Rapport Het Nijmeegs verzet zichtbaar incl. bijlage (gewijzigde versie)
Tekst van het document
Advies van de commissie 'Het Nijmeegs verzet zichtbaar maken' 24 januari 2020
Bezoek van koningin Wilhelmina aan De Bonte Os op 9 juni 1945. Zij wordt begroet door mevrouw Witteveen - van Gaalen. (collectie RAN, fotograaf onbekend)
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Inleiding Op 17 juli 2019 is het initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’ ingediend door Maarten Bakker (VVD); Charlotte Brand (PvdA); Wendy Grutters (DNF); Ton Roes (GN). Dit voorstel is op 25 september 2019 unaniem door de raad aangenomen. Met dit initiatiefvoorstel: “1. Stelt de gemeenteraad van Nijmegen een verzetsliedenbuurt in Hof van Holland (Citadel) vast en geeft de raad het college opdracht om een werkgroep van experts bijeen te brengen die een groslijst met mogelijke namen voor de wijk samenstelt. Aan de hand van deze lijst komt het college met een raadsvoorstel met een definitieve lijst voor de straatnaamgeving in Hof van Holland. 2. Geeft de gemeenteraad van Nijmegen het college opdracht om een raadsvoorstel op te stellen voor een stadswandelroute met zogenoemde Bakens van Verzet die aan het grote publiek de verhalen vertellen over de hierboven genoemde verzetslieden of hun acties.” Het college staat positief tegenover het voorstel en is bereid om de mogelijkheden voor het vernoemen van een verzetsdeelnemersbuurt in Lent nader te onderzoeken. Ook het voorstel voor een stadswandelroute zal daarbij worden meegenomen. Daarmee werd de opdracht voor de werkgroep met experts (voortaan: commissie) geformuleerd.
Omdat de leden eenmalig een opdracht van beperkte duur uitvoeren, werd de werkgroep niet formeel aangesteld als een adviescommissie in de zin van artikel 84 van de Gemeentewet. De leden van de werkgroep adviseren geheel vrij en onafhankelijk. De commissie werd gevraagd een lijst van namen op te stellen van verzetsdeelnemers, waarmee recht kan worden gedaan aan de diversiteit die de achtergrond van de verzetsdeelnemers kenmerkt die in Nijmegen een belangrijke rol hebben gespeeld. De namen en locaties met een korte toelichting komen als advies bij gemeente als ‘groslijst’. De gemeente kiest voor uitwerking/gebruik hiervan in straatnamen en/of bakens van verzet.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
1. Samenstelling en werkwijze van de commissie De commissie 'Het Nijmeegs verzet zichtbaar maken' had de volgende samenstelling: Lennert Savenije Joost Rosendaal Henk Termeer Anneke Nolet
Historicus Radboud Universiteit Historicus Radboud Universiteit Historicus, voorzitter werkgroep Oorlogsdoden, lid van het bestuur 4 en 5 mei comité Nijmegen en Numaga Auteur over vrouwen in het Nijmeegse verzet
De commissie werd ambtelijk ondersteund door: Ernest Verhees Pauline Jansen Tim Wachelder
Hoofd Regionaal Archief Nijmegen Sr. beleidsadviseur Erfgoed Gemeente Nijmegen, Secretaris ambtelijke werkgroep straatnaamgeving Gemeente Nijmegen
Zoals uit de gekozen naam van de commissie blijkt, hebben de leden de vraag om advies van het college van B&W geïnterpreteerd als een vraag om advies over hoe de zichtbaarheid van de verzetsgeschiedenis in Nijmegen aan de hand van straatnamen en historische bakens gewaarborgd kan worden. De commissie heeft in de periode oktober – december 2019 haar onderzoek uitgevoerd. De oproep voor suggesties in oktober heeft geleid tot 19 reacties. De commissie heeft met belangstelling kennis genomen van de reacties en heeft de geopperde namen meegenomen in haar afweging. Naast de binnengekomen namen, hebben de leden van de commissie vanuit hun eigen onderzoek en kennis namen geopperd. Alle commissieleden hebben individueel en onafhankelijk van elkaar de omvangrijke lijst met namen beoordeeld op diverse criteria (zie 2.1). Deze beoordelingen zijn vervolgens naast elkaar gelegd, waaruit de groslijst is ontstaan. Tenslotte is er in januari gewerkt aan dit rapport.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
2. Advies en bevindingen van de commissie 2.1 Overwegingen van de commissie De commissie 'Het Nijmeegs verzet zichtbaar maken' heeft zich bij aanvang van haar werkzaamheden gerealiseerd hoe ingewikkeld, maar tevens belangrijk, de aan haar voorgelegde vraag om advies is. 75 Jaar na afloop van de Tweede Wereldoorlog bestaat er in de hedendaagse maatschappij een grote interesse en tevens morele betrokkenheid bij de oorlogsgeschiedenis. In de Nederlandse stad Nijmegen kent deze belangstelling een sterke lokale verankering omdat oorlog, bezetting en bevrijding van grote invloed waren op het leven van de Nijmegenaren en het stedelijk landschap. Zowel het hedendaagse straatbeeld als allerhande lokale organisaties, initiatieven en bijeenkomsten herinneren tot vandaag de dag aan de oorlogsgeschiedenis. Tegelijkertijd groeit de afstand tot het oorlogsverleden met elk jaar dat verstrijkt en zijn Nijmegenaren zich niet altijd even bewust van de vele plaatsen van herinnering in hun stad. De commissie deelt de ambitie en belangstelling van de Nijmeegse gemeenteraad en het college van B&W voor het op een bestendige manier onder de aandacht brengen van deze geschiedenis. Zij brengt dan ook een advies uit dat beoogt bij te dragen aan het zichtbaar maken van de verzetsdeelname van Nijmegenaren tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De verzetsdeelname gedurende de Duitse bezetting van Nijmegen was divers van karakter, zo heeft historisch onderzoek in het verleden uitgewezen en zo zal ook historisch onderzoek in de toekomst benadrukken. Dat er na 1945 bepaalde, al dan niet door de tijdgeest ingegeven, keuzes zijn gemaakt met betrekking tot memorialisering van dit verleden is eigen aan elke nationale en lokale herdenkings- en herinneringscultuur. Sinds de bevrijding heeft de verzetsdeelname van Nijmegenaren op verschillende manieren aandacht gekregen en een positie ingenomen binnen de stedelijke herinneringscultuur. De stad kent dan ook al verschillende monumenten, graven, plaquettes en straatnamen die herinneren aan lokale verzetsdeelnemers. Twee Nijmeegse verzetsdeelnemers, Titus Brandsma en Jan van Hoof, zijn in het bijzonder onder de aandacht gebracht. Daarnaast is er reeds een verzetsbuurt voor de vijf Nijmegenaren die op 6 juni 1944 gefusilleerd werden. De commissie deelt de verwachting dat een nieuwe investering in het zichtbaar maken van de verzetsdeelname tijdens de Tweede Wereldoorlog, door middel van straatnamen en historische bakens, dit herinneringslandschap zal versterken.
Als uitgangspunt bij het samenstellen van zowel het advies voor straatnamen als locaties voor historische bakens gold het initiatiefvoorstel van de gemeenteraadsleden en de volgende door het college van B&W geuite voorwaarde. Het advies moest recht doen ‘aan de diversiteit die de achtergrond van de verzetsdeelnemers kenmerkt die in Nijmegen een belangrijke rol hebben gespeeld’. Het advies is heel nadrukkelijk geen ranglijst of erelijst, maar een weloverwogen voorstel om bepaalde personen en locaties uit te lichten. De voorgestelde namen zijn niet bedoeld als een lijst van de ‘grootste’ of belangrijkste ‘verzetshelden’ van Nijmegen omdat de commissie van mening is dat de Nijmeegse verzetsdeelname zich in al haar diversiteit niet laat rangschikken.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
2.2 Verzetsdeelnemers Toelichting De commissie wil de volgende twintig namen ter advies voorleggen aan het college van burgemeester en wethouders. De namen zijn alfabetisch geordend en op basis van een sjabloon van een korte toelichting voorzien. De commissie heeft in een paar gevallen gekozen om een familienaam als advies voor te leggen, om daarmee te honoreren dat de verzetsdeelname gezamenlijk door echtparen en gezinnen werd verricht. Zoals eerder kort toegelicht, is er gestreefd naar een divers en representatief beeld van de verzetsdeelname met eerbied voor de maatschappelijke verhoudingen in de stad van toen en nu. Zowel verzetsdeelnemers die tijdens de Tweede Wereldoorlog om het leven zijn gekomen als personen die de oorlog overleefden zijn genomineerd. In de geschiedschrijving en ook in de naoorlogse herinneringscultuur zijn er bepaalde categorieën van verzet, van gewapend verzet tot onderduikhulp en van studentenverzet tot ambtenarenverzet, van elkaar onderscheiden. De commissie is zich daarvan bewust en heeft er naar gestreefd, ook conform het initiatiefvoorstel, om dit in de keuze van namen terug te laten komen, waarbij overigens moet worden opgemerkt dat de genoemde personen veelal verschillende vormen van verzet representeren en daarmee dus andermaal de diversiteit van de verzetsdeelname vertegenwoordigen.
Namen Alebeek, Maria Antonia Allegonda Wilhelmina van (Riet) 7 februari 1914, ’s-Hertogenbosch – 19 oktober 1999, Amsterdam Lerares Nederlands op Mater Dei, vader was katholiek en raadslid in Heumen-Malden. Riet woonde op kamers in Nijmegen. Al in augustus 1940 verspreidde ze in Nijmegen op eigen houtje de Nieuwsbrief van Pieter ‘t Hoen, later werd dat Het Parool dat ze tot in België bezorgde. Ook verzamelde ze inlichtingen en koerierde ze voor de groep Boerrigter. Voorts introduceerde ze samen Jan Bottema Natura in Nijmegen; een ondersteuningsfonds voor families en nabestaanden van verzetsdeelnemers en onderduikers. En verder deed ze van alles: hulp aan parachutisten, onderduikers etc. In december 1943 werd ze gearresteerd en kwam ze in kamp Vught. Haar veroordeling leidde tot een lange tocht door Duitse strafgevangenissen waaruit ze in maart 1945 vrijkwam.
Beermann, Victor Antonius Maria (Victor/Vic) 18 november 1915 Nijmegen, 28 januari 2000, Wenen Geboren Nijmegenaar, die zijn opleiding genoot aan het Canisius College en de Katholieke Universiteit. Promoveerde daar in 1940 als historicus en was aan het begin van de bezettingstijd werkzaam als leraar geschiedenis. Wordt actief voor de Nederlandsche Unie en blijft na het verbod op deze politieke eenheidsbeweging geëngageerd en kritisch over het verloop van de bezetting. Uit de kring van de NU groeit een netwerk dat zich bezighoudt met clandestiene meningsvorming en hulp aan onderduikers. In de tweede helft van de bezettingstijd ontwikkelt Beermann zich tot een belangrijke organisator en inspirator van verzetskranten en onderduikhulpverlening in Nijmegen. Is na de bevrijding actief in de doorbraakbeweging en een van de initiators van de Documentatiecommissie Verzet. Maakte vervolgens carrière als diplomaat bij de Verenigde Naties.
Biessels, Ferdinand Hubertus (Ferdinand) 30 september 1902, Nijmegen - 28 maart 1974, Nijmegen Directeur van Swift schoenenfabriek in Nijmegen en actief als beheerder van het Fonds Bijzondere Noden dat was bedoeld om financieel hulpbehoevende (katholieke) Nijmegenaren te ondersteunen. Hij stond in die hoedanigheid financieel garant voor hulp aan onderduikers en organiseerde samen met andere ‘bankiers van het verzet’ – onder wie Jules Moormann – de financiële slagkracht van de ontluikende Nijmeegse verzetsorganisatie. Speelde als directeur een dubbelrol: terwijl hij zijn bedrijf gaande hield en zich in het openbaar waar nodig schikte of tot de bezettende macht richtte, probeerde hij personen van tewerkstelling en deportatie te behoeden, onder wie een joods meisje dat hij opnam in zijn gezin.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Boerrigter, Johan Herman Jacobus (Dick) 13 februari 1906, Djokjakarta - 9 juli 1942, Fort Rhijnauwen Drs. Boerrigter was apotheker/medisch adviseur bij Organon in Oss en woonde met zijn zus Hertha en kinderen op de Sophiaweg 119. Hij was grootmeester (voorzitter) van de Nijmeegse vrijmetselaarsloge Sint Lodewijk. Boerrigter wilde zich inzetten voor de Nederlandsche Unie, maar was vanaf september 1940 als initiator en organisator actief voor de Nijmeegse afdeling van de paramilitaire verzetsgroep Oranjewacht, een soort clandestiene burgerwacht en voorloper van de Ordedienst. Begin 1941 werd hij gearresteerd en kwam in het Oranjehotel en werd aanvankelijk veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf. Dit vonnis werd in juli 1942 omgezet in de doodstraf en ten uitvoer gelegd.
Brendel-Jansen, Johanna Geertruida (An) en Brendel, Egbert Jacob (Ep) 7 juli 1915, Arnhem - 19 november 1944, Ravensbrück (Dld) 30 december 1913 Arnhem - 25-12-1985, Arnhem An en Ep zijn in Arnhem getrouwd. Ep werd monteur in het pas geopende Sportfondsenband aan de Van Beethovenstraat. Beiden waren actief binnen de verzetsgroep van de SDAP: ze boden hulp aan ondergedoken Joden en namen ook zelf een Joods kind in huis - en werkten voor het illegale blad Vrij Nederland. Omdat Ep tijdens de aprilmeistakingen van 1943, net op het moment dat Duitse militairen kwamen zwemmen, het water uit het zwembad liet weglopen moest hij onderduiken. Ook An dook onder om te voorkomen dat ze gegijzeld zou worden. Een jaar later werd ze op 26 april 1944 alsnog opgepakt. Ze werd naar Vught overgebracht en is vervolgens begin september 1944 met het grote vrouwentransport naar KZ Ravensbrück afgevoerd. Daar is ze op 19 november 1944 op 29-jarige leeftijd gestorven. Ep heeft dat pas in juni 1945 te horen gekregen.
Dobbe, Theodorus (Theo) 19 maart 1901, Amsterdam - 5 september 1944, Dieren Vader van een katholiek gezin met twee kinderen, woonplaats Bussum. Was al vanaf zomer 1940 illegaal actief in westelijk Nederland. Opereerde In 1943 en 1944 vanuit Arnhem en Nijmegen. Richtte vanuit Nijmegen diverse knokploegen (KP) in Zuid-Nederland op, waaronder de Nijmeegse KP. Deze KP ondernam, veelal onder zijn leiding, in 1943 en 1944 diverse overvallen op distributiekantoren, bevrijdingsacties van gevangen genomen verzetsdeelnemers en liquidaties van infiltranten en verklikkers. Theo Dobbe werd op 5 september 1944 in Arnhem gearresteerd en neergeschoten bij een vluchtpoging. Postuum onderscheiden met de Militaire Willemsorde.
Gelsing, Gertrudis Hendrina Jacoba Godefrida (Truus) 29 februari 1920, Druten - 21 maart 2007, Nijmegen Middelste van negen kinderen, vader was katholiek en steenhandelaar in Lent sinds 1938. Truus woonde nog thuis en werkte vanaf half juni 1941 op het distributiekantoor in Elst. Half 1943 werd ze daar hoofd van de uitreikingsploeg en was verantwoordelijk voor de vervalsing van bonkaarten. Tussen juli en eind 1943 werd de hele verzetsgroep van 18 personen opgerold onder wie de Nijmegenaren Gerard Hoes, Jos Rutten en Thijs Treffers. Truus was de enige vrouw. Via Vught is ze in september 1944 overgebracht naar Ravensbrück en vervolgens naar het Agfa Kommando, een buitenkamp van Dachau. In mei 1945 is ze teruggekeerd; 10 van de 18 gearresteerden hebben de kampen niet overleefd.
Hedel, Albert August Wilhelm Johan van (Albert) 22 maart 1895, Amersfoort – 5 juni 1966, Eindhoven Spoorwegingenieur en in die hoedanigheid vanaf zijn stationering in Nijmegen actief als organisator en doorgeefluik voor verzetsnetwerken in de stad. Was actief bij de verspreiding van verzetskranten, verzamelde inlichtingen en was uiteindelijk als lid van de Ordedienst betrokken bij de bevrijding van het Nijmeegse station, dat hij van binnen en buiten kende. Is na de bevrijding een van de leden van de Documentatiecommissie Verzet.
Hogerland, Coenraad Jan 6 juli 1899, Arnhem - 12 augustus 1977, Sneek
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Voormalig beroepsmilitair en al vroeg tijdens de bezetting actief betrokken bij het verzamelen van inlichtingen ten behoeve van de geallieerden. Verzamelde een aantal getrouwen om hem heen en vormde zo een inlichtingennetwerk dat onder de naam Groep Hogerland werd gedocumenteerd na de oorlogsjaren. Besloot om gehoor te geven aan de oproep van de bezettende macht om alsnog als beroepsmilitair in krijgsgevangenschap te gaan. Zijn inlichtingennetwerk hield daarmee in naam op te bestaan in 1942. Van de exponenten van het vroege militaire verzet overleefde hij in tegenstelling tot velen van zijn medestanders de oorlogsjaren omdat hij niet werd gearresteerd en ter dood veroordeeld.
Hövell van Wezeveld en Westerflier, Jozef Felix Henri Marie baron van (Jozef/Jos) 12 januari 1919, Maastricht - 4 januari 1945, Neuengamme (Dld) Telg uit een bekend adellijk katholiek geslacht, geboren in Maastricht, als zoon van de toenmalige commissaris van de koningin (gouverneur). In 1940 begonnen aan een rechtenstudie in Nijmegen en in 1942 clandestien gekozen tot preses van het inmiddels op last van de bezettende macht ontbonden studentencorps Carolus Magnus. Vanaf 1942 actief in het lokale en landelijke studentenverzet (Raad van negen). Maakte samen met Marius van Beek, Anton Fredericks, Vic Roothaan en Gerard Jansen op de Haar een begin met het organiseren en voorbereiden van verzetsacties. Verkeerde vanaf midden 1943 elders in Nederland en raakte betrokken bij de organisatie van het Nationaal Comité van Verzet. Hij werd in maart 1944 gearresteerd en via Kamp Vught naar kampen in Duitsland overgebracht. In concentratiekamp Neuengamme stierf hij op 4 januari 1945. Postuum werd aan hem het verzetskruis toegekend.
Gezin Moormann Moormann, Julianus Georg Marie (Jules) 24 mei 1889, Goor - 8 mei 1974, Lent Moormann-Haas, Lucie Bernardine Josephine (Lucie) 1 april 1890, Arnhem - 18 januari 1974, Lent Moormann, Maria Juliana Theodora (Riet) 27 februari 1921, Maastricht - 16 mei 2006, Nijmegen Moormann, Frans Rudolf (Frans) 11 juli 1922, Nijmegen - 2 februari 1998, Mook Moormann, Julius Ferdinand Moormann (Jules jr.) 12 april 1924, Nijmegen – 17 mei 1944, Amsterdam Moormann, Wolfram Carel (Wolfram) 13 november 1925, Nijmegen - 16 januari 1947, Vught Riet, Frans, Jules en Wolfram namen samen met hun ouders Jules sr. en Lucie deel aan activiteiten die in de ogen van de bezetter werden gerekend tot het verzet. Jules Moormann sr. was Neerlandicus en tijdens de bezettingsjaren directeur van de HBS aan de Kronenburgersingel, hoek Stieltjesstraat. In de beginjaren van de oorlog zette hij zich samen met zijn gezinsleden in voor de Nederlandsche Unie, later raakten de kinderen Riet, Frans en Jules afzonderlijk en gezamenlijk betrokken bij de hulp aan onderduikers (Riet), uit Duitsland clandestien terugkerende tewerkgestelden (Frans en Riet) en het gewapende verzet (Jules). Wolfram probeerde Engeland te bereiken, maar werd opgepakt. Hij wist met behulp van zijn broer Frans te ontkomen en dook onder. Als Jules Moormann jr.
na een mislukte overval wordt gearresteerd, besluit de bezettingsmacht zijn vader, moeder en de thuiswonende kinderen Riet, Lucie en Paul op te pikken en in Kamp Vught vast te zetten. Zoon Jules wordt ter dood veroordeeld en geëxecuteerd, de andere gezinsleden komen nog gedurende de bezetting vrij.
Niemeijer, Geert 16 februari 1914, Nijmegen - 19 maart 1968, Schiedam Onderwijzer van beroep, gereformeerd, woonde op de Oude Heselaan. Was al vroeg illegaal actief in het schoolverzet, de Nijmeegse Trouw-groep, als redacteur van het illegale blad De Nieuwe Wijnzak en als rechterhand van de commandant van de Ordedienst (OD) in Nijmegen. Werd na de bevrijding lid van de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten en het Militair Gezag en diende korte tijd als commandant van de bewaringskampen voor politieke gevangenen te Reusel en Vught.
Peters, Nellij Anna Maria (Nel) 10 februari -1912, Nijmegen – 24 november-2004, Nijmegen Lerares, vader was katholiek en hoofd van de Rijkskweekschool in Nijmegen. Nel woonde nog thuis bij haar moeder, weduwe sinds 1941. Via de Vught-actie (zomer 1943) raakte Nel betrokken bij de groep Poelen, koerierde onder meer voor het blad Christofoor en bracht piloten onderdak. Toen veel verzetsdeelnemers na de mislukte aanslag op Ederveen
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
in september 1943 moesten onderduiken zette ze samen met Jan Dijker het Nijmeegse verzet weer op poten en werd ze topvrouw in het Nijmeegse verzet: als duikinspectrice was ze samen met vier anderen eindverantwoordelijk voor alle duikactiviteiten in Nijmegen en omgeving waarbij inbegrepen contacten met de knokploeg. Aan het eind van de oorlog moest ook zij onderduiken.
Poelen-Hendriks, Anna Gerarda Maria Elisabeth (An) en Poelen, Adolf Hendrik (Dolf) 20 januari 1903, Gendt - 12 maart 2002, Nijmegen 31 mei 1904, Mook en Middelaar - 1 mei 1983, Nijmegen Dolf en An Poelen engageerden zich vanuit hun drogisterij aan de Daalseweg voor de eenheidsbeweging van de Nederlandsche Unie en speelden vervolgens een rol in de ontluikende Nijmeegse verzetsbeweging in katholieke kring. Ze waren betrokken bij de verspreiding van berichten, verzetskranten en pamfletten, maar vooral als organisator actief voor de onderduikhulp zoals die vanaf 1943 in Nijmegen op semiprofessionele wijze van de grond kwam. Poelen kon buigen op een groot netwerk en ondernemersdrang, maar raakte samen met anderen in de problemen toen in het vroege najaar van 1943 bleek dat er een infiltrant actief was in Nijmegen. Besloten werd om deze persoon, met als alias Ederveen, te liquideren in de drogisterijwoning. Poelen, zijn vrouw en kind moesten daarom onderduiken. Na de oorlog koesterde Dolf Poelen kortstondig politiek-bestuurlijke ambities, maar dat leidde niet tot een benoeming of politieke carrière.
Rodriguez, Jozef Marius 5 maart 1900 Paramaribo - 21 juli 1944, Leusden Rodriguez werd geboren in Paramaribo. Jozef Marius meldde zich juli 1919 voor zes jaar aan bij het Koninklijk Nederlands Indisch Leger. In 1922-1924 volgde hij zijn opleiding tot sergeant in Nijmegen. In mei 1939 kreeg Rodriguez eervol ontslag uit militaire dienst en vestigde hij zich met zijn gezin in Nijmegen aan de Tooropstraat. Via oud-KNIL’ers raakte hij bij het verzet betrokken. In de nacht van 29 op 30 juni 1944 werd hij gearresteerd als lid van de Vrij Nederlandgroep van Ernest van Geuns, wegens het verspreiden van illegale bladen. Daarnaast zou hij radioberichten uit Londen hebben opgevangen. Rodriguez, Van Geuns en twee andere leden van de groep, Henricus Linssen en Christiaan Toussaint, werden ongeveer gelijktijdig opgepakt. Ze belandden in kamp Amersfoort en werden van daar als Todeskandidaten op 21 juli op de Leusderheide terechtgesteld als represaille voor aanslagen op Duitse militairen in Nijmegen.
Sambeek, Cornelus van (Kees) 3 november 1921, Nijmegen - 4 april 1945, Gemen (Dld) Nijmegenaar Kees van Sambeek was vanaf 1943 actief voor het Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers – Landelijke Knokploegen (LO-LKP)-netwerkverband in het Land van Maas en Waal. Hij trad op als districtsleider en organisator van de onderduikhulp en knokploeg Maas en Waal. Op zijn instigatie sloten groepen uit de Achterhoek zich aan, waardoor er een wijdverspreid netwerk ontstond. Na de bevrijding verbond hij zich aan de Stoottroepen. In april 1945 kwam hij, ten tijde van de bevrijding van Oost-Nederland, in de Duitse plaats Gemen (ten zuidoosten van Gronau) om het leven bij een motorongeluk.
Spijkstra, Tjerk en Spijkstra-Bruijn, Elisabeth (Lies) 31 januari 1914, Suameer – 14 juni 1991, Nijmegen 16 februari 1913, Koog aan de Zaan – 24 augustus 1999, Nijmegen Tjerk en Lies Spijkstra trouwden op 10 november 1939 in Nijmegen. Ze raakten betrokken bij de hulp aan onderduikers via Tjerks werk als portier/conciërge bij het Arbeidsbureau aan de Ridderstraat. Spijkstra kon vanuit die positie ondermijnend werken. Hij verzamelde inlichtingen, hielp personen aan de juiste papieren en gaf advies over hoe Nijmegenaren aan de keuring konden ontsnappen. Vanwege zijn banden met het netwerk rondom Poelen werd hij na september 1943 gearresteerd. Na zijn arrestatie zette Lies op eigen kracht die activiteiten voort: ze voorzag ‘hun’ onderduikers van bonkaarten en financiën en zocht onderduikadressen voor hen.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Weert, Jacobus Johannes de (Jacques) 10 april 1921, Zundert - 5 september 1944, Vught Was sinds 1940 student Rechten aan de Rooms Katholieke Universiteit te Nijmegen. Woonde op de Van Broekhuijzenstraat. Specialiseerde zich in Nijmegen in 1942 en 1943 in het vervalsen van documenten voor de illegaliteit; zijn illegale naam was ‘Zwarte Jacques’. Breidde zijn vervalsingsgroep uit tot een nationale organisatie en werd in Den Haag hoofd van de illegale Falsificatiecentrale van de Landelijke Organisatie voor Onderduikers. Gearresteerd en in Kamp Vught gefusilleerd.
Will, Peter 21 augustus 1896, Schoonhoven - 24 april 1945, Bevern (Dld) Vader van zes zonen en keurmeester van het Nijmeegse slachthuis; was gereformeerd en woonde op de Bredestraat. Nam al vanaf 1940 deel aan allerlei illegaal werk, waaronder spionage, de verspreiding van het illegale blad Trouw en hulp aan gestrande geallieerde vliegers. Op 1 december 1943 werd hij gearresteerd en naar concentratiekamp Neuengamme getransporteerd. Hij is in april 1945 bij een transport naar concentratiekamp Bergen-Belsen omgekomen als gevolg van uitputting en ellende.
Witteveen-Van Gaalen, Henriette Petronella Antonia (‘Oranje-Marie’) 21 mei 1893, Grave - 2 juli 1967, Nijmegen Moeder van vijf kinderen en sinds de dood van haar man in 1936 eigenaresse van Hotel De Bonte Os aan de Molenstraat. Ze bedreef openlijk propaganda voor het Vorstenhuis en Oranje. Zo hing, ook tijdens de bezetting, op Koninginnedag (31 augustus) de rood-wit-blauwe vlag uit, vandaar de bijnaam Oranje Marie. In haar hotel troffen tijdens WO2 eerst leden van het studentenverzet elkaar en later ook van andere verzetsgroepen. Daarnaast bood ze onderdak aan onderduikers. Na de bevrijding, op 9 juni 1945, bezocht koningin Wilhelmina het pand en sindsdien werd het hotel ook wel Het Oranje Huis genoemd.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
2.3. Historische bakens Nijmeegs verzet Toelichting De zichtbaarheid van de verzetsgeschiedenis van Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog kan behalve met straatnamen ook op andere manieren verder zichtbaar en gedenkwaardig worden gemaakt. De verschillende plaatsen van herinnering zoals die sinds 1945 in het straatbeeld zijn verschenen zijn lang niet altijd bekend bij de Nijmegenaren. De commissie zou graag zien dat dit bestaande herdenkingslandschap op een bepaalde manier met elkaar wordt verbonden en een bestendige inbedding krijgt in de lokale herinneringscultuur. De inrichting van zogenoemde historische bakens en de ambitie om die met elkaar te verbinden en al dan niet digitaal als bezichtigingsroute te presenteren is naar mening van de commissie een nobel streven. De vraag hoe een dergelijk historische baken eruit ziet, is voor de commissie een kwestie voor de toekomst. Als inspiratiebron en referentiekader kan gedacht worden aan de literaire bakens zoals die door de gelijknamige werkgroep in Nijmegen zijn en worden verwezenlijkt. Een historisch baken kan zowel op een historische locatie als op een voor dit onderwerp representatieve hedendaagse locatie verwijzen naar een gebeurtenis in het verleden of naar een met de verzetsdeelname samenhangende thematiek.
De commissie heeft de vrijheid genomen om, samenhangend met de voorgestelde straatnamen, ook een advies uit te brengen over mogelijke historische bakens, niet in de laatste plaats omdat er in bepaalde gevallen sprake is van een samenhang tussen verzetsdeelnemers en bakens, maar ook om daarmee te laten zien welke mogelijkheden er zijn. De vijftien voorgestelde locaties zijn wederom gekozen met als doel om een divers en representatief beeld van de verzetsdeelname te geven. Bestaande monumenten, zoals de herdenkingssteen voor Jan van Hoof op de Waalbrug, ‘De Pelikaan’ aan de Bart Hendriksstraat en de Wiardi Beckmanbank, zijn in wezen ook historische bakens, waarbij de commissie van mening is dat een hedendaagse toelichting, in de vorm van een informatiebord iets kan toevoegen zodat de betekenis en geschiedenis van deze monumenten duidelijker wordt. Bovenal zal het noodzakelijk zijn om, net als in het geval van de literaire bakens, ook een (wandel)route of verbinding te realiseren, zodat Nijmegenaren de sporen van het verzetsverleden en de herinnering daaraan in hun stad kunnen volgen.
Locaties Bonte Os, Kop van de Molenstraat Hotel, café, restaurant de Bonte Os werd bestierd door de weduwe Witteveen-Van Gaalen, alias Oranje-Marie. Tijdens de gehele bezettingstijd stond het etablissement bekend als Oranjegezind. In de laatste jaren en in het bijzonder in september 1944 fungeerde het gebouw als verzamelpunt voor onder andere de lokale Orde Dienst/Binnenlandse Strijdkrachten. Na de bevrijding genoot Wilhelmina hier de lunch bij haar eerste bezoek aan Nijmegen na de bevrijding.
Daalseweg 335 Locatie van de drogisterij van Dolf en An Poelen. Plek waar op 24 september 1943 de aanslag op ‘Ederveen’ mislukte, een gebeurtenis met grote gevolgen voor de verzetsbeweging in Nijmegen.
Heilige Antonius van Padua-Sint Annakerk, Groenestraat Kerk en pastoriegebouw zijn verbonden met de geschiedenis van deken Jozef Teulings. Hij werd er in april 1942 gearresteerd en keerde er na bevrijding uit Dachau in 1945 terug.
Hertogplein Dit centrale plein in de oostelijke binnenstad heeft een boeiende oorlogsgeschiedenis. De Wilhelminaboom, toen het middelpunt van het plein, werd vanwege de verbondenheid met het koninklijk huis tot een verzetssymbool gemaakt. In de eerste jaren van de bezetting vond er een aantal demonstraties van oranjegezindheid plaats, wat de bezetter ertoe bewoog om de zichtbare verwijzingen naar het koninklijk huis van het hekwerk te verwijderen. Op 8 juli 1943 pleegde Henk Romeijn op de hoek van de Hertogstraat een aanslag op politiecommissaris en NSB-lid Antoine van Dijk. In de
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Nutsschool werkte Jan Davelaar ondertussen met kompanen aan de druk en verspreiding van de communistische verzetskrant De Waarheid. In 1945 vierde het plein de bevrijding met een openbaar dansfeest.
Oranjesingel 42 - Campus Heyendaal In het gebouw Oranjesingel 42 was de sociëteit van Carolus Magnus gevestigd, totdat het gebouw wegens aanhoudende ondermijning van de regelgeving werd gevorderd na ontbinding van de studentenvereniging. De geschiedenis van het universitaire verzet laat zich ook op andere locaties in de stad vertellen, bijvoorbeeld op het Keizer Karelplein, bij de oude Aula, maar net zo goed ook op de hedendaagse campus Heyendaal, waar zich bijvoorbeeld ook herdenkingsplaquettes bevinden.
Papierfabriek ‘Gelderland’ De papierfabriek Gelderland nabij de Voorstadslaan werd onder leiding van directeur Marinus Spillenaar Bilgen betrokken bij de groeiende Nijmeegse verzetsbeweging. Het bedrijf leverde niet alleen papier voor verzetskranten, maar droeg ook bij aan de financiering van de verzetsdeelname en zogenoemde duikpotten. Met medeweten van de directeur organiseerde de Knokploeg Nijmegen in het voorjaar van 1944 een overval op de fabriek.
Prins Hendrikkazerne De kazerne van de Koloniale Reserve, een van de connecties van Nijmegen met de Nederlandse koloniën, is tijdens de bezetting gebruikt door het Duitse leger en werd na de bevrijding door de Ordedienst en Binnenlandse Strijdkrachten als interneringskamp gebruikt. Een behoorlijk aantal Nijmegenaren met een achtergrond in het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) raakte gaandeweg de bezetting actief betrokken bij de verzetsbeweging.
PGEM-Centrale De moderne provinciale energiecentrale aan de Noordkanaalhaven gold gedurende de oorlog als een strategisch militair doelwit. Na 17 september 1944 wisten ‘de Pandoeren’, een aan de Ordedienst gelieerde verzetsgroep, de centrale te ‘bevrijden’ met het oog op de geallieerde aanval. Zij waren getraind door KNIL-veteraan J.A. de Blécourt.
R.K. Stichting Huize St. Anna Nijmegen (nu Joachim en Anna) Op 9 mei 1943 werd Huize St. Anna totaal onverwacht door de Duitsers gevorderd. De ouden van dagen en pensiongasten kregen te horen dat ze binnen de kortste keren vertrokken moesten zijn, onder hen Annie van Velzen, agente bij de Nijmeegse Kinderpolitie. Het Directoraat-Generaal van Politie streek in Huize St. Anna neer. Na de bevrijding op 20 september 1944 werd het gebouw ingericht als tijdelijk lokaal hoofdkwartier van het Militair Gezag. De Binnenlandse Strijdkrachten in Nijmegen hielden er eveneens kantoor en bijeenkomsten.
Ridderstraat – Lindenberg Aan de Ridderstraat, Lindenberg en het verdwenen Valkhofplein waren in de bezettingsjaren het Arbeidsbureau, het politiebureau (de huidige locatie van het Infocentrum WO2) en andere gemeentelijke diensten gevestigd. Keuringsartsen, agenten, Tjerk Spijkstra en andere ondermijners van het gezag pleegden hier hun ambtelijke en ondermijnende verzet. Tijdens de septemberdagen en de eerste week van oktober 1944 werd dit deel van de stad voor een belangrijk deel beschadigd of verwoest, en anders in de naoorlogse jaren verwaarloosd en uiteindelijk gesloopt.
Sint Anthoniusplaats Aan dit plein had Elias Broekkamp zijn wijnpakhuis ingericht als drukkerij voor verzetskranten en als schuilplaats voor een radio-ontvanger. Hier vond in de septemberdagen van 1944 bij wijze van represaille bijna een massa-executie plaats omdat de genoemde verzetshaard bij toeval door Duitsers was ontdekt en Broekkamp niet snel kon worden gelokaliseerd.
Station en stationsplein Het station en naaste omgeving hebben gedurende de bezettingsjaren veel te verduren gehad. Vanuit het station vertrokken honderden Nijmegenaren vrijwillig maar ook gedwongen naar elders. Dat laatste overkwam, veelal met dodelijke afloop, ruim 500 joodse inwoners al in 1941-1943. Vooral vanaf 1943 werden vele jonge mannen in het kader van de Arbeitseinsatz in Duitsland te werk gesteld. De plek fungeerde verder als een broedplaats van verzetsactiviteiten en als een doorgeefluik. Tijdens het bombardement van 22 februari 1944 werden het gebouw, baanvak en plein
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
getroffen. In de zomer van dat jaar was er sprake van een aanslag op klaarlichte dag en in september volgde de bevrijding en verdere verwoesting van het gebouw.
Stieltjesstraat, hoek Kronenburgersingel Locatie van de voormalige HBS onder directeurschap van Jules Moormann sr.. Tevens de verzamelplek voor de joodse Nijmegenaren, voorafgaand aan hun deportatie per trein. In het tegenovergelegen park werd op 6 juli 1944 een Duitse militair vermoord. Over de toedracht van deze aanslag bestaat tot op heden onduidelijkheid.
Hoek Stijn Buysstraat – Van Trieststraat De omgeving van de Stijn Buysstraat en Van Trieststraat in de wijk Bottendaal was het werkterrein van de Falsificatiecentrale en de Landelijke Organisatie voor hulp aan onderduikers in Nijmegen. De pastorie van de St. Jozefkerk, nu het Titus Brandsma Memoriaal, fungeerde bijvoorbeeld als een verzamelplek voor onderduikhulpverleners en onderduikers. Op de Van Trieststraat 15 woonden tegenover de kerk moeder en zoon Welsing (Jan). Zij boden onderdak aan onderduikers en de plaatselijk LO-LKP-top vergaderden bij hen. Naast de pastorie woonde op de Stijn Buysstraat 9a het gezin Van Beek dat onderdak verleende aan mensen die in nood bij de pastorie aanklopten voor een onderduikplek; dochter Riet koerierde voor LO-topvrouw Nel Peters.
Synagoge Gerard Noodtstraat Tweede (nieuwe) en grotere synagoge van Nijmegen, ter vervanging van de te klein geworden synagoge aan de Nonnenstraat en als zodanig centrum van de Ned. Israëlitische Gemeente in Nijmegen. In het belendende sjoelgebouw woonde rabbijn Alexander Salomons, een betrokken organisator van de hulp aan joodse vluchtelingen in de jaren dertig. Tevens de plek waar naar hoge waarschijnlijkheid besprekingen plaatsvonden van de Nijmeegse afdeling van de Joodse Raad. Na deportatie van de joodse gemeenschap nog gebruikt als opslagloods voor joodse inboedels. Na de bevrijding in zekere zin een symbool van de gedeporteerde joodse gemeenschap en nooit meer op eenzelfde wijze als voorheen gebruikt als joods gebedshuis.
Locaties met op de achtergrond in bruin de bebouwing in Nijmegen in 1944.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
3. Verantwoording Bij het samenstellen van dit advies heeft de commissie gebruik gemaakt van de volgende bronnen. Informatie over de betreffende personen en locaties is hier terug te vinden.
Literatuur Anneke Nolet, Ene mejuffrouw Van Velzen 1894-1967. Inspectrice van de Nijmeegse Kinderpolitie en verzetsvrouw (Nijmegen 2013) Joost Rosendaal, Nijmegen ’44. Verwoesting, verdriet en verwerking (Nijmegen 2009) Lennert Savenije, Nijmegen, collaboratie en verzet. Een stad in oorlogstijd (Nijmegen 2018) Henk Termeer, Het geweten der natie. De voormalige illegaliteit in het bevrijde Zuiden, september 1944 - mei 1945 (Assen 1994)
Kranten en periodieken - De Gelderlander 1944-2006 - Jaarboek Numaga - Nijmeegs Katern
Archieven - Persoonskaarten gemeente Nijmegen 1920-1994
Websites (online bronnen) - oorlogsdodennijmegen.nl - wiewaswie.nl - genealogieonline.nl - jhmoormann.nl - cbgverzamelingen.nl
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Bijlage 17 juli 2019. Reg.nr: E19.001339
Initiatiefvoorstel aan de gemeenteraad Nijmegen Haal het Nijmeegse verzet bovengronds ‘Nijmeegse verzetslieden verdienen een eeuwige herinnering. Door hun verhalen te verankeren en dóór te vertellen, blijft hun geschiedenis levend’
Ingediend door: Maarten Bakker (VVD); Charlotte Brand (PvdA); Wendy Grutters (DNF); Ton Roes (GN) Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
3
2.
Het verzet in Nijmegen
4
3.
Politieke context
5
4.
Wettelijk kader of beleidskader
6
5.
Voorstel
7
5.1. Benoemen van een verzetsliedenwijk
7
5.2. Bakens van Verzet
7
6.
Financiën
8
7.
Uitvoering en communicatie
8
8.
Beslispunten
9
Slotwoord
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
9
1. Inleiding Het verhaal van de plek waar nu Nijmegen ligt, gaat ver terug. Van vrijwel ieder tijdsgewricht zijn in onze stad in meer of mindere mate sporen, verwijzingen, herinneringen en bezienswaardigheden te vinden. Op de bakermat van de Nederlandse beschaving, het Valkhof, zijn er prehistorische resten, Romeinse munten, ruïnes van een Middeleeuwse burcht, stadsmuren uit de late negentiende eeuw en een betonnen bunker uit de Tweede Wereldoorlog. Dit alles letterlijk op elkaar gestapeld op slechts een paar vierkante meter. Het illustreert mooi de rijkheid van onze Nijmeegse geschiedenis. Daarnaast kent onze stad door de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog zichtbare en onzichtbare littekens. Nijmegen was vanwege zijn ligging nabij de oostgrens één van de eerste grote Nederlandse steden die op 10 mei 1940 in handen viel van de Wehrmacht en werd bezet door de Duitsers. en werd bezet door de Duitsers.1 De bezettingsjaren zorgden voor veel schade en slachtoffers. Op 22 februari 1944 werd onze stad gebombardeerd door de geallieerden en aansluitend lag Nijmegen als frontstad maandenlang in de vuurlinie tijdens operatie Market Garden. Over deze oorlogsjaren is veel gedocumenteerd, veel gezegd en veel geschreven. In het Nijmeegse straatbeeld zijn in de loop der jaren een aantal straten vernoemd naar verzetshelden zoals Titus Brandsma.
Ook de Kwakkenberg kent een zogenoemde verzetsheldenbuurt, waar vijf Nijmeegse politieagenten zijn geëerd: Albert Marcusse, Herman Oolbekkink, Wim Beerman, Bart Hendriks en Cees de Jong. Met dit voorstel beogen we het verzet van Nijmeegse mannen en vrouwen die niet op het slagveld vochten voor de vrijheid, maar het verzet ‘ondergronds’ aangingen in het verzet, in een breder kader in onze stad een gezicht te geven. Met dit initiatiefvoorstel willen wij ervoor zorgen dat hun namen niet vergeten worden en dat hun verhalen verankerd worden in het Nijmeegse straatbeeld. Zo worden Nijmegenaren, nu en in de toekomst, blijvend herinnerd aan en geïnformeerd over de verzetslieden die hebben gestreden voor onze stad en voor ieders vrijheid.
Met dit initiatiefvoorstel: 1. Stelt de gemeenteraad van Nijmegen een verzetsliedenbuurt in Hof van Holland (Citadel) vast en geeft de raad het college opdracht om een werkgroep van experts bijeen te brengen die een gros- lijst met mogelijke namen voor de wijk samenstelt. Aan de hand van deze lijst komt het college met een raadsvoorstel met een definitieve lijst voor de straatnaamgeving in Hof van Holland. 2. Geeft de gemeenteraad van Nijmegen het college opdracht om een raadsvoorstel op te stellen voor een stadswandelroute met zogenoemde Bakens van Verzet die aan het grote publiek de ver- halen vertellen over de hierboven genoemde verzetslieden of hun acties.
1
Lennert Savenije, Nijmegen. Collaboratie en verzet. Een stad in oorlogstijd (Nijmegen 2018) p. 127.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
3
2. Het verzet in Nijmegen In de eerste twee jaren van de oorlog was nauwelijks sprake van verzet in Nijmegen. Iedereen probeerde het dagelijkse leven zo normaal mogelijk voort te zetten. Naarmate de oorlog voortduurde en de maatregelen van de bezetter meer ingrepen in het leven van de Nijmegenaren, ontstond er meer weerstand en kwam er georganiseerd verzet. 1943 geldt in dat opzicht als kantelpunt.2 De werkwijze van de verschillende verzetsgroepen, met namen als ‘Poelen’, ‘Hogerhand’, ‘Natura’, ‘Oranjewacht’, ‘de Pandoerclub’, en ‘Fredericks’, verschilde van saboterend geweld tegen de bezetter, tot defensieve ondermijning van uitgevaardigde maatregelen.3 Direct na de oorlog werden verschillende verzetslieden onderscheiden, maar deze ceremonie werd al in 1947 gestopt, toen bleek dat door de complexe naoorlogse situatie ook ‘foute’ Nijmegenaren waren geëerd.4 Pas in 1999 werd dit weer opgepakt. In dat jaar ontvingen H. Jetten (84) en J. Roelofsma (71) de Zilveren Waalbrugspeld, omdat zij aan het eind van de Tweede Wereldoorlog met gevaar voor eigen leven hielpen bij acties om de nazi’s te ondermijnen.
Jetten loodste Amerikaanse tanks door de stad en Roelofsma stond als zestienjarige in juli 1944 op de uitkijk bij het Kronenburgerpark toen een verzetsgroepje een aanslag pleegde op een Duitse militair die een lijst had met vele tientallen namen van Nijmegenaren die voor het verzet actief waren. Deze actie voorkwam dat stadsgenoten opgepakt konden worden door de Duitsers.5 Kort na de bevrijding werd een lijst opgesteld van 65 Nijmeegse verzetsslachtoffers die tussen 1942 en 1945 het leven lieten. Later werd deze lijst uitgebreid naar ongeveer 100 verzetslieden. Deze mannen en vrouwen verloren het leven toen zij zich inzetten voor anderen in onze stad. Deze namen en hun verhalen moeten blijvend genoemd worden. Zij horen bij onze stad en bij onze vrijheid.
Savenije, Nijmegen p. 237 en p. 316. Jan Brabers, Nijmegen, geschiedenis van de oudste stad van Nederland. Deel III Negentiende en Twintigste Eeuw (Wormer 2005) p. 534-535. 4 De Gelderlander, 14 januari 1999. 5 De Gelderlander, 14 januari 1999. 2 3
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
4
3. Politieke context Het verzet was dikwijls anoniem en ondergronds. Verzetslieden waren niet uit op een heldenstatus. Ze deden wat zij nodig en normaal achtten in het belang van Nederland. De laatste regel van een gedicht dat de voormalige Nijmeegse stadsdichter Victor Vroomkoning schreef ter ere van de onthulling van de plaquette als nagedachtenis aan het Nijmeegse verzet op 4 mei 2010 is hiervoor exemplarisch: ‘Ik was geen held, maar laat me in het openbaar bestaan, me delen in de vrijheid van de stad waarvoor ik heel mijn leven overhad.’ In 1959 kreeg historicus Louis Rogier de opdracht van de gemeente Nijmegen om te werken aan een boek over de gebeurtenissen van Nijmegen in de Tweede Wereldoorlog. Deze opdracht liep spaak en het beloofde boek kwam er niet. ‘Het verleden lag nog te dichtbij en de betrokkenheid bleek te groot’, zoals historicus Lennert Savenije in zijn pas in 2018 verschenen boek over collaboratie en verzet in Nijmegen schreef. In 1970 stelde adjunct-directeur van de Mavo aan de Dominicanenstraat, G.J.A. Knipping, voor om een herinneringszuil op te richten voor verzetslieden. Een archiefambtenaar meldde destijds dat dit nog een te delicate kwestie was.6 In 2004 publiceerde journalist Rob Jaspers in De Gelderlander voor het eerst een uitgebreid artikel over verzetslieden: wie ze waren en wat ze deden.
Hij gaf ze na bijna 60 jaar van relatieve anonimiteit weer een gezicht. Het zou tot 2006 duren voordat het verzet uit de vergetelheid werd gehaald in de Nijmeegse politiek. Raadslid Albaer Hillen (toen CDA, later Stadspartij DNF) vond dat er meer aandacht moest komen voor het verzet in Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 2008 gaf Alard Beck (PvdA) hieraan vervolg. Hij pleitte ervoor om het Nijmeegse verzet zichtbaar te maken in het straatbeeld. Dit leidde tot het aanbrengen van een plaquette in 2010 met een gedicht van Victor Vroomkoning ter herinnering aan het Nijmeegse verzet op het St. Stevenskerkhof aan de voet van de St. Stevenskerk. Op 1 april 2009 diende Chantal Teunissen (CDA) bij het debat over het bestemmingsplan van Groot Oosterhout de motie ‘tijd voor een nieuwe verzetsheldenbuurt!’ in om te bewerkstelligen dat de straten vernoemd zouden worden naar verzetshelden.7 Dat ook toen het verzet als delicaat onderwerp werd gezien, bleek wel uit een reactie van toenmalig raadslid Ben van Hees (Nijmegen Nu, later Stadspartij DNF). Hij onderschreef het belang van een dergelijke buurt, maar waarschuwde dat goed onderzoek over de status van wat iemand een verzetsheld maakt noodzakelijk was en op dat moment waren die onderzoeken nog niet afgerond.8 Uiteindelijk trok Teunissen haar motie in na een toezegging van wethouder Paul Depla (PvdA).
Depla was het eens met Teunissen dat er een verzetswijk moest komen, maar hij vond Groot Oosterhout niet de meest geschikte locatie. Hij gaf aan dat ‘de plek rond de Citadel Hof van Holland historisch gezien en ook met de nieuwe stadsbrug die De Oversteek gaat heten, eigenlijk een betere plaats is’.9 Daarbij wilde de wethouder het, pas in 2018 afgeronde, onderzoek van de Radboud Universiteit over het verzet in Nijmegen meenemen voordat keuzes werden gemaakt over namen.
Joost Rosendaal, Nijmegen ’44. Verwoesting, verdriet en verwerking (Nijmegen 2009), p. 258 en 259. Verslag van de Besluitronde politieke avond Gemeenteraad Nijmegen d.d. 1 april 2009, p. 5, bijlage 1. 8 Verslag van de Besluitronde politieke avond Gemeenteraad Nijmegen d.d. 1 april 2009, p. 9-10, bijlage 1. 9 Verslag van de Besluitronde politieke avond Gemeenteraad Nijmegen d.d. 1 april 2009, p. 11, bijlage 1. 6 7
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
5
In zijn slotwoord refereerde Depla aan de eerdere opmerkingen van Van Hees: ‘De verzetshelden komen nog een keer terug rond de Citadel’. ‘Elementen als kwetsbaarheid en gevoeligheid die de heer Van Hees aangeeft zijn inderdaad bijzonder groot, dus daar moet je goed op letten.’10 Tien jaar na de motie van Teunissen en de toezegging van het college om er na afronding van het onderzoek van de Radboud Universiteit bij het ontwikkelen van Hof van Holland op terug te komen, sprak oud-journalist Rob Jaspers in bij de huidige gemeenteraad om de raad aan het debat en de motie van 2009 te herinneren. In zijn betoog pleitte Jaspers ervoor om in het jaar dat 75 jaar vrijheid in Nijmegen wordt gevierd de verzetslieden die ondergronds strijd leverden voor vrijheid en een beter Nijmegen, blijvend te herinneren en hun verhalen te verankeren in het straatbeeld van onze stad. 11 De indieners zijn het hier roerend mee eens. Juist nu, bij de viering van 75 jaar vrijheid in onze regio, het feit dat er een nieuwe wijk ontstaat in de omgeving van de Citadel en het gegeven dat er een afgerond wetenschappelijk onderzoek is, is het moment om de oude toezegging van Depla concreet te maken.
4. Wettelijk kader of beleidskader Conform de ‘Verordening naamgeving en nummering (adressen) 2011’ is de gemeenteraad bevoegd de openbare ruimte benoemen.
10 11
Verslag van de Besluitronde politieke avond Gemeenteraad van Nijmegen d.d. 1 april 2009, p. 16, bijlage 1. Rob Jaspers via https://ris2.ibabs.eu/Agenda/Details/Nijmegen/93fd46f3-8356-489c-8eb9-6a7a5082b06a
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
6
5. Voorstel In de vier jaar dat Nijmegen bezet werd, hielpen de verzetslieden onderduikers en vluchtelingen. Ze verspreidden bijvoorbeeld ‘illegaal’ nieuws en saboteerden de nazi’s en de NSB. Dit alles deden ze met gevaar voor eigen leven en soms ook dat van hun familie en vrienden. De verhalen van deze ondergrondse, onopvallende, strijders geven betekenis aan de vrijheid die we nu, 75 jaar later, hebben.
5.1. Benoemen van een verzetsliedenwijk Met dit initiatiefvoorstel willen we bewerkstelligen dat de namen van deze verzetslieden beter bekend worden, zijn en blijven onder de Nijmegenaren voor nu en in de toekomst. We willen dat hun verhalen verankerd blijven in onze stad omdat hun verhalen horen bij de historie van Nijmegen. Als eerbetoon en als herinnering dat vrijheid nooit een gegeven is. Locatie verzetsliedenwijk Zoals besproken in 2009 door de toenmalige raad, stellen we daarom voor om in de te ontwikkelen wijk Hof van Holland (Citadel), een cluster straatnamen de namen van Nijmeegse verzetslieden te geven. Hof van Holland past in de lijn van symboliek van de Oversteek. De namen op deze locatie weerspiegelen de verbinding tussen Lent en Nijmegen. Straatnaamkeuze Als initiatiefnemers vinden wij dat er experts nodig zijn die, uitgaande van gedegen wetenschappelijk onderzoek, kunnen komen met een groslijst met Nijmeegse verzetslieden Voor deze expertgroep zijn er reeds toezeggingen van vertegenwoordigers van onder andere het Stedelijk 4&5 Mei Comité Nijmegen (werkgroep Oorlogsdoden), het Regionaal Archief, de ambtelijke straatnamencommissie en historici van de Radboud Universiteit. Het is ondoenlijk om alle Nijmeegse verzetslieden een straatnaam te geven. Dat betekent dat er keuzes moeten worden gemaakt.
We stellen daarom voor om deze keuze op basis van verzetsactiviteiten te maken. Hierbij valt te denken aan verzet door communicatie, verzet door het helpen van onderduikers, verzet door waarbij er voor iedere activiteit één verzetsstrijder wordt gekozen die deze activiteit symboliseert. Het uitgangspunt is dat de verschillende manieren van het verzet hiermee door één persoon wordt gerepresenteerd, daarmee tevens alle anderen ook erend. Zo ontstaat een zo breed mogelijk palet aan personen die iets vertellen over het verzet in de Tweede Wereldoorlog en de samenleving in Nijmegen in die tijd. Als kader geven wij aan het college en de expertgroep verder mee om in deze keuzes rekening te houden met: 1. Vertegenwoordiging van verzetsdaden in categorieën, zoals bijvoorbeeld: - Het verspreiden of drukken van illegale pamfletten of kranten - Het helpen van onderduikers of geallieerden - Het opzetten of onderhouden van communicatie ten behoeve van het verzet of tegen de bezetter - Ambtelijk verzet - Studentenverzet - Spoorverzet - Symbolische acties.
2. Bij het bepalen van straatnamen, rekening te houden met diversiteit ten aanzien van geslacht, afkomst en geaardheid. Op basis van de groslijst en het advies van de expertgroep binnen bovenstaande kaders vragen we het college een definitief raadsvoorstel voor te bereiden voor de straatnaamgeving in Hof van Holland.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
7
5.2. Bakens van Verzet Om de verhalen over het verzet en de mannen en vrouwen hierachter beter zichtbaar te maken, stellen we voor om de verhalen van verzetslieden laagdrempelig toegankelijk te maken op passende locaties in Nijmegen. Dit kunnen plekken zijn in onze stad die gelieerd zijn aan diverse acties van verzet. We denken daarbij aan Bakens van Verzet, geïnspireerd op de reeds bestaande Literaire Bakens en de bronzen tegels op oude locaties van de Radboud Universiteit. Deze bakens kunnen bijvoorbeeld gezamenlijk een verzetswandelroute vormen. De Bakens van Verzet zijn daarbij zowel informerend als een monument voor de bewuste personen die bijdroegen aan het verzet en de verzetscategorie die deze representeert. We vragen de expertgroep en het college te onderzoeken welke plekken in de stad het meest geschikt zijn voor de Bakens van Verzet passend bij de namen op de groslijst. Daarbij vragen we het college ook te kijken naar de wijze waarop de verhalen kunnen worden gepresenteerd. We stellen voor dat het college ook hierover een raadsvoorstel aan de raad zal doen.
6. Financiën Op de toegewezen plek Hof van Holland zijn op voorhand al twee straten in de openbare ruimte benoemd (Zaligestraat en Woenderskamp). De overige straatnamen moeten hoe dan ook nog benoemd worden en borden moeten worden gemaakt en geplaatst, Daarom is de straatnaamgeving op zich kostenneutraal. De kosten voor de Bakens van Verzet zijn afhankelijk van de exacte invulling. We geven het college de ruimte om met een concreet voorstel te komen. Vooralsnog stellen we € 20.000,- beschikbaar uit de lopende begroting van 2019 uit het programma Cultuur, cultuurhistorie en citymarketing, onderdeel Verleden verbeeld (nr. 61144). Mocht dit budget ontoereikend blijken dan zullen de initiatiefnemers in overleg met het college aanvullend budget zoeken. Hierbij denken wij aan particuliere cofinanciering. Indien er voor deze route wordt gekozen, stellen wij voor om € 5000,- beschikbaar te stellen uit het raadsbudget. Op deze manier benadrukt de raad het belang van realisatie van de Bakens van Verzet.
7. Uitvoering en communicatie Het college kan opdracht geven de straatnamen te benoemen. Het raadsbesluit over de benoemingen van de straatnamen wordt normaliter eind 2019 of begin 2020 genomen. Dit tijdspad valt nog binnen het speciale herdenkingsjaar 75 jaar Market Garden. Tijdens de viering van dit herdenkingsjaar vragen we publiekelijk aandacht voor dit initiatief. De uitvoering van de initiatieven krijgen in de loop van de maanden daarna verder vorm en inhoud.
Initiatiefvoorstel ‘Haal het Nijmeegse verzet bovengronds’
8
8. Beslispunten 1.
Voor de buurt Hof van Holland in de wijk Lent, woonplaats Lent, de eerder vastgestelde thema’s voor straatnaamgeving in te trekken, onder intrekking van het Raadsbesluit van 19 november 2014 (RV nr. 135/2014) beslispunt
2.
Voor de straatnaamgeving in de buurt Hof van Holland in de wijk Lent, woonplaats Lent het the- ma ‘verzet‘ vast te stellen.
3.
Verzoekt aan het college een onafhankelijke expertgroep samen te stellen, bestaande uit in elk geval historici van de Radboud Universiteit, vertegenwoordigers van het Stedelijk 4&5 Mei Comité Nijmegen (werkgroep Oorlogsdoden) en het Regionaal Archief Nijmegen, welke als doel heeft een groslijst op te stellen passend in het aantal beschikbare straten in de wijk Hof van Holland als be- noemd in beslispunt 1. Hierbij rekening te houden met de volgende kaders, waarbij aandacht is voor verschillende ma- nieren van verzet en steeds één verzetspersoon symbool staat voor de totale groep van verzets- lieden binnen de bewuste categorie a. Het verspreiden of drukken van illegale pamfletten of kranten, het helpen van onderduikers of geallieerden, het opzetten of onderhouden van communicatie ten behoeve van het verzet of tegen de bezetter, ambtelijk verzet, studentenverzet, spoorverzet, symbolische acties tegen de bezetter en het al dan niet gewapend ondermijnen van de bezetter in de ruimste zin van het woord. En/of andere categorieën, indien geadviseerd door de expertgroep. b. Hierbij rekening houdend met diversiteit in geslacht, afkomst en geaardheid.
4.
Het college opdracht te geven om op basis van deze groslijst, onderbouwd met de diverse cate- gorieën en kijkend naar diversiteit, met een raadsvoorstel te komen inzake de straatnaamgeving in Hof van Holland (Citadel).
5.
Het college opdracht te geven om een raadsvoorstel uit te werken om de verhalen van de verzets- lieden op passende plekken in de stad te ‘vertellen’ door middel van Bakens van Verzet, bijvoor- beeld geïnspireerd op de bronzen tegels van Radboud Universiteit of de informerende luister- en leesplekken zoals bij de Liberation Route. Hiervoor dekking te zoeken in de nog beschikbare lo- pende begroting van 2019 uit het programma Cultuur, cultuurhistorie en citymarketing, onder- deel Verleden verbeeld (nr. 61144).
Slotwoord Graag bedanken wij alle mensen die ons hebben geholpen, meedachten en ondersteunden bij het tot stand brengen van dit initiatiefvoorstel. In het bijzonder bedanken wij daarvoor onze ambtenaren en medewerkers van de griffie. We zijn ook Lennert Savenije veel dank verschuldigd voor de tijd die hij nam om zijn kennis over het verzet in Nijmegen met ons te delen. En natuurlijk dank aan Chantal Teunissen (CDA) voor haar eerste aanzet voor dit initiatief in 2009. En aan Rob Jaspers voor zijn volhardendheid om dit anno 2019 weer onder ieders aandacht te brengen.
cumenten / sjab = Memorandum