CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma U&H fysieke leefomgeving Nijmegen 2025 - Bijlagenboek

Besluitronde (raadsvergadering) 29 januari 2025, gemeente NijmegenBij agendapunt: D32 d.d. 10 december 2024 over Programma’s uitvoering en handhaving fysieke leefomgeving 20251.296 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlagenboek Programma

Uitvoering en handhaving fysieke leefomgeving Nijmegen

2025

2

Bijlage 1

Beleidskader en prioriteiten 20

Gemeente Nijmegen heeft een eigen beleidscyclus onder de Omgevingswet (zie afbeelding 1). Daarin worden alle gemeentelijke beleidsdoelen en prioriteiten voor de fysieke leefomgeving verankerd door deze te vertalen in omgevingswaarden / omgevingsvisie, regels, omgevingsprogramma’s en omgevingsplan. We actualiseren op dit moment onze omgevingsvisie. Op 12 maart 2024 is de contourennotitie vastgesteld, met daarin een eerste globale ambitie, doelen en beleidslijnen. De contourennotitie is een tussenproduct in het actualisatieproces van de Omgevingsvisie. Het is nog geen vaststaand beleid. In het coalitieakkoord 2022 / 2026: Ons Nijmegen, Stad van iedereen verwoordt de coalitie haar ambities voor de stad en worden de nieuwe plannen beschreven bovenop de afspraken en het beleid dat er al ligt. Regionaal VTH-beleid Alle vergunningverlenende, toezichthoudende en handhavende taken die geen milieuactiviteiten betreffen, zoals bouw, reclame, inritten, kap en sloop, maar ook afwijken van het omgevingsplan, brandveilig gebruik van bouwwerken, aanlegactiviteiten en activiteiten in het kader van de Huisvestingswet en Leegstandswet korten we af als BRIKS-taken.

Wat we met het uitvoeren van deze BRIKS-taken beogen, wat we daarbij belangrijk vinden, hoe we deze taken uitvoeren en welke keuzes we daarin maken, hebben we samen met onze regiopartners vastgelegd in het VTH-beleid Regio Nijmegen 2023 / 2026. Dit beleid is de uitkomst van een regionaal beleidsproces met daarin regionale doelen en prioriteiten. Onder de Omgevingswet heeft ‘VTH-beleid’ een andere naam gekregen: uitvoerings- en handhavingsstrategie (UHS). De uitvoerings- en handhavingsstrategie, de Omgevingsvisie en het coalitieakkoord vormen samen het beleidskader. Met het uitvoeren van de BRIKS-taken dragen we bij aan het realiseren van de doelen die hierin door ons als bestuur gesteld is.

Prioriteiten voor de uitvoering Uit het beleidskader volgen de volgende meerjarige prioriteiten: • Verminderen van de CO2-uitstoot door duurzame nieuw- en verbouw en verduurzaming van bestaande bouw; • Brandveilige nieuw- en verbouw en brandveilig gebruik van bestaande bouw; • Veilige omgeving bij bouw- en sloopwerkzaamheden; • Natuurinclusief bouwen en beschermen van bestaand groen; • Constructief veilige nieuw- en verbouw; • Gezonde woonomgeving; • (Optreden tegen) strijdig planologisch gebruik, met name illegale kamerverhuur en strijdige bewoning; • (Optreden tegen) illegale bouwwerken; • (Optreden tegen) ongewenste sloop, bescherming en instandhouding van cultureel erfgoed; • Schoon en emissieloos bouwen met oog voor circulariteit en luchtverontreiniging; • (Optreden tegen) overlast door particuliere houtstook; • (Verminderen van) parkeerproblemen bij nieuw- en verbouw en als gevolg van verandering van gebruik. Bij het uitvoeren van de BRIKS-taken houden we rekening met deze genoemde prioriteiten. Bij de uitvoering en handhaving geven we prioriteit aan zaken als brandveiligheid, constructieve veiligheid en duurzaamheid door hier uitgebreider en diepgaander op te toetsen en toezicht te houden en door zwaardere sancties in te zetten om overtreding hiervan ongedaan te maken.

Afbeelding 1: beleidscyclus Omgevingswet

2

Monitoring en verslaglegging Monitoring en verslaglegging speelt een belangrijke rol bij het bewaken van de voortgang en verantwoording van ons programma. Door middel van monitoring worden de prestaties van het programma continu gevolgd, wat inzicht geeft in zowel de naleving van wettelijke voorschriften als 20 de realisatie van beleidsdoelen. Voor de monitoring van de voortgang maken we zoveel mogelijk gebruik van onze VTH-applicatie Rx.Mission. We werken hierbij met Kritieke Prestatie Indicatoren (KPI's). Deze bieden meetbare doelen en criteria die de prestaties van specifieke onderdelen van dit programma evalueren, zoals doorlooptijden van vergunningaanvragen of het aantal inspecties en overtredingen binnen een bepaalde periode. Monitoring van deze KPI’s maakt dat tijdig kan worden bijgestuurd waar nodig. Op grond van artikel 13.5 van het Omgevingsbesluit rapporteert het college jaarlijks aan de hand van deze KPI’s over de mate waarin uitvoering van het uitvoeringsprogramma heeft plaatsgevonden en de mate waarin deze uitvoering heeft bijgedragen aan het bereiken van onze beleidsdoelen. Voor 2025 hanteren we de volgende KPI’s: ✓ De mate waarin wordt voldaan aan de geldende VTH kwaliteitscriteria. Zowel proces als kritieke massa. Norm = min. 100% Het is belangrijk dat de kwaliteit van de uitvoering geborgd is.

Daarom gelden er kwaliteitscriteria voor het proces van uitvoering en handhaving en voor het vakmanschap (kritieke massa). ✓ Het percentage procedures waarbij binnen de, al dan niet verlengde termijnen wordt beslist op de aanvraag of melding. Norm = min. 98% We streven ernaar binnen de wettelijke termijnen te beslissen op een aanvragen of meldingen zonder gebruik te maken van de mogelijkheid om deze termijn te verlengen of op te schorten. We onderscheiden hierbij vergunningen en meldingen.

✓ Het percentage procedures waarbij de behandeltermijn wordt verlengd. Norm = max. 30% Er bestaat de mogelijkheid de behandeltermijn te verlengen. We willen hier zo min mogelijk gebruik van maken. ✓ Het percentage klachtmeldingen dat binnen 2 werkdagen na indiening in behandeling is genomen of doorgestuurd. Norm = min. 90% Binnen 2 werkdagen wordt een klachtmelding ingeboekt en wordt een ontvangstbevestiging verstuurd. Als een klacht voor een ander bevoegd gezag is wordt deze binnen 2 werkdagen doorgezet en ontvangt de melder hiervan bericht. ✓ Het percentage klachtmeldingen dat binnen 2 weken na indiening is afgehandeld. Norm = 90% Binnen 2 weken ontvangt de melder bericht over de afhandeling; de melding heeft geen prioriteit en er wordt geen onderzoek ingesteld, De melding is ongegrond (geen overtreding). De melding is gegrond (wel overtreding) met een bericht over het vervolg. ✓ Het percentage overtredingen waarbij de sanctiestrategie (LHSO) is toegepast. Norm = min. 90% Wanneer een overtreding wordt geconstateerd wordt de sanctiestrategie toegepast (LHSO) om te komen tot een passende interventie. We vinden het belangrijk dat hiervoor de LHSO wordt gevolgd omdat dit leidt tot een uniforme handhavingsaanpak. ✓ Het percentage hercontroles dat binnen 5 werkdagen na het verstrijken van de formele hersteltermijn is uitgevoerd. Norm = min.

90% Na het verstrijken van de formele hersteltermijn streven we ernaar om binnen 5 werkdagen vast te stellen of de overtreding hersteld is. Dit kan door een controle ter plaatse maar kan ook administratief in de vorm van bijvoorbeeld een keuringsrapport, foto of filmpje. ✓ Het percentage overtredingen dat binnen de formele hersteltermijn is opgelost. Norm = min. 80% Als overtredingen worden geconstateerd wordt een termijn gegeven waarbinnen deze moeten worden hersteld. Na afloop van deze hersteltermijn wordt gecontroleerd of de overtredingen zijn opgelost. Dit percentage geldt per overtreding (niet per zaak). ✓ Het percentage ongegronde bezwaar/beroepsschriften. Norm = min. 90% We hechten veel waarde aan de kwaliteit van onze besluiten. Daarom streven we ernaar dat minimaal 90% van de bezwaar- en beroepsschriften tegen onze besluiten ongegrond wordt verklaard. We onderscheiden hierbij besluiten op vergunningaanvragen, meldingen en handhavingsbesluiten. ✓ Het percentage invorderingsbesluiten van verbeurde dwangsommen. Norm = min. 95% Wanneer een dwangsom wordt verbeurd moet hier gevolg aan gegeven worden door ook daadwerkelijk over te gaan tot invordering daarvan.

✓ Het percentage klanten dat tevreden is over de dienstverlening. Norm = min. 90% We werken klantgericht en vinden het belangrijk dat klanten tevreden zijn over de dienstverlening ongeacht of men het eens is met ons besluit. In 2025 ontwikkelen en implementeren we een systematische werkwijze voor het monitoren van onze dienstverlening, zodat we voortdurend inzicht hebben in de ervaringen en tevredenheid over onze dienstverlening. ✓ Monitoring prestaties focuspunten Om de prestaties op de focuspunten uit ons programma te monitoren hanteren we per focuspunt een aantal prestatie indicatoren. Deze zijn opgenomen bij de beschrijving van deze focuspunten in het uitvoeringsprogramma.

3

Bijlage 2

Capaciteitsraming

20

4

Bijlage 3

Toetsmatrix In de toetsmatrix is de uitvoeringsstrategie vertaald naar een toetsniveau per paragraaf van het Besluit bouwen leefomgeving (bbl) en de functie van het bouwwerk. De toetsmatrix legt de basis voor het uniform en risicogericht toetsen via toetsprotocollen. Deze toetsprotocollen worden middels Rx.Mission geïntegreerd in het werkproces.

5

6

7

Bijlage 4

Toezichtmatrix In deze toezichtmatrix nieuwbouw en verbouw is de handhavingstrategie vertaald naar een toezichtniveau op het Besluit bouwen leefomgeving (bbl) per controlemoment en functie van het bouwwerk. De toezichtmatrix legt de basis voor het uniform en risicogericht toezicht houden via toezichtprotocollen. Deze toezichtsprotocollen worden middels RX-Mission geïntegreerd in het werkproces.

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=cb8eb368-d532-4931-8d53-dfb36b32145c