raadsvoorstel geanonimiseerd
Tekst van het document
Raadsvoorstel
Onderwerp Bezwaar tegen beslissing wensen en bedenkingen programma water en riolering Opsteller Programma Portefeuillehouder
5.1.2e
Openbare ruimte Brom/Daemen/Van Elferen
Collegebesluit n.v.t Behandeldatum Raad xxxxxxx Status Openbaar
Samenvatting De commissie voor bezwaarschriften adviseert het bezwaarschrift van 5.1.2e van 15 december 2025, gericht tegen de beslissing van de gemeenteraad van 12 november 2025 Wensen en Bedenkingen over Programma Water en Riolering 2026-2029, niet-ontvankelijk te verklaren.
Voorstel 1. Het bezwaar van 5.1.2e , gericht tegen de beslissing van de gemeenteraad van 12 november 2025 Wensen en Bedenkingen over Programma Water en Riolering 20262029 niet-ontvankelijk te verklaren omdat niet is voldaan aan de vereisten van artikel 6:5 van de Algemene wet bestuursrecht voor het in behandeling nemen van het bezwaar.
Aanleiding De gemeenteraad heeft in zijn vergadering van 12 november 2025 een brief met wensen en bedenkingen vastgesteld die ziet op het ontwerp Programma Water en Riolering 20262029. Bij brief van 15 december 2025 (ingekomen 15 december 2025) is hiertegen pro-forma bezwaar gemaakt door 5.1.2e . Relevante besluitgeschiedenis Dit onderdeel is niet van toepassing. Beoogde impact Beslissen op het bezwaarschrift van 15 december 2025 gericht tegen de vaststelling van de brief Wensen en Bedenkingen over Programma Water en Riolering 2026-2029. Argumenten Gronden zijn niet aangevoerd, het gaat om een pro-forma bezwaarschrift. Beoordeling Op grond van artikel 6:5 van de Awb dient een bezwaarschrift de gronden van het bezwaar te bevatten.
B&W, Raad / sjab = Raadsvoorstel Opgesteld door 5.1.2e
, 5.1.2e
@nijmegen.nl
Bezwaarschrift besluit Erfgoedverordening, advies
Raadsvoorstel
Op grond van artikel 6:6 van de Awb kan een bezwaarschrift niet-ontvankelijk worden verklaard als niet aan de vereisten van artikel 6:5 van de Awb is voldaan, mits de bezwaarmaker in de gelegenheid is gesteld om het gebrek te herstellen. Aan bezwaarmaker is bij brief van 20 februari 2026 een termijn van drie weken gegeven om alsnog de gronden van het bezwaar aan te leveren. In de brief is vermeld dat het bezwaar niet-ontvankelijk kan worden verklaard als de gronden niet binnen de gegeven termijn worden aangeleverd. De gronden zijn niet binnen de gegeven termijn aangeleverd. Ook na afloop van de termijn zijn geen gronden ontvangen. Omdat geen gronden voor het bezwaar zijn aangeleverd is het bezwaar (kennelijk) nietontvankelijk. Over deze conclusie is geen twijfel mogelijk, ook zonder het horen van bezwaarmaker. Het horen van bezwaarmaker over het bezwaar kan niet tot een andere conclusie leiden. Om die reden is afgezien van het horen van bezwaarmaker (artikel 7:3, onder a, van de Awb). De conclusie is daarom dat het bezwaar kennelijk niet ontvankelijk is. Kanttekeningen Fatale termijn De beslistermijn verstrijkt, na verdaging, op 20 mei 2026. Vervolg Het besluit op bezwaar wordt aan bezwaarmaker bekendgemaakt door toezending. Tegen het besluit op bezwaar is beroep mogelijk bij de rechter. 6 april 2026 Commissie voor bezwaarschriften, mr. E.J.H.G. van Binnebeke Voorzitter
mr. G. Pfennings Secretaris
Bijlagen -Brief van de gemeenteraad d.d. 12 november 2025 (Wensen en Bedenkingen Programma Water en Riolering 2026 - 2029) -Bezwaarschrift d.d. 15-12-2025
Bezwaarschrift besluit Erfgoedverordening, advies commissie voor
Legenda toegepaste uitzonderingsgrondslagen In dit document zijn gegevens definitief geanonimiseerd op grond van: Wet
Artikel
Omschrijving
Pagina's
Wet open overheid
Art. 5.1 lid 2 sub e
De eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer
1