmiddel Maximaal gebruik fiets 100% 80%
Fiets geen optie
Gebruik fiets, maar vaker als
Gebruik fiets niet, maar wel als
4% 15%
4% 12%
2% 19%
16%
22%
12%
65%
62%
67%
Auto (n=1183)
Elektrische auto (n=50)
Hybride auto (n=97)
60% 40% 20% 0%
4 Wanneer zou u de keuze maken om meer met de fiets te gaan reizen en de eigen auto te laten staan?
1.3.3.
Deelmobiliteit
Voor 58% van de autobezitters is deelmobiliteit (bijvoorbeeld eHUB) geen optie, 2% maakt al maximaal gebruik van deelmobiliteit. De groep autobezitters die gebruik maakt van deelmobiliteit (6%), maar dit vaker zou doen als, geeft aan dat zij dit meer zouden doen als ‘het goedkoper zou zijn dan de auto’ en ‘het toegankelijk en beter beschikbaar is’ (meest genoemde antwoorden). De groep autobezitters die geen gebruik maakt van deelmobiliteit (35%), maar dit vaker zou doen als, geeft aan dat het dan ‘het goedkoper zou moeten zijn dan de eigen auto’, ‘er in de buurt meer beschikbaar moet zijn’ en ‘het goedkoper wordt aangeboden’. Let op, deze percentages en de percentages in figuur 5 zijn berekend op basis van het aantal gegeven antwoorden, omdat een persoon over 6
meerdere auto’s kan bezitten. In figuur 5 zijn de antwoorden op de vraag over deelmobiliteit als alternatief vervoersmiddel per autosoort te zien.
Deelmobiliteit als alternatief vervoersmiddel
100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
Maak maximal gebruik van deelmobiliteit
Gebruik deelmobiliteit, maar vaker als
Gebruik deelmobiliteit niet, maar wel als
Deelmobiliteit geen optie
58%
56%
34%
34%
6% 2% Auto (n=1183)
6% 4%
6%
Elektrische auto (n=50)
Hybride auto (n=97)
60%
34%
5 Wanneer zou u de keuze maken om meer met deelmobiliteit te gaan reizen en de eigen auto te laten staan?
1.4.
Overige ideeën alternatief vervoersmiddel
Aan de respondenten is gevraagd of zij nog andere ideeën hebben over hoe mensen meer gebruik zouden maken van alternatieve vervoersmiddelen, anders dan de auto. Hieronder zijn een paar ideeën opgesomd. − − − − − −
auto duurder maken; goedkoper alternatief dan de auto aanbieden; OV goedkoper/aantrekkelijker/gratis maken; deelmobiliteit goedkoper/ beter toegankelijk/bekender maken; stad aantrekkelijker maken voor fietsers, betere fietspaden; centrum minder toegankelijk/duurder maken voor de auto.
7