Protocol normoverschrijdendgedrag tegen politieke ambtsdragers - feb 2022
Tekst van het document
Protocol Voorkomen en bestrijden normoverschrijdend gedrag tegen politieke ambtsdragers Gemeente Nijmegen
Februari 2022
Inhoud 1. Inleiding ................................................................................................................................................... 3 2. Uitgangspunten ....................................................................................................................................... 3 3. De gemeentelijke norm ........................................................................................................................... 4 4. Preventie ................................................................................................................................................. 8 4.1. Organisatorische maatregelen ............................................................................................................ 8 4.2. Dialoog, training .................................................................................................................................. 8 5. De handelingsprocedure tijdens een incident; alarmering en bijstand inschakelen ............................ 8 6. De handelingsprocedure na een incident ............................................................................................... 9 6.1. Melden ................................................................................................................................................ 9 6.2.
Afhandeling van incidenten............................................................................................................... 10 6.3. Opvang en nazorg.............................................................................................................................. 10 Eerste gesprek (binnen 24 uur) ................................................................................................................ 11 Tweede gesprek (binnen drie dagen na het incident) ............................................................................. 11 Derde gesprek (na 4 - 6 weken (of eerder voor zover nodig)) ................................................................. 11 6.4. Aangifte doen en schade verhalen .................................................................................................... 11 7. Communicatie ....................................................................................................................................... 12
Dit protocol is bedoeld voor burgemeester, wethouders, raadsleden, fractievolgers en fractiemedewerkers. In dit protocol spreken we, om deze groep aan te duiden, over politieke ambtsdragers. Waar in dit protocol wordt gesproken over raads- of collegeleden dan wel fractievolgers of -medewerkers wordt ook verstaan oud-raadsleden, oud-collegeleden, oud-fractievolgers en oud-fractiemedewerkers, voor zover het normoverschrijdende gedrag betrekking heeft op hun functioneren als (voormalig) politiek ambtsdrager, respectievelijk op politieke werkzaamheden zoals het optreden als woordvoerder in commissievergaderingen of het contact hebben met inwoners. Het doel van dit protocol is drieledig: 1. Vaststellen van een gemeenschappelijke norm 2. Informeren en ondersteunen van politieke ambtsdragers 3. Signaalfunctie naar de samenleving
1. Inleiding Voor politieke ambtsdragers is het belangrijk dat zij gemakkelijk benaderbaar zijn, open in de samenleving kunnen staan, het politieke debat vrij kunnen voeren, besluiten zonder ervaren druk kunnen nemen en publieke taken vrij van dwang en drang kunnen uitoefenen. Politieke ambtsdragers kunnen, gerelateerd aan de uitvoering van hun publieke taak, worden geconfronteerd met normoverschrijdend gedrag van burgers. Denk daarbij bijvoorbeeld aan (online) belediging, persoonlijke bedreiging of bedreiging richting familie, stalken, fysiek geweld of vernieling. Dergelijk gedrag is niet iets ‘wat erbij hoort’ of waar je maar aan moet ‘wennen’. Bedreiging van en agressie tegen politieke ambtsdragers is onacceptabel. Normoverschrijdend gedrag kan zeer ingrijpend zijn voor de persoon die erdoor getroffen wordt en zijn of haar naasten. Verder kan het iemands optreden of zijn besluitvorming beïnvloeden. Het raakt dan aan de integriteit van het lokale bestuur en is ondermijnend voor de democratie. Het maakt daarbij niet uit van wie het normoverschrijdende gedrag afkomstig is; of dat een individuele burger of een collectief is, of een persoon die namens een bedrijf, organisatie of groepering handelt. In dit protocol omschrijven we wat we verstaan onder normoverschrijdend gedrag en wat onze aanpak is.
We kiezen ervoor om de afweging over te volgen stappen niet bij de getroffenen ambtsdrager te laten, maar in principe te laten zetten door de gemeente, in overleg met de getroffen ambtsdrager. Dit doen we om als collectief een heldere grens te bekrachtigen. Agressie en geweld is onacceptabel en wordt nooit getolereerd, de reactie hierop is uniform. Door deze werkwijze wordt de politieke ambtsdrager uit de wind gehouden. Voorwaarde is dat de betrokken ambtsdrager, in de rol van benadeelde, zijn of haar volledige medewerking verleent aan het onderzoek. Dit protocol wordt vastgesteld in een collegevergadering en in een openbare raadsvergadering en op de site van de gemeente Nijmegen gepubliceerd.
2. Onze norm en uitgangspunten Onze collectieve norm is: Normoverschrijdend gedrag tegen politieke ambtsdragers en/of zijn/haar directe omgeving (gezin, familie, vrienden, huisdieren, zaken, etc.) is onacceptabel en wordt niet getolereerd.
De volgende uitgangspunten zijn leidend bij de preventie en correctie van normoverschrijdend gedrag: Preventie: • Burgers en politieke ambtsdragers zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de kwaliteit van hun interactie en zijn beiden daarop aanspreekbaar (voorbeeldgedrag). • In de interactie tussen de burger en politieke ambtsdragers komen vormen van emotie/frustratie/ boosheid voor. Het herkennen en erkennen hiervan, het onderzoeken van de oorzaak van de emotie en het samen met de burger zoeken naar een oplossing (waar mogelijk) is onderdeel van ieders professionaliteit en valt ook binnen ieders beslissingsbevoegdheid. • Sturen op kwaliteit van samenwerking is een belangrijk beïnvloedingsmechanisme, ook al kan normoverschrijdend gedrag daarmee niet voorkomen worden. Politieke ambtsdragers en ambtenaren/griffie evalueren de kwaliteit van de samenwerking, zijn aanspreekbaar op hun rol en helpen elkaar verbeteren. Correctie: • Daar waar het gedrag van de burger over de grens gaat (de gemeentelijke norm), kan de politieke ambtsdrager als persoon in gevaar komen, zowel mentaal als fysiek. Ook kan de besluitvorming en daarmee ook de integriteit van het bestuur onder druk komen te staan. • Gedrag van burgers dat over de grens gaat, is nooit toelaatbaar. Dit principe staat los van oorzaken of verwijtbaarheid. • Op normoverschrijdend gedrag volgt een reactie vanuit de gemeente.
Daarin staan hoor en wederhoor centraal. De burger wordt aangesproken op zijn/haar gedrag en krijgt, als deze aanspreekbaar is op gedrag, de gelegenheid zijn/haar kant van de medaille te belichten. • Dat doet niets af aan de gestelde grenzen. Wel kan het voor politieke ambtsdragers aanleiding zijn om te reflecteren op het eigen handelen. Op deze manier wordt invulling gegeven aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de interactie. • Waar dat aan de orde is, legt de gemeente de burger een maatregel of sanctie op, die is afgestemd op de aard van het normoverschrijdende gedrag (zie paragraaf 6.2).
3.
Uitwerking van de gemeentelijke norm
Voor de gemeente Nijmegen geldt: Emotie van burgers mag, normoverschrijdend gedrag wordt niet geaccepteerd. Hierop wordt vanuit de gemeente altijd een passende reactie gegeven. Onder emotioneel gedrag wordt verstaan dat een inwoner op een emotionele manier begrip vraagt voor zijn persoonlijke situatie, kritiek geeft op de regels of op het beleid van de gemeente, of bijvoorbeeld boos is over een beslissing van de gemeente. Emotioneel gedrag is van korte duur en laat zich corrigeren. Voor dergelijk gedrag kan (enig) begrip worden getoond. Emotioneel gedrag is niet verboden, boosheid is niet normoverschrijdend en is geen agressie. Onder normoverschrijdend gedrag wordt verstaan: gedrag van de burger dat direct wordt gericht op de politieke ambtsdrager met (in het algemeen) als doel frustratie te uiten, onbehagen te veroorzaken, de orde te verstoren, pijn of schade (emotioneel/ materieel/ fysiek) toe te brengen of een doel te bereiken (bijvoorbeeld taakuitoefening of besluitvorming beïnvloeden).
Normoverschrijdend gedrag heeft minder te maken met de intensiteit van het gedrag (hard roepen, wild bewegen) maar heeft alles te maken met de richting van het gedrag (“Jij bent een …!). Ook aanhoudend emotioneel gedrag, aanhoudende boosheid of het aanhoudend uiten van beledigingen en gedrag dat - nadat de inwoner erop is aangesproken - niet verandert of juist verergert, kan normoverschrijdend gedrag zijn. We vragen van politieke ambtsdragers normoverschrijdend gedrag niet te accepteren, ook al heb je er als persoon geen last van. Alleen als we dit uitgangspunt samen hanteren, kunnen we toewerken naar een eenduidige reactie naar alle burgers en op deze wijze kwalitatief goed, veilig en integer onze rol vervullen. In onderstaand schema staat omschreven welk gedrag wél en welk gedrag niet wordt geaccepteerd. Ook is in het schema aangegeven welke voorvallen wel/niet gemeld dienen te worden en wanneer er een reactie wordt gegeven aan de burger.
EMOTIE OF AGRESSIE?
EMOTIONEEL GEDRAG
NORMOVERSCHRIJDEND GEDRAG/ (Non-)verbale Agressie
Gedrag gericht op zich- Kritiek op regels, beleid en/of bezelf en op de eigen situatie stuurlijk orgaan
NORMOVERSCHRIJDEND GEDRAG Bedreiging, Intimidatie
NORMOVERSCHRIJDEND GEDRAG Fysiek Geweld
Gericht op de politieke ambtsdrager
(Non) verbaal dreigen Schoppen, Slaan, SpuDreigen met geweld Intigen, mideren, Beetpakken, Trekken, Seksuele intimidatie Vernielen, Belaging/ stalking (appjes, e-mails, opbellen, toe- Voorwerpen gooien Vaak te herkennen aan het woordje “Jij”. zenden -ongewenste- cadeaus, achtervolgen etc.) Gaat een stap verder dan Sarren, zuigen, treite- Gaat een stap verder dan verbale agressie. Het bedreiging of intimidatie. ren, uitlokken, grof kan ook gaan om een suggestie van geweld of zijn, schelden, beladoor openlijk hiermee te dreigen. Het gedrag is op Het gedrag is gericht op chelijk maken, beledi- jou persoonlijk gericht. De uiting van agressie le- personen, dieren en/of gen, smaad, laster vert mogelijk ook gevaar op voor de burger zelf of zaken voor anderen.
Vaak te herkennen aan Vaak te herkennen aan het woordje het woordje “Ik”. “Jullie”. Gedrag van de burger Uitzondering of begrip vragen, klagen, excuus In discussie gaan, ter verantwoording verzinnen, beroep op roepen, beschuldiredelijkheid doen, afhankelijk gedrag, clai- gen, schande spreken, machtsstrijd, men obstructie Burgers mogen klagen Burgers mogen kri- Burgers mogen in en boos en geïrriteerd tiek hebben op het hun emotionele gezijn. beleid en de regel- drag (zoals hierbogeving en mogen dit ven) niet persoonlijk Gemeentelijke uiten en boos en ge- worden richting poliirriteerd zijn. tieke ambtsdragers, norm ook niet online. De In de aanpak is de politieke ambtsdrapolitieke ambtsdra- ger gaat pas verder in ger aan zet. gesprek of met het
Burgers mogen politieke ambtsdragers niet beDe veiligheid van polidreigen of intimideren, ook niet online. tieke ambtsdragers gaat In zo’n geval wordt het gesprek/contact beëindigd boven alles. Burgers mogen dus niet fysiek worworden gepaste maatregelen genomen. den naar personen, dieren en/of zaken.
In de aanpak is de politieke ambtsdrager aan zet.
Melden en afhandelen?
contact wanneer de burger met dit gedrag stopt. Als het gedrag niet stopt, wordt het gesprek/contact beëindigd en worden passende maatregelen genomen.
Als de burger zich poMelden is facultatief, Melden is facultasitief corrigeert na te tenzij het gedrag aan- tief, tenzij het gehoudt en er een padrag aanhoudt en er zijn aangesproken op zijn/haar gedrag troon ontstaat, dan is een patroon ontmelden aan te bevelen. staat, dan is melden hoeft er niet te worden gemeld. aan te bevelen. Bij aanhoudend gedrag wordt het gedrag wél gemeld en afgehandeld conform de afspraken in dit protocol. Het doel is stoppen/begrenzen en eventueel bestraffen van het schadelijke gedrag.
Altijd melden, zodat het wordt afgehandeld conform dit protocol. Het doel is stoppen/begrenzen en eventueel bestraffen van het schadelijke gedrag.
Altijd melden en afhandelen conform dit protocol. Het doel is stoppen/begrenzen en eventueel bestraffen van het schadelijke gedrag.
4. Preventie 4.1. •
•
• •
•
4.2. •
•
•
Dialoog, training Bij de start van een nieuwe raads- en collegeperiode wordt in een bijeenkomst met politieke ambtsdragers stilgestaan bij: o De uitgangspunten van veilig en integer werken; o De gemeentelijke norm zoals Nijmegen die hanteert, dit protocol en de afspraken rondom preventie en opvolging van incidenten; o Tips hoe ambtsdragers kunnen anticiperen op normoverschrijdend gedrag (fysieke omgeving, eigen huis, online, etc.); o De mogelijkheid hun huis/ thuisomgeving preventief te laten screenen op veiligheid; o De mogelijke effecten van grensoverschrijdend gedrag. Vaardigheidstrainingen voor burgemeester, wethouders, raadsleden en fractievolgers worden ‘op maat’ aangeboden vanuit griffie en organisatie (gespreksvoering, bijvoorbeeld de-escaleren, kalm blijven, niet provoceren, maar ook: waar ligt jouw grens en hoe voorkom je dat het onder je huid gaat zitten). Jaarlijks wordt een geanonimiseerd verslag gemaakt van de incidenten. Jaarlijks worden ervaringen en dilemma’s in de aanpak besproken op basis van dit jaarverslag en de casuïstiek. Tevens wordt (de werking van) het protocol geëvalueerd om er lessen uit te leren.
Waar relevant worden ook vertegenwoordigers van de griffie en/of ambtelijke organisatie uitgenodigd om casuïstiek, waarin het samenspel tussen politieke ambtsdragers en ambtenaren in het bijzonder van belang is/was, te bespreken en om afspraken te maken voor de toekomst. Jaarlijks wordt een informeel overleg met aparte status en zonder politieke agenda gepland, waarin in een veilige omgeving gesproken kan worden over de impact van agressie-incidenten op de persoon. Organisatorische maatregelen Als politieke ambtsdragers tijdens kantoortijden een gesprek met een burger voeren in het gemeentehuis en mogelijk problemen verwachten en/of dit nodig achten of zich daar prettiger bij voelen, doen ze dat in de beveiligde zone, bv. in een spreekkamer met alarmknop (in de Mariënburg). Op die manier kan waar nodig een beroep worden gedaan op binnen de organisatie aanwezige beveiligers of een intern interventieteam. Veiligheid staat voorop. Als vooraf duidelijk is dat een risico-gesprek moet worden gevoerd, dan wordt bijstand door beveiliger of interventieteam preventief ingeschakeld. Ook kan worden gekozen om een tweede persoon vanuit de organisatie aan het gesprek te laten deelnemen. Bij het organiseren van groepsbijeenkomsten/informatieavonden wordt vooraf een risicoanalyse gemaakt.
Op basis van het resultaat hiervan wordt een passende locatie gekozen, worden organisatorische maatregelen getroffen en wordt waar nodig beveiliging ingezet. De verantwoordelijke medewerker in de organisatie kan, in overleg met de griffier ondersteunen bij het treffen van de juiste maatregelen.
5. De handelingsprocedure tijdens een incident; alarmering en bijstand inschakelen •
Als een gesprek plaatsvindt in het gemeentehuis en er sprake is van normoverschrijdend gedrag, wordt het gesprek beëindigd en verzoekt/sommeert de politieke ambtsdrager de burger
•
• • •
•
het pand te verlaten. Weigert de burger, dan wordt er tijdens kantoortijden gealarmeerd via de alarmknop. Op deze manier wordt de beveiliging of het interne interventieteam ingeschakeld. Zijn deze voorzieningen er niet, of vindt het gesprek buiten kantoortijden of buiten het gemeentehuis plaats dan belt de politieke ambtsdrager in geval van nood altijd 112 en geeft aan waar hij/zij zich bevindt en (indien mogelijk) wat de situatie is. De eigen veiligheid staat altijd voorop. Geef, tot het arriveren van de politie, de agressor zijn zin en laat dit uit houding en gedrag blijken. Blijf kalm en provoceer niet. Als sprake is van ordeverstoring tijdens een raads- of commissievergadering dan geldt het Reglement van Orde en is de handelwijze dat de voorzitter de vergadering schorst en degene(n) die de orde verstoort/verstoren verzoekt de ruimte te verlaten. Indien dit geweigerd wordt, zal de voorzitter dit nog tweemaal doen (na drie vorderingen is er sprake van lokaalvredebreuk). In overleg met de beveiliging wordt de politie gebeld. De aanwezigen passen geen fysieke maatregelen toe om personen uit de ruimte of het gebouw te verwijderen, maar laten dit over aan de politie. Alleen bij fysieke agressie naar een deelnemer of bezoeker van een vergadering is het toegestaan fysieke maatregelen toe te passen om de persoon in kwestie te ontzetten en/of te beschermen.
Tijdens een ordeverstoring wordt de livestream van de vergadering stopgezet. De voorzitter besluit in samenspraak met de griffier en de aangewezen ambtenaar Veiligheid tot het doen van aangifte van de ordeverstoring.
6. De handelingsprocedure na een incident 6.1.
Melden
Alle voorvallen van normoverschrijdend gedrag (zoals beschreven in bovenstaand schema) worden intern gemeld. Het kanaal dat wordt gebruikt door de burger is in deze niet van belang. Melding wordt gemaakt van normoverschrijdend gedrag dat face-to-face, schriftelijk, via e-mail of social media wordt geuit. • Raadsleden en fractieleden melden incidenten bij de griffier of de plaatsvervangend griffier. De griffier stelt de burgemeester op de hoogte. • Wethouders melden incidenten bij de burgemeester of de gemeentesecretaris. • De burgemeester meldt een incident bij de gemeentesecretaris. De gemeentesecretaris informeert betrekt ook de aangewezen medewerker in de organisatie • De aangewezen medewerker in de organisatie wordt over alle incidenten geïnformeerd. • Voor het melden wordt gebruik gemaakt van het Gemeentelijk Incidenten Registratiesysteem (GIR). Het GIR is zo ontworpen dat volledig ‘op maat’ kan worden ingericht wie er meldt, waar de melding terecht komt en wie de melding kan inzien. Hierdoor is de privacy van de melder gewaarborgd. Het voordeel van registreren in GIR is dat er een totaaloverzicht van incidenten en de daarbij behorende veroorzakers ontstaat vanuit de bestuurlijke en ambtelijke organisatie.
• Het melden van incidenten geeft inzicht in de aard, de vorm en mogelijke toename of afname van incidenten binnen de gemeente en is de basis voor de te nemen (preventieve) maatregelen. Het registreren van incidenten is ook belangrijk voor het, mogelijk later, aangifte doen bij de politie en voor het verhalen van mogelijke schade. • Bij online incidenten via social media (bijv. Twitter, Instagram, Whatsapp etc) legt de politiek ambtsdrager het bericht en de evt bij behorende gegevens (account van verzender, URL’s, datum en tijd van het bericht en evt andere gegevens) zoveel mogelijk vast als bewijsmiddel. Als het vaker voorkomt, is het verstandig om een logboek bij te houden.
• •
Voor online normoverschrijdend gedrag geldt dat duidelijk wordt aangegeven dat de norm is overschreden, eventueel in overleg met de gemeente. Het normoverschrijdende gedrag wordt ook bij het platform van het betreffende medium gemeld. Ook als een politiek ambtsdrager twijfelt of er sprake is van normoverschrijdend gedrag, is het altijd mogelijk contact op te nemen met de gemeentesecretaris, de griffier en/of de burgemeester. Tijdens het contact wordt bepaald of er vervolgstappen nodig zijn en zo ja, welke.
6.2.
Afhandeling van incidenten
Na het doen van een melding wordt besproken welke maatregel tegen de veroorzaker wordt genomen. De aangewezen ambtenaar Veiligheid geeft advies en ondersteuning. In zijn algemeenheid zijn de volgende maatregelen mogelijk: • De persoon mondeling of schriftelijk waarschuwen. • (Tijdelijk) de dienstverlening beperken of (tijdelijk) de toegang ontzeggen tot de gemeentelijke gebouwen. Politieke ambtsdragers zijn altijd bevoegd een burger te verzoeken en/of op te dragen een gebouw te verlaten en, na drie keer herhaling en bij aanhoudende weigering van de burger, de politie te bellen. Er is dan sprake van huis/lokaalvredebreuk en dat is een strafbaar feit. De schriftelijke ontzegging voor een bepaalde tijd is een besluit van de burgemeester. Als hier geen gevolg aan wordt gegeven dan wordt de politie eveneens direct in kennis gesteld en is opnieuw sprake van een strafbaar feit waarvan aangifte zal worden gedaan. • De persoon oproepen voor een incidentgesprek / stopgesprek met een daartoe aangewezen vertegenwoordiger van de gemeente over het normoverschrijdend gedrag. • Het voorval melden bij de politie (als het gedrag niet strafbaar is, maar wel normoverschrijdend, kan melding worden gedaan bij de politie, zodat het incident in ieder geval bekend is bij de politie). • Aangifte doen bij de politie.
• Afspraak op locatie of persoon bij de politie (prioritering in de respons door politie na een melding). • Andere maatregelen treffen, al naar de omstandigheden. • De burgemeester informeert, waar dat passend is, OM en politie en bespreekt incidenten in het overleg binnen de driehoek. Bij het bepalen van de maatregel wordt meegenomen of er sprake is van een eerste of herhaald incident, zowel gericht tegen politieke ambtsdragers, als tegen ambtenaren van de gemeente.
6.3.
Opvang en nazorg
Naast het regelen van praktische zaken is met name de emotionele ondersteuning van politieke ambtsdragers (en hun families) van groot belang voor het behoud van persoonlijk welzijn en voor adequaat functioneren in de toekomst. De impact van een incident kan groot zijn en daarom wordt altijd opvang en nazorg aangeboden. Voor opvang en nazorg is zeker niet altijd een externe professional nodig. Effectieve ondersteuning na incidenten wordt vooral gekenmerkt door invoelend vermogen en kennis van de mogelijke effecten van bijv. bedreiging. Er zijn verschillende mogelijkheden voor ondersteuning: • burgemeester en gemeentesecretaris verlenen opvang en nazorg aan de wethouders, burgemeester en griffier aan de raadsleden en fractievolgers.
• Afhankelijk van de aard van het incident kan er ook voor gekozen worden om het ambassadeursnetwerk van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden (raadsleden voor raadsleden) een rol te geven in de emotionele ondersteuning. • Er kan gebruik worden gemaakt van Slachtofferhulp, via 0900 0101. • Als ondersteuning van het thuisfront nodig is, is het in ieder geval raadzaam een externe professional in te schakelen. De gemeente heeft hiertoe een lokale voorziening getroffen via de arbodienstverlener. • Voor acute gespecialiseerde psychosociale ondersteuning kan 24/7 een beroep worden gedaan op het Instituut voor Psychotrauma. Zij zijn tijdens kantooruren te bereiken onder nummer 020 840 76 20 en buiten deze tijden onder alarmnummer 088 33 05 112. • Ook de Vertrouwenslijn is voor politieke ambtsdragers een (vertrouwelijk) kanaal voor advies en een luisterend oor. Deze helpt bestuurders met nazorg na vormen van ongewenst gedrag, zoals bedreiging, intimidatie en geweld. De Vertrouwenslijn is opgericht in opdracht van het Ministerie van BZK om politieke ambtsdragers bij te staan en te adviseren. Er kan anoniem worden gebeld naar de Vertrouwenslijn op 0800 2800 200 (zeven dagen per week van 10.00 tot 17.00 uur). Voor persoonlijke - of zakelijke vragen kan er contact worden opgenomen via de kantoorlijn op 088 5543 218.
Bij intern verzorgde opvang en nazorg bieden we altijd de volgende gesprekken aan: Eerste gesprek (binnen 24 uur) Direct na een agressie-incident gaat het er om de veiligheid te herstellen en steun te bieden aan de betrokkene(n). Het eerste gesprek heeft als doelen: veiligheid, emotionele ondersteuning en praktische hulp bieden, informatie geven over het verwerkingsproces en vervolgafspraken maken. Het is vooral belangrijk om betrokkene het verhaal te laten vertellen en te onderzoeken waar hij of zij behoefte aan heeft. Wellicht moeten er (praktische) zaken worden geregeld (informeren thuisfront, aangifte doen, schade e.d.). Tweede gesprek (binnen drie dagen na het incident) Het doel van dit gesprek is net als bij het eerste gesprek het bieden van een luisterend oor en steun (emotioneel en praktisch). Daarnaast is het belangrijk dat samen met de betrokkene het verloop van de afgelopen dagen in kaart wordt gebracht en zodoende meer informatie wordt verkregen over het verwerkingsproces. Derde gesprek (na 4 - 6 weken (of eerder voor zover nodig)) Naast emotionele ondersteuning, gaat het tijdens het derde gesprek om de terugblik op de gebeurtenis en de periode daarna. Het is belangrijk om stil te staan bij eventuele veranderingen in de kijk op het ambt en het functioneren daarbinnen, het privéleven en persoonlijke beleving.
Bij mogelijke signalen op stagnatie van het verwerkingsproces is het zinvol om de betrokkene in ieder geval door te verwijzen naar professionele hulpverlening, waarbij de kosten, voor zover deze niet worden gedekt door de zorgverzekeraar, door de gemeente worden gedekt. De gesprekken kunnen worden gevoerd door gemeentesecretaris, griffier en burgemeester.
6.4. •
Aangifte doen en schade verhalen
Als sprake is van strafbare feiten, doet de gemeente daarvan, met instemming van de getroffen ambtsdrager, aangifte. De gemeente staat zo voor zijn ambtsdragers en ontlast deze ook.
• • •
•
•
• • • • •
De getroffen politieke ambtsdrager verleent als benadeelde volledige medewerking aan het politieonderzoek. Het OM wordt, voor zover nog niet betrokken in een eerdere fase, door de politie of de burgemeester op de hoogte gesteld bij een dreigingsmelding en/of een aangifte. Bij een acute, ernstige dreiging tegen een persoon ligt de verantwoordelijkheid voor de beslissing over het treffen van beveiligingsmaatregelen, in het kader van de strafrechtelijke handhaving en het bewaken en beveiligen, bij de Hoofdofficier van Justitie en doet de politie voorstellen over de te nemen maatregelen (artikel 1 lid 2 Politiewet, aanwijzing beveiliging van personen, objecten en diensten). Als de burgemeester zelf onderwerp is van acute, ernstige dreiging, blijft de Hoofdofficier van Justitie verantwoordelijk en kan worden overlegd met de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Als de burgemeester slachtoffer is, wordt tevens de Commissaris van de Koning op de hoogte gesteld. De werkgever is, ook als sprake is van een “fictief dienstverband” verplicht de Inspectie SZW binnen 24 uur te waarschuwen als sprake is van een ernstig incident waarbij een politieke ambtsdrager lichamelijk of geestelijk letsel oploopt, in het ziekenhuis moet worden opgenomen, blijvende schade overhoudt aan de gezondheid of overlijdt aan de gevolgen.
De gemeentesecretaris en/of de griffier bewaken terugkoppeling aan de benadeelde en desgewenst aan het seniorenoverleg over de strafrechtelijke vervolging en de resultaten daarvan. Bij de gemeente is de mogelijkheid om begeleid en ondersteund te worden in de aangifte. Indien noodzakelijk wordt de benadeelde ondersteund door een advocaat via de gemeente, bijvoorbeeld voor civielrechtelijke maatregelen. Er kan een veiligheidsscreening van huis/thuisomgeving van de benadeelde worden uitgevoerd om risico’s te beperken. Schade aan persoonlijke eigendommen of aanvullende kosten die een benadeelde moet maken door een incident worden in eerste instantie vanuit de gemeente vergoed aan de benadeelde. De gemeente verhaalt de kosten op de veroorzaker.
7. Communicatie Indien noodzakelijk is de burgemeester als voorzitter van de raad cq als voorzitter van het college, woordvoerder, dit in afstemming met betrokkene en in voorkomende gevallen met politie en/of het OM. De burgemeester kan zich desgewenst laten bijstaan door de gebiedsofficier van Justitie. Als de burgemeester direct betrokken is, wordt in overleg met de burgemeester, de locoburgemeester en eventueel de commissaris van de Koning, de handelwijze bepaald. Andere politieke ambtsdragers worden met instemming van het slachtoffer op de hoogte gebracht. Vertrouwelijkheid wordt daarbij altijd in acht genomen. Zodra er een strafrechtelijk onderzoek is gestart, ligt de woordvoering bij de politie of bij het OM. De adviseur van de gemeente stemt over een eventuele communicatieboodschap bij een ernstige (be)dreiging altijd af met de betrokkene en met de afdeling voorlichting van de politie en/of het OM. Getroffen beveiligingsmaatregelen (in de publieke ruimte of elders) worden nooit naar de pers gecommuniceerd.