Rapportage kwartaal 4 (heel 2020) Sociale Wijkteams
Tekst van het document
Kwartaalcijfers SWT Kwartaal 4 2020 (jaaroverzicht) 15 februari 2021
Kwartaalcijfers Wmo Q4
0
Inleiding De kerncijfers met korte duiding. 1.
Algemeen beeld 2020
2.
Dienstverlening SWT § Aanmeldingen § Wachttijden en doorlooptijden
3.
Kwaliteit § Klachten en bezwaar § klanttevredenheid
4.
Ontwikkeling indicaties § Instroom en uitstroom § Indicaties per stadsdeel § Indicaties per onderdeel
5. Proef met brede basisteams Kwartaalcijfers Wmo Q4
1
Algemeen beeld 2020 2020 was het jaar van corona. Toch merkten de sociale wijkteams niet direct een enorm effect van de coronacrisis. Kwantitatief is het aantal aanmeldingen licht gedaald en kwalitatief zijn de hulpvragen niet heel erg veranderd. Corona is wel regelmatig onderwerp van gesprek tussen professional en cliënt uiteraard. Sociaal werk is aangemerkt als cruciaal beroep en van daaruit zijn medewerkers doorgegaan met de dienstverlening. Op punten is dat aangepast naar meer een mix van face to face en “op afstand” en/of digitaal contact. Vorig jaar vermoedden we steeds dat er een boeggolf zou komen, maar nu de crisis zo lang duurt, is daaraan twijfel. Wat blijft is onzekerheid en onduidelijkheid over de effecten op middellange termijn. We verwachten dat we in de komende periode het effect van de crisis terug gaan zien in verdieping van problematiek. Iets dat minder aan de oppervlakte komt is dat medewerkers zelf lijden onder de crisis. Sociaal werk is mensenwerk dat medewerkers raakt en waarvan het goed is dat je dat deelt met elkaar. Het onderlinge contact wordt gemist. Ondanks corona, of misschien ook wel deels dankzij corona, zijn de wachttijden bij de sociale wijkteams in 2020 gemiddeld teruggebracht tot een aanvaardbaar niveau.
Deels komt dit door een aantal specifieke maatregelen: langere indicaties, ambtshalve verlengen, etc., deels door minder (tijdsintensief) huisbezoek en meer online of telefonisch contact. Vooral door personele mutaties (langdurige ziekte en vertrek personeel) is er incidenteel in teams echter ook sprake van fors hoge wachttijden. Met name bij Wmo-nieuw (begeleiding) is de wachttijd problematisch. Dat blijft de voornaamste reden om brede basisteams te gaan vormen. In de proefgebieden zijn de wachttijden voor nieuwe aanmeldingen twee tot maximaal vier weken. Brede basisteams In 2020 is gestart met de aanbestedingen van de brede basisteams Jeugd&Gezin en later voor Volwassenen. Dit heeft impact op de medewerkers in de sociale wijkteams en op de staf bij Sterker. Omdat in 2021 de omvorming daadwerkelijk gaat plaatsvinden en de korte termijn effecten daarvan niet goed zijn te voorspellen, zal flexibiliteit en professionaliteit gevraagd worden van de sociale wijkteammedewerkers en de staf van Sterker. Daarom is afgesproken dat er uiterste terughoudendheid zal zijn ten aanzien van extra vragen en inspanningen van de sociaal wijkteams en enige coulance ten aanzien van oplopende wacht- of doorlooptijden. Waar nodig zal gezamenlijk gezocht worden naar incidentele oplossingen en eventuele bekostiging daarvan. Sterker heeft in de loop der jaren een goed weerstandsvermogen opgebouwd.
Kwartaalcijfers Wmo Q4
2
Dienstverlening SWT Aanmeldingen bij de wijkteams per maand
Toelichting
Wat opvalt is dat het aantal aanmeldingen in 2020 onder het niveau blijft van voorgaande jaren (2018-2019). (met uitzondering van een piek in juli, die verklaard kan worden door uitstel a.g.v. de lockdown, in combinatie met een piek in de herindicaties). Kijken we iets dieper, dan valt op dat het aantal aanmeldingen Wmo-nieuw (begeleiding) sterk achterblijft. Deels is dit het gevolg van het ambtshalve verlengen van indicaties in 2019 en 2020. Maar het kan ook een signaal zijn van uitgestelde zorgvraag. Als dat zo is, kan dat leiden tot een inhaaleffect of verergering van problematiek op termijn.
Totalen 2018 = 10.071 2019 = 10.182 2020 = 9.753
(100) (101) (97)
totaal Wmo-nieuw (begeleiding) 2018 = 3.515 (100) 2019 = 3.543 (101) 2020 = 2.946* (84)
(*) inclusief aanmeldingen BBT
Kwartaalcijfers Wmo Q4
3
Dienstverlening SWT Wachttijden per wijkteam per maand (De wachttijd is de tijd tussen de aanmelding en het eerste gesprek)
Wijkteam
januari
februari
maart
april
mei
juni
juli
augustus
september
oktober
november
december
jaargemiddelde
Centrum
14,9
9,1
8,9
5,7
10,6
10,2
6,7
8,6
9,7
8
4,7
5,9
8,5
Dukenburg Hatert
10,8 12,6
10,9 10,6
5,3 13,5
6,9 11,3
11,4 14,5
10,8 20,8
6,5 9,1
5 8,1
4,9 12
6,3 12
6,1 11,3
6,2 5,6
7,4 11,6
Lindenholt
8,8
5,4
5,1
5,7
6,1
6
3,7
3,8
3,4
4,1
7,5
4,5
5,4
Midden
9,8
12,2
14,8
12,5
15,8
12,5
12,3
7,6
12,7
10,6
8,7
6,4
11,6
Nieuw-West
18,1
10,9
11,2
10,6
9,7
10,6
10,7
14,7
19,7
11,6
10,3
7,9
11,7
Noord
10,4
13,7
7,2
2,8
5,1
5,4
5,4
4,3
8,8
4,7
6,6
8,6
6,7
Oost
9,7
7,1
7,3
9,5
9,8
8,6
7
9
10,1
8,8
10,9
9,4
9
Oud-West Zuid
20,2 12,3
17,1 11,9
20,1 9,5
10,3 7,3
10,1 7,9
9,8 4,5
12 7,4
10,4 8
14,1 9,2
12,7 9,1
8,9 7,1
4,6 8,6
13,6 8,9
10
9,1
8,4
6,7
6,8
6,5
5,8
5,4
6,7
6,1
6
5,2
6.8
Gemiddelde wachttijd per maand
(Het jaargemiddelde zegt eigenlijk niet zoveel. Relevanter is de ontwikkeling per maand te volgen)
Kwartaalcijfers Wmo Q4
4
Dienstverlening SWT Wachttijden per wijkteam per maand Toelichting De gemiddelde wachttijd per maand van de sociale wijkteams (inclusief de proef met de brede basisteams) loopt terug in 2020, naar een niveau dat binnen de toegestane grens valt van 4 tot 6 weken(*). De verschillen per wijkteam zijn echter groot en 6 van de 10 teams halen de gestelde doelstelling van gemiddeld maximaal 6 weken (nog) niet. Ook zijn de verschillen per werksoort groot.
Daarbij valt op, dat vooral de aanvragen Wmo-nieuw een lange wachttijd kennen. Ook als het spoed is, is de wachttijd nog altijd ruim 4 weken (in tegenstelling tot 1-2 weken bij Jeugd en Wmo-klassiek) Er komen bovendien steeds meer spoedcases bij, wat er toe leidt dat overige cases langer moeten wachten. Wat de wachttijden deels omhoog stuwt, is het gegeven dat herindicaties vaak ruim van tevoren worden aangemeld. Deze ‘wachttijd’ is dus ingecalculeerd. Het overgrote deel van de herindicaties wordt op tijd afgehandeld. Alle nieuwe aanvragen Wmo-nieuw (begeleiding) worden in de proefgebieden met brede basisteams binnen 2 tot 4 weken opgepakt Het aandeel van inwoners die langer dan 4 weken heeft moeten wachten bedroeg gemiddeld 50%, in Q1 61%, in Q2-Q4 46%. Tussen de teams kunnen de wachttijden per werksoort ook sterk fluctueren. Daarvoor is een aantal verklaringen te geven: §
Er zijn veel langdurig zieken geweest en het personeelsverloop is hoog geweest, Dit de belangrijkste verklarende factor.
§
Door de vorming van het Stedelijk Team Jeugd (STJ) werden de teams kleiner en meer kwetsbaar
§
Uitstel keukentafelgesprek i.v.m. corona (op verzoek inwoner, Swt kon op huisbezoek of had andere manieren voor contact)
§
Minder makkelijke doorstroom caseload naar zorgaanbieders door corona (*) Wachttijd is tijd tussen aanmelding en eerste gesprek. Planning van een eerste gesprek vraagt twee tot vier weken
Kwartaalcijfers Wmo Q4
5
Dienstverlening SWT Wachttijden per wijkteam per maand Toelichting (vervolg) Wachttijd is tijd tussen aanmelding en eerste gesprek. Planning van een eerste gesprek vraagt meestal twee tot vier weken. In strikte zin is dit dus eigenlijk geen wachttijd, maar tijd die nodig is om te plannen. 50,5% valt binnen deze tijd. In een aantal gevallen is sprake van extreem lange wachttijden. Daarvan is sprake bij een wachttijd van 20 weken of langer. Dit betreft 5,6% van de aanmeldingen. Dit heeft onze aandacht en hierover wordt –ambtelijk- met Sterker gesproken. In alle situaties is er een bijzonderheid die deze lange wachttijd verklaart. Dat kan een behandeling zijn die moet worden afgerond, een ziekenhuisopname, of gelegen zijn in de gezinssituatie etc. Ook lijkt er sprake van enige bestandsvervuiling. Wel moet worden opgemerkt, dat sprake is van een cumulatief gegeven. De vastgestelde wachttijd (tot datum keukentafelgesprek) van alle cases in een jaar tellen op. Het is dus niet zo dat op enig moment 5,6% van de aangemelde inwoners langer dan 20 weken wacht. Maar dit doet niets af aan het feit, dat onnodig lang wachten onwenselijk is en te allen tijde moet worden voorkomen. Streven is niet alleen terugdringen van de gemiddelde wachttijd, maar ook van (te) lange wachttijden.
Kwartaalcijfers Wmo Q4
6
Dienstverlening SWT Doorlooptijden per wijkteam per kwartaal De doorlooptijd is de tijd tussen eerste gesprek en het afsluiten van het traject bij het wijkteam
Wijkteam
Q1
Q2
Q3
Q4
Gemiddeld
Centrum
4,2
3,5
6,3
3,5
4,5
Dukenburg
5,7
6,2
5,8
5,3
5,7
Hatert
4,3
6,2
3,7
4,9
4,7
Lindenholt
10,2
5,4
6
9,7
7,9
Midden
4,2
4,6
4,8
4,1
4,4
Nieuw-West
4,3
4
6,6
4,2
4,7
Noord
5,4
5,9
7,6
7,9
6,8
Oost
5,5
5,1
4,3
5,2
5,1
Oud-West
3,9
5,5
6,5
6,2
5,4
Zuid
4,2
4,6
5,7
6,6
5,3
Gemiddelde
5,2
5,2
5,5
5,6
5,4
Kwartaalcijfers Wmo Q4
Toelichting Gemiddeld schommelt de doorlooptijd tussen 4 en 6 weken. Eenvoudige aanvragen (huishoudelijke hulp m.n.) worden veelal telefonisch afgehandeld. Door corona is ook meer telefonisch in behandeling genomen om huisbezoeken te beperken. Opvallend zijn de afwijkingen in Lindenholt. Deels wordt dit verklaard door een aantal jeugdcases, die meer tijd in beslag namen, deels door niet correcte registratie van cases in de proef met het brede basisteam. In Q4 is gestart met de registratie in WIZ portaal van zorgtrajecten van de brede basisteams. Jeugdcases kennen over het algemeen langere doorlooptijden en dat verklaart ook de iets hogere gemiddelden in NijmegenNoord.
7
Kwaliteit Klachtenbeeld
Toelichting Klachten §
Het aantal van 30 ingediend klachten bij Stichting Sterker is vergelijkbaar met eerdere jaren. 24 daarvan betrof de inzet van het SWT. De verhouding tussen jeugd en wmo is nagenoeg gelijk. Ter vergelijking: er zijn 9.753 aanvragen Wmo en Jeugdhulp gedaan in 2020, dat is dus 0,2%
§
De aard van de klachten is eveneens vergelijkbaar met voorgaande jaren;:de meeste klachten hebben te maken met wachttijd, bejegening of onvrede met de uitkomst.
§
Alle klachten die al afgehandeld zijn, zijn opgelost in het interne traject (bemiddeling door leidinggevende) en niet doorgezet naar de klachtencommissie.
§
In twee eerdere klachten uit 2019 die wel naar de klachtencommissie zijn doorgestuurd, heeft de klachtencommissie in 2020 een uitspraak gedaan. Sterker heeft verschillende maatregelen getroffen uit leerlessen van klachten, waaronder verbetering van de informatievoorziening over SWTs (op website en in nieuwe folder) en aanscherping van interne werkafspraken
Bezwaar §
In 2020 zijn er 71 bezwaren in het kader van de WMO ingediend , veruit de meeste Wmoklassiek (is ook het grootste aandeel) en 11 in het kader van jeugdhulp. Tezamen is dit dus 0,8%
§
In 2020 zijn 72 bezwaren WMO behandeld (nieuw en klassiek). Daarvan waren er 8 gegrond (11%).
§
In 2020 zijn 7 bezwaren jeugdhulp behandeld en daarvan was er geen enkele gegrond.
Kwartaalcijfers Wmo Q4
8
Kwaliteit Klantervaring Bijgaande gegevens zijn gebaseerd op geretourneerde klantervaringsformulieren. Deze klantervaringsinformatie wordt elk kwartaal bijgewerkt en heeft dus betrekking op het hele kwartaal. Het overzicht geeft zo een beeld van de klantervaring en verschillen daarin per team en door het jaar heen. Wat opvalt is dat alle teams in het derde kwartaal lager scoren. Een sluitende verklaring daarvoor is nog niet gevonden. Slechts een enkele keer zakt de score rond en één keer onder een zes. Overall gemiddelde is 7,5 en daarmee vergelijkbaar met voorgaande jaren.
Cijfers klantervaringsonderzoek Sterker
Kwartaalcijfers Wmo Q4
9
Kwaliteit Klanttevredenheid
Toelichting 74% van de volwassenen met een Wmo indicatie en 58% van de ouders van kinderen met Jeugdhulp zijn tevreden tot zeer tevreden over de geboden ondersteuning vanuit het sociaal wijkteam. Slechts een klein deel is ontevreden of zeer ontevreden. Bij Wmo 10%, waarvan 4 % zeer ontevreden. Bij Jeugdhulp ligt dit iets hoger 21%, waarvan 14% erg ontevreden. Ouders zijn terecht erg kritisch als het gaat over zorg voor hun kinderen. Dit zal de lagere scores bij Jeugdhulp deels verklaren. Een terugkerende toelichting van ouders is dat zij het sociaal wijkteam onvoldoende deskundig vonden over de problematiek achter de hulpvraag. Daarnaast zijn wachttijden een verklaring .
Kwartaalcijfers Wmo Q4
10
Ontwikkeling indicaties Toelichting De cijfers over 2020 zijn nog niet geheel betrouwbaar. De resultaten van het vierde kwartaal zijn nog niet geheel verwerkt in deze cijfers. Daardoor zal het uiteindelijke resultaat 2020 iets hoger uitkomen. Toch lijkt het erop, dat de ‘productie’ in 2020 lager is geweest dan in de voorgaande jaren. Er lijkt sprake van een lichte trendbreuk, die waarschijnlijk is te verklaren door de coronapandemie. Of dit zich gaat vertalen in extra aanvragen het komende jaar is niet zeker, maar daarmee moet wel rekening worden gehouden. Dat de uitstroom lager lijkt te worden, kan vrijwel zeker verklaard worden door corona. Cliënten blijven langer in begeleiding. (Dashboard. cijfers Wmo-begeleiding excl. Dagbesteding)
Kwartaalcijfers Wmo Q4
11
Ontwikkeling indicaties Verdeling naar voorziening Wmo
Jeugd Toelichting Van de indicaties Wmo is 5% een PGB en van de indicaties Jeugdhulp is dit bijna 18% (gecorrigeerd voor vervoer) Dit is relatief een gering aantal, maar PGB aanvragen vergen in de praktijk veel meer behandelingstijd (doorlooptijd). Gezien de hoge werkdruk leidt het aantal PGB-aanvragen dus al snel tot oplopende wachttijden. Dit verklaart ook deels de langere doorlooptijden bij Jeugdhulpaanvragen ten opzichte van Wmo-aanvragen. Veruit de meeste indicaties betreffen huishoudelijke hulp, ongeveer een derde van het totaal. Dit zijn over het algemeen relatief eenvoudige aanvragen, die veelal telefonisch kunnen worden afgedaan. Dit geldt ook voor vervoersvoorzieningen. Dit is de reden dat deze aanvragen weer worden gecentraliseerd en uitgevoerd door de gemeente met de komst van de brede basisteams (buurtteams)
Kwartaalcijfers Wmo Q4
12
Ontwikkeling indicaties Toelichting Nu de sociaal wijkteams een aantal jaren functioneren en ook actief is gestuurd op langere indicatie indien mogelijk, is dat terug te zien in de gemiddelde indicatieduur. Ten opzichte van 2019 is een duidelijke groei te zien in de indicaties met een looptijd van 2 jaar. Dit is een rechtstreeks gevolg van ambtshalve verlengingen van indicatie bij inwoners die al vanaf 2015 begeleiding krijgen in het kader van de Wmo. Voordeel van langere indicaties is, dat de inwoner minder wordt belast met heronderzoeken en dit tevens leidt tot minder werk in de sociaal wijkteams. Gezien de hoge werkdruk en lange wachttijden is dit een belangrijke bijkomende reden om te werken met indicatie die een langere looptijd kennen. Nu besloten is om te komen tot brede basisteams (buurtteams), zullen alle indicaties die vanaf nu worden afgegeven een maximale einddatum hebben in 2022. De uiterste einddatum is dan 31 december 2022, waarbij gezorgd wordt voor een spreiding over heel 2022. Dit stelt de nieuwe brede basisteams (buurtteams) in staat om samen met de inwoner te bepalen of continuering van de indictie aan de orde is, of het overnemen van de begeleiding vanuit het brede basisteam (buurtteam). Een indicatie van 2 jaar in 2020 eindigt in 2022. Daarom is het aandeel langer dan 2 jaar iets geringer geworden, ten opzichte van 2019.
Juist in de groep met langjarige begeleiding zit een deel van de doelgroep van de brede basisteams (buurtteams). Het bieden van een vorm van ‘waakvlam’-begeleiding vanuit het brede basisteam (buurtteam) is dan een optie.
Kwartaalcijfers Wmo Q4
13
Ontwikkeling indicaties WMO-nieuw: Begeleiding en dagbesteding 1400
Toelichting (resultaten t/m derde kwartaal)
1200
De ontwikkeling van het aantal afgegeven indicaties en de omvang daarvan wordt nauwkeurig gemonitord door het jaar heen. In kwartaalgesprekken wordt dit besproken met de gebiedsmanagers (teamleiders) van de sociale wijkteams.
1000
Dit is van belang voor de kostenontwikkeling. Uitgangspunt is natuurlijk passende zorg, dus er zit een grens aan de sturing hierop. Maar kostenbewustzijn bij medewerkers van de SWT is relevant voor een goede afweging van aard en omvang van de af te geven indicatie.
800
600
In 2018 is een stijgende lijn in de kostenontwikkeling omgebogen naar een redelijke stabilisatie tot dat niveau. In 2020 lijkt zich nu een lichte daling af te tekenen, mogelijk veroorzaakt door corona (uitstel/afstel van aanvraag)
400
200
0 Centrum
Dukenburg
Lindenholt
Midden
Nieuw-West
Noord
Oost
Oud-West
Zuid (inclusief Hatert)
2018
378
1.029
577
819
818
252
1.112
859
1.266
2019
406
1.111
566
821
921
276
1.110
842
1.264
2020
398
990
392
710
840
328
1.113
829
987
Kwartaalcijfers Wmo Q4
Dat Lindenholt en Zuid in 2020 stevig dalen is volledig te verklaren door begeleiding vanuit de proef met de brede basisteams, die indicatievrij is. De stijging in Noord is demografisch te verklaren: NijmegenNoord groeit.
14
Ontwikkeling indicaties WMO-nieuw: Begeleiding en dagbesteding 3.500
In 2018 is sterk gestuurd op het verminderen van inzet specialistische begeleiding. Deze steeg namelijk fors vanaf 2016 en was een belangrijke verklaring voor de eveneens stevig stijgende kosten. In 2018 is ook een nieuwe aanbesteding geweest. Beiden hebben geleid tot een significante daling van specialistische begeleiding.
3.000
2.500
2.000
In deze grafiek is een gedeeltelijke compensatie van die daling van specialistische begeleiding in 2018 te zien, in een stijging van reguliere begeleiding die is ingezet in 2019. Daarbij zien we een stabilisatie van specialistische begeleiding.
1.500
1.000
De daling in 2020 wordt mogelijk veroorzaakt door corona (uitstel/afstel van aanvraag). Daarbij is de daling van vooral reguliere begeleiding ook een gevolg van de indicatievrije begeleiding in de proef met de brede basisteams in Lindenholt en Zuid.
500
0
Toelichting (resultaten t/m derde kwartaal)
Specialistische begeleiding
Reguliere begeleiding
Dagbesteding
2018
3.187
2.764
836
2019
3.209
2.979
787
2020
3.059
2.516
729
2018
2019
Dagbesteding wordt relatief minder ingezet. De lichte daling door de jaren heen wordt mogelijk verklaard door inzet van voorliggend (collectief) aanbod.
2020
Kwartaalcijfers Wmo Q4
15
Proef met brede basisteams
Astitel
plaatsingen BBT
Zorgkosten
250
€ 120.000
Toelichting
200
€ 100.000
De inzet van begeleidingstrajecten door de brede basisteams in de proef gebieden is in 2020 gestaag gegroeid. Het laatste kwartaal lijkt deze groei af te vlakken. Dat kan deels het gevolg zijn van gerealiseerde uitstroom en beëindiging van begeleidingstrajecten.
€ 80.000
150
€ 60.000
Lindenholt
100
Zuid
€ 40.000
De afvlakking van groei is vooral zichtbaar in Lindenholt. In Nijmegen-Zuid lijkt nog steeds sprake van groei. Daar is ook een start gemaakt met het voortzetten van bestaande begeleidingstrajecten door het brede basisteam in plaats van bij de bestaande zorgaanbieder. Vanzelfsprekend in overleg en afstemming met zowel inwoner als zorgaanbieder.
50
€ 20.000 0
jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec 2019
€jun jul aug sep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug sep okt nov dec
2020
plaatsingen BBT 142 150 152 173 182 187 193 200 204 210 209 212 223 230 226 233 233 233
2019
2020
Cliënten Lindenholt 200 150
153
147 119
100
121 97 71
115
50
94 82 79
102 84 74
95 84 75
94 85 81
98 82 72
BBT reg begel. spec. Begel.
Zoals al eerder gesteld, wordt de doelstelling om geen wachttijden meer te hebben wel gehaald. Alle nieuwe aanmeldingen worden binnen 2 tot 4 weken opgepakt. Deze termijn heeft alleen te maken met het inplannen van een eerste gesprek.
0 Q1
Q2
Q3
Q4
Q1
Q2
Q3
2019
Q4
2020
Cliënten Zuid 160 140 120 100 80 60 40 20 0
134 125
132 124
112 103 83
106 86 73
118
124
85 76
80 72
137
124 70 62
67 59
BBT reg begel. spec. begel.
Q1
Q2
Q3 2019
Q4
Q1
Q2
Q3
Q4
2020
Kwartaalcijfers Wmo Q4
16