CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Programma aanpak religieus erfgoed Nijmegen

Besluitronde (raadsvergadering) 1 februari 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: D16 d.d. 13 december 2022 inzake Uitvoeringsprogramma religieus erfgoed13.753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bijlage 2 Samenvatting gesprekken eigenaren religieuze gebouwen, 2de versie 28 maart 2022 Programma aanpak

44

Samenvatting gesprekken eigenaren religieuze gebouwen, 2de versie 28 maart 2022

Religieus Erfgoed Nijmegen

In de maanden november 2021 tot en met februari 2022 is er een inventarisatieronde gemaakt langs dertig religieuze gebouwen in Nijmegen. De selectie van deze gebouwen komt grotendeels overeen met de selectie van de gebouwen uit de Agenda van Religieus Erfgoed 2019. In deze Agenda werden 29 kerkgebouwen benoemd. Bij de inventarisatieronde is hier nog de Eyüp Sultan Moskee aan de vondelstraat aan toegevoegd. Dit is de oudste moskee van Nijmegen en als zodanig ook van belang voor de geschiedschrijving van het religieuze erfgoed in Nijmegen. Het religieuze erfgoed in Nijmegen is veel groter dan de 31 geïnventariseerde gebouwen. Er zijn (herbestemde)kloosters, begraafplaatsen en herbestemde kerken. De inventarisatieronde is gemaakt langs religieuze gebouwen, die gebruikt worden voor religieuze samenkomsten. Bij deze gebouwen is er mogelijk sprake van krimpende gebruikersgroepen en wat kan leiden tot moeilijkheden bij de instandhouding van het de gebouwen. Dit kan in sommige gevallen leiden tot het opheffen van de religieuze functie. Bij ander religieus erfgoed zoals kloosters, kapellen, begraafplaatsen en herbestemde kerkgebouwen speelt de problematiek van een mogelijke problematische instandhouding veel minder of niet.

Bij de inventarisatieronde zijn met de eigenaren van deze gebouwen en vaak ook met vertegenwoordigers van de lokale religieuze organisaties gesprekken gevoerd over het gebouw en de geloofsgenootschap. Onderwerpen die hierbij aanbod kwamen, hadden enerzijds betrekking op het gebouw. Hoe gaat het met het onderhoud, de exploitatie, zijn er plannen voor verduurzaming en dergelijke. Anderzijds hadden de vragen betrekking op het religieuze- en niet religieuze gebruik van het gebouw. Welke activiteiten vinden er plaats, welke doelgroepen worden er bedient en hoe functioneert de gemeenschap? Hierbij is ook gekeken in hoeverre het gebouw een sociaal-maatschappelijke waarde heeft voor de buurt of de stad. Uit de gesprekken blijkt dat het landschap van religieuze gebouwen heel erg divers is. Van deze dertig religieuze gebouwen heeft bijna twee-derde een monumentenstatus. Er

zijn tien rijksmonumenten en acht gemeentelijke monumenten. De meeste monumenten bevinden zich in en om het centrum de overige gebouwen bevinden zich veelal in de naoorlogse wijken en zijn van jongere datum. Niet verwonderlijk is dat de Rooms Katholieke kerken in de meerderheid zijn. Bijna de helft van de dertig religieuze gebouwen behoort toe aan een Rooms Katholieke parochie. Dit houdt niet in dat in deze gebouwen enkel Rooms Katholieke missen worden gehouden. In sommige kerken zoals in de Goede Herderkerk in Neerbosch-Oost worden naast Katholieke missen ook diensten van de Pinkstergemeente gehouden, in de Dominicuskerk vieren de Oud-Katholieken op zaterdagavond, daarnaast biedt de Katholieke Kruiskerk bijvoorbeeld ook ruimte aan de Anglicaanse kerk. Het medegebruik door andere geloofsgemeenschappen is ook bij de niet-katholieke christenen geen uitzondering. Er zijn verschillende kerkgebouwen waar op zondag twee diensten zijn van verschillende christelijke stromingen. In de Boskapel zijn naast de diensten van de Vrijgemaakt Hervormde gemeenschap (eigenaar van het kerkgebouw), ook diensten van een gereformeerde gemeenschap. In het gebouw het Apostolische Genootschap wordt na de dienst op zondagochtend plaats gemaakt voor een pinkstergemeente.

In de Byzantijnse kerk wisselen de Russische- en Grieks orthodoxe gemeenschap elkaar af, elke gemeenschap organiseert er om de zondag een dienst. Verder zijn er nog diverse immigrantenkerken die met enige regelmaat gebruik maken van één van de verschillende kerkgebouwen. Elke zondag zijn er Eritrese missen in de Antonius van Paduakerk. De Agneskerk in Lindenholt wordt enkele keren per jaar gebruikt door de landelijke Vietnameese parochie. Sinds de jaren ’80 zijn er in de Agneskerk in Lindenholt een groot aantal Vietnamesen lid van de kerkgemeenschap. Ook een kleine Poolse Parochie houdt maandelijks een viering in de Agnes kerk. In Lent is in de Maria Geboorte kerk maandelijks een Indonesische dienst. Al met al is er sprake van circa 40 verschillende kerkgenootschappen die momenteel actief zijn in deze 31 religieuze gebouwen. Er is ook een groot verschil in de omvang en de veerkracht van de verschillende geloofs-

gemeenschappen. Over het algemeen is het zo dat met name de traditionelere katholieke en in iets mindere mate ook de traditionele protestantse kerken te maken hebben met een gestage krimp en een flinke vergrijzing. Dit heeft een grote weerslag op de veerkracht van de gemeenschappen. Grote monumentale kerkgebouwen waar in vroeger tijden honderden mensen kwamen, trekken nu op zondag meestal nog maar enkele tientallen oudere bezoekers. Corona heeft ervoor gezorgd dat de afname van het kerkbezoek verder is versneld. In een groot rijksmonument zoals de Antonius Abt aan de Dennenweg komen op zondag gemiddeld 25 mensen naar de dienst. Tegen deze stroom van ontkerkelijking in, zijn er enkele, meer fundamentelere geloofsgemeenschappen die in de afgelopen jaren wel stabiel zijn gebleven of zelfs zijn gegroeid en wekelijks honderden gelovigen binnen hun muren verwelkomen. Voorbeelden van deze uitzonderingen zijn de Emmanuel-gemeenschap in de Mariageboortekerk van de Sint Stefanus parochie in Nijmegen. Deze gemeenschap heeft dagelijks diensten, en slaagt er wekelijks in om de kerk op zondagochtend te vullen met veel gezinnen en jongeren uit de regio. Ook de moskee aan de Vondelstraat is tijdens het vrijdaggebed helemaal vol. Zij biedt dan plaats aan 300 tot 400 personen. Het is dan ook niet vreemd dat deze gemeenschap bezig is met nieuwbouw.

Een ander voorbeeld is de evangelische gemeenschap De Deur in de voormalige Pauluskerk aan de Einsteinweg. Ook hier is het kerkgebouw goed bezet op zondag. Ook de Studentenkerk op het terrein van de universiteitscampus floreert, vele buitenlandse studenten weten de weg te vinden en voelen zich er thuis bij een van de verschillende christelijke stromingen in dit kerkgebouw. De hierboven genoemde geloofsgemeenschappen zijn uitzonderingen in een religieus landschap dat gestaag aan populariteit inboet. De meeste religieuze gemeenschappen worden overeind gehouden door vrijwilligers. Vrijwilligers zijn onontbeerlijk bij het functioneren van de geloofsgemeenschappen en het onderhouden van de religieuze gebouwen. Zij verzorgen veel religieuze taken o.a.

Bijlage 2 Naast de hierboven genoemde activiteiten die gericht zijn op kwetsbare medemensen, is een aantal religieuze gemeenschappen ook belangrijk voor de sociaal-maatschappelijkeen culturele infrastructuur omdat zij ruimten beschikbaar stellen of goedkoop verhuren. Hierbij kan worden gedacht aan het dorpshuis De Open Hof. Deze gemeenschapsvoorziening is in eigendom van de hervormde kerk in Lent. De Antonius van Padua kerk heeft een prachtige parochiezaal die wordt gebruik voor kleine voorstellingen en repetities. Verder vinden er met grote regelmaat concerten plaats in de verschillende kerken. Met name de Lutherse kerk en ook de Petruskerk in Hees zijn bekend om de klassieke optredens. Een buitencategorie hierbij is De Stevenskerk. Deze kerk is op geen enkele wijze te vergelijken met de andere religieuze gebouwen in Nijmegen. Dit icoon van de stad is in de eerste plaats een gebouw voor cultuur, erfgoed en kunsten. De religieuze functie is bij de Stevenskerk van ondergeschikt belang en in sommige gevallen zelfs lastig te verenigen met de evenementen die er plaats vinden. De rondgang langs de religieuze gebouwen laat een heel divers landschap laat zien. Om het geheel overzichtelijker te maken zijn de gebouwen onderverdeeld in vier verschillende categorieën om meer inzicht te geven in de problematiek rondom het behoud van het religieuze erfgoed. a.

De eerste categorie betreft de religieuze gebouwen waarbij het huidig gebruik wordt voorgezet. Het is de verwachting van de meeste gemeenschappen dat hun gebouw over een jaar of vijf nog steeds dezelfde functie heeft. Veelal gaat het hier over geloofsgemeenschappen die over één gebouw in Nijmegen beschikken. Hierbij hebben we het onder andere over De kerk van Nazerder, Nieuw Apostolische Kerk, de Synagoge, de Do-Re-kerk, Het Apostolische Genootschap, De Boskapel, De Deur, De Titus Brandsma Memorial, de Studentenkerk en de Hervormde Kerk in Lent. b. Een tweede categorie zijn de twee grote katholieke Parochies in Nijmegen, de Sint Stefanus en de Heilige Drie Eenheid. Deze twee parochies bezitten gezamenlijk elf kerken in de gemeente Nijmegen, verreweg de meeste van deze kerken zijn monumentaal en in sommige gevallen enorm groot. Deze twee parochies geven aan dat zij het aantal in gebruik zijnde kerkgebouwen zullen gaan verminderen in de komende jaren. Het is de verwachting dat een of enkele kerken aan de eredienst zal/ zullen worden onttrokken. Welke kerken

dat zijn, is voor een groot gedeelte nog ongewis. Beide parochies geven aan dat zij met veel zorgvuldigheid een proces tot een mogelijke kerksluiting willen doorlopen. Omdat in februari 2022 bekend werd dat de Lourdes kerk in Hatert mogelijk wordt gesloten zijn er momenteel tien kerken inde deze categorie. c. Er zijn vier religieuze gebouwen die al zijn verkocht of binnenkort mogelijk verkocht worden door de religieuze instelling. Dat kan tot een herbestemming leiden of een overname door de lokale geloofsgemeenschap. In het geval van de Lutherse aan de Prins Hendrikstraat in Nijmegen Oost gaat het mogelijk om een overname door de lokale geloofsgemeenschap. Deze kerk is in eigendom van de Evangelisch Lutherse gemeente Zuid Nederland. Deze gemeente heeft aangegeven dat zij hun kerk in Nijmegen uit de hand wil doen omdat het gebouw niet meer op de balans van de kerkelijke gemeente mag staan. Er is een stichting Lutherse Kerk Nijmegen opgericht die het gebouw graag wil overnemen en het gebouw omwille van de kerkelijke gemeenschap en ten bate van de samenleving wil exploiteren en in stand houden. Verder is er de Eyüp Sultan Moskee Moskee aan de Vondelstraat. Deze gemeenschap is bezig met nieuwbouwplannen aan het Jonkerbos. Als de nieuwe moskee is opgeleverd, zal de oude worden verkocht om waarschijnlijk plaats te maken voor woningen.

Daarnaast werd eind februari werd bekend dat de parochie de Heilige Drie Eenheid bij het bisdom de Lourdeskerk in Hatert heeft voorgedragen om deze te ontrekken uit de eredienst. Dit houdt in dat de kans heel groot is dat dit kerkgebouw een andere functie krijgt. Tenslotte is er in Hees nog de voormalige Petruskerk. Deze behoorde tot vorig jaar tot de protestantse kerk, maar is verkocht aan een vastgoedontwikkelaar. Dit gebouw wordt nu verhuurd aan verschillende kerkgenootschappen en ook gebruikt voor concerten. d. Buiten deze drie hierboven genoemde categorieën is er nog de bekendste kerk van Nijmegen, de Stevenskerk. Dit kerkgebouw is herbestemd tot een ‘podium voor de stad’ en heeft een voornamelijk culturele en sociale functie, waarbij de religieuze functie van ondergeschikt belang is. De Stevenskerk wordt het komend jaar verbouwd om nog aantrekkelijker te worden voor het publiek.

Programma aanpak

als voorganger en voeren ook vele taken uit die te maken hebben met het beheer van het gebouw en het organiseren van activiteiten voor de geloofsgemeenschap. Vaak zijn er meer vrijwilligers betrokken bij een kerkgemeenschap dan het aantal bezoekers op een gemiddelde zondag. Naast de activiteiten die noodzakelijk zijn om de religieuze diensten te kunnen uitvoeren en het gebouw in stand te kunnen houden, zijn vrijwilligers ook vaak bezig met het omzien naar andere geloofsgenoten. Vanuit een levensovertuiging, die veelal religieus is geïnspireerd, worden er allerlei activiteiten opgezet om het welzijn van de medemens te bevorderen. Bij de meeste geloofsgemeenschappen zijn er informele of formele samenwerkingen waarbij actief oudere en/of eenzame geloofsgenoten worden bezocht of worden er voor deze doelgroep activiteiten worden georganiseerd. Het vrijwilligerswerk is voor veelal oudere gelovigen een belangrijke en zinvolle tijdsbesteding die ervoor zorgt dat sociale verbanden ontstaan en versterkt worden. In het algemeen bieden de geloofsgemeenschappen voor mensen een sterk sociaal verband. Gelijkgestemden komen elkaar regelmatig (vaak wekelijks) tegen en de geloofsgemeenschappen zorgen voor generatie overstijgende sociale contacten die vaak tientallen jaren bestaan.

Bij de jongere migrantenkerken bieden de geloofsgemeenschappen verder nog een sociale structuur waarin nieuwkomers in Nijmegen kunnen worden opgenomen. Voorbeelden hiervan zijn de Eritrese kerk die samenkomt in de Antonius van Padua kerk of de Moskee aan de Vondelstraat. Sommige geloofsgemeenschappen hebben een sterke oriëntatie op kwetsbare medemensen en zijn ook sociaal-maatschappelijk actief buiten hun directe achterban. Een voorbeeld hiervan is de Ontmoetingskerk in Dukenburg. Deze kerk heeft zich in de afgelopen jaren doorontwikkeld tot een kerk met een buurthuisfunctie. Ook de Antonius van Paduakerk organiseert veel maatschappelijke projecten voor onder andere straatmensen, stichting Gast en de Voedselbank. Verder timmert ook de Effatagemeenschap/Dominicuskerk wat dat betreft aardig aan de weg met onder andere een wekelijkes aanwezigheid op STIP Oost. De kerk van Nazarener is ook erg maatschappelijk betrokken. Zij heeft een uitgiftepunt voor de voedselbank en ondersteunt een inloophuis voor studenten in de binnenstad. Om al deze sociaal-maatschappelijke activiteiten mogelijk te maken beschikken deze geloofsgemeenschappen over vele tientallen vrijwilligers die wekelijks actief zijn. Daarnaast zijn deze organisaties vaak ook in staat om fondsen te werven.

45

46

Religieus Erfgoed Nijmegen

Bijlage 3

47

Bijlage 3 Proces

Programma aanpak

Ten behoeve van het overleg met de wethouder zijn conceptaanbevelingen opgesteld. Hierna zijn de aanbevelingen op punten aangevuld en daarna is het conceptdocument toegestuurd aan alle eigenaren/beheerders die deelgenomen hebben aan de inventarisatieronde. Op 24 februari is in de Boskapel een presentatie gegeven aan de aanwezige deelnemers over de paspoorten van de religieuze gebouwen en de concept-aanbevelingen. De wethouder was hierbij aanwezig. De beide presentaties gaven aanleiding voor een levendige discussie en leverde ook waardevolle aanvullingen op voor de definitieve versie van het rapport Bouwstenen. Ook is een beknopte versie van de Routekaart Aanpak Religieus Erfgoed Nijmegen gepresenteerd. In deze routekaart zullen alle stappen en acties worden ingedeeld in korte, middellange en lange termijn; indien mogelijke zullen de bijbehorende financiële consequenties worden aangegeven.

48

Religieus Erfgoed Nijmegen

49

Bijlage 4 Gemeentelijke, provinciale en rijksregelingen Programma aanpak

50

Gemeentelijke, provinciale en rijksregelingen Gemeente Nijmegen

Religieus Erfgoed Nijmegen

De gemeente had in het verleden wel een subsidieregeling voor onderhoud en restauratie van monumenten, maar op dit moment zijn hier geen gemeentelijke mogelijkheden voor. Wellicht dat dit in de toekomst weer mogelijk wordt, als er weer budget beschikbaar wordt gesteld. Aangezien de gemeente geen geld beschikbaar stelt voor onderhoud en restauratie van gemeentelijke monumenten, is er ook geen aanvullend provinciaal subsidie mogelijk. Voor die gemeenten die zelf gemeentelijke monumenten subsidieert, stelt de provincie een op het gemeentelijk budget afgestemd provinciaal budget beschikbaar. De uitvoering van de subsidiering wordt bij de gemeente gelegd. Reden waarom het opnieuw instellen van een gemeentelijke subsidieregeling van groot belang is. Provinciale regelingen (Bron: Bouwstenen voor de Gelderse aanpak van religieus erfgoed, juni 2021) In de provinciale beleidsperiode 2017-2019 (en daarvoor) konden monumenteigenaren gebruikmaken van verschillende financiële regelingen voor restauratie, herbestemming of verduurzaming van hun (religieuze) monument, of voor onderzoek daarnaar. Ook was er een co-financieringsregeling voor restauratie en onderhoud van gemeentelijke monumenten. Bij het maken van keuzes richtte de provincie zich jaren op behoud van het Gelders DNA.

Gelderland was bijvoorbeeld één van de eerste provincies die in de jaren tachtig van de vorige eeuw provinciale streekplannen inzette voor behoud van cultuurhistorisch erfgoed en landschappelijk waardevolle gebiedskenmerken en structuren. Voor de periode 2020-2024 koos de provincie echter voor een nieuwe aanpak, met focus op restauratie, herstemming en een energieaanpak, zonder focus op specifieke categorieën erfgoed. Overigens wordt een deel van het beleid uit voorgaande jaren en bijbehorende instrumenten (leningen, de

cofinancieringsregeling gemeenten, onderhoud molens en samenwerking) voortgezet. De nieuwe provinciale aanpak stelt de ruimtelijke en/of maatschappelijke opgave bij instandhouding van erfgoed centraal en niet het instrumentarium of de financiën. De provincie wil partijen vroegtijdig betrekken bij projecten en vooral samen kijken hoe erfgoed behouden kan blijven. Er is geen specifiek provinciaal religieus erfgoedbeleid. Wel ondersteunt de provincie de Stichting Oude Gelderse Kerken bij uitbreiding en professionalisering, zodat die eigenaren van kerkgebouwen (die niet in eigendom zijn van de stichting) en vrijwilligers nog beter kan ondersteunen. Voor leningen stelt de provincie extra geld beschikbaar via het Nationaal Restauratiefonds. Ook is er de subsidieregeling ‘Functioneel gebruik erfgoed’, waarvoor projecten in aanmerking komen zonder sluitende exploitatie of een rendabel verdienmodel. Voor omvangrijke, complexe of zeer bijzondere projecten, kan een voorstel voor een subsidiegrondslag gedaan worden aan Provinciale Staten, maar dit gebeurt alleen in uitzonderlijke situaties. Wellicht dat de Stevenskerk hiervoor in aanmerking zou kunnen komen. Religieus erfgoed heeft zéker een sterke verbondenheid met het Programma Leefbaarheid.

Vanuit het gelijknamige programma versterkt de provincie de sociale verbondenheid in (kwetsbare) dorpen, wijken en buurten en werkt aan kennis, ondersteuning van initiatieven en ontmoetingsplekken, dorpendeals en inclusie. Kerken zijn belangrijke ontmoetingsplekken en ‘ankers’ in dorpen en steden en kunnen maatschappelijk een belangrijk rol blijven spelen door nevengebruik of herbestemming. Denk aan allerlei gemeenschapsvoorzieningen die een plek kunnen krijgen in een kerkgebouw. Naast hun maatschappelijke (en natuurlijk religieuze) betekenis, zijn kerkgebouwen ook stedenbouwkundig bepalend voor de leefomgeving. Samenwerkingsverband Cultuurhistorie Gelderland en de Leefbaarheidsalliantie Gelderland – dat het Programma Leefbaarheid mede uitvoert – werken sinds kort

samen. Zij organiseren samen bijeenkomsten voor gemeenten en andere stakeholders over religieus erfgoed en het opstellen van een gemeentelijke kerkenvisie. Deze samenwerking kan uitgebouwd worden zodat een netwerkstructuur ontstaat voor (herbestemming van) religieus erfgoed in Gelderland. Het gebiedsgerichte Programma SteenGoed Benutten richt zich op de aanpak van (dreigende) leegstand op beeldbepalende locaties in Gelderland met ‘maatschappelijke impact’. De transformatie van leegstaand vastgoed moet het gebied mooier, leefbaarder, economisch aantrekkelijker of beter functionerend maken en kan ook prima worden ingezet voor kerken. Rijksregelingen De Subsidieregeling Instandhouding Monumenten (SIM) is op bepaalde categorieën rijksmonumenten van toepassing, waaronder religieuze gebouwen. De minister kan jaarlijks aan de eigenaar van een rijksmonument of zelfstandig onderdeel op aanvraag voor een periode van zes kalenderjaren subsidie voor het normale onderhoud van dat monument verstrekken. Eigenaren van kerkgebouwen kunnen een beroep doen op de SIM als de kerk in de zesjarige onderhoudsperiode een religieuze of andere functie heeft. Ook voor onderhoud van orgels, beiaarden, luidklokken en uurwerken met voldoende monumentale waarde kunnen eigenaren instandhoudingssubsidie aanvragen.

Het Rijk heeft ook geld voor restauraties van rijksmonumenten, maar dit bedrag is versleuteld over de provincies en wordt ook door de provincies toegekend aan de restauraties in de desbetreffende provincie. De opzet van deze decentralisatie was dat de provincies het hen toegekende bedrag zouden verdubbelen om zo meer restauraties te kunnen subsidiëren. In het geval van Gelderland is het bedrag meer dan verdubbeld. Aanvragen voor restauraties van kerkgebouwen in Nijmegen dienen dan ook bij de provincie Gelderland te worden aangevraagd.

Bijlage 4

51

Het Rijk heeft ook een subsidieregeling voor het uitvoeren van Haalbaarheidsonderzoeken voor Neven- en herbestemming van religieus erfgoed. Hierbij kan ook een verduurzamingsonderzoek worden uitgevoerd, inclusief energiescans etc. Wanneer een dergelijk onderzoek wordt uitgevoerd, kan ook een wind- en waterdichtsubsidie worden aangevraagd. Belangrijk is wel dat na het uitvoeren van een dergelijk onderzoek de eigenaren worden geholpen bij de uitvoering van de aanbevelingen van deze onderzoeken. De gemeente kan hierbij een rol spelen.

Programma aanpak

Nationaal Restauratie Fonds (NRF) Het NRF kent een aantal laagrentende financieringsregelingen ten behoeve van onderhoud, restauratie en verduurzaming van zowel gemeentelijke als rijksmonumenten. Verder kent het NRF de kerkennevenregeling voor het aanbrengen van faciliteiten ten behoeve van nevenfuncties in het religieuze gebouw. Deze regeling geldt uitsluitend voor rijksmonumentale kerken. Het Gelders Cultuurfonds kan echter worden ingezet voor de religieuze gebouwen op de gemeentelijke monumentenlijst.

52

Religieus Erfgoed Nijmegen

Bijlage 5

53

Bijlage 5 Verduurzamingsopties voor (monumentale) kerken Programma aanpak

54

Verduurzamingsopties voor (monumentale) kerken Nut en haalbaarheid

Religieus Erfgoed Nijmegen

Over het algemeen lijken kerken een groep gebouwen die inherent wat lastiger duurzaam te maken is. Deels is dat waar, ze vergen meer aandacht dan bijvoorbeeld een normale woning of kantoor. Ook moet een eigenaar eerst afwegen of verduurzamen de moeite en het geld waard is. Wordt een kerk slechts sporadisch gebruikt, is geen nevengebruik nodig/gewenst en is het gebouw verder in goede staat, dan zouden vergaande ingrepen misschien niet nodig zijn. Wel is het belangrijk dat de betrokken partijen bij het maken van de afweging op de hoogte zijn van hun opties. Kerken kunnen namelijk wel degelijk goed duurzamer gemaakt worden. Ze vragen alleen een creatieve blik en kennis van monumentenzorg. Om de haalbaarheid en het nut van grotere duurzaamheidsaanpassingen echt goed in te schatten kan een expert een onderzoek, of “quickscan” doen. Voor kleine aanpassingen of voor de hand liggende keuzes kan meteen actie worden ondernomen. Belangrijk is wel dat aanpassingen aan monumenten altijd door deskundige vakmensen worden gedaan.

Definitie van “duurzaamheid” Voordat men echt kan spreken van verduurzamen, is het belangrijk om een duidelijk beeld te hebben van de gewenste invulling van het begrip duurzaamheid. Duurzaamheid zit al in het blijven gebruiken van een gebouw of het hergebruiken van bouwmaterialen. Voor bijzondere gebouwen zoals kerken kan dat op zichzelf een belangrijk uitgangspunt zijn van hun duurzaamheidsstrategie. Breng dat vooral onder woorden, zodat alle betrokken partijen weten waar het doel ligt. Het kan zijn dat hergebruik of bijvoorbeeld een groener erf onmisbaar zijn voor duurzaamheid in de optiek van de één, terwijl de ander puur denkt aan energieverbruik en isoleren. Juist in de samenwerking tussen een breder kijkende kerkeigenaar en een meer technisch georiënteerde adviseur moeten misverstanden worden

voorkomen om een zo goed mogelijk resultaat te krijgen. Hoewel wij de brede invulling van duurzaamheid zeer aanmoedigen, ligt de vraag van veel kerkeigenaren in het vlak van energieverbruik en klimaatbeheersing. De opties in dit document richten daarom vooral op winst op dat gebied. Voor een bredere invulling van duurzaamheid raden wij eigenaars aan om vooral in gesprek te gaan, zelf hun gewenste definitie van duurzaamheid duidelijk maken en acties te ondernemen om die doelen te halen. Wij denken daar graag in mee.

Kieren en dergelijke Kieren en openingen rond deuren en ramen kunnen veel warmte verloren laten gaan. Zonder direct ingrijpend te verbouwen kan daar al wat aan gedaan worden. Denk bijvoorbeeld aan borstels aan de onderkant van deuren om toch tegen te gaan, of tochtstrippen bij de ramen. Let er bij dergelijke aanpassingen wel op dat er voldoende ventilatie mogelijk blijft, desnoods door een raampje open te zetten wanneer de kerk niet gebruikt wordt, maar liever via andere opties. Vraag bij voorkeur een specialist om advies.

Opties

Voor- of achterzetramen Wanneer de ramen van een kerk zo karakteristiek of complex zijn dat ze niet zomaar kunnen worden vervangen door monumentenglas of dun isolatieglas, kunnen voor- of achterzetramen een uitkomst bieden. Door een extra laag te creëren zal minder warmte ontsnappen via de ramen. Wel is het daarbij belangrijk om te zorgen voor enige ventilatie van de tussenruimte. Wanneer vocht ophoopt tussen de twee ramen, kan dat funest zijn voor de (monumentale) kozijnen.

Kleine aanpassingen Met een aantal kleine aanpassingen valt vaak al erg veel te winnen. Zeker in de pastorie of andere ruimten naast de echte kerkzaal kunnen kleine stapjes een groot verschil maken. Denk daarbij aan het vervangen van oude apparaten door zuiniger varianten, apparaten echt uitzetten in plaats van op stand-by en de stekker er uit halen, dikke gordijnen gebruiken voor de ramen en radiatorfolie toepassen om warmteverlies naar buiten te voorkomen. Kijk ook eens of alle verlichting al door led-lampen gebeurt, of dat er oudere lampen hangen die vervangen kunnen worden.

Ramen en deuren Warmteverlies via deuren Via de toegangsdeur kan veel warmte verloren gaan, helemaal wanneer die voor aanvang van een dienst open staat, of er steeds mensen door naar binnen komen. Kijk eens kritisch naar de situatie in uw kerk. Is het mogelijk om een extra warmtesluis tussen de buitendeur en de kerkzaal te maken? Sommige kerkeigenaars kiezen er bijvoorbeeld voor om een glazen pui om de toegang van de kerkzaal te maken. Op die manier zien bezoekers bij binnenkomst direct de pracht van de kerkzaal, maar gaat veel minder warmte verloren.

Raamfolie De laatste jaren is raamfolie volop in ontwikkeling. Folie kan aan de binnen- of buitenkant van een raam worden geplakt, om zo flink wat warmteverlies te voorkomen. Het kan daarmee een goed alternatief zijn voor het aanbrengen van monumentenglas, zeker op de kortere termijn. Voor de keuze voor raamfolie kan het beste eerst een stukje uitgetest worden, om te controleren of de kleur en spiegeling passend is in het geheel.

Verwarming Verwarmingsopties kerkzaal Een kerkzaal is op verschillende manieren te verwarmen, waarbij de ideale optie per situatie verschilt. Bij een grotere ruimte werkt verwarming immers anders dan bij een kleinere ruimte, en ook de verhoudingen spelen een rol bij de luchtbewegingen. Naast de bekende luchtverwarming en radiatoren, die beide het meest geschikt zijn voor kleinere kerken (tot tweehonderd zitplaatsen), zijn er enkele

Bijlage 5 andere verwarmingsopties. De twee daarvan die het meest geschikt zijn voor kerkzalen zijn infraroodverwarming en lokale verwarming. Beide richten meer op het opwarmen van de specifieke bezoekers dan van de hele ruimte. Bij lokale verwarming kunt u denken aan verwarmde banken of kussens en/of voetverwarming. Infraroodverwarming werkt via straling die alleen dat wat in “zicht” is van de panelen opwarmt. Infraroodverwarming werkt elektrisch en is dus ook te combineren met een overstap van het gas af. Uit een onderzoek van een adviesbureau is gebleken dat lokale verwarming (voeten of banken) vaak de meest duurzame, voordelige en comfortabele optie is. Daarna volgen luchtverwarming en infraroodverwarming. Radiatoren en convectoren worden daar als minst geschikt geachte, in elk geval voor oudere kerkgebouwen.

Omgaan met koudeval Bij de ramen en buitenmuren verliest een kerkgebouw het snelst zijn warmte. Er ontstaat dan de zogenaamde “koudeval”. Enerzijds kunt u proberen het warmteverlies te beperken, maar anderzijds is het ook aan te raden om er omheen te werken. Wanneer u weet dat de buitenste meters van uw kerkzaal als onprettig koud ervaren worden, kunt u daar op inspelen door de banken of stoelen een eindje van de muur te plaatsen. Wanneer dat niet voldoende blijkt te zijn, kunt u luchtverwarming of convectoren langs de wanden plaatsen om de lokale kou tegen te gaan. Die kunt u gericht aan- of uitschakelen wanneer daar vraag naar is.

Isolatie In een simpele situatie is het vasthouden van warmte een geweldige manier om minder te hoeven verwarmen. Hoewel een

Leidingen isoleren Blootliggende leidingen kunnen onnodig veel warmte verliezen. Omdat daar makkelijk iets aan is te doen, is het zonde dat verlies te laten doorgaan. Gewelfisolatie Via de gewelven kan veel warmte verloren gaan, en het isoleren ervan is een lastig project. Toch zijn er inmiddels verschillende voorbeelden van goed geslaagde isolatie van de gewelven. Daarbij is het vooral belangrijk dat een ademend isolatiemateriaal wordt gebruikt en eventueel stofwering wordt toegevoegd om de isolatielaag in goede staat te houden. Isoleren kan aan de onder- of bovenkant van de gewelven, of in de ruimte tussen het gewelf en de kap. Mocht gewelfisolatie mogelijk zijn, dan is dat vaak effectiever dan dakisolatie. Vraag wel altijd deskundig advies. Dakisolatie In de meeste kerkgebouwen gaat de meeste warmte via het dak verloren. U kunt dat tegengaan door de gewelven te isoleren, zoals hierboven vermeld. Maar als die er niet zijn, of dat niet mogelijk is, kan dakisolatie een optie zijn. Isolatie van het dak is helaas altijd zichtbaar, ofwel aan de buitenkant door ophoging van het dak (en daarmee minder goede aansluitingen bij nok en dakgoten) of aan de binnenkant waar de originele dakconstructie verborgen wordt. Afhankelijk van eventuele monumentwaarde van uw gebouw kan de ene optie beter geschikt zijn dan de andere.

Let er bij dakisolatie tevens op dat de aangebrachte materialen voldoende ademend zijn en de vochtregulatie aan boven- en onderkant klopt. Isolerende verf Wanneer traditionele isolatie in of op de muren niet mogelijk is, kan isolerende verf een uitkomst bieden. Isolerende verf voor binnen weerkaatst een deel van de warmte, waarmee het de stookkosten omlaag brengt. Daarbij helpt het met de vochtregulatie van muren, waardoor uw monument kan blijven ademen en de isolatiewaarde van de muur toeneemt. Isolerende verf voor buiten heeft via die vochtregulatie ook al een zeer nuttige werking.

Vloerisolatie (met vloerverwarming) In veel monumentale kerken zal vloerisolatie niet mogelijk zijn zonder het karakteristieke interieur aan te tasten. Soms kan het echter wel, bijvoorbeeld in nieuwere kerken of in gebouwen waar de vloer geen specifieke monumentwaarde heeft. Wanneer vloerisolatie mogelijk is, is het het overwegen waard om meteen ook vloerverwarming en lage termpartuur-verwarming aan te leggen.

Energie opwekken Behalve energie te besparen, kunt u overwegen zelf energie op te wekken. U kunt de opgewekte energie zelf gebruiken, of terugleveren aan het elektriciteitsnet. Energieopwekking kan bij niet-monumentale gebouwen door zonnepanelen op het dak, maar ook bijvoorbeeld via panelen op bijgebouwen of de grond. Eventueel kunt u ook met een buurtvereniging de handen ineen slaan om samen een aantal zonnepanelen te plaatsen.

Programma aanpak

Bewust verwarmen Praktijkonderzoek bij een groep kerken in de gemeente Ede heeft aangetoond dat de basistemperatuur van de kerk veel uitmaakt voor het totale gasverbruik voor het pand. Welke strategie daarbij het handigst is, hangt af van het gebruik van het gebouw. Wordt de kerk slechts een of twee keer per week voor een dienst gebruikt, dan kunt u beter voor een lagere basistemperatuur kiezen, van bijvoorbeeld tien of elf graden Celsius. Zo’n lagere temperatuur zorgt bovendien voor een prettiger luchtvochtigheid. Wordt de kerk bijna dagelijks gebruikt, dan kost opwarmen vanaf een lage temperatuur zoveel energie, dat een wat hogere basiswarmte handiger is. Uiteraard brengt dat ook een hoger energieverbruik met zich mee.

kerkgebouw vaak wat lastiger te isoleren is dan een nieuw, “gewoon” gebouw, zijn er soms toch mogelijkheden. Neem daarbij altijd de gebouwwaarde in overweging en schakel een gespecialiseerde partij in voor u aanpassingen aan het gebouw doet.

55

Routekaart aanpak Gelders Genootschap Is een onafhankelijke adviesorganisatie voor ruimtelijke kwaliteit. Kenmerkend is de integrale benadering van architectuur, stedenbouw, cultuurhistorie, archeologie en landschapsarchitectuur. Gelders Genootschap is in 1919 opgericht als vereniging van Gelderse gemeenten en bevordert sindsdien consequent de schoonheid van stad en land. Opdrachtgevers zijn gemeenten en ook andere overheden en organisaties. De ISO 9001:2015 gecertificeerde organisatie geldt als expertisecentrum voor ruimtelijke kwaliteit.

Spectrum Samen leven wordt zoveel mooier als iedereen meedoet, meedenkt en meebeslist: inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemingen en gemeentebesturen. Elke partij brengt een ander perspectief in, vertelt een eigen verhaal. Spectrum helpt die werelden bij elkaar te brengen en verschillen te overbruggen. Wanneer Spectrum ingeschakeld wordt bij het oplossen van een maatschappelijk vraagstuk, zetten we de inwoners voorop. Niet omdat zij de waarheid in pacht hebben, maar omdat zij deel zijn van een duurzame oplossing. Wij zorgen dat hun belangen meewegen, zonder belangenbehartiger te zijn. Als onafhankelijke begeleiders weten we uit ervaring dat een duurzame oplossing meestal in het midden ligt. Met onze aanpak helpen wij die oplossing te bereiken. Wij noemen dit werken vanuit de piramide.

Ontwerp www.studio026.nl

Religieus Erfgoed Nijmegen

Ontwerp www.studio026.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=5af26ea7-17bf-4722-be53-4254be3a7228