CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsbrief Investeringsbalans op Koers

Besluitronde (raadsvergadering) 16 april 2025, gemeente NijmegenBij agendapunt: D26 d.d. 18 maart 2025 over Investeringsbalans op Koers1.731 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postadres Gemeente Nijmegen

Aan de gemeenteraad van Nijmegen

Postbus 9105 6500 HG Nijmegen Bezoekadres Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen T 14 024 nijmegen.nl

Datum Onderwerp

Contactpersoon Bert Swartjes b.swartjes@nijmegen.nl T 024 – 329 0652780923

18 maart 2025 Investeringsbalans op Koers

Ons kenmerk E25.000781

Geachte leden van de raad, In de Stadsbegroting 2025 is voorgesteld een aangepaste investeringsplanning tegelijkertijd met de 1e Voortgangsmonitor 2025 aan uw raad aan te bieden. De raad heeft bij de behandeling van de Stadsbegroting 2025 aangegeven de aangepaste planning eerder te willen ontvangen en op 13 november jl. de motie ‘Investeringsbalans op koers’ aangenomen. In de motie roept de raad het college op om ‘uiterlijk aan het einde van het eerste kwartaal van 2025 aan de raad een uitgewerkte aanpassing van de jaarlijkse investeringen voor te leggen, conform de doelstelling van 90 miljoen euro per jaar’. In deze brief geven we inzicht in het resultaat van de aanpassingen. Er is zodanig bijgestuurd dat er nu geen financiële noodzaak is ingrijpende maatregelen te nemen: in de komende jaren is voldoende ruimte in de kapitaallasten (en is de stelpost in de begroting niet nodig). We zitten gemiddeld nog wel boven de investeringsdoelstelling van 90 miljoen euro per jaar, een doelstelling die met de huidige werkwijze moeilijk haalbaar lijkt. We hebben ook gewerkt aan meer transparantie, door per grote investering aan te geven waar risico’s op vertraging uit bestaan. Aanleiding Begin vorig jaar werd wederom geconstateerd dat de realisatie van investeringen achterbleef bij de planning. In voorgaande jaren werd er gemiddeld 45 miljoen euro aan investeringen uitgegeven.

Het grote verschil tussen beschikbare jaarbedragen voor investeringen en realisatie resulteerde daardoor in 2023 en in 2024 in aanzienlijk lagere kapitaallasten (rente en afschrijving) dan begroot (2023 Stadsrekening: 5,5 miljoen euro; 2024, 1e Voortgangsmonitor: 6 miljoen euro). Mede vanwege de grote financiële uitdaging de Stadsbegroting 2025 sluitend te krijgen, is toen besloten het jaarlijks begrote investeringsbedrag neerwaarts bij te stellen naar 90 miljoen euro (= 200% van de gemiddelde realisatie per jaar in de periode 2019 – 2023). Door het investeringsniveau per jaar te verlagen, zouden de begrote kapitaallasten ook lager kunnen uitvallen en zou er vooraf ruimte op de programmabegroting ontstaan. Daarmee ontstond ruimte om de grote financiële knelpunten voor 2025 en volgende jaren

Gemeente Nijmegen

Pagina 1 van 5

op te lossen. Omdat het aanscherpen van de investeringsplanning naar het niveau van 90 miljoen euro niet haalbaar was voor de Stadsbegroting 2025, is in die Stadsbegroting – vooruitlopend op verdere aanscherping van de investeringsplanning – een stelpost van lager te realiseren kapitaallasten (onderuitputting) van 5,5 miljoen euro per jaar opgenomen. Uitwerking De planning is nu verder aangescherpt. Er is kritisch gekeken naar de fase waarin investeringsprojecten zich nu bevinden, welke mate van zekerheid er is over het tempo van de uitgaven en wanneer de daadwerkelijke oplevering is te verwachten. Ook is onderzocht, in hoeverre vertraging nog effect kan hebben op de aangepaste planning. Daartoe zijn voor de groep investeringen die het grootste effect hebben op de ontwikkeling van de kapitaallasten (rente- en afschrijvingskosten van investeringen) de realisatierisico’s in beeld gebracht. Achterliggende gedachte daarbij is, dat we uitgaan van de planning, maar ook weten dat er hoe dan ook vertragingen op zullen treden, met name door realisatierisico’s1 waar we weinig of geen grip op hebben. Het effect van deze inventarisatie en analyse is dat investeringen flink zijn opgeschoven in de tijd. De volumes voor de jaren 2024 , 2025 en 2026 zijn verlaagd, wat resulteert in een toename van de volumes in 2027 en 2028. Bedragen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Totaal

Planning Stadsbegroting 2025

185.124

138.282

208.590

133.939

48.402

11.010

725.347

Aangepaste planning

125.508

123.899

173.095

167.094

101.311

29.397

720.304

Het effect van de aangepaste planning is ook, dat de stelpost onderuitputting kapitaallasten2 (5,5 miljoen euro vanaf 2025) voor de jaren 2025 tot en met 2027 wordt gerealiseerd, zelfs in die mate dat er in die jaren extra middelen vrij kunnen vallen. Zie daarvoor het positieve verschil tussen benodigde kapitaallasten en budget kapitaallasten in onderstaande tabel. Bedragen x € 1 miljoen

2025

2026

2027

2028

2029

2030

2031

Budget kapitaallasten (SB 2025)

46,14

53,15

59,49

60,10

60,34

60,15

60,06

Benodigde kapitaallasten, bijgesteld

45,20

48,79

56,67

62,05

66,33

64,74

63,91

Verschil

0,94

4,36

2,82

-1,95

-5,99

-4,59

-3,85

Benodigde kapitaallasten SB 2025

51,41

55,98

63,20

64,38

63,58

60,74

59,91

Toelichting: positief verschil = vrijval. Het beschikbare budget voor kapitaallasten is het begrote bedrag voor kapitaallasten na aftrek van de structurele post onderuitputting van 5,5 miljoen euro per jaar. Onderaan de tabel staan de doorberekende kapitaallasten zoals deze waren in de Stadsbegroting 2025. Door de Voor een nadere toelichting op de realisatierisico’s wordt hier verwezen naar bijlage 3 en bijlage 5 van bijgevoged boekwerk 1

2

In de Stadsbegroting 2025 is een stelpost ‘onderuitputting kapitaallasten’ (rente- en afschrijvingskosten van investeringen) van 5,5 miljoen euro per jaar opgenomen. Daarom is het beschikbare budget voor kapitaallasten verlaagd met 5,5 miljoen euro. Deze stelpost is gebaseerd op het feit dat er jaarlijks vertragingen optreden in de realisatie van investeringen.

Gemeente Nijmegen

Pagina 2 van 5

aanpassingen in de investeringsplanning zijn de benodigde kapitaallasten aanzienlijk gedaald, zie de regel: benodigde kapitaallasten, bijgesteld.

Vanaf 2028 ontstaat een tekort op het budget voor kapitaallasten, dat in 2029 verder oploopt en in de jaren daarna weer geleidelijk afneemt. Het ligt echter niet in de lijn der verwachtingen dat deze tekorten zich daadwerkelijk voor zullen doen, omdat er hoe dan ook vertragingen op zullen treden die moeilijk voorspelbaar zijn. Hieronder is het effect op de kapitaallasten grafisch weergegeven. Dan wordt duidelijk zichtbaar dat de benodigde kapitaallasten bij de aangepaste planning (doorgetrokken oranje lijn) dichter in de buurt komen van het beschikbare budget (de blauwe lijn). De kapitaallasten ten tijde van de Stadsbegroting 20253 (de oranje stippellijn) waren beduidend hoger.

Het oplopen van de volumes in 2028 en 2029 is ook het gevolg van onze huidige werkwijze, waarbij we een tijdshorizon van 4 jaar gebruiken. Het zwaartepunt van de investeringen is nu opgeschoven naar 2026 en 2027 (zie tabel op volgende pagina). Als we in plaats van een tijdshorizon van 4 jaar met een langere planningshorizon, bijvoorbeeld 10 jaar zouden werken, kunnen investeringen verder in de tijd worden weggezet. Door een langere tijdsspanne is er meer ruimte om nog realistischer te plannen en beter te prioriteren. Voor een investeringsagenda met majeure projecten is een periode van 4 jaar niet realistisch. We verwachten dat daarmee de lijn voor benodigde kapitaallasten verder wordt afgevlakt, en dichter of mogelijk zelfs onder het beschikbare budget (blauwe lijn) voor kapitaallasten zal komen. Samenvatting en conclusie We hebben voor de grootste investeringen scherper in beeld welke risico’s er zijn die de realisatie ervan kunnen vertragen. Deze zijn verschillend van aard en lang niet altijd 3

Ten behoeve van vergelijkbaarheid geeft de lijn ‘benodigde kapitaallasten (SB 2025)’de bedragen weer zonder aftrek van de stelpost onderuitputting. Zoals in de brief verder toegelicht, kan de stelpost vanwege de nieuwe planning komen te vervallen.

Gemeente Nijmegen

Pagina 3 van 5

beïnvloedbaar. Mede op basis van opnieuw kijken naar risico’s en haalbaarheid hebben we nu een aangepaste planning, waarin investeringen beter en verder in de tijd zijn weggezet. Ten opzichte van de stadsbegroting zijn investeringen doorgeschoven naar 2027 en verder. Voor de eerste jaren is voldoende financiële ruimte. We moeten ook constateren dat onze doelstelling van gemiddeld 90 miljoen euro nog niet is gehaald. Vanuit dat perspectief zou de investeringsplanning moeten worden bijgesteld met een bedrag van 180,3 miljoen euro (cumulatief verschil tussen aangepaste planning en doel in 2029). Bedragen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

2028

2029

Totaal

Aangepaste planning

125.508

123.899

173.095

167.094

101.311

29.397

720.304

Doel

90.000

90.000

90.000

90.000

90.000

90.000

Verschil aangepast en doel

35.508

33.899

83.095

77.094

11.311

-60.603

Cumulatief verschil

35.508

69.407

152.502

229.596

240.907 180.304

Vanuit financieel perspectief is er evenwel nu geen noodzaak investeringskredieten af te ramen of te parkeren, omdat: • het nu bijgestelde investeringsplan ertoe leidt dat het budget dat nodig is voor kapitaallasten over de periode tot en met 2027 lager is dan het beschikbare budget; • het verwachte tekort op het budget voor kapitaallasten vanaf 2028 – met een piek in 2029 - zich vanwege vertragingen naar alle (met een aan zekerheid grenzende) waarschijnlijkheid niet voor zal doen (ook omdat de piek ontstaat omdat we nu nog werken met een tijdshorizon van 4 jaar); • er daarmee geen onnodig beslag wordt gelegd op budgettaire ruimte voor het dekken van kapitaallasten. Daarnaast zou aframen ingrijpend zijn voor de ambities voor onze stad waarvoor eerder is gekozen. Wij kiezen daar niet voor, omdat er geen financiële noodzaak is en meer heil zien in een lange planningshorizon. Daarbij zij opgemerkt dat ook een afgeslankt investeringsplan nog steeds vertraging zal laten zien vanwege realisatierisico’s waarop we weinig of geen grip hebben. Indien u toch wenst bij te sturen, kan een keuze worden gemaakt uit de bijsturingsmogelijkheden op specifieke investeringen groter dan 5 miljoen euro (bijlage 4 bijgevoegd boekwerk4). Vervolg Voor meer grip op de investeringsplanning is een goede informatievoorziening van belang.

Daarom maken we al een verbeterslag in de Stadsrekening 2024, waarin meer uitleg wordt gegeven over wat er in 2024 moest worden gerealiseerd, waarom daarvan eventueel is afgeweken en wat dat betekent voor de planning. 4

Uit nadere analyse is gebleken dat kansen en mogelijkheden om bij te sturen vooral bij deze groep van investeringen moet worden gezocht. Dit wordt uitgebreid toegelicht op pagina 4 en verder van bijgevoegd boekwerk

Gemeente Nijmegen

Pagina 4 van 5

We houden vast aan de investeringsdoelstelling van 90 miljoen euro. Om dat doel te bereiken, gaan we in de voorbereiding op de volgende stadsbegroting werken met een langere tijdshorizon (10 in plaats van 4 jaar). Daarmee kan de focus meer worden gericht op investeringen die als eerste moeten worden gerealiseerd. Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen

A.P.W. van de Klift gemeentesecretaris

H.M.F. Bruls burgemeester

Gemeente Nijmegen

Pagina 5 van 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=bcb08c6c-d5d0-483c-91cf-110b3474d3be