Raadsvoorstel Grondslagen en uitgangspunten Stadsbegroting 2023 - 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Openbaar
Onderwerp Grondslagen en uitgangspunten Stadsbegroting 2023 - 2026 Opsteller Programma Portefeuillehouder
Albert Foekens Financiën M. Esselbrugge
Collegebesluit 31 mei 2022 Behandeldatum Raad 22 juni 2022 Status Openbaar
Samenvatting In de financiële verordening is opgenomen dat uw raad voor het zomerreces de grondslagen en uitgangspunten vaststelt voor de komende Stadsbegroting. Meestal zijn de grondslagen en uitgangspunten opgenomen in het Koersdocument, het document waarin de koers wordt uitgestippeld voor de komende begrotingsperiode. Omdat dit jaar de koers voor de komende periode is opgenomen in het coalitieakkoord verschijnt er geen koersdocument. Omdat de grondslagen en uitgangspunten nodig zijn voor het doorrekenen van de nieuwe begroting wordt met dit voorstel aan uw raad gevraagd deze vast te stellen.
Voorstel
1.
De grondslagen en uitgangspunten over de inwoners en aantal woningen, rente en indexeringspercentages vast te stellen om de Stadsbegroting 2023-2026 door te rekenen.
Aanleiding In de financiële verordening is opgenomen dat uw raad voor het zomerreces de grondslagen en uitgangspunten vaststelt voor de komende Stadsbegroting. Meestal zijn de grondslagen en uitgangspunten opgenomen in het Koersdocument, het document waarin de koers wordt uitgestippeld voor de komende begrotingsperiode. In dit eerste jaar van de nieuwe raadsperiode wordt de koers voor de Stadsbegroting uitgezet in het coalitieakkoord. Een Koersdocument is dan dubbel op. De grondslagen en uitgangspunten die nodig zijn voor het doorrekenen van de nieuwe begroting leggen we dan ook met dit voorstel aan uw raad voor. Beoogde impact Het vaststellen van de grondslagen en uitgangspunten is nodig om de Stadsbegroting 2023–2026 door te rekenen. Argumenten De grondslagen en uitgangspunten zijn nodig om de Stadsbegroting 2023 – 2026 door te rekenen. De verschillende onderdelen worden hieronder toegelicht. Inwoners en aantal woningen In de begroting wordt gerekend met de ontwikkeling van de woningbouw en het aantal inwoners. Hiervoor gebruiken we cijfers van Onderzoek en Statistiek en het programma Wonen. Deze aantallen worden onder meer gebruikt voor de ramingen van de belastingopbrengsten. Voor de raming van het gemeentefonds gebruiken we de uitgangspunten die het ministerie van Binnenlandse Zaken gebruikt in haar verdeelmodel.
B&W, Raad / sjab = Raadsvoorstel Opgesteld door Albert Foekens, 26 43, a.foekens@nijmegen.nl
Grondslagen en uitgangspunten
Raadsvoorstel
Woningbouwproductie per jaar Bestaande stad Waalfront Waalsprong Totaal woningbouw productie Verschil t.o.v. stadsbegroting 2022
2022 540 42 650 1.232 -360
2023 475 300 700 1.475 -225
2024 500 250 750 1.500 -200
2025 500 400 750 1.650 -200
2026 600 200 750 1.550 1.550*
2024 181.500 1.500
2025 183.000 1.000
2026 184.000 1.000
*In de Stadsbegroting 2022-2025 was nog geen raming opgenomen voor 2026. Woningbouwproductie per jaar Aantal inwoners per 1-1 Toename inwoners
2022 179.100 1.400
2023 180.500 1.000
Rente Met de sterke inflatie in zowel Amerika en Europa en daarbovenop de Oorlog in Oekraïne zien we momenteel dat de langlopende rente snel oploopt. Of dit structureel van aard is en hoe snel er stabilisatie plaatsvindt is momenteel heel lastig te zeggen. Gemeente Nijmegen wordt slechts beperkt blootgesteld aan dit renterisico. De komende jaren voorzien wij slechts enkele tientallen miljoenen aan herfinanciering van bestaande leningen. Het merendeel van onze leningenportefeuille ligt nog voor langere tijd vast tegen lage rentetarieven. Het Besluit Begroting en Verantwoording verplicht ons om een rekenrente te hanteren die in lijn ligt met de werkelijk door ons te betalen rente. Wij stellen voor om de rekenrente vooralsnog gelijk te houden op 0,8 %. Binnen de treasurybegroting is hiervoor voldoende ruimte. Dit geeft ons de mogelijkheid om te kijken of de markt stabiliseert of dat we structureel rekening moeten gaan houden met hogere rentelasten vanaf 2024 en verder. 2023 Rekenrente: - Inzet van reserves en voorzieningen - Doorberekening aan investeringen Langlopende leningen Kortlopende leningen
2024
0,8% 0,8% 2.0% 0,0%
Pm 0,25%
2026
2025
pm 0,5%
pm 0,5%
Indexeringspercentages In de financiële spelregels zijn de uitgangspunten en de methode vastgelegd voor het generiek aanpassen van de prijzen in de begroting. Onder meer is vastgelegd dat voor de materiële lasten het ‘prijs intermediair verbruik’ uit het Centraal Economisch Plan (CEP) van het Centraal Plan Bureau (CPB) wordt gebruikt. In het CEP van 9 maart is deze prijs beduidend lager dan andere prijsindices voor materiële lasten. Navraag bij het CPB levert op dat zij in de huidige specifieke omstandigheden de prijs ‘overheidsconsumptie netto materieel verbruik’ als een betere graadmeter zien. Het CPB verwacht verder dat het prijspeil intermediair verbruik in de berekening van augustus meer op het niveau van het ‘prijspeil overheidsconsumptie netto materieel verbruik’ zal komen. In de berekening van het indexeringspercentage voor materiële lasten wordt daarom uitgegaan van deze prijs. Indexeringspercentages Percentage 2023 Nacalculatie totaal
Loonsom 3,60% 1,90% 5,50%
Materiële lasten 2,30% 2,50% 4,80%
CPI 2,40% 4,50% 6,90%
gemeentelijke tarieven
5,3%
t.b.v. subisidies
5,3%
Grondslagen en uitgangspunten Stadsbegroting 2023 - 2026
Raadsvoorstel
Parameters grondexploitatie De parameters voor het doorrekenen van de grondexploitaties zullen in het najaar aan uw raad worden voorgelegd. Kanttekeningen Er zijn geen kanttekeningen bij dit voorstel. Financiën De financiële effecten die volgen uit het doorrekenen van de grondslagen en uitgangspunten worden meengenomen in de Stadsbegroting 2023–2026. Vervolg De grondslagen en uitgangspunten worden gebruikt voor het doorrekenen van de Stadsbegroting 2023-2026. Het resultaat van deze doorrekening wordt dan ook zichtbaar in de Stadsbegroting 2023-2023. Deze zal eind september aan uw raad worden aangeboden.
Grondslagen en uitgangspunten Stadsbegroting 2023 - 2026