CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Belastingverordeningen Rioolheffing, Reinigingsheffingen en Onroerende-zaakbelastingen 2022 - INGETROKKEN

Besluitronde (raadsvergadering) 22 december 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Belastingverordeningen, Rioolheffing, Reinigingsheffingen en Onroerende-zaakbelastingen 2022 (118/2021)2.247 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel

Openbaar

Onderwerp Belastingverordeningen Rioolheffing, Reinigingsheffingen en Onroerende-zaakbelastingen 2022 Opsteller Programma

Danny Ederveen Financiën

Portefeuillehouder

M. Esselbrugge

Collegebesluit 9 november 2021 Behandeldatum Raad 22 december 2021 Status Openbaar

Samenvatting In dit voorstel doen wij tariefvoorstellen per januari 2022 voor de volgende drie gemeentelijke belastingverordeningen: de Rioolheffing, de Reinigingsheffingen en de Onroerende zaakbelastingen. De voorstellen sluiten aan bij het Coalitieakkoord 2018-2022 ‘Samen vooruit’ en de Stadsbegroting 2022-2025. Daarnaast willen wij een aantal inhoudelijke wijzigingen voorstellen. Voorstel 1.

2.

3.

Verordening op de heffing en de invordering van de Rioolheffing 2022 (Verordening Rioolheffing 2022) vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de verordening Rioolheffing 2021 (Gmb-2020-338443). Verordening op de heffing en de invordering van Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten 2022 (Verordening Reinigingsheffingen 2022) vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de verordening Reinigingsheffingen 2021 (Gmb2020-338457). Verordening op de heffing en de invordering van Onroerende-zaakbelastingen 2022 (Verordening Onroerende-zaakbelastingen 2022) vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van de verordening Onroerende-zaakbelastingen 2021 (Gmb-2020-338582).

Aanleiding De bevoegdheid tot het heffen van Rioolheffing is gebaseerd op de Gemeentewet. Als eis stelt de wetgeving hieromtrent dat de geraamde baten niet hoger mogen zijn dan de geraamde lasten. Er geldt dus een maximaal toelaatbare opbrengst. De bevoegdheid tot het heffen van Reinigingsheffingen (Afvalstoffenheffing en Reinigingsrechten) zijn vastgelegd in de Wet milieubeheer (Wm) en de Gemeentewet. Ook hier stelt de wetgeving de eis dat de geraamde baten niet hoger mogen zijn dan de geraamde lasten. Er geldt dus een maximaal toelaatbare opbrengst. De bevoegdheid tot het heffen van Onroerende-zaakbelastingen (OZB) is gebaseerd op de Gemeentewet. In tegenstelling tot bovenstaande heffingen komen de baten van de Onroerende-zaakbelastingen ten gunste aan de algemene middelen van de gemeente. Beoogde impact

B&W, Raad / sjab = Collegevoorstel Opgesteld door Danny Ederveen, 98 37, d.ederveen@nijmegen.nl

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

Dit raadsvoorstel sluit aan bij de Stadsbegroting 2022-2025 zodat de opbrengsten Rioolheffing, Reinigingsheffingen en Onroerende-zaakbelastingen 2022 zoals geraamd in de Stadsbegroting 2022-2025 daadwerkelijk kunnen worden gerealiseerd. De belastingopbrengsten uit bovenstaande belastingverordeningen worden verantwoord in verschillende programma’s van de Stadsbegroting 2022-2025. Ze dragen echter allemaal bij aan de ambitie dat we een financieel en gezonde gemeente willen zijn nu en in de toekomst. Het doel van de belastingverordeningen is dat we aanvullend inkomsten genereren ter dekking van lasten van (lokaal) beleid, waarbij zorg wordt gedragen voor een goede verhouding tussen baten en lasten voor zowel burgers als bedrijven. Argumenten Hieronder geven wij, per verordening, de van belang zijnde veranderingen en de voorstellen ten opzichte van de huidige verordeningen weer. Redactionele wijzigingen zijn niet toegelicht. 1.

Verordening Rioolheffing

1.1

Artikel 6 Belastingtarieven

De vervanging van het rioolstelsel wordt bekostigd uit de kostendekkende opbrengsten van de Rioolheffing. De eigenaar van een pand dat is aangesloten op de gemeentelijke riolering betaalt Rioolheffing, waarbij de WOZ-waarde de heffingsmaatstaf is. Deze WOZwaarde wordt beïnvloed door herwaardering, nieuw- en verbouw. De aftoppingsgrens is de afgelopen jaren geleidelijk verhoogd naar € 10 miljoen. Per pand kan de eigenaar nooit meer dan € 5.940,- aan Rioolheffing betalen. Het tarief wordt beïnvloed door de indexatie en veranderende WOZ-waarden. Voor woningen en niet-woningen is het tarief gelijk. Onder verwijzing naar de paragraaf lokale heffingen van de Stadsbegroting 2022-2025 stellen wij het volgende tarief (heffingspercentage) 2022 voor woningen en niet-woningen in de verordening Rioolheffing voor: Heffingspercentage 2021

Heffingspercentage 2022

0,0609%

0,0594%

1.2

Artikel 11 Termijnen van betaling

Wij stellen voor aan artikel 11 lid 2 ‘In gevallen bedoeld in het eerste lid onder b geldt in afwijking van het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de 26e dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens op de 26e dag van elke volgende maand’ toe te voegen dat dit naast onder b ook voor het eerste lid onder c geldt.

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

Door deze toevoeging wordt bereikt dat evenals op één aanslagbiljet verenigde aanslagen Rioolheffing of andere heffingen met een totaalbedrag van hoger dan € 100 en lager dan € 5.000 ook aanslagbiljetten met een totaalbedrag van hoger dan € 5.000 of meer door middel van automatische incasso in tien gelijke termijnen kunnen worden afgeschreven in plaats van de huidige twee gelijke termijnen. 2.

Verordening Reinigingsheffingen

Onder de Reinigingsheffingen vallen de Afvalstoffenheffing en de Reinigingsrechten. 2.1 Afvalstoffenheffing 2.1.1 Artikel 10 Termijnen van betaling Wij stellen voor aan artikel 10 lid 2 ‘In gevallen bedoeld in het eerste lid onder b geldt in afwijking van het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de 26e dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens op de 26e dag van elke volgende maand’ toe te voegen dat dit naast onder b ook voor het eerste lid onder c geldt. Door deze toevoeging wordt bereikt dat evenals op één aanslagbiljet verenigde aanslagen Afvalstoffenheffing of andere heffingen met een totaalbedrag van hoger dan € 100 en lager dan € 5.000 ook aanslagbiljetten met een totaalbedrag van hoger dan € 5.000 of meer door middel van automatische incasso in tien gelijke termijnen kunnen worden afgeschreven in plaats van de huidige twee gelijke termijnen. 2.1.2 Hoofdstuk 1 Maatstaven en tarieven Afvalstoffenheffing •

•

Gebruikers van het betaalde gedeelte van de milieustraten betalen een tarief per kilo boven een gratis quotum van 200 kilo. Dit tarief is in 2014 ingesteld op € 0,14 per kilo bij de inwerkingtreding van het afvalpas-systeem op de milieustraten. Insteek van dit tarief was dat de inkomsten hieruit het aftransport en verwerking van betaalde milieustraten kostendekkend moesten maken. Dit tarief is sindsdien echter niet jaarlijks gewijzigd terwijl de feitelijke kosten liggen op een niveau van € 0,20 per kilo. In het laatste bestuurlijk regionaal platformoverleg van Dar in 2020 is overeengekomen om het tarief voor de betaalde afvalstromen in drie jaarlijkse stappen van € 0,02 per kilo op kostendekkend niveau te brengen. In lijn met dit besluit is het tarief voor 2021 gewijzigd van € 0,14 naar € 0,16 per kilo. Wij stellen voor om in vervolgnummer 4 het tarief voor de betaalde afvalstromen op de milieustraten aan te passen van € 0,16 per kilo naar € 0,18 per kilo in 2022. Alle andere tarieven blijven verder ongewijzigd.

2.1.3 Vergelijking tarieven Afvalstoffenheffing 2022 t.o.v. 2021 Tarieven afvalzakken: Afvalzak

Tarief 2021

Tarief 2022

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

Rode (kleine) afvalzak

€ 0,69

€ 0,69

Groene (grote) afvalzak

€ 1,09

€ 1,09

Plastic+ afvalzak

€ 0,05

€ 0,05

Tarief per inworp in de ondergrondse restafvalcontainer: Tarief 2021

Tarief 2022

€ 1,09

€ 1,09

Tarieven aanbieden grof huishoudelijk afval milieustraten: Afvalstoffen milieustraten Met afvalpas

Tarief 2021

Tarief 2022

>200 kg € 0,16 per kilo

>200 kg € 0,18 per kilo

€ 0,16 per kilo

€ 0,18 per kilo

Zonder afvalpas

Tarieven aan huis laten ophalen door de inzameldienst: Soort afval inzameldienst

Tarief 2021

Tarief 2022

Grof restafval

€ 29,50 per keer

€ 29,50 per keer

Herbruikbaar grof afval

€ 29,50 na 1e keer

€ 29,50 na 1e keer

2.2 Reinigingsrechten 2.2.1 Hoofdstuk 2 Maatstaven en tarieven Reinigingsrechten De tarieven blijven ongewijzigd behoudens indexering van de tarieven met 1,83% zoals vastgesteld in de Stadsbegroting 2022-2025 in onderstaande tabel, zijnde de tarieven voor het periodiek verwijderen van bedrijfsafvalstromen. 2.2.2 Vergelijking tarieven Reinigingsrechten 2022 t.o.v. 2021 Tarieven afvalzakken: Afvalzak

Tarief 2021

Tarief 2022

Rode (kleine) afvalzak

€ 0,69

€ 0,69

Groene (grote) afvalzak

€ 1,09

€ 1,09

Plastic+ afvalzak

€ 0,05

€ 0,05

Tarief per inworp in de ondergrondse restafvalcontainer: Tarief 2021

Tarief 2022

€ 1,09

€ 1,09

Tarieven periodiek verwijderen van bedrijfsafvalstromen: Gemiddeld aantal zakken per week

Tarief 2021

Tarief 2022

€ 302,33

€ 307,86

1

Tot en met 8 zakken

2

Van 9 tot en met 16 zakken

€ 895,55

€ 911,93

3

Van 17 tot en met 24 zakken

€ 1.484,41

€ 1.511,57

4

Van 25 tot en met 32 zakken

€ 1.928,34

€ 1.963,63

5

Van 33 tot en met 40 zakken

€ 2.407,12

€ 2.451,17

6

Van 41 tot en met 48 zakken

€ 2.857,56

€ 2.909,85

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

7

Vanaf 49 zakken

€ 3.181,06

3.

Verordening Onroerende-zaakbelastingen

3.1

Artikel 5 Belastingtarieven

€ 3.239,27

Op grond van de wet WOZ wordt jaarlijks de economische waarde van de onroerende zaken in Nijmegen bepaald en vervolgens medegedeeld aan de belanghebbenden. Bij de berekening van de tarieven OZB wordt uitgegaan van een in de Stadsbegroting vastgestelde opbrengst OZB. Dit betekent dat de marktwaardestijging van de stad budgetneutraal in de tarieven wordt verwerkt. De tarieven worden beïnvloed door de indexatie en door de gemeenteraad vastgesteld. In geval van een waardestijging worden de tarieven verlaagd en in geval van een waardedaling verhoogd. Uitgangspunt is dat de totale opbrengst OZB voor de gemeente dus alleen toeneemt als het aantal objecten waarvoor betaald wordt, toeneemt. Onder verwijzing naar de paragraaf lokale heffingen van de Stadsbegroting 2022-2025, is er in de bepaling van de opbrengst OZB 2022 met het volgende rekening gehouden: • De opbrengst OZB niet-woningen is als gevolg van de afspraak in het Coalitieakkoord 2018-2022 ‘Samen vooruit’ voor 2022 verlaagd met € 1.375.000. Dit bedrag loopt op tot € 1.850.000 in 2023. Bij niet-woningen maken we een onderscheid bij de waardebepaling tussen courante en niet-courante panden. Niet-woningen zijn panden die niet of slechts voor een deel voor woondoeleinden worden gebruikt.

Denk aan kantoren, winkels en bedrijfspanden, maar ook aan industriële panden, energiecentrales, agrarische objecten, ziekenhuizen, scholen en hotels. De WOZ-waarde van niet-woningen wordt bepaald op de marktwaarde of als die hoger is op de gecorrigeerde vervangingswaarde. Bij courante panden zoals kantoren, winkels en ander bedrijfsmatig vastgoed is de marktwaarde het uitgangspunt. Bij nietcourante panden zoals ziekenhuizen, laboratoria en energiecentrales gaat het om de vervangingswaarde. Op basis van de uitkomsten van de taxaties tot en met 14 oktober 2021 wordt voor 2022: • Bij de woningen uitgegaan van een waardestijging van 15,70% (2021: 8,90%). • Bij de niet-woningen, courante panden, van een waardestijging van 0,25% (2021: 0,74%). • Bij de niet-woningen, niet-courante panden, van een waardestijging van 0,25% (2021: 1,34%). Wij stellen uw raad voor dat de tarieven OZB 2022 als volgt worden vastgesteld: OZB tarieven OZB woningen

Tarief 2021 0,2111%

Tarief 2022 0,1868%

OZB niet-woningen eigenaren

0,9431%

0,9192%

OZB niet-woningen gebruikers

0,0000%

0,0000%

3.2

Artikel 8 Termijnen van betaling

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

Wij stellen voor aan artikel 8 lid 2 ‘In gevallen bedoeld in het eerste lid onder b geldt in afwijking van het aldaar bepaalde, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingplichtige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de 26e dag van de maand volgende op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens op de 26e dag van elke volgende maand’ toe te voegen dat dit naast onder b ook voor het eerste lid onder c geldt. Door deze toevoeging wordt bereikt dat evenals op één aanslagbiljet verenigde aanslagen Onroerende-zaakbelastingen of andere heffingen met een totaalbedrag van hoger dan € 100 en lager dan € 5.000 ook aanslagbiljetten met een totaalbedrag van hoger dan € 5.000 of meer door middel van automatische incasso in tien gelijke termijnen kunnen worden afgeschreven in plaats van de huidige twee gelijke termijnen. Kanttekeningen De verordeningen moeten voor 1 januari 2022 door de gemeenteraad zijn vastgesteld en worden gepubliceerd in verband met de ingang van de belastingplicht. Financiën •

•

•

Met het in het voorstel voorgestelde tarief Rioolheffing wordt de geraamde opbrengst Rioolheffing 2022 zoals opgenomen in de Stadsbegroting 2022-2025 van € 16,2 miljoen gerealiseerd. Met de in het voorstel voorgestelde tarieven voor de afvalzakken wordt de geraamde opbrengst 2022 zoals opgenomen in de Stadsbegroting 2022-2025 van € 2,6 miljoen gerealiseerd. Met de in het voorstel voor de tarieven Onroerende-zaakbelastingen wordt de geraamde opbrengst 2022 zoals opgenomen in de stadsbegroting 2022-2025 van € 91,8 miljoen gerealiseerd.

Vervolg De besluiten tot vaststelling of wijziging van de in dit voorstel genoemde verordeningen worden dit jaar nog gepubliceerd in het gemeenteblad. De gemeentebladen worden sinds 1 januari 2014 verplicht geplaatst op www.overheid.nl (de landelijke site voor wet- en regelgeving). Tevens zijn via de site van de gemeente Nijmegen (www.nijmegen.nl) de verordeningen op www.overheid.nl te raadplegen. Door het publiceren van de verordeningen krijgen deze rechtskracht met ingang van 1 januari 2022. Volgens de regelgeving van de genoemde verordeningen worden dan met ingang van 1 januari 2022 de verordeningen Rioolheffing 2021, Reinigingsheffingen 2021 en de Onroerende-zaakbelastingen 2021 ingetrokken. De betreffende tarieven van de vastgestelde verordeningen worden gehanteerd over het belastingjaar 2022 en voor diensten, die worden verleend op of na 1 januari 2022. Bijlage(n)

Belastingverordeningen

Raadsvoorstel

1. 2. 3.

Verordening Rioolheffing 2022 Verordening Reinigingsheffingen 2022 Verordening Onroerende -zaakbelastingen 2022

Belastingverordeningen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=81e31d47-02c9-46f6-93ab-0ee2378e7db8