CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Preventie- en handhavingsaanpak cannabis

Besluitronde (raadsvergadering) 11 september 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Coffeeshopbeleid 20244.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Preventie- en handhavingsaanpak cannabis in het kader van het Experiment gesloten coffeeshopketen

Gemeente Nijmegen Periode 17 juni 2024 tot en met 17 juni 2028

Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan

Inleiding 1. Cannabisgebruik in Nijmegen en in Nederland 2. Wat willen we bereiken? 2.1 Beleidsfocus 2.2 Prioriteiten voor preventie en handhaving tijdens het experiment 2.3 Doelstellingen voor preventie 2.4 Uitgangspunten voor lokaal beleid 3 Activiteiten 3.1 Regelgeving, toezicht en handhaving 3.1.1 Regelgeving landelijke kaders 3.1.2 Lokale regels 3.1.3 Toezicht en handhaving 3.2 Preventie in de coffeeshop 4 Samenwerking, uitvoering en evaluatie 4.1 Samenwerking en uitvoering 4.2 Evaluatie Bijlage 1. Experiment gesloten coffeeshopketen Bijlage 2. Overige inzet preventie verslavingszorg

2 3 5 5 5 5 5 7 7 7 8 8 9 10 10 12 13 14

1

Inleiding De Preventie- en handhavingsaanpak cannabis beschrijft de maatregelen die genomen zijn om gezondheids- en veiligheidsproblemen te voorkomen aan de kant van verkoop en gebruik van cannabis gedurende het Experiment gesloten coffeeshopketen. De gemeente is de regievoerder van het lokale cannabisbeleid. Om resultaat te bereiken zijn echter niet alleen inspanningen van de gemeente nodig maar wordt tevens een bijdrage gevraagd van: coffeeshophouders, jongerenwerk, zorgpartijen, toezichthouders en politie. Daarom betrekt de gemeente deze partijen bij de beleidsontwikkeling en de uitvoering. Gezamenlijk voelen we ons verantwoordelijk en zetten we ons in voor een gezonde en veilige gemeente waarin zo weinig mogelijk mensen beginnen met het gebruiken van cannabis, en er een goed vangnet is voor mensen die in de problemen komen door hun cannabisgebruik. De impact van deelname aan het Experiment gesloten coffeeshopketen op gebruik en handel is nog ongewis. Om een vinger aan de pols te houden versterken wij onze inzet op preventie en handhaving gedurende het experiment. We controleren de (extra) regels die voor coffeeshops gelden en ondersteunen de verplichte deskundigheidsbevordering van coffeeshoppersoneel. We komen twee keer per jaar met de betrokken partners, ook met buurgemeenten, bij elkaar om de belangrijkste ontwikkelingen te bespreken en zo nodig het plan bij te stellen.

Dit plan gaat niet over de productie en levering en de strafrechtelijke kant van het experiment. Dat is belegd bij de lokale driehoek en landelijke partijen die belast zijn met opsporing en handhaving. Via de landelijke en lokale werkgroepen rond het experiment blijven wij op de hoogte van ontwikkelingen en eventuele knelpunten. Een nadere omschrijving van de inhoud van het experiment vindt u in bijlage 1. Van de overige inzet op verslavingspreventie binnen onze gemeente vindt u een overzicht in bijlage 2.

2

1. Cannabisgebruik in Nijmegen en in Nederland In deze paragraaf schetsen we aan de hand van cijfers en informatie uit onderzoeken een beeld van het cannabisgebruik en de problemen die daar mee samenhangen. Ook geven we een beschrijving van de gebruiker en de coffeeshopbezoekers zo wel landelijk als in onze gemeente (voor zover bekend). Deze gegevens zijn verkregen uit onderzoeken waarbij de methoden echter verschillend zijn dus het gaat niet om een echte vergelijking maar om een indicatie van hoe de lokale situatie verschilt van de rest van Nederland.

Wat is cannabis Cannabis is de verzamelnaam voor producten van de cannabisplant, de cannabis sativa. Hasj (geperst) en wiet (gedroogde bloemtoppen) zijn de meest voorkomende vormen. Meestal wordt cannabis gerookt in een zelf gedraaide sigaret (deze wordt vaak ‘joint’ genoemd, of in straattaal ‘jonko’) maar het kan ook via een waterpijp geïnhaleerd worden of verwerkt in eetbare producten als cake en koekjes. Gebruikers voelen zich meer ontspannen, worden loom en verliezen een beetje het contact met de realiteit. Cannabis kan echter ook onbedoelde effecten hebben en leiden tot misselijkheid, draaierigheid en soms tot verwarring en angstige gevoelens. Cannabisgebruik heeft gevolgen voor het reactievermogen en het geheugen en kan psychoses uitlokken bij personen die hiervoor gevoeligheid hebben. Daarnaast zijn er fysieke risico’s voor de langere termijn: er kunnen klachten aan de ademhalingsorganen en hart- en vaatziekten ontstaan (Möhle et al., 2018). Ook kan gebruik een gewoonte worden en leiden tot riskant of problematisch gebruik of verslaving. Meer informatie over cannabis en andere drugs is te vinden via Drugsinfo.nl en het kennisdossier Cannabis. Problemen rondom door cannabisgebruik1 Landelijk onderzoek • 8% van de studenten in het hoger onderwijs gebruikt frequent (wekelijks of vaker) cannabis (Dopmeijer, 2021).

Dit gaat vaak samen met minder ervaren positieve gezondheid en psychische problemen. • 22% van de volwassen gebruikers is in 2020 riskant gebruiker. Mannen, mensen met een vmbo of mbo-niveau 1 opleiding en mensen met een (zowel westerse als niet-westerse) migratieachtergrond zijn in de groep riskante gebruikers oververtegenwoordigd (NDM, 2021). • Onder invloed zijn van cannabis heeft een negatieve invloed op de rijvaardigheid (SWOV, 2020) en is dan ook verboden. Recent onderzoek naar het aantal chauffeurs onder invloed is er niet. In 2011 had 2,8% van de onderzochte Nederlandse autobestuurders sporen van drugs in het lichaam. In driekwart van de gevallen ging het om cannabis. De politie maakt de laatste jaren vaker procesverbaal op wegens rijden onder invloed van drugs, van 3800 keer in 2018 naar 5800 keer alleen al in de eerste helft van 2020 (NDM, 2021). Het gaat om verschillende soorten drugs, waaronder cannabis. Er zijn geen recente gegevens/cijfers uit lokaal onderzoek beschikbaar.

1 Er zijn geen eenduidige definities van riskant/problematisch cannabisgebruik. Een indicatie van het

problematisch cannabisgebruik geeft de Cannabis Abuse Screening Test (CAST), een veelgebruikte korte vragenlijst om riskant gebruik te meten (NDM 2021) . Van riskant gebruik spreekt de CAST als twee van de volgende factoren aanwezig zijn: het gebruik vóór de middag, alleen zijn tijdens gebruik, geheugenproblemen, vrienden of familie die aangeven dat je moet stoppen of minderen, stoppogingen, problemen door gebruik (bv ruzie, ongeluk of slechte schoolresultaten).

3

Info Coffeeshops Landelijk onderzoek • Het aantal gedoogde verkooppunten van cannabis (coffeeshops) in Nederland bedroeg eind 2022 565. Sinds 2017 is er een stabiliserende trend zichtbaar. • In 2022 hadden ruim een miljoen volwassenen cannabis gebruikt. Hiermee is cannabis nog altijd de meest gebruikte drug in Nederland. In 2022 ging het om 240 duizend volwassenen die als riskante cannabisgebruikers kunnen worden aangemerkt (1,7%). • De piek ligt onder 18-24-jarigen: een op de vier jongvolwassenen heeft in deze leeftijdsgroep in het afgelopen jaar cannabis gebruikt. Deze cijfers komen uit de jaarlijkse Gezondheidsenquête en de tweejaarlijkse Aanvullende Module Middelen van de Leefstijlmonitor (LSM-A middelen). Beide onderzoeken maken deel uit van de Leefstijlmonitor. Het onderzoek wordt uitgevoerd door het Trimbos-instituut samen met het RIVM en het CBS. Lokaal onderzoek • Op dit moment bedraagt het aantal coffeeshops in Nijmegen 12. Uit het rapport ‘coffeeshops in Nederland’ van Breuer en Intraval van juni 2023 blijkt dat tussen 1999 en 2022 het aantal coffeeshops in Nijmegen gedaald is, van 16 coffeeshops in 1999 naar 12 coffeeshops in 2022. •

-

-

Uit het onderzoek ‘Het coffeeshopbezoek in Nijmegen’ in opdracht van Gemeente Nijmegen van augustus 2008 uitgevoerd door Directie Wijk en Stad, Afdeling Onderzoek en Statistiek, in samenwerking met Intraval, kwam het volgende beeld van de bezoekers aan coffeeshops naar voren: Gemiddelde leeftijd is 29 jaar (varieert tussen de 18-61 jaar, groot deel tussen de 20-25 jaar) De meeste bezoekers hebben betaalde werkzaamheden (betaalde werkzaamheden (62%), een klein deel is student/scholier (17%) en een ander deel zit in de WAO of is werkeloos (10%))) Voor en groot deel van de respondenten is vmbo/mavo (28%) of het mbo (24%) de hoogst voltooide opleiding. Verder heeft een deel van de respondenten Havo/Vwo (14%), het hbo (10%) of een universitaire opleiding (5%) afgerond. De meeste respondenten (56%) zijn (mede)hoofdbewoner van een zelfstandige woning, 27% woont bij ouders en 16% woont op kamers.

4

2. Wat willen we bereiken? In hoofdstuk 1 beschreven we de situatie rond cannabisgebruik en de problemen die daarmee gepaard gaan. In dit hoofdstuk laten we zien wat dit betekent voor onze beleidsfocus voor de komende periode. Aansluitend formuleren we prioriteiten, doelstellingen en uitgangspunten.

2.1 Beleidsfocus De focus van de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis ligt bij: • Het tijdig signaleren van bezoekers die door gebruik in de problemen zijn of dreigen te komen en het aanbieden van en toe leiden naar passende hulp. • Uitvoering geven aan de wet- en regelgeving met betrekking tot preventie in de coffeeshop tijdens het experiment. • Het signaleren van ongewenste neveneffecten van het Experiment gesloten coffeeshopketen.

2.2 Prioriteiten voor preventie en handhaving tijdens het experiment Tijdens het experiment liggen de prioriteiten op de volgen de activiteiten: • Ondersteunen en uitvoering geven aan verplichte deskundigheidsbevordering van coffeeshoppersoneel; • Coffeeshops van voorlichtingsmaterialen voorzien rondom gebruik van cannabis; • Stakeholders2 structureel voorzien van informatie rondom het experiment; • Uitvoering geven aan handhavingsactiviteiten in het kader van dit experiment; • Volgen van ontwikkelingen rondom dit experiment en zo nodig het document Preventie- en handhavingsaanpak cannabis bijstellen.

2.3 Doelstellingen voor preventie Op basis van de beleidsfocus (2.1) en de prioriteiten (2.2) formuleren wij de volgende doelstellingen voor de komende vier jaar. Daarbij realiseren we ons dat eventuele veranderingen door de jaren heen niet altijd toe te schrijven zijn aan de effecten van lokaal beleid. • Bezoekers van de coffeeshops te informeren door foldermateriaal beschikbaar te stellen over de effecten van cannabis. • In de coffeeshops mensen op een laagdrempelige manier informeren (visitekaartje en/of QR-code) hoe en waar men advies of hulp kan krijgen met de preventieafdeling van de instelling voor verslavingszorg. • Een verplichte training voor medewerkers van alle coffeeshops over juiste informatie over cannabisgebruik en de risico’s hiervan, het creëren van een veilig klimaat voor klanten en hoe te handelen in een crisissituatie.

2.4 Uitgangspunten voor lokaal beleid Bij het vormgeven van het cannabisbeleid hanteert de gemeente de volgende uitgangspunten: • Aansluiten bij landelijk beleid wet en regelgeving rondom het experiment Gesloten Coffeeshopketen. • Lokale samenwerking en regie.

Aansluiten bij landelijk beleid 2 In het kader van dit experiment benoemen wij de volgende organisaties als stakeholders: IrisZorg,

Jeugdcoaches en Jongerenwerkers Bindkracht10.

5

Het Nederlands drugsbeleid richt zich op het tegengaan en reduceren van drugsgebruik, zeker voor zover het leidt tot gezondheids- en sociale schade. Daarnaast richt het beleid zich op het voorkomen en verminderen van de schade die aan het gebruik en de productie van de handel in drugs is verbonden. Het ministerie van VWS coördineert het landelijke drugsbeleid, en werkt hierin nauw samen met het ministerie van Justitie en Veiligheid en het ministerie van Buitenlandse Zaken. Met onze Preventie- en handhavingsaanpak cannabis blijven wij binnen de kaders van de uitgangspunten die het ministerie van VWS hanteert bij het vormgeven van zijn beleid (Min VWS, 2015): 1. voorkomen van gebruik; 2. indien er toch wordt gebruikt, voorkomen van gezondheidsschade (acute incidenten, verslaving et cetera); 3. inzetten van vroegsignalering en kortdurende interventies om te voorkomen dat mensen een verslaving ontwikkelen; 4. zorgen voor adequate behandeling van mensen die in de problemen komen door middelengebruik en verslaving; 5. beperken van gezondheidsschade ofwel ‘harm reduction’. In de Kamerbrief3 dd. 26 juli 2020 formuleert de minister van VWS als extra aandachtspunt voor het experiment: voorkomen dat de prevalentie van (risicovol) gebruik en overmatig gebruik van cannabis toenemen bij het experiment. Voor het Experiment gesloten coffeeshopketen is specifieke wetgeving van kracht.

Voor zover deze relevant is voor onze Preventie- en handhavingsaanpak cannabis komt dit aan bod in 3.1 Regelgeving, toezicht en handhaving en 3.2 Preventie in de coffeeshop. Lokale samenwerking en regie De gemeente is de regievoerder van het lokale cannabisbeleid. Om resultaat te bereiken zijn echter niet alleen inspanningen van de gemeente nodig, maar de bijdrage van iedereen in de gemeenschap: coffeeshophouders, jongerenwerk, zorgpartijen, toezichthouders en politie. Daarom betrekt de gemeente deze partijen bij de beleidsontwikkeling en de uitvoering. Een gezonde en veilige gemeente waarin zo weinig mogelijk mensen beginnen met het gebruiken van cannabis en er een goed vangnet is voor mensen die in de problemen komen door hun cannabisgebruik, is ons uitgangspunt.

3 Kamerbrief over Advies cannabispreventie Experiment gesloten coffeeshopketen. Kenmerk 1708030-207152-

VGP | Kamerstuk | 26-06-2020

6

3 Activiteiten In dit hoofdstuk staan de activiteiten op het gebied van preventie en handhaving beschreven die de gemeente de komende jaren zal inzetten om bovengenoemde prioriteiten en doelstellingen te bereiken.

3.1 Regelgeving, toezicht en handhaving 3.1.1.

Regelgeving landelijke kaders

Op 1 juli 2020 zijn de Wet Experiment Gesloten Coffeeshopketen, het Besluit Gesloten Coffeeshopketen en de Regeling Gesloten Coffeeshopketen ingegaan. Deze regelgeving maakt het mogelijk dat aangewezen telers legaal hasj of wiet produceren, dat zij deze leveren aan coffeeshops die in de deelnemende gemeenten zijn toegestaan en dat die coffeeshops cannabis onder voorwaarden verkopen. In onze Preventie- en handhavingsaanpak cannabis en daarmee in deze paragraaf ligt de focus op de regels rond de verkoop in de coffeeshops. Regels die blijven gelden voor coffeeshops tijdens het Experiment gesloten coffeeshopketen De regels die tijdens het experiment gelden voor de verkoop van cannabis door coffeeshops, zijn zoveel mogelijk afgeleid van het gedoogbeleid4 voor coffeeshops dat Nederland kent. De regels die voor coffeeshops blijven gelden zijn: geen verkoop aan minderjarigen (artikel 4 Besluit); geen reclame maken (artikel 9 Besluit); geen overlast veroorzaken (artikel 10 Besluit); niet meer dan vijf gram per transactie verkopen en beperkte handelsvoorraad (artikel 4 en 5 Besluit); geen verkoop noch aanwezigheid van harddrugs (artikel 4 en 5 Besluit); geen verkoop noch aanwezigheid van alcohol (artikel 8 Besluit). Tijdens het experiment blijven ook regels gelden voor een maximum handelsvoorraad en het Ingezetenencriterium voor grensgemeenten.

Deze regels krijgen tijdens het experiment echter een andere invulling: Waar de handelsvoorraad onder het gedoogbeleid op 500 gram is vastgesteld, mag de coffeeshop gedurende het experiment een weekvoorraad aanhouden. Het ingezetenen criterium geldt tijdens het experiment verplicht in grensgemeenten. In de nietgrensgemeenten geldt dit criterium als dit expliciet in de lokale regels wordt opgenomen. De coffeeshophouder is verantwoordelijk voor de controle op leeftijd en het ingezetenschap. Extra regelgeving in het kader van het Experiment gesloten coffeeshopketen In het kader van het Experiment gesloten coffeeshopketen geldt verder een aantal nieuwe regels voor coffeeshops in gemeenten die aan het experiment deelnemen. We beperken ons hier tot de regels die betrekking hebben op preventie maar bij de controles worden ook de andere regels op naleving gecontroleerd. Artikel 6 Besluit experiment gesloten coffeeshopketen stelt eisen aan verkopend personeel en voorlichting in de coffeeshop: • Verkoopmedewerkers in een coffeeshop moeten een cursus gevolgd hebben die gericht is op het verkrijgen van kennis en vaardigheden om: 1. Aan klanten voorlichting te kunnen geven over het gebruik van cannabis en de daaraan verbonden gezondheidsrisico’s, de wijze van gebruik, preventie van verslaving; 2.

Klanten bij een vermoeden van problematisch gebruik door te kunnen verwijzen naar informatie of zorg. • Coffeeshops moeten voorlichtingsmateriaal over gebruik en de risico’s van gebruik of problematisch gebruik zichtbaar aanwezig hebben in de coffeeshop.

4 Zie Aanwijzing Opiumwet wetten.nl - Regeling - Aanwijzing Opiumwet - BWBR0036356 (overheid.nl)

7

3.1.2

Lokale regels

In Artikel 12 Besluit experiment gesloten coffeeshopketen is beschreven over welke onderwerpen de burgemeester extra regels kan maken. Deze lokale regels worden voor Nijmegen vastgelegd in het Besluit bepaling maximum en Nadere regels experiment gesloten coffeeshopketen gemeente Nijmegen. Naast de landelijke en lokale regels op basis van de Experimentwetgeving blijven de Opiumwet en de Algemene plaatselijke verordening Nijmegen gelden. Zo geldt in heel Nijmegen een verbod op het kennelijk dealen in drugs of daarop lijkende middelen op straat (artikel 2:74 APV Nijmegen). In artikel 2:74a APV Nijmegen is het verbod opgenomen om op straat of in een publiek toegankelijk gebouw harddrugs of lachgas te gebruiken. Tot slot is het op grond van artikel 2:74b APV Nijmegen verboden om samen te scholen met meer dan vier personen als dit verband houdt met handel in drugs of met openlijk gebruik van harddrugs of lachgas. Het gebruik van cannabis op straat is in Nijmegen niet verboden. Organisaties en instellingen, zoals scholen en jongerenwerk kunnen, aanvullend op landelijke en lokale wetgeving, hun eigen huisregels opstellen en zorgen dat deze huisregels worden nageleefd.

3.1.3

Toezicht en handhaving

De toezichthoudende rol in onze gemeente is tijdens het Experiment gesloten coffeeshopketen belegd bij verschillende toezichthouders, namelijk bij de Inspectie van Justitie en Veiligheid (IJenV), de Nederlandse Voedselen Warenautoriteit (NVWA) en de burgemeester. In het Toezicht- en handhavingsarrangement Experiment gesloten coffeeshopketen5 zijn de afspraken tussen de toezichthouders en de gezamenlijk gemeenten die deelnemen aan het experiment vastgelegd. De IJenV is verantwoordelijk voor het toezicht op de geslotenheid van de keten en de NVWA controleert of de geselecteerde telers de regels naleven die gelden voor de teelt, de kwaliteit en de verpakking van de cannabis, en het afficheringsverbod dat ook voor telers geldt. De burgemeester is verantwoordelijk voor het toezicht op de coffeeshops in de gemeente. De politie kan op verzoek optreden als sterke arm. In de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis beperken wij ons tot activiteiten met betrekking tot het toezicht op de verkoop in de coffeeshops, en de in het kader van het experiment geldende (lokale) regelgeving. Onze handhavingsprioriteiten in het kader van deze Preventie- en handhavingsaanpak voor de komende periode zijn: 1. Het controleren van de gereguleerde verkoop in coffeeshops 2. Het controleren van de aanvullende regels rond preventie in de coffeeshop. 3.

Het signaleren van kleinschalige illegale verkoop van cannabis buiten de coffeeshops.

Hieronder beschrijven wij hoe wij de controles inrichten. Controle coffeeshopbeleid Tijdens controles kijken de door de burgemeester aangewezen toezichthouders van de gemeente onder meer of de coffeeshops zich houden aan de eisen die zijn opgenomen in de experimenteer wet- en regelgeving met betrekking tot verkoop en preventie. Indien er overtredingen van de regels worden geconstateerd door de toezichthouders zal de burgemeester handhavend optreden op grond van de door hem vastgestelde Beleidsregels handhaving experiment gesloten coffeeshopketen gemeente Nijmegen.

In het kader van het Experiment gesloten coffeeshopketen is een Toezicht- en handhavingsarrangement Experiment Gesloten Coffeeshopketen gemaakt waarin afspraken zijn vastgelegd tussen de Inspectie Justitie en Veiligheid, Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit, de burgemeesters van de gemeenten Almere, Arnhem, Breda, Groningen, Heerlen, Hellevoetsluis, Maastricht, Nijmegen, Tilburg en Zaanstad, de Politie en het Openbaar Ministerie. 5

8

Informeren coffeeshophouder/ bedrijfsleider coffeeshop De coffeeshophouder wordt altijd geïnformeerd over de afloop van de controle, ook als het resultaat positief is. Wanneer de toezichthouder een overtreding heeft geconstateerd, meldt hij dit in beginsel direct aan de aanwezige leidinggevende en/of coffeeshophouder. Doel hiervan is de overtreding, zo mogelijk, op dat moment te beëindigen en om discussie achteraf over de overtreding te voorkomen. Daarnaast vergroot het gericht en direct aanspreken de kans op toekomstige verbetering van de naleving. Indien het melden van de overtreding op dat moment niet mogelijk is, wordt dit op een later moment gedaan. De ondernemer kan dan ook zijn of haar zienswijze geven. Preventief toezicht Toezichthouders hebben nadrukkelijk een observerende rol in de openbare ruimte in het algemeen en in de omgeving van de coffeeshop, bij bekende gebruiks- of deallocaties en bij hangplekken. Zij krijgen zo een beeld van de jongeren en (jong)-volwassenen die daarbij zijn betrokken en kunnen contact maken en waar nodig signalen delen met andere partijen in de signaleringsketen. Indien nodig maken de partijen afspraken over verdere observatie of het inzetten van preventieve dan wel handhavingsactiviteiten of een combinatie daarvan. De informatie wordt gedeeld via de bestaande afspraken en systemen.

Met de politie is afgesproken dat ook zij waar mogelijk preventief toezicht houden en hun signalen delen.

3.2 Preventie in de coffeeshop Voor de verplichte training voor coffeeshoppersoneel maken wij gebruik van De Coffeeshopcursus die het Trimbos-instituut ontwikkelde in samenspraak met instellingen voor verslavingszorg en met advies van coffeeshops. Deze training voldoet aan de voorwaarden die in de experimentregelgeving zijn gesteld. De Coffeeshopcursus duurt ongeveer zes uur en bestaat uit zes modules: 1) Kennismaking, 2) De werking van cannabis, 3) Gezondheid in de coffeeshop, 4) Wet- en regelgeving 5) Werken in de coffeeshop en 6) Afsluiting. Deelnemers ontvangen na afloop een certificaat op naam als bewijs dat zij De Coffeeshopcursus doorlopen hebben. De trainer is een voor deze cursus door het Trimbos-instituut getrainde preventiewerker van IrisZorg Preventie. Hierdoor worden de lijnen tussen de coffeeshops en IrisZorg kort als het gaat om het delen van signalen over zorgelijk gebruik en het aanbieden van advies en hulp. Voor de verplichting om tijdens het experiment zichtbaar voorlichtingsmateriaal in de coffeeshop aanwezig te hebben voor de bezoekers, maken de shops gebruik van het voorlichtingsmateriaal dat bij De Coffeeshopcursus hoort. Dit materiaal voldoet aan de laatste wetenschappelijke inzichten. Hoe geven wij hier uitvoering aan? • Alle verkopend medewerkers van alle coffeeshops in onze gemeente zijn verplicht de cursus gevolgd te hebben.

Medewerkers die tijdens het experiment worden aangesteld, moeten de cursus binnen 3 maanden na hun aanstelling hebben gevolgd. • De Coffeeshops en de instelling voor verslavingszorg maken afspraken over datum, tijdstip en locatie voor de training van het personeel en de herhaling daarvan tijdens het experiment voor nieuwe medewerkers. De kosten zijn vanwege het experiment voor rekening van de gemeente Nijmegen. Hierna zijn de kosten voor de coffeeshops zelf. • Het voorlichtingsmateriaal voor bezoekers van de coffeeshop wordt door de coffeeshophouders besteld bij het Trimbos-instituut. • In overleg met coffeeshophouders en trainers maken de toezichthouders afspraken over het monitoren van deelname door alle medewerkers aan de cursus, en controle van zichtbare aanwezigheid van het voorlichtingsmateriaal. • In de shops wordt middels visitekaartje en/of QR-code zichtbaar gemaakt hoe mensen laagdrempelige informatie, advies of hulp kunnen krijgen met de preventieafdeling van de Instelling voor verslavingszorg.

9

Wij betrekken de coffeeshophouders in de signaleringsketen, waarbij we rekening houden met de beperkingen die de setting heeft voor het signaleren van problemen en het adviseren van bezoekers.

4 Samenwerking, uitvoering en evaluatie 4.1 Samenwerking en uitvoering Up-to-date houden Preventie- en handhavingsaanpak cannabis De gemeente en haar partners bespreken twee keer per jaar de ontwikkelingen rondom de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis; lopen de gemaakte afspraken, zijn de lijnen kort, worden signalen tijdig doorgegeven. Op basis van deze tweejaarlijkse gesprekken wordt gekeken of de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis bijgesteld/aangepast moet worden. Communicatie Het kernteam (bestaande uit betrokken medewerkers vanuit beleid afdeling MO, Veiligheid en Communicatie) bespreekt de ontwikkelingen rondom de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis en stemt af hoe de afdeling communicatie de publiekscommunicatie het beste kan inzetten. Enige terughoudendheid in de communicatie is geboden rondom dit experiment. Het kan mensen nieuwsgierig maken c.q. tot gebruik uitlokken nu het om gelegaliseerde cannabisteelt gaat. Coördinatie De gemeente heeft een coördinerende en deels uitvoerende rol. De coördinatie ligt bij de afdeling Veiligheid als het gaat om handhaving en bij de afdeling Maatschappelijke ontwikkeling als het gaat om preventie.

De gemeente betrekt bij de uitvoering het kernteam (strategisch juridisch adviseur, communicatieadviseur, beleidsadviseur Maatschappelijke Opvang, strategisch beleidsadviseur Veiligheid en tactisch handhaver) en indien nodig externe partijen. Overlegstructuur Er is een interne projectgroep in het leven geroepen om van planvorming tot uitvoering, monitoring en evaluatie te komen. Met de betrokken partners uit de stad vindt structureel overleg plaats waarbij monitoring een grote rol speelt. Ambtelijke wordt aan gesloten bij de landelijke werkgroep Cannabis preventie in het kader van het Experiment Gesloten Coffeeshopketen. Met de buurgemeenten Arnhem en Tiel vindt regelmatig contact plaats om info uit te wisselen over veranderingen die gezien worden gedurende het experiment in gebruik, gebruikers en straathandel.

10

Organogram interne projectgroep

11

4.2 Evaluatie Kritisch evalueren is een belangrijk onderdeel van de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis. Om de kwaliteit van onze aanpak hoog te houden en waar nodig tijdig bij te stellen, gebruikt de gemeente de volgende evaluatiecyclus: • Elk jaar evalueren we in overleg met de samenwerkingspartners de Preventie- en handhavingsaanpak cannabis en stellen dit document bij, waar nodig. •

Waar mogelijk maken we bij de evaluatie gebruik van de (deel)rapportages uit het onderzoek van Breuer & Intraval.

•

Na 4 jaar (einde looptijd van dit plan) vindt een evaluatie plaats. Hiervoor maken wij afspraken met IrisZorg over de resultaten van de ingezette preventieactiviteiten. Hierbij worden de doelstellingen en activiteiten op een rij gezet. Met de afdeling handhaving vindt een evaluatie plaats over de meldingen en de daarop uitgevoerde handhavingsactiviteiten. Op basis van deze input kan vastgesteld worden op welke punten het beleid bijgesteld dient te worden.

12

Bijlage 1. Experiment gesloten coffeeshopketen Het Experiment gesloten coffeeshopketen waaraan onze gemeente deelneemt is een bijzondere omstandigheid die aanleiding geeft het preventie- en handhavingsbeleid rond cannabis aan te scherpen. De Preventie- en handhavingsaanpak laat zien hoe wij dat doen. Wat is het Experiment gesloten coffeeshopketen? Onze gemeente is een van de tien gemeenten in Nederland die (gaan) meedoen aan het Experiment gesloten coffeeshopketen. Aanleiding voor de landelijke overheid om het experiment op te zetten, ligt in de gedoogconstructie rond coffeeshops in Nederland. Daarbij is het de coffeeshops onder voorwaarden toegestaan cannabisproducten te verkopen aan hun klanten, terwijl de productie en de levering van de cannabis aan de coffeeshops illegaal is. Dit brengt problemen met zich mee op het gebied van openbare orde en veiligheid, criminaliteit en volksgezondheid. In het regeerakkoord van 2017 is daarom afgesproken dat er een experiment komt waarin de teelt en inkoop van cannabis wettelijk geregeld is: het Experiment gesloten coffeeshopketen. Tijdens het experiment wordt enerzijds onderzocht of een goed functionerende gedecriminaliseerde cannabisketen te realiseren is, van teelt tot verkoop. Anderzijds is het de bedoeling de effecten hiervan op volksgezondheid, criminaliteit, veiligheid en overlast in kaart te brengen.

In 2019 zijn de experimentgemeenten geselecteerd. Op 1 juli 2020 is wet- en regelgeving ten aanzien van het experiment in werking getreden en kon de voorbereidingsfase starten; telers konden een vergunningaanvraag indienen. Op het moment dat de coffeeshops, na een overgangsfase, alleen nog cannabis verkopen van de geselecteerde telers, gaat het experiment daadwerkelijk van start. Voor coffeeshops gelden tijdens het experiment ook aanvullende regels met betrekking tot verkoop en preventie. De looptijd van het experiment is vier jaar. De minister voor Medische Zorg en Sport en de minister van Justitie en Veiligheid zorgen er samen voor dat het experiment uitgevoerd wordt. Breuer & Intraval, RAND Europe en Trimbos-instituut doen begeleidend onderzoek. In december 2021 verscheen het coalitieakkoord 2021 – 2025 ‘Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst’. Hierin is onder meer vastgelegd dat het experiment wordt uitgebreid met een grote stad en dat er criteria zullen worden vastgesteld voor de beoordeling van de uitkomst van het experiment op het gebied van criminaliteit, volksgezondheid en preventie. Meer informatie en actuele status van het experiment: Experiment gesloten coffeeshopketen (wietexperiment) | Rijksoverheid.nl

13

Bijlage 2. Overige inzet preventie verslavingszorg In Nijmegen is aan IrisZorg Preventie de opdracht gegeven om de preventie verslavingszorg vorm en inhoud te geven. IrisZorg Preventie draagt middels verslavingspreventie bij aan het voorkómen van persoonlijke en maatschappelijke schade door middelengebruik van alcohol en andere drugs, gamen en/ of gokken. Deze organisatie werkt met het Basispakket Verslavingspreventie; een combinatie van interventies en in diverse settingen binnen het onderwijs, in de wijk, het uitgaan en zorg. Daarnaast wordt ingezet op het vroegtijdig signaleren van problemen bij risicogroepen onder meer door: - deskundigheidsbevordering van professionals; - interventies ten behoeve van individuen met beginnende klachten; - toe leiden naar hulpverlening bij problematisch gebruik; - beperken van persoonlijke en maatschappelijke schade bij gebruik. Extra inzet op de volgende doelgroepen 1. Leerlingen op het Voortgezet Onderwijs en het mbo De aanpak Helder op School van het Trimbos-instituut, waarbij IrisZorg de projectleidersrol vervult, biedt middelbare scholen een integrale aanpak rondom middelengebruik. Doelen van de aanpak zijn: • Een integrale aanpak om leerlingen/ studenten bewust te maken van de gevolgen van o.a. cannabis gebruik en hen te stimuleren niet te roken of drinken, geen drugs te gebruiken en niet te veel te gamen.

• Het creëren van een gezond klimaat op school. De aanpak richt zich op vier pijlers: beleid, signaleren, educatie en schoolomgeving. In Nijmegen werkt de grote meerderheid van de VO-scholen (19) met deze aanpak. Zij worden hierbij begeleid door team preventie van IrisZorg in samenwerking met de gezondheidsmakelaars Jeugd van GGD Gelderland-Zuid. Naast het VO is de aanpak ook gericht op het mbo. IrisZorg begeleidt verschillende locaties in Nijmegen bij middelenpreventie.

2. Studenten op het mbo, hbo en wo Aan de hand van de handreiking ‘De (studenten)tijd van je leven!’ van het Trimbos-instituut, gaat IrisZorg de komende twee jaar inzetten op middelengebruik onder studenten. Focus ligt hierbij op preventie van riskant alcoholgebruik, maar ook drugsgebruik heeft een plek binnen deze aanpak. Doelen van deze aanpak zijn: • Ontwikkelen en implementeren van een alcohol (en drugs) beleid binnen het onderwijs; • Beter en eerder signaleren van problematisch middelengebruik door onderwijsinstellingen en studentenverenigingen; • Opzetten van een structurele samenwerking tussen Iriszorg en de onderwijsinstellingen RU, HAN, ROC en Yuverta en aanhaken van ketenpartners in de stad die linken aan deze aanpak. In 2024 en 2025 zullen 230 uur per jaar ingezet worden op deze aanpak. Financiering vindt plaats vanuit de middelen die beschikbaar zijn in het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA) voor het doel ‘Opgroeien in een Kansrijke Omgeving & Vroegsignalering Alcoholproblematiek’. 3. Ouders en verzorgenden Ouders zijn een belangrijke factor in het voorkomen van middelengebruik bij hun kinderen. Iriszorg biedt opvoedondersteuning door middel van ouderavonden binnen het onderwijs. Zoals de ouderavond Frisse start voor de brugklas of “Help mijn kind gaat uit” voor de bovenbouw-ouders.

Daarnaast kunnen ouders met vragen en/of zorgen over middelengebruik van hun kind terecht voor persoonlijke adviesgesprekken. Voor hen alleen of voor hen samen met het betreffende kind. Zij kunnen, indien de problematiek al behoorlijk aanwezig is, ook deelnemen aan de Craft binnen IrisZorg, een groep voor naasten/ouders.

14

4. Uitgaanspubliek In Nijmegen wordt het vrijwilligersproject uitgevoerd genaamd 'Unity'; een project voor en door jonge mensen uit de dance scene. Op feesten en festivals geven zij objectief en open-minded informatie over de risico’s die gepaard gaan met het gebruik van alcohol en andere drugs. Unity heeft als doel de risico’s van dit gebruik zoveel mogelijk te beperken. Ook binnen deze doelgroep spreken zij cannabisgebruikers.

15

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=d5a18cd3-2edc-430a-aa54-8ac0f02dee5c