CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Overzicht van wijzigingen beleidsregels inkomen 2026

Besluitronde (raadsvergadering) 11 maart 2026, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Beleidswijzigingen domeinen inkomensondersteuning en inkomen (123/2025)954 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Overzicht van wijzigingen: Beleidsregels Inkomen Participatiewet gemeente Nijmegen 2026 1. De opsomming van de artikelen uit de Participatiewet is gewijzigd. Er zijn enkele correcties toegepast en in het bijzonder artikelen in verband met de gedeeltelijke invoering van de Participatiewet in balans toegevoegd dan wel verwijderd. 2. De nummering van het artikel over de ondertekening van de aanvraag is van 1 naar 1a gewijzigd. 3. Onder 1b is een artikel toegevoegd over de mogelijkheid tot het indienen van een verkorte aanvraag voor een bijstandsuitkering. Indien na het eindigen van de algemene bijstand vanwege werkaanvaarding binnen twaalf maanden een nieuwe aanvraag wordt gedaan, zal het college de gegevens die bij hem in verband met de eerdere bijstandsverlening bekend zijn gebruiken. Het college verifieert de juistheid en actualiteit van de gegevens en vraagt zo nodig bewijsstukken op. De mogelijkheid tot het indienen van een verkorte aanvraag geldt niet voor een aanvraag op grond van de Bbz 2004. 4. In artikel 1c is toegevoegd dat een aanvraag voor een bijstandsuitkering van een jongere tot 27 jaar voor het verstrijken van de vier weken zoektermijn in behandeling kan worden genomen, indien de omstandigheden van de aanvrager of het gezin daartoe aanleiding geven. In het artikel zijn vervolgens enkele voorbeelden genoemd. 5.

In artikel 1d is toegevoegd onder welke (individuele) omstandigheden de bijstand in ieder geval met maximaal drie maanden terugwerkende kracht kan worden toegekend. 6. In artikel 4.3 is onder het kopje “wel parttime ondernemerschap” als zij voldoen aan de voorwaarden die wij hieraan verbinden” gewijzigd naar “als zij voldoen aan de voorwaarden die het college hieraan verbindt”. 7. In artikel 4.4 wordt naast de huidige bestaande vrijlating bij inkomsten uit arbeid (artikel 31 lid 2 Participatiewet) de bijverdienregeling (feitelijke vrijlating) uit de Participatiewet in balans voor jongeren tot 27 jaar geïntroduceerd. Hierbij wordt de mogelijkheid in het leven geroepen om voor de groep jongeren tot 27 jaar een vrijlating tot 15 procent van de netto-inkomsten uit arbeid toe te passen, indien het werk bijdraagt aan arbeidsinschakeling. Dit is voor de duur van maximaal 12 (aaneengesloten) maanden. Voor inwoners van 27 jaar en ouder blijven de huidige vrijlatingen, in ieder geval tot 1 januari 2027, van toepassing. Verder is nader gespecifieerd wat het bijdragen aan arbeidsinschakeling voor zowel jongeren tot 27 jaar als inwoners van 27 jaar en ouder inhoudt. Hierbij wordt nu gewijzigd dat inkomsten uit verzwegen werkzaamheden niet bijdragen aan arbeidsinschakeling.

Verder is toegevoegd dat als een persoon zich na een periode van vrijgelaten inkomsten binnen 6 maanden opnieuw meldt met inkomsten uit arbeid, niet standaard kan worden gesteld dat het bijdraagt aan arbeidsinschakeling. Er dient dan een maatwerkbeoordeling plaats te vinden. Tot slot wordt de mogelijkheid van een verlenging van de vrijlatingsperiode onder voorwaarden voor jongeren tot 27 jaar mogelijk gemaakt. De vrijlating voor jongeren tot 27 jaar geldt niet voor uitkeringen op grond van de Bbz 2004. 8. In artikel 4.6 is het artikel voor wat betreft het omgaan met giften gewijzigd. Er is nu in de wet vastgelegd dat giften en kostenbesparende bijdragen tot € 1200,- worden vrijgelaten. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. Daarom is het bedrag zelf uit de beleidsregels gehaald. Verder is verduidelijkt dat het gaat om een vrijlating per uitkering. 9. In artikel 5.3 is toegevoegd dat een dwangsom tot een bedrag van € 1.442,- per dwangsom – zoals op dit moment vermeld in artikel 4:17 lid 1 en 2 van de Algemene wet bestuursrecht – niet als vermogen wordt aangemerkt. Voor het overige wordt de dwangsom wel als vermogen in aanmerking genomen. 10. Bij artikel 6.2 is verduidelijkt dat als ingangsdatum voor de als geldlening verstrekte bijstand de datum geldt waarop de bijstand als lening conform de beschikking in gaat. 11.

Ten aanzien van de aanvullende bijstand voor noodzakelijk uitwonende jongeren tot 21 jaar is onder 8 gewijzigd dat het gaat om aanvullende algemene (in plaats van bijzondere) bijstand. Hierbij is ook het artikel aangepast.

12. In artikel 8.1. is opnieuw gewijzigd dat het gaat om aanvullende algemene bijstand. Verder is verduidelijkt wanneer sprake is van een noodzakelijk uitwonende jongere. De zinsnede dat aantoonbaar sprake moet zijn van hoge woonlasten komt te vervallen. Verder is toegevoegd dat het gaat om jongeren die redelijkerwijs het onderhoudsrecht jegens zijn/haar ouder(s) niet te gelde kunnen maken. 13. In artikel 8.2 is de nieuwe norm en de wijze waarop deze is samengesteld opgenomen. Er wordt geen onderscheid meer gemaakt naar de verschillende leefvormen, maar een vast bedrag gehanteerd. Verder is het overgangsrecht in het beleid nader toegelicht. Dit houdt kort samengevat in dat indien een jongere er door de invoering van de Participatiewet in balans op achteruit gaat, hij tot de leeftijd van 21 jaar (dan wel een eerdere beëindiging) dit hogere bedrag behoudt. Indien een jongere reeds beschikt over bijzondere bijstand en de in te voeren norm vanaf 1 januari 2026 hoger is, wordt de bijzondere bijstand tot het nieuwe bedrag aangevuld. Tot slot is onder het kopje kostdelers de leeftijd van de jongmeerderjarige gecorrigeerd van 27 naar 21 jaar. 14. In artikel 8.3 is gewijzigd dat het gaat om aanvullende algemene (in plaats van bijzondere) bijstand. Hierbij is opnieuw ook het artikel aangepast. 15. In artikel 9.1 zijn de artikelen aangepast conform de wetswijzigingen. 16.

In artikel 15 is gewijzigd dat het gaat om een inwerkingtreding van de beleidsregels op 1 januari 2026 onder gelijktijdige intrekking van de beleidsregels Inkomen Participatiewet gemeente Nijmegen 2024. Aanvragen die zijn ingediend voor 1 januari 2026, worden op grond van deze beleidsregels beoordeeld, tenzij dat nadeliger uitpakt voor de belanghebbende. Lopende bezwaarprocedures zullen per 1 januari 2026 worden beoordeeld op grond van deze beleidsregels. Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als: Beleidsregels Inkomen Participatiewet gemeente Nijmegen 2026.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=fd1d355b-1037-48cd-82a0-3afe4fe60e21